Imagine Film Festival 2018, deel 1

Imagine Film Festival 2018 – Deel 1:
Van dystopische poppenkast tot genezen zombies

door Sjoerd van Wijk

Aan tien dagen fantasy, horror en sciencefiction komt vandaag een eind. Gisteravond kreeg de Mexicaanse regisseur Issa López (FOTO RECHTS) de Black Tulip Award voor Tigers Are Not Afraid (de recensie lees je in het tweede verslag) en won de Italiaanse regisseur Paolo Genovese (FOTO LINKS, binnenkort een uitgebreid interview met hem op InDeBioscoop) de Méliès d’argent voor The Place. Dit jaar bezochten vier van onze redacteuren het Imagine Film Festival in EYE Amsterdam. Hier volgt het eerste deel.

Winnaars Imagine 2018

How to Talk to Girls at Parties – Als een felgekleurde rubberen bal
Drie tienerjongens in een buitenwijk van Londen zetten zich in de jaren 70 van de vorige eeuw af door als punkers door het leven te gaan. Zoals elke jongen van die leeftijd zitten ook zij in de spagaat dat ze graag een meisje willen, maar geen idee hebben hoe ze met hen om moeten gaan. Alsof meisjes van een andere planeet komen. In deze film is dat letterlijk het geval als de drie een vreemd feestje denken binnen te wandelen, maar wat eigenlijk een huis vol aliens met rare gewoontes is.

How to Talk to Girls at Parties is gebaseerd op een kort verhaal van schrijver Neil Gaiman en dat blijkt uit alles. De knotsgekke situaties bevatten zijn kenmerkende mix van curieuze fantasie en licht verontrustende humor. Het acteerwerk van onder andere Elle Fanning als ongemakkelijke buitenaardse tienermeisje geïnteresseerd in punk weet perfect het concept van de ‘uncanny valley’ over te brengen. Het zijn net mensen, maar hun gedrag is dermate vreemd dat het laatste stukje ontbrekende menselijkheid hen extra onecht laat overkomen. Opzwepend in beeld gebracht door regisseur John Cameron Mitchell, die al in Hedwig and the Angry Inch liet zien raad te weten met misfits in een muzikale setting.

Isle of Dogs – Dystopische poppenkast
In een nabije toekomst zit de fictieve Japanse metropolis Megasaki met een hondenprobleem. De dieren zijn geïnfecteerd met een ongeneeslijke ziekte, die semi-dictator Kobayashi doet besluiten hen te verbannen naar het nabijgelegen afvaleiland. De film volgt de avonturen van vier honden, die samen met een jongetje op zoek gaan naar de hond van de laatste. Deze tweede stop motion film laat wederom zien hoezeer deze techniek past bij Wes Andersons droogkomische oog voor detail.

Vanaf het eerste moment is het duidelijk wie de film geregisseerd heeft. De gebruikelijke gestileerde mise-en-scène en strak gevoerde camera creëren in combinatie met de stop motion techniek een betoverende poppenkast. Wat met name prijzenswaardig is aan Isle of Dogs is hoe Wes Anderson durft nieuw terrein te betreden. De melancholische ondertoon maakt pas op de plaats voor de bouw van een vervallen wereld met subtiele sociale kritiek. De cast is zoals altijd gevuld met sterren, waarbij ditmaal Bryan Cranston als trotse zwerfhond de show steelt. Toch zit hier ook de zwakte van de film. De karakters voelen te weinig ontwikkeld, waardoor de taferelen op een afstand blijven. Dit zorgt ervoor dat het tempo van de film niet lijkt te stroken met de wendingen van het verhaal. Het maakt Isle of Dogs tot een niet volledig geslaagd experiment.

The Cured – Verfrissende zombiefilm ontkomt niet aan platitudes
Een nieuw virus dat mensen psychotisch en extreem gewelddadig maakt (lees: zombies) heeft de wereld in haar greep gehouden en Ierland in het bijzonder. Er is een kuur gevonden, waar 75 procent van de geïnfecteerden met succes op reageert. Het nadeel is dat de genezen ex-zombies hun daden kunnen herinneren, met alle trauma’s van dien. Daarnaast behandelt de reguliere bevolking deze ‘cured’ als uitschot. Senan (Sam Keeley) weet onderdak te vinden bij schoonzus Abbie (een sterk spelende Ellen Page). Terwijl hij probeert te re-integreren duikt zijn oude ex-zombievriend Conor (Tom Vaughan-Lawlow) op, wat leidt tot allerhande spanningen.

Het concept van genezen zombies zorgt voor een verfrissende kijk op het genre. In plaats van de focus op het uitbreken en de daarop volgende overlevingsstrijd wordt eens gekeken naar de nasleep van de uitbraak. Onder andere door het acteerwerk weet de film in de eerste helft op innemende wijze op onderzoek te gaan naar de psychologische gevolgen van het zombieschap. Toch zijn hier al de eerste tekenen waar te nemen dat het niet bij psychologisch drama blijft, door de voorliefde voor ‘jump scares’. In de tweede helft van de film gaat The Cured toch overstag voor de clichés met opeens opduikende zombies, dubieuze acties van mensen in paniek en wat hak- en schietwerk. Daarnaast wordt gekozen voor een psychopathische slechterik, wat in vergelijking met het voorafgaande drama wat cartoonesk overkomt. The Cured wilt helaas niet all-in gaan met haar nieuwe blik op het genre.

Dhogs Statement over geweld in films
In een naamloze Galicische stad wordt een zakenman naar een hotel gebracht met de taxi. Daar heeft hij een bizar makkelijk verlopend versiergesprek, waarna de dame in kwestie verder wordt gevolgd op haar weg terug naar huis en haar belevenissen in de Spaanse woestenij. Terwijl alle karakters welhaast mechanisch lijken te handelen en stoïcijns de camera in staren, staart het publiek terug. De statische shots van een donkere zaal vol zwijgende neutrale hoofden werken vervreemdend. Deze verraden wat na afloop blijkt: de film is niet een verhaal, maar een statement over geweld in films. Het lijkt sterk op de Oostenrijkse film Funny Games en kan als de Galicische versie gezien worden.

Ondanks dat de publieksshots intrigerend zijn, weet Dhogs niet te overtuigen. Doordat de film zo conceptueel is ingesteld, is er geen ruimte voor een verhaal noch voor de ontwikkeling van karakters. Alles is een schaakstuk in het spel van schrijver/regisseur Andrés Goteira, waardoor alle handelingen klinisch overkomen. De pogingen tot het maken van sfeer, onder andere geïnspireerd op Holy Motors zoals aangegeven door Goteira in de Q&A na afloop, lopen op weinig uit doordat excessief wordt gehangen op theatrale muzikale begeleiding. Het brute geweld voelt afstompend en zinloos en ook als statement is het exploitatie. Omdat het niet de hypocrisie van Funny Games bevat, faalt Dhogs alleen door het niet waarmaken van haar ambities en is het geen weerzinwekkende film.

 

21 april 2018

 
 
Imagine Film Festival 2018 – Deel 2
Imagine Film Festival 2018 – Deel 3
Imagine Film Festival 2018 – Deel 4
 
 
MEER FILMFESTIVAL