IDFA 2019 – Deel 9 (slot)

IDFA 2019 – Deel 9 (slot):
Terugblik op filmgeschiedenis

door Michel Rensen

Naast het retrospectief van Patricio Guzmán blikte IDFA dit jaar ook terug op wijlen D.A. Pennebaker en zijn partner Chris Hegedus. Ook documentaires over filmmakers vormen een soort retrospectief binnen een film. Daarnaast kijken enkele documentaires terug op de sociale context van cinema in een dictatuur. 

In augustus overleed direct cinema-voorman D.A. Pennebaker op 94-jarige leeftijd. Ter ere van zijn werk en dat van zijn artistieke en levenspartner Chris Hegedus, met wie hij sinds de jaren 70 een vruchtbare samenwerking had, waren onder andere Pennebakers eerste korte film Daybreak Express (1953) en zijn bekendste werk Don’t Look Back (1967) te zien, evenals de co-geregisseerde Town Bloody Hall (1979) en The War Room (1993).

Town Bloody Hall

Vruchtbare samenwerking
Pennebaker en Hegedus werkten voor het eerst samen aan Town Bloody Hall. Midden tijdens de tweede feministische golf organiseerde schrijver Norman Mailer een town hall meeting, waarin een panel met vooraanstaande feministen, onder wie Germaine Greer en Jill Johnston, een intellectuele discussie voerde. In 1971 gefilmd door D.A. Pennebaker, maar onzeker over hoe hij recht kon doen aan de geraffineerde, intellectuele feministen belandde de film op de plank. Chris Hegedus bewerkte jaren later het ruwe materiaal tot een verfijnde masterclass in filmmontage die de levendige tijdgeest ving.

Al een aantal keer hadden Pennebaker en Hegedus geprobeerd om rond de verkiezingen een film over één van de kandidaten te maken, maar zonder succes. In 1992 lukte het hen geld én toegang tot het campagneteam van toenmalig gouverneur Bill Clinton te krijgen. Zonder andere opties en met de drang om die verkiezingsfilm toch te maken, gokte het duo op het juiste paard. Mede dankzij de verkiezingszege van Clinton blijft The War Room een prachtig document van een roerige verkiezingstijd. Door de excentrieke campagnestrateeg James Carville en de nuchtere George Stephanopoulos is de film ook een genot om te kijken.

Forman vs. Forman

In eigen woorden
Met Varda by Agnès, Andrey Tarkovsky. A Cinema Prayer en Forman vs. Forman waren films over filmmakers goed vertegenwoordigd op IDFA. Opvallend in al deze documentaires is het verhaal van de makers in hun eigen woorden. Agnès Varda regisseerde haar eigen elegie, terwijl Tarkovski’s zoon Andrei A. een ode aan zijn vader maakte bestaand uit fragmenten uit Tarkovski’s archief. Forman vs. Forman hanteert vergelijkbare principes als de andere twee films. Bestaand uit interviews van Tsjechisch regisseur Miloš Forman, fragmenten uit zijn films en ander archiefmateriaal, aangevuld met citaten die door zijn zoon Petr ingesproken zijn, vertelt ook Forman vs. Forman het verhaal van de bekende regisseur in zijn eigen woorden.

De film legt een direct verband tussen zijn films en de zoektocht naar artistieke vrijheid. Onder het communistisch regime in Tsjechië zorgde de censuur niet alleen voor beperkingen, maar leidde het omzeilen van de censuur ook tot creatieve mogelijkheden volgens Forman. Na de Praagse Lente ontstond een korte periode van vrijheid, maar die periode was van korte duur. Forman verkaste daarop zonder zijn familie naar de Verenigde Staten en behaalde grote successen met One Flew Over the Cuckoo’s Nest en Amadeus. Voor het schieten van Amadeus keerde hij als Amerikaans staatsburger terug naar zijn geboorteland.

Dictaturen
Forman vertrok naar Amerika om zijn artistieke vrijheid na te jagen, maar onder dictaturen blijft een land zonder filmkunst achter. The Forbidden Reel vertelt het verhaal van het archief van staatsbedrijf Afghan Film, jarenlang de enige productiemaatschappij in Afghanistan. Na een roerige periode in de jaren 70 werd het land bezet door de Sovjet-Unie, waardoor de filmindustrie ook hier onder hevige censuur kwam te staan. De val van de Sovjet-Unie leidde in Afghanistan tot nieuwe onrust, waarna de Taliban in 1996 hoofdstad Kabul innam. Voor hen ging censuur niet ver genoeg, het gehele archief moest verbrand worden. De geschiedenis van Afghanistan moest men vergeten.

The Forbidden Reel

Met een truc verborgen medewerkers van Afghan Film vrijwel het complete archief en vervingen zij de te verbranden films door filmrollen van Amerikaanse en Russische makelij. Hierdoor is de Afghaanse filmgeschiedenis – bestaand uit enkele fictiefilms, maar ook veel documentair materiaal – bewaard gebleven. The Forbidden Reel vertelt niet alleen de geschiedenis van het archief, maar laat ook zien hoe regisseurs en archivisten zich op dit moment sterk maken om het gehele archief te digitaliseren, zodat de Afghaanse geschiedenis ook voor volgende generaties beschikbaar zal zijn.

In Sudan werd na de coup van kolonel Al-Bashir de filmindustrie kapot gemaakt door een economisch onwerkbare situatie te creëren. Langzaam verdween cinema uit de straten van Khartoum. Vier regisseurs laten het daar echter niet bij zitten en samen richtten zij een filmclub op om cinema terug naar Sudan te brengen. Na kleine voorstellingen te organiseren, besluiten ze dat het tijd wordt om een grote, vervallen bioscoop in de Sudanese hoofdstad nieuw leven in te blazen. Ondanks alle tegenslagen blijven ze hoopvol dat cinema terug in hun land komt. Na de val van Al-Bashir zal het slechts een kwestie van tijd zijn voor de gedroomde heropening van de bioscoop, die heel passend Revolution Theatre heet.

 

3 december 2019

 

IDFA 2019 – Deel 1
IDFA 2019 – Deel 2
IDFA 2019 – Deel 3
IDFA 2019 – Deel 4
IDFA 2019 – Deel 5
IDFA 2019 – Deel 6
IDFA 2019 – Deel 7
IDFA 2019 – Deel 8

MEER FILMFESTIVAL

IDFA 2019 – Deel 8

IDFA 2019 – Deel 8:
The Forbidden Strings

door Jochum de Graaf

Als rockmuzikant is het vaak sappelen, eeuwige roem en van je hobby kunnen leven is maar voor enkele bands weggelegd. Dat geldt natuurlijk nog eens te meer voor landen als Iran en Afghanistan waar je ook nog eens met repressie vanuit de autoritaire islamcultuur te maken hebt.

The Forbidden Strings

Overdag werken ze in de bouw of op een naaiatelier, ’s avonds en in het weekend jagen ze met hun band The Afrikain, ondanks de afkeuring van hun omgeving, hun droom na als rockers beroemd te worden. Akbar, Mohammed, Hakim en Soori zijn Afghaanse migrantenkinderen in Iran, waar het maar weinig van optreden komt. Een grote kans op eeuwige roem lijkt zich aan te dienen wanneer de band een uitnodiging krijgt voor een festival in Bamian, in moederland Afghanistan.

Onveilige situatie
De conservatief islamitische familie maakt zich ernstige zorgen, vanwege de onveilige situatie. In Kabul is het nog relatief rustig maar in tegenstelling tot eerdere berichten kunnen ze niet vliegen naar Bamian. Dramatisch hoogtepunt is de zware beslissing om over de weg met de auto dwars door Talibangebied te reizen. Het instrumentarium wordt gecamoufleerd, Akbar, Mohammed, Hakim kleden zich in traditionele kledij en ook rockchick Soori neemt zwaar gesluierd het risico.

Maar wow, de sensatie wanneer ze tegen een fabelachtig berglandschap het podium van het festival in Bamian betreden. Rock and roll is here to stay, die boerenkoppen in het publiek, islamitische jongeren die zich voor even kunnen ontworstelen aan het straffe cultuurregime.

Terug in Iran loopt het minder goed af. De situatie voor rockers is onverminderd moeizaam, optredens vrijwel onmogelijk, de groep valt uit elkaar en deze en gene vestigt de hoop op een carrière als soloartiest.

