Manifesto 2018 – Deel 2

Manifesto Film Festival – Deel 2: Korte films
‘Focus on the Netherlands’

door Sjoerd van Wijk

De sfeer van het eerste Manifesto Film Festival komt met name tot zijn recht in de vele korte films. In een kleine zaal kijken we en na afloop discussiëren we er over, samen met een aantal van de makers. Het blijkt een intieme ervaring. In het programma ‘Focus on the Netherlands’ staat ons land centraal. Vijf korte films van Nederlandse makelij, die sterk uiteenlopen qua thematiek en stijl.

Het programma gaat voor een gedeelte over het karakter van de Nederlandse samenleving. De urgente documentaire Seismos brengt een indringende kijk in de problematiek rondom de Groningse gasbel. Zwervende shots gecombineerd met verhalen van omwoners in voice-over geven deze situatie een eigen verhaal.

The Woman Weighing Gold voelt meer Frans dan Nederlands, niet alleen door de taal. Het video-essay over de Gouden Eeuw is een hoogdravend verhaal over de vertoonde kunst van Hollandse meesters, stijlvol afgewisseld met modern transport, als duiding van het ontluikende kapitalisme.

Manifesto Film Festival

Wisselende kwaliteit
Andere werken hebben een kleinere band met Nederland, buiten het feit dat de productie (deels) Nederlands is. De kwaliteit wisselt sterk. Ensammen tracht op lichtvoetige en eigenzinnige wijze de belevingswereld van een meisje, dat is beperkt door sociale angst, weer te geven, maar doet dit op een te geknutselde manier.

Future Perfect werpt een indringende sobere blik op Koreanen die ondanks de populariteit discreet plastische chirurgie ondergaan in hun queeste naar schoonheid, maar wordt daarin te steriel.

De afsluiter Shiro is een weinig bijzondere uiteenzetting van een standaardverhaal over wraak, waar een dromerige flashback weinig aan kan veranderen.

 

29 mei 2018

 

DEEL 1: Speelfilms en documentaires

 

 

MEER FILMFESTIVALS

Manifesto 2018 – Deel 1

Manifesto Film Festival – Deel 1: speelfilms en documentaires
Van Koerdische karakterstudies tot paranoia-spektakel

door Sjoerd van Wijk

Voor de eerste maal wordt het Manifesto Film Festival, voorheen Norwich Radical Film Festival, in Amsterdam gehouden. De organisatie kiest voor politieke en subversieve films, die het publiek aan het denken moeten zetten. De atmosfeer is vriendelijk en de filmvertoningen zijn kleinschalig. Na afloop is er vaak ruimte tot reflectie met de aanwezigen. Dat maakt het festival onderscheidend.

House Without Roof – Karakterstudie van Koerdistan
Jan, Alan en Liya zijn broers en zus van elkaar. Geboren in het Koerdische gedeelte van Irak, maar getogen in Duitsland. Elk is het eigen pad opgegaan: Jan het moederskindje, Alan de kruimelcriminaliteit en Liya de muziek. Als hun moeder komt te overlijden kort na de val van Saddam Hoessein moeten ze terugkeren naar hun roots voor de begrafenis. Eenmaal daar blijkt dat haar laatste wens is om naast hun vader te worden bijgezet in plaats van het familiegraf van hun oom. Wat volgt is een roadtrip door een Irak waar de rust na de Tweede Golfoorlog is wedergekeerd maar de volgende destabilisering van ISIS alweer op de loer ligt. Tijdens de tocht leren de drie niet alleen elkaar opnieuw kennen, maar ook waar ze vandaan komen. Alle ontmoetingen met Koerdische Irakezen krijgen eenzelfde uitdieping als de onderlinge verhoudingen.

House Without Roof

Op deze manier is House Without Roof een film die meer is dan drie karakters veroordeeld tot elkaar dankzij een MacGuffin. Op vernuftige wijze weet het scenario van regisseur Soleen Yusef het kleine drama van Jan, Alan en Lyia te verbinden met dat van de Koerden die ze ontmoeten. De universele gedachte van de mensheid als een grote familie wordt daardoor op inlevende wijze getoond. Het acteerwerk draagt op grote wijze bij aan de emotionele impact. Met name het spetterende vuurwerk als Jan (Sasun Sayan) en Alan (Murat Seven) met elkaar in de clinch liggen doet de film leven. Liya (Mina Sadic) lijkt hierbij achterop te raken met haar ingetogen spel, maar geeft daarmee ook het juiste tegenwicht.

De regie lijkt echter niet volledig aan te sluiten bij de sterkte van de film. Zo wordt bij het camerawerk soms gekozen voor weidse shots van het landschap, terwijl het acteerwerk vraagt om constant op de huid te blijven. Ook wordt het Koerdische Irak zo wat te lieflijk neergezet en blijven de dreiging van ISIS of de gevolgen van de Amerikaanse inval weinig invoelbaar.

9-22: Democracy Held Hostage – Prutserige animatiefilm
Wat hebben de Amerikaanse presidentsverkiezingen tussen Carter en Reagan, de Iraanse gijzelingscrisis, de Iran-Irak Oorlog, de Iran-Contra-affaire, de War on Drugs in de tachtiger jaren en de dood van twee Amerikaanse senators met elkaar te maken? Volgens 9-22: Democracy Held Hostage heel veel. In deze animatiefilm wordt advocaat Brad DiPalo ingehuurd door de mysterieuze gevangene Ian Leidholdt, die graag de gevangenis uit wil. Leidholdt geeft aan dat hij over gevoelige informatie aangaande de Amerikaanse overheid beschikt, waarna DiPalo in zijn onderzoek steeds dieper in een grote samenzwering omtrent de eerder genoemde onderwerpen wordt gezogen. Met alle spannende gevolgen die men had kunnen verwachten, zoals een verdacht sujet dat hem maant op te houden.

9-22: Democracy Held Hostage

Niet zozeer de Amerikaanse democratie wordt gegijzeld, maar vooral de kijker. De animatiestijl heeft een knullig karakter, wat verergerd wordt door de grote herhaling in shots. Het zou een spannend verhaal moeten zijn, maar het helpt niet dat alle karakters bijna exclusief frontaal worden getoond terwijl ze tegenover elkaar zitten om weer een stukje informatie in overduidelijke expositie te vertellen. Het helpt ook niet dat alle stemmen bijzonder monotoon blijven, ongeacht de omstandigheden. Zo is er nauwelijks intonatie als iemand zich bedreigd of beledigd voelt. Dit alles is ook niet een verrassing. Het is namelijk zonneklaar dat de schrijver-regisseur de karakters beschouwt als marionetten die zijn onbewezen samenzweringstheorie als waarheid dienen te brengen, zoals dat de CIA (waar absoluut het een en ander op aan te merken valt) drugs zou verkopen aan de eigen bevolking. Gekoppeld met een uit de plaats vallend optreden van de schrijvers eigen band met foto’s van gruwelijkheden op de achtergrond, is het pasklaar dat iemand op zelf verheerlijkende wijze een appeltje te schillen heeft met de Amerikaanse overheid.

A Bridge Between Two Worlds – Verheffende documentaire
Op het Indonesische eiland Flores, dat de reguliere toerist links laat liggen op zijn toer, wordt op innoverende wijze getracht de gemeenschap te laten ontsnappen van de armoede. De van origine Québécois Gilles Raymond streek er rond 2000 neer om drinkwatervoorzieningen aan te leggen, ontmoette een vrouw en bleef er hangen. Hij probeert op verschillende manieren de gemeenschap vooruit te helpen.

De geroutineerde documentairemaker Pascal Gélinas volgt zijn vriend Gilles en de gemeenschap van Flores bij deze initiatieven en zet hun succes uiteen. Het begon met het idee van rentevrije leningen van mensen in Quebec aan Indonesische boeren, zodat deze in staat waren hun inkomen te verdubbelen. Inmiddels is er een heel netwerk opgebouwd tussen Québécois en het eiland Flores, wat wordt gereflecteerd in de titel van de documentaire.

A Bridge Between Two Worlds

Alle verschillende instituten die een vinger in de pap hebben, komen aan bod. Van de integere gemeentebestuurder tot de katholieke stichting die wars lijkt van de religieuze spanningen tussen christenen en moslims elders in Indonesië. Interviews met betrokkenen geven de impact van de initiatieven weer, afgewisseld met zalvende voice-over van Gélinas zelf die de diverse activiteiten van context en geschiedenis voorziet. Het schept een inspirerend beeld hoe er meer mogelijk is door de handen uit de mouwen te steken dan men zou denken, buiten de traditionele NGO’s om.

Helaas laat de documentaire na om al te diep in te gaan op de dagelijkse levens van de bewoners buiten het enthousiasme om. Daarnaast wordt geen van de geïnterviewden kritisch bevraagd. Om deze reden wordt het geheel wat te veel een hosannaverhaal en blijft het onbekend waar de knelpunten zitten of waarom dergelijke initiatieven niet wijder verspreid zijn.

Ingenium – Paranoïde spektakelstuk
Felicitas’ leven ligt danig overhoop en gedurende de gebeurtenissen van Ingenium wordt het alsmaar erger. Van jonge leeftijd is ze al bevriend met Natascha, die ze in het weeshuis leerde kennen. Maar ze heeft haar beste vriendin al een tijdje verloren, want Natascha is opgenomen in een psychiatrische inrichting. Ondertussen is Felicitas zelf ook in therapie, omdat ze geteisterd wordt door nachtmerries over haar jeugd. Als Felicitas de gezamenlijke droom van een reis naar Thailand alleen in vervulling brengt, begint een mysterie na een ontmoeting met een Duits sprekende Thaise met wie ze het goed kan vinden. Het lijkt steeds meer alsof haar leven niet is wat het lijkt. En de enige die haar kan helpen antwoorden te geven is Natascha. Samen komen de twee hartsvriendinnen in een enerverend kat-en-muisspel terecht, waar het moeilijk aan te ontsnappen is.

