No Bears

****
recensie No Bears
Ragfijn spel met film en werkelijkheid

door Jochum de Graaf

Op het moment dat No Bears op het IFFR in première ging, ging Jafar Panahi in hongerstaking. De Iraanse regisseur zat al sinds juli in de beruchte Evin-gevangenis in Teheran. Toen hij uit solidariteit de rechtszaak tegen collega-regisseur Mohammad Rasoulof (There is no Evil) wilde bijwonen, werd een oude straf wegens ‘het bedreigen van de staatsveiligheid’ ten uitvoer gelegd. Afgelopen vrijdag 3 februari werd Panahi op borgtocht vrijgelaten. Actueler en urgenter kan het nieuwe meesterwerk van de chroniqueur van het leven in de islamitische dictatuur van Iran niet zijn.

Panahi wordt gezien als vertegenwoordiger van het neorealisme. Zelf beschrijft hij zijn als het in beeld brengen van ‘menselijke gebeurtenissen op poëtische een artistieke wijze’, maar ik beschouw hem vooral als haarscherpe observator en volhardend criticaster van het dictatoriale regime van de Islamitische Republiek Iran, dat na veertig jaar onderdrukking met de hevigste vormen van verzet wordt geconfronteerd, met vooralsnog ongewisse afloop.

No Bears

Conflicten met regime
Panahi heeft als meest gelauwerde Iraanse cineast een lange geschiedenis van conflicten met het ayatollah-regime. Hij werd regelmatig aangeklaagd en opgepakt, het werd hem verboden films te maken, hij kreeg een verbod op reizen naar het buitenland. Het weerhield hem niet van het tot op de dag van vandaag met zijn veelal clandestien opgenomen en uitgebrachte films de perfide islamitische dictatuur aan de kaak te stellen.

Al in 2000 stelde hij met The Circle, waarvoor hij in Venetië de Gouden Leeuw kreeg, de onderdrukte positie van vrouwen aan de orde, in Offside volgde hij een aantal vrouwen die zich als man verkleedden om een voetbalwedstrijd te zien. De film werd net als The Circle officieel verboden en was desondanks in 2006 toch in het ondergrondse circuit in Iran de meest bekeken film, bovendien bekroond met de Zilveren Beer in Berlijn. Taxi Teheran won in 2015 de Gouden Beer, Panahi speelt zelf de hoofdrol als taxichauffeur in de straten van Teheran die met zijn bijzondere passagiers aan de hand van alledaagse gebeurtenissen grotere thema’s als moraal en censuur onder de Islamitische dictatuur bespreekt.

Rituele voetwassing
Ook No Bears biedt een haarscherp, prachtig poëtisch inkijkje in de huidige Iraanse samenleving. Panahi speelt zichzelf als de tijdelijk naar een klein dorpje aan de grens met Turkije uitgeweken regisseur die van daaruit een speelfilm in een stad net over de grens probeert te maken. Het volgens het scenario ook in werkelijkheid Iran ontvluchte stel Zara en Bakhtiar wil asiel aanvragen in Europa en krijgt los van elkaar valse paspoorten toegespeeld, waardoor ze zeer tegen de zin van met name Zara niet samen kunnen reizen.

De opnamen vorderen redelijk, maar door het haperende internet in de afgelegen regio kan Panahi maar zeer beperkt de rushes bekijken. Zijn opnameleider Reza komt hem vanuit Turkije bezoeken en wil hem overhalen met behulp van smokkelaars de grens over te steken. Panahi maakt een nachtelijke rit door het onherbergzame gebied, maar deinst uiteindelijk terug voor de rigoureuze stap zich af te sluiten van zijn afkomst, land en verleden.

Wanneer het contact met de crew in Turkije al een aantal dagen verbroken is, besluit hij het leven in het dorp en zijn bewoners vast te leggen. Hij geeft zijn fotocamera in handen van zijn huisbaas met de opdracht om de voetwassing van twee jonggeliefden, onderdeel van een eeuwenoud verlovingsritueel, vast te leggen. Tegelijkertijd loopt als speelfilm in een speelfilm de verhouding tussen Zara en Bakhtiar in Turkije uit op een verschrikkelijk drama.

No Bears

En ook in het Iraanse bergdorp loopt het gruwelijk mis. De jonge vrouw zou kort voor het ritueel gezien zijn met een andere jonge man die korte tijd vanuit Teheran in zijn geboortedorp is teruggekeerd. Een grote schande en aantasting van de eer van haar beoogde echtgenoot en zijn familie, die niet ongewroken mag blijven.

Panahi zou de geheime ontmoeting vastgelegd hebben. Eerst zijn huisbaas en even later de dorpsoudste vragen hem de foto als bewijs te overhandigen, maar hij ontkent dit en levert hen de harde schijf uit de camera. Om aan alle onzekerheid een einde te maken, wordt Panahi gevraagd zijn getuigenis onder ede ten overstaan van de raad van dorpsoudsten te bevestigen.

Op weg naar de openbare ceremonie ontmoet Panahi een toevallige wandelaar die een eindje met hem meeloopt en hem wijst op het gevaar van beren in de duisternis. Even later merkt hij op dat de verschillen tussen stad en platteland minder groot zijn als iedereen denkt. Stadsmensen hebben problemen met de autoriteiten, zij als dorpsbewoners hebben problemen met bijgeloof. Die geruchten over gevaarlijke beren vindt hij eigenlijk onzin, het zijn ‘verhalen om ons bang te maken, onze angst geeft anderen kracht, niet beren’.

Lagen en perspectieven
Eenmaal in het primitieve dorpslokaal ontstaat een discussie of liegen onder ede volgens de Koran wel verboden is. Panahi verbindt aan zijn getuigenis de voorwaarde dat de ceremonie ook op film wordt vastgelegd, waardoor het indringender voor de eeuwigheid bewaard kan worden. Ook dit maakt weer deel uit van het ragfijne spel dat Panahi met film en werkelijkheid speelt. De speelfilm in de speelfilm, de botsing van culturen, het vasthouden aan absurde dogma’s, de eeuwenoude tradities op het platteland in contrast met moderne opvattingen over de verhouding tussen mannen en vrouwen, de dramatische liefdesgeschiedenissen als gevolg daarvan, het toch bij elkaar komen van archaïsche opvattingen en moderne stadse inzichten in de gedeelde afkeer van het verre Teheran, het dilemma van vluchten of blijven en de achtergrond van het zoveel mogelijk ontwijken van of juist verzet bieden aan het regime. Het is dat telkens aanboren van nieuwe lagen en perspectieven dat No Bears zo fascinerend maakt.

