Instinct

***
recensie Instinct

Dierlijk verlangen

door Michel Rensen

Sterk machtsspel tussen grootse acteurs. Halina Reijns regiedebuut is een genuanceerde erotische thriller, maar vooral een echte acteursfilm waarin Carice van Houten en Marwan Kenzari gloriëren. 

Al voor de Nederlandse première heeft Instinct een mooi festivaltoer achter de rug met een wereldpremière op het filmfestival van Locarno, waar de film de Variety Piazza Grande Award won, en was de film geselecteerd voor het filmfestival van Toronto. In Nederland zal de film zijn première beleven als opening van het Nederlands Film Festival en de film is ook geselecteerd als Nederlandse Oscarinzending.

Instinct

Acteursfilm
Nicoline (Carice van Houten), een ervaren psychologe, begint aan haar nieuwe baan in een TBS-kliniek, waar ze onder andere Idris (Marwan Kenzari) onder haar hoede heeft. Idris is een serieverkrachter wiens behandeltraject er bijna op zit. De rest van het team is ervan overtuigd dat Idris klaar is om met onbegeleid verlof weer terug de samenleving in te gaan, maar Nicoline is daar niet zo van overtuigd. Zijn manipulatieve karakter maakt het voor haar moeilijk om te achterhalen of zijn positieve ontwikkeling echt of gespeeld is. Als ze ook seksuele verlangens naar de aantrekkelijke Idris krijgt, raakt Nicoline ondanks haar professionele ervaring verstrikt in een machtsspel.

Zoals misschien wel te verwachten als een actrice in de regiestoel kruipt, is Instinct een echte acteursfilm. Het lijkt geschreven voor ‘s Neerlands grootste acteertalenten. Met complexe en onuitgesproken verlangens biedt het script van Esther Gerritsen en Halina Reijn een ideaal speelveld waarin Van Houten en Kenzari hun capaciteiten in de volle glorie laten zien. Hun performances laten de nuance van de moreel complexe situatie optimaal naar buiten komen. Nicoline weet niet wat met haar gevoelens te doen en we krijgen als kijker ook geen grip op Idris’ ware aard.

Instinct

Machtsspel
Tussen de twee ontstaat een venijnig machtsspel. Idris wil niets liever dan weer de vrijheid ruiken en Nicoline is de enige die daar nog een stokje voor kan steken. Aangezien Nicoline niet overtuigd is van Idris’ voortgang, probeert hij haar van zijn goedheid te overtuigen, maar in hoeverre zijn woorden te vertrouwen zijn, blijft onduidelijk. Kenzari weet de grens tussen charmante verleider en manipulatieve crimineel perfect te bespelen, waardoor zijn personage niet een eenzijdig figuur is, maar een complex personage dat niet simpel weggezet kan worden als één van de twee. Daar zit voor Nicoline het morele vraagstuk. In hoeverre kan ze Idris’ vertrouwen? En in hoeverre kan ze haar eigen waarnemingen nog vertrouwen als haar verlangens deze beïnvloeden?

De titel laat al duidelijk zien dat Instinct zich voornamelijk richt op de grens tussen onze rationaliteit en ons beestachtige instinct. Dit wordt nog eens bevestigd met een knullige insert van een natuurdocumentaire vroeg in de film, waarin de relatie tussen roofdier en prooi besproken wordt. Het machtsspel vindt niet alleen tussen de twee personages plaats, maar ook in Nicolines worsteling met haar verlangen terwijl ze objectief haar werk probeert doen. Deze worsteling is fascinerend om uitgespeeld te zien worden door de twee fenomenale acteurs, maar de zoektocht naar een uitkomst van het machtsspel zit de genuanceerde vertelling in de weg. Het zwakke en misplaatste einde reduceert de complexe thematiek tot een simpele dader-slachtofferverhouding.

 

27 september 2019

 

ALLE RECENSIES

Ragazza nella nebbia, La

***
recensie La ragazza nella nebbia

Wachten op het laatste puzzelstukje

door Cor Oliemeulen

Een vijftienjarig meisje uit een diepreligieuze familie verdwijnt spoorloos. Een curieuze detective stort zich op de zaak en kan al vrij snel een verdachte leraar aanhouden. Maar is deze wel verantwoordelijk voor de vermissing? La ragazza nella nebbia vraagt veel geduld van de kijker.

Donato Carrisi was al een tijdje actief als producer en scenarist. Aangezien niemand zijn script van de thriller La ragazza nella nebbia (Het meisje in de mist) wilde verfilmen, maakte hij er een boek van en besloot uiteindelijk zijn misdaadverhaal zelf op het witte doek te brengen. Carrisi’s sfeervolle regiedebuut is vooral ambitieus door de vele plotwendingen, waardoor de kijker pas in de allerlaatste minuut de puzzel kan oplossen.

La ragazza nella nebbia

Suspense
In een interview zegt de Italiaan dat hij een verhaal altijd begint met een complex eind. Hij vermijdt elke vorm van geweld en toont nooit bloed, want een suspensefilm heeft dat volgens hem niet nodig. De toeschouwer weet bovendien meer dan de filmpersonages, maar bang zijn hoeft ook weer niet. Nu is Donato Carrisi geen Alfred Hitchcock, want die hield de kijker voortdurend bij de les zonder te vervallen in onnodige zijpaden, stemmingswisselingen en kunstzinnige shots om de boel wat op te leuken.

Carrisi valt in de kuil van menig debuterend filmmaker: teveel willen, uiteindelijk te weinig brengen. Het zoveelste bewijs dat boekverfilmingen (en gekunstelde puzzelverhalen) vaak niet goed uit de pixels komen. Denk bijvoorbeeld aan het vrij recente misdaadverhaal The Snowman (2017), hoewel Donato Carrisi het lang niet zo bont maakt als de Zweedse regisseur Tomas Alfredson die eveneens kon beschikken over een prachtige omgeving en een cast met grote namen.

