Angst essen Seele auf

****
IFFR Unleashed – 1974: Angst essen Seele auf
Liefde, eenzaamheid en exotisme

door Yordan Coban

Angst essen Seele auf (1973) van Rainer Werner Fassbinder is een film over liefde en tolerantie die zich onderscheidt door af te wijken van de te verwachte boodschap, die je vaak vindt in films over xenofobie en de multiculturele samenleving.

Het romantische drama gaat over twee eenlingen, de oudere Duitse weduwe Emmi (Brigitte Mira) en de Marokkaanse arbeidsmigrant Ali (El Hedi ben Salem). Ondanks dat ze zich bevinden in een sociale omgeving met collega’s en vrienden missen ze een intiemer gezelschap in hun leven. De twee beginnen een relatie maar ondervinden voornamelijk negatieve bejegeningen. In het naoorlogse Duitsland kon men geen begrip opbrengen voor interraciale relaties, om nog maar te zwijgen van het leeftijdsverschil.

Angst essen Seele auf

Verboden begeerte
Een goed voorbeeld van een film over xenofobie die wél de te verwachten verhaallijn volgt, is The Shape of Water (2017) van Guillermo del Toro. We zien daar twee totaal verschillende personen die ondanks de buitenwereld voor de liefde kiezen, met de dood tot gevolg. Het is in wezen een variatie op het klassieke Romeo en Julia-verhaal: het noodlot van een verboden begeerte. Angst essen Seele auf vermijdt dit noodlot en gaat verder waar een film als The Graduate (1967) eindigde.

Na hard tegen iedereen gevochten te hebben in naam van de liefde blijven in deze klassieker van Mike Nichols de personages van Dustin Hoffman en Katharine Ross achter met de vraag of het punt aan de horizon werkelijk een bevredigende liefde is. Was het niet juist de controverse die ze zo verliefd maakte? Diezelfde vraag speelt een belangrijke rol in Angst essen Seele auf. Op het moment dat de omgeving de relatie geaccepteerd heeft, lijkt de verliefdheid over. Het is dan aan de personages en het publiek om bij zichzelf te rade te gaan wat de aanvankelijke aantrekkingskracht was en wat daar nu nog van over is.

Machtspositie tussen partners
De films van Fassbinder worden gekenmerkt door hun sociaal-maatschappelijk relevante onderwerpen. De Duitse regisseur maakte films over liefde en relaties maar leek daarbij vooral geïnteresseerd in de machtspositie tussen partners. Fassbinder ging zijn tijd flink vooruit. Zijn films prediken thema’s op zwierige meanderende wijze, zoals vakbroeders Jean-Luc Godard en Werner Herzog dat ook deden.

Net als laatstgenoemde was Fassbinder frontman van de Neue Deutsche Welle, een stroming die qua invloeden weer voortvloeide uit de Nouvelle Vague, waarvan Godard een van de boegbeelden was. Beide stromingen kenmerken zich als een alternatieve niet-commerciële lowbudgettegenreactie op de tot dan toe gevestigde filmindustrie. Fassbinder werkte graag met simpele filmsets en onbekendere acteurs. Zo wist hij in zijn korte leven (hij werd slechts 37) een indrukwekkend aantal films te produceren.

Fassbinders personages zijn over het algemeen filosofisch onderlegd en geven dikwijls een psychoanalytische ontleding van zichzelf voordat de kijker dat hoeft te doen. In Angst essen Seele auf gebeurt dit niet echt. Personages worstelen met hun gevoelens maar weten zich niet altijd te uiten, hun frustraties worden eerder uitgedrukt in stiltes dan in woorden. De film bevat een aantal karakteristieke lange stilstaande shots waarin de personages leeg voor zich uit staren.

Angst essen Seele auf

Aanklacht en taboe
Fassbinder was een zelfbewuste filmmaker die ook vaak expliciet in zijn eigen films verscheen. In Angst essen Seele auf speelt hij de rol van de racistische en misogyne schoonzoon van Emmi. Toch wijzen vele interpretaties op het idee dat Fassbinder zijn sentimenten juist op Emmi geprojecteerd heeft. Deze aanname is voornamelijk te rijmen met het feit dat Fassbinder in die tijd een relatie had met El Hedi ben Salem. De filmmaker werkte graag, soms obsessief, samen met zijn muzen, regelmatig homoseksuele, lesbische of transseksuele hoofdpersonages. Zijn aanklacht tegen xenofobie strekte dus niet slechts tot raciale verschillen maar betrof ook mensen met een afwijkende genderidentiteit.

Wie in de Randstad leeft, ziet bijna niet anders dan koppels met verschillende achtergronden. Gelukkig maar, de multiculturele samenleving heeft met de jaren op dit vlak een taboe doorbroken. Het heeft wat dat betreft in vergelijking met de tijdsgeest zoals geportretteerd in Angst essen Seele auf een aangenaam niveau van tolerantie bereikt. Dit geeft ons geen vrijbrief tot berusting, de Toeslagenaffaire en het politiek activisme als gevolg van raciale spanningen van het afgelopen jaar dwingen ons nog steeds tot een indringende zelfreflectie op dit gebied.

Het thema van racisme in Angst essen Seele auf blijkt dus anno 2021 nog steeds relevant ondanks dat het al vele malen verfilmd is. Toch doen we deze film van Fassbinder te kort als we hem slechts beschouwen als een film over racisme. Meer nog dan racisme is het thema de complexe pathologische werking van liefde, eenzaamheid en exotisme.

Deze film is bij het jarige IFFR online te zien tot en met 7 april 2021.

