Ondertussen: genderneutraal Kalf

Ondertussen, op de redactie:

Genderneutraal Kalf

TIM:

Beste collega’s,

Het kan en zal jullie niet ontgaan zijn: de organisatie van het NFF (Nederlands Film Festival) kwam naar buiten met het nieuws dat er bij het uitreiken van de acteerprijzen (hoofdrol en bijrol) niet langer onderscheid wordt gemaakt tussen mannen en vrouwen.

Even was de (film)wereld te klein: acteur Yorick van Wageningen zegde zijn kalverenlidmaatschap op en veel andere prominenten reageerden kritisch. Natuurlijk kent dit besluit ook genoeg voorstanders, en dus is de genderdiscussie weer even heet hangijzer no. #1. Er is en wordt op het moment van schrijven genoeg geschreven door filmjournalisten en andere opiniemakers, maar ik ben ook benieuwd naar jullie mening.

Het besluit is ideaal voor de bühne, omdat het aansluit bij bekende sociaal-culturele en politieke ontwikkelingen en in één keer duidelijk maakt dat de organisatie van het NFF zich hard maakt voor genderinclusiviteit en, bij monde van directeur Silvia van der Heiden, “meebeweegt met de tijdgeest”.

Gouden Kalf

Daar kan ik van alles van vinden, maar het verbaast me niets dat de organisatie hiertoe overgaat. Van de toepassing begrijp ik echter niets. Voor iedere rol worden voortaan vijf acteurs genomineerd. Dat is een ongelijk getal. Vervolgens kan er maar één de beste zijn: een man, een vrouw of iemand die zich in geen van beide categorieën plaatst. Als er voortaan ieder jaar een man zou winnen, zijn de rapen gaar. Als er ieder jaar een vrouw zou winnen ook. Een jury die de twee tegen elkaar afweegt (lees: ervoor zorgt dat niet ieder jaar hetzelfde geslacht wint) is vooringenomen en denkt niet inclusief (denkt in ‘balans’ en dus in hokjes).

Dan is er nog de primaire reden waarom de prijs op de schop is gegaan: non-binaire acteurs kunnen zich niet inbegrepen voelen in de categorie. Wat ik mij afvraag: is er met non-binaire acteurs over dit besluit gesproken? Hoeveel non-binaire acteurs kennen we in Nederland? En hoeveel van hen komen potentieel in aanmerking voor zo’n prijs?

Ik stel mijn vragen met een reden. Straks is er nog iemand boos omdat de acteerprijzen worden opgehaald door een man of een vrouw, en niet door een non-binair persoon. Is dat dan ook niet-inclusief? En áls er dan een non-binair persoon zou winnen, krijgt die waarschijnlijk direct van sceptici te horen dat daar maar één reden voor is. Lang verhaal kort, ik zie niet in welk nobel belang dit besluit kan dienen. Jullie wel?

 

MICHEL:

Waarom werd dit onderscheid in eerste plaats überhaupt gemaakt? Speelt iemands man-zijn of vrouw-zijn daadwerkelijk een rol bij hun acteerprestaties? Er zijn ook geen aparte categorieën voor “Beste Mannelijke Camerawerk” en “Beste Vrouwelijke Camerawerk” die met dezelfde argumenten dan net zo goed gemaakt kunnen worden. Cameramannen winnen die genderneutrale prijs wel erg vaak… De acteerprijzen die opgesplitst zijn voor mannen en vrouwen zijn toch altijd een vreemde eend in de bijt wat dat betreft.

Ik vraag me ook af of je de primaire reden van het besluit wellicht iets te simplistisch opvat. Genderinclusiviteit gaat er niet alleen om mensen die buiten de binary vallen op te nemen in de groep, maar net zo goed om het buiten beschouwing laten van iets banaals als genderverschillen als dit totaal niet van belang is.