The Forbidden Strings doet denken aan Sonita, de hartverwarmende prijswinnende documentaire van IDFA 2016 over de rapster die dankzij een beurs in Canada weet te ontsnappen aan de beklemmende islamcultuur. The Forbidden String is minder politiek activistisch, maar toch een klein juweeltje over een groep Afghaanse migrantenkinderen die met tradities moeten breken om zichzelf te kunnen uiten.

 

3 december 2019

 

IDFA 2019 – Deel 1
IDFA 2019 – Deel 2
IDFA 2019 – Deel 3
IDFA 2019 – Deel 4
IDFA 2019 – Deel 5
IDFA 2019 – Deel 6
IDFA 2019 – Deel 7
IDFA 2019 – Deel 9

 
MEER FILMFESTIVAL

IDFA 2019 – Deel 7

IDFA 2019 – Deel 7:
Het experiment op IDFA 2019

door Bob van der Sterre

Documentaires met iets meer experimenteerdrift dan gemiddeld, ze vallen niet zo op in het maatschappijkritische lawaai van IDFA. Toch zijn ze er wel. Hierbij vier IDFA-films die grenzen verleggen met beelden belangrijker vonden dan de mens centraal stellen.

 

Barzakh

Barzakh
Het is niet altijd even eenvoudig, pers zijn op IDFA. Als je zoals ondergetekende te laat bij Barzakh binnenkomt, krijg je eerst een langdurend donker beeld met een uitspraak uit de Koran; daarna een vaag duister beeld van rotsen; na een minuut zie je een jongen passeren met lampion; na tien minuten volgt het eerste daglicht (en je kunt zitten).

Dat spreekt ook wel voor deze documentaire, die consequent gebruik maakt van het maanlicht – en daarmee talloze sublieme shots brengt van de jongens die hier overleven in de bergen, op de punt van Marokko, wachtend tot ze met zelfgemaakte vlotten de overtocht gaan maken. Zo leven dus sommige mensen terwijl je gewoon thuis je serie aanzet en een zak chips plundert. Tegelijk raakt het ook niet echt, omdat deze jongens niet veel te vertellen hebben, en ietwat geforceerd beginnen te praten over hun toekomst, de overtocht, hun dorp, enz…

Deze overstekers in spe lijken meer een beetje verplichte kost om de mooie, mysterieuze shots van bergen, zee en maanlicht te kunnen maken, want dat is wat deze documentaire van Alejandro Salgado (die natuurlijk wel wat vertrouwen moest winnen van de vluchters, dat is ook knap) boeiend maakt. Een van de weinige films die het denk ik beter zou doen in het Omiversum dan in een bioscoop.

 

Selfie

Selfie
Napels en omgeving blijkt een immer inspirerend onderwerp. Speelfilms als Reality, Gomorrah, Piranhas; series als Gomorra; documentaires als Camorra, Dark Corner, Robinù. Het is duidelijk waar het zwaartepunt ligt: de misdaad. Ook in Selfie draait het om een moord, die op Davide, jeugdvriend van de twee hoofdrolspelers, per ongeluk neergeschoten door de politie.

Waar is de experimenteerdrift dan? Die zit hem in het idee om de twee hoofdrolspelers uit te rusten met een mobiele camera. Met een selfiestick filmen ze zichzelf en hun wijk, Traiano. Dat maakt een film wel wat makkelijker en de mensen uit de wijk toegankelijker. Overigens wel al vaker gedaan (op dit festival alleen al Tiny Souls) maar dit is een mogelijke trend voor de toekomst – temeer de kwaliteit van smartphonecamera’s steeds meer toeneemt.

Dat levert soms boeiende beelden op. Het spontane zangoptreden, een pistool leegschieten in de natuur, scooterrijden door de stad (met een broodje in een plastic doosje). Het meisje dat zich verwondert of het nog de moeite waard is om te trouwen als haar man 20 jaar moet zitten (bij 10 jaar heeft ze geen twijfel).

Het aardige is dat deze film, anders dan bijvoorbeeld Robinù, geen minigangsters neemt in de hoofdrol. Nee, Alessandro en Pietro zijn zestien maar de een werkt in een bar, de ander wil kapper worden. Geen sensationele docu dus, ze zijn zelfs aandoenlijk, Napolitanen zijn nou eenmaal op hun zestiende al emotioneel ontwikkeld en deinzen niet terug voor wat geknuffel en gekus. Heel af en toe kreeg ik een La Haine-vibe, waar deze film wel wat van weg heeft. Wel is het resultaat een beetje wat je verwacht van zestienjarigen. Had een stuk korter gekund.

 

Ridge

Ridge
Van Napels naar het platteland in Zweden. John Skoog heeft een achtergrond als beeldend kunstenaar en dat kan de reden zijn dat hij deze film helemaal anders aanpakte. Negen van de tien documentairemakers hadden iemand gevolgd, dialogen gefilmd, en we hadden per se moeten meeleven. In deze film speelt het beeld de hoofdrol en leren we de mensen achter het beeld amper kennen.

De film heeft wel wat ankerpunten met menselijke interactie maar die zijn alleen een vage rode draad tussen de beelden van mensen die ‘s avonds met zaklampen slakken vangen (van bovenaf, je ziet hun lichtjes rondgaan), verdwaalde koeien, een wapperend korenveld (met techno), een hooibalenmachine in close-up en een dronken tiener die tussen de varens zijn roes uitslaapt. Met deze associatie vul je zelf de ontbrekende lijnen in. De techniek is misschien niet nieuw, maar de stijl wel fraai. Eindelijk een film die het durft om niet de mens, maar de beelden voorop te zetten. Ik vond zelf dat de film nog wel wat handtekening had mogen hebben – bijvoorbeeld met muziek – dan was het nog meer een visueel kunstwerk geworden.

De concentratie op dit boerenland doet voor Skoog wat de film Microcosmos doet voor het leven der mieren: het beperkt de artiest en dat pakt bijna altijd goed uit. Sterk debuut.

 

Marshawn Lynch: A History

Marshawn Lynch: A History
Deze film van David Shields gaat wel en niet over American Footballspeler Marshawn Lynch. Het is het type documentaire dat iets kleins als aanleiding neemt om iets enorms te willen vertellen. En slaagt daarin net zo goed wel als niet.

Marshawn Lynch is zeer eigenwijs, staat op tijdens het Mexicaanse volkslied en blijft zitten bij het Amerikaanse. Zijn eigenwijsheid is aanstekelijk. Een van de vele persconferenties die hij frustreert. Vraag. ‘I’m thankful.’ Vraag. ‘I’m thankful.’ Vraag. ‘I’m thankful.’ Dit doet hij in talloze varianten en hij krijgt een stempel mee: moeilijke jongen. Wel het ‘hart’ van American Football omdat hij in het veld ook soms ‘onbrave’ dingen laat zien.

Montage, daar draait deze film om. Suggestieve montage vooral. Via videosampling (je krijgt 700 beeldfragmenten voor je kiezen) wordt Marshawn Lynch gekoppeld aan zaken als slavernij, maatschappelijke ongelijkheid, armoede en racisme. Soms best vindingrijk, zoals met quotes van The Cat in the Hat van Dr. Seuss, of het portret van alle eigenwijze mensen uit Oakland. ‘Hij rent met zijn woede’, is zo’n mooie quote.

Soms vliegt de film totaal de suggestieve bocht uit, door het aan elkaar lijmen van quotes van bijvoorbeeld Malcolm X., Trump, Louis CK, Richard Pryor en Dave Chapelle, met beelden van Ferguson. Ik snap het idee, maar nee, dit is meer het niveau studentenfilm. Terwijl ik eigenlijk denk dat de film op geestige manier de onzin van sportcommentaar had kunnen aankaarten. Dat onderwerp was blijkbaar te licht voor de makers.

 

2 december 2019

 

IDFA 2019 – Deel 1
IDFA 2019 – Deel 2
IDFA 2019 – Deel 3
IDFA 2019 – Deel 4
IDFA 2019 – Deel 5
IDFA 2019 – Deel 6
IDFA 2019 – Deel 8
IDFA 2019 – Deel 9

 
MEER FILMFESTIVAL

IDFA 2019 – Deel 6

IDFA 2019 – Deel 6:
Observeren, reflecteren en doemdenken

door Suzan Groothuis

Kleine, beschouwende films over het leven van mensen staan tegenover documentaires met een politiek of maatschappelijk thema. Van dikke Scandinavische vrouwen gaan we naar blinde vrienden in Uruguay, om vervolgens te zien hoe het een kungfu vechtende sekte vergaat in Italië. In een persoonlijk essay zien we veertig jaar fotogeschiedenis van The New York Times en met de ontwikkeling van artificiële intelligentie gaan we een duistere toekomst tegemoet.