28 februari 2021



IFFR 1972: The Cow
IFFR 1973: Adult Fun
IFFR 1974: Angst essen Seele auf

Cow, The

****
IFFR Unleashed – 1972: The Cow
Liefde voor een koe is de grootste liefde

door Bob van der Sterre

Een dorp. Een man. Een koe. Liefde. The Cow (Gaav) begint met een portret van een Iraans dorpje. Mash Hassan heeft een koe en verzorgt die beter dan zijn eigen vrouw. Hij wast de koe, hij boent de koe, zegt lieve woordjes tegen de koe.

Op een dag gaat hij naar de stad. En dan sterft de koe. Zijn het de heidense Bolouris-bendeleden, die al eerder in het dorp waren? Is het een slang? Is het het ‘boze oog?’ Iedereen heeft zijn eigen theorie.

The Cow

Genadeloos blootleggen
Het hele dorp komt bijeen om te beslissen hoe ze kunnen voorkomen dat Hassan het nieuws krijgt. Ze gaan zelfs zo ver om de dorpsidioot vast te binden. Hassan keert terug en mist zijn koe. Hij begin hooi te eten. ‘Ik ben niet Hassan. Ik ben zijn koe.’ Zijn dorpsgenoten zijn supergeduldig en willen hem graag helpen met zijn verdriet maar Hassan teert langzaam weg. Ze moeten wat doen.

De film (cinematografie is van Fereydon Ghovanlou) is prachtig om te zien. De locatie, een klein Iraans dorpje in een woestijn, maakt hier de film. De zwart-witbeelden zijn hier vrij letterlijk, aangezien de mensen vaak in het zwart lopen en hun huizen wit zijn. De muziek is mysterieus, de karakters van het dorp worden mooi in beeld gebracht en de woestijn en de krappe huisjes geven alles een beklemmend gevoel. Dat is met cinematografisch instinct gezien door regisseur Darius Mehrjui en dan helpt de geweldige rol van Ezzatolah Entezami als Hassan ook veel.

Met interpretaties kun je veel kanten op, dat is het aardige van deze film. Er is gelukkig niet een simpele uitleg, zoals je ook met Ionesco’s Rhinoceros, of Kafka’s Die Verwandlung, waar deze film aan beide een beetje doet denken, veel kanten uit kunt. Heeft het met politiek, psychologie, sociologie, religie of met onze omgang met dieren te maken? Dat zou allemaal kunnen.

The Cow

Islamitische Revolutie
In niet-artistiek opzicht is de film ook bijzonder. De sjah-regering vond dat het Iraanse volk te simpel en boers oogde in deze film. De film kwam alleen bij buitenlandse festivals (in 1971 voor het eerst in Venetië in 1972 dus in Rotterdam) dankzij het betere smokkelwerk. Zo ging dat in die tijd.

Frappant genoeg vond ayatollah Khomeini de film vermakelijk. The Cow zou misschien zelfs de reden zijn dat na de Islamitische Revolutie van 1979 (tien jaar na deze film) er nog films gemaakt mochten worden.

Wat me elke keer zo verbaast, is dat dit soort relatief eenvoudige filmhuisfilms al zo lang gemaakt worden (deze is dus uit 1969). Een incident is de aanleiding voor het genadeloos blootleggen van culturele kenmerken van een maatschappij. Zoals de kleien huisjes, de hiërarchie bij mannen, de religie, de rol van vrouwen. De helft van de filmhuisfilms zit nog steeds zo in elkaar. Deze ‘ truc’ van The Cow – die vast daarvoor ook al eens was gedaan – is daarna immer en immer gerecycled in de filmhuiswereld, en minder goed, want zonder de zachte humor en ontroering die je hier treft.

Het begon allemaal met een Iraanse koe!

Deze film is bij het jarige IFFR online te zien tot en met 7 april 2021.

24 februari 2021



IFFR 1972: The Cow
IFFR 1973: Adult Fun
IFFR 1974: Angst essen Seele auf

Straight Up (2019)

REWIND: Straight Up (2019)
Fiere confrontatie met hedendaagse onzekerheden

door Sjoerd van Wijk

In het overweldigende streaming aanbod van 2020 raakte het regiedebuut van James Sweeney onterecht ondergesneeuwd. Straight Up (2019) confronteert hedendaagse onzekerheden rondom romantiek, vriendschap en identiteit met een rechte rug.

Sweeney zelf speelt de neurotische Todd, die zich bij zijn therapeute grote zorgen maakt of hij alleen oud zal worden. Als homoseksueel kent zijn liefdesleven weinig succes dus besluit hij het over een andere boeg te gooien. Misschien is hij toch heteroseksueel? Zijn vrienden reageren vol ongeloof, want Todd conformeert aan alle stereotypen met als dooddoener zijn encyclopedische kennis van Gilmore Girls. Overstappen op vrouwen lijkt dan ook een wanhoopsdaad, maar wel een die een staartje van anderhalf uur krijgt zodra hij in gesprek raakt met de net zo neurotische Rory (Katie Findlay). Ze lijken voor elkaar gemaakt op intellectueel vlak. Op seksueel gebied blijft het echter stil en hangt de onzekerheid over Todds geaardheid als een zwaard van Damocles boven de relatie.

Straight Up (2019)

Obsessief gedrag
Al het lawaai komt van de staccato afgevuurde gesprekken tussen Todd en Rory waar referenties uit de populaire cultuur vernuftig in voorkomen. De seksuele stilte verdient een rationalisering en die vindt het stel in hun obsessieve gedrag rondom trivia en meer. Todd houdt nu eenmaal van orde en netheid en daar passen menselijke vloeistoffen niet bij. De popcultuur komt ook gewiekst terug op een gekostumeerd feest waarvoor ze niet genoeg tussen de regels door keken bij Cat on a Hot Tin Roof (1958) en verkleed gaan als het getroebleerde stel uit die film.