Dan kom ik weer terug bij bovenstaande vraag terecht: in welke mate zou iemands man- of vrouw-zijn van belang zijn bij het beoordelen van acteerprestaties? Wellicht leidt het onderscheid tussen mannen- en vrouwenrollen er juist toe dat die vooringenomenheid over genderstereotiepen zwaarder gaat wegen, omdat er inherent dan ook een onderscheid wordt gemaakt tussen ‘mannelijk’ acteerwerk en ‘vrouwelijk’ acteerwerk, wat dat ook mag betekenen.

Er zullen ongetwijfeld de eerste paar jaar mensen gaan klagen, en turven of het allemaal wel eerlijk is, maar dat is een zwak excuus om alles te laten zoals het is. Elke verandering zal de eerste onder een vergrootglas komen te liggen, zeker als het samenvalt met een bredere maatschappelijke discussie als deze. De ongelijkheid die je vervolgens aanstipt, is bij alle andere categorieën net zo goed te vinden, en duiden op grotere structurele problemen die echt niet opgelost zijn met het wel/niet hebben van gegenderde prijzen.

 

TIM:

Laat ik aan mijn aanzet in ieder geval de nuance toevoegen, en daarmee ook ten dele op jou reageren, dat ik het geslacht bij kunde ook niet van belang acht, en de vergelijking die je maakt met cinematografie is een logische en terechte. Ik vraag me alleen af, zoals ik heb willen betogen, of de beleidsingreep wel in een zinvolle verhouding kan staan tot het ideaal dat men ermee wil uitdragen.

Ik heb het dan over de verschillende geschetste dilemma’s, juist rond gelijkheid en eerlijkheid, die kunnen (en ik denk zullen) ontstaan als gevolg van deze beslissing. Uiteindelijk gaat het dan over alles behalve over goede acteerprestaties zonder enig belang van gender, zoals je toelicht. Er is nu maar één prijs en er zijn veel gegadigden – iedereen zal zich graag vertegenwoordigd willen zien en zo zullen de hokjes die de organisatie wil mijden zeker niet verdwijnen.

Misschien was dat anders geweest als we niet beter wisten, en het altijd al zo was geweest dat men maar één acteerprijs uitreikte. Nu draait alles echter om de sociaal-culturele en politieke discussie rond vertegenwoordiging en inclusie, waardoor het argument dat gender sowieso al nooit uit had moeten maken de lading niet echt meer dekt. Kennelijk maakt het namelijk dus álles uit :)

Shahine El-Hamus en Beppie Melissen

Shahine El-Hamus en Beppie Melissen

COR:

Films met een Gouden Kalf voor beste acteur, beste actrice en beste bijrollen krijgen allen extra aandacht. Dat is goed voor de Nederlandse film.

Vorig jaar kregen twee verdienstelijke protagonisten een Gouden Kalf: Shahine El-Hamus (beste acteur De Belofte van Pisa) en Beppie Melissen (beste actrice Kapsalon Romy). Eindelijk een half-Egyptische jongen én een vrouw op leeftijd die met hun films in de spotlights mochten staan…

Openstaan voor de verscheidenheid en gelijkheid van mensen valt of staat niet met nieuwe regels of wetten, maar zit tussen iemands oren.

 

RALPH:

Ik zag onlangs Jungle Cruise met een CGI-jaguar, wat er goed uitzag. Laat AI CGI-acteurs creëren en het vermoedelijk nog lang voortdreinende gesprek hierover verstommen. Vervolgens richten we een aap af om de prijs voor de betreffende CGI-‘acteur’ op te halen en branden we diens biologisch gegeven geslachtsdeel weg.

Voor welk probleem zoekt het NFF een oplossing?

 

29 augustus 2021

 

Meer ‘Ondertussen, op de redactie’

Nederlands Film Festival 2019 – Preview 2

Preview NFF 2019 – Deel 2
Feest van de Nederlandse film

door Michel Rensen

Het feest van de Nederlands film barst weer los op 27 september in Utrecht. De balans van het afgelopen filmjaar wordt opgemaakt met de uitreiking van de Gouden Kalveren. Tevens is het Nederlands Film Festival (NFF) de start van het nieuw filmjaar met veel premières. Een vooruitblik in twee delen.

