Bed and Sofa (1927)

De Herfst van de Stomme Film
Deze september blikken we in De Herfst van de Stomme Film terug op klassiekers uit de maanden voordat The Jazz Singer in oktober 1927 de geluidsfilm inluidde. Een laatste oogst van tien films voordat Hollywood begon te praten. Hieronder de tiende en laatste film.

 

Bed and Sofa (Sovjet-Unie, maart 1927)
Koekoeksvogels

door Ralph Evers

In Bed and Sofa uit 1927 komt een verrassend modern verhaal naar voren. Zeker wanneer je bedenkt in welk sociopolitiek klimaat dit zich afspeelt. Overspel, abortus en zelfbeschikking van de vrouwelijke protagonist als oplossing voor woningnood.

Nikolai (Kolia) en Liudmila (Ljoeda), gespeeld door Nikolai Batalov en Liudmila Semjonova, zijn een getrouwd stel in het bruisende Moskou van de jaren 20. Ze zijn gelukkig en een mooie toekomst lonkt voor de energieke Kolia. We zien een Moskou badend in goddelijk zonlicht, een ritmische reiniging van zowel de stad als Kolia, ordentelijk verkeer en majestueuze gebouwen en monumenten. De hoofdstad als moreel middelpunt.

Ondertussen volgen we ook Vladimir (Volodia) Fogel, een vroege vriend van Kolia, met wie hij in het Rode Leger heeft gediend. Volodia komt van het platteland en hoopt zijn geluk te beproeven in het wereldse Moskou. We zien hem met jeugdig branie in de trein een lange reis maken. Opzwepende muziek als voorbode van de dynamiek die komen gaat. Ook hoe een enkel spoor geleidelijk samengaat in twee sporen en daarna in meerdere, zich kruisende, sporen. Een geestige vooraankondiging voor wat er komen gaat.

Bed and Sofa (1927)

‘Gedroomd’ bestaan in Moskou
Volodia kan al snel als drukker aan het werk, maar qua woonruimte vangt hij vooral bot. Het rimpelloze gedroomde bestaan in Moskou valt tegen. Volodia zoekt zijn heil bij zijn vroegere vriend en hij krijgt de sofa tot zijn ‘koninkrijk’, zoals Kolia de sofa presenteert. De aanvankelijk timide Volodia ziet er al gauw tegenop bij hen in te wonen, wanneer Kolia een aantal dagen weg moet voor een zakenreis. Kolia wuift de twijfels weg. Hij is immers virieler (getuige zijn spierballen) dan Volodia, dus niets om je druk om te maken. Toch doen de voorboden van het onheil zich verder aan. Ljoeda’s gezicht staat op zwaar weer en windvlagen, vervagende focus en een rommelig huis verraden hommeles.

Snel nadat Kolia terug is van zijn zakenreis komt de affaire tussen Volodia en Ljoeda aan het licht. Niet voor er eerst een uiterst grappige situatie plaatsvindt, waarbij de vrienden elkaar op de mond zoenen. Nadat de mannen van plek veranderd zijn, Kolia nu sofa en Volodia bed, keert de rust gaandeweg terug. Er wordt gedamd en thee gedronken, maar aan Ljoeda komen ze minder toe. Totdat blijkt dat ze zwanger is en de heren er niet uitkomen wie nu de vader is. Dat is onbestaanbaar! Abortus Ljoeda!

De hectiek van de abortuskliniek en de vertederende onschuld van een pasgeboren kind, dat ze ziet vanuit het raam van de abortuskliniek, doen haar een nieuwe wending ingeven en ze verlaat het huishouden van Jan Steen. De mannen blijven verbouwereerd achter. We zijn ‘schurken’, verzucht Volodia. “Zullen we thee zetten?”, “is er nog jam?” Het leven in het drukke Moskou gaat gewoon door, maar Ljoeda heeft een keus gemaakt.

Historische achtergronden
De film weet een aantal keer indruk te wekken met verbluffende beelden en montage. De hectiek van het werkende leven in Moskou wordt getoond in een opgeknipt beeld, waarbij verschillende facetten van de stad als rolluiken aan ons voorbijtrekken en de shots uit de lucht, bij een eerste vliegavontuur, doen moderner aan dan de leeftijd van de film.

Echter op sociopolitiek vlak is de film interessanter. Hoewel de roaring twenties in de Sovjet-Unie van Jozef Stalin en de Bolsjewieken niet te vergelijken valt met die in de Verenigde Staten, lijkt er wel degelijk een zoektocht naar een nieuwe identiteit te zijn. Een zoektocht voor deze film en zijn thematiek voert terug naar Toergenjevs Vaders en Zonen en het prikkelende ‘antwoord’ op dat boek van Tsjernysjevski, Wat te doen, een roman die de tongen losmaakte in de late 19e eeuw.

Toergenjevs boek kondigt de nieuwe generatie, de nihilisten, aan en werkt uit hoe tradities veranderen. Dit alles vanuit een mannelijk perspectief. De controverse van Wat te doen zit ‘m in de zelfstandigheid van de vrouwelijke protagonist. Zij kiest voor een gemeenschappelijk dragen van de huishoudelijke lasten en zelfs een open huwelijk. Ongehoord!

Met dit boek en zijn controverse in het achterhoofd zullen regisseur Abram Room en scenarist Viktor Sjklovski de hier genoemde film maken. Sjklovski was zelf bevriend met Vladimir Majakovski, een avant-gardistisch dichter, die zijn tijd veel te ver vooruit was. Majakovski had op zijn beurt weer een relatie met Osip en Lili Brik. Ziedaar nog een inspiratiebron voor deze film.

Bed and Sofa (1927)

Homoseksualiteit
Naast het ogenschijnlijke thema van de ménage à trois, lijkt er ook geflirt te worden met homoseksualiteit. Ik zeg ogenschijnlijk, want van een werkelijke open relatie komt het niet tussen de drie spelers in de film en de trouw aan Tsjernysjevski’s boek is een sterker motief dan de ménage à trois.

De film eindigt namelijk met Ljoeda die haar vrijheid zoekt uit het benauwde van Moskou, terwijl de heren maar blijven dammen en twijfelen hoe verder te gaan, dus maar weer thee gaan drinken. Onderwijl hebben ze om beurten bed en sofa afgewisseld. De paar zoenen in de film, het zijn er vier, zijn het meest gepassioneerd wanneer de heren elkaar zoenen. Tegelijkertijd is dit alles zo frivool en met een knipoog in beeld gebracht dat het hooguit als een hint gezien kan worden.

Homoseksualiteit werd in 1922 uit de criminele sfeer gehaald en door de burgeroorlog en revolutie, eerder in de 20e eeuw, waren er zoveel verlaten en dakloze kinderen dat abortus in 1920 gelegaliseerd werd (als eerste land in Europa). Echtscheiding was slechts een formaliteit. Dit alles verandert in de vroege jaren 30. In 1934 wordt seks tussen mannen gekoppeld aan de opkomst van fascisme en opnieuw verboden. Ook nopen lage geboortecijfers en hoge sterfte Stalin ertoe abortus in 1936 te verbieden. Morele waarden van hoe een Rus zich dient te gedragen en het land te dienen, werden voor een langdurige tijd herschreven en hardhandig nagestreefd.

Onafhankelijk
Dat die affaire met Volodia plaatsvindt is niet zo vreemd gezien de contrasten tussen Kolia en Ljoeda. Waar hij op de steigers van het uit te breiden Bolshoj-theater kan werken, in het badende licht van die metropool, verdoet Ljoeda haar tijd in hun rommelige een-kamer-appartement, met koud water de was doen en de eeuwige dagelijkse ditjes en datjes, zonder echt mee te komen in het kosmopolitische dat de grote stad biedt.

