Terra dell’abbastanza, La

****
recensie La terra dell’abbastanza

M & M vermalen door misdaadmores

door Alfred Bos

Sterke debuutfilm van Italiaanse tweeling over jeugdvrienden aan de onderkant van de Romeinse samenleving. Ook daar is het leven één groot theater.

La terra dell’abbastanza is de debuutfilm van de Italiaanse tweelingbroers Daminio en Fabio D’Innocenzo, geboren in 1988; ze zijn naast de regie verantwoordelijk voor het script. Het is sociaal realisme vermomd als misdaaddrama, een soort Pasolini voor de eenentwintigste eeuw. Bij vluchtige kennismaking presenteert het relaas van de opkomst en ondergang van twee jonge krabbelaars in de buitenwijken van Rome zich als een generieke genrefilm. Maar zoals de ironische titel, het land van genoeg, al suggereert, is er meer aan de hand.

La terra dell'abbastanza

Manolo (Andrea Carpenzano) en Mirko (Matteo Olivetti) kennen elkaar vanaf de kleuterklas. In de grabbelton van het leven schurken ze tegen de bodem aan. Ze zitten op de horecavakschool en wonen nog thuis. Manola bij zijn vader (Max Tortora, Loro), die verblijft in een soort garagebox. Mirko bij zijn moeder (Milena Mancini) in het type naoorlogse woonkazerne dat de rafelranden van elke Europese grootstad, ook Rome, markeert. Het zijn enige kinderen van gebroken gezinnen, opgegroeid met geldgebrek en culturele armoede. Scharrelen om te overleven is hun tweede natuur.

Ze hebben geen voorbeelden en geen ambities. Ze zijn kansloos en hebben géén idee, ook niet hoe kansloos ze zijn. Tot zover is La terra dell’abbastanza Ken Loach op zijn Italiaans. Of eigenlijk Shane Meadows en diens This is England verplaatst van de Britse Midlands naar de eeuwige stad.

Oneindig krediet
Maar dat verandert wanneer de vrienden, met Mirko achter het stuur, op een verloren avond een voetganger doodrijden. Mirko, wiens morele besef nog niet is versteend, raakt in paniek. De meer berekenende Manolo verkiest niet te biechten bij de politie, maar bij zijn vader, een kleine knoeier. Die weet te achterhalen dat het slachtoffer een ondergedoken verklikker is, gezocht door de lokale boeven. Op slag zijn de kansloze kneuzen knapen met aanzien in de schaduweconomie, er gloort een loopbaan in de misdaad. Denken ze, en dat is het moment waarop La terra dell’abbastanza de afslag richting Pasolini neemt.

La terra dell'abbastanza

Met filmische middelen maakt de D’Innocenzo-tweeling zichtbaar wat er zich in de hoofden van de jeugdvrienden afspeelt. Telelens en close-ups tonen ogen waarin verwarring (Mirko) dan wel leegte (Manolo) schemert. Ook de aandacht voor het marginale milieu staat in dienst van de personages en hun morele keuzes, de scènes rond de kibbelende gabbers worden aangevuld met daden die hun ware ik tonen.

In de beste scène van de film weet Mirko het verjaardagsfeest van zijn halfzusje – dat hij nauwelijks kent – te verstieren door ongevraagd binnen te vallen als de kerstman met oneindig krediet. Hij heeft, net als zijn vervreemde vader, geen besef van wat hij aanricht, zijn moeder wel. Mirko is de impulsieve emotie tegenover de gewiekste list van Manolo. Hij weet Mirko – die klust als pooier en gaandeweg ook zijn vriendin Ambra (Michela De Rossi) als hoer ziet – te paaien voor een lucratieve opdracht. Er moet iemand worden omgelegd.

Distantie en betrokkenheid
Tegenover de naïeve bravoure van het tweetal staat het arglistige cynisme van de beroepscriminelen en hun capo, Angelo (Luca Zingaretti, inspecteur Montalbano uit de gelijknamige tv-serie). Milieu en karakter komen opnieuw fraai samen wanneer M & M tijdens een buurtdiner worden gerekruteerd voor de beraamde moord. Ook aan de onderkant van de samenleving is het leven één groot theater.

La terra dell'abbastanza

Met de wijze waarop de moordaanslag in beeld is gebracht, etaleren de D’Innocenzo-broers hun talent. De scène bestaat uit twee delen: een exterieur totaalshot met terloopse details, scherp gesneden naar interieur wanneer de handeling is voltooid. Resultaat: distantie van de filmmakers tegenover hun personages, betrokkenheid bij de filmkijker die aan de hand van de suggestie het verhaal zelf moet invullen. Zo wordt de toeschouwer de film ingezogen. En het typeert de psychologie van de personages: ze zijn er eigenlijk niet.

Na dat hoogtepunt verliest de ballon aan spanning en loopt langzaam leeg; het kernconflict is vervlogen, de keuzes gemaakt, het krediet op. Maar een sterke epiloog zet een uitroepteken achter dit veelbelovende speelfilmdebuut. “Wat ga je maken? Wat er is.” En zo is het. Wie in de film kanttekeningen bij het neoliberale kapitalisme wil zien, komt aan zijn trekken. Wie uit is op een röntgenfoto van de ongeletterde ziel, wordt ruim bediend. Wie Dogman kon waarderen, zal La terra dell’abbastanza ook bevallen.

 

18 juni 2019

 

ALLE RECENSIES

Ága

***
recensie Ága 

‘Nanook’ en de diamantmijn

door Paul Rübsaam

In een hut in het ijskoude, hoge noorden delen Nanook en Sedna lief en leed met elkaar, zonder te spreken over hun dochter die vertrokken is. De opnames in Ága zijn oogstrelend en soms verontrustend. Maar het mengsel van etnografische en fictieve elementen is misleidend.

Op een ijsplateau in een onmetelijke witte vlakte staat de van rendierhuiden en lange houten stokken vervaardigde hut van Nanook en Sedna, een Noord-Aziatisch ogend bejaard stel. Buiten lijkt het wit van de sneeuw samen te smelten met dat van de laaghangende wolken. In de geriefelijke hut overheersen de bruine en grijze tinten van dekens, lappen, huiden en een eenvoudige houtkachel.