Het programma van het NFF bestaat zoals gewoonlijk voor een groot deel uit vertoningen van de Nederlandse films die het afgelopen jaar in de bioscoop gedraaid hebben en kans maken op de Gouden Kalveren. Heb je Take Me Somewhere Nice of Beast of the Jungle gemist, dan is dit de kans om ze nog in te halen. Daarnaast gaat een groot aantal speelfilms, documentaires en korte films in première. Hieronder vind je een doorsnede van de films die deze editie in première gaan.

Bumperkleef

Bumperkleef (Lodewijk Crijns)
Je ergeren aan anderen in het verkeer komt iedereen wel eens voor. Wanneer een jong gezin op de snelweg terecht komt achter een langzaam rijdend busje, probeert de vader te signaleren dat hij haast heeft. De bestuurder van het busje is echter niet gediend van het bumperkleven en spreekt hen bij het volgende tankstation aan op hun gedrag. Hij eist een excuus, maar de vader weigert dit omdat volgens hem de bestuurder van het busje zich niet volgens de regels gedroeg. De verkeersruzie loopt zoals verwacht compleet uit de hand, wanneer het busje de familie achtervolgt. De karikaturale tegenstellingen tussen stad en platteland en de normen van verschillende generaties zijn niet erg origineel, maar wel zeer effectief om deze komische snelwegthriller in hoge snelheid naar zijn bestemming te brengen.

Turn! (Esther Pardijs)
Wat doe je als je kind een sporttalent blijkt te zijn? Esther Pardijs geeft als ‘topsportmoeder’ een unieke blik in de werking van de jeugdtopsportwereld. Ooit al van een ‘turnhalverbod’ gehoord? Ze stelt continu de vraag hoe ver je als ouder kunt en wilt gaan om het beste uit je kind te halen. Pardijs keert een kritische blik inwaarts. De beelden hinken soms tegen kindermishandeling aan, bijvoorbeeld wanneer één van de kinderen in huilen uitbarst als hij tijdens een rekoefening letterlijk tot het uiterste geduwd wordt. De vraag rijst of de kinderen wel baat hebben bij topsport. Doe je dit als ouder om het beste uit je kind te halen of is het vooral een ijdele poging om een goede ouder te zijn? Als je kind geslaagd is, ben jij immers ook geslaagd. Pardijs toont zich zeer zelfbewust van haar eigen ‘medeplichtigheid’ en laat het dan ook aan de kijker over om antwoord te geven op de gestelde vragen en problemen. De film wil vooral de discussie aanwakkeren.

Flow

Kort: Pariba + Flow
De korte film is een verzamelbak waar onder andere jong talent zijn eerste stappen in de filmwereld kan zetten. Eén van de hoogtepunten van dit jaar is Pariba (Aramis Garcia Gonzalez) waarin twee Arubaanse vriendinnen voor de laatste keer hun jaarlijkse carnaval vieren nu één van de twee naar Nederland verhuist. Prachtig, sfeervolle verbeelding van de laatste dagen van een vriendschap. De breuk blijft vrijwel de gehele film onbenoemd, maar in elk shot is voelbaar dat er een onoverkomelijk moment van verandering komt voor het tweetal.

Korte film biedt gewoonlijk ook veel ruimte voor experiment. Het abstracte Flow (Adriaan Lokman) verbeeldt beweging met enkel lijnen die samen vaag beelden creëren, alsof de oprukkende wind rond een vertrekkende trein zichtbaar gemaakt wordt. Een man en zijn hond raken in deze wirwar van beweging verstrikt. Het sterke gebruik van geluid trekt je als kijker in situaties waar de turbulentie van het leven schetsmatig zichtbaar gemaakt wordt. De film dwingt je zelf de abstracte vormen te interpreteren; waar deze associaties je uiteindelijk naar toe leiden zal net als de film onvoorspelbaar zijn.

