De Gaulle: Liberté

****
recensie De Gaulle: Liberté
Vervolg maakt epische status waar

door Jochum de Graaf

De Gaulle: Liberté – het vervolg van De Gaulle: Résistance – begint op drie fronten. Het is januari 1943. In de hitte van de Fezzan-woestijn in Libië bereidt generaal Philippe Leclerc zich voor om zich met zijn colonne van Vrije Fransen aan te sluiten bij de geallieerden in de strijd tegen de Duitsers in Noord-Afrika. In Londen en Washington zijn er besprekingen voor de conferentie van Casablanca later die maand, de geheime top waar de Amerikanen en de Britten hun militaire strategie willen bepalen. En in het winterse Lyon probeert hoge ambtenaar Jean Moulin in opdracht van De Gaulle het Franse verzet van links tot rechts met elkaar te verenigen.

De eigenzinnige Philippe Leclerc gaat zich aansluiten bij het Britse Achtste Leger. De colonne is dan al twee jaar bezig met een opmars vanuit de Sahara. Als ze in maart 1941 de Italiaanse Kufra-oase innemen, leggen ze de legendarische Eed van Kufra af waarbij ze zweren de wapens pas neer te leggen wanneer de Franse driekleur op de kathedraal van Straatsburg wappert. Later in de oorlog landen de troepen in Normandië en hebben een groot aandeel in de bevrijding van Parijs, augustus 1944.

De Gaulle: Liberté (foto: Malgosia Abramowska)

Gedeeld leiderschap van het Franse verzet
Jean Moulin, de jongste prefect van Frankrijk, slaagt er met buitengewone moed en tact in het communistische, socialistische en rechts-nationalistische verzet met elkaar te verenigen. In juni 1943 wordt hij door verraad in eigen kring door de Gestapo opgepakt en dagenlang gemarteld, maar hij breekt niet en zal later op weg naar Duitsland overlijden aan zijn verwondingen. Het lot van Moulin is van doorslaggevende betekenis voor de positie van De Gaulle als onbetwiste leider van het Franse verzet.

Ten aanzien van met name de Amerikanen bevindt De Gaulle zich in een lastig parket. In vrij eenzame ballingschap in het Londense Hampstead wordt hij geconfronteerd met een diep wantrouwen van Roosevelt persoonlijk, die in hem niet de onbetwiste leider van het Franse verzet ziet. Hij heeft een voorkeur voor de meer meegaande generaal Giraud, de bevelhebber van de Franse troepen in Noord-Afrika. Bovendien ziet hij voorziet hij voor Frankrijk maar een zeer beperkte rol in het naoorlogse Europa. Er is een voorstel om het land onder Amerikaans gezag te brengen. De Gaulle wordt niet eens in de voorbereidingen op D-Day betrokken.

De Gaulle blijft straf bij zijn eis van een volledige erkenning van de Franse onafhankelijkheid. Roosevelt en in zijn kielzog Churchill weten de rivalen De Gaulle en Giraud tot een soort gedeeld leiderschap van het Franse verzet te dwingen. Het is een ijzig fotomoment als de mannen elkaar onder die zware druk de hand schudden.

Haat-liefdeverhouding tussen De Gaulle en Churchill
Hoewel de namen, data en gebeurtenissen over elkaar heen buitelen zijn de diverse verhaallijnen van de film dankzij een uitnemende montage goed te volgen. De krijgshandelingen in Afrika worden spectaculair in beeld gebracht, de spannende ontwikkelingen bij het verzet zijn goed van sfeer en de diplomatieke verwikkelingen zijn ondersteund door het goed gekozen archiefmateriaal uitermate geloofwaardig.

In deel 1, De Gaulle: Résistance, wordt De Gaulle als een soort Don Quichot neergezet. Ik stoorde me een beetje aan die koketterie die kolderieke scènes opleverde. De Gaulle die na een noodlanding in een besmeurd militair modderkostuum een rare competentiestrijd voert met een hogergeplaatste generaal. In Liberté wordt dit beeld scherp gecorrigeerd en ontpopt hij zich tot een machtspoliticus die de belangrijke ontwikkelingen naar zijn hand weet te zetten. Let eens op de soevereine manier waarop hij in vergadering met de hoogste leiders van het Franse verzet zijn tegenstrever Giraud buitenspel weet te zetten.

Heel sterk uitgewerkt is ook de haat-liefdeverhouding tussen De Gaulle en Churchill: de steile, ascetische militair van bijna twee meter De Gaulle versus de kleine flamboyante bolronde Churchill met bolknak en cognac. Het is ook een geweldig acteerduel tussen de twee Simons, Akbarian (De Gaulle) en Russell (Churchill).

Grote verdienste van het tweeluik is dat het een genuanceerd nieuw licht werpt op een belangrijke episode van onze geschiedenis. De onbekende strijd in Afrika, veldslagen als de Slag bij Birkheim, de Eed van Kufra en niet te vergeten de belangrijke rol van de van de Afrikaanse en Arabische militairen in het Franse leger, zijn lang onderbelicht gebleven.

De Gaulle: Liberté (foto: Malgosia Abramowska)

La Bataille de Gaulle – zoals het tweeluik van Antonin Baudry wordt genoemd – krijgt ook betekenis als goed inzicht in de recente geschiedenis van Frankrijk. Met in het huidige politieke speelveld met een opnieuw een wispelturig Amerika en de tekening van het sterk gepolariseerde politieke landschap in Frankrijk zou je kunnen zeggen dat de film ook te zien is als een interessante vooruitblik op de presidentsverkiezingen van volgend jaar.

Ten onrechte ondergewaardeerd
In Frankrijk kende De Gaulle: Résistance aan het begin van de zomer nog een stroeve start, met aanvankelijk nog geen half miljoen bezoekers (in Nederland trok de film tot nu toe ruim 40.000 bezoekers). Inmiddels zijn beide films echter uitgegroeid tot de absolute zomerhit in de Franse bioscopen. Nadat de release van De Gaulle: Liberté werd vervroegd om samen te vallen met ‘Fête du Cinéma’ – waarbij tickets vier dagen lang slechts 5 euro kostten – volgde de definitieve doorbraak. Het tweeluik is inmiddels op weg naar de zes miljoen bezoekers, waarmee De Gaulle deze zomer uitstekend kon wedijveren met blockbusters als The Odyssey en Spider-Man.

De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ook ik deel 1 ernstig ondergewaardeerd heb met een heel zuinige twee sterren. Met de komst van deel 2 is mijn oordeel omgeslagen en geef ik vier sterren, waarmee het eindoordeel van beide films op minstens drie sterren uitkomt.