Nanook trekt er regelmatig met de hondenslee op uit om vallen uit te zetten voor poolhazen en poolvossen en gaten in het ijs te boren om vis te vangen. Normaal gesproken jaagt hij ook op rendieren. Maar daar heeft hij de laatste tijd weinig geluk mee. Alle dieren die hij kent, lijken vroeger te sterven. Behalve de raven. Ook ziet hij steeds vaker witte vliegtuigstrepen in de lucht. En de lente begint de laatste jaren steeds eerder, krijgt hij de indruk.

Ága

In de hut bereiden Nanook (Mikhail Aprosimov) en Sedna (Feodosia Ivanova) het eten, prepareren ze de dierenhuiden om er nieuwe kleding van te maken en voorzien ze de houtkachel van brandstof. Tijdens hun dagelijkse activiteiten praten ze weinig met elkaar. Maar als ze zich na gedane arbeid uitstrekken op hun bed van dierenvellen kijken ze elkaar liefdevol in de ogen en praten ze over hun herinneringen en dromen.

Donkere plekken
Sedna lijdt af en toe in stilte. Haar man praat wel bevlogen over de rendieren die hij nog maar zo weinig ziet, maar de naam van hun dochter Ága die lang geleden vertrokken is, komt niet over zijn lippen. Soms komt Chena, hun zoon, langs op zijn sneeuwscooter. Dan brengt hij voor zijn ouders hout en petroleum mee. Volgens Chena heeft Ága ergens werk gevonden. Het fijne weet hij er niet van.

Het gemis van haar dochter is niet het enige dat Sedna parten speelt. Op haar buik tekent zich een donkere, als een gezwel ogende plek af, waar ze soms hevige pijnen van ondervindt. Het is een van de onheilspellende donkere plekken die een terugkerend verschijnsel zijn in Ága. We zien tevens de donkerrode wonden bij dode dieren die Nanook aantreft. Voorts krijgen we een indringend beeld van de gaten die hij in het ijs boort. Het zijn onder andere de voorbodes van de grootste ‘wond’ in het sneeuwlandschap die Nanook later zal aanschouwen: een kratervormige diamantmijn met alle bedrijvigheid van dien.

Nobele wilden
De mannelijke helft van het bejaarde koppel in Ága heet niet toevallig Nanook. Het is een eerbetoon aan Nanook of the North van Robert Flaherty uit 1922: één van de oudste films die destijds als ‘documentaire’ werd aangemerkt. Flaherty baarde in die jaren opzien door het dagelijks leven van de op een eiland in de Hudsonbaai (Noord-Canada) levende Inuk ‘Nanook’ met de camera te registreren. De authenticiteit van Flaherty’s verslag was echter betrekkelijk. Nanook heette in werkelijkheid anders, zijn ‘vrouw’ was zijn vrouw niet en hij maakte bij de jacht gebruik van een geweer. Dat laatste werd door Flaherty buiten beeld gelaten omdat het niet paste bij de weergave van de leefomstandigheden van de Inuit die hem voor ogen stond.

Ága

Ága is opgenomen in Jakoetië. De omstandigheden in deze immens grote, dun bevolkte Russische republiek zijn zonder meer arctisch. De modale temperatuur ligt er ver beneden het vriespunt. Een aanzienlijk deel van het toendralandschap, dat cameraman Kaloyan Bozilov in een steeds veranderende lichtval fraai in beeld brengt, is permanent met sneeuw en ijs bedekt. De rollen van Nanook en Sedna en die van hun kinderen worden vertolkt door Jakoeten (Sacha). Men spreekt in de film Jakoets.

Misleidend
Door de uitvoerige registratie van het dagelijks leven van Nanook en Sedna maakt Ága zelfs de indruk van een etnografische studie. Dat is echter misleidend, al heeft de Bulgaarse regisseur Milko Lazarov (Alienation, 2013) zijn film die een dramatische ontwikkeling kent uitdrukkelijk als fictie aangeleverd. Anders dan je als kijker geneigd bent te denken heeft Lazarov in Jakoetië nooit mensen aangetroffen die leven als Nanook en Sedna.

Zorgen over de opwarming van de aarde en het verdwijnen van traditionele leefwijzen mogen best in een fictieve vorm naar voren worden gebracht. Maar had dat dan niet op een transparantere manier moeten gebeuren? Nu neigt het resultaat te veel naar een pseudorealistische verheerlijking van ‘nobele wilden’, ontsproten aan het brein van iemand uit de geïndustrialiseerde wereld. Bijna honderd jaar na Nanook of the North levert dat een herhaling van zetten op.

 

17 juni 2019

 

ALLE RECENSIES

Goldene Handschuh, Der

***
recensie Der goldene Handschuh

Een bruine borrel

door Yordan Coban

De Gouden Handschoen is de bruine kroeg in Hamburg waar één van de beruchtste seriemoordenaars van Duitsland zich graag kwam bezatten. De op Quasimodo lijkende dronkaard lokte dakloze alcoholistische vrouwen naar zijn hol waar slechts duisternis en ellendigheid botvierden. 

Fritz Honka (gespeeld door Jonas Dassler) heeft in de periode van 1970 tot 1975 vier vrouwen op gewelddadige wijze van het leven beroofd. Zoals bij vele seriemoordenaars (Ed Gein om maar een extreem voorbeeld te noemen) waren zijn parafilie en impotentie, met de daaruit voortvloeiende seksuele frustraties in combinatie met zijn overmatig drankgebruik, de oorzaken van zijn gewelddadige erupties. Toch schuilt er achter het verhaal van Fritz Honka meer dan slechts een alcoholistische man met een seksuele stoornis.

Der goldene Handschuh

Verward en beschadigd
Honka en zijn vader hebben tijdens de Tweede Wereldoorlog vastgezeten in een concentratiekamp. De psychische klachten en het drankgebruik kennen dus een fundament in de Duitse duistere geschiedenis. Alle beschadigde zielen in De Gouden Handschoen lijken producten van de verloren oorlog. Mensen die allemaal balanceren op het randje van de goot.

Het verhaal is verder niet heel bijzonder, het is het typische kat-en-muisspel van een seriemoordenaar en zijn slachtoffers. De uitvoering maakt het toch de moeite waard. Met een snelle zoekopdracht naar het echte verhaal van Fritz Honka zien we dat regisseur Fatih Akin uiterst nauwkeurig te werk gegaan is in het reconstrueren van Honka’s leven. Ondanks dat is Der goldene Handschuh tot nu toe erg slecht ontvangen door recensenten.