La ragazza nella nebbia

Atmosfeer en cast redden film
Naast de verdienstelijke donkere thrilleratmosfeer zijn het de acteurs die La ragazza nella nebbia van de grijze middelmaat redden. Toni Servillo (La grande bellezza, 2013) is uitstekend op zijn plek als de mysterieuze detective Vogel die zoals zo vaak bijna geen gelaatsspier vertrekt en acteert alsof hij een dubbele agenda heeft. Ook de verdachte leraar (hij is op de dag van de verdwijning van de scholiere gewond geraakt aan zijn hand en zijn jeep is in de buurt gezien) vertolkende Alessio Boni (La meglio gioventù, 2003) blijft ondoorgrondelijk, zelfs nadat hij zijn baard heeft afgeschoren. Jean Reno (Léon, 1994) als psychiater hoeft slechts wat op afstand te brommen om geloofwaardig te zijn. Ook over de rest van de cast valt weinig te klagen.

Het zijn niet alleen de puzzelstukjes die de kijker op de goede plaats dient te leggen, enige maatschappijkritiek blijft in La ragazza nella nebbia niet achterwege. Bijna elke misdaadzaak wordt tegenwoordig tot in den treure in de media belicht en niemand kijkt meer op hoe cameraploegen zich als een zwerm bijen op verdachten en hun omgeving storten en hoe publieksgeile reporters proberen eeuwige roem te vergaren zonder welk ander belang dan ook in ogenschouw te nemen. Belangen zijn er ook bij de opsporende macht: een zondebok is snel gevonden om persoonlijke en politieke ambities te kunnen waarmaken of om je eerdere falen te verhullen. Je zou bijna vergeten dat ook verdachten en hun advocaten zich vandaag de dag uitstekend in die constellatie weten te bewegen.

 

31 augustus 2019

 

ALLE RECENSIES

Ruben Brandt, Collector

****
recensie Ruben Brandt, Collector

Schilderachtige nachtmerries

door Ralph Evers

Wat krijg je wanneer je de remmen van je fantasie, gekanaliseerd door topstukken uit de westerse kunstgeschiedenis, loslaat? Eén van de betere animatiefilms van de afgelopen jaren. Een feest voor de liefhebber qua verwijzingen en ach, voor hen die nauwelijks notie hebben van de veelal Europese culturele identiteit, je hebt in ieder geval een eigenzinnig misdaadverhaal. 

Eén van de toevoegingen van Dalí aan de kunst is de methode van kritische paranoia. Het verhaal gaat dat hij met een theelepeltje in de hand dat boven een kopje zweefde zich in een siësta dutte en bij het ontwaken van het klingelende geluid de beelden die hij op het scherm van zijn derde oog geprojecteerd zag naar het canvas vertaalde. Zoiets lijkt Milorad Krstić, de Sloveense regisseur van Ruben Brandt, Collector ook gedaan te hebben. Deze animatie is niet alleen intelligent, geestig, verrassend, maar bovenal visueel overdonderend, idiosyncratisch en om in herhaling te vervallen eigenzinnig.

Ruben Brandt, Collector

Het vervallen is herhaling is overigens niet voor niets, want deze Hongaarse film slechts één keer zien is een garantie voor een groot gemis. De film zit zo boordevol verwijzingen naar kunst, popcultuur en filmverwijzingen, waar tevens een deel van de lol in zit, dat een enkele keer te weinig is. Ruben Brandt is de geanimeerde variatie op György Pálfi’s Final Cut – Hölgyeim És Uraim. Een film verteld aan de hand van iconische momenten uit de wereldcinema.

Zinnenprikkelend tuig
Animatie moet eigenlijk maar een ding doen en dat is het scheppen van niet alledaagse werelden. Nu, daarin is Ruben Brandt uitermate goed geslaagd. De film kent weliswaar een vrij gestructureerd verhaal over, verrassing, Ruben Brandt. een psychotherapeut, wiens vader werkte met subliminale boodschappen in film en deze testte op de jonge Ruben. Als volwassene wordt hij achtervolgd in zijn nachtmerries door de personages uit topstukken als Jean Moulin, de postbode van Van Gogh of een van de prinsesjes van Velazquez. Zijn oplossing? Deze werken stelen, in eigen bezit hebben en daarmee hun demonische uitwerking op hem onschadelijk maken. Het lukt hem met een viertal illustere en ongeëvenaarde criminelen. Als gezochte topcrimineel krijgt Brandt een bonte verzameling premiejagers achter zich aan.

Een eerste associatie die de stijl oproept, is die van Jean-François Laguionie, maar met de gestyleerde Man from U.N.C.L.E.-opening gaat de lieflijkheid van Laguionie overboord. Overigens doet het tempo van Ruben Brandt meer denken aan een nieuwe Guy Ritchie. Een achtbaanrit zonder veiligheidsgordels, een hallucinante trip die ook wel doet denken aan Ari Folmans The Congress, waar talloze historische figuren hun opwachting maken. Maar waar Folman een meer filosofische insteek heeft, kiest Krstić prominenter voor een esthetische pastiche. Vorm boven inhoud zou je kunnen klagen, of eendimensionale personages, maar de stijl heeft hierin ook bewust iets karikaturaals, zoals Sylvain Chomets Les Triplettes de Belleville. De film is met al deze verwijzingen nog wel het best te omschrijven als een jazzcompositie, zoiets als The Bad Plus weet te doen met zijn covers van bijvoorbeeld Nirvana’s Smells like teen spirit. Jazz ook omdat er her en der een heerlijke noir-feel opsteekt.