 

8 februari 2023

 

ALLE RECENSIES

Titanic: De onzinkbare film

Titanic na 25 jaar nog intenser te beleven
De onzinkbare film

door Paul Rübsaam

‘Unsinkable’ zou het destijds grootste passagiersschip ter wereld zijn, maar na een aanvaring met een ijsberg op 15 april 1912 ging het verrassend snel ten onder. Het merendeel van de opvarenden kwam om het leven. De op de scheepsramp gebaseerde, geromantiseerde speelfilmkolos Titanic (James Cameron, 1997) lijkt als publiekstrekker tegen alle stormen bestand. In 2012, honderd jaar na de ramp, verscheen Titanic al in 3D. Ter gelegenheid van de 25e verjaardag van de film wordt deze nu in 4K HDR 3D uitgebracht.

Veel is bekend over de oorzaken, vooral na de vondst van het scheepswrak op 3800 meter diepte op de bodem van de Atlantische Oceaan in 1986. Op de avond van 14 april 1912 was men zich te laat bewust van het gevaar van de ijsbergen op de vaarroute van Southampton naar New York. Datzelfde geldt voor de half mislukte poging van de stuurman om de ijsberg nog te ontwijken. De volautomatisch sluitbare compartimenten van de Titanic waren verantwoordelijk voor het vollopen van het voorste deel van het schip na de aanvaring. Dat werd topzwaar, zodat de gigant met zijn iconische vier in tweeën brak en snel zonk. De perfectionistische cineast James Cameron maakte dankbaar gebruik van deze gegevens, maar ook van de documentatie over de bouw van het schip en de passagierslijsten. 

Titanic 25th Anniversary

Dijk van een draak
Camerons Titanic maakt indruk op bijna iedereen die hem gezien heeft. Al valt de film met de soms al te tranentrekkende liefdesgeschiedenis van Rose DeWitt Bukater (Kate Winslet) en Jack Dawson (Leonardo DiCaprio) en de stereotiepe bij de ramp betrokken goede, slechte en ambivalente karakters misschien wel te typeren als ‘draak’. Nog altijd is het dan een dijk van een draak, een cinematografische megaconstructie die ondanks zijn hemeltergende lengte van 190 minuten staat als een huis.

Titanic is geen romantisch drama met een vleugje rampenfilm, of het omgekeerde. Beide bestanddelen komen tot volledige wasdom, maar zijn zo kundig in elkaar gelast dat je die meer dan drie uur niet eens ervaart als een heel lange zit. Cameron bewerkstelligt dit onder andere door het begin van de plotfase van het romantische drama samen te laten vallen met de voorbodes van de ramp. De ijsberg dient zich juist dan aan als Rose en Jack zich volledig bevrijd hebben van de benauwenis van hun standsverschillen. Op de vlucht voor de lijfwacht van Rose’ s akelige verloofde Caledon Hockley (Billy Zane) darren ze als verliefde grote kinderen rond door de ruimen, zalen, vertrekken en gangen van het immense vaartuig.

Listig heeft de regisseur met de saffierblauwe diamant ‘Le Coeur de la Mer’ nog een derde verhaallijntje gezekerd. Dit fictieve peperdure onderdeel van de kroon van Lodewijk XVI mag niet alleen even hangen om de hals van de naakte, door Jack getekende Rose, maar legt ook een spannende route af via een kluis en verschillende jaszakken, tot en met de 101-jarige Rose (Gloria Stuart: Poor Little Rich Girl, 1936) in het heden van 1997.   

Come, Josephine…
Titanic is niet alleen een dijk van een draak, maar was anno 1997 ook een block van een buster. De productiekosten bedroegen meer dan de helft van de kosten van de bouw van het schip. Een immense nieuwe studio met diverse waterbassins maakte deel uit van investeringen. Toch wist de film met een recette die in de miljarden liep meer dan het tienvoudige op te brengen, in schril contrast met de uiteraard verliesgevende onderneming waar rederij White Star Line zich destijds aan waagde.

Minder goed kwantificeerbaar zijn de opbrengsten van Titanic voor de carrières van Kate Winslet en Leonardo DiCaprio. De Britse actrice en de Amerikaanse acteur waren destijds nog relatief onbekend, hoewel Winslet zich al had onderscheiden met haar rol in Heavenly Creatures (Peter Jackson, 1994) en DiCaprio in What’s Eating Gilbert Grape (Lasse Hallström, 1993).

In Titanic oogt het duo jong en fris. Geloofwaardig bewegen de zeventienjarige eersteklaspassagier en ‘poor little rich girl’ Rose DeWitt Bukater en de twintigjarige vrijbuiter, arme sloeber, tekenaar en derdeklaspassagier Jack Dawson zich tussen de bemanningsleden en overige passagiers. Het haar van Winslet in haar rol van Rose is rood en ze heeft zelfs nog wat puppyvet. Ze kan haar bovenlip optrekken voor een spottend glimlachje, zoals rijke meisjes dat doen wanneer ze iets als vulgair zouden moeten veroordelen, maar eigenlijk juist spannend vinden. En het is natuurlijk de dappere schelm Jack, bijna een jochie nog, die al het onderdrukte in Rose boven weet te halen.

Titanic 25th Anniversary

Titanic heeft de voorspoedige loopbanen van Winslet en DiCaprio mede geschraagd doordat de film ze in staat stelde hun onderlinge chemie te demonstreren. Zo laat Rose laat zich met haar ogen dicht door Jack begeleiden naar de reling van de achtersteven. Dezelfde reling die het tweetal later, als het schip al half gezonken en in tweeën is gebroken, nog een laatste houvast zal bieden. Ze klimt op de reling terwijl Jack haar stevig vasthoudt en zachtjes het liedje ‘Come, Josephine in My Flying Machine’ (Fred Fisher, Alfred Bryan, 1910) in haar oor zingt. Dan opent ze haar ogen en spreidt haar armen als vleugels. ‘I’m flying’. Ook Jack spreidt zijn armen, een kus en tenslotte een wide shot van het schip, de zee en de twee ‘vogels’ (of vliegtuigen) als boegbeeld op de achtersteven. Alleen kijkers met een hoge zwijmeldrempel kunnen hier onberoerd onder blijven.

