Kom en zie

*****

recensie Kom en zie

Oorlogsfilm aller oorlogsfilms

door Ralph Evers

Het Eye Filmmuseum kocht onlangs Idi i smotri – de gerestaureerde versie wordt in Nederland uitgebreid als Kom en zie – aan van Mosfilm. De film uit 1985 geldt als één van de meest indrukwekkende oorlogsfilms ooit gemaakt. In de typisch aardse, onopgesmukte stijl van de Russen kunnen we de oorlog in al haar rauwheid beleven op groot scherm. Of je daar zin in hebt, is een tweede.

Waar veel oorlogsfilms een zekere mate van heroïek of romantiek kennen, kenmerkt Kom en zie zich vooral door het ontbreken hiervan. De film begint nog vrij idyllisch met een scheldende boer, tegen een weids land, die de twee in het zand spelende jongens oproept het gevaar niet op te zoeken.

Kom en zie

Wanneer Florya, onze protagonist, een wapen vindt, een SVT-40, bekruipt hem wel enige heroïsche fantasie. Al gauw sluit hij zich, zeer tegen de wens van zijn moeder, aan bij de partizanen. Dit lijkt aanvankelijk stoer. Jongensbravoure. Tot de oorlog zijn gezicht laat zien, een duizendkoppig monster met een onvervulbare necrofiele honger naar de ontzieling en vernietiging van het leven. Regisseur Elim Klimov, zelf op een eigengemaakt vlot gevlucht met z’n moeder en broertje tijdens de belegering van Stalingrad, putte uit deze jeugdgeschiedenis en de naziterreur in Rusland, om tot zijn apocalyptische oorlogsfilm te komen.

Oorlogshorror
Veel van de Vietnamfilms gelden als een kritiek op die oorlog en oorlog in het algemeen. Het oorlogsmonster consumeert niet alleen de huidige generatie, maar ook een of meerdere generaties daaropvolgend. Westerse WO II-films willen nogal eens heldhaftig zijn en slechts beperkt de gruweldaden tonen. Kom en zie daarentegen is zeldzaam gruwelijk. In het partizanenkamp leert Florya Rosa kennen en trekt er met haar op uit. Ze hebben wat lolletjes onderweg, leren elkaar wat beter kennen en misschien zelfs biedt die ontluikende vriendschap een medicijn tegen de aanstaande gruwelijkheden. Het is echter als onze uiterwaarden, doorgaans voldoende, doch bij werkelijk hoogwater een lachertje. Zo ook wanneer de oorlog met een eerste bombardement de film binnenrolt. Een sterke troef die Klimov hier speelt is dat de oorlog beleefd wordt door de ogen (en oren) van Florya. Een oorverdovende piep, die door hart en ziel snijdt is de eerste getuige van de komende oorlogshorror. Hierin is Kom en zie meedogenloos.

Het lot van Wit-Rusland, waar de film zich afspeelt, is de nazi-tactiek van de ‘verschroeide aarde’. In totaal werden 638 dorpen op die manier vernietigd. De titel is een verwijzing naar het zesde hoofdstuk van de Openbaring van Johannes, waarin de vier ruiters van de Apocalyps ten tonele verschijnen. Hierin worden verwijzingen gemaakt naar de dood en de hel.

Kom en zie

Kom en zie
Aan dood, verderf en een hel op aarde geen gebrek. Wanneer de realiteit Florya’s bewustzijn binnengeploft is, dwingt zijn ontreddering hem tot de primitieve overlevingsmechanismen van de mens. Wanneer hij terugkeert naar zijn ouderlijke dorp krijgen we de afgrijselijke wreedheid van de oorlog in alle registers te zien. Niet alleen in de psychische neergang van Florya, maar ook in de letterlijke kadavers van menselijke resten en de technocratische executies later in de film.

De film zal lang blijven napiepen. De traumatisch realistische beelden en de confrontatie met de zielloosheid van de oorlog, het gevangen raken in haar web en de heimelijke fascinatie, waardoor je blijft kijken. Het is een vreemde mix waar Russen een alleenrecht op lijken te hebben. Die gerichtheid op het aardse, de liefde voor modder en smerigheid, de zoektocht naar het menselijke in het lelijke en de traagheid van het lijden. Niet zozeer transcendent, maar immanent is het religieuze en het existentiële in de beeldtaal aanwezig.

Kom en zie, dit is de mens, dit hier, in haar lelijkheid en laagheid. Ook dit stuk verwoeste mens, eens een jongen genaamd Florya, die nu met een lege blik duizend meter in de verte tuurt naar het niets. Een verloren generatie, de tanden van de oorlog knaagden nog decennia door, het geweld stopte niet. De menselijke natuur kent een wreedheid die we liever niet zien. Kom en zie… dat eens onder ogen!
 

12 oktober 2018

 
MEER RECENSIES

Stalker

Stalker: Transcendente filmkunst

door Ralph Evers

Janus Films brengt dit najaar de gerestaureerde versie van Stalker uit. Eén van de meest essentiële films ooit gemaakt. Een mooi moment voor een persoonlijke beschouwing. 

De zomer is voorbij
alsof er nooit een zomer is geweest.
Het is aangenaam in de zon.
Maar dat is niet genoeg.

Al wat er kon zijn
werd als een vijfvingerig blad
direct in mijn hand gelegd.
Maar dat is niet genoeg.

Vergeefs ging goed
noch kwaad voorbij.
Alles had een heldere gloed.
Maar dat is niet genoeg.

Het leven nam me onder zijn vleugels,
beschermde me, redde me,
ik had werkelijk geluk.
Maar dat is niet genoeg.

De bladeren zijn niet verbrand,
de takken niet gebroken.
De dag is als schoongespoeld glas.
Maar dat is niet genoeg.

Bovenstaand gedicht is van de vader van Andrei Tarkovsky, Arseni Tarkovsky en komt uit diens bundel Vestnik. Het wordt in de film voorgelezen door de Stalker en verwoordt het religieuze kernthema dat in Stalker (1979) wordt aangeraakt. Met onze woorden en profane verlangens zullen we nooit gedijen in overvloed, maar altijd ervaren een tekort te hebben. Wij mensen zijn gestraft door die vervelende goden, zo lezen we al in de Griekse mythologie en de moderne mens komt er niet veel beter van af.