Ruben Brandt, Collector

Ogen te kort
Een smet op dit feest van verbeeldingskracht is dat de plot wat te rechtlijnig is. Hoewel er voldoende bizarre wendingen in de omgevingen en nachtmerries van Ruben zitten. Oh, en niet te vergeten de bijzondere, spelen-met-Picasso gezichten (meerdere ogen, neuzen, oren) en andere menselijke kenmerken, blijft het van a tot z verteld verhaaltje wat mat. Zoals gezegd, de personages zijn eendimensionaal (en in één geval tweedimensionaal) en de vaart zit er, op de slak na, aardig in. Het narratieve aspect was sterker uit de verf gekomen mocht er een spanningsboog, een tegenslag, een verwarrend Lynchiaanse component aan toegevoegd zijn. Edoch, de focus ligt hoofdzakelijk op de liefde van Krstić voor film-, pop- en kunstgeschiedenis en daarin is reeds genoeg te genieten.

 

16 juli 2019

 

ALLE RECENSIES

Ballon

***
recensie Ballon

Niet alleen vogels vliegen van oost naar west

door Cor Oliemeulen

Als het zou lukken, zou het DDR-systeem te kakken zijn gezet. Acht Oost-Duitsers proberen in 1979 met een zelfgemaakte heteluchtballon naar het westen te vluchten. Met de onstuitbare drang naar vrijheid en de Stasi op de hielen riskeren ze hun leven. Ballon voelt als een spannende familiefilm met voorspelbare afloop.

Met het neerhalen van de Berlijnse Muur op 9 november 1989 konden mensen plotseling vrij reizen tussen de DDR en de Bondsrepubliek Duitsland. Al direct vanaf de bouw van dit sluitstuk van de verdeling van Europa en Berlijn door de winnaars van de Tweede Wereldoorlog op 13 augustus 1961 probeerden inwoners van oost naar west te vluchten, vooral door het graven van tunnels. Volgens officiële bronnen vielen er in die 28 jaar ten minste 140 doden tijdens de vlucht naar de vrijheid: 101 DDR-inwoners, dertig personen die geen vluchtplannen hadden en toch werden doodgeschoten, alsook acht grenssoldaten (met name deserteurs).

Ballon

Vluchtpogingen
Minder prominent in de geschiedenis is de vlucht naar het westen buiten de stad Berlijn. Bij de talrijke pogingen werden maar liefst 75.000 Oost-Duitsers gearresteerd, terwijl zo’n 800 mensen hun leven aan de grens verloren, meer dan 250 bij grenscontroles door een hartinfarct als gevolg van stress. Na de oprichting van de DDR in 1949 verlieten zo’n 2,7 miljoen mensen het land, na de bouw van de Muur waren dat er nog maar enkele honderden per jaar. De manieren waarop varieerden van inventief tot wanhopig en dom, vaak niet ontbloot van levensgevaar.

Zo zijn er verhalen van vluchtelingen die miniduikboten voor de Oostzee construeerden, gepantserde Trabantjes om door grensovergangen te breken, met pijl-en-boog en een kabelbaan, per luchtbed over de Elbe, een tiener met een bulldozer en zelfs pogingen om een vliegtuig te kapen. Maar het kan nog origineler en gewaagder. Zoals de filmtitel al verklapt, reconstrueert de historische thriller Ballon een spraakmakende vlucht door de lucht in 1979. Acht personen van twee bevriende Oost-Duitse families proberen op 16 september van dat jaar, nadat de helft tijdens de eerste poging was neergestort, met een in elkaar geknutselde heteluchtballon West-Duitsland te bereiken.

Ballon

Bloedhond
Aan de ontsnappingspoging zijn uiteraard de nodige publicaties gewijd. Hollywood verfilmde het avontuur – waarin de vluchters bijvoorbeeld geen tijd meer hadden om de ballon te testen – in Night Crossing (1982) met John Hurt als Peter Strelzyk (Friedrich Mücke), het brein achter de actie. Ook de Duitse regisseur Michael Bully Herbig (in eigen land bekend van hitkomedies) waagde zich aan deze historische thriller. Met medewerking van beide families in kwestie, Strelzyk en Wetzel, verfilmde hij de lotgevallen van de vier volwassenen en vier kinderen zo gedetailleerd mogelijk: van het in het geheim repen aan elkaar naaien op zolder tot het experimenteren met branders. De ballonnen van respectievelijk 28 en 32 meter hoog werden exact nagebouwd, hoewel de 1.250 vierkante meter taft van destijds vanwege schaarste moest worden vervangen door zijde.

En hoe reageert een tienerjongen, die verliefd is op een meisje van een Stasi-gezin, op het verbod om zijn mond te houden en afscheid van haar te nemen? Het is aan haar vader, luitenant-kolonel Seidel (Thomas Kretschmann), om zich geen blamage van zowel de heilstaat als zichzelf te permitteren. Als een bloedhond ruikt hij zijn kansen en stort hij zich met hart en ziel op het opsporen van de landverraders en het onderscheppen van de ballon, als het moet met grof geweld.

 

12 juli 2019

 

ALLE RECENSIES

Goldene Handschuh, Der

***
recensie Der goldene Handschuh

Een bruine borrel

door Yordan Coban

De Gouden Handschoen is de bruine kroeg in Hamburg waar één van de beruchtste seriemoordenaars van Duitsland zich graag kwam bezatten. De op Quasimodo lijkende dronkaard lokte dakloze alcoholistische vrouwen naar zijn hol waar slechts duisternis en ellendigheid botvierden. 

Fritz Honka (gespeeld door Jonas Dassler) heeft in de periode van 1970 tot 1975 vier vrouwen op gewelddadige wijze van het leven beroofd. Zoals bij vele seriemoordenaars (Ed Gein om maar een extreem voorbeeld te noemen) waren zijn parafilie en impotentie, met de daaruit voortvloeiende seksuele frustraties in combinatie met zijn overmatig drankgebruik, de oorzaken van zijn gewelddadige erupties. Toch schuilt er achter het verhaal van Fritz Honka meer dan slechts een alcoholistische man met een seksuele stoornis.

