Terugblik filmjaar 2020 – Deel 1: Het jaar van de vrouw

Terugblik filmjaar 2020 – Deel 1:
Het jaar van de vrouw

door Cor Oliemeulen

Minder films in de bioscoop en meer films op videokanalen. Ondanks corona was er dit jaar genoeg moois te zien. Wat mij vooral opviel, waren de vele films van vrouwen met vrouwen. Hier volgt mijn top 10.

Little Women

Little Women

10. PROXIMA
Hoofdrol: Eva Green
Regie: Alice Winocour
Alice Winocour schreef mee aan het prachtige Turkse filmdrama Mustang waarin vijf ontembare tienerzusjes in een dorp aan de Zwarte Zee zich proberen te ontworstelen aan tradities en onderdrukking. In de derde speelfilm die de Parisienne regisseerde, draait het om de relatie tussen moeder Sarah (prachtig ingetogen Eva Green), die als astronaut een jaar de ruimte ingaat, en haar dochtertje Stella, die het natuurlijk nog moeilijker vindt om afscheid te nemen. Hoe archetypisch het beeld van onze carrièrevrouw in een mannenwereld ook mag zijn neergezet, zo’n emotioneel filmdrama zonder vals sentiment kan alleen maar door een vrouw worden gemaakt.

9. THE PERFECT CANDIDATE
Hoofdrol: Mila Al Zahrani
Regie: Haifaa Al-Mansour
Haifaa Al-Mansour maakte in 2012 Wadjda, de eerste speelfilm die in zijn geheel in Saudi-Arabië is opgenomen. Acht jaar later lijkt het erop dat vrouwen geleidelijk meer vrijheden krijgen, hoewel Amnesty International nog steeds aandacht vraagt voor de hachelijke positie van vrouwenactivisten en criticasters van het koningshuis. Vrouwen mogen tegenwoordig ongesluierd over straat, mits respectvol en niet te progressief, en ze mogen nu ook autorijden. In The Perfect Candidate volgen we de vrouwelijke arts Maryam, die de politiek in wil om een verharde weg naar haar ziekenhuis te realiseren. Mooi portret van een moedige vrouw, echter nog steeds wat braaf, want in dit land lijken slechts kleine veranderingen uiteindelijk tot gelijke rechten te kunnen leiden.

8. NEVER RARELY SOMETIMES ALWAYS
Hoofdrol: Sidney Flanigan
Regie: Eliza Hittman
Op een dag ontdekt de 17-jarige kassière Autumn tot haar schrik dat ze zwanger is. In het conservatieve Pennsylvania lijkt abortus onbespreekbaar, dus reist Autumn met haar nichtje stiekem naar New York waar ze in een kliniek wél met liefde en aandacht wordt omringd. Onafhankelijk filmmaakster Eliza Hittman, die zich ook in haar eerdere films richtte op jongeren die hun identiteit zoeken, toont in Never Rarely Sometimes Always met een soms griezelige precisie de procedures die Autumn moet ondergaan en de emotionele weerslag in haar gelaat en lichaamshouding. Kalme, meeslepende roadtrip, waarin de meiden nauwelijks een woord met elkaar wisselen, maar altijd weten dat hun solidariteit en vriendschap onvoorwaardelijk zijn.

7. SIBEL
Hoofdrol: Damla Sönmez
Regie: Çagla Zencirci (en Guillaume Giovanetti)
Met haar grote vurige ogen is de 25-jarige Sibel een opvallende verschijning. Ze kan sinds haar kindertijd niet meer praten en bedient zich van een fluittaal in het bergachtige gebied van Noordoost-Turkije. Bijna iedereen in deze kleine traditionele gemeenschap mijdt haar als de pest. Sibel loopt zelfs het gevaar te worden verstoten nadat ze in de bossen wordt gesignaleerd met een onbekende man, die ze heeft geholpen omdat hij gewond was. In tegenstelling tot het titelpersonage figureren alle anderen, vooral de mannen, als laffe bangeriken die alles bij het oude willen laten. Sibel is een universeel verhaal met een ode aan de onafhankelijke geest en een schreeuw om acceptatie.

6. DAS VORSPIEL
Hoofdrol: Nina Hoss
Regie: Ina Weisse
Wie vroeger tijdens de Duitse les niet goed heeft opgelet en ongeduldig zit te wachten op een onstuimige seksscène komt in Das Vorspiel bedrogen uit. Het gaat in de film(titel) om de auditie van viooltalent Alexander, die in de weg daarnaartoe flink is afgeknepen door vioollerares Anna (Nina Hoss, die ook al zo sterk acteerde in twee films van Christian Petzold: Barbara en Phoenix). Ina Weisse (zelf geen onverdienstelijke actrice) maakt in haar tweede speelfilm een indringende karakterstudie van een wispelturige, onzekere vrouw die niet gelukkig in haar huwelijk is en zelf faalde als beroepsviolist. In haar missie om Alexander wél te laten slagen, ontstaan er conflicten, ook met haar zoontje Jonas die eveneens vioolles volgt, maar zich door zijn moeder verwaarloosd voelt. Met alle gevolgen van dien.

5. KOM HIER DAT IK U KUS
Hoofdrol: Tanya Zabarylo
Regie: Sabine Lubbe Bakker (en Niels van Koevorden)
Deze verfilming van de bestseller van Griet Op de Beeck is al even deprimerend als haar Vele Hemels boven de Zevende, maar de beklemmende familiesfeer is perfect neergezet en de casting formidabel. Met name de hoofdrol van Tanya Zabarylo is zeer aangrijpend. Zij personifieert de volwassen Mona, die als kind haar moeder verloor bij een auto-ongeluk en te maken kreeg met de nieuwe vrouw van haar vader die op haar labiele manier graag Mona’s moeder wil zijn. Zabarylo heeft de gave de kijker mee te slepen in haar onmacht om voor zichzelf op te komen. Een sterk staaltje mimiek in het tonen van zwakte. Het is juist de geëngageerde documentairestijl van Sabine Lubbe Bakker die de pijnlijke afstandelijkheid in Mona’s relaties benadrukt.

4. GOD EXISTS – HER NAME IS PETRUNYA
Hoofdrol: Zorica Nusheva
Regie: Teona Strugar Mitevska
Petrunya is een historicus die maar niet aan de bak komt en nog bij haar moeder woont in het behouden noorden van Macedonië. Op een koude januaridag ziet zij een groep mannen bij de rivier voor een religieuze ceremonie. Degene die het kruisbeeld, dat door de priester in het ijskoude water wordt gegooid, het eerst opduikt, kan een jaar lang geluk tegemoet zien. Nadat Petrunya spontaan in het water is gesprongen en naar boven komt met het kruisbeeld, zijn de rapen gaar. Er ontspint zich een bij vlagen satirisch verhaal over de rol van de vrouw in een patriarchale gemeenschap waarin ontgoochelde mannen, politie, kerk en media met Petrunya en elkaar strijden om een acceptabele oplossing.

3. LITTLE WOMEN
Hoofdrol: Saoirse Ronan
Regie: Greta Gerwig
Na haar eerste schreden als regisseur (Lady Bird) ontwikkelde Greta Gerwig haar verfilming van de klassieke autobiografische roman van Louisa May Alcott met een budget van 40 miljoen dollar tot een kleurrijk cinematografisch hoogstandje. Gesteund door de sfeervolle klanken van Alexandre Desplat zal bijna iedere kijker zich laten meeslepen door de opgroeiperikelen van vier zusjes (Saoirse Ronan, Emma Watson, Florence Pugh, Eliza Scanlen) in de jaren na de Amerikaanse Burgeroorlog. Lief en leed in een geromantiseerd, feministisch jasje, met vooral een fantastische Saoirse Ronan (vaak op de huid gefilmd) die onverdroten doorzet om haar boek gepubliceerd te krijgen in plaats van een rijke man te trouwen.

