IDFA 2013 – Deel 3

Verslag IDFA Deel 3 

door George Vermij

In ons derde verslag de problemen in het onderwijs, de sombere voorspellingen van een voormalige bankier, een Zuid-Afrikaanse familiekroniek en rouwverwerking in het verre oosten.

Onderwijs is een essentieel deel van onze ontwikkeling als mens. In de openingsscène van Erwin Wagenhofers Alphabet vertelt de Britse onderwijsadviseur Ken Robinson over het belang van verbeelding als basis voor alles wat de mens uiteindelijk maakt. Maar hij eindigt met de vraag of wij tegenwoordig wel het volle potentieel van de mens benutten.

Onderwijs biedt geen ruimte voor verbeelding
Alphabet haakt in op Robinsons overpeinzing en laat zien dat er in het huidige onderwijs geen ruimte is voor verbeelding. Als eerste voorbeeld China. Het land haalt de hoogste scores volgens een gezaghebbend internationaal onderwijsonderzoek. Ondanks de hoge cijfers is de werkdruk voor de jongeren ondragelijk wat tot uiting komt in een hoog percentage van depressies en zelfmoorden.

Vervolgens laat Wagenhofer een Duitse neurobioloog aan het woord. Die heeft het over de waarden achter het onderwijs en concludeert dat de markt en economische drijfveren dominant zijn geworden. Dit wordt geïllustreerd in een segment over McKinsey: het rekruteren van jonge zakenlieden die CEO willen worden en presentaties houden in hol en nietszeggend business jargon. Dit wordt gecontrasteerd met een portret van een jonge Duitse werkeloze die geen toekomst lijkt te hebben omdat hij niet de kans krijgt om zijn potentieel te tonen.

Een voorbeeld van hoe het wel kan is de onderwijzer Arno Stern die zich vooral richt op het belang van spelen en het ontwikkelen van creativiteit. In wat scènes zien we hoe hij bezig is om kinderen te laten schilderen op een vrije manier. Sterns zoon die zonder institutioneel onderwijs is grootgebracht en die zelf dingen heeft geleerd wordt ook als een rolmodel aangehaald.

Alphabet

Het probleem met Alphabet is dat het eigenlijk niet zozeer gaat over onderwijs, maar eerder een aanklacht is tegen het kapitalisme en neoliberalisme. Hierdoor rijst de vraag wat nu precies veranderd moet worden om de huidige situatie te verbeteren. De voorbeelden die Wagenhofer kiest zijn ook niet altijd even helder of goed uitgewerkt. Sterns zoon is een mooi rolmodel zou je zeggen, maar is het niet iets te simpel om te denken dat die methode voor iedereen zou werken? Wagenhofers nadruk ligt vooral op creatieve en artistieke ontwikkeling terwijl het in onderwijs ook moet gaan om het leren van praktische vaardigheden. Het doet denken aan Rousseau´s denkbeelden over het goede in de mens dat door de maatschappij gecorrumpeerd wordt. Maar de vraag blijft of de mens van nature goed is.

De crisis is nog niet voorbij
Een goed companion piece van Alphabet is Marc Bauders Master of the Universe. In beide films gaat het immers om hetzelfde probleem: de waarden achter ons economische en politieke systeem. Die waarden worden in grotere mate bepaald door geld. In Master of the Universe interviewt Bauder de Duitse voormalige investeringsbankier Rainer Voss over de financiële sector. Voss geeft een beeld van de harde werksfeer en de modus operandi van een grote bank die zich laat leiden door het halen van een steeds grotere omzet ondanks de gevaren en gevolgen.

Als terzijde toont Bauder beelden die betrekking hebben op de financiële crisis, zoals een hoorzitting in de VS waar een bankier wordt ondervraagd over het misleiden van zijn klanten. Aan de hand van Voss woorden wordt een somber beeld geschetst van de financiële sector. Een punt van kritiek is wel dat de film eenzijdig is in zijn focus op Voss. Er zijn geen andere geïnterviewden. Ook wordt de crisis maar summier en onbevredigend uitgelegd aan de hand van wat voorbeelden die niet ingaan op de grotere context. Voss’ eindoordeel en voorspellingen zijn wel zorgwekkend. Hij haalt Nederland aan als een land dat zijn problemen niet onder ogen wil zien en hij voorspelt dat Frankrijk de weg zal gaan van Griekenland en Spanje. Daarna is het in zijn woorden ‘Game over voor Europa’.

