Themamaand: Stomme Film

Themamaand:
De Herfst van de Stomme Film

door Cor Oliemeulen

Deze september blikken we in De Herfst van de Stomme Film terug op klassiekers uit de maanden voordat The Jazz Singer in oktober 1927 de geluidsfilm inluidde.

Bij de vertoning van een stomme film speelde vaak een pianist of een orkest. Dat was vast gezellig, maar het moest anders. In 1926 gebruikte Warner Bros. voor de film Don Juan een systeem met grote grammofoonplaten waarop orkestmuziek en geluidseffecten werden opgenomen en tijdens een voorstelling gelijktijdig afgespeeld (Vitaphone). Hoorbaar praten deden de acteurs nog niet.

Een ander systeem legde het geluid als een optisch spoor op de filmstrook zelf vast (Movietone). F.W. Murnau gebruikte het voor Sunrise: A Song of Two Humans, dat een maand voor The Jazz Singer verscheen. Toch is Sunrise een stomme film, want de personages praten niet en voor hun gesprekken worden tussentitels gebruikt. Wel hoor je een opgenomen muziekpartituur en allerlei gesynchroniseerde geluidseffecten, zoals een uitgelaten feeststemming en het piepen van een varkentje dat door een restaurant rent.

De menselijke stem
Was The Jazz Singer wel de eerste film waarin een menselijke stem te horen was? Nee, want er bestonden al korte geluidsfilms, demonstraties en vaudeville-acts waarin mensen spraken en zongen. Met systemen als Phonofilm was al in het begin van de jaren twintig geëxperimenteerd met geluid dat rechtstreeks op de filmstrook kwam. Het waren alleen geen lange speelfilms waarin gesproken dialoog een belangrijk onderdeel van het verhaal werd. Dat veranderde met The Jazz Singer.

Het verhaal wordt voor een groot deel verteld zoals andere speelfilms uit die tijd: met beelden, muziek en tussentitels. Maar dan begint acteur Al Jolson te zingen én te praten. Het publiek zag zijn mond bewegen en hoorde tegelijk zijn stem. Typerend zijn zijn eerste woorden: “Wait a minute, wait a minute, you ain’t heard nothing yet!”

The Jazz Singer bevat uiteindelijk maar een paar minuten echt gesproken dialoog. Toch was het bioscooppubliek erg onder de indruk en wilde voortaan de acteurs zien en horen spreken.

Concluderend is het dus beter om The Jazz Singer niet de eerste geluidsfilm of zelfs de eerste sprekende film te noemen. Het was wel de film die de pratende speelfilm definitief liet doorbreken.

Hierna ging de ontwikkeling razendsnel. In 1928 verscheen Lights of New York, de eerste Hollywoodspeelfilm die volledig uit gesproken scènes bestond. Tegen het einde van 1929 was de stomme film in Hollywood vrijwel verdwenen.

Charlie Chaplin stond niet te juichen
Die overgang ging niet zonder problemen. De camera’s uit de late stomme periode maakten lawaai. Met gevoelige microfoons in de studio werd dat geratel een probleem. Bovendien beperkten microfoons de bewegingsvrijheid. Ze konden niet goed met een acteur meebewegen en werden soms verstopt in decorstukken. Geleidelijk aan werden de microfoons beter en de camera’s stiller. Uiteindelijk won het systeem waarbij het geluidsspoor op de filmstrook zelf stond.

Niet iedereen stond te juichen. Charlie Chaplin, het icoon van de stomme film, zag weinig in de nieuwe praatfilms. Overal ter wereld begrepen ze de zwerver zonder dat hij een woord sprak. Terwijl Hollywood al volledig in de ban was van de talkies maakte hij direct in de openingsscène van City Lights (1931) de sprekende film belachelijk. Tijdens de onthulling van een monument houden hoogwaardigheidsbekleders deftige toespraken. Hun monden bewegen, maar in plaats van verstaanbare woorden horen we alleen schelle, kwakende klanken.

Vijf jaar later ging Chaplin in Modern Times iets verder. Je hoort stemmen en geluiden van machines en andere apparaten. Aan het einde hoor je zelfs voor het eerst de stem van de zwerver. Chaplin zingt een liedje, maar doet dat in complete wartaal.

Pas in The Great Dictator (1940) ging hij eindelijk overstag. En hoe! De man die jarenlang weinig moest hebben van pratende films eindigde zijn eerste volledige geluidsfilm met een minutenlange toespraak over vrijheid, dictatuur en menselijkheid.

Themamaand: De Herfst van de Stomme Film

De film vlak voor de omwenteling
Juist de maanden vlak voor The Jazz Singer vormen een fascinerende periode. De stomme film was zeker nog niet op sterven na dood. Over de hele wereld experimenteerden filmmakers volop en rekten ze de mogelijkheden van het bewegende beeld steeds verder op.

Tien voorbeelden hiervan laten we deze september zien op InDeBioscoop. We reizen van Duitsland en Frankrijk naar de Sovjet-Unie, Groot-Brittannië, China en de Verenigde Staten. Animatie, sciencefiction, komedie, romantiek, horror, suspense en melodrama bestaan probleemloos naast elkaar.

