L’Inconnue

****
recensie L’Inconnue
Jezelf blijven in het lichaam van een ander

door Małgorzata Zielińska

L’Inconnue biedt een originele kijk op het thema van lichaamswisselingen, waarin personages gedwongen worden in een ander lichaam te leven. Met sterk acteerwerk en een mysterieus verhaal presenteert de film deze uitzonderlijke ervaring op een geloofwaardige manier.

Arthur Harari baseerde zijn film op de graphic novel De zaak David Zimmerman, die hij samen met zijn broer Lucas schreef. Een derde broer, Tom Harari, was betrokken als cameraman.

L'Inconnue

Léa Seydoux (Eva/David) en Niels Schneider (David/Malia) zetten overtuigende personages neer die plotseling worden geconfronteerd met een onverklaarbare en ingrijpende situatie. Ze moeten daar vrijwel alleen hun weg in vinden, met niemand anders dan elkaar als bevestiging dat hun ervaringen echt zijn. Vrij snel vermoedt de kijker dat er geen verklaring zal worden gegeven voor wat er gebeurd is en waarom.

Beide acteurs tonen zich hier van een andere kant: Seydoux, die slechts drie maanden na haar bevalling draaide, en Schneider, die gewicht verloor en zijn kapsel veranderde. Hoewel het basisverhaal tot het fantasygenre gerekend kan worden, zorgt de keuze voor een sobere, ingetogen stijl ervoor dat de kijker het verhaal gelooft en de personages ziet als echte, herkenbare mensen.

Een noodlottige ontmoeting
De film volgt David Zimmerman, een teruggetrokken fotograaf tegen de veertig, die de wereld observeert vanachter zijn camera terwijl hij een lang project afrondt dat door zijn overleden vader is begonnen: stedelijke landschappen fotograferen – “om te laten zien wat er verdwenen is”.

Het verhaal begint wanneer David op een uitbundig gemaskerd bal Eva ontmoet, een vrouw die hij eerder tijdens een van zijn opdrachten in het geheim had gefotografeerd. Na een kort seksueel contact wordt David wakker in Eva’s lichaam. Rond dezelfde tijd merkt de jonge vrouw Malia dat ze gevangen zit in Davids lichaam, na een kort seksueel contact met een man die op David leek.

De kracht van L’Inconnue zit in de sobere manier waarop zowel de ervaringen van de personages als de ongewone band tussen David en Malia wordt uitgewerkt. Een van de centrale motieven is het lijden dat voortkomt uit het gevoel opgesloten te zitten in een lichaam dat niet als het eigen lichaam wordt ervaren. Dat roept sterke parallellen op met aspecten van genderdysforie.

De triomf van de geest over de materie
Hoewel Harari niet de bedoeling had een verhaal over transgender ervaringen te vertellen, zijn de scènes waarin David en Malia elkaar herkennen juist daarom zo ontroerend. Terwijl vrienden en familie hen blijven beoordelen op hun uiterlijk, slagen David en Malia erin elkaar te zien zoals ze werkelijk zijn.

Wat deze scènes bovendien zo overtuigend maakt, is dat de acteurs het ogenschijnlijk onmogelijke geloofwaardig weten te maken. Als kijker zie je Léa Seydoux niet langer als Eva, maar als David in Eva’s lichaam. Hetzelfde geldt voor Niels Schneider: gaandeweg zie je niet langer David, maar Malia in Davids lichaam.

Het is wel jammer dat Harari niet verder onderzoekt hoe de naasten van de personages zouden reageren als David en Malia over hun ervaringen zouden proberen te praten, en of het echt onmogelijk is om voorbij de grenzen van het lichaam te reiken. Harari lijkt te suggereren dat er geen uitweg bestaat: ons lichaam bepaalt hoe de buitenwereld ons ziet en vormt daarmee ook onze identiteit. Dat idee komt onder meer naar voren in de droomachtige scène waarin Malia contact zoekt met haar vader maar wordt afgewezen, en in de verhaallijn rond Sofie Caro, een vrouw die David ontmoet wanneer hij probeert te begrijpen wat hem en Malia is overkomen. Er is echter ook een hoopvollere interpretatie denkbaar: echte communicatie is meer dan wat ons lichaam kan uitdrukken en verbinding blijft denkbaar voorbij onze fysieke beperkingen.

L'Inconnue

Geduld en aandacht is gewenst
Met een speelduur van bijna twee uur en twintig minuten vraagt de film geduld en aandacht van de kijker. Het inkorten van de verhaallijn over Sofie Caro had de film ten goede kunnen komen. Die verhaallijn laat vermoedelijk zien wat er gebeurt als de personages hun ware identiteit wél uitspreken: dan worden ze als psychisch ziek bestempeld.

Er is zeer weinig dialoog in de film. Het lijkt erop dat zodra we ons lichaam, ons gezicht en onze stem verliezen, er geen manier is om over te brengen wie we werkelijk zijn. Dit gevoel van opgesloten zijn wordt versterkt door de repetitieve, ritmische, onrustige pianomuziek van Andrea Poggio, die door de hele film heen terugkeert, alsof ze de uitzichtloze situatie waarin de personages zich bevinden wil onderstrepen.

Beide personages beleven de situatie verschillend. Voor Malia, een vrolijke, energieke en sociaal betrokken jonge vrouw, voelt de transformatie als een diefstal van haar toekomst. David, teruggetrokken, emotioneel gesloten en afgesneden van anderen, lijkt het nieuwe leven dat hem is opgelegd te kunnen aanvaarden.

Fascinerend
Alleen al Léa Seydoux maakt de film de moeite waard. Ze is fascinerend om naar te kijken: op een uiterst ingetogen manier brengt ze Davids hevige innerlijke emoties over, terwijl ze de kijker tegelijkertijd zijn onrust en onuitsprekelijke pijn laat zien. Niels Schneider is overtuigender als David dan als Malia, misschien omdat hij twee zeer verschillende personages moest vertolken, waardoor de overgang voor de kijker moeilijker te volgen is.

Beide personages zijn geloofwaardig, maar in de meeste gevallen zorgt de afstandelijke filmstijl ervoor dat de kijker emotioneel op afstand blijft om hun worstelingen van veraf te observeren. Waar de film eindigt met ruimte voor interpretatie, kiest de graphic novel voor een meer directe en misschien verontrustende einde. Alleen al daarom is het de moeite waard om ook de graphic novel te lezen.

 

15 oktober 2026

 

ALLE RECENSIES

LIFF 2026 – Deel 1

LIFF 2026 – Deel 1:
Drie mannen onder hoogspanning

door Cor Oliemeulen

In ons eerste verslag van het Leids filmfestival 2026 – van 8 tot en met 18 oktober – bespreken we drie thrillers: een weemoedig portret van een zakkenroller in New York, een avontuurlijke smokkeltocht tijdens de Grote Depressie en een beklemmende politieke thriller over een Chileense kapitein die van zijn luchtvaartacademie een martelcentrum moet maken.

 

The Only Living Pickpocket in New York

The Only Living Pickpocket in New York – Een uitstervend beroep
Eindelijk weer eens een onvervalste ode aan New York, waar oldskool zakkenroller Harry Lehman (een zoals altijd uitstekende John Turturro) vanuit de Bronx alle andere stadsdelen bezoekt om vooral in metro’s verkoopbaar spul te jatten. Harry is nog steeds vingervlug, maar een gestolen portemonnee heeft in het digitale tijdperk een andere inhoud. Mensen dragen nauwelijks nog contant geld en gestolen betaalpassen worden meteen geblokkeerd.

Turturro bereidde zich voor met boeken over echte zakkenrollers en leerde de basis en de psychologische kant van het vak van meesterzakkenroller Apollo Robbins, beter bekend als ‘The Gentleman Thief’. Regisseur Noah Segan toont hoe Harry voorbijgangers taxeert: een razendsnelle blik langs jaszakken, horloges en tassen, inschatten hoe een potentieel slachtoffer loopt en kijkt, en op welk moment je moet toeslaan.

