Dentellière, La

****
recensie La Dentellière

Stille anonimiteit

door Suzan Groothuis

Het is de zomer van Isabelle Huppert. Filminstituut Eye in Amsterdam zet de Franse actrice in de spotlights middels een retrospectief, waaronder landelijke vertoningen van ​Les Valseuses, La Cérémonie, La Pianiste en ​La Dentellière​ van de Zwitserse regisseur Claude Goretta, met een nog jonge Huppert, onbevangen en kwetsbaar. De titel verwijst naar het schilderij De Kantwerkster van Vermeer.  

Huppert is gewend om niet de gemakkelijkste rollen op zich te nemen. Ze speelt vaak dualistische personages. Afstandelijk, kil en hard tegenover emotioneel en kwetsbaar. In Goretta’s ​La Dentellière, naar de bewerking van de gelijknamige roman van ​Pascal Lainé​, is zij de jonge en zwijgzame Beatrice. ​Het was Hupperts eerste hoofdrol en betekende haar doorbraak op het grote doek. Voor haar subtiele vertolking ontving ze de BAFTA Award voor beste nieuwkomer. Anno nu maakt de film nog steeds indruk door Hupperts naturelle spel, waarbij ze Beatrices kwetsbaarheid pijnlijk invoelbaar maakt.

La Dentellière

Teruggetrokken bestaan
La Dentellière speelt in Parijs, waar Beatrice bij haar moeder woont en we van haar vader weten dat hij al vroeg uit haar leven is verdwenen. Haar enige vriendin is de oudere en levenslustige Marylène, met wie ze samen in een kapsalon werkt. Het wereldje van Beatrice, door Marylène liefkozend Pomme genoemd, is klein: haar dagen bestaan uit naar werk gaan en naar huis gaan. Wanneer Marylène’s relatie strandt, besluit ze samen met Beatrice voor een paar dagen naar de badplaats Cabourg in Normandië te gaan.

Terwijl de extraverte Marylène zich stort op het uitgaansleven, zet Beatrice haar teruggetrokken bestaan voort. Stilletjes op een verlaten terras een ijsje eten. Of als een muurbloempje in de discotheek toekijken hoe haar vriendin losgaat op de dansvloer. Wanneer een jonge man haar benadert om te dansen, wijst ze hem beleefd af. Echt interesse in mannen lijkt ze niet te hebben. Dat verandert echter wanneer Beatrice de eveneens verlegen Letteren-student François (Yves Beneyton) ontmoet. Hij is onder de indruk van haar teruggetrokken karakter en zij van zijn kennis. Ze worden verliefd en François confronteert Beatrice met nieuwe uitdagingen.

Pijnlijke verwijdering
Zo leidt hij haar, haar ogen gesloten, naar de rand van een klif. Wanneer Beatrice haar ogen opent, schrikt ze van de diepte. François stelt haar gerust: hij zou haar nooit laten vallen. De scène heeft iets romantisch, maar toont ook hoe gemakkelijk Beatrice zich laat dirigeren. Weer terug in Parijs trekt zij bij François in en vermengen hun levens zich met elkaar. Maar hoe meer ze samenzijn, des te meer de verschillen opvallen: hij intellectueel en diepzinnig, zij eenvoudig en onwetend. Tot die onvermijdelijke breuk, pijnlijk vastgelegd tijdens een bezoek aan zijn ouders: een scène die laat zien dat hun liefde niet tegen de sociale kloof is opgewassen.

Goretta brengt de groeiende verwijdering bijzonder subtiel en natuurlijk in beeld, waarbij de camera veel aandacht voor lichaamstaal heeft. Er is een samenzijn met vrienden van François, met Beatrice als zwijgzame toeschouwer. Terwijl er diepgaand gesproken wordt, neemt ze geen deel aan het gesprek – ze weet gewoonweg niet waarover het gaat. We zien hoe ze er is, en niet is, als zijnde een stille anonimiteit. Of een scène waarbij François uit het raam staart en Beatrice naakt naast hem komt te staan. Ze vraagt niets, maar lijkt te verlangen naar intimiteit, naar liefde. Hij negeert haar, en hoewel Beatrice onwetend is in het leven, moet ze het voelen: ze is niet meer gewild.

La Dentellière

La Dentellière doet qua thematiek wat denken aan ​Pygmalion​ van George Bernard Shaw: meisje van eenvoudig komaf ontwikkelt zich. Althans, dat is wat François van haar vraagt. Maar Beatrice is tevreden met het rustige leven dat ze leidt en heeft geen ambities. En dat is misschien wel het grootste pijnpunt van de film: Beatrice, puur en gevoelig, is zichzelf, maar niet goed genoeg in de ogen van haar partner. Met zijn afwijzing valt ze terug op al wat ze in zich heeft: haar ​geïsoleerde​ zwijgzaamheid. Met een laatste indringend shot zien we Beatrice lang de camera inkijken – niet meer van en niet meer in de wereld, maar teruggetrokken in haar eigen verstilde universum.

 

Kijk hier het landelijke draaischema van La Dentellière.

 

9 juli 2019
 

MEER ISABELLE HUPPERT

 

ALLE RECENSIES

Dirty God

***
recensie Dirty God

Er is leven na mismaaktheid

door Yordan Coban

Dirty God is de optimistische hervertelling van het klassieke verhaal van de verminkte vechtend voor autonomie en acceptatie in een intolerante samenleving.

Er zijn verscheidene manifestaties die zien op de uitwerking van deze thematiek. La Belle et la Bête (1946, 1991), The Hunchback of Notre Dame (1939, 1996), Frankenstein (1931), Phantom of the Opera (1925) en The Elephant Man (1980). De samenleving heeft soms de onverbiddelijkheid van een schoolplein, gelukkig is Jade een sterke vrouw die weet hoe ze voor zichzelf moet opkomen.

Dirty God

Weerbaarheid
Jade (gespeeld door Vicky Knight) is een alleenstaande moeder, slachtoffer van een zoutzuuraanval van haar ex-vriend. De precieze context van de aanval wordt niet nader gegeven, maar dat is ook niet nodig. De gevolgen zijn onafgebroken in beeld en gezien de ernst van de verminking lijkt het uiterst onwaarschijnlijk dat er enige relevante omstandigheden zijn die de daad verzachtend uit kunnen leggen. Jade’s leven is voor altijd beschadigd, het is nu aan haar om hier mee om te gaan en deze harde realiteit te accepteren.

