Atlantis

***
recensie Atlantis

Als de oorlog voorbij is

door Ries Jacobs

We are still in the desert.’ Doelend op de Eerste Golfoorlog die voortduurt in het hoofd van soldaten, eindigde Jake Gyllenhaal met deze woorden Jarhead (2005). Atlantis gaat door waar het oorlogsdrama van Sam Mendes eindigt. Hoe gaat een met PTSS kampende veteraan door met leven?

Sergiy werkt na de recente Oekraïense burgeroorlog in een staalfabriek. Nadat zijn vriend zelfmoord pleegt en de fabriek sluit, vindt hij een baan als vrachtwagenchauffeur. De oorlogsveteraan brengt schoon drinkwater naar plaatsen die hij enkele jaren eerder doorkruiste met het geweer in de hand. In deze gebieden is het water door de oorlog zo verontreinigd dat het niet meer drinkbaar is.

Atlantis

Op een van zijn tochten ontmoet hij Katya, een vrouw die werkt voor de vrijwilligersorganisatie Black Tulip, die als doel heeft om opgegraven oorlogsdoden te identificeren en een waardig graf te geven. Sergiy meldt zich aan als vrijwilliger en weet zo zijn leven weer wat zin te geven.

Opgegraven oorlogsslachtoffers
Veel scènes schoot regisseur en scenarioschrijver Valentyn Vasyanovych op bestaande locaties in het voormalige oorlogsgebied. Met name de gedateerde staalfabriek en zijn grauwe omgeving brengt hij mooi in beeld. Hoofdrolspeler Andriy Rymaruk, in werkelijkheid een oorlogsveteraan die werkt voor de Come Back Alive Foundation, tipte de regisseur vooraf over enkele mogelijke filmlocaties. De regisseur en de acteur creëren een sfeer die perfect bij het verhaal past en de film, mede door het gebruik van deze bestaande locaties, een rauw realisme geeft.

Door dit realisme, vormgegeven door lange en sobere scènes waarbij de camera nauwelijks van positie wisselt, heeft Atlantis soms iets weg van een documentaire. De regisseur zegt deze stijl bewust te hebben gekozen. De traagheid van de beelden symboliseert natuurlijk de doelloosheid van het leven van de met een trauma kampende veteraan Sergiy, maar traagheid moet je als regisseur beheersen. Dat doet Vasyanovych niet altijd; meer dan eens lukt het hem niet om de spanning vast te houden.

Atlantis

Zelfs in de wetenschap dat de lijken nep zijn, zijn de scènes waarin de camera minutenlang gericht is op in staat van ontbinding verkerende oorlogsslachtoffers niet alleen tergend traag, maar ook ronduit stuitend. Het lijkt soms alsof de regisseur door de scènes uit te rekken van een korte film een volwaardige bioscoopfilm wil maken, maar daarvoor leent het verhaal zich eenvoudigweg niet.

Rituele reiniging
Bovendien zijn de scènes onderling soms onsamenhangend. Bij meerdere beelden vraag je je af wat deze in de film doen. Een voorbeeld hiervan is het moment dat Sergiy een achtergelaten schep van een graafmachine met water vult en deze als bad gebruikt. Je kunt dit interpreteren als een rituele reiniging of als een poging van de oorlogsveteraan om tot rust te komen, maar het is niet relevant voor de ontwikkeling van de plot of de karakters en vertraagt de boel daarom vooral.

Toch is de film als geheel de moeite waard. Atlantis laat zien dat je een trauma soms beter verwerkt door het verleden op te zoeken, dan door ervoor weg te lopen. Dit klinkt als een moraal die zo uit de televisieserie Full House had kunnen komen, maar Vasyanovych brengt deze boodschap rauw en zonder franje in beeld. Hij doet dit zo geloofwaardig dat zelfs de traagheid van de film hem vergeven is.

 

15 september 2020

 

ALLE RECENSIES

Turtles Can Fly (2004)

REWIND: Turtles Can Fly (2004)
Koerden die de kindertijd overslaan

door Cor Oliemeulen

Het valt niet altijd mee om te kijken naar de lichamelijke en geestelijke verminkingen van oorlogskinderen in Turtles Can Fly (2004). Het drama speelt zich af in een Koerdisch vluchtelingenkamp tijdens de Amerikaanse invasie van Irak en focust op jonge kinderen tijdens het opruimen van Sadam Hoesseins mijnenvelden bij de grens tussen Turkije en de Koerdische Autonome Regio.

De dertienjarige Kak Satelliet geldt hier als een gerespecteerd man omdat hij de Engelstalige berichten op de radio begrijpt, en als hij die niet begrijpt, verzint hij zelf wel wat om de oudsten te behagen. Ondertussen leidt hij de kinderen, die niet-ontplofte munitie verzamelen om in de stad te verkopen. Als Kak een satellietontvanger heeft mogen aanschaffen, kunnen de mensen in het kamp zien hoe Amerika Irak is binnengevallen en hoe het beeld van Saddam van zijn sokkel wordt getrokken. Niet veel later strooien helikopters pamfletten uit boven het vluchtelingenkamp.

Turtles Can Fly

Tweederangs burgers
Toen Bahman Ghobadi twaalf was, brak de oorlog tussen Irak en Iran uit en verloor hij veel familieleden door Iraakse bombardementen. Ook vanwege de onderdrukking door Iran en later door Irak realiseerde hij zich de penibele situatie van zijn Koerdische volk. Hij raakte gedeprimeerd en werd boos dat de Koerden al zolang als tweederangs burgers moeten leven en geen eigen land hebben. “Mijn films zijn mijn leven, hoe ik leefde en hoe ik leef”, zegt Ghobadi. “In mijn films gebruik ik humor en satire, anders raakt het publiek misschien te geschokt.”