 

Fat Front

Fat Front – Ere mijn lichaam
In de openingsscène horen we een conversatie in een skilift. Een vrouw vraagt aan haar vriendin of zij haar dik vindt. Haar vriendin praat er met verzachtende woorden omheen. Maar ik ben dik, zegt de vrouw vastberaden. Een feit waar zij zich niet langer voor wil schamen. Tijd om de strijd met de moraal omtrent het gewicht aan te gaan!

Fat Front volgt vier verschillende jonge vrouwen in Scandinavië die allen kampen met overgewicht. Op dieet, het eeuwige gevecht met eten, een negatief zelfbeeld. Maar die tijd is nu voorbij. Ieder voor zich heeft besloten haar gewicht te accepteren en mooi te zijn zoals je bent. Op kanalen als YouTube presenteren de dames zich zonder gêne. Naakt, dansend, gehuld in kleding die niet camoufleert. Een medium waar vrouwen met overgewicht elkaar vinden en elkaar bemoedigen er mogen zijn.

Het accent van de film ligt in eerste instantie op hoe de vrouwen zich in het nu presenteren. Naarmate we de hoofdpersonen beter leren kennen, duiken we dieper in hun geschiedenis. Daar liggen tragische gebeurtenissen, zoals seksueel misbruik of opgroeien met een alcoholistische vader. Het (extreem) dik zijn komt ergens vandaan.

Fat Front van regisseurs Louise Detlefsen en Louise Kjeldsen stelt, dan weer op komische en dan weer op pijnlijke wijze, aan de kaak hoe groot de impact van overgewicht is in een samenleving waar dun de mode is. De vrouwen vertellen open en eerlijk hun verhaal. Maar ondanks de moraal, die dik en dun gelijk trekt, laat de film de kijker achter met een dubbel gevoel. Het is mooi om te zien hoe de vrouwen hun middelvinger opsteken naar het geldende modebeeld. Tegelijkertijd doet extreem overgewicht iets met je gezondheid. Het is alsof de vrouwen met hun provocatieve strijd zeggen, dat dit er niet toe doet. Maar er omheen kan je niet.

 

Mirador

Mirador – Op stap met blinden
Van Scandinavië gaan we naar Uruguay in Zuid-Amerika, waar drie blinde vrienden in een beschouwende stijl worden gevolgd. Regisseur Antón Terni kwam op het idee nadat hij de 34-jarige Pablo ontmoette. Samen met vrienden Valeria en Oscar doet hij dingen die mensen die niet blind zijn ook doen. Zoals likeur maken, of samen kamperen.

Terni maakt gebruik van lange, observerende shots. Zoals van Oscar die met zijn radio bezig is, de camera langdurig gericht op de apparatuur die hij gebruikt. Of Pablo in een tuinhuisje, zijn omgeving aftastend.

Mirador is een film met weinig dialoog. Ze zijn er wel, zoals wanneer de drie samen zijn en herinneringen ophalen of grapjes maken. Maar de film bestaat vooral uit verstilde shots, waarvan de mooiste dat van Pablo is, die in alle rust een schelpje met zijn vingers bevoelt. Het geeft een hypnotiserend effect, alsof de tijd er niet toe doet en je wordt bevangen door de schoonheid van iets wonderlijks.

Mirador is een haast zintuiglijke film, waarbij je meedeint op het tempo van de drie blinde vrienden. Het geluid is net iets versterkt, waardoor je de omgeving gaat ervaren zoals Pablo, Valeria en Oscar. We zien ze genieten, maar we zien ook de worsteling met hun handicap. Zoals Pablo die verdwaalt in een bos, waarbij de filmmaker bewust niet ingrijpt. Uiteindelijk redden de drie het wel, met of zonder elkaar. Waar de film het aan ontbreekt is context. Je weet maar weinig van de drie hoofdpersonen en bepaalde shots zijn wel erg lang en weinigzeggend. Dat Valeria moeder is van twee kinderen, vernemen we tijdens de Q&A. Ook zegt de film niets over de positie van blinden in Uruguay. Uiteindelijk doet Mirador wat richtingloos aan. Een greep uit de magie die drie blinden samen kunnen ervaren, maar die van de kijker een lange adem vraagt.

 

Faith

Faith – Vechten voor wat komen gaat
Het Italiaanse Faith is ook een beschouwende film. In fraai zwart-wit geschoten volgen we een bizar gezelschap dat afgelegen in Italië leeft. Aangevoerd door een kungfumeester bereidt het gezelschap – bestaande uit “krijgsmonniken” en “beschermmoeders” –  zich voor op een gevecht tegen het Kwaad. Een dag die er volgens de kungfumeester ooit gaat komen.

Regisseur Valentina Pedicini kreeg de unieke kans deze geïsoleerde sekte van dichtbij te filmen. Er waren wel voorwaarden, leren we tijdens de Q&A, want de filmploeg moest zich hullen in witte kleding. We zien de sekteleden trainen, eten, slapen. Net als in Mirador ontbreekt het in Faith aan uitleg of context. De filmmaker heeft ervoor gekozen zich observerend op te stellen, wat maakt dat we vooral het dagelijks reilen en zeilen zien. De strijd waarop de krijgsmonniken zich voorbereiden gaat gepaard met een ijzeren discipline. De meest indrukwekkende scène is die waarbij de weinig gemotiveerde Laura tot het uiterste gedreven wordt door haar kungfumeester. Haar laatste kans om te laten zien dat ze een krijger is, anders zal ze het gezelschap moeten verlaten.

De gemeenschap intrigeert, maar na het zien van Faith blijft de kijker wel met heel veel vragen zitten. Hoe het idee van de sekte (een gekke mengeling van vechtsport en geloof) is ontstaan, bijvoorbeeld. Of hoe ze elkaar hebben leren kennen. Wie familie van elkaar is, en wie niet. En wat ze ervoor op moesten geven. We zien een kort fragment waarbij twee sekteleden hun familie ontmoeten. Daarin is duidelijk dat ze niet terugkeren naar huis. Een spanningsveld is voelbaar, maar er mist verdieping.

Dat laatste is het grootste probleem met Faith. Als kijker zit je naar een eindeloos gefilmde krachttoer te kijken. Prachtig en intens gefilmd, dat wel. Maar ook moeilijk om uit te zitten. Faith vraagt geduld en uithoudingsvermogen van de kijker. Als je tot het einde bent gebleven, voel je je wel even een krijger. 

 

Letter to the Editor

Letter to the Editor – Een reis door The New York Times
Alan Berliner is een filmmaker met een geheel eigen stijl. Zijn First Cousin Once Removed won in 2012 de IDFA Award for Best Feature-Length Documentary, waarmee hij een intiem document levert over de laatste levensjaren van zijn dementerende achterneef Edwin Honig. Het is tevens een essay over het geheugen, opgesierd door geluidseffecten die een herinnering simuleren. We horen een TING!, wanneer een herinnering, of een stukje ervan, naar boven komt. Berliners kracht ligt in de manier waarop hij zijn films monteert. Een bont spel van beeld en geluid, vaak druk, met de neiging tot herhaling. Maar het werkte in First Cousin Once Removed, en het werkt ook in zijn wonderlijke nieuwste: Letter to the Editor.

Letter to the Editor is niet zomaar een documentaire. Berliner was al sinds begin jaren 80 bezig met wat toen nog een idee was. Namelijk het kopen van The New York Times, tweemaal daags, en belangrijk beeldmateriaal eruit knippen, categoriseren en opbergen. Het idee? Er uiteindelijk iets mee doen qua film. Over het belang van het medium krant en het effect dat het heeft op je eigen zijn.

Letter to the Editor is geheel opgebouwd uit nieuwsfoto’s. Duizenden zien we voorbijkomen, soms zo snel achter elkaar gemonteerd dat het lijkt alsof we meegezogen worden in een filmisch tijdsbeeld. Ondertussen verhaalt Berliners voice-over over de kracht van de papieren krant en uit hij tegelijkertijd zijn zorg dat het medium eindig is. We leven immers in het digitale tijdperk en de verkoopcijfers van een grote krant als The New York Times zijn drastisch gedaald.

