Recensie Bridge of Spies

****

recensie  Bridge of Spies

De mens achter het verhaal

door Alfred Bos

Fraai drama over een bijna vergeten incident uit de hoogtijdagen van de Koude Oorlog: de eerste uitruil van Russische en Amerikaanse spionnen, op de Glienicke-brug in Berlijn. Na Saving Private Ryan, Catch Me If You Can en The Terminal werken regisseur Steven Spielberg en acteur Tom Hanks opnieuw samen.

De films van Steven Spielberg vallen ruwweg uiteen in twee categorieën: zijn romantische avonturenfilms voor kinderen en jong volwassen (E.T., Jurassic Park, De avonturen van Kuifje) en zijn serieuze vertellingen over individuen die ‘grote’ voorvallen uit de recente geschiedenis personifiëren (Schindler’s List, Saving Private Ryan, Munich). Het op waargebeurde incidenten gebaseerde Bridge of Spies valt in de laatste categorie. Het is een Spielberg-film uit het boekje.

Recensie Bridge of Spies

Bridge of Spies, naar een draaiboek van de Coen-broers, koppelt Spielberg opnieuw aan Tom Hanks. Die deelt met de regisseur een fascinatie voor geschiedenissen die de grootsheid en het unieke van het idee ‘Amerika’ illustreren. Hanks produceerde (en speelde soms mee in) gevierde tv-series over het Apollo-programma en de reis naar de maan, de vroege Amerikaane president John Adams, de negentiende eeuwse ontdekkingsreizigers Lewis & Clark, en de culturele omwentelingen van de jaren zestig en de jaren zeventig. Hij is geïnteresseerd in de mens achter het verhaal.

Karakter en sfeer
Hanks speelt James Donovan, een New Yorkse advocaat die zich heeft begraven in verzekeringszaken. Hij krijgt van zijn baas de ondankbare taak om een Russische spion, Rudolf Abel (Mark Rylance), te verdedigen die door de Amerikaanse inlichtingendienst in New York is opgepakt. Het is 1957 en de Koude Oorlog werkt toe naar een kookpunt. Het tijdsbeeld is voortreffelijk gevisualiseerd, de toenmalige psychologie wordt scherp neergezet en de problematiek komt helder voor het licht. Hier zijn overduidelijk vaklui met veel plezier aan het werk.

Donovan redt de Rus van de elektrische stoel, door zijn charmes in de strijd te gooien bij de rechter én door een scherp tactisch inzicht: waarom de spion niet gebruiken als toekomstig ruilmiddel, want je kunt erop wachten dat de Russen een Amerikaanse spion zullen strikken. Dat moment komt in 1960, wanneer piloot Gary Powers met zijn U2-spionagevliegtuig boven Rusland wordt neergeschoten. Het levert de enige en spectaculair verbeelde actiescène uit de dik twee uur durende film op. Die moet het juist hebben van karakter en sfeer.

Bridge of Spies

Gemilitariseerde stad
Bridge of Spies toont Donovans geheime missie: hoe hij in Berlijn met de Russen onderhandelt over de uitruil van de gevangenen, hoe de Oost-Duitsers daar tussen proberen te gaan zitten en hoe Donovan, ondanks alle psychologische en morele druk, zijn missie tot een geslaagd einde weet te brengen. Dat inmiddels vergeten verhaal komt tot leven via Hanks voortreffelijke karakterrol en een reeks van sterke bijrollen.

Ook het decor is evocatief: in het Berlijn van begin jaren zestig is de oorlog nog voelbaar; de gemilitariseerde stad is vuil en grauw, hele blokken liggen nog in puin en de bewoners gedragen zich daarnaar. De sfeer is zo kil dat je als toeschouwer een jas wilt aantrekken.

Wanneer regisseurs in hun film de gevel van een bioscoop laten zien is het altijd opletten geblazen en hier worden in de Amerikaanse sector van Berlijn twee films uit 1960 vertoond: Spartacus  (over een slavenopstand) en Village of the Damned (een paranoiathriller). Ze markeren de tijd én geven commentaar op de handeling. Maar het artistieke succes van Bridge of Spies hangt niet af van dergelijke subtiliteiten, het is een publieksfilm met reliëf, bij wijlen een tikje sentimenteel (vooral dankzij de soundtrack) en onverholen patriottistisch, gemaakt met de zwier waarin zich de hand van de meester toont.

 

23 november 2015

 

 

MEER RECENSIES