Kroniek uit het beloofde land
I, Afrikaner is het resultaat van de jarenlange observaties van regisseuse Annalet Steenkamp. Zij volgde haar Zuid-Afrikaanse familie vanaf 2004 en toont de problemen waar ze tegenaan lopen. Het politieke keerpunt van Apartheid naar democratie heeft als gevolg dat er groeiende spanningen ontstaan tussen de boeren en de zwarte bevolking. Veel Afrikaners trekken weg van het platteland wegens gewelddadige incidenten. Steenkamp toont hoe haar oma met een uzi door het huis loopt omdat er elk moment iemand kan inbreken. Zij focust daarnaast op haar broers die het boerenbedrijf nog voortzetten ondanks een grimmigere situatie van geweld.

Steenkamps jonge nichtje vormt een tegenpool. Zij is opgegroeid tussen de zwarte Zuid-Afrikanen en geniet van hun gezelschap. Zij valt tussen wal en het schip van het moderne Zuid-Afrika en ziet in dat de huidige problemen hun oorzaak hebben in de lange onderdrukking. Steenkamps intieme film laat je meeleven met haar familie. Een lichtere noot vormt de bruiloft van haar broer en de wijze beslommeringen van haar oma. De film is op momenten wat lang en je vraagt je af op bepaalde shots meerwaarde hebben, maar al met al is het een monumentale kroniek die een treffend beeld geeft van het boerenbestaan in het moderne Zuid-Afrika.

Rouwen in Japan
Ashes is een zeer persoonlijke en intieme film over Akiko Gaisseau, de dochter van de Franse filmmaker Pierre Dominique Gaisseau en de Japanse Kyoko Kosako. Kyoko was een vrijgevochten vrouw die Japan ontvluchtte omdat zij haar leven wilde leiden. Geïnspireerd door films van de nouvelle vague ging zij ook acteren en had korte rollen in films van Jean-Luc Godard en Chris Marker.

De film begint als Akiko de as van haar moeder ophaalt op de begraafplaats Père Lachaise in Parijs. Zij maakt vervolgens een tocht naar Hiroshima waar haar moeder vandaan kwam. De film toont de complexe Japanse begrafenisrituelen en hoe Akiko tussen twee culturen valt. Mooie statische shots vangen haar ongemakkelijkheid als zij geconfronteerd wordt met haar familie. Deze beelden worden afgewisseld door monologen uit het dagboek van Kyoko en beelden uit de jaren zestig. Ashes is een bescheiden aandenken aan een bijzondere vrouw en hoe iemand omgaat met rouw.

 

30 november 2013

 

PREVIEW IDFA 2013

DEEL 1

DEEL 2

DEEL 4

DEEL 5

DEEL 6

IDFA 2013 – Deel 2

Verslag IDFA Deel 2

door Bob van der Sterre

In het tweede stuk van het IDFA reizen we van Uri Gellers privéhuis naar de oorlog in Syrië, zien we mensen opgesloten in een Brits bordeel en een Russische gevangenis, en leren we de harde waarheid rondom de financiering van de winterspelen in Sotsji en de leegstand in Spanje. 

Als je tot de 260 allerergste misdadigers in Rusland behoort, moet je wel wat op je kerfstok hebben. En dat hebben ze ook, de jongens en mannen in The Condemned. Meer dan 800 moorden hebben ze in totaal gepleegd.

Een bos zo groot als Duitsland
Nick Read en Mark Franchetti kregen wonder boven wonder toestemming om in Federal Penal Colony No. 56 te filmen. Zes maanden onderhandelen kostte het om de afspraak te maken. Franchetti was al eens als verslaggever bij de gevangenis geweest en een goede band met de gouverneur van de gevangenis legde de basis.

De gevangenis bevindt zich midden in de taiga, dus met bos aan alle kanten van de gevangenis. Je bevindt je middenin een bos zo groot als Duitsland. De dichtstbijzijnde stad is op acht uur rijden. De gevangenis bestaat uit barakken met veel prikkeldraad. Er is een deel waar de allerergste moordenaars geïsoleerd vastzitten, en een deel met iets minder erge moordenaars, iets meer sociaal samenlevend.