Nadat hij vanaf zijn zeventiende Super 8-films ging maken, de filmacademie in Teheran voltooide en assistent van zijn bekende landgenoot Abbas Kiarostami werd, kreeg Ghobadi al na zijn debuut, A Time for Drunken Horses (2000), een belangrijke rol in de globalisering van de Koerdische film. Maar zoals dat voor zijn latere films ook zou gelden, duurde het lang voordat hij toestemming van de Iraanse autoriteiten kreeg. Ghobadi verzweeg dat hij de film in de Koerdische taal wilde opnemen, terwijl de Koerden zelf de filmmaker wantrouwden, want wie anders dan de overheid maakt een film over ons? Toen de debuutfilm, die werd geschoten in zijn geboortedorp, eenmaal klaar was, probeerde Ghobadi reclametijd op tv te kopen. Ze zeiden aanvankelijk ‘nee’, maar nadat de regisseur refererend naar de filmtitel verklaarde dat er geen sprake is van dronken mensen, maar van een dronken paard, kreeg hij wel toestemming.



In REWIND opnieuw aandacht voor opvallende films uit dit millennium.

 


Geestkracht
De allereerste Koerdische speelfilm won de Gouden Camera in Cannes en was de Iraanse inzending voor de Oscars. Het verhaal gaat over Iraanse-Koerdische wezen, die proberen te overleven na de dood van hun ouders. In feite hebben bijna al Ghobadi’s films een vaak poëtische manier van filmen en een traditie in het Italiaanse neorealisme. Dat wil zeggen: low budget, filmen op locatie in documentaire-stijl en met niet-professionele acteurs. Net als in A Time for Drunken Horses spelen in Turtles Can Fly kinderen de hoofdrollen. “Jullie zien hen als kinderen, maar het zijn geen kinderen”, aldus Ghobadi. “Ik denk dat Koerden de kindertijd overslaan. De kinderen in mijn films lijden en worstelen zoals Europeanen dat pas doen in hun dertig of veertig. Mijn films gaan dus niet over kinderen, maar over mensen met kleine lichamen, maar een grote geestkracht.”

Turtles Can Fly (Koerdisch: Kûsî Jî Dikarin Bifirin) werd deels in Iran en deels in de Koerdische Autonome Regio in het noorden van Irak opgenomen. Het leven in het vluchtelingenkamp is ontdaan van enige romantiek en een enkel sprankje hoop. Ondanks de deprimerende omstandigheden en het hartverscheurende einde is het niet moeilijk te sympathiseren met de kinderen van wie de meesten minimaal een ledemaat missen. Diezelfde betrokkenheid en geloofwaardigheid zie je in alle zes speelfilms van Bahman Ghobadi, die het steeds moeilijker vond om zichzelf te censureren en direct na het voltooien van zijn undergroundfilm over een popband in Teheran, No One Knows About Persian Cats (2009), samen met de twee hoofdrolspelers Iran zou verlaten. Sinds die tijd pendelt hij tussen New York, Berlijn en Istanbul, waar hij met Rhino Season (2012) een film maakte over de Koerdisch-Iraanse dichter Sahel die wordt vrijgelaten na dertig jaar gevangenschap. Hij reist naar Istanbul om zijn vrouw te zoeken, maar zij denkt dat hij al twintig jaar dood is.

Turtles Can Fly

Van filmmaker tot activist
Sinds die tijd heeft Ghobadi nog slechts twee documentaires gemaakt. De filmmaker is nu vooral activist, die niet meer welkom is in zijn geboorteland. Zijn familieleden krijgen meestal geen toestemming om Iran te verlaten, bijvoorbeeld voor een bezoek aan Bahman vorig jaar in Ankara. Dat was een paar maanden nadat de onafhankelijke Iraanse filmmaker Mohammad Rosoulof een gevangenisstraf van een jaar kreeg vanwege de inhoud van zijn films. Ook Ghobadi’s broer Behrouz, eveneens filmmaker, verdween zeven maanden achter de tralies.

Het pionierswerk van Bahman Ghobadi heeft twintig jaar later meer dan duizend Koerdische filmmakers opgeleverd, echter volgens de regisseur worden zij nauwelijks gesteund en tellen alle gebieden in het Midden-Oosten waar de Koerden wonen samen nog geen tien bioscopen.

TURTLES CAN FLY KIJKEN: gratis op YouTube.

 

 

Update: De European Film Academy en het Internationaal Filmfestival van Berlijn roepen op tot de onmiddellijke en onvoorwaardelijke vrijlating van de Iraanse auteur, advocaat in mensenrechten en activist Nasrin Sotoudeh. Ze is de laatste passagier in Jafar Panahi’s film Taxi Teheran, winnaar van de Gouden Beer, waarin ze openlijk praat over haar toewijding voor politieke gevangenen. Nasrin Sotoudeh werd in juni 2018 gearresteerd op basis van dubieuze aantijgingen die betrekking hadden op haar werk als advocaat. Ze werd veroordeeld tot 30 jaar gevangenisstraf en 148 zweepslagen. Ze zit opgesloten in de beruchte Evin-gevangenis in Teheran waar ze op 11 augustus aan haar tweede hongerstaking begon om te protesteren tegen het regime dat weigert om politieke gevangenen tijdens de pandemie vrij te laten. Haar gezondheid is kritiek en een onmiddellijke vrijlating is noodzakelijk om haar medische hulp te kunnen geven.
Teken hier de petitie om haar onmiddellijk uit de gevangenis te ontslaan zodat ze de nodige medische hulp kan krijgen.

 

Meer REWIND

 


Babyteeth

***
recensie Babyteeth

Zelfbewuste tiener met kanker

door Yordan Coban

Babyteeth is een klassiek verhaal over een recalcitrante puber. Een meisje die in een dakloze jongen een ontsnapping ziet aan haar perfecte ouderlijke huis, om zo haar zelfstandigheid en eigen identiteit te ontplooien, nu het nog kan.

Milla (gespeeld door Eliza Scanlen) is een meisje dat leeft met de confronterende wetenschap van haar sterfelijkheid. Milla lijdt aan kanker, iets dat de kijker duidelijk gemaakt wordt, maar nooit echt overtuigend uitgewerkt wordt. Haar ziekte geeft Milla een vrijbrief te rebelleren tegen haar preventief rouwende ouders. Ouders die zich beseffen dat zij nu mag en kan doen wat zij wil. Dus ook thuiskomen met een dakloze junk, genaamd Moses (gespeeld door Toby Wallace). Een in de kern onschuldige jongen, over wie we nooit echt het hele verhaal horen. Maar de uiterlijke omstandigheden vertellen in principe genoeg over het tragische bestaan van Moses.