 

13 september 2026

 

Lees hier De Gaulle: Résistance

 

ALLE RECENSIES

Downhill (1927)

De Herfst van de Stomme Film
Deze september blikken we in De Herfst van de Stomme Film terug op klassiekers uit de maanden voordat The Jazz Singer in oktober 1927 de geluidsfilm inluidde. Een laatste oogst van tien films voordat Hollywood begon te praten. Hieronder de tweede film.

 

Downhill (Groot-Brittannië, mei 1927)
Alfred Hitchcock en het ultieme offer

door Tim Bouwhuis

Enkele maanden voordat The Jazz Singer in de Verenigde Staten het huwelijk tussen beeld en geluid inluidde, verscheen aan de overzijde van de Atlantische Oceaan Alfred Hitchcocks Downhill. De zogenoemde ‘Master of Suspense’ behoeft ongetwijfeld geen nadere introductie, maar deze film waarschijnlijk wél.

Downhill is een stuk minder bekend dan The Lodger: A Story of the London Fog, de thriller die Hitchcock direct daarvoor opnam. Wie beslag weet te leggen op de Criterion-uitgave van de “eerste échte Hitchcock”, zoals de regisseur hem zelf beschouwde, krijgt als extraatje ook (het nota bene langere) Downhill te bekijken. Sinds 2012 zijn de twee titels dankzij het Britse Filminstituut in een gerestaureerde versie beschikbaar. Ivor Novello, de acteur die in beide films de hoofdrol opeist, schreef mee aan het toneelstuk dat aan de basis lag van het scenario.

Downhill (Groot-Brittannië, mei 1927)

Ditmaal geen moord
Dat de status en gemiddelde waardering van Downhill duidelijk onderdoet voor die van zijn ‘companion piece’, heeft er in elk geval mee te maken dat de film een stuk minder herkenbaar is als een typische Hitchcock-thriller (waarvan de Brit er nog tientallen zou maken). Het verhaal begint niet met een moord, maar met een vermeende vrijpartij. Een schijnbaar onschuldige flirt tussen een winkelbediende en een welgestelde scholier loopt uit de hand als de scholier niet op haar avances ingaat, en zij naar de directeur van zijn prestigieuze kostschool toestapt.

Hitchcock kennende zou je denken dat het verhaal draait om wat er écht tussen het meisje en de scholier is voorgevallen, maar in Downhill slaat de regisseur eerder de weg van het psychologische drama in. Hoofdpersoon Roddy (Novello) krijgt de schrik van zijn leven als niet zijn boezemvriend Tim, maar hijzelf door de bediende als aanrander wordt aangewezen. Ieder ander zou de schuld meteen doorschuiven, zo niet Roddy: de twee hebben namelijk afgesproken om voor elkaar door het vuur te gaan, en Tim maakt aanspraak op een grote studiebeurs. Een schorsing zou een streep zetten door zijn toekomstplannen, en dus besluit Roddy om de schuld op zich te nemen en zo een ultiem offer te brengen.

#MeToo avant la lettre
Over Hitchcocks diepgewortelde fascinatie en angst voor vrouwen zijn volwaardige studies verschenen, en wat dat betreft raakt Downhill dus wel degelijk aan thematiek die in het latere oeuvre van de regisseur veelvuldig zou opduiken. De vrouw die het leven van Roddy op zijn kop zet is geen gelaagd personage, maar puur en alleen degene die zijn noodlot activeert. Bijna honderd jaar voordat #MeToo zou leiden tot complexe discussies over de dynamiek tussen beschuldigen en daadwerkelijk schuldig zijn (lees: hoe kan een man die door een anonieme bron van grensoverschrijdend gedrag wordt beschuldigd zichzelf verdedigen?), liet Hitchcock alvast een (zijn?) nachtmerrie van een onterechte beschuldiging uitkomen.

De beeldtaal die de regisseur hanteert om de afdaling naar de krochten van Roddy’s ziel uit te drukken is niet al te origineel, maar wel doeltreffend. We zien de hoofdpersoon via de roltrap afdalen richting een perron van de Londense metro, met zijn leven gaat het vanaf dat moment verder ‘downhill’ en het schaduwspel dat de regisseur op zijn kader loslaat maakt de invloed van het Duitse expressionisme tastbaar. Niet mis te verstane tussenteksten als “de wereld van doen alsof” en “de wereld van verdwenen illusies” dienen op gezette momenten als Hitchcocks cynische commentaar op de wereld waarin Roddy er nu zielsalleen voorstaat.

Downhill (Groot-Brittannië, mei 1927)

Denken in mogelijkheden
Twee jaar na Downhill zou Hitchcock met Blackmail komen, de stille film die vanwege zijn integratie van geluidseffecten zijn overgang naar de geluidsfilm markeert. Downhill is een mooi bewijs dat de regisseur in de nadagen van de ‘stille’ periode absoluut niet in beperkingen dacht. De tussenteksten zijn beperkt tot een minimum (en bieden regelmatig dus eerder een commentaar óp de plot dan een uitleg ván de plot) en de pianoscore legt toepasselijke accenten, bijvoorbeeld als een van de personages voor de grap een ander laat schrikken. Hitchcock weet precies hoe hij visueel kan uitdrukken welke prijs Roddy voor zijn eed van loyaliteit moet betalen.

Het is jammer dat Downhill ruwe afslagen neemt in de afwikkeling van de plot; zo krijgt de hoofdpersoon op het dieptepunt van zijn neerslachtigheid plotsklaps een erfenis in de schoot geworpen en past de ‘eind goed al goed’-benadering van de slotakte maar matig bij de cynische bespiegelingen die daaraan vooraf gaan. Toch is het niet per definitie terecht dat de film in geen enkele academische of cinefiele canon van Hitchcocks beste of belangrijkste films een voorkeursbehandeling krijgt. Ondergetekende kan het weten, want initieel zou dit stuk over The Lodger gaan. Uiteindelijk kwam ik via een omweg bij Downhill uit, een Hitchcock die ik zelf ook nog niet kende en anders misschien zelfs nooit zou hebben gezien.

Nieuw tijdperk
En Ivor Novello? Toen Hitchcock zijn eerste geluidsfilms begon te produceren en zijn status als thrillerregisseur een verdere vlucht nam, groeiden de maker en zijn hoofdrolspeler (die in de eerste plaats een bekende naam op West End was) creatief uit elkaar. In de meer spektakelgerichte films (denk aan Sabotage) die de Brit al vanaf halverwege de jaren dertig afleverde, zou Novello wellicht sneller hebben misstaan, al zullen we dat door de loop van de geschiedenis nooit met honderd procent zekerheid kunnen zeggen.

Met de loopbaan van de acteur en schrijver ging het overigens ook niet ‘downhill’: in de jaren dertig en veertig bracht Novello de ene na de andere romantische musical op de plank. Regisseur én acteur vonden zo elk hun eigen weg in het nieuwe tijdperk dat door The Jazz Singer zou worden aangekondigd.