2. HOUSE OF HUMMINGBIRD
Hoofdrol: Ji-hu Park
Regie: Bora Kim
Eén van de grote verrassingen van het filmjaar is dit Zuid-Koreaanse coming-of-agedrama dat zich afspeelt in 1994 tegen de achtergrond van een ingestorte brug in hoofdstad Seoul. We volgen de verlegen scholiere Eun-hee in haar zoektocht naar vriendschap en liefde, die ze bij haar rumoerige en ongeïnteresseerde gezinsleden niet vindt. Pas als er een gezwel achter haar oor wordt geconstateerd, lijkt ze op enige compassie te kunnen rekenen. Troost en enkele simpele levenslessen vindt ze bij een lerares, die op een dag niet meer terugkeert. Ji-hu Park is met haar naturelle voorkomen in een troosteloze omgeving zo uit het leven gegrepen dat je het trage tempo graag voor lief neemt (in een tijd dat tieners hun verstrooiing nog niet in een mobieltje zochten).

1. FOR SAMA
Hoofdrol: Waad Al-Kateab
Regie: Waad Al-Kateab (en Edward Watts)
Van de vele films over de oorlog in Syrië snijden The Cave en vooral For Sama het meest door de ziel, omdat je zelfs in een ziekenhuis niet veilig bent. Waad Al-Kateab filmt de onvoorstelbare catastrofe in Aleppo die begint met de studentenopstanden tegen president Bashar al-Assad tot en met de verwoestende bombardementen van de Syrisch-Russische alliantie die ook het laatste ziekenhuis in de stad treffen. Waad en haar toekomstige echtgenoot Hamza, een chirurg, houden hier stand terwijl gewonde slachtoffers worden binnengebracht en we vooral kinderen zien doodgaan. Tussen alle beschietingen door wordt Sama geboren. De documentaire van haar moeder is zowel een liefdesverklaring als een testament aan haar.

Waar zijn de mannen?
Natuurlijk zijn er ook talrijke mannen die een aardig potje acteren. Kijk bijvoorbeeld naar Willem Dafoe en Robert Pattinson die elkaar het leven zuur maken in The Lighthouse. Of de charismatische Bartosz Bielenia die het schopt van jeugdige delinquent tot priester in het Poolse drama Corpus Christi. En wat te denken van het psychologische gevecht tussen de politieman en de drugsdealer in het ongenadige Iraanse misdaaddrama Just 6.5, wat mij betreft een van de betere films dit jaar. Als klap op de vuurpijl kruipt een ouderwets eigenzinnige Gary Oldman in het Hollywood van de jaren dertig en veertig in de huid van scenarioschrijver Herman Mankiewicz. In Mank van David Fincher heeft de alcoholistische antiheld schijt aan het studiosysteem en geniet daar met volle teugen van, terwijl hij in de clinch ligt met Orson Welles over wie de meeste credits verdient voor het uiteindelijke scenario van diens meesterwerk Citizen Kane.

Het is niet zo dat er dit jaar geen vrouwen met elkaar ruzie maakten. Neem de Vlaamse psychologische thriller Duelles waarin twee vriendinnen elkaar naar het leven staan nadat de een de ander verantwoordelijk houdt voor de fatale val uit het raam van haar kind. Of de fijnzinnige confrontatie tussen moeder (een onverwoestbare Catherine Deneuve) en dochter (Juliette Binoche) in het lichtvoetige Frans drama La Vérité van de Japanse meestercineast Hirokazu Koreeda.

Women Make Film

Vrouwelijke spirit
In deze onzekere tijden met vaak onvoorspelbare masculiene neigingen is de wereld toe aan een snelwerkend vaccin met vrouwelijke spirit. Cinema is een ideaal medium om ons de juiste weg te wijzen als het gaat om vrede, verdraagzaamheid en verbondenheid. In het jaar dat het Nederlands Film Festival (NFF) en de Dutch Academy for Film (DAFF) voorstellen om voortaan geen onderscheid meer te maken tussen acteurs en actrices – en denken aan het uitreiken van een genderneutraal Gouden Kalf – pleit ik voor het afschaffen van de Oscar… en de introductie van de Meryl.

Bovendien kijk ik reikhalzend uit naar de 14 uur durende documentaire over vrouwelijke filmmakers, Women Make Film: A New Road Movie Through Cinema, die begin volgend jaar in Nederland in de bioscoop zal verschijnen. Tenminste, als de mannen het niet opnieuw verkloten.

 

24 december 2020

 

Terugblik filmjaar 2020 – Deel 2: Beste lezer, over 25 jaar…
Terugblik filmjaar 2020 – Deel 3: Film op rantsoen
Terugblik filmjaar 2020 – Deel 4: Een beetje escapisme kunnen we wel gebruiken
Terugblik filmjaar 2020 – Deel 5: Gecontroleerd uitrazen
Terugblik filmjaar 2020 – Deel 6: Herwaardering collectieve ervaring
Terugblik filmjaar 2020 – Deel 7: Blikvangers en donkere spiegels
Terugblik filmjaar 2020 – Deel 8: Vijf films die ik voor het eerst zag

Perfect Candidate, The

***
recensie The Perfect Candidate

Eén zwaluw maakt geen zomer

door Cor Oliemeulen

Een vrouwelijke arts in Saudi-Arabië heeft genoeg van alle beperkingen voor vrouwen in haar islamitische land. The Perfect Candidate laat zien dat de recent verworven vrijheden nog lang niet ver genoeg gaan.

Hoewel Amnesty International zich terecht onverdroten blijft inzetten voor de hachelijke positie van vrouwenactivisten en criticasters van het koningshuis, zijn de recente veranderingen voor talrijke vrouwen in Saudi-Arabië een verademing vergeleken met de vele jaren van onderdrukking en vrijheidsbeperkingen. Sinds kort mogen vrouwen in dit islamitische land – mits respectvol en niet te progressief – ongesluierd over straat, werken in het openbaar, fietsen en zelfs autorijden. Dat laatste was voorheen verboden, want volgens religieuze geleerden zou autorijden slecht zijn voor de eierstokken.

The Perfect Candidate

Kleine vrijheden
Het is dan ook niet voor niets dat we in de openingsscène van The Perfect Candidate het hoofdpersonage, Maryam Alsafan (Mila Al-Zahrani), zien autorijden op weg naar haar werk, het ziekenhuis van een plattelandsstadje waar ze als dokter werkt. Misschien komt het juist omdat ze dokter is, wanneer ze gehuld in een traditionele zwarte nikab voor de ingang hartelijk wordt begroet door enkele werklieden. Eenmaal binnen, als de gezichtsbedekkende sluier af gaat, blijkt al snel dat niet iedereen met de tijd meegaat, getuige een oude mannelijke patiënt die absoluut niet door een vrouwelijke arts behandeld wil worden, laat staan door haar aangeraakt wil worden. Aanvankelijk lijkt het erop dat hij liever sterft.