 

26 september 2019

Preview NFF 2019 Deel 1

 

MEER FILMFESTIVAL

Nederlands Film Festival 2019 – Preview 1

Preview NFF 2019 – Deel 1
Feest van de Nederlandse film

door Michel Rensen

Het feest van de Nederlands film barst weer los op 27 september in Utrecht. De balans van het afgelopen filmjaar wordt opgemaakt met de uitreiking van de Gouden Kalveren. Tevens is het Nederlands Film Festival (NFF) de start van het nieuw filmjaar met veel premières. Een vooruitblik in twee delen.

Het programma van het NFF bestaat zoals gewoonlijk voor een groot deel uit vertoningen van de Nederlandse films die het afgelopen jaar in de bioscoop gedraaid hebben en kans maken op de Gouden Kalveren. Heb je Take Me Somewhere Nice of Beast of the Jungle gemist, dan is dit de kans om ze nog in te halen. Daarnaast gaat een groot aantal speelfilms, documentaires en korte films in première. Hieronder vind je een doorsnede van de films die deze editie in première gaan.

Kapsalon Romy

Kapsalon Romy
In deze door Mischa Kamp geregisseerde dramafilm werkt Romy’s oma Stine als kapster en past tegelijkertijd elke dag op haar kleindochter. Door toenemende vergeetachtigheid kan Stine haar werk steeds minder goed doen, maar door Romy als hulpkracht in te schakelen lukt het hen de kapsalon draaiende te houden. Het acteerwerk van Beppie Melissen overtuigt in de kleine momenten waar Stine de langzame aftakeling probeert te verhullen. De opbouw van de film voelt erg programmatisch, alsof een folder over Alzheimer gebruikt is om het plot vorm te geven, maar in de afzonderlijke scènes ontstaat een mooie band tussen oma en kleindochter.

Mevrouw Faber
Vrachtwagenchauffeur Harriëtte leeft toe naar haar geslachtsveranderende operatie. De gevoelens waren al jaren aanwezig, maar pas op middelbare leeftijd voelde Harriëtte het vertrouwen om als vrouw door het leven te gaan. Door een nauwe band met Harriëtte en haar vrouw Siepie op te bouwen, slagen documentairemakers Hjalmar Tim Ilmer en Job Tichelman erin een open dialoog te voeren over de complexe en weinig besproken emoties die vrijkomen bij het ingewikkelde proces dat Harriëtte in ging. Angsten over het uiteenvallen van hun huwelijk en veroordeling in hun kleine Friese dorpje bleken vele malen groter dan de realiteit waarin Harriëtte met weinig problemen onderdeel van de gemeenschap is gebleven. Veel belangrijker is de vraag of ze in een bikini of een badpak zal gaan zwemmen. Mevrouw Faber is een warm, intiem portret van een nuchter koppel dat met een open blik de toekomst tegemoet gaan. Het leven is immers niet te voorspellen.

Huidhonger

Teledoc Campus: Vader + Huidhonger
In het kader van Teledoc Campus zijn dit jaar twee korte documentaires van jonge regisseurs te zien die de relatie tussen vaders en hun kinderen bestuderen en visueel de thematiek versterken. In Vader (Isabel Lamberti) staat de relatie tussen een vader en zoon centraal die door problemen bij jeugdzorg terecht zijn gekomen en elkaar jaren niet gezien hebben. Na jaren proberen zij hun relatie weer nieuw leven in te blazen. De statische, afstandelijke shots versterken het gevoel dat er een onoverbrugbare afstand tussen de twee ontstaan is. De jongen is immers zonder zijn vader opgegroeid. Hun verleden en traditionele genderrollen staan op dit moment in de weg van een emotionele connectie.

Huidhonger (Lieza Röben) slaat het tegenovergestelde pad in en onderzoekt het verlangen naar fysieke vormen van liefde. Eén van de subjecten is een jonge vader die zelf zonder vader opgroeide. Met zijn pasgeboren kind moet hij leren hoe het is fysiek de liefde voor zijn kroost te uiten en zich open te stellen voor vormen van liefde die hij zelf nooit gekend heeft. Met sensitieve beelden, dicht op de huid geschoten, ben je als kijker zelf betrokken bij die fysieke intimiteit. De subjecten zijn bijna voelbaar aanwezig.