 

30 augustus 2026

 

THEMAMAAND ‘De Herfst van de Stomme Film’

Preview Previously Unreleased 2026

Preview Previously Unreleased 2026
Niet eerder vertoond

door Tim Bouwhuis

De zomerperiode breekt aan en als vanouds markeert dat voor EYE de aftrap van het jaarlijkse Previously Unreleased-programma. Acht releaseweken op rij (met uitzondering van 23 juli) gaat er in Amsterdam een film in première die eerder niet door een andere Nederlandse distributeur werd opgepikt. Blikvangers in het aanbod van dit jaar zijn nieuwe films van erkende cineasten Radu Jude (Do Not Expect Too Much From the End of the World) en Lav Diaz (When The Waves Are Gone), en het atmosferische drama Blue Sun Palace.

Van de acht titels die deze zomer uitgaan, zag ondergetekende er in aanloop naar de eerste releaseweek zes. Opvallend aan de start van het programma is dat EYE daar niet kiest voor een ‘nieuwe titel’, maar voor het dertig jaar oude The Watermelon Woman. Het motief om de film van Cheryl Dunye te vertonen is wel gewoon hetzelfde: de lichtvoetig subversieve mockumentary uit 1996 verscheen in Nederland – buiten voorstellingen op het IFFR in Rotterdam – nog niet eerder op het grote doek.

26 juni – The Watermelon Woman
Treffende tijdcapsule van een Amerika waarin een bezoek aan de videotheek de sociale functie vervulde die nu voorbehouden is aan het filmplatform Letterboxd (bekijk zeker een keer Alex Ross Perry’s essaydocumentaire Videoheaven). De ‘watermelon woman’ verwijst naar de aftiteling van een Amerikaanse film uit de jaren dertig, waarin de zwarte bediende van het witte hoofdpersonage niet bij naam wordt genoemd, maar op de credits staat als ’the watermelon woman’. Videotheekmedewerkster Cheryl (regisseuse Cheryl Dunye) probeert haar eerste stappen als filmmaakster te zetten door de identiteit van deze actrice te documenteren. Een film óver film dus, die in het uitdragen van zijn identiteitspolitiek wel te nadrukkelijk en zelfbewust uit de verf komt.

The Portuguese House

The Portuguese House

2 juli – The Portuguese House
“Ik ga toch niet op zoek naar iemand die niet gevonden wil worden”, verzucht een Spaanse professor aan het begin van The Portuguese House. De hoofdpersoon van dit meditatieve drama heeft net te horen gekregen dat zijn Servische vrouw zonder aankondiging het land heeft verlaten – en daarmee ook hem. Op zoek naar een stukje verlichting en verwerking trekt de man naar Portugal, waar hij het werk van een overleden tuinier kan overnemen en nieuwe mensen ontmoet. Met zijn kalme tempo en serene landschapsplaatjes kijkt deze reflectie op het leven prettig weg, zonder dat het ergens écht aangrijpend wordt. Introverte en misschien net iets té onopvallende hoofdrol van Manuel Solo, die in El laberinto del fauno zat en een Goya won voor zijn bijrol in de in Nederland uitgebrachte thriller Tarde para la ira.

9 juli – Bouchra en 16 juli – Diciannove
Overlap deze zomer tussen Previously Unreleased en een themaprogramma over ‘Queer Power’. In dit kader presenteert EYE naast het daarnet besproken The Watermelon Woman ook de Amerikaanse animatiefilm Bouchra en het Italiaanse coming-of-agedrama Diciannove. Een curieuze festivalclip van eerstgenoemde titel toont een conversatie tussen sprekende dieren, maar verwacht geen Fantastic Mr. Fox: het verhaal draait om een queerartiest die de relatie met haar afwerende moeder hoopt te verbeteren. In Diciannove maken we kennis met een jongeman die tijdens en na een literatuurstudie in Siena obsessief begint na te denken over zijn eigen schrijverschap. Regisseur Giovanni Tortorici werd opgeleid door Queer-regisseur Luca Guadagnino.

30 juli – Blue Sun Palace
Kijkers die bekend zijn met het oeuvre van Tsai Ming-Liang (die jaren terug al eens een retrospectief kreeg in EYE), kennen te allen tijde ook zijn vaste hoofdrolspeler Lee Kang-sheng. En dat leidt in het PU-programma van dit jaar naar Blue Sun Palace, de film die op ondergetekende de meest onderscheidende indruk maakte. De Chinees-Amerikaanse regisseuse, Constance Tsang, besluit te wachten met het tonen van de titelkaart tot haar langspeeldebuut een dik halfuur onderweg is. Door dit late moment te combineren met de impact van een tragische scène, onderstreept Tsang de ambigue ervaring van Chinese migranten die ooit naar New York kwamen om een nieuw begin te maken.