De documentaire is een feest van eindeloos mooie beelden. Oude barakken tussen pakken sneeuw, close-ups van gegroefde gelaten en uitzichten op mistige bossen. Geluiden van sluiten van loodzware deuren. Prachtige cinematografische beelden. Misschien niet verbazend als je weet dat Read lang als cameraman heeft gewerkt.

Het is bijna een sociaal experiment. Wat je krijgt als je ruim tweehonderd mannen in zeer povere condities opsluit met nagenoeg geen kans op vrijheid. Want hoewel hun levenslang is omgedraaid in 25 jaar cel is dat nog steeds niet iets waar de gevangenen vrolijk van worden. Wat moet je immers doen als je terug bent? ‘Ik zou weer gaan drinken en vermoedelijk weer gaan moorden’, zegt er een eerlijk.

Er ontwikkelen zich interessante karakters. Verre van de lompe proleten in de meeste gevangenisfilms. Neem nu een bikkel als Timur – huurmoordenaar in de jaren negentig. Hij heeft enorm veel spijt van zijn verleden. Je ziet het lot hem zich meedragen. Hij denkt er aldoor over na en leest ondertussen Plotinus, Plato en Socrates. Hij is uiterst gevoelvol geworden. Als zijn vrouw op bezoek komt, zijn ze beiden weer zo verliefd als tieners.

Maxim is zelfs aandoenlijk te noemen. Hij was dronken tijdens zijn daad; weet er niets meer van, maar heeft toen zes mensen gedood. Hij heeft een zachtaardige uitstraling en maakt zich druk als zijn moeder hem komt opzoeken.

Deze 260 samen hebben 800 moorden op hun geweten. Maar er is nooit een conflict: de strikte hiërarchie van gevangenen zorgt daar vanzelf wel voor. Het laagste staan de downcasts. Een van hen vindt het wel best. ‘Na zoveel jaar in de gevangenis is dit leven deel van mij geworden en is deze plek mijn huis. Er is niemand die buiten op me wacht. Dit is wie ik nu ben.’

Een snelweg met een laagje van goud
Meer Rusland krijgen we te zien in Putin’s Games. Een andere hoek: Sotsji aan de Zwarte zee. Sotsji en niet Salzburg kreeg de winterspelen van volgend jaar toegewezen. ‘Winterspelen?’, gniffelt oppositieleider Boris Nemtsov. ‘Sotsji is de warmste plaats in Rusland.‘

Het corrupte bouwcircus is intussen geland in Sotsji. Een snelweg die zo duur is ‘dat ie voor die prijs met goud bedekt had kunnen zijn’. Een skischans is gebouwd op een berg die berucht is om landslides. Een ondernemer die zo gepest werd dat hij zijn skiliften wel moest verkopen aan een staatsonderneming. Eindeloze files in het stadje. Lelijke hoogbouw in naam van de Spelen. Een spoorlijn van talloze miljarden dollars die eigenlijk niet nodig was. Een haven die vernietigd werd door een storm. Een giftige rivier vol chemicaliën. Mensen wiens huizen worden platgewalst en nu dakloos zijn geworden.

Verslag IDFA 2013 Poetins Olympische droom

De corruptie loopt gierend uit de hand. Poetin bemoeit nu persoonlijk met de coördinatie van de Spelen omdat het anders niet eens afkomt, terwijl de kosten van deze spelen aldus Nemtsov al 45 miljard euro zijn; een onvoorstelbaar bedrag als je weet dat de vorige drie winterspelen elk 2 miljard euro gekost hebben. Maar de natuur neemt wraak met stormen en grondverschuivingen. Oppositieleider Kasparov: ‘Ondanks alles kan Poetin één ding niet beheersen: de natuur.’

Het is allemaal van het pure cynisme, passend bij een regime dat lak aan alles heeft. Maar of het echt een documentaire oplevert waar je graag heen gaat? Bewondering om de getoonde journalistieke durf, dat zeker, maar ook ontstellend somber stemmend.