 

25 september 2019

Preview NFF 2019 Deel 2

MEER FILMFESTIVAL

NFF 2016

Nederlands Film Festival 2016

door Ralph Evers

Een eerste indruk van het NFF 2016 is dat de oorlog ruim aan bod komt. Dit keer ook de donkere kanten, zoals in Riphagen waar de psychopaat Andries Riphagen en diens kunst hoe anderen te bespelen centraal staat. Een echte Vermeer hoe de meestervervalser Han van Meegeren de nazi’s voor miljoenen tilde en zich ook vertilde. De One Night Stands die aanvankelijk probeerden wat luchtiger te zijn dan vorig jaar. Een slechte keus, zoals zal blijken. Gelukkig herpakt men zich snel.

Riphagen

Met Riphagen gaat er een serieuze Nederlandse productie in première op het NFF 2016. Interessant dat er een oorlogsfilm is gemaakt waarin niet een held, maar juist een foute Nederlander centraal staat. En die wordt met verve en overtuiging neergezet door Jeroen van Koningsbrugge. Zoals Van Koningsbrugge eerder in Schone handen liet zien, liggen psychopaten hem wel. Zeker wanneer hij in zijn moerstaal, Amsterdams, los mag gaan. Daarmee contrasteert hij enorm met de hinderlijk Algemeen Beschaafd Nederlands sprekende tegenspelers. Zo komt Riphagen wel heel erg in de picture te staan. Evenals die paar andere Amsterdams sprekende rollen.

Los van het formulewerk waar de film schatplichtig aan is, maakt dat onnatuurlijke taalgebruik meer kapot dan je lief is. Daar gaat de muziek uit die tijd, wat op zich een leuk detail is, je als kijker niet verder in helpen. De karakterontwikkeling blijft bij die andere spelers achter, mede door dat onechte Nederlands. Enfin, de film kabbelt ruim twee uur door en doet vermoeden dat de makers zich ingelezen hebben in de geschiedenis van Andries Riphagen (wat een toepasselijke bad-ass achternaam overigens). Ten slotte bevat de film een ongemakkelijke slotakkoord.

Een echte Vermeer

Met Een echte Vermeer heeft Rudolf van den Berg een zeer goed verzorgde film gemaakt naar het verhaal van de meestervervalser Han van Meegeren. Een film over een kunstenaar dient natuurlijk vooral het oog te strelen en daarin is Van den Berg erg goed geslaagd. Het is fijn na een dag vol films die zich in Amsterdam afspelen, om eventjes naar misschien wel de mooiste stad van Nederland af te reizen, Delft. Een echte Vermeer is sfeervol en met passie gemaakt, gesproken in goed Nederlands en ondersteund door prachtige muziek, met heerlijke jazztonen. Een oogstrelende femme fatale maakt met de goede chemie tussen haar en Jeroen Spitzenbergen de film af. (Een lange recensie en een interview met de regisseur volgen.)

One night stands: tegenvallend
De eerste twee One Night Stands (van producent Viking Films) op zondag vielen vooral op doordat ze ronduit tegenvielen. Planet Beauty kent een pijnlijk slecht script en een spanningsboog die uitblinkt in afwezigheid. Sigrid ten Napel, die de film mag dragen, heeft iets zeurderigs over haar karakter. Ze doet net teveel haar best zich in haar rol in te leven, waardoor ze flink op je zenuwen gaat werken. Daarnaast weet Planet Beauty evenals Riphagen uit te blinken in houterige, onnatuurlijke dialogen in dat perfecte Nederlands, dat je nooit waar ook in het land hoort. Inhoudelijk nauwelijks bijzonder valt de film nog wel op qua kleurgebruik, waarbij een associatie naar Pepperminta van Pipilotti Rist opkwam. Pepperminta werkt juist vanwege het consequent doorgevoerde volstrekt absurde script, terwijl Planet Beauty toch ergens een komedie probeert te zijn.