Weerzinwekkend
De cinematografie is van de hand van Rainer Klausmann, een bekende partner van Fatih Akin. Samen werkten zij al aan films als Gegen die Wand (2004), Auf der anderen Seite (2007) en Soul Kitchen (2009). Ook werkte Klausmann aan films als Der Untergang (2004) en Das Experiment (2001). De grauwe visuele stijl in de twee laatst genoemde films sluit het beste aan op de cinematografie van Der goldene Handschuh met bruin en grijs als de dominante kleuren.

De kamer van Honka doet denken aan de kamer van Cahit uit Gegen die Wand. Het is er vies, treurig en bedorven. Veel recensenten beschreven dit als weerzinwekkend lelijk, maar het heeft ergens een eigen charme. Deze weerzinwekkendheid is ook terug te vinden in de personages van de film. De personages zijn net varkens. Ze leven in vuilnis met bloed, zweet en slijm op hun gezichten gesmeerd. Ze schelden, zijn continu dronken en stinken op een visuele manier.

Een andere vergelijking met Gegen die Wand is te vinden in het gebruik van de vrouwelijke personages door Akin. Die zijn er (net als in Auf der Anderen Seite) ter ondersteuning van de van god losgeslagen mannen. Zowel in seksuele afhankelijkheid als in het brengen van enig degelijke fatsoen en stabiliteit in hun leven.

Der goldene Handschuh

Gastarbeiders
Fatih Akin zou bovendien Fatih Akin niet zijn als hij het in zijn films niet zou hebben over immigratie. Het thema speelt ditmaal een bijzonder marginale rol. In Honka’s kleine appartement bewaart hij de lichamen van zijn slachtoffers achter een verborgen luik. De stank schuift hij op het bord van zijn Griekse onderburen. De ellendigheid van zijn appartement is te wijten aan de gastarbeiders, maar is in feite (indirect) de verslagenheid van de monsterlijke oorlog in een moreel anarchistisch post-nazi Duitsland.

Het vieze kleine appartement begint gedurende film zijn bekende thuishaven te vormen. Het is alsof de kijker daar met Honka in de ellendigheid van zijn kamer aanwezig is. Het is hetzelfde ‘cabin effect’ zoals je ziet in claustrofobische films als Night of the Living Dead (1968), The Thing (1982) en The Hateful Eight (2015).

Op een dag komt de broer van Honka op bezoek. Hij heeft een aantal dronkaardslevenslessen: ‘het leven is een draaiorgel en we dansen allemaal op het liedje dat gedraaid wordt.’ Fritz Honka danst alleen op een heel ander geluid: het geluid van geschreeuw en klinkende schnapsflessen.

 

15 juni 2019

 

ALLE RECENSIES

Five Feet Apart

***
recensie Five Feet Apart

Niet aanraken a.u.b.

door Nanda Aris

Een weinig originele film vol clichés over jeugdige patiënten die voor hun taaislijmziekte onder behandeling zijn in het ziekenhuis. De kwaal belet hen elkaar aan te raken, en dat kan op zeventienjarige leeftijd een lastige opgave zijn. 

Five Feet Apart, geregisseerd door Justin Baldoni (bekend als regisseur van de tv-documentaires My Last Days en als acteur van de tv-serie Jane the Virgin), vertelt het verhaal van Stella Grant (Haley Lu Richardson, The Edge of Seventeen) een – ondanks haar ziekte – vrolijk meisje, dat een online videodagboek bijhoudt van haar ontwikkelingen in het ziekenhuis. Ze verblijft daar met vriend en medepatiënt Poe (Moises Arias, Ender’s Game) en onbekende maar interessante Will (Cole Sprouse, tv-serie Riverdale). Stella en Will worden verliefd, maar de liefde blijft door hun ziekte op afstand.

Five Feet Apart

Videodagboeken
Stella is een optimistisch meisje, doet aan yoga en heeft haar medicatie graag ordelijk gerangschikt. Ze belt en spreekt graag af (de ene aan de ene kant van de bank, de ander aan de andere kant) met haar vriend Poe. Samen bespreken ze het leven, de liefde en de voortgang. Ze maakt videodagboeken om over haar ziekte en het leven in het ziekenhuis te vertellen – een handige manier om de ziekte ook aan de kijker uit te leggen.

Wanneer ze recalcitrante Will in het ziekenhuis ontmoet, lijken ze niet direct met elkaar overweg te kunnen. Schijn bedriegt natuurlijk, en Stella maakt met Will de deal dat hij zijn medicijnen juist inneemt (het stoort haar mateloos dat hij dit niet doet) en hij haar mag schetsen – een minder erotische variant van Jack en Rose in Titanic.

Ziekte
Ze mogen elkaar niet aanraken, want dat zou kunnen betekenen dat ze elkaar besmetten met de variant taaislijmziekte die ze hebben, en zo nog minder lang leven. Voor de helft van de mensen met deze ziekte ligt de levensverwachting op ongeveer dertig tot veertig jaar. Met een nieuw paar longen kan Stella ongeveer vijf jaar toe.

Een longziekte en opgroeiende tieners zijn niet een nieuw verhaal voor een film, in 2011 maakte Hans van Nuffel Adem over twee broers die lijden aan taaislijmziekte. Ook doet Five Feet Apart denken aan The Fault in Our Stars over een verliefd, maar ziek (hij geopereerd aan een tumor, zij aan de zuurstof om niet te stikken) tienerstel dat samen op reis naar Amsterdam gaat.

Five Feet Apart

Optimistisch
Stella is bijna dwangmatig met haar medicatie bezig, Will is veel pessimistischer. Doordat ze elkaar leuk gaan vinden, ontwikkelen ze beide zin in het leven. Stella wordt minder krampachtig, Will wordt optimistischer. Ze besluiten te daten, en dat wordt zoet vertoond. Zoet en clichématig – de ballonnen, het jurkje, de striptease – ware het niet dat de hoofdrolspelers Richardson en Sprouse de geloofwaardigheid gedurende de hele film erin weten te houden. Vooral Richardson zet een vrolijke, maar ook gevoelige tiener neer.