Der goldene Handschuh

Verward en beschadigd
Honka en zijn vader hebben tijdens de Tweede Wereldoorlog vastgezeten in een concentratiekamp. De psychische klachten en het drankgebruik kennen dus een fundament in de Duitse duistere geschiedenis. Alle beschadigde zielen in De Gouden Handschoen lijken producten van de verloren oorlog. Mensen die allemaal balanceren op het randje van de goot.

Het verhaal is verder niet heel bijzonder, het is het typische kat-en-muisspel van een seriemoordenaar en zijn slachtoffers. De uitvoering maakt het toch de moeite waard. Met een snelle zoekopdracht naar het echte verhaal van Fritz Honka zien we dat regisseur Fatih Akin uiterst nauwkeurig te werk gegaan is in het reconstrueren van Honka’s leven. Ondanks dat is Der goldene Handschuh tot nu toe erg slecht ontvangen door recensenten.

Weerzinwekkend
De cinematografie is van de hand van Rainer Klausmann, een bekende partner van Fatih Akin. Samen werkten zij al aan films als Gegen die Wand (2004), Auf der anderen Seite (2007) en Soul Kitchen (2009). Ook werkte Klausmann aan films als Der Untergang (2004) en Das Experiment (2001). De grauwe visuele stijl in de twee laatst genoemde films sluit het beste aan op de cinematografie van Der goldene Handschuh met bruin en grijs als de dominante kleuren.

De kamer van Honka doet denken aan de kamer van Cahit uit Gegen die Wand. Het is er vies, treurig en bedorven. Veel recensenten beschreven dit als weerzinwekkend lelijk, maar het heeft ergens een eigen charme. Deze weerzinwekkendheid is ook terug te vinden in de personages van de film. De personages zijn net varkens. Ze leven in vuilnis met bloed, zweet en slijm op hun gezichten gesmeerd. Ze schelden, zijn continu dronken en stinken op een visuele manier.

Een andere vergelijking met Gegen die Wand is te vinden in het gebruik van de vrouwelijke personages door Akin. Die zijn er (net als in Auf der Anderen Seite) ter ondersteuning van de van god losgeslagen mannen. Zowel in seksuele afhankelijkheid als in het brengen van enig degelijke fatsoen en stabiliteit in hun leven.

Der goldene Handschuh

Gastarbeiders
Fatih Akin zou bovendien Fatih Akin niet zijn als hij het in zijn films niet zou hebben over immigratie. Het thema speelt ditmaal een bijzonder marginale rol. In Honka’s kleine appartement bewaart hij de lichamen van zijn slachtoffers achter een verborgen luik. De stank schuift hij op het bord van zijn Griekse onderburen. De ellendigheid van zijn appartement is te wijten aan de gastarbeiders, maar is in feite (indirect) de verslagenheid van de monsterlijke oorlog in een moreel anarchistisch post-nazi Duitsland.

Het vieze kleine appartement begint gedurende film zijn bekende thuishaven te vormen. Het is alsof de kijker daar met Honka in de ellendigheid van zijn kamer aanwezig is. Het is hetzelfde ‘cabin effect’ zoals je ziet in claustrofobische films als Night of the Living Dead (1968), The Thing (1982) en The Hateful Eight (2015).

Op een dag komt de broer van Honka op bezoek. Hij heeft een aantal dronkaardslevenslessen: ‘het leven is een draaiorgel en we dansen allemaal op het liedje dat gedraaid wordt.’ Fritz Honka danst alleen op een heel ander geluid: het geluid van geschreeuw en klinkende schnapsflessen.

 

15 juni 2019

 

ALLE RECENSIES

Acusada

***
recensie Acusada

Enerverende zit in beklaagdenbankje

door Sjoerd van Wijk

Acusada maakt van het beklaagdenbankje een enerverende zit ondanks het alledaagse formalisme van de rechtsgang. Wel is de ambiguïteit omtrent de onschuld van de verdachte slordig uitgewerkt. 

De jonge modestudente Dolores Dreier (popster en voormalig tieneridool Lali) gaat al twee jaar gebukt onder een slopende rechtszaak. Na afloop van een losbandig feestje was zij de laatste die haar vriendin Camilia heeft gezien voordat deze in bloed gedrenkt werd gevonden. Het mediacircus eist zijn tol van zowel Dolores als haar familie, die koste wat het kost haar onschuld willen bewijzen tegenover het publiek. Dat de publieke opinie zich voornamelijk tegen hen keert, gaat hen niet in de koude kleren zitten. Alle opmerkelijke details die niet geheel lijken te kloppen aan Dolores’ verhaal zet alle verhoudingen op scherp in de familie en brengt Dolores’ geestelijke gesteldheid aan het wankelen. 

Acusada

Spannend giswerk
Het is continu gissen naar de werkelijke gebeurtenissen tijdens het fatale feest terwijl vooral de strenge vader Luis tevergeefs tracht alles onder controle te houden. De Argentijnse regisseur Gonzalo Tobal weet Dolores op dynamische wijze tegenover de gelovigen en de twijfelaars te zetten. Van de uitgeputte moeder Betina naar Dolores’ onschuldige broertje tot Dolores’ stoïcijnse blik zelf, waaruit blijkt hoezeer al dan niet terechte schuldgevoelens verwarring zaaien. 

In Acusada zijn de vertrekken kaal, maar de secuur getoonde gezichten vol rijkdom. Het zorgt ervoor dat de spanning niet zozeer zit in de uiteindelijke uitspraak, maar hoe het voortslepende proces het familietrauma te pas en te onpas weer aan de oppervlakte brengt. De enerverende interacties met journalisten, waar de labiele Dolores er alleen voor staat, maken de nasleep des te meer aangrijpend. Met name de bijrol van Gael García Benal (Y tu mamá también) als de geniepige talkshowpresentator Mario Elmo is hierbij memorabel. 