Scherper en dieper
Toen Titanic in 2012 in 3D werd uitgebracht, hoopte Cameron dat zijn toch al overspoelende film daarmee nog meer uit het scherm zou spatten. Volgens het destijds uitgegeven persbericht zou de kijker zich nadrukkelijker zelf op het schip aanwezig kunnen voelen, de scènes van de ramp intenser kunnen beleven en emoties op een nog persoonlijker niveau kunnen ervaren. En nu verschijnt Titanic dan in 4k HDR 3D in de bioscopen, wat wil zeggen: met nog scherper beeld en nog meer diepte.

Het schip was in 1912 tot zinken gedoemd. Zelfs het door bacteriën al half weg gevreten scheepswrak zal volgens deskundigen de tand des tijds niet kunnen doorstaan. Maar met de voortschrijdende beeldtechnologie moet Titanic ook een jonger publiek aan zich kunnen binden en zal het uitgebalanceerde filmgevaarte van James Cameron eens te meer behoed worden voor het wegzakken in de diepten van de oceaan der vergetelheid.

 

7 februari 2023

 


ALLE ESSAYS

Klem

***
recensie Klem
Film is geen serie

door Jochum de Graaf

Na drie seizoenen leek het verhaal van Klem wel verteld. Bedenker en regisseur Frank Ketelaar had naar eigen zeggen het sterke gegeven – de verwevenheid van onderwereld met bovenwereld in de vorm van de verhouding tussen de hardnekkige crimineel Marius Milner en de carrière makende belastinginspecteur Hugo Warmond, met elkaar verstrengeld geraakt door de vriendschap van hun dochters – meer dan voldoende uitgediept.

Met zo’n anderhalf miljoen televisiekijkers per aflevering leek het eind 2020 een mooi moment om op het hoogtepunt te stoppen. Toch zag Ketelaar nog een nieuw verhaal dat hij in een avondvullende speelfilm uitwerkte. Dat is lang niet in alle opzichten geslaagd.

Klem

Italië
In de slotaflevering van seizoen drie van de Klem vertrekken Marius (Jacob Derwig), Kitty van Mook (Georgina Verbaan) en dochter Chrissy naar Italië. Het was een min of meer gedwongen vertrek in het kader van een getuigenbeschermingsprogramma vanwege hun rol in de ontmanteling van het zakenimperium van Maurice Samuels, een razend spannende plot waarin Hugo (Barry Atsma) ook een markant aandeel had.

Nu het al een tijdje wat rustiger is, is het vooral dochter Suus die aandringt op bezoek te gaan in Italië. Maar met Marius kan het natuurlijk niet zo maar ineens goed gaan. In de beginscène heeft hij al een gewelddadig conflict met een maffiose bloemenhandelaar. Kort daarop ziet Kitty een kans om aan alle financiële problemen een eind te maken door voor een prikje een prachtig wijnlandgoed van een oude, demente wijnboer te kopen. Het ligt er fraai bij in lieflijk Toscane en is natuurlijk een fantastische beginlocatie voor de voorgenomen kunst- en cultuurvakantie van Hugo en vriendin Sophie (Ellen Parren), terwijl dochter Suus bij vriendin Chrissy blijft logeren.

De rust wordt wreed verstoord door een intimiderende brand in de wijngaard. De jaloerse dochter en enig erfgenaam van de oude wijnboer (Claudia Vismare speelde in de Italiaanse hitserie Rocco Schiavone) voelt zich ernstig benadeeld en blijkt samen te spannen met de maffiose bloemenman tegen de Milners. De verwikkelingen volgen elkaar snel op. Hugo bedenkt een voor alle partijen gunstige belastingtruc. Wanneer die niet blijkt te werken, heeft hij nog een ander listigheidje waarmee hij de dochter-erfgenaam met haar modezaak in het pak probeert te naaien. Het conflict loopt evenwel zo hoog op dat vriendin Sophie ontvoerd wordt en er een uitruil – teruggave van het landgoed tegen vrijlating van Sophie – aan te pas moet komen.

Klem

Vernuftig en voorspelbaar
De plot steekt zoals we van Ketelaar gewend zijn vernuftig in elkaar, ieder addertje onder het gras wordt vakkundig blootgelegd en vakkundig verwijderd. Het probleem is alleen dat die afwikkeling net iets te veel van toevalligheden aan elkaar hangt en daarmee wat ongeloofwaardig wordt. Telkens wanneer Marius en Kitty zich zo in de nesten hebben gewerkt dat er geen uitweg meer lijkt, komt Hugo ineens met een truc of een voorstel waardoor de situatie weer gered lijkt en we op naar het volgende probleem gaan dat weer snel opgelost lijkt te zijn. De ontknoping wordt allengs voorspelbaarder en als in een Italiaanse opera breed uitgesmeerd.

Ketelaar speelt wat met de verhoudingen tussen Nederland en Italië. De vooroordelen over en weer, de krenterige Hollanders, de maffiose Italianen, de starre houding van Hoekstra en Rutte ten aanzien van de postcoronasteun aan Italië, ‘stronzo’ Marius en ‘boerenlul’ bloemenman vechten op stevig verbaal niveau een vermakelijk scheldduel uit.

De regisseur heeft zich evenwel toch wat verslikt in het verschil tussen een serie en een film. In een serie werkt een snelle afwisseling van verhaallijnen en perspectieven goed. Na iedere aflevering kun je even op adem komen en blijft het door de sterke cliffhangers, waar de serie in uitblonk, weer spannend wat er de volgende keer gaat gebeuren. Nu in sneltreinvaart zonder onderbreking de verwikkelingen over elkaar heen buitelen, vlakt die spanning af.

Daarbij blijven de karakters onderontwikkeld. Door de serie weten we al genoegzaam hoe Marius en Hugo zich tot elkaar verhouden; de Italiaanse tegenspelers, bloemenman, dochter erfgename, zijn zeker niet slecht maar veel minder sterke karakters als Wout Borgesius (Maarten Heijmans), het vileine vriendje van Hugo’s oudere dochter Laura die in seizoen twee de serie wekenlang op spanning hield. De film Klem is weliswaar een spannende, bij tijd en wijle onderhoudende, maar zeker geen dramatisch sterke film.