We leren Harry kennen als een niet-onsympathieke vent die fouten heeft gemaakt en daarmee in het reine probeert te komen. Ondertussen zorgt hij voor zijn vrouw Rosie (Karina Arroyave), die niet meer spreekt en nergens op lijkt te reageren. Ontwapenend is de scène waarin Harry voor haar bed danst.

Het gaat mis als hij de verkeerde persoon besteelt. Tussen de buit zit een USB-stick van de jonge, rijke en arrogante Dylan Diamond (Will Price). Harry verkoopt die door zonder te weten dat er waardevolle gegevens op staan. In een race tegen de klok door New York, die soms doet denken aan Uncut Gems (2019) waarin een juwelier (Adam Sandler) steeds verder in de problemen raakt, probeert Harry de stick op te sporen.

The Only Living Pickpocket in New York laat zich meer kijken als een weemoedig portret van een ouder wordende zakkenroller dan als een zenuwslopende misdaadthriller. De jonge criminelen zijn minder geloofwaardig dan Harry en zijn jarenlange bekenden, zoals pandjesbaas Ben (Steve Buscemi). Jamie Lee Curtis duikt op als Moira, het hoofd van Dylans misdaadfamilie.

Kijk hier waar en wanneer deze film draait (mits niet uitverkocht).

 

The Weight

The Weight – Het gewicht in goud waard
The Weight is veel meer een conventionele thriller. Dit speelfilmdebuut van Padraic McKinley speelt zich af in Oregon van 1933, het vierde jaar van de Grote Depressie. We maken kennis met Samuel Murphy (Ethan Hawke) en zijn jonge dochter Penny, die uit hun appartement zijn gezet omdat ze de huur niet kunnen betalen. Op zoek naar een alternatief belandt hij in een knokpartij en in de gevangenis. Met andere gevangenen wordt hij tewerkgesteld om een weg aan te leggen. Het strafkamp wordt gerund door ijzervreter J.J. Clancy (Russell Crowe).

Murphy is een veteraan van de Eerste Wereldoorlog, een zwijgzame einzelgänger met een gehard voorkomen en een praktische bekwaamheid. Zo verzint hij een plan om een in de weg liggende rotsblok te verwijderen en fixt hij de auto van Clancy. Deze vertelt Murphy dat hij eerder kan vrijkomen om zo de adoptie van Penny te verhinderen, maar dan moet hij wel samen met drie andere gevangenen een flinke partij goudstaven smokkelen, voordat die worden geconfisqueerd door president Roosevelt.

De filmtitel verwijst naar de zware goudstaven die de gevangenen moeten dragen en natuurlijk naar de emotionele last van Murphy, die er alles aan wil doen om zijn dochter terug te krijgen. De vele kilometers lange tocht door de wildernis zit vol momenten die je in zo’n film mag verwachten. Zo sluit onderweg een inheemse vrouw zich noodgedwongen aan, vermoedt de kijker al meteen toekomstige amoureuze ontwikkelingen met Murphy, en moeten ze met al dat gewicht over een gammele hangbrug én over een wilde rivier zien te geraken. En dan natuurlijk nog onderlinge conflicten.

Alle genreclichés ten spijt draagt Ethan Hawke met zijn sterke spel ook het gewicht van de film. Begin dit jaar schitterde hij scherp van geest en woord, maar ook onberekenbaar in Blue Moon als de invloedrijke songwriter Lorenz Hart. In The Weight overtuigt hij als kwetsbare, vastberaden en nuchtere vader. In een interview noemde Hawke de zware opnamen in de Beierse bossen een van de moeilijkste zomers van zijn leven.

Kijk hier waar en wanneer deze film draait (mits niet uitverkocht).

 

The Red Hangar

The Red Hangar – Gewetensnood
Deze politieke thriller is met zijn 81 minuten precies lang genoeg om het verhaal van een man in gewetensnood te vertellen. Op 11 september 1973, tijdens de staatsgreep in Chili, krijgt luchtmachtkapitein Jorge Silva (Nicolás Zárate) het bevel om de luchtvaartacademie waar hij de scepter zwaait in te richten als detentie- en martelcentrum. Het wordt snel gevuld met aanhangers van de gevallen president Allende.

Silva, in militaire kringen beroemd als parachutespringer, verijdelde ooit een moordaanslag op Allende. Zijn vroegere rivaal, kolonel Jahn, krijgt steeds meer macht en dwingt Silva om te beginnen enkele “communisten” scherp te ondervragen. Om zelf niet als slachtoffer in zijn hangar te verdwijnen, kiest hij (voorlopig?) voor militaire gehoorzaamheid. Om hem heen, maar buiten beeld, worden mensen gemarteld en geëxecuteerd, ook collega’s. Silva probeert contact met zijn vrouw Rosa te krijgen. Die werkt als geschiedenislerares, dus is potentieel slachtoffer van de rechtse coupplegers.

Regisseur Juan Pablo Sallato, die eerder documentaires en series maakte, bouwt in zijn eerste speelfilm de spanning langzaam op. Functioneel geschoten in zwart-wit, volgt de camera steeds weer de gang van Silva waarbij de achtergrond vervaagt. Je vraagt je af wat er allemaal in hem om gaat. In close-ups van zijn gezicht vertrekt hij geen spier. In zijn ogen groeit vertwijfeling en wanhoop.

The Red Hangar is geïnspireerd op het boek Disparen a la bandada van Fernando Villagrán, die zelf in het detentiecentrum werd vastgehouden. De echte Jorge Silva werkte mee aan het scenario. Hij overleed in 2024, twee maanden voor de opnamen begonnen. De film werd in drie weken gedraaid in het Argentijnse Mendoza, nadat de Chileense luchtmacht weigerde om de beruchte academie te laten gebruiken.

Kijk hier waar en wanneer deze film draait (mits niet uitverkocht).

 

9 oktober 2026

 

MEER FILMFESTIVAL

Downhill (1927)

De Herfst van de Stomme Film
Deze september blikken we in De Herfst van de Stomme Film terug op klassiekers uit de maanden voordat The Jazz Singer in oktober 1927 de geluidsfilm inluidde. Een laatste oogst van tien films voordat Hollywood begon te praten. Hieronder de tweede film.

 

Downhill (Groot-Brittannië, mei 1927)
Alfred Hitchcock en het ultieme offer

door Tim Bouwhuis

Enkele maanden voordat The Jazz Singer in de Verenigde Staten het huwelijk tussen beeld en geluid inluidde, verscheen aan de overzijde van de Atlantische Oceaan Alfred Hitchcocks Downhill. De zogenoemde ‘Master of Suspense’ behoeft ongetwijfeld geen nadere introductie, maar deze film waarschijnlijk wél.

Downhill is een stuk minder bekend dan The Lodger: A Story of the London Fog, de thriller die Hitchcock direct daarvoor opnam. Wie beslag weet te leggen op de Criterion-uitgave van de “eerste échte Hitchcock”, zoals de regisseur hem zelf beschouwde, krijgt als extraatje ook (het nota bene langere) Downhill te bekijken. Sinds 2012 zijn de twee titels dankzij het Britse Filminstituut in een gerestaureerde versie beschikbaar. Ivor Novello, de acteur die in beide films de hoofdrol opeist, schreef mee aan het toneelstuk dat aan de basis lag van het scenario.

Downhill (Groot-Brittannië, mei 1927)

Ditmaal geen moord
Dat de status en gemiddelde waardering van Downhill duidelijk onderdoet voor die van zijn ‘companion piece’, heeft er in elk geval mee te maken dat de film een stuk minder herkenbaar is als een typische Hitchcock-thriller (waarvan de Brit er nog tientallen zou maken). Het verhaal begint niet met een moord, maar met een vermeende vrijpartij. Een schijnbaar onschuldige flirt tussen een winkelbediende en een welgestelde scholier loopt uit de hand als de scholier niet op haar avances ingaat, en zij naar de directeur van zijn prestigieuze kostschool toestapt.