Messias

Ook Messias, van Rob Lücker, viel op door een kinderachtig script. De katholieke kerk moest maar weer eens op de hak genomen worden. De terugkeer van de vermeende Messias helpt een in verval geraakt bisdom om opnieuw in aanzien te komen bij het Vaticaan. Ondertussen is een islamitische koperpoetser, in dienst van het bisdom, plots de belangrijkste man, als vertaler. Geheel in de Hollandse geest valt uit zo’n meevaller voordeel te halen. Toch niet altijd met het vooraf gewenste resultaat. Ondanks de best aardige cast en qua art direction goed verzorgde film, helpt het kinderachtige script elke kans op een positieve waardering om zeep. Het schokkende aan Messias is niet zozeer het op de hak nemen van de katholieke kerk, maar meer het gebrek aan inspiratie om tot een goede komedie te komen.

One night stands: meevallend
Het tweede blok One Night Stands (van producent PRPL) is van een heel andere snit. Cas blinkt uit in de kracht van de lichaamstaal. Het niet gezegde vertelt in deze film een eigen verhaal naast wat er wel gezegd wordt. Een homostel, Sjors en Pepijn, krijgt er een tijdelijke gast bij: Cas. Sjors ontmoette hem via grindr (u weet wellicht wel, die homo-ontmoetingsapp waar tinder van afgeleid is). Hoewel aanvankelijk alles koek en ei lijkt, komen er gaandeweg scheurtjes in de relatie tussen Sjors, Pepijn en Cas. Subtiel overgebracht, waarbij de lezer van lichaamstaal alvast een voorsprong kan nemen op wat er staat te gebeuren. Waar de films in het eerste blok hun best deden om luchtig en vooral grappig te zijn, is Cas ondanks haar keuze voor klein drama, juist daardoor ook grappig. Niet in de laatste plaats doordat de situaties zo herkenbaar zijn en, goddank, het taalgebruik natuurlijk aanvoelt. Er wordt zelfs een beetje gespeeld met dat houterige film-Nederlands, door Pepijn op een gegeven moment te laten zeggen dat Sjors een ‘kutlul’ is. Aangenaam aan Cas is dat de bekende stereotypen van het heterostelletje vervangen worden door een homostel. Inclusief seksscènes, zonder dat het om de seks draait. Zonder dat die seks wat ongemakkelijk is, zoals zo vaak, of net te kuis. In de beperking schuilt de meester, zei Schopenhauer eens en Cas weet juist zo te overtuigen in haar kleine verhaal met een uitstekend oog voor detail.

Hoe Het Zo Kwam Dat de Ramenlapper Hoogtevrees Kreeg

Ook de tweede film van het tweede blok, Hoe Het Zo Kwam Dat de Ramenlapper Hoogtevrees Kreeg, is een fijne film. Een romantische komedie zich afspelend in de marathonbuurt in Amsterdam Zuid, waar we ramenlapper Alfred leren kennen, die zonder dat hij het weet Cupido’s gaven heeft. Na 44 jaar trouwe dienst als ramenlapper en koppelaar wordt het tijd zijn pijlen eens op zichzelf te richten. De film doet door het gebruik van filters, muziek en voice-over in de verte denken aan de liefelijke films van Jean-Pierre Jeunet. Ramenlapper werkt vooral omdat de verhaallijn goed uitgewerkt is. Een romantisch sprookje volgens het boekje. Eigenlijk weinig origineel, maar regisseur Eva Zanen koos met haar ramenlapper dan ook niet voor de originaliteit, wel voor een hartverwarmend, goed verteld verhaal. Daarin is ze dan ook uitstekend geslaagd.
 

26 september 2016

 
MEER FILMFESTIVALS

NFF 2015 – Deel 2

NFF 2015: De balans

door Ralph Evers

Terwijl Gluckauf (terecht) het ene na het andere Gouden Kalf wint tijdens het schrijven van dit stukje en met slechts een beperkte selectie van het grote aanbod film, serie en randverschijnselen gezien, maken we de balans op van deze editie NFF. 