Na een dramatische gebeurtenis in het ziekenhuis, wanneer Stella buiten staat en graag de lampjes in de stad wil gaan bekijken, zegt ze tegen Will: “This whole time I’ve been living for my treatments, instead of doing my treatments so that I can live.” Een mooie boodschap in een voorspelbare film die wordt gered door de hoofdrolspelers.

 

11 juni 2019

 

ALLE RECENSIES

Semeur, Le

****
recensie Le semeur

Broeierig verlangen

door Michel Rensen

Le semeur heeft weinig woorden nodig om de innerlijke verlangens van haar personages voelbaar te maken. In haar tedere debuutfilm laat Marine Francen de vrouwelijke blikken spreken. 

Na zijn staatsgreep in december 1851 laat keizer Napoleon III al zijn tegenstanders oppakken. De arrestatie van alle mannen in een dorp in de Franse Alpen laat de vrouwelijke inwoners eenzaam en afgezonderd achter. Nadat er maandenlang niets vernomen is van hun mannen, is het vertrouwen dat zij ooit nog terug zullen komen weg. Ook in de nabije dorpen hebben de dorpelingen al tijden niets gehoord, maar uit angst dat de kerk of het keizerrijk hun vrijheid zal wegnemen, besluiten ze afgezonderd te blijven. Zwoegend onder de brandende zon nemen ze de vrouwen de werkzaamheden op het land van de mannen over, terwijl ze mijmeren over de toekomst. De zon schijnt door de bomen en weerspiegelt op het goudkleurige graan. De temperatuur stijgt niet alleen in de film, het brandende verlangen wordt ook in de filmzaal voelbaar.

Le semeur

De jongere vrouwen beginnen te dromen over wat er zou gebeuren als er plotseling een man het dorp binnen komt wandelen. Giechelend spreken ze af dat ze deze man zullen delen. Ze hebben allemaal dezelfde verlangens en als één van hen hem voor zichzelf houdt, zou dit tot onderlinge spanning leiden. Wanneer Jean, een dolende hoefsmid met een verborgen verleden, het dorp binnenwandelt, blijkt het pact meer problemen te veroorzaken dan op te lossen. Seksuele en romantische verlangens blijken niet zo strikt gescheiden en traditionele ideeën over liefde en relaties zitten in de weg van de vrijheid die de vrouwen dachten te hebben.

Vrouwelijke blik
De film heeft sterke overeenkomsten met The Beguiled, waarvan Sofia Coppola’s versie twee jaar geleden uitkwam: een vrouwengemeenschap, afgezonderd van de rest van de wereld, waar de komst van één man de onderlinge verhoudingen op scherp zet. Le semeur vermijdt groot drama. De spanning blijft onderhuids en wordt subtiel uitgedrukt via de smachtende en jaloerse blikken van de vrouwen. Het verlangen is tastbaar zonder dat het uitgesproken hoeft te worden.

Jeans achtergrond blijft de hele film een groot vraagteken. Hij is op de vlucht vanwege zijn verleden, maar kan daar niets over uiten. Daardoor is Jean een leeg blad, het ultieme object waar alle vrouwen in het dorp hun verlangens op kunnen projecteren. De één zoekt de genegenheid van een partner, de ander wil die zwangerschap die haar man haar niet meer kon geven en de oudere vrouwen zijn meer geïnteresseerd in het werk dat Jean kan leveren. Zijn woorden en daden zijn vaak tegenstrijdig en aan het eind van de film is Jean nog steeds een mysterie. We krijgen hem enkel via de vrouwelijke blikken te zien.

Le semeur

Vrijheid?
Le semeur zet vraagtekens bij de ontstane vrijheid van de vrouwen. Zij zitten gevangen in het smalle kader van het scherm en moeten zowel hun eigen taken als die van de mannen op zich nemen om de gemeenschap draaiende te houden. In de afwezigheid van mannen kunnen ze hun verlangens uitspreken en hoeven niet netjes te zitten. Het is echter opmerkelijk dat geen van hen bedenkt dat een lange, bedekkende jurk niet de meest praktische kleding is tijdens de graanoogst.

De vrijheid die de vrouwen krijgen, is sterk afhankelijk is van gangbare sociale verhoudingen. De kans dat de mannen terug zullen komen, beperkt de vrijheid van de vrouwen zelfs als er geen man in de buurt is. Zij krijgen in de manloze wereld een beetje vrijheid, maar de realisatie dat hun leven op elk moment weer terug naar het oude kan gaan, houdt de vrouwen gevangen in sociale conventies.

 

8 juni 2019

 

ALLE RECENSIES

Mug (Twarz)

***
recensie Mug

Van buitenstaander naar banneling

door Michel Rensen

Na een levensreddende gezichtstransplantatie moet Jacek zijn plek in de gemeenschap van een afgelegen Pools dorp terugvinden. De kortzichtige dorpsbewoners willen hem niet meer aankijken, terwijl een almaar groeiend Jezusbeeld boven het dorp uitrijst. 

Net als in haar eerdere films onderzoekt Malgorzata Szumowska (Body, In The Name Of) in Mug de relatie tussen lichamen en hun sociale omgeving. Voor haar is de relatie tot ons lichaam geen natuurlijk gegeven, maar een sociaal gecreëerd fenomeen. Ook in haar nieuwe film speelt het fysieke voorkomen een cruciale rol. Jacek woont in een afgelegen Pools dorp, waar katholieke tradities en waarden met een vleugje nationalisme de sociale cohesie in het dorp bepalen. Nabij het dorp wordt het grootste Jezusbeeld ter wereld gebouwd en de aanwezigheid van buitenlandse arbeiders leidt tot spanning tussen hen en de dorpsbewoners.

Mug

Buitenstaander
Jacek plaatst zichzelf als outsider buiten de lokale gemeenschap. Met zijn lange haar, tatoeages en alternatieve kledingstijl onderscheidt hij zich sterk van de andere dorpsbewoners. Hij rijdt door de grauwe, stille bergen in zijn knalrode auto terwijl hij naar heavy metal luistert en geld bijeen spaart om het dorp te verlaten. Tegelijkertijd doet hij mee met alle kerkelijke rituelen en lacht hij net zo hard om de racistische en seksistische grappen van zijn familieleden. Hij is zowel een buitenstaander als onderdeel van de gemeenschap. Ze tolereren zijn andersheid, omdat hij één van hen is en zijn gedrag als tijdelijke jeugdige rebellie gezien kan worden.