In REWIND opnieuw aandacht voor opvallende films uit dit millennium.

 


De romantische komedie kent vele gemeenplaatsen, zoals de kus die de voorbestemde liefde bezegelt of de grote realisering over de relatie nadat deze uitgaat. Net als in de trivia springt Sweeney vindingrijk om met die gemeenplaatsen. Voor de lichamelijke climax schiet Sweeney het stel treffend van bovenaf terwijl ze op het tapijt elkaars hand vasthouden. Todds geestige conclusie eindigt onbeantwoord met een intrigerend laatste beeld van de twee soulmates met een onbekende derde partij. Het voelt als een update van klassieke screwballcomedy’s, zoals Bringing Up Baby (1938) met alle maniertjes en absurditeiten over de liefde verpakt in messcherpe kruisverhoren. In plaats van een luipaard zorgt aseksuele romantiek voor een warboel.

Straight Up (2019)

Fundament van bezinning
Daar ligt een jachtige Los Angeles-levensstijl aan ten grondslag. Cinematograaf Greg Cotten laat Todd en Rory als gevangenen hun kruisverhoren geven in vlakke totaalopnames, vlot opengebroken door splits screens, passend bij de hen eeuwig achtervolgende keuzestress. Op de marktplaats van het leven komt elke beslissing met eigen verantwoordelijkheid, die Todd getuige zijn therapiesessies heeft geïnternaliseerd. Zijn beklemming, vervat in monologen en overgaand in voice-overs, geven de film een fundament van bezinning.

In de Hollywood-film zie je vaak een behapbare veilige omgeving die in dienst staat van de vertelling. Een landhuis in Philadelphia of een winkel om de hoek waar de personages met elkaar botsen alvorens tot een onvermijdelijke conclusie te komen. De nette appartementen in Straight Up leiden hier echter tot een scherpe blik inwaarts voor Todd en Rory. Liefde, vriendschap en overkoepelende identiteit smelten samen in het luchtledige en vanuit die onzekerheid moeten zij nieuwe vormen aannemen, wars van stereotypes. De broosheid van zo’n bestaan weet Straight Up te gronden tot een gezamenlijke ervaring.

 

STRAIGHT UP KIJKEN: vind streams of bestel hier de dvd.

 

Meer REWIND

Kom Hier Dat Ik U Kus

****
recensie Kom Hier Dat Ik U Kus

Knellend pantser van een familiegeschiedenis

door Jochum de Graaf

Kom Hier Dat Ik U Kus, de verfilmde bestseller van Griet Op de Beeck, vertelt in drie delen het verhaal van de in een Vlaamse provinciestad opgroeiende Mona, als negenjarige, twintiger en dertiger.

Op jonge leeftijd komt haar moeder bij een auto-ongeluk om. Haar vader heeft al snel een nieuwe vrouw, die Mona half afgedwongen mama gaat noemen. Wanneer zij zelf op volwassen leeftijd relaties aangaat, lopen de verhoudingen eveneens moeizaam. Ze krijgt een baan als dramaturge die haar ondergeschikt aan een bekende regisseur maakt en heeft een relatie met een beroemde oudere schrijver, die volledige toewijding aan hem eist. In het laatste deel, wanneer Mona halfweg dertig is, wordt haar vader ernstig ziek, komt het tot een verzoening en lijkt Mona eindelijk haar lot in eigen hand te nemen.

Kom Hier Dat Ik U Kus

Onderhuidse spanning
De coming of age van Mona draait constant om de onderhuidse spanning; de uitnodiging tot liefkozing die de Vlaamse uitdrukking ‘Kom hier dat ik u kus’ vormt, kan ook een benauwende opdracht zijn. Liefhebben op commando omdat anders de hel losbreekt.

Het succes van het boek zat hem vooral in de invoelende impressionistische stijl, dicht op de denkwereld van Mona. De film doet daar niet voor onder, de sec beschreven periodes, in het boek met jaartallen aangegeven, worden in de film psychologisch uitgediept met de thema’s de moeder, de liefde, de vader. En dat is vooral te danken aan de documentaire aanpak, die regisseurs Sabine Lubbe Bakker en Niels van Koevorden hanteren, intiem observerend de personages aftastend. Het duo maakte in 2013 de veelgeprezen docu Ne Me Quitte Pas over de Waalse vrienden Bob en Marcel en hun straffe voorliefde voor drank.

Kom Hier Dat Ik U Kus

Pijnlijk schurende scènes
In de volledig Vlaamse cast verdienen vooral de voornaamste vrouwenrollen veel lof. Tanya Zabarylo geeft met haar blikken en lichaamstaal de verstilde Mona een reikwijdte aan onderdrukte emoties mee. Daar tegenover staat Wine Dierickx als de labiele soms hysterische stiefmoeder wier emoties ieder moment kunnen exploderen.

Kom Hier Dat Ik U Kus zit vol met pijnlijk schurende scènes zoals wanneer Mona’s jongere broer met zijn nieuwe lief op bezoek komt en de stiefmoeder de mooie halfbloed vriendin vraagt waar ze vandaan komt. ‘Van Dendermonde’ is het antwoord, en de lompe vraag volgt ‘Maar nee, waar komt ge echt oorspronkelijk vandaan’.

Veel van de onderlinge verhoudingen in het gezin, waar al gauw een stiefzusje wordt geboren en de vader vlak voor zijn sterven een geheime liefde koestert, wordt afgedekt en blijft onbesproken, sudderend onder de oppervlakte en soms tot een uitbarsting komend. Het meest spannend komt dit tot uitdrukking tijdens de maaltijden, de stiltes, de glimlachjes, de obligate opmerkingen om de sfeer een beetje goed te houden, de spanning die om te snijden is. En dan opeens slaat toch de vlam in de pan, wordt er met borden en glazen gegooid. De apotheose is bij het laatste kerstdiner, met vader net dood, de stiefmoeder die met een litanie vol zelfbeklag en verwijten de boel laat ontaarden en Mona die zich op waardige wijze bevrijdt van het knellende pantser van de familiegeschiedenis.

