Au nom de la terre

***
recensie Au nom de la terre

Frans boerendrama biedt weinig hoop

door Cor Oliemeulen

Het Franse drama Au nom de la terre toont dat het runnen van een boerenbedrijf tegenwoordig meer vereist dan enkel liefde voor de grond waarop gewassen worden verbouwd en dieren worden klaargestoomd voor consumptie. Gedwongen tot grootschaligheid en geconfronteerd met tegenslagen slaat het noodlot langzaam toe in het warme gezin van Pierre en Claire Jarjeau.

Dat het water bij veel boeren aan de lippen staat en dat zij zich bedreigd voelen in het voortbestaan van hun bedrijf, is de afgelopen maanden duidelijk geworden door het boerenprotest. Terwijl in Nederland vooral de stikstofcrisis de aanleiding is, blokkeerden boeren in Frankrijk toegangswegen tot Parijs om vooral aandacht te vestigen op hun lage inkomens.

Au nom de la terre

Onvermijdelijke keuze
Au nom de la terre speelt zich af in de laatste twee decennia voor de eeuwwisseling waarin de (internationale) landbouw drastisch veranderde. Als Pierre Jarjeau (Guillame Canet: Le Grand Bain, La Belle Époque) enig onheil had vermoed, had hij waarschijnlijk nooit in 1979 het bedrijf van zijn vader gekocht en was hij als cowboy in het Amerikaanse Wyoming gebleven. Destijds was het boerenbedrijf nog overzichtelijk: boeren fokten hun dieren, verkochten die op de lokale markt en streken het geld op. Voor de administratie had je geen computer of hogere wiskunde nodig.

Regisseur Edouard Bergeon, die zijn speelfilmdebuut baseerde op zijn eigen smartelijke familiegeschiedenis, laat zien hoe begin jaren negentig de globalisering toeslaat en internationale afspraken met richtlijnen over productie de boeren tot onvermijdelijke keuzes dwingen: investeren om uit te breiden en het aanschaffen van geavanceerde uitrustingen om op die manier schaalvoordelen te boeken. In het geval van Pierre Jarjeau betekent dat onder meer het bouwen van een grote hypermoderne stal met kuikens.

Vader en zoon
De vader van Pierre ziet met lede ogen aan dat de dieren smerig voedsel krijgen voorgeschoteld en zet vraagtekens bij de keuze voor grootschaligheid en de afhankelijkheid van coöperaties en banken, waardoor zijn zoon bijna niets meer over zijn eigen bedrijf heeft te zeggen. Volgens pa was vroeger natuurlijk alles beter, hoewel Pierre zijn vader er fijntjes op wijst dat hij zijn dieren toen volstopte met antibiotica en groeihormonen. Zijn zoon moet niet zo klagen, maar nog harder werken, net als zijn eigen generatie die de oorlog heeft meegemaakt.

Au nom de la terre

Saillant detail is dat Pierre na de overname van het bedrijf zijn vader pacht voor de grond moet betalen. Als het boerenbedrijf steeds verder in het slop dreigt te geraken en de schulden toenemen, dringt Claire (Veerle Baetens: The Broken Circle Breakdown) bij haar man Pierre aan om zijn vader hulp te vragen. Aan de keukentafel ontspint zich weliswaar een intiem onderonsje, maar van compassie en uitgesproken liefde is geen sprake. Pa leest zoon andermaal de les en zoon is te trots om uitstel van betaling te vragen. Ondertussen hebben de erbarmelijke uitzichten van het boerenbedrijf hun vernietigende weerslag op het eens zo harmonische gezin van Pierre en Claire.

Boodschap
Tussen alle ellende door weet Bergeon in Au nom de terre kleine sprankjes hoop en kleine momenten van geluk te weven. Zoon Thomas, die studeert voor landbouwingenieur en keihard meewerkt op het boerenbedrijf, krijgt van zijn ouders een racefiets om daarmee met een vriend tochtjes door het prachtig in beeld gebrachte Franse landschap te kunnen maken. En op warme dagen ravotten die twee samen met Thomas’ zusje en haar vriendin in een zwembad dat is gemaakt van hooibalen en landbouwplastic.

Wat overblijft is een realistische, dus ook deprimerende, film met een impliciete politieke boodschap. Dwing boeren niet in een door internationale regels en beurs gedicteerd keurslijf en laat de landbouw terugkeren naar kleine bedrijven waarin boeren zelf de baas zijn en voldoende verdienen om een voor mens en dier verantwoord product op tafel te kunnen zetten. Voor het gezin Jarjeau en veel andere Franse boerengezinnen komt die boodschap te laat.