Stalker

Stalker vertelt het verhaal van een kamer in een verboden Zone, waar ooit buitenaardsen zijn geweest. In deze kamer worden je diepste verlangens vervuld. Een schrijver en een professor zijn bereid de gevaarlijke en mysterieuze tocht met de Stalker (iemand die de nukken en gevaren van het gebied kent) aan te gaan. De schrijver worstelt met een writer’s block, de professor wil de Zone onderzoeken. Stalker waarschuwt ze voor de lichtvoetigheid van de mens. De Zone reageert op de innerlijke staat van de mensen die haar bezoeken. De vroegere leermeester van de Stalker, ‘t Stekelvarken genaamd, kwam eens terug van een tocht onvoorstelbaar rijk. Een week later verhing hij zichzelf.

Spirituele reis
Het is niet moeilijk om de religieuze thema’s in Stalker te ontdekken. Er gaan drie mannen – een schrijver, een professor, en een gids (een drie-eenheid) – op pad in een onvoorspelbare plek, die in staat is je diepste verlangens te vervullen. Dit raakt aan een van onze meest existentiële behoeftes: vervulling, overgave, verlossing. Een thema dat in alle wereldreligies, maar ook in levensbeschouwelijke, mystieke en wijsheidstradities voorkomt. Telkens weer ligt de rijkdom niet in het materiële en het is maar de vraag of het in het spirituele ligt. Voor de hand liggender dient de zoeker vanuit een eigen vrijheid op zoek te gaan, een leap of faith te ondernemen. Tegen de achtergrond van het Rusland van eind jaren zeventig is deze film daarvan een bewijs.

De reis van de drie-eenheid verloopt in cirkels. De waarheid kent geen rechte weg. Wanneer de schrijver zo vermetel is de gevaren te trotseren en rechtstreeks op de kamer afloopt, bevindt hij zich even later toch weer op zijn beginpunt. De weg naar verlossing is niet af te dwingen. Die circulariteit vinden we geculmineerd in het bovenstaande gedicht dat de Stalker tegen het einde van de film voordraagt. Een zoekende mens, die verlossing in de uiterlijkheden zoekt en nimmer voldoende heeft. In het gnostische christendom komen we de volgende spreuk van Jezus tegen in Logion 3 van het evangelie van Thomas:

Jezus zei:
Als jullie profeten zeggen:
Zie, het koninkrijk is in de hemel,
dan zullen vogels je voorgaan.
Wanneer zij zeggen, het is in de zee,
dan zullen vissen jullie voorgaan.
Maar het koninkrijk is in je hart én in je oog.
Als je jezelf kent, dan zul je ook gekend worden.

De professor merkt naar de schrijver op dat Stalker-zijn een roeping is. Hij bezit een andere wijsheid dan de schrijver en de professor.

Stalker

Nu kennen al Tarkovsky’s films een diep spirituele inslag. Elke film kent shots van de natuur, weilanden, water, wuivend riet, bossen, vaak gepaard gaand met littekens van menselijke aanwezigheid. Gefilmd op een contemplatieve, verstilde wijze, die twee bewegingen maakt. Die tussen het getoonde en de kijker en die tussen het geziene en ervarene, wat direct is. Het is alsof zijn films adempauzes inlassen om ons zijn films te laten bewonen (zoals Yasujiro Ozu de thee laat koken in Tokyo Story).

Picknick naast de weg
Hiermee staat de film tamelijk haaks op het boek, Roadside Picnic, waarop de film is gebaseerd. Dat boek beschrijft vooral de sociale relaties tussen de verschillende Stalkers en hun lastige positie. De sciencefiction, het feit dat er buitenaards bezoek is geweest, speelt tegen de achtergrond. Het boek is geschreven vanuit een perspectief dat buitenaards bezoek een voldongen feit is geweest. Ze zijn er niet meer, of althans, dat is de aanname van de personages in het boek. Het bezoek van het buitenaards leven wordt voorgesteld als een picknick naast de weg. Wat ze achterlieten qua rommel is in de Zone achtergelaten. Het is aan de mens om uit te vogelen wat hij exact inhoudt, om als zodanig een sprong in onze vooruitgang te kunnen maken. Die vooruitgang, zo spiegelt Tarkovsky ons voor, zullen we in onszelf moeten maken en niet zozeer in de technologie. Kunnen we vrede hebben met de gemankeerdheid van ons mens-zijn? Met onze tekorten?

Op die prangende vraag heeft de professor aan het eind van de film een vrij rigoureus antwoord. De reis eindigt bij het begin en de kijker is een diepe ervaring rijker. De vraag die nog kan blijven hangen, is of een van de personages nu wel of niet die ruimte is binnengegaan. De oplettende kijker zou het verrassende antwoord kunnen opvallen. Mij werd het duidelijk na een hint en nog een kijkbeurt, wat alles behalve een straf is. Zoals de biografie van Tarkovsky Sculpting in Time heet, zo speelt Tarkovsky als geen ander met tijd. Shots van vier minuten zijn geen uitzondering en worden als een tijdloosheid ervaren, mede door de briljante muzikale ondersteuning van Eduard Artemyev.

 

28 september 2018

 
 

MEER ESSAYS

Nina

***

recensie Nina

Broodnodige thematiek in conservatief Polen

door Ralph Evers

In Nina is hoofdrolspeler Nina op zoek naar een draagmoeder voor haar kinderwens. Haar zoektocht brengt haar bij toeval bij Magda. Regisseuse Olga Chajdas is nog zoekende naar haar balans. Dat ze smoel heeft, bewijst ze alvast wel. 

Op zich is dit een goede film… Het tempo van de film en de lengte van de shots zijn goed. De film is effectief en functioneel geschoten. De erotiek is teder, met een tikje soft focus, gedempt licht en altijd nog een tot de verbeelding sprekende verhulling. De scènes in de baarmoeder (een kunstwerk van Natalia Bażowska) zijn juist door de rode kleur zwoel en contrasteren sterk met de regenachtige herfst buiten. Wel jammer dat de belichting, zeker in het begin van de film, te donker en daarmee misleidend somber is. Ze passen niet bij de toon van de film. Het is dan wel een drama, maar niet zo heel zwaar. De thematiek kon wel eens nodig zijn in het preutse en conservatieve Polen.

Nina

Achtergrond
Om over die thematiek en het conservatieve Polen door te gaan. Nina, de hoofdpersoon, is op zoek naar een draagmoeder om haar (en manliefs) kinderwens te vervullen. Ze ontmoeten via een daartoe opgezette website een potentiële kandidate, maar dat loopt op allerlei vlakken mis. Wanneer Nina op een gegeven dag, opgeslokt in allerlei kleine beslommeringen, verstrooid en al tegen de auto van Magda rijdt, komt daarmee ook een mogelijke draagmoeder in beeld.