 

7 december 2020

 

ALLE RECENSIES

Rifkin´s Festival

***
recensie Rifkin´s Festival

Film is kunst, een goed leven ook

door Alfred Bos

In de schemer van zijn lange loopbaan zet Woody Allen in Rifkin’s Festival de grappen op een lager pitje en stookt het vuur onder de existentiële vragen op. En komt in het aanzien van de Dood tot een wijze conclusie.

Op 1 december van dit jaar is Woody Allen 85 jaar geworden. Rifkin’s Festival is zijn achtenveertigste speelfilm, als we goed hebben geteld. Allens toon en stijl zijn bekend, we hoeven geen schokkende vernieuwingen te verwachten; geen radicale breuk met het verleden. Zijn jaarlijkse filmrelease is als die wat excentrieke oom die ieder jaar tijdens je verjaardag opduikt om weer dezelfde grappen te vertellen als al die vorige jaren. Maar elk jaar net iets anders, afhankelijk van zijn luim.

Rifkin´s Festival

Dit jaar is de excentrieke oom een tikje melancholisch gestemd, zijn de grappen wat dunner gezaaid. Hij is in een filosofische bui. Hij reflecteert op de grote levensvragen; op het eeuwige, want “politiek is altijd tijdelijk”. Wat maakt het bestaan waardevol? Wat is een nuttig besteed leven? Draait het om roem, status en aanzien? Of om klein geluk in de marge van de rat race? In die zin vertoont Rifkin’s Festival overeenkomsten met La Grande Bellezza, al is Allens toon mild-ironisch vergeleken met het sarcasme van Paolo Sorrentino.

Dagdromen over liefde
Plaats van handeling is het Filmfestival van San Sebastian. Mort Rifkin (Wallace Shawn, die als filmacteur debuteerde in Allens Manhattan) is een schrijver die nauwelijks schrijft omdat hij geen middelmaat wil produceren, alleen grootse meesterwerken à la Dostojevski of Proust. Hij verdient de kost als filmdocent, wat hem eigenlijk prima bevalt want klassieke cinema is zijn passie. De film wordt gepresenteerd als flashback, gekaderd door een sessie bij de psychiater. Rifkin is de verteller wiens voice-over de scènes verbindt.

Rifkin vergezelt zijn vrouw Sue (Gina Gershon) naar het festival in Spanje, waar ze de perszaken regelt voor een modieus hippe regisseur Philippe (Louis Garrel, die Jean-Luc Godard speelde in de biopic Le Redoutable). De hypochonder Rifkin heeft niets om handen en piekert over een mogelijke affaire van zijn vrouw met de veel jongere regisseur. En over zijn leven. Hij fantaseert over een romance met een Spaanse arts (gespeeld door Elena Anaya, Dr. Maru in Wonder Woman) die in New York heeft gestudeerd maar, teleurgesteld door het leven en de liefde, kwijnt in de Spaanse provincie.

Droomscènes als filmpastiches
Woody Allen heeft nooit een geheim gemaakt van zijn bewondering voor klassieke regisseurs als Fellini, Buñuel en Bergman. Filmdocent Rifkin heeft dromen over zijn vrouw en de arts (in zwart-wit, uiteraard) die pastiches zijn van bekende scènes uit beroemde films van Allens favoriete regisseurs. De reeks citaten opent niet toevallig met Otto et Mezzo van Fellini, een film over film. Het is meer dan een meta-grap, Allen benadrukt het belang van verbeelding. Rifkin’s Festival is zijn weerwoord tegen film als louter vermaak.

Rifkin´s Festival

Daarnaast herkent de filmliefhebber, onder meer, Jules et Jim (Truffaut), Citizen Kane (Orson Welles), A bout de souffle (Godard), El ángel extreminador (Buñuel) en Het zevende zegel (Bergman, met Christoph Waltz als de Dood). Geestig is het droomsegment over Persona (Bergman) als de actrices plots in het Zweeds praten.

Wijsheid in plaats van grappen
De pastiche van Het Zevende Zegel is de laatste van de reeks verwijzingen die de ruggengraat van de film vormen. Rifkin’s Festival illustreert letterlijk het bekende cliché dat films celluloid dromen zijn. Qua grappendichtheid staat de film ergens halverwege het oeuvre van Woody Allen, de sterkste is wellicht de vraag van een journalist tijdens een persconferentie: “Were all your orgasms special effects?”

Het zal ook niet helemaal toevallig zijn dat de reeks hommages afsluit met Bergman, want de Dood verwoordt een wijsheid: “Verwar leeg niet met betekenisloos”. Wees geen snob en doe wat je plezier geeft. Zo past de boodschap van Rifkin’s Festival, gedraaid tijdens de nazomer van 2018, onbedoeld maar naadloos bij het bizarre jaar van de pandemie. Want wat de coronacrisis – naast economisch onrecht en een onhoudbare manier van leven – vooral duidelijk heeft gemaakt: goed leven is een kunst en kunst geeft het leven glans.

 

1 december 2020

 

ALLE RECENSIES

Perfect Candidate, The

***
recensie The Perfect Candidate

Eén zwaluw maakt geen zomer

door Cor Oliemeulen

Een vrouwelijke arts in Saudi-Arabië heeft genoeg van alle beperkingen voor vrouwen in haar islamitische land. The Perfect Candidate laat zien dat de recent verworven vrijheden nog lang niet ver genoeg gaan.

