HAFF 2014 – Deel 1

Experimentele opening HAFF 2014 

door Ralph Evers

De eerste twee dagen zijn voor de doorgewinterde animatieliefhebber een thuiskomen in de wereld vol verrassingen. Soms getroffen door eenvoudige, doch uiterst effectieve animatie, dan weer verwonderd door vakmanschap en liefdevolle details, om tot slot verveeld, getergd en geërgerd door een vreselijk saai ‘kunstzinnig’ l’art pour l’art werkje heen te worstelen.  

Inderdaad, de animatiewereld kent geen grenzen. Toen mijn fascinatie als kleine jongen gewekt werd, was dat met de klei en poppenanimaties uit Tsjecho-Slowakije. Stop-motion! Elke Tsjech sindsdien heeft een streepje voor. Het werk van de student Noemi Valentiny, The Seagull, verrast omdat het geen stop-motion, geen klei of poppenanimatie is. Het is eerder een wat fletse computeranimatie. De treffende muziek en het wonderlijk symbolische verhaaltje weten te ontroeren.

HAFF 2014 Man in a Box

Europese studentenfilms
In de competitie van Europese Studentenfilms is er veel afwisseling. Zowel in stijl als in kwaliteit. Bijvoorbeeld het uiterst simpel getekende Hog Heaven, een uitgeklede klare lijn, waar effectief de kunst van het weglaten wordt toegepast evenals in Wind, een grappig verhaaltje over de oorsprong van de storm. Tegenover het mooi gedetailleerd uitgevoerde stop-motion kleianimatie Man in a box, waarin een man zichzelf uit het niets creëert.

Die krijgt geduchte concurrentie van het creatief bedachte Im Rahmen, waarbij een mens gaandeweg ontstaat in een kleispiegel en op elegante manier met zichzelf speelt. Dit staat dan tegenover No Place like Home van de HKU. Met een kitscherige, veel te computer gegenereerde lay-out prikkelt de animatie niet de geest. De gortdroge humor houdt de aandacht nog net genoeg vast. Die aandacht is bij Terra Infirma, Get happy or get out en Sock Skewer Street 8 al lastiger vast te houden. De vervreemdende sfeertjes zijn leuk, maar de films doen ongerijpt aan, als een vingeroefening.

Gevestigde namen
De Competitie Shorts 1 & 2 leveren eveneens een wisselend aanbod. Films van reeds gevestigde animatoren. De Koreanen Boyoung Kim en Yumi Young blinken uit in repetitieve nietszeggendheid. The Garden of Words is een lieflijk, mooi geanimeerde manga over een jongen die schoenen maakt en verliefd raakt op een bierdrinkende mysterieuze vrouw in het park. De climax van de film is echter zodanig overtrokken, dat de film haar lieflijke charme met de regen (en tranen) ziet wegspoelen.

HAFF 2014 The Garden of Words

Le Labyrinth is een onduidelijk en irritant artistiek probeersel. Passend bij een festival dat een breed scala aan animatie wil laten zien. Irritatie is echter wat er van dit gedrocht blijft hangen. Uiterst grimmig, doch sfeervol is de film Canis over een wrede postapocalyptische plek waar wilde honden de dienst uitmaken. In stemmig, grauw zwart wit is er voortdurend een broeierige sfeer van naderend onheil. De kijker wordt hierin niet teleurgesteld.

Fluitende kogels en droogkloterij
Confusion through sand neemt de kijker mee naar een oorlogsgebied. Met snel wisselende perspectieven en uiterst suggestief lijnenspel, waan je je midden in een gevecht. Van alle kanten fluiten de kogels langs je oren, maar waar zit de vijand? Wilq Negocjator is Poolse droogheid. Een heerlijk losse tekenstijl, die aan Hein de Kort doet denken. Een hoop poespas, die eindigt in droogkloterij. Er is dan reeds een keur aan stijlen voorbij gekomen, voor ieder wat wils. Een ontwikkeling die echter gestaakt mag worden is het soort van flikkerende beelden te midden van een overdaad aan computeranimatie. Waar The Wound een vaandeldrager van is. Een slap verhaal met luie animatie, een druk op de knop en de kijker redt zich maar.

HAFF 2014 Wilq Negocjator

Wonder-full!!!
Mirai Mizue’s werk samengevat in een lange film. Tachtig minuten lang een aaneenschakeling van zwaar psychedelische animatie op de beat van verschillende, opzwepende en energieke muziek. Veel thema’s komen regelmatig terug, zoals ogen, wormen en het gebruikte kleurpalet. Al zijn films achterelkaar gemonteerd, vervalt Mizue’s werk nogal eens in herhaling. Toch weet Mizue door effectieve composities, verrassende climaxen en de sterke soundtracks de aandacht vast te houden. Gaandeweg voel je je alsof je verdwaald bent in een paddotrip. Een vermakelijke paddotrip, dat wel.

 

22 maart 2014

 

Deel 2: Borderline Cinema Animationale 

Deel 3: Artistieke grenzen

Nabeschouwing HAFF 2014: Editie van uitersten

IFFR 2014 – Epiloog

Epiloog IFFR 2014 

door George Vermij en door Ralph Evers

De afgelopen dagen hebben George Vermij en Ralph Evers het International Film Festival Rotterdam (IFFR) verslagen. We besluiten hun reeks beschouwingen met een terugblik. Wat waren de hoogtepunten en de dieptepunten? Welke kleine films bleven ten onrechte onopvallend? Waren de Tiger Awards terecht? IFFR 2014, de epiloog. 

Hoe vonden jullie de kwaliteit van deze editie van het IFFR?  

George: ‘Het is altijd moeilijk om een compleet beeld te krijgen van het festival omdat er zoveel draait. Ik heb zo’n dertig films gezien, wat eigenlijk maar een klein deel is van het complete aanbod. Op basis van die films moet ik zeggen dat de selectie goed was en dat ik me ook heb vermaakt met films die niet perfect waren, maar zeker niet zo slecht dat je de zaal wilt uitlopen. Ik moet dan denken aan films zoals Intruders, La Cueva of Swim Little Fish Swim die leuk zijn om een avond mee op te vullen.’

Ralph: ‘Ik kom hier nu pas voor de tweede keer intensief en heb eerder festivals vooral in Groningen beleefd. Ook ik heb zo’n dertig films gezien, waar enkele verrassingen tussen zaten en enkele complete missers. Ik loop zelden bij een film weg, maar bij Perfect Garden was dit gerechtvaardigd geweest. De selectie is breed, maar ik kan me moeilijk voorstellen dat er zo weinig Oost-Europese cinema beschikbaar was om uit te kiezen. De kwaliteit viel me wat tegen, een hoop films die onderhoudend waren, maar weinig die me omver bliezen, zoals vorig jaar Ladies and Gentlemen: The Final Cut wel deed.’

L’amour est un crime parfait

Wat zijn jullie persoonlijke favorieten? En welke films had je liever niet gezien? 

George: ‘Een verrassing was The Great Passage omdat het een toegankelijke en charmante publieksfilm is met een ongewoon onderwerp, namelijk het samenstellen van een woordenboek. De grotere films zoals Nebraska en Her waren ook mooi en zullen zeker nog een groot publiek trekken in de bioscoop. Mooie kleinere films waren het liefdesverhaal Love Steaks en Tres D over een filmfestival Argentinië. Een film die ik erg vond tegenvallen was L’amour est un crime parfait die chaotisch en pretentieus tussen genres wisselt zonder te overtuigen.’