Ingenium

Tijdens de wereldpremière op het Manifesto Film Festival spatte het enthousiasme van de crew af. Deze geestdrift is dan ook kenmerkend voor de film. In de vijf jaar durende productie was er ruimte genoeg om het scenario van Michael Knoll aan te scherpen, wat leidt tot een doorwrocht mysterie. De thematiek van psychische problemen en de onzekerheid over wat echt is en wat niet, doet denken aan de recente film Unsane, maar dan vermengd met een vleugje bovennatuurlijk puzzelwerk à la de serie Dark (ook van Duitse makelij). Toch wordt nagelaten het gehele mysterie prijs te geven, wat het einde extra intrigerend maakt. De constante sprongen tussen Felicitas’ nachtmerries, de verrassingen waar ze in het echte leven voor komt te staan en spannende actie maakt haar paranoia invoelbaar.

De regie van Steffen Hacker maakt het strakke scenario echter tot een pompeus spektakelstuk. Het vlugge camerawerk tracht alles in beeld te brengen zoals bij een reguliere actiefilm, waar een subjectievere benadering meer had toegevoegd. Alle abrupte montage wordt begeleid door bruuske geluidseffecten, die in bombast de theatrale soundtrack weten te overstijgen. Dit doet afbreuk aan het zorgvuldig in elkaar stekende mysterie en in plaats van te vervoeren stompt het juist af.

 

28 mei 2018

 

DEEL 2: Korte films

 

MEER FILMFESTIVALS

Vier dagen subversieve films

Manifesto Film Festival in Amsterdam
Vier dagen subversieve films

Het Manifesto Film Festival heeft haar eerste editie verspreid over meerdere filmtheaters in Amsterdam van 25 tot en met 28 mei. Tijdens deze vier dagen draaien er meer dan 200 onafhankelijke filmproducties, die variëren van korte films tot speelfilms en documentaires.

Het festival stond voorheen bekend als het Norwich Radical Film Festival en is voor deze rebranding verhuisd naar Amsterdam. De organisatie kiest voor subversieve films die het publiek aan het denken zetten. Dit kan zowel in substantie met politiek georiënteerde cinema als met formele experimentatie. Hierbij wordt zoveel mogelijk samengewerkt met lokale groepen om een hechte gemeenschap te creëren, onder meer met diverse creatieve workshops.

Democracy Held Hostage

“The Disunited States of America”
De rode draad is dit jaar “The Disunited States of America”. Het programma vertoont vele films die laten zien hoe de VS en de rest van de wereld in een goedkope realityshow veranderden met in de hoofdrol Donald Trump. Zo is er de tragische animatiefilm 9-22: Democracy Held Hostage over een advocaat die zijn cliënt probeert vrij te krijgen terwijl op de achtergrond problematiek rond het Iran van de tachtiger jaren speelt (waarbij de regisseur Bamdad Bahar aanwezig zal zijn).

Buiten Trumps realityshow dendert de huidige milieucatastrofe voort. De documentaire Beyond the red lines, system change not climate change doet een duit in het zakje als het diverse initiatieven van actievoerders volgt. Het festival barst van het korte werk, in uiteenlopende genres, van avant-garde tot comedy.

Randprogrammering
Het thema is ook een valide excuus om de vorig jaar overleden regisseur George A. Romero te eren. De zombie kan immers worden gezien als een metafoor voor de consument die machteloos staat tegenover de massale krachten van afleiding, zoals Trumps twitterfeed. Romero’s bekendste zombiefilm Night of the Living Dead wordt op de slotdag vertoond.

Night of the Living Dead

Manifesto verzorgt daarnaast een samengesteld programma van Steve Armor, een Amerikaanse film- en audiovisuele kunstconservator, kunstenaar en muzikant gevestigd in Amsterdam. Als directeur en hoofdconservator van de Amsterdam Film eXperience, specialiseert hij zich in multimedia, videokunst en experimentele cinema. Onder het motto “Breaking Out of the Frame” focust AFX zich op de filmische beleving en het verzorgen van meeslepende, instinctieve filmproducties, installaties en performancekunst.

Die Tochter
Manifesto Film Festival sluit op maandag af met Die Tochter (Dark Blue Girl), een harde karakterstudie over een disfunctioneel gezin. De gescheiden Jimmy en Hannah vallen weer voor als ze hun vervallen vakantiehuis in Griekenland proberen te verkopen. Echter zevenjarige dochter Luca is hier geen groot voorstander van en probeert de twee tegen elkaar uit te spelen, met alle gevolgen van dien. Die Tochter, het debuut van schrijver-regisseur Mascha Schilinski, draaide ook op de Berlinale.

Bekijk het hele programma hier.
 

25 mei 2018

 
MEER NIEUWS EN ACHTERGROND

Cannes 2018 – Deel 2

Filmfestival Cannes 2018 – Deel 2 (slot):
Feest voor de filmliefhebber

door Bert Goessen

Zaterdagavond 19 mei is het 71ste Filmfestival van Cannes afgesloten met de uitreiking van de Gouden Palm aan de film Shoplifters van de Japanse regisseur Hirokazu Kore-Eda. Een terechte bekroning voor de 56-jarige cineast die al sinds 1995 een aantal indrukwekkende films op zijn naam heeft staan, zoals: Nobody Knows, Still Walking en Like Father, Like Son.

SHOPLIFTERS markeert de terugkeer naar het sociaal-maatschappelijke engagement van Kore-eda’s eerdere films. Op een koude winterdag plegen Osamu Shibata en de jongen Shota hun gebruikelijke winkeldiefstallen. Op weg naar huis komen ze een bibberend jong meisje tegen. Bezorgd dat ze alleen zou kunnen doodvriezen, neemt Osamu haar mee naar huis, waar zijn vrouw Nobuyo zich zorgen maakt over het feit dat ze een extra mond moeten voeden. Maar als Nobuyo ontdekt dat het kleine meisje vol met kneuzingen en littekens zit kan ze het niet over haar hart verkrijgen het kind terug naar huis te sturen.

Shoplifters

Wat stelt het gezin nog voor?
Kore-Eda onderzoekt in SHOPLIFTERS wat een gezin nu eigenlijk voorstelt en of het nog steeds die bescherming biedt die het zou moeten bieden in de snel veranderende Japanse samenleving. Een prachtig uitgevoerde film die zowel charmant als hartverscheurend is. Hij zal straks ongetwijfeld de harten van zowel het arthouse publiek als het reguliere bioscooppubliek niet onberoerd laten.

De tweede prijs, de Grand Prix zoals die wordt genoemd, ging naar de film BLACKkKLANSMAN van de Amerikaanse oudgediende Spike Lee. Een verrassende comeback van een regisseur die 27 jaar geleden voor het laatst in de competitie van Cannes stond met zijn film JUNGLE FEVER.

Rechts-extremisme
Spike Lee’s laatste film vertelt het waargebeurde verhaal van twee politieagenten in Colorado, een zwarte en een blanke, die in het begin van de jaren 70 samen in de lokale Ku Klux Klan infiltreren. Vandaar de drie K’s in de titel van de film. Hun doel was het politieke en culturele racisme van alledag aan te tonen.

Op humoristische en soms cartoonachtige wijze vertaalt Spike Lee de gebeurtenissen van toen naar het heden. De aanleiding daartoe zijn de racistische rellen die in augustus 2017 in Charlotteville plaatsvonden. Spike Lee wil met zijn film duidelijk maken dat rechts-extremistisch geweld ook nu nog in Amerika aan de orde van de dag is.

Verwaarloosde kinderen
De derde prijs, ook wel de Prix de Jury genoemd, ging naar de film CAPHARNAUM van de Libanese cineaste Nadine Labaki. In werkelijk virtuoze stijl vertelt Labaki het verhaal van de 12-jarige Zaïn die zijn ouders aanklaagt omdat zij hem op de wereld hebben gezet. De film is een universele aanklacht tegen de manier waarop kinderen door hun ouders worden verwaarloosd, omdat ze om wat voor redenen dan ook de opvoeding niet aankunnen. Duizenden kinderen komen daardoor op straat terecht waar ze een miserabel bestaan leiden. Labaki weet in haar film de juiste snaar te raken om het onrecht dat deze kinderen wordt aangedaan aan de kaak te stellen.

De hond in de mens
De prijs voor beste acteur ging naar Marcello Fonte die de hoofdrol speelt in de nieuwe film van Matteo Garrone DOGMAN. Garrone, die al eerder in Cannes was met REALITY, GOMORRAH en TALE OF TALES vertelt het verhaal van Marcello, een klein onaantrekkelijk ogend mannetje, dat in een smoezelig oord aan de kust een hondensalon heeft. Vooral grote, uit de kluiten gewassen vechthonden bevolken zijn salon die vol staat met kooien.

Simoncino, een aan coke verslaafde mannelijke buldog, chanteert en misbruikt Marcello voortdurend voor zijn criminele activiteiten. Maar Marcello laat uiteindelijk niet met zich sollen en neemt op gruwelijke wijze wraak. De vechthond als metafoor voor de hond in de mens ligt voor het oprapen. In een Fellini-achtig en tevens neorealistisch decor maakt Garronne een film die als een mokerslag binnenkomt. Italiaanser dan Italiaans kan een film niet zijn.

Hopeloze moeder in winters Moskou
De prijs voor beste actrice werd toegekend aan Samal Yeslyamova die de hoofdrol speelt in het aangrijpende sociaal drama AYKA van de Russische regisseur Sergey Dvortsevoy.

De 25-jarige Ayka is vanuit Kirgizië in Moskou terechtgekomen waar ze in een kliniek een kind baart. Ze slaat op de vlucht zonder haar kind mee te nemen en gaat op zoek naar werk. De camera volgt Ayka dicht op de huid in haar zoektocht door een winters Moskou. Uiteindelijk wordt ze zo ver door de wanhoop gedreven dat ze bereid is het kind, geboren uit een verkrachting, te verkopen. Een sociaalrealistisch drama dat veel kenmerken vertoont met het werk van de gebroeders Dardenne. Vooral de ‘hand-held’ camera die voortdurend met de hoofdpersoon meeloopt en regelmatig close-ups schiet, vormt daar een exponent van.