 

1 februari 2023

 

ALLE RECENSIES

À plein temps

****
recensie À plein temps
Maalstroom van een arbeidersbestaan

door Tim Bouwhuis

Op papier is À plein temps een sociaal drama over de maalstroom van een Parijs arbeidersbestaan. Gelukkig komt degene die in dat geval een dertien in een dozijn-film verwacht, bedrogen uit: door de golvende geluidsband en de indringende montage kijkt het op zichzelf alledaagse verhaal weg als een tikkende tijdbom.

Als de treinen tussen stad en platteland door aanhoudende stakingen steeds minder vaak gaan rijden, wordt het voor Julie (Laure Calamy) een almaar hachelijker karwei om op tijd in te klokken op haar werk. Om zichzelf en haar twee kinderen nog wat ademruimte te geven, woont ze op enige afstand van de Parijse binnenstad en is ze volledig afhankelijk van het openbaar vervoer. À plein temps (Full Time; geregisseerd en geschreven door Eric Gravel) begint met een wekker die een sluimerdroom doorbreekt; wat volgt, is een soort hindernisparcours naar het respectabele hotel waar Julie de kost verdient.

À plein temps

Apocalyptische koortsdroom
Door de vluchtige, maar toch uiterst beheerste beeldregie en de golvende (‘pulserende’) geluidsband, die doet denken aan de score van de adrenalinerijke misdaadfilm Good Time (de gebroeders Safdie, 2017), krijgt Julies forensenbestaan de dynamiek van een thriller. De reis van platteland naar stad en terug is voor de modelarbeider in een westerse maatschappij het meest alledaagse tafereel denkbaar, en toch heeft À plein temps gevoelsmatig soms meer weg van een apocalyptische koortsdroom dan van een gemiddeld inkijkje in het dagelijks leven.

Gele hesjes
Op het dieptepunt van de film rijdt er níets meer. Het regent, de nacht valt in, de straten zijn onveilig, de hotels overvol en hun eigenaars onvriendelijk. Ontsnappen is onmogelijk en de spanningen in de stad bereiken hun kookpunt. Felle straatprotesten, de complexe achtergrond even daargelaten, waren met name in aanloop naar de Coronaperiode (2018-2019) diep verankerd in de Parijse werkelijkheid.

Het treffen tussen burgers en autoriteiten wordt onverhuld verbeeld in de confronterende documentaire Un pays qui se tient sage (The Monopoly of Violence; David Dufresne, 2020), die vorig voorjaar exclusief te zien was op streamingdienst Picl. Gravel schreef het script van À plein temps vlak voor de opkomst van de gele hesjes, en liet zich naar eigen zeggen vooral inspireren door de historische arbeidersstakingen van 1995. Toch is de stedelijke chaos in de film vooral voorstelbaar met de gele hesjes in het achterhoofd.

À plein temps

Obstakels van het arbeidersbestaan
Toegegeven, Julie krijgt in anderhalf uur speeltijd daadwerkelijk ook wel met zo’n beetje álle obstakels van het arbeidersbestaan te maken. Haar ex-partner is onbereikbaar en moet nog alimentatie betalen, de bejaarde vrouw die op haar kinderen past kan de drukte niet aan en de bank belt om de haverklap voor de hypotheek. Tegelijkertijd dwingt juist die alomvattende maalstroom een reflectie af op de absolute grenzen van een leefbaar (arbeiders)bestaan. Overeenkomsten met de (Nederlandse) werkelijkheid zijn er ondanks de opgeklopte spanningsboog namelijk in overvloed: het beleid van de NS begint steeds meer op een rampenplan te lijken en in tijden van inflatie is de voedselbank er in extremis straks voor iedereen.

Groundhog Day
Het siert Gravel dat hij zich in de loop van zijn film niet tot politieke uitingen wendt, maar domweg laat zien hoe het arbeidersbestaan sociaal en emotioneel zijn tol eist. Julie is geen typische strijder voor gerechtigheid, en de regisseur maakt van zijn hoofdpersonage geen heilige: in de loop van de film maakt ze een aantal haastige, zelfzuchtige keuzes die mensen in haar omgeving in diskrediet brengen. Je kunt Julie onsympathiek noemen en het op dezelfde tel voor haar opnemen. Ook de eindafrekening van À plein temps is ambigu, vertwijfeld en gespeend van een goedkoop nieuw begin. We kunnen alleen maar hopen dat Groundhog Day de arbeiders van deze wereld elke ochtend weer zo genadig mogelijk is.

À plein temps werd goed ontvangen op verschillende internationale filmfestivals en ontving een prominente prijs op het filmfestival van Venetië (2021). Toch wist de film geen Nederlandse distributeur aan zich te binden. Vanaf 29 december is À plein temps op initiatief van Filmhuis de Spiegel (Heerlen) alsnog op meer dan veertig vertoningslocaties te zien. Kijk hier voor meer informatie.

 

21 december 2022

 

ALLE RECENSIES

Triangle of Sadness

***
recensie Triangle of Sadness
Marx op zee

door Yordan Coban

Triangle of Sadness refereert naar het driehoekje tussen de wenkbrauwen die de komische merkwaardigheden van onze tijd markeert in grieven. En komische merkwaardigheden zijn er in deze satirische film over de oppervlakkigheid van de allerrijksten in overvloed.

De nieuwste film van Ruben Östlund volgt een aantal onuitstaanbare beroemdheden die zorgeloos op een cruise vertoeven, tot het noodlot toeslaat en ze overgeleverd zijn aan hun eigen onvermogen. Triangle of Sadness heeft een sterke classicistische focus (op gegeven moment worden Marx en Chomsky expliciet besproken) en doet in de weergave van deze klassenstrijd en toon erg denken aan Parasite (2019) van regisseur Bong Joon-ho.

Triangle of Sadness

Drie delen
Het verhaal wordt verteld in drie delen. Elk deel is redelijk op opzichzelfstaand. Het begint met de introductie van een jong succesvol modellenkoppel. Hierin wordt in een bijzonder sterke scène de ongemakkelijke manoeuvre tussen man en vrouw belicht, die men ondergaat tijdens een date zodra er betaald moet worden. We zien de weerzinwekkendheid van een vrouw die de man altijd maar laat betalen. Maar Östlund toont ook dat de man die de vrouw te nadrukkelijk wijst op haar financiële verantwoordelijkheid, agressief en chauvinistisch overkomt.