Nina raakt echter geïntrigeerd door Magda, die in vele opzichten haar tegenpool is. Waar Nina zich strak beweegt onder het juk van haar moeder, een lerares Frans uit een bovenmodale familie, is Magda de jonge rebel. Daarnaast is Magda lesbisch en dit wakkert in Nina een niet eerder gekende begeerte aan. Wojtek, Nina’s man, geeft aan positief te staan tegenover dat ‘regenbooggedoe’, maar heeft er moeite mee dat zijn vrouw haar lust bevredigt met een andere vrouw.

Nog wat meer achtergrond
Om even een beeld te schetsen van de situatie van de homoseksueel in Polen. Polen behoort tot de minst homovriendelijke landen van Europa. Dat weerhoudt een stad als Warschau er niet van om ruimte te bieden aan Gay Prides. Er is in 2012 zelfs een regenboog gebouwd op ‘plac Zbawiciela’. De oorspronkelijke bedoeling van deze regenboog was om positieve gevoelens van liefde, vrede en hoop uit te dragen, maar werd al gauw door rechtse en katholieke groeperingen gezien als hét symbool voor tolerantie voor homoseksualiteit, en dat kan natuurlijk niet in een zo door het katholicisme gedomineerd land als Polen. De regenboog is meerdere malen gesloopt en zelfs in de hens gestoken, waarop in 2015 besloten is om wat er nog van over was te verwijderen. Inmiddels is er met gewapend glas een hologram op de plek verrezen. Knappe jongen die dat gesloopt krijgt.

Met bovenstaande in het achterhoofd, plus het feit dat de regisseuse lesbisch is, doet vermoeden dat het feit om Nina te kiezen als winnaar van de VPRO Big Screen-competitie op het laatste IFFR in Rotterdam (mede) politiek gemotiveerd is.

Nina

Exploratie
Het boek Die Morgenlandfahrt van Hermann Hesse gaat niet over een of andere werkelijke reis naar ergens, maar over de innerlijke reis naar de vraag ‘wie ik ben’, onze menselijke existentie. In zowel het boek van Hesse als in deze film doet het plot er niet zo toe. Nina gaat vooral over Nina, die haar identiteit verruimt ziet en nader gaat exploreren door de ontmoeting met Magda. Door die ontmoeting wordt Nina ingewijd in een scène (de lesbische) die ze vanuit haar eigen leven nauwelijks kent. Zo wordt niet alleen Nina’s wereldbeeld groter, maar ook dat van de kijker, aangezien de film vooral vanuit Nina verteld en beleefd wordt.

Dat snijdt ook meer hout dan wanneer je de logica van het verhaal zou volgen. Dan vallen namelijk tal van toevalligheden op, zoals bij de aanrijding waar Wojtek toevallig Magda uit de brand helpt. Of vragen rondom de relatie tussen Wojtek en Nina. Hoe goed is die eigenlijk? Ook de achtergrond van Magda en haar vriendin wordt weliswaar getoond, maar niet nader ingevuld. Zo mist Nina om te overtuigen, maar heeft het debuut van Olga Chajdas voldoende kwaliteit om uit te zien naar verder werk.
 

14 augustus 2018

 
MEER RECENSIES

Stalag 17

Stalag 17 mist volwassen en doordachte humor

Echo van de ‘grote’ Billy Wilder

door Ralph Evers

Hoe iets zinnigs te vertellen over deze film, terwijl het pas de tweede film is die ik van Wilder zie? De eerste die ik zag was Sunset Blvd. Hoewel voldoende vermakelijk, laat Stalag 17 een fletse indruk achter, een echo van de vermeende ‘grote’ Billy Wilder.

Jaren geleden zag ik La vita è bella van filmclown Roberto Benigni en dat is één van de vreselijkste filmervaringen die ik ooit had. Ik moest kort aan die film terugdenken toen ik Stalag 17 zag, vanwege het irritante personage Animal en de kekke stemmetjes van sommige acteurs. De irritatie sloeg toe en ergens ook een oordeel dat films over dit thema wel iets volwassenere, iets doordachtere humor kunnen gebruiken.

Stalag 17

In Stalag 17 lukt de komedie overigens wel een aantal keer. Men heeft tijdens het schrijven van het plot aan meerdere lagen gedacht, wat de film voldoende cachet geeft om te blijven kijken. Zo is met name het verraadplot leuk gedaan, al heeft de oplettende kijker al snel door hoe een en ander zit.

Personages inkleuren
Ik moest bij het kijken van Stalag 17 nog aan een andere film denken, zich afspelend in een gevangenenkamp met een ontsnapping. Eén van de spannendste films die ik ooit zag, omdat het zo realistisch lijkt te gebeuren: Un condamné à mort s’est échappé ou Le vent souffle où il veut van Robert Bresson. Het grote verschil tussen deze twee films is dat in de film van Bresson jij het personage kan zijn, terwijl Wilder zijn personages al inkleurt. Stalag 17 doet dan ook af en toe aan als een toneelvoorstelling, met z’n beperkte decor. Hetgeen overigens niet zo gek is, want de film is gebaseerd op het gelijknamige toneelstuk van Doald Bevan en Edmund Trzcinski.

Billy WilderStalag 17 was in zijn tijd erg succesvol. Wilder werd genomineerd voor een Oscar met deze film en William Holden won de Oscar voor beste mannelijke hoofdrol. De film draait om twee vrienden die proberen te ontsnappen, betrapt worden en doodgeschoten. De overgeblevenen vermoeden dat er een spion in hun midden is en met de cynische opstelling van sergeant Sefton is er snel een verdachte aangewezen.

Sefton stelde voor te gaan gokken of de vrienden hun ontsnapping zouden overleven en maakt veel winst met de uitkomst. Later is er een nieuwe gevangene, James Dunbar, die verdacht wordt van sabotage en daarvoor geëxecuteerd zal gaan worden. Men beraamt een nieuwe ontsnappingspoging voor om Dunbar uit handen van de SS te houden. Sefton is inmiddels bezig te onderzoeken wie wél de spion is.

Onbevredigend
Stalag 17, een afkorting van Stammlager, is een gevangenenkamp voor geallieerde piloten die boven Duits (bezet) grondgebied zijn neergeschoten. De condities waarin de gevangenen werden gehouden zijn vergeleken met veel andere kampen tijdens nazi-Duitsland, best wel oké. Al wordt over die situatie in deze film weinig bekend. Het kan overal zijn, zo gelijkmatig zijn de dagen en het gemoed van de personages. Dichtbij de barakken van de veelal Amerikaanse piloten is een barak vol Russische vrouwen, wat ruimte geeft voor wat vooroordelen over ‘die knappe Russinnen’ en de ‘foute communisten’ toch nog als lustobject enigszins positief in een Amerikaanse film kan passen.