Niet alleen is Letter to the Editor een persoonlijke reflectie op het papieren nieuws, maar ook een duik in de geschiedenis van de afgelopen veertig jaar. Van sport tot concerten tot de fatale instorting van het World Trade Center, The New York Times was erbij, fotografeerde en legde vast. Net als in First Cousin Once Removed is Letter to the Editor voorzien van een geluidsband, waarmee de beelden nog meer tot leven komen. Zo gebruikt Berliner daadwerkelijk de muziek van concertfoto’s. Of een schreeuw, wanneer er nieuws met emotie is. En met regelmaat hoor je een typemachine driftig tikken. Alsof de New York Times op de achtergrond aanwezig is door de foto’s te voorzien van tekst.

Het moet gezegd: Berliner heeft knap werk geleverd. Letter to the Editor is een ode en afscheidsbrief ineen aan een groots medium dat de tand des tijds zeer waarschijnlijk niet zal doorstaan.

 

iHuman

iHuman – De wereld bepaald door robots
In het Noors/Deense iHuman gaan we niet terug in de geschiedenis, maar wordt vooruitgeblikt op het medium kunstmatige intelligentie. Tonje Hessen Schei is na Drone (2014) terug met een duister toekomstbeeld.

Strak en stilistisch gefilmd, waarbij interviews met experts op het gebied van artificiële intelligentie (AI) worden afgewisseld met geanimeerde computertekeningen, krijgen we een blik op het nu en de toekomst. Met alle ontwikkelingen die gaande zijn is de vraag in hoeverre computers het voor het zeggen gaan hebben. Zelflerend vermogen komt ter sprake, en daarmee ook het nemen van beslissingen die van grote invloed kunnen zijn op politiek of maatschappelijk vlak. Hierbij haalt Hessen Schei weer even de omstreden drones aan. Wanneer beslist een computergestuurd systeem om een drone te laten ontploffen? Ziet AI de bedreiging goed in een omgeving of in een mens?

Het meest schokkend is het gegeven in een deel van China, waar AI de bevolking “screent” en je al naargelang je persoonlijke situatie, wel of niet gebruik kan maken van diensten van de samenleving. Het doet denken aan Black Mirror-aflevering Nosedive, waarin Bryce Dallas Howard hard haar best doet om een zo hoog mogelijke social media-waardering te krijgen. Wat weer van invloed is op het krijgen van een hypotheek of je begeven in hogere kringen. Dat het al zover is, blijkt dus al in een klein deel van de wereld.

En zo gaat iHuman door met het belichten van diverse gevaren die de ontwikkeling van AI met zich meebrengt. In slechte handen is het een uiterst gevaarlijk medium, waarbij je kan denken aan vervalsing van nieuwsberichten en het gebruik van algoritmen die bepaalde vooroordelen uitvergroten. Bijgestaan door een dreigende soundtrack, voel je als kijker het zwaard van Damocles boven je hoofd hangen. Alleen doet iHuman teveel haar best om dat onheilspellende gevoel te benadrukken.

 

2 december 2019

 

IDFA 2019 – Deel 1
IDFA 2019 – Deel 2
IDFA 2019 – Deel 3
IDFA 2019 – Deel 4
IDFA 2019 – Deel 5
IDFA 2019 – Deel 7
IDFA 2019 – Deel 8
IDFA 2019 – Deel 9

 
MEER FILMFESTIVAL

IDFA 2019 – Deel 5

IDFA 2019 – Deel 5:
Invloed van Netflix?

door Bob van der Sterre

Waar zou het aan liggen, de hausse aan documentaires over drama uit het verleden? Is het de invloed van Netflix of was de hausse er altijd al en valt het nu pas op? Hoe dan ook, vier docu’s met dat uitgangspunt.

 

The Death of Antonio Sanchez

The Death of Antonio Sanchez
Een van de laatste maquitos (‘mannen van de bergen’) was Antonio Sanchez Lomas. Dat wil zeggen: daarmee was het laatste verzet (in 1952) tegen de fascistische Spaanse regering gebroken. Antonio werd neergeschoten en daarna op de rug van een ezel naar het dorp Frigiliana gedragen. Een herinnering die nog steeds wonden openscheurt in het dorp, onder andere omdat ook een paar onschuldige jongens werden vermoord, die deze ‘Mannen van de Bergen’ zouden hebben gekend

Films met dit soort titels doen het altijd goed. Toch hoef je geen spannende misdaaddocu te verwachten. Meer een theatrale interpretatie. Want de lokale conciërge (een in dit stadje weggepeste socialistische politicus) en regisseurs Ramón en Salvador Gieling zetten alles à la Oppenheimers The act of Killing in scène. Ook hier een confrontatie: tussen de oude fascistische burgemeester en een getraumatiseerde nabestaande. Daarnaast kan de conciërge zijn eigen trauma’s wegspoelen, gezien zijn fanatieke acteerwerk als guardia civil van de jaren vijftig (speelt ook nog het lijk van Sanchez Lomas).

Onderhoudende Nederlandse productie die wel beklijft door het in scène zetten van alles, maar daarmee niet iets nieuws uitvindt. Bovendien stoorde ik me ook wel door het gemakzuchtige herhalen van Schuberts Opus 100, die zelfs beelden van een vuilniszakken smijtende vuilnisman nog ontroerend zou maken .

 

Black Box BRD

Black Box BRD
Film uit 2001 in het kader van het It Still Hurts-programma, over drama in onze post-WO II-wereld. Andreas Veiels film is een klassieker over twee geschiedenissen in de jaren zeventig: die van de voortvluchtige RAF-man Wolfgang Grams en bankier Alfred Herrhausen, die werd vermoord door de RAF. Beiden hebben een geschiedenis in de Bondsrepubliek die niet méér verschillend kan zijn. De terreur (linkse terreur toen nog) versus het kapitalisme: hier vind je achtergrond op de krantenkoppen van die tijd.

Je ziet de bekende pratende hoofden (partners, vrienden, ouders), archiefbeelden maar ook niet-journalistieke beelden ter ondersteuning, zoals rijdende Mercedessen of mensen die iets doen (schoonmaken). Het probleem van veel moderne documentaires is dat ze dit soort esthetische beelden weglaten, hoewel die juist lucht geven aan een film.

Ander sterk punt is dat de film niet oordeelt en je zelf laat nadenken over de levens van deze twee. Met deze aanpak kan Black Box BRD nog steeds makkelijk de vergelijking aan met gelikte documentaireseries op Netflix. (En niet verder vertellen maar de film staat compleet op YouTube.)

 

1982

1982
Het jaar van de oorlog om de Falklandeilanden. Het Argentijnse dictatorschap van Leopoldo Galtieri versus Margaret Thatcher. En dat om een eilandengroep met amper 30.000 mensen. Deze vooral symbolische oorlog verliep voorspelbaar: de Argentijnen bezetten de eilanden maar waren geen partij voor de militair veel sterkere Britten.

Vrijwel alle beelden van 1982 komen van het Argentijnse 60 minutos. Dat nieuwsprogramma berichtte uiteraard enorm eenzijdig. De Argentijnen waren immer aan de winnende hand, de bevolking stond massaal achter de soldaten, die op hun beurt dolgraag hun levens wilden opofferen voor dit koude stukje land. 1982 legt uit hoe televisieberichtgeving werkt in een land waar je geen vrije media hebt – en dat is best herkenbaar in onze tijden van Facebookhokjesgeest. Het is wel een enorme gok voor dat soort regimes. Als je verliest, is de bevolking woedend omdat ze zich verraden voelt. Twee jaar na de nederlaag viel dan ook deze dictatuur.

Docu biedt hier en daar wat fascinerende momenten (het inpakken van de dozen, de verkleumde soldaten op het eiland) en doet denken aan The Autobiography of Nicolae Ceaușescu uit 2010 van Andrej Ujica, die hetzelfde idee had: aan elkaar gemonteerde archiefbeelden zeggen soms meer dan een journalistieke documentaire.

 

Shooting the Mafia

Shooting the Mafia
De minst gelukte film van het festival is Shooting the Mafia. Ik verwachtte veel van dit portret van Letizia Battaglia. Ik bewonder haar werk en moed. Ze fotografeerde de misdaad in de jaren vijftig, zestig en zeventig voor een Siciliaans dagblad en was later politica. Daarbij had ze ook oog voor de armoede op Sicilië – die foto’s zijn misschien nog mooier. Ze had een soort geluk en pech in deze periode fotograaf te zijn.

Afgezien van de esthetische kwaliteiten van haar foto’s, is ze bekend om haar eigenzinnigheid. Ze vond de romantisering van misdaad in films en series als The Godfather en The Sopranos simpelweg vreselijk.