Toen Haifaa Al-Mansour in 2012 haar debuut Wadjda, de eerste speelfilm die in zijn geheel in Saudi-Arabië was opgenomen, het levenslicht liet zien en vervolgens internationaal tientallen prijzen in ontvangst mocht nemen, waren in dat conservatieve land al heel voorzichtig wat tekenen van meer vrijheid te zien. De film gaat over het gelijknamige pubermeisje dat alles in het werk stelt om een fiets te bemachtigen, zodat ze kan meedoen aan een straatrace (met jongens). Hoewel Wadjda al een heel klein beetje ontwikkelingsperspectief voor opgroeiende meisjes leek te bieden (en de censuur over haar schouder meekeek), gingen de verworvenheden velen destijds nog lang niet ver genoeg.

Binnen onverhuld
Nu, acht jaar verder, kunnen vrouwen in Saudi-Arabië weliswaar langzaam meer vrijheden tegemoet zien, maar Al-Mansour lijkt in The Perfect Candidate tussen de regels door te benadrukken dat één zwaluw nog geen zomer maakt. Er is nog heel wat werk aan de winkel, maar misschien zijn steeds meer kleine veranderingen kansrijker dan een revolutie en kan iedereen geleidelijk aan het idee wennen dat vrouwen uiteindelijk (bijna) dezelfde rechten als mannen hebben. Zoals ook The Perfect Candidate toont, zijn veel Saudische vrouwen binnenshuis of onder elkaar heel vrij, getuige gesprekken en (vaak westerse) kledingkeuze. Zodra de alles verhullende gewaden en gezichtsbedekkingen zijn verdwenen, zien we pas hoe mooi de (meeste) vrouwen zijn.

The Perfect Candidate

Dat geldt ook voor dokter Maryam en haar twee zussen die tijdelijk alleen in het ouderlijke huis wonen nu hun moeder is overleden en hun vader, een zanger op huwelijksfeesten, met een band op tournee is. Als Maryam naar een groot dokterscongres wil reizen, blijkt dat ze niet mag vliegen omdat ze geen schriftelijke toestemming van een man kan tonen (tijdens de opname van de film moest dit nog, onlangs is deze wet afgeschaft). Haar motivatie om voor zichzelf op te komen, wordt versterkt door het feit dat de onverharde weg naar het ziekenhuis na regenval in een bijna onbegaanbare modderpoel verandert, waardoor sommige patiënten te laat op de eerste hulp arriveren.

Politieke ambities
Maryam besluit, met hulp van haar zussen, de plaatselijke politiek in te gaan, want die verharde weg moet en zal er komen. Het mag duidelijk zijn dat Maryams ambitie op de gebruikelijke weerstand stuit. Ondertussen zien we hoe haar sympathieke vader, die als artistieke man maatschappelijke progressie lijkt toe te juichen – maar zich hierover naar zijn mannelijke collega’s niet uitlaat – onderweg krijgt te maken met conservatieve krachten, zoals radicalen die dreigen hun tourbusje op te blazen omdat muziek maken volgens het geloof niet zou mogen.

In de slotscène van The Perfect Candidate mag eenieder voor zichzelf concluderen of die kleine vrijheidsstip aan de horizon voor vrouwen in Saudi-Arabië voldoende perspectief voor de toekomst biedt.

 

30 november 2020

 

ALLE RECENSIES

Wolfwalkers

****
recensie Wolfwalkers

Lesje voor volwassenen

door Cor Oliemeulen

Liefdevol met de hand getekend animatiesprookje over het Engelse meisje Robyn dat vriendschap sluit met het Ierse meisje Mehb, dat zichzelf in een wolf kan veranderen, tegen de achtergrond van de Engelse kolonisatie van Ierland waar magie en Keltische mythes nooit ver weg zijn.

Het is 1650. Robyn Goodfellowe en haar vader Bill zijn verhuisd van Engeland naar Ierland. Als succesvolle jager is Bill ingehuurd door de Engelse grootvorst om een eind te maken aan de vermeende wolvenplaag nabij een Ierse stad. Ook de elfjarige Robyn wil jager worden, maar wordt door haar vader voortdurend binnengehouden om haar te beschermen. Maar natuurlijk gaat de kleine meid stiekem naar buiten waar ze vanwege haar afkomst door Ierse kinderen wordt uitgelachen. Het is niet meer dan logisch dat ze zal proberen om vriendschap te sluiten buiten deze gemeenschap. Op een dag ontdekt ze wolven in het bos en ontmoet ze de negenjarige Mehb Óg MacTíre die daar woont met een roedel wolven. De stoere roodharige Mehb kan niet alleen praten met wolven, maar kan zich ook in een wolf veranderen. Ze wacht op haar moeder, die een tijd geleden is vertrokken, en doet alles wat in haar vermogen ligt om de wolven in het bos te beschermen.

Wolfwalkers

Blind volgen
In tegenstelling tot Robyn en Mehb is Bill zeer gezagsgetrouw. Hij neemt zijn opdracht zeer serieus en wordt boos op zijn dochtertje als zij vertelt dat de wolven niemand kwaad willen doen. Met dit gegeven snijden de makers van Wolfwalkers het thema autoriteit aan. De grootvorst is in feite het Engelse staatshoofd Oliver Cromwell (door veel Britten tegenwoordig nog steeds op handen gedragen) die de republikeinse troepen leidde tegen de Anglicaanse troepen tijdens de Engelse burgeroorlogen, opdracht gaf koning Karel I te laten onthoofden en door een staatsgreep dictatoriale macht kreeg (en na zijn dood werd opgegraven en alsnog geëxecuteerd, waarna zijn hoofd op een staak werd gespietst en de rest van zijn lichaam in een put werd gegooid).

Bill gaat door het stof voor de staatsman en bedoelt het goed om Robyn te beschermen, maar heeft niet in de gaten hoe kwalijk het is om een leider blind te volgen, terwijl de kinderen handelen vanuit oprechtheid en (vrouwelijke) intuïtie. Bill moet duidelijk nog leren dat je vijand niet langer je vijand is als je bereid bent de ander te begrijpen.

Natuur
Wanneer het geduld van de grootvorst opraakt, gebiedt hij Bill de bossen te vernietigen, opdat de wolven zeker zullen verdwijnen. Terwijl Robyn zich in allerlei avonturen stort, onder meer de zoektocht naar Mehbs moeder, dreigt zij steeds meer vervreemd te geraken van haar vader. Zij heeft leren kijken vanuit het perspectief van Mehb en de wolven en probeert alles om Bill te overtuigen om zijn strijd tegen de wolven te staken.

Wolfwalkers

Het sterke punt van Wolfwalkers is dat de stad en haar inwoners worden afgeschilderd als kil en oppervlakkig waar de bossen en de dieren symbool staan voor een betoverende wereld vol magie en mythes. De stad is neergezet in vierkante en rechthoekige vormen, terwijl de wolven en het bosleven bijna schetsmatig zijn neergezet, maar wel met veel ronde vormen en fantastisch kleurrijk. Hoewel tweedimensionaal getekend en de contouren van de personages eenvoudig zijn, laat de expressiviteit van hun gelaatstrekken weinig aan de verbeelding over. De grootvorst is met zijn hoofd als een strijkijzer het meest eendimensionaal, terwijl Robyn en Mehb als onbevooroordeelde personages van het doek afspatten. De relatie tussen mens en natuur is synoniem aan onderdrukking versus vrijheid en een les voor onze tijd waarin bossen en diersoorten in ras tempo verdwijnen.

Ziel
Net als de beroemde Japanse Ghibli-films zijn de producties van Cartoon Saloon vaak geïnspireerd op klassieke sprookjes en gedreven door passie met de hand getekend. Deze Ierse studio maakte eerder The Secret of Kells (2009), Song of the Sea (2014) en The Breadwinner (2017), waarin steeds de belevingswereld van kinderen in de onbegrijpelijke grotemensenwereld centraal staat en waarbij vooral volwassenen een lesje kunnen leren.