 

20 januari 2020

 

ALLE RECENSIES

Traditore, Il

****
recensie Il Traditore

De maffiabaas en de rechter

door Cor Oliemeulen

Het zijn vooral de charismatische antihelden die maffiafilms onverminderd populair maken. Zelfs hun rol als verklikker kan op veel bijval rekenen. Il Traditore schetst de bewogen geschiedenis van Tommaso Buscetta, de eerste Italiaanse maffiabaas die vrede sluit met de rechterlijke macht.

Het grote feest aan het begin van Il Traditore doet heel even denken aan dat van de maffiaklassieker The Godfather (1972). Maar waar Don Corleone in het New York van de jaren veertig van de vorige eeuw vreugdevol de bruiloft van zijn dochter viert, terwijl de ene na de andere gast onderdanig diens hand kust, broeit het tijdens het samenzijn van maffiafamilies enkele decennia later op Sicilië. De Cosa Nostra, die zich aanvankelijk had beziggehouden met vooral sigarettensmokkel, is overgestapt naar de veel winstgevendere drugshandel. Met alle gevolgen van dien.

Il Traditore

Maffiaoorlog
De meedogenloze Corleonesi, onder leiding van Toto Riina, verklaren de oorlog aan zowel overheidsdienaars als aan de concurrerende maffiabaas Tommaso Buscetta, die uitwijkt naar Brazilië. Al eerder was hij naar dat land gevlucht nadat hij in Italië bij verstek was veroordeeld voor twee moorden. Hij ondergaat er plastische chirurgie, ontmoet zijn derde vrouw, krijgt vier kinderen van haar en leidt vanuit Rio de Janeiro een internationale drugshandel.

Ondertussen heeft hij lijdzaam moeten vernemen hoe de Corleonesi twee van zijn andere zoons hebben vermoord, alsook een broer, zwager en vier van zijn kleinkinderen. Nadat hij uiteindelijk na een arrestatie wordt uitgeleverd aan Italië en hij zichzelf heeft proberen te vergiftigen, zoekt Buscetta contact met onderzoeksrechter Giovanni Falcone om als eerste maffiakopstuk de omerta (zwijgplicht) te verbreken, de structuur van de maffia te onthullen en te gaan getuigen tegen zijn oude maatjes. Dat leidde tot het historische anti-maffiaproces (vol hilarische toestanden met als beesten gekooide verdachten achterin de rechtszaal) in Palermo van 1986 tot 1992, waarin meer dan 475 maffiosi werden aangeklaagd en veel kopstukken van de Cosa Nostra levenslang achter de tralies zouden verdwijnen.

Onderbroek
De geschiedenis van Il Traditore (de verrader) is in uitstekende handen van Marco Bellocchio, wiens rol in de Italiaanse cinema altijd wat onderbelicht is gebleven. De inmiddels 80-jarige filmmaker maakte met Vincere (2009) niet alleen een schitterend melodrama over de opkomst en glorietijd van dictator en ‘mens’ Mussolini, ook portretteerde hij bijvoorbeeld even intens enkele leden van de Rode Brigade en hun geruchtmakende ontvoering van oud-premier Aldo Moro en diens moord in 1978.

Il Traditore

Ook in Il Traditore weet Bellocchio de Italiaanse bevolking een spiegel van die tijd voor te houden met dikke uitroeptekens achter de rol van burgers, kerk en politiek. Zo zet hij Moro’s opvolger, Guilio Andreotti, als een uiterst eng mannetje neer. Veelzeggend is de scène waarin de christendemocratische minister-president in zijn onderbroek rondloopt bij de Corleonesi om daar een nieuw pak aangemeten te krijgen.

Fragmentarisch
Il Traditore is een, soms te fragmentarische, geschiedenis van de charismatische verklikker Buscetta die ondanks de lengte van tweeënhalf uur door de abrupte montage niet altijd goed te volgen is. Bellocchio wisselt zoals zo vaak drama af met korte archiefbeelden en droomsequenties, waarvan Buscetta’s nachtmerrie dat hij sterft en door zijn dierbaren in een doodskist wordt gelegd het meest poëtisch en beklemmend is.

