Recensie Le tout nouveau testament

***

recensie  Le tout nouveau testament

Ontsporend meesterwerkje

door Bob van der Sterre

God leeft. Hij woont ergens in een buitenwijk van Brussel, met zijn nietszeggende vrouw met een passie voor borduren en honkbalplaatjes en zijn dochtertje, Ea. Achter een computertje in een kamer vol dossierlades heeft hij de wereld verzonnen.

God is een hufter, een schoft, en bedenkt dus een sadistische maatschappij. Het duurde even voor hij zijn ideale slachtoffer vond nadat pogingen met giraffes op niets uitliepen. De mens is ideaal voor zijn echte passie: het verzinnen van een lijst met sadistische tegenslagen (‘een boterham met jam zal altijd ondersteboven op de grond vallen’, ‘als je net in bad gaat, klinkt de telefoon’). Hij grinnikt achter zijn pc’tje en tikt lekker verder.

Le tout nouveau testament

IJzersterk
Ea leeft in dat huis. Niets leuks aan. Ze wordt opstandiger en God weet niet anders dan haar ervan langs te geven met de riem. Ze wil ontsnappen, apostelen zoeken, het lijden van mensen verzachten. Na een overleg met haar broer, Jezus Christus, die als een beeldje op de kast staat, weet ze hoe ze ervandoor kan gaan. God moet ook want ze heeft zijn pc geblokkeerd.

Een schitterende premisse – en ook schitterend uitgevoerd. Virtuoos, vermakelijk, satirisch en erg speels. Sterk herinnerend aan Jean-Pierre Jeunets Amélie maar wat geeft het? Het eerste deel van de film is ijzersterk.

Maar dan komt het vervolg en het schema van het meesterwerk moeten we al snel verlaten. Ea gaat apostelen bezoeken. Een leuk gegeven, maar het meeste materiaal over hun levens is niet zo heel interessant. Soms zelfs dwaas (Catherine Deneuves passage wint de cultprijs). Ja, er zijn nog wel wat vermakelijke grapjes (de citerende zwerver, de passage met God en de dominee) maar ze werken steeds minder goed.

Doordraven
Wat je steeds meer mist naarmate de film vordert, is een gewone scène. Alles is olijke montage in Le tout nouveau testament. De film draaft erin door en wordt meer en meer style over substance. De originaliteit van het verhaal, de motor van ieder meesterwerk, begint te pruttelen. Tegen het einde rijdt de auto alleen nog maar op gebakken lucht.

Le tout nouveau testament

Een ander probleem is een kind als hoofdpersoon. Goed acteren is altijd lastig voor kinderen en geen enkele andere rol komt boven de karikatuur uit. Een kinderfilm is het toch ook niet. De film speelt ongegeneerd met taboes.

Denkend aan soortgelijke originele verhalen (Being John Malkovich, Amélie, The Grand Budapest Hotel) dan valt elke keer op dat de humor subtieler wordt met het vorderen van de film. Hier gaan we de andere kant op.

Het is een bewijs voor de theorie dat je goede verhalen ‘achteruit’ moet schrijven, met een origineel plot in je achterhoofd, en niet ‘vooruit’, vanuit een startpositie. Goede films zijn nu eenmaal kop en staart.

Wat nu overheerst na het kijken van de film van Jaco van Dormael (bekend van Toto le Héros, Le Huitième Jour en Mr. Nobody) is een gevoel van vermaakt te zijn en een gevoel van spijt dat het niet meer was dan dit.

 

2 november 2015

 

MEER RECENSIES