Hitchcock kennende zou je denken dat het verhaal draait om wat er écht tussen het meisje en de scholier is voorgevallen, maar in Downhill slaat de regisseur eerder de weg van het psychologische drama in. Hoofdpersoon Roddy (Novello) krijgt de schrik van zijn leven als niet zijn boezemvriend Tim, maar hijzelf door de bediende als aanrander wordt aangewezen. Ieder ander zou de schuld meteen doorschuiven, zo niet Roddy: de twee hebben namelijk afgesproken om voor elkaar door het vuur te gaan, en Tim maakt aanspraak op een grote studiebeurs. Een schorsing zou een streep zetten door zijn toekomstplannen, en dus besluit Roddy om de schuld op zich te nemen en zo een ultiem offer te brengen.

#MeToo avant la lettre
Over Hitchcocks diepgewortelde fascinatie en angst voor vrouwen zijn volwaardige studies verschenen, en wat dat betreft raakt Downhill dus wel degelijk aan thematiek die in het latere oeuvre van de regisseur veelvuldig zou opduiken. De vrouw die het leven van Roddy op zijn kop zet is geen gelaagd personage, maar puur en alleen degene die zijn noodlot activeert. Bijna honderd jaar voordat #MeToo zou leiden tot complexe discussies over de dynamiek tussen beschuldigen en daadwerkelijk schuldig zijn (lees: hoe kan een man die door een anonieme bron van grensoverschrijdend gedrag wordt beschuldigd zichzelf verdedigen?), liet Hitchcock alvast een (zijn?) nachtmerrie van een onterechte beschuldiging uitkomen.

De beeldtaal die de regisseur hanteert om de afdaling naar de krochten van Roddy’s ziel uit te drukken is niet al te origineel, maar wel doeltreffend. We zien de hoofdpersoon via de roltrap afdalen richting een perron van de Londense metro, met zijn leven gaat het vanaf dat moment verder ‘downhill’ en het schaduwspel dat de regisseur op zijn kader loslaat maakt de invloed van het Duitse expressionisme tastbaar. Niet mis te verstane tussenteksten als “de wereld van doen alsof” en “de wereld van verdwenen illusies” dienen op gezette momenten als Hitchcocks cynische commentaar op de wereld waarin Roddy er nu zielsalleen voorstaat.

Downhill (Groot-Brittannië, mei 1927)

Denken in mogelijkheden
Twee jaar na Downhill zou Hitchcock met Blackmail komen, de stille film die vanwege zijn integratie van geluidseffecten zijn overgang naar de geluidsfilm markeert. Downhill is een mooi bewijs dat de regisseur in de nadagen van de ‘stille’ periode absoluut niet in beperkingen dacht. De tussenteksten zijn beperkt tot een minimum (en bieden regelmatig dus eerder een commentaar óp de plot dan een uitleg ván de plot) en de pianoscore legt toepasselijke accenten, bijvoorbeeld als een van de personages voor de grap een ander laat schrikken. Hitchcock weet precies hoe hij visueel kan uitdrukken welke prijs Roddy voor zijn eed van loyaliteit moet betalen.

Het is jammer dat Downhill ruwe afslagen neemt in de afwikkeling van de plot; zo krijgt de hoofdpersoon op het dieptepunt van zijn neerslachtigheid plotsklaps een erfenis in de schoot geworpen en past de ‘eind goed al goed’-benadering van de slotakte maar matig bij de cynische bespiegelingen die daaraan vooraf gaan. Toch is het niet per definitie terecht dat de film in geen enkele academische of cinefiele canon van Hitchcocks beste of belangrijkste films een voorkeursbehandeling krijgt. Ondergetekende kan het weten, want initieel zou dit stuk over The Lodger gaan. Uiteindelijk kwam ik via een omweg bij Downhill uit, een Hitchcock die ik zelf ook nog niet kende en anders misschien zelfs nooit zou hebben gezien.

Nieuw tijdperk
En Ivor Novello? Toen Hitchcock zijn eerste geluidsfilms begon te produceren en zijn status als thrillerregisseur een verdere vlucht nam, groeiden de maker en zijn hoofdrolspeler (die in de eerste plaats een bekende naam op West End was) creatief uit elkaar. In de meer spektakelgerichte films (denk aan Sabotage) die de Brit al vanaf halverwege de jaren dertig afleverde, zou Novello wellicht sneller hebben misstaan, al zullen we dat door de loop van de geschiedenis nooit met honderd procent zekerheid kunnen zeggen.

Met de loopbaan van de acteur en schrijver ging het overigens ook niet ‘downhill’: in de jaren dertig en veertig bracht Novello de ene na de andere romantische musical op de plank. Regisseur én acteur vonden zo elk hun eigen weg in het nieuwe tijdperk dat door The Jazz Singer zou worden aangekondigd.

Deze film is gratis te zien op YouTube.

 

6 september 2026

 

THEMAMAAND ‘De Herfst van de Stomme Film’

Histoires Parallèles

***
recensie Histoires parallèles
Uit de hand gelopen fantasie

door Cor Oliemeulen

Een teruggetrokken schrijfster bespiedt haar overburen en verzint een broeierig melodrama. Als een jonge man ontdekt dat de personages echt bestaan, beginnen fictie en werkelijkheid elkaar te beïnvloeden. Histoires parallèles bevat alle ingrediënten van een typische Asghar Farhadi, maar de Iraanse meesterregisseur heeft ze weleens overtuigender door elkaar geroerd.

Een klein voorval kan bij Asghar Farhadi enorme gevolgen hebben. Een verdwijning, een scheiding, een tas met geld: meer is niet nodig om zijn personages te verstrikken in een web van leugens, halve waarheden en verkeerde aannames. Het knappe is dat de kijker daarin net zo verstrikt raakt.

Histoires Parallèles

Kettingreactie
Misschien werkt dat wel het sterkst in About Elly (2009), waarin de verdwijning van een jonge vrouw tijdens een uitstapje aan zee langzaam de onderlinge verhoudingen binnen een vriendengroep blootlegt.

In zijn Oscarwinnaar A Separation (2011) leidt een huwelijkscrisis via een ogenschijnlijk klein incident tot een moreel conflict waarin afkomst, religie, geld en verantwoordelijkheid een rol gaan spelen. Farhadi zet de kijker op de stoel van de rechter en elke nieuwe onthulling maakt het vellen van een oordeel moeilijker.

Ook A Hero (2021) draait om zo’n kettingreactie. Een gevangene vindt tijdens zijn verlof een tas met gouden munten en lijkt door die terug te geven plotseling een held. Maar zijn goede daad is minder eenvoudig dan gedacht en voordat hij het zich realiseert staan zijn reputatie, trots en waarheid op het spel.

Het zijn allemaal typische Farhadi-drama’s die de spanning van een thriller krijgen zonder thrillers te zijn.

Kijken naar de overkant
In Histoires parallèles speelt Isabelle Huppert Sylvie, een succesvolle maar vereenzaamde schrijfster die half verslonst in haar Parijse appartement rondhangt. Met een telescoop observeert ze mensen aan de overkant. Wat ze ziet, gebruikt ze als inspiratie voor een nieuwe roman. Uit flarden van het dagelijks leven fantaseert ze een opwindend bestaan bij elkaar.

Sylvies nichtje vraagt de jonge dakloze Adam (Adam Bessa) om haar tante in het dagelijks leven te helpen. Langzaam ontdekt hij Sylvies schrijfsels en dat de mensen aan de overkant model staan voor haar verhaal. Het gaat om twee broers, Nicolas (Vincent Cassel) en Théo (Pierre Niney), die daar met hun aantrekkelijke collega Nita (Virginie Efira) tot laat in de avond geluidseffecten voor films maken.