Jacek lijkt zijn leven redelijk op orde te hebben en vraagt zijn vriendin ten huwelijk. Niet veel later slaat het noodlot toe en raakt hij tijdens een arbeidsongeval zwaargewond. Na de benodigde gezichtstransplantatie is zijn leven niet meer hetzelfde. Na de maandenlange revalidatie wordt hij bij zijn terugkeer als nationale held ontvangen door de dorpelingen en de media. Als eerste patiënt bij wie een succesvolle gezichtstransplantatie heeft plaatsgevonden, is hij een lokale beroemdheid met wie iedereen op de foto wil. Deze omarming blijkt van korte duur. Al snel wenden alle dorpsbewoners hun blik af.

Hoewel de transplantatie Jaceks leven gered heeft, was de operatie geen esthetisch succes. “Het Monster” roepen kinderen, terwijl ze gillend voor Jacek wegrennen in een simpele, maar effectieve verwijzing naar Frankenstein. De afwijzende reacties van de rest van het dorp plaatsen hem in een positie buiten de gemeenschap. Zijn zus en opa zijn de enige personen in het dorp die hem aan durven te kijken. Zijn verloofde wil niets meer met hem te maken hebben en zelfs zijn moeder raakt vervreemd van Jaceks nieuwe gelaat. Hoewel Jacek zich comfortabel voelde als zelfgekozen buitenstaander, doet de geforceerde uitdrijving pijn. De enige manier om zijn eigenwaarde te behouden is met een flinke dosis humor.

Mug

Kortzichtig
In haar eerdere films weet Szumowska met sterke visuele parallellen haar thematiek kracht bij te zetten. In Mug verbeeldt ze de kortzichtigheid van de traditionele gemeenschap door specifieke scènes in ondiepe focus te tonen. Onder andere tijdens de kerkdiensten is slechts een klein deel van het beeld scherp. We zien de priester prediken, terwijl de kerkgangers onscherp in beeld zijn. Als de camera haar aandacht naar de dorpsbewoners verschuift, zien we slechts één van hen tegelijk scherp in beeld en zijn de anderen in onscherpte gehuld. De dorpelingen zitten vast in hun eigen, beperkte wereldbeeld en hebben moeite om hun blik te verruimen.

Met de groei van het Jezusbeeld voelt Jacek de beklemming van de alom aanwezige tradities groeien. Hoewel de visuele symboliek de subtiliteit uit Szumowska’s eerdere werk mist, legt Mug op een affectieve manier de beperkingen van de kortzichtige, traditionele gemeenschap bloot door de persoonlijke gevolgen voor Jacek te bestuderen. Als het beeld af is, wendt zelfs Jezus zijn blik af.

 

4 juni 2019

 

ALLE RECENSIES

Elephant Sitting Still, An

*****
recensie An Elephant Sitting Still

Toen kwam er een olifant met een lange snuit…

door Cor Oliemeulen

Een zwaar melancholisch Chinees drama van bijna vier uur en een distributeur die het aandurft om de film aan te kopen en te verdelen in Nederlandse bioscopen. Dat vergt niet alleen moed, maar vooral smaak en kennis.

Voor liefhebbers van films met een rustig tempo en karakterontwikkeling duurt An Elephant Sitting Still geen minuut te lang. Het meesterlijke speelfilmdebuut van de jonge schrijver Bo Hu is tevens zijn magnum opus. Hij maakte een einde aan zijn leven nog voor de release. Kennelijk was alles gezegd.

An Elephant Sitting Still

Vuilnisvat
“Mijn leven voelt als een vuilnisvat. Er komt steeds meer rotzooi in totdat het overloopt”, zegt Yu Cheng. Hij is dan ook niet te benijden. De 17-jarige Huang Ling moet niets van hem hebben, zodat Yu Cheng zijn seksuele heil zoekt bij de vrouw van een vriend, die direct na de ontdekking voor zijn neus van de flat springt. Bovendien hangt het leven van zijn tirannieke broer aan een zijden draadje nadat deze door Wei Bu na een valse beschuldiging op school van de trap is geduwd. Wei Bu, die thuis te maken heeft met een agressieve vader, slaat op de vlucht en vraagt tevergeefs aan zijn vriendin Huang Ling of ze meegaat naar de stad Manzhouli. Volgens de verhalen leeft daar een olifant die de hele dag zit en weigert zijn ogen te openen om zich af te sluiten van alle ellende om hem heen.

Wei Bu verkoopt zijn biljartkeu aan zijn oudere buurman Wang Jin, die ook al geen gemakkelijk leven heeft. Zijn dochter wil dat hij naar een bejaardentehuis gaat, wat gemakkelijker wordt nu Wang Jins hondje door een grote hond is doodgebeten. Huang Ling heeft ondertussen een heimelijke affaire met een schooldecaan, terwijl een filmpje van een van hun onderonsjes op het internet is verschenen. Ook zij hoeft thuis geen steun te verwachten: haar stevig drinkende moeder maakt een zooitje in hun woning en is haar dochter liever kwijt dan rijk.

An Elephant Sitting Still

Het is razendknap hoe regisseur Bo Hu de levens van de vier protagonisten zonder geforceerde plotwendingen of andere kunstgrepen in elkaar vlecht. In elke episode blijft de camera dichtbij het karakter, terwijl de achtergrond (en soms de voorgrond) bewust onscherp is. We horen de ander praten, zien en horen vaag wat er verderop gebeurt, echter we zitten voortdurend in het hoofd en het hart van het immer worstelende personage. Dat gaat nooit vervelen, we kunnen nauwelijks wachten hoe de bewuste karakters zich ontwikkelen en samen met hen hopen op een iets rooskleuriger vooruitzicht.

