Verslag LIFF 2015 Deel 3 lichtvoetige komedies

logo-LIFF

Deel 3: Komedies in allerlei gedaanten

door Bob van der Sterre

LIFF is een prima plek om een beeld te krijgen van de lichtvoetige film. Wat blijkt? Jean-Pierre Jeunets Amélie blijkt nog steeds een immense inspiratiebron. Maar er zijn ook films die meer hun eigen plan trekken.

Op het Leiden International Film Festival blijkt opnieuw hoe inspirerend en baanbrekend Amélie voor veel regisseurs is geweest. Dus originele, creatieve (‘quirky’) karakters; kleurrijke beelden; geestig getypeerde bijfiguren; vindingrijke montage; aandacht voor details; evenwicht tussen komedie en tragedie; ‘ouderwetse’ romantiek.

Me and Earl and the Dying Girl, die is besproken in deel 2, herinnert vrij sterk aan die film maar ook aan twee andere: 50/50 en Be Kind Rewind. Net als in een film als Amélie worden karakters vlot getypeerd door hun bizarre voorkeuren. De getatoeëerde leraar die houdt van Vietnamese soepen; de vader die in badjas met kat op schouder bizarre gerechten klaarmaakt (‘Hier jongens, een stukje cuttlefish’); de moeder die haar verdriet verdrinkt met wijn (‘Jullie zijn toch ook oud genoeg voor een glaasje?’); de broer van Earl die sigaren rokend met een pitbull op de veranda overal commentaar op geeft.

 

LIFF 2015 Le tout nouveau testament

Le tout nouveau testament – God is een klootzak
In Le tout nouveau testament is de erfenis van Jean-Pierre Jeunet nóg duidelijker aanwezig. Het is dat je aan het begin Jaco van Dormael ziet staan – anders zou je best kunnen denken dat Jeunet weer een nieuwe heeft gemaakt.

In de film is God een klootzak van een kerel die Brussel heeft gemaakt ‘omdat hij zich verveelde’. Later bedacht hij de mens en de rest. Als hij zijn dochter mishandelt (de zus van Jezus Christus, met wie ze via een standbeeldje communiceert), vlucht ze via de wasmachine (een portal), om met wat nieuwe apostelen ‘de wereld te veranderen’.

Het eerste half uur is ijzersterk maar leunt enorm op Amélie. Het stuk waarin God zijn lijst met sadistische tegenslagen tikt (‘een boterham met jam zal altijd ondersteboven op de grond vallen’, ‘de andere rij in de supermarkt gaat altijd sneller’) had zo in Amélie  gekund.

Dan gaan we op zoek naar de apostelen – en dat stuk is aanmerkelijk zwakker. Het geestige, spottende verhaal van het begin verandert langzaam maar zeker in over de top comedy (Catherine Deneuve met namaakgorilla). Er was hier iets meesterlijks aan de gang maar het glipt weg, als een bokser bij wie de kracht uit de armen is gevloeid. Zijn we blij met een half goede film of teleurgesteld om een half zwakke film?

 

Zoom

Zoom – Prettig gestoord en een echt plot
In Zoom is Amélie  ook weer een beetje aanwezig, met name in de grappige benadering van seks, de speelse montage, het creatieve nerdmeisje. Maar deze film heeft veel meer zijn eigen plan en slaagt daarin.

Emma (Allison Pill) werkt in een magazijn voor love dolls en tekent graag. Met haar collega Bob (Tyler Labine) heeft ze seks tijdens de pauze en hij laat haar terloops weten dat haar borsten niet zo groot zijn. ‘Maar dat is ook prima.’ Ze raakt onzeker en koopt een grotere boezem bij de plastisch chirurg.

Tussen de bedrijven door werkt ze aan een tekenverhaal waarin haar droomman Edward (Gael Garcia Bernal), een Spaanse actiefilmregisseur, aan een nieuw project werkt. Dit keer is het een integer verhaal. Zijn Amerikaanse producente vindt alles wat afwijkt van het gemiddelde al eng. Een strijd volgt en de droomman krijgt de schrik van zijn leven als Emma uit wraak hem een heel klein piemeltje geeft.

