Drama Girl

***
recensie Drama Girl

Eindeloos navelstaren

door Sjoerd van Wijk

Het is navelstaren geblazen in Drama Girl. De film wringt ondanks het narcisme dat de mondaine momenten zo houdt. Er zit namelijk een prikkelende bravoure aan het conceptueel gefröbel.

Tussen documentaire en drama in speelt jongedame Leyla de Muynck haarzelf in ensceneringen van belangrijke momenten uit haar leven. Pijnlijke aanvaringen zijn er met een slecht luisterende vader (Pierre Bokma) of egocentrische moeder (Elsie de Brauw). Rijzende ster Jonas Smulders doet iets meer avontuurlijk dan Niemand in de stad als ex-vriendje Frans. Tussen en tijdens de scènes praat Leyla honderduit met regisseur Vincent Boy Kars, die net zomin als haar lijkt te weten waarom zij dit conceptuele avontuur zijn aangegaan. Dan moet een scène weer over, dan weer roept Leyla vertwijfeld in de camera wat Boy Kars nou eigenlijk wil van haar. Herhaal dat ad infinitum.

Drama Girl

Gepolijst steentje
Het concept van je eigen leven naspelen heeft iets wringends à la hofnar Lars von Trier en diens kattenkwaad in bijvoorbeeld Epidemic of The Five Obstructions. De gesprekken voor en achter de camera trekken elke waarheid in twijfel, totdat elke ad hocbeweging van een langslopend crewlid de verdenking van intentie krijgt. De herbeleving van intens subjectieve momenten brengen uitdagend het rollenspel met maskers van het dagelijks leven in de spotlampen. Boy Kars laat de Muyncks persona met strakke hand sprankelen, waarin de paaldansintermezzo’s met name meeslepen. Zijn flair houdt de uitdagingen van het conceptuele gegeven levend, de soundtrack, felle kleuren en zwoele zooms smelten samen tot een prikkelend geheel met lichte vaporwave sfeer.

Aan visie en fröbeldrift ontbreekt het niet bij Boy Kars. Net zo guitig als Lars von Trier houdt hij zijn bedoelingen in het duister, maar mist de olijke strapatsen van die komiek. Daardoor is Drama Girl meer een gepolijst steentje in de schoen. Dat doet de film inboeten aan oprechtheid.

Mondaine taferelen
De speelse kijk loopt namelijk vast in de mondaine taferelen. Het is een aaneenschakeling van standaard momenten uit een Randstedelijk leven gespeend van authentieke ervaring. Boy Kars vergeet in alle poeha om het bijzondere van elk leven aan te boren zoals bijvoorbeeld Eric Rohmer. Het blijft hangen in het concept an sich, een uiting van vervreemding van het transcendentale van leven.

Zo is het eigenaardige tweede afscheid van de overleden vader in een overmatig fleurige omgeving een aanleiding voor veel gemompel, maar weinig wol. Bij Drama Girl geen doorwrochte Eric Rohmer conversaties die diepere lagen aanboren of de conclusies het werk van de verbeelding laten doen. Want conclusies zijn hier niet.

Drama Girl

Poeha zonder resolutie
Wel is er eindeloze discussie over het waarom van het concept en wie Leyla nu eigenlijk is. Het portretteert filosoof Byung-Chul Han’s punt hoe het geïsoleerde individu alles in hun omgeving alleen op henzelf betrekt. Het narcisme vloeit in Drama Girl rijkelijk, eindeloos blijven boren in gevoelens zonder spijkers met koppen te slaan. De samenleving nauwgezet reflecteren staat niet gelijk aan deze te doorgronden, iets nieuws te ontginnen. Het navelstaren bereikt het niveau van Lena Dunham, die in Tiny Furniture en Girls egocentrische personages op ludieke wijze wanstaltig neerzet.

In Drama Girl ontbreekt de zelfkennis over het vertoonde narcisme, die Dunhams spot zo aanstekelijk maakt. Het blijft praten, praten, praten over een conceptueel spelletje. Veel poeha over mondaine zaken zonder uitzicht op een resolutie. In dat opzicht is de titel goed gekozen.

 

1 maart 2020

 

ALLE RECENSIES

Goldie

***
recensie Goldie

Coming of age met kanariegele jas

door Nanda Aris

Flitsende, energieke en optimistische film over een achttienjarige die droomt van haar grote doorbraak, maar tegelijkertijd voor haar jongere zusjes moet zorgen. 

Sam de Jong studeert in 2012 af aan de filmacademie en breekt in 2015 door met zijn eerste film Prins, die opzien baart, niet alleen in eigen land. De Jong onderzoekt in zijn films wat identiteit en erkenning betekenen in een samenleving waarin popcultuur de nieuwe religie is. Er is interesse vanuit Amerika, en daarom verhuist De Jong niet veel later daarheen. Het aanbod van 21st Century Fox: een film over jongeren, budget twee miljoen dollar. Zijn idee: een film over jongeren met een instabiele thuissituatie en de hoofdrol moet gaan naar iemand die in werkelijkheid daarin verkeert.