Het biografische misdaad- en rechtbankdrama wordt vooral gedragen door titelvertolker Pierfrancesco Favino (Le confessioni), die na lang zoeken volgens Bellocchio qua acteren als enige de vergelijkingstoets met Marlon Brando in The Godfather wist te doorstaan. Door zijn innemende optreden zou je bijna vergeten dat de narcistische Buscetta beslist geen lieverdje was. Dat hij seksueel ontembaar was, nemen we graag voor lief, maar met zijn heroïnehandel stortte hij vooral veel jongeren, onder meer een van zijn zoons, in diepe ellende. In dat opzicht had de uiterst moedige rechter Falcone (Fausto Russo Alesi: Sweet Dreams) veel meer lof en aandacht verdiend. Maar zo’n rechtschapen personage is natuurlijk veel minder interessant dan een wetteloze maffioso.

 

10 januari 2020

 

ALLE RECENSIES

La Grande Bellezza beste film van het millennium

La Grande Bellezza beste film van het millennium

La grande bellezza is door de redactie van InDeBioscoop gekozen tot beste film van de 21ste eeuw. De eeuwige stad Rome als het “decor voor de ontmaskering van loze ambities en lege pretenties”. De Italiaanse regisseur Paolo Sorrentino toont “een authentiek universum vol expressieve beelden, hemelse muziek en satire met de nodige extravagantie”.

La grande bellezza

Op de tweede plaats prijkt het romantische drama In the Mood for Love. “De camera is verborgen, alsof de kijker de affaire geheimzinnig bespiedt”, aldus een van de collega’s. “Is het ware verliefdheid die de twee tot elkaar brengt of slechts de fantasieën geboren uit de omstandigheden? Maakt het eigenlijk uit?” En: “Elk fraai beeld van de Chinese regisseur Wong Kar-Wai spreekt boekdelen over de tragische liefde.”

Werckmeister harmóniák is “een zwart-witte harmonie in mineur die als een meditatie voort glijdt”. Iemand anders zegt over deze Hongaarse film: “Arthouse zoals het echt bedoeld is. Deze film van Béla Tarr zit vol mysterie en eigenzinnigheid en is zo anders dan anders. 39 shots in twee uur. Twee minuten lang alleen maar lopende mannen – dat iemand dat durft!”

Opvallend op de vierde plaats is een documentaire: The Act of Killing. Met gevaar voor eigen leven portretteert Joshua Oppenheimer de toenmalige beulen van het schrikbewind van de Indonesische generaal Soeharto die tot in detail vertellen en naspelen hoe zij hun politieke tegenstanders medio jaren 60 doodden. “Eenmaal begraven bouwen herinneringen een muur voor de geest, die alleen door de daad van het doden weer opgebroken kan worden.”

“Wat animatiefilms vooral moeten doen, is betoveren. Het tot leven roepen van de fantasie”, aldus een van de collega’s over Spirited Away van de Japanse animatiekeizer Hayao Miyazaki dat op de vijfde plaats eindigt. “Een troostend sprookje voor klein en groot.”

Lazzaro Felice staat verrassend op de zesde plaats. “In een wereld die zo schuldig is dat ze onschuld niet meer herkent, verzacht Alice Rohrwacher de onmiskenbare politieke dimensie van haar derde film met mythologie en beeldpoëzie”, zegt iemand over het drama dat in 2019 in de bioscoop verscheen.

Eternal Sunshine of the Spotless Mind belandt op nummer zeven. “Geen scenarioschrijver vandaag de dag is zo origineel als Charlie Kaufman”, aldus een collega die het romantische drama met Jim Carrey en Kate Winslet in zijn lijstje zette. Iemand anders schrijft: “Hoeveel ontroering kan een mens verdragen in dit (bijna) onvergetelijke sciencefictionsprookje?”

Er werden veel Koreaanse films genoemd in de diverse lijstjes. Het is geen verrassing dat het ijzersterke Memories of Murder in de IDB-top 10 van het millennium opduikt. “Met deze film wees Bong Joon-ho de wereld er op dat de cinema van Zuid-Korea tot de eredivisie is toegetreden. Zwarte komedie, suspensethriller en maatschappijkritiek mengen zich tot een genadeloos portret van de menselijke natuur.”