Babyteeth

Schreeuw om vrijheid
Alles aan Milla’s puberale schreeuw om vrijheid is geforceerd, maar begrijpelijk. Haar losbreken lijkt bovendien volledig zelfbewust. Nu het nog kan, wil ze ontsnappen aan het bereik van haar ouderlijk gezag. Alhoewel dat niet werkelijk kan zolang ze ongeneselijk ziek is. Daarom staat ze erop dat Moses bij haar komt wonen, ondanks dat Moses eigenlijk te oud voor haar is en de manifestatie van de ouderlijke nachtmerrie belichaamt.

Babyteeth kent een aantal cinematografisch gedurfde keuzes die de film soms een eigenzinnig karakter geven terwijl het andere keren uitmondt in de middelmatigheid van een videoclip. Dit Australische drama betekent de eerste speelfilm van Shannon Murphy die voorheen slechts korte films en televisieseries regisseerde. Een aardig debuut, maar wat wil ze vertellen met Babyteeth?

Het is een film met twee thema’s die allebei tot vermoeiends toe behandeld worden. Het verhaal van de rebellerende tiener, zoals we dat kennen uit filmklassiekers als The Graduate (1969) en Badlands (1973), wordt gecombineerd met het verhaal van de chronisch zieke en de onvermijdelijke dood, zoals we dat zagen in films als Y Tu Mamá También (2001), Simon (2004) en Me Earl and the Dying Girl (2015).

Babyteeth

Niet simpel
Toch kun je niet zeggen dat de film simpel in elkaar zit. Het drugsgebruik van Moses staat duidelijk in contrast met het gebruik van de voorgeschreven kalmeringsmiddelen voor Milla’s ouders. Een kritiek op de selectieve wijze van het gebruik en veroordelen van verdovingsmiddelen, iets wat we ook terugvinden in Requiem for a Dream (2003).

Dan is er nog de niet sterk uitgewerkte affaire van Milla’s vader met een zwangere jonge vrouw, hetgeen symbool staat voor zijn worsteling met het feit dat hij zijn dochter zal verliezen. En uiteraard de titel, die de kentering tot volwassenheid symboliseert.

Het zijn kleine verbanden en symbolen die alleen goede filmmakers kunnen leggen. Toch mist de film nog wat originaliteit en subtiliteit. De tijd zal leren of Shannon Murphy zich met Babyteeth zelf nog in de jeugdigheid van haar carrière bevindt.

 

24 augustus 2020

 

ALLE RECENSIES

Misbehaviour

***
recensie Misbehaviour

Deelnemers Miss World de maat genomen

door Cor Oliemeulen

Engelse feelgoodfilm toont hoe de kersverse vrouwenbeweging een halve eeuw geleden de live-uitzending van de Miss World-verkiezing verstoorde. In Misbehaviour gedragen alle betrokkenen zich op hun eigen manier en is er begrip voor zowel activisten als deelneemsters.

Net als in andere jaren zitten miljoenen gezinnen op 20 november 1970 aan de buis gekluisterd voor de twintigste Miss World-verkiezing in de Royal Albert Hall in Londen. De live-uitzending wordt onderbroken wanneer vrouwelijke activisten presentator Bob Hope (Greg Kinnaer), die tijdens zijn presentatie de zoveelste seksistische opmerking maakt, beginnen te bekogelen met pamfletten en meelbommetjes, toegesnelde beveiligers en politiemannen belagen met waterpistolen en leuzen roepen tegen de vleeskeuring en voor gelijke rechten van vrouwen. In het historische drama Misbehaviour zien we hoe het zover kon komen.

Misbehaviour

Tactiek bepalen
De film geeft een aardig beeld wat er in die tijd in de wereld aan de gang was. In een aantal landen was een maatschappelijke revolutie uitgebroken, waarbij steeds meer vrouwen zich gingen organiseren en verzetten tegen ongelijkheid en streden voor een gelijkwaardige zorg voor het kind en zeggenschap over je eigen lichaam. In het jaar dat het Engelse dagblad The Sun vrolijk startte met foto’s van topless vrouwen op pagina 3 kon de meerderheid van de bevolking zich nog geheel niet vinden in de idealen van deze Women’s Liberation Movement.

We maken kennis met de jonge moeder Sally Alexander (Keira Knightley) die op een Londens college haar toelating voor de universiteit probeert te verdienen. Ze oogt als een degelijk en burgerlijk type, die aanvankelijk schrikt van de anarchistische en provocatieve Jo Robinson (Jessie Buckley) die op fanatieke wijze het naar meer vrouwenrechten strevende groepje aanvoert. In tegenstelling tot Jo handelt Sally niet zozeer vanuit het hart en een portie lef, maar probeert zij door middel van verstand en academische vaardigheden doelen te bereiken. Zij overtuigt de anderen om de media, hoewel die behoren tot het establishment, te benaderen, want hoe kun je anders je boodschap uitdragen? Voordat ze het weet, wordt ze woordvoerster van de beweging en schreeuwt ze om het hardst bij demonstraties.

Verschillende perspectieven
Het sterke punt van Misbehaviour is dat regisseur Philippa Lowthorpe de Miss World-verkiezing vanuit verschillende perspectieven belicht en begrip voor (bijna) alle betrokkenen heeft. Zo vernemen we de beweegredenen van de Amerikaanse entertainer Bob Hope die al tien jaar eerder als host fungeerde en knallende ruzie met zijn vrouw krijgt, de grote organisator Eric Morley (Rhys Ifans) die volgens eigen zeggen slechts streeft naar de fantasie van een perfecte wereld waarin schoonheid wordt gevierd en zijn vrouw en zakelijk partner Julia (Keeley Hawes) die in tegenstelling tot haar man niet de maten maar de gratie van de deelneemsters roemt.