Jade toont zich sterk en weerbaar. Ze blijft gewoon stappen met vrienden, zoekt seksueel contact met mannen en gaat de confrontatie aan met mensen die haar negatief benaderen. Zelfacceptatie schuift zij echter voor zich uit. Ze houdt vast aan een hoopvol perspectief aan de horizon. Ze stuit online op een kliniek in Marrakesh die gespecialiseerd is in de reconstructie van misvormde mensen (wat de bezwaarlijke kant toont van de geïndividualiseerde advertenties bij kwetsbare mensen). Deze hoop zorgt er echter voornamelijk voor dat ze de realiteit van haar verscheurde bestaan niet onder ogen hoeft te zien.

Er is een scène in de film waarin Jade besluit gesluierd met een hoofddoek over straat te gaan. Paradoxaal geeft dit haar de kracht om weer even, al is het maar op alternatieve wijze, vrouwelijk te zijn. In de islamitische cultuur is de hoofddoek juist een middel om de vrouwelijkheid te verbergen. Daarbij komt nog dat haar ex-vriend ironisch genoeg van Arabische afkomst is. Jade laat zich in ieder geval niet onderdrukken door hetgeen haar aangedaan is.

Dirty God

Hoopvol
Dirty God is de vijfde film van de Nederlandse regisseur Sacha Polak. Onderwerpen als plastische chirurgie, overspel en de zorg over een kind, zijn onderwerpen die zowel in Dirty God als in eerdere werken terug te vinden zijn. Dirty God lijkt van alle bovengenoemde films het meest op The Elephant Man van David Lynch. The Elephant Man is echter aanzienlijk duisterder. De verminking van de man in kwestie, John Merrick (gespeeld door John Hurt), is ook wel van een andere orde. Zijn leven omvatte een genadeloze onmogelijkheid in zich. Dirty God is optimistischer. Een verminking van die gradatie brengt vaak een impotentie met zich mee. Jade lijkt daar echter minder last van te hebben. Ze blijft seksueel actief en begeert. Dit heeft iets van naïviteit in zich.

Richting het einde vormt zich een hoopvol perspectief. De film is voor een dergelijk einde, gelijke de hoofdpersonage, bepaalde worstelingen uit de weg gegaan. Het lot stuurt Jade tot bepaalde beslissingen zonder dat het toonbaar wordt of zij een verandering doorgemaakt heeft. Dat Jade worstelt met haar lot is duidelijk, maar de conclusies die zij daaraan verbindt laat de film achterwege.

 

26 april 2019

 

ALLE RECENSIES

Doubles Vies

**
recensie Doubles Vies

Veel praten, weinig verbeelding

door Sjoerd van Wijk

De gefortuneerde Parijzenaars van Doubles Vies converseren maar door tijdens hun voor de hand liggende romantische kluchten. Het grote probleem is dat de praatjes elke vorm van verbeelding ontberen.

Léonard Spiegel is een zogenaamd getormenteerde schrijver die er allerhande scharrels op nahoudt. Zijn oeuvre is niet zonder controverse, onder andere doordat de autobiografische elementen omtrent deze scharrels wel heel duidelijk tussen de regels door te lezen zijn. Zijn uitgever Alain, die het ook zwaar te verduren heeft met zijn midlifecrisis inclusief stiekempjes vozen met een jongedame van het kantoor, ziet het nieuwe boek niet zo zitten. Dit is een aanleiding voor een overdaad aan gesprekken tijdens etentjes en dergelijken over de toekomst van boeken publiceren, het internet en de vermoedens van vreemdgaan die hun eega’s hebben. De ironie wilt dat Alains vrouw (Juliette Binoche) weer een affaire heeft met Léonard, waardoor het laatste woord over diens nieuwe boek nog niet is gezegd.

Doubles Vies

Vertelling, geen vertoning
Schrijver-regisseur Olivier Assayas (Clouds of Sils Maria) lijkt het adagium ‘show, don’t tell’ om te keren getuige de niet aflatende stroom dialogen. Blijkbaar is er veel gaande in de samenleving. Dat wordt althans veelvuldig medegedeeld tijdens weer een borrel met culinaire hapjes. De onzekerheid van Alains toekomst door een potentiële overname, of nu e-books of luisterboeken de markt veroveren en de perikelen van een socialistische politicus: de ene persoon vertelt het de andere. Dankzij verdienstelijk acteerwerk komen de onderhuidse spanningen waarom het draait naar voren. Desalniettemin blijft Doubles Vies verzanden in een hoeveelheid informatie die ver van de riante woningen van de personages staan.

Geen geel hesje
Aangezien Frankrijk ondertussen al wekenlang in opstand tegen de Franse politieke elite met oppertechnocraat Macron is, lijkt deze film daarom niet op het goede moment uit te komen. De didactische dialogen daargelaten blijft een zekere zelfvoldaanheid overeind ondanks de komische tint. Dit zijn gefortuneerde stadsmensen met de te verwachten ennui die al zo vaak is behandeld. Het is als een Franstalige Woody Allen zoals Hannah and her Sisters minus de humor. Dit betekent dat de film wat speelt met de verveling, maar dat radicale kritiek op een betekenisloos leven uitblijft. Dat Juliette Binoche knipogend bij naam genoemd wordt, onderstreept de zelfvoldaanheid ten overvloede. Een gilet jaune zal Doubles Vies terecht links laten liggen.

Doubles Vies

Geen avontuur
Zo leeg als het bestaan van haar personages is ook de trukendoos van Assayas. De omlijsting komt neer op beeld en tegenbeeld van pratende mensen. Waar is het avontuur? De fantasie? Het speciale van cinema is hoe direct de ervaring overkomt bij de kijker. Men beleeft het vertoonde op een plaatsvervangende manier. De daarmee gepaard gaande emotionele reactie is hetgeen wat beklijft en doet reflecteren. Film op haar zwakst tracht dikwijls te krampachtig te lenen van andere media. Doubles Vies lijkt hier aan ook schuldig. Het is bij tijd en wijle als een veredeld toneelstuk waar toevallig een handheld camera bij aanwezig was.