En hijzelf maakt ondertussen een artsy film waarin een Braziliaans model schrijfster wil worden. Als ze wordt bespot door haar vriendje, reist ze uit protest naar Brazilië. Ze ontdekt daar andere kanten van zichzelf.

Hoe het allemaal samenhangt, ga ik niet verklappen. Zoom  is een creatieve en originele film met een prettig gestoorde vibe. De film zit goed in elkaar, heeft tempo, neemt stilistisch heel wat risico’s, en is ook een van de weinige films op het festival met een echt plot.

 

A Perfect Day

A Perfect Day – Ode aan de hulpverlener
In A Perfect Day is er helemaal geen sprake van ‘comedy’ – en toch is de film vaak erg grappig. We zien een dag in Joegoslavië in 1995 (als het vredesakkoord bijna is getekend) waarin hulpverleners Mambrú (Benicio del Toro), B. (Tim Robbins) en Sophie (Mélanie Thierry) proberen een waterput te redden door er een lijk uit te vissen. Het touw breekt en de zoektocht naar touw brengt de hulpverleners overal en nergens.

Een hulpverlener kan vermoedelijk niet overleven zonder een sarcastisch gevoel voor humor en wij lachen dus even wrang met ze mee. Daarmee, heel in de verte, doet de film denken aan M*A*S*H. Hulpverleners kunnen nu eindelijk ook eens zeggen dat er een film is die hun beroep eer aandoet.

De film profiteert van prachtige shots in de bergen (die overigens niet Joegoslavisch zijn maar Spaans) en van geweldige chemie tussen de karakters. Del Toro en Robbins zijn als acteurs al net zo geroutineerd als de rollen die ze spelen, de sarcastische hulpverleners die alles al hebben gezien. Olga Kurylenko (Bond-girl in Quantum of Solace) en Fedja Stukan (As If I Am Not There) passen daar prima bij.

Het script (geschreven door regisseur Fernando León de Aranoa zelf) is verder behulpzaam. Het is namelijk nergens sentimenteel, pathetisch, grof of al te symbolisch. Nee, het is gewoon goed  materiaal dat je niet iets door de strot probeert te duwen. Oorlogsdrama ontbreekt. Wie Bosnisch of Servisch is, leren we niet eens. Hier gaat het om koeien die een weg blokkeren, huizen die op instorten staan of soldaten die je verbieden om door te rijden.

 

LIFF 2015 The Lobster

The Lobster – Absurdisme in creatief drijfzand
Ook anders dan anders is The Lobster van het Griekse duo Yorgos Lanthimos (regie) en Efthymis Filippou (script), die eerder Dogtooth (2009) en Alps (2011) maakten. In beide gevallen verrukkelijk absurdisme – maar (met name Alps) ook te lang durend.

In de akelige maatschappij die hier wordt geschetst mag je niet meer single zijn. Je móet een partner vinden. Lukt het je niet om in een aantal maanden in een hotel die geschikte partner te vinden, dan word je in een bos losgelaten, opgejaagd en als je dan wordt neergeschoten, gaan ze je veranderen in een dier. David (rol van Colin Farrell) wil in die hypothetische situatie een kreeft worden.

Het eerste uur is geweldig materiaal, erg grappig, droogkomische dialogen, absurdisme op zijn best. Je ziet Filippou aan zijn schrijftafel al schateren om zijn specialisme: kurkdroge absurditeit. Alle acteurs voelen het goed aan.

Maar het tweede uur (het dramatische deel) zakt het verhaal net als in Alps weer helemaal in. Scènes duren te lang, overbodige passages volgen elkaar op. Alles wat eerst leuk was, gaat nu tegenstaan, de droogheid verandert in saaiheid. Wat er maar er niet ingaat bij het Griekse duo is als een absurdistische tragikomedie geen maat weet te houden, de film terecht komt in creatief drijfzand. Zo zonde! Zulke originele scripts zien we bijna nooit.

 

6 november 2015

 

VERSLAG LIFF 2015 DEEL 1
VERSLAG LIFF 2015 DEEL 2 
VERSLAG LIFF 2015 DEEL 4