Op de negende plek vinden we Turist. “Ruben Östlund kijkt naar onze micro-gedragingen en ontleedt ze dusdanig confronterend dat het ons tot psychoanalyse in ons alledaagse handelen dwingt.” Iemand anders vindt: “Het vervreemdende skioord en een briljant gebruik van Vivaldi’s De vier jaargetijden maken Turist tot één van de meest hilarische én pijnlijke films van deze eeuw.”

Het was knokken om de film die onze top 10 zou afsluiten, omdat meerdere films op dezelfde plek eindigden. Het volgende pleidooi voor Paterson gaf de doorslag: “Meditatief eert deze film de kleine momenten en is daarmee het grootse waard. Eenvoudige werkdagen en gedichten komen samen voor een fraai visioen van tevredenheid die uitdaagt. Men kan niet spreken over de Tao, maar wellicht kan men deze wel filmen.”

Wat verder opvalt is dat in de individuele lijstjes films van dezelfde regisseurs staan, zoals van David Lynch en Nuri Bilge Ceylan.

 

IDB Top 10 van het Millennium

1. La grande bellezza (2013)
2. In the Mood for Love (2000)
3. Werckmeister harmóniák (2000)
4. The Act of Killing (2012)
5. Spirited Away (2001)
6. Lazzaro Felice (2018)
7. Eternal Sunshine of the Spotless Mind (2004)
8. Memories of Murder (2003)
9. Turist (2014)
10. Paterson (2016)

 

Individuele lijstjes

Deel 1: Cor Oliemeulen
Deel 2: Tim Bouwhuis
Deel 3: Michel Rensen
Deel 4: Bob van der Sterre
Deel 5: Ries Jacobs
Deel 6: Sjoerd van Wijk
Deel 7: Yordan Coban
Deel 8: Ralph Evers
Deel 9: Alfred Bos

Belle Époque, La

****
recensie La Belle Époque

Ultieme nostalgietrip

door Cor Oliemeulen

Hedendaagse goeroes prediken om te leven in het hier en nu. Maar wat als het hier en nu een hel is? Of in het geval van de hoofdpersoon in La Belle Époque je huidige leven gewoon saai is? Dan koester je iedere mooie droom of meld je je aan bij een hip bedrijf dat je de mooiste periode van je leven kan laten herbeleven.

De uitgebluste zestiger in kwestie heet Victor (Daniel Auteuil), die succesvol was als politiek cartoonist van een inmiddels verdwenen dagblad en nu zonder werk zit. Hij heeft veel moeite zich aan te passen aan de moderne tijd. Zo heeft hij geen mobieltje, verafschuwt hij pratende computers en haalt hij zijn wenkbrauwen op als iemand alcoholvrije wijn wil drinken. Zijn vrouw Marianne (Fanny Ardant) probeert met volle teugen van het moderne leven te genieten. Zij rijdt een Tesla, heeft een VR-bril en verdient als psychoanalist uitstekend met haar online platform dat is gebaseerd op algoritmen, zodat niet zijzelf maar haar digitale ik de cliënt therapeutisch advies geeft. Op een dag zet Marianne Victor het huis uit. Die actie is mede ingegeven door het feit dat Marianne inmiddels stiekem het bed deelt met de beste vriend van Victor.

La Belle Époque

Verliefd
Victor neemt contact op met een bedrijf dat is gespecialiseerd om iemand enkele dagen een bepaalde historische tijd te laten beleven, bijvoorbeeld aan het hof van Marie-Antoinette of om zelfs toe te treden tot de intieme kring van Adolf Hitler. Victor wil graag terug naar 1974 toen hij in een café in Lyon zijn grote liefde ontmoette. Om dat te realiseren onderwerpt hij zich aan uitgebreide intakegesprekken, waarin hij in woorden en tekeningen de exacte setting van die dagen beschrijft.

De regisseur van de tijdreizen, Antoine (Guillaume Canet), is een meester in het neerzetten van die perfecte setting en eist van zijn figuranten uiterste discipline als het gaat om het naleven van het script. Zeker van zijn vriendin, met wie hij een haat-liefdeverhouding heeft, dat het meisje speelt op wie Victor destijds verliefd werd. Hoewel Victor, die zijn baard heeft afgeschoren en zich in een jaren zeventig-outfit heeft gehuld, zich realiseert dat hij in een gecreëerde illusie is beland, wordt hij inderdaad opnieuw verliefd. Maar is hij nu verliefd op het meisje uit zijn herinnering of het meisje dat zijn grote liefde speelt?