6 augustus – Magellan
Waar de Filipijnse langfilmer Lav Diaz (vijf uur is voor de gearriveerde cineast bijvoorbeeld relatief kort) in eerder werk nog wel eens aanrommelde met zijn kadrering en belichting, ziet dit historische drama over de Portugese ontdekkingsreiziger Ferdinand Magellaan er behoorlijk verzorgd uit. De cinematografie is schilderachtig en statisch: op het moment dat Magellaans missie uitmondt in bloedvergieten, zien we niet de strijd zelf maar een strand dat bezaaid is met levenloze lichamen. Het is jammer dat het acteerwerk van sommige inheemse eilandbewoners (In 1521 arriveerde Magellaan op het Filipijnse Cebu of Sugbo, wat Diaz’ interesse verklaart) rap naar standje hysterisch gaat, terwijl hoofdrolspeler Gael García Bernal op zijn minst kalmte en redelijkheid acteert. Deze tegenstelling oogt in de film net wat te typerend. Anderzijds is het overduidelijk dat Diaz zijn overmoedige en hebzuchtige protagonist niet als een held beschouwt.

On a string

On a string

13 augustus – On a string
Passieproject van de nog maar vierendertigjarige New Yorkse Isabel Hagen, die in haar speelfilmdebuut haar liefde voor klassieke vioolmuziek combineert met offbeat komedie. Hagen is zelf violiste en stand-upcomedian, en dus zou die opzet op papier perfect moeten werken. In de praktijk is de film te rommelig opgezet om te kunnen imponeren. On a string begint als een abrupt gemonteerde ‘comedy of errors’, waarin misstanden en ongemakkelijke momenten tussen personages worden afgewisseld met intermezzo’s van Hagens strijkkwartet. Later verschuift de focus meer naar de relatieperikelen van Isabel (die overigens als twee druppels water op actrice Maika Monroe lijkt). Hier en daar tovert de film een glimlach op het gezicht, maar het geheel blijft in slechts 78 minuten te onevenwichtig en oppervlakkig om te beklijven.

20 augustus – Kontinental ’25
Niet het beste werk van intellectuele provocateur Radu Jude, maar onveranderd is de wijze waarop de Roemeense regisseur je aan het denken zet over maatschappelijke misstanden. Met zijn eigengereide, markante humor verbeeldt Jude in het openingskwartier de leefroutine van een zwerver die binnenkort uit zijn tijdelijke onderkomen zal worden gezet. Na een sleutelscène die inslaat als een bom verschuift de focus naar de opzichter die met de bureaucratische besluitvoering rond de uitzetting belast was. Voor de opnames gebruikte Jude enkel een driepoot en een iPhone, dus baseer je verwachtingen niet op visueel schoon.

 

25 juni 2026

 

MEER NIEUWS EN ACHTERGROND

Bert Goessen van filmdistributeur MOOOV overleden

Bert Goessen van filmdistributeur MOOOV overleden
Altijd op zoek naar filmjuweeltjes

Bert Goessen (1952-2026), CEO van de Nederlandse filmdistributeur MOOOV en voormalige mede-eigenaar van de Tilburgse bioscoop Cinecitta, is na een kort ziekbed op 8 mei overleden.

De van oorsprong Limburgse filmliefhebber en filmkenner had altijd een scherp oog voor kleine, artistieke films. Bijna 40 jaar lang speurde hij naar die onbekende filmjuweeltjes tijdens de filmfestivals van Toronto, Venetië, Berlijn en Cannes, met als doel die in Nederland te (laten) vertonen.

Bert vertelde en schreef op een bevlogen manier over film. Toen we hem in 2017 ontmoetten, bood hij spontaan aan om exclusief voor InDeBioscoop verslag te doen van de filmfestivals van Cannes, Toronto en Berlijn. Tijdens de coronapandemie in 2020 kwam hier een einde aan.

Lees hier over onze ontmoeting met de markante persoonlijkheid Bert Goessen.

 

14 mei 2026

 

Boek: ‘Liever lui dan moe’

Boek: ‘Liever lui dan moe’
Cinema ís een therapie

door Bert Potvliege

De Belgische filmjournalist en recensent Johannes De Breuker richt de blik op het onbehagen diep vanbinnen. Met zijn net verschenen filmkritiek-zelfhulpboek, Liever lui dan moe, slaat hij op succesvolle wijze een aangename brug tussen inzichtvolle filmbesprekingen en analytische zelfreflectie. De lezer wordt meegenomen door een prikkelende verteller, die elke cinefiel uitnodigt plaats te nemen rond het kampvuur. 

Wie een zuiver cinefiele publicatie verwacht, zal enigszins fronsend aan het werk beginnen – De Breuker gaat uitvoerig in op zijn strubbelingen tijdens de lockdown van 2020, waarbij de plotse plicht te ontspannen hem dwarszat. De jonge vader liep verloren in de nieuwe verveling, in plaats van dat deze hem liet openbloeien. Zijn maar al te herkenbare schermverslaving en doomscrolling – we hebben er allemaal mee te maken – bleken funest voor het welbevinden.

Cinema van het nietsdoen
De Breuker stelt dat we, onder impuls van een doorgedreven consumptiemaatschappij en de daarbij horende verworven vrijheden, plots moeten omgaan met ‘koninklijke verveling’ – ondanks het feit dat koningen alles hebben, kunnen ze zich ellendig voelen. Onze samenleving biedt kansen en mogelijkheden, maar welstand leidt niet zelden tot een leegte en ontevredenheid. De impact van de aandachtseconomie wordt hier benadrukt: een industrie vecht voor onze aandacht. Maar hoe meer we aangeboden krijgen, hoe minder het boeit. De Breuker onderzoekt concepten als aandacht, verveling, interesses – maar ook hoe verveling tot kunst kan worden verheven, als een wapen tegen die aandachtseconomie.