Misbehaviour

Maar de focus ligt op de twee groepen jonge vrouwen met ver uiteenlopende ambities. Enerzijds de feministen die zich verzetten tegen de huns inziens uitbuiting van vrouwen en die streven naar gelijkheid tussen mannen en vrouwen, anderzijds de deelnemers van Miss World die vurig hopen om zichzelf (en hun land) op de map te zetten. Terwijl de actievoersters hun plannen beramen, lijken de missen het uitstekend naar hun zin te hebben. Sommigen dromen over een betere toekomst, zoals de gekleurde deelneemster van Grenada. Zij wil en kan niet het bestaande systeem omverwerpen, maar is bij winst een grote inspiratiebron voor andere gekleurde meisjes omdat ze dan laat zien dat het mogelijk is om iets te kunnen bereiken. Dat zoiets moet door middel van een knap gezicht en een mooi lichaam is nu eenmaal zo.

Uit die korsetten!
Uiteindelijk is Misbehaviour een feelgoodfilm in een mooie Engelse traditie: het maken van deels ontroerende, deels grappige historische films met een bevredigende afloop waar mensen voor hun rechten opkomen. Denk bijvoorbeeld aan Pride (2014) waarin mijnwerkers en homo’s gezamenlijk demonstreren tegen de conservatieve Thatcher-regering en aan Made in Dagenham (2011) waarin de vrouwen in de Ford-fabriek strijden voor een beter salaris.

Dat gebeurde overigens al een paar jaar voordat de vrouwenrechtenbeweging voor een miljoenenpubliek de Women’s Liberation Movement op de kaart zetten. Je zou bijna vergeten dat de zojuist opgerichte Dolle Mina’s in Nederland al in januari 1970 van zich lieten horen: nadat ze hun korsetten hadden verbrand bij het standbeeld van de negentiende-eeuwse feministe Wilhelmina Drucker in Amsterdam verstoorden zij al een missverkiezing, in Utrecht. Wanneer gaat iemand daarover eens een feelgoodfilm maken?

 

23 augustus 2020

 

ALLE RECENSIES

One Day

**
recensie One Day

Vleesch noch visch

door Ralph Evers

Het Hongaarse drama One Day (Egy nap) wordt aangekondigd als alledaagse beslommering van een vrouw, die de tijd ontbeert de voor haar werkelijk belangrijke vragen te stellen.

Best nog een interessant uitgangspunt voor een arthousefilm. De Oost-Europeanen hebben een langere, rijkere traditie met het menselijk lijden dan de meer gefortuneerde West-Europeanen, die reeds lange tijd in vrede en financiële voorspoed leven. Daarnaast weten ze wel raad met trage film en existentiële thematiek. Al gauw doet zich een associatie met een Roemeense filmmaker aan, Cristi Puiu, bekend van Sieranevada uit 2016. Deze film kenmerkt zich door een dicht op de huid gefilmde uiteenzetting van een familie die over het een en ander ruziet, keuvelt, twijfelt, van mening verschilt en zo meer. Wat die film zo interessant maakt is dat, ondanks de enorme alledaagsheid en ondraaglijke lichtheid van het bestaan, je als kijker aanwezig bent. Alsof Puiu je een stoel aanbiedt en je aan tafel laat meegenieten (of ergeren) aan al dat familieleed. Leed dat juist door haar overbekendheid, op een vreemde manier zo aantrekkelijk is. Uiteraard speelt Puiu’s talent hierin een grote rol.

 One Day (Egy nap)

Afstand
Datzelfde is op de keper beschouwd ook wat One Day doet. Een film dicht op de huid van hoofdpersoon Anna geschoten. Zij, een moeder van drie kinderen, met een man die wat afwezig, goeiig en licht overspelig is en een baan als lerares Italiaans, waar de nodige schermutselingetjes spelen. Alles bij elkaar opgeteld voldoende om een burn-out of een ongemakkelijke hoeveelheid stress te veroorzaken. Zsófia Szamosi, de actrice die Anna speelt, doet dit met veel overtuigingskracht.

De film komt, mede door het eveneens goede acteerspel van de kinderen, zeer realistisch over en toch wringt er iets. Waar Puiu je een stoel aanbiedt en je deelgenoot maakt van een familietragedie, houdt regisseuse Zsófia Szilágyi afstand. Ergens kloppend, omdat Anna een wat afstandelijke vrouw is, iemand voor wie je niet gemakkelijk sympathie hebt, maar Szilágyi overdrijft. Tel daarbij op de onnavolgbare keuzes van de cameraman, die het geheel wat gezapig in kader brengt en je hebt een film die een aanslag op je aandacht doet, waarmee hij zichzelf te kort doet.

 One Day (Egy nap)

Vlak
De kunst is om hetgeen je vertellen wilt zo te verstoppen in je verhaal dat iedereen er iets eigens uit kan halen. Dat is altijd beter dan wanneer je er dik bovenop legt wat je wilt overbrengen. Disney is daar sterk in en een belangrijke reden waarom bovengetekende altijd maagklachten krijgt van dergelijke films.

De andere kant is dat je een karakterschets geeft van wat je als kijker te wachten staat en uiteindelijk verzuimt datgene te bieden. Ja, we zien Anna worstelen met haar bestaan, de opvoeding van drie kinderen, de eisen die het leven aan ouders stelt en de tol die alledaags menselijk leed van ons vraagt. Echter, door de afstandelijkheid waarmee het gebracht wordt en het niet op gang komen van enige waarlijk dramatische ontwikkeling is het alsof je hebt gekeken naar hoe water langzaam aan de kook komt. Dan zijn de 99 minuten die deze film duurt toch erg mager en flets bestede tijd. Jammer voor de kijker, jammer voor het talent dat in de film rondloopt en jammer voor de verwachtingen, want ze kunnen het wel degelijk, daar in Hongarije!