Het tweede deel van de film gaat over de cruise-reis op zee. Dit deel was echter, ondanks de hilarische taferelen, beter uit de verf gekomen in de oude realistische Östlund-stijl. Mede omdat de film uitdrukkelijk zijn achterliggende ideologie uiteenzet, zoals we dat ook zagen in de confronterende dialoog aan het einde van Play (2011).

Tot slot krijgt de kijker te maken met een klassiek schipbreukscenario, waarin de rollen omgedraaid worden. Ondanks dat het geheel leuk bedacht is, voelt het einde ietwat flauw bijeengeraapt.

Triangle of Sadness

Slechte mensen
De Zweedse regisseur won dit jaar de Palme d’Or in Cannes voor de tweede keer. Ondanks zijn relatief jonge carrière plaatst hij zich daarmee in een illuster rijtje met namen als Francis Ford Coppola, Emir Kusturica, Michael Haneke en Jean-Pierre en Luc Dardenne. In veel opzichten is deze film vergelijkbaar met zijn eerder bekroonde film uit 2017: The Square. Echter lijkt in het oeuvre van Östlund de meer subtiele realistische stijl geleidelijk plaats te maken voor direct toegankelijke satire.

Want ondanks dat Turist (2014) en Play (2011) complexere films zijn, kan niet ontkend worden dat Triangle of Sadness een goed geacteerde, komische film is. Echter waar Östlund voorheen een kritische noot plaatste bij de multiculturele samenleving en ons de subtiele hypocrisie van de bourgeois kunstliefhebber toonde, is zijn kritiek in deze film gericht op overduidelijk slechte mensen. De presentatie is een stuk minder fijnzinnig, meer Amerikaans, maar wel meer lachwekkende momenten. Het is maar net waar je van houdt.

 

15 december 2022

 

ALLE RECENSIES

Sátántangó

*****
recensie Sátántangó
Afschuwelijke schoonheid

door Ralph Evers

De films van Béla Tarr zijn zo rijk aan interpretatie dat het zinloos is de film te vatten in één kader. De boeken van Lászlo Krasznáhorkai zijn zo eigenzinnig, dat het een experiment waard is om in zijn stijl iets over Sátántangó te schrijven. 

  1. In een ongespecificeerd dorp in een universum dat de onze lijkt, maar even goed uit Strugatsky’s Hard to be a God zou kunnen komen, poogt een smoezelige man buiten zicht te blijven, een onmogelijke zaak; de goddelijke hand, in deze de regisseur zelf, heeft eerder al ons onoverkomelijke menselijke lot getypeerd als een kudde koeien, die na wat strapatsen gevangen lijken te zitten in hetzelfde ongespecificeerde dorp, zonder de vloek van een toekomst, iets wat ons mensen maakt en hen dieren, daarbij heeft Orvos, terwijl hij ontdekte zonder brandy te zitten, met de aankondiging van het onheil in de klanken van de kerkklokken al gezien wat nog geen oog gezien heeft: het duivelse spel, de spinnenwebben zullen zich de komende uren dichter en dichter spinnen rondom dit nietszeggende dorpje met haar toevallige inwoners, die ongewis van hun lot nog het nodige zullen drinken en dansen.

Sátántangó

  1. Hun pijlen richten zich op de onheilspellende messias Irimiás, en zijn bode Petrina en hun geld, beloften van voorspoed en werk, hun schetsen van een betere toekomst, daarbij gonst het al door de verlaten, winderige straten, uit gure kieren of onophoudelijke slagregens: zij zullen komen, zij, die gelijkend de duivel en z’n mallemoer, deze mensen enige hoop kunnen brengen, hetgeen nodig bleek, toen het meisje en haar kat spoorloos wegraakten en moeders wanhoop in de reeds bestaande deplorabele existentiële conditie van haar, nauwelijks nog iets wist te raken in haar reeds overspoelende poel van verdriet, haar eenzaamheid, haar radeloosheid, in dit schier uitzichtloze, onontkomelijke bestaan.
  1. De personages slenteren voort en slenteren voort, slenteren voort en slenteren voort, waar brandy een betrouwbaardere vriend is dan machthebbers, waar het leven geen kleur heeft kunnen voortbrengen, waar alleen teleurstelling tot bloei wist te komen en waar corruptie eens met wantrouwen het huwelijksbootje instapte, er is geen rechte lijn te bekennen, deze tango is satanisch omdat ze zes stappen vooruit doet en zes stappen terug, waar de cirkel zich herhaalt.
  1. Die uitgebreide rede bij de nagedachtenis van Estike, die gevangen is in een ritme, die die specifieke taal, het Hongaars in deze, en de ietwat vreemde woordensequentie, het zal wel aan de vertaling liggen, je poogt mee te voeren naar jouw aandeel in het grotere geheel, je potentieel, je moeilijkheden en je neigingen daar niet te lang bij stil te willen staan, maar van moment tot moment, of in deze: beeld na beeld lopen we in de modder en is er geen blaadje aan de bomen te bekennen, louter het geslenter door de modder, de zang van de wind of het getik van de regen, het getik van een typemachine, een drinkgelag of de zoektocht naar nieuwe drank, die elk op hun eigen vreemde wijze kleur tracht te geven, vergeefs.