Liever lui dan moe

Eens die puzzelstukken in kaart werden gebracht, verschuift de focus naar film als denkkader: De Breuker onderzoekt zijn stelling – en zodoende zichzelf – aan de hand van cinema. In die woelige coronajaren vond de auteur troost en levenslessen in film. Antwoorden lagen in de in verveling gehulde films van onder meer Sofia Coppola, Richard Linklater en Kogonada. Die laatste zet alvast in op cinema waar blikken mogen afdwalen, waar tussenmomenten essentieel zijn – zijn films Columbus en After Yang demonstreren deze zienswijze. Liever lui dan moe pleit voor het omarmen van de alledaagse verveling, om onze aandacht weer te kalibreren.

The problem of leisure, what to do for pleasure
In Somewhere vertelt Sofia Coppola het verhaal van Johnny, een door roem bedorven acteur die een leeg luxeleven leidt en in slaap valt bij een paaldans – koninklijke verveling duikt vaak op in haar cinema. De Breuker herkent zich in die malaise. We zijn rusteloos wanneer we ons vervelen, en zouden ons nog liever pijnstoten toedienen dan 15 minuten stilzitten, een existentiële verveling waar hij zelf mee worstelt. Elk van ons kent een eigen ‘gouden kooi’, waarin we ons gevangen voelen. De smartphone is rampzalig, want “het toestel biedt wel de roomservice van Amazon en Pornhub”, maar eigenlijk gebeurt er niks.

De cinema van Linklater (Slacker, Dazed and Confused, de Before-trilogie) verdiept de stelling verder – alledaagse verveling als een vorm van verzet tegen de niet-aflatende dwang van onze prestatiegerichte samenleving. Dat verzet doet ons openstaan voor de poëzie van het alledaagse. Verveling kan zodoende ons bewustzijn aanscherpen. Het is in de leegte van verveling dat verwondering heropgestart kan worden.

Wat aanvankelijk lijkt als een levensgids voor zij die lijden aan contemporaine gejaagdheid, evolueert vlot in de richting van een casusboek dat op boeiende wijze toelichtingen bundelt over films die het onderwerp behandelen. De Breuker toont er zijn kunde als filmtheoreticus, waarbij hij overtuigd en met de nodige literaire flair ook kijkt naar het werk van Jacques Tati, Spike Jonze, Kelly Reichardt – zelfs Jackass komt aan bod.

Het visuele spelletje met OXO, tussen de verschillende hoofdstukken, wordt duidelijk wanneer de auteur naar het einde uitvoerig ingaat op het belang van Wim Wenders’ Perfect Days – zowat de sleutelfilm in de hier gepresenteerde theorie. Aangename visuele ingrepen als deze tonen de creatieve betrokkenheid van de ontwerpers bij Flaneur Uitgevers, een nog jonge uitgeverij van cultuur- en filmboeken – om in het oog te houden. 

Celluloid genezing
Uiteraard schippert Liever lui dan moe enigszins tussen twee uitersten – een hang naar zowel mindfulness als naar filmjournalistiek – waarbij het onmogelijk is om aan de hand van het subjectieve oog van een cinefiel een objectief onderzoek naar een mentale kwestie te kunnen staven. De onderbouwing wringt soms, maar de belichte films fungeren als een verdieping van de ideeën, niet als onweerlegbare bewijsstukken. Men kan een punt maken over een gebrekkige wetenschappelijke waarde, maar het neemt allerminst weg dat de auteur hier op prikkelende wijze therapie en cinema combineert.

De sterkste notie die doorheen het boek schemert – waar elke filmfan zich kan aan optrekken – is aldus de volgende: cinema ís een therapie. De Breuker maakt zich dit standpunt eigen en slaagt erin je te doen voelen wat film betekent voor hem – daarin ligt de grootste kracht van Liever lui dan moe.

Lees hier meer over auteur en boek.

 

3 mei 2026

 


MEER NIEUWS EN ACHTERGROND

Boek over Spaanse cinema

‘Een Spaanse Affaire’

Een Spaanse Affaire is een boek over de Spaanse cinema en haar nauwe verwevenheid met de geschiedenis van het land. Een thematische verkenning van hoe film in Spanje reageerde op macht, geloof, geweld, censuur en vrijheid.

De Spaanse Burgeroorlog en de daaropvolgende dictatuur hebben diepe sporen nagelaten in de cultuur. Ook in de cinema. Soms werden deze spanningen openlijk verbeeld, vaak juist via omwegen. Films fungeerden als commentaar, als schuilplaats en als stille vorm van verzet. Veel van de beste Spaanse films zijn ontstaan tegen deze achtergrond.

Een Spaanse Affaire – Spaanse filmgeschiedenis in 15 thema’s

Overhandiging van het eerste exemplaar aan Joaquín Durán (rechts), cultureel attaché van de Spaanse ambassade (foto: Chris Angelovski).