Vlijtige leerling
Beter is dan misschien de aanpak van een film als Casas para todos (Houses for all), want daar wordt cynisme afgestraft met cinematografische humor. Hier zien we de effecten van de crisis van de huizenmarkt in Spanje. Als een vlijtige leerling van Kossakovsky toont Gereon Wetzel veel beelden die met mazzel en gevoel voor humor tot stand komen. Er is praktisch geen commentaar; wel veel beeld.

Het probleem is niet minder ernstig: huiszoekenden zijn er genoeg maar ze kunnen de gevraagde huren niet betalen. De huizenbouwers blijven ondertussen onverdroten doorbouwen. Het gevolg: duizenden woningen die immer blijven leegstaan, wachtend op hun eerste bewoners, en talloze mensen die met hun huisraad onder een viaduct leven.

De situatie wordt pas echt schrijnend als je de commercial ziet van wat een verrukkelijk droomoord had moeten worden en je daarna de werkelijkheid ziet. Het vale gras van de golfbaan is symbolisch voor de triestheid. Alle andere mooie wilde plannen zijn ingestort met de crisis van 2008.

De spontaniteit zie je al in het eerste beeld; dat een beetje herinnert aan Kossakovsky’s Tishe!, waarbij een dame autopech heeft op de rand van alweer zo’n lege woonwijk. Monter stemmend zijn ook de militairen die oefenen in een leegstaand appartementencomplex of schapen die door een ander complex trekken. Het mooiste beeld: een man die moederziel alleen gewichten heft bij een zwembad van een net gecreëerde woonwijk die op hem na helemaal leeg is.

Absolute aanrader en een mooi voorbeeld van hoe je een ernstig onderwerp ook eens met gevoel voor humor en beeldtalent kunt aanpakken.

Een lepeltjesbuiger als spion
The Secret Life of Uri Geller: Psychic Spy? is al even absurd. Een serie belangrijke tapes blanco denken omdat je achter iemand zit in een vliegtuig? Uri Geller grinnikt. Hij heeft nooit gehoord dat het niet had gewerkt. Een kans van een op de triljoen bij een test? Uri kijkt er niet van op. De radar wegdenken boven Egypte? Uri kan bevestigen noch ontkennen. Hij grijnst wel breed.

De jaren zeventig waren helemaal zijn tijdperk. ‘Ik wilde een leven leiden als James Bond, snap je.’ De tijden dat hij als enige naast Frank Sinatra wapens mocht dragen in New York (hij droeg er zes tegelijk). De tijd dat hij kind aan huis was bij de Mexicaanse presidentsvrouw. De tijd dat ieder tv-programma zijn gaven wilde laten zien.

Hoe noem je zo’n persoon die zijn eigen auto heeft volgehangen met gebogen lepels? Iemand die zijn huis laat bewaken met honderden camera’s? Iemand voor wie publiciteitsgeil een zwak eufemisme is. Een excentriekeling? Of gewoon Uri Geller.

Een lepeltjesbuiger, ja, maar ook iemand die toch wel over bepaalde gaven moet beschikken, omdat hij anders denkelijk wel een keer door de mand zou zijn gevallen. Denk niet aan de geestenknuffelaars die je nu ziet op televisie. Uri Geller tekende een boot als een plaatje van een boot opgeborgen was in een andere envelop. Het klinkt simpel maar doe het hem maar eens na. Als hij een goocheltruc beheerst, houdt hij het knap lang vol om niet ontmaskerd te worden.

Het geweldige van deze documentaire is dat het helemaal geen onthulling is. Superster blijkt CIA-spion! Nee, Uri vertelt het zelf. En nergens op een manier van iemand die zich aangevallen voelt. ‘Vikram’, zegt hij gezeten in zijn serre tegen de regisseur, ‘dat mag ik je helaas niet vertellen.’ Dat klinkt heel wat beter als de vele documentaires waarbij de betwiste karakters op de camera slaan en geen commentaar willen geven.

Verslag IDFA 2013 - The Secret Life of Uri Geller: Psychic Spy?

Je leert niet alleen veel over Gellers geschiedenis, maar ook die van het Standford Research Institute (SRI) – een wetenschappelijk instituut dat onofficieel voor de CIA parapsychologische talenten ronselde. Ze testten destijds ook Geller en vertellen er nu over. Medewerkers vertellen beschroomd de waarheid omdat het sinds de jaren negentig declassified is. Zo leren we ook hoe het echt zat met The men who stare at goats. En dat Geller zo goed scoorde dat de CIA lang dacht dat de Mossad hem gebruikte als dubbelspion. Maar lepeltjesbuigen onder wetenschappelijke omstandigheden is hem daar niet gelukt.