Tel daarbij op de plagerijen van Kolia en de fijnbesnaarde Volodia wordt al snel een aantrekkelijk alternatief. Volodia is ook degene die haar naar buiten neemt, naar grote hoogten (letterlijk de lucht in), naar de bioscoop. In plaats van een driehoeksverhouding, staat de ontluikende onafhankelijkheid van Ljoeda centraal. Juist in dit laatste gegeven zit de controverse van de film.

Hoe verder?
Hoe is het de film vergaan? In zijn tijd tamelijk succesvol. Ook in Duitsland en Frankrijk kreeg de film de nodige aandacht. In Engeland werd een aangepaste versie vertoond die niet aansloeg en in de Verenigde Staten kreeg de film destijds geen commerciële distributie.

De twee mannelijke acteurs, Nikolai Batalov en Vladimir Fogel, zouden spoedig aan hun eind komen. Nikolai sterft op 37-jarige leeftijd aan tuberculose en Vladimir, getergd door psychologische kwellingen, zal drie jaar na deze film op 27-jarige leeftijd een einde aan zijn leven maken.

Deze film is gratis te zien op YouTube.

 

29 september 2026

 

THEMAMAAND ‘De Herfst van de Stomme Film’

Die Abenteuer des Prinzen Achmed (1926)

De Herfst van de Stomme Film
Deze september blikken we in De Herfst van de Stomme Film terug op klassiekers uit de maanden voordat The Jazz Singer in oktober 1927 de geluidsfilm inluidde. Een laatste oogst van tien films voordat Hollywood begon te praten. Hieronder de vijfde film.

 

Die Abenteuer des Prinzen Achmed (Duitsland, september 1926)
Lotte knipt het knapst

door Ralph Evers

In 1926 ziet Die Abenteuer des Prinzen Achmed van Lotte Reiniger het licht, de oudste nog bestaande lange animatiefilm. Een film die bij herziening zowel onmiskenbaar oud is, als tijdloos. Universele thematiek met archetypische personages en met een tempo dat voor vandaag er nog net door kan – ingrediënten voor een ‘klassieker’.

Denk aan een animatiefilm, beeld je die typerende stijl van de stop-motion in en combineer dit dan met knip- en silhouet-animatie. Waar menig animatiefilmliefhebber warm loopt voor stop-motion, zou Die Abenteuer des Prinzen Achmed dus zeker moeten bekoren. Onlosmakelijk verbonden met het eigene aan deze film en haar historie is de maakster, Lotte Reiniger. Zij was een pionier in de animatiefilm, niet te beroerd hard te werken, en dat in een cinema-canon waarin vrouwen nog altijd ondervertegenwoordigd zijn.

Die Abenteuer des Prinzen Achmed (1926)

Een kleine geschiedenis
Haar verhalen zijn grotendeels bewerkingen van sprookjes en beroemde opera’s. Zowel Europese als oriëntaalse sprookjes. Ze laten zich bedienen van een herkenbare, archetypische, zij het soms wat stereotiepe, beeldtaal.

Lotte Reiniger bewoog zich in de avant-garde kringen van Berlijn van na de Eerste Wereldoorlog. Haar toekomstige man Carl Koch hielp mee om Die Abenteuer te voltooien en Walther Ruttmann en Berthold Brecht ondersteunden haar in het schrijven van het script. Ze kreeg tamelijk wat vrijheid in het Institut für Kulturforschung, geleid door Hans Cürlis, waar commercie en kunst hand in hand gingen. Ze maakte daar ook reclamefilmpjes, zoals Das Geheimnis der Marquise (1922) voor Nivea-huidverzorging.

De kringen waarin ze zich begaf vielen niet binnen het kader van de filmpolitiek van de nazi’s. Vlak voordat de oorlog in 1939 uitbreekt, vertrekt ze naar Italië, waar haar man bezig is om samen met Jean Renoir de film Tosca te realiseren. Ze verblijven daar tot ook dat land in 1943 de oorlog verklaart aan Nazi-Duitsland. Rond Kerstmis gaan ze noodgedwongen terug naar Berlijn, mede om voor Reinigers zieke moeder te zorgen. In 1949 vertrekken ze naar Engeland, waar ze in 1962 staatsburgers zullen worden.

Hiermee verstrooit haar werk, de aandacht die ze wist te trekken van haar publiek. Ook worden enkele films opgekuist door de censuur in hun nieuwe thuisland. Haar avant-gardistische vrijheid om erotische scènes in kinderfilms te verwerken valt verkeerd in het post-Victoriaanse Engeland van na de Tweede Wereldoorlog.

Na Kochs overlijden in 1963 maakt Reiniger ongeveer tien jaar lang nauwelijks films. Ze richt zich vooral op schaduwtheater, boekillustraties, lezingen en een boek over haar befaamde techniek.

Vliegend paard
Terug naar Die Abenteuer des Prinzen Achmed, dat is gebaseerd op verschillende vertellingen uit 1001 Nachten.

Wanneer een Afrikaanse tovenaar op het feest van de kalief verschijnt met een vliegend paard, dat koning en gevolg betovert, eist hij in ruil voor dit paard de hand van prinses Dinarsade. Haar broer Achmed grijpt in, maar wordt door de tovenaar misleid. Wanneer Achmed plaatsneemt op het paard stijgt het verder en verder de lucht in. Zonder te weten hoe hij moet landen, zweeft Achmed naar het magische eiland Wak-Wak, waar hij valt voor de prachtige prinses Pari Banu.

Hun geluk is echter kortstondig: de wraakzuchtige tovenaar ontvoert Pari Banu en verkoopt haar aan de keizer van China. Om haar te redden krijgt Achmed te maken met de nodige portie ellende in de vorm van monsters, draken en ander gespuis. Met de hulp van de heks van de Vurige Berg, de magische lamp van Aladdin en een reeks epische worstelingen weet hij zijn geliefde te bevrijden en de tovenaar definitief te verslaan.

Antithese met nu
Met haar tijdrovende handwerk koos Lotte Reiniger niet voor de gemakkelijke weg. Ze startte in 1923 om in 1926 de film af te ronden. Haar stijl staat bekend als knipkunst. Iets wat al in de late zeventiende eeuw groot was door een Nederlandse kunstenares, Joanna Koerten. We zien die techniek ook terug in Japans schaduwspel en Javaans poppenspel. Reiniger zelf was sterk geïnspireerd door de Griekse poppenspeltraditie Karagiozis.

Die Abenteuer des Prinzen Achmed (1926)

Haar monnikenwerk, uhm silhouettenwerk, staat 100 jaar later diametraal tegenover onze tijd. Waar alles snel en vluchtig is, en weinig aandacht vergt, kent de productie van Die Abenteuer des Prinzen Achmed, de oudst overgebleven animatiefilm, vakmanschap, precisie, aandacht en vooral heel veel geduld. Dat is niet af te zien aan de film zelf, die met een aardig tempo aan ons voorbij trekt.

De film volgt een strak, plotgedreven script, een duidelijk narratief en is uiterst aantrekkelijk gemaakt. Ook voor ons moderne kijkers zal de film in de smaak vallen met haar aandacht voor details en een tempo dat naar de maatstaven van toen, hoog gelegen moet hebben.