Dat laatste is een leuke vondst, want naast beeld en fictie speelt ook geluid voortdurend met wat echt is en wat de kijker als echt ervaart. Farhadi versterkt dat mysterieuze gevoel in het begin met kleine parallellen. Sylvie trapt met haar blote voet in een stukje glas en even later overkomt Nita aan de overkant hetzelfde. Adam maakt een gasfornuis schoon, even later gebeurt aan de overkant hetzelfde.

Histoires Parallèles

De parallellen doorbreken
De filmtitel krijgt gaandeweg steeds meer betekenis. Er lopen twee verhalen naast elkaar: Sylvies verzonnen versie van haar overburen en hun werkelijke bestaan. Adam is degene die de parallellen doorbreekt. De fictie begint de werkelijkheid te veranderen. Vervolgens beginnen de personen uit het verhaal anders naar elkaar en naar zichzelf te kijken.

Maar daar begint het scenario wat te wringen. Farhadi maakt weliswaar voldoende duidelijk dat Adam geobsedeerd raakt, maar minder overtuigend waarom zijn fascinatie zo’n extreme vormen aanneemt. Verder heeft het scenario enkele gekunstelde neigingen. Zo wurgt in Sylvies manuscript de ene man de andere met een elektriciteitskabel. Tegen het einde struikelt iemand bijna over een kabel en pakt die vervolgens op, waarmee Farhadi wel heel nadrukkelijk suggereert dat de werkelijkheid de fictie gaat herhalen.

Buiten Iran
Farhadi’s films buiten Iran voelen vaker nét anders aan. Le passé (2013) en het in Spanje gedraaide Todos lo saben (2018) zijn bepaald geen slechte films, maar missen iets van de vanzelfsprekendheid van zijn Iraanse werk. De regisseur erkende zelf bij Todos lo saben dat culturele verschillen zijn manier van vertellen beïnvloedden. Een deel van de spanning in zijn Iraanse films komt juist doordat mensen binnen die cultuur minder direct tegen elkaar zeggen wat ze denken en voelen. Je ziet dat ook bij een andere grote filmmaker als Hirokazu Kore-eda, wiens Franse La vérité (2019) anders aanvoelt dan zijn Japanse familiedrama’s.

De cast houdt Histoires parallèles moeiteloos overeind. Vincent Cassel en Isabelle Huppert zijn als vanouds uitstekend op dreef, Pierre Niney etaleert zachtaardigheid met een scherp randje, Virginie Efira weet als geen ander hoe een kwetsbare vrouw neer te zetten en Adam Bessa laat in het midden of we naar een onvervalste romanticus of een obsessieve zonderling zitten te kijken. De paar minuten speeltijd van Catherine Deneuve als impresario, uiteraard met sigaret, zorgen voor een zeldzaam komisch moment. Ook een mindere Asghar Farhadi is nog dik de moeite waard.

 

1 september 2026

 

ALLE RECENSIES

Los Tigres

***
recensie Los Tigres
Meeslepend, maar minder uitgewerkt

door Cor Oliemeulen

Wie een film van de Spaanse regisseur Alberto Rodríguez kijkt, komt nooit bedrogen uit. Ditmaal is het een combinatie van sociaal drama en thriller die zich afspeelt in de wereld van beroepsduikers. Hoe vakkundig regie, cinematografie en acteren ook nu weer zijn, Los Tigres is geen La isla mínima.

Alberto Rodríguez en Rafael Cobos vormen met Rodrigo Sorogoyen en Isabel Peña de sterkste vaste scenaristenduo’s van de hedendaagse Spaanse cinema. Terwijl laatstgenoemden vooral hyperrealistische, moderne thrillers vol morele twijfel en psychologische spanning maken, zoals Que Dios nos perdone en Las Bestias, blinkt het duo Rodríguez/Cobos vaak uit met sfeervolle, historische misdaadverhalen, zoals La isla mínima en Modelo 77, die politieke en maatschappelijke trauma’s van de Spaanse geschiedenis blootleggen. Ditmaal gooien zij het over een heel andere boeg met Los Tigres, een intiem drama over een broer en zus die werken als beroepsduikers. Maar rauwe misdaad is nooit ver weg.

Los Tigres (Foto: Julio Vergne)

Beroepsduiken is gevaarlijk
Industrieel duiken geldt als een van de gevaarlijkste beroepen. Beroepsduikers werken bijvoorbeeld aan schepen, pijpleidingen en installaties onder water, vaak bij slecht zicht en onder zware omstandigheden. In Los Tigres werken Antonio (Antonio de la Torre) en Estrella (Bárbara Lennie) in het industrie- en havengebied van Huelva, waar grote olietankers en petrochemische installaties het landschap bepalen. Regisseur Alberto Rodríguez raakte gefascineerd door deze voor buitenstaanders vrijwel onbekende wereld en deed uitgebreid onderzoek naar het beroep.

De risico’s spelen een belangrijke rol in het verhaal. Zo liep Estrella als kind tijdens het duiken gehoorschade op en mag daardoor niet dieper dan twintig meter. Antonio krijgt vanwege hartproblemen te horen dat hij helemaal niet meer zou moeten duiken. Voor hem is dat extra ingrijpend: duiken is niet alleen zijn beroep, maar ook het enige werk waarmee hij geld kan verdienen. En geld heeft hij hard nodig, want zijn ex-vrouw ontvangt niet de afgesproken alimentatie voor hun twee dochters en dreigt met een contactverbod. Als Antonio per toeval in de romp van een schip cocaïne ontdekt, smeedt hij met Estrella een plan.

Andalusië als decor
De bijzondere setting en de soms letterlijk adembenemende onderwaterfotografie bepalen mede de sfeer van Los Tigres. Net als in La isla mínima is Andalusië het decor, maar toen waren het de moerassen van de Guadalquivir. In die veel bekroonde film wordt de spanning gecombineerd met de erfenis van de Franco-dictatuur. In Los Tigres zijn arbeidsrisico en bestaanszekerheid onderliggende thema’s. In beide films, en ook vaak in andere films van Rodríguez, vervaagt de grens tussen goed en kwaad.

Naast de gezondheidsrisico’s van duiken en het plan om cocaïne te stelen en te verkopen, draait de film vooral om de relatie tussen Antonio en Estrella. Hun band is uitzonderlijk hecht en soms bijna verstikkend. Het lijkt wel alsof Estrella de rol van moederfiguur op zich heeft genomen: ze zorgt voor Antonio en probeert hem tegen zichzelf te beschermen. Tegelijkertijd draagt ze een trauma uit hun jeugd met zich mee, dat samenhangt met hun vader en een duikwedstrijd tussen haar en Antonio. Het uitstapje naar het misdaadmilieu zet hun relatie onder druk. We ervaren de interacties van broer en zus, terwijl we de criminelen wel horen maar niet zien.

Los Tigres (Foto: Julio Vergne)

Ingehouden spel
Bijna als een succesformule maakt Alberto Rodríguez opnieuw gebruik van het acteertalent van Antonio de la Torre. Het maakt niet uit welke rol hij speelt, hij is altijd goed, want je hebt nooit het gevoel dat hij nadrukkelijk aan het transformeren is. In Álex de la Iglesia’s Balada triste de trompeta (2010) speelt hij de gewelddadige, macho circusclown. Van die uitzinnige potsierlijkheid is weinig over in Los Tigres, waar zijn naturalistische, ingehouden spel hem al even gemakkelijk af gaat.

Een vergelijkbaar bereik heeft actrice Bárbara Lennie. In Magical Girl (2014) van Carlos Vermut speelt ze een excentrieke, volkomen ontregelde vrouw, terwijl ze in Los Tigres vooral beheerst en aards is en haar best doet om steeds de rotzooi van haar broer op te vangen. Hun acteerprestaties en geloofwaardige relatie maken de film meeslepend van begin tot eind, ook al blijft het scenario wat minder uitgewerkt, vooral als het gaat om het misdaadplot en het jeugdtrauma.