Tweede week
Opvallend is dat alle prijswinnaars dit jaar in de tweede week van het festival aan bod kwamen. Ook de gedoodverfde winnaar bij de internationale journalisten, BURNING van Lee Chang-Dong, die helaas buiten alle prijzen is gevallen, beleefde pas tegen het einde van het festival zijn wereldpremière.

De Zuid-Koreaanse regisseur Lee Chang-Dong, bekend van films als POETRY en SECRET SUNSHINE, trekt in zijn nieuwe film 150 minuten uit voor een zorgvuldig opgebouwd verhaal over een ‘serial killer’. Het knappe van de film is dat Lee dat pas helemaal op het einde prijsgeeft. Wat begint als een ogenschijnlijk, romantische liefdesfilm ontaardt steeds meer in een vergeldingsfilm waarin de wraak zoet is. Omdat Lee ruim de tijd neemt om zijn drie protagonisten uitgebreid te introduceren lijkt de film aan de lange kant. Maar de lengte zorgt ook voor een spanningsveld dat minutieus wordt opgebouwd.

Lazzaro Felice

Aangename parabel
Vermeldenswaard is verder nog de nieuwe film van Alice Rohrwacher, LAZZARO FELICE. Het eerste deel van film speelt zich af op het pittoreske Italiaanse platteland. In een vrijwel geïsoleerd dorp leeft de jonge boer Lazzara te midden van een kleine plattelandsgemeenschap. Hij trekt vooral op met de jonge edelman Tancredi. Als Lazzaro op zekere dag van een klif naar beneden valt komt de tijd stil te staan.

Een voorbijkomende wolf maakt hem weer wakker, maar dan blijkt Lazzaro in de moderne tijd te zijn aangekomen. Hij gaat op zoek naar de mensen uit zijn verleden die verloren rond lopen in de moderne tijd. Een aangename parabel die zich kan meten met haar vorige prachtige film LE MERAVIGLIE.

Groot liefdesverdriet
De liefhebbers van het grote liefdesverdriet zullen ongetwijfeld ASAKO I +II van de Japanse regisseur Ryusuke Hamaguchi kunnen waarderen. De film begint met liefde op het eerste gezicht tussen de studente Asako en de onstuimige Baku. Even later zijn ze een gelukkig stel. Ze lijken voorbestemd voor elkaar en gedragen zich als twee tortelduiven. Niets lijkt hun band te kunnen verbreken. Maar op zekere dag verdwijnt Baku met de noorderzon. Jaren later, in Tokyo, denkt Asako dat ze Baku aan het werk ziet in een sake-bedrijf in de buurt van het café waar ze werkt. Maar het is Ryohei (ook gespeeld door Masashiro). Als Asako een afspraakje met hem maakt vertelt ze niets over de fysieke overeenkomsten met haar eerste grote liefde waardoor ze zich tot hem aangetrokken voelt.

Een film over de verlammende obsessie van de eerste grote liefde in je leven. Voor de smullers van liefdesverwerkingstrauma’s een niet te missen kans.

Het wachten waard
THE WILD PEAR TREE van de Turkse regisseur Nuri Bilge Ceylan, die een paar geleden de Gouden Palm won met zijn film WINTER SLEEP, werd als laatste toegevoegd aan het competitieprogramma. Ook nu trekt Nuri bijna drie uur uit voor een ervaring die vergelijkbaar is met het lezen van een dikke roman (de held is een beginnend romanschrijfster) doorspekt met filosofie, religie, politiek en morele dilemma’s. De laatste sequenties zijn echter het wachten waard. Dan worden de vele touwtjes aan elkaar geknoopt tot een klassiek einde waarin een jongeman zijn identiteit onder ogen ziet.

The House That Jack Built

Lars von Trier valt tegen
Een regelrechte tegenvaller (weliswaar buiten competitie) was de nieuwe film van Lars von Trier, de in ongenade gevallen Deense regisseur die weer mag meedoen op het  wereldpodium van het grootste internationaal filmfestival. Na zeven jaar verbannen te zijn geweest is Lars von Trier terug met een even morbide als griezelige horrorfilm waarin de hoofdpersoon Jack op gruwelijke wijze vijf vrouwen vermoordt, hen bewaart in een vriescel en hen gebruikt om er een huis mee te bouwen. Tussendoor levert hij interessante bespiegelingen over kunst, cultuur, architectuur, politiek en wetenschap.

Was er in MELANCHOLIA nog sprake van een algehele visie over de mensheid die langzaam afglijdt naar het einde van de wereld, in THE HOUSE THAT JACK BUILT zijn het niet meer dan enkele losse flarden die tot nadenken stemmen en ontbreekt een coherente samenhang. De film laat zich duidelijk moeilijker doorgronden dan het vroegere werk van de regisseur. Het lijkt wel of Von Trier zich steeds meer in zijn eigen subversieve wereld terugtrekt om ons vandaar uit te bestoken met onnavolgbare redeneringen.

Beoordeling
Van de 21 films in competitie waren er dit jaar…

13 zeer goed:
LETO
COLD WAR
LE LIVRE D’IMAGE
ASH IS PUREST WHITE
3 FACES
LAZZARO FELICE
SHOPLIFTERS
BLACKkKLANSMAN
BURNING
DOGMAN
CAPHARNAUM
AYKA
THE WILD PEAR TREE

3 goed:
ASAKO I + II
YOMEDDINE
EN GEURRE

5 slecht tot heel slecht:
TODOS LO SABEN
PLAIRE, AIMER, ET COURIR VITE
LES FILLES DU SOLEIL
UN COUTEAU DANS LA COEUR
UNDER THE SILVER LAKE

Er zijn maar weinig internationale filmfestivals die dergelijke hoge rapportcijfers kunnen laten zien. Daarom blijft Cannes elk jaar weer een feest voor elke rechtgeaarde filmliefhebber.

 

15 mei 2018

 

DEEL 1 Filmfestival Cannes 2018

 

MEER FILMFESTIVALS

Cannes 2018 – Deel 1

Filmfestival Cannes 2018 – Deel 1:
Kanshebbers en miskleunen

door Bert Goessen

Halverwege het 71ste Filmfestival van Cannes zijn er nog geen echt grote kanshebbers voor de Gouden Palm opgedoken. De film die er het dichtst bijkomt is ongetwijfeld COLD WAR van de Poolse regisseur Pawel Pawlikowski.

Na het indrukwekkende IDA uit 2014 opnieuw een film in zwart-wit en met normal beeld. Een liefdesverhaal tussen een dirigent en een zangeres van een koor dat zich afspeelt tijdens de Koude Oorlog van 1945 tot 1959. De dirigent vlucht naar het Westen. Zij gaat hem achterna. Maar beiden kunnen niet loskomen van hun Poolse roots. Een film over nationalisme, liefde voor het vaderland, liefde voor elkaar in een koude en kille tijd. De cinematografie is niet zo indrukwekkend als in IDA en het verhaal iets minder origineel. Maar de film staat als een huis mede door de prachtige muziek. Met als uitsmijter een spetterende versie van het legendarische nummer Rock Around the Clock.

Cold War

Teleurstellende openingsfilm
De openingsfilm TODOS LO SABEN van Asghar Farhadi, met in de hoofdrollen Javier Bardem en Penélope Cruz, was ronduit teleurstellend. De nieuwe film van Farhadi, bekend van films als A SEPARATION en THE SALESMAN, is typisch een geval van het falen van een cineast die een té groot budget en té grote sterren tot zijn beschikking krijgt. Farhadi’s voorgaande films werden alom geprezen vanwege hun subtiliteit. TODOS LO SABEN is echter gespeend van elke vorm van subtiliteit.

Penélope Cruz en Javier Bardem doen in het eerste deel van de film nog wel hun uiterste best er iets van te maken, maar naar het einde toe wordt het steeds meer een dood ordinaire whodunit-film. Ongeloofwaardige plotwendingen, lijken die in en uit de kast vallen en een nauwelijks aanwezig spanningsveld maken de film tot een moeilijk verteerbaar geheel. Grote sterren en een grote regisseur zijn nog geen garantie voor een goede film, zo blijkt maar weer eens.

Roadmovie per ezel
YOMEDINNE is een aardige Egyptisch roadmovie per ezel van debutant A. B. Shawky. De melaatse Beshar en de wees Obama gaan samen op zoek naar hun familie. Een reis van Noord- naar Zuid-Egypte waarbij ze onderweg de nodige tegenslagen te verduren krijgen. Beshar met zijn door melaatsheid aangetast aangezicht steelt natuurlijk de harten van menig toeschouwer. Als ze beiden op het einde besluiten terug te keren naar hun tehuis heb je 90 minuten zitten kijken naar een integer gemaakte film met een duidelijk humanistische inslag.

Ook aardig maar niet echt top is de film LETO van de Russische regisseur Kirill Serebrennikov, bekend van THE STUDENT. Kirill gaat met ons terug in de tijd en wel naar Leningrad 1980. In zwart-wit vertelt hij over een groep muzikanten die muziek maken geïnspireerd op de Velvet Underground en andere bekende bands uit de jaren zestig en zeventig. Geen voor de hand liggende muziekkeuze  in de toenmalige USSR. Het verhaal speelt zich dan ook af in een underground- achtige setting. Veel meer dan een nostalgische trip down memory lane wordt de film echter niet.

Iraanse gastvrijheid versus traditie
Regisseur Jafar Panahi vertelt in zijn nieuwe film 3 FACES het verhaal van Behnaz Jafari, een bekende Iraanse actrice die een video krijgt toegestuurd van een studente uit de provincie die zichzelf van het leven wil beroven omdat ze door haar familie onder druk wordt gezet haar studies aan het conservatorium in Teheran op te geven. Behnaz vertrouwt het zaakje niet en roept de hulp in van filmregisseur Jafar Pahani om ter plekke te gaan onderzoeken wat er nu werkelijk aan de hand is.

Ze reizen met de auto naar het Noord-Westen van Iran en ontmoeten talloze gastvrije mensen in het bergdorp waar het meisje vandaan komt. Maar ze ontdekken ook dat de bescherming van eeuwenoude tradities voor de bewoners net zo belangrijk is als de geboden gastvrijheid.