Hoewel Amnesty International zich terecht onverdroten blijft inzetten voor de hachelijke positie van vrouwenactivisten en criticasters van het koningshuis, zijn de recente veranderingen voor talrijke vrouwen in Saudi-Arabië een verademing vergeleken met de vele jaren van onderdrukking en vrijheidsbeperkingen. Sinds kort mogen vrouwen in dit islamitische land – mits respectvol en niet te progressief – ongesluierd over straat, werken in het openbaar, fietsen en zelfs autorijden. Dat laatste was voorheen verboden, want volgens religieuze geleerden zou autorijden slecht zijn voor de eierstokken.

The Perfect Candidate

Kleine vrijheden
Het is dan ook niet voor niets dat we in de openingsscène van The Perfect Candidate het hoofdpersonage, Maryam Alsafan (Mila Al-Zahrani), zien autorijden op weg naar haar werk, het ziekenhuis van een plattelandsstadje waar ze als dokter werkt. Misschien komt het juist omdat ze dokter is, wanneer ze gehuld in een traditionele zwarte nikab voor de ingang hartelijk wordt begroet door enkele werklieden. Eenmaal binnen, als de gezichtsbedekkende sluier af gaat, blijkt al snel dat niet iedereen met de tijd meegaat, getuige een oude mannelijke patiënt die absoluut niet door een vrouwelijke arts behandeld wil worden, laat staan door haar aangeraakt wil worden. Aanvankelijk lijkt het erop dat hij liever sterft.

Toen Haifaa Al-Mansour in 2012 haar debuut Wadjda, de eerste speelfilm die in zijn geheel in Saudi-Arabië was opgenomen, het levenslicht liet zien en vervolgens internationaal tientallen prijzen in ontvangst mocht nemen, waren in dat conservatieve land al heel voorzichtig wat tekenen van meer vrijheid te zien. De film gaat over het gelijknamige pubermeisje dat alles in het werk stelt om een fiets te bemachtigen, zodat ze kan meedoen aan een straatrace (met jongens). Hoewel Wadjda al een heel klein beetje ontwikkelingsperspectief voor opgroeiende meisjes leek te bieden (en de censuur over haar schouder meekeek), gingen de verworvenheden velen destijds nog lang niet ver genoeg.

Binnen onverhuld
Nu, acht jaar verder, kunnen vrouwen in Saudi-Arabië weliswaar langzaam meer vrijheden tegemoet zien, maar Al-Mansour lijkt in The Perfect Candidate tussen de regels door te benadrukken dat één zwaluw nog geen zomer maakt. Er is nog heel wat werk aan de winkel, maar misschien zijn steeds meer kleine veranderingen kansrijker dan een revolutie en kan iedereen geleidelijk aan het idee wennen dat vrouwen uiteindelijk (bijna) dezelfde rechten als mannen hebben. Zoals ook The Perfect Candidate toont, zijn veel Saudische vrouwen binnenshuis of onder elkaar heel vrij, getuige gesprekken en (vaak westerse) kledingkeuze. Zodra de alles verhullende gewaden en gezichtsbedekkingen zijn verdwenen, zien we pas hoe mooi de (meeste) vrouwen zijn.

The Perfect Candidate

Dat geldt ook voor dokter Maryam en haar twee zussen die tijdelijk alleen in het ouderlijke huis wonen nu hun moeder is overleden en hun vader, een zanger op huwelijksfeesten, met een band op tournee is. Als Maryam naar een groot dokterscongres wil reizen, blijkt dat ze niet mag vliegen omdat ze geen schriftelijke toestemming van een man kan tonen (tijdens de opname van de film moest dit nog, onlangs is deze wet afgeschaft). Haar motivatie om voor zichzelf op te komen, wordt versterkt door het feit dat de onverharde weg naar het ziekenhuis na regenval in een bijna onbegaanbare modderpoel verandert, waardoor sommige patiënten te laat op de eerste hulp arriveren.

Politieke ambities
Maryam besluit, met hulp van haar zussen, de plaatselijke politiek in te gaan, want die verharde weg moet en zal er komen. Het mag duidelijk zijn dat Maryams ambitie op de gebruikelijke weerstand stuit. Ondertussen zien we hoe haar sympathieke vader, die als artistieke man maatschappelijke progressie lijkt toe te juichen – maar zich hierover naar zijn mannelijke collega’s niet uitlaat – onderweg krijgt te maken met conservatieve krachten, zoals radicalen die dreigen hun tourbusje op te blazen omdat muziek maken volgens het geloof niet zou mogen.

In de slotscène van The Perfect Candidate mag eenieder voor zichzelf concluderen of die kleine vrijheidsstip aan de horizon voor vrouwen in Saudi-Arabië voldoende perspectief voor de toekomst biedt.

 

30 november 2020

 

ALLE RECENSIES

Assistant, The

***
recensie The Assistant

Als je vermoedt dat je baas een Harvey Weinstein is

door Ries Jacobs

The Assistant is niet de eerste film over #MeToo en ongetwijfeld ook niet de laatste. Toch is het een waardevolle aanvulling op andere films die deze misstanden aan de kaak stellen omdat de vrouwelijke hoofdpersoon ditmaal niet het slachtoffer is. Wat doe je als je vermoedt dat je baas zijn positie misbruikt?

Jane heeft net de studiebanken verlaten en werkt als assistente bij een producent in de entertainmentindustrie. De camera volgt een werkdag in het leven van de jonge alumnus. Ze is ambitieus en maakt lange dagen, maar collega’s negeren haar. Als een moderne Assepoester voert ze de klusjes uit waar geen eer aan te behalen is. Ze print de werklijsten van haar collega’s voor die dag en krijgt de opdracht om de vrouw van de directeur af te schepen als deze belt.