Nu er een beweging merkbaar is die zich begint af te zetten tegen de ‘AI-ficering’ van media, de steeds groteskere special effects, en gedigitaliseerde eeuwige jeugd, kan er weleens weer interesse ontstaan voor films als deze. Het is bijna een tot rust komen in deze ambachtelijk gemaakte animatie. Bijna, want er gebeurt genoeg en er zit een flinke dosis energie in de jonge Achmed, om werkelijk tot rust te komen.

Verknipt door de techniek
Reinigers film is kenmerkend voor veel stomme films die in de periode na de Eerste Wereldoorlog zijn gemaakt. Ze verbeelden universele thema’s. Films als Faust, Der Golem, The Phantom of the Opera, Das Cabinet des Dr. Caligari en Metropolis helpen ons ontsnappen aan een in puin geschoten Europa.

Ofwel door terug te grijpen op oerthema’s, zoals verbeeld in sprookjes, ofwel door technologische vergezichten. De geborgenheid van het simpele goed of kwaad in een sprookjesvertelling of het verschaffen van vergezichten die een nieuwe tijd hoopt in te luiden. Een nieuwe tijd van voorspoed, met de waarschuwing nagalmend van de recente oorlog: dehumaniseert die techniek ons, of brengt ze ons naar grote hoogten?

Deze film is gratis te zien op YouTube.

 

14 september 2026

 

THEMAMAAND ‘De Herfst van de Stomme Film’

The Desert of the Real

****
recensie The Desert of the Real
Hoe weten we wanneer iets echt is?

door Ralph Evers

Nietzsche’s Overmens (Übermensch) wist het al: alles is relatief, er is geen vaste grond waar vanuit we de wereld waarnemen. De protagonisten in The Desert of the Real hebben allen de wereld vanuit een psychotische staat waargenomen. Kenmerkend voor een dergelijke ervaring is dat alle vaste waarheden vloeibaar worden.

The Desert of the Real (De woestijn van het ware) roept als titel een vraag op en maakt een statement. Wij postmodernen zijn al langere tijd aangekomen in de relatief ware wereld. Niemand heeft de absolute kennis in handen.

The Desert of the Real

Een documentaire over psychosen met een filosoof, Wouter Kusters, roept al gauw diepe vragen op. Terecht. Neem daarbij een kunstenaar, muzikant en een psycholoog, en je alledaagse denken wordt even goed op de helling gezet.

De titel roept een associatie op: The Desert of the Reel (De woestijn van de filmrol). De filmrol is de illusie en schijnwerkelijkheid bij uitstek. Het lijkt zo echt, het is zo nep. Ook documentaires ontkomen hier niet aan, door alleen dat te laten zien wat de boodschap wil overbrengen. Woorden, beelden, ervaringen, de wereld blijkt helaas zo complex, ze is nimmer te vangen. Een metapositie binnen een pararealiteit – van het Griekse para: afwijkend van; in dit geval: afwijkend van de alledaagse perceptie van ‘s werelds realiteit.

Denk opnieuw
Maar misschien ervaren we als mens iets van die complexe totaliteit, wanneer we in een psychotische staat geraken. Althans, dat vermoeden kon je weleens bekruipen wanneer je naar de mensen luistert die centraal staan in deze documentaire van Luuk Bouwman. Zes mensen komen aan het woord: filosoof Wouter Kusters, kunstenares Ine Poppe, muzikant Simon van den Berg, psycholoog Jan Gerrit Schuurman, ervaringsdeskundige Calypso Marengo en de psychiatrisch verpleegkundige Eloy Vos.

Tussen de openhartige onthullingen en interviews krijgen we prikkelende citaten uit Alice in Wonderland van Lewis Carroll en ensceneringen van de ervaringen die treffend resoneren bij de sterk idiosyncratische ervaringen van een ieders psychotische episode(n). Om dat eigene van ieders unieke ervaring van hun psychosen naar voren te brengen, worden de interviews afgewisseld met kleurrijke decors, Halsman-achtige droomtaferelen en Magritte-achtige logica. Die eindeloos complexe wereld, een stukje daarvan, temidden van de optimale optische illusie die film is, om een ervaring over te brengen. Daarin zou je een poging tot metanoia kunnen zien, wat vertaalt kan worden naar: denk opnieuw, een verandering van inzicht, perspectief.

Afwijken van ‘de norm’
Wat spreekt is de alledaagsheid van pech in het ontwikkelen van een psychose. Zo vertelt Ine hoe vrije seks bij haar leidde tot zwangerschap, waarna een nieuw vriendje losse handen had, haar financiële situatie noopte tot werken en haar jonge leeftijd van 22 haar deed denken: ‘Dat doe ik wel effe.’ Of Calypso, die van Suriname in Limburg neerstreek, uitblonk op het atheneum en geconfronteerd werd met de plotselinge dood van haar broertje. Of krijg je de verleiding als kijker om bij filosoof Wouter – die zulke grote verbanden en betekenissen zag dat alles wat er te zeggen valt over de wereld te vatten is in één punt – te denken: het zat er blijkbaar altijd al in! Of: wat een genie, toen al!

De regisseur, Luuk Bouwman, heeft nergens gepoogd deze documentaire als een objectief verslag van psychosen te maken. Dat lijkt me een juiste keuze en vorm. De focus ligt op de zes hoofdpersonen, de psychiatrie zelf komt slechts zijdelings aan bod. Meest nog de dubbelfunctie van de psychiatrie: enerzijds de patiënt beter maken, anderzijds de samenleving veilig houden.

Hier zou een klein uitstapje naar andere culturen ons kader kunnen verruimen. Een noodzakelijke verruiming te midden van een steeds benauwender omgang in onze maatschappij met dat wat afwijkt van ‘de norm’. Neem de toename aan ‘verwarde personen’, of ‘trauma’.

The Desert of the Real

‘Een psychose is een normale reactie op een gestoorde maatschappij’
Uit mijn studie psychologie herinner ik me dat in andere landen, zoals Japan en meerdere Afrikaanse landen, psychose in een heel ander perspectief wordt gezien. Zo zou je in Japan ‘geraakt’ zijn door een van de Goden uit hun pantheon en richt de behandeling zich meer op de ermee gepaard gaande angstklachten.

Eloy Vos – wiens leven langzaamaan ontregelde tot het zodanig in onbalans raakte dat hij psychotisch wordt – stelt: ‘Een psychose is een normale reactie op een gestoorde maatschappij.’ Ook Ine grossiert in ervaringen die je naast de psychotische ervaring in deze samenleving doet staan: ‘Je voelt je als mens mislukt als je wordt opgenomen.’

Het siert deze documentaire om aan deze mensen en hun ervaringen een stem te geven.

 

9 augustus 2026

 

ALLE RECENSIES

La Grazia

***
recensie La Grazia
De ondraaglijke twijfel van lafheid

door Ralph Evers en Małgorzata Zielińska

La Grazia, de nieuwste film van Paolo Sorrentino, probeert enkele complexe en ingewikkelde ethische onderwerpen aan te snijden: euthanasie, lijden, huiselijk geweld en het recht op vergeving. Daarnaast onderzoekt hij de mate waarin we degenen die ons het meest nabij staan, waarlijk kunnen kennen – een echtgenote, een dochter en een jeugdvriend.  

Maar wat we krijgen is een gelimiteerde schijnwerper op de hoofdrolspeler, Mariano de Santis, een weduwnaar, een katholiek, een gerespecteerde jurist en bovenal een vaardig en populaire politicus, de president van Italië. Iemand die in de laatste maanden van zijn presidentschap voor een dilemma zit: het eventueel verlenen van gratie aan twee veroordeelde moordenaars en het wel of niet tekenen van een nieuwe euthanasiewet.