De 2D-animatie van deze tekenfilms lijkt zich weliswaar te beperken tot een ouderwetse stijl waarbij de personages bewegen in achtergronden van waterverf, maar juist door alle details krijgen ze in vergelijking met het gros van de door computer gegenereerde tekenfilms per definitie meer ziel en karakter. Dat maakt van elk frame van The Wolfwalkers een alleraardigst schilderij.

 

21 november 2020

 

ALLE RECENSIES

LIFF 2020 – Deel 1: Filmfestival in tijden van corona

LIFF 2020 – Deel 1:
Filmfestival in tijden van corona

door Cor Oliemeulen

Het Leiden International Film Festival (LIFF) van 2020 gaat de boeken in als een hybride editie waarbij je veel films gelijktijdig in de zaal en online kunt kijken. De organisatie nam geen halve maatregelen om het coronavirus buiten de deur te houden, echter van het goede oude festivalgevoel kan geen sprake zijn, zeker niet nadat de bioscoopdeuren opnieuw dicht moeten. Toch is er voldoende interessant aanbod in de vertrouwde LIFF-categorieën en doet InDeBioscoop gewoon weer verslag. We trappen af met twee lowbudgetfilms die vooralsnog geen reguliere bioscooprelease hebben bemachtigd.

 

Save Yourselves!

Save Yourselves! – Spiegel voor millennials
Wie het coronavirus als uiterst irritant en angstaanjagend ervaart, kan in Save Yourselves! zijn hart ophalen aan buitenaardse wezentjes in de vorm van kleine, lieflijk ogende pluizenbollen, die weliswaar over dodelijke tentakels beschikken. Het regisseursduo Alex Huston Fisher en Eleanor Wilson vond het kennelijk hoog tijd voor een sciencefictionkomedie in deze barre tijden waar bittere ernst de boventoon voert. Ook het LIFF-publiek is kennelijk toe aan een leuk verzetje, getuige het feit dat drie van de vier zaalvoorstellingen van deze met minimale middelen gedraaide productie in een mum van tijd waren uitverkocht.

Het plot van Save Yourselves! draait om de dertigers Su (Sunita Mani) en Jack (John Reynolds) die net als hun meeste generatiegenoten hebben te kampen met een telefoonverslaving. Tijdens een feestje met andere hipsters in Brooklyn krijgen ze het aanbod om een week in een huis in de wildernis door te brengen. Su en Jack beloven elkaar dat ze al die tijd offline zullen zijn en dat ze hun best zullen doen om te genieten van de natuur en van elkaar. Ze proberen om betere mensen te worden en doen hun best om open te staan voor de ander. Zo bekent Jack dat hij in tegenstelling tot zijn vader en broers geen ‘mannetjesdingen’ kan doen (houthakken geeft hij al snel op en van vuurwapens wil hij niets weten), terwijl Su vertelt dat ze weer vegetariër wil worden en altijd haar oude contactlenzen opeet (omdat ze daar nu eenmaal een keer mee is begonnen). Het duurt niet lang voordat ze naar hun telefoons grijpen en ontdekken dat de wereld wordt bedreigd door die grappig kirrende pluizenbollen, die zich blijken te voeden met ethanol.

De confrontaties met de aliens vormen de aanleiding voor de nodige hilarische momenten die uitmonden in een wonderlijke hemelvaart, waarin geen ruimte voor digitale communicatie is. Save Yourselves! mag dan wel minimalistisch en een tikkeltje absurd zijn, de film slaagt vooral als een spiegel voor millennials, aanstekelijk vertolkt door beide protagonisten.

 

The Wolf of Snow Hollow

The Wolf of Snow Hollow – Maniak versus mafkees
Jim Cummings is een bevlogen Amerikaanse producer, regisseur en acteur. Nadat hij met wisselend succes volop experimenteerde in een tiental korte films kwam hij een paar jaar geleden op de proppen met een heuse speelfilm, Thunder Road. De talentvolle Cummings speelde zelf de hoofdrol als de bipolaire politieagent Jim Arnaud in een Texaans stadje en liet de kijkers kennismaken met een groot arsenaal aan emoties en maffe voorvallen. In zijn jongste film, The Wolf of Snow Hollow, speelt hij opnieuw een politieagent, maar ditmaal in een klein ondergesneeuwd bergdorpje. Nu luistert hij naar de naam John Marshall, maar zijn personage lijkt verdacht veel op dat van zijn collega in Thunder Road. Ook ditmaal is hij gescheiden, dreigt hij zijn dochter kwijt te raken en moet hij een reeks misdaden op zijn geheel onberekenbare wijze zien op te lossen. Bovendien wil hij zich bewijzen naar zijn vader, sheriff Hadley (laatste rol van oudgediende Robert Forster), die te ziek is om enige bijstand te leveren.

Ansich is The Wolf of Snow Hollow een onderhoudende, en op momenten spannende, horrorkomedie over een maniak die zijn vrouwelijke slachtoffers vermoordt tijdens volle maan. Op het plaats delict wordt de pootafdruk van een wolf gevonden, echter John is ervan overtuigd dat de dader een man moet zijn. Dat bij het eerste slachtoffer tijdens het geweldsmisdrijf de vagina is verwijderd en bij het volgende slachtoffer het hoofd, brengt John al snel op de rand van een zenuwinzinking. Zeker nadat zijn tienerdochter stiekem het huis heeft verlaten en tijdens volle maan met een jongen in een auto ligt te vozen.

Wie beide speelfilms van Jim Cummings heeft gezien, kan bijna niet anders concluderen dat hij een uitvergrote versie van zijn eigen persoon speelt. Het wordt tijd dat hij in zijn volgende film uit zijn comfortzone treedt en uit een minder voorspelbaar vaatje gaat tappen.

 

3 november 2020

 

LIFF 2020 – Deel 2
LIFF 2020 – Deel 3
LIFF 2020 – Deel 4

 

MEER FILMFESTIVAL

Singing Club, The

**
recensie The Singing Club

Zingen met of zonder mondkapje

door Cor Oliemeulen

The Singing Club volgt de platgetreden paden van een Engelse filmtraditie die met een lach en een traan terugblikt op een historische gebeurtenis met de bedoeling dat de kijker er kracht en een voldaan gevoel uit put. De ene keer lukt dat beter dan de andere keer.

Als je getrouwd bent met een militair die wordt uitgezonden naar een conflictgebied in het buitenland moet je niet zeuren dat je moederziel alleen thuis achterblijft en de kans aanwezig is dat je op een dag slecht nieuws krijgt. Om te tijd te doden en afleiding te vinden, kun je samen met de andere vrouwen gaan breien, een boekenclubje beginnen of gaan zingen in een koor. Zingen kan immers gevoelens van stress, depressies en isolatie temperen, terwijl saamhorigheid en verbondenheid het gemis kunnen verzachten.

The Singing Club

Onderhoudend maar voorspelbaar
De makers van The Singing Club, met regisseur Peter Cattaneo (van The Full Monty, 1997) voorop, dachten vast dat het publiek in deze onzekere tijd van pandemie wel een feelgoodfilm kon gebruiken. Hoewel de geschiedenis over deze achtergebleven soldatenvrouwen die gaan zingen en door hun finale optreden in de Royal Albert Hall vele harten beroerden en door alle media-aandacht ook over de landsgrenzen veel navolging kenden, is dit komische drama even voorspelbaar als COVID-21.