De documentaire had ruimte genoeg om dit uit te zoeken, maar je krijgt een fotogalerie met duizelingwekkend veel lijken, een samenvatting van haar liefdesleven en een complete maffiageschiedenis. En daarnaast, als een jukebox van Italiaanse muziek, liedjes als Volare die denk ik niks met Battaglia te maken hebben. Gemiste kans! In de eerder besproken La mafia non è più quella di una volta krijg je een leuker en spontaner beeld van Battaglia, ook al is ze daar korter in beeld. Ik meen hier zelfs dezelfde demonstratie te zien als die ze in de andere film bezoekt!

 

1 december 2019

 

IDFA 2019 – Deel 1
IDFA 2019 – Deel 2
IDFA 2019 – Deel 3
IDFA 2019 – Deel 4
IDFA 2019 – Deel 6
IDFA 2019 – Deel 7
IDFA 2019 – Deel 8
IDFA 2019 – Deel 9

 
MEER FILMFESTIVAL

IDFA 2019 – Deel 4

IDFA 2019 – Deel 4:
Patricio Guzmán: het verleden onder ogen zien

door Michel Rensen

Chileense documentairemaker Patricio Guzmán is dit jaar hoofdgast op IDFA. Daarbij hoort natuurlijk een uitvoerig retrospectief van zijn werk, waarin de door de CIA gesteunde militaire coup in 1973 een rode draad vormt. 

Guzmáns drieluik The Battle of Chile (1975-79) vormt een kroniek van de aanloop naar de coup. Met een kleine crew en een net zo klein budget begon hij voor aanvang van de parlementsverkiezingen in maart 1973 te filmen. De socialistische president Salvador Allende was op dat moment twee jaar aan de macht en voor Guzmán voelde deze tijd als een gaande revolutie. Een hoopvol moment naar de toekomst waar hij bij moest zijn om het vast te leggen. Nadat Guzmán onder Pinochets regime gearresteerd was, vluchtte hij met zijn film het land uit, waarna hij vanuit Europa zijn trilogie afmaakte.

The Insurrection of the Bourgeoisie

De straat op
Het eerste deel, The Insurrection of the Bourgeoisie (1975), vertelt de aanloop naar de verkiezingen en de gespannen politieke situatie. De film begint hoopvol, met een optimistische blik vol jeugdig enthousiasme dat wellicht nog het meest doet denken aan Le joli mai van Chris Marker (ook als producer betrokken bij The Battle of Chile), één van de eerste documentaires die de gewone mens op straat filmde. Gedurende de film slaat de toon na de verkiezingen snel om. Nadat de oppositie Allende niet met democratische middelen kan verslaan, groeit de militaire aanwezigheid die uiteindelijk tot de coup zal leiden. De film eindigt met beelden van de Argentijnse journalist Leonardo Henrichsen, die tijdens zijn opnames werd doodgeschoten.

In de andere twee delen van de trilogie belicht Guzmán de twee kanten van de politieke strijd. The Coup d’État (1976) vertelt hoe de rechtse oppositiepartijen doelbewust de economie verstoren om de weerstand tegen Allendes presidentschap te vergroten. De oppositie ontketent met financiële steun van de CIA een staking van vrachtwagenchauffeurs die de hele Chileense economie lam legt. Zo ontstaat een draagvlak onder de bevolking waardoor de militaire coup kon plaatsvinden. In het derde deel, Popular Power (1979), richt Guzmán zijn blik op de arbeiderscollectieven die ondanks de penibele situatie voor hun rechten blijven vechten, zodat de revolutie wel gaan komen.

Pijnlijke geschiedenis
Na het aftreden van Pinochet bracht Guzmán zijn trilogie The Battle of Chile terug naar zijn vaderland, waar de film altijd verboden was geweest. In Chile, Obstinate Memory (1997) is deze terugreis het onderwerp. Guzmán laat de film zien aan studenten en scholieren, die de coup zelf nooit meegemaakt hebben, om hen over de geschiedenis te leren die door Pinochets regime onder het tapijt was geschoven. Ook interviewt hij voormalig activisten die bij de vele protesten aanwezig waren. Chile, Obstinate Memory is in vorm radicaal anders dan zijn eerdere werk, maar vormt een prachtige reflectie op het collectieve geheugen en manier waarop de geschiedenis zijn sporen achterlaat, ook als een dictatoriaal regime dit verleden hartgrondig probeert uit te wissen. Zijn vooruit kijkende blik in het derde deel van The Battle Of Chile heeft Guzmán niet verloren, maar met deze film houdt hij een pleidooi voor het terugkijken. Om vooruit te kunnen, moeten we eerst de geschiedenis onder ogen durven te zien.

The Cordillera of Dreams

Herhaling van de geschiedenis
In zijn recente werk reflecteert Guzmán op de geschiedenis via het Chileense landschap. Na Nostalgia de la luz (2010) en The Pearl Button (2015) gebruikt hij in zijn nieuwe film The Cordillera of Dreams (vanaf 6 februari in de Nederlandse bioscopen te zien) het Andesgebergte om te reflecteren op de rol van ooggetuigen, waarin hij verbanden legt tussen het heden, verleden en de schijnbare tijdloosheid van het Andesgebergte dat altijd over Chili uitkijkt. The Battle of Chile vormt een getuigenis van de aanloop naar de militaire coup, maar omdat Guzmán het land uit moest vluchten, heeft hij de gruwelijkheden van Pinochets dictatuur niet kunnen vastleggen. Guzmán gaat in gesprek met filmmakers en kunstenaars die tot op de dag van vandaag zoeken naar manieren om die ervaren geschiedenis in hun werk vorm te geven.

The Cordillera of Dreams legt een direct verband tussen de militaire coup en de huidige politieke situatie in Chili. Pinochet is in 1990 dan wel afgetreden, maar de constitutie die zijn regime geschreven heeft, houdt de huidige Chileense samenleving nog steeds in zijn greep. De film laat zien dat het een kwestie van tijd is voor het volk weer in opstand zal komen. Jorge Baradit, schrijver en activist, vormt als één van de protagonisten in de film het voorbeeld dat een herhaling van de geschiedenis aanstaande is, maar dat hopelijk dit keer de revolutie wel plaats zal vinden. De film ging eerder dit jaar in Cannes in première. Dat er sinds half oktober meer dan een miljoen Chilenen tegen het huidige regime de straat op zijn gegaan, laat zien dat Guzmáns voorspelling raak is.

 

1 december 2019

 

IDFA 2019 – Deel 1
IDFA 2019 – Deel 2
IDFA 2019 – Deel 3
IDFA 2019 – Deel 5
IDFA 2019 – Deel 6
IDFA 2019 – Deel 7
IDFA 2019 – Deel 8
IDFA 2019 – Deel 9

 
MEER FILMFESTIVAL

IDFA 2019 – Deel 3

IDFA 2019 – Deel 3:
Rijzende en gevierde sterren

door Suzan Groothuis

In dit deel aandacht voor bekende mensen. Omdat ze een jonge influencer zijn, ineens als popster in de spotlight staan, een jarenlange carrière als illusionist weer oppakken en roem en liefde moeilijk samengaan. 

 

Jawline

Jawline – Ego voor de camera
We trappen af met het Amerikaanse Jawline en volgen de jonge Austyn in Tennessee, die via internet beroemd wil worden. Dagelijks zet hij zichzelf voor de webcam en brengt jonge meisjesharten op hol door hoopvolle boodschappen uit te spreken. Geloven in jezelf bijvoorbeeld, en dat je mooi bent zoals je bent. Hoewel Austyns ster rijzende is, is hij er nog lang niet. Hij moet nog bouwen aan zijn volgers en reputatie. In plaats van zich op school te richten, zet Austyn alles op alles om bekend te worden.

Behalve Austyn worden ook andere jonge influencers gevolgd. De jonge en gelikte manager Michael Weist heeft een paar mooie jongens onder zijn hoede. Naast het vertonen van video’s op kanalen als YouTube en Instagram doen ze aan performances. Ze reizen het land door, waar ze opgewacht worden door gillende meiden die na een omhelzing bijna flauwvallen.