Goldie

Hij ontmoet in 2016 Slick Woods (echte naam Simone Thompson, maar doordat ze goed jointjes kan rollen krijgt ze haar bijnaam Slick Woods), de beoogde hoofdrolspeelster van Goldie, nog voordat haar carrière als model een vlucht neemt. Ze ziet Prins, is enthousiast, en met haar aangrijpende jeugd – op haar zesde wordt haar moeder veroordeeld voor moord, haar broer komt om door geweld en ze leeft een tijd op straat – als inspiratie besluiten ze samen te werken.

Geel
Goldie woont met haar dealende moeder (Marsha Stephanie Blake), diens vriend (Danny Hoch) en haar twee zusjes Supreme (Jazmyn C Dorsey) en Sherrie (Alanna Renee Tyler-Tompkins) in een studio in New York. Ze hoopt te mogen dansen in een nieuwe videoclip van Tiny (A$AP Ferg) en denkt dat een bloeiende carrière hierna niet kan uitblijven – het grootse dromen van een achttienjarige.

We worden meegenomen is haar droom en begrijpen dat ze daarvoor die ene outfit nodig heeft. Ze steelt een minuscuul kanariegeel broekpakje en droomt van een kanariegele bontjas die ze in de etalage van een winkel ziet. Onbetaalbaar, en daarom des te meer aantrekkelijk. Hoeveel de klus eigenlijk betaalt, weten we niet. Goldie ook niet, de overtuiging dat het haar doorbraak zal betekenen is doorslaggevend.

Vluchten
Wanneer haar moeder gearresteerd wordt, vlucht Goldie met haar twee jongere zusjes. Ze vertrekken naar personen bij wie ze hopen onderdak te kunnen krijgen. Maar in plaats van onderdak krijgen ze vaak iets te eten en het advies met jeugdzorg contact op te nemen. Elke persoon bij wie ze om onderdak vragen wordt geïntroduceerd met uitgetypte en (door de zusjes) uitgesproken naam. De Jong maakt die keuze om zo de zusjes van Goldie in het verhaal te houden, als tegenpool voor de harde realiteit van de film. 

Goldie

De Jong incorporeert animaties op meerdere momenten, wat enigszins doet denken aan Lola rennt (1998) en de opening van de film Juno (2007). Sommige pakken beter uit dan andere, want alhoewel het uitspreken van de namen door de zusjes als tegenpool voor de harde realiteit geldt, hangt het luchtige karakter ervan nauw samen met het kinderlijke. De animaties werken bijvoorbeeld beter wanneer ze de muziek (van Nathan Halpern) kracht bij zetten en zo Goldie nog meer onoverwinnelijke, jeugdige fling meegeven.

Cabrio
Goldie neemt liever geen contact op met jeugdzorg, omdat ze niet wil dat haar zusjes uit elkaar gehaald worden. Ze verkoopt de pijnstillers van haar moeder en probeert het geld voor de jas bij elkaar te harken, terwijl ze haar zusjes moet onderhouden.

Zittend in een cabrio lacht Goldie haar tanden – inclusief flinke spleet tussen haar voortanden – bloot. De wind waait door haar haren, haar geel opgemaakte ogen stralen en we proeven het geluk. Zowel van Goldie, als dat van debutante Slick Woods, die de show steelt met haar markante uiterlijk en knappe acteerwerk in deze tweede speelfilm van De Jong.

 

14 januari 2020

 

ALLE RECENSIES

Ring of Dreams

****
recensie Ring of Dreams

Meditatie in de boksring

door Ries Jacobs

Het liefst willen ze, in navolging van hun helden Terry ‘Hulk’ Hogan en Dwayne ‘The Rock’ Johnson, worstelen in volle arena’s. Maar ze voeren hun shows op voor een handjevol mensen. Toch keren de Nederlandse showworstelaars in Ring of Dreams steeds weer terug in de boksring, want “het is emotie op zijn hoogtepunt.”

In Amerika trekt professional wrestling (ook wel show-worstelen genoemd) miljoenen televisiekijkers. In ons land is het marginaal vertegenwoordigd. Regisseur Willem Baptist brengt de wereld van het Nederlandse show-worstelen in beeld door de ogen van Tengkwa. Deze altijd gemaskerde worstelaar is een van de steunpilaren van Pro Wrestling Nederland.

Ring of Dreams

Tengkwa staat regelmatig in de ring en traint jongelui die net als hijzelf gek zijn van pro wrestling. Allen dromen van applaus en roem, sommigen zelfs van een professionele carrière. Een van deze jongens is Krystian, een doodgewone iele tiener die in niets op een showworstelaar lijkt, maar wel een enorm doorzettingsvermogen heeft. Dankzij zijn ijzeren wil lukt het hem om de dreunen op zijn lichaam te incasseren.

Toneelstuk voor macho’s
Baptist bouwt zijn ruim een uur durende documentaire zorgvuldig op. Hij laat de kijker rustig kennismaken met de wereld van het Nederlandse show-worstelen. Juist door de zorgvuldige opbouw is Ring of Dreams aanvankelijk wat eendimensionaal. De kijker ziet voornamelijk mannen in te strakke broeken die spelen dat ze elkaar tot moes slaan.

Op het eerste gezicht is dit aandoenlijk. Volwassen mannen (en een enkele vrouw) vermaken in achterafzaaltjes, waar graffiti de muren versiert, anderhalve man en een paardenkop met pro wrestlingshows waarvan iedereen weet dat ze nep zijn. Om die reden doen we er in ons nuchtere land soms ten onrechte wat lacherig over. Een film is ook niet echt, maar daar laten we ons wel door meeslepen. Pro wrestling is een toneelstuk van en voor macho’s.