 

16 augustus 2020

 

ALLE RECENSIES

Three Summers

***
recensie Three Summers

Nevenschade in Braziliaanse samenleving

door Michel Rensen

Nadat haar baas na corruptieschandalen opgepakt is, neemt Madá de zaakjes in eigen handen. Three Summers biedt een sympathiek portret van een volhardend personage dat ondanks een opeenstapeling van tegenslagen door blijft gaan.

In drie episodes die zich afspelen over drie verschillende feestdagen, van 2015 tot en met 2017, vertelt Three Summers het verhaal van huishoudster Madá. Hoewel ze in dienst is van Edgar en zijn familie, is er duidelijk één iemand de baas in het vakantiehuis van de rijke familie. Met haar team verzorgt Madá de feestelijkheden en schept zij orde in de enorme chaos die de familiedrukte met zich meebrengt. Daarnaast neemt ze ook de zorg van Edgars vader Lira op zich en werkt ze hard aan het openen van haar eigen kiosk. De eerste episode laat vooral Madá’s ondernemende en oplossingsgerichte persoonlijkheid bloeien als zij Edgar overhaalt om voor haar de borg voor het land voor haar kiosk te betalen.

Three Summers

Met licht komische observaties legt regisseur Sandra Kogut de hedendaagse klassenproblematiek in Brazilië bloot. Madá wordt door Edgars vrouw Marta uitgefoeterd wanneer ze bijna een bijzonder dure vaas omstoot die meer waard is dan Madá´s jaarsalaris. Madá is niet op haar mondje gevallen en reageert op deze botsingen met scherpe en vooral geestige opmerkingen. De huishoudster en de familie hebben duidelijk al een lange geschiedenis waardoor ze de vrijheid heeft om op deze wijze te reageren, maar de kloof tussen de personages blijft gigantisch.

Zomerhuis
Een jaar later ziet het zomerhuis er heel anders uit. Niet alleen regent het flink, ook blijkt Edgar opgepakt te zijn op verdenking van corruptie. De politie doorzoekt de woningen en blokkeert de bouw van Madá’s kiosk vanwege de illegaal verkregen bouwvergunning. Het inkomen voor Madá en haar team is door Edgars arrestatie volledig verdwenen, terwijl Lira door werkzaamheden in zijn eigen huis nog steeds in het vakantiehuis verblijft. De arrestatie van Edgar leidt ook voor Madá en haar gelijken tot grote problemen. Ondanks dat zij binnen de lijnen van de wet werken, worden zij ook het slachtoffer van het oplossen van corruptie. De film laat zien dat corruptie zo verweven is in de structuur van de Braziliaanse samenleving, dat mensen uit lagere klassen ook zwaar geraakt worden als corruptie aangepakt wordt.

In de derde episode verliest Three Summers zijn stoom. In het vakantiehuis wordt een reclamespot opgenomen en nadat één van de actrices niet verschijnt, moet Madá haar plaats innemen. De inzichten die de film hier biedt in de klassenproblematiek zijn schrijnend opzichtig en voegen weinig toe aan wat de film eerder al had laten zien. Deze scènes lijken vooral vulling om naar een te optimistisch en gesloten einde te bouwen. Eind goed, al goed zou je zeggen, maar met de verkiezing van Bolsonaro is deze stap voorwaarts waarschijnlijk van zeer tijdelijke aard.

Three Summers

Volhardend personage
Ondanks dat Three Summers zijn vuur verliest in het derde deel, doet Madá dat nooit. Regina Casé (The Second Mother) zet met een fenomenale performance een ijzersterk personage neer dat met haar ondernemende karakter en doorzettingsvermogen blijft intrigeren. Door het verlies van hun inkomen en de onmogelijkheid haar kiosk te openen, moet Madá op zoek naar innovatieve manieren om toch rond te komen. De inboedel van het vakantiehuis wordt verkocht, in samenspraak met Lira wordt het vakantiehuis verhuurd als AirBnb en in de boot van de familie worden rondleidingen langs de nu verlaten vakantiehuizen gegeven.

De film werpt hier ook een nieuwe generatiekloof op als Lira berouw toont over de daden van zijn zoon. De vriendschap tussen Madá en de oude man laat een warmte zien die binnen Lira’s familie afwezig was in de eerste episode. Zonder de complexe dynamiek tussen de personages uit het oog te verliezen, biedt de film een alternatieve manier waarop deze ogenschijnlijk verschillende personages samen kunnen leven.

 

10 augustus 2020

 

ALLE RECENSIES

Berlin Alexanderplatz

***
recensie Berlin Alexanderplatz

De Duitse Droom

door Cor Oliemeulen

Het is misschien niet eerlijk om de jongste boekverfilming van Berlin Alexanderplatz te vergelijken met de geniale filmadaptatie van Rainer Werner Fassbinder. Toch verveel je je geen moment bij het verhaal over de opkomst en ondergang van een Afrikaanse vluchteling in de hedendaagse Berlijnse onderwereld.

De 32-jarige Francis (Welket Bungué) is de enige overlevende van een boottocht van Afrika naar Europa en neemt zich voor om een nieuw en beter mens te zijn. Maar als illegale vluchteling zonder papieren blijkt dat kennelijk onmogelijk. Na alle desillusies tijdens het zwoegen op een bouwplaats in het Berlijnse Alexanderplatz valt Francis voor een aanbod van de charismatische drugsdealer Reinhold (Albrecht Schuch) en droomt hij al snel van de Duitse Droom met genoeg middelen voor een zeer aangenaam bestaan. Wanneer Francis de escort Mieze (Jella Haase) tegen het bevallige lijf loopt, wil hij voor hen beiden een degelijk leven. Maar daarop zit Reinhold, die Francis immers uit de goot heeft getrokken en heeft opgeleid, niet te wachten.