In vijftien filmthema’s verkent filmjournalist Cor Oliemeulen de ontwikkeling van de Spaanse cinema. Van de vroege film tot hedendaagse producties. Van surrealisme tot film noir en Netflix-mysteries. Van toonaangevende filmmakers als Luis Buñuel, Carlos Saura en Pedro Almodóvar tot acteurs als Fernando Fernán Gómez, Javier Bardem en Penélope Cruz. Makers, stijlen en motieven worden steeds geplaatst binnen hun culturele en historische context.

Een Spaanse Affaire – Spaanse filmgeschiedenis in 15 thema’sHet boek benadert film niet als een op zichzelf staande kunstvorm, maar als onderdeel van het maatschappelijke en culturele leven. Thema’s als macht, propaganda, religie, misdaad, corruptie, vrijheid, democratie en passie lopen als een rode draad door het boek. De toon is essayistisch en toegankelijk, bedoeld voor lezers met interesse in film, filmgeschiedenis, Spaanse cultuur en Europese cinema.

Waar te koop?
Wil je de auteur extra steunen? Bestel Een Spaanse Affaire dan rechtstreeks via Brave New Books (plus verzendkosten). Ook kun je terecht bij Bol.com en andere webshops (meestal gratis verzending). Liever lokaal? Geef dan het ISBN: 9789465383095 door aan je boekhandel.

One Battle After Another ‘IDB-film van het Jaar’ 2025

One Battle After Another ‘IDB-film van het Jaar’ 2025
One Battle After Another is door de redactie van InDeBioscoop gekozen tot ‘IDB-film van het Jaar’ 2025. Paul Thomas Anderson maakte een film vol tempo, dreiging, spanning en politieke satire over een voormalige activist (Leonardo DiCaprio) die wordt ingehaald door zijn verleden. The Brutalist is de runner-up, terwijl vijf films op de derde plaats eindigden: The Seed of the Sacred Fig, Black Dog, The Last Viking, Loveable en Sorry, Baby. 

Het is voor de tweede keer dat een film van Paul Thomas Anderson als ‘IDB-film van het Jaar’ wordt gekozen: in 2018 was dat Phantom Thread. Als enige zette onze Vlaamse medewerker Bert Potvliege One Battle After Another helemaal bovenaan zijn lijstje. “Deze spektakelrijke film is meesterlijk gemaakt, en dendert 160 minuten lang onstuitbaar door.”

 

One Battle After Another

One Battle After Another (Foto: Warner Bros Pictures)

The Brutalist is nog een uurtje langer dan One Battle After Another. Brady Corbet giet bijna vier decennia in een indrukwekkende studie van immigratie, antisemitisme, kunst, trauma en de Amerikaanse droom. Adrien Brody kreeg in 2025 al de Oscar voor beste mannelijke hoofdrol.

The Seed of the Sacred Fig prijkt bovenaan het lijstje van Cor Oliemeulen. “Met op de achtergrond de maatschappelijke onrust in Iran na de dood van Mahsa Amini, die werd opgepakt omdat zij haar hoofddoek ‘onjuist’ had gedragen en kort daarna overleed in de gevangenis, ontvouwt het gezinsdrama zich als een claustrofobische thriller. Zelden voelde cinema zo onverhuld als een daad van verzet.”

Ralph Evers was in 2025 het meest gecharmeerd van het Chinese drama Black Dog. Filmmaker Guan Hu portretteert de opmerkelijke band tussen een ex-bajesklant en een zwarte zwerfhond. “De climax is bovendien van een cinematografische schoonheid, die dit toch al fraaie werk naar een hoger plan tilt.”

The Last Viking is de favoriete film van Jochum de Graaf. “Deze briljante zwarte komedie van Anders Thomas Jensen heeft een weergaloos scenario met krankzinnige plotwendingen die toch logisch en geloofwaardig overkomen. Net als de personages is de film vele dingen tegelijk: het gaat over jeugdtrauma’s, broederliefde, loyaliteit, solidariteit, maar ook over de vraag wat normaal is en wat niet.”

“Dramafilms over ongelukkige relaties en scheidingen zijn er in overvloed, maar de psychologische diepgang die Loveable meebrengt is uitzonderlijk”, zegt Tim Bouwhuis over zijn beste film die in 2025 voor het eerst in de bioscoop verscheen. “Debutante Lilja Ingolfsdottir onderzoekt empathisch hoe Maria (verbluffend vertolkt door Helga Guren) ondanks haar teleurstellingen tot troostende inzichten en zelfliefde kan komen.”

Sorry, Baby is naar mijn mening niet alleen de beste film van 2025, maar ook de meest emotionele”, aldus Zoë van Leeuwen. “De film volgt het verhaal van een vrouw die een tragische gebeurtenis meemaakt. Het regiedebuut van Eva Victor is een prachtige film over trauma’s en hoe trauma’s je kijk op de wereld en anderen kunnen veranderen.”

Collega Bob van der Sterre eert de films van 2025 via een aantal absurde categorieën, waaronder de Beste Guy Ritchie-achtige film: Caught Stealing. “Het is 1998 en een barman raakt via zijn buurman verzeild in een misdaadverhaal. Met honkbal, foute cops, een punker, een kat en een sleuteltje in een drol.”