Wat een verschil met een regisseur als Michelangelo Antonioni, die met ijzingwekkende precisie personages in hun omgeving wist te laten opgaan en zo de vervreemding te vangen. Dat maakte vergelijkbare liefdesperikelen als in Doubles Vies juist tot iets universeels. Hier blijven de midlifecrises en potentieel kluchtige affaires een ver-van-mij-bedshow. Doubles Vies is ondubbelzinnig oncinematisch.

 

12 februari 2019

 

ALLE RECENSIES

Donbass

***
recensie Donbass

De donkere realiteit van oorlog

door Ries Jacobs

Het Donetsbekken in het oosten van Oekraïne, ook wel Donbass genoemd, is in Nederland vaak in het nieuws. Hier werd op 17 juli 2014 vlucht MH17 van Malaysia Airlines neergehaald. Dit oorlogsgebied is het decor van de nieuwe film van regisseur Sergei Loznitsa.

Donbass bestaat uit een twaalftal min of meer losse verhalen, waaronder een routinecontrole bij een grenspost, een huwelijksceremonie die zowel luidruchtig als chaotisch is, een Oekraïense soldaat die op straat wordt beschimpt en meerdere situaties waarin opportunisten (tegen betaling) pro-Russische propaganda verkopen.

Donbass

Loznitsa brengt de realiteit van oorlog – onrecht, vluchtelingen, corruptie en machtsmisbruik – in beeld. Er wordt nauwelijks geschoten in de film, maar toch hangt er een constante spanning in de lucht. De regisseur maakt nauwelijks gebruik van kunstmatige decors en gebruikt weinig belichting, waardoor de beelden de ietwat grauwe tint hebben die je ook wel ziet op archiefbeelden uit de jaren tachtig.

Opsporing Verzocht
De in Wit-Rusland geboren en in Oekraïne opgegroeide regisseur zit niet graag stil. In de afgelopen twintig jaar maakte hij 25 films, waarvan het merendeel documentaires. Regelmatig graaft hij hiervoor in het Sovjetverleden, maar ook het Russisch-Oekraïense conflict inspireert hem. In 2014 maakte hij de documentaire Maidan over de protesten in Kiev tegen het regime van de pro-Russische president Viktor Janoekovytsj.

Waar Loznitsa’s film uit 2014 nog een boodschap van hoop was, heeft Donbass een donkerder karakter. De film toont een samenleving zonder wetten of moraal. De regisseur schotelt het publiek de beelden gortdroog voor, zonder opsmuk en met een minimum aan emotie. Het geheel heeft daardoor iets weg van een documentaire.

Dit is ook het gevolg van de onorthodoxe werkwijze van de filmmaker. Vrijwel alles in Donbass is direct gebaseerd op video’s die hij op sociale media tegenkwam. Veel van wat de kijker ziet, is min of meer echt gebeurd. Soms zijn de scènes bijna letterlijke kopieën zijn van wat Loznitsa op sociale media tegenkwam, welhaast te vergelijken met reconstructies die je op de publieke oproep ziet bij Opsporing Verzocht.

Donbass

Vlees noch vis
Loznitsa heeft niet de moeite gedaan om alles dat hij op sociale media vond in een verhaal te gieten, hoewel hij hiervoor voldoende geschikt materiaal heeft. In plaats daarvan koos hij voor een experimentele aanpak die het midden houdt tussen speelfilm en documentaire. Dit maakt de film tot iets dat vlees noch vis is. Donbass mist het verhalende van een speelfilm en het realisme en de duiding van een documentaire. Is een bepaalde scène echt gebeurd of is deze tijdens het maken van de film bewerkt door de regisseur? De kijker weet het nooit.

Onmiskenbaar kleurt Loznitsa de werkelijkheid door deze werkwijze. Een Russische filmmaker zou de militairen in het Donetsbekken juist als vrijheidsstrijders portretteren. Nu hoeft cinema natuurlijk niet objectief te zijn, filmmakers zijn immers geen journalisten. Bovendien weten weinig filmmakers het leven in een burgeroorlog zo realistisch weer te geven als Loznitsa met deze film doet. Na het zien van Donbass begrijp je beter waarom het onderzoek naar de vliegtuigramp uit 2014 zo stroef verloopt.

 

4 februari 2019

 

ALLE RECENSIES

Dogman

****

recensie Dogman

De hondenman en de hond

door Tim Bouwhuis

Terechte lof in Cannes voor Dogman, de nieuwe film van de Italiaanse filmmaker Matteo Garrone (Gomorra). Marcello Fonte (ooit nog figurant in Scorseses Gangs of New York) schittert als een man die niet om kan gaan met de ongeschreven wetten van zijn mensonterende habitat.

‘Dogman’ moet zowel letterlijk als metaforisch begrepen worden. Letterlijk, omdat we de goedhartige Marcello (acteur en personage zijn in ieder geval ten dele één) vanaf de eerste scène op aandoenlijke wijze in de weer zien met de wezens die hem zo dicht aan het hart liggen. Metaforisch, omdat de hondse trouw van de hondenman bijdraagt aan zijn ondergang. Kern in Dogman is het conflict tussen een individu en zijn omgeving. Kan een goed mens het ooit goed doen in een verrotte wereld?

Dogman

Garrone creëert een compleet spanningsveld rond het personage van Simone (Edoardo Pesce). Deze heetgebakerde Goliath hangt van littekens aan elkaar en ruziet met alles dat los en vast zit. Scriptschrijvers Ugo Chiti en Massimo Gaudioso (schreven vaker voor Garrone’s films) tonen op effectieve wijze dat de angst van de plaatselijke bewoners zijn piek bereikt heeft: in een plaatselijk café krijgt Simone na het slopen van een flipperkast doodleuk zijn inzet terug. Buiten wordt zenuwachtig vergaderd. Zoals het politiek incorrecte Italianen betaamt, is het eeuwige stilzwijgen al snel onderwerp van gesprek.

Paard van Troje
Wederom komt dan het fijnzinnige script tussenbeide. In de schaduwen van de nacht wordt Simone nog relatief vroeg in de film neergeschoten door twee passanten op motors, maar van de resulterende schotwond horen en zien we later niets meer; een teken aan de wand dat uitschakeling vraagt om een andere strategie.