Onlangs verscheen een andere Engelse feelgoodfilm in de bioscoop (en tegenwoordig vaak direct op video on demand): Misbehaviour, waarin de opkomst van de vrouwenemancipatiebeweging centraal staat. Waar in die productie de verschillende typetjes feministen (variërend van de stoere rosse krullenbol die de meeste mannen beschouwt als seksisten tot en met de keurige studente die zich aanvankelijk aarzelend opstelt maar nadien het hardst leuzen schreeuwt) zijn de vrouwelijke leden van The Singing Club al even gemêleerd, maar biedt het verhaal nauwelijks diepgang.

The Singing Club

Officiersvrouwenfittie
Lichtpuntje is Kristin Scott Thomas, die door haar bilingualiteit even gemakkelijk kan excelleren in zowel Franse drama’s (Il y a longtemps que je t’aime, 2008) als Engelse komedies (Four Weddings and a Funeral, 1994) en vaak een genot is om naar te kijken. Als vrouw van een officier die het hoogst in rang is, voelt Kate zich geroepen om een koor uit de grond te stampen en een verantwoord (lees: saai) repertoire te onderrichten. Getourmenteerd door het verlies van haar zoon onderdrukt zij haar emoties voor de goede zaak. Met haar ogenschijnlijke arrogantie en kilheid roept ze de nodige weerstand op.

De plot van The Singing Club draait om haar conflict met de andere officiersvrouw Lisa (Sharon Horgan) die een totaal andere aanpak voor ogen heeft. Zingen doe je voor de lol, en dat het niet altijd even zuiver is, maakt niets uit. Terwijl Kate zich als een volleerde dirigent opstelt voor het zootje ongeregeld, geeft Lisa achter een keyboard met twee vingers de melodie aan. Uiteindelijk ontstaat er een aanstekelijk repertoire van zowel klassieke liederen (Ave Maria) als lekker in het gehoor liggende popdeuntjes uit de jaren 80 (Only You van Yazoo, Time After Time van Cyndi Lauper). Best jammer dat je tegenwoordig van Rutte niet meer keihard mag meezingen in de bioscoop.

 

1 november 2020

 

ALLE RECENSIES

Corpus Christi

****
recensie Corpus Christi

Tussen spiritualiteit en zonde

door Cor Oliemeulen

Laat je niet afschrikken door de titel of door het verhaal over een priester. Het voor een Oscar genomineerde Poolse drama Corpus Christi is een rauwe spirituele film, die vragen stelt over het vermogen tot verandering van mensen die zijn gevormd door het verleden. Hebben we te maken met een criminele charlatan of een begenadigd geestelijk leider die troost brengt?

Je hebt mensen die zich uitgeven voor iemand anders maar door geheugenverlies niet meer weten hoe het zo ver kon komen, zoals Gregory Peck in Alfred Hitchcocks psychologische thriller Spellbound (1945). Je hebt ook mannen die zich als vrouw verkleden om zich te verstoppen voor de maffia, zoals Tony Curtis en Jack Lemmon in Billy Wilders weergaloze komedie Some Like It Hot (1959). Het gegeven van het aannemen van een andere identiteit is in beide filmklassiekers niet geheel authentiek, maar dat hoeft ook niet.

Corpus Christi

In het recente Poolse drama Corpus Christi, een filmklassieker in wording, valt of staat de fysieke identiteitsfraude wél met de geloofwaardigheid van het karakter en de situatie. Regisseur Jan Komasa inspireerde zijn film op het verhaal van een jongeman die zich voordeed als priester in een Pools stadje en slaagt erin de komst en het optreden van de misleider van begin tot einde uiterst aannemelijk te houden.

Spirituele transformatie
Daniel (Bartosz Bielenia) zit in een jeugdgevangenis. Het blijft lang onduidelijk wat hij op zijn kerfstok heeft. Wat we wel al snel zien, is het feit dat hij wordt beschouwd als buitenbeentje dat regelmatig door medegevangenen gemolesteerd wordt. Deze omgeving blijkt geen onlogische voedingsbodem voor iemand die zijn leven wil beteren en zich overgeeft aan het geloof, geïnspireerd door priester Tomasz die de diensten in het detentiecentrum leidt. Het is de vraag of Daniel als lid van de burgermaatschappij ook gevoelig voor een spirituele transformatie zou zijn geweest.

Op een dag mag Daniel op werkverlof. Het is de bedoeling dat hij zich meldt bij een zaagfabriek op het Poolse platteland, maar eenmaal in het stadje aangekomen, lopen de zaken anders. Allereerst bezoekt hij een kapel waar hij het meisje Lidia (Eliza Rycembel) ontmoet. Hij laat zich verleiden tot een leugentje, en voordat hij het zich realiseert, wordt Daniel gevraagd om de priester van de kleine geloofsgemeenschap te vervangen. Die is bezweken aan de gevolgen van een alcoholverslaving en vertrekt tijdelijk naar een afkickkliniek. Zijn eerste kerkdienst is nog wat onwennig, maar het duurt niet lang voordat Daniel zich geheel in zijn element voelt. Hij neemt biechten af en leidt processies. Zijn drugsgebruik en tatoeages blijven vooralsnog verborgen.

Corpus Christi

Fris pragmatisme
Hoewel we te maken hebben met een conservatieve parochie is Daniel in korte tijd vele malen populairder dan de oude priester. Niet alleen zijn expressieve ogen verschaffen hem een charismatische uitstraling, maar vooral zijn onorthodoxe visie en frisse pragmatisme leveren hem zowel bijval als nieuwe kerkgangers op. Het duurt niet lang voordat Daniel merkt dat een deel van de gemeenschap rouwt om een recente verkeerstragedie waarbij een aantal dorpsgenoten omkwam en die het dorp in tweeën splitste. Wonderwel vindt Daniel de juiste aanpak en woorden voor verzoening en troost.

Dat alles maakt van Corpus Christi een rauw drama met een vleugje humor, mooi gefilmd, gedecideerd geregisseerd en gezegend met een fantastische hoofdrolspeler. Deze sublieme film vertelt een universeel verhaal over het verdienen van een tweede kans en speelt met het gegeven van de voorbeeldige persoon die slechte dingen doet en met de slechte persoon die goede dingen doet. Daniel laveert tussen spiritualiteit en zonde. Het is een kwestie van tijd dat hij zal worden ontmaskerd, want hij neemt de nodige risico’s door zich op te offeren voor het herstel van een harmonieuze gemeenschap. Bovendien geeft hij niet toe aan de nukken en bedreigingen van de corrupte burgemeester die hij tijdens het zegenen van de zaagfabriek (!), samen met andere hoogwaardigheidsbekleders, pardoes in de modder laat knielen voor een gebed. Ook zijn ongemakkelijk broeiende relatie met Lidia komt tot een climax. De uiteindelijke boodschap van Corpus Christi is snoeihard: niemand kan ontsnappen aan het verleden.

 

5 oktober 2020

 

ALLE RECENSIES

QT8: The First Eight

***
recensie QT8: The First Eight

Quentin Tarantino: stem van zijn generatie

door Cor Oliemeulen

Mag je wel lachen als een hippe gangster per ongeluk iemands hoofd aan gort schiet en je wordt bedolven onder een lading bloed en hersenen? Quentin Tarantino introduceerde begin jaren negentig met Reservoir Dogs en Pulp Fiction een nieuwe filmtaal vol krankzinnige gebeurtenissen en opmerkelijke dialogen en werd daarmee de stem van zijn generatie. In de documentaire QT8: The First Eight vertelt een aantal getrouwen over Tarantino’s bevlogenheid.