Ring of Dreams

Geen toekomst of verleden
Baptist kiest er  bewust voor om, evenals bij eerdere films, het verhaal voornamelijk te vertellen aan de hand van de beelden. Deze aanpak, waarbij hij de worstelaars mondjesmaat aan het woord laat, pakt goed uit. De regisseur weet uiteindelijk door te dringen tot de kern van deze subcultuur. Richting het einde krijgt Ring of Dreams – naast mooi weergegeven visueel spektakel – karakter. Steeds dieper graaft de filmmaker in de ziel van de show-worstelaars. Waarom willen ze in de ring staan?

Doe je het omdat je ervan droomt om in Amerika of Tokio in volle arena’s te staan? Dan zul je het waarschijnlijk niet redden, daarvoor is pro wrestling lichamelijk en geestelijk te zwaar. Volgens worstelaar Sitoci is het “wel show, maar niet voor watjes.” Wie hieraan begint om geld en roem te vergaren houdt het niet vol. De ene na de andere aspirant haakt gaandeweg de documentaire af. Wie overblijft beoefent zijn hobby in het weekend naast een baan in de IT, de beveiliging of de zorg.

Ze doen het omdat ze er, ondanks alle ontberingen, een kick van krijgen. De macho’s in de ring duiken in een fantasiewereld met helden en slechteriken. In het weekend gooien ze alle spanning en frustratie van de week eruit. In de ring is er geen toekomst of verleden, alleen het moment. Ring of Dreams vertegenwoordigt daarmee een maatschappelijke trend, namelijk de wens van velen om te leven in het hier en nu. Even komen de worstelaars los van het dagelijkse leven met al zijn zorgen en beslommeringen. Pro wrestling is voor hen een vorm van meditatie.

 

12 november 2019

 

ALLE RECENSIES

Galápagos: Hope for the Future

**
recensie Galápagos: Hope for the Future

Symptoombestrijding op eilanden

door Sjoerd van Wijk

De titel geeft het al weg. Galápagos: Hope for the Future steekt de kop in het zand voor de ecologische catastrofe. In plaats daarvan speelt deze documentaire mooi weer met een tachtig minuten durende reclame voor producent de Charles Darwin Foundation.

Nu desastreuze klimaatverandering en biodiversiteitsverlies onafwendbaar zijn, heeft de mensheid geen hoop nodig maar moed. Om dapper te aanvaarden dat velen zullen sterven en talloos niet-menselijk leven wordt meegenomen in hun kielzog. Deze realiteit zouden natuurdocumentaires niet uit de weg moeten gaan, maar zien als een kans de resulterende rouw een plaats te geven. Hoe goed de bedoelingen ook mogen zijn, door te doen alsof er oplossingen mogelijk zijn terwijl het in werkelijkheid draait om schadebeperking bewijst Galápagos: Hope for the Future de bijzondere flora en fauna aldaar geen goede dienst.

Galápagos: Hope for the Future

Kermisattractie
Allereerst is er het gebruikelijke tonen van de pracht en praal, in dit geval van de Galápagos-eilanden. Onder begeleiding van onnozele deuntjes passeren alle bijzondere diersoorten van dit gebied de revue, alsof zij een soort kermisattractie zijn. En er dus geen vuiltje aan de lucht is. De secce close-ups hebben in ieder geval niet de Instagram-kwaliteit van cameraman Emmanuel Lubezki’s werk met Terrence Malick of het sturende gehalte van Baraka. Opeens zijn daar dan de anonieme helden van de Charles Darwin Foundation die hun best doen de al sterk teruggelopen populaties weer groot te maken.

Daarbij neemt de vertelster geen adempauze om elk beeld te duiden. Waar een documentaire als Sengiré sereen handelingen toont zonder er doorheen te praten, is dat bij Galápagos: Hope for the Future tegenovergesteld. Daarbij negeert het de olifant in de kamer waarom het slecht is gesteld met de eilanden. Of wat het eiland te wachten kan staan met rijzende zeespiegels en dergelijke. Door het zo optimistisch te hebben over het goede werk van de onderzoekers praat de documentaire eigenlijk de systemische oorzaken goed. In dat opzicht is het tekenend hoe de zeehonden die vis op de markt stelen vooral koddig zijn. Als de documentaire al een probleem benoemt, is het slechts aanstippen. Het opruimen van plastic in de omgeving is zo een clandestiene operatie, om blind optimisme aan te wakkeren.

Galápagos: Hope for the Future

Antropocentrisme
Deze onkritische viering van natuurbehoud etaleert dan ook de onderliggende denkwijze van het antropocentrisme. Het begrip natuur impliceert dat de mens hier buiten zou staan, wat ook naar voren komt in het dweilen met de kraan open van de conservatiepogingen. Galápagos: Hope for the Future bejubelt de technische oplossingen die qua denkwijze tevens de oorzaak zijn van de rampspoed. Galágapos ziet reden voor vreugde dat Ecuador als eerste land natuurrechten in de grondwet vastlegde. Daarmee kiest deze documentaire ongegeneerd partij voor de separatie tussen mens en ecosysteem.