Marcello is de spil in de strijd tussen de agressor en zijn agressors. Allen lijden onder het geweld van Simone, maar in den beginne houden de Italiaanse Buster Keaton (de pers is scheutig met koosnaampjes) en de lichtgeraakte Simone er wel een discutabele ‘vriendschap’ op na. Zeg gerust dat er misbruik in het spel is: Simone komt om de haverklap lijntjes drugs halen, maar weigert zijn schulden af te betalen. Marcello is vermoedelijk niet de enige die zich bij zo’n ongeleid projectiel de kaas van het brood zou laten eten, maar we begrijpen wel hoe zijn vergeeflijke houding de situatie verder op de spits drijft. Het heeft geen enkele zin om trouw te zijn aan de trouweloosheid zelve.

Dogman

Trouw zijn en getrouwd zijn
Vermoedelijk is dat ook de reden waarom we Marcello’s ex-vrouw maar één keer in beeld zien, en dan ook nog eens wanneer ze met haar rug naar de camera het frame uitloopt. Hij die het allemaal te goed bedoelt zal zich in dit milieu áltijd verder in de problemen werken. Het mag dus al een godswonder heten dat de piepjonge Sofia (Alida Baldari Calabria) op gezette momenten überhaupt nog over de vloer komt. In een aantal verdwaalde shots diepzeeduiken vader en dochter in het blauwe niets van de toekomst: het water lijkt symbool voor de ontsnapping die nooit komen gaat. Wat wil je ook, in zo’n leefomgeving: als er Oscars waren voor oerlelijke locaties en meest troosteloze artdirection zou de concurrentie op voorhand kunnen inpakken.

Esthetiek als inhoud
Net als in zijn eerdere films heeft Garrone oog voor de verrotte kanten van mens en wereld, die hij vervolgens weer vangt in een paradoxaal kader van pure filmesthetiek. De opening van Gomorrah (2008) verraden Garrones achtergrond als schilder en zijn gevoel voor compositie, maar de film schetst een reddeloos Napels. In afgebladderde flatgebouwen denken jonge maffiosi dat ze Scarface zijn, de dodelijke afrekeningen die we zien komen plots en rauw. Geweld is niet mooi – noem het anti-esthetiek. Ook in Reality is alle schoonheid relatief. Centraal staat dit keer een arme visboer die droomt van een rol in een realityshow. Natuurlijk is die realiteit een illusie, wat Garrone een prachtig excuus geeft om te spelen met de esthetiek die de droom van het escapisme definieert. Zal de film ons uiteindelijk weer beide benen op de grond zetten of gunt Garrone (let vooral op het laatste shot) zich een zeldzaam uitstapje naar de echte fantasie?

Noem het een hervorming of update van het klassieke neorealisme (zie De Sica, Rossellini), benaderbaar via een speels-serieus begrip van neo-neorealisme: ‘acteurs’ worden uit het leven gegrepen (de protagonist van Reality is een ex-gedetineerde), er wordt op locatie gefilmd (Gomorra) en de esthetiek dient altijd in meer of mindere mate het narratief. De beelden zijn soms mooi doch bedrieglijk, soms lelijk in hun hyperrealisme. Stijl en thematiek vloeien in elkaar over en hangen samen, waardoor stilistische uitspattingen inhoudelijk toch nog een ongebreideld realisme kunnen ademen.

Dogman

Zo zit Garrones laatste worp voor Dogman, een curieuze collectie van Italiaanse fabels (Tale of Tales, 2015), vol met toespelingen op de ontwrichtende kracht van het schone. Mooie stemmen horen bij lelijke dames; lelijke dames veranderen in bloedmooie muzen. Maar niets is voor altijd, en het uiterlijke is een valstrik. Hebzuchtige personages verliezen hun onschuld omdat ze weigeren op innerlijke schoonheid af te gaan. Verbluffende sprookjeslandschappen zijn decors van decadentie. Tale of Tales lijkt binnen het oeuvre van Garrone een vreemde eend in de bijt, maar niets is minder waar: de reële dualiteiten van de mens openbaren zich voor de verandering alleen in een mythisch kader van esthetische pracht, waardoor het corrupte Italië van Garrones doorbraakfilm even ver weg lijkt.

De afgrond is menselijk
Of het nu de mens is die niet deugt of zijn omgeving, er blijft altijd ruimte voor humane inzichten, ook al wordt er zelden een definitieve oplossing voor de misère gevonden. In Dogman geldt telkens weer dat de overwegingen en karaktertrekken van de hondenman zijn lot bepalen. Gemotiveerd door de belofte van trouw en naïeve verwachtingspatronen belandt Marcello in een neerwaartse spiraal van desillusie en onmacht. Toch blijft de hondenman altijd een mens van vlees en bloed: een ambigue pion in de speeltuin van het leven.
 

2 september 2018

 
MEER RECENSIES

Dog Days

***

recensie Dog Days

Lieflijk aan de lijn

door Sjoerd van Wijk

Dog Days blijft aan het lijntje van de Amerikaanse feelgoodfilm, maar weet te sympathiseren met warm humanisme. 

Het is een bekend fenomeen in het park. Mensen laten de hond uit en komen met andere baasjes in contact als de viervoeters elkaar besnuffelen. Dog Days is het cinematische equivalent. Tijdens de warme zomerdagen in Los Angeles volgen we meerdere verhalen met de hond als leidraad. Zo is er de eenzame oude man die samen met zijn jonge pizzabezorger op zoek naar zijn vermiste hond gaat, en de lanterfantende gitarist die op de hond van zijn zwangere zus moet passen.

Volgens beproefd Hollywood-recept is het bij de opzet van elk verhaal al duidelijk waar het eindigen zal. Zo is er geen twijfel over mogelijk wat er gebeurt met de gespannen presentatrice en de ontwapenende co-presentator als hun honden het met elkaar kunnen vinden terwijl ze zelf elkaars tegenpolen zijn. Het ensemble van karakters wordt via de honden op verscheidene manieren met elkaar verbonden, onder andere in een voor de hand liggende finale waar iedereen toevalligerwijze rondloopt. 

Dog Days

Fluwelen handschoenen
De verhalen gaan over verbondenheid, iets waar elk karakter naar op zoek lijkt te zijn. Zoals een echte feelgoodfilm krijgt iedereen wat hij of zij wil en blijkt de kleine buurt in downtown Hollywood een grote gezellige familie. De weg ernaartoe is geplaveid met amusante, licht komische situaties die zorgen voor een aangename verpozing. Toch wringt er iets in deze zegetocht naar ontroering. Schrijvers Elissa Matsueda en Erica Oyama beroeren de karakters met fluwelen handschoenen, alsof ze bang zijn dat hen iets vervelends zal overkomen. De ontknopingen voelen daarom niet verdiend aan, want er is nauwelijks conflict geweest voor de karakters om de verbondenheid met anderen te vinden.