Van zanger naar vrijheidsstrijder
Return to Homs is een heel ander soort documentaire dan alle voorgaande. Je kunt het kort door de bocht stellen dat er een film werd gemaakt tijdens het beleg van de Syrische stad Homs en we daarbij onafgebroken de jonge zanger Abdul Bassat volgen, die van zanger transformeert in vrijheidsstrijder. Met zijn meeslepende chants krijgt hij de volksstammen aan het rebelleren. Vrijheid lonkt.

Maar het is geen gemakkelijke strijd. De rebellen zijn niet slecht georganiseerd, ze zijn niet georganiseerd. En het Syrische leger is dat wel.

Het eerste half uur weet je niet wat je meemaakt. Deze live beelden van een oorlogsfront; het is echt. Het is ook zo recent: in 2012 vond deze strijd plaats. Echte doden, echt bloed, het stof dwarrelt haast de filmzaal in. Het is de CNN van deze tijd: eigen filmpjes, schokkerig en midden in de actie, samengesmeed tot een grote film over de strijd rondom Homs, dat in een ruïne verandert.

De film zou werkelijk verpletterend zijn geweest als het bij het indrukwekkende eerste half uur was gebleven maar er zit een tweede deel aan vast. Dat heeft niets nieuws te bieden: meer burgeroorlog, meer Bassat die gaat zingen, meer ongelooflijke ontsnappingen, meer gruwelijke momenten. Het wordt een afmattende filmervaring. Anderhalf uur staren naar Bassats vermoeide gezicht is toch een beetje te veel. Ga toch weg uit die ellendige stad, denk je als kijker.

Geheime brilcinema
Ook geen kans op ontsnapping is er in Sex, my British Job. Nick Broomfield is altijd goed voor een sensationele documentaire. Meestal over seks, maar soms ook over Biggie and Tupac, of Kurt & Courtney. Zijn wegen zijn vaak omstreden en hier is het niet anders. Hier weet hij collega-journaliste Hsiao-Hung Pai over te halen om zich met camera in haar bril als huishoudster in een bordeel te melden.

Illegaal zou zijn ze zijn, en dus kwetsbaar. Ze wordt daarom flink onder druk gezet om zich ook maar te prostitueren. Er zijn momenten dat ze niet goed meer weet dat ze journaliste is. In kleine ontmoetingen met Broomfield in zijn auto zien we hoe ze worstelt met haar positie.

De documentaire is ontroerend als we getuige zijn van de persoonlijke ellende van de Chinese prostituees die ze spreekt. Ze zijn soms genadeloos eerlijk over hun bestaan omdat natuurlijk ook niemand wist dat ze gefilmd werden. Ze denken er ook niet bij na dat het best vreemd is dat iemand zijn bril moet opladen.

Verslag IDFA 2013 Sex, my British Job

De film gaat over machtsstructuren. Het zal een hard gelag zijn geweest voor de bazin van het bordeel toen ze erachter kwam dat haar illegale sloofje een documentaire van haar maakte. Hoe ontluisterend moet dat wel gevoeld hebben voor haar, die zich onaantastbaar waande. Geheime brilcinema: undercover journalistiek heeft weer een nieuwe stap gemaakt.

 

28 november 2013

 

PREVIEW IDFA 2013

DEEL 1

DEEL 3

DEEL 4

DEEL 5

DEEL 6

IDFA 2013 – Deel 1

Verslag IDFA Deel 1 

door George Vermij

In ons eerste verslag van het IDFA een indringend beeld van de terreur van de Rode Khmer, de wijze lessen van bekende documentairemakers, gevechten van Muhammad Ali buiten de ring en een prachtig portret van een ongewoon kunstenaarsechtpaar.