La Belle Époque

Nuttig?
Het eind van de film bepaalt of La Belle Époque uiteindelijk een feelgoodfilm of een drama is. Als Victor ontwaakt uit zijn verlangen van weleer en de realiteit van de huidige tijd weer volledig tot hem doordringt, rest slechts de vraag of het herbeleven van het verleden iets waardevols heeft opgeleverd. Was het nuttig om te graven in je herinneringen en de verliefdheid van destijds opnieuw te voelen? Ben je door die ervaring in staat nu ook op latere leeftijd weer voor iemand te vallen? Of blijft het bij die intens beleefde begoocheling die je voor even kon koesteren om je daarna te realiseren dat levensgeluk eindig is?

Het antwoord laat zich raden: de kijker mag natuurlijk niet gefrustreerd de bioscoop verlaten. Hoewel dat gegeven op zich misschien best jammer is, biedt het intelligente script van La Belle Époque genoeg interessante invalshoeken, subtiele humor en geloofwaardig acteerwerk dat je zelf ook wel eens zo’n ultieme nostalgietrip zou willen beleven.

 

27 december 2019

 

ALLE RECENSIES

10 grensverleggende films

Tien grensverleggende films

10 grensverleggende films

Feitjes over films zijn altijd leuk. Nog leuker is om je te realiseren wat ze allemaal in gang hebben gezet. Tien mijlpalen in de filmgeschiedenis die de grenzen verlegden: van de allereerste speelfilm tot en met de eerste bewustwordingsfilm over voeding.

Samenstelling: Cor Oliemeulen

1. – The Story of the Kelly Gang (1906) – allereerste speelfilm

Niet Amerikanen of Europeanen maakten de allereerste speelfilm. Ene Charles Tait uit het Australische goudzoekersparadijs Castlemaine en twee van zijn broers vertoonden op 26 december 1906 het bijna zeventig minuten lange The Story of the Kelly Gang. Dit westerndrama gaat over de beruchte Ierse balling Ned Kelly, die na de moord op drie politiemannen vogelvrij werd verklaard. Veel fragmenten op de filmrol hebben de tand des tijds niet goed doorstaan of zijn simpelweg verdwenen. In de gerestaureerde versie zijn foto’s en teksten geplakt om de leemtes in het verhaal op te vullen. Wat opvalt is het gebruik van echte pistolen! Tijdens schermutselingen wordt er vaak bewust in de grond of in de lucht geschoten, waarna tegenstanders toch dood neervallen. Charles Tait kreeg negen kinderen en maakte geen tweede speelfilm.

2. – Nanook of the North (1922) – eerste documentaire

Robert J. Flaherty was goudzoeker aan de andere kant van de wereld, in het hoge noorden van Canada, en maakte daar prachtige natuuropnames met mens en dier. Op een dag knoeide hij sigarettenas op zijn kilometerslange, uiterst brandbare rollen celluloid en werden alle opnamen vernietigd. Flaherty, die een relatie met een Eskimofamilie had opgebouwd, begon weer vol goede moed aan zijn film over het leven van de Inuit. Maar wat bleek later? Sommige fragmenten waren in scène gezet, zoals de vangst van een zeehond – die al dood was toen die zogenaamd door Nanook en zijn gezin onder het ijs vandaan werd getrokken. De vraag is of Nanook of the North door het manipuleren van de werkelijkheid een echte documentaire is. In ieder geval schetst de film een authentiek beeld van de ongerepte natuur in het noordelijk poolgebied.

3. – La coquille et le clergyman (1928) – eerste surrealistische speelfilm

Het door de Franse schrijver André Breton in 1924 gepubliceerde Manifest van het Surrealisme predikte een levenshouding. Fantasierijk, volledige vrijheid, loslaten van het verleden en zich niets aantrekken van bestaande regels. De visuele verbeeldingskracht staat los van verstand en logica, en is toepasbaar op alle kunstvormen. De beroemdste vroege surrealistische film is Un chien andalou (1928), waarmee Luis Buñuel en Salvador Dalí de gevestigde orde schokten. Maar de allereerste surrealistische speelfilm verscheen eerder dat jaar. In La coquille et le clergyman (De zeeschelp en de priester) van regisseuse Germaine Durlac maken we kennis met de dromen en erotische fantasieën van een priester. Het zowel originele als maffe script is van Antoine Artaud, die later met de introductie van zijn Wrede Theater ‘te surrealistisch’ werd bevonden door Breton en consorten.