Zo kunnen de oudere man en de jonge snotneus van de pizza’s het wel erg snel met elkaar vinden. Tara (Vanessa Hudgens, Spring Breakers), een jongedame met een uitzichtloos baantje in een koffiezaak, kan vrij soepel haar carrière opstarten zonder dat er obstakels op de weg komen en krijgt een gratis soulmate op de koop toe. Het comfort van de karakters brengt problemen in het tempo van de film, want er gebeurt weinig significants wat de voorspelbare eindes nog in de weg kan liggen. Qua emotionele impact staat Dog Days daardoor in schril contrast tot een klassieke Amerikaanse feelgoodfilm als Mr. Deeds Goes to Town (1936), waar de ontroering ligt in bombastische pech voor de hoofdpersoon, zoals alleen regisseur Frank Capra die kon uitbeelden. 

Slapende honden
Deze voorzichtigheid met de karakters werkt ook op andere manieren door. Het missende venijn in de verhaallijnen laat Dog Days komische buitenkansen missen. De levens en de omgeving van de karakters zijn van een dermate Amerikaanse overdrevenheid, dat het nep begint aan te voelen. Met name het gelukkig getrouwde koppel dat een kind adopteert en moeite heeft om een band met het nieuwe dochtertje op te bouwen lijkt een valse idylle. Maar helaas worden slapende honden niet wakker gemaakt in Dog Days. Op meerdere momenten is er kans om de draak te steken met sociale situaties, maar wordt er vluchtig van weg gedanst.

De twee tegenpolen delen het gros van hun romance live op televisie, zonder dat hier grappen mee worden gemaakt. Hun honden komen elkaar tegen op een honden verjaardagsfeestje (inclusief cupcake met kaarsje), maar de aanzet voor een grap blijft slechts dat. De geestige scène waarin Tara in paranoïde paniek pepperspray spuit op haarzelf en de flierefluitende broer die een hond naar binnen smokkelt, laat zien hoeveel meer humor er uit de omgeving gehaald had kunnen worden. 

Dog Days

Sympathiek optimisme
Toch lijkt het unfair om Dog Days af te doen als een verkeerd gemixte formule. Er zit namelijk een groot hart verstopt in dit Amerikaanse massaproduct. Regisseur Ken Marino, normaliter acteur, zorgt voor een warme menselijke benadering van de karakters. Zijn humanisme bleek al eerder uit zijn bijdrage aan het scenario van Role Models, een ietwat grove komedie met verbazingwekkend veel hart. Elegant wisselen de beelden van de ene optimistische persoon zich af met de volgende. De acteurs, die voorrang krijgen van de camera, lijken net zoveel van de karakters te houden als de scenarioschrijvers. Er zit bezieling in hun inlevingsvermogen, waardoor het plezier afspat van de film. De lieflijke inborst werkt aanstekelijk met de talloze schattige honden, die door dit optimisme tot vrolijkheid stemmen.

Marino maakt hierdoor het gloedvolle temperament van een zomers Los Angeles welhaast een warm bad van goede intenties. Doordat de film excelleert in het brengen van vriendelijke figuren die niets anders dan sympathie verdienen, wordt het zelf ook een sympathieke vriend. Ondanks (of wellicht dankzij) de te lieve aanpak van de karakters en de onwil om zich te branden aan netelige kwesties, blijft het menselijke overeind in Dog Days, waardoor het moeilijk wordt de film te veroordelen voor de missers.
 

19 augustus 2018

 
MEER RECENSIES

Death of Stalin, The

*****

recensie The Death of Stalin

Dr. Strangelove vermomd als The Godfather

door Alfred Bos

Ensemblefilm met een rolbezetting van topacteurs over de dans om de macht in de USSR, na het overlijden van dictator Josef Stalin. The Death of Stalin is historisch kostuumdrama, maffiafilm en satire in een.

Wanneer Lavrenti Beria, de beul van Stalin en hoofd van de Russische geheime dienst, kwam aanlopen met een bosje bloemen, moest je als vrouw wegduiken. Als de dame – of vaker: het meisje – het boeket aannam, werd ze door hem verkracht. Weigerde ze de attentie, dan werd ze gearresteerd. Of erger. Beria was voor niemand bang, behalve voor zijn mentor, Stalin.

Josef Stalin, geboren Dzjoegasjvili, was een crimineel uit Georgië die banken beroofde en zo de Bolsjewieken hielp hun revolutie te financieren. Als de man van staal transformeerde hij de Sovjet-republiek in moordend (en dat letterlijk) tempo van achterlijk boerenland tot industriële grootmacht. Onder zijn terreur werden miljoenen mensen de dood in gejaagd. Stalin, wiens paranoia niemand deed vertrouwen, regeerde via angst. Onder het mom van zuiveringen waren executies van politieke tegenstanders, trouwe aanhangers en willekeurige burgers routine. Niemand was veilig, zelfs zijn familie niet.

The Death of Stalin

En Stalin zelf ook niet, want na zijn plotselinge dood op 5 maart 1953 zijn de speculaties over moord nooit verstomd. De man van staal – met lamme arm en horrelvoet – was een gangster, aan de top van de Sovjet-macht omringd door gangsters, loerend naar elkaar. Was het Beria, de serieverkrachter die uit Stalins gratie was gevallen? Of Molotov, Stalins voorganger als secretaris-generaal van de communistische partij wiens vrouw op last van Stalin was opgepakt en die nu zelf voor zijn leven vreesde? Of was het gewoon een fatale hersenbloeding?

Zwarte komedie
Over dat gezelschap van machtswellustige, door angst gedreven mannen gaat The Death of Stalin, een zwarte komedie die uit de pen van het Monthy Python-gezelschap had kunnen komen. Scenarist en regisseur Armando Iannucci, de man achter sublieme komedieseries als I’m Alan Partridge en Veep, houdt zich grotendeels aan de historisch feiten, uit respect voor de miljoenen slachtoffers van Stalins terreur. De film is geestig omdat het gegeven, de stoelendans in het machtsvacuüm na de dood van Stalin, zo krankzinnig en angstaanjagend is. Wie zoekt naar een precedent komt uit bij Dr. Strangelove, vermomd als The Godfather.