S21 The Khmer Rouge Killing Machine is een pijnlijke en confronterende film over een Cambodjaans gevangenkamp waar tijdens Pol Pots regime duizenden mensen werden gemarteld en vermoord. De film die gemaakt werd in 2003 is te zien, omdat regisseur Rithy Panh op het festival geëerd wordt door een retrospectief. Panh behandelt in zijn documentaires de traumatische recente geschiedenis van zijn land en probeert in zijn films een manier te vinden om de stemmen uit het verleden te laten spreken.

Verslag IDFA 2013 S21 The Khmer Rouge Killing Machine

Het is een fascinatie die vergelijkbaar is met de Chileen Patricio Guzman die in zijn oeuvre steeds terugkijkt naar Salvador Allende en de bloedige staatsgreep van Pinochet. S21 The Khmer Rouge Killing Machine is conventioneler van stijl dan Panhs nieuwe film The Missing Picture, waar hij zijn eigen leven ten tijde van de terreur navertelt met behulp van animaties van kleifiguren. S21 is een film die in zijn tempo en de vele gesprekken met slachtoffers en daders meer doet denken aan Claude Lanzmanns Shoah, waar de systematische vernietiging van de joden wordt behandeld. De film begint met gesprekken met twee overlevenden en focust vervolgens op de kampbewaarders die door Panh weer terug worden genomen naar het kamp Tuol Sleng, in de bureaucratie van de vernietiging omgedoopt tot S21. In de ruimtes waar mensen gevangen werden gehouden en werden verhoord, laat Panh de voormalige bewakers hun routines en werkwijzen overdoen.

Deze techniek van naspelen doet denken aan het recentere The Act of killing over de ontelbare politieke moorden die werden gepleegd in Indonesië in de jaren zestig en zeventig. Het contrast met die film is wel dat in S21 de schilder en voormalige gevangene Vann Nath de daders confronteert met hun misdaden en verantwoordelijkheid, ook al reageren zij op enigszins voorspelbare wijze door te zeggen dat zij geen keuze hadden. Ondanks die houding gaan zij erg ver in het beschrijven van de martelingen en moorden die koelbloedig werden uitgevoerd.

Het kamp bevatte ook een uitgebreid en gedetailleerd archief dat in de film wordt gebruikt. De oneindige portretfoto´s van de gevangenen die met lege en angstige blikken de camera inkijken is bijzonder schokkend als er daarna verteld wordt hoe die mensen aan hun einde kwamen. Schokkend zijn ook de schilderijen die Nath maakte van zijn tijd in het kamp en die Panh gebruikt als visuele getuigenis. S21 The Khmer Rouge Killing Machine is zeker geen makkelijke film, maar een belangrijk document over onvoorstelbare onmenselijkheid tijdens een gifzwarte bladzijde uit de recente geschiedenis.

Verslag IDFA 2013 The Art of Observing Life

´Come in, we´re not ready´
Documentairemaker en filmdocente Marina Goldovskaya had door de jaren heen contact met grote en invloedrijke regisseurs. Zij interviewde ze voor haar camera over hun werk, hun methoden en wat belangrijk is in een documentaire en ze verzamelde dit voor haar film The Art of Observing Life. Dit levert, ondanks de goedkope videolook van de film, parels van observaties en gedachten op van meesterfilmers zoals Albert Maysles, D.A. Pennebaker en Allan King.

Goldovskaya wisselt de woorden van de filmmakers af met beelden uit hun films. Zo vertelt Albert Maysles over een gebeurtenis uit zijn legendarische documentaire Grey Gardens, waar de hoofdpersoon tegen de cameraman zegt ´Come in, we´re not ready´. Voor Maysles raken die woorden en die situatie de kern van wat het maken van documentairefilm is, namelijk het vangen van de werkelijkheid in wat voor vorm dan ook. Een ander prachtig moment is als de Canadese regisseur Allan King zich geheel blootlegt en vertelt hoe gebeurtenissen uit zijn jeugd de basis hebben gelegd voor zijn fascinaties als regisseur. Dit wordt afgewisseld met beelden uit Kings ongelofelijke intieme portret van een disfunctioneel echtpaar A Married Couple. Goldovskaya’s film weet je door de mooie en oprechte woorden van de geïnterviewden te inspireren en ze laat zien dat goede documentaires je openstellen voor de ander door gevoelens en ervaringen te delen die ieder mens herkent.