Wat opvalt in de lange speelfilms is de sociale betrokkenheid met hedendaagse thema’s en een diversiteit in narratief en beeldtaal. Daartegenover staat de universaliteit. Er zijn nauwelijks echt experimentele of vernieuwende films gezien. Gewoon een degelijke kwaliteit, waarmee Nederland zich prima in het buitenland kan presenteren en haar plekje in de internationale filmwereld behoudt.

NFF 2015: Gluckauf

Die degelijkheid kan een keuze zijn, van filmmaker of productiemaatschappij (of beiden). De meeste films houden een nationale focus, de meer ervaren rotten (Terstall bijvoorbeeld) zoeken her en der internationale allure. Toch blijft er een leegte achter, een leegte in iets werkelijk bijzonders, experimenteels. Dat was er wel, Greenaway weet altijd te shockeren, te vervreemden, te verbazen. Het andere experimentele kwam van onze zuiderburen. Laten we eens wat meer afkijken voor volgend jaar.

Jong talent
Want talent is er wel. Dat bleek wel uit het geslaagde programma One Night Stand. Jonge filmmakers presenteren een korte film van vijftig minuten. Er wordt doorgaans een thema gekozen en uitgewerkt. Waar de kortere films duidelijk voor een sfeertekening kiezen en vaak luchtiger zijn van toon, daar zijn deze films al een stuk meer uitgekristalliseerd.

De Leerling met Halina Reijn in de hoofdrol kiest voor een vervreemdende sfeer waarin een leerling de docent (Reijn) uitdaagt. Gaandeweg lijkt ze de grip op haar leven kwijt te raken. De film mist in de uitwerking de finesse van script en richting, waardoor dit potentiële verhaal wat ten onder gaat.

Van duidelijke scriptvoering en uitmuntend acteerwerk getuigt het rauwe Geen koningen in ons bloed van Mees Peijnenburg met een overtuigende Olivia Lonsdale en Jonas Smulders in de hoofdrollen. De film vertelt over deze broer en zus, die in een internaat opgroeien, vergeten door de buitenwereld. De emoties, zeker de non-verbale, worden pijnlijk zichtbaar gemaakt, en leiden tot een invoelbaar drama.

De lange nasleep van een korte mededeling  blinkt uit in timing. Deze gortdroge, surrealistische vertelling laat aan de hand van een uitgesproken idee van een van de werknemers een heel wellness-bedrijf naar de ondergang leiden. Hilarisch hoe de invullingen en ongezegde woorden en vermoedens tot een heuse hell’s kitchen leiden.

Fiftyfifty

In diezelfde trant gaat het satirische Fiftyfifty verder. Een ‘documentaire’ over een stel met open relatie, die ontaardt in een spel van jaloezie en wrok wanneer de waarheid van een van de buitenechtelijke partners, tegen de regels in, naar voren komt. Op een sardonische wijze ontkleedt de regisseur de façade van het stel, met name de vrouw.

De don’ts en do’s
En toen was het weer voorbij. De don’ts voor volgend jaar zijn: De skype-filmpjes voorafgaand aan de film; onduidelijkheid over de geldigheid van je Cinevillepas (maak het festival toch lekker toegankelijk voor Cinevillepashouders); de introductie van de Cinemec-bioscoop, een enorm eind uit de richting van het verder knusse centrum van Utrecht.

Maar ga door met al dat leuke, bijzondere, geslaagde en geflopte materiaal, dat al dan niet in première gaat op het festival.

 

3 oktober 2015

 

VERSLAG NFF 2015 DEEL 1

NFF 2015 – Deel 1

NFF 2015: veelzijdig filmfestival

door Ralph Evers

Afgelopen woensdag begon de vijfendertigste editie van het Nederlands Film Festival (NFF) in Utrecht. Een eerste balans. 