Hoewel de film een aardige inkijk biedt in het alledaagse leven op het Iraanse platteland is er nauwelijk sprake van aangrijpende dramatiek. De film kabbelt een beetje voort en gaat eigenlijk een beetje uit als een nachtkaars.

Verloren liefde in China
Enigszins teleurstellend is ASH IS PUREST WHITE van de Chinese regisseur Jia Zhang-Ke. Zijn film begint in 2001 in Shanxi, een mijnstad in het noordwesten van China die wordt bedreigd met het vooruitzicht een spookstad te worden. We maken kennis met Qiao, een vrouw met een uitgesproken persoonlijkheid. Ze begroet haar geliefde, de lokale gangster Bin met een speels klopje op de schouder. Als Bin wordt overvallen door een bende jonge motorrijders en hij zwaar wordt mishandeld, is het Qiao die tussenbeide komt met een pistool. Ze wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijf jaar wegens illegaal wapenbezit.

Als ze in 2006 wordt vrijgelaten, gaat ze op zoek naar Bin, in de veronderstelling dat ze hun leven opnieuw kunnen oppakken. Ze komt echter tot de ontdekking dat niets hetzelfde is gebleven en dat er geen weg terug is. De film vertoont veel overeenkomst met Zhang-ke vorige film MOUNTAINS MAY DEPART. Helaas blijft hij kwalitatief enigszins achter bij zijn voorganger.

Twee Franse missers
Ronduit slecht zijn twee Franse films in competitie. PLAIRE, AIMER ET COURIR VITE. Een typische Franse praatfilm van Christophe Honoré over twee mannen die een relatie hebben maar daarnaast vreemd gaan met diverse andere partijen, zowel mannen als vrouwen. Ellenlange conversaties over l’amour, het al of niet uit elkaar gaan, het verlies van dierbare oud-geliefden, etc. maken het tot één van die onvermijdelijke Franse films die elk jaar weer opnieuw in het hoofdprogramma van Cannes opduikt. Vermoeiend dus!

Nog bonter maakt Eva Husson het in haar film LES FILLES DU SOLEIL. Ergens in het noorden van Koerdistan vecht Bahar als commandant van het vrouwenbataljon ‘Girls of the Sun’ tegen een groep extremisten die haar zoon gevangen houdt. In het strijdgewoel ontmoet ze de Franse oorlogsjournaliste Mathilde die verslag doet van de strijd. Allemaal vechten ze voor hetzelfde doel: vrouwen, vrijheid en een vrouwvriendelijk bestaan. Ondanks alle goede en integere bedoelingen is de film niet meer dan een schreeuwerig pamflet. De pathetiek druipt ervan af, hetgeen afbreuk doet aan de geloofwaardigheid van het verhaal. Vrouwen die strijden voor vrijheid en een vrouwvriendelijke samenleving verdienen een betere film dan dit holle en bombastische vehikel.

Girl

Twee mooie films
Buiten de officiële competitie hebben een aantal films grote indruk gemaakt. Allereerst de Belgische film GIRL. Indrukwekkende debuutfilm van Lukas Dhont over de 15-jarige Lara die, als meisje geboren in een jongenslichaam, haar uiterste best doet een topballerina te worden. Gelijktijdig ondergaat ze een hormonenbehandeling om uiteindelijk volledig vrouw te kunnen worden. Het rustig opgebouwde portret ontleent zijn kracht vooral aan de geloofwaardige wijze waarop het verhaal verteld wordt en de formidabele manier waarop nieuwkomer Victor Polster de hoofdrol vervult.

Een aangename verrassing uit IJsland is WOMAN AT WAR. Regisseur Benedikt Erlingsson vertelt het verhaal van een vrouw die in haar eentje ten strijde trekt tegen een grote enegiemaatschappij. Daartoe verstoort ze regelmatig op originele wijze de energievoorziening. Met veel kunst en vliegwerk en met hulp van een vriendelijk boer lukt het haar lange tijd uit handen te blijven van de politie. Daarnaast heeft ze als ongetrouwde vrouw ook nog een kinderwens. Met hulp van haar zus lukt het haar een kind uit Oekraïne te adopteren. Een luchtige komedie met een serieuze ondertoon.

Tijdens de hele film duikt er regelmatig een muziektrio op dat aan de zijlijn op grappige wijze commentaar levert bij de beelden. Drie zangeressen in traditionele IJslandse klederdracht brengen authentieke liederen ten gehore waardoor het geheel een ‘native cinema’ karakter krijgt. Aangenaam om naar te kijken, met een voortdurende glimlach op de lippen.

Border

Buitenissig verhaal
Regisseur Ali Abassi is geboren in Iran maar leeft inmiddels al heel wat jaren in Zweden. Zijn film GRÄNS/BORDER is een ‘weirde’ film over een vrouw met een bijzonder sterk reukvermogen. In haar werk als douanebeambte kan zij met haar buitengewone talent aan de grens mensen opsporen die iets te verbergen hebben. Ze ziet eruit als een beest. Op zekere dag ontmoet ze een even lelijk mannelijk evenbeeld. Ze krijgen samen een relatie en dan krijgt de film een verrassende wending. Van doorsnee verhaal ontwikkelt hij zich tot een soort lieve horrorfilm waarin de beide geliefden zich ontpoppen als trollen met een staart die nieuwe, vreemdsoortige wezens op de wereld kunnen zetten. Een film voor de liefhebbers van excentrieke, afwijkende en buitenissige verhalen.

Tenslotte mag PAJAROS DE VERANO niet onvermeld blijven. Op vrij conventionele wijze geven Ciro Guerra en Christina Gallego een reconstructie van de ontstaansgeschiedenis van de drugshandel in het noorden van Columbia. Hoe rivaliserende autochtone stammen met hun traditionele gebruiken, erecodes en familiebanden vanuit hun oorspronkelijke primitieve bestaan verworden tot agressieve, tot de tanden bewapende bendes. De film mist de sereniteit en subtiliteit van Guerra’s vorige films als LOS VIAJES DEL VIENTO en EL ABRAZO DE LA SERPIENTE. Gelukkig valt er cinematografisch nog wel het nodige te genieten in dit rechttoe-rechtaan verhaal.

 

15 mei 2018

 

DEEL 2 Filmfestival Cannes 2018

 

MEER FILMFESTIVALS

Imagine 2018 deel 4

Imagine Film Festival 2018 – Deel 4 (slot):
Wordt fantasie ingehaald door de werkelijkheid?

door Alfred Bos

Imagine is het filmfestival waar de verbeelding de vrije teugel krijgt. Daar is het niet altijd vrolijk toeven. Veel recente fantastische films benadrukken de donkere kant van de mens. Trend: de realiteit van vandaag de dag overtreft de fantasie.

Unsane

Unsane – Gefundeerde paranoia
Het kan aan de datum hebben gelegen, maar voor Imagine was vrijdag de dertiende de dag van de nare films. Unsane van Steven Soderbergh gaat over een naar mens dat in een nare situatie terecht komt. Sawyer Valentini (Claire Foy) is verhuisd vanwege een stalker. Maar ze blijkt getraumatiseerd en belandt in een inrichting. Lijdt ze aan wanen of achtervolgt de belager haar tot achter de muren van het gesticht? Wat is echt en wat is inbeelding?

Unsane heeft een afwijkende vorm. Geen found footage, zoals in The Blair Witch Project of , maar gefilmd met de iPhone. Dat is in dit geval geen trucje; het maakt de film claustrofobisch, alsof je hem ervaart via het vernauwde bewustzijn van de hoofdpersoon. Sawyer is geen leuk mens, maar als kijker krijg je toch sympathie voor het kreng dat zich in een onmogelijke situatie ziet geplaatst.

Steven Soderbergh is te intelligent om aan het goed vertelde griezelverhaal geen extra laag toe te voegen. Achtervolgingswaanzin is het thema van de film en die wordt niet alleen gevoed door al dan niet ingebeelde belagers. Het economische systeem jaagt de paranoia aan, want de inrichting verdient aan zijn patiënten. Aldus tilt de regisseur dit vlot gemaakte tussendoortje uit boven het niveau van de genrefilm. Unsane draait vanaf 3 mei in de Nederlandse bioscoop.

Human, Space, Time and Human – Inktzwarte allegorie
De nieuwe film van Ki-duk Kim bevestigt diens reputatie als misogyne regisseur. Human, Space, Time and Human (ook bekend onder de titel The Time of Humans) is in zekere zin de tegenhanger van zijn poëtische en meest bekende film Spring, Summer, Fall, Winter … and Spring uit 2003. Het is een inktzwarte allegorie over het beest in Homo sapiens, een alternatief scheppingsverhaal waarin de mens wordt geboren in de hel, niet het paradijs.

Het verhaal vindt plaats op een afgedankte torpedojager, nu in gebruik als cruiseschip. Het is een ark, bevolkt door een pas getrouwd stel op huwelijksreis, een corrupte politicus en diens zoon, criminelen, beroepsoplichters, hoeren en losgeslagen studenten. De eerste akte, Human, is geen prettige introductie. Wanneer aan het begin van de tweede akte, Space, het schip in de lucht blijkt te zweven, kunnen de schepelingen hun ware aard ongeremd botvieren.

Er wordt gevochten om de voedselvoorraad. Er wordt gevochten om de vrouwen. Er wordt gevochten om de wapens aan boord. Er wordt gevochten om de macht. Groepsverkrachtingen, georganiseerde moordpartijen, kannibalisme—de regisseur houdt zich niet in. Maar het is allemaal saai en fantasieloos; plat en voorspelbaar. Dan duren 122 minuten erg lang.

De Eva van deze horrorvertelling, vertolkt door de Japanse actrice Mina Fujii, komt er als archetypische moeder beroerd van af. Haar kersverse echtgenoot wordt vermoord, ze doorstaat meerdere verkrachtingen, raakt zwanger van een onbekende donor en baart een monster. Ki-duk Kim legt het er dik bovenop, te dik.