La Grazia

De hoofdrol van Mariano de Santis wordt vertolkt door de karakteristieke Toni Servillo, een geliefd acteur van regisseur Sorrentino. Telkens die kop die je uit duizenden herkent: van de doorbraakfilm uit 2004, Le conseguenze dell’amore, tot de onverschillige intellectueel in de De Grote Schoonheid en de hedonistische Berlusconi in Loro. Ditmaal speelt Servillo een emotioneel bevroren, eenzame, zich wat teruggetrokken oudere man. Hij draagt voortdurend onberispelijk op maat gesneden zwarte pakken, die als een harnas zitten en bijdragen aan zijn bijnaam ‘Gewapend Beton’. Hij voelt aan als een Byzantijnse monarch uit oude tijden, omgeven door volgelingen die ook allen hun afstand bewaren en weloverwogen spreken.

Vervagende signatuur
La Grazia is traag en geschoten in een elegante, doch ingehouden stijl, veelal donker in de gepolijste, klinische kamer van het presidentiële paleis. Hiermee zit de film en zijn visuele stijl regelmatig te dicht op de hoofdpersoon, wat het koude, afstandelijke en onthechte van diens persoon te veel kracht bijzet. Evenals bij Mariano de Santis ontbreekt het de film aan moed, licht, levenslust en ademruimte. De donkere, benauwende hoofdmoot van de film wordt slechts sporadisch onderbroken door dat typische, flamboyante of verstillende van Sorrentino.

Er is de scène met de zwarte paus, compleet met dreadlocks, een oorbel en een pausmotor, de haast misplaatste rapmuziek in de majesteitelijke, grootse, lege ruimten van het paleis, de herinneringen aan zijn verloren liefde Aurora, die hem in de liefde verraadde, en misschien nog wel het meest des Sorrentino’s: de lange wandeling door de straten na het afscheid van zijn presidentschap. Het is deze scène, begeleid door bezinnende muziek, die onmiskenbaar Sorrentino is en die zijn vorige film Parthenope juist dat extra’s gaf in een verder toch wel wat oppervlakkige film. Diezelfde oppervlakkigheid dreigt ook in deze film, die zijn twee uur en een kwartier niet weet te rechtvaardigen.

La Grazia

Stemmige leegheid
De twijfel en stilte, de nostalgie voor zijn overleden vrouw en de daarbij gepaard gaande pijnlijke herinneringen komen helaas onbewogen en weinig levendig over op de kijker. Dit terwijl de lijdende onderwerpen en de beslissing over hun ongeneeslijke pijn – of het nu zijn vrouw, een geliefd paard of zijn onderdanen betreft – toch de nodige emoties en strijdige meningen zouden moeten oproepen. Doordat ze voornamelijk als een theoretische en koud juridische vraag worden geponeerd, is deze levendigheid effectief kaltgestellt.

En dat is jammer, want de film richt zich op een aantal actuele, lastige thema’s, die moed, gevoeligheid en doortasting vragen. Door dit te laten uitvoeren door een weinig moedig en inmiddels weinig verheffende man, is ofwel een gemakkelijke uitweg, ofwel een statement tegen een snel veranderende wereld, gedomineerd door oude, conservatieve, grijze mannen, die hooguit moedig in woord, maar niet in daden, zijn. Het lijkt toch meer op het eerste. Door het gebrek aan betrokkenheid interesseert het je als kijker nog nauwelijks of hij nu wel of niet gratie gaat verlenen of de euthanasiewet gaat tekenen. 

Zo blijft er voor de liefhebbers van de films van Sorrentino, zijn stijl en acteurs, een film over, die als beginpunt voor belangrijke discussies over existentiële zaken kan dienen. Een film die je tegelijkertijd weinig inzichten zal geven, behalve het belang dat deze thema’s aangesneden worden en in het nagesprek met de benodigde moed, vitaliteit, lef en passie behandeld worden.

 

17 maart 2026

 

 

ALLE RECENSIES

Terugblik filmjaar 2025 – Deel 2

Terugblik filmjaar 2025 – Deel 2:
Er was tenminste weer een regisseur zichtbaar

door Ralph Evers

2025 is het jaar dat ik het minst in de bioscoop heb gezeten, en ook thuis heb ik minder op de bank gezeten om iets te kijken (juist meer om iets te lezen). Daarnaast keek ik meer series dan films, ook een persoonlijke trendbreuk.

Dat ik minder in de bioscoop zat, is vooral vanwege een aantal factoren:

1) De draaitijden van sommige lange films zijn niet goed te combineren met de andere verplichtingen in mijn leven. Daarnaast draaiden sommige films erg kort (zoals The Seed of the Sacred Fig).

2) Er was een overdaad, in ieder geval qua beleving, van re-releases van vergane glorie, die nieuw werk, ook op prime time momenten, uit de programmering drukte. 46 films telde ik in deze categorie in de gauwigheid. Vrijwel elke week eentje.

3) Er is gewoon heel veel van hetzelfde uitgebracht. Veel documentaires, veel portretten van veelal mannen, mensen/bands die iets gedaan hebben in een van de kunsten, vooral muziek en een paar nazi’s. En ook die arthouse films over witte mannen zonder scheerapparaat, die moeilijk en zwijgend lang in beeld zijn en waar niks gebeurt. Enfin, dit laatste heb je elk jaar.

Black Dog

Black Dog

Black Dog vs. Rietland
Om dan met de uitzondering hierop te beginnen. Dat was voor mij het filmische hoogtepunt van het jaar, de Chinese film Black Dog van Guan Hu. De zwijgende Lang, net vrijgelaten uit de bajes, keert terug naar waar hij vandaan komt, waar nog het nodige oud zeer leeft. Lang is frustrerend in zijn zwijgzaamheid, maar de band die hij met een zwarte zwervershond weet op te bouwen en het verhaal dat zich op trage, doch onvermijdbare wijze ontvouwt, is simpelweg klasse. De climax bovendien is van een cinematografische schoonheid, die dit toch al fraaie werk naar een hoger plan tilt.

Black Dog is overigens geschoten met digitale camera’s, waardoor je dat korrelige beeld hebt. Werkte wel, in tegenstelling tot de Nederlandse Oscar-inzending Rietland. Na een prachtige beginscène en treffend gebruik van de regionale taal, boet de film erg veel in door het gebruik van digitale camera. De miljoenen rietstengels die wuiven in de wind, zou met ‘echte’ camera’s, met een tastbare filmrol, een Tarkovskiaanse schoonheid hebben weten te bereiken. Door de korreligheid van nu gaat die dreigende mystiek die in veel van de beelden potentieel aanwezig was, verloren. Gemiste kans!

Oer-Hollands drama en weirdness
Mike van Diem wist een oer-Hollands drama te maken. Idylle, drama, ongemak, humor. Voor de Meisjes is op zich zwaar qua thema en tegelijkertijd zit er een zekere luchtigheid in. Het venijn van de film zit ‘m in dat typisch Nederlands pragmatisme en de wens om de boel weer, liefst zo snel mogelijk, opgelost te hebben. Dit alles wordt geloofwaardig en met zichtbaar plezier overgebracht door de vier hoofdrolspelers.

Voor een portie weirdness had ik hoge verwachtingen voor Mr. K. Een interessant interview in de NRC met hoofdrolspeler George McFly, ik bedoel, Crispin Glover, deed hierin een duit in het zakje. De film is de moeite waard, zonder meer, maar dergelijke verwachtingen kunnen nauwelijks ingelost worden. Het is alsof de film halverwege als een heliumballonnetje leegfluit in de kamer en we nog met wat piepende stemmetjes er een slot aanvlechten, wetende dat de geest eruit is. Als de film dan toch zo metaforisch moet zijn, is dit wel een treffende voor dit jaar.