Deze film is gratis te zien op YouTube.

 

6 september 2026

 

THEMAMAAND ‘De Herfst van de Stomme Film’

The Desert of the Real

****
recensie The Desert of the Real
Hoe weten we wanneer iets echt is?

door Ralph Evers

Nietzsche’s Overmens (Übermensch) wist het al: alles is relatief, er is geen vaste grond waar vanuit we de wereld waarnemen. De protagonisten in The Desert of the Real hebben allen de wereld vanuit een psychotische staat waargenomen. Kenmerkend voor een dergelijke ervaring is dat alle vaste waarheden vloeibaar worden.

The Desert of the Real (De woestijn van het ware) roept als titel een vraag op en maakt een statement. Wij postmodernen zijn al langere tijd aangekomen in de relatief ware wereld. Niemand heeft de absolute kennis in handen.

The Desert of the Real

Een documentaire over psychosen met een filosoof, Wouter Kusters, roept al gauw diepe vragen op. Terecht. Neem daarbij een kunstenaar, muzikant en een psycholoog, en je alledaagse denken wordt even goed op de helling gezet.

De titel roept een associatie op: The Desert of the Reel (De woestijn van de filmrol). De filmrol is de illusie en schijnwerkelijkheid bij uitstek. Het lijkt zo echt, het is zo nep. Ook documentaires ontkomen hier niet aan, door alleen dat te laten zien wat de boodschap wil overbrengen. Woorden, beelden, ervaringen, de wereld blijkt helaas zo complex, ze is nimmer te vangen. Een metapositie binnen een pararealiteit – van het Griekse para: afwijkend van; in dit geval: afwijkend van de alledaagse perceptie van ‘s werelds realiteit.

Denk opnieuw
Maar misschien ervaren we als mens iets van die complexe totaliteit, wanneer we in een psychotische staat geraken. Althans, dat vermoeden kon je weleens bekruipen wanneer je naar de mensen luistert die centraal staan in deze documentaire van Luuk Bouwman. Zes mensen komen aan het woord: filosoof Wouter Kusters, kunstenares Ine Poppe, muzikant Simon van den Berg, psycholoog Jan Gerrit Schuurman, ervaringsdeskundige Calypso Marengo en de psychiatrisch verpleegkundige Eloy Vos.

Tussen de openhartige onthullingen en interviews krijgen we prikkelende citaten uit Alice in Wonderland van Lewis Carroll en ensceneringen van de ervaringen die treffend resoneren bij de sterk idiosyncratische ervaringen van een ieders psychotische episode(n). Om dat eigene van ieders unieke ervaring van hun psychosen naar voren te brengen, worden de interviews afgewisseld met kleurrijke decors, Halsman-achtige droomtaferelen en Magritte-achtige logica. Die eindeloos complexe wereld, een stukje daarvan, temidden van de optimale optische illusie die film is, om een ervaring over te brengen. Daarin zou je een poging tot metanoia kunnen zien, wat vertaalt kan worden naar: denk opnieuw, een verandering van inzicht, perspectief.

Afwijken van ‘de norm’
Wat spreekt is de alledaagsheid van pech in het ontwikkelen van een psychose. Zo vertelt Ine hoe vrije seks bij haar leidde tot zwangerschap, waarna een nieuw vriendje losse handen had, haar financiële situatie noopte tot werken en haar jonge leeftijd van 22 haar deed denken: ‘Dat doe ik wel effe.’ Of Calypso, die van Suriname in Limburg neerstreek, uitblonk op het atheneum en geconfronteerd werd met de plotselinge dood van haar broertje. Of krijg je de verleiding als kijker om bij filosoof Wouter – die zulke grote verbanden en betekenissen zag dat alles wat er te zeggen valt over de wereld te vatten is in één punt – te denken: het zat er blijkbaar altijd al in! Of: wat een genie, toen al!

De regisseur, Luuk Bouwman, heeft nergens gepoogd deze documentaire als een objectief verslag van psychosen te maken. Dat lijkt me een juiste keuze en vorm. De focus ligt op de zes hoofdpersonen, de psychiatrie zelf komt slechts zijdelings aan bod. Meest nog de dubbelfunctie van de psychiatrie: enerzijds de patiënt beter maken, anderzijds de samenleving veilig houden.

Hier zou een klein uitstapje naar andere culturen ons kader kunnen verruimen. Een noodzakelijke verruiming te midden van een steeds benauwender omgang in onze maatschappij met dat wat afwijkt van ‘de norm’. Neem de toename aan ‘verwarde personen’, of ‘trauma’.

The Desert of the Real

‘Een psychose is een normale reactie op een gestoorde maatschappij’
Uit mijn studie psychologie herinner ik me dat in andere landen, zoals Japan en meerdere Afrikaanse landen, psychose in een heel ander perspectief wordt gezien. Zo zou je in Japan ‘geraakt’ zijn door een van de Goden uit hun pantheon en richt de behandeling zich meer op de ermee gepaard gaande angstklachten.

Eloy Vos – wiens leven langzaamaan ontregelde tot het zodanig in onbalans raakte dat hij psychotisch wordt – stelt: ‘Een psychose is een normale reactie op een gestoorde maatschappij.’ Ook Ine grossiert in ervaringen die je naast de psychotische ervaring in deze samenleving doet staan: ‘Je voelt je als mens mislukt als je wordt opgenomen.’

Het siert deze documentaire om aan deze mensen en hun ervaringen een stem te geven.

 

9 augustus 2026

 

ALLE RECENSIES

De Gaulle: Résistance

**
recensie De Gaulle: Résistance
Karikaturaal beeld van Franse verzetsheld

door Jochum de Graaf

In 2020, vijftig jaar na zijn dood, verscheen een aantal speelfilms, dramaseries en documentaires over het leven en de politieke erfenis van Charles de Gaulle. Met De Gaulle: l’éclat et le secret, De Gaulle: histoire d’un géant, Becoming De Gaulle en eerder al met Le grand Charles (2006) werd een stevige traditie van mythe- en legendevorming in gang gezet. De heldenverering van de Franse generaal die verzetsheld werd en van 1959 tot 1969 de eerste president van de door hem geconstitueerde Vijfde Franse Republiek.

Nu is er, gebaseerd op het boek A Certain Idea of France: The Life of Charles de Gaulle van de Britse historicus Julian Jackson, een tweeluik van Antonin Baudry dat ten doel heeft met een frisse blik en nieuwe inzichten De Gaulle te ontmythologiseren en tot meer menselijke proporties terug te brengen.