Salyut-7 – Gewichtsloze rampenfilm
Deze Russische rampenfilm speelt voor een groot deel in het bevroren casco van een verlaten ruimtestation en als kijker krijg je het zelf ook koud, zo intens leef je mee met de twee kosmonauten die naar boven worden gestuurd om een onmogelijke klus te klaren en het station weer aan de praat te krijgen. Klim Shipenko baseerde zijn film op het waar gebeurde verhaal van het Russische ruimtestation Salyut dat in juni 1985 door een stroomstoring onbestuurbaar werd en dreigde terug te vallen in de dampkring.

Niet alleen gevaarlijk, want het geavanceerde schroot kan neerstorten in bevolkt gebied. Maar ook een smet op de Russische trots. En wat als de Amerikanen, de grote concurrent van ruimtevaartnatie USSR, zich de geheimen van de Russische technologie toe-eigenen? Shipenko’s film is geen documentaire, de regisseur voegt fictieve elementen toe aan het achtergrondverhaal. De patriottistische toon vergeven we hem graag, daar was Ron Howards Apollo 13 ook niet vrij van. Salyut-7 is minstens zo goed, wellicht beter.

Dat komt mede omdat in de tussentijd een film als Gravity is gemaakt; de proloog van Salyut-7 doet denken aan de eerste akte van die film. Shipenko draaide naar verluidt twintig minuten speelfilm in de ruimte en maar liefst veertig minuten in gewichtsloze toestand. Dat is te zien: de beelden van een lege cabine vol rondzwevend water is sprookjesachtig fraai. Ook de scène van de koppeling aan het rondtollende station is spectaculair en juist het realisme – niet de fantasie – maakt Shipenko’s film zo overtuigend. Het publiek van Imagine verkoos Salyut-7 voor hervertoning op de slotdag van het festival, de film verdient een Nederlandse bioscooprelease.

A Day – Time loop-film met twist
A Day is het filmdebuut van de Zuid-Koreaan Sun-ho Cho. Hij tekende tevens voor het scenario, na eerder het script van de horrorthriller Killer Toon te hebben aangeleverd. In die film lopen werkelijkheid en mediarepresentatie door elkaar. A Day daarentegen is de eerste time loop-film uit Zuid-Korea, een relatief nieuw subgenre naar het voorbeeld van Groundhog Day (1993). Films als Source Code en Looper bleken geen groot succes, maar A Day trok in zijn thuisland een miljoen bezoekers.

De film handelt over een vader die op haar achtste verjaardag zijn vervreemde dochter wil ontmoeten. Voor ze elkaar treffen verongelukt het meisje. De vader, een internationaal gerespecteerde arts, probeert haar leven te redden in elkaar steeds sneller opvolgende versies van de fatale dag. De regisseur geeft een eigen draai aan het time loop-genre door niet één maar twee personages met tegengesteld belang op te voeren die uit de tijdlus proberen te breken.

Bovendien voegt Cho een spiritueel element toe aan de plot, wat de film zowel een bovennatuurlijke als een morele dimensie geeft – ongebruikelijk in het genre – maar de uitwerking zal niet iedereen overtuigen. Wat voor de ene kijker het soort melodrama is waar men in het oosten van smult, valt voor de westerse kijker in de categorie versuikerde sentimentaliteit waar het gebit van kraakt. Het Imagine-publiek poetst drie maal daags, want dat verkoos de film tot een van de zes festivaltoppers.
 

24 april 2018

 
 
Imagine Film Festival 2018 – Deel 1
Imagine Film Festival 2018 – Deel 2
Imagine Film Festival 2018 – Deel 3
 
 
MEER FILMFESTIVAL

Imagine 2018 deel 3

Imagine Film Festival 2018 – Deel 3:
Van hang naar oerinstincten tot tienermeisjes als seriemoordenaars

door Suzan Groothuis

Een terugblik op Imagine 2018 met weer een gevarieerd programma van fantastische films. Uit alle wereldstreken is ruimte voor bloedvergieten, een grimmig bestaan, tragiek en absurdisme. 

Revenge

In het Franse Revenge zien we hoe een jonge blonde stoot wraak neemt op drie beestachtige mannen. Een bloederige, vleselijke film. In Family uit Israël wordt op tragikomische wijze met een dysfunctioneel gezin afgerekend. Het Canadese Les Affamés geeft een eigenzinnige draai aan het zombie-genre en in het Amerikaanse Tragedy Girls ontpoppen twee tienermeiden zich tot seriemoordenaars. 

Revenge – Tijd voor bloedvergieten
Je minnares meenemen naar een mannenweekend blijkt geen handige zet in deze wraakfilm. De jonge Jen – onweerstaanbaar sexy – denkt wat vrije dagen met de getrouwde Richard te hebben totdat zijn maten langskomen. Ze kleden Jen zowat uit met hun ogen en zij speelt op haar manier met haar aantrekkingskracht. Een zwoele avond gaat gepaard met een dansje bij het zwembad, wat de twee gasten behoorlijk ophitst. Wanneer Richard de volgende ochtend weg is grijpt een van hen zijn kans. Jen, die haar koffers al gepakt heeft, wordt op brute wijze verkracht. En of dat nog niet erg genoeg is, besluit Richard bij terugkomst voor zijn maten te kiezen en bedenken ze een plan om van de hysterische Jen af te komen. Ze laten haar voor dood achter, maar het leven heeft nog iets voor Jen in petto. Wraak!

Revenge, geregisseerd door de Franse regisseuse Coralie Fargeat, is duidelijk gefilmd vanuit het vrouwelijk perspectief. De mannen, niet in de minste maatschappelijke positie, transformeren tot beesten. En de schijnbaar naïeve Jen blijkt een kick-ass vrouw die tot het uiterste gaat om met haar belagers af te rekenen. Een achtervolgingsscène, waarbij de drie mannen Jen opjagen totdat ze niet meer verder kan, laat de mannen niet op hun fraaist zien. Hijgend, het schuim op hun lippen, als wilde, hongerige beesten. Met Jen als hulpeloze prooi.

Hoe het tij kan keren, zien we in flitsende kleuren in beeld gebracht. Met veel oog voor bloederige vleselijkheid. Met name een scène waarin een van de mannen een scherf glas uit zijn voetzool haalt doet de maag omdraaien. Verwacht geen diepgravende film waarin we meer leren over de achtergronden van de karakters. In Revenge zien we vooral een hang naar oerinstincten. Seksualiteit, verlangen, geweld en overleven. De geloofwaardigheid kan je met een korreltje zout nemen, want de film bouwt op tot een waar wraakspektakel waarin Jen over superkrachten lijkt te beschikken. Resulterend in een expliciet bloederige film met de nodige humor, met verwijzingen – natuurlijk – naar The Bride uit Kill Bill. De vrouw als ultieme wraakengel!

Tragedy Girls – Tieners op les bij een seriemoordenaar
Ook in Tragedy Girls van regisseur Tyler MacIntyre is er sprake van bloedvergieten. Niet uit wraak, maar uit lust. Tienermeiden Sadie en McKayla zijn geobsedeerd door seriemoordenaars. Ze volgen er al een tijd een, om hem vervolgens in een val te lokken. Als dit lukt draaien ze de rollen om: hij moet hen helpen hun positie als seriemoordenaar te verstevigen. Zeg maar: seriemoordenaar-les. De meiden gebruiken hiervoor hun Tragedy Girls-blog, waarop ze hun moordzuchtige activiteiten plaatsen. Natuurlijk onder de mom dat hun gevangen seriemoordenaar nog vrij rondloopt en de moorden gepleegd heeft. Met hun blog hopen ze op viewers en naamsbekendheid. Ondertussen nemen de angst en verwarring onder de inwoners van het stadje toe – een uitgelezen kans voor de meiden om toe te slaan.

Tragedy Girls geeft een eigen draai aan het slasher-genre. De film doet wat denken aan Detention (2011), waarin een seriemoordenaar een studentencampus onveilig maakt. In beide films draait het om millennials, onlosmakelijk verbonden met social media. In Tragedy Girls twitteren de twee jonge seriemoordenaars er op los. En iedere viewer die erbij komt leidt tot een vreugdedansje. Jonge hunk Josh Hutcherson (vooral bekend uit The Hunger Game-reeks) speelt ook nog eens in beide films een rol.

Tragedy Girls is een vlotte mengeling van horror en komedie, waarin de moorden niet altijd uitpakken zoals gepland. En eigenlijk maakt dat ook helemaal niet uit, want het is de twee tieners vooral om de aandacht te doen. De meest onvoorziene momenten leiden zelfs tot hun creatiefste moorden. Een eigenwijze, gevatte film vol verwijzingen naar de slasher-film met onderliggend de vraag waartoe de jeugd van nu in staat is met de hete adem van de social media in de nek.

Les Affamés – Verstilde zombie verrast
Wat is Imagine zonder zombies? Les Affamés van de Canadees Robin Aubert belooft een eigenzinnige draai aan het genre te geven. Verstild, met weinig dialoog, waarin het meer draait om het emotionele stukje: afscheid nemen van degene die je liefhad. Er zijn lange shots, een handjevol personages en de prachtige, verraderlijke bossen van Quebec. Verraderlijk, omdat zombies er huizen, zich er geluidloos bewegend. Je hoort ze pas als ze jou zien. Geritsel vanuit het struikgewas, gevolgd door ijzingwekkend schreeuwen. Ontkomen is bijna ondoenlijk. Toch lukt het een paar overlevenden nog op de been te blijven. Ze zoeken naar andere overlevenden en naar een uitweg.

Tot dusver de vertrouwde elementen binnen de zombie-film. Maar gelukkig weet Les Affamés de middenmoot te ontstijgen. De film heeft een kalm, verstild tempo afgewisseld met bloederige actie. Op de zombies wordt flink ingehakt met een bijl, waarbij koppen rollen en het bloed letterlijk tegen de camera spat. Maar er zijn ook angstaanjagend surreële shots van een doorgang in het bos, waar je zombies met de rug naar de kijker gekeerd aan het einde van het pad ziet wachten. Beelden die qua sfeer doen denken aan het Franse Innocence (2014).