 

12 augustus 2026

 

Lees ook: Boek over Spaanse cinema

 

ALLE RECENSIES

Eagles of the Republic

****
recensie Eagles of the Republic
Sterk slotluik Cairo-trilogie

door Jochum de Graaf

“Maar hij lijkt helemaal niet op mij, ik ben 1,85. Ik zou Abdel Nasser kunnen spelen, hij was 1,83 meter. Of Anwar el Sadat, die was 1,79. Of met wat fantasie zelfs Mubarak, die was 1,70. Maar die man is 1,66!” George Fahmy is Egypte’s meest gevierde filmster, de ‘Farao van het witte doek’, zijn portret siert de enorme wand van de belangrijkste filmstudio. Hij speelde in alle grote rolprenten zoals The first Egyptian in Space, ontving alle prijzen die er maar te winnen zijn.

Hij leidt zeker voor Egyptische begrippen een decadent luxueus leven, fraai ingericht appartement, gescheiden, heeft een maîtresse half zo oud als hijzelf. Een narcistische figuur, die ongekend populair is. Als hij zwaar vermomd naar de apotheek gaat om viagra te kopen, hij kan zijn jonge vriendin niet meer bevredigen, herkent de apotheker de ongemakkelijk zwetende steracteur gelijk. “Ah, mister George, dat bent u toch, ik heb alle films van u gedownload.”

Eagles of the Republic

Met zoon Ramy heeft hij een moeizame relatie die hij goed probeert te houden door hem een kostbaar horloge cadeau te doen. Als hij met hem uit eten gaat, flirt hij openlijk met zijn vriendin. Hij permitteert zich openlijk ruzie te maken met de streng islamitische commissie die alle Egyptische films nauwkeurig langs de censuurlat legt.

Maar nu wordt hij vriendelijk doch dringend uitgenodigd de rol te spelen van Abdel Fattah Al-Sisi, de met een militaire machtsgreep aan de macht gekomen president van de republiek. De dictator heeft hem persoonlijk uitverkoren. “Niemand kan nee tegen hem zeggen, zelfs jij niet”, zegt zijn manager.

Satire op hypocriete cultuur
In eerste aanleg is Eagles of the Republic een fijne satire op de hypocriete cultuur in het huidige Egypte, waarin de seculier westerse normen en waarden worden afgewezen en alle belangrijke ontwikkelingen worden herleid tot de Arabische cultuur met haar roemrijke verleden. Tijdens een receptie waar de politiek culturele elite van Cairo is verzameld, komt een generaal met de bizarre complottheorie dat William Shakespeare oorspronkelijk Arabisch was en Sheikh Zoupir heette, hetgeen zou verklaren dat Shakespeare een pesthekel aan Joden had, zie de beschrijving van het personage Shylock in De Koopman van Venetië.

George Fahmy, als koptisch christen geen aanhanger van het militaire regime, wil niet voor politieke propaganda gebruikt worden. Maar als hij tijdens een nachtelijke autorit wordt aangehouden door een onbekende militair die hem een foto van zoon Ramy vastgebonden op de achterbank van een auto laat zien, gaat hij overstag.

Bij de ondertekening van het contract staat op de achtergrond een geheimzinnige figuur die Fahmy strak aan blijft kijken. Deze Dr. Mansour is tijdens de opnamen continu op de set aanwezig. Hij vindt dat de acteur een te karikaturale Al-Sisi neerzet.

George Fahmy wordt langzaam maar zeker in de politieke intriges meegezogen. Op een gegeven moment wordt hij uitgenodigd voor een exclusief diner bij de minister van Defensie. Om de tafel een gezelschap van de machtigste mannen van het land die zich de ‘adelaars van de republiek’ noemen, de hoeders van de natie, beschermers van de Egyptische cultuur. Feitelijk maken zij deel uit van de entourage van Al-Sisi die met elkaar in allerlei machtsspelletjes verwikkeld is. Fahmy denkt dat hij wel weet hoe hij zijn eigen positie daarin kan veiligstellen en knoopt een relatie met de mondaine westers georiënteerde vrouw van de minister aan. Maar dat blijkt een misrekening.

Eagles of the Republic

Grimmige politieke thriller
En dan wordt Eagles of the Republic een spannende soms grimmige politieke thriller. George Fahmy krijgt de opdracht om op 6 oktober bij de jaarlijkse herdenking van de aanval op Israël in 1973, het begin van de Jom Kipoer-oorlog, de grote toespraak te houden. Het is een grote militaire parade, met op het podium de president omringd door alle militaire en politieke kopstukken. De overeenkomst met 6 oktober 1981, de parade waarbij president Anwar El Sadat door extremistische islamitische militairen werd vermoord, is onmiskenbaar. Wanneer Fahmy zijn mond opent, is dat het startsein voor een orgie van geweld. De president wordt nu ternauwernood in veiligheid gebracht. De verwikkelingen volgen elkaar in sneltreinvaart op en leiden tot een onverwacht spannende ontknoping.

De Zweeds-Libanese acteur Fares Fares speelt als George Famy opnieuw een uitstekende hoofdrol, net als in de andere films van de eveneens vanuit Zweden opererende regisseur Tarik Saleh. Eagles of the Republic is het slotstuk van de zogenaamde Caïro-trilogie, films die in Egypte verboden zijn. Hoewel The Nile Hilton Incident (2017) en Cairo Conspiracy (2021) heel goed als afzonderlijke thrillers te zien zijn, schetsen ze met een zelfde thematiek van corruptie en perfide dictatuur een heel sterk beeld van het in oude reflexen teruggevallen Egypte na de Arabische Lente.

 

22 juli 2026

 

ALLE RECENSIES

No Other Choice

*****
recensie No Other Choice
Wanhopig herstel van mannelijkheid

door Zoë van Leeuwen

Je baan verliezen is klote. Maar leg dat concept in handen van Oldboy-regisseur Park Chan-wook, en je krijgt No Other Choice. Een film die werkloosheid omzet in een surrealistische en absurde thriller die wederom bewijst dat Park een verdomd goede regisseur is.

Yoo Man-su (Lee Byung-hun) heeft alles. Een mooie vrouw, twee kinderen, een indrukwekkend huis met twee honden die in de tuin rondrennen, en het belangrijkste: een langdurige carrière bij een papierfabriek, waar hij zo ontzettend trots op is. Wanneer hij na vijfentwintig jaar trouwe dienst plots wordt ontslagen door bezuinigingen vanuit een Amerikaans bedrijf valt zijn leven in diggelen.

No Other Choice

Regisseur Park Chan-wook staat vooral bekend om zijn visueel verbluffende wraakverhalen, waarin morele dilemma’s en donkere humor hand in hand gaan. Waar hij in de Vengeance Trilogy (waaronder Oldboy, 2003) kijkers meenam in een wereld van gewelddadigheid, duikt hij ditmaal een meer satirische hoek in. No Other Choice is een bewerking van de roman The Ax uit 1997, geschreven door Donald Westlake. Een boek dat in 2005 al werd verfilmd door Costa-Gavras. Toch voelt het werk van Park niet repetitief en geeft de Zuid-Koreaanse regisseur zijn welbekende absurdistische draai aan het verhaal, wat No Other Choice tot een van zijn grappigste films maakt.

Existentiële crisis
‘Waarom neem je niet gewoon een andere baan?’, vraagt zijn vrouw Yoo Mi-ri (Son Ye-jin) wanneer Man-su het zoveelste sollicitatiegesprek verpest. Maar hij houdt wanhopig vast aan het verleden en weigert van de carrièreladder af te dalen, omdat hij daar nou eenmaal zo hard voor heeft gewerkt. Maar naarmate de maanden verstrijken, begint hij meer te verliezen dan alleen zijn zelfrespect. De honden worden weggehaald, Netflix wordt afgesloten en het ouderlijk huis moet misschien worden verkocht. Ook zijn vrouw moet weer aan het werk, iets wat Man-su zich nog meer als een nutteloze man laat voelen.