Sátántangó

  1. Evenals andere spitsvondigheden, zoals, en misschien ken je dat wel van avant-gardische kunst, of het nu muziek, beeldende kunst of film is, het is zoals het leven ons soms ook zo bij verrassing kan grijpen en een diepte kan toevoegen die ons ofwel affirmatief ofwel berooid achterlaat, de droom, die op een vreemde manier een klaarheid, een helderheid aan de beelden geeft en met die penetrerende ogen van die uil, waar je plots beseft dat ook jij bekeken bent, en een glinstering van een ander perspectief krijgt, een manier eruit en tegelijkertijd: hoe?
  1. Om alleen dan, in de ogen van de figuren op het doek, iets gelijkends jouzelf te hebben ontwaard, tegen een decor van een onwaarschijnlijk anonieme plek, waar clowneske gebeurtenissen in vertraagde motie haar tragiek benadrukt, waar we ons door de modder, het zwartwit, de regen en het gevangen zitten in zo’n lange film geneigd zijn dit als zwaar te ondergaan, maar wacht, zou het niet net zo goed komedie kunnen zijn? horrorkomedie wellicht, omdat we in die ogen ons opnieuw beseffen dat dat schouwspel dat aan ons voorbijtrok, in de donkere grot die wij tegenwoordig ‘bioscoop’ noemen, we naar schimmen op een doek hebben zitten kijken, met het hoogmoedige geloof, nee vertrouwen, dat wij Plato’s ongelukkigen voorbijgestreefd zijn, wij wél het licht en kleur hebben gezien, wij, in onze comfortabele bioscoopstoelen, beter af zijn dan zij en we dus in de ogen van die anoniemen, temidden van al die vieze schoonheid, van al die modderige frisheid, onszelf zagen, op een plek waar we onszelf niet alleen het minst hadden verwacht, maar zeker het meest zouden verafschuwen, want welk een dierlijkheid zat er in het plezier van die modder, welk een menselijkheid zat er in al dat geploeter en wat voor mens ben ík eigenlijk?

 

14 december 2022

 

ALLE RECENSIES

Armageddon Time

***
recensie Armageddon Time
Opgroeidrama slaat niet in als een bom

door Cor Oliemeulen

Opgroeidrama’s lijken populairder dan ooit. Alsof filmmakers teruggrijpen naar een tijd dat alles beter of interessanter was. Of terugdenken aan hun eigen jeugd toen ze zelf gevormd werden. De vraag is of het publiek op die herinneringen zit te wachten.

Je kunt natuurlijk ook graag films over vroeger willen maken omdat je vindt dat je te laat bent geboren. De Amerikaanse filmmaker James Gray had het liefst films gemaakt in de jaren zeventig toen zijn idolen Francis Ford Coppola, Martin Scorsese, Robert Altman en Stanley Kubrick het ene na het andere meesterwerk lanceerden. Het is dan ook niet vreemd dat Grays films zich afspelen in het verleden. Ze gaan vaak over immigranten (o.a. zijn debuut Little Odessa en The Immigrant) en spelen zich meestal af in New York. Met zijn achtste speelfilm, het coming-of-age drama Armageddon Time, keert Gray terug naar de tijd dat hij als elfjarige opgroeide in Queens als nazaat van joodse Russische immigranten.

Armageddon Time

Opa’s wijze les
Paul Graff (Banks Repeta) is het alter ego van de jonge James Gray, die liever tekent dan op school zit. Vader Irving (Jeremy Strong) en moeder Esther (Anne Hathaway) halen hun zoon na enkele incidenten van een particuliere school. Het ergste voor Paul is dat hij nu niet meer kan optrekken met zijn zwarte vriendje Johnny (Jaylin Webb). Hij mag dat sowieso niet van zijn vader sinds Paul en Johnny  werden betrapt toen ze samen op school een joint rookten. Als Paul samen met enkele jongens op het plein van zijn nieuwe, veel strengere school staat te praten, komt Johnny voorbij, maar Paul reageert afstandelijk omdat zijn nieuwe klasgenoten niet van ‘niggers’ houden. Paul voelt zich ongemakkelijk door de situatie en vertelt het voorval aan zijn grootvader Aaron (Anthony Hopkins), het enige familielid met wie hij een goede band heeft. Aaron verhaalt over hoe hij zelf als jood gediscrimineerd werd en draagt zijn kleinzoon op om op te komen voor minderheden en zich als een ‘mensch’ te gedragen.

Armageddon Time speelt zich af in 1980. Paul en zijn familie zien op tv hoe de republikein Ronald Reagan wordt gekozen tot nieuwe Amerikaanse president. “Dat wordt een kernoorlog”, verzucht Pauls moeder. Deze conservatieve tijd met het vooruitzicht dat democratische verworvenheden zullen worden teruggedraaid, onderstreept het lot van minderheden in de Amerikaanse samenleving. Maar het gaat regisseur James Gray vooral om de kijker zich te laten realiseren dat zijn jeugdjaren werden geteisterd door de angst voor een nucleaire oorlog vanwege de immer dreigende relatie met de Sovjet-Unie.

Armageddon Time

Toekomst
Met zijn opstandigheid en wijsneuzerige gedrag is Paul als puber geen uitzondering. Het enige wat hij wil, is een beroemd artiest worden. Nergens wordt duidelijk dat hij (of iemand anders) zou lijden, laat staan beïnvloed worden, door de angst voor een armageddon. Ook het reggaenummer Armagidion Time van The Clash en de korte links die Gray legt met het opvoeren van de vader en de zus (cameo van Jessica Chastain) van de latere president Donald Trump kunnen de kijker niet overtuigen van die te verwachten onheilspellende toekomst.

Het zijn vooral de uitmuntende vertolkingen van de hele cast die Armageddon Time de moeite van het kijken waard maken. Het familiedrama is met zorg vervaardigd, echter het script is niet verrassend genoeg en ook het gemis van enige nostalgie en wat humor doet de film geen goed. Het meest wezenlijke thema is de nasleep van het moment waarop Paul en Johnny zijn betrapt op diefstal en eerstgenoemde belangrijke keuzes over zijn eigen positie moet maken. Bij thuiskomst merken we dat Paul zich eenzamer dan ooit voelt.

 

7 december 2022

 

ALLE RECENSIES

La nuit du 12

***
recensie La nuit du 12
Iedere rechercheur heeft een misdaad die hem achtervolgt

door Ries Jacobs

In een Frans Alpendorp wordt de eenentwintigjarige Clara Royer met benzine overgoten en in brand gestoken. Ze overleeft de aanslag niet. Het is aan het team van rechercheur Vivès om de dader te vinden.

La nuit du 12 lijkt aanvankelijk een klassieke whodunnit, een soort Baantjer in de Franse Alpen. Vele verdachten komen in beeld in wat al snel een crime passionel lijkt te zijn. Clara was een romanticus, op zoek naar liefde kwam ze steeds weer in de armen van foute mannen terecht.

La nuit de 12

De politieagenten die op de moord gezet worden, zijn uiterst serieus, maar  hebben tegelijk geen hoge pet op van vrouwen, of in ieder geval niet van de interactie tussen mannen en vrouwen.