Ralph: ‘De film die me het meest ontroerde was Concrete Night, ook al begrijp ik hem maar gedeeltelijk. Eveneens veel indruk maakte A Touch of Sin. Blutgletscher vond ik een charmante film en ik had niet anders verwacht dan dat Nebraska me zou bevallen. Only Lovers left alive van Jim Jarmusch viel me wat tegen, ondanks dat Tilda Swinton, van wie ik gecharmeerd ben, er een grote rol inspeelt. Ronduit beroerd waren films als Perfect Garden, The Mother and the Sea en Les rencontres d’apres minuit. Minder beroerd, doch saai en overbodig vond ik de geforceerd grappige Secretly Greatly, over Noord-Koreaanse spionnen in Zuid Korea.’

Zijn er zaken waaraan je je irriteert op het IFFR? En heb je ook dingen die je goed vindt aan dit festival?  

George: ‘Irritaties zijn er niet echt. Het IFFR is gewoon het beste filmfestival van Nederland en je merkt de impact ook in Rotterdam. De stad bruist en overal zijn er wel feesten of nevenactiviteiten. Voor Nederland is het ook belangrijk dat er een serieus Internationaal filmfestival is en het IFFR balanceert mooi tussen toegankelijk en experimenteel. Daarmee biedt het variatie en ruimte voor beginnende filmmakers om hun films te tonen aan een groot publiek.’

Ralph: ‘Irritant is een groot woord, toch heb ik een ergernis. De afstand tussen Pathé en Lantaren Venster, dit noopt tot anders plannen van de films die je wilt zien. Het hoort overigens ook wel bij Nederland; dat je zo door de wind aan het ploegen bent voor een film uit een ver warm land. Dat films geregeld rond dezelfde tijd beginnen mag van mij ook anders. Dit zijn echter kleinigheden. Het hele festival ademt een allure van iets groots. Het festival past bij Rotterdam, je hebt als filmliefhebber wel een zeker doorzettingsvermogen en onverzettelijkheid nodig om van hot naar her de crème de la crème te zien.’

Waren er ‘grote afwezigen’ op het festival, films waarvan je had verwacht dat die hier zouden draaien?

George: ‘Ik moet zeggen dat ik vooral naar de kleinere films ga op het IFFR. De grote films die al veel aandacht krijgen, komen vanzelf weer in de bioscoop. Het is leuker om naar een film te gaan waar je nog niets van weet of waar nog geen buzz omheen hangt.’

Ralph: ‘Ik zou het niet weten. Ik houd me zelden bezig met wat een hype is of niet en grote producties interesseren me vaak matig op zo’n festival. Toch heb ik een aantal ‘grotere’ films gekeken als Nebraska en Only Lovers Left Alive. Als afwisseling van het mogelijk zware arthouse-spul.’

IFFR Publiekslieveling Nebraska

Wat vond je afgezien van de films leuke IFFR-momenten? 

Ralph: ‘Het voortdurende gebakkelei over films onder recensenten. We hadden een groepje die het zelden met elkaar eens zijn. Dat maakt het gesprek over film levendig. En Rotterdam leren kennen, dat is ook leuk. Interessante stad en een prachtige skyline vanaf de Erasmusbrug, wanneer je naar Lantaarn fietst.’

George: ‘Ik geniet zelf altijd van de hectische sfeer tussen de films door waar je soms nog snel iemand spreekt die een tip heeft. Ook eten moet snel; ik kan me leuke discussies herinneren in pizzatenten waar de ene recensent een lans breekt voor een film terwijl de ander die met de grond gelijk maakt.’

Wat vind je van het publiek op het festival? Merk je dat er een groot verschil is tussen mensen per voorstelling?  

Ralph: ‘Ik heb niet echt een verschil gemerkt. Ook niet met wanneer ik bij mij in Utrecht naar de bioscoop ga. Mijn ervaring is dat de meeste anderen lachen om scènes die ik niet grappig vind en omgekeerd. Dat de brute scènes uit A Touch of Sin een groot deel van het publiek deed lachen, deed me vermoeden dat we niet zo gewend zijn aan zulk bruut geweld.’

George: ‘Ik vind het heerlijk om naar mensen te kijken op zo’n festival. Je hebt naar mijn mening wel een verschil tussen echte cinefielen en mensen die het gewoon leuk vinden om van de festivalsfeer te genieten. Daarnaast geen gebrek aan hipsters en natuurlijk ook internationale gasten.’

Welke filmscènes zijn je het meest bijgebleven?  

Ralph: ‘De opening- en slotscène van Concrete Night zijn van een zeldzame schoonheid. Ook de esthetische beelden van Atlas maakten indruk. De film ging als in een roes voorbij, alsof je als kijker ook onder de heroïne zit. Een haast noodzakelijke roes, want de ernst van het leed dat die heroïnehoeren ondergaan stemt verdrietig. Dit is waarom ik van cinema hou en waarom ik zoek naar die vage, obscure films.’

George: ‘Ik moet nog steeds lachen als ik aan een scène denk in Nebraska, waar de vrouw van de hoofdpersoon op een kerkhof eerlijk en komisch praat over de mensen die daar liggen. Het is ook een prachtig shot waar je de uitgestrektheid ziet van het Amerikaanse achterland dat enerzijds mooi, maar ook rauw is.’

Plattegrond IFFR 2014

 

5 februari 2014

 

PREVIEW IFFR 2014

DEEL 1

DEEL 2

DEEL 3

DEEL 4

DEEL 5

DEEL 6

DEEL 7

DEEL 8

IFFR 2014 – Deel 8

Festivalverslag IFFR 2014: Deel 8 

door George Vermij

De beslommeringen van artistieke types in NYC, de gedreven makers van een Japans woordenboek, een portret van cinefiel festivalpubliek in Argentinië en een voorspelbare Duitse thriller over een femme fatale. 

Swim Little Fish Swim is zo’n film over wankele artistieke types in New York die je al vaker hebt gezien. De knappe Française Lilas slentert van atelier naar galerie om haar kunst onder de aandacht te brengen. Zij valt echter in de schaduw van haar moeder die als succesvolle kunstenares een overzichtstentoonstelling heeft in het MoMA. Deze moeilijke relatie doet denken aan het betere Tiny Furnitures van Lena Dunham die daarna bekend zou worden met de serie Girls.

Lilas’ pogingen worden gecontrasteerd met de dromerige en onverantwoordelijke Leeward die muziek maakt en puur wil blijven. Dat houdt ook in dat zijn vrouw het geld verdient, terwijl zij droomt van comfortabele huiselijkheid en een huis wil kopen in een buitenwijk.

IFFR 2014 Swim Little Fish Swim

Creatieve losers
Swim Little Fish Swim is leuk en fris gefilmd, maar is qua verhaal voorspelbaar. De moraal is uiteindelijk dat je je dromen niet moet verloochenen, maar Lilas en Leeward zijn iets te naïef en wereldvreemd om echt te overtuigen. Afgezien van een mooie scène waarin Leewards vrouw twijfelt over het kopen van een huis terwijl haar man bezig is met zijn eigen projecten, is de film iets te licht van toon. Kiezen voor creativiteit lijkt daarmee een makkelijke keuze terwijl de in werkelijkheid de prijs die je daarvoor betaalt groter is.

Een levende taal
Het Japanse The Great Passage heeft een uniek uitgangspunt. De film volgt de samenstelling van een nieuw en definitief woordenboek en hoe verschillende redacteuren zich wagen aan een eindeloze klus die jaren duurt. Dit lijkt een bijna zinloze kafkaëske taak, maar de film is niet duister of deprimerend en heeft een bescheiden humanisme die het verhaal draagt. De hoofdpersoon is een timide jongeman die gaandeweg het belang ziet van zijn werk en hoe taal essentieel is voor de communicatie tussen mensen.