Wat Les Affamés verder onderscheidt is het gebruik van humor, zoals een conversatie tussen twee overlevenden over hetgeen ze graag hadden willen doen in hun leven als ze de kans hadden gehad. Een gesprek dat een onverwacht komische wending krijgt. Maar, ondanks de grappen en grollen die zo nu en dan opsteken, is er een altijd aanwezig gevoel van verlies. Het gevoel dat de wereld eindig is, weet Aubert goed te vangen zonder te sentimenteel te worden. Het script, met personages die gebaseerd zijn op zijn vrienden, weet met wat creatieve vondsten, waarbij er ook nog een rol is weg gelegd voor een accordeon, te overtuigen. Niet meer te zien op Imagine, maar wel op Netflix! 

Family – Afstevenend op de ondergang
Met het Israëlische Family laat Imagine zien dat het ook af kan met arthouse. Ok, arthouse met een grimmig, zwart komisch randje, dat wel. In Family draait het om een disfunctioneel gezin. We zien dochter Lily haar gezinsleden fotograferen. Ze gaat tussen hen in zitten op een gepositioneerde bank in haar studio. Zij dood, zij levend. Na het ontwikkelen van de foto’s gaan ze in een doos die meedingt naar een wedstrijd voor de beste familiefoto. De wrange toon is gezet.

Veronica Kedar schreef en regisseerde de film en speelt de hoofdrol. Met Family levert ze een onorthodox familieportret. Dan weer komisch, dan weer tragisch, dan weer absurd en dan weer duister. De tirannieke vader heeft nooit van zijn kinderen gehouden. De alcoholistische moeder leidt een geïsoleerd leven dat ze vooral doorbrengt op bed, steevast ruziënd met haar oudste dochter. Die, gehuld in pyjama, haar moeder tot het uiterste drijft. En dan is er nog de militante zoon. Lily lijkt de normaalste, maar hoe lang kan je het leed van je familie dragen als je er middenin zit?

Kedars film doet qua stijl denken aan die van Yorgos Lanthimos (The Killing of a Sacred Deer). Grotesk, absurd, maar vooral ook pijnlijk. Geleidelijk aan legt ze de familiewonden bloot, waarbij een wirwar aan emoties tevoorschijn komen. Haat, schaamte, maar ook liefde. Kedar schuwt het experiment niet, want we zien zowaar een dodendans voorbijkomen. Ondertussen laat ze ook zien wat er in haar land speelt en dat de scheidslijn tussen een complexe, verscheurde maatschappij en een beschadigd gezin maar dun is.

 

23 april 2018

 
 
Imagine Film Festival 2018 – Deel 1
Imagine Film Festival 2018 – Deel 2
Imagine Film Festival 2018 – Deel 4
 
 
MEER FILMFESTIVAL

Imagine 2018 deel 2

Imagine Film Festival 2018 – Deel 2:
Van middeleeuwse folklore tot futuristische tijdreizen

door Tim Bouwhuis

Het hoofdthema van Imagine 2018 garandeert een breed filmaanbod. Onder de noemer ‘fantastische verhalen’ vermengt de middeleeuwse folklore van November zich met de futuristische tijdreizen van The Man in the Magic Box. In dit verslag de bespreking van een divers viertal.

Tower. A Bright Day.

In Tower. A Bright Day zet een familiegeheim de verhoudingen binnen een Poolse woongemeenschap op scherp. Ondertussen rijst het gevoel dat de Apocalyps ieder moment plaats kan vinden. De realisatie van een continue Apocalyps moet juist vermeden worden door de jonge Estrella, die in Tigers Are Not Afraid haar fantasie gebruikt om de harde werkelijkheid te kunnen relativeren. In Along With the Gods is van enige realiteit geen sprake. Ruim baan dus voor de fantasy in het Koreaanse hiernamaals. Nog niet murw geslagen? Het Ierse The Lodgers poogt het spookhuis(sub)genre van nieuw elan te voorzien.

Tower. A Bright Day – Het einde nadert
Kaja bezoekt haar familie om de katholieke communie van Mula’s dochter Nina bij te wonen. Al vroeg hangt er een zweem van geheimzinnigheid rond de komst van Mula’s verloren gewaande zus. We weten dat ze zes jaar geleden is weggegaan, maar het waarom blijft achterwege. Kaja en Mula delen geheimen die voor het gros van de familie verborgen dienen te blijven. Mula maant Kaja aan om toch vooral maar normaal te doen. Opvallen is funest in het uitgestrekte boslandschap. Kaja besluit hierop om naakt in een grasveld te gaan liggen, waar ze snel opgemerkt wordt door één van de piepjonge kinderen.

De vervreemdende toon van bovenstaande omschrijving is alleen maar tekenend voor Tower. A Bright Day, een raadselachtige Poolse thriller die weigert haar geheimen prijs te geven. De ontsporende relaties binnen de woongemeenschap ontvouwen zich in de montage naast onverklaarde gebeurtenissen, die niet zelden gepaard gaan met een schurend sound design en een atypische beeldvoering. De film doet denken aan Lars von Triers Melancholia (2011). De Apocalyps is nabij en de mens leeft in angst voor zijn omgeving. Ondertussen vergeet de priester zijn teksten voor de communie, de dementerende moeder van Kaja en Mula geneest wonderlijk. Debutante Jagoda Szelc voert haar visioenen op in een film die op narratief vlak alle finesse mist, maar wel dreigt en prikkelt in een sluimerende stream of consciousness.

Tigers Are Not Afraid – Verbeelding van een strijdtoneel
Tigers Are Not Afraid toont hoe noodzakelijk het kan zijn om te dromen. De elfjarige Estrella verloor haar moeder aan mensenhandelaars, waarna ze alleen overbleef in de kapotgeschoten straten van een Mexicaanse spookstad. De drugsoorlog heeft van de werkelijkheid een fantasy-oord gemaakt waaruit je niet ontsnappen kunt. En toch slaagt Estrella erin te vluchten.

Ze vlucht in dromen, wensen, sprookjes; in een wereld van magisch realisme die haar helpt om het keiharde hier en nu te verdringen. Het leven is een strijdtoneel vol jonge prinsen, die jammerlijk vergaten dat ze eigenlijk tijgers waren. Die onverschrokken tijgers geven de film het soort filter dat onvermijdelijk aan het werk van Guillermo del Toro doet denken. Toeval is dat niet. Regisseuse Issa Lopéz geeft in interviews expliciet aan dat ze zich door The Devil’s Backbone (2001) en Pan’s Labyrinth (2006) heeft laten inspireren. Ten opzichte van die titels mist Tigers Are Not Afraid onderscheidingsvermogen, maar Lopéz profiteert wel optimaal van de sprekende setting en de excellerende kindercast.

Tijdens Estrella’s verkenning van niemandsland schuilt gevaar voorbij iedere straathoek. Samen met een groep jongens gaat ze op zoek naar een beruchte drugsbaron – de politie steekt uiteraard de kop in het zand. Ja, dit zijn kinderen, en ja, de fantasy-bril verzacht de omstandigheden, maar het ruwe geweld wordt in de schaduw van Estrella’s dromerij gelukkig niet geschuwd. Een absolute voorwaarde om de geloofwaardigheid van de in actualiteit gewortelde setting in stand te houden.

Tigers Are Not Afraid doet soms denken aan Cidade de Deus (2001), wiens casting directors ook voor López aan het werk gingen. Het resultaat mag er wezen, want het is de jonge Paola Lara die de show steelt met haar vertolking van de dappere droomster. Dat Estrella’s queeste op narratief vlak wel erg gepolijst is, mag het kijkplezier niet drukken.

Along With the Gods – Na het leven
Wat zou er gebeuren als Hirozaku Koreeda’s After Life (1998) vrij bewerkt zou worden tot een hysterisch megaspektakel? Met Along With the Gods geeft Kim Yong-hwa (Mr. Go – over een gorilla die aan baseball doet) het antwoord. Brandweerman Ja-Hong wordt na een misgelopen reddingsoperatie opgewacht door twee ‘guardians’, transcendente gidsen die de doden begeleiden in hun tocht door het hiernamaals. Geheel naar boeddhistische leest is reïncarnatie nog mogelijk, maar wel pas nadat Ja-Hong zeven goddelijke processen heeft doorstaan. Terwijl de gidsen doodkalm de procedure uitleggen, kijkt de brave vuurblusser nog wat verbijsterd toe hoe zijn lichaam door de hulpdiensten geborgen wordt.

Along With the Gods was vorig jaar met een dikke honderd miljoen dollar de best verdienende Koreaanse titel aan de box office. Wie dit groteske schouwspel op een bijpassend scherm ziet, begrijpt vast waarom: qua toon en aanpak sluit de film strak aan bij westerse pendanten. Marvels Avengers worden zelfs expliciet benoemd – uiteraard omlijst in een goed bedoelde oneliner.

De heren van Dexter Studio’s (een groot Aziatisch concern voor productie en VFX) hebben kosten nog moeite gespaard om naar Dante riekende taferelen door een digitale filter te halen, maar dat voorkomt niet dat de godenwereld altijd even generiek blijft aanvoelen. De personages draven van de ene naar de andere extravagante locatie, terwijl toon en genre constant wisselen. Flashbacks in karmawolken zijn aan de orde van de dag. Tijdens het eerste halfuur weten alle visuele vondsten nog wel te amuseren, maar de sleet zit er al snel op, en dan is 139 minuten erg lang. Yong-hwa schrikt er nooit voor terug om overdosissen sentiment (inclusief aanzwellende strijkers) onschadelijk te maken met uitgekiend geregisseerde dijenkletsers. Je moet er maar van houden.

The Lodgers – Spookhuisbingo
Je moet voor twaalf uur op bed liggen, je moet je aan de regels houden en wee je gebeente als je je maagdelijkheid verliest. Boete, vervloeking en verleiding komen samen in The Lodgers, een gothic horrorfilm van Brian O’Malley (Let Us Prey). Een broer en zus zitten gevangen in een massief spookhuis (denk Crimson Peak, The Others), waar ze door de daden van hun voorouders niet zomaar kunnen vertrekken. Om de drang naar vrijheid een gezicht te kunnen geven is de tussenkomst van een jonge charmeur nodig.