De film gaat hiermee dieper in op de specifieke druk van de Koreaanse mannelijkheid. Man-su’s ‘keuze’ wordt gedreven door een wanhopige behoefte om zijn rol als hoofd van het huis te behouden. Hij laat zien (al dan niet op extreme wijze) dat mannen gevangen zitten in een systeem dat hen dwingt tot geweld om hun loyaliteit en ‘mannelijkheid’ te bewijzen, omdat het anders leidt tot een sociale dood. Een thema dat Park al sinds Joint Security Area (2000) aan de orde stelt, al ruilt Park nu het leger in voor het bedrijfsleven.

De kritiek op het kapitalisme druipt van de film af. Door de harde Amerikaanse kapitalistische cultuur zit hij zonder baan, en het hiërarchisch bedrijfsleven in Zuid-Korea voorkomt dat hij een nieuwe baan van hetzelfde niveau vindt. Man-su zit in een vicieuze cirkel en het licht aan het einde van de tunnel lijkt niet bereikbaar. Na meer dan een jaar werkloosheid besluit Man-su dat er maar één logische manier is om de concurrentie uit te schakelen: door ze daadwerkelijk uit te schakelen.

Absurde wanhoop
Hij plaatst een valse vacature in de krant om zijn concurrentie te lokken, maar een einde aan hun leven maken is makkelijker gezegd dan gedaan. Bij zijn eerste kans stuntelt hij met het pistool, wat resulteert in een chaotische en absurd hilarische schreeuwpartij tussen hem en zijn slachtoffer, terwijl op de achtergrond keiharde muziek klinkt. Die absurde en donkere humor zien we keer op keer terug, zo ook wanneer Man-su op het punt staat een nieuw slachtoffer te vermoorden. Hij staat met een vaas boven zijn hoofd op een dak, wanneer de bewoonster plots de deur van haar dakterras opendoet.

No Other Choice

Toch voel je als kijker nog steeds enige sympathie voor Man-su, want hoewel zijn acties nogal dramatisch zijn, kun je als kijker begrijpen waar hij vandaan komt. Het voelt wel wat vreemd, want je hoort natuurlijk niet te lachen om een moordenaar. Het gestuntel van Man-su doet denken aan Parks Oldboy waar het hoofdpersonage in de bekende vechtscène in de gang struikelt over wapens en af en toe even op adem moet komen. Met dit soort momenten toont Park het absurde van situaties waarin personages zich bevinden.

Typisch Park Chan-wook
Met de tweede moord verandert de film weer in een klassiek Park Chan-wook-project. Man-su lijkt deze keer meer berekenend en meedogenloos. Lee Byung-hun maakt de wanhoop van zijn personage zo realistisch dat je als kijker bijna gaat geloven dat de moorden gerechtvaardigd zijn. Park creëert een wereld waarin het op brute wijze vermoorden van je concurrenten lijkt op een wanhopige laatste poging om jezelf te redden, in plaats van de gruwelijke misdaad die het in werkelijkheid is.

Ook visueel verandert er veel in de tweede helft. Terwijl Man-su en zijn familie aan het begin van de film genieten van de stralende zon, vormen zich op de achtergrond donkere wolken. Het kleurenpalet van de film wordt steeds grauwer. Verder zit No Other Choice vol dynamisch camerawerk en een enorme hoeveelheid aan gedetailleerde decors, zoals we van Park gewend zijn.

Het einde van No Other Choice laat zowel Man-su als de kijker met een dubbel gevoel achter. Het is duidelijk dat je het verleden niet terug kan halen en dat zijn acties hem zullen blijven achtervolgen. Met zijn jongste film laat Park zien dat hij kan vernieuwen en tegelijkertijd enorm zichzelf kan blijven. De vernieuwing lijkt te werken, want bij het kijken van dit moderne meesterwerk verveel je je geen minuut.

 

4 februari 2026

 

ALLE RECENSIES

High and Low (4K re-release)

*****
recensie High and Low (4K re-release)
Je geld of een leven

door Jochum de Graaf

De klassieker High and Low (1963) van Akira Kurosawa is terug op het grote scherm in een 4K-restauratie. In de aanloop naar Spike Lee’s remake Highest 2 Lowest – die in augustus in de VS in première gaat – herontdekken we het origineel, dat destijds door The New York Times werd geprezen als “een van de beste detective-thrillers ooit verfilmd”. Uit Japan nog wel.

High and Low begint high, in de rijke bovenwereld van Yokohama. In zijn villa op een heuvel hoog boven de stad windt Kingo Gondô (glansrol van Kurosawa’s favoriete acteur Toshirô Mifune) zich op over de plannen van zijn mededirecteuren van National Shoes om met kwalitatief minder materiaal de winstmarges te vergroten. Hij is sterk voorstander van het verdergaan met de degelijke kwaliteit waar het bedrijf zijn goede naam aan ontleend heeft, al mogen de modellen van hem wel wat moderner worden. Maar belangrijker is dat hij een geheim plan heeft om door een aandelentransactie – waarbij hij gebruik maakt van de bruidsschat van zijn rijke vrouw – een meerderheid in het bedrijf te verwerven.

High and Low (4K re-release)

Ontvoering
De scène zet gelijk een sterk beeld neer van Japan begin jaren zestig, de ontwikkeling van de economie onder invloed van Amerikaanse consumptiegoederen. Het masterplan van Gondô wordt wreed verstoord wanneer hij een telefoontje krijgt: zijn geliefde zoontje Jun is ontvoerd en er wordt een fikse som losgeld geëist. Wanneer hij zal ingaan op de eis raakt hij financieel aan de grond.

Gondô lijkt opgelucht adem te kunnen halen als blijkt dat de ontvoerders niet zijn zoon, maar diens beste vriendje Shin’ichi, zoon van chauffeur Aoki, hebben meegenomen. Al snel wordt duidelijk dat het niet zo eenvoudig ligt. De ontvoerder handhaaft zijn eis en Shin’ichi is ten dode opgeschreven als het losgeld niet wordt betaald. Tegelijkertijd is er de tijdsdruk om de aandelentransactie rond te maken.

Zijn vrouw Reiko (Kyōko Kagawa: Tokyo Story) bemoeit zich er mee. De onderdanige chauffeur Aoki wil zijn baas niet tot last zijn en zegt dat hij ieder besluit zal accepteren. Gondô’s assistent zegt dat hij snel wil horen dat hij kan vertrekken om alles bij de bank in orde te maken. Ondertussen dreigt de ontvoerder met zware gevolgen als de politie wordt ingeschakeld. Hij belt regelmatig, laat merken dat hij alles ziet, en voert de spanning steeds verder op.

Moreel dilemma
Is Gondô werkelijk zo’n harde man die zijn zakelijke ambities boven alles stelt, of kiest hij voor de menselijke kant en gaat hij mee in de poging om het leven van het jongetje te redden? Een groot moreel dilemma. Kurosawa pelt het wikken en wegen – van Gondô, van zijn vrouw, van de chauffeur, van de assistent en de inmiddels ingeschakelde politie – nauwgezet af. De camera brengt de acteurs vanuit het wisselend perspectief in schitterend monochroom haast choreografisch in beeld.

Na een klein uur dalen we af naar de stad, komen we terecht in een spannende actiescène in een forensentrein voor de overhandiging van het losgeld, en vervolgens in het politiebureau waar het onderzoek wordt voortgezet. Het is er bloedheet en een team van tientallen rechercheurs zit bij elkaar, onder leiding van inspecteur Tokura (Tatsuya Nakadai). Minutieus worden alle sporen en bewijzen doorgenomen. Dan staan een paar rechercheurs op, vegen het zweet van het voorhoofd, delen hun bevindingen en gaan weer zitten. De getuigenissen van mensen die een jongetje achter in een auto gezien hebben, de beschadigde lak van de auto, hoeveel auto’s zijn er in de periode van ontvoering gestolen, en wat is het merk?