The Death of Stalin is tegelijk grimmig en hilarisch, geen kleine verdienste. Naast de absurdistische – maar realistische – dialogen is daarvoor verantwoordelijk de voortreffelijke ensemblerolbezetting met Simon Russell Beale als het addergebroed Beria, Michael Palin als de geplaagde intrigant Molotov, Jeffrey Tambor als de ijdeltuit Malenkov, en Steve Buscemi in de rol van hofnar Chroesjtsjov als de voornaamste leden van het Politbureau, aangevuld met Jason Isaacs (testosteronbom maarschalk Zjoekov), Andrea Riseborough (Stalins getraumatiseerde dochter Svetlana) en Richard Friend (Stalins alcoholistische zoon Vasili). Ze spreken eigentijds Engels, zonder namaak-Russisch accent.

Het zijn geen karikaturen maar personages, elk met hun eigen tics. Een onwaarschijnlijk gezelschap van intellectuelen en boeren, bedreven in het overlevingsspel van manipulatie en intrige. De kolderieke scènes rollen vanaf de proloog, fijntjes gesitueerd buiten de kring van Stalin, in hoog tempo over elkaar. Het gesjor met het lijk van de dictator (Adrian McLoughlin), de mist van intrige in en om diens dascha in Koenstevo, de bijeenkomsten en stemmingen van het Politbureau, de verwikkelingen rond Stalins begrafenis die ontaarden in een slachting—het zijn onontwarbare kluwen van surrealisme en dodelijke ernst. Was Iannucci’s debuutfilm In the Loop politieke satire, The Death of Stalin heeft meer dan één register.

The Death of Stalin

Nihilistische portret
Aan de vraag of Stalin werd vermoord en zo ja, door wie, waagt de regisseur zich niet. Het is hem te doen om de immoraliteit van mensen die uit naam van de goede zaak routinematig verraad plegen en moorden. De afloop is bekend: Beria ziet zijn kans schoon, maar Chroesjtsjov weet Stalins opvolger Malenkov tegen hem over te halen en het leger, in de persoon van Zjoekov, zet Beria en diens de geheime dienst buiten spel. “Zo gaan mensen dood, als hun verhaal niet klopt”, aldus Chroesjtsjov.

Ondertussen is The Death of Stalin niet alleen superieure satire, maar ook een film die wijst op de donkere kanten van politiek, op de bewustzijnsvernauwing van een gesloten kaste, op de ongecontroleerde macht die monsters kweekt, de consequenties van institutionele paranoia en op de verloederende werking van nepnieuws en een gescripte werkelijkheid. Een film over de wereld van vandaag dus. De running gag van The Death of Stalin zijn de terloops bevolen executies: “Eerst zijn vrouw en zorg dat hij het ziet, daarna hij.”  Zo’n film is het dus, het nihilistische portret van een nihilistisch systeem. Karl Marx wist het al, na de tragedie herhaalt de geschiedenis zich als farce.
 

1 mei 2018

 
MEER RECENSIES

Darkest Hour

**

recensie Darkest Hour

Fantastische rol, matige film

door Alfred Bos

Gary Oldman excelleert in een speelfilm over de eerste weken van Winston Churchill als leider van de Britse regering. In mei 1940 was Engeland niet klaar voor een oorlog met Duitsland. Taal was Churchills enige wapen.

Winston Churchill was 65 jaar oud en had al een roerig leven in de Engelse politiek achter de rug toen hij op 10 mei 1940 aantrad als eerste minister van het Verenigd Koninkrijk. Diezelfde dag vielen de troepen van Hitler Nederland en België binnen. De Blitzkrieg was ongekend succesvol, twee weken later stonden de Duitsers op het punt het Britse leger in Frankrijk bij Duinkerke in zee te drijven. De oorlog leek verloren eer hij nauwelijks begonnen was.

Darkest Hour

Darkest Hour toont Winston Churchill in de weken tussen zijn aantreden als eerste minister en zijn befaamde ‘we shall fight on the beaches’-toespraak in het parlement van 4 juni, nadat 300.000 Britse soldaten van het strand van Duinkerke waren gered. Dat wapenfeit, Operatie Dynamo, was vorig jaar het onderwerp van Christopher Nolans Dunkirk. Daarin is Churchill alleen te horen, in Darkest Hour is hij in iedere scène in beeld. Beide films zijn genomineerd voor meerdere BAFTA’s, de Britse Oscars, en Gary Oldman kan de prijs voor de beste mannelijke hoofdrol nauwelijks ontgaan. Zijn vertolking van Churchill is fenomenaal.

Iconische sigaren
En toch overtuigt de film niet. Het eerste probleem is het script van Anthony McCarten. Diens scenario voor de Stephen Hawking-biopic The Theory of Everything miste dramatische diepgang en al biedt het eveneens waargebeurde verhaal van Darkest Hour drama te over, beklemmend zijn deze donkere uren nimmer. De confrontatie met Churchills voornaamste tegenstrever en gedoodverfde opvolger als premier, de minister van buitenlandse zaken Lord Halifax (Stephen Dillane), mist het venijn van kampende aartsrivalen.

Wat stoort, omdat Halifax via Mussolini wil onderhandelen met Hitler en Churchill pertinent weigert. Die wil vechten, al is Engeland nauwelijks voorbereid op een gewapend conflict. Churchills onverzettelijkheid, zie de ‘we shall fight on the beaches’-rede, vormt het hart van zijn rol – en belang – als leider in oorlogstijden. Dat drama vervliegt als de rook van Churchills iconische sigaren, wellicht ook omdat het verhaal exclusief vanuit Churchills positie wordt verteld en de intrige achter de schermen goeddeels buiten beeld blijft.

Darkest Hour

Depressies
Bovendien is regisseur Joe Wright (Anna Karenina) geen Steven Spielberg. Zijn forte, intimiteit op privé-niveau, staat ver af van het drama op wereldschaal van Darkest Hour. De huiselijke scènes tussen de bullebak met een afkeer van autoriteit en zijn vrouw Clemmie (Kristin Scott Thomas, onlangs nog te zien in The Party) hadden als contrapunt kunnen fungeren, maar blijven karikaturaal. Zoals alle historische personages buiten Churchill bijrollen blijven. Het typeert de dramatische zwakte van de film.