Eerdere winnaars ‘IDB-film van het Jaar’
2024 – The Zone of Interest
2023 – Aftersun
2022 – Dwelling in the Fuchun Mountains
2021 – The Father
2020 – Beanpole
2019‘IDB-film van het Millennium’: La grande bellezza
2018 – Phantom Thread
2017 – The Handmaiden
2016 – Hell or High Water
2015 – Réalité
2014 – Boyhood

 

1 januari 2026

Eye lijdt verlies en schrapt banen

Eye lijdt verlies en schrapt banen

Eye Filmmuseum in Amsterdam verkeert in zwaar weer en moet een aantal maatregelen nemen om “toekomstbestendig” te blijven. Dertig voltijdbanen verdwijnen, het aantal filmvertoningen daalt met 15 procent, er komen nog maar twee in plaats van drie tijdelijke tentoonstellingen per jaar, en het museum is voortaan op maandagen (uitgezonderd schoolvakanties) gesloten.

Eye Filmmuseum (Foto: Corinne de Korver)

Het Parool meldde eind november dat Eye Filmmuseum in grote financiële problemen verkeert. De problemen zijn onder meer te wijten aan stijgende personeelskosten en verliezen op de horeca, die sinds begin 2023 door Eye zelf wordt geëxploiteerd. “Vorig jaar leed Eye een verlies van 1,3 miljoen euro. Toch luidde de directie toen niet de noodklok”, aldus het dagblad. “Medewerkers verwijten de leiding in de ban te zijn geweest van ‘wensdenken’ over het op orde krijgen van de financiën.”

Eye moet ongeveer 20 procent bezuinigen. Algemeen directeur-bestuurder Bregtje van der Haak vertelt aan de Filmkrant hoe dat dient te gebeuren: “Het gaat om structureel €2,25 miljoen, die we in de loop van 2026 en 2027 moeten bezuinigen. Ongeveer €1,2 miljoen komt uit het activiteitenbudget maar de rest komt uit de personeelskosten.”

 

2 december 2025

Themamaand Tilda Swinton

Expo en films over actrice, kunstenaar en stijlicoon
Themamaand Tilda Swinton

Tilda Swinton (Londen, 1960) groeide op in een adellijke Schotse familie en ontwikkelde al vroeg een fascinatie voor kunst en theater. Ze studeerde Engelse literatuur in Cambridge, waar ze betrokken raakte bij theaterproducties, de basis voor haar carrière in film en podiumkunsten. Swinton staat vanaf 28 september centraal in Eye Filmmuseum in Amsterdam met een exclusieve tentoonstelling en een uitgebreid filmprogramma. InDeBioscoop zet de actrice de hele maand oktober in de schijnwerpers.

Volgens Swinton biedt de tentoonstelling Ongoing haar de gelegenheid om terug te kijken op meer dan veertig jaar artistieke praktijk en de creatieve vriendschappen die haar hebben gevoed. Ze beschrijft het als het volgen van ‘kruimels door een bos’, waarbij ze nieuwe bladeren toevoegt aan oude bomen. Deze tentoonstelling is een zeldzame kans om Swinton niet alleen als actrice, maar ook als kunstenaar en curator te ervaren.

Tilda Swinton (Foto: Brigitte Lacombe)

Tilda Swinton (Foto: Brigitte Lacombe)

De expositie toont samenwerkingen met kunstenaars als Pedro Almodóvar, Luca Guadagnino, Joanna Hogg, Derek Jarman, Jim Jarmusch, Olivier Saillard, Tim Walker en Apichatpong Weerasethakul, en benadrukt Swintons rol als actieve co-creëerder. Bezoekers zien onder meer een korte film en sculptuur van Guadagnino, een multimediale reconstructie van haar Londense appartement door Hogg, een installatie van Jarmusch geïnspireerd op The Dead Don’t Die en een performance met Olivier Saillard waarbij Swinton bijzondere kledingstukken tot leven brengt. In een fotoserie portretteert Tim Walker haar familie en voorouders in Schotland.

Tilda Swinton in films
InDeBioscoop trapt binnenkort onze Themamaand Tilda Swinton af met haar filmdebuut Caravaggio, dat in een gerestaureerde versie draait in een aantal Nederlandse bioscopen. In de hele maand oktober lees je op InDeBioscoop besprekingen van memorabele films met Tilda Swinton.

Swinton staat bekend om haar veelzijdigheid en unieke aanwezigheid op het scherm. Haar rolkeuzes zijn vaak gedurfd en eclectisch, waarbij ze regelmatig de grenzen van gender en identiteit verkent. Ze brak door met haar samenwerking met regisseur Derek Jarman in films als Caravaggio (1986) en kreeg wereldwijde erkenning met rollen in films als Orlando (1992), Michael Clayton (2007) en The Grand Budapest Hotel (2014).

De actrice wordt geprezen om haar vermogen om volledig op te gaan in haar rollen en om traditionele verwachtingen te doorbreken. Ze is een icoon in zowel onafhankelijke films als grote producties, altijd trouw aan haar artistieke visie en nieuwsgierige geest. Haar carrière laat zien dat succes niet per se gelijkstaat aan sterrendom, maar eerder aan het vinden van authentieke expressie in kunst.