Sociaal filosoof en natuuronderzoeker Thoreau beschreef hoe ronddwalen in het wilde de geest verruimt. Bij deze documentaire mist eenzelfde soort ontzag om de Galápagos oprecht te tonen. De vertelster is er à la de homevideoprogramma’s als de kippen bij om dieren als mensen te beschouwen als dat ook maar even kan. Dat komt kleinerend over. Als een toerist ziet Galápagos: Hope for the Future de eilandenpracht vooral als iets leuks voor de mens. Daarmee vertelt de film een oneerlijk verhaal.

 

29 oktober 2019

 

ALLE RECENSIES

Liefhebbers, De

****
recensie De Liefhebbers

Wat doet ziekte met familie?

door Nanda Aris

Wanneer bekend wordt dat de autoritaire vader Jan beginnende alzheimer heeft, komen de familiebanden op scherp te staan. De vier volwassen kinderen komen, allen met hun eigen problemen, in het ouderlijk huis bijeen. Ze stoten elkaar af en hebben elkaar nodig; ze moeten zich verzoenen, met elkaar en met zichzelf.

Regisseuse Anna van der Heide won met haar eerste korte film MissiePoo16 in 2007 een Gouden Kalf. Ze maakte daarna onder andere de films Brammetje Baas (2012) en Meester Kikker (2016). In een interview met het Parool vertelt ze dat de thematiek van de film De Liefhebbers dichtbij komt door de ziekte – een aangeboren hersenafwijking – van haar broer. De achteruitgang en acceptatie is iets dat ze terugziet in de rol van Jan. 

De Liefhebbers

Vader
Jan Liefhebber, een mooie rol van de inmiddels 74-jarige Jeroen Krabbé (The Fugitive, Soldaat van Oranje), weet sinds een jaar dat hij beginnende alzheimer heeft. Hij weet een waardige, statige man neer te zetten die moet leren omgaan met het verlies van controle. De stempel die hij drukt op het gezin, drukt hij ook op het architectenkantoor dat hij runt.

Zijn druk-druk-druk zoon Kasper (Guy Clemens, bekend van tv-series Toren C en ’t Schaep met de vijf poten) vindt met hem samenwerken dan ook niet altijd makkelijk. Iets dat zoon Jonathan (Theo Maassen: Minoes, TBS) zichzelf dan ook niet zo snel zou zien doen. Als gevierd, maar eenzame chirurg hoeft hij dat ook niet. De dominantie van zijn vader – en het feit dat hij op hem lijkt, hebben de band tussen vader en zoon niet bepaald versterkt.

Foto
De familie spreekt af in Amsterdam om gezamenlijk een gezinsfoto te maken, maar Jan raakt de weg kwijt (hij verstuikt zijn enkel, zoals hij zijn kinderen vertelt) en de kinderen en kleinkinderen zijn druk, dus het wordt uitgesteld. Jan’s vrouw Lea (Beppie Melissen: Het Zakmes, Gooische Vrouwen haalt hem op, en zoon Jonathan komt erachter dat zijn vader niet zijn enkel verstuikt heeft, maar ziek is. Het brengt de familie noodgedwongen weer samen en het rakelt de familieperikelen op.

De Liefhebbers

De verhoudingen zijn niet al te best, zo blijkt aan de keukentafel van fladderige en zachtaardige dochter Maria (Sanne-Samina Hansse: tv-series Random Shit, Baptiste). Andere dochter Sam (Hadewych Minis: Borgman, Bloed, Zweet en Tranen) is over uit Londen, na een lange tijd afwezigheid in Nederland. Zoals broers en zussen kritisch op elkaar kunnen zijn, vliegen de verwijten over tafel. Kasper is te druk voor zijn vrouw Laura (Jelka van Houten: Huisvrouwen bestaan niet) en gezin, Jonathan is depressief, Sam eenzaam en Maria met dochtertje wordt nog altijd onderhouden door vader en moeder. Het is ondenkbaar dat ze met elkaar een weekend weggaan – iets dat Lea graag zou willen.

Alzheimer
Het is geen film over alzheimer, zoals Still Alice, waarin we het ziektebeeld vanuit de hoofdpersonage volgen. Het doet eerder denken aan Alles is familie, ook al is De Liefhebbers niet zo hysterisch en meer serieus. Maar ook grappig. Zoals wanneer Jan, nadat hij de familie vertelt dat hij alzheimer heeft, opstaat en de kamer uitloopt, zich omdraait en vraagt: ‘Waar is de wc eigenlijk?’ Het blijft pijnlijk stil, totdat duidelijk wordt dat Jan een grapje maakt.

De Liefhebbers gaat over wat een ziekte doet met een familie. Naast het verdriet dat voor iedereen anders is, verbindt ziekte ook. We hebben elkaar als mensen – en als familie – nodig.

 

21 oktober 2019

 

ALLE RECENSIES

Preview Nederlands Film Festival 2019 deel 2

Preview NFF 2019 – Deel 2
Feest van de Nederlandse film
Het feest van de Nederlands film barst weer los op 27 september in Utrecht. De balans van het afgelopen filmjaar wordt opgemaakt met de uitreiking van de Gouden Kalveren. Tevens is het Nederlands Film Festival (NFF) de start van het nieuw filmjaar met veel premières. Een vooruitblik in twee delen.

door Michel Rensen

Het programma van het NFF bestaat zoals gewoonlijk voor een groot deel uit vertoningen van de Nederlandse films die het afgelopen jaar in de bioscoop gedraaid hebben en kans maken op de Gouden Kalveren. Heb je Take Me Somewhere Nice of Beast of the Jungle gemist, dan is dit de kans om ze nog in te halen. Daarnaast gaat een groot aantal speelfilms, documentaires en korte films in première. Hieronder vind je een doorsnede van de films die deze editie in première gaan.