Schuld
We zagen al eerder deprimerende Chinese films in de Nederlandse bioscoop, maar daarin was altijd minimaal een sprankje hoop. Zo gaan in het drama Winter Vacation (2011) inwoners van een troosteloos provinciestadje met grauwe gebouwen en vervuilende fabrieken gebukt onder een uitzichtloos bestaan ver van het economische wonder in grote Chinese steden. Via lange takes met statische cameraperspectieven zien we hoofdzakelijk kille mistroostigheid als gevolg van belabberde economische omstandigheden, maar droogkomische dialogen en situaties zorgen wel voor enige relativering en een glimlach. Ook in de moderne film noir Black Coal (2015) worstelen mensen met zingeving, maar hunkeren tegelijkertijd naar liefde en verlossing. Ook hier is een knipoog niet ver weg.

Dat in het hedendaagse China vooral de gewone man weinig toekomstperspectief heeft, noch een enkele reden voor optimisme en vrolijkheid, toont Bo Hu met een ongeëvenaarde feilloosheid in An Elephant Sitting Still. In Hu’s onverbiddelijke realiteit lijkt het ongelukkige lot bepaald door tekortkomingen van anderen: egoïsme, onverdraagzaamheid, geweld, overspel en leugens. Meer dan eens kruipen mensen in de slachtofferrol: de triestheid van hun bestaan ligt buiten de eigen schuld en verantwoordelijkheid. Volgens de door schade en schande wijs geworden ouderling Wang Jin is er bovendien geen enkele garantie dat je leven beter wordt als je ergens anders naartoe gaat. Desalniettemin vertrekt hij samen met twee jongeren richting Manzhouli. De zittende olifant trompettert hen al van verre tegemoet.

 

2 juni 2019

 

ALLE RECENSIES

Nous finirons ensemble

***
recensie Nous finirons ensemble

Feest der herkenning

door Cor Oliemeulen

In de beroemde Before-trilogie van Richard Linklater volgen we de geliefden Jesse en Céline tijdens drie periodes van hun leven. De Franse regisseur Guillaume Canet maakt met Nous finirons ensemble een vervolg op zijn kaskraker van zeven jaar geleden waarin zelfs de hele cast terugkeert.

Reünies zijn niet aan iedereen besteed. Terwijl de een hartstochtelijk verlangt om een vriend(in) van vroegere tijden terug te zien en misschien graag de triomfen van een geslaagd leven deelt, koestert de ander juist de mooie herinneringen of heeft helemaal geen zin om met dat zootje ongeregeld geconfronteerd te worden. Dat laatste geldt voor Max (François Cluzet: Intouchables), een zeer succesvolle restauranthouder en stuwende, vaderlijke kracht van de voormalige vriendengroep die uit elkaar viel na de tragische dood van een van hen.

Nous firions ensemble

Lach en traan
Op zijn zestigste verjaardag zit Max niet lekker in zijn vel en schiet hij als vanouds snel in de stress, zeker als zijn vrienden en vriendinnen van weleer na zeven jaar onverwachts en onaangekondigd voor de poort van zijn prachtige droomhuis aan zee staan. Max’ vrouw Véronique (Valérie Bonneton: Propriété interdite) is allang bij hem weg en niemand mag weten dat hij na verkeerde investeringen op het punt van faillissement staat en het huis moet verkopen. Na wat gehannes met een makelaar die op hetzelfde moment arriveert en het uitwijken naar een ander onderkomen, besluit Max er oprecht het beste van te maken. Dat leidt tot dagen vol nostalgie, ontroering, uitspattingen, bekentenissen, amoureuze verwikkelingen, perikelen met kinderen (want die zijn er inmiddels ook) en dramatische incidenten.

Nous finirons ensemble van Guillaume Canet is het vervolg op diens Franse kaskraker Les petits mouchoirs (2010) die hij inspireerde op de reünieklassieker The Big Chill (1983) van Lawrence Kasdan. Alle acteurs en actrices uit de eerste film (bijna allemaal persoonlijke vrienden van de regisseur, inclusief levensgezellin Marion Cotillard) draven opnieuw op in Canets jongste komische drama, dat je niet hoeft te hebben gezien om je aangenaam te kunnen verpozen. Het is wel nuttig om wat voorgeschiedenis te kennen.

Nous firions ensemble

De cast
Marie (Marion Cotillard: The Immigrant) is een emotionele vrije geest annex wereldverbeteraar die zich maar niet kon binden, maar wel een zoontje (waarschijnlijk van een straatmuzikant uit Les petits mouchoirs) naar de reünie meebrengt. Zij rouwt nog steeds om haar geliefde, de uitbundige charmeur Ludo (Jean Dujardin: The Artist; The Wolf of Wall Street) die in het eerste deel na een nachtje stappen op zijn scooter werd aangereden en een week later in het ziekenhuis zou bezwijken. Vincent (Benoît Magime: La fille de Brest), die zeven jaar eerder een geshockte Max bekende dat hij hem meer dan aardig vond, heeft nu een verwijfde choreograaf als partner meegebracht, terwijl Vincents ex-vrouw Isabelle (Pascale Arbillot: Gemma Bovery) met hun twee kinderen arriveert en haar lustgevoelens herontdekt.

De Franse sterrencast wordt aangevuld met de onhandige Antoine (Laurent Lafitte: Elle) en grappenmaker Éric (Gilles Lellouche: Le grand bain), het beste maatje van Marie op wie hij nog steeds verliefd is. Ook enkele andere types uit het eerste deel sijpelen het verhaal binnen. En alsof regisseur Canet het allemaal nog niet druk genoeg vond, komt Éric op de proppen met een baby, inclusief uiterst toegewijde, maar irritante nanny.

Vervolg?
Het is altijd een genot om zoveel goede acteurs en actrices in een film te zien excelleren en het is prettig dat eenieders levensverhaal globaal aan bod komt. Maar met een dergelijke ensemblecast en zoveel verschillende verwikkelingen mag en kun je weinig diepgang verwachten. Hoewel Nous finirons ensemble minder dynamisch en origineel dan de eerste film is, weet hij soms toch te verrassen met zowel grappige als smartelijke voorvallen. De titel (‘We zullen samen eindigen’) suggereert geen derde film, maar stiekem hoopt de volger dat die er wel komt. Alleen al om te ontdekken of Max eindelijk zijn rust – en Marie een doel in haar leven – heeft gevonden.