IFFR 2014 The Great Passage

In een mooie droomsequentie zien we hem in een zee lopen waar oneindig veel papieren met woorddefinities drijven. Het staat symbool voor de immense taak die hij heeft, maar tegelijk toont het de rijkdom en het ontzagwekkende van de taal. Hij wordt bijgestaan door een oude hoofdredacteur die al jaren bezig is, maar nog steeds enthousiast blijft en zoekt naar nieuwe woorden.

De stoffige setting in een klein en vol kantoor waar de redacteuren zwoegen met definities heeft uiteindelijk een nobel doel. Dat maakt van The Great Passage een mooie en toegankelijke publieksfilm die je respect geeft voor die mensen wiens eindeloze taak het is om een taal levend te houden door die te definiëren.

Ons soort mensen
Op een filmfestival kijken naar een film over een filmfestival is een erg grappige ervaring, vooral als de film zo vermakelijk is als het relaxte Tres D. De film volgt een filmmaker die op het Argentijnse Festival Internacional de Cine Independiente de Cosquín regisseurs en producenten interviewt terwijl hij ook contact heeft met verschillende andere mensen.

IFFR 2014 Tres D

Tres D is vooral charmant als een portret van de onafhankelijke filmwereld en heeft gastrollen van Argentijnse regisseurs. Uit interviews blijkt soms hun visie op cinema. Je ziet het belang van festivals als een plek waar gelijkgestemden en liefhebbers komen om hun passie met elkaar te delen.

Obsessieve ruimtes
Die Frau hinter der Wand is een onopmerkelijke Duitse thriller die wat vette knipogen maakt naar Hitchcock en De Palma. Het gegeven van een jonge onzekere student die een appartement huurt naast een verleidelijke vrouw klinkt al als een voorspelbaar gegeven. Al gauw is de student in de ban van een femme fatale die houdt van gevaarlijke spelletjes.

iffr 2014 Die Frau hinter der Wand

De film speelt met thema’s zoals de kwetsbaarheid van identiteit en de verleidelijkheid van gevaar. Wat vreemde personages die her en der opduiken zijn bedoeld om de sfeer vreemd te maken, maar dit werkt vooral onbevredigend en gekunsteld. Visueel is de film aardig geschoten, maar uiteindelijk is het niets meer dan een dertien in een dozijn thriller.

 

3 februari 2014

 

PREVIEW IFFR 2014

DEEL 1

DEEL 2

DEEL 3

DEEL 4

DEEL 5

DEEL 6

DEEL 7

EPILOOG

IFFR 2014 – Deel 7

Festivalverslag IFFR 2014: Deel 7  

door Ralph Evers

De hang naar schone kunsten, lot in eigen hand in hedendaags China, rijkdom leidt tot moreel verval en vampiers klooien met mobieltjes.

Soms zie je een film, die zich niet makkelijk laat duiden. Concrete Night (Betoniyö) is zo’n film. Wanneer je het programmaboekje erop naslaat wordt er wel iets duidelijker, maar blijven er genoeg vraagtekens over. In de korte synopsis lees je dat Ilkka (Raakel in de film) nog 24 uur heeft voor hij de bak in moet. Deze Finse film laat zich vertellen als een symbolisch sprookje tussen licht en donker, waarbij de artistieke uitstapjes hun eigen invulling verdienen.

Verslag IFFR 2014 Concrete Night (Betoniyö)

Concrete nachtmerrie
De film begint met een prachtige scène van de nachtmerrie van Simo, de jongere broer van Ilkka. Simo kijkt tegen zijn broer op en neemt diens cynische verhalen maar wat graag serieus. Deze laatste vrije dag van Ilkka trekt hij er nog eenmaal met hem op uit. Als mannen zijn ze niet alleen in jaren verschillend, ook in interesses. Simo koestert heimelijk klassieke muziek en de kunst, terwijl Ilkka een rauwdouwer is, die zich meer bekommert om zijn sigaretten en bier.

De hang naar de schone kunsten van Simo wordt in deze film op sublieme wijze vertolkt met prachtige beelden en even zo mooie muziek, waarbij de beelden op het ritme bijna dansend voorbij komen. Uit eerdere films van regisseur Honkasalo bleek al dat ze een uitstekend oog voor details heeft en daar valt in Concrete Night volop van te genieten.

IFFR 2014 A Touch of Sin

Hedendaags China
In A Touch of Sin laat regisseur Jia Zhang Ke het moderne China van een andere kant zien. Aan de hand van een aantal sensationele berichten op Weibo (het Chinese Twitter), vertelt hij een viertal verhalen. Verhalen over een China dat in transformatie is. Een snelgroeiende economie met daarbij een snelgroeiende kloof tussen arm en rijk. Dit roept oerkrachten op in de lotgevallen in deze film. De titel is een knipoog naar King Hu’s A Touch of Zen (1969). Waar een zenmeester de situatie overziet en kalm blijft, zijn lot accepteert, nemen de personages uit A Touch of Sin andere beslissingen.

De intensiteit van de film zit hem in de aandacht die Zhang Ke heeft om zijn personages vlees en bloed te geven. Hij bouwt de frustraties en de onmacht rustig op. Wanneer Dahai merkt dat hij op bureaucratische wijze wordt tegengewerkt in zijn zoektocht naar gerechtigheid en zijn strijd tegen corruptie, besluit hij het lot in eigen hand te nemen. Veruit de bruutste scènes staan op conto van deze man. Met een jachtgeweer haalt hij zijn gelijk en zijn bloederige resultaten komen grafisch en rauw in beeld.

IFFR 2014 Spies & Glistrup

Puissant & Extravagant
Vorig jaar wist Michael Winterbottom met zijn The Look of Love een portret neer te zetten van de Britse mediamagnaat Paul Raymond. Steve Coogan schitterde in deze rol van Raymond, een man die alles had of kon krijgen wat hij wilde en uiteindelijk met eenzaamheid en saaiheid overblijft. Raymond is als extravagante verschijning en puissant rijke zakenman ook de belichaming van de roekeloze bankiers die ‘ons’ geld verkwisten in de bankencrisis.

Een soortgelijk verhaal vertelt Christoffer Boe in zijn nieuwste film Spies og Glistrup. Simon Spies en Mogens Glistrup zijn twee studievrienden. De eerste is zakenman, de tweede boekhouder. Wanneer Spies een grote luchtvaartmaatschappij overneemt, dankzij de geslepenheid van Glistrup, wordt hij al gauw rijk. Zijn rijkdom uit hij in een absurde, overdreven extravagantie. Zo loopt hij in zijn ochtendjas zijn sabbatical te verkondigen, waarna hij zich enkele jaren onderdompelt in de psychedelica van het instituut dat hij dan leidt.

De film volgt de levensloop van de beide heren. Een levensloop vol moreel verval. Toch weigert Boe een moreel oordeel te vellen. Film is immers een reconstructie van de realiteit. Het snelle geld van de luchtvaartbranche bracht hen beiden tot grote hoogten. Echter, evenals Icarus, smelt ooit de was en stort je des te harder ter aarde.

IFFR 2014 Only Lovers Left Alive

Lethargische Rock’n’Roll
De nieuwste creatie van Jim Jarmusch Only Lovers Left Alive lijkt in te springen op de vampierenhype van Hollywood. Gelukkig weet Jarmusch met zijn liefde voor literatuur en humor er een eigen draai aan te geven. Het liefdespaar Adam en Eva (overtuigend gespeeld door Tilda Swinton, koningin der ondoden!) leeft apart van elkaar. Eva in Tangiers, Adam in Detroit. Door de focus op het ‘normale’ leven te leggen (vampiers die aan het klooien zijn met mobieltjes) in plaats van hun zucht naar bloed, krijgt de film haar eigenaardige sfeertje.