Het best uit de verf komt Churchills relatie met de stotterende, hier lispelende koning, George VI (Ben Mendelsohn). In elkaar herkennen ze zichzelf: mannen die zich bewust zijn van hun tekortkomingen, maar door omstandigheden gedwongen om boven zichzelf uit te stijgen. Churchills beruchte black dog, de periodes van depressie die hem zijn leven lang hebben geplaagd, komt evenwel uit de lucht vallen en blijft als drama-gegeven onbenut.

Hollywood-fictie
Ronduit ridicuul in een speelfilm die het historische gegeven benadrukt met schermgrote dagaanduidingen is de fictieve underground-scène. Op weg naar het parlement om zijn ‘we shall fight on the beaches’-toespraak af te steken stapt Churchill uit de limousine en reist het laatste stuk met de metro. Daar vraagt hij gewone Londenaars naar hun mening: vechten of onderhandelen? Vechten, zeggen ze allemaal en Churchill noemt elk bij naam in zijn historische rede.

Dat ergerlijke staaltje Hollywood-fictie is regelrechte geschiedvervalsing, van A tot Z sprookjesromantiek. Churchill stapte op 4 juni 1940 niet in de metro, de bevolking was niet strijdbaar maar doodsbenauwd en in het Londen van 1940 liepen geen West-Indische Gemenebest-onderdanen rond, al helemaal niet in een openlijke liefdesrelatie met een blanke vrouw. Die politiek correcte Disney-fantasie kost een ster.

Darkest Hour

Talent voor taal
Churchills talent was taal – in 1953 kreeg hij de Nobelprijs voor zijn geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog – en de drie historische toespraken waarmee hij de Britten geestelijk voorbereidde op een overlevingsoorlog, vormen het hart van Darkest Hour. Die zijn van Shakespeareaanse allure en Gary Oldman brengt ze navenant.

Darkest Hour is in feite een film over de kracht van taal, want Churchill, niet populair en leider van een land zonder bondgenoten of leger (wat er restte was uit Duinkerke gered), had niets anders tot zijn beschikking dan karakter en taal. Zoals de Amerikaanse radiojournalist Edward R. Murrow na Churchills toespraak van 4 juni opmerkte: “He mobilized the English language and sent it into battle”. Dat is de kortst denkbare samenvatting van dit eerbetoon aan een Brits monument.

Winston Churchill is de hoofdpersoon van menige speelfilm, docudrama of tv-serie. Afgelopen jaar nog speelde Brian Cox de man met de sigaar en het V-teken in Churchill van Jonathan Teplitzky, gesitueerd aan de vooravond van D-Day. Die heeft de Nederlandse bioscoop nooit gehaald. Darkest Hour is na Dunkirk tevens de tweede film binnen een jaar, het jaar na de Brexit, die de eilandmentaliteit van de Britten schetst. Dramatischer setting is nauwelijks denkbaar, maar buiten Oldhams Churchill blijven personages en drama flets. Dan is Durnkirk, veel bekritiseerd om zijn gebrekkige karaktertekening, toch een stuk enerverender.
 

16 januari 2017

 
MEER RECENSIES

Draken en deuntjes

***

recensie Draken en deuntjes

Draken, ridders, koningen en een eenhoorn

door Nanda Aris

Vijf verschillende verhalen voor kinderen vanaf vijf jaar waarin fantasie – naast draken, ridders en koningen – het overkoepelde thema is. 

De Belgische Arnaud Demuynck heeft vooral als producent, maar ook als regisseur en schrijver meerdere korte films op zijn naam staan. Zo maakte hij Signes de Vie (2004) en Le parfum de la carotte (2014), beide korte animatiefilms, de eerste niet voor kinderen, de tweede wel.

Draken en Deuntjes bestaat uit vijf verschillende muzikale kinderfilmpjes, van verschillende regisseurs. Dit zorgt voor afwisseling, maar ook voor minder uniformiteit.

Draken en deuntjes

Vlaams
De filmpjes in Draken en Deuntjes zijn Vlaams ingesproken, wat zorgt voor een lieve en zachte toon, maar wat wellicht ook voor onbegrip kan zorgen. Woorden als ‘pralinekes’, ‘geluimd’ en ‘troubadour’ kunnen lastige woorden zijn voor Nederlandse kinderen. Gelukkig draait het in deze filmpjes niet zozeer om de tekst, maar meer om het beeld.

De eerste korte film is van Anaïs Sorrentino, Draken en Kant (2015). Over een meisje dat thee drinkt met haar vriendinnetjes, maar liever zou vechten met haar zwaard.

De tweede korte film Drakenjacht (2015) is van Arnaud Demuynck zelf, en vertelt over een zusje dat niet met haar broertjes mee mag op drakenjacht. Het lijkt alsof het verhaal het gender neutrale debat aan wil snijden door de broertjes te laten zeggen dat hun zusje niet mee mag op drakenjacht, want ‘draken jagen is niet voor kleine meisjes’. Het wordt niet geheel opgelost, want het zusje mag nog steeds niet mee op drakenjacht, ook al vindt ze al snel haar eigen draak.

Koningen
Het derde filmpje is van Madina Iskhakova, De nachtvrouw (2015), en gaat over drie buffels en een vrouw die samenwonen in een huis. Zodra het donker wordt, zijn ze alle drie binnen en sluiten ze ramen en deuren. Maar op een avond vergeten ze een raam te sluiten.

Dit filmpje zou wel eens te spannend kunnen zijn voor kleine kinderen, de nachtvrouw is angstaanjagend, en de angst wordt aangewakkerd door de voice over die zegt: ‘Zoals alle mannen en vrouwen ter wereld waren ze bang voor de diepdonkere, sombere nacht’. Het eindigt goed gelukkig, voor de kinderen die niet halverwege afgehaakt zijn.

Draken en deuntjes

In De eenhoorn (2017) van Rémi Durin wil een koning het witte wezen, een eenhoorn, dat hij tegenkwam in het bos tijdens een wandeling, als huisdier. De muziek van dit filmpje is prachtig.
Het laatste filmpje, De wind in het riet (2016) is het langst, 26 minuten, en is wederom van Arnaud Demuynck, in samenwerking met Nicolas Liguori. Het gaat over een koning die muziek heeft verboden, de vriendschap tussen een troubadour en een meisje, en hoe zij er samen voor zorgen dat er weer muziek gespeeld mag worden in het land.