Geïnspireerd door oude cultfilms en tv-series creëerde de in 1963 in Knoxville, Tennessee geboren Tarantino een geheel eigen universum waarin cartoonesk geweld nooit ver weg is, met ruim baan voor wraakexercities, bijvoorbeeld in Inglourious Basterds (2009) en Django Unchained (2012), misschien wel zijn grootste succes. Huisacteurs als Samuel L. Jackson, Michael Madsen, Tim Roth, Christoph Waltz en Kurt Russell nemen de kijker middels anekdotes in vogelvlucht mee door de stormachtige carrière van het Amerikaanse filmgenie, die in de documentaire van Tara Wood wordt afgeschilderd als een perfectionist en wandelende filmencyclopedie, maar bovenal een prettig mens met een onmiskenbaar talent.

QT8: The First Eight

Anekdotes en fragmenten
Storyboards gebruikt Tarantino niet, elke scène zit in zijn hoofd en speelt hij desnoods zelf voor. Zijn scripts lezen als enerverende romans waarin je altijd zit te wachten totdat er weer iets heftigs gebeurt. Ondanks het veelvuldige geweld vindt menigeen hem een romanticus – met de nodige originele zwarte humor. Dat blijkt al in het door Tarantino geschreven misdaaddrama True Romance (1993) van Tony Scott waarin een geniale dialoog zit: het personage van Dennis Hopper, die weet dat zijn einde aanstaande is, legt het personage van Christopher Walken, een trotse Siciliaanse maffiabaas, fijntjes uit dat hij afstamt van ‘negers’.

Ook leuk zijn de anekdotes over Tarantino’s lowbudgetdebuut Reservoir Dogs (1992) waarin de overval op een juwelier hopeloos uit de hand loopt en uiteindelijk iedereen elkaar neerschiet. De onafhankelijke filmmaker verzocht de acteurs in een zwart pak op de set te verschijnen, maar sommigen hadden slechts een zwarte spijkerbroek (Steve Buscemi) of zwarte laarzen (Michael Madsen). Iedereen moest wennen aan Tarantino’s aanpak en keuzes. “Ik wilde best gedood worden door Harvey Keitel, maar zeker niet door Tim Roth”, blikt Madsen terug. “Bovendien moest ik van Tarantino dansen, iets wat ik helemaal niet kan.” Kijkend naar de bewuste scène maakt zijn personage desalniettemin coole moves op Stuck in the Middle with You van Stealers Wheel. Tarantino’s soundtracks spelen een essentiële, sfeerbepalende rol in zijn oeuvre.

QT8: The First Eight

Comebacks
Zoals gedateerde songs een nieuwe betekenis kregen en scènes een extra dimensie gaven, wist Tarantino ook acteurs en actrices aan de vergetelheid te onttrekken en naar een grandioze comeback op te stuwen, denk aan babyfluisteraar John Travolta als Vincent Vega in Pulp Fiction (1994) en voormalige Blaxploitation-actieheldin Pam Grier als ‘badass leading lady’ in Jackie Brown (1997). En nog slechts weinigen kenden Uma Thurman, die als Mia Wallace in Pulp Fiction op wonderbaarlijke wijze een heroïne-overdosis overleeft en onsterfelijk zou worden als wraakengel The Bride in Kill Bill (2003) door een gros tegenstanders met een zwaard een kopje kleiner te maken.

QT8: The First Eight is de eerste film over het fenomeen Quentin Tarantino, die zelf niet aan het woord komt. De documentaire biedt een leuke introductie voor filmliefhebbers die nog niet zo bekend zijn met diens oeuvre, terwijl de meeste anekdotes gesneden koek zijn voor de fans, maar ook zij kunnen zich natuurlijk laven aan een groot aantal memorabele scènes, tot en met zijn jongste films The Hateful Eight (2015) en Once Upon a Time in Hollywood (2019).

QT8: The First Eight

Smet op het succes
Hoe origineel en vernieuwend de filmmaker ook moge zijn, jammer genoeg rust er een smet op zijn blazoen: Harvey Weinstein. De machtige Hollywood-producer was voor Tarantino een vaderfiguur, die bijna al zijn films produceerde en distribueerde, en dus mede verantwoordelijk is voor Tarantino’s succes. Weinstein wordt op de valreep van QT8: The First Eight nog even afgeschilderd als een bullebak die velen angst en afschuw inboezemde. Veel actrices durfden geen melding van Weinsteins (seksuele) wangedrag te maken omdat ze bang waren nooit meer in een film te kunnen spelen.

Had Quentin Tarantino zich misschien teveel gefocust op zijn films? In een interview met The New York Times in oktober 2017 verklaarde Tarantino dat hij de geruchten destijds helaas niet serieus genoeg nam, zelfs niet nadat zijn voormalige vriendin, actrice Mira Sorvino, hem vertelde dat Weinstein onwelkome avances had gemaakt en niet met zijn handen van haar kon afblijven. “Ik wist wel van een paar gevallen”, aldus Tarantino. “Ik wou dat ik meer verantwoordelijkheid had genomen. Als ik had gedaan wat ik had moeten doen, had ik niet meer met hem moeten werken. Ik heb de incidenten gemarginaliseerd, maar alles wat ik nu zeg, klinkt als een zwak excuus.”

Gelukkig hebben we de films nog.

 

28 september 2020

 

ALLE RECENSIES

Turtles Can Fly (2004)

REWIND: Turtles Can Fly (2004)
Koerden die de kindertijd overslaan

door Cor Oliemeulen

Het valt niet altijd mee om te kijken naar de lichamelijke en geestelijke verminkingen van oorlogskinderen in Turtles Can Fly (2004). Het drama speelt zich af in een Koerdisch vluchtelingenkamp tijdens de Amerikaanse invasie van Irak en focust op jonge kinderen tijdens het opruimen van Sadam Hoesseins mijnenvelden bij de grens tussen Turkije en de Koerdische Autonome Regio.

De dertienjarige Kak Satelliet geldt hier als een gerespecteerd man omdat hij de Engelstalige berichten op de radio begrijpt, en als hij die niet begrijpt, verzint hij zelf wel wat om de oudsten te behagen. Ondertussen leidt hij de kinderen, die niet-ontplofte munitie verzamelen om in de stad te verkopen. Als Kak een satellietontvanger heeft mogen aanschaffen, kunnen de mensen in het kamp zien hoe Amerika Irak is binnengevallen en hoe het beeld van Saddam van zijn sokkel wordt getrokken. Niet veel later strooien helikopters pamfletten uit boven het vluchtelingenkamp.

Turtles Can Fly

Tweederangs burgers
Toen regisseur Bahman Ghobadi twaalf was, brak de oorlog tussen Irak en Iran uit en verloor hij veel familieleden door Iraakse bombardementen. Ook vanwege de onderdrukking door Iran en later door Irak realiseerde hij zich de penibele situatie van zijn Koerdische volk. Hij raakte gedeprimeerd en werd boos dat de Koerden al zolang als tweederangs burgers moeten leven en geen eigen land hebben. “Mijn films zijn mijn leven, hoe ik leefde en hoe ik leef”, zegt Ghobadi. “In mijn films gebruik ik humor en satire, anders raakt het publiek misschien te geschokt.”