Berlin Alexanderplatz

Onderwereld
Regisseur Burhan Qurbani – in 1980 in Duitsland geboren als zoon van Afghaanse vluchtelingen en in het jaar dat de legendarische serie van Rainer Werner Fassbinder op televisie verscheen – vertelt het verhaal van de beroemde roman Berlin Alexanderplatz (1929) van Alfred Döblin vanuit het perspectief van de zwarte vluchteling die belandt in de marge van de Berlijnse samenleving. Waar de oorspronkelijke antiheld Franz Biberkopf acteert in een tijd van politieke instabiliteit (revolutionaire dreiging van links, opkomend fascisme van rechts) verklaart Qurbani de beweegredenen van zijn hoofdpersonage bijna een eeuw later louter tegen de achtergrond van racisme en het verwezenlijken van een droom.

Ook al had Qurbani zijn protagonist Francis (door Reinhold al snel gedoopt tot Franz) geplaatst in een wereld van het hedendaagse oprukkend nationalisme en populisme, zelfs dan zou deze Berlin Alexanderplatz de roman te weinig recht hebben gedaan. Hoewel het thema van racisme immer actueel is, ligt in deze nieuwe boekverfilming het mankement in het ontbreken van een politieke context en een indringend portret van het milieu waarin Franz zich beweegt. Waar Fassbinder in 15,5 uur uiteraard veel meer tijd kan nemen om het door Döblin beschreven Lumpenproletariat met zijn leger van vagebonden, oplichters, bordeelhouders, voddenrapers, bedelaars, zakkenrollers en allerhande ander geteisem te representeren, beperkt Qurbani de Berlijnse onderwereld tot het grootschalig drugs dealen in het park, dure nachtclubs vol schoon vrouwelijk naakt en een op seks beluste bendeleider die zijn trofeeën vanuit een ziekelijke frustratie direct na bewezen diensten het huis uit schopt.

Berlin Alexanderplatz

Kansloos maar verdienstelijk
Ook al is nieuwe Berlin Alexanderplatz drie uur lang, het blijkt een kansloze missie het oorspronkelijke verhaal op het witte doek een ziel te geven. We komen een heel eind met mooie cinematografie en sfeervolle voice-overs met filosofische overpeinzingen uit het boek. En het is ondanks het zo nu en dan rammelende scenario knap dat de kijker weinig kans krijgt om zich te vervelen, maar uiteindelijk kun je alleen maar concluderen dat deze filmadaptatie een tikkeltje te hoog gegrepen is, wat ook blijkt als bepaalde dramatische wendingen te weinig uitleg krijgen en door het wel heel obligatoire einde.

Toch is Berlin Alexanderplatz editie 2020 een verdienstelijk geproduceerd misdaaddrama met een karakterstudie van een worstelende vluchteling en een goede cast waarin met name Albrecht Schuch als de psychopathische Reingold de meeste indruk maakt. Na afloop krijgt de liefhebber echter onmiddellijk zin om Berlin Alexanderplatz van Fassbinder uit de kast te trekken. Het hypnotiserende titelmuziekje, de briljante atmosfeer en de vertolkingen van Günter Lamprecht als de eenarmige ‘draufgänger’ Franz, Gottfriend John als de gemene Reinhold, Barbara Sukowa als het hoertje Mieze en Hanna Schygulla als Franz’ andere liefje Eva zijn nu eenmaal van een ongeëvenaard kaliber.

 

3 augustus 2020

 

ALLE RECENSIES

Blanco en blanco

***
recensie Blanco en blanco

Leed op afstand

door Sjoerd van Wijk

Blanco en blanco houdt het leed op afstand. Met treffend lichtspel ontleedt de film systemisch onrecht, maar daarmee blijft verdere reflectie op de cynische conclusie over medeplichtigheid achterwege.

De fotograaf Pedro (Alfredo Castro: Rojo, El Club) reist af naar het onherbergzame Tierra del Fuego in het zuidelijkste puntje van huidig Chili en Argentinië om een trouwfoto te maken voor de rijke landeigenaar Mr. Porter. In die uithoek vindt een vergeten stuk geschiedenis plaats, de genocide van het Selk’nam volk. Als Pedro weken moet wachten op een boot zonder betaling voor zijn diensten komt die geschiedenis akelig dichtbij. Hoe je een houding te vinden als intens onrecht aan de orde van de dag, verweven in het systeem, is? Dit is niet slechts een historische curiositeit maar nog steeds razend actueel. Kijk bijvoorbeeld naar de gigantische schaal waarop China de Uighur uitroeit.

Blanco en blanco

Clair-obscur
Pedro doet dienst als een welhaast metaforische observator verscholen achter zijn fotocamera. Alfredo Castro onderstreept dat met stoïcijns spel, als hij op didactische wijze zijn subjecten dirigeert teneinde een moment van schoonheid in de ellende te creëren. Zo legt Blanco en blanco

terloops de calculerende wereld van Tierra del Fuego vast die de Selk’nam tot externaliteit reduceert. De foto’s van conquistador Julius Popper’s campagne aldaar vormden een inspiratie voor de film.

De vloeren van de interieurs kraken als bij Ingmar Bergman en zo is cinematograaf José Alayón dan ook de Sven Nykvist van regisseur Théo Court. Alayón schildert net zo geraffineerd met clair-obscur en krijgt daarvoor alle tijd van Court. Het spaarzame licht van achter een wapperend gordijn of de fakkels als dwaallichtjes in het bos tijdens een klopjacht benadrukken het desolate landschap waar mensen ondernemen ten koste van anderen.

Pessimisme
Mr. Porter als grote afwezige tijdens de gebeurtenissen typeert het verhaal en ook Pedro houdt het leed zo lang mogelijk op afstand. Het land heeft andere plannen en lastige keuzes komen met geldnood, geaccentueerd wanneer Court voor even de kilte verlaat tijdens een druk feestje voor de werkers. Hij stevent samen met co-scenarist Samuel M. Delgado af op een gitzwarte conclusie: uiteindelijk hanteert de artiest Pedro eenzelfde instrumenteel denken als de doorsneekolonist, maar dan met esthetische in plaats van monetaire overwegingen.