 

31 mei 2019

 

ALLE RECENSIES

Rocketman

*****
recensie Rocketman

Liberace gereïncarneerd als Elvis Presley

door Alfred Bos

Wat hebben Elton John en Queen gemeen? Hun voormalige manager, John Reid. En de regisseur van hun beider biopic, Dexter Fletcher. Rocketman slaat Bohemian Rhapsody op alle fronten. Kwestie van vorm die bij de inhoud past.

Zijn muziekfilms – biopics over muzikanten, films rond muzikanten, documentaires – bezig uit te groeien tot een modeverschijnsel? In de bioscoop draaien Wild Rose en Vox Lux, speelfilms over zangeressen die worden geplaagd door persoonlijke demonen. Deze zomer komt de nieuwe Danny Boyle, Yesterday, waarin de muziek van The Beatles centraal staat. In het najaar volgt Beats, een film die speelt in de ravescene van de vroege jaren negentig.

Rocketman

Dan hebben we de later dit jaar nog te verwachten films over een reality-tv-wannabe-ster (Teen Spirit), een gefokte punkmuzikante (Her Smell), een Brits-Pakistaanse fan van Bruce Springsteen (Blinded by the Light) en de biopic van Judy Garland (Judy) nog niet eens genoemd.

Vorig jaar waren er A Star is Born en de tweede hitmusicalfilm rond ABBA, Mamma Mia: Here We Go Again. Die trok net iets minder bezoekers dan de publieksmagneet van 2018, de Queen-biopic Bohemian Rhapsody. De baan ligt ruim open – het is wellicht een yellow brick road – voor Rocketman, het in fictie navertelde verhaal van jaren zeventig glamrockster Elton John, in 1947 geboren als Reginald Dwight. Hij staat momenteel in concertzalen wereldwijd voor zijn afscheidstournee (8 en 17 juni in Ziggo Dome, Amsterdam).

Optelsom van gelukkige keuzes
Rocketman is geregisseerd door Dexter Fletcher, de man die Bohemian Rhapsody redde van schipbreuk, en de film doet precies wat de Queen-biopic jammerlijk naliet. Hij brengt het verhaal niet als droge, lineair vertelde nabootsing van de werkelijkheid, maar – geheel in de uitzinnige camp-geest van zijn onderwerp – als musical, compleet met imposante dansscènes. Elton John is Liberace gereïncarneerd als Elvis Presley, dus hoe bonter hoe beter. En bont is een eufemisme met betrekking tot Rocketman.

Rocketman is een aaneenschakeling van gelukkige keuzes. De film herenigt regisseur Fletcher met acteur Taron Egerton, die de titelrol vervulde in Eddie The Eagle, eveneens een biopic over een excentrieke Engelsman. Egerton lijkt niet alleen treffend op John, hij zingt diens repertoire – dat kwistig en, ook heel handig, niet synchroon met de tijdlijn, maar thematisch door de film is gestrooid – meer dan adequaat. Hij is niet alleen in de huid, maar ook in de stembanden van zijn onderwerp gekropen.

Daarnaast is het een geïnspireerd idee om auteur Lee Hill te vragen voor het script. Hill heeft affiniteit met muziek, musical en camp – en schrijft nu aan het scenario voor de verfilming van Cats – en doet niet lastig over de seksuele geaardheid van zijn onderwerp. Waar Bohemian Rhapsody nuffig een morele vinger hief, is Rocketman volstrekt eerlijk over drugs, seks en exces. Je kunt er kapot aan gaan, maar het is niet iets om je over te schamen.

Rocketman

Glitterduivel
De beste keuze evenwel is om Elton Johns levensverhaal te vertellen als een collectie muziek- en dans-set pieces, afgewisseld met realistische scènes. In de concertscènes komen ze samen, het indrukwekkendst, en minst realistisch, wanneer John in september 1970 als anonieme nieuweling in de Troubadour (Los Angeles) optreedt voor een zaal met gekende muziekhelden – we zien Neil Diamond, Leon Russell en een paar Beach Boys aan de bar hangen – en het publiek orgiastisch reageert. John heeft in interviews te kennen gegeven dat die respons hem het gevoel gaf van de grond te komen. Die emotie maakt de film letterlijk zichtbaar: hij zweeft gestrekt achter de toetsen.

Goed passend bij de mengvorm van historisch realisme en uitbundige verbeelding is de keuze om Johns verhaal te visualiseren als raamvertelling. De film opent in stijl met een Elton John die in vol ornaat als glitterduivel een AA-meeting binnenstapt om zijn persoonlijke verhaal te vertellen. Flashbacks maken duidelijk dat een liefdeloze jeugd met een vaak afwezige moeder en een harteloze, soms ronduit vijandige vader het getalenteerde jochie heeft doen opgroeien tot onzekere, naar liefde hunkerende misfit.

Zijn talent voor het improviseren van pakkende melodieën, ze rollen bijna achteloos uit zijn vingers, komt tot bloei wanneer hij door muziekuitgever Dick James, de man die in 1962 The Beatles de deur wees, volstrekt willekeurig aan tekstschrijver Bernie Taupin (Jamie Bell) wordt gekoppeld. Extra ster voor Rocketman, dat diens kwaliteiten en vitale rol in het verhaal eindelijk goed voor het voetlicht brengt. Johns homoseksualiteit komt aan de oppervlakte via zijn latere manager John Reid (Richard Madden), nadien tevens manager van Queen.

Absolute Beginners
De film concentreert zich op de eerste helft van de jaren zeventig, de periode waarin rockmuziek evolueerde van tegencultureel bindmiddel tot big business en Elton John in Amerika uitgroeide tot de grootste muziekster van dat moment, een regelrecht fenomeen. Het is hoogst verwarrend voor wie in korte tijd van nobody tot idool wordt gekatapulteerd. Met het succes komen de roem en het geld. En steeds uitbundiger podiumuitdossingen, onmatige consumptie van drank en drugs, seksuitspattingen. En de koopverslaving. En de zelfmoordpogingen. Alleen liefde kan het gat in zijn ziel vullen. Hij vindt het, ondanks zichzelf.

Rocketman

Rocketman voegt zich in een traditie van Engelse muziekfilms waarin subcultuur als musical wordt gerepresenteerd. Hij is even uitbundig als Ken Russells verfilming van The Who’s rockopera Tommy, waarin Elton John indertijd te zien was, of diens Franz Liszt-biopic Lisztomania (beide uit 1975) en gebruikt dezelfde vorm als Julian Temple’s Absolute Beginners (1986), met David Bowie en The Kinks-voorman Ray Davies. Russell pionierde in Tommy de beeldtaal van MTV en Temple is de meest vermaarde clipregisseur van zijn generatie.