Opvallend dat er zo weinig films waren die een indruk wisten achter te laten. Vaak waren het leuke ideeën. Soms viel ook dat erg tegen, zoals dé hype van dit jaar Bugonia. Ach, het was wel aardig, maar al vrij snel duidelijk hoe de film zich zal ontwikkelen. Bewaar het beste voor het slotakkoord, onder het genot van Where have all the flowers gone, om de film net dat beetje te geven om ‘m niet helemaal de grond in te schrijven.

Parthenope

Parthenope

Impact
Impact werd wel gemaakt door Kathryn Bigelows A House of Dynamite, die je als kijker, in tegenstelling tot het saaie formule- en afraffelwerk van Mission Impossible: The Final Reckoning, voortdurend op het puntje van je stoel laat zitten. Hoe zij haar realistische (en leuke ironie om een zwarte president te nemen) doemscenario ontvouwt, is overtuigend.

Soms maakt een soundtrack, alsmede de lyriek van de camera en de oogstrelende hoofdrolspeelster impact (en ja, dit is ook ter ere van de hoofdredacteur van Indebioscoop.com). Paulo Sorrentino’s stijl spreekt me simpelweg aan en Parthenope zwabbert schaamteloos de eeuwige jeugd, schoonheid en vergankelijkheid in een naïeve, lome zomernacht naar ons toe. Dat de film te lang is en weinig om het lijf heeft, zijn te vergeven zonden. Er was tenminste weer een regisseur zichtbaar.

 

26 december 2025

 

Deel 1 – Cor Oliemeulen: Waarom Max Verstappen geen wereldkampioen werd
Deel 3 – Jochum de Graaf: De verschillende vormen van comedy
Deel 4 – Tim Bouwhuis: Door de lens van filmfestivals
Deel 5 – Bob van der Sterre: De absurde top 20
Deel 6 – Zoë van Leeuwen: Een ode aan Letterboxd
Deel 7 – Bert Potvliege: Verdrinken in werelden

Wittgenstein (1993)

Wittgenstein (1993)
Queer logica

door Ralph Evers

Wittgenstein was de gevierde logica-filosoof, die door een andere gevierde filosoof, Bertrand Russell, uitgeroepen werd tot een van de grootste denkers van zijn tijd (de ander was Martin Heidegger, in Zijn Tijd). The Master of Queer, Derek Jarman, weet wel raad met Wittgenstein. Logica in bonte kleuren, extravagante kostuums en heerlijke filosofische vragen en uiteenzettingen. 

Queer zal het woord zijn en het woord is queer. Da’s niet alleen deze film van Jarman, dat is zijn handelsmerk. Tegelijk ook een op zichzelf grappige paradox, dat een film over de taalfilosoof Ludwig Wittgenstein met zoveel queer benaderd wordt. Dat bijt mekaar. De kleuren, de decors, de staccato scènes waarin deze film af en toe opgebouwd is, zijn niet noodzakelijk zo streng logisch als wat de filosoof beoogde. De kleurrijke kostuums (vooral Swinton) en spaarzame decors zijn te allen tijde tegenover een verder zwarte theaterachtergrond. Die achtergrond zwijgt als het ware, waar Wittgensteins denken ophoudt.

Wittgenstein (1993)

Wittgenstein (1993)

Tegelijkertijd en in tegenstelling met Jarmans Caravaggio – je weet wel, die film waar Swinton in debuteerde en Sean Bean weer eens de dood vond – is Wittgenstein een stuk biografie-getrouwer dan het eveneens maffe en queere Caravaggio. Wittgensteins pogingen om kinderen les te geven (een hopeloze mislukking voor de sociaal wat vreemde Wittgenstein) zijn getrouw in beeld gebracht, evenals diens verheerlijking van handarbeid op een collectieve boerderij in de Sovjet-Unie (wat is dat toch met intellectuelen, dat ze zo door ideologie bevangen kunnen raken?).

Foto: Brigitte LacombeHet eigenaardige van Wittgenstein (voor de filosofen onder ons, je zou denken dat het de reïncarnatie van Kierkegaard is, met z’n aparte maniertjes en omgang met de ander) is pedant wanneer de jonge Wittgenstein de film inleidt en een stukje met ons oploopt, serieus, stekelig en bij tijden sentimenteel, wanneer de volwassen Wittgenstein tegen de grenzen van begrip met zijn mentoren Bertrand Russell en John Maynard Keynes aanloopt.

Met studenten of zijn vluchtige romances komt hij er ook niet zo goed uit. Het zijn deze scènes die deze film de nodige structuur en aantrekkingskracht geven. Want voor de gemiddelde bioscoopbezoeker vandaag de dag is deze film te anders.

‘Half of Cambridge goes around imitating your mannerisms’

Het anders-zijn van deze portrettering van Wittgensteins leven is op een meta-niveau nu ook precies wat filosofie beoogt, nee, wat kunst beoogt. Door van gebaande paden af te wijken, raken anderen geïnspireerd om tot een uitbreiding van het bestaande te komen, anders is het slechts een eindeloze herhaling, zoals de echokamer van de huidige kunstmatig intelligente taalmodellen. De mens is een onmogelijk dier, dat probeert het marsmannetje ons ook duidelijk te maken op vriendelijke wijze. Daarom zij geprezen, dat andere. Queer.

Wittgenstein (1993)

Wittgenstein (1993)

Waar zou Lars von Trier zijn geweest zonder Derek Jarman? Dogville en Manderlay zijn kalere, soberdere en bravere versies van het decorwerk van Jarman. Wie zou de nieuwe quirky queen opvolger van Tilda Swinton kunnen worden? Niemand minder dan Emma Stone, afgaande op haar werk met die Griekse muze van haar.

 

12 oktober 2025

 

THEMAMAAND TILDA SWINTON

Slocum et moi

**
recensie Slocum et moi
Te lief eerbetoon aan vergeten avonturier

door Ralph Evers

Joshua Slocum was een Canadese zeeman, avonturier en degene die als eerste persoon alleen rond de wereld is gevaren. Jean-François Laguionie brengt met zijn nieuwste film een eerbetoon aan deze vergeten avonturier. 

Slocum et moi opent met de van regisseur Laguionie bekende pasteltinten, potloodtekeningen en schetsmatige proeven van landschappen en decorsetting. Dit alles ondersteund met door Debussy geïnspireerde muziek volgen we een hap uit het leven van de dromerige jongeman François. Zijn vader Pierre, die de bijnaam Slocum krijgt, is een gesloten man, tikje nors, die wanneer diens werk als marketeer voorbij is, zich wijdt aan zijn werkelijke passie: dingen maken, waaronder eenzelfde boot als avonturier Slocum.

Moeder Geneviève komt wat flets uit de verf, daar zij de goedheid zelve is en zowel haar man als zoon in alles steunt en zich gedwee voegt naar haar rol. Het is tenslotte 1949 in Frankrijk. Dit alles geaccentueerd in een dromerigheid die kenmerkend is voor de films van Laguionie. 

Slocum et moi

Geïdealiseerd verleden
Al met al wanen we ons al gauw in een geïdealiseerd verleden, waar de Fransman z’n alpinopetje draagt, iedereen naar elkaar omziet en er een vredigheid heerst die ernstig contrasteert met de bombardementen van enkele jaren daarvoor. Vader Pierre besluit, nadat de toon van de film is gezet, met het bouwen van een boot in zijn achtertuin. Jawel, eenzelfde boot al Joshua Slocum bouwde en de wereldzeeën bevoer.

