Recensie: Django

***

recensie Django

Requiem voor zigeunerbroeders

door Alfred Bos

De legendarische jazzgitarist Django Reinhardt is het hoofdpersonage van een geromantiseerd verhaal over zijn leven tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het dient als kapstok voor een film over de zigeunervervolging door de nazi’s.

Muziek stond centraal in het leven van gitarist Django Reinhardt (1910 – 1953), de in België geboren zigeuner die als kind bij een brand twee vingers verloor maar in het Parijs van de jaren dertig uitgroeide tot een in Amerika gekend gitaarfenomeen. Hij creëerde een geheel eigen stijl, die de basis vormde voor een nieuw en uniek genre – hot jazz, of zigeunerjazz, de enige Europese bijdrage aan de jazz – dat ook in de eenentwintigste eeuw nog immer springlevend is. Als gitarist is hij nimmer geëvenaard: Reinhardt gaf iedere noot, en dat waren er veel want de man speelde sneller dan het licht, zijn eigen coloratuur mee. En dat onversterkt, met twee vingers. De man was meer dan virtuoos, hij was een genie.

Django

Django is geen biopic over leven en werk van de legendarische jazzgitarist. In de naar hem vernoemde film speelt de uitvinder van de hot jazz weliswaar de hoofdrol, maar het verhaal komt uit de fantasie van auteur Alexis Salatko. Die publiceerde in 2013 de roman Folles de Django, over het wedervaren van de muzikant tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het is een fictief verhaal binnen een historisch kader, met biografische feiten als uitgangspunt. De film vestigt de aandacht op een vaak onderbelicht aspect van de naziterreur.

Niet-arische instrumenten verboden
Django opent in juni 1943 in de Belgische Ardennen met de vervolging en executie van musicerende zigeuners. De proloog introduceert het hoofdthema: niet alleen joden, ook zigeuners werden door de nazi’s beschouwd als untermenschen en op grote schaal afgevoerd naar vernietigingskampen. De film sluit af met de uitvoering van Requiem voor zigeunerbroeders, een klassieke compositie die Reinhardt tijdens de oorlogsjaren heeft geschreven. In de twee uur tussen proloog en epiloog wordt de historische werkelijkheid opgeleukt met fictie.

Django Reinhardt, gespeeld door Reda Kateb (in Nederland te zien geweest in La résistance de l’air), is in 1943 getrouwd met Naguine (de Roemeense folkzangeres Beata Palya). Vanwege zijn populariteit gedogen de nazi’s zijn optredens in de clubs van Parijs. Voor propagandadoeleinden nodigen ze hem zelfs uit voor een tournee door Duitsland, mits hij niet met zijn voet de maat meetikt. ‘Blues breaks’ en niet-arische instrumenten zijn verboden.

Hij heeft ook een aanbidster, Louise de Klerk (de Belgische actrice Cécile De France), die door de nazi’s wordt gebruikt, en misbruikt, als informant c.q. verklikker. Ze waarschuwt Django: zigeuners zullen worden opgepakt, vlucht nu het nog kan.Via het verzet komt de gitarist, met zwangere vrouw en musicerende broers La Plume en Nin-nin, tot de Zwitserse grens. Daar wordt hij pion in een dubbelspel rond een villa met hoog bezoek, een Britse piloot die naar Zwitserland moet vluchten en een aanslag.

Django

Voortreffelijke soundtrack
Het klinkt allemaal tamelijk gekunsteld, dat gesjacher met feit en fictie. Reinhardt heeft in werkelijkheid twee pogingen ondernomen om naar Zwitserland te ontkomen, wat niet lukte. De tweede keer bereikte hij neutrale bodem, maar grenswachten stuurden hem terug. Mevrouw De Klerk en de verwikkelingen rond de villa aan het meer daarentegen zijn fantasie. En passant zien we hoe de gitarist achter een kerkorgel kruipt en de eerste schetsen voor zijn Requiem componeert; zijn broer noteert wat hij improviseert. Het is een omslachtige manier om het thema van Django te illustreren: de zigeunervervolging. Het historische personage zit het punt van de film eerder in de weg, terwijl het dat juist zou moeten schragen.

Debuterend regisseur Etienne Comar, een ervaren producent die zich tevens als scenarist heeft laten kennen, ook voor deze film, is het best op dreef in de eerste akte, die het muzikantenmilieu van bezet Parijs schetst. Daarin is ook de meeste – en voortreffelijke – muziek te horen. De razendsnelle riedels van Katebs Reinhardt komen uit de gitaar van Stochelo Rosenberg, sologitarist van het Nederlandse Rosenberg Trio dat tekent voor de soundtrack. Die is wellicht het best deel van deze tweeslachtige film. En Reinhardts Requiem moet nodig integraal op plaat verschijnen.
 

29 april 2017

 
MEER RECENSIES