Bumperkleef

Bumperkleef (Lodewijk Crijns)
Je ergeren aan anderen in het verkeer komt iedereen wel eens voor. Wanneer een jong gezin op de snelweg terecht komt achter een langzaam rijdend busje, probeert de vader te signaleren dat hij haast heeft. De bestuurder van het busje is echter niet gediend van het bumperkleven en spreekt hen bij het volgende tankstation aan op hun gedrag. Hij eist een excuus, maar de vader weigert dit omdat volgens hem de bestuurder van het busje zich niet volgens de regels gedroeg. De verkeersruzie loopt zoals verwacht compleet uit de hand, wanneer het busje de familie achtervolgt. De karikaturale tegenstellingen tussen stad en platteland en de normen van verschillende generaties zijn niet erg origineel, maar wel zeer effectief om deze komische snelwegthriller in hoge snelheid naar zijn bestemming te brengen.

Turn! (Esther Pardijs)
Wat doe je als je kind een sporttalent blijkt te zijn? Esther Pardijs geeft als ‘topsportmoeder’ een unieke blik in de werking van de jeugdtopsportwereld. Ooit al van een ‘turnhalverbod’ gehoord? Ze stelt continu de vraag hoe ver je als ouder kunt en wilt gaan om het beste uit je kind te halen. Pardijs keert een kritische blik inwaarts. De beelden hinken soms tegen kindermishandeling aan, bijvoorbeeld wanneer één van de kinderen in huilen uitbarst als hij tijdens een rekoefening letterlijk tot het uiterste geduwd wordt. De vraag rijst of de kinderen wel baat hebben bij topsport. Doe je dit als ouder om het beste uit je kind te halen of is het vooral een ijdele poging om een goede ouder te zijn? Als je kind geslaagd is, ben jij immers ook geslaagd. Pardijs toont zich zeer zelfbewust van haar eigen ‘medeplichtigheid’ en laat het dan ook aan de kijker over om antwoord te geven op de gestelde vragen en problemen. De film wil vooral de discussie aanwakkeren.

Flow

Kort: Pariba + Flow
De korte film is een verzamelbak waar onder andere jong talent zijn eerste stappen in de filmwereld kan zetten. Eén van de hoogtepunten van dit jaar is Pariba (Aramis Garcia Gonzalez) waarin twee Arubaanse vriendinnen voor de laatste keer hun jaarlijkse carnaval vieren nu één van de twee naar Nederland verhuist. Prachtig, sfeervolle verbeelding van de laatste dagen van een vriendschap. De breuk blijft vrijwel de gehele film onbenoemd, maar in elk shot is voelbaar dat er een onoverkomelijk moment van verandering komt voor het tweetal.

Korte film biedt gewoonlijk ook veel ruimte voor experiment. Het abstracte Flow (Adriaan Lokman) verbeeldt beweging met enkel lijnen die samen vaag beelden creëren, alsof de oprukkende wind rond een vertrekkende trein zichtbaar gemaakt wordt. Een man en zijn hond raken in deze wirwar van beweging verstrikt. Het sterke gebruik van geluid trekt je als kijker in situaties waar de turbulentie van het leven schetsmatig zichtbaar gemaakt wordt. De film dwingt je zelf de abstracte vormen te interpreteren; waar deze associaties je uiteindelijk naar toe leiden zal net als de film onvoorspelbaar zijn.

 

26 september 2019

Preview NFF 2019 Deel 1

 

MEER FILMFESTIVAL

Preview Nederlands Film Festival 2019 deel 1

Preview NFF 2019 – Deel 1
Feest van de Nederlandse film
Het feest van de Nederlands film barst weer los op 27 september in Utrecht. De balans van het afgelopen filmjaar wordt opgemaakt met de uitreiking van de Gouden Kalveren. Tevens is het Nederlands Film Festival (NFF) de start van het nieuw filmjaar met veel premières. Een vooruitblik in twee delen.

door Michel Rensen

Het programma van het NFF bestaat zoals gewoonlijk voor een groot deel uit vertoningen van de Nederlandse films die het afgelopen jaar in de bioscoop gedraaid hebben en kans maken op de Gouden Kalveren. Heb je Take Me Somewhere Nice of Beast of the Jungle gemist, dan is dit de kans om ze nog in te halen. Daarnaast gaat een groot aantal speelfilms, documentaires en korte films in première. Hieronder vind je een doorsnede van de films die deze editie in première gaan.

Kapsalon Romy

Kapsalon Romy
In deze door Mischa Kamp geregisseerde dramafilm werkt Romy’s oma Stine als kapster en past tegelijkertijd elke dag op haar kleindochter. Door toenemende vergeetachtigheid kan Stine haar werk steeds minder goed doen, maar door Romy als hulpkracht in te schakelen lukt het hen de kapsalon draaiende te houden. Het acteerwerk van Beppie Melissen overtuigt in de kleine momenten waar Stine de langzame aftakeling probeert te verhullen. De opbouw van de film voelt erg programmatisch, alsof een folder over Alzheimer gebruikt is om het plot vorm te geven, maar in de afzonderlijke scènes ontstaat een mooie band tussen oma en kleindochter.