Het probleem waarmee de vampiers geconfronteerd wordt is dat het bloed van de mensen (steevast zombies genoemd) doorgaans besmet is. Besmet door verdovende middelen, middelmatigheid en opportunisme. Alleen met zuiver bloed leeft men op. De film werpt het idee op dat vampiers al sinds het begin der tijden onder ons zijn. De cameraman en ook Jarmusch zelf hadden dan beter wat meer zuiver bloed kunnen drinken tijdens het filmen, want het tempo ligt te laag om twee uur te blijven boeien.

 

3 februari 2014

 

PREVIEW IFFR 2014

DEEL 1

DEEL 2

DEEL 3

DEEL 4

DEEL 5

DEEL 6

DEEL 8

EPILOOG

 

IFFR 2014 – Deel 6

Festivalverslag IFFR 2014: Deel 6 

door Ralph Evers

De beste remedie tegen een vervelende klucht is esthetiek, die je in vervoering brengt. Evenals de tomeloze clubliefde van Feyenoord of de tot kunst verheven lamlendigheid van een rouwende Chinese jongeman.  

Jacky au royaume des filles speelt zich af in de Democratische en Populaire Republiek van Bubunne. In dit land zijn het de vrouwen die aan de macht zijn. Met harde hand regeert generaal Bubunne het land, terwijl de mannen gesluierd gaan in niqaabs. Ze vervullen huishoudelijke taken en bereiden het nationale gerecht brij  voor. Een ranzig op behanglijm lijkend goedje, waarvan later in de film de gruwelijke realiteit bekend wordt. Hoofdrolspeler Jacky maakt zich op voor het Grande Ball in de hoop de man van de dochter van de generaal te worden.

Vervelende klucht
Wat op papier als een leuke film lijkt, valt in de praktijk vies tegen. Met nog een knipoog naar het hindoeïsme (geen heilige koeien, maar paarden) tracht deze film een satire te zijn op religie en dictatuur. De film faalt al gauw doordat de rollen te duidelijk omgedraaid zijn en vooral dienen als klucht en niet verder worden uitgewerkt. De vrouwelijke dictator is onmiskenbaar op Kim Jong-Il geïnspireerd.

IFFR 2014 Jacky au royaume des filles

De echt leuke grappen zitten in de slapstick humor. Het verhaal is te weinig uitgewerkt en te weinig intelligent om te blijven boeien. Dan slaat de verveling toe en zit de opluchting hem niet in het feit dat de generaalsdochter een echtgenoot heeft gevonden, maar in de aftiteling. De verrassende wending met de seksuele vorming van de generaalsdochter redt hier weinig aan.

Rooie Marck
Er zijn maar weinig clubs waarvan de supporters zo’n gepassioneerde en onvoorwaardelijke clubliefde hebben. Bij vlagen is The other side of the heart is white een ontroerend portret van Feyenoord, gemaakt voor het legioen en de voetballers die bij Feyenoord komen voetballen. Clubliefde die tot haast religieuze hoogten stijgt.

IFFR 2014 The other side of the heart is white

Daarnaast biedt de film een stadsportret, waarin de onverzettelijkheid en weerbaarheid van de Rotterdammers doorklinkt. Hoewel elke club zou zeggen dat ze is gezegend met een fanatieke fanschare, die de club door dik en dun steunt, is dit bij Feyenoord toch een tikkie anders. Een tikkie fanatieker. Want als Feyenoorder sta je achter je club in moeilijke en in makkelijke jaren. En moeilijke jaren heeft de club wel gehad. Het laatste kampioenschap dateert uit 1999 en onder Bert van Marwijk werd in 2002 de laatste Europese titel gewonnen.

De film licht een exemplarische dwarsdoorsnede van Feyenoordsupporters uit. Een ontroerend hoogtepunt is het stilstaan bij Rooie Marck. Een begrip in De Kuip.

Regisseurs Leonardo Pansier en Brandon Baan tonen uitdrukkelijk de positieve kant van voetbal en Feyenoord in het bijzonder. Zo neemt het leven van Pansier, die betrokken was bij de ‘veldslag’ in Beverwijk tussen Ajax en Feyenoord, een geheel nieuwe positieve wending. Wit is de kleur van de zuivering en het ontvankelijke. Bij Rotterdammers vooral ontvankelijk voor die andere clubkleuren.

Esthetische zelfvernietiging
De Franse film Atlas van fotograaf Antoine D’Agata behoort tot de meer artistieke arthouse cinema. De film volgt heroïneverslaafden en prostituees over de hele wereld. D’Agata filmt hen op uiterst fraaie wijze. Hun handelingen worden minutieus en hypnotiserend in beeld gebracht. Als een antropoloog die onderdeel wordt van een eigen cultuur legt hij hun handel en wandel vast. Van het geld verdienen (veelal door prostitutie) tot het scoren. Hij doet dit met een zeldzame esthetiek, waardoor de gruwelijkheden gesublimeerd worden tot een fraaie beelderotiek.

IFFR 2014 Atlas

Een vrouwelijke voice-over voorziet de film voortdurend poëtisch van verslaglegging. Telkens in de taal van het land waar de scène opgenomen is. Zo is de scène in Cambodja hypnotisch door de melodie in de taal, gecombineerd met een geniale, repeterende soundtrack eronder. Soms zijn de beelden zo ongelooflijk mooi en narratief dat je moeite hebt om bij de ondertiteling te blijven, zoals wanneer het bliksemt.

De thematiek die telkens terugkeert, is de ‘ontlichaming’ van het lichaam. Het lichaam als middel om geld te verdienen en te kunnen scoren. Scènes van vingerende vrouwen of neukende mensen zijn volstrekt ontdaan van hun erotische lading. De film is als een fenomenologische studie naar heroïneverslaving in alle werelddelen. Daarnaast laat de film zien wat de kracht van kunst is. De in wezen gruwelijke beelden worden fascinerend om naar te kijken en doen je verlangen naar wat er voor beeldpracht komen zal. Tegen een achtergrond van zelfvernietiging.

Lamlendigheid tot kunst verheven
In de Chinese film Lake August pleegt een man zelfmoord door dronken van zijn boot te vallen. Daarna volgen we Ah Li, diens zoon, die zijn dagen slijt met lamlendig lummelen, roken, bier drinken en porno kijken. Het contact met zijn moeder is minimaal en dat het contact met zijn ex-vriendin voorgoed over is lijkt hem weinig te kunnen deren. De film dobbert verstild en vertraagd aan de kijker voorbij.

IFFR 2014 Lake August

Vooraf werd er al actief op los getwitterd door bezoekers die een powernap  planden voor ze deze film zouden gaan bekijken. Toegegeven, de film onthaast. Zo druk als de grote steden zijn, zo rustig is Lake August. Met het ritme van de wind en het water en een mager plot weet regisseur Yang Heng de kijker te onderhouden. Daarmee stelt deze film een interessante vraag: waarom werkt dit voor de een wel en voor de ander niet? Waarom blijft de een geboeid kijken en valt een ander in slaap? Yang Heng zoekt de grenzen op en deinst er niet voor terug hier over heen te gaan.

 

1 februari 2014

 

PREVIEW IFFR 2014

DEEL 1

DEEL 2

DEEL 3

DEEL 4

DEEL 5

DEEL 7

DEEL 8

EPILOOG

IFFR 2014 – Deel 5

Festivalverslag IFFR 2014: Deel 5 

door George Vermij

Liefde tussen uitersten, werken en wegdromen in Ulaanbataar, wraakzuchtige martelpraktijken in Israël en horror hoog in de Oostenrijkse bergen.