Onhandig ambigu
De vlotheid waarmee Tobal de spanning tot enerverende hoogte opklopt, verbloemt echter niet de vele onhandigheden waarmee hij samen met co-scenarist Ulises Porra de ambiguïteit uitbouwt. De flashbacks komen slordig uit de verf, alsof het nakomertjes betreffen. Dolores’ doen en laten plant de twijfel al uitvoerig. Daarnaast is er een breed scala aan personages die afleiden van het intrigerende familiedrama, waarbij vooral het uit de lucht gevallen vriendje Lucas weinig toevoegt om Dolores’ psyche uit te diepen. 

Acusada

Het is een voorbeeld van diverse ongeloofwaardigheden in het verhaal. Zaken als een prestigieus Parijse modeschool die blijkbaar geen moeite heeft een van moord verdachte studente aan te nemen, lijken eerder onaannemelijk dan suggestief van een mogelijke ontsnappingsfantasie. Waar een film als The Third Murder tot het eind consequent het spel van de verdachte blijft spelen, lijkt Acusada juist onsamenhangend. 

Onbestemd alledaags
Ook breekt Tobal de dynamiek op zodra het tijd is voor de rechtszaak zelf. In de zaal vervalt Acusada tot alledaags rechtszaakdramatiek, waarbij stijfjes de formaliteiten tussen advocaten en officiers van justitie aan bod komen. Het maakt de film des te meer schuldig aan onnodige stijlbreuken. Ook de muzikale omlijsting, variërend van het oproepen van aangedikte spanning waar die er niet is tot gemakzuchtig gekozen popdeuntjes als van The Zombies, maakt Acusada vooral onbestemd in plaats van onbehaaglijk. Uiteindelijk maken dit soort keuzes de film vooral een doorsneedrama waar de verbeelding ontbreekt.

 

11 mei 2019

 

ALLE RECENSIES

Clovehitch Killer, The

***
recensie The Clovehitch Killer

De schone schijn

door Suzan Groothuis

Een klein stadje in de VS is na tien jaar nog steeds in de ban van de ‘Clovehitch Killer’, een seriemoordenaar die minstens tien moorden op zijn naam heeft staan. Wanneer tiener Tyler vermoedt dat zijn eigen vader wel eens de moordenaar kan zijn, komt zijn wereld op zijn kop te staan. 

Het begin van de film doet anders vermoeden. Tyler komt uit een typisch picture perfect gezin: christelijk opgevoed en geliefd in de gemeenschap. Zijn vader Don leidt met devotie een groep scouts, van wie Tyler er één is. En noemt zijn zoon steevast bud. Jawel, een vader en zoon met een goede band.

The Clovehitch Killer

Wanneer Tyler de truck van zijn vader leent om met een meisje op stap te gaan, ontdekt zij – net als ze een beetje willen gaan rommelen met elkaar – een verfrommelde foto. Het lijkt een knipsel uit een bondagetijdschrift. Voor het meisje een reden om de date onmiddellijk te beëindigen. De volgende dag krijgt Tyler het zwaar te verduren, want hij wordt er van beticht een viezerik te zijn. Zijn onschuld bewijzen, heeft weinig zin. Hij krijgt louter vuile blikken toegeworpen, zelfs van een goede scoutvriend. Maar wat nog schokkender is dan een pervert genoemd worden, is de gedachte dat de foto van zijn vader is.

Kinky seks
Terwijl zijn vrienden Tyler links laten liggen, zoekt hij contact met outsider Kassi. Zij blijkt zich gespecialiseerd te hebben in de ‘Clovehitch’-zaak. Getriggerd door feitjes uit het politieonderzoek gaat Tyler anders tegen zijn vader aankijken. Zo brengt Don wel heel veel tijd door in zijn schuur (Tyler’s moeder: “Your father has his own hobbies”) en is hij een expert in knopen leggen. De ‘Clovehitch’-moordenaar heeft ook iets met knopen, want hij dankt zijn naam aan de manier waarop hij zijn slachtoffers vastbond. Tyler besluit op onderzoek te gaan en vanaf dat moment gaat het hard met de verwikkelingen. Van tijdschriften over kinky seks tot een vondst die wel heel direct lieert aan een seriemoordenaar: zijn vader blijkt complexer dan Tyler dacht.

The Clovehitch Killer is niet zozeer een whodunit, maar toont de misleiding van de schone schijn. Want wat doe je als een vertrouwd iemand in je omgeving anders is dan je dacht? Dit gegeven werkt in de start van de film, waarin de relatie tussen Tyler en zijn vader goed lijkt, maar je er ook iets ongemakkelijks in bespeurt. De twee acteurs spelen overtuigend: Charlie Plummer als Tyler timide en introvert, en Dylan McDermott als Don amicaal met een voelbare onderliggende dreiging. Zo is er een sterke scène in Dons schuur, waar hij een lastig gesprek met Tyler voert over seks. Als kijker voel je dat er meer aan de hand is: Don wéét dat Tyler heeft lopen snuffelen. In zijn monoloog sijpelt het geloof in alle facetten door: aan seks denken mag, maar doen is een ander ding. Zijn woorden vormen een groot contrast met de daden van ‘The Clovehitch’-moordenaar. Na afloop van het gesprek spreekt pa de opgeluchte woorden uit: “Awkward talk with dad, over!”

The Clovehitch Killer

Monster in de mens
Meer van zulke scènes had de opbouwende spanning tussen vader en zoon goed gedaan, maar regisseur Duncan Skiles kiest voor een andere weg. Tyler en Kassie komen door hun eigen geknutselde onderzoek in situaties die de geloofwaardigheid niet ten goede komen, zoals het pijlsnel vinden van belastend bewijsmateriaal. Het grootste probleem ligt echter in Tylers loyaliteit naar zijn vader. Hoe meer tekenen er zijn dat Don ‘Clovehitch’ is, hoe makkelijker Tyler zich door hem laat manipuleren. Waar er allang politie in het spel had moeten zijn, modderen de twee tieners aan met iemand die hoogstwaarschijnlijk een meedogenloos beest is.