Jawline, een documentaire van Hulu (waarop ook hitserie The Handmaid’s Tale te zien is) geeft een goed en indringend beeld van het influencer-tijdperk. Zowel de kant van de beginnende ster, zoals Austyn, als jongens die het al gemaakt hebben, wordt belicht. Het is aan de kijker om een oordeel te vellen over het medium. Jonge meisjes vertellen emotioneel hoe de influencers hun leven en kijk op zichzelf positief veranderd hebben. Maar het medium is ook oppervlakkig en leeg. Het draait om uiterlijk, charisma en geld verdienen. Zoals het aantal volgers, het touren en het uitbuiten van wat hoopvolle berichten met anderen doen. Jawline duikt in een wereld van gespeelde positiviteit en dat levert net zoveel ergernis als dat het op de lachspieren werkt. Maar ondertussen toont het wel het tijdperk van het nu en wat we toekomstig kunnen verwachten. En is er onderliggend de tragiek van de Amerikaanse droom, want hoe hard je ook je best doet, succes is niet voor ieder mens weggelegd. 

 

Once Aurora

Once Aurora – Groot zijn en jezelf blijven
Succes kan ook uit onverwachte hoek komen. Het overkwam de jonge Noorse Aurora Aksnes op 16-jarige leeftijd. Een zelfgeschreven liedje ging het internet op en popidool AURORA was geboren.

De documentaire Once Aurora volgt Aurora gedurende twee jaar. We zien hoe ze bezig is met de opnames van haar tweede studioalbum, terwijl ze de wereld rondreist om haar eerste album All My Demons Greeting Me as a Friend ten gehore te brengen. Geheel vlekkeloos verloopt het niet: Aurora ligt regelmatig in de clinch met haar manager, omdat ze verschil van mening over het nieuwe album hebben. Zij zoekt het experiment, hij wil hits. De camera volgt onderhandelingen over een middenweg. En dan is er nog de tournee, die Aurora opbreekt. Zichtbaar vermoeid geeft ze aan zoveel prikkels niet gewend te zijn. De constante aandacht van media en fans staat lijnrecht tegenover waar ze vandaan komt: de stille rust van de Noorse natuur.

Documentairemakers Benjamin Langeland en Stian Servoss volgen haar innerlijke strijd. Enerzijds is er behoefte aan een break, anderzijds zijn er de creativiteit en passie voor muziek. Middels gefragmenteerde montages, waarbij zowel Aurora’s zelfreflecties als het hectische leven van popster voorbij komen, zien we hoe zij zich in twee jaar ontwikkelt. Once Aurora levert een intiem portret, met een zichtbaar spanningsveld tussen de roem die in haar nek hijgt en de hang naar creatieve eigenheid.

 

The Amazing Johnathan Documentary

The Amazing Johnathan Documentary – Niets is wat het lijkt
Als je als documentairemaker de kans krijgt om een terminaal zieke illusionist, die zijn carrière weer nieuw leven wil inblazen, te filmen, dan zeg je natuurlijk geen nee. Zeker niet als het The Amazing Johnathan betreft, berucht om zijn trucs vol verwijzingen naar drugs, drank en de dood. Johnathan kreeg na de diagnose van een dodelijke hartziekte te horen dat hij nog maar een jaar zou leven. Inmiddels is hij drie jaar verder. Reden genoeg voor een comeback!

Terwijl regisseur Ben Berman The Amazing Johnathan in zijn comeback volgt, en je als kijker verwacht dat dit het verdere verloop van The Amazing Johnathan Documentary is, word je op het verkeerde been gezet. Want Johnathan blijkt nog een documentaireploeg gevraagd te hebben hem te filmen. En niet zomaar een: de producenten van hitdocu’s Searching for Sugar Man en Man on Wire staan aan het roer. Teveel concurrentie voor Ben, die eerder werk leverde voor tv-kanaal Adult Swim (onderdeel van Cartoon Network).

En of het niet gekker kan, komen er nog twee filmploegen om de hoek kijken. Ondanks dat het gemakkelijk is om op te geven, blijft Ben filmen. Daarbij gaat hij zichzelf ook vragen stellen en belanden we ineens in een meta-documentaire. De filmmaker vraagt zich af of hij nog wel op het goede spoor zit en welke richting hij uit moet. Ondertussen kijkt Ben met een kritisch oog naar het onderwerp van zijn documentaire, Johnathan zelf. De man is illusionist van beroep, dus hoe betrouwbaar is hij eigenlijk?

Het resulteert in een knotsgekke, humoristische, zelfreflecterende documentaire waarin Ben in dialoog blijft met zijn hoofdpersoon én zichzelf. Als kijker word je meerdere malen op het verkeerde been gezet, waarmee Ben uiteindelijk een passend geheel levert: gedesillusioneerde filmmaker maakt een desillusionerende film over een illusionist. Zien is geloven!

 

Marianne & Leonard: Words of Love

Marianne & Leonard: Words of Love – Oprechte, maar pijnlijke liefde
Gevierd documentairemaker Nick Broomfield (Kurt & Courtney, Aileen Wuornos: The Selling of a Serial Killer) is terug met Marianne & Leonard: Words of Love. In deze film staat de liefde tussen zanger Leonard Cohen en zijn muze Marianne Ihlen centraal. Cohen ontmoette de Noorse schone op het Griekse eiland Hydra, waar hij zich in 1960 terugtrok om zich te richten op het schrijven. Hydra was een plek waar veel kunstenaars zich vestigden. Het zonovergoten eiland straalt een bepaalde sensualiteit en mystiek uit. Seks, drugs en het beoefenen van de kunsten was een dagelijkse bezigheid. Cohen en Ihlen brachten er, samen met haar zoon Axel uit haar eerste huwelijk, gelukkige jaren door.

Maar na zijn doorbraak als liedjesschrijver verhuist Cohen naar New York en leven hij en Ihlen gescheiden van elkaar. Een leven samen blijkt niet langer mogelijk, in ieder geval niet zoals de tijd op Hydra. Ihlen en haar zoon bezoeken Cohen wel en de verblijven wisselen van kort tot lang. Cohen tourt veel, wordt steeds succesvoller en heeft oog voor andere vrouwen en drugs. Een goede vriendin vertelt dat een relatie met Cohen onmogelijk was. Hij kon je het gevoel geven van je te houden, maar hij was een echte kunstenaar en dus ontembaar.

Ondanks dat de jaren na Hydra geen sprookje meer waren, zag Cohen Ihlen altijd als zijn muze. Aan haar droeg hij het nummer So Long, Marianne op. Voor concerten kreeg ze steevast een uitnodiging op de eerste rij. Broomfield, die Ihlen na haar tijd met Cohen leerde kennen op Hydra, had zelf een kortstondige relatie met haar. Zijn documentaire schetst haar tragische liefdesrelatie met Cohen aan de hand van persoonlijk filmmateriaal, talking heads, liveopnames van Cohens concerten en interviews. Alles wat fragmentarisch aan elkaar geweven en voorzien van de dromerige voice-overs van Ihlen en Cohen.

Terug naar hun pijnlijke liefdesgeschiedenis. Ihlen had haar hart aan Cohen gegeven, maar hij kon zich niet langdurig binden. Toch wás er liefde. Het immens ontroerende einde toont die zo warm, poëtisch en puur, dat je alle vragen of Cohen wel van zijn Marianne gehouden heeft, overboord kan gooien. Tot de dood ons scheidt, zullen we maar zeggen.

 

29 november 2019

 

IDFA 2019 – Deel 1
IDFA 2019 – Deel 2
IDFA 2019 – Deel 4
IDFA 2019 – Deel 5
IDFA 2019 – Deel 6
IDFA 2019 – Deel 7
IDFA 2019 – Deel 8
IDFA 2019 – Deel 9

 

MEER FILMFESTIVAL

IDFA 2019 – Deel 2

IDFA 2019 – Deel 2:
Nieuwe manieren om documentaire verhalen te vertellen

door Michel Rensen

Voor de dertiende keer is er IDFA DocLab in Tolhuistuin gecentreerd rond een expositie van meer dan dertig interactieve en immersieve kunstwerken en VR-installaties. Deze werken verkennen de grenzen van cinema en zoeken nieuwe manieren om documentaire verhalen te vertellen. 

Traditioneel bestaat DocLab voor een groot deel uit virtualrealitywerken, waarin je via een VR-headset afgezonderd wordt van de wereld en naar een andere plek of tijd gebracht wordt. Zoals in Lagos at Large (Jumoke Sanwo) en Rozsypne (Nienke Huitenga-Broeren, Lisa Weeda) waarin je een blik kunt werpen in het dorp waarboven MH17 neergeschoten werd. Nerd_Funk (Ali Eslami, Mamali Shafahi) probeert je als kijker de digitale wereld op een andere manier te laten beleven en in Ayahuasca – The Shamanic Exhibition kun je een psychedelische ervaring van een spirituele ceremonie beleven.