The Assistant

Nadat de directeur haar over de telefoon uitscheldt voelt Jane zich genoodzaakt om haar excuses aan te bieden. Om het allemaal nog erger te maken krijgt ze concurrentie van Sienna, een nieuwe bloedmooie assistente.

Jaloers
Regelmatig laat regisseur en scriptschrijver Kitty Green alleen de camera het werk doen om de sfeer binnen het bedrijf weer te geven. Iemands houding, een hoofdknikje of een enkel woord zijn vaak al voldoende om de broeierig competitieve spanning die in het bedrijf hangt weer te geven. Deze minimalistische manier van acteren gaat hoofdrolspeelster Julia Garner, vooral bekend van haar rollen in de series Ozark en The Americans, goed af. Ze is geknipt voor haar rol van de timide Jane. De immer ietwat trieste en wereldvreemde blik in de ogen van de actrice met de kenmerkende blonde krullen maakt haar personage compleet.

Als Jane bij een collega een klacht wil indienen omdat ze de directeur ervan verdenkt dat hij haar collega-assistente Sienna tot seksuele handelingen dwingt, krijgt ze de wind van voren. De oudere man tegenover haar poneert dat ze alleen maar jaloers is. De door Green subtiel neergepende dialoog verwerken de acteurs al even subtiel tot een scène die de kern van de film vormt. Inspiratie voor het script van The Assistant vond de regisseuse namelijk toen het onoorbare handelen van Harvey Weinstein wereldkundig werd.

Green maakt van haar film geen aanklacht tegen de wanpraktijken in de filmindustrie, ze lijkt eerder te willen laten zien hoe de filmindustrie werkte en waarschijnlijk nog steeds werkt, zij het wellicht in mindere mate dan voorheen. Ze geeft de zaken die de MeToo-beweging aan het licht bracht spitsvondig in beeld zonder naar een climax toe te werken.

The Assistant

Uit het leven van een hond
Het is begrijpelijk dat ze film kiest als medium om haar verhaal te vertellen, maar wellicht is het bewegende beeld hiervoor niet de meest geschikte vorm. Beter had de werkdag van Jane in een roman gegoten kunnen worden omdat dit meer ruimte geeft om in het hoofd van de hoofdpersoon te kruipen. Wat voor persoon is ze? Wat motiveert haar? Waarom heeft ze deze drijfveren? Veel komt de kijker hierover niet te weten, behalve dat ze ambitieus is en uiteindelijk als producent aan de slag wil.

Uit het leven van een hond, dit jaar de winnaar van de Libris Literatuurprijs, beschrijft net als The Assistant één dag uit het leven van de hoofdpersoon. Auteur Sander Kollaard had tijdens het schrijven de mogelijkheid om, bijvoorbeeld door middel van flashbacks, zijn hoofdpersoon diepgang te geven. Dat de plot zich minder ontwikkelt, is dan van minder belang. Deze mogelijkheid heeft een filmmaker in mindere mate. Omdat The Assistant een wat vlak plot heeft, is de film bij vlagen langdradig, ondanks de goede dialogen die prima vertolkt worden.

 

14 november 2020

 

ALLE RECENSIES

Vogelwachter, De

**
recensie De Vogelwachter

Half gelukte bijdrage aan Freeks filmcarrière

door Jochum de Graaf

Het verhaal van De Vogelwachter, een komisch drama met Freek de Jonge, is betrekkelijk eenvoudig verteld.

Al 45 jaar slijt de Vogelwachter ver afgezonderd van de bewoonde wereld zijn dagen op Benty Island, ‘en geen dag verzaakt’. Eens per week geeft hij vanuit zijn observatiehut de actuele standen van de kantelmeeuwen, tureluurs, steltlopers en wat dies meer zij door aan zijn vaste contactman Tom van het Bird Research Center. Hoogtepunt is voor hem dan dat hij als tegenprestatie de uitslagen van de Premier League terugontvangt, Everton – Huddersfield Town: 0-2!

De Vogelwachter

Zelfredzaamheid
Hij weet zich goed te vermaken met een voetbal die hij na halsbrekende toeren uit de branding weet te vissen. Toonbeeld van zelfredzaamheid is ook de manier waarop hij met behulp van een bankschroef zijn gebroken arm weet te spalken. Het bestaan op het onbewoonde eiland kabbelt zo door tot op zekere dag de vertrouwde stem van Tom niet meer uit de radio klinkt, hij is met pensioen gestuurd. De Vogelwachter krijgt aangezegd dat zijn dienstverband ten einde komt en daarmee wordt de grond onder zijn bestaan weggerukt. Hij doorloopt alle stadia van bedroefdheid, ontkenning, verzet, berusting.

Hij schrijft een uitgebreide brief aan de directie van het Bird Center, biedt aan pensioen in te leveren en het rantsoen van Brinta en bruine bonen kan voortaan wel toe met een keer per jaar levering, dat bederft toch niet. Maar de reactie is onverbiddelijk, de Vogelwachter moet nu toch echt aanstalten maken om zijn hebben en houden in te pakken, met drie weken zal hij worden opgehaald.

Dan wordt een zware storm aangekondigd en de vogelwachter bouwt van juttersspullen een soort vlot dat verticaal tegen de hut wordt gezet. Midden in de nacht bij het hoogtepunt van de storm wordt door een helikopter een kist met luxe goederen, exquise wijn, bijzondere kazen afgeworpen.