De Gaulle: Résistance

Verzetsheld in Londen
In dit eerste deel, De Gaulle: Résistance, beginnen we met de aanval van de Duitsers op Frankrijk. Na de bezetting van Nederland en België is dit voor Hitler de hoofdprijs voor zijn heerschappij over het Europese vasteland. Parijs valt na een verrassend snelle opmars zonder een schot te lossen en op 22 juni 1940 wordt de wapenstilstand gesloten.

De nieuwe premier, maarschalk Pétain, vestigt in het onbezette zuidelijke deel van Frankrijk zijn Vichy-regime dat openlijk collaboreert met de Duitsers. Ook de geallieerden werken aanvankelijk samen met Pétain, vooral vanwege de machtige Franse vloot onder leiding van admiraal Darlan. De dan nog vrij onbekende generaal Charles de Gaulle verzet zich tegen het Vichy-regime, vlucht naar Londen waar hij leiding geeft aan de beweging van Vrije Fransen. Daar groeit hij uit tot de grote verzetsheld die een sterk leger op de been weet te krijgen en uiteindelijk via de Franse koloniën in Afrika met de geallieerden tegen de Duitsers de strijd aanbindt en na de oorlog in Frankrijk aan de macht komt.

Regisseur Baudry heeft de historische ontwikkelingen nauwkeurig gevolgd. Het zal ongetwijfeld met zijn achtergrond als diplomaat te maken hebben dat hij zich concentreert op de verhouding van De Gaulle met Churchill en de strijd om in de gunst te komen bij de geallieerden.

Het kostte nogal wat moeite om zich een positie bij met name de Amerikanen te verwerven, die de eerste jaren maar weinig onder de indruk waren van zijn leger in opbouw en op de wereldzeeën geconfronteerd werden met de machtige Franse marine onder leiding van admiraal Darlan, die toen nog aan de kant van Pétain stond.

De gebeurtenissen en verwikkelingen lenen zich goed voor doorwrochte studies en documentaires, ze in beeld brengen in een speelfilm is nogal een opgave. ‘Erken me en ik vorm een overwinningsleger’, zegt De Gaulle tegen Churchill als hij zich in Londen vestigt. Met zijn eigenzinnige en arrogante optreden jaagt hij Churchill en Roosevelt regelmatig tegen zich in het harnas.

Groot ego
Hij heeft nogal een groot ego, spreekt over zichzelf in de derde persoon. Op bezoek in Afrika wanneer hij gewaarschuwd wordt voor het gevaar van malaria reageert hij stoïcijns: ‘De muggen prikken generaal De Gaulle niet.’ Hij vereenzelvigt zich met de legendarische koning Clovis, met Jeanne d’Arc, met de grandeur van de Franse beschaving.

Maar De Gaulle is een weinig empathisch figuur, geen enthousiasmerende man van vlees en bloed. Als zijn vrouw en dochter op bezoek komen, is er een stijve formele begroeting en kan er niet meer dan een korte omhelzing van af. Het lijkt er zeker in die begindagen op alsof hij alles in zijn eentje doet, een eenzelvige figuur die vanuit zijn krappe kantoor in Hampstead de strijd met de hele vijandige wereld om hem heen aanbindt.

Baudry probeert dat wat op te leuken door als adjudant de fictieve Poolse loodgieter Blazej op te voeren, een rol die doet denken aan café-eigenaar René uit de serie ‘Allo ‘Allo!. En speciale gezant René Pleven die met een strategisch goed opgezette missie in Afrika de Franse gouverneurs aan de kant van de Vrije Fransen weet te krijgen, lijkt in eerste instantie nogal op een Kees van Kooten-typetje.

In interviews heeft Antonin Baudry aangegeven dat hij De Gaulle tot op zekere hoogte als een soort Don Quichot ziet. De Frans-Armeense acteur Simon Abkarian (hij speelde onder andere in de James Bond-film Casino Royale) zet de onverzettelijkheid van De Gaulle met zijn rechtlijnige militaire ethiek overdreven neer. Dat werkt onbedoeld komisch en wordt soms ronduit potsierlijk.

De Gaulle: Résistance

Als hij per schip naar Kameroen reist, om de aansluiting van de kolonie aan de Vrije Fransen te vieren en de controle over te nemen, kan het schip door ongunstig tij en zandbanken voor de kust niet in de haven van Douala aanmeren. Er wordt geprobeerd bemanning met de kleinere boten aan land te brengen, maar De Gaulle besluit in vol ornaat overboord te stappen en schrijdt met die kenmerkende kepie en rijlaarzen door de branding en klimt bemodderd op de kade.

Technisch knap gemaakt
Technisch steekt De Gaulle: Résistance knap in elkaar en Volker Bertelmann (Im Westen nichts Neues) schreef een zeer pakkende soundtrack. Met een groot budget van 74 miljoen euro kon Baudry fors uitpakken met imposante opnamen, locaties, decors en enscenering. Grote gebeurtenissen – zoals de in Europa weinig bekende Slag bij Bir Hakeim, de zeeslag om de haven van Dakar, waarbij de Vrije Fransen samen met de Britten vochten tegen de Vichy-vloot, het latere bombardement van de Britten op die vloot bij het Algerijnse Mers-el-Kébir met bijna 1.300 Franse slachtoffers – zijn gebruikmakend van archiefbeelden en nieuw opgenomen scènes met veel verve in beeld gebracht. Historisch gezien is het allemaal kloppend.

Dat geldt in mindere mate voor de figuur van Fernand Bonnier de La Chapelle (rol van opkomend talent Florian Lesieur), de jonge student die we vanaf het begin van de film zien groeien in zijn verzet tegen het Vichy-regime. Die was niet de grote studentenleider die Baudry van hem maakt, en ook de affaire met de Joodse Livia heeft in werkelijkheid niet plaatsgevonden. Het merkwaardige is vooral dat het verhaal van Fernand een soort film in de film is, geheel los staand van het verhaal van De Gaulle. Pas op het eind wordt de link duidelijk als Fernand een historische daad pleegt die van doorslaggevende betekenis is voor de rol die De Gaulle na de oorlog zal gaan spelen. Het is de cliffhanger voor deel 2.

In De Gaulle: Résistance krijgen we een wat oppervlakkig, karikaturaal beeld van Le Grand Charles en blijft een groot deel van de mythe intact. Mogelijk dat dit beeld nog omslaat. Volgende maand verschijnt De Gaulle: Liberté, al zal dat met dik 2,5 uur ook weer een hele zit worden.