Mevrouw Faber
Vrachtwagenchauffeur Harriëtte leeft toe naar haar geslachtsveranderende operatie. De gevoelens waren al jaren aanwezig, maar pas op middelbare leeftijd voelde Harriëtte het vertrouwen om als vrouw door het leven te gaan. Door een nauwe band met Harriëtte en haar vrouw Siepie op te bouwen, slagen documentairemakers Hjalmar Tim Ilmer en Job Tichelman erin een open dialoog te voeren over de complexe en weinig besproken emoties die vrijkomen bij het ingewikkelde proces dat Harriëtte in ging. Angsten over het uiteenvallen van hun huwelijk en veroordeling in hun kleine Friese dorpje bleken vele malen groter dan de realiteit waarin Harriëtte met weinig problemen onderdeel van de gemeenschap is gebleven. Veel belangrijker is de vraag of ze in een bikini of een badpak zal gaan zwemmen. Mevrouw Faber is een warm, intiem portret van een nuchter koppel dat met een open blik de toekomst tegemoet gaan. Het leven is immers niet te voorspellen.

Huidhonger

Teledoc Campus: Vader + Huidhonger
In het kader van Teledoc Campus zijn dit jaar twee korte documentaires van jonge regisseurs te zien die de relatie tussen vaders en hun kinderen bestuderen en visueel de thematiek versterken. In Vader (Isabel Lamberti) staat de relatie tussen een vader en zoon centraal die door problemen bij jeugdzorg terecht zijn gekomen en elkaar jaren niet gezien hebben. Na jaren proberen zij hun relatie weer nieuw leven in te blazen. De statische, afstandelijke shots versterken het gevoel dat er een onoverbrugbare afstand tussen de twee ontstaan is. De jongen is immers zonder zijn vader opgegroeid. Hun verleden en traditionele genderrollen staan op dit moment in de weg van een emotionele connectie.

Huidhonger (Lieza Röben) slaat het tegenovergestelde pad in en onderzoekt het verlangen naar fysieke vormen van liefde. Eén van de subjecten is een jonge vader die zelf zonder vader opgroeide. Met zijn pasgeboren kind moet hij leren hoe het is fysiek de liefde voor zijn kroost te uiten en zich open te stellen voor vormen van liefde die hij zelf nooit gekend heeft. Met sensitieve beelden, dicht op de huid geschoten, ben je als kijker zelf betrokken bij die fysieke intimiteit. De subjecten zijn bijna voelbaar aanwezig.

 

25 september 2019

Preview NFF 2019 Deel 2

MEER FILMFESTIVAL

Last Male on Earth, The

***
recensie The Last Male on Earth

Een diersoort kost wat kost behouden

door Nanda Aris

The Last Male on Earth toont de laatste duizend dagen van Sudan, de enige mannelijke noordelijke witte neushoorn op aarde. Tot aan zijn dood in maart 2018 leefde hij op de Keniaanse savanne en werd daar verzorgd door bevlogen mensen, die hun leven zouden geven om hem te beschermen. 

Het team bestaat niet alleen uit rangers, verzorgers, en pr- en marketingmedewerkers, maar ook uit wetenschappers die met nieuwe technieken proberen de neushoorn te laten voortbestaan. Vele toeristen en journalisten trekken naar Ol Pejeta om de neushoorn te aanschouwen. ‘Vertel zijn verhaal’, zegt James, een van de tourleiders, ‘Wij moeten voor hem spreken, hij kan het niet meer.’ Maar is dit ware bevlogenheid, of een gecreëerde en opgetuigde kermis? 

The Last Male on Earth

Floor van der Meulen (1989) debuteerde met haar film Paradijsbestormers (2014), waarin ze Nederlandse jihadstrijders aan de Syrische grens portretteert. Haar korte film 9 Days – From My Window in Aleppo (2015, in co-regie met Thomas Vroege) toont de eerste negen dagen van de burgeroorlog in Aleppo, gefilmd door het raam van de Syrische fotograaf Issa Touma. Deze film won de European Film Award voor de beste korte film.

Mensheid
The Last Male on Earth start met de voice-over die het verhaal vertelt van God en de keuze die hij geeft aan steen, het dier en de mens. Een eeuwig leven zonder kinderen, of kinderen krijgen maar sterfelijk zijn. Ieder gaat zijns weegs en komt terug om de keuze aan God door te geven. De steen kiest voor een eeuwig leven, het dier voor de sterfelijkheid, maar de mens keert niet terug bij God. Met deze metafoor lijkt Van der Meulen ons duidelijk te willen maken dat de mens zijn weg gaat en denkt dat hij het voor het zeggen heeft.

Alle mensen rondom de neushoorn vertellen waarom Sudan zo belangrijk voor hen is, en wat hij met hen doet. Naarmate de film vordert, en ook de toeristen aan het woord zijn om te vertellen wat het aaien van de neushoorn met hen gedaan heeft, proeven we steeds meer de kritische, sarcastische toon van het verhaal. De rangers die in het veld liggen en oefenen, toegeroepen door hun baas – het heeft iets lachwekkends. De plaatsvervangende schaamte die ons soms ten deel valt, doet lichtelijk denken aan de schaamte die de kijker voelde bij het bekijken van Oeke Hoogendijks Het Nieuwe Rijksmuseum (2014).