Stalag 17

Dat de film uiteindelijk toch wel lekker wegkijkt, heeft ongetwijfeld te maken met enerzijds het vakmanschap van Wilder en anderzijds de goede plotuiteenzetting. Het zat blijkbaar al vroeg in het DNA van Hollywood dat films Amerikaanse helden en slimheid kennen en dat ze nauwelijks zwaar op de hand zijn. Zeker niet wanneer er prijzen gewonnen moeten worden of het commerciële succes de boventoon voert.

Het zwakt deze film voor mij af, doch past het in de lijn van ‘kampfilms’, van Amerikaanse makelij, die ik zag. Films vol historische onjuistheden en sprankjes hoop, hetgeen gedrochten als The Grey Zone en The Boy in the Striped Pyamas oplevert. Als Benigni zijn gedrocht niet gemaakt had, had ik kunnen zeggen dat Europeanen toch beter in dit genre zijn. Benigni is de uitzondering op die regel.
 

30 juli 2018

 

Deze film draait binnenkort o.a. in EYE Amsterdam. 

 

MEER BILLY WILDER

Have a nice day

***

recensie Have a nice day

Follow the money

door Ralph Evers

“Money makes the world go round”, zong Geddy Lee, de zanger van rockband Rush in 1985 al. Hoewel in dit kleine misdaadverhaal het geld zeker niet de wereld rondgaat, maakt het wel veel los in een anonieme Chinese stad. 

Have a nice day opent met strakke lijnen, een graphic novel, in een hedendaagse Chinese bouwput. De stof en het lawaai volgen op een citaat van Leo Tolstoi waarmee de film aan de kijker wordt voorgesteld. Overigens een grimmig citaat, waar een ieder voor zich en god tegen ons allen in doorklinkt. 

Have a nice day

Mozaïek
De film volgt de strapatsen van een zak met geld, in een wanhoopsdaad door loopjongen Xiao Zhang van zijn baas gestolen. Hij werkt voor een criminele organisatie en heeft geld nodig voor de mislukte plastisch chirurgische ingreep die zijn verloofde heeft ondergaan. Het nieuws van de roof verspreidt zich snel en het verhaal ontvouwt zich gedurende de nacht. De personages zijn vrij eendimensionaal neergezet, al kennen de dialogen soms een prettige soort hipheid en diepgang.

Die onverwachte mix in de personages werkt goed in dit misdaadverhaal. De regisseur is mede geïnspireerd door de Coen-broers, die eveneens uitblinken in het neerzetten van typetjes. Zo is de gangsterbaas Oom Liu treffend geportretteerd achter een wand vol lachende maskers, als een slechte kopie van een James Ensor. Sprekend over geld, dwazen en gekken, een vrij voor de hand liggende kritiek. De hele affaire leidt tot een dwaze gang van het geld, waar meer en meer mensen zich mee bemoeien.

Als een mozaïek ontwikkelt het verhaal zich. De over het algemeen kabbelende film, die qua tempo vooral te traag aanvoelt, kent plotselinge explosies van geweld en grappige wendingen. Daarnaast her en der opgeleukt met tegen het absurdisme aan schurkende fragmenten, zoals het in oud communistische stijl getekende paradijselijke visioen van Shangri-La. Een tweede manco is de vrij platte tekenstijl. Een stijl die doet denken aan de klare lijn en voldoende detail kent, maar te weinig indruk maakt, het geeft de personages te weinig karakter. Zo blijft Have a nice day over het geheel genomen flets. 

Have a nice day

Censuur
Regisseur Liu Jian wilde met zijn film een kritische noot kraken rond de snelle opkomst van het kapitalisme in China. Hij doet dit met een onderkoelde, donkere humor, die de autoriteiten toch niet zo zagen zitten. Zijn film is een tijdlang tegengehouden en moest her en der gecensureerd worden alvorens in China vertoond te mogen worden. Ook die versie is inmiddels geboycot. Kritiek geslaagd, film overleden.

Have a nice day doet op een bepaalde manier denken aan A Wonderful Night in Split. Ook een film waarin geld een hoofdrol speelt en je van de ene in de andere rare situatie terechtkomt. Waar de eerste haar charmante uitstapje heeft naar Shangri-La, komt de Kroatische film beter tot zijn recht, daar er onder meer meer aandacht besteed is aan de karakters.
 

24 april 2018

 
MEER RECENSIES

Centaur

****

recensie Centaur

In het dierlijke vind je het ware

door Ralph Evers

Centaur vertelt op universele wijze een clash tussen twee broers, folkloristische tradities en de opportuniteit van het snelle geld. Een strijd tussen trouw zijn aan je cultuur of omgaan met nieuwe kansen tegen een achtergrond van een eenvoudig ruraal leven in Centraal-Azië. 

Regisseur Aktan Arym Kubat heeft reeds een interessante filmografie, waarin het leven in Kirgizië (hoewel hij zelf geboren is in Kazachstan) op haast antropologische wijze tot ons komt. Een andere wereld, die inmiddels slechts enkele uren vliegen hiervandaan ligt. Zo anders, en tegelijkertijd zo herkenbaar. 

Hij wisselt per film qua toon. The Light Thief (Svet-Ake) kent vooral een humoristische inslag. Beshkempir vooral een contemplatieve toon. Centaur weet voldoende humor erin te houden, maar daaronder gaat een andere boodschap schuil.

Centaur

We volgen een man die we leren kennen als Centaur (gespeeld door Aktan Arym Kubat zelf). Een meester-paardendief. De slachtoffers zijn rijke mannen die de racepaarden gekocht hebben om mee te kunnen gokken of pronken. Centaur praat zijn gedrag goed aan de hand van oude Kirgizische tradities en een droom die hij had. Volgens de legende gaf het paard de mens vleugels. Dit wordt treffend in beeld gebracht, tegen de immer indrukwekkende achtergrond van de Centraal-Aziatische steppe.

Centaur is een simpel levende man met een dove vrouw en een liefdevolle relatie met zijn zoon. Hij slijt zijn dagen wat in de bouw en met het drinken van maksim, bij een verkoopster met wie hij een vriendschappelijke band heeft. Dit tot ongenoegen en jaloezie van andere dorpsbewoners. Wanneer Centaur gepakt wordt om zijn paardendiefstal blijkt het slachtoffer zijn broer te zijn. Een man die het financieel en sociaal gemaakt heeft.

Verdieping
Oog in oog met elkaar krijgt de film zijn eigen smoel. In plaats van een simpel dader-slachtoffer-wraakverhaal, ondergaan ze elkaars lot. Dit geeft een fijne verdieping aan de film en maakt de karakters nog meer vlees en bloed dan ze al zijn. Vragen als hoe om te gaan met wat de modernisering te bieden heeft, terwijl je tegelijkertijd je kernwaarden en bindende rituelen ziet veranderen, komen aan de orde. Zo representeren de beide broers een standpunt hierin, hetgeen in de overige minuten op mooie wijze wordt uitgewerkt.