Als het ergste voorbij is – de Vogelwachter ligt nog onder de dekens in afwachting van nog groter onheil – klopt een Zeilmeisje bij de hut aan. Ze is met haar moderne catamaran fiks uit koers geraakt en wil graag de coördinaten weten. Na wat aftastende bewegingen raken ze op elkaar gesteld, repareren de boot en swingen op het strand bij een kampvuur. Ze biedt de Vogelwachter aan met haar mee terug te gaan naar de bewoonde wereld, ze maken een selfie.
Hoe de film afloopt? Wat onbestemd zou ik zeggen.

Wegwerpmaatschappij
Je zou kunnen volhouden dat De Vogelwachter aan grote thema’s raakt, het verschil tussen afzondering en eenzaamheid, tussen ouder worden en veroudering, de conservatie van alles wat van waarde is, de confrontatie met de moderne wereld na jaren van isolatie, de schoonheid van de natuur en de menselijke aantasting daarvan. En met het fraai in beeld gebrachte eilandleven en de jutterspraktijken van Freek zou de film ook gezien kunnen worden als kritiek op de moderne wegwerpmaatschappij.

De Vogelwachter

Het willen aanraken van grote thema’s wordt versterkt door een aantal bijzondere details. In de beginscène, de jonge vogelwachter (Nick Golterman) is zojuist op het eiland belandt, zien we een grafkruis met het opschrift ‘Ishmael’. Wanneer na de storm het strand weer is drooggevallen, vindt het Zeilmeisje het grafkruis opnieuw. Kennelijk heeft de verteller van Herman Melvilles wereldberoemde Moby Dick zijn einde op Benty Island gevonden. Met wat goede wil zou de verschijning van het Zeilmeisje (de zwarte actrice Quiah Shilue) een reminiscentie aan Robinson Crusoe kunnen zijn, met het meisje in de rol van Vrijdag.

Filmcarrière
Maar De Vogelwachter komt niet veel verder dan het aanstippen van dergelijke thematiek. De film wil te veel, ontbeert een duidelijke plot, wordt nergens groots of meeslepend. De natuurscènes zijn prachtig en die doorleefde kop van Freek (75!) doet het ook altijd goed op het doek, maar De Vogelwachter blijft oppervlakkig en daarmee al met al een lange zit.

In een interview met de NRC gaf regisseur Threes Anna (Bird Can’t Fly, Silent City, Platina Blues) aan dat ze nogal serieus van aard is: ‘ik vind grappen zelden leuk’. Bij de opnamen schijnt menige door Freek bedachte komische scène gesneuveld te zijn. En dat is spijtig, want het maken van grappen is natuurlijk niet de minste eigenschap van Freek. Na De Illusionist (1983) en De kKKomediant (1986) is daarmee De Vogelwachter opnieuw slechts een half gelukte bijdrage aan Freeks filmcarrière.

 

2 november 2020

 

ALLE RECENSIES

Singing Club, The

**
recensie The Singing Club

Zingen met of zonder mondkapje

door Cor Oliemeulen

The Singing Club volgt de platgetreden paden van een Engelse filmtraditie die met een lach en een traan terugblikt op een historische gebeurtenis met de bedoeling dat de kijker er kracht en een voldaan gevoel uit put. De ene keer lukt dat beter dan de andere keer.

Als je getrouwd bent met een militair die wordt uitgezonden naar een conflictgebied in het buitenland moet je niet zeuren dat je moederziel alleen thuis achterblijft en de kans aanwezig is dat je op een dag slecht nieuws krijgt. Om te tijd te doden en afleiding te vinden, kun je samen met de andere vrouwen gaan breien, een boekenclubje beginnen of gaan zingen in een koor. Zingen kan immers gevoelens van stress, depressies en isolatie temperen, terwijl saamhorigheid en verbondenheid het gemis kunnen verzachten.

The Singing Club

Onderhoudend maar voorspelbaar
De makers van The Singing Club, met regisseur Peter Cattaneo (van The Full Monty, 1997) voorop, dachten vast dat het publiek in deze onzekere tijd van pandemie wel een feelgoodfilm kon gebruiken. Hoewel de geschiedenis over deze achtergebleven soldatenvrouwen die gaan zingen en door hun finale optreden in de Royal Albert Hall vele harten beroerden en door alle media-aandacht ook over de landsgrenzen veel navolging kenden, is dit komische drama even voorspelbaar als COVID-21.

Onlangs verscheen een andere Engelse feelgoodfilm in de bioscoop (en tegenwoordig vaak direct op video on demand): Misbehaviour, waarin de opkomst van de vrouwenemancipatiebeweging centraal staat. Waar in die productie de verschillende typetjes feministen (variërend van de stoere rosse krullenbol die de meeste mannen beschouwt als seksisten tot en met de keurige studente die zich aanvankelijk aarzelend opstelt maar nadien het hardst leuzen schreeuwt) zijn de vrouwelijke leden van The Singing Club al even gemêleerd, maar biedt het verhaal nauwelijks diepgang.

The Singing Club

Officiersvrouwenfittie
Lichtpuntje is Kristin Scott Thomas, die door haar bilingualiteit even gemakkelijk kan excelleren in zowel Franse drama’s (Il y a longtemps que je t’aime, 2008) als Engelse komedies (Four Weddings and a Funeral, 1994) en vaak een genot is om naar te kijken. Als vrouw van een officier die het hoogst in rang is, voelt Kate zich geroepen om een koor uit de grond te stampen en een verantwoord (lees: saai) repertoire te onderrichten. Getourmenteerd door het verlies van haar zoon onderdrukt zij haar emoties voor de goede zaak. Met haar ogenschijnlijke arrogantie en kilheid roept ze de nodige weerstand op.