IFFR 2014 Love Steaks

Clemens is een verlegen masseur die in een Duits kustresort gaat werken. In de keuken staat de wilde en impulsieve Lara die altijd een flaconnetje bij zich heeft en zoekt naar afleiding. Dat deze twee tegengestelden een aantrekkingskracht voelen is natuurlijk niet verrassend voor het verloop van een film, maar Love Steaks weet dat gegeven wel speels en inventief te vangen. Het camerawerk is realistisch, maar de springerige montage zorgt voor spanning en afwisseling.

Het spel van de twee hoofdrolspelers is ook naturalistisch. Clemens is vaak pijnlijk onzeker wat tot ongemakkelijke komische situaties leidt. Lara vormt met haar impulsiviteit een contrast en een voorbeeld voor de naar zekerheid zoekende Clemens. Het verhaal is bovenal ook grappig. Te complex of diepzinnig wordt het niet, maar voor een prille liefde is dat niet altijd nodig. Naar het einde toe wordt de film iets serieuzer om vervolgens weer licht absurd te eindigen. Een kleine en bescheiden film die voelt als een stormachtige verliefdheid.

IFFR 2014 Remote Control

De vliegende monnik en de straatverkoper
Remote Control speelt zich af in het moderne Mongolië. De jonge Tsog woont op het platteland, maar verdient geld door melk te verkopen op de straten van Ulaanbataar. Zijn leven heeft weinig lichtpuntjes. Tsogs vader is een alcoholist die schulden heeft en het geld dat hij verdient verdwijnt al snel in de handen van criminele schuldeisers. Tsogs enige troost is het wegdromen op de daken van de hoge flats van Ulaanbataar, waar hij al snel gevangen wordt door een mooie vrouw in haar appartement.

Remote Control verbindt realisme met fantasie-elementen zoals een Icarus-achtig verhaal van een vliegende monnik die werd afgestraft voor zijn overmoed waardoor Tsog gefascineerd is. Af en toe komen elementen van dat verhaal terug in zijn dagdromen. Dit vormt een contrast voor de relatieve troosteloosheid van zijn bestaan. Er is een degelijke balans van deze elementen in een film die schippert tussen een verslag van het hedendaagse Mongolië en de dromerigheid van poëtische uitstapjes. Echt rauw wordt het echter niet en de lichte voorspelbaarheid zou je kunnen zien als het enige manco.

iffr 2014 Big Bad Wolves

Jagten meets torture porn
Big Bad Wolves werd gehypt door Quentin Tarantino, maar na het zien van de film blijkt dat niet helemaal terecht. De eerste helft opent rommelig en te snel om daadwerkelijk spannend te zijn. Een meisje is zoek en de politie heeft al een mogelijke dader die wordt gemarteld om tot een bekentenis te komen. Als beelden van het politiegeweld uitlekken, moet de verantwoordelijke agent opstappen. Toch blijft hij de verdachte – een sullige leraar zoals in de film Jagten – schaduwen, net als de vader van een vermoord meisje. De film krijgt een nare wending als de vader besluit om de verdachte gevangen te houden en te martelen in een kelder. De agent helpt hem in eerste instantie, maar de situatie loopt al snel uit de hand.

Het grootste probleem met Big Bad Wolves is de vreemde toon van de film die het midden houdt tussen humor en thriller. Bepaalde scènes zijn grappig, maar geven de film iets cartoonesk waardoor serieuzere elementen niet uit de verf komen. Voor een film over een seriemoordenaar is de sfeer daardoor erg licht. De rol van de leraar wordt verder niet uitgediept en blijft oppervlakkig. Dat hij de enige verdachte is, maakt de film ook niet suspense-vol. Dat is waarschijnlijk de reden voor de vroege martelscènes met een combinatie van humor en gruwelijkheid. Afgezien van een verrassende twist is Big Bad Wolves een onbevredigende film die niet als geheel overtuigt.

IFFR 2014 Blutgletscher

Bloed in de Alpen
Met al het nieuws over een komende ecologische catastrofe is het niet verwonderlijk dat filmmakers het gegeven gebruiken. Het genre van de Eco-horror heeft al films opgeleverd zoals het bizarre The Last Winter, waar het broeikaseffect leidt tot het vrijkomen van allerlei gevaarlijke wezens. Vergelijkbaar is het Oostenrijkse Blutgletscher, waar een groep wetenschappers in de Alpen wordt gevolgd en stuit op een gletsjer die deels bestaat uit vreemde organische resten met microscopische beesten. Al snel wordt het een horrorsituatie die gelijkenissen vertoont met The Thing waarin mensen en dieren die in contact komen met de parasieten veranderen in gevaarlijke en bloeddorstige mutanten.

Dit is natuurlijk standaard genremateriaal, maar Blutgletscher is ondanks de voorspelbaarheid vermakelijk en weet ook op momenten wat humor in de mix te gooien zoals een bezoekende vrouwelijke minister die overtuigend het roer in eigen handen neemt als de groep wordt aangevallen. Voor fans is het dus herkenbaar en vertrouwd terrein dat degelijk is geschoten en eindigt met een grappige twist.

 

30 januari 2014

 

PREVIEW IFFR 2014

DEEL 1

DEEL 2

DEEL 3

DEEL 4

DEEL 6

DEEL 7

DEEL 8

EPILOOG

IFFR 2014 – Deel 4

Festivalverslag IFFR 2014: Deel 4 

door George Vermij

Familiedrama in de Oostenrijkse Alpen, confronterende ontmoetingen met ex-geliefden, de liefdesperikelen van een Joodse comédienne met een vuile mond en een portret van de meester van de softcore porno. 

Oktober November is zo’n film die perfect past in de Europese traditie van arthouse familiedrama’s. Sonja Berger is een succesvolle actrice die wegens een affaire in een identiteitscrisis belandt. Haar oudere zus, Verena, woont met haar gezin in een herberg in de Alpen en zorgt voor hun vader. Net als Sonja heeft zij een affaire maar dan met de arts van het dorp. Nadat de vader van de zussen een beroerte krijgt komt Sonja weer terug naar haar geboortedorp waardoor spanningen ontstaan en familiegeheimen worden blootgelegd.

IFFR 2014 Oktober November

Terugkeer naar de Alpen
De film doet in zijn sfeer en thematiek sterk denken aan de film Der Architect van Ina Weisse waar een succesvolle architect ook terugkeert naar de plek in de Alpen waar hij is opgegroeid. Een sterk element van de film is het verschil in status en klasse die is ontstaan tussen de familieleden. Sonja is succesvol en bekend, terwijl haar zus zich gedwongen voelde om bij haar vader te blijven, maar zo de kans om een eigen leven op te bouwen heeft laten schieten.

Oktober November is minder sterk dan Revanche waar Götz Spielmann een thrillerelement combineert met een arthouse stijl. Ook is de film niet verrassend of vernieuwend. De thematiek komt al terug bij de cinema van Ingmar Bergman en is in veel opzichten afgeleid van de toneelstukken van Anton Tsjechov. Zie daar bijvoorbeeld het verschil tussen stad en platteland en affaires die dienen als ontsnapping van de sleur van het bestaan. Elementen die degelijk vorm krijgen in het camera- en acteerwerk, maar die je als kijker al vaker hebt gezien.