Centaur

De raad van dorpsoudsten en een publiek beraad draagt bij aan het antropologische gevoel dat de film meegeeft. Ook de rol van religie (in Kirgizië vooral de islam, net als dat hun taal enigszins als het Turks klinkt) krijgt zijn plek, waarbij Kubat ervoor kiest om vooral de menselijke invulling aandacht te geven. Zoals een moslim-evangelist, die tegen de regels in gelooft in magie of een bekeerde Centaur, die die vroomheid niet past en kiest zich uit een gebed terug te trekken. Zijn broer daarentegen die de Hadj wil doen om van zijn zonden te worden verlost is maar al te gretig en opzichtig bezig met zijn geloof. Een subtiel soort maatschappijkritiek, die schuurt, doet glimlachen en nimmer stellig wordt.

Menselijke toon
In krap negentig minuten weet Kubat een diep menselijke snaar te raken en ondanks de exotische locatie een herkenbaar scenario te schetsen. Een ontmoeting tussen twee broers, die door een aantal beslissingen vervreemd zijn geraakt van elkaar en door een drastische beslissing weer tot elkaar zijn veroordeeld. Kubat kiest vrijwel nergens voor de makkelijke weg. Onder de verstilde beelden zit een kritische blik op het geloof, hoe we met onze leefomgeving omgaan en hoe meedogenloos het leven kan zijn, pijnlijk in beeld gebracht in de slotminuten. Hoewel niet een bepaald productief filmland, toch verrassend volwassen.
 

20 maart 2018

 
MEER RECENSIES

Tom of Finland

***

recensie Tom of Finland

‘It seems Finland has bigger cocks’

door Ralph Evers

De biopic Tom of Finland verhaalt over de levenswandel van de introverte homo-kunstenaar Touko Laaksonen, die internationaal bekend werd door zowel zijn hypermasculiene homo-verheerlijking als zijn handtekening ‘Tom of Finland’.

Finland is een beetje een vreemde eend in de Europese bijt. Dat andere taaltje dat godsonmogelijk is om onder de knie te krijgen. Dat woeste land, dat enerzijds kalmeert door haar duizenden meren en verlaten, stille landschappen. Anderzijds de moordende kou in de winter en de even zo moordende hoeveelheid muggen in de zomer.

Kennismaking met Finland
De schrijver van deze recensie kwam in zijn studententijd graag in Finland. Hij had daar – mede door zijn metal-liefhebberij – aardig wat vrienden zitten en met zijn studie psychologie zeeën van tijd. Zo leerde hij al gauw de modernistische architectuur van Alvar Aalto kennen, de symfonieën van Sibelius en, wat natuurlijk veel interessanter was, de films van Kaurismäki, maar ook de karaoke-cafés, om te eindigen met de heerlijk sappige soap van een andere wereldberoemde Fin: Matti Nykänen (verfilmd in 2006 onder de titel Matti). Beschouwd als ‘s werelds grootste skischansspringer die viermaal olympisch goud won. Daarnaast was het een notoire drinker, sloeg hij menig vrouw het ziekenhuis in en wist hij vriend en vijand te verbazen met niet al te snuggere oneliners. Tot slot was daar Tom of Finland.

Tom of Finland

De film begint ten tijde van de winteroorlog tegen de Russen in begin 1940 (het verslag van deze oorlog is indrukwekkend verfilmd in Talvisota). Tussen het oorlogsgeweld door zien we hoe in het geheim homomannen elkaar wisten te vinden in de donkere parken. We leren Touko kennen als de introverte man, die z’n werk bij de luchtafweer halfbakken doet en een leven lang worstelt met het feit dat hij een Russische paratrooper doodde. Na de oorlog gaan de ontmoetingen door, altijd in het geheim. Soms bij hooggeplaatste mensen waar andere homo’s zich tijdelijk veilig wanen en hun fantasieën kunnen uitleven, soms leidend tot excessief geweld van de autoriteiten. Homoseksualiteit was ook in Finland, evenals zoveel andere landen, niet toegestaan in de bekrompen jaren 50.

Hypermasculiene fantasieën
Om toch uiting te geven aan zijn erotische fantasieën tekent Touko ze op papier. Al snel slaan zijn geïdealiseerde, gestyleerde en hypermasculiene fantasieën aan. Eerst in kleine kring, later wereldwijd. Uiteraard mag zijn zus onder geen voorwaarde te weten komen van zijn geaardheid. Via een misgelopen avontuur in Berlijn, in de jaren na de oorlog één van de weinige plekken waar je je als homoseksueel kon overgeven aan een nachtleven, belanden zijn tekeningen in Californië. In de tussentijd werkt Touko, samen met zijn zus, als grafisch vormgever. Tevens leert hij een vroege kameraad uit het leger kennen, nu een danser, die verwoede pogingen doet diens homoseksuele geaardheid te verbloemen (hij was één van de slachtoffers van het eerder genoemde geweld).

Tom of Finland zal uiteindelijk de geschiedenisboeken ingaan als één van de meest bepalende homo-erotische kunstenaars. Een kunstenaar die oog had voor maatschappelijke posities en deze in zijn fantasierijke wereld ten positieve voor de underdog weet om te draaien. Hierin is zijn werk dubbel ondermijnend voor het gezag. In de eerste plaats omdat het tot voor kort in veel landen verboden was om homoseksueel gedrag te uiten, of überhaupt homoseksueel te zijn. In de tweede plaats omdat in zijn afbeeldingen gezagsdragers zich overgeven aan hun verborgen homo-erotische lusten (iets wat altijd al in die uniformen zat).

Tom of Finland

Zelfcensuur
Tom of Finland lijdt aan een vorm van zelfcensuur die haaks staat op de provocaties die Touko’s tekeningen voor de buitenwereld hebben. De film is suggestief in het tonen van homoseksualiteit en te tam voor deze tijd. (Wie wat dat betreft the real deal wil, wende zich tot de documentaire uit 1991 Daddy and the Muscle Academy). Daarnaast wordt eveneens controversiële interesse van nazi’s uit de film gelaten. Niet omdat Touko ze hoog had zitten, maar omdat ze nu eenmaal de meest sexy uniformen hadden.

Mogelijk leidt deze selectieve biografische vertelling en preutse vertoning tot een bredere vertoning van de film. Toch blijft het gevoel van iets missen aanwezig. Daarbij helpt het trage tempo en de nauwelijks aanwezige spanningsboog niet mee. Desondanks weet regisseur Dome Karukoski een mooi eerbetoon af te leveren en doet hij voldoende recht aan die beeldbepalende illustrator Tom of Finland, die sympathiek neergezet wordt door acteur Pekka Strang.
 