Tylers loyaliteitsconflict brengt ons uiteindelijk naar het einde, waar nog wat geforceerde wendingen aan vooraf gaan. The Clovehitch Killer is zeker niet zonder haken en ogen, maar beklijft door het sterke acteren en het achterliggende idee dat in ieder mens een monster kan schuilen. Het gegeven van slechtheid in de mens is niet nieuw, maar de film roept de vraag op wát we ermee doen als zoiets uitkomt. Blijven we de schone schijn ten bate van onszelf of onze gemeenschap ophouden, of doorbreken we die? Dat is iets dat in deze roerige tijden, waarin mensen met zoveel dingen wegkomen, tot nadenken stemt.

 

27 maart 2019

 

ALLE RECENSIES

High Life

****
recensie High Life

Alfa-aap van het niets

door Alfred Bos

De voorlaatste film van de Franse regisseur Claire Denis draaide om gemis van liefde. Ook in haar nieuwe, eerste Engelstalige werkstuk, een sciencefictionfilm, staat afwezigheid centraal. Ditmaal ontbreekt de zin van het leven.

High Life speelt zich geheel af in een ruimteschip met een respectabel aantal kilometers op de teller. Het vehikel is uitgewoond en metaalmoe, het begint kuren te vertonen en de voorraden zijn niet eindeloos herbruikbaar. Ook de bemanning (spreken we in politiek correcte tijden, met excuses aan robots, van bemensing?) van deep space vehicle 7 is niet okselfris meer. Nooit geweest overigens, want het team bestaat uit terdoodveroordeelde misdadigers.

High Life

Het schip is onderweg naar een zwart gat, om daar de energie af te tappen die op een uitgeputte aarde wordt begeerd—een bestaande wetenschappelijke theorie, vernoemd naar fysicus Roger Penrose. De reis is een experiment uit nood, in feite een zelfmoordmissie. De thuisplaneet en het leven aldaar zijn ver weg. Het ruimteschip is een eiland in de immense leegte, het vroegere bestaan een vage herinnering. De veroordeelden zijn op elkaar aangewezen, bijgestaan door een arts, Dr. Dibs (Juliette Binoche krijgt wederom een hoofdrol van Denis), met een strafblad en een sinistere agenda.

Existentiële leegte
High Life is de eerste Engelstalige productie van Claire Denis (Un Beau Soleil Intérieur, Les Salauds) en het is, met haar genadeloze kijk op de menselijke natuur en de compromisloze wijze waarop ze die verbeeldt, onmiskenbaar een Denis-film. High Life staat in een lange sciencefictiontraditie, maar wijkt daar niettemin op een wezenlijk punt vanaf. Geen weidse avonturen in deep space van een heroïsch gezelschap, zoals in de boeken van A. Bertram Chandler en James Blish; geen claustrofobe horror à la Alien of Event Horizon; niet de spirituele bespiegeling van Tarkovsky’s Solaris of Kubricks 2001, geen vertoon van menselijk vernuft zoals verbeeld in Interstellar en The Martian noch de ecologische boodschap van begin jaren zeventigfilms als Silent Running en Soylent Green.

High Life heeft een ironische titel. Hij staat voor drama van het existentiële soort. Wat rest er van het bestaan als alles – zekerheid, toekomst, verwanten en vrienden, cultuur, schoonheid, inspiratie, tijd – is weggevallen en de wereld is gekrompen tot een buitenmodel koekblik met ouderdomskuren? Het antwoord is seks.

Waar die seks toe leidt, is minder duidelijk. Het slot van de film laat zich op tegengestelde manieren uitleggen. Als ode aan wilskracht en liefde, schakels die bestand zijn tegen het bruutste wat het universum heeft te bieden. Of als ultieme ontgoocheling: alles, ook liefde, verdwijnt in een zwart gat. Uiteindelijk is er niets. We hebben enkel elkaar.

High Life

Zwart gat als metafoor
Het punt van High Life is niet het verhaal van Monte (Robert Pattinson, Maps to the Stars) , Dr. Dibs en het gezelschap van gestoorde, gebroken en door het leven gekneusde lotgenoten op reis naar het niets. Het punt van de film is dat hij draait om alles wat er niet is, wat het bestaan glans geeft. Die afwezigheid, dat metaforische zwarte gat, doet duidelijker uitkomen wat wezenlijk is. Door het gemis wint het aan gewicht. Maar wat betekent gewicht in een omgeving van gewichtsloosheid?

Een film die het niet moet hebben van plot of spektakel, waarin de personages vaag blijven en de sfeer – opgeroepen via de geluidsband: de brommende machines en het gekreun van het ruimteschip creëren een sluier van ruis – centraal staat, zo’n film steunt in de eerste plaats op de acteurs. Denis heeft een fraai stel bij elkaar gebracht. Pattinson is geknipt voor de rol van gevaarlijke, maar sensitieve man. Hij wordt ongewild de alfa-aap van de groep verstotenen, waarin we onder meer André Benjamin (André 3000 van het hiphopduo OutKast), Mia Goth (Suspiria) en Claire Tran (Valerian and the City of a Thousand Planets) herkennen.

In het totale isolement komen de diepmenselijke trekken boven. De reizigers zijn tot elkaar veroordeeld, maar harmonieus is het gezelschap allerminst en de kilheid van hun situatie kan de extremen niet dempen. Al het dierlijke dat de mens eigen is, komt tijdens de reis naar buiten. En bepaalt uiteindelijk het lot van Monte. Is hij een Kaïn, een Lazarus, een Jezus of een Adam? Hij is bovenal menselijk, ook in de peilloze leegte van het heelal.