 

5 augustus 2026

 

Lees hier De Gaulle: Liberté

 

ALLE RECENSIES

Des preuves d’amour

***
recensie Des preuves d’amour
Dossier van toekomstige liefde

door Małgorzata Zielińska

Vijftien schriftelijke getuigenissen. Dat is wat Céline nodig heeft om juridisch moeder te worden van het kind dat haar partner Nadia draagt. Na haar César-winnende korte film L’Attente (Expecting, 2022) maakt Alice Douard haar speelfilmdebuut met Des preuves d’amour, een toegankelijke film over queer ouderschap kort na ingang van het homohuwelijk in Frankrijk in 2013.

Die getuigenissen liggen aan de basis van Des preuves d’amour. Het verhaal put uit de persoonlijke ervaringen van regisseur en scenarioschrijver Alice Douard, die zelf haar geschiktheid als ouder moest aantonen voor de dochter die haar vrouw droeg. Die persoonlijke achtergrond maakt de personages opvallend geloofwaardig.

Des preuves d’amour

De film volgt club-dj Céline (Ella Rumf) tijdens haar zoektocht naar getuigenissen. Een van de moeilijkheden waarmee ze wordt geconfronteerd, is de langdurige afwezigheid van haar moeder, een beroemde pianiste, gespeeld met opmerkelijke natuurlijkheid door Noémie Lvovsky. Céline heeft haar moeder nu nodig om zelf als moeder erkend te kunnen worden. Die moeder koos jarenlang voor haar carrière als pianiste boven een actieve rol in het leven van haar dochter.

Wat we als kijkers krijgen, is een vakkundig gemaakte film die sterke, onafhankelijke en moderne vrouwen toont. Nadia (Monia Chokri), zes maanden zwanger, gaat naar clubs, vermaakt zich, mist het roken, verlangt lichamelijk naar haar partner, maar is ook kwetsbaar en onzeker over haar toekomstige rol als moeder.

Innerlijke reis door Parijs
Het camerawerk volgt Céline dynamisch tijdens haar tocht door Parijs. Haar reis door de stad kan worden gelezen als een zoektocht naar zichzelf in een periode waarin de naderende geboorte van haar eerste kind haar leven en identiteit ingrijpend zal veranderen.

Tegelijkertijd blijft de camera vaak lang op haar gezicht gericht, waardoor de kijker niet alleen haar fysieke, maar ook haar emotionele reis van dichtbij meemaakt. Er zijn niet veel dialogen in de film. Door deze stijl kan de kijker eigen gevoelens en gedachten op Céline projecteren. De film geeft de kijker de ruimte om samen met het hoofdpersonage antwoorden te zoeken op vragen als: hoe bouw je een relatie op met een afwezige ouder? Hoe bereid je jezelf voor op de komst van een eerste kind? En mag je bang zijn wanneer je op je eerste kind wacht?

Het feit dat twee van de hoofdpersonages muzikanten zijn, maakt van de muziek bijna een personage op zich. Van de klassieke pianomuziek van Céline’s moeder, die haar gedachten en gevoelens uitdrukt wanneer woorden tekortschieten, tot de moderne elektronische muziek van Céline. Het vormt een aanvulling op een verhaal waarin muziek vaak even belangrijk is als dialoog.

Opvallend is dat moeder en dochter juist tijdens het musiceren het meest zichzelf lijken. De moeder achter de piano, Beethoven spelend, en Céline achter haar mengpaneel als dj: beiden hebben volledige controle over hun eigen muzikale wereld en lijken zich daarin af te sluiten van anderen. Toch suggereert de film ook een verschil tussen de twee: Céline is even onafhankelijk en even sterk als haar moeder, maar kiest ervoor meer aandacht te hebben voor de behoeften van de mensen om haar heen.

Des preuves d’amour

Geen ongemakkelijke vragen
Wanneer de queer vrouwen met moeilijke situaties worden geconfronteerd of familieleden vragen stellen die soms als indringend worden ervaren, worden deze conflicten snel opgelost. Het lijkt alsof de regisseur de moeilijke of verdrietige emoties niet wil oproepen bij de kijker. Daardoor voelt de film soms als een crowdpleaser, maar ook volwassenen hebben af en toe behoefte aan een sprookje.

De film is niet overdreven sentimenteel en bevat verschillende komische momenten, zoals de scène met een arts die beleefd en respectvol probeert om te gaan met een queer koppel dat een kind verwacht, maar daarbij juist steeds onhandigere opmerkingen maakt.

Voor kijkers die vooral een positieve en aangename filmervaring zoeken, is Des preuves d’amour een geslaagde keuze. Wie echter meer inzicht wil krijgen in de complexiteit van het dagelijkse leven van queer gezinnen, zou kunnen vinden dat de film de werkelijkheid enigszins verzacht. Conflicten en kwetsende opmerkingen worden zelden uitgediept, waardoor hun emotionele gevolgen minder zichtbaar blijven dan ze in het echte leven vaak zijn.

Met haar speelfilmdebuut wilde Douard een breed publiek aanspreken door de nadruk te leggen op vreugde en liefde. Die keuze resulteert in negentig minuten toegankelijke cinema, gedragen door sterk acteerwerk en een boeiend verhaal. Tegelijkertijd blijft de film daarmee wat aan de veilige kant. Des preuves d’amour is een plezierige kijkervaring, maar laat de meeste kijkers waarschijnlijk niet achter met inzichten of emoties die nog lang nazinderen.

23 juli 2026

 

ALLE RECENSIES

Los domingos

***
recensie Los domingos
Geloof brengt troost én verwarring

door Cor Oliemeulen

Ainara wil non worden. Ze is 17 jaar en twijfelt geen moment. “God houdt van mij en heeft me geroepen. Het is heel gemakkelijk om me over te geven aan zo’n mooie liefde.” Haar familie probeert haar keuze te respecteren, maar vraagt zich tegelijk af of Ainara niet in de ban is geraakt van iets waarvan ze de gevolgen nog nauwelijks overziet.

Los domingos trok in Spanje bijna 700.000 bezoekers naar de bioscoop en werd overladen met filmprijzen. Dat is opvallend voor een drama met een dergelijk thema. Terwijl in Europa en Noord-Amerika de actieve beleving van het katholieke geloof steeds verder afneemt, krijgt de ‘radicale’ keuze van jonge vrouwen voor een sober kloosterleven tegenwoordig juist veel aandacht. Het bewust of onbewust afzetten tegen een moderne cultuur van individualisme, consumptie, datingapps en voortdurende online zichtbaarheid is voer voor sociologen, journalisten én filmmakers.

Los domingos

Spanningen in de familie
Filmmaakster Alauda Ruiz de Azúa voert Ainara (debutant Blanca Soroa) op als een meisje dat alles goed op een rijtje heeft. Ze oogt vriendelijk, zingt in een koor, is verliefd op een van de mannelijke leden, maar zoekt haar grote liefde liever in het klooster. Haar moeder is op jonge leeftijd overleden en haar vader benadert de keuze van zijn dochter vooral zakelijk en afstandelijk. Spanningen in de familie die voorheen werden vermeden, steken nu plots de kop op, en het lijkt alsof iedereen een positie moet innemen. Wat volgt is een reeks gesprekken, stiltes en milde confrontaties. Die ingetogen aanpak past bij de film, al had iets meer drama en emotie hier niet misstaan.