Ayahuasca - The Shamanic Exhibition

Computer als filmmaker
Naast het in twijfel trekken van de traditionele positie van de kijker, wordt ook de positie van de filmmaker onderzocht. De vraag of een kunstmatige intelligentie een film (of kunst) kan maken, wordt al jaren gesteld, maar een overtuigend antwoord laat nog op zich wachten. Reflector (Piotr Winiewicz, David Gorny, RNDR) focust zich in dat proces op één aspect van het film maken, namelijk de montage.

Aan de hand van verschillende factoren zoals shotcompositie, kleur, belichting en onderwerp besluit een AI ter plekke wat het volgende shot van de film wordt. Het resultaat is zoals je wellicht kunt verwachten een beetje een rommeltje. Veel jump cuts tussen shots die ofwel te veel op elkaar lijken, ofwel geen sterk verband met elkaar hebben. Voor het categoriseren van filmshots lijkt de AI wel een functie te hebben, maar voor een mooi verhaal hoeven we nog niet bij een computer aan te kloppen.

In Event of Moon Disaster

Maanlanding
De deepfake biedt een andere relevante bedreiging of kans voor het maken van film. In In Event of Moon Disaster bieden Francesca Panetta en Halsey Burgund een alternatieve geschiedenis, waarin de maanlanding catastrofaal misging. Bij een overtuigende deepfake-speech van toenmalig president Nixon rijst meteen de vraag hoe we in de toekomst de geschiedenis gaan representeren. Hebben we nog acteurs nodig om historische figuren te spelen of casten we zelfs overleden acteurs in nieuwe films, zoals recent met de casting van James Dean werd aangekondigd? Ongetwijfeld een mogelijkheid die in de toekomst nog veel reuring zal brengen, want waar liggen de grenzen van artistieke expressie?

Meer concrete voorbeelden over hoe deze nieuwe digitale technieken toepasbaar zijn, kun je vinden in de serie video-installaties bij IDFA’s focusprogramma It Still Hurts. Een drietal werken reflecteert hoe digitale technieken voor een groter doel ingezet worden, namelijk voor forensisch onderzoek. Mengele’s Skull (Eyal Weizman, Thomas Keenan, 2012) vertelt het verhaal van het onderzoeksproject van de identificatie van de schedel van nazi-dokter Josef Mengele met behulp van film en fotografie. Deze zaak in de jaren 70 was het begin van een cruciale verschuiving in het visualiseren van forensisch onderzoek.

Torture and Detention in Cameroon

Martelpraktijken
Torture and Detention in Cameroon (Forensic Architecture, 2017) maakt met behulp van 3D-software een reconstructie van martelpraktijken in een militair kamp van de B.I.R. dat in Kameroen met westerse steun tegen Boko Haram strijdt. Door het analyseren van gelekt videomateriaal, satellietbeelden en Facebookfoto’s construeert de film uitvoerig het complex waar de martelingen plaatsvinden, waardoor getuigenverklaringen visueel ondersteund worden.

Ook Destruction and Return in al-Araqib (Forensic Architecture, 2018) analyseert uitvoerig oude satellietbeelden om te laten zien hoe een Bedoeïendorp, dat in de afgelopen tien jaar al meer dan honderd keer vernietigd werd door Israëlische troepen, zich over de afgelopen eeuw ontwikkeld heeft. Beide films zetten moderne, digitale middelen in voor een hervertelling van de geschiedenis.

 

28 november 2019

 

IDFA 2019 – Deel 1
IDFA 2019 – Deel 3
IDFA 2019 – Deel 4
IDFA 2019 – Deel 5
IDFA 2019 – Deel 6
IDFA 2019 – Deel 7
IDFA 2019 – Deel 8
IDFA 2019 – Deel 9

 

MEER FILMFESTIVAL

IDFA 2019 – Deel 1

IDFA 2019 – Deel 1:
Luchtige en warme documentaires

door Bob van der Sterre

We trappen ons verslag van het International Documentary Festival Amsterdam (IDFA) 2019 af met documentaires die moeilijke onderwerpen net even anders benaderen.

 

La mafia non è più quella di una volta

La mafia non è più quella di una volta
La mafia non è più quella di una volta (liever dan de Engelstalige titel Maffia is not what it used to be) is nu al mijn favoriete film van het festival. De film is enorm chaotisch maar biedt aan de andere kant een hoop hilariteit. Regisseur Franco Maresco had geen zin in een serieuze documentaire en heeft de les ‘Wees een vlieg aan de muur’ bij de documentaireschool overgeslagen. Hij vernedert zijn geïnterviewden geregeld (‘Borsalino heengegaan? Hij is vermoord!’), monteert in het wilde weg en ratelt de spaarzame pauzes nog aaneen met een voice-over.

Mij bekroop dat gedachte dat als Nanni Moretti documentaires zou maken, het ongeveer zo zou worden. Het doel: een portret van de Siciliaanse artiesten die optreden voor een (treurig) feest ter nagedachtenis van antimaffiarechters Borsalino en Falcone. Maar geen van allen wil de maffia afvallen. ‘Waarom kun je het niet zeggen?’ ‘Ik heb zo mijn redenen.’ ‘En wat als Jezus Christus het aan je zou vragen?’ ‘Dan ook niet.’

Vreemde toestanden passeren het scherm in hoog tempo. De organisator (Ciccio Mira) die zich langzaam terugvecht als een ouderwetse (anti)held. Zijn protegé (‘Hij is een beetje off-key’) Christian Miscel die doorslaat en later in een psychiatrische instelling staat te dansen met gezicht op oneindig. Dan is er nog de middelvinger omhoog stekende Letizia Battaglia, legendarische fotograaf van 84 (over haar meer in de ook op IDFA draaiende documentaire Shooting the Mafia). Of de prostituee die ineens onderdeel wordt van de film.

Alles bij elkaar is Maresco’s film rommelig maar past het toch op zo’n onnavolgbare, Zuid-Italiaanse manier, en krijg je zelfs wat mee van de angst die velen hebben voor de maffia. Met name als de angstige producent iets te heftig door de angst gegrepen wordt en later met aliens communiceert… Want ja, dit is zo’n film.

 

LA Tea Time

LA Tea Time
Over een andere boeg gooit Sophie Bedard Marcotte het, een Quebecoise kunstenares, die van Quebec naar Los Angeles reist, waar haar idool Miranda July (van de hit Me and You and Everyone We Know) woont en werkt. Ze wil met haar afspreken voor een kopje thee. Ze beleeft natuurlijk van alles onderweg, geholpen door wat fantasie die ook in July’s films terugkomt. Een wijze levensles van Chantal Akerman uit de hemel, een seksistische prullenverkoper en een verdwaalwandeling door de woestijn.

De film heeft zo zijn momenten, zoals de grap met copyright, en de overgangen zijn geslaagd, maar al met al is de film met deze lengte (82 minuten) te mager. Dit zijn van die films waarbij stevig had moeten worden ingegrepen met de montage en je had een fantasierijke docuroadmovie van een half uur overgehouden. Dan was het problematische slot ook wat minder erg geweest. Zoals dat heet: een gemiste kans.

 

King of the Cruise

King of the Cruise
In King of the Cruise, een film van Sophie Dros, zien we de Schotse baron Ronald Busch Reisinger op een cruiseschip. Hij stelt zich voor en we volgen hem op het schip, bij de manicure, in de discotheek, bij het opstaan, in de ziekenboeg. Hoe spreekt hij zo goed Amerikaans als Schotse baron? ‘Als ik zeg dat ik baron ben, heb ik al een opmaat voor een interessant gesprek.’ Maar Ronald Reisinger laat eerlijk zien dat hij ook best eenzaam is. ‘Natuurlijk is mijn vrouw met mij getrouwd op mijn geld! Het zou raar zijn als ze dat niet had gedaan.’ Hij worstelt ook met zijn jeugd en overeet zich geregeld.