Nadat hij vanaf zijn zeventiende Super 8-films ging maken, de filmacademie in Teheran voltooide en assistent van zijn bekende landgenoot Abbas Kiarostami werd, kreeg Ghobadi al na zijn debuut, A Time for Drunken Horses (2000), een belangrijke rol in de globalisering van de Koerdische film. Maar zoals dat voor zijn latere films ook zou gelden, duurde het lang voordat hij toestemming van de Iraanse autoriteiten kreeg. Ghobadi verzweeg dat hij de film in de Koerdische taal wilde opnemen, terwijl de Koerden zelf de filmmaker wantrouwden, want wie anders dan de overheid maakt een film over ons? Toen de debuutfilm, die werd geschoten in zijn geboortedorp, eenmaal klaar was, probeerde Ghobadi reclametijd op tv te kopen. Ze zeiden aanvankelijk ‘nee’, maar nadat de regisseur refererend naar de filmtitel verklaarde dat er geen sprake is van dronken mensen, maar van een dronken paard, kreeg hij wel toestemming.



In REWIND opnieuw aandacht voor opvallende films uit dit millennium.

 


Geestkracht
De allereerste Koerdische speelfilm won de Gouden Camera in Cannes en was de Iraanse inzending voor de Oscars. Het verhaal gaat over Iraanse-Koerdische wezen, die proberen te overleven na de dood van hun ouders. In feite hebben bijna al Ghobadi’s films een vaak poëtische manier van filmen en een traditie in het Italiaanse neorealisme. Dat wil zeggen: low budget, filmen op locatie in documentaire-stijl en met niet-professionele acteurs. Net als in A Time for Drunken Horses spelen in Turtles Can Fly kinderen de hoofdrollen. “Jullie zien hen als kinderen, maar het zijn geen kinderen”, aldus Ghobadi. “Ik denk dat Koerden de kindertijd overslaan. De kinderen in mijn films lijden en worstelen zoals Europeanen dat pas doen in hun dertig of veertig. Mijn films gaan dus niet over kinderen, maar over mensen met kleine lichamen, maar een grote geestkracht.”

Turtles Can Fly (Koerdisch: Kûsî Jî Dikarin Bifirin) werd deels in Iran en deels in de Koerdische Autonome Regio in het noorden van Irak opgenomen. Het leven in het vluchtelingenkamp is ontdaan van enige romantiek en een enkel sprankje hoop. Ondanks de deprimerende omstandigheden en het hartverscheurende einde is het niet moeilijk te sympathiseren met de kinderen van wie de meesten minimaal een ledemaat missen. Diezelfde betrokkenheid en geloofwaardigheid zie je in alle zes speelfilms van Bahman Ghobadi, die het steeds moeilijker vond om zichzelf te censureren en direct na het voltooien van zijn undergroundfilm over een popband in Teheran, No One Knows About Persian Cats (2009), samen met de twee hoofdrolspelers Iran zou verlaten. Sinds die tijd pendelt hij tussen New York, Berlijn en Istanbul, waar hij met Rhino Season (2012) een film maakte over de Koerdisch-Iraanse dichter Sahel die wordt vrijgelaten na dertig jaar gevangenschap. Hij reist naar Istanbul om zijn vrouw te zoeken, maar zij denkt dat hij al twintig jaar dood is.

Turtles Can Fly

Van filmmaker tot activist
Sinds die tijd heeft Ghobadi nog slechts twee documentaires gemaakt. De filmmaker is nu vooral activist, die niet meer welkom is in zijn geboorteland. Zijn familieleden krijgen meestal geen toestemming om Iran te verlaten, bijvoorbeeld voor een bezoek aan Bahman vorig jaar in Ankara. Dat was een paar maanden nadat de onafhankelijke Iraanse filmmaker Mohammad Rosoulof een gevangenisstraf van een jaar kreeg vanwege de inhoud van zijn films. Ook Ghobadi’s broer Behrouz, eveneens filmmaker, verdween zeven maanden achter de tralies.

Het pionierswerk van Bahman Ghobadi heeft twintig jaar later meer dan duizend Koerdische filmmakers opgeleverd, echter volgens de regisseur worden zij nauwelijks gesteund en tellen alle gebieden in het Midden-Oosten waar de Koerden wonen samen nog geen tien bioscopen.

TURTLES CAN FLY KIJKEN: gratis op YouTube.

 

 

Update: De European Film Academy en het Internationaal Filmfestival van Berlijn roepen op tot de onmiddellijke en onvoorwaardelijke vrijlating van de Iraanse auteur, advocaat in mensenrechten en activist Nasrin Sotoudeh. Ze is de laatste passagier in Jafar Panahi’s film Taxi Teheran, winnaar van de Gouden Beer, waarin ze openlijk praat over haar toewijding voor politieke gevangenen. Nasrin Sotoudeh werd in juni 2018 gearresteerd op basis van dubieuze aantijgingen die betrekking hadden op haar werk als advocaat. Ze werd veroordeeld tot 30 jaar gevangenisstraf en 148 zweepslagen. Ze zit opgesloten in de beruchte Evin-gevangenis in Teheran waar ze op 11 augustus aan haar tweede hongerstaking begon om te protesteren tegen het regime dat weigert om politieke gevangenen tijdens de pandemie vrij te laten. Haar gezondheid is kritiek en een onmiddellijke vrijlating is noodzakelijk om haar medische hulp te kunnen geven.
Teken hier de petitie om haar onmiddellijk uit de gevangenis te ontslaan zodat ze de nodige medische hulp kan krijgen.

 

Meer REWIND

 


Misbehaviour

***
recensie Misbehaviour

Deelnemers Miss World de maat genomen

door Cor Oliemeulen

Engelse feelgoodfilm toont hoe de kersverse vrouwenbeweging een halve eeuw geleden de live-uitzending van de Miss World-verkiezing verstoorde. In Misbehaviour gedragen alle betrokkenen zich op hun eigen manier en is er begrip voor zowel activisten als deelneemsters.

Net als in andere jaren zitten miljoenen gezinnen op 20 november 1970 aan de buis gekluisterd voor de twintigste Miss World-verkiezing in de Royal Albert Hall in Londen. De live-uitzending wordt onderbroken wanneer vrouwelijke activisten presentator Bob Hope (Greg Kinnaer), die tijdens zijn presentatie de zoveelste seksistische opmerking maakt, beginnen te bekogelen met pamfletten en meelbommetjes, toegesnelde beveiligers en politiemannen belagen met waterpistolen en leuzen roepen tegen de vleeskeuring en voor gelijke rechten van vrouwen. In het historische drama Misbehaviour zien we hoe het zover kon komen.

Misbehaviour

Tactiek bepalen
De film geeft een aardig beeld wat er in die tijd in de wereld aan de gang was. In een aantal landen was een maatschappelijke revolutie uitgebroken, waarbij steeds meer vrouwen zich gingen organiseren en verzetten tegen ongelijkheid en streden voor een gelijkwaardige zorg voor het kind en zeggenschap over je eigen lichaam. In het jaar dat het Engelse dagblad The Sun vrolijk startte met foto’s van topless vrouwen op pagina 3 kon de meerderheid van de bevolking zich nog geheel niet vinden in de idealen van deze Women’s Liberation Movement.

We maken kennis met de jonge moeder Sally Alexander (Keira Knightley) die op een Londens college haar toelating voor de universiteit probeert te verdienen. Ze oogt als een degelijk en burgerlijk type, die aanvankelijk schrikt van de anarchistische en provocatieve Jo Robinson (Jessie Buckley) die op fanatieke wijze het naar meer vrouwenrechten strevende groepje aanvoert. In tegenstelling tot Jo handelt Sally niet zozeer vanuit het hart en een portie lef, maar probeert zij door middel van verstand en academische vaardigheden doelen te bereiken. Zij overtuigt de anderen om de media, hoewel die behoren tot het establishment, te benaderen, want hoe kun je anders je boodschap uitdragen? Voordat ze het weet, wordt ze woordvoerster van de beweging en schreeuwt ze om het hardst bij demonstraties.