Meer informatie over de tentoonstelling Ongoing en het filmprogramma in Eye.

 

24 september 2025

Preview Previously Unreleased 2025

Preview Previously Unreleased 2025
Tweede kans voor potentiële filmparels

door Tim Bouwhuis

Een zomer in de Nederlandse filmtheaters is niet compleet zonder de jaarlijkse aanwas van Previously Unreleased, het programma van Eye dat films zonder distributeur alsnog een podium biedt. De selectie van 2025 bevat zeven langspelers en twee shorts, die uitgesmeerd zijn over de vakantieweken van juli en augustus. De opener is op 10 juli de belangrijkste prijswinnaar van een erkend Europees festival, de afsluitende release een ontroerende publieksfilm.

Ondergetekende heeft er een goede gewoonte van gemaakt om elk Previously-jaar zoveel mogelijk titels voor te bezichtigen, al is het maar omdat ik een deel meestal al ‘per ongeluk’ meepak op Europese festivals. Wat is er mooier dan een verse indruk opdoen van een film waarvan je pas later meekrijgt dat hij een verlate Nederlandse release krijgt? Negen vinkjes zetten is dit jaar (nog) niet gelukt, zeven wel. Of de ongeziene titels óók de moeite zijn mag je de komende weken zelf gaan ontdekken, maar alvast een tipje van de sluier: naar Agarrame fuerte kijk ik bijzonder uit.

Toxic

Toxic

10 juli – Toxic
Previously Unreleased opent met de belangrijkste prijswinnaar van het eclectische filmfestival van Locarno (2024). Het Litouwse Toxic draaide dit najaar wel in Gent en Leiden (en vorig jaar op het LIFF, red.) maar mocht niet aan het releaseschema proeven. Gezien de zomerse bekroning van dit coming-of-agedrama is de aandacht van Eye begrijpelijk, maar voor ondergetekende is dit wel met stip de minst geslaagde film van de selectie. Saulė Bliuvaité toont in haar regiedebuut de façade van de modellenwereld en zet die af tegen de povere leefomstandigheden van een stel tienermeisjes, die de belofte van modellenwerk als een manier zien om aan hun realiteit te ontsnappen. Bliuvaité’s regie mist tact en versterkt bedoeld of onbedoeld de miserie waarin haar hoofdpersonen belanden, zonder daar een voelbare dosis empathie tegenover te stellen.

17 juli – Swamp Dogg Gets His Pool Painted
Onconventionele muziekdocu over de Amerikaanse cultartiest Jerry ‘Swamp Dogg’ Williams, die dit voorjaar uitkwam in de VS en daar een Rotten Tomatoes-score van 100 procent aan overhield. Opvallend is dat vriend en collega Guitar Shorty tijdens de opnames het leven liet – de nasleep van dat verlies werd meteen in de film verwerkt.

24 juli – Agarrame fuerte
Ruim tien jaar terug kwamen de makers van Agarrame fuerte met Tanta agua (So Much Water), een aandoenlijk drama over een gescheiden vader die tijdens een doorregende vakantie de band met zijn dochter probeert te versterken. Agarrame fuerte (Don’t You Let Me Go) draait om rouwverwerking, en als het drama dezelfde warmte heeft als zijn voorganger lijkt een prachtige PU-toevoeging gegarandeerd. Wie nog nooit een film uit Uruguay zag, mag zijn kans schoon zien.

31 juli – Matt and Mara
De naadloze chemie tussen hoofdrolspelers Matt Johnson en Deragh Campbell is de grote kracht van Matt and Mara, een eigentijds relatiedrama over de bijzondere band tussen een getrouwde literatuurprofessor en een vrijzinnige schrijver. Tegen het decor van studentenstad Toronto dialogeren de twee erop los over kunst, de liefde en het leven, waarbij het eigenlijk geen seconde stilvalt. Dat laatste gebeurde ook tijdens een Q&A op het filmfestival van Berlijn (2024), waar de twee acteurs hun verhitte discussies moeiteloos doorzetten en de gespreksmoderator onbedoeld tot toeschouwer degradeerden.

7 augustus – C’est pas moi + Allégorie citadine
Leos Carax gaat volledig op de Godard-toer in C’est pas moi, een flitsend filmessay dat met associatieve montage en hoofdletters op de staat van cinema en politiek reflecteert. Passages uit de betere films van de Franse stilist (Mauvais Sang, Les Amants du Pont-Neuf) dragen bij aan een meta-werkje waar je ‘u’ tegen zegt, al is het soms de vraag waar de hommage stopt en de inventiviteit de overhand krijgt. Het is een ideale keuze van de programmeur om dit eerbetoon aan Godard te koppelen aan Allégorie citadine, een al even reflexieve short van Alice Rohrwacher (Lazzaro Felice) die de allegorie van Plato’s grot nieuw leven inblaast. Rohrwacher maakte de short samen met beeldkunstenaar JR, die in Agnès Varda’s Visages Villages samen met de regisseuse een bezoekje brengt aan, juist, Jean-Luc Godard.