Monument voor gebroken harten
Tatjana Božic richt in de egodocumentaire Happily Ever After de camera op zichzelf en haar (ex-) geliefden. De film begint confronterend als zij een echtelijke ruzie met haar Nederlandse man filmt. Vervolgens gaat de Kroatische Tatjana graven in het verleden om tot inzichten te komen. Ze besluit om haar exen weer op te zoeken; ze reist vervolgens door Europa waar zij met haar oude vriendjes praat over hun tijd samen. De film geeft een mooi beeld van verschillende culturen en opvattingen over romantiek, terwijl Božic schippert tussen haar eigen identiteit en die van haar geliefden.

IFFR 2014 Happily Ever After

Happily Ever After valt in de traditie van persoonlijke filmessays, zoals het oeuvre van de Amerikaan Ross McElwee die in zijn films pijnlijk oprecht is over zijn leven. Ook in Božics film zijn er momenten waarin de kijker wordt geconfronteerd met haar relationele fouten en romantische overmoed. Božic weet dit gelukkig ook te vermengen met komische elementen die op momenten relativeren, maar soms ook de tragiek versterken. Zo is haar eerste ervaring met een Nederlandse familiereünie lachwekkend terwijl het gaandeweg een teken is dat haar relatie aan het verslechteren is. Al met al is Happily Ever After een mooie en eerlijke film die misschien niet een helder antwoord geeft op de vraag waarom Božic ongelukkig is in de liefde, maar wel laat zien dat menselijke relaties nu eenmaal complex zijn.

Het scatologische meisje
De Joods-Amerikaanse Donna opent Obvious Child met een stand-up act waar ze haar voorliefde voor grappen over poep en scheten toont. Een element dat vaker terugkomt in deze niet al te geslaagde relatiekomedie. Donna woont, zoals standaard is voor het genre, in New York en klust naast de komedie bij in een boekwinkel. Het lijkt allemaal op een generiekere en minder overtuigende versie van de serie Girls. Zo heeft Donna natuurlijk ook problemen in de liefde. Ze ontmoet een man over wie ze neurotisch twijfelt terwijl zij wel het bed met hem deelt. Ze heeft daarnaast een gay best friend, gescheiden ouders en twijfelt naast de liefde over de zin van haar bestaan.

IFFR 2014 Obvious Child

Obvious Child probeert op momenten gewaagd te zijn, maar is eigenlijk een licht alternatievere versie van een romcom. De film is naast Girls vergelijkbaar met Frances Ha, maar minder overtuigend en eigenzinnig gebracht. Zo is actrice Jenny Slate een slechte kruising tussen de grofheid van Sarah Silverman en de neurosen van Julia Louis-Dreyfus zonder echt heel leuk te zijn. Tel daar een voorspelbare verhaallijn bij op en je weet al waar je als kijker gaat stranden.

Koning van de heilige kont
Tinto Brass. Unieke en gewaagde filmauteur óf vieze pornokoning gefascineerd door billen? De docu Istintobrass breekt duidelijk een lans voor de eerste categorie, maar slaagt daar niet helemaal in. Zo leren we dat Brass in de jaren zestig assistent was van über-cinefiel Henri Langlois die de Parijse Cinematheque runde. Zo kwam Brass in contact met Nouvelle Vague-regisseurs. Ook werkte hij samen met de Nederlandse regisseur Joris Ivens en diens collega Roberto Rosselini. Toch wordt in de film niet echt duidelijk wat Brass toen deed. In de jaren zestig en zeventig maakte hij wat experimentele films zoals The Howl die overlopen van psychedelische seksscènes en een losse narratieve structuur. Vernieuwend was het niet zozeer, maar wel een product van zijn tijd.

In de jaren zeventig zou Brass berucht worden met de overdreven Nazi exploitation van Salon Kitty en het fiasco van Caligula. De documentaire laat vooral voorstanders van Brass aan het woord. De verrassendste is Helen Mirren die in Caligula speelde en Brass bewondert, ook al noemt zij zichzelf een feministe. Na Caligula zou Brass zich specialiseren in soft-erotische verhalen. We zien wat fragmenten met vooral blote borsten en omvangrijke derrières die je doen afvragen wat Brass´werk zo bijzonder maakt.

IFFR 2014 Istintobrass

Het enige dat nog wel voor de man spreekt is zijn openheid over seks als genot dat los moet staan van de beperkingen die worden opgeworpen door religieuze of politieke dogma’s. Brass’ liefde voor het vrouwelijke achterwerk valt in dezelfde lijn als zijn liefde voor cinema en lekker eten. Een bevestiging van het levensgenot-cliché van Italianen waar sensueel genot verschillende vormen kan aannemen. Een betere filmmaker zou Brass verder hebben ondervraagd over hoe vrij hijzelf staat van de beperkingen die seks volgens hem inkaderen. En in hoeverre zijn oeuvre daadwerkelijk die beperkingen ter discussie stelt ondanks het feit dat zijn films vallen binnen een zeer gestandaardiseerd en commercieel genre.

 

30 januari 2014

 

PREVIEW IFFR 2014

DEEL 1

DEEL 2

DEEL 3

DEEL 5

DEEL 6

DEEL 7

DEEL 8

EPILOOG

IFFR 2014 – Deel 3

Festivalverslag IFFR 2014: Deel 3 

door Ralph Evers

Een hartverwarmende roadmovie en een ingetogen wanhoopsschreeuw wisselen elkaar af, terwijl niet veel later gegriezeld kan worden in een Spaanse grot om ten slotte al headbangend een dwarsdoorsnede van het IFFR af te ronden.  

Montana is hip voor hartverwarmende roadmovies. Eind vorig jaar vertelde Jean Pierre Jeunet met T.S. Spivet een liefdevolle parabel over een jonge wetenschapper die vanuit Montana naar Washington D.C. reisde. Nu vertelt Alexander Payne (Sideways) een vader-zoonverhaal waarin vader Woodrow Grant volhoudt dat hij een miljoen dollar gewonnen heeft. Hiervoor moet hij wel naar Nebraska. Beide films kenmerken zich door een gelijkende, mooie soundtrack.

Verslag IFFR 2014 Nebraska

Koppige roadmovie
Hoewel iedereen behalve Woody doorheeft dat het hier om spampost gaat, besluit zoonlief pa mee te nemen om hem dan maar te confronteren met de waarheid. Pa weet immers van geen ophouden en blinkt uit in koppigheid.

Woody heeft vooral gezeur aan zijn hoofd. Iedereen probeert hem van zijn malle plan af te praten om naar Nebraska te reizen voor niets. Niks geen miljoen dollar. Zijn geloof in die miljoen dollar heeft wel wat weg van zijn alcoholverslaving. Hij noemt het drinken van bier namelijk ook geen drankprobleem, dat zou sterkere drank zijn, niet bier. En dus gaan pa en zoon op reis. Pa levert commentaar op Mount Rushmore en ze blijven net te lang hangen in het geboortedorp van de Grants, Hawthorne.

Zo leren we via omwegen over de geschiedenis van de Grant-familie, maar eigenlijk ook over de minder succesvolle kant van Amerika. Zij die de American Dream net als wij ook alleen van Hollywood kennen. De plaatselijke bevolking is zeer hartelijk wanneer ze horen dat Woody miljonair blijkt te zijn en iedereen heeft dan ineens nog wat geld tegoed. Je vraagt je af of Woody wel zo overtuigd is van zijn miljoen, of dat dit niet gewoon een slinkse wraakactie is op de kleinburgerlijkheid van het plaatsje Hawthorne. Alsof de regisseur op charmante manier een spiegel voorhoudt en ons laat meevoelen hoe we zouden reageren wanneer een seniele oude man, die we vaag kennen, plots een miljoen gewonnen heeft.