Geen onvertogen woord van de buren, geen enkel smetje op het huwelijk van ouders, een man wiens energie, tijd en geld gaat zitten in een naïef project. Deze film kent, zelfs tijdens de jazz-tonen, geen enkele dissonant (of het moet de Lovecraftiaanse Kraken zijn, die het bootje van Slocum in een van diens dagboekvertellingen aandoet). 

En die verheerlijking van die goeie ouwe tijd is in deze tijden nog kwalijk ook. Temeer wanneer je alle kleinburgerlijke bekrompenheid uit beeld houdt. Het is dan ook best ironisch dat die goede oude tijd, waar Slocum zich afspeelt, met digitale middelen is gemaakt. Hierdoor gaat evenwel het authentieke, simpele, dat deze film poogt te ademen, binnen de lijntjes verloren.

Slocum et moi

Loslaten
Slocum doet denken aan een herhaling van Louise en hiver, waarin vrijwel dezelfde nostalgie wel werkt. Het is een sfeer die opgeroepen wordt, die raakt aan verlangens die de meesten van ons wel hebben. Een kindertijd die verloren is, een paradijs verloren. Het is tegelijkertijd een beperkt venster dat Laguionie op de wereld laat, waarbij het interessant is hoe gemakkelijk je mee wilt gaan in die idealisering, dat smetteloze, dat dromerige en magisch realistische van een kind.

Edoch, als deze fata morgana al bij de aftiteling knapt, heb je als maker toch iets gemist. Al het paradijselijke morgen- en avondrood en de kinderlijke idylle ten spijt, zou je toch enige wijsheid van de inmiddels 85-jarige Laguionie verwachten.

Maar nee, de door de tijd tot zorgeloze jeugdherinneringen vervormde herinneringen van Laguionies jeugd, doen geen recht aan de kijker. Ze fungeren slechts als behoefte van een oude man die moet gaan loslaten wat nooit perfect was.

 

20 augustus 2025

 

ALLE RECENSIES

Terugblik 2024 – Deel 2: Volwassen rebellen

Terugblik filmjaar 2024 – Deel 2:
Volwassen rebellen

door Ralph Evers

Om maar met de deur in huis te vallen: 2024 was een goed filmjaar. Poolse cinema was goed vertegenwoordigd op het Kaboom Animation Festival in Utrecht (en Amsterdam), met het verbluffend mooie Chłopi als hoogtepunt. Ook Kos, een historische film over de Poolse opstand tegen de Russische overheersing eind 18e eeuw, wist te imponeren. Deze film van Tadeusz Kosciuszko wordt geserveerd als een Poolse Tarantino. Maar er was nog veel meer te genieten dit jaar.

 

The Substance

The Substance

1 – The Substance
Eerst was er de trailer. Coole close-ups, tintelend sound design, mooie patronen, lekker retro, lekker sixties, lekker goor ook hoe Dennis Quaid z’n gamba’s eet. Daarna was er de poster. Grote letters, omineus flesje. Toen de buzz, vrouwelijke regisseur, verwijzingen naar bodyhorror, hmm, kon wel es wat worden. Toen nog es de trailer. Ja, zien! En dan de film. Knallend orgasme! Wat een achtbaan, wat een zindering, wat een porno en wat een bevrediging voor de Jungiaanse psychoanalyticus in mij. Het laatste halve uur was wel een uitdaging, Cronenberg eat your heart out! Een film waar alles er duimendik bovenop ligt en waar alles postmoderne ironie is. The matriarchy strikes back. With a vengeance. And I want more!

2 – Tatami
Nog zo’n knock-out. Terwijl Netanyahu en de Ayatollahs met hun impotente pikken staan te wapperen, lossen deze twee vrouwelijke regisseurs in deze politieke thriller achter de schermen die tegenstellingen op. Niet door je lomp op je bek te slaan, maar met beweging en gratie. In het harde zwart-wit, waarin menigmaal de kaaklijn van de protagonist geaccentueerd wordt, bouwt de spanning zich voelbaar op. De climax kent een verrassende ontlading, die veel dichter bij de menselijke creativiteit en onze natuurlijke instincten ligt, dan wat de machthebbers en propagandisten, de demagogen en reli-waanzinnigen ons met alle macht willen laten geloven. Een fijne rebellie in de oververhitte tijden van nu.

3 – Dune Part Two
De eerste was al fantastisch gedaan, de tweede zowaar nog imposanter. Toegevoegd aan ons collectieve onbewuste is de weergave van Giedi Prime, de Harkonnen, de ontwerpen van de schepen en familie Shai-Hulud. De film is spectaculair en niet pretentieus. Verfrissend om niet elke 5 minuten een explosie te hoeven zien. Sterker nog, met deze film keren de gouden tijden van Hollywood kort terug, daar het haar epische karakter houdt, zoals de grote filmmakers in de jaren 40 en 50 deden. Het boek is overtuigend tot leven geroepen en vormt een pleister voor de beste sci-fi film die nooit gemaakt is. Deze tijd kent haar nieuwe onvergetelijke vertegenwoordigers van de rijke personages naast Sting en Kyle MacLachlan dat waren in de jaren 80.

4 – Civil War
Naast Lee en The Zone of Interest was er dit jaar voldoende aandacht voor de dreiging van nieuwe, ongure, onvrije, mogelijk bloedige tijden. De beleving van tijd is een bijzondere; zou morgen de pleuris uitbreken, dan is het alsof die pleuris nooit ver weg geweest is. De mens heeft nu eenmaal wat existentieel ongemak nodig om niet tot hedonistische leegte te vervallen, maar om daar nu tal van potentaten voor in het zadel te hijsen, waarvan het volstrekt onvoorspelbaar is hoe dit ons leven zal beïnvloeden. De rede heeft er dit jaar (en de afgelopen jaren) naar gekeken, hoe bange witte mannen (en een enkele bange witte vrouw) de troon van een land bestegen en de vrijheid aan banden legden. Oude tijden herleven helaas en Civil War wist dit met een gruwelijke flair, zonder veel overdrijven of pathos in ons gezicht te smeren. Jammer dat dit soort films nodig zijn.

5 – Alien: Romulus
Waar de eerste twintig minuten ronduit tegenvielen, weet deze film zich tot één van de betere Alien-films te ontvouwen. Fede Alvarez die met zijn eerdere werk de spanning als geen ander weet op te bouwen, kiest voor sfeer, verhaal en spanning boven gemakkelijke effecten. De film voelt grotendeels als een verzameling dissonante akkoorden die sporadisch tot een oplossing komen. Daarom werkt dit zo goed. 

 

The Gullspång Miracle

The Gullspång Miracle

Miskleun van het Jaar – The Gullspång Miracle
Een hoop buzz en de eerste paar minuten zou het nog wat kunnen beloven, maar al gauw vervalt dit tot gesprekken en herinneringen van mensen die saai zijn, wiens onbetekenende, geprivilegieerde saaie levens zonder noemenswaardigheden aangehoord moeten worden in een eindeloos vervelender wordende verzameling saaie mensen. Maar de premisse was wel interessant. Toen ik thuiskwam lag er stof in de hoek dat van een afstandje op mijn nimmer geboren broer leek. Eenmaal dichterbij bleek de stofzuigerslang mij voor te zijn en had ik slechts een wat schonere vloer. Me verplaatsend in de schoenen van de documentairemaakster zou ik er wel wat hoofdpijn en ongepaste woorden, gesmoord in mijn hoofdkussen, aan overgehouden hebben, dit gedrochtig stuk digitaal celluloid.