De plot van The Singing Club draait om haar conflict met de andere officiersvrouw Lisa (Sharon Horgan) die een totaal andere aanpak voor ogen heeft. Zingen doe je voor de lol, en dat het niet altijd even zuiver is, maakt niets uit. Terwijl Kate zich als een volleerde dirigent opstelt voor het zootje ongeregeld, geeft Lisa achter een keyboard met twee vingers de melodie aan. Uiteindelijk ontstaat er een aanstekelijk repertoire van zowel klassieke liederen (Ave Maria) als lekker in het gehoor liggende popdeuntjes uit de jaren 80 (Only You van Yazoo, Time After Time van Cyndi Lauper). Best jammer dat je tegenwoordig van Rutte niet meer keihard mag meezingen in de bioscoop.

 

1 november 2020

 

ALLE RECENSIES

Última Primavera, La

***
recensie La Última Primavera 

De ontheemden ontheemd

door Paul Rübsaam

In La Última Primavera zijn we van nabij getuige van het wel en wee van de Spaanse outsidersfamilie Gabarre Mendoza. Een gemeentelijk bestemmingsplan verordonneert dat hun schamele, maar vertrouwde woning in een sloppenwijk net buiten Madrid met de grond gelijk zal worden gemaakt.

La Última Primavera (De laatste lente) is het speelfilmdebuut van de Spaans-Nederlandse regisseuse Isabel Lamberti (1987). Haar hybridedebuut met speelfilmlengte, om precies te zijn. De film waarin bestaande mensen een situatie naspelen (voorspelen) die zich in hun leven werkelijk zal gaan voordoen, bevindt zich op het grensgebied tussen speelfilm en documentaire.

La Última Primavera

Het gaat om de verschillende leden van de Spaanse familie Gabarre Mendoza. Je zou ze ‘zigeuners’ kunnen noemen, maar over de juistheid van die term valt te twisten. Ze leven in ieder geval met veel familieleden onder één dak en bevinden zich zowel wat hun huisvesting als hun werkzaamheden betreft in de marge van de samenleving. Hun zelfgebouwde woning in de sloppenwijk La Cañada Real, net buiten Madrid, zal evenals alle andere woningen daar gesloopt worden en dat maakt hun toekomst uiterst onzeker.

Oude bekenden
Het hybridegenre is niet nieuw voor Lamberti. Ook de personages in La Última Primavera zijn tot op zekere hoogte oude bekenden van haar. In haar eerdere korte film Volando Voy (Vliegend ga ik, 2015) draaide het al om twee jongens die in La Cañada Real woonden en de avonturen die zij beleefden op de ellenlange weg langs snelwegen en verlaten bouwterreinen die zij lopend van school naar huis af moesten afleggen.

Eén van die twee, David Gabarre Mendoza, is in de tussenliggende jaren van een beginnende puber een jongeman geworden. Hij wil soms een beetje stoer doen, maar heeft eigenlijk een klein hartje. Tegen heug en meug laat hij zich overhalen om onderdelen van gestolen auto’s te helen. Tegelijkertijd betoont hij zich een ambitieuze leerling bij zijn kappersopleiding en solliciteert hij fanatiek naar een baan in een kapperszaak.

Davids oudere broer Ángelo is getrouwd met María, tot ongenoegen van haar in een keurige flat in Madrid wonende moeder. Ze hebben een zoontje dat aan het begin van de film zijn derde verjaardag viert. Het drietal woont in bij Ángelo’s eigen ouders, die naast Ángelo en David nog een zwangere dochter hebben en een zoontje van negen. De Gabarre Mendoza’s zijn het zo gewend en willen het ook zo. De ambtenaren die moeten beslissen over het toewijzen van een nieuwe woning aan de familie hebben hier echter andere ideeën over.

De (groot)vader van de familie, een schroothandelaar die evenals zijn zoon David heet, volgt een computercursus om de aanvraag voor een nieuwe woning zo goed mogelijk te laten verlopen. Ook is hij is steevast van de partij bij door de gemeente Madrid georganiseerde inspraakavonden. De bureaucratie waarop hij stuit, maakt hem soms moedeloos. Als hij daarover verslag doet aan zijn vrouw Agustina reageert zij vaak emotioneel.

Over de vraag wannéér de woning van de familie Gabarre Mendoza en de andere woningen in La Cañada Real precies gesloopt zullen worden, laten de ambtenaren grote onduidelijkheid bestaan. Die onduidelijkheid heeft de nodige gevolgen. Zo vraagt vader David zijn buren toch nog om mee te betalen aan een betere elektriciteitsvoorziening voor de sloppenwijk. Aangezien de toekomst echter zo onzeker is, wil niemand zo’n investering doen.

La Última Primavera

Kaal en onbestemd
De vorm die de regisseuse voor haar film gekozen heeft, werkt gedeeltelijk. Je kunt je in ieder geval goed identificeren met haar waarachtige personages. Maar dat niet alles wat de Gabarre Mendoza’s overkomt op het moment van filmen daadwerkelijk plaatsvindt, leidt er ook toe dat La Última Primavera bij de kijker een wat kale en onbestemde indruk achterlaat.

Het is duidelijk dat de familieleden met hun sterke onderlinge banden gehecht zijn aan hun woning en hun manier van leven in La Cañada Real. Tamelijk laat in de film blijkt echter ook dat het dicht op elkaar zitten onder oncomfortabele omstandigheden aanleiding kan zijn voor ruzies en spanningen. Is die verhuizing die wel een beetje wordt nagespeeld, maar waar we niet werkelijk getuige van zijn dan alleen maar slecht, ga je je als kijker afvragen. ‘Show, don’t tell’ luidt het voorschrift voor schrijvers en filmmakers. Je kunt dat ook omdraaien. Isabel Lamberti laat in samenwerking met haar niet-professionele acteurs zeker het nodige zien. Maar wat wil ze precies vertellen?

 

25 oktober 2020

 

ALLE RECENSIES