Misschien wel de belangrijkste en sterkste rol in Los domingos heeft tante Maite (Patricia López Arnaiz), met wie Ainara de beste band heeft. Ze hebben mooie, zinvolle gesprekken. Maite wil begrijpen zonder te oordelen, maar tegelijkertijd wijst ze haar nichtje op haar weggegooide toekomst. Ze is nog zo jong en moet nog veel van de wereld ontdekken. Waarom gaat ze niet eerst een paar jaar studeren in het buitenland? Waar Maite steeds meer emotioneel betrokken raakt, wordt Ainara steeds standvastiger in haar keuze.

Spanje als decor
Ainara blijft vrij ongrijpbaar. Ze veroorzaakt onderhuidse spanningen in haar omgeving en dient als een spiegel waarin anderen zichzelf tegenkomen. Dat de film zich afspeelt in Spanje, en daar zo succesvol is, maakt Los domingos extra interessant.

Na decennia van het door Franco opgelegde katholicisme heeft Spanje een snelle secularisering doorgemaakt. Toch is religie nooit verdwenen. De kerk als instituut verloor vertrouwen, de actieve geloofspraktijk nam af, maar de katholieke tradities en symboliek bleven bestaan. Deze context verklaart het dubbelzinnige van de personages. Ze zijn niet uitgesproken gelovig, maar ook niet uitgesproken antireligieus. Ze zitten daar tussenin. En dan ineens is daar iemand die het geloof bloedserieus neemt, en juist dat maakt Ainara’s keuze om als non te gaan leven zo ontregelend.

Los domingos

Geen eenduidig standpunt
De vergelijking van Los domingos, dat bewust afziet van onverwachte plotwendingen of schokkende gebeurtenissen, met het Duitse drama Kreuzweg (2014) dringt zich op. In dit verhaal trekt de 14-jarige Maria, aangemoedigd door haar moeder en een jonge pastoor, zich steeds verder terug uit het wereldse leven. Waar het ondubbelzinnige Kreuzweg godsdienst toont als een onderdrukkend systeem, kiest Los domingos voor nuance: open dialogen zonder duidelijke morele richting.

Vooral dat laatste is de kracht van Ruiz de Azúa’s film. Ze toont dat liefde en onbegrip naast elkaar kunnen bestaan, dat vrijheid en controle moeilijk te scheiden zijn en dat geloof zowel troost als verwarring kan brengen. Genoeg voer voor discussie dus.

 

11 mei 2026

 

Lees ook: Boek over Spaanse cinema

ALLE RECENSIES

Daaaaaalí!

***
recensie Daaaaaalí!
Dromen in dromen, films in films, films in dromen en dromen in films

door Cor Oliemeulen

Een journaliste wil de extravagante kunstenaar Salvador Dalí interviewen, maar steeds gaat hun afspraak op het laatste moment niet door. Quentin Dupieux voegt met Daaaaaalí! een heerlijke onzinkomedie toe aan zijn absurdistische universum.

De meeste mensen kennen Dalí van De volharding der herinnering met de beroemde gesmolten klokken. In de openingsscène brengt Dupieux een minder bekend schilderij tot leven: een piano in een woestijn waar water uit stroomt. Vreemd, suggestief en typisch surrealisme – de kunststroming waarmee Dalí beroemd werd.

Daaaaaalí!

Bakkersvrouwtje wordt journalist
We maken kennis met Judith (Anaïs Demoustier, eerder te zien in Dupieux’ Incroyable mais vrai en Fumer fait tousser). Ze vertelt dat ze haar baan als apotheker heeft opgezegd en journalist wil worden. Gedurende de film wordt ze consequent aangesproken als ‘bakkersvrouwtje’. In een hotel wacht ze op Dalí voor een interview. Na een eindeloze wandeling door een lange gang – ondertussen mopperend op de lelijke architectuur – draait Dalí meteen om zodra blijkt dat er geen camera is. Judith blijft het proberen, maar zonder succes.

Dalí spreekt Frans met zwaar Spaans accent. Opvallend: hij wordt gespeeld door zes verschillende acteurs (elke “a” in de titel staat voor een andere Dalí), onder wie Gilles Lellouche en Jonathan Cohen. Dat werkt verrassend goed, vooral door de mimiek en tics van Cohen. Samen vormen ze eerder een speelse ode dan een karikatuur.

Monty Python en Luis Buñuel
Zoals volgers van Dupieux gewend zijn, is de storytelling op zijn zachtst gezegd een tikkeltje onconventioneel. De pogingen om Dalí te interviewen draaien uit op een loop: dromen in dromen, films in films, films in dromen en dromen in films.

Geholpen door de aanstekelijke, jolige soundtrack van Thomas Bangalter (de ene helft van Daft Punk) zijn alle typeringen en lolligheden gedurende de looptijd van 67 minuten prima vol te houden. Sterkere scènes wisselen af met minder sterkere scènes, regelmatig geïnspireerd door het Britse gezelschap Monty Python. Zoals de eindeloze hotelgang, Dalí die op duiven schiet, en een bizarre hondenregen.

Daaaaaalí!

Ook de invloed van Luis Buñuel is duidelijk. Hij maakte met Dalí in 1929 de surrealistische film Un chien andalou, beroemd om de schokkende oogscène. Surrealisme was toen een aanval op burgerlijke zekerheden – iets wat Dupieux nog steeds graag doet..

Unieke filmauteur
In Daaaaaalí! verschijnt ook een priester die tijdens een diner met levende wormen een droom vertelt. Dat doet denken aan Buñuels Le charme discret de la bourgeoisie, waarin een etentje steeds mislukt door vreemde gebeurtenissen en dromen de realiteit verstoren.

Die ontregeling zie je ook bij Dupieux. Noem het surrealisme, absurdisme, of gewoon zijn eigen stijl – hij laat zich niet in hokjes plaatsen. Met zijn verstoring en ontregeling van de filmkijker, maar vooral door zijn eigenzinnige vorm van humor is hij volstrekt uniek tussen de laatste filmauteurs van de hedendaagse Franse cinema.