The Last Male on Earth

Uitsterven
We volgen ook de wetenschappers, die het sperma van Sudan voor de volgende 3.000 jaar weten te bevriezen, en zo tijd winnen om met een oplossing te komen. Van der Meulen vraagt de wetenschappers waarom we de noordelijke witte neushoorn niet mogen laten uitsterven. En daar weten ze niet direct een antwoord op. Er volgen scènes waaruit we kunnen concluderen dat Van der Meulen ons aan het denken wil zetten over welk belang we aan een dier hangen; het insect dat met een vliegenmepper tijdens een persconferentie over Sudan de volle laag krijgt, het schaap dat geslacht wordt, en de vliegen die tegen het elektrische rooster verbrand worden.

Ondertussen tikken Sudans dagen weg, zich van geen kwaad bewust en niet beseffend dat hij de laatste van zijn soort is. Hij ondergaat de aaitjes van toeristen, wordt ouder met de dag, neemt zijn eten in ontvangst en krijgt naar het einde toe steeds meer wonden op zijn lijf.

Terechte vragen
Het is goed dat Van der Meulen ons aan het denken wil zetten, goed dat ze terechte vragen stelt, maar het roept ook een beetje medelijden op met iedereen die wordt geportretteerd. De film mist soms een beetje snelheid en de boodschap is niet eenduidig. Maar goed is het wel dat we nadenken over waarom we een diersoort kost wat kost willen behouden, in plaats van ons als mensheid boven alles te plaatsen en te denken dat wij een diersoort moeten redden. Hadden we ook niet beter iets eerder in actie kunnen komen? Dan had de onwetende Sudan niet beschermd hoeven worden door de mens die hem naar het randje van de afgrond bracht.

 

16 september 2019

 

ALLE RECENSIES

Veearts Maaike

****
recensie Veearts Maaike

Lief en leed van een stoere Groningse

door Nanda Aris

De uit Loppersum afkomstige Maaike geeft een inkijk in haar leven als veearts. Daarnaast is ze actief als vertegenwoordiger van de Nederlandse dierenartsen in Europa. En strijdt ze voor het terugdringen van overmatig antibioticagebruik. Kalfjes worden geboren, presentaties gegeven, administratie gedaan; zeker, moedig en doortastend gaat Maaike te werk. 

Jan Musch en Tijs Tinbergen werken sinds hun afstuderen aan de filmacademie samen, zo maakten ze eerder de films Gebiologeerd (1994) en Rotvos (2009). Voor deze laatste documentaire ontvingen ze een Gouden Kalf. Gefascineerd door de natuur en de verschillende belangen daarbij, heeft het filmmakersduo ditmaal gekozen om de Nederlandse melkveehouderij – de boeren, het beleid en de veeartsen – in beeld te brengen. Drie jaar lang hebben ze hen gevolgd, de eerste anderhalf jaar zonder te filmen, daarna alles realistisch in beeld brengend.

Veearts Maaike

Meisjesdroom
Maaike besloot als klein meisje dat ze graag veearts wilde worden nadat ze een vrouwelijke veearts aan het werk zag. ‘Dat is leuk, dat is gezellig, dat is stoer’, en zo werd ook zij veearts. Ze is als een vis in het water bij de boeren, binnen het Van Stad tot Wad, het team van veeartsen waar ze werkt, maar ook als bestuurder van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde (KNMvD) wanneer ze in een presentatie haar visie geeft op het antibioticabeleid.  Ook tijdens de internationale vergadering van de Federatie van Europese veeartsenorganisaties, waar ze verkozen wordt door collega’s als vertegenwoordiger, staat ze haar mannetje.

De film start met beelden van een lange besneeuwde weg in een uitgestrekt landschap in Noord-Groningen. De camera draait en in de auto zien we het gezicht van veearts Maaike, een diepe frons tussen haar wenkbrauwen laat haar nog steeds geen veertig lijken. Ze oogt jong en lieflijk, maar een volgend beeld laat zien dat ze van wanten weet, wanneer we haar met haar arm in het achterwerk van een koe zien, op zoek naar een kalf, dat doodgeboren zal worden. Dit soort plaatje zien we nog vaker voorbij komen, want naast de geboortes is dit de manier om te ondervinden of een koe drachtig is of kan worden geïnsemineerd. Het is werken, met drie man sterk, de poten aan een ketting, trekken ze het kalfje uit de moederkoe.

Leven en dood
Een dood kalf betekent geen inkomsten, maar zo zien we later in de film, met een stier is de boer ook niet zo blij. ‘Klote, een stier’, zegt de boer wanneer hij het geslacht van een net geboren kalf bekijkt. ‘We mogen niet meer koeien houden, maar toch wil je altijd een vaarskalf’. De boer legt uit dat hij door wet- en regelgeving nooit weet waaraan hij toe is. Het zou zo kunnen zijn dat de vaarskalveren die hij groot brengt – want om de melkproductie in stand te houden zullen er nieuwe kalveren geboren moeten worden – en dus kosten met zich meebrengen, niet mogen blijven. Een economische tegenslag en zonde dat er dan koeien onnodig naar de slacht zullen gaan.