Zijn ook zij diep van binnen geen foute mannen? De liefde hebben ze afgezworen, ze waarschuwen een nieuwe collega die onlangs voor zijn vriendin op zijn knieën is gegaan voor de valkuilen van het huwelijk. Opvallend is het personage Marceau. De getatoeëerde rechercheur en zijn vriendin probeerden jarenlang vergeefs een kind te krijgen. Nu is ze zwanger van haar minnaar. Deze zes mannen, murw gebeukt door verloren liefdes en gruwelijke misdaden, hebben de taak om de moord op te lossen.

Feminisme
Dominik Moll maakte ruim 20 jaar geleden een bliksemstart als regisseur. Voor zijn tweede film Harry, un ami qui vous veut du bien (2000) kreeg hij een César, het Franse equivalent van de Oscar, en ook in de jaren daarna werden zijn films goed ontvangen. Een rode draad in zijn oeuvre zijn personages die op zoek zijn naar liefde en intimiteit. Deze lijn zet hij voort in La nuit du 12. De film toont gelijkenissen met Moll’s voorlaatste werk. Ook in Seules les bêtes (2019) hebben we te maken met ongelukkige liefde, een misdaad en een keur aan verdachten.

Ook voor die film schreef de Frans-Duitse regisseur zelf het scenario. Voor La nuit du 12 baseerde hij het script losjes op het boek 18.3. Une année à la PJ van de Franse schrijfster Pauline Guéna. Het centrale thema in het boek, ‘iedere rechercheur heeft een misdaad die hem achtervolgt’, fascineerde hem zodanig dat hij het verwerkte in een film. Toch is dit niet het enige dat hij wil zeggen. 

La nuit de 12

Er zit een feministisch element in de film dat niet goed uit de verf komt. Foute verdachten en vrouwonvriendelijke politieagenten staan tegenover een gewelddadig uit haar jonge leven gerukte blondine, een meisje eigenlijk nog. Moll lijkt de onschuld van het meisje tegenover het cynisme van de mannen te willen zetten, maar wat hij nu werkelijk wil zeggen, wordt geen moment duidelijk. 

Verval en verveling
Dit had Moll in zijn scenario beter uit moeten diepen. Nu is er een lichaam van een aan de liefde verslaafde vrouw en een allegaartje van mannen die de liefde hebben afgezworen. Deze verhaallijn leidt nergens naartoe. Het acteerwerk is oké, maar geen moment leef je mee met de nabestaanden of met de getroebleerde politiemannen. Het lukt de regisseur niet om dicht op de huid van zijn personages te zitten.

Ook wat betreft de beelden lukt het niet om La nuit du 12 voldoende sfeer te geven. Het camerawerk is eenvoudig en droog, je kunt het zelfs afstandelijk noemen. Dat is jammer, want het Alpendecor leent zich uitstekend voor de desolate sfeer van verval en verveling die in de leeggelopen bergdorpjes hangt. Toch kijkt de film lekker weg en verveelt hij geen moment. Alsof je kijkt naar een lange aflevering van Baantjer, maar dan zonder ontknoping.

 

4 december 2022

 

ALLE RECENSIES

Las Bestias

*****
recensie Las Bestias
Wilde paarden konden mij niet wegslepen

door Cor Oliemeulen

Een Frans echtpaar emigreert naar een geïsoleerde gemeenschap in Galicië en krijgt te maken met onbegrip en jaloezie van twee autochtone broers. Na Qué Dios nos perdone (2016), El reino (2018) en Madre (2019) voegen regisseur Rodrigo Sorogoyen en scenarist Isabel Peña een nieuw cinematografisch hoogtepunt aan hun oeuvre toe.

Las Bestias opent met een jaarlijkse feestelijke traditie in het uiterste noordwesten van Spanje: ‘a rapa das bestas’. Enkele sterke mannen proberen een wild paard tegen de grond te werken om vervolgens de manen af te snijden zodat eventuele parasieten worden verwijderd. Hierna gaat het paard terug naar de bergen. Het ritueel, een combinatie van dans en gewelddadige strijd, staat voor een symbolische bevrijding. Later in de film leren we de verdere betekenis van deze beelden.

Las Bestias

Intimidatie
De openingsscène zet de toon voor het rauwe leven in een vrij onherbergzaam landschap. Het Franse echtpaar Antoine (Denis Ménochet: Inglourious Basterds, 2009) en Olga (Marina Foïs: Polisse, 2011) heeft na een rondreis door Europa besloten om zich op deze plek te vestigen vanwege de stilte en de prachtige natuur. Voor hen is dit de ideale omgeving voor het starten van een biologisch landbouwbedrijf. Hoewel ze hard werken en zo goed mogelijk proberen te integreren, is van rust geen sprake. Antoine spreekt zich uit tegen de bouw van een windmolenpark, wat op weerstand stuit bij enkele dorpsbewoners. De eenvoudige broers Xan en Lorenzo menen dat ze een fortuin mislopen en besluiten om de nieuwelingen te intimideren. Dat gaat van kwaad tot erger.

Het duo Rodrigo Sorogoyen en Isabel Peña maakte van dit gegeven een als moderne western vermomde thriller. Het idee was al ontstaan voor het succes van Qué Dios nos perdone (2016), waarin een seriemoordenaar weduwen verkracht en doodslaat, terwijl de twee rechercheurs die op de zaak zijn gezet moeten zien af te rekenen met hun eigen demonen. Vervolgens maakten ze met El reino (2018) een heuse ‘politieke noir’ over een veelbelovende politicus die van corruptie wordt verdacht maar geenszins van plan is om in zijn eentje kopje onder te gaan. En hun vorige film, Madre (2019), is een sfeervol en ontroerend drama over een vrouw die rouwt om haar vermiste zoontje en nu innig bevriend raakt met een tienerjongen die haar kind zou kunnen zijn.

Las Bestias

Catharsis
Mensen en situaties zijn bij deze twee filmmakers nooit zwart-wit. Alsof ze een tegenwicht willen bieden aan een tijd waarin mensen met de grootste mond vaak de discussie naar zich toetrekken en er nauwelijks ruimte voor nuancering is. De angst voor nieuwelingen en het teloorgaan van tradities zorgt ook in de geïsoleerde omgeving van Las Bestias voor spanningen vanwege het gebrek aan wederzijds begrip en de verkramptheid waarmee die zouden moeten worden opgelost. Dat geldt meer voor mannen dan voor vrouwen. Zo vindt Olga het geen goed idee dat Antoine stiekem opnamen maakt van de pesterijen van Xan en Lorenzo. Verdere escalatie is het gevolg.

