Recensie: Phantom Thread

****

recensie Phantom Thread

Capitulatie in de liefde

door Yordan Coban

De achtste film van Paul Thomas Anderson gaat over de strijd in de verhoudingsstructuur binnen een relatie en de zoektocht naar een balans tussen de liefde die we willen krijgen en de liefde die we te bieden hebben.

Reynolds Woodcock (Daniel Day-Lewis) is een elitaire kledingmaker. Zijn jurken zijn alleen bedoeld voor de meest gefortuneerde. Woodcock is een erg elegante maar moeilijke man. Hij is ijdel, verwend en obsessief bezig met de perfectie in zijn vakmanschap. Alles draait om zijn wil en hij dwingt ieder tot een passantenrol in zijn wereld. Alleen de relatie met zijn assistente Cyril is gebaseerd op wederzijds respect. Cyril (Lesley Manville) is een erg strenge no-nonsense vrouw die weet hoe ze een blaffende hond in bedwang moet houden.

Phantom Thread

Reynolds is nooit getrouwd en formuleert zijn leven stellig als een liefdeloze eenling die toebedeeld is aan zijn vak. Hier komt verandering in als hij valt voor de jonge Alma (Vicky Krieps), in wier imperfecties hij perfectie ziet. De film leert ons aan het begin dat er een routine is in de manier waarop Woodcock verliefd wordt. Hij valt voor uiterlijke schoonheid en raakt na geringe tijd geïrriteerd op de vrouwen uitgekeken. Hij is even veeleisend voor zijn vrouwen als voor zijn jurken.

Alma lijkt in het begin te bezwijken onder zijn regie in de relatie. Echter kan Alma door zijn poppenkast heen prikken. Het is interessant om te zien wie nu werkelijk de bespeler van wie is. Reynolds had een bijzondere relatie met zijn moeder. Hij vertelt Alma hierover tijdens hun eerste etentje. Hij is op zoek naar bemoederende liefde, al laat zijn neurotische drang naar controle dit niet toe. Alma is echter een sterke vrouw en kent hem beter dan hij zichzelf kent.

Transitie in stijl
De regiestijl van Paul Thomas Anderson heeft in de loop van zijn carrière een verandering ondergaan. Hij begon met flitsend, dynamisch camerawerk. Snel bewegende scènes waarin veel informatie zich snel na elkaar opvolgde onder begeleiding van catchy popmuziek, zoals in Boogie Nights (1997) en Magnolia (1999). Deze flashy heersende filmdoctrine uit de jaren negentig, die begon met de innovaties van Goodfellas (1990), kleurde zijn werk op significante wijze. Regisseurs als Martin Scorsese, Quentin Tarantino, Oliver Stone en David Fincher zijn collega’s die een overeenkomende regiestijl hanteerden.

Phantom Thread

Paul Thomas Anderson is echter sinds de 21ste eeuw een andere richting ingeslagen. Een richting die minder op het werk van Scorsese lijkt maar meer overeenkomsten heeft met de stijl van Stanley Kubrick en Terrence Malick. Deze transitie begint subtiel in Punch-Drunk Love (2002) maar is radicaler in There Will Be Blood (2006) en The Master (2012). Paul Thomas Anderson gebruikt nu voornamelijk klassieke of experimentele melodieën om zijn werk te ondersteunen. Verder is het camerawerk (wat hij in Phantom Thread voornamelijk zelf deed) rustiger en eleganter geworden met scènes die nu meer ademruimte krijgen maar nooit statisch zijn. 

Maar misschien wel het belangrijkste in Paul Thomas Anderson’s werk is ook het hoogtepunt in Phantom Thread: het acteerwerk. De drie grote rollen in de film worden heel genuanceerd gespeeld. Het kan geen toeval zijn dat de films van Anderson misschien wel het beste acteerwerk van de laatste twintig jaar bevat. Joaquin Phoenix, Julianne Moore, Philip Seymour Hoffman, Daniel Day-Lewis of Adam Sandler, Anderson weet altijd een maximale performance uit zijn acteurs te halen.

Overgave
Er gebeurt niet veel in Phantom Thread. Er zijn geen grote gebeurtenissen waaraan het verhaal zich optrekt. We kijken naar twee mensen en de verloop van hun relatie. Er is geen overdreven romantiek, maar een psychoanalytische studie over de liefde die ze delen. De twee dansen een wals vol compromissen, strijd en acceptatie. De overgave aan dat wat zij zoeken in een partner.
 

28 februari 2018

 
MEER RECENSIES