Misschien was dit wat mager geweest voor een hele film maar je krijgt er ook de cruisetocht voor terug. Enorm decadent zoals je verwacht (‘indoor droneracing’) en opmerkelijk cultuurloos. De kapitein is een Griek; bij de bar tref je een Indonesiër; een Jamaicaanse en een Hondurees geven je (zingend) koffie. De cultuur op het schip is van niemand en dat onpersoonlijke spreekt juist velen aan, denk ik. Daarin gedijt Ronald Busch met zijn sterke verhalen, maar ook een rijke Russische dame die zichzelf meteen uitnodigt op zijn kasteel (als dat al bestaat). Vakkundige, onderhoudende film (professionele intro en outro, mooie shots, passende muziek, aandacht voor belettering) die alleen niet zo heel diep raakt en daardoor niet beklijft, maar misschien past dat juist goed bij het fenomeen cruises.

 

Once the Dust Settles

Once the Dust Settles
Hier had de film My Darling Supermarket eigenlijk bij moeten staan – een film waar ik wel naar uitkeek –  maar soms gooit een lastige programmering roet in het eten. When the Dust Settles is weliswaar niet echt luchtig maar past er toch bij als voorbeeld van hoe je moeilijke onderwerpen anders kunt benaderen. Film van John Appel, maker van films als Zij Gelooft in Mij en The Last Victory, heeft een simpel maar pakkend gegeven: hoe zien steden eruit ná het drama. Dit is een film over wat er na het grote nieuws gebeurt. Als de media weer opdonderen en je met de zooi zit.

Drie uiteenlopende plaatsen met drie verschillende protagonisten (priester van Armatrice, gids in Aleppo en oud-medewerker van Tsjernobyl) laten dat zien en zorgen voor een goede, onderhoudende film, zonder al teveel ellende. De zakdoekjes kun je in je zak houden. Des te ontroerender is het soms. Met name de oud-medewerker van Tsjernobyl is een boeiend karakter die na lang depressief te zijn geweest nu kunstenaar is geworden.

De film zit goed in elkaar, is wel conventioneel, en dat is wel jammer. Het einde is absurdistisch als je een groep oude van de dagen in Aleppo de brokstukken ziet bekijken. Je verwacht avonturiers maar zeker geen mensen die je normaal in Venetië of Rome hun rondjes achter een gids ziet slenteren. Hoe komen die figuren daar en beseffen ze wel in welk land ze rondlopen? Erg ontroerend vond ik het beeld van een arbeider in de laatste seconden van de film – met dat soort dingen moet je als documentairemaker gewoon veel geluk hebben.

 

26 november 2019

 

IDFA 2019 – Deel 2
IDFA 2019 – Deel 3
IDFA 2019 – Deel 4
IDFA 2019 – Deel 5
IDFA 2019 – Deel 6
IDFA 2019 – Deel 7
IDFA 2019 – Deel 8
IDFA 2019 – Deel 9

 

MEER FILMFESTIVAL

Andrey Tarkovsky. A Cinema Prayer

*****
recensie Andrey Tarkovsky. A Cinema Prayer

Zo vader, zo zoon

door Ralph Evers

33 jaar na de dood van zijn vader, komt zoon Andrej A. Tarkovski met een hommage aan zijn vader, de grootste cineast die de filmgeschiedenis gekend heeft, Andrej Tarkovski. Een oogstrelend portret en een intieme ontmoeting met de familie Tarkovski.

Zou het toeval zijn, 33 jaar? De leeftijd waarop Jezus zijn spirituele geboorte (of wederopstanding in het hart, de zetel van de ziel) beleefde. Er is aanleiding genoeg om dit soort verbanden te leggen. De kunst, zo zei de cineast Tarkovski, is de taal om het hogere mee te verbeelden of verwoorden.

Andrey Tarkovsky. A Cinema Prayer

“Alle grote kunstenaars, of het nou Shakespeare, Leonardo of Bach is, uiteindelijk zijn ze allen poëten. Daar kan de filosofie met haar analytische neigingen niet bij komen. We hebben een andere taal nodig om uitdrukking te geven aan dit hogere. Dat we contingente creaties van grote kunstenaars niet kunnen bevatten is omdat ze een wonder zijn en dit wonder leidt ons tot God. Zouden er geen poëten meer zijn, dan gaat een samenleving ten onder.” 

Het zijn een aantal citaten die in A Cinema Prayer uit de mond van vader Andrej Tarkovski opgetekend worden. Deze citaten zijn verbonden aan filmfragmenten, interviews, beeldmateriaal als foto’s en polaroids en door zoon Andrei geschoten natuuropnames van de plekken waar vader en grootvader Tarkovski resideerden.

Gebed
Gebed lijkt vooral een ander woord voor contemplatie en verstilling. Een relatie die de innerlijke ziel met de buitenwereld, de Ander, aangaat. “Het je ergens niet op je gemak voelen is je ziel die te weinig expansie of expressieruimte ervaart.” Er is in ons leven voortdurend een op weg naar huis zijn en een bezieling of afstomping gaande. De tijd, zo mijmert Tarkovski de cineast, wordt in onze tijd te snel geleefd. Een zeventiende-eeuwer zou verpletterd worden in onze tijdsdruk.

En prompt toont zowel vader als zoon het medicijn: verstilde natuurlandschappen, zoals een ondergaande zon die door een takkenbrij heen prikt over een met lichte mist bedekt landschap. Of de opening van Nostalghia. Een mistig landschap in sepia-tinten met zoekende, melancholische blikken, die gevangen lijken te zitten in een onbekend lijden.

Tarkovski schurkt tegen Helmut Plessners idee van Heimatlosheit aan. De mens is altijd onderweg, maar nimmer thuis. De ziel echter zoekt naar expressie, hetgeen vrijheid is. Vrijheid huist over het algemeen beter in onderdrukkende regimes, volgens vader, dan in vrije democratieën. In onderdrukkende regimes wordt een beroep gedaan op de eigen persoonlijke, uniek vrijheid. Dit is vruchtbare grond voor creativiteit. Waarop de cineast autocratisch de set tracht te bedwingen, maar we ook zien hoeveel vrijheid hij aan zijn acteurs laat. Uiteindelijk wint vertrouwen het van controle, als knipoog naar Lenin.

Spiegels
Collega-recensent Alfred Bos schreef in zijn beschouwing over Solyaris het nodige over spiegels: de spiegel dient als nabootsing van het leven, wat een volstrekt onkenbaar wezen en onvoorspelbaar verloop heeft. De spiegel kadert, waar het leven zich buiten kaders onvoorstelbaar voor onze geestelijke vermogens voortbeweegt. We kunnen ons een stoel inbeelden, maar de wereld? Dat is teveel. Zo ook het hogere, God, de ziel. Woorden voor ervaringen die alleen gemankeerd kunnen verwoorden, als prothese van iets ongrijpbaars.

Andrey Tarkovsky. A Cinema Prayer

Zal het de gemiddelde bioscoopbezoeker opvallen dat beeldpoëten als Tarkovski de camera gebruiken als pneuma? De levensadem die het getoonde tot leven brengt, de Qi uit de Chinese filosofie of Allah zo u wilt. Dat ondoordringbare dat alle verschijningen op aarde beroert, van opkomst tot verval en slechts gedeeltelijk gevangen kan worden in woorden of beeld, want dat kent een grens. De mens zonder grens is verloren. De persoonlijke vrijheid schept grenzen in een wezenlijk onkenbaar universum.

In de dichtkunst, zo lijkt de Tarkovski-dynastie te zeggen, treffen we een opening waarmee we uitdrukking kunnen geven aan dat wat niet gekend kan worden. Het verbaast in deze niet dat de cineast geïnspireerd raakte door het zenboeddhisme, die in haar haiku’s met de kunst van het weglaten juist iets krachtigs uitdrukt (hetgeen ook in de Chinese en Japanse schilderkunst emergeert).

Levensbeschouwelijke beeldbiecht
A Cinema Prayer dompelt je onder in een levensbeschouwelijke beeldbiecht, liefst als in het Bagno Vignoni uit Nostalghia: verstild, vertraagd en mistig. Zoonlief weet evenals zijn vader een film te maken die breekt met de conventies van hoe we film doorgaans ervaren. Kop, romp, staart. Hier is het eerder water, wind, lucht en vuur en meest nog ether, de kwintessens, het ongrijpbare, de lege ruimte die opening laat voor het ervaren en verschijnen.

Er dient zich nog een associatie aan: de heilige drie-eenheid, opa, vader, zoon, dichter, beelder, herder. De wind voert ons mee en kijkt nog eenmaal vanuit de hemel op ons thuis, de aarde, die in staat is adem te materialiseren, waarna hij wegvliegt naar onbekende bestemming. Amen.

 

23 november 2019

 

ALLE RECENSIES