High Life

Niet-lineair verteld
High Life is arthouse-sciencefiction. De film gebruikt de situaties en tropen van het genre en herschept ze tot een reflectie op levensvragen. Het verhaal in het ruimteschip wordt niet-lineair verteld, inclusief flashbacks naar het leven vóór de missie, waardoor het gebrek aan dialoog nauwelijks opvalt. De kijker moet de situatie, de personages en hun onderlinge relaties samenstellen uit de informatie die stilaan wordt prijsgegeven, en details die in het voorbijgaan niet direct opvallen maar betekenisvol zijn.

Claire Denis gebruikt een breed scala van beelden, van horror en gore tot niet zo pastorale natuur (ze echoën Solaris). Er zijn briljante momenten, zoals de scène met Dr. Dibs in de masturbatiekamer, de Fuckbox. En de lege handschoen die gewichtsloos door het vacuüm zweeft en een spook suggereert, iemand die er niet is. Of het zeemansgraf van dode teamleden die in formatie en in slow motion over het scherm schuiven—een beeld dat even poëtisch als verontrustend is. Net als de film.

 

12 maart 2019

 

ALLE RECENSIES

Suspiria

**
recensie Suspiria

Zielloze nachtmerrie

door Suzan Groothuis

In deze herbewerking van regisseur Luca Guadagnino volgen we de Amerikaanse Susie die in Berlijn opgenomen wordt in een dansgezelschap. Verdwijningen van danseressen en occulte zaken vinden plaats tegen een achtergrond van politieke onrust.

Luca Guadagnino (Call Me By Your Name, Io Sono l’Amore) heeft zich gewaagd aan een herbewerking van Suspiria van horrormeester Dario Argento. Hij geeft de film een eigen interpretatie, hoewel er zeker overlappingen zijn. De personages in het verhaal zijn gebaseerd op die in het origineel en ook de setting is hetzelfde: Berlijn in de jaren ’70.

Suspiria

Het uitgangspunt van de film is ook min of meer gelijk aan Suspiria (1977): de ambitieuze Susie Bannion (Dakota Johnson, dochter van Don Johnson en Melanie Griffith en bekend van de Fifty Shades of Grey-reeks) is vanuit de VS naar Berlijn gekomen om opgenomen te worden in het befaamde dansgezelschap Markos. De eerste scène leert ons echter dat het daar niet pluis is: danseres Patricia (Chloë Grace Moretz in een korte rol) vertrouwt haar psychiater dr. Josef Klemperer (Tilda Swinton in haar vijfde Guadagnino-productie) toe dat er occulte zaken spelen. Maar hij is in de veronderstelling dat het meisje psychotisch is.

Achtergrond van politieke onrust
Dan volgt Pats plotse verdwijning, die achterdocht bij Klemperer wekt. De leiding van de dansschool reageert echter mild: Pat was bekend met politieke idealen en zou zich wellicht gevoegd hebben bij een politieke beweging. We zitten immers in het Berlijn van de jaren ’70, een periode waarin terreurgroep Rote Armee Fraktion voor grote politieke onrust zorgde. In de film flitsen af en toe nieuwsberichten over acties van RAF voorbij.

Terug naar dansgezelschap Markos, waar Madame Blanc (wederom Tilda Swinton) zich ontfermt over nieuwkomer Susie. Susie’s danskunsten imponeren haar en het meisje krijgt een plek in het gezelschap. Ze wordt kamergenoot van Sara, die na een bezoek aan dr. Klemperer vermoedt dat er meer in het spel is aangaande Pats verdwijning. Wellicht spelen er occulte zaken?

Suspiria

Bloedstollende horror en holle verwachtingen
Guadagnino windt er geen doekjes om: jazeker spelen er occulte zaken! Het dansgezelschap wordt namelijk gerund door heksen, die alles doen om hun hiërarchie en de daaraan verbonden occulte tradities in stand te houden. Danseressen die vermoedens of bewijzen hebben, worden op nietsontziende wijze uit de weg geruimd. En daarmee komt ook het horroraspect in beeld, waarvan een scène zich in het netvlies beitelt: terwijl Susie tijdens een repetitie haar danskunsten toont en tot het uiterste gaat, wordt een afvallige danseres op brute wijze gepijnigd. Gevangen in een spiegelkamer zonder uitweg brengen Susie’s agressieve bewegingen beschadigingen bij haar aan. Botten die breken, verwrongen ledematen en een lichaam dat bont en blauw kleurt, worden op intense wijze in beeld gebracht. Met deze krachtige scène, waarin choreografie en beeld de kijker – of je nu wilt of niet – op dwingende wijze meeslepen en je op het puntje van je stoel doen zitten, schept Guadagnino verwachtingen.

Helaas maakt het 2,5 uur durende Suspiria die niet waar. De regisseur neemt teveel tijd om naar de gran finale toe te werken – een uitzinnige, hysterische en over de top ontknoping die leeg aanvoelt. Daarbij speelt nog de overbodige verhaallijn van dr. Josef Klemperer, die zijn liefde jaren geleden is kwijtgeraakt.

Over deze mysterieuze acteur ontstond enige tijd twijfel. Er is wel of niet een dubbelrol van Swinton? Hoewel IMDb duidelijk vermeldt dat ze drie rollen heeft in Suspiria – Madame Blanc, dr. Klemperer en de duivelse Markos – liet Guadagnino de pers in verwarring dat ene Lutz Ebersdorf de rol van de oude man op zich nam. Het komt pretentieus over en misschien is dat wel het grootste probleem van Suspiria anno nu: Guadagnino wil teveel met zijn film, waardoor die juist aan kracht inboet. De Koude Oorlog en terreurbewegingen, een verwijzing naar de wonden uit de Tweede Wereldoorlog, hekserij, psychiatrische zienswijzen, feminisme, het komt allemaal voorbij. 

