Vlaamse Film Festival 2015: Deel 1

Verslag Vlaamse Film Festival 2015: Deel 1 

door Ralph Evers

Verduveld dat het niet waar is, maar de frieten en het bier verwelkomen de bezoekers op donderdagavond. Evenals de gezelligheid, die een beetje bij onze zuiderburen thuishoort. Maar denk maar niet dat het programma luchtig is. Vlamingen weten wel hoe ze de filmkijker moeten bekoren. Zowel met experiment als met tragikomedie. De rauw- en helaasheid van ons leven wordt niet geschuwd. Én ze hebben iets te vertellen dit jaar: het thema circuleert rondom multiculturaliteit en diversiteit. 

Maar eerst iets over die charmante vondst om een filmfestival rondom onze zuiderburen te organiseren. Het voordeel dat dit met zich meebrengt is dat menig regisseur en acteur vrij rondloopt. Ze zijn daarnaast makkelijk aanspreekbaar, wat de band tussen bezoeker, film en filmmaker persoonlijker maakt. Zo beleef je niet alleen de film, maar ook de bezieling erachter.

 

De Marokkaan
De tweede editie van het Vlaamse Film Festival (VFF) in het Louis Hartloopercomplex te Utrecht opent met Image. Een film gemaakt door twee enthousiaste, jonge Marokkaans/Vlaamse filmmakers. In tegenstelling tot Nederland, waar de Marokkaan genuanceerder in beeld komt (we kennen acteurs als Nasrdin Dchar en Najib Amhali, maar ook de burgemeester van Rotterdam, Ahmed Aboutaleb), kent België een voornamelijk stigmatiserend beeld van de Marokkaan – en breder, de Noord-Afrikaan, de moslim. Tijd om daar stelling tegen te nemen, zullen regisseurs Adil El Arbi en Bilall Fallah gedacht hebben. Met veel flair en leentjebuur bij Hollywood, zetten zij met een klein budget (€ 120.000 is niks voor een langspeelfilm) een sympathieke, doch rauwe film in elkaar. Hierin worden de polariteiten, maar vooral de nuances over de Marokkaanse gemeenschap in Brussel, neergezet.

De film speelt zich af op locatie in Molenbeek, een wijk in Brussel met de nodige allochtonenproblematiek. De jonge, ambitieuze reporter Eva wil graag een documentaire over die gemeenschap maken. Ze wil een andere kant laten zien. Eva raakt in contact met “zware jongen” Lahdib en wordt ingewijd in de wereld van de allochtoon. Ondertussen is haar baas Herman Verbeeck (Gène Bervoets als heerlijk schmierende klootzak) naarstig op zoek naar een nieuwe scoop. De kijkcijfers zijn al tijden dalend en het programma snakt naar een kijkcijferbom. Die wordt mooi opgebouwd, in een film die er voor zijn budget alles behalve goedkoop uitziet. Eva komt meer en meer tussen de beide werelden terecht, omgaand met de negatieve oordelen van haar collega’s en de gevaarlijk, fascinerende leefstijl van Lahdib. Tot de laatste tien minuten, waar de film wat uit de bocht schiet. Hetgeen hen vergeven wordt, gezien dit hun debuut is.

Met Image is de toon gezet van een festival waar diversiteit (Before the last curtain falls belicht gepensioneerde travestieten, De Helaasheid der Dingen laat de zelfkant van de maatschappij op fenomenologische manier zien) en multiculturaliteit de belangrijkste ingrediënten zijn. 

 

Tussen humor en tragiek
De tragikomedie Trouw met mij is een ander voorbeeld van die multiculturele inslag. De film weet goed te balanceren tussen humor en tragiek. De film handelt over de bruiloft tussen de Turkse Sibel en de Vlaming Jurgen. De temperamentvolle dramatiek van de Turken en de bedeesdheid van de Belgen smelten als raki samen. En met sterke alcohol (raki is al gauw 45%) moet je oppassen. De film toont dat een trouwerij niet alleen de verbintenis van de geliefden is, maar ook die van families. In dit geval zelfs van culturen. Dat heeft mogelijk meer tijd nodig om te weken, dan de drie maanden die de relatie van Jurgen en Sibel duurt tot het moment van trouwen. Haar oudste broer, Kemal, steelt de show met zijn hufterige gedrag, waaronder een hoop frustratie en miskenning schuilgaat.

De film kent een goed uitgewerkt scenario, waardoor de stereotypen grotendeels achterblijven. Natuurlijk verwacht je spanningen, maar deze zijn keer op keer ingebed in een context. En doordat de personages meerdimensionaal zijn, krijg je al gauw sympathie voor hoe ze zich gedragen, of het nou de net-niet grappige speech van de vader van Jurgen is, of de explosieve aard van Kemal. 

 

Familie aan de zelfkant
De vrijdag van het VFF sluit af met de vertoning van De Helaasheid der Dingen. Een film die weinig introductie behoeft, omdat-ie reeds in 2009 uitkwam. Naar het gelijknamige boek van Dimitri Verhulst, heeft regisseur Felix van Groeningen (The Broken Circle Breakdown) een vrije hand gekregen in het vertalen van de roman naar het witte doek.

De film vertoont een familie aan de zelfkant van de maatschappij. Dronkenlappen, vrouwenverslinders, vechtersbazen en driftkikkers. Een oordeel is maar zo geveld, maar daar blijft Van Groeningen uit. Met een liefde voor de personages en de situaties balanceert ook deze film voortdurend tussen humor en tragiek, zonder tot een van beiden te vervallen. Zo krijg je als kijker een portret van echte mensen, in plaats van een karikatuur van enkel wat dronkenlappen. Het is haast ontnuchterend wanneer in de aftiteling blijkt dat die personages acteurs zijn. Een ontnuchtering die ook plaatsheeft wanneer je na afloop van een dag vol Vlaamse films, dat kleine stukje tijdelijk Vlaams grondgebied weer verlaat en door het nachtelijke Utrecht, weer Nederland in fietst.

 

10 mei 2015

 

Vlaamse Film Festival 2015: Deel 2