Camera Obscura: Doppelgänger vs. dubbelgangers

Doppelgänger vs. dubbelgangers

door Bob van der Sterre

Doppelgänger ♦ The Man Who Haunted Himself ♦ Apartment Zero

 

Dubbelgangers zijn altijd een intrigerend motief in kunst. Ook film heeft bergen bekende films met dubbelgangers, zoals Enemy. Leuk hoor, maar geef ons toch maar weer de minder bekende films. 

Voor als je nog niet wist dat de film over dubbelgangers ging, heet de film Doppelgänger (1989) ook zo. De openingsscène is zo 1989 als maar kan. Een modeshow in 80’s kleding, een 80’s beat in een 80’s huis. Leuke tand des tijds is ook de toen hippe (intussen vintage) platenzaak.

Makkelijkste baantje ooit
Harry, labmedewerker en student, lijkt sprekend op killer Wolf – een man die voor de geheime dienst werkt maar meer dan eens zijn eigen bloederige plan trekt. De geheime dienst heeft een eenvoudige klus voor de student: een poosje wonen in een huis. Het is het huis van Wolf (maar dat weet hij niet).

Makkelijkste baantje ooit! Zijn geruilde leventje wordt pas echt leuk als hij de knappe Barbara ontmoet. Vanaf het moment dat Harry met haar uit eten gaat, wordt hij gevolgd. ‘Ze denken zeker dat we filmsterren zijn.’ Wolf ondertussen pleegt de ene na de andere bloederige aanslag.

Ik had de film graag als een verborgen jaren tachtig-pareltje willen uitroepen maar het verhaal is daarvoor te onevenwichtig. Een soort actiekomedie die vooral interessant is als one-man-show van acteur Uwe Ochsenknecht. Dronken sigaren paffen en op latin muziek dansen, dat past hem net zo goed als met een verbeten blik scherpschieten vanuit een auto. Ochsenknechts komische talent zou rijpen in zijn fenomenale rol als Fritz Knobel in Schtonk! (1992).

Emanuel Boeck maakte de film en Hidde Maas heeft ook een rolletje. Frappant is dat Boeck (of iemand die zijn naam draagt) de film op YouTube heeft gezet. Is de moderne tijd toch ergens goed voor.

Bedrijfsovername
The Man Who Haunted Himself is ook al een film waarvan de titel weinig aan duidelijkheid te wensen overlaat. Hoofdpersoon is hier Harold Pelham (ook wel ‘Pel’). Hij is net lekker bezig om carrière te maken. Sceptisch over de partij met wie zijn bedrijf wil gaan fuseren. Het maakt zijn positie alleen maar belangrijker.

Alles gaat goed tot op een avond een collega thuis zit te wachten voor een borrel. Raar: hij háát die collega. Helemaal borrels met die collega. En hij zou hebben gesnookerd. En gegokt. En is vreemdgegaan. Allemaal dingen die Harry haat. ‘Gisteren zei je nog wat anders…’

Pel raakt verward en bezoekt de dokter. Terwijl hij daar uit zijn crisis probeert te komen neemt de laconieke ‘Pel’ zijn plek over in het bedrijf. Die Pel wil wél graag fuseren en speelt politieke spelletjes een stuk harder.

Je denkt: deze film moet wel een geniaal plot hebben om dit rond te breiden. En dat plot, tja, is niet zo geniaal (hoezo dat gebrek aan verbazing?), maar ook niet echt slecht, dankzij wat fraaie trippy scènes die er op tijd in worden gegooid.

De film scoort wel met een jonge Roger Moore in de hoofdrol. Goed als stoer, degelijk als verward. De bijrollen sprankelen jammer genoeg niet – noch Hildegard Neil in de rol van Pelhams vrouw, noch Freddie Jones, die toch heel wat uitzinnige rollen heeft gespeeld (in films als The Elephant Man, Dune, Wild at Heart, Krull). Zijn accent is hier onnavolgbaar (Frans? Russisch?) als psychotherapeut met zonnebrilletje.

Soms bevat de film van Basil Dearden wel wat experimentele shots (‘vervreemdend’) maar allemaal zo voorzichtig. Alsof ze in 1970 nog even moesten wakker worden dat het al 1970 was. Een gevalletje ‘had meer ingezeten’.

De één wil de ander zijn, de ander de één
Zo duidelijk als de andere titels zijn, zo warrig is de titel Apartment Zero (1988). Dat is dus de naam van een woonruimte midden in Buenos Aires. Adrian LeDuc woont daar op de bovenste verdieping. Hij is ook een uitbater van een bioscoop die overal foto’s van beroemde acteurs heeft hangen. Zijn appartement, met nummer nul, is voor de helft te huur.

Hij zoekt een nieuwe huurder om dat appartement meer te delen. Dat wordt de Amerikaan Jack. Ze kunnen het goed met elkaar vinden, doen filmquizzen, ontbijten samen, kleden om in elkaars gezelschap, staan dichtbij elkaar als ze praten… zijn bijna een kopie van elkaar.

Als Jack dan ineens voorstelt om vrouwen te gaan versieren, schiet Adrian in de stress. ‘Wat je voorstelt… is routineuze copulatie, en dat is niet voor mij!’ ‘Hou je wel van meisjes, Adrian?’ ‘Ik hou van vrouwen!’

Beiden hebben hun eigenaardigheden. Is Jack zo vriendelijk als hij lijkt? Of is dat een masker voor zijn echte karakter? En wat bezielt Adrian? Hij lijdt enorm onder zijn relatie met zijn gestoorde moeder. Dan zijn er nog de buren in dit appartement – ook aparte types. En hoe zit het met de politieke moorden in de stad? De junta is toch al afgelopen? En waarom spreekt niemand Spaans op een taxichauffeur na?

Het dubbelgangersmotief wordt nergens zo letterlijk genoemd maar het is duidelijk dat Adrian (Colin Firth) goed past bij de mannelijke Jack (Hart Bochner; diepliggende ogen en diepe stem). En vice versa is de gevoeligheid van Adrian onhaalbaar voor Jack, tot diens frustratie. De één wil de ander zijn, de ander de één.

De film biedt sterk acteerwerk en het verhaal combineert soepeltjes diverse genres (horror, spanning, komedie, homo-romantiek). Een verhaal over homoseksualiteit en politiek (de Argentijnse junta en de Falklandoorlog), maar óók met hier en daar zwarte humor.

De eigenaardige film is geschreven en geregisseerd door Martin Donovan. Een Brit? Nee dus, een pseudoniem voor Carlos Enrique Valera y Peralta-Ramos. Een Argentijn. Passend voor de maker van een film over dubbelgangers.

 

9 maart 2018

 

The Man Who Haunted Himself

 

Alle Camera Obscura