De film van Dexter Fetcher is in feite een als speelfilm verpakte videoclip, een cocktail van Vincente Minnelli en Ken Russell, en sluit raak af met een dansscène die naadloos overgaat in de originele videoclip van I’m Still Standing, Elton Johns laatste artistiek relevante hit uit 1983. Fantasie switcht moeiteloos naar realiteit, het donkere sprookje heeft een gelukkig eind. Als gerechtigheid en goede smaak bestaan – en muziekfilms inderdaad in de mode zijn – wordt Rocketman de bioscoopklapper van 2019.

 

29 mei 2019

 

ALLE RECENSIES

Wild Pear Tree, The

****
recensie The Wild Pear Tree

Meester van de nuance

door Cor Oliemeulen

De net afgestudeerde Sinan keert vanuit de stad terug naar zijn geboortedorp in Anatolië en wil liever schrijver dan leraar worden. Hij beschrijft de bekrompenheid van de streek en zijn visie op het leven in zijn boek The Wild Pear Tree, waarvoor hij een sponsor zoekt om het te kunnen uitgeven. Ondertussen botst hij met zijn vader, die als gevolg van gokken zijn aanzien heeft verloren.

Ook in zijn achtste speelfilm zadelt de bejubelde Turkse regisseur Nuri Bilge Ceylan zijn hoofdrolspeler op met een existentiële zoektocht naar de zin van het leven en de rol en verantwoordelijkheid van de mens. Net als in het geniale Winter Sleep draait de plot om familierelaties en meer om het gesproken woord dan om de gebeurtenissen in de overweldigende natuur. Ook The Wild Pear Tree (Ahlat Agaci) is zo traag als het dagelijkse leven in de contreien waar het verhaal zich afspeelt, maar trekt je daardoor wel in het lot.

The Wild Pear Tree

Prikkelend
Door de vele lange scènes met zijn gebruikelijke statische shots sneed Ceylan zijn werkstuk terug naar een speeltijd van ruim drie uur die nodig is om het karakter van Sinan (Dogu Demirkol) goed te kunnen uitdiepen en zijn relatie met zijn vader Idris (Murat Cemcir) betekenisvol te kunnen afronden. Sinans verplichte legerdienst in een besneeuwd gebied (ook een handelsmerk van de regisseur) aan het eind duurt slechts enkele minuten, terwijl het gesprek van Sinan met twee jonge imams, die hij betrapt op het stelen van appels, wel een paar minuten korter had gekund. Hun discussie over de betekenis van godsdienst en de Koran in deze tijd van technologie en vooruitgang is prikkelend, maar zoals altijd gaat Ceylan – die zich vaak laat inspireren door de Russische schrijvers Tsjechov en Dostojevski – qua statements zelden over het randje. Hoewel niet alle Turken daarover hetzelfde zullen denken.

In zijn jeugdige, rebelse overmoed en met een air dat hij de wijsheid in pacht heeft, zien we Sinan in een aantal confronterende ontmoetingen. Dat begint al direct met zijn terugkomst uit de universiteitsstad Çanakkale (waar regisseur Ceylan opgroeide) naar zijn geboortedorp Çan waar een winkelier Sinan op straat verwelkomt om hem vervolgens fijntjes te verzoeken of hij zijn vader kan bewegen zijn gokschulden af te lossen. Hierna volgt een stijlvol gefilmde ontmoeting vol ingehouden erotiek met Hatice, een vriendinnetje uit zijn jeugdjaren die op het veld werkt. Ook zij heeft dromen, maar voelt niet net als Sinan de urgentie om de in zijn ogen kleingeestige omgeving de rug toe te keren. Ze filosoferen verder en verschuilen zich achter een boom als Hatice haar hoofddoekje heeft afgedaan. Ze kussen elkaar, de wind steekt plots op en speelt met de bladeren en haar lange haren.

Respect
Thuis vervliegt Sinans laatste restje respect voor zijn vader, die zich in bochten wringt om zijn gokverslaving te verdoezelen, maar ondertussen zijn gezin wel regelmatig zonder elektriciteit laat zitten. Als er geld van Sinan is gestolen, gaan de gedachten direct uit naar vader, hoewel er ook enkele werklieden in de woning zijn gesignaleerd. Sinan zal zijn vader echter nooit direct beschuldigen, hoe goed Idris zijn zoon ook uitdaagt om zulks te doen. Sinan kan weliswaar openhartig met zijn moeder over zijn vader praten, maar zij verdedigt Idris, die volgens haar een goed hart en inderdaad ook gebreken heeft, maar hij slaat in ieder geval niet. Bovendien verslijt het halve dorp Idris voor gek omdat hij denkt dat hij door het graven van een diepe put nabij een wilde perenboom water kan vinden.

The Wild Pear Tree

Na een moeizaam gesprek met de burgemeester over financiering van zijn boek belandt Sinan bij een plaatselijke ondernemer. Ook deze past als hij merkt dat Sinan zich weigert te conformeren aan de sociale regels en gebruiken. “Educatie is prima. Maar dit is Turkije. Als je in dit land wilt overleven, moet je je aanpassen. De straat is anders dan de school. Wat je vandaag leert, is morgen waardeloos.” De ondernemer zal Sinans boek zeker niet sponsoren, want toeristen lezen liever positieve verhalen dan alleen maar kritiek op de regio.

Gave
Nuri Bilge Ceylan heeft de prettige gave om in dialogen alle partijen genoeg ruimte te geven en door verrassende nuances en subtiele humor zoveel mogelijk kanten van een kwestie te belichten. Dat geldt uiteindelijk ook voor het klassieke vader-zoondrama in The Wild Pear Tree als blijkt dat Sinan meer op Idris lijkt dan hij altijd heeft gewenst. Ook Ceylans jongste film is niet zo zwaarmoedig als zijn protagonist, hoewel die ten onder dreigt te gaan aan valse verwachtingen. Geen meesterwerk als Winter Sleep, maar een meanderende stroom van betekenisvolle woorden.

 

25 mei 2019

 

ALLE RECENSIES