Veearts Maaike

Dat de melkveehouderij geen gezellige keuterboerderijtjes zijn, maar boerenbedrijven, wordt niet alleen hierdoor duidelijk, maar ook wanneer jonge kalfjes gescheiden van hun moeder gezet worden, en we ze verkocht zien worden. Wanneer we een noodslachting zien van een koe die lelijk uitgegleden is en niet weer overeind komt. Door de koe bewusteloos te schieten en daarna leeg te laten bloeden, net zoals dat in een slachthuis gebeurt, kan het vlees nog gegeten worden. Of van een andere koe met letsel die geëuthanaseerd wordt. ‘Het is goed meisje, bedankt voor de melk die je gegeven hebt hoor’, zegt de boer terwijl hij haar kop aait. Begaan met zijn koeien, leven en dood gaan hand in hand op een boerderij.

De zorgvuldig gekozen beelden, het eerlijke beeld en de puurheid van veearts Maaike maken deze film meer dan de moeite waard. Het beroep van veearts blijkt hard werken, voor Maaike is het allemaal misschien net iets teveel bij elkaar. Daarom denkt ze, soms geëmotioneerd, na over het maken van moeilijke keuzes die zijn gericht op een volgende fase binnen de melkveehouderij.

 

24 juli 2019

 

ALLE RECENSIES

Ik ben er even niet

****
recensie Ik ben er even niet

Waar komen die beelden vandaan?

door Ries Jacobs

De wolf kijkt Caro aan met zijn felgele ogen. Langzaam komt hij vanuit haar ooghoek op haar af. Bijna iedere dag weer bezoekt hij haar, soms meerdere keren per dag. De wolf is niet echt, maar tijdens haar aanvallen ervaart Caro hem als levensecht.

Als kind speelde documentairemaakster Maartje Nevejan tijdens een dagje aan het strand in de branding. Opeens kreeg ze een black-out. Het viel haar ouders op dat ze enkele seconden van de wereld leek te zijn. Haar vader nam haar mee naar het ziekenhuis, waar artsen de diagnose absence epilepsie stelden. Deze ziekte uit zich niet in de heftige aanvallen die andere vormen van epilepsie kenmerkt, een aanval (ook absence genoemd) duurt maar enkele seconden en uit zich naar buiten toe slechts door afwezigheid. Iemand is even weg van deze wereld en na hoogstens dertig seconden weer bij bewustzijn.

Ik ben er even niet

Neurowetenschappers nemen tijdens een aanval geen abnormale hersenactiviteit waar en concluderen daarom dat er dan niets is, maar dat zit Nevejan niet lekker. Volgens haar is er wel degelijk iets. Ze ziet beelden tijdens een aanval, en met haar vele medepatiënten. Haar zoon Abel heeft ook absence epilepsie. Hij ziet sterren en andere hemellichamen. Caro ziet een wolf. En de filmmaakster zelf tenslotte ziet telkens weer dezelfde beelden uit Pepper Police Woman, een Amerikaanse televisieserie uit de jaren 70.

Geen charlatans
Wat zien Nevejan en haar lotgenoten tijdens hun epileptische aanvallen? De wetenschap kan hierop geen antwoord geven. Daarom wendt de regisseuse zich tot kunstenaars, die zo goed mogelijk weergeven wat zij, Abel, Caro en anderen zien als ze er even niet zijn. Het mooie is dat ook de neurologen, begiftigd met de hen kenmerkende wetenschappelijke nieuwsgierigheid, het project met interesse volgen. Ze zien de kunstenaars niet als concurrenten of charlatans. De wetenschap kan steeds meer, maar niet de beelden van een absence zichtbaar maken.

Maar nadat de kunstenaars de ervaring zo zichtbaar mogelijk maken, speelt bij Nevejan nog steeds de vraag of wat ze ziet tijdens haar absences echt is. Pepper is er wel voor haar, maar niet voor de rest van de wereld. In het tweede deel van de film probeert ze die vraag zo goed mogelijk te beantwoorden.

Ik ben er even niet

Leonardo da Vinci
De spooky en soms bewust rommelige filmbeelden doen op momenten denken aan een videoclip. Ze overladen het publiek met emoties en vragen, altijd gesteld vanuit het perspectief van de mensen die absences ervaren. Wat zie ik? Hoe komt het dat ik dit zie? Is wat ik ervaar tijdens mijn absences echt? En als het echt is, waar komt het dan vandaan? En misschien wel de belangrijkste vraag: hoe geef ik mijn aanvallen een plaats in mijn leven? Verwacht hierop geen kant-en-klare antwoorden of nieuwe inzichten, maar wel een film die je meesleept in de ervaringswereld van iemand met absence epilepsie.

Leonardo da Vinci was kunstenaar, wetenschapper en filosoof. Hij en zijn tijdgenoten konden de drie disciplines niet los van elkaar zien. Later gingen kunst, wetenschap en filosofie ieder hun eigen weg. Nevejan brengt de drie weer samen in Ik ben er even niet. In haar zoektocht naar de kern van haar ziekte vlecht ze wetenschappelijke inzichten, filosofische vraagstukken en artistieke uitingen ineen. De film lang gaan epileptici, kunstenaars en wetenschappers de dialoog met elkaar aan. De documentaire is meer dan de som van deze drie delen.

 

19 juni 2019

 

ALLE RECENSIES