Triomf van de underdog
The trails of Muhammad Ali is een gepaste, maar conventionele documentaire gemaakt voor de Amerikaanse publieke omroep, die een mooi beeld geeft van de problemen die de bokser ondervond in zijn turbulente leven. De film werkt vooral omdat Ali als personage groter is dan het leven zelf. Agressief, direct, opschepperig, maar tenslotte ook innemend, rechtschapen en met een ontwapenend gevoel voor humor. Net als in de ring is hij snel, sierlijk en ontwijkend en dan weer aanvallend en recht op zijn doel af.

Verslag IDFA 2013 The trails of Muhammad Ali

Wat vooral duidelijk wordt in de film is dat Ali een unieke positie had als bekende African American in een tijd waar zwart zijn betekende dat je automatisch een tweederangs burger was. Zijn worstelingen met zijn identiteit en zijn geloof voerde hij in het openbaar waarmee hij de aandacht trok. De eerste grote controverse kwam met zijn bekering tot de Islam en zijn vriendschap met Malcolm X die in de blanke man de duivel zag. In de door blanken gedomineerde publieke opinie werd hij al snel afgeschilderd als een lastpost en opschepper.

Wat The Trails of Muhammad Ali vooral laat zien is dat hij ondanks die behandeling een voorbeeld werd voor een bevolkingsgroep die nog geen duidelijke stem had. Hij was de koppige underdog  en de zwarte Amerikaan die zich niet liet kleinmaken, ook al leek de wereld zich tegen hem te keren. Zijn bijzondere positie wordt in de film ook bewezen door de vreemde juridische situatie die ontstond toen Ali weigerde om zich voor dienstplicht te laten oproepen ten tijden van de Vietnamoorlog. Heel Amerika leek er schande van te spreken, al zou de publieke opinie over de oorlog veranderen. Door interviews met advocaten blijkt dat het Amerikaanse Hooggerechtshof hem gelijk moest geven ook al ging dat moeizaam, en was dat een unicum. De film laat goed zien wat de prijs is die Ali hiervoor moest betalen, maar het siert hem omdat je als kijker respect krijgt voor een uniek en krachtig individu op zoek naar zijn eigen waarde binnen een veranderende maatschappij.

Waar liefde en kunst samenkomen
Cutie and the Boxer van Zachary Heinzerling is een prachtige film over het ongewone kunstenaarsechtpaar Ushio en Noriko Shinohara. Ushio kwam in de jaren zestig naar New York en maakte daar door pop art geïnspireerde sculpturen en zijn eigen variant van action painting door met bokshandschoenen verf te slaan op doek. Hij brak echter nooit door als grote kunstenaar en de film toont hem met zijn vrouw Noriko in zijn New Yorkse loft als hij net 80 is geworden. Noriko is ook een kunstenares en raakte als jonge vrouw in de ban van de energieke Ushio die voor haar alles belichaamde wat kunst betekende. Maar door de jaren zijn er ook veel conflicten geweest tussen het stel. In de mooie striptekeningen die Noriko maakt portretteert zij zich als Cuttie die de wilde en onverantwoordelijke Bullie moet temmen, terwijl zij moeder is en zich bezig moet houden met huiselijke zaken.

Verslag IDFA 2013 Cutie and the Boxer

De film toont in mooie shots en op ontroerende wijze hoe het koppel leeft met elkaar en probeert rond te komen. Een komische en tegelijk ook schrijnende scène is als er een nette dame van het Guggenheim langskomt om een schilderij te kopen. Eindelijk het vooruitzicht op wat geld, ware het niet dat Ushio het gevraagde doek in een dronken bui aan een vriend heeft gegeven. Het blijkt al snel dat Noriko de persoon is die zorgt voor een mate van stabiliteit binnen de relatie, maar dat gaat ten koste van haar eigen creatieve drijfveren.

In een mooie scène citeert zij uit Virginia Woolfs essay A room of One´s Own hoe belangrijk het is om zelf dingen te creëren. Dit zorgt voor een verhaallijn in de film waarbij Noriko en Ushio besluiten om samen te gaan tentoonstellen, wat voor spanningen zorgt. Het is uiteindelijk de liefde die overwint, maar het is een liefde waar je offers maakt voor diegene die je liefhebt en waar je soms moet accepteren dat je in de schaduw leeft van een ander.