10 maart 2018

 
MEER RECENSIES

Top 5 2017

Deel 7: Ralph Evers
Top 5 en miskleun van 2017

Loving Vincent

Acht recensenten van InDeBioscoop bespreken hun vijf favoriete films die dit jaar in Nederland in première gingen. Traditioneel kiest iedereen ook de Miskleun van het Jaar én een film die een bioscooprelease had verdiend. Tot en met Oudjaarsdag lees je hier elke dag een persoonlijke terugblik op het filmjaar 2017.

Ralph Evers door Ralph Evers

Hoewel ik vaak genoten heb van mainstream films dit jaar, zaten de parels wederom verstopt in de arthouse. Je hebt in Utrecht een bioscoopje, ‘t Hoogt, waar nummer 1, 2 en 5 draaiden. Toch knap voor zo’n kleine bioscoop om wederom zoveel kwaliteit te draaien. Hoewel dit jaar iets minder verrassend, toch weer met volle teugen genoten van de nummers 1 & 2, die helaas – zo gaat dat met kleine, onbekende films – slechts zeer kort draaiden.

 

5. – LOVING VINCENT

Ik moest kiezen tussen Valerian and the City of Thousand Planets en Loving Vincent. Beide films waren enerzijds briljant (in vorm, in uitvoering, in ideeënpracht) en anderzijds tegenvallend: qua plot stelt Loving Vincent niet veel voor en de mismatch tussen en desinteresse van Dane DeHaan en Cara Delevingne kalven een flink deel van het plezier in Valerian af. Gepresenteerd als heerlijke gerechten, blijkt de smaak nogal flauw. Loving Vincent wordt gered door een treffende soundtrack en een werkelijk verbluffende detaillering en meesterschap in schilderkunst. Valerian zit zo vol gave werelden, wezentjes en hallucinante avonturen, dat ook hier de inhoud overklast wordt door de vorm. Maar toch blijft ook helaas dat gevoel van wel een volle maag, maar weinig smaak.

 

4. – THE HANDMAIDEN

Een zinderende, erotische vertelling gebaseerd op het boek Fingersmith van Sarah Waters. Met flair en passie gemaakt door ‘Old Boy’ Chan-wook Park en sensueel neergezet door Min-hee Kim en Tae-ri Kim. De chemie tussen de beide dames is zinnenprikkelend en het tempo, de decors, de settings, de soundtrack, alles in de film trekt je direct uit je eigen leven in de wonderlijke wereld van de cinema. Daarbovenop ligt ook nog een intelligent thriller-aspect, waarmee de film niet alleen een lust voor het oog, maar ook een onderhoudende moderne film-noir is.

 

3. – POESÍA SIN FIN

Alejandro Jodorowsky schitterde – helaas kort – in het begin van het jaar met zijn allegorische, poëtische en psychedelische, semi-autobiografische ode aan het leven. Onnavolgbare scènes, meedogenloos geweld, seks, literatuur en popcultuur mengt hij als zijn typisch surrealistische stijl, deels over zijn leven. Een opera zonder doek, een symfonie van over elkaar buitelende beelden, die haar hoogtepunten krijgt in kleurenpracht, in vreemde dialogen, in eigenzinnige mensen. Poesía sin fin zit zo boordevol ideeën, dat je ofwel als meneer Creosote de bioscoopzaal verlaat, ofwel al na tien minuten bent afgehaakt.

 

2. – SIERANEVADA

Cristi Puiu valt met de deur in huis in de hem inmiddels bekende stijl. Sociaal realisme is nog nooit zo realistisch geweest. De verschillende personen komen nonchalant tot de kijker, alsof ze zelf niet doorhadden in een film te spelen en ondertussen vooral bezig te zijn met het ruziën rondom de dood van vader. Er wordt over politiek geluld, er is altijd dat familielid die tegen de afspraken in een vreemde meeneemt en het gekibbel tussen anderen is onvermijdelijk. Dat Errors of my ways van de seventies progrockband Wishbone Ash ineens op de keukenradio langskwam, vind ik als liefhebber van deze band een extra touch aan deze film :)

 

1. – IN THE CROSSWIND

Nederland is soms wat traag. Risttuules (Engelse titel: In the Crosswind) kwam reeds in 2014 uit. Deze parel is echter zo mooi, dat het fijn is dat ie alsnog in Nederland te zien was. De film maakt gebruik van tableaux vivants, wat prachtige plaatjes oplevert. Een schrijnend portret van een in West-Europa grotendeels onbekende geschiedenis: het lot van de Balten in en na de Tweede Wereldoorlog. De film maakte een diepe indruk op me: voor dit soort films ga ik naar ‘t Hoogt!

 

Manifesto

Miskleun van 2017:

MANIFESTO

Wat te kiezen? Bij nader inzien toch ook aardig wat teleurstellende films gezien. Als een soort recept voor een vreselijke kerst, volgen hier enkele ingrediënten.

Film die me het meest op de zenuwen werkte, vanwege infantiel script en uitwerking: Brigsby Bear.

Meest pretentieuze film, met inmiddels smakeloos, uitgekauwd trucje: Song to Song.

Arthouse horror, of hoe we van een slap verhaal zowaar een fantasieloze bioscooprelease wisten te versieren (wat de fukk is hier aan voorafgegaan?): It comes at night.

Plaatsvervangende schaamte (want Nederlandse makelij), mede door puberaal scenario: Alberta. Eeuwigdurende film over een groepje tieners uit de lage sociale klasse in Amerika waarin vooral de lelijkheid en armoede geëtaleerd worden (hoezo oprecht portret?) in een film die qua lengte best ook aandacht had kunnen besteden aan het uitwerken van de personages, maar het blijkbaar nodig vond om de armoede op alle lagen van het film maken te laten doorklinken.

Verveling heeft er weer een hoofdstuk bijgekregen. Goed gehypet overigens: American Honey.

En dan nog de meest irriterende film, die een aanslag doet op je esthetische en intellectuele vermogens: Manifesto.

 
30 december 2017
 
 
Deel 1: Cor Oliemeulen
Deel 2: Nanda Aris
Deel 3: Bob van der Sterre
Deel 4: Yordan Coban
Deel 5: Suzan Groothuis
Deel 6: Tim Bouwhuis
Deel 7: Ralph Evers
Deel 8: Alfred Bos

Baltische cinema: Litouwen

Cinema van de Baltische staten, deel 3: LITOUWEN
Meest volwassen van de drie

door Ralph Evers

Na eerder de Estse en Letse cinema tegen het licht gehouden te hebben, volgt tot slot de Litouwse cinema, de meest volwassen van de drie. Waar ze in Estland hoge met middelmatige kwaliteit afwisselen en in Letland nog in de kinderschoenen staan, laat men in Litouwen een duidelijk hoger niveau zien. En dat in meerdere genres.