 

26 december 2024

 

Terugblik 2024 deel 1 – Cor Oliemeulen: Wie ben ik?
Terugblik 2024 deel 3 – Bob van der Sterre: Films als relaxmachine?
Terugblik 2024 deel 4 – Bert Potvliege: Misschien helpt meditatie
Terugblik 2025 deel 5 – Tim Bouwhuis: Palm, Leeuw en Beer
Terugblik 2024 deel 6 – Yordan Coban: We zijn verdoofd door geweld
Terugblik 2024 deel 7 – Jochum de Graaf: Hoe het ‘gewone’ leven doorging

Verslag Kaboom Animation Festival 2024

Kaboom Animation Festival 2024:
Rijk en divers

door Ralph Evers

De vijfde editie van het Kaboom Animatie Festival (voorheen bekend als het Holland Animation Film Festival, HAFF) is afgelopen vrijdag van start gegaan in Utrecht. En hoe! Met direct een rijk en divers programma, dat de Nederlandse première van The Peasants (Chłopi) had als afsluiter van de eerste dag.

Het thema van deze editie is ‘Welcome Home’, en omdat de artistiek leider van Kaboom haar wortels in Polen heeft, zijn er enkele shorts-programma’s gewijd aan Polen. Naast haar thuisland is er speciale aandacht voor Iran, een LGBTQI+-programma en de feature film Sultana’s Dream, geïnspireerd op de Bengaalse schrijfster Rokeya Hossain, die in 1905 een verhaal schreef waarin vrouwen aan de macht zijn en niet de mannen.

Kortom, waar animatie in staat is grenzen te overschrijden, onmogelijkheden te beslechten en de verbeelding rechtstreeks en op originele wijze kan aanspreken, doet ze dat deze editie dan ook met verve op zowel aantrekkelijke als uitdagende of veeleisende wijze.

Banquet

Banquet

Polen, Polen
Waar het land cultureel homogeen is, is haar animatie verrassend pluriform. Loodzwaar, diepzinnig, poëtisch, vrolijk, grappig, lichtvoetig, ondeugend, eigenwijs, formeel zijn zo een aantal tekortschietende woorden om de diversiteit van de Poolse animatieshorts in taal proberen te vangen. Er lijkt een nadruk op zintuiglijkheid te liggen. De mens, Pool, in diens al dan niet bedreigende omgeving. De vele close-ups van neuzen, ogen, monden, oren, karakters die zich in vervreemdende omgevingen bevinden, bespied worden, op zoek zijn naar elkaar of als volstrekte vreemden in een eindeloze loop langs elkaar heen leven (Tango, 1980).

Daarnaast de vele transformaties: soms in simpele lijnen die vlakken of rondjes worden en verrassend duidelijk weten weer te geven wat er bedoeld wordt, mede dankzij een effectieve geluidsband. Soms in een strakke lijn de vele gelijkenissen tussen onze – in dit geval – vernietigingsdrang en de geordende chaos van moeder natuur in het uiterst fraai en intelligent weergegeven Airborne van Andrzej Jobczyk.

Ook het experimentele karakter van de Poolse cinema blijft niet onderbelicht. Een iconisch voorbeeld hiervan is A hard-core engaged film van Julian Antonisz, die rechtstreeks op filmtape kliederde met verf. Het resultaat is een chaotische, verfrissende, kinderlijke punk-creatie en natuurlijk een middelvinger naar het beklemmende Sovjetregime met al z’n neurotische verboden. Het even zo subtiel rebelse Banquet (Bankiet) is de moeite waard omdat de rollen tussen het diner en de elitegasten op een verrassende, Svankmajeriaanse wijze worden omgedraaid, met fatale gevolgen! Ichthys van Marek Skrobecki valt op door z’n naargeestige sfeer, prachtige soundtrack en tragische afloop.

Chłopi
Eind 19e eeuw schreef de Poolse Nobelprijswinnaar van de literatuur Władysław Reymont het boerenepos Chłopi (de boeren), waarin hij naast het hoofdverhaal veel aandacht besteedde aan de met de seizoenen samenhangende rituelen van het boerenleven. Reymont verwachtte dat de moderne tijd de rituelen en gebruiken van vroeger zou doen vergeten en dus besloot hij dit vast te leggen in dit boek. Deze gebruiken en rituelen vormen ook het kader van de gelijknamige film.

The Peasants

The Peasants

Van het duo Welchman en Welchman, dat eerder naam maakte met Loving Vincent, komt nu, wederom geheel in olieverf geschilderd, de verfilming van dit verplichte leesvoer in het Poolse onderwijs. Een film over Polen vanuit Polen boordevol prachtige details en knipogen naar de Poolse realisten van die tijd, zoals Józef Chełmoński, Leon Wyczółkowski, Stanisław Masłowski, Władysław Ślewiński, maar ook internationaal bekende schilders als Jean-François Millet, Pieter Breughel de Oudere, Edvard Munch en Johannes Vermeer, zijn een ware lust voor het oog.

Het verhaal van Reymont heeft een paar updates gekregen, waarin meer nadruk komt te liggen op het geweld vanuit het patriarchaat, de vernietigende werking van roddel en achterklap en de hang van de goegemeente, zeker wanneer die in onzekerheid verkeert, naar een vijand. Geen spiegel is meer nodig, want al het kwaad past de vijand zo goed.

In Chłopi valt deze rampspoed de knappe, maar naïeve Jagna ten deel. De mens is niet groots, kent een wankel geciviliseerd evenwicht en weet doorgaans haar kwaad middels allerlei drogredenen, valse voorstellingen van de realiteit en projecties goed te praten. Alle basale menselijke emoties, zoals afgunst, verlangen, hebzucht, haat en angst zijn rauw, onopgesmukt en invoelbaar in beeld gebracht, werkelijk verbluffend en met die heldere kleuren glanst ‘s menschens toorn des te schrijnender. Tel hierbij de traditionele Poolse folkmuziek, die met verve gespeeld wordt, en je stelt jezelf zo voor in dat landschap, met helaas, die mensen. 

Poetry in Motion
Het experimentele blok korte animatiefilms. Verwacht geen gemakkelijke kost, maar laat je geest verruimen met de mogelijkheden en de hedendaagse creaties binnen animatie. Elf films passeerden de revue, variërend van ‘daar wil ik meer van zien’, tot ‘zzz… huh, nog steeds bezig’. Hoewel er werk tussen zat dat qua lengte af voelde, bleef het idee dat we naar ‘proeven van’ kijken. Een proeve van hybride mensen in The Posthuman Hospital, onheilspellend, en smakend naar meer. Een proeve van een ironisch spel met taal, woorden en animatie in Miserable Miracle. Of een uitdaging van wat dit nu weer probeert uit te beelden: The Hour Coat? Waar een leek een oefening in herhaling ziet, zonder dat er ontwikkeling ontvouwt. Waar de ene na de andere interpretatie hout snijdt en op stukloopt. Als animatiesommelier zou ik zeggen dat dit blok goed gedecanteerd moet worden en dat ze vooralsnog te vroeg gedronken is.

