AFFR 2017 deel 1: Zwendel, machines en fascistische architectuur

AFFR deel 1: Zwendel, machines en fascistische architectuur

door Bob van der Sterre

De eerste dag van het AFFR bracht de drie typische reacties die je kunt hebben na het zien van een film: een film die niet buitengewoon goed of slecht is, een film die de verwachting oversteeg en een film die erg tegenviel.

Laten we met de laatste beginnen: Dispossession: The Great Social Housing Swindle. Met zo’n titel verwacht je een smeuïg, spannend verhaal over een schandaal. Een reconstructie waarbij hoogmoed voor de val komt. Aftredende politici, vluchtende criminelen. Zoiets.

Dispossession: The Great Social Housing Swindle

Huizencrisis: klaagzang na klaagzang
Helaas niet. De film beschrijft de huizencrisis in Engeland (Londen) en Schotland (Glasgow). Het probleem voor sociale woningbouw daar is nog veel erger dan in Nederland. De autoriteiten laten de boel vervallen, zeggen dan in de media dat er alleen maar gespuis leeft, halen de gebouwen neer en geven vervolgens de ruimte over aan ‘de markt’, dat wil zeggen ongeduldige projectontwikkelaars.

De overheid kijkt sinds Thatcher de andere kant op. De woorden ‘social cleansing’ worden in de mond genomen. Gelukkig stappen rechters soms nog op de rem om te voorkomen dat alle unieke architectuur vervangen wordt door eenheidsworst.

Het gebeurt niet vaak dat een voorfilm van zeven minuten veel meer weet te vertellen dan de hoofdfilm van 82 minuten. Want dit is een immens langdradige film die niet of nauwelijks het niveau van een aflevering van Gewest tot Gewest overstijgt. De voorfilm, Streets in the Sky, ging over een van die bedreigde gebouwen en is sowieso veel mooier om te zien.

Het probleem: veel  te veel interviews. En álles willen vertellen. Gebouw na gebouw, bewoner na bewoner, klaagzang na klaagzang. Dat trek je maar een uur lang. En dan gaat het nog een tijdje door.

De docu stroopt zich voort naar het einde met vreselijke montage, irritante voice-over en onduidelijke tabellen. Op het laatst voel je niet alleen medelijden met de bewoners, maar ook met iedereen die deze film moet uitzitten. Elk greintje sympathie voor ‘de zaak’ is dan wel weggeëbd.

Machines

Textielfabriek in India: mooie ellende
De meevaller is Machines. Een textielfabriek in India. De film observeert de werkers en hun machines. Waar in Nederland vermoedelijk maar een persoon nog nodig is om de knoppen aan en uit te zetten, werken hier honderden arbeiders aan een stuk textiel. De een ruimt de chemicaliën op, een ander houdt het textiel in bedwang, een derde verbrandt de restanten, een volgende mengt de verf.

Niemand lacht. Het werk is ook niet bepaald om te lachen. Zwaar fysieke arbeid (twaalf uur per dag) in een muffe textielfabriek met veel herrie. De negentiende eeuw bij ons is in India nog steeds levend. En dan moet je soms zelfs 36 uur reizen in een trein waar je als sardientjes op elkaar bent gestapeld. Veel arbeiders komen namelijk uit het boerse Uttar-Pradesh, waar de oogsten mislukken, en de mannen wel gedwongen zijn om naar de fabrieken in de grote stad te komen. Een onuitputtelijke voorraad goedkope arbeiders voor eigenaren van zulke fabrieken.

Gelukkig is het commentaar spaarzaam in Machines. Het klinkt pijnlijk maar esthetisch is deze ellende erg mooi om te zien. Een paar voorbeelden die me bij blijven: de man met doek die aan de oranje lakens trekt; het jongetje dat de hele tijd in slaap valt; de ‘roerders’ (wat ze roeren, geen idee); het openingsshot; het beeld als we achter een sjouwer aanlopen; de bedieners van de machine die lijkt op het bekende arcade air-hockeyspel.

De film doet soms denken aan Michael Glawoggers Megacities uit 1998, een bijbel voor documentairemakers. Een verschil met Megacities: hier wordt niet alleen geobserveerd maar ook een sociaal thema verteld, over de desorganisatie van de arbeiders. De film had uiteindelijk zo door Oxfam-Novib gemaakt kunnen zijn.

Dat haalt wel wat kracht uit de visueel sterke film. Maakt het weer zo moralistisch, Europees. Want ik zie wel aan alle beelden dat de mannen het niet echt leuk hebben. De omgeving is ook bijzonder naargeestig. Licht is er bijna niet. Wie goedkope textiel haalt uit India, weet welke industrie hij of zij in stand houdt. Maar, zoals een arbeider cynisch zegt over zijn eigen situatie: ‘Ik werk hier wel uit vrije wil.’

Mundo Salamone: The Pampa Reinvented

Mundo Salamone: pragmaticus
En de prijs voor de meest gemiddelde docu van de dag is Mundo Salamone: The Pampa Reinvented van tachtig minuten. Het onderwerp is boeiend: in de jaren dertig bouwt een geëmigreerde Siciliaan in vier jaar tijd het ene na het andere gebouw in Argentinië.

Alles ziet eruit alsof het had kunnen figureren in de klassieker Metropolis van Fritz Lang. Pleinen, begraafplaatsen, raadhuizen, slachthuizen. Ze vallen allemaal op door hun eigen, typische stijl: wit, rond, opvallende torens, fraaie letters. Kijk en oordeel zelf.

Hij, Francisco Salamone, had in die tijd goede connecties met het fascistische regime van die regio. En hij was een workaholic. Hij komt in de Pampa terecht en reist het hele gebied af. Bouwt voor allerlei gemeenten. Ongelooflijk wat hij in amper vier jaar tijd weet neer te zetten: 72 gebouwen.

Nu begint langzaam maar zeker een herwaardering van zijn werk. Tegenwoordig zijn er tours die alle architectuurwerken langsgaan. Foto-amateurs slaan hun slag.

Maar ja… hij was toch een fascist. Maar ook beroemde collega-architecten van hem deden dezelfde handeltjes, maar die zijn niet zo vergeten als hij. Hij is nooit echt een fascist geweest volgens de mensen in deze film. Een pure pragmaticus.

De film heeft goede interviews maar zit wel vol pratende hoofden. Mij bekruipt het gevoel dat de film meer met de unieke stijl van die gebouwen had kunnen doen. Veel shots nu van die gebouwen maar de documentaire zelf ziet er heel standaard uit. En de vergelijkingen met Metropolis zijn ook een beetje mager (één minuut).

Maar wel een ontdekking, die Salamone. Wie ó wie zou een nog dramatischer entree dan deze kunnen maken van een begraafplaats?

 

7 oktober 2017

 
 
PREVIEW AFFR 2017
 
DEEL 2: Kan lelijk mooi worden?
 
 
MEER FILMFESTIVALS