4. – The Ox-Bow Incident (1943) – eerste humane western

In westerns werden indianen als bloeddorstige barbaren afgeschilderd. Dat negatieve beeld veranderde met de revisionistische western, waarin indianen en Mexicanen juist als sympathieke mensen worden neergezet. Mooie voorbeelden zijn High Noon (1952), Little Big Man (1970) en Dances with Wolves (1990). Al in 1943 verscheen The Ox-Bow Incident van William A. Wellman dat een sleutelrol speelt in de geschiedenis van de western. Deze eerste humane western houdt een pleidooi voor de rechtstaat als fundament van de samenleving. Drie mannen worden verdacht van moord en zonder proces opgehangen door een hysterische menigte. Later blijken ze onschuldig. Eén van de terechtgestelden had nog een afscheidsbrief mogen schrijven. In de ontroerende finale leest het personage van Henry Fonda, één van de weinigen die de executies probeerde te verhinderen, de brief voor aan een saloon vol daders.

5. – Sommaren med Monika (1953) – eerste vrijgevochten film

De Zweedse filmmaker Ingmar Bergman genoot een strenge opvoeding (vader was luthers predikant), was bang voor de dood en twijfelde aan God en het geloof. Dat resulteerde in 1957 in het meesterwerk Det sjunde inseglet (Het Zevende Zegel). Vier jaar eerder zorgde Bergmans doorbraakfilm Sommaren med Monika (Zomer met Monika) al voor de nodige ophef. Een vrijgevochten meisje (Harriet Andersson), dat met haar vriendje vlucht voor haar burgerlijke ouders, gaat uit de kleren. In Amerika ging de schaar in Bergmans vernieuwende, realistische filmstijl, en bleven hoofdzakelijk beelden van het stoute meisje over. “In de buurt werd er gesproken over een naaktscène. Zoiets was destijds ongehoord in Amerikaanse films”, zei regisseur Woody Allen, die net als veel anderen pas later Bergmans werkelijke kwaliteiten zou ontdekken.

6. – L’avventura (1960) – eerste moderne filmvertelling

Naast Bergman plaveide Michelangelo Antonioni de weg voor Europese films in Amerika. Tijdens zijn hele oeuvre bestudeerde de Italiaanse maestro van de moderne cinema de zoektocht naar betekenis en toonde hij zijn personages niet conform de toen geldende filmwetten. Zo worden hartstochtelijke vrouwen en communicatief impotente mannen in een dialoog met de rug naar elkaar geplaatst om hun psychologische afstand te symboliseren. Vanaf L’avventura (1960) wordt het verhaal ondergeschikt aan de gevoelens en worden de personages geplaatst in een omgeving die hun gemoedstoestand benadrukt, soms heel nietig in een overweldigend landschap of als een stipje voor een gigantische muur. Tijdens de wereldpremière op het filmfestival van Cannes klonk veel gejoel. Het publiek vond de shots veel te lang en kon het niet verteren dat hoofdrolspeelster Anna zomaar verdwijnt om vervolgens niet meer terug te keren in het verhaal.

7. – Straw Dogs (1971) – eerste verkrachtingsscène

Nog voordat de Hays Code in de Verenigde Staten werd afgeschaft, trok een schietgraag overvalkoppel in Bonnie and Clyde alle ongecensureerde registers open. Seks, drugs en vooral geweld vulden vanaf 1967 het witte doek. Gevlucht voor de verruwing in zijn geboorteland betrekt een Amerikaanse astrofysicus met zijn Britse vrouw in Straw Dogs een groot huis op het Engelse platteland. Helaas loopt hun relatie met enkele ingehuurde werklieden niet van een leien dakje en duurt het niet lang voordat iemand zich aan de vrouw des huizes (Susan George) vergrijpt. Natuurlijk kende de filmgeschiedenis al suggestieve aanrandingen, maar zeker een regisseur als Sam Peckinpah wist wel raad met het schokkend in beeld brengen van de dubbele verkrachtingsscène (waarbij het lijkt alsof de vrouw aanvankelijk nog geniet). Het is aan manlief (Dustin Hoffman) om zich uiteindelijk over te geven aan een bloederige wraakorgie.