High and Low (4K re-release)

Ze zoeken uit vanuit welke telefooncellen met zicht op de villa er gebeld kan zijn. Een van de rechercheurs luistert nog eens naar de bandopname van het telefoongesprek met Gondô. ‘Hier, luister eens dat piepende en krakende geluid van een trein die een spoorwissel neemt. Er moet toch iemand zijn die dat unieke geluid  herkent?’ Er lopen drie treinlijnen in de buurt van Gondô’s huis en ze vinden een zeer van zichzelf overtuigd mannetje: ‘Ha, dit is onmiskenbaar het geluid van de Enoshima-lijn, ik heb 35 jaar aan het spoor gewerkt en kwam er dagelijks langs.’

Memorabel einde
Het net sluit zich om de ontvoerders, die door een overdosis zuivere heroïne gevonden worden in het huis waar Shin’ichi opgesloten was. We dalen nog verder af in de jungle van de heroïnescene, helemaal low, in de onderwereld. Het blijft spannend, want wie is de dader, en vooral wat was zijn motief? Wanneer hij gepakt is krijgt Gondô hem te spreken.

Bij een beetje crimi heb je het in anderhalf uur wel gezien, bij High and Low zit je ook na bijna twee-en-een-half uur nog op het puntje van je stoel. De confrontatie tussen de dader en Gondô is huiveringwekkend en hartverscheurend tegelijk en wordt door menig criticus gezien als een van de meest memorabele eindes uit de filmgeschiedenis.

 

26 juni 2025

 

ALLE RECENSIES

The Seed of the Sacred Fig

****
recensie The Seed of the Sacred Fig

Opnieuw vernietigende aanklacht tegen Iraanse ayatollah-regime

door Jochum de Graaf

Met There is No Evil, een caleidoscopische verkenning van de doodstrafpraktijk in Iran, won Mohammad Rasoulof in 2020 de Gouden Beer. Het kostte hem een jaar gevangenisstraf. The Seed of the Sacred Fig, juryprijs Cannes, werd voor een Oscar genomineerd. Vlak voor de première in Cannes 2024 kon Rasoulof ontsnappen aan een veroordeling tot acht jaar gevangenis, plus lijfstraf en een hoge boete; hij leeft tegenwoordig in Duitsland. The Seed of the Sacred Fig, misschien wel Rasoulofs belangrijkste film, is opnieuw een vernietigende aanklacht tegen het Iraanse ayatollah-regime.

Vader Iman is een ambitieuze advocaat die net is gepromoveerd tot onderzoeksrechter. Dat is nog maar één stap verwijderd van rechter in het revolutionaire hof, een zeer vooraanstaande positie in de Islamitische Republiek Iran. Daar hoort een aardige salarisverhoging en betere huisvesting, misschien wel een huis met voor de dochters een eigen kamer, bij. Maar de promotie heeft ook een keerzijde: Iman wordt nu nog meer een radertje in het gewelddadige rechtssysteem van de Islamitische Republiek. Tot zijn verontrusting ontdekt hij dat hij nu doodstraffen zonder vorm van proces moet gaan afstempelen.

The Seed of the Sacred Fig

Protesten worden hard neergeslagen
Tienerdochters, studente Rezvan en schoolgaande Sana, zitten urenlang met stijgende verbijstering op hun telefoons te kijken naar de gruwelijke beelden, het niets ontziende geweld waarmee het ayatollah-regime probeert de ‘Woman Life Freedom’-beweging die vanaf september 2022 door Iran raast, neer te slaan. Het is een voor Iran ongekende felle, omvangrijke  protestbeweging, ontstaan vanwege de dood van de 22-jarige Mahsa Amini, die was opgepakt omdat ze haar hijab verkeerd droeg.

Moeder Najimeh krijgt daar ook het een en ander van mee, maar volgt het nieuws via de staatstelevisie, die een zeer negatief beeld van de demonstranten schetst. Ze leeft met een loyaliteitsconflict, schipperend tussen haar plicht en liefde voor haar man en haar instinct om haar dochters te beschermen. Het gezin kan in deze rolverdeling gezien worden als een microkosmos van het huidige Iran.

Het nieuws van Mahsa Amini’s dood komt als een schok. Iman houdt stevig vast aan de officiële lezing en zegt dat het meisje duidelijk een beroerte heeft gehad. Maar Rezvan en Sana geloven het geen seconde. Op een avond, als het gezin aan het eten is en de tv het officiële nieuws uitzendt, gromt Rezvan: ‘Leugens, allemaal leugens.’ Iman barst tegen haar uit, beschuldigt hen ervan dat ze in de propaganda van vijanden en buitenlandse elementen trappen. ‘Welke buitenlandse elementen?’, vragen zijn dochters – maar Iman weigert nors nadere uitleg. Voortaan blijft de tv uit tijdens het eten.

De verhoudingen worden ernstig beproefd wanneer Sadaf, vriendin van Rezvan, het appartement wordt binnengebracht. Ze is bij de rellen fiks mishandeld, haar gezicht is aan een kant nogal bloederig, ze zal mogelijk een oog moeten missen. Moeder Najmeh weet zich in eerste instantie niet goed raad met de situatie. Onder geen beding mag Iman hier iets van te weten komen, de mogelijke betrokkenheid van Rezvan bij de rellen kan zijn reputatie ernstig schaden. Maar ze besluit toch achter de schermen hulp te zoeken en Sadaf te verzorgen. In een breed uitgesponnen scène verwijdert ze minutieus met een pincet de hagelkogeltjes uit Sadafs gezicht. Stuk voor stuk belanden ze in de gootsteen, er komt nogal wat bloed aan te pas.

The Seed of the Sacred Fig

Van drama naar thriller
En dan is er de plot rond een pistool, dat Iman bij zijn promotie kreeg uitgereikt. Het is voor zijn bescherming, zo wordt hem verteld. Hem wordt aangeraden niet al te openlijk over zijn werk te zijn. Er zijn talloze dissidenten in de straten van Teheran die een van de belangrijkste functionarissen van de theocratie willen uitschakelen. Als hij het wapen verliest of het gestolen wordt, riskeert hij een gevangenisstraf van minimaal drie jaar en is zijn carrière over.

Wanneer het pistool op zekere dag zoekraakt, wordt de film een thriller. Het tempo gaat omhoog, de gebeurtenissen volgen elkaar sneller op, de muziek zwelt aan, er volgt een spannend spel met telkens wisselende perspectieven.

Voor Iman begint en eindigt de lijst met verdachten met zijn directe verwanten, eventjes een collega, een broer die thuis op bezoek komt, maar vooral zijn vrouw, zijn dochters. Hij denkt de zaken beter onder controle te krijgen met een vlucht naar zijn geboortedorp, honderd kilometer buiten Teheran. Hij zet zijn gezin in de auto. Rezvan en Sana kijken naar familiefilmpjes uit hun jeugd, de vakanties waar ze met hun vader nog konden lachen en spelen, gezellig praten en discussiëren, maar nu zijn de verhoudingen stevig verstoord.

Vader Iman wordt steeds meer paranoïde, zeker wanneer hij door een stel reizigers gefilmd wordt die hem menen te herkennen en bedreigen. Achtervolging, opsluiting, gijzeling, verhoren in de beste c.q. slechtste traditie van de staatsveiligheidsdienst, de dreiging van een shoot out in een adembenemend decor van rotsen en spelonken leiden tot een opera-achtige apotheose.