Verslag IFFR 2014 The Quiet Roar

Ingetogen kreten
The Quiet Roar doet z’n titel eer aan. Een ingetogen drama over een vrouw die lijdt aan een terminale ziekte. Om in het reine te komen met haar verleden ondergaat ze een paddotherapie. Met behulp van het in paddo’s werkzame stofje psilocybine gaat ze terug in haar herinnering. Terug naar het moment waar haar leven mis ging, een vakantie in Noorwegen met haar gezin. Gefilmd tegen een imposante achtergrond vol ruige natuur en bergen ontmoet de oude vrouw zichzelf toen ze 25 was. Ze heeft gesprekken met zichzelf en haar man van toen, om tot de conclusie te komen dat ze vrede heeft met hoe deze wending gelopen is.

Er is een constante dreiging in de film aanwezig: in de prachtige ambient muziek en in de meedogenloze natuur. Die ruige, ongepolijste natuur, die als metafoor voor de onafwendbare climax dient. Troost vinden we in de sublieme cadans van deze film, die als een vertraagde wals alledaags menselijk leed verbeeldt. Een stille schreeuw van wanhoop van menselijk onvermogen om soms andere keuzes te maken. Keuzes die onze levensloop hadden kunnen beïnvloeden… ten positieve.

IFFR 2014 La Cueva

Beklemmende wanhoop
La Cueva is een onderhoudende thriller die geïnspireerd lijkt door The Descent. Een vriendengroep besluit zich uit te leven op het eiland Formentera en legt het een en ander vast op een videoblog. Gekkigheid, alcohol, zwemmen, even helemaal los gaan voert de boventoon. Wanneer ze een grot ontdekken besluiten ze, zonder al teveel voorzorgsmaatregelen, op onderzoek te gaan. Een voorspelbaar recept voor ellende. Natuurlijk gaat het al gauw mis en verdwalen ze hopeloos. Wat een kleine overzichtelijke grot leek, blijkt een duivelse doolhof.

De makers weven op een subtiele wijze een horrorachtige dreiging in de film die effectief werkt. Evenals de schrikmomenten. Naarmate de tijd verstrijkt slaat de wanhoop meer en meer toe. De groep raakt zonder eten en drinken, enkelen zijn gewond geraakt en de hoop op de uitgang vinden, raakt verder en verder weg. De wanhoop leidt tot een dramatische beslissing. Deze wordt helaas wat gemakkelijk en ongeloofwaardig uitgewerkt, maar geeft de film wel het nodige shockelement mee. Wie deze keuzes voor lief neemt, kan genieten van een beklemmende thriller.

IFFR 2014 Metalhead

Metal als uitvlucht
In het IJslandse muziekdrama Metalhead verwerkt Hera de dood van haar broer Baldur door in diens voetsporen te treden. Baldur was een Metalhead die door een tragisch ongeluk om het leven kwam. Om met haar onmacht, verlies en verdriet om te gaan treedt Hera in Baldur’s sporen. Gaandeweg transformeert ze zich tot heuse metalliefhebber, tot schrik van haar christelijke ouders en medebewoners. Maar welk alternatief heeft ze in het kleine afgelegen dorpje waar ze woont?

Vrienden heeft ze amper; de koeien van haar vader gaan hier ook geen verandering in brengen. Zoals ze zelf treffend zegt: ‘Metal gaat over de realiteit. De dood is reëel, verlies en pijn zijn reëel, oorlog is reëel. Geen suikercoating over het echte leven, maar rauwe fucking emotie!’ Die emotie wordt uitgeleefd met de heavy metal van weleer. Priest, Megadeth, Dio, Maiden, en later ook black metal. Een Metalhead ‘\m/’ kan sowieso zijn hart ophalen bij deze film, zeker wanneer de plaatselijke kerk eraan moet geloven. Dat metal over emoties gaat, mag blijken uit de ontwikkeling die Hera’s ouders doormaken. Iets als een happy end, maar dan wel te midden van een symfonie van vernietiging!

 

29 januari 2014

 

PREVIEW IFFR 2014

DEEL 1

DEEL 2

DEEL 4

DEEL 5

DEEL 6

DEEL 7

DEEL 8

EPILOOG

IFFR 2014 – Deel 2

Festivalverslag IFFR 2014: Deel 2 

door Ralph Evers

Een hedonistische utopie, een non die op zoek gaat naar een familielid, scheldende Japanse mannen die paperclips maken en een treurmars van een uitstervend, zwijgend Siberisch volk vormen mijn eerste duik in het IFFR 2014.  

In de Cinerama-bioscoop staat als eerste Perfect Garden op het programma. Het boekje belooft iets spannends en misschien zelfs iets vernieuwends. David Lynch, een hedonistische utopie, filmkunst, verwachtingen over een eigentijds sprookje komen voorbij. Het nodige escapisme na een dag werken… Laat maar komen! Helaas, hoe eloquent de beschrijving ook is, de film stelt flink teleur. De film is ronduit irritant en kinderachtig! Dit blijkt mede uit het grote aantal bezoekers die de zaal voortijdig verlaten.

IFFR 2014 Perfect Garden

Irritant rusthuis
De film begint, zoals je mag verwachten, eigenzinnig en bizar. Twee mensen dansen op ruis, waar gaandeweg een beat in komt. De film heeft wel wat weg van dada en roept herinneringen op aan Pipilotti Rists Pepperminta. Men probeert een verhaal in de film te weven.

Het etablissement Perfect Garden is een rustoord voor reizigers. Liefhebbers van vet, dichters, paddenstoelenverzamelaars, iedereen vindt er zijn plek en poogt met bizarre dialogen en vervormde stemmen contact met de ander te maken. De zogenaamde grappen worden echter dusdanig uitgemolken, dat de humor moet wijken voor genadeloze irritatie. Wanneer dit rusthuis onder de aandacht komt van een maffiabaas, hoop je dat er een einde komt aan deze irritatie. Echter, eenmaal binnen vallen de maffiosi aan dezelfde onzin ten prooi en vindt de maffiabaas als klap op de vuurpijl, zijn levenszin.

IFFR 2014 Ida

Naïeve non
Voordat de naïeve non Anna het klooster in mag moet ze contact zoeken met haar laatst nog in leven zijnde familielid. Tante Wanda is een kettingrokende jurist die geniet van haar onschendbaarheid. In het sfeervolle Ida ontdekt Anna dat ze niet katholiek is, maar van joodse afkomst en gaat ze met haar tante op onderzoek naar haar verleden. Tijdens haar zoektocht wordt ze door haar tante ingewijd in de moderne tijd. Met de ontmoeting van een jazzsaxofonist komt ze in aanraking met het vleugje vrijheid van de jaren zestig in het communistische Polen.

Wanda staat nogal afkerig tegenover het nonnenbestaan dat de menselijke geneugten afwijst en nu Anna heeft geleerd geen katholiek te zijn, kan ze ook van haar seksualiteit genieten. In de zoektocht naar het verleden is de Tweede Wereldoorlog nergens ver weg. Wanneer haar tante een dramatische beslissing neemt, voelt Anna zich ontredderd. Ze ziet zichzelf voor de beslissing staan om terug te gaan naar het klooster of haar nieuwe identiteit te ontplooien. Regisseur Pawel Pawlikowski brengt dit vrome verhaal in prachtig zwart-wit geschoten film met een kien oog voor detail.