14 augustus – Fotogenico
Wat moet een vader in een knalrode onderbroek in de meer ongure delen van Marseille? Het springerige Fotogenico begint als een mysterie van ‘wie’, ‘wat’ en ‘waar’ om later uit te monden in een tragikomedie over rouwverwerking. Het komediegedeelte werkt aanmerkelijk beter dan het drama dat de overhand krijgt in het tweede deel, maar voor een film die start als een geflipte culttrip is het vervolg wel opvallend kernachtig.

Universal Language

Universal Language

21 augustus – Universal Language
Je zou Wes Anderson niet snel meer in Previously Unreleased verwachten, maar het Canadese Universal Language heeft een absurdisme en stilering die snel doet denken aan de regisseur van het recente The Phoenician Scheme. Begin je Anderson (net als ondergetekende) een beetje zat te raken, laat je dan niet afschrikken: vooral het bonte eerste halfuur van de komedie is eigengereid en gevat genoeg om op eigen benen te staan. Uitgangspunt is een wereld waarin het Perzisch (twee coscenaristen van de film zijn Iraans-Canadees) een dominante taal in Canada is. Regisseur Matthew Rankin en scenarist/acteur Pirouz Nemati spelen zelf mee.

28 augustus – Ghostlight
De (naar inschatting) meest ontroerende en meest publieksvriendelijke film van deze PU-editie is Ghostlight, een empathisch familiedrama dat wonderbaarlijk genoeg niet op de lijstjes van de reguliere distributeurs is verschenen. Een rouwende vader en zijn dwarse dochter omarmen de helende kracht van theater in een vertelling die qua toon en visie doet denken aan Sing Sing. Dat drama over gevangenen die aan hun rehabilitatie werken, werd eerder dit jaar wél in Nederland uitgebracht, een wapenfeit dat tekenend is voor de toegankelijkheid van deze Previously-afsluiter. Bijzonder om te weten: vader, moeder en dochter in de film zijn écht bloedverwanten van elkaar.

Meer informatie over Previously Unreleased 2025 vind je op de site van Eye en via de verschillende filmtheaters. Een deel van de geselecteerde titels zal na de release ook zijn weg vinden naar Picl en de Eye Film Player.

 

10 juli 2025

 

MEER NIEUWS EN ACHTERGROND

The Zone of Interest ‘IDB-film van het Jaar’ 2024

The Zone of Interest ‘IDB-film van het Jaar’ 2024
The Zone of Interest is door de redactie van InDeBioscoop gekozen tot ‘IDB-film van het Jaar’ 2024. Dit buitengewone oorlogsdrama van Jonathan Glazer is overtuigend winnaar met 20 punten. Samsara eindigt met 9 punten op de tweede plaats, gevolgd door The Substance en La Chimera (8 punten), en Poor ThingsAnora en Here (6 punten). 

Vier redacteuren plaatsten The Zone of Interest bovenaan hun lijstje. “De ‘banaliteit van het kwaad’ die gestalte wordt gegeven met ogenschijnlijk normale beelden en gebeurtenissen, terwijl op de buiten beeld blijvende achtergrond de verschrikking van de holocaust wordt voltrokken”, aldus Jochum de Graaf.

The Zone of Interest

De film was voor Yordan Coban een reden om een essay te schrijven. “In The Zone of Interest is de kijker continu aan het projecteren, inbeelden, terwijl er bijna niks gebeurt en amper wat gezegd wordt. Het beeld spreekt in The Zone of Interest voor zich. Dit is film in optima forma. Dit is waar het medium voor bedoeld is: geluid en beeld tot een confronterende en emotionele reactie begeleiden.”

Bij Bert Potvliege gooide Samsara hoge ogen. “Halfweg de film overlijdt de vrouw en wordt de kijker uitgenodigd om de ogen te sluiten en het eigenlijke reïncarneren mee te beleven in een uitgebreide sequens, waar de geest van de vrouw overgaat en je de rest van de film beleeft vanuit het standpunt van het dier. De beelden en de sfeer zijn fijne toonbeelden van traagheid en ontspanning.”

Ralph Evers zag in The Substance zijn hoogtepunt van 2024: “Knallend orgasme! Wat een achtbaan, wat een zindering, wat een porno en wat een bevrediging voor de Jungiaanse psychoanalyticus in mij. Het laatste halve uur was wel een uitdaging, Cronenberg eat your heart out! Een film waar alles er duimendik bovenop ligt en waar alles postmoderne ironie is.”

Voor Tim Bouwhuis was La Chimera een film die de klasse van regisseur Alice Rohrwacher bevestigt. “Niet voor de eerste keer blinkt Rohrwacher uit in het vermengen van het (Italiaanse) verleden en het rijk van de mythologie. Haar films zijn minstens zo dromerig, vindingrijk en associatief als het beste werk van haar overduidelijke inspiratiebron, Federico Fellini.”

Eerdere winnaars ‘IDB-film van het Jaar’
The Zone of Interest is de opvolger van Aftersun dat de redactie koos tot beste film van 2023. Boyhood (2014), Réalité (2015), Hell or High Water (2016), The Handmaiden (2017), Phantom Thread (2018), onze IDB-film van het millennium La grande bellezza (gekozen in 2019), Beanpole (2020), The Father (2021), Dwelling in the Fuchun Mountains (2022) en Aftersun (2023) gingen deze winnaars voor.

 

1 januari 2025