Suspiria

Overbodige hommage
Wat wel beklijft, zijn de dansscènes, strak en gestileerd in beeld gebracht. Zo is er naast Susie’s agressieve repetitie de demonische dansuitvoering Volk, die de danseressen voor publiek vertonen. Erotiek, gevaar en uitputting gaan samen, ondersteund door de onderkoelde, dreigende soundtrack van Radiohead’s Thom Yorke (die zich door Krautrock liet inspireren). Met deze scènes schept Guadagnino een beklemmende sfeer, die de kijker grijpt en niet loslaat. Maar alles eromheen is zielloos en exuberant, gevangen in grauwe kleuren waarin de Koude Oorlog weerspiegelt.

Guadagnino omschrijft zijn film als hommage aan het origineel, hoewel Argento afwijzend tegenover een remake stond. In Argento’s woorden: “Either you do it exactly the same way—in which case, it’s not a remake, it’s a copy, which is pointless—or, you change things and make another movie. In that case, why call it Suspiria?” Die vraag is precies waar het knelt, als je Argento’s kleurrijke, sprookjesachtige nachtmerrie tegenover Guadagnino’s overbodige versie zet. Conclusie: haal Argento’s versie uit de kast en zet de soundtrack van Thom Yorke op. Dan heb je een leuke blend, hoewel de oorspronkelijke soundtrack van Goblin niet te evenaren is.

 

14 november 2018

 

ALLE RECENSIES

Simple Favor, A

***

recensie A Simple Favor 

Erotiek en ironie in gelijke delen

door Alfred Bos

Paul Feig regisseert bij voorkeur vrouwen en zijn verfilming van de thriller A Simple Favor mengt eigentijdse noir met humor. Dankzij een fantastische soundtrack vol Franse pop blijft het genietbaar.

A Simple Favor is een thriller voor deze tijden van sociale media en #metoo. De jonge weduwe Stephanie Smothers (Anna Kendrick) probeert een online-ster te worden via haar webvlog over koken. Ze is hyperactief en een beetje nerdy, goedgelovig maar niet dom. De reallife-ster in haar leven is Emily Nelson (Blake Lively), een dandy met dorst die zich verveelt in haar huwelijk met een ooit veelbelovende Engelse auteur, Sean Townsend (Henry Golding). Wie is die vrouw die van ennui een kunstvorm heeft gemaakt? Een in gin gedrenkt genie of een bitch met borderline?

A Simple Favor

Wat is het stoutste wat je ooit gedaan hebt, wil Emily van Stephanie weten wanneer ze in Emily’s modernistische villa, met een David Hockney aan de muur, aan de martini’s zitten. Stephanie, een tikje tipsy, giechelt na uitdagend aandringen haar geheim. Ze zijn immer vriendinnen, nu Stephanie regelmatig op Emily’s zoontje Nicky past. Dan is Emily opeens verdwenen en Stephanie start via haar kookvlog een eigen onderzoek. Waar is Emily? Wat is er gebeurd?

Serge Gainsbourg
Het ligt voor de hand om Pink Floyds See Emily Play als titelmuziek te gebruiken – want Emily speelt, met Stephanie en de waarheid – maar regisseur Paul Feig (Spy, Nurse Jackie) heeft ervoor gekozen om zijn puzzelthriller, naar de gelijknamige debuutroman van Darcey Bell, te begeleiden met een geluidsband vol Franse pop uit de school van Serge Gainsbourg. Dat wil zeggen, erotiek en ironie in gelijke delen, goed geschud en afgemaakt met een toefje humor. Het is de knipoog die de film uit tilt boven het niveau van de eigentijdse paranoiathriller met verknipte vrouwen, op elkaar gestapeld verraad en surrealistische plotwendingen. Gone Girl dus, maar dan wél geslaagd.

Het thema van de verborgen motieven spiegelt zich in de beide vrouwelijke hoofdpersonages, die gaandeweg het filmverhaal meer gelaagd worden. Stephanie ontwikkelt zich van overgeorganiseerde giebelmuis tot kordate wreker en de emotionele staat van Emily wordt met elke plotwending meer verklaarbaar. Het is een van de redenen dat de film, ondanks zijn weinig sympathieke personages en gezochte verrassingen, de aandacht weet vast te houden. De humor helpt ook. De film speelt een spelletje – met de kijker, met zichzelf – en de regisseur weet het. A Simple Favor draait om mensen die zich overbewust zijn van zichzelf, heel modern.

A Simple Favor

Rolverwisseling
Zonder al teveel te verklappen: A Simple Favor draait om geheime familierelaties. Wanneer in de slotakte de verrassingen als overrijp fruit uit de lucht vallen en de film van de rails dreigt te lopen, worden de eindjes via Stephanie’s vlog aan elkaar geknoopt en privacy-issues rond digitale media terloops in het verhaal verwerkt. Het thema van de rolverwisseling vindt zijn weerslag in de finale, iedereen maakt carrière over de rug van een ander.

A Simple Favor is een film over vrouwen, maar geen vrouwenfilm. De mannen zijn of afwezig of overspelige eikels. Richard Friend maakt van modeontwerper Rupert Nylon (what’s in a name?) een kluchtige relnicht, een man die zich kleedt als een vrouw; zoals Emily een vrouw is die zich in uitbundige herenkostuums (ont)hult. Omgedraaide rollen, misbruik, onsympathieke personages en gekunstelde verwikkelingen—A Simple Favor is helemaal een film van nu, een Double Indemnity voor deze tijd.

Tip: blijf tijdens de aftiteling vooral zitten, want die wordt begeleid door de grootste verrassing van de film: de briljante cover door No Small Children van Laisse Tomber Les Filles, de hit die Serge Gainsbourg in 1964 schreef voor France Gall.
 

26 september 2018

 
MEER RECENSIES