Sean (Eugene Simon, bekend van Game of Thrones) wordt op twijfelachtige wijze de plot van de film in geschreven. Wat begint met obsessief voyeurisme in het bos, mondt moeiteloos uit in een klassieke romance tussen Sean en de getroebleerde Rachel (Charlotte Vega). Laatstgenoemde komt op het lumineuze idee dat Sean haar misschien kan helpen het vervloekte oord en haar dominante broer Edward te ontvluchten. De intrige die zich ontvouwt laat zich geen moment serieus nemen, met name vanwege het zichtbare gebrek aan chemie tussen de gedoemde geliefden en de gekunstelde dialogen. Door de hang naar goedkope romantiek zinspeelt The Lodgers soms eerder op de gunsten van een young adult-publiek dan dat ze iets toevoegt aan het spookhuis(sub)genre. Narratieve elementen en details in het set design doen aan de lopende band denken aan The Innocents /The Others en The Conjuring. Houd die bingokaart maar vast bij de hand.

 

22 april 2018

 
 
Imagine Film Festival 2018 – Deel 1
Imagine Film Festival 2018 – Deel 3
Imagine Film Festival 2018 – Deel 4
 
 
MEER FILMFESTIVAL

Imagine 2018 deel 1

Imagine Film Festival 2018 – Deel 1:
Van dystopische poppenkast tot genezen zombies

door Sjoerd van Wijk

Aan tien dagen fantasy, horror en sciencefiction komt vandaag een eind. Gisteravond kreeg de Mexicaanse regisseur Issa López (FOTO RECHTS) de Black Tulip Award voor Tigers Are Not Afraid (de recensie lees je in het tweede verslag) en won de Italiaanse regisseur Paolo Genovese (FOTO LINKS, binnenkort een uitgebreid interview met hem op InDeBioscoop) de Méliès d’argent voor The Place. Dit jaar bezochten vier van onze redacteuren het Imagine Film Festival in EYE Amsterdam. Hier volgt het eerste deel.

Winnaars Imagine 2018

How to Talk to Girls at Parties – Als een felgekleurde rubberen bal
Drie tienerjongens in een buitenwijk van Londen zetten zich in de jaren 70 van de vorige eeuw af door als punkers door het leven te gaan. Zoals elke jongen van die leeftijd zitten ook zij in de spagaat dat ze graag een meisje willen, maar geen idee hebben hoe ze met hen om moeten gaan. Alsof meisjes van een andere planeet komen. In deze film is dat letterlijk het geval als de drie een vreemd feestje denken binnen te wandelen, maar wat eigenlijk een huis vol aliens met rare gewoontes is.

How to Talk to Girls at Parties is gebaseerd op een kort verhaal van schrijver Neil Gaiman en dat blijkt uit alles. De knotsgekke situaties bevatten zijn kenmerkende mix van curieuze fantasie en licht verontrustende humor. Het acteerwerk van onder andere Elle Fanning als ongemakkelijke buitenaardse tienermeisje geïnteresseerd in punk weet perfect het concept van de ‘uncanny valley’ over te brengen. Het zijn net mensen, maar hun gedrag is dermate vreemd dat het laatste stukje ontbrekende menselijkheid hen extra onecht laat overkomen. Opzwepend in beeld gebracht door regisseur John Cameron Mitchell, die al in Hedwig and the Angry Inch liet zien raad te weten met misfits in een muzikale setting.

Isle of Dogs – Dystopische poppenkast
In een nabije toekomst zit de fictieve Japanse metropolis Megasaki met een hondenprobleem. De dieren zijn geïnfecteerd met een ongeneeslijke ziekte, die semi-dictator Kobayashi doet besluiten hen te verbannen naar het nabijgelegen afvaleiland. De film volgt de avonturen van vier honden, die samen met een jongetje op zoek gaan naar de hond van de laatste. Deze tweede stop motion film laat wederom zien hoezeer deze techniek past bij Wes Andersons droogkomische oog voor detail.

Vanaf het eerste moment is het duidelijk wie de film geregisseerd heeft. De gebruikelijke gestileerde mise-en-scène en strak gevoerde camera creëren in combinatie met de stop motion techniek een betoverende poppenkast. Wat met name prijzenswaardig is aan Isle of Dogs is hoe Wes Anderson durft nieuw terrein te betreden. De melancholische ondertoon maakt pas op de plaats voor de bouw van een vervallen wereld met subtiele sociale kritiek. De cast is zoals altijd gevuld met sterren, waarbij ditmaal Bryan Cranston als trotse zwerfhond de show steelt. Toch zit hier ook de zwakte van de film. De karakters voelen te weinig ontwikkeld, waardoor de taferelen op een afstand blijven. Dit zorgt ervoor dat het tempo van de film niet lijkt te stroken met de wendingen van het verhaal. Het maakt Isle of Dogs tot een niet volledig geslaagd experiment.

The Cured – Verfrissende zombiefilm ontkomt niet aan platitudes
Een nieuw virus dat mensen psychotisch en extreem gewelddadig maakt (lees: zombies) heeft de wereld in haar greep gehouden en Ierland in het bijzonder. Er is een kuur gevonden, waar 75 procent van de geïnfecteerden met succes op reageert. Het nadeel is dat de genezen ex-zombies hun daden kunnen herinneren, met alle trauma’s van dien. Daarnaast behandelt de reguliere bevolking deze ‘cured’ als uitschot. Senan (Sam Keeley) weet onderdak te vinden bij schoonzus Abbie (een sterk spelende Ellen Page). Terwijl hij probeert te re-integreren duikt zijn oude ex-zombievriend Conor (Tom Vaughan-Lawlow) op, wat leidt tot allerhande spanningen.

Het concept van genezen zombies zorgt voor een verfrissende kijk op het genre. In plaats van de focus op het uitbreken en de daarop volgende overlevingsstrijd wordt eens gekeken naar de nasleep van de uitbraak. Onder andere door het acteerwerk weet de film in de eerste helft op innemende wijze op onderzoek te gaan naar de psychologische gevolgen van het zombieschap. Toch zijn hier al de eerste tekenen waar te nemen dat het niet bij psychologisch drama blijft, door de voorliefde voor ‘jump scares’. In de tweede helft van de film gaat The Cured toch overstag voor de clichés met opeens opduikende zombies, dubieuze acties van mensen in paniek en wat hak- en schietwerk. Daarnaast wordt gekozen voor een psychopathische slechterik, wat in vergelijking met het voorafgaande drama wat cartoonesk overkomt. The Cured wilt helaas niet all-in gaan met haar nieuwe blik op het genre.

Dhogs – Statement over geweld in films
In een naamloze Galicische stad wordt een zakenman naar een hotel gebracht met de taxi. Daar heeft hij een bizar makkelijk verlopend versiergesprek, waarna de dame in kwestie verder wordt gevolgd op haar weg terug naar huis en haar belevenissen in de Spaanse woestenij. Terwijl alle karakters welhaast mechanisch lijken te handelen en stoïcijns de camera in staren, staart het publiek terug. De statische shots van een donkere zaal vol zwijgende neutrale hoofden werken vervreemdend. Deze verraden wat na afloop blijkt: de film is niet een verhaal, maar een statement over geweld in films. Het lijkt sterk op de Oostenrijkse film Funny Games en kan als de Galicische versie gezien worden.

Ondanks dat de publieksshots intrigerend zijn, weet Dhogs niet te overtuigen. Doordat de film zo conceptueel is ingesteld, is er geen ruimte voor een verhaal noch voor de ontwikkeling van karakters. Alles is een schaakstuk in het spel van schrijver/regisseur Andrés Goteira, waardoor alle handelingen klinisch overkomen. De pogingen tot het maken van sfeer, onder andere geïnspireerd op Holy Motors zoals aangegeven door Goteira in de Q&A na afloop, lopen op weinig uit doordat excessief wordt gehangen op theatrale muzikale begeleiding. Het brute geweld voelt afstompend en zinloos en ook als statement is het exploitatie. Omdat het niet de hypocrisie van Funny Games bevat, faalt Dhogs alleen door het niet waarmaken van haar ambities en is het geen weerzinwekkende film.

 

21 april 2018

 
 
Imagine Film Festival 2018 – Deel 2
Imagine Film Festival 2018 – Deel 3
Imagine Film Festival 2018 – Deel 4
 
 
MEER FILMFESTIVAL

Berlinale 2018 – Deel 2

Verslag Filmfestival Berlijn 2018 deel 2 (slot)
Verrassende winnaar Gouden Beer

door Bert Goessen

Zaterdagavond is het 68ste Filmfestival van Berlijn afgesloten met de uitreiking van de Gouden Beer voor beste film. Die ging verrassend genoeg naar TOUCH ME NOT van de Roemeense regisseuse Adina Pintilie. De Zilveren Beer ging, al even verrassend, naar MUG van de Poolse regisseuse Malgorzata Szumowska. Gewaagde keuzes van de jury onder voorzitterschap van Tom Tykwer. Gedoodverfde winnaars als Wes Anderson met ISLE OF DOGS en Erik Poppe met UTØYA 22. JULI bleven met lege handen achter.

In de controversiële film TOUCH ME NOT gaan Laura, Tomas en Christian in een emotionele reis op confronterende wijze op zoek naar hun eigen intimiteit. Daarnaast onderzoeken ze hoe ze anderen kunnen liefhebben zonder zichzelf te verliezen. De film heeft een hoog therapeutisch gehalte, hetgeen menig bezoeker tijdens de persvoorstelling deed besluiten voortijdig te vertrekken. ‘You like or you hate it’ lijkt voor deze film de belangrijkste typering. Dwars tot op het bot en daardoor uiterst controversieel.

Touch Me Not

MUG
MUG is van een heel ander kaliber. De Poolse regisseuse Malgorzata Szumowska heeft mooie films gemaakt zoals IN THE NAME OF en BODY. Haar nieuwe film is een verrassend lichte komedie over de waanzin van het bouwen van een Christus-figuur in een klein stadje aan de Pools-Duitse grens. Bij de bouw van het beeld valt de jonge Jacek van een steiger en raakt lichamelijk ernstig verminkt. Dat maakt een einde aan zijn zorgeloze leven als hardrockmuziekliefhebber. Ook het huwelijk met zijn grote liefde valt in duigen.