Van intelligente sciencefiction tot klein coming of age-drama. Van platteland tot stedelijke drama’s. In de persoon van Sharunas Bartas heeft Litouwen ook een heuse filmauteur. Aan de hand van enkele films volgt hier een schets van de Litouwse cinema.

Aurora – Vanishing Waves

Sci-fi
Ronduit sterk is het sciencefictiondrama Aurora – Vanishing Waves (2012). Hierin volgen we onderzoeker Lukas, die middels baanbrekende technologie in de geest van Aurora stapt. Een vrouw die door een ongeluk in een diepe coma is weggezakt. Van Lukas leren we dat zijn huwelijk zich in een crisis bevindt. Wanneer hij Aurora voor het eerst ontmoet in de door de techniek geconstrueerde realiteit ervaart hij erotische gevoelens. Dit onvoorziene effect dreigt het onderzoek negatief te beïnvloeden. Ondertussen raakt Lukas meer en meer geobsedeerd door de fragiele en sensuele Aurora (gespeeld door Jurga Jutaite, die we zo ook in You am I tegenkomen).

De kille wetenschappelijke omgeving met z’n laboratorium, witte jassen, koud licht en een gedrevenheid naar harde resultaten contrasteert als dag en nacht met de serene wereld tussen Lukas en Aurora. Wanneer zich in haar onderbewuste echter ook problemen voordoen in een echtgenoot (gespeeld door Sharunas Bartas) die ten tonele verschijnt, wordt er een groot beroep gedaan op de oplossingsvermogens en stressbestendigheid van Lukas. De soms bizarre coma-wereld van Aurora is vernuftig en creatief verbeeld.

Ondersteund door een team neurowetenschappers is er veel aandacht gestoken in de wetenschappelijke kant van de film. Dit is terug te zien in de goed uitgewerkte technische details en de meeslepende narratief.

Off the grid
In de film You am I (As esi tu, 2006) volgen we de excentrieke architect Baronas, die zijn roeping naleeft door ‘off the grid’ te gaan. Hij is klaar met het leven in de stad en kiest voor een leven in de natuur, zelfvoorzienend. Hij bouwt zijn moderne, gezellige boomhut in de eindeloos lijkende bossen van Litouwen. Ondertussen trekt hij er overdag wat op uit in de omgeving.

Op een feestje leert hij Dominyka (Jurga Jutaite) kennen, een ook wat eigenzinnig meisje. Een romance lijkt op te bloeien, waarbij de focus meer op de idylle dan op de personen ligt. Een modern sprookje, dat hinkt op twee richtingen: een romantische film en een persoonlijke zoektocht. Het verhaal staat voorop, waardoor het licht experimentele karakter een eigen draai geeft aan het genre.

Christmas. Uncensored

Litouws Festen
Christmas. Uncensored (2012) is een meedogenloze film over een familiedrama, dat zich rond de kerstdis afspeelt. Een echtgenote, een vader en gebroken beloftes rond de huwelijken zijn belangrijke ingrediënten in dit zwartgallige kerstdrama. Gelijkend op Festen trekken de personages de registers van het lelijke flink open. De Pater Familias kenmerkt zich door een aaneenschakeling van racistische, conservatieve, traditionele opvattingen over de huidige tijd. Het vroeger-was-alles-beter discours waar de jongere familieleden en waarschijnlijk de kijker al gauw genoeg van krijgen.

De film gaat in een hoog tempo. De snijdende dialogen vliegen als dartpijlen over en weer en niemand wordt gespaard. De kwaadheid wordt met overtuiging gespeeld en het drama wordt tegen het toelaatbare opgestuwd, waardoor temidden van alle ellende een fijnzinnig soort humor ontstaat. Word ik als kijker nou in de maling genomen, of betreft het hier een volstrekt ontspoord gezin? De beschuldigingen en onthullingen zijn zo naar, zo op het bot dat de zwaarte ondraaglijk zou zijn. Zou zijn, want er zit iets in de manier van ruziemaken en overdrijving, dat het wellicht uiteindelijk inderdaad een klucht kan zijn. Een gitzwarte dat wel, maar voor wie die klucht oppakt, kent de film een verrassende dubbele bodem. Indien je de humor er niet van in kan zien, heb je een zware avond. 

Sangailes Vasara

Niet zomaar een zomer
Het poëtische coming of age-verhaal Sangailes Vasara (2015), ook wel The Summer of Sangaile, volgt de verlegen, eigenzinnige Sangaile tijdens een levensveranderende zomer. Met haar hobby stuntvliegen (naar het schijnt een nationale hobby in Litouwen) en een grote sociale onhandigheid, weet ze de aandacht van Auste naar zich toe te trekken. Auste is een vrije vogel die droomt van een leven als fotograaf en haar eigen mode ontwerpt. In Sangaile vindt ze een muze die haar werk nieuw elan inblaast.

Het spel is naturel en goed op elkaar ingespeeld en de cinematografie is verbluffend. Vooral de beelden met het stuntvliegen, alsmede de sfeervolle shots in het kleine stadje waar dit verhaal zich afspeelt. Uiteraard draagt Sangaile een geheim met zich mee, wat zich teder in de film ontvouwt, tegen een achtergrond van onzekere tieners die elk hun eigen manier vinden hier mee om te gaan. 

Sharunas Bartas
In het bijzonder wil ik tot slot de regisseur Sharunas Bartas nog toelichten. Een heuse filmauteur, te herkennen aan z’n eigen beeldtaal. Een taal die traag is en oog heeft voor kleine details, een focus op lichtval en vaak zwijgende mensen, getormenteerd door teleurstellingen of tegenslagen opnieuw op zoek gaan naar een zich verhouden met de wereld. Ook metaforen zijn hem niet vreemd, zoals in het prachtige A Casa (1997). Deze film speelt zich af in en rondom een statig landhuis. De kamers lijken allemaal een eigen verhaal te vertellen, waarbij de hoofdpersoon zich traag van de ene naar de andere kamer beweegt. Het huis zelf fungeert ook als ‘personage’. Een film waar je nog lang over na kunt praten, mits je niet na 10 minuten al in slaap bent gesukkeld. De stijl van Bartas is een ‘acquired taste’.