Blanco en blanco

Het pessimisme snijdt zoals het zand voortraast in de wind. De verlatenheid van het vale landschap buiten doet denken aan het werk van een Theodor Kittelsen of Caspar David Friedrich. Daarmee roept de film soms qua mystiek een blackmetalsfeer op. Waar dat genre draait om een kosmisch pessimisme, blijft dat pessimisme in Blanco en blanco echter van een zakelijker, cynischer, aard. Platen als Burzums klassieker Filosofem en Bloem (2020) van de Gelderse band Fluisteraars blijven echter niet in de afgrond staren maar zwepen op met hun muzikale draaikolken. Zo geven zij treffender vorm aan de machteloosheid van het individu tegenover het onrecht in Tierra del Fuego (of China) en schenken in de confronterende duisternis een mentale houvast, het vertrouwen iets te kunnen maken van de toekomst.

Munt slaan
Blanco en blanco houdt het leed van de Selk’nam echter op afstand en geeft dat houvast en vertrouwen niet. Met zaken als verfijnde drieluikshots en een metaforisch scenario valt de film in dezelfde valkuil als Pedro zelf. Het brengt de zwaarmoedigheid op bestudeerde wijze zoals Pedro een Julius Popper-tableau dirigeert voor het mooiste uitzicht. De fraaie verstilde beelden van Alayón werken weliswaar in dankzij het feeërieke lichtspel, maar zijn juist daardoor ook een te cerebrale benadering van het systemische onrecht. De logica van het kolonialisme blijft hier een theoretische aangelegenheid, in plaats van dat deze invoelbaar wordt via de behandeling van de Selk’nam en het toekijken van de stille omstander. Het is eerder een mooi plaatje om in te lijsten. Daarmee slaat omstander Blanco en blanco er eerder esthetisch munt uit in plaats van te zwijgen.

 

2 augustus 2020

 

ALLE RECENSIES

Gli anni più belli

**
recensie Gli anni più belli

Italiaanse Breakfast Club wordt ouder

door Paul Rübsaam

Gli anni più belli behandelt een vriendschap tussen vier personen over een periode van bijna veertig jaar. Menig kijker zal in minstens één van de protagonisten iets van zichzelf herkennen. Maar de pretentie dat de ontwikkeling van de tijdgeest van 1982 tot 2020 wordt geschetst, maakt deze clichématige Italiaanse film niet waar.

Aanvankelijk, we schrijven 1982, zijn ze met zijn tweeën: Giulio en Paolo, twee zestienjarige Romeinse jongens. Tuk op sensatie sluiten de vrienden zich aan bij een politieke demonstratie, waartegen de politie hard optreedt. Een politiekogel treft een leeftijdgenoot in zijn buik. Giulio en Paolo brengen de onbekende jongen naar het ziekenhuis. Riccardo, zoals hij blijkt te heten, overleeft het. Voortaan zijn de drie jongens onafscheidelijk.

Gli anni più belli

De vastberaden Giulio (Pierfrancesco Favino), de dromerige jonge intellectueel Paolo (Kim Rossi Stuart) en ongeleid projectiel Riccardo (Claudio Santamaria) beleven een mooie zomer in het huis aan een meer van Riccardo’s vrijgevochten ouders. Spoedig daarna zet Paolo als eerste zijn schreden op het liefdespad. Met een spreekbeurt over vogels, waarbij hij zijn eigen parkiet Lucy als voorbeeld gebruikt, maakt hij indruk op zijn vaderloze klasgenote Gemma, wier moeder ernstig ziek is. Gemma (Micaela Ramazzotti) wordt het meisje van Paolo, die haar aanbidt. Maar ook voor Giulio en Riccardo is ze de vriend(in) die het kwartet completeert.

Het enige dat het viertal nog mist is een vehikel waarmee de nodige avonturen beleefd kunnen worden. Giulio weet een van de sloop geredde, rode Mercedes-cabriolet weer aan de praat te krijgen. Nadat het uitgelaten viertal zijn eerste ritje heeft gemaakt, laat het zich met het voertuig op de achtergrond vereeuwigen door een voorbijganger. Die foto zal slechts een momentopname blijken. Want Giulio’s vader verkoopt de auto, wat tot een definitieve breuk met Giulio leidt. En ondertussen sterft Gemma’s moeder.

Gli anni più belli

Tijdsbeeld?
Gemma gaat bij haar tante in Napels wonen, waar ze zich in het ruige uitgaansleven stort en een relatie aanknoopt met een Napolitaanse cokedealer. Paolo moet het doen met haar van tranen doordrenkte afscheidsbrief. Giulio gaat rechten studeren en neemt zich voor het op te gaan nemen voor de zwakkeren in de samenleving. Paolo begint aan een studie Italiaans en klassieke talen en Riccardo beproeft zijn geluk als figurant bij theaterproducties.

Allengs worden de tijdsprongen in Gli anni più belli (De mooiste jaren) groter. Als we wat archiefbeelden zien, bijvoorbeeld van 9 november 1989, de dag waarop de Berlijnse muur viel, horen we ondertussen Giulio verklaren dat hij uitgerekend op die dag afstudeerde. Dan weten we welk jaar het is en bovendien in welke levensfase het personage zich bevindt. Naar een verband tussen die levensfase en dat algemene tijdsgewricht blijft het echter gissen.

Om veel te kunnen zeggen met één beeld sleept regisseur Gabriele Muccini (A casa tutti bene, 2018) voorts de clichés binnenboord. Op het huwelijksfeest van Riccardo en zijn bruid Anna, ergens in de jaren negentig, flirt de tijdelijk weer bij Paolo teruggekeerde Gemma met Giulio. Ze doet dat middels verleidelijke heupbewegingen op de maat van het door een gelegenheidsbandje ten gehore gebrachte Don’t you (forget about me) van The Simple Minds. Kon Muccini niet met een originelere keuze komen dan dit overbekende nummer uit de vermaarde Amerikaanse tienerfilm The Breakfast Club (1985)?

Nog zo’n voorbeeld. Als de maatschappelijk aan lager wal rakende Riccardo de enige blijkt met wie Gemma een platonische, maar werkelijk vriendschappelijke relatie onderhoudt, moet dat gevierd worden, waarbij we niet mogen vergeten dat we ons in Rome bevinden. Dus nemen Gemma en Riccardo een bad in de Trevifontein, om La Dolce Vita (1960) van Federico Fellini maar weer eens te citeren.