Aanvankelijk trad er verwarring op of je nu met je Cinevillepas naar de films op het NFF kon gaan. Er bleek een selectie van films waar je naartoe kon met je pas. Een vreemde keuze. Waarom niet de Nederlandse film toegankelijk maken voor het filmpubliek dat toch al graag naar dit soort films gaat? Er zullen vast redenen voor zijn, maar die blijven vooralsnog obscuur.

De voorstellingen kennen inleidingen over het feit dat de Nederlandse film internationaler is dan je denkt. Via skype worden een aantal mensen gevolgd die vertellen over wat ze doen. Voornamelijk zitten ze in Hollywood. Blijkbaar wordt dat onder “internationaler dan je denkt” verstaan. We zien dan bijvoorbeeld een patjepeeër met petje die dingen wil opblazen en ‘vette shit’ wil maken. Leuk… Next! De korte portretfilms zijn interessanter, vanwege de minder popi-jopi toonzetting en de meer persoonlijke kennismaking met mensen als kostuumdesigner Jany Temime.

De laatste nachten

Aanwezig
Wie door de binnenstad van Utrecht wandelt ontkomt niet aan de grootse presentatie en aanwezigheid van dit filmfestival. Straten worden afgezet voor rode lopers, het Neude is ingericht als kloppend hart en elke bioscoop (op het kleine Springhaver na) is besmet met Nederlandse films. Van ’s morgens vroeg tot ‘s avonds laat is er veel te doen. Soms lopen er bekende acteurs rond, maar leuker nog is al het jonge talent, de vele Q&A’s en de presentaties van hun films. De nieuwe lichtingen zijn daarvoor de aangewezen programma’s.

Documentaires, kunstzinnige films en kortfilms passeren de revue. Variërend van aangrijpend – zoals De laatste nachten  waarin we getuige zijn van een terminaal zieke man wiens einde nadert. Hoe hij teder wordt begeleid door zijn vrouw en een vrijwilliger – tot gortdroog – zoals Lazarus, een vervreemdende roadtrip met livemuziek. En kunstzinnige projecten zoals I am under construction, over de vergankelijkheid van schoonheid en de rituelen van vrouwen om zich mooi te maken.

Natuurlijk zit er ook geflopt materiaal tussen, zoals de kleutertekeningetjes van A morning without coffee.

Vlaamse cinema en experimentele films
Er is niet alleen aandacht voor de Nederlandse cinema, ook de Vlaamse cinema wordt in het zonnetje gezet. Dit is met name interessant omdat hiermee de eventuele kwaliteitsverschillen zichtbaarder worden. Nu is dat laatste nogal aan smaak gebonden, maar wat wel een gedurfde zet is, is om Lucifer van Gust van den Berghe te vertonen. Dit is een zeer experimentele film met een duidelijk, uitgewerkt concept. Een film die niet gauw in Nederland gemaakt gaat worden, ondanks alle goede bedoelingen met wildcards of carte blanches die filmmakers van de geldschieters krijgen.

Those who feel the fire burning

Een wildcard is een bepaald bedrag voor meer experimentele films. Een voorbeeld van een film die met een wildcard gemaakt is: Those Who Feel the Fire Burning. Een interessante, experimentele film over bootvluchtelingen, maar nog altijd een stuk conventioneler dan Lucifer. Mede doordat eerstgenoemde film een geëngageerd karakter heeft en Lucifer  poëtisch, filmisch en narratiever is en daarmee gedurfder. Het is makkelijker een kunstfilm af te kraken dan een film met een duidelijke politieke en sociaal bewogen inslag.

Er is ook aandacht voor de animatiefilm. Een genre dat doorgaans duurder en tijdsintensiever is. Zowel korte films van net afgestudeerde studenten als van mensen die al langer in het veld bezig zijn, als langere animatiefilms, waarvan Cafard een opvallende presentatie is (hiervan binnenkort een reguliere recensie). Kortom een veelzijdig festival.

 

29 september 2015

 

VERSLAG NFF 2015 DEEL 2