Verschillende perspectieven
Het sterke punt van Misbehaviour is dat regisseur Philippa Lowthorpe de Miss World-verkiezing vanuit verschillende perspectieven belicht en begrip voor (bijna) alle betrokkenen heeft. Zo vernemen we de beweegredenen van de Amerikaanse entertainer Bob Hope die al tien jaar eerder als host fungeerde en knallende ruzie met zijn vrouw krijgt, de grote organisator Eric Morley (Rhys Ifans) die volgens eigen zeggen slechts streeft naar de fantasie van een perfecte wereld waarin schoonheid wordt gevierd en zijn vrouw en zakelijk partner Julia (Keeley Hawes) die in tegenstelling tot haar man niet de maten maar de gratie van de deelneemsters roemt.

Misbehaviour

Maar de focus ligt op de twee groepen jonge vrouwen met ver uiteenlopende ambities. Enerzijds de feministen die zich verzetten tegen de huns inziens uitbuiting van vrouwen en die streven naar gelijkheid tussen mannen en vrouwen, anderzijds de deelnemers van Miss World die vurig hopen om zichzelf (en hun land) op de map te zetten. Terwijl de actievoersters hun plannen beramen, lijken de missen het uitstekend naar hun zin te hebben. Sommigen dromen over een betere toekomst, zoals de gekleurde deelneemster van Grenada. Zij wil en kan niet het bestaande systeem omverwerpen, maar is bij winst een grote inspiratiebron voor andere gekleurde meisjes omdat ze dan laat zien dat het mogelijk is om iets te kunnen bereiken. Dat zoiets moet door middel van een knap gezicht en een mooi lichaam is nu eenmaal zo.

Uit die korsetten!
Uiteindelijk is Misbehaviour een feelgoodfilm in een mooie Engelse traditie: het maken van deels ontroerende, deels grappige historische films met een bevredigende afloop waar mensen voor hun rechten opkomen. Denk bijvoorbeeld aan Pride (2014) waarin mijnwerkers en homo’s gezamenlijk demonstreren tegen de conservatieve Thatcher-regering en aan Made in Dagenham (2011) waarin de vrouwen in de Ford-fabriek strijden voor een beter salaris.

Dat gebeurde overigens al een paar jaar voordat de vrouwenrechtenbeweging voor een miljoenenpubliek de Women’s Liberation Movement op de kaart zetten. Je zou bijna vergeten dat de zojuist opgerichte Dolle Mina’s in Nederland al in januari 1970 van zich lieten horen: nadat ze hun korsetten hadden verbrand bij het standbeeld van de negentiende-eeuwse feministe Wilhelmina Drucker in Amsterdam verstoorden zij al een missverkiezing, in Utrecht. Wanneer gaat iemand daarover eens een feelgoodfilm maken?

 

23 augustus 2020

 

ALLE RECENSIES

Berlin Alexanderplatz

***
recensie Berlin Alexanderplatz

De Duitse Droom

door Cor Oliemeulen

Het is misschien niet eerlijk om de jongste boekverfilming van Berlin Alexanderplatz te vergelijken met de geniale filmadaptatie van Rainer Werner Fassbinder. Toch verveel je je geen moment bij het verhaal over de opkomst en ondergang van een Afrikaanse vluchteling in de hedendaagse Berlijnse onderwereld.

De 32-jarige Francis (Welket Bungué) is de enige overlevende van een boottocht van Afrika naar Europa en neemt zich voor om een nieuw en beter mens te zijn. Maar als illegale vluchteling zonder papieren blijkt dat kennelijk onmogelijk. Na alle desillusies tijdens het zwoegen op een bouwplaats in het Berlijnse Alexanderplatz valt Francis voor een aanbod van de charismatische drugsdealer Reinhold (Albrecht Schuch) en droomt hij al snel van de Duitse Droom met genoeg middelen voor een zeer aangenaam bestaan. Wanneer Francis de escort Mieze (Jella Haase) tegen het bevallige lijf loopt, wil hij voor hen beiden een degelijk leven. Maar daarop zit Reinhold, die Francis immers uit de goot heeft getrokken en heeft opgeleid, niet te wachten.

Berlin Alexanderplatz

Onderwereld
Regisseur Burhan Qurbani – in 1980 in Duitsland geboren als zoon van Afghaanse vluchtelingen en in het jaar dat de legendarische serie van Rainer Werner Fassbinder op televisie verscheen – vertelt het verhaal van de beroemde roman Berlin Alexanderplatz (1929) van Alfred Döblin vanuit het perspectief van de zwarte vluchteling die belandt in de marge van de Berlijnse samenleving. Waar de oorspronkelijke antiheld Franz Biberkopf acteert in een tijd van politieke instabiliteit (revolutionaire dreiging van links, opkomend fascisme van rechts) verklaart Qurbani de beweegredenen van zijn hoofdpersonage bijna een eeuw later louter tegen de achtergrond van racisme en het verwezenlijken van een droom.

Ook al had Qurbani zijn protagonist Francis (door Reinhold al snel gedoopt tot Franz) geplaatst in een wereld van het hedendaagse oprukkend nationalisme en populisme, zelfs dan zou deze Berlin Alexanderplatz de roman te weinig recht hebben gedaan. Hoewel het thema van racisme immer actueel is, ligt in deze nieuwe boekverfilming het mankement in het ontbreken van een politieke context en een indringend portret van het milieu waarin Franz zich beweegt. Waar Fassbinder in 15,5 uur uiteraard veel meer tijd kan nemen om het door Döblin beschreven Lumpenproletariat met zijn leger van vagebonden, oplichters, bordeelhouders, voddenrapers, bedelaars, zakkenrollers en allerhande ander geteisem te representeren, beperkt Qurbani de Berlijnse onderwereld tot het grootschalig drugs dealen in het park, dure nachtclubs vol schoon vrouwelijk naakt en een op seks beluste bendeleider die zijn trofeeën vanuit een ziekelijke frustratie direct na bewezen diensten het huis uit schopt.

Berlin Alexanderplatz

Kansloos maar verdienstelijk
Ook al is nieuwe Berlin Alexanderplatz drie uur lang, het blijkt een kansloze missie het oorspronkelijke verhaal op het witte doek een ziel te geven. We komen een heel eind met mooie cinematografie en sfeervolle voice-overs met filosofische overpeinzingen uit het boek. En het is ondanks het zo nu en dan rammelende scenario knap dat de kijker weinig kans krijgt om zich te vervelen, maar uiteindelijk kun je alleen maar concluderen dat deze filmadaptatie een tikkeltje te hoog gegrepen is, wat ook blijkt als bepaalde dramatische wendingen te weinig uitleg krijgen en door het wel heel obligatoire einde.

Toch is Berlin Alexanderplatz editie 2020 een verdienstelijk geproduceerd misdaaddrama met een karakterstudie van een worstelende vluchteling en een goede cast waarin met name Albrecht Schuch als de psychopathische Reingold de meeste indruk maakt. Na afloop krijgt de liefhebber echter onmiddellijk zin om Berlin Alexanderplatz van Fassbinder uit de kast te trekken. Het hypnotiserende titelmuziekje, de briljante atmosfeer en de vertolkingen van Günter Lamprecht als de eenarmige ‘draufgänger’ Franz, Gottfriend John als de gemene Reinhold, Barbara Sukowa als het hoertje Mieze en Hanna Schygulla als Franz’ andere liefje Eva zijn nu eenmaal van een ongeëvenaard kaliber.

 

3 augustus 2020

 

ALLE RECENSIES