Here, Queer and totally Sincere
Een blok kortfilms met een duidelijke boodschap, waarbij de hoop is dat zich ook veel cis gender hetero’s zich melden, want een aantal films heeft een educatieve rol. Voor iemand die zich herkent in de LHBTQI+-beweging is het je anders voelen, zo leren we, een belangrijk deel van je dagelijkse ervaring. Dat perspectief als uitgangspunt van de beleving van een film nemen is dan vooral educatief voor diegenen die de meerderheid en de norm uitmaken. Voor de LHBTQI+’er is dit vooral een bevestiging. De films kenmerken zich door een meer serieuze en heroïsche toon, waar veel ruimte is voor kwetsbaarheid. Gelukkig is er ook voldoende ruimte voor humor, zoals een aloud sprookje waar de prins, geheel in tegenspraak met de verhalenverteller, van de herenliefde is, och arme prinses toch!

Sultana’s Dream

Sultana’s Dream

Sultana’s Dream
De tendens die her en der dit programma al zichtbaar werd, het doorbreken van het patriarchaat, viering van seksuele diversiteit en de keur aan experimentele kortfilms, kent in Utrecht op zondag haar apotheose in de origineel getekende biopic van de Bengaalse feministische schrijfster Rokeya Hossain (1880-1932). In 1905 schrijft ze een utopische roman, Ladyland, waarin vrouwen aan de macht zijn en mannen de huishoudelijke taken op zich nemen. De wereld zou een safe space voor vrouwen zijn.

De Spaanse onderzoekster en kunstenares Inés treft dit boek per toeval en, gefascineerd door de schrijfster en het verhaal, gaat zij op onderzoek naar de oorsprong en nalatenschap van Rokeya Hossain. De kijker wordt hierbij getrakteerd op een animatiestijl die doet denken aan Lotte Reinigers Die Abenteuer des Prinzen Achmed uit 1926. Het verhaal ontvouwt zich gedeeltelijk aan de chronologie van Hossain, waar tal van thema’s aan gehangen worden. Thema’s als de rol van vrouwen in de wereld, vrijheid, machtsstructuren, persoonlijke reflecties, de rol van religie. Hierin valt op het hoge intellectuele niveau van de dialogen die Inés met verschillende vertegenwoordigers rondom deze thema’s spreekt. De manier waarop deze dialogen gevoerd worden, lijken de kijker indirect uit te nodigen mee te praten, of in ieder geval je aan het denken te zetten.

Hoewel een aangename kennismaking met een schrijfster die nauwelijks bekend is, had de film meer mogen dromen om de wereld die Hossain voor ogen had, nader uit te werken. Belangrijk is dat we blijven dromen en scheppen.

Het Kaboom Animation Festival 2024 is nog tot en met 14 april te zien in Utrecht, Amsterdam en online. Lees hier het programma.

 

9 april 2024

 


MEER FILMFESTIVAL

Terugblik 2023 – Deel 2: The Banshees of 2023

Terugblik filmjaar 2023 – Deel 2:
The Banshees of 2023

door Ralph Evers

Het jaar 2023, in een melkwegstelsel tamelijk dichtbij, vloog voorbij. En niet zozeer met films bij deze filmliefhebber. Het was een druk jaar voor mij: veel werk, veel andere dingen, series, boeken, muziek maken en een nieuwe verslaving, het computerspel Stellaris. Ongelooflijk verslavend en uiterst interessant met tal van verhaallijnen, mogelijkheden en uitbreidingen, heel veel uitbreidingen. Kortom, hoe kom je ook alweer bij de bioscoop terecht? Links? Rechts? Hmm. Gelukkig vond ik de weg af en toe, en de films die ik dan uiteindelijk zag waren de moeite doorgaans wel waard.

Zo blies Anatomie d’un chûte (Anatomy of a Fall) me helemaal omver. Wat een terechte Palme d’Or-winnaar! Weergaloos spel van Sandra Hüller. Haar personage heeft voldoende ambiguïteit om ook als kijker niet zeker te weten of ze achter de val zit of niet. Het geheel is zo in elkaar gezet dat je met de hoofdpersoon mee de rechtbank ingaat, haar geheugen bewoont en tegelijkertijd uitgenodigd wordt mee te denken met haar tegenspelers, de aanklager, haar advocaat. Fijn!

Anatomy of a Fall

Anatomy of a Fall

Een andere film die de potentie had me weg te blazen is Nolans nieuwe epos Oppenheimer. Het openingsshot behoort tot die openingsshots die je bijblijven, die iets –  in dit geval uiterst omineus – aankondigen. Goeie vondst! De film zelf weet net aan te boeien, de drie uur dat ie duurt, en werkt toe naar een allesvernietigende climax. De sterrencast is ronduit genieten, met name Oldman als Truman. Wat ga ik die acteur missen, nu hij aangekondigd heeft na het vierde seizoen van de erg goede serie Slow Horses een punt achter zijn carrière te zetten. Oppenheimer is vooral een knap gemaakte film, een beetje nerdy, het mist net de feel. Nolan is veel beter als verhalenverteller. Dus hup, op naar een vervolg op Tenet of Interstellar, waar zijn werkelijke kunde ligt.

Het is een fijne ironie dat – over wegblazen gesproken: ik schrijf dit stuk terwijl het aardig hard waait buiten – humor soms ook dat gevoel kan geven dat je niet weet waar je het zoeken moet. Het gortdroge, trage, tragische – ik las zelfs de term ‘anti-film’ – Kuolleet lehdet, oftewel Fallen Leaves van Aki Kaurismäki, is een film waar ik dat enkele malen had. Onbedaarlijk moeten lachen en dan de enige blijken in de bioscoopzaal. Veel effectiever nog dan het absurdistische Fumet fait tousser. De Fin moet het hebben van een secuur opgebouwd drama, in een voor hem maar al te bekend decor, waar een serie gebeurtenissen en oneliners zo vreemd passen dat je niet anders kan dan hard lachen, zonder dat daarmee de ernst van de film onderuit gaat.

De Hongaren achter Müanyag Égbolt, oftewel White Plastic Sky, tilden het animatiegenre naar serieuze hoogten. Het had zo groots kunnen zijn en daarmee zichzelf overschreeuwd. In plaats daarvan bleef het zo mooi bescheiden, met zoveel meer ruimte voor de eigen geest om rond te wandelen in die magnifieke tot leven geroepen wereld, zo werkelijk aanvoelend, dat die misschien wel eens de onze zou kunnen zijn.

Tár

Tár

De voor de hand liggende kandidaten in een lijstje als deze zijn natuurlijk The Whale en Tár. Tár wist te imponeren, hetgeen geholpen werd door de panische reacties in allerlei media. Is de film ‘woke’ genoeg, wordt hier niet een vrouw aan de schandpaal genageld? Het zijn verwarrende tijden en Tár wist die verwarring knap uit te buiten en uit te beelden. Natuurlijk absurd dat die film geen Oscar gewonnen heeft. Die absurditeit werd een hele slechte grap toen Everything, Everywhere, etcetera – u weet wel, die film die het zo goed deed in mijn lijstje vorig jaar – die Oscars in de wacht sleepte. Lekker veilig, lekker laf. The Whale werd afgescheept met een Oscar voor beste acteur en natuurlijk een hoop gedoe over de fatsuit van Brendan Fraser. Achter de schermen viel er dus genoeg te genieten.

Top 5 van 2023
1. Anatomy of a Fall
2. Tár
3. Fallen Leaves
4. White Plastic Sky
5. Oppenheimer

 

27 december 2023

 

Terugblik filmjaar 2023 – Deel 1: Wie redt ons van het schorriemorrie?
Terugblik filmjaar 2023 – Deel 3: Van onder de oude eik
Terugblik filmjaar 2023 – Deel 4: Maar er is hoop bij festivals
Terugblik filmjaar 2023 – Deel 5: Gaan we nou doen alsof bommen gooien cool is?
Terugblik filmjaar 2023 – Deel 6: Weten waar je moet zoeken