 

23 november 2013

 

PREVIEW IDFA 2013

DEEL 2

DEEL 3

DEEL 4

DEEL 5

DEEL 6

IDFA 2013 – Preview

Preview IDFA 2013 

Rond het Rembrandtplein in Amsterdam zal het komende weken weer een drukte van jewelste zijn. Documentairemakers, pers en publiek verenigen zich rond de belangrijkste locaties van verreweg het grootste documentairefestival van Nederland: het IDFA. Het festival begint 20 november en duurt tot en met 1 december. Kunst- en filmcriticus Bob van der Sterre en kunsthistoricus George Vermij doen verslag voor Indebioscoop. 

Een blikvanger van het IDFA is het retrospectief. Vorig jaar gaf Victor Kossakovsky een zeer vermakelijke masterclass over de originele aanpak van zijn films. Dit jaar staat de Cambodjaanse regisseur Rithy Panh in het zonnetje. Zijn films gaan vaak over de Rode Khmer-geschiedenis van het land. Vrijdag 22 november geeft hij een masterclass in Tuschinski. Zijn nieuwe film The Missing Picture is al bijna uitverkocht.

IDFA 2013 The Missing Picture

292 Documentaires, ook populaire films
Alles bij elkaar opgeteld, kom je bij deze editie tot niet minder dan 292 documentaires in vijfentwintig programmaonderdelen. De eerste wereldoorlog (acht films), films uit Zuidoost-Azië (veertien), standup comedy (zes), Niek Koppen in focus (vier). Om maar een paar te noemen.

Interessant is ook het programmaonderdeel Based on the Same Story. Zeven documentaires worden met speelfilms vergeleken. Een voorbeeld is The Last King of Scotland (Kevin MacDonald, 2006) versus General Idi Amin Dada (Barbet Schroeder, 1974). MacDonald zal van de partij zijn om uit te leggen hoe beide films anders naar het karakter Amin kijken. Een leuk bezoek want hij is ook regisseur van een van de documentaires in dit programma: One Day in September, die wordt vergeleken met Spielbergs Munich (2005).

Wie het zichzelf makkelijk wil maken, kiest voor populaire films van andere festivals: Best of Fests. En degene die de novemberkou te bar vindt, kan ook terecht op de site van IDFA, met honderden gratis en deels betaalde films van eerdere edities. Het is ook een manier om het festival financieel te steunen.

IDFA 2013 Ukraine is not a brothel

Bikvangers
Wat zijn de films waar we op moeten gaan letten? Ukraine is not a brothel is een van de films die tongen zal losmaken. Een film over de blote borsten-actiegroep Femen, en dus marketingstrateeg Victor Svatsky die achter de groep zit, en de waarheid over de prostitutie uit de Oekraïne. Ongetwijfeld een confronterende film.

Wie wil weten wat er nu precies gebeurt in Syrië, kan zich verdiepen via Return to Homs. Via twee vrienden die bij de rebellen vechten, zien we de oorlog in levende lijve. Een Syrisch-Duitse film; vermoedelijk zeer aangrijpend.

Ai Weiwei, het middelpunt van het vorige IFFR (International Film Festival Rotterdam), is er ook weer bij. Hij werd in 2011 gearresteerd en moest drie maanden in een isolatiecel verblijven. Nu is hij voorwaardelijk vrij. Hij wordt vanwege belastingontduiking aangeklaagd – wat hij een ‘fake case’ noemt. Ai Weiwei a Fake Case is gemaakt door een Deense filmploeg.

IDFA 2013 Torre David

Kraken in Venezuela
Meer mogelijke aanraders. Is Uri Geller een paragnostische spion? The Secret Life of Uri Geller stelt deze vraag. In The Horses Of Fukushima kijken we naar 23 paarden die de tsunami hebben overleefd. In Torre David zien we een kraakpandflat in Venezuela. In de toren, die nooit af is gemaakt, wonen nu 750 gezinnen. En Coach Zoran And His African Tigers, over de Servische coach van het Sudanese voetbalteam, zou wel eens dé feelgooddocu kunnen worden.

Er is veel, véél meer. Op het You Tube-kanaal van het festival staan nu al 114 trailers – en het aantal zal alleen maar toenemen.

 

15 november 2013