Top 5 films 2016 van Ralph Evers

Top 5 films + Miskleun van 2016

Je me tue à le dire

Acht recensenten van Indebioscoop bespreken hun vijf favoriete films die dit jaar in Nederland in première gingen. Traditioneel kiest iedereen ook de Miskleun van het Jaar én een film die zij jammerlijk misten in de bioscoop. Tot en met Oudejaarsdag lees je hier elke dag een persoonlijke terugblik op het filmjaar 2016.

Ralph DEEL 4: Ralph Evers

2016 was in vergelijking met voorgaande jaren toch niet zo sterk. Ze kwam vooral slecht uit de startblokken met slechts Legend en The Revenant die indruk maakten. Uiteindelijk leverde dit jaar toch ook wel weer genoeg moois, maar het niveau van eerdere jaren werd mijns inziens niet gehaald. M’n top 5 laat andere goede films als: I Daniel Blake, Equals, Bacalaureat, Nice Guys, Heart of a Dog, The Red Turtle, Suburra, Liza, the Fox-Fairy, The Big Short, A Quiet Passion achter zich. De vijf geselecteerde titels waren net iets verrassender, urgenter of intelligenter.

En wat fijn dat The Paradise Suite de belangrijkste Gouden Kalveren won. Wat een indrukwekkende film. Een aantal scènes bleven nog lang nazingen.

 

5. – TONI ERDMANN

Mijn eerste ontmoeting met Maren Ade, de regisseur van Toni Erdmann, die uitblinkt in ongemakkelijke situaties en impliciete lichaamstaal. Wanneer zijn dochter Ines nauwelijks nog oog heeft voor haar familie in Duitsland, besluit Winfried na de dood van zijn hond, zijn dochter in Boekarest op te zoeken. Zij is hard bezig carrière te maken en vertoeft voortdurend in zakenkringen. Winfried besluit, om dichter bij zijn dochter te kunnen komen, zich voor te doen als Toni Erdmann, een coach die een eigen methode er op nahoudt. Zijn daarbij aangemeten excentrieke gedrag trekt de aandacht in de zakenwereld en al gauw ziet Ines zich genoodzaakt het spel mee te spelen. Het levert tal van onverwachte, doch grappige en pijnlijk ongemakkelijke situaties op.

 

4. – CLASH (ESHTEBAK)

De hel van de opstanden in Caïro gefilmd op slechts 8 vierkante meter. Een arrestatiebus die gaandeweg voller en voller raakt met meer en meer verschillende groepen mensen. Een hachelijk sociaal experiment in tijden van lichte ontvlambaarheid. Regisseur Mohamed Diab weet een uitermate spannende, realistische film neer te zetten over de Egyptische opstand waar de wereld getuige van was. Hij vermijdt gemakkelijk vermaak en zet in op de mensen die een rol hebben gespeeld in de opstanden. Zo leren we achtergronden en belangen kennen en raken we verward in het aanwijzen van ‘good guys’ en ‘bad guys’, want misschien zijn die er helemaal niet en worden wij ondertussen in het ootje genomen door onze media.

 

3. – ARRIVAL

Begeleid met een prachtige soundtrack en titelsong opent Arrival als een nieuwe Terrence Malick-achtige film, gelukkig zonder de onnavolgbare poespas van Malick. We krijgen een sci-fi voorgeschoteld die opvalt vanwege haar intelligente verhaal. Daar was ik wel weer eens aan toe. Misschien is het wat in opkomst, met twee jaar eerder Interstellar. Arrival wordt overtuigend gedragen door een uitmuntend spelende Amy Adams. Zij speelt de taalexpert Louise Banks. Geconfronteerd met de non-lineaire taal van de aliens, ontvouwt zich een ander denken over heden, verleden en toekomst en de taal die we hebben te spreken. Het is al vaker gezegd, we lossen problemen niet op middels dezelfde manier waarop ze zijn ontstaan. Met de huidige mondiale crises zijn de aliens een welkome gids om ons hieruit te helpen.