Gli anni più belli

De trap van haar leven
‘Herkenning’ is zonder twijfel het sleutelwoord bij Gli anni più belli. Daarvoor heb je tevens aanraakbare personages nodig. Dat die inderdaad ten tonele worden gevoerd, mag wél een verdienste heten van zowel de regisseur als de acteurs.

Als kijker ben je geneigd de advocaat Giulio te verguizen als hij zijn idealen inlevert voor aanzien en geld. Maar je kunt hem ook begrijpen. Dat laatste geldt eveneens voor Riccardo, die na twaalf ambachten en dertien ongelukken nog maar één ding verlangt: de liefde van zijn zoon. De geboren docent Paolo gun je voorts dat hij eindelijk eens als zodanig mag schitteren.

En dan Gemma. Na de dood van haar moeder ontwikkelt ze zich tot een opportunistische, bittere jonge volwassene. Maar op middelbare leeftijd ontdooit ze weer. Ze vormt het middelpunt van een scène waarin ze ‘de trap van haar leven’ beklimt. Stuivend over de treden, van verdieping naar verdieping steeds ouder wordend, komt ze uiteindelijk aan bij de kamer waar haar geluk wacht. Een knappe montage en een beeld dat je bijblijft, in een film echter waarin het meeste hout van te dikke planken wordt gezaagd.

 

1 augustus 2020

 

ALLE RECENSIES

Fahim

***
recensie Fahim

Illegaal schaaktalent wil wereldkampioen worden

door Cor Oliemeulen

Onderhoudende biografie over een vader in Bangladesh die zijn zoon meeneemt naar Frankrijk om daar diens schaaktalent verder te kunnen ontwikkelen. Tegen de achtergrond van de hoop op een verblijfstatus ontwikkelt zich een hartverwarmend verhaal over een jochie dat wereldkampioen wil worden.

Schaken in films wordt over het algemeen niet bar serieus genomen. Vaak staat het bord verkeerd (het vakje rechtsonder moet wit zijn) en hebben de intelligent geachte personages geen flauw idee wat ze aan het doen zijn. De liefhebber kijkt reikhalzend uit naar een goede schaakfilm, waarvan er slechts sporadisch eentje de bioscoop weet te bereiken. De laatste was The Dark Horse vijf jaar geleden. Dit Nieuw-Zeelandse drama vertelt het waargebeurde verhaal van de bipolaire ex-bendeleider Genesis Potini die zijn passie voor schaken overbrengt op Maori-jongeren en hen daarmee probeert te behoeden voor het criminele circuit.

Fahim

Oorlog tussen twee geesten
Een goede schaakfilm gaat nooit alleen over het strategisch verplaatsen van stukken op het bord. Het zijn met name de achtergronden van de schaker die een film, ook voor het grote publiek, interessant maken. In Pawn Sacrifice (uit hetzelfde jaar) kruipt Tobey Maguire in de huid van de meest legendarische – en volgens velen beste – schaker Bobby Fisher. Geweldig voor de schaakfanaat, omdat daarin bijvoorbeeld de beroemde schaaktweekamp van de onvoorspelbare Amerikaan tegen de stoïcijnse Rus Boris Spassky uitgebreid aan bod komt. Maar ondanks de psychologische oorlogsvoering tussen de twee kemphanen is zo’n film slaapverwekkend voor de niet-schaker, omdat die geen snars van het spelletje begrijpt.

Schaken is geen spelletje, aldus de eigenzinnige Franse topcoach Xavier Parmentier (geweldige rol van Gérard Depardieu) in Fahim, maar een oorlog tussen twee geesten. In zijn schaaklokaal in Parijs heeft hij zojuist kennisgemaakt met de spontane Fahim Mohammad Alam (ontwapenend oprecht vertolkt door Assad Ahmed) die met zijn vader is gevlucht uit Bangladesh om hier een beter leven te kunnen opbouwen. Het grootste doel is om het 11-jarige talent te laten kneden tot schaakprofessional. Het is aan de stugge, afstandelijke en chagrijnige Xavier om Fahim op een onalledaagse manier de subtiele kneepjes van het schaken te leren. Belangrijkste les: speel niet altijd zo agressief en neem af en toe genoegen met remise. Net als in het echte leven.

Fahim

Onderduiken
Fahim vertelt een waargebeurd verhaal waarin schaken en politiek op een geloofwaardige manier worden gemengd. Ja, Fahim is een groot talent, die zich snel de Franse taal machtig maakt en soms heel gevat voor zich weet op te komen, echter zijn vader kan zich maar moeilijk aanpassen in deze volstrekt andere maatschappij. Hij kan geen structurele baan vinden en dreigt te worden uitgezet. Ook Fahim moet, geholpen door zijn nieuwe schaakvriendjes, onderduiken. Ondertussen blijft hij dromen om kampioen te worden.

De nijpende omstandigheden waarin het duo verzeild is geraakt, maakt de film meer dan alleen een verhaal over de relatie tussen leraar en leerling, zoals die heel kenmerkend aan bod komt in de schaakklassieker Searching for Bobby Fisher (1993). Hierin wordt de pas 7-jarige Josh, die graag in de voetsporen van zijn idool wil stappen, hardhandig aangepakt door zijn schaakleraar Bruce (Ben Kingsley). Naast de verwikkelingen rond de vluchtelingenstatus en de relatie tussen mentor en talent, besteedt Fahim ook de nodige aandacht aan de verhouding tussen vader en zoon. Hun geschiedenis doet – hoewel minder confronterend – denken aan Pelle the Conquerer (1987) waarin eveneens een vader (Max von Sydow) zijn zoontje meeneemt naar een ander land in de hoop daar een beter bestaan te kunnen opbouwen. Ondanks dat het titelpersonage niet de beste schaker van de wereld zal worden, is Fahim een inspirerende film voor het hele gezin.

 

27 juli 2020

 

ALLE RECENSIES