Las Bestias vertelt het indringende relaas vol onderhuidse spanning in twee episoden. In het eerste deel beleven we de gebeurtenissen door de ogen van Antoine, die zich steeds verder in het nauw gedrongen voelt. In het tweede deel dringen we binnen in het hart van Olga, die haar idealen volgt en niet van plan is zich te laten wegpesten, de smeekbede van hun dochter Marie (Marie Colomb: Les amoureux, 2018) om terug te keren naar Frankrijk ten spijt. Soms is het goed om een filmscript jaren te laten rijpen.

 

18 oktober 2022

 

ALLE RECENSIES

Tori et Lokita

***
recensie Tori et Lokita
Moderne slavernij in Europa

door Yordan Coban

Ergens afgelegen in een verlaten pand buiten Luik vinden we de erbarmelijke leefomstandigheden van Lokita. De gebroeders Dardenne schijnen in dit op waarheid gebaseerde verhaal een ontsluierend licht op de schaduwwereld van de westerse economieën in hun nieuwste film over de overlevingsdrang van twee Afrikaanse tieners.

De overgang van Lokita (gespeeld door Joely Mbundu) naar Europa ging min of meer gedwongen door de loop van haar onfortuinlijke lot en ter wille van haar moeder in Afrika. Gelukkig heeft ze Tori (gespeeld door Pablo Schils) om haar te ondersteunen. Tori is als een broertje voor Lokita. Hun band wordt in het bijzonder benadrukt door hun muzikale optredens in een plaatselijk restaurant.

Tori et Lokita

Gevangen in de onderwereld
De eigenaar van dit restaurant is tevens de drugdealer die ze erop uit stuurt om bezorgingen voor hem te leveren. Naast de bezorgklusjes dwingt hij Lokita ook tot seksuele handelingen. Tegelijkertijd wordt Lokita op de voet gevolgd door de maffiose figuren die haar overgang naar België gerealiseerd hebben en azen op de tegenoverstaande vergoeding.

Terwijl er vanuit de onderwereld verschillende partijen aan Lokita trekken, wordt ook nog eens haar asielaanvraag afgewezen. Om toch rond te kunnen komen, is Lokita genoodzaakt om te gaan werken in een verborgen wietplantage, ver verwijderd van alles en iedereen, zo ook van Tori.

Foute werkgevers
Voor de kijker die welbekend is met het oeuvre van Luc en Jean-Pierre Dardenne of de schrijnende misstanden van zwartwerkende vluchtelingen in West-Europa zal het niet heel moeilijk zijn om een accurate verwachting te formuleren bij Tori et Lokita. In de films van de Waalse broers worden namelijk steevast de meedogenloze beproevingen van de arbeidsklasse (immigranten in het bijzonder) doorleefd.

Voor de kijker die zich afvraagt of dergelijke omstandigheden zich ook in Nederland afspelen, kan het raadzaam zijn om een blik te werpen op de wurgcontracten van Oekraïense vluchtelingen (en andere Oost-Europese seizoenarbeiders) in de Westlandse kassen. In al hun economische afhankelijkheid zijn ze overgeleverd aan foute werkgevers die ze terug naar de oorlog dreigen te sturen bij enige weerstand.

Het lot van Lokita doet echter nog meer denken aan de schrijnende omstandigheden van Afrikaanse tomatenplukkers in Italië en Spanje. Bijna alle groenten en fruit in de Nederlandse supermarkten die afkomstig is uit deze landen, wordt geplukt door moderne slaven, zo werd twee jaar geleden onthuld in de aflevering ‘Tomaat uit blik’ van de Keuringsdienst van Waarden. Dit zijn economische vluchtelingen die onze groente en fruit plukken voor soms wel minder dan drie euro per uur en leven in kleine betonnen hutjes dicht op elkaar, afgedekt met golfplaten.

Tori et Lokita

Immigranten in de hoofdrol
De sobere stijl van de Belgische filmmakers past goed bij de thematiek die ze wensen te verbeelden. Deze dogmatische manier van filmen is een moderne vertolking van de haast onbewerkte stijl die we kennen van filmmakers als Robert Bresson. Er wordt geen gebruikgemaakt van dramatische montage of geluidseffecten en het acteerwerk streeft ernaar realistisch te ogen. In het begin van de film lukt het Joely Mbundu echter niet om te overtuigen, wat belemmerend werkt voor de betrokkenheid van de kijker. De band tussen ‘broer en zus’ komt mede hierdoor niet helemaal goed uit de verf. Naarmate het verhaal vordert en de omstandigheden voor Tori en Lokita escaleren, wordt de betrokkenheid groter door het beroep op de medemenselijkheid van de kijker.

Al vanaf het begin spelen de levens van immigranten een grote rol in de films van de Dardenne’s. Wat opvalt is wel dat het leven van de immigrant altijd door het blikveld van de westerse arbeidsklasse getoond werd. In het begin van hun carrière was het perspectief altijd de  morele keuzes van de Belgische arbeidsklasse en de invloed die deze keuzes hebben op de levens van migranten die zich dikwijls in het zelfde schuitje bevinden. De filmmakers tonen ons zo de ellende die zich onder aan de streep afspeelt van de staartdeling die staat voor onze globale kapitalistische realiteit. Het wenst het proletariaat te wijzen op het feit dat niet de buitenlanders schuld hiervoor dragen, maar juist schouder aan schouder staan als leidende voorwerpen van deze formule. Bijvoorbeeld in La Promesse (1996) of zoals in Deux jours, une nuit (2014), waar het hoofdpersonage expliciet moet vechten voor haar baan ten koste van een Afrikaanse immigrant.

Hun voorlaatste en tevens minste film Le Jeune Achmed (2019) week af van deze benaderingswijze. De immigrant werd in de hoofdrol geplaatst en van het publiek werd gevraagd om empathie op te brengen voor zijn immorele handelen. In Tori et Lokita zijn het wederom immigranten die de hoofdrol vertolken maar lukt het de filmmakers niet om te ontsnappen aan de gedachte dat de film zijn publiek op deze manier lichtvaardiger confronteert met de voortbrengsels van de multiculturele samenleving.

 

15 oktober 2022

 

ALLE RECENSIES