Few of Us

Wat voor A Casa geldt, geldt in nog grotere mate voor Few of Us (1996). Een film die het moet hebben van z’n sfeer en hypnotische beleving. Het uitgangspunt is namelijk dat een vrouw voor een tijd temidden van een nomadenstam zal verblijven. Echter, ze tolereren haar, maar meer ook niet, de vrouw op haar beurt heeft niet zo’n behoefte aan contact. Wat overblijft zijn die typisch zwijgende mensen, maar bovenal, die scherpzinnige kijk op het verstrijken van de tijd in een tamelijk ongerept deel van onze planeet. De film beweegt de kijker subtiel richting overgave, waarbij dat hypnotiserende een welhaast religieuze ervaring kan geven. Een soort flow ervaring.

Om dan nog één film eruit te pikken, zijn een-na-laatste, Peace to Us in Our Dreams (2015). Met Bartas zelf in een van de hoofdrollen. Met zijn dochter en vriendin trekt hij zich terug op het platteland. De vriendin, een violiste, twijfelt sterk aan haar kunnen en vindt haar uitvlucht mede in de drank. De dochter is onzeker over de relatie tussen haar ouders en voelt zich vergeten.

Dit thema – twijfel – vormt de rode draad, hetgeen zich wederom vertaalt in lange, verstilde takes, waarbij de vallende regen en het kalme meer een ongekende esthetiek kennen. Een nauwelijks opgemerkte schoonheid, die aan de mooifilmerij van Terrence Malick voorbij zou gaan, omdat het tegelijkertijd zo gewoontjes is. Voor een Bartas-film heeft Peace to us… aardig wat plotontwikkeling, wanneer een jachtgeweer ontvreemd wordt om een familievete te beslechten.
 

21 december 2017

 
Cinema van de Baltische staten, deel 1: ESTLAND
Cinema van de Baltische staten, deel 2: LETLAND
 
 
MEER ESSAYS

Jupiter’s Moon

***

recensie Jupiter’s Moon

Ontaarde kunstmaan

door Ralph Evers

Met Jupiter’s Moon heeft de Hongaarse regisseur Kornél Mundruczó een eigenzinnig portret van de vluchtelingencrisis in Hongarije willen geven, waarbij hij het magische niet schuwt.

Hongarije is waarschijnlijk het meest vluchteling onvriendelijke land van Europa. Met een groot hek van prikkeldraad probeert de rechtse populistische regering de vluchtelingen buiten de landsgrenzen te houden. Niet alleen fysiek wordt een barrière opgeworpen, het draadstaal communiceert ook een ijzig koud ‘opsodemieteren’. De illusie dat muren de wanhopige mens buiten de deur houden.

Jupiter's Moon

Europa
Jupiter’s Moon opent met een groep Syrische vluchtelingen die hun heil in Europa zoeken. Vlak daarvoor is de verwijzing gemaakt naar één van de vier manen van Jupiter die reeds door Galilei zijn ontdekt. Er zou vermoedelijk leven op die ene maan van Jupiter kunnen voorkomen. De naam van die maan? Europa. Vanuit de Semitische etymologie zij opgemerkt dat Europa, afgeleid van erebu, zonsondergang betekent. Zo laat Jupiter’s Moon zich ook wel duiden, als een zonsondergang van de hoop voor hen die vanuit een oorlogssituatie op zoek gaan naar een beter bestaan en eindigen in de hel die Europa meer en meer voor hen wordt.

Aan activisme is in de Hongaarse filmwereld sowieso geen gebrek. Landgenoot Béla Tarr heeft eerder dit jaar in het Eye-filmmuseum op tastbare wijze vorm gegeven aan de onmenselijke houding jegens vluchtelingen in Hongarije. Mundruczó is zichtbaar beïnvloed door de films van zijn landgenoot, maar geeft er een geheel eigen draai aan. Hij behoort tot het groepje regisseurs in Hongarije (met o.a. Tarr, Fliegauf en Pálfi) dat voortdurend in staat blijkt de cinema te vernieuwen en de Hongaarse cinema tot een hoger plan te tillen. Zie bijvoorbeeld zijn eerdere film Fehér Isten (White God), waarin 250 wilde honden de show stelen of Johanna, waar de dialogen als een opera gezongen worden en een verpleegkundige een onalledaagse methode heeft om de zieken te genezen. Het heilige speelt vaker een rol in Mundruczó’s werk.

Beeldtaal
De kracht van Jupiter’s Moon zit hem niet eens zozeer in het verhaal zelf. Dit is vooral een drama met een vluchteling in de hoofdrol en de belangen van degene die hem in bescherming neemt, Gabor Stern en de overtuigend spelende immigratie-politieagent Lászlo als antagonist. Wat storend kan zijn is het feit dat Gabor gespeeld wordt door een Georgiër en hij nagesynchroniseerd is in het Hongaars. Daarnaast is de Syriër Aryan, om wie het allemaal draait, gespeeld door een Hongaar, wiens geworstel met het Engels niet altijd overtuigend overkomt. De kracht van de film zit hem in de cinematografie: hoe het vliegen van Aryan tot onze verbeelding spreekt (en mogelijk tot een leuk nagesprek leidt).

Jupiter's Moon

Wanneer Gabor, die werkt als arts in een opvangcentrum, ontdekt dat Aryan kan vliegen, stelt hij alles in het werk hem zo snel mogelijk uit dit opvangcentrum te krijgen. De gave van Aryan wil hij inzetten om rijke, terminale mensen te doen geloven dat engelen bestaan, wat geld in het laatje brengt. Het is in deze shots, wanneer Aryan vliegt, dat de film boven zichzelf uitstijgt. De cameraman weet in de verschillende omgevingen duizelingwekkende plaatjes te schieten en de muziek sluit er mooi bij aan. Aryan is op zijn beurt op zoek naar zijn vader, die hij tijdens zijn reis vanuit Homs naar Hongarije is kwijtgeraakt.

Overdaad schaadt
De film volgt de drie personen koortsachtig, waarbij de film vergeet te aarden. Er zijn teveel dingen gaande in de plot: achtervolgingen, een terroristische bomaanslag en een heuse shoot-out in een hotel. Terwijl de beeldtaal zo sterk begint. Met gekooide kippen en een dood koolmeesje wordt de fantasie onttoverd. Want in de barre, niet-uitnodigende harde realiteit van de opvangkampen, zou iedere vluchteling wel willen ontsnappen. Boven de prikkeldraadhekken uit willen stijgen, om dan ergens ooit te kunnen landen. Het lijkt wel alsof dat niet meer in Europa kan. Landen lukt ook deze film niet, al worden we wel getrakteerd op een gedurfd en cinematografisch overtuigend kunstwerk.
 

1 november 2017

 
MEER RECENSIES