In het eerste deel van de film zet Szumowska de personages met veel gevoel voor humor en met veel vaart neer. De beelden worden regelmatig ondersteund met een stevige soundbeat. Naar het einde toe wordt de film helaas wat vlakker en minder verrassend. Wat blijft zijn de sappige sneren naar de katholieke kerk en het bekrompen, kleinburgelijke karakter van het Poolse dorpsleven.

IN DEN GÄNGEN
Op de laatste competitiedag nog een verrassende film die helaas niet in de prijzen is gevallen. IN DEN GÄNGEN heet de film van de 36-jarige in Leipzig geboren Thomas Stuber. Een hartverwarmende en charmante tragikomedie over Christian, een voormalige kleine crimineel die na zijn gevangenisstraf in een supermarkt gaat werken in een klein plaatsje in het voormalige Oost-Duitsland. Daar ontmoet hij de eenzame Bruno, die zijn leermeester en begeleider wordt en Marion, een getrouwde vrouw die avances probeert te maken. Beetje bij beetje ontstaat er in de gangen van de supermarkt, waar de drie hoofdpersonen de vakken vullen, een innige band. Stuber weet op subtiele wijze steeds meer laagjes toe te voegen waardoor de kijker op het einde van de film de nodige sympathie kan opbrengen voor deze broze, eenzame en meelijwekkende figuren.

Wat betreft de overige competitiefilms in de laatste dagen van het festival kan ik kort zijn, omdat ze op een of ander manier niet aan de verwachtingen hebben kunnen voldoen.

Bert GoessenDON’T WORRY, HE WON’T GET FAR ON FOOT
De nieuwe film van Gus van Sant is gebaseerd op de memoires van cartoonist John Callahan, die op zijn 21ste na een auto-ongeluk in een rolstoel belandt. Samen met zijn maatjes Annu en Donny probeert hij het beste van het leven te maken. Zijn observaties legt hij vast in humorvolle cartoons, die ook in de film gebruikt worden. Een standaard biopic, licht van toon maar weinig indrukwekkend. Van Sant heeft in het verleden betere films gemaakt zoals GOOD WILL HUNTING, MILK en ELEPHANT.

SEASON OF THE DEVIL
Een vier uur durende film van de Filipijnse regisseur Lav Diaz die helaas minder overtuigt dan zijn vorige THE WOMAN WHO LEFT, waarmee hij de Gouden Leeuw in Venetië won. In ellenlange, repetitieve sequenties worden de zuiveringsacties van de paramilitaire milities ten tijde van president Marcos aan de kaak gesteld. Alle dialogen worden gezongen, hetgeen in het begin wel even wennen is. Grappig detail vormt het steeds terugkerende liedje La, la, la… dat voortdurend vertaald wordt met La, la, la…

KHOOK
Iraanse komedie van Mani Haghighi over een filmregisseur die, net als een aantal van zijn college-regisseurs ten prooi valt aan een aanslag op zijn leven door een man die zich verschuilt achter het masker van een varken. Met een aardige dosis humor probeert de film het beroepsverbod dat menig filmregisseur in Iran treft aan de kaak te stellen. Interessant voor de lokale markt, maar minder boeiend voor een internationaal publiek.

MEIN BRUDER HEISST ROBERT UND IST EIN IDIOT
Uitermate teleurstellende film van de Duitse regisseur Philip Gröning, die in 2013 nog imponeerde met DIE FRAU DES POLIZISTEN. Robert en Elena zijn broer en zus en brengen hun tijd door in een korenveld nabij een benzinestation. Het is hun laatste zomer samen. Robert bereidt Elena voor op haar examen filosofie en houdt van Heidegger. Zijn voornaamste statement luidt: De zin van het bestaan is tijd.

Bespiegelingen over ruimte en tijd, over zin en zinloosheid en over de symbiotische relatie tussen broer en zus passeren voortdurend de revue gedurende de drie uur dat de film duurt. Helaas is Gröning’s film te bombastisch en de filosofie te veel van de koude grond om te kunnen imponeren.

MUSEO
De Mexicaanse regisseur Alfonso Ruizpalacios werd in 2014 bekend met zijn debuutfilm GUEROS. Zijn nieuwe film gaat over twee studenten, Juan en Wilson, die bij een inbraak in het Archeologisch Museum van Mexico Stad er vandoor gaan met diverse kostbare stukken van de Maya’s en de Azteken en in het bijzonder het dodenmasker van Koning Palal. In hun naïviteit denken ze deze stukken voor veel geld te kunnen verkopen. Maar al snel blijkt dat tijdens hun reis door Mexico op zoek naar geschikte kopers, een onmogelijke opgave te zijn. Gedesillusioneerd komen ze tot inkeer en brengen de gestolen goederen terug naar het museum.

De film is gebaseerd op waar gebeurde feiten uit het jaar 1985. Men dacht toen dat de inbraak in het museum door professionele inbrekers moest zijn gepleegd, maar dat bleken later dus twee naïeve studenten te zijn. De film is goed gemaakt, ziet er verzorgd uit, maar mist helaas de kwaliteit van een echt spannende inbrekersfilm.

Eldorado

ELDORADO
Innemende film van de Zwitserse regisseur Markus Imhoof. In ELDORADO probeert hij een link te liggen tussen de huidige vluchtelingencrisis en de kinderen die tijdens WO II vanuit Italië naar Zwitserland werden gestuurd. In het gezin Imhoof werd een Italiaans meisje opgevangen waarvan de vader was gesneuveld en de moeder ernstig verwond. Beelden van vluchtelingen die vandaag de dag uit zee worden opgepikt worden afgewisseld met het persoonlijke verhaal van Imhoof waardoor de filmkijker zich meer zou moeten kunnen identificeren met de vluchtelingen. Het is een nobele en moedige poging van Imhoof om het probleem persoonlijker te maken, maar helaas heeft de film ook niet meer te bieden. Inmiddels hebben we al talrijke films over vluchtelingen gezien die vaak beter zijn.

Tenslotte zaten er in het hoofdprogramma nog drie films die buiten competitie meededen, maar wel de nodige indruk maakten.

7 DAYS IN ENTEBBE
Regisseur José Padilha, die eerder in Berlijn de Gouden Beer heeft gewonnen met zijn TROPA D’ELITE, levert met zijn nieuwste film een politieke actiethriller af over de vliegtuigkaping in Entebbe in 1976. De gegijzelden werden toen uiteindelijk bevrijd door de inzet van het Israëlische leger. Er werden geen onderhandelingen gevoerd over het vrijlaten van Palestijnse gevangenen. En ook nu 50 jaar na dato worden er nog steeds geen onderhandelingen gevoerd tussen Israëli en Palestijnen over eventuele vrede. Dat is de boodschap die de regisseur ons wil meegeven. Parallel met het verhaal over de kaping heeft Padilha een uitbundige dansvoorstelling gemonteerd die op het einde van de film het opzwepende ritme van de finale op fenomenale wijze ondersteunt.

UNSANE
Verontrustende psychologische thriller van Steven Soderbergh, volledig gefilmd op een Apple iPone. De kwaliteit van de beelden laat daardoor te wensen over, maar sluit wel perfect aan bij de sfeer die Soderbergh wil creëren. Door een misverstand komt een jonge vrouw in een psychiatrische instelling terecht waar niemand bereid is haar echte verhaal te geloven en haar te helpen.

UNSANE roept vragen op over de kwaliteit van ons zorgstelsel, de perceptie van de realiteit en de drang tot overleving. Claire Foy, de steractrice uit THE CROWN, speelt een overtuigende hoofdrol. De vergelijking met ONE FLEW OVER THE CUCKOO’S NEST ligt voor de hand, zeker als blijkt dat degenen die worden verpleegd een betere kijk op de realiteit hebben dan de verplegers zelf.

Ága

ÁGA
De Bulgaarse regisseur Milko Lazarov heeft met ÁGA een klein pareltje afgeleverd dat zich afspeelt op de uitgestrekte sneeuwvelden in het hoge Noorden. Daar wonen Nanook en zijn vrouw Sedna. Hun bestaan is hard, maar beiden klagen niet. Ze houden zich bezig met de dagelijkse dingen zoals eten koken, jagen en elkaar ‘s avonds verhalen vertellen. Sedna is ziek en voelt dat ze niet lang meer heeft te leven. Het liefst wil ze nog één keer hun dochter Ága bezoeken die in een diamantmijn werkt ver van hun huis. Ze prepareert nog een muts voor Ága, maar helaas komt ze voortijdig te overlijden. Nadat Nanook haar heeft begraven gaat hij alleen op zoek naar Ága. Op het einde van de film vindt er een emotionele ontmoeting plaats tussen vader en dochter.

De beelden in ÁGA zeggen duizend maal meer dan de spaarzame woorden die Nanook en Sedna met elkaar uitwisselen. Het onbedorven sneeuwlandschap is van adembenemende schoonheid mede door de vele bijzondere camerastandpunten. Een melodrama waarbij menigeen de ogen niet droog zal weten te houden.

Concluderend mogen we stellen dat de competitie van de 68ste editie van het Filmfestival van Berlijn gekenmerkt werd door een gewaagde selectie. Controversiële films als TOUCH ME NOT, MEIN BRUDER HEISST ROBERT UND IST EIN IDIOT en SEASON OF THE DEVIL stonden geprogrammeerd naast meer commerciële films als ISLE OF DOGS, DON’T WORRY, HE WANT GET FAR ON FOOT en kwaliteitsfilms als LAS HEREDERAS, ÁGA, MUG en IN DEN GÄNGEN. Dat uiteindelijk twee vrouwelijke regisseurs met de Gouden en Zilveren Beer werden bekroond mag opvallend heten. Zou #MeToo ook hier haar invloed hebben doen gelden……
 

25 februari 2018

 

DEEL 1

 

MEER FILMFESTIVALS