 

20 augustus 2024

 

ALLE RECENSIES

Dogtooth (4K re-release)

****
recensie Dogtooth (4K re-release)
De verstandskies zit los

door Bert Potvliege

Het opnieuw in de bioscoop brengen van gerestaureerde klassiekers is in volle bloei, wat we enkel kunnen toejuichen. Zo kon je vorige maand de 4K-release van The Straight Story meepikken, een kans die we niet lieten liggen. Deze week is het de beurt aan Dogtooth, de uit 2009 daterende doorbraakfilm van de Griek Yorgos Lanthimos, van wie we afgelopen jaar zowel Poor Things als het vorige week verschenen Kinds of Kindness kregen.

Het is fascinerend vast te stellen hoe de bijzonderheden in het recente werk van Lanthimos terug te traceren zijn naar het vijftien jaar oude Dogtooth. De verbeeldingskracht van de ondertussen wereldberoemde cineast is behoorlijk getikt, waarbij het gadeslaan van de mens die niet zelden ontdaan is van sociale conventies aanleiding geeft tot gortdroge humor. De protagonisten die de werelden van Lanthimos bevolken zijn doorgaans van het zonderlinge soort, als kinderen die zelden weten wat moraliteit is en zuiver instinctief door het leven schrijden. In die zin was de eerste binnenkopper van de Griek een blauwdruk voor al het moois dat erna zou komen.

Dogtooth (4K re-release)

Spelen in de zandbak
In Dogtooth volgen we een manipulatieve vader die met vrouw en drie volwassen kinderen op een afgelegen landgoed woont, weg van de bewoonde wereld. Voor redenen die we niet te weten komen, houdt de vader zijn gezin hier weggeborgen. De kinderen hebben nog nooit een voet in de drukke buitenwereld gezet en zijn niks anders gewend dan deze schijnbaar veilige cocon. Ze zijn wereldvreemd en lijken als peuters gevangen in het lichaam van een volwassene, terwijl moeder en vader hen de meest absurde leugens vertellen over hoe de wereld in elkaar zit. Vliegtuigen hoog in de lucht zijn speelgoed dat naar beneden tuimelt als de kinderen zich gedragen, katten zijn de meest gevreesde dieren op aarde en zullen je genadeloos verscheuren…

De levensstijl van dit gezin is ronduit bizar om gade te slaan, wat nog extra in de verf wordt gezet doordat snoodaard Lanthimos geen duimbreed toegeeft in het toelichten van het waarom van dit alles. De insteek van de plot is fascinerend om mee aan de slag te gaan, maar het ontbreken van een verklaring kan tot knarsetanden leiden bij het publiek. De film is ongetwijfeld frustrerend voor sommige kijkers, maar bevrijdend voor de filmmaker. Door onbekommerd te zijn over een pointe, geeft Lanthimos zichzelf alle vrijheid om naar hartenlust te spelen in het stukje zandbak dat hij voor zichzelf opeiste.

De pot op met conventies
Net als in Poor Things, waarin Emma Stone uitmuntend gestalte geeft aan Bella Baxter, wordt hier een setting gecreëerd die de acteurs toelaat het kind in zichzelf te omarmen. Doordat de kinderen in Dogtooth hun hele leven afgesloten zijn van de samenleving, is sociaal wenselijk gedrag hen onbekend. Het instinctieve en dierlijke gedrag komt vervolgens naar de voorgrond, wat Lanthimos grotesk vertaalt in vlagen van geweld en seksuele uitspattingen.

Zo brengt vader regelmatig een jongedame mee naar huis om zoonlief seksueel te behagen. De film gaat zelfs morsig om met de grenzen van pornografie. Wanneer twee kinderen ruzie hebben, deinst de ene er niet voor terug de andere met een mes in de arm te snijden. Een scène van zelfverminking – iets met een tand die eruit moet – zal zelfs velen doen wegkijken.

Dogtooth (4K re-release)

Samen naar het circus
Lanthimos wentelt zich met gemak in zijn stijl en het gaat hem bijzonder goed af. We beelden ons in dat hij het op een gieren zet wanneer de dochter aan de mama vraagt wat een kut is, om vervolgens de moeder droogjes te horen antwoorden: ‘een kut is een grote lamp’. Dat de bizarre film een Oscarnominatie in de wacht sleepte voor beste film in een andere taal doet ons steil achterover vallen.

Maar de film is meer dan een zonderlinge prent. Zij die voorbij het tot fronsen aanzettend verhaal en de groteske verbeelding kijken, zullen een film aantreffen met uitgekiende breedbeeldkaders, kurkdroge acteerprestaties en een soepele vertelling waarbij Lanthimos de kijker bespeelt. Want wat als een eigenzinnige prent lijkt, is eigenlijk een wonderlijke rit op maat gesneden van een publiek dat er voor open staat. De filmmaker is een poppenspeler die ons naar eigen hand zet.

Het eindresultaat is een uitdagende film, een ogenschijnlijke dwarsligger, maar van hoog niveau. De films die Lanthimos hierna nog zou maken, bevestigden enkel zijn talent als circusmeester die ons in zijn greep houdt.

 

8 juli 2024

 

 

ALLE RECENSIES

The Dead Don’t Hurt

***
recensie The Dead Don’t Hurt
Haar vrouwtje staan

door Bert Potvliege

Wereldberoemd acteur Viggo Mortensen (The Lord of the Rings) ontpopt zich tot een uitstekend regisseur. Met de western The Dead Don’t Hurt is hij nog maar aan zijn tweede langspeler toe, maar het resultaat toont een zelfverzekerde filmmaker. Het is een atypische western die het conventionele archetype van de vrouw omkeert. Mortensen doet dit door emancipatie voorop te plaatsen en vergevingsgezindheid te positioneren als een kracht.

Het is een nobele kunst om met de openingsbeelden van een film een toon te bepalen, wat exact is wat de drie eerste beelden van The Dead Don’t Hurt bereiken. Het zijn breedbeelden die spreken over de visuele aantrekkingskracht van de western, met die kenmerkende panorama’s van de Western Frontier. Het zijn tevens beelden die een rust vooropstellen, doordat ze in alle sereniteit ontvouwen en soms iets langer aanhouden dan nodig, hoewel ze de vertelling meer intrige geven. Maar het zijn ook beelden uit drie verschillende scènes, die in hun combinatie op poëtische wijze droom, afscheid en geweld prediken.

The Dead Don’t Hurt

Frontier Femininity
Het blijkt een uitstekende start om het verhaal van Vivienne (Vicky Krieps) te vertellen. In het Amerika van 1860 leert ze Olsen (Viggo Mortensen) kennen. Zij een vrijgevochten vrouw; hij een zachtaardige veteraan. De twee worden verliefd en besluiten samen een leven op te bouwen. Wanneer Olsen gaat vechten in de oorlog, blijft de sterke vrouw achter. Ze zal het alleen moeten rooien, terwijl ze de confrontatie aangaat met de corrupte burgemeester en de gewelddadige zoon van een zakenman. De manier waarop ze de uitdagingen op haar pad tegemoet gaat, spreekt boekdelen over haar eigengereidheid en haar morele overtuiging als een niet te negeren kracht.