Romantisch verlangen
Anatomy of a Paperclip is een gortdroge Japanse komedie, die wel wat wegheeft van een Aki Kaurismäki-film. Een simpel script over een paar uit de gratie gevallen mannen die in een verdwaald dorp dag in dag uit paperclips maken. De baas is met zijn geschifte gedrag het meest grappig. Hij blinkt uit in originaliteit wanneer het om schelden gaat en koestert ondertussen een romantisch verlangen naar zijn vrouwelijke werknemer. Zij wijst hem echter keer op keer af, wat zijn humeur niet ten goede komt.

IFFR 2014 Anatomy of a Paperclip

Op een zekere dag vindt Kogure een vlinder in zijn huis. Niet lang daarna wordt zijn huis bewoond door een mysterieuze vrouw. Ze kunnen niet communiceren en het ligt niet in Kogure’s aard om boos te worden. Dit wreekt zich in tal van andere momenten, zoals wanneer hij voor de zoveelste keer van zijn kleding wordt beroofd. De humor zit verborgen in de vertraagde stijl en de vele herhalingen. Door gebruik te maken van chiptune  muziek kijkt de film weg alsof je een computerspelletje aanschouwt.

Zacht ruisende beekjes
Van heel andere orde is de Litouwse film Few of Us, dat gaat over een uitstervend, zwijgend, Oegrisch volk in het noorden van Siberië. Regisseur Sharunas Bartas heeft aan gezichtsuitdrukkingen, grauwe landschappen, sneeuw, smeulende sigaretten en een minimale soundtrack genoeg om de gehele film te blijven boeien. Een vrouw reist per helikopter naar een afgelegen nomadenvolkje in Siberië. Haar motieven blijven onduidelijk en contact met de bevolking die haar wel lijkt te tolereren, verloopt zuinig. De natuur is immer dichtbij. De zacht ruisende beekjes kalmeren en zalven de kijker; ze vullen de leegte van de personages op.

Festivalverslag IFFR 2014 Few of Us

Bartas heeft een fijn oog voor detail, waardoor de sneeuw bijna letterlijk koud aanvoelt. Daarnaast is het tempo van Few of Us alsof je een treurmars in largo luistert. Deze suggestieve en subliminale cinema laat zich door de avontuurlijke bioscoopganger zelf invullen. Je overgeven aan het ritme van een plek op aarde die niet de onze is. De film hangt tussen documentaire en drama in. Een verstild portret, dat doet denken aan het boek van Jimmy Nelson Before they pass away.

 

28 januari 2014

 

PREVIEW IFFR 2014

DEEL 1

DEEL 3

DEEL 4

DEEL 5

DEEL 6

DEEL 7

DEEL 8

EPILOOG

IFFR 2014 – Deel 1

Festivalverslag IFFR 2014: Deel 1 

door George Vermij

Het IFFR is weer begonnen en Rotterdam is weer het epicentrum voor alle cinefielen in het land. Indebioscoop is natuurlijk ook van de partij en in ons eerste exclusieve verslag aandacht voor Britse onderbroekenlol met Steve Coogan, cruisende mannen aan een Frans meer en twee keer hard en onwrikbaar Engels realisme. 

Alan Partridge: Alpha Papa is eigenlijk niets meer dan een langere en minder geslaagde voortzetting van de komedieseries die gemaakt zijn rondom het figuur Alan Partridge. In eerste instantie vervulde Partridge een bijrol als sportverslaggever in de satirische en venijnige nieuwspersiflageserie The Day Today om vervolgens zijn eigen neptalkshow Knowing me Knowing you te krijgen. Partridge wordt door Steve Coogan neergezet als een arrogante en ijdele sul met een afschuwelijke smaak voor kleding en muziek die keer op keer in gênante situaties belandt. Zo ook in de film, waar Partridge is beland op de onderste tree van de celebrity-ladder en een radioprogramma op een lokaal station heeft.

IFFR 2014 Alan Partridge: Alpha Papa

Als ontslagen dreigen wegens een reorganisatie weet Alan een bevriende DJ eruit te werken. Die flipt vervolgens en stormt met een jachtgeweer het radiostation binnen. Er volgt een gijzeling  waarin Partridge de onhandige tussenpersoon is, wat weer tot allerlei komische situaties leidt. Helaas missen veel geintjes de roos en zijn vooral de bijrollen te makkelijke typetjes die misschien in een korte aflevering op tv zouden werken, maar op het grote scherm irriteren door hun oppervlakkigheid. De film voelt ook aan als een reboot  van een serie die al te lang loopt en waarvan je de meeste personages al te vaak voorbij hebt zien komen.

Cruisen in de Franse zon
L’inconnu du lac speelt zich geheel af bij een mooi Frans meer tijdens een zwoele zomer. Het meer is een ontmoetingsplek voor mannen die uit zijn op seksueel contact met elkaar. De film volgt Franck die op de plek cruist en in contact komt met een oudere man die met hem praat over relaties en het zoeken van genot. Gaandeweg raakt Franck ook in de ban van de knappe en mysterieuze Michel. Zijn fascinatie wordt versterkt als Franck de getuige is van een moord die Michel pleegt, mooi gevangen in een lang shot van het meer.

IFFR 2014 L'inconnu du lac

Regisseur Alain Guiraudie weet vooral visueel een ambigue sfeer neer te zetten die schippert tussen idylle en dreiging. De film is op het Festival in Cannes lovend ontvangen wegens het expliciet tonen van seks tussen mannen. Guiraudie combineert hier ook weer beelden van een sereen landschap met beelden van zeer vleselijke lust en verlangen. Toch is L’inconnu du lac qua verhaal voorspelbaar en zijn de karakters vrij vlak. Het thema van de gevaarlijke verleidelijkheid van de vreemdeling is niet nieuw en Guiraudie komt hier niet met verrassende inzichten. Voor een bepaald publiek zal de film zeker gewaagd zijn in zijn uitbeelding van seks, maar afgezien daarvan is het een onopmerkelijke film.

De harde Britse werkelijkheid
Clio Barnards The Selfish Giant is een eerlijke en bij vlagen poëtische film over twee kinderen die als schrootverzamelaars worstelen aan de onderkant van de Engelse maatschappij. Naast het IFFR zal de film vanaf donderdag te zien zijn in de bioscoop, dus houd onze site in de gaten voor de lange recensie.

Enigszins vergelijkbaar in zijn duistere realistische stijl is de serie Southcliffe die werd gemaakt voor de omroep Channel 4 en waarvan het eerste seizoen te zien is op het festival. Southcliffe gaat over de bewoners van een slaperig en afgelegen kustdorpje dat wordt wakker geschud door een bloedige moordpartij. De serie verspringt in de tijd en toont de levens van de dader en zijn slachtoffers terwijl een journalist zoekt naar antwoorden. De delen zijn geschoten in een realistische stijl met veel lange en soms ook vervreemdende shots die het rauwe kustlandschap vangen. Deze indringende stijl zuigt je mee in de verhalen van de bewoners en zorgt tegelijk voor een dreiging. De moorden halen oude wonden open en geheimen komen boven tafel.

IFFE 2014 Southcliffe

Regisseur Sean Durkin werd bekend met het intense Martha Marcy May Marlene waar een meisje moet wennen aan het leven nadat zij is gevlucht uit een sekte. Durkin weet dezelfde dreigende sfeer op te roepen in Southcliffe terwijl hij ook ruimte geeft voor het uitwerken van complexe karakters. Hij wordt daarin bijgestaan door goed acteerwerk van onder andere Sean Harris als getraumatiseerde veteraan en Anatol Yusef als overspelige man die rouwt om zijn vermoorde echtgenote.

 

23 januari 2014

 

PREVIEW IFFR 2014

DEEL 2

DEEL 3

DEEL 4

DEEL 5

DEEL 6

DEEL 7

DEEL 8

EPILOOG