Camera Obscura: Geblokkeerde schrijvers

Geblokkeerde schrijvers

door Bob van der Sterre

I’ll Never Forget What’s’isname ♦ Il tuo vizio è una stanza chiusa e solo io ne ho la chiave ♦ Una pura formalità

 

Het is opvallend hoe vaak schrijvers in films worstelen met een writer’s block. Je hebt in films vermoedelijk meer schrijvers die niet schrijven  dan schrijvers die wel schrijven. Ze zijn gefrustreerd, boos, gewelddadig. Goed voorbeeld is uiteraard The Shining (1980). Maar er zijn er meer. Hier nog drie gefrustreerde schrijvers.

Andrew Quint is een schrijver, geen reclamejongen. Tenminste, dat vindt hijzelf. Hij wil doorbreken met een roman. Daarom gaat hij met een bijl naar zijn werk en sloopt symbolisch zijn bureau.

Hij moet en zal die roman schrijven. Maar beseft hij wel wat dat is: stilzitten en woorden op papier zetten? Is hij daarvoor niet te rusteloos? Zijn goede vriend Jonathan probeert hem wel te begeleiden maar ook die weet eigenlijk al: dat gaat niets worden.

Succesvolle reclameman
Afscheid nemen van het rijke leventje als succesvolle reclameman is bovendien niet zo makkelijk als het lijkt. En al die vriendinnetjes? En het getreiter van vroegere schoolmaatjes, wat moet hij daarmee? Hij moet dus eerst ‘met zichzelf in het reine komen’ om een roman te kunnen schrijven.

Onverwacht interessante film: I’ll Never Forget What’s’isname (1967). Duister, satirisch (het old boys network) en de betere dialogen. ‘Ik wil een eerlijke baan.’ ‘Maar mijn beste vriend, die bestaan niet!’ Hij ontknoopt een blouse van een vrouw. Zij: ‘Alles is zo opmerkelijk bereikbaar in deze tijd, vind je niet?’ Quint hangt aan een touw in een gymzaal en antwoordt op een vraag over relaties: ‘Ik ben een man, geen matchmaking kandidaat.’

Deze film van Michael Winner (Scorpio, Death Wish) heeft veel chemie tussen de belangrijke personages. We geloven best dat Oliver Reed dat boek wil schrijven, maar we geloven het pas echt als Orson Welles, als Jonathan, hem tips geeft. Zo’n moment als Jonathan zijn masseuse op bezoek heeft, of cornflakes met druiven mixt, en tegelijk praat met Andrew: onbetaalbare cinema.

De ‘schaduw’ van The Shining
Een ander gefrustreerd mannetje is Oliviero. Hij heeft al talloze boeken geschreven maar de laatste tijd is de fut eruit. Een typemachine staat werkloos te wachten op zijn inspiratie. Gedachten aan zijn overleden moeder belemmeren de creativiteit. Misschien was hij ooit een aardige vent. Nu niet meer.

Zijn frustratie leeft hij uit op zijn vrouw, Irina. Oliviero leeft met haar samen in een verlaten landhuis nabij Venetië. Hij slaat haar; gaat vreemd; organiseert zuipfestijnen. Tijdens zo’n festijn maakt hij haar belachelijk te midden van alle aanwezigen. Maar Irina durft niet bij hem weg te gaan. ‘Hij zou me nooit laten gaan.’

En wie vindt deze akelige vent niet verdacht als opeens een jonge vrouw is vermoord? Oliviero’s reactie op de verdachtmaking is zo laconiek als het maar kan. Een eigengereid nichtje komt op bezoek en neemt zich voor de moordenaar te vinden. Zij zorgt voor de nodige seksuele spanningen. Irina: ‘Wat hij echt wil, is naar bed gaan met jou.’ Floriana: ‘Maar dat heeft hij al gedaan.’ Ze geeft Irina een paar gezellige tips hoe ze van hem af kan komen. ‘Een picknick met een tragisch einde bijvoorbeeld.’

De karakters in deze film zijn perfect in evenwicht. Tegenover de botte Oliviero (Luigi Pistilli) heb je de zachte Irina (Anita Strindberg). Daartussen zit het zelfverzekerde nichtje, Floriana (Edwige Fenech). De drie spelen ‘genre-onwaardig’ goed. Goed werk van het castingbureau van destijds dus, al hoefden ze voor Fenech niet ver te zoeken, die kwam zo’n beetje in elke giallo voor.

Bovendien, zoals gebruikelijk in giallo’s (Uitleg giallio), een enorm tempo. Zo blijft de film onderhoudend tot het einde. En dan de titel! De Italianen hebben zich in het giallo-tijdperk uitgeleefd met titels, maar Il tuo vizio è una stanza chiusa e solo io ne ho la chiave (Your Vice Is a Locked Room and Only I Have the Key) uit 1972 is wel van een zeer zeldzame buitenissigheid.

De schaduw van The Shining hangt jammer genoeg een beetje over deze film. Er zijn talloze overeenkomsten, zoals de werkloze typemachine midden in de kamer. Alleen is Il tuo vizio… wel acht jaar gemaakt vóór The Shining. Regie van Sergio Martino, die prima mysterieuze thrillers (The case of the scorpion’s tail; Torso) afwisselde met totale kitsch (2019, after the fall of New York; The mountain of cannibal God).

Mistroostig politieverhoor
Onaangenaam, deze schrijvers. Onoff is er nog zo een. Van de drie is hij het meest de weg kwijt.

In Una pura formalità (1994) treffen politieagenten Onoff aan op een provinciale weg tijdens een forse regenbui. Hij weet zelf ook niet goed meer wat hij er aan het doen was. Ze nemen hem mee naar het bureau.

In een surrealistische sfeer wachten ze op de commissaris. Die verschijnt dan eindelijk en heeft maar een paar vraagjes. ‘Slechts een formaliteit.’ Waarom in de regen gaan lopen? ‘Het is niet verboden in de regen te banjeren.’ Waarom heeft hij geen papieren bij zich? ‘Zeker thuis laten liggen.’ En waarom eet hij een bebloed stuk shirt op als niemand kijkt?

Onoff, een beroemde schrijver, draait eromheen, liegt dat hij barst, maar is andere zaken compleet vergeten. Hij heeft nog een afspraak met de minister van Cultuur, dus of ze even kunnen opschieten. De frustratie van de commissaris wordt groter en groter. Ondertussen blijft het deze nacht zachtjes regenen. Het gebouw is zo lek als een vergiet dus drupt het overal.

Wat was het ook alweer, een echte acteursfilm? Da’s dus een film als deze. Depardieu zet die arrogante Onoff neer als een ‘tweede karakter’, zoals sommigen een tweede huis hebben. Maar hij krijgt het prima tegenspel van iemand met minstens net zo’n roemrucht cinematografisch verleden: Roman Polanski. Deze twee strijden niet alleen in hun rollen, maar ook als acteurs om wie de film ‘wint’. Genieten geblazen dus.

En geregisseerd worden ze door Giuseppe Tornatore, iemand met immens oog voor detail. In dit geval heeft hij zelf het spannende, intrigerende script geschreven, dat soms wat wegheeft van Garde à vue (1981). Tornatore slaagt met vlag en simpel in het schetsen van een mistroostige sfeer op het politiebureau.

Voeg daar de trippy muziek van Ennio Morricone aan toe, regenbuien en onweersbuien die komen en gaan aan de hand van Onoffs stemmingen, en een spannende avond ligt in het verschiet. Want, verdomme, hoe zit het nou met die kerel?

 

5 mei 2015

 

Alle Camera Obscura