 

2. – EL ABRAZO DE LA SERPIENTE

Een film vol contrasten. De Amazone-sjamaan vs. de westerse wetenschapper, laag bij de grond gefilmd tegenover een onvoorspelbare hemel, zwartwit temidden van de jungle. Twee westerse wetenschappers gaan in Zuid-Amerika op zoek naar een geneeskrachtige plant. De eerste in 1909 (gespeeld door Jan Bijvoet, een acteur die ik graag zie), de tweede, Richard Evans Schultes (wellicht bekend bij de psychonauten onder de lezers), in 1940. Een oplosbare dialoog tussen de ratio en de empirie van de westerse wetenschap en de natuurmystiek en wijsheid van de ‘primitieve’ volken. Het leidt tot prachtige scènes, van de ongerepte natuur, tot de hardhandige en onderdrukkende civilisatiepogingen van missionarissen. Er wordt geen pleit beslecht, vooral een verhaal verteld, een strijd tegen ego en egoloosheid, culminerend in een indrukwekkend verbeelde ayahuasca-trip.

 

1. – JE ME TUE À LE DIRE

Met nog een jetlag van een lange vlucht uit Nepal terug in de Nederlandse bioscoopstoel. Hoge verwachtingen, vanwege een trailer die ik zag op het Belgisch Film Festival. Geen seconde teleurgesteld. De film is grappig, absurd en invoelbaar. Subtiele hyperbolen en een magnifieke beeldtaal, maken van Je me tue à le dire een waar cinematografisch feest. Het verhaal gaat alle kanten op, kleurt buiten de lijntjes en volgt haar eigen logica. De sfeer is grauw en goedgemutst tegelijk, als een jas die niet lekker zit, maar wel comfortabel is en je nog goed staat ook. Alles lijkt spontaan en lukraak gefilmd en gemonteerd te zijn, als een Pollock die argeloos op het witte doek wordt gesmeten. Toch blijft het gevoel dat het allemaal onaf en amateuristisch is uit. Voor een debuut een fijne en verfrissende kennismaking. Kom maar door met je volgende films Xavier Seron!

 

The Neon Demon

Miskleun van 2016:

THE NEON DEMON

De film die ik gekozen heb als miskleun van het jaar, is eigenlijk niet de slechtste film die ik dit jaar zag. De teleurstelling die ik er aan over hield, speelt mee in de keuze. Met slechts een teennagel lengte voorsprong weet mijn miskleun-films als: Hail Caesar!, Anomalisa, De GVR en Now You See Me 2 achter zich te laten. En verdomme Lo and Behold! Werner! What the fuck!

Enfin, de nominatie van miskleun van het jaar 2016 gaat naar…

Lastig, kom net terug van Juste la fin du monde. M’n eerste Dolan. Wat een pretentieuze troep was dat zeg! Ongelooflijk. Maar goed, ik had dit stuk al klaar, wilde het alleen nog even nalezen alvorens op de mail naar Cor te doen. Dus blijft-ie staan:

The Neon Demon. Van een regisseur die een aantal jaar geleden zijn komst naar Hollywood overtuigend inluidde met Drive mag meer verwacht worden. Dit verwarrende, oppervlakkige prul houdt het midden tussen een aanklacht op de geperfectioneerde, gephotoshopte wereld van de glitter en glamour en een visueel experiment, doch mist meerdere planken. De film is als een legpuzzel waarvan de essentiële delen niet in de doos zaten. De acteurs lijken als plastieken poppetjes tegen een kitscherig decor. De film toont best aardig wat spiegels, maar laat de kijker ook niet verder komen dan die spiegels. Nimmer mag je deelnemen aan de film. Elke connectie met de personages wordt er vakkundig uit geacteerd. Wat overblijft is een lege huls, ironisch genoeg precies de vermoedelijke aanklacht van de film. Doch, alles en iedereen verdwaalt in de hyperstilistische wereld die hier wordt neergezet. Het is altijd te prijzen wanneer een filmmaker buiten de lijntjes wil kleuren. Tegelijkertijd blijft het een kunst iets nieuws neer te zetten en de kijker mee te nemen. Daarin is Refn niet geslaagd.

 

Gemist in de bios in 2016:

GEEN IDEE

 

27 december 2016
 

Alle terugblikken op 2016:
Wim Meijer
Bob van der Sterre
George Vermij
Ralph Evers
Nanda Aris
Alfred Bos
Suzan Groothuis
Cor Oliemeulen