De filmtitel verwijst naar een soort vijg waarvan de jonge scheuten zich om een andere boom wikkelen en deze uiteindelijk wurgen, een metafoor voor het theocratische regime, die je zou kunnen opvatten als wens of hoop op een einde van de Islamitische Republiek. Maar The Seed of the Sacred Fig is vooral zo sterk als toonbeeld van hoe de tentakels van een autoritair regime woekeren en wroeten in alle geledingen van de Iraanse samenleving. Masoulof maakte er opnieuw een vernietigende aanklacht van.

 

19 maart 2025

 

ALLE RECENSIES

The Third Man (1949)

*****
recensie The Third Man (1949)
Tegendraadse politieke thriller

door Jochum de Graaf

In thuisstad Wenen is de film vanaf de première in 1949 ononderbroken te zien geweest, tegenwoordig nog twee keer per week. Het is ook de enige film die kan bogen op een eigen museum. The Third Man is door The British Film Institute meermaals uitgeroepen tot beste Britse film aller tijden en komt steevast voor in de top 25 van alle andere lijstjes van beste films ooit. Ter ere van de vijfenzeventigste verjaardag is nu een 4k gerestaureerde versie uitgebracht zodat dit absolute meesterwerk in extra volle glorie te zien is.   

Over vrijwel alle aspecten van de film zijn en worden discussies gevoerd, boeken en essays geschreven, masterclasses georganiseerd, documentaires gemaakt (Op Netflix is Shadowing The Third Man te zien). Scenario, regie, cast, camerawerk, muziek, het zit perfect in elkaar. Cameraman Robert Krasper maakte gebruik van in die tijd moderne technieken als de Dutch angle een gezichtspunt waarbij het lijkt alsof de camera met het hoofd gekanteld naar de situatie kijkt. Een techniek die geassocieerd wordt met de Duitse expressionistische cinema van de jaren twintig waarmee psychologische onrust en spanning in beeld gebracht werd. De harde belichting en zwart-witbeelden tegen het decor van het naoorlogse Wenen leverden iconische beelden op.

The Third Man

Op de puinhopen van de oorlog
Wereldberoemd is de muziek uit de film, The Harry Lime Theme, dat iedereen die het hoort onmiddellijk herkent en mee neuriet. Componist Anton Karas werd door regisseur Carol Reed in een achterafrestaurantje ontdekt. Het was voor het eerst dat er in plaats van bombastische filmorkestraties een citer te horen viel, een tot dan relatief onbekend snaarinstrument met een klank die een lichtvoetige swing geeft aan de sombere naoorlogse beelden. In het Weense Third Man Museum zijn maar liefst 420 coverversies te beluisteren.

Natuurlijk is de locatie uitermate belangrijk, het Wenen kort na de Tweede Wereldoorlog, opgedeeld in vijf sectoren, voor de afzonderlijke geallieerden, de VS, Frankrijk, Groot-Brittannië en de Sovjet Unie en het centrum van de stad waar een internationale troepenmacht de scepter zwaait. Eind jaren veertig is het nog een onbestemde tijd, waar de puinhopen en de verwoesting van de Tweede Wereldoorlog het straatbeeld bepalen en waar de contouren van een nieuw te bouwen wereld nog vaag zijn. De Koude Oorlog staat op uitbreken.

In dat klimaat arriveert de Amerikaanse Holly Martins (Joseph Cotton), pulpschrijver van bestsellers als ‘De cowboy van Santa Fe’ en ‘Ranch der doden’, in Wenen. Zijn jeugdvriend Harry Lime heeft hem een baan aangeboden, maar hij krijgt te horen dat Harry overleden is. Martins gelooft de uitleg van de politie dat het een ongeluk is niet en gaat zelf op onderzoek uit.

Ingenieus scenario
De Britse succesauteur Graham Greene, met een verleden bij Britse inlichtingendienst SIS, schreef een ingenieus scenario voor een tegendraadse politieke thriller, waarin hij optimaal gebruik maakt van het tijdsgewricht en de bijzondere locatie. Harry Lime blijkt zijn eigen dood in scène te hebben gezet, om te verhullen dat hij betrokken is bij de diefstal van penicilline uit militaire ziekenhuizen. In met name de Britse sector is een groot gebrek aan dit medicijn. Harry verdient goed aan de handel op de zwarte markt en het verdunnen van de penicilline. In aangelengde vorm wordt het aan jongeren toegediend waardoor er vele slachtoffers vallen. De Britse militaire politie opent de jacht op Harry Lime.

De wat naïeve en goedgelovige Holly Martins raakt meer en meer betrokken, wordt verliefd op Harry’s vriendin Anna Schmidt (Alida Valli), en uiteindelijk gaan ze samenwerken om hem te vinden.

The Third Man

Een van de hoofdthema’s van de film is de ontgoocheling van Holly Martins over zijn relatie met iemand die hij als zijn beste vriend beschouwde en het feit dat dit zijn wereldbeeld volledig op zijn kop zet.

The Third Man kent een aardig aantal iconische scènes die de filmgeschiedenis zijn ingegaan. Er is de spectaculaire achtervolging van Harry Lime die via de riolen onder de Sovjet-sector aan de Britse politie probeert te ontsnappen, uitmondend in het beeld van Harry’s handen die krampachtig proberen het putdeksel omhoog te liften, waarop de dramatische ontknoping volgt.

Ook de eindscène is briljant: in een wijd shot zien we Anna op een begraafplaats langzaam aan komen lopen. Holly Martins staat aan de poort, hunkerend naar een blik of begroeting, maar ze loopt straal aan hem voorbij. Het is een mooi beeldrijm met het begin van de film waarin Martins haar in een auto passeert als ze over de begraafplaats loopt. Het is een scène die regisseur Carol Reed doordrukte in de twist met de Amerikaanse producer David O. Selznick die er voor de Amerikaanse markt een happy end van wilde maken.

The Third Man kent een uitstekende cast, ook in de bijrollen met onder andere Trevor Howard als de Britse militaire politie major Calloway kent de film geen zwakke plekken.

Voor de buitenwacht is het Orson Welles die de film draagt met zijn inderdaad geweldige vertolking van het karakter Harry Lime. Het bijzondere is evenwel dat hij pas na een uur ‘opkomt’.

Onuitwisbare indruk
Na een bezoek aan Anna merkt Holly Martins op dat er een persoon rond het huis waart en naar hem zit te kijken. In een flits ziet hij in een donkere nis Harry Lime, die onmiddellijk de benen neemt. Holly roept hem tevergeefs na. Maar de lichtval op het gezicht van Welles, de blik waarmee hij naar Martins kijkt, zijn enorme voorkomen, het maakt een onuitwisbare indruk.

The Third Man

Later ontmoeten de twee elkaar in het reuzenrad in het Prater, het grote Weense stadspark. En dan zien we het knappe van het script: de confrontatie van de twee tegenpolen, de wat schuchtere goedwillende Holly Martins en de cynische, amorele Harry Lime. Terwijl het reuzenrad hoog boven de stad ronddraait, kijkt Lime neer op de mensen beneden die in zijn ogen een onbeduidend en nergens toe leidend leven leiden en trommelt zich op de borst over het persoonlijke profijt dat hij uit de toestand van chaos en ontbering weet te halen.

Als hij uitgestapt is, spreekt hij de ook nu tot nadenken stemmende monoloog, de enige niet door Graham Greene geschreven, maar door Orson Welles zelf ingebrachte tekst. “Weet je”, zegt hij. “Onder de Borgia’s in Italië heerste er dertig jaar oorlog, moord, geweld, terreur en bloedvergieten, maar dat heeft toch Michelangelo, Leonardo da Vinci en de Renaissance voortgebracht. En in Zwitserland kennen ze meer dan vijfhonderd jaar naastenliefde, vrede en democratie.” En dan met een vileine oogopslag “En wat heeft dat opgeleverd? De koekoeksklok!!”

 

19 september 2024

 

ALLE RECENSIES