Uil
Tussen de filmpjes door spreekt er een (Fabeltjeskrant-achtige) uil, die het geheel aan elkaar praat. De uil is soms een beetje te wijs, zoals wanneer hij zegt na De eenhoorn: ‘Het is niet omdat hij de koning is dat alles van hem is, of iemands leven van hem is. Begrijp je? Niets is belangrijker dan de vrijheid’.

Een vermakelijke film voor jonge kinderen, soms een beetje (te) spannend, soms qua tekst niet geheel te begrijpen, maar de fantasie en muziek van de filmpjes zal de kleintjes meenemen in de verhalen.
 

30 oktober 2017

 
MEER RECENSIES

Detroit

****

recensie Detroit

De zomer van de haat

door Alfred Bos

De Amsterdamse burgemeester Van der Laan koos Alabama Burning als slotfilm van zijn optreden in Zomergasten. Ook Detroit van Kathryn Bigelow reconstrueert een waar gebeurd rassenincident uit de jaren zestig, nog een paar tandjes gruwelijker.

Detroit, zondag 23 juli 1967, de vroege uurtjes. Het is de Summer of Love en All You Need Is Love van The Beatles domineert de hitparades van West-Europa en Noord-Amerika. In een illegale bar in de binnenstad van Detroit klinkt The Temptations-hit uit 1966, (I Know) I’m Losing You. Er wordt gedronken, geflirt en gegokt. Buiten is het een zoele zomernacht, er zijn veel mensen op straat.

Voor de achterdeur staat politie, klaar voor een inval. Maar de deur zit op slot, wrikken helpt niet. Dan maar, in vol zicht van het volk op straat, door de voordeur. Binnen ontsteltenis, geschreeuw, klappen. De arrestanten, ook de vrouwen, worden hardhandig afgevoerd. De arrestantenbusjes zijn laat. Het straatvolk mort. Eerst scheldwoorden. Vervolgens stenen. Dan molotovcocktails. Het loopt uit de hand. Totaal.

Detroit

Weinig Summer of Love in het Amerika van juli 1967. Wat naderhand bekend is komen te staan als de 12th Street Riot – die vijf dagen duurde, meer dan tweeduizend gebouwen in de as legde en 43 mensen het leven kostte, plus 1189 gewonden en 7200 arrestanten opleverde – was slechts een van de 159 rassenrellen die de Verenigde Staten tijdens die ‘zomer van de liefde’ teisterden.

Alarmpistool
De speelfilm Detroit van Oscar-winnares Kathryn Bigelow (The Hurt Locker, nominatie voor Zero Dark Thirty) is gebaseerd op feiten en persoonlijke getuigenissen. Hij vertelt het verhaal van het Algiers Motel-incident, waar enkele blanke agenten, niet gehinderd door de staatspolitie noch de troepen van de Nationale Garde, een aantal Afro-Amerikaanse mannen en twee jonge blanke vrouwen urenlang terroriseerden. Drie mannen werden in koelen bloede doodgeschoten. De agenten kwamen twee jaar later voor de rechter en werden vrijgesproken.

Centraal in het zenuw vretende verhaal staan Larry Reed (Algee Smith), zanger van de soulgroep The Dramatics, en Philip Krauss (de Engelse acteur Will Poulter), een blanke agent; in de proloog leren we hem kennen als overijverig wanneer hij – tegen de orders in – een plunderaar in de rug schiet. Tussen die twee polen navigeert Melvin Dismukes (Star Wars-ster John Boyega), een Afro-Amerikaan in uniform; hij is privébewaker.

Op de derde dag van de rellen wordt een optreden van The Dramatics op het laatste moment door de politie afgebroken en wanneer onderweg naar huis hun bus door relschoppers wordt aangevallen, besluiten Reed en zijn vriend Fred Temple (Jacob Latimore) de onrust uit te zitten in het Algiers Motel. Daar ontmoeten ze twee jonge blanke vrouwen, Julie (Hannah Murray, Game of Thrones) en Karen (Kaitlyn Dever, Justified), en hun Afro-Amerikaanse vrienden. Een van hen schiet als geintje met een alarmpistool uit het raam en bij de ordehandhavers (lokale politie, staatspolitie, leger) slaan de stoppen door.

Omstandige expositie
Bigelow neemt de tijd om de context van het historische voorval, de sociaaleconomische omstandigheden en psychologie van de voornaamste personages inzichtelijk neer te zetten. In de proloog geeft ze via animaties een sociale mini-geschiedenis van Amerika: voor de Tweede Wereldoorlog trekken Afro-Amerikanen vanuit het verarmde zuiden naar de industriesteden in het noorden, waar na de oorlog de blanke bevolking verkast naar de nieuwe buitenwijken en het centrum langzaam verpaupert. Er tikt een bom en die klapt in de zomer van 1967.

Detroit

De tweede akte, het Algiers Motel-incident, vormt het hart van de film en is, ook voor de filmkijker, een claustrofobische en zenuwslopende ervaring. Het is nagenoeg in real-time en quasi-documentair gefilmd. Bigelow heeft er doelbewust voor gekozen om de camera geen seconde rust te gunnen – de acteurs konden niet tegen de camera spelen en het hield hen scherp, ze wisten niet wat ze konden verwachten – waardoor de stress en angst van de personages onverdund overslaat op de toeschouwer. Veel dramatischer wordt drama niet.

Vijftigste verjaardag
De derde akte, de afwikkeling en de rechtszaak, voelt daardoor een beetje als mosterd zonder pit, al is de bijna onvermijdelijke uitkomst, vrijspraak voor de moordende agenten, zuur genoeg. Detroit kwam in Amerika uit op de vijftigste verjaardag van het incident. Dat actuele haakje heeft de film niet nodig, want de krant leert wekelijks dat er een halve eeuw later qua racisme en geweld bij de Amerikaanse politie, en het rechtssysteem, geen bloedspat is veranderd.

Detroit is de rellen nooit te boven gekomen, Larry Reed ook niet. De auto-industrie stortte in, Motown Records verhuisde naar Los Angeles en de stad verpauperde. Detroit werd een spookstad, symbool van industrieel verval. (I Know) I’m Losing You van The Temptations is uitgegroeid tot klassieker. En The Dramatics werden een hit-act, maar zonder Reed. Die dirigeert nog altijd het lokale kerkkoor.
 

26 september 2017

 
MEER RECENSIES