Wat de prestatie van Mortensen extra in de verf zet, is dat hij naast de regie en een hoofdrol instond voor scenario, muziek en productie. De film is dan ook zijn kindje. Met The Dead Don’t Hurt brengt hij hulde aan zijn moeder, wier overlijden ook aan de basis lag van zijn regiedebuut Falling. De herinneringen aan haar waren een startpunt voor Mortensen om er tijdens de lockdown van 2020 dit scenario uit te persen.

Alle aandacht voor Vivienne
De manier waarop het verhaal zich ontwikkelt, is boeiend. De film speelt zich af in verschillende tijdssegmenten, bovendien in een niet-chronologische zin gestructureerd. We zien Vivienne in haar jeugd, in de jaren waarbij ze gelukkig samenleeft met Olsen, de periode dat ze het alleen dient te rooien en uiteindelijk de weinige tijd die de twee geliefden nog rest als Olsen weer thuis is van de oorlog. Haar in het begin van de film zien overlijden, zet je als kijker op scherp. Aanvankelijk meen je dat de focus op Olsen komt te liggen, totdat de film zich definitief settelt bij Vivienne.

The Dead Don’t Hurt

Mortensen is een klasbak in zijn rol, maar het is Vicky Krieps die met de prijzen gaat lopen. Ze had onze aandacht al sinds Phantom Thread, waar ze uitstekend weerwerk bood aan het acteermonster Daniel Day-Lewis. Ze legt wondermooie accenten in het gelaat in haar acteerspel. Knap werk als je er begint op te letten. In de marge van de twee hoofdfiguren zijn er mooie bijrollen voor Danny Huston (Children of Men) en Garret Dillahunt (No Country For Old Men). Enkel Solly McLeod als trigger-happy zoon van de zakenman, die denkt met alles weg te komen, is wat eendimensionaal.

Op zijn conto
The Dead Don’t Hurt is een meer dan geslaagde film, met een interessante vertelling en een fenomenale actrice in de hoofdrol. Alle lof voor Mortensen. Hoeveel heeft hij ons al gegeven de afgelopen dertig jaar? Hij viel eerst op in The Indian Runner en Carlito’s Way, om rond de eeuwwisseling zichzelf te vereeuwigen als Aragorn in The Lord of the Rings. Hij slaagde er vervolgens in om die rol van zich af te schudden – niet evident – met mooie prestaties in films van onder meer David Cronenberg (A History of Violence), met Oscarnominaties voor Eastern Promises, Captain Fantastic en Green Book, om vervolgens zelf films te gaan maken. Hij is ondertussen vijfenzestig jaar oud, maar we hopen dat hij doorgaat met regisseren.

 

3 juni 2024

 

ALLE RECENSIES

Dream Scenario

***
recensie Dream Scenario
Schaduwkant van beroemd zijn

door Cor Oliemeulen

Nicolas Cage is een van de meest productieve filmacteurs van zijn generatie. Als je zes films per jaar maakt, zit er vast wel eens een aardige tussen. Voor 2023 is dat Dream Scenario, een wonderlijk verhaal over een leraar die in de dromen van miljoenen mensen verschijnt.

In een interview met Entertainment Tonight vertelt Nicolas Cage dat tijdens de opname van Dream Scenario in Toronto zijn nicht Sofia Coppola in dezelfde stad bezig was met Priscilla en zijn oom Francis Ford Coppola in Atlanta met zijn nieuwe film Magalopolis. De drie zouden elkaar van feedback hebben voorzien. Je kunt Cage er niet van betichten dat hij in al zijn ruim honderd films meeliftte op de naam Coppola, de maker van al die onvervalste klassiekers in de jaren 70, want al na zijn eerste filmrol in Fast Times at Ridgemont High (1982) veranderde Nicolas zijn achternaam. Hij wilde zijn succes geheel op zijn eigen conto schrijven.

Dream Scenario

Uitstraling
Niet alleen Cage’s werkethos leverde door de jaren heen met enige regelmaat een voltreffer op, ook wist hij met zijn hoofdzakelijk energieke uitstraling, zelden verstoken van een portie overacting, een grote schare fans te verzamelen. Hoe anders is zijn personage in Dream Scenario, de jongste film van de Noorse filmmaker en scenarist Kristoffer Borgli (Sick of Myself). De acteur scheerde het midden van zijn hoofd kaal en liet zich een kunstneus aanmeten om schlemielig over te komen.

We hebben het over biologieleraar Paul Matthews, een onopvallende verschijning die op een dag van zijn dochter krijgt te horen dat zij over hem heeft gedroomd. Vervolgens droomt zijn ex over hem en niet veel later slaat de onrust in de collegezaal toe nadat Paul ook in de dromen van zijn meeste leerlingen is opgedoemd. Dat bleken over het algemeen geen fijne dromen, hoewel de droom van een vrouwelijke leerling erotisch van aard was. Paul voelt zich gevleid, gaat wat met het meisje drinken en stemt schoorvoetend toe om de bewuste droom als het ware na te spelen.

Dream Scenario

Nachtmerries
Plotseling is Paul Matthews populair en weet hij eindelijk de belangstelling van zijn leerlingen te trekken door tijdens de colleges met hen over hun dromen te praten. Het duurt niet lang voordat miljoenen mensen op de wereld over de leraar dromen, voor velen betreft het nachtmerries. Hun meeste dromen gaan over verschrikkelijke voorvallen die ze beleven, echter de leraar heeft daarin nooit een aandeel, hij loopt gewoon voorbij of kijkt toe.

In tegenstelling tot zijn familieleden vindt Paul al die aandacht in de (sociale) media geen ramp. Hij hapt zelfs toe om gesprekken met een reclamebureau aan te gaan, want Paul heeft een boek met een weinig aansprekend thema geschreven en wil dat graag onder de aandacht brengen.

Dream Scenario toont de trend van beroemdheden die gevaar lopen om tot de enkels toe te worden afgefakkeld. Paul is geen televisiemaker met grensoverschrijdend gedrag, maar een eenvoudige goedzak die het niet kan helpen dat hij de nachtrust van zoveel mensen verstoort. Hij raakt in een diep dal.

Het is jammer dat de film wat onbevredigend eindigt, want we hadden graag iets geweten over het waarom Paul in andermans dromen verschijnt. In die zin doet deze donkere dramedy denken aan Cage’s optreden in Knowing (2009) waarin hij ook een leraar speelt en waarin het al even veelbelovende plot – over een man die aan de hand van cijfercodes de toekomst kan voorspellen – ook een beter slot had verdiend.

 

14 maart 2024

 

ALLE RECENSIES