Recensie The Tale of the Princess Kaguya

*****

recensie  The Tale of the Princess Kaguya 

Tekenfilmsprookje uit Japan

door Alfred Bos 

Na Hayao Miyazaki (The Wind Rises) heeft ook medeoprichter van de befaamde Ghibli Studio, Isao Takahata, zijn pensioen aangekondigd. Zijn beeldschone afscheidsfilm – met Japanse stemmen, Nederlands ondertiteld – illustreert een boeddhistische boodschap.  

Isao Takahata is een van de reuzen van de Japanse tekenfilm (anime). Anders dan zijn zes jaar jongere collega Hayao Miyazaki – van wie eerder dit jaar het verbluffende The Wind Rises te zien was – begon Takahata als regisseur en is hij pas later gaan tekenen en illustreren. Het geeft zijn films een unieke toets, zoals op wonderschone wijze duidelijk wordt uit zijn laatste – in dit geval helaas in beide betekenissen van het woord – werkstuk, The Tale of Princess Kaguya.

Recensie The Tale of the Princess Kaguya

Takahata staat bekend om zijn afwijkende, niet-cartooneske stijl. Geïnspireerd door het Italiaanse neorealisme en de Franse nouvelle vague regisseerde hij in de jaren zestig tekenfilmseries voor de televisie waarin het dagelijkse leven met veel aandacht voor detail werd neergezet. Zijn feature tekenfilms richten zich op een volwassen publiek en zijn regelmatig gebaseerd op Westerse romans; onderwerpen die anime  doorgaans mijdt. Zo is zijn Only Yesterday (1991) eerder verwant aan het sociale drama van de Japanse filmgigant Yasujiro Ozu, de man van Tokyo Story, dan aan, pak ‘m beet, Walt Disney of Ghibli-collega Miyazaki.  

Boeddha op een wolk
The Tale of Princess Kaguya behoort tot de minderheid van Takahata’s oeuvre waarin het fantastische een voorname rol speelt. Het is de tekenfilmadaptatie van een Japans sprookje uit de tiende eeuw over een bamboesnijder die op een dag tijdens de kap in het bos een bamboespruit met een prinsesje vindt. Hij neemt haar mee en voedt haar samen met zijn vrouw op. De bamboesnijder weet dat zijn pleegkind bijzonder is en introduceert haar aan het hof, waar voorname edellieden naar haar hand dingen. Ze scheept hen af met onmogelijke opdrachten.  

Kaguya verzet zich tegen de traditie, ze wil vrij zijn. Maar gelukkig is de prinses, die van de maan afkomstig blijkt, op aarde niet: ‘Ik ben nep en alles is mijn schuld’. Ze kiest ervoor terug te gaan naar de maan, waarna Boeddha haar komt halen op een wolk. Het is een filosofisch getint sprookje over de zin van het bestaan. Het leven is een droom en al wat groeit en bloeit, van mensen tot insecten, is bijzonder, waarbij de seizoenen de cyclische levensgang verbeelden. Kaguya’s afscheid van de aarde overstijgt het sentimentele en is van een indringende schoonheid.  

Recensie The Tale of the Princess Kaguya

Speciale techniek
The Tale of Princess Kaguya is Takahata’s eerste feature film sinds My Neighbors The Yamadas uit 1999 en hij heeft er zes jaar aan gewerkt. Met zijn eeuwenoude verhaal en filosofische moraal is het een buitenbeentje in de wereld van de tekenfilm, wat nog wordt versterkt door de afwijkende, maar beeldschone tekenstijl: impressionistische aquarellen van grote zeggingskracht waarin de getekende karakters dankzij een speciale techniek bijzonder realistisch bewegen. In plaats van celanimatie (decors en karakters los van elkaar getekend) zijn achtergrond en personages in de animatie geïntegreerd. Aldus wordt met een paar streken de kruipende baby Kaguya levensecht neergezet.  

Het is tevens Takahata’s laatste werkstuk voor de Ghibli Studio in Tokio, het productiehuis dat hij in 1985 met Miyazaki opzette en is gespecialiseerd in ‘ouderwetse’ animatie: alles met de hand getekend, geen computertechniek. Nu beide oprichters hun afscheid hebben aangekondigd was er onder fans even schrik over de toekomst van de wereldvermaarde studio, maar de directie heeft verkondigd door te gaan met een nieuwe generatie animators. De film When Marnie Was There van Hiromasa Yonebayashi draait al in Japan en is aangekondigd voor Nederland. Tot die tijd kan iedereen zich laven aan het verhaal van Princess Kaguya: tekenfilms van dit kaliber zijn zelden te zien.

 

1 september 2014

 

MEER RECENSIES