Recensie Joy

**

recensie  Joy

Dweilen met de kraan open

door Cor Oliemeulen

Een gescheiden moeder in New York ontdekt een apparaat dat menige huisvrouw laat kirren van genot. Joy is een komisch drama over ambitie, vertrouwen, verbeelding, familie en het overwinnen van tegenslagen.

De hernieuwde samenwerking van de regisseur en drie hoofdrolspelers van Silver Linings Playbook wekt verwachtingen. In 2012 maakte David O. Russell (The Fighter, 2011) een grotendeels geslaagd portret van een disfunctionele familie met een opgefokte vader (Robert De Niro) en een bipolaire zoon (Bradley Cooper) die in een even onevenwichtig meisje (Jennifer Lawrence) zijn nieuwe liefde en balans vindt. Muze Lawrence en ideale schoonzoon Cooper inviteerde hij voor zijn oplichtingsdrama American Hustle (2014) en in Joy keert De Niro terug, ditmaal als vader van Lawrence. Helaas ziet de kijker deze castingtruc mislukken, want ditmaal is er geen enkele chemie tussen de drie.

Joy

Kliederboel
Een film die Joy heet, een dweil als leidmotief heeft en een kliederboel is, vraagt om woordspelingen. De familie van het titelpersonage, een gescheiden moeder – losjes gebaseerd op de New Yorkse uitvindster Joy Mangano – is mogelijk nog disfunctioneler dan die van Silver Linings Playbook. Dat komt het verhaal niet ten goede. Joys ex-man Tony (Édgar Rámirez) woont in de kelder en wil de nieuwe Tom Jones worden, haar vader Rudy (Robert De Niro) heeft een autogarage en krijgt de helft van de kelder omdat zijn vriendin hem eruit heeft gegooid, en haar moeder Terry (Virginia Madsen) kijkt de hele dag in bed naar soaps. Joys grootmoeder Mimi (Diana Ladd) is de stabiele factor in huis. En dan is er ook nog Trudy (Isabelle Rossellini), de nieuwe, rijke Italiaanse vriendin van pa Rudy.

Grote acteernamen, weinig scriptruimte, veel verspild talent – David O. Russell verzuimt om ook maar een enkel karakter uit te diepen. Zelfs het titelpersonage blijft opvallend vlak: een soort van Amerikaanse Bridget Jones, bij wie onzekerheid in liefde is vervangen door onzekerheid in zaken. Jennifer Lawrence heeft bovendien geen schijn van kans om af te rekenen met de warrige en ongeloofwaardige tijdspanne van vier decennia waarin zij is beland, maar zal alleen vanwege haar charmante aandoenlijkheid mogelijk opnieuw voor een Oscar worden genomineerd (die zij won voor haar rol in Silver Linings Playbook).

Joy

Tell Sell
Door de ambitieuze, maar matig uitgevoerde, cinematografische ideeën die de verschillende stadia van Joys leven representeren (kleurgebruik, droombeelden) en het belabberd gemonteerde verhaal, blijft Joy beperkt tot de contouren van een feelgood-film over de menselijke conditie, de Amerikaanse Droom met de obligate lach en traan incluis. Terwijl de geschiedenis van Joy juist zoveel potentie biedt. Een vrouw die bij toeval een geweldige uitvinding doet: een dweil aan een stok die zichzelf uitwringt en tien maal zoveel absorptievermogen dan zijn voorgangers heeft. Welke schoonmaakster wil zo’n ding nou niet?

Na veel beren op de weg – Joy’s zus is jaloers, Trudy wil het project slechts onder strikte voorwaarden mede-financieren, de productpromotie is een fiasco, naasten laten Joy vallen terwijl zij zelf verantwoordelijk zijn voor een debacle, een familielid sterft – lukt het Joy haar Magische Dweil te presenteren bij een reclamebons (Bradley Cooper). We schrijven de jaren negentig, de geboorte van de Tell Sell-achtige commercials waarin je tijdens een live-demonstratie zomaar tienduizenden artikelen in een paar minuten via de telefoon kunt verkopen.

De kijker daarentegen moet bijna twee uur lang wringen en zwabberen voordat duidelijk wordt of Joy haar langgekoesterde droom kan vervullen. Maar dan is het in deze halfslachtige productie allang dweilen met de kraan open.

 

2 januari 2016

 

MEER RECENSIES