8. – Westworld (1973) – eerste film met CGI

Beste millennial. Er was een tijd dat een grote ruimte vol computerkasten minder capaciteit had dan een enkele chip in je telefoon. Tegenwoordig kan film elke illusie creëren en digitale animatie zie je in bijna elke game en Hollywoodproductie. Wat nu normaal is, was vroeger bijna lachwekkend. De eerste speelfilm waarin CGI (Computer Generated Imagery) werd toegepast, is Westworld (1973). In het sciencefictionverhaal van debuterend regisseur Michael Crichton slaan bij een ‘gunslingerrobot’ (Yul Brynner) in een futuristisch amusementspark de stoppen door. Gelukkig is zijn zicht – dat bestaat uit grove pixels (gemaakt door de computer) – wat beperkt. Hoe knullig de scène er nu ook uitziet, hij zette wel de deur open voor bijvoorbeeld de eerste volledig met de computer gemaakte film: Toy Story (1995).

9. – Festen (1998) – eerste Dogme 95-film

In het ontwaakte digitale tijdperk kregen filmmakers in Denemarken de behoefte terug te keren naar de basis. Lars von Trier en Thomas Vinterberg stelden een manifest met tien regels op. Je moest voortaan op 35mm filmen, op locatie met de camera in je hand, zonder extra belichting. De film mocht geen oppervlakkige actie bevatten en het manipuleren van beelden (effecten en filters) was natuurlijk uit den boze. Deze ‘eed van zuiverheid’ leidde tot de eerste zogenoemde Dogme 95-film: Festen (1998). Het beeld van de reünie waar de zestigste verjaardag van pa wordt gevierd, is korrelig, soms schokkerig, en oogt authentiek. Het drama is zo werkelijk dat Thomas Vinterberg tijdens de beroemde incesttoespraak een deel van de acteurs in het ongewisse hield over de afloop. Ondanks het nobele streven, was na een paar jaar weinig meer van Dogme 95 over.

10. – Food, Inc. (2008) – eerste bewustwordingsfilm over voeding

Terwijl in Nederland de meeste boeren hun best doen om een verantwoord product op tafel te zetten, nemen ze het in Amerika niet zo nauw. Food Inc. gaf als eerste film een interessant kijkje achter de façade van vrolijk huppelende koeien in groene weiden die op pakken zuivel staan afgebeeld. Overzee blijkt voedselproductie in handen van megagrote bedrijven die nauwelijks oog hebben voor dierenwelzijn en verantwoord bodemgebruik. Ze worden bovendien gesubsidieerd door de overheid, want op groente en fruit valt weinig winst te behalen. In hamburgers zit soms ‘vlees’ van tientallen runderen, waardoor de oorsprong van eventuele ziektekiemen moeilijk is te achterhalen. Ook documentaires als Super Size Me (2004), waarin je lekker onverantwoord kunt eten bij McDonalds, maakten de weg vrij voor een reeks bewustwordingsfilms over dierenonwelzijn, vet, suiker en tal van andere producten waarvan we het naadje van de kous niet wisten.

 

21 december 2019

 
Alle leuke filmlijstjes

Top 10 van het Millennium – Deel 1: Cor Oliemeulen

Deel 1: Cor Oliemeulen
Top 10 van het Millennium

Spring, Summer, Fall, Winter… and Spring (2003)

Spring, Summer, Fall, Winter… and Spring (2003)

Geen films van Paul Thomas Anderson, Hirokazu Koreeda, Michael Haneke, Martin Scorsese, Alejandro G. Iñárritu, Hayao Miyazaki, Coen-broers, Darren Aronofsky, Pedro Almodóvar, Asghar Farhadi, Bahman Ghobadi en Christopher Nolan? Ja, dat kan! Maar doet ook pijn. We kiezen slechts tien films die dit millennium in de Nederlandse bioscoop hebben gedraaid. Dat betekende verzamelen, kijken, selecteren, afwegen, nog eens kijken, dubben en schrappen. Wat schetst mijn verbazing dat er maar liefst drie Zuid-Koreaanse films overblijven. Dat kan geen toeval zijn.

   door Cor Oliemeulen

Spring, Summer, Fall, Winter… and Spring (2003)
Kim Ki-duk onderzoekt in zijn films consequenties van keuzes en gedrag. Soms schokkend zoals in het verontrustende Pieta, soms sereen zoals in deze oogverblindende meditatie, waarin de cyclus van natuur en mens parallel loopt. Niet zomaar verstilde cinema, maar met een fascinerend verhaal over mentor en leerling… en mentor.

Memories of Murder (2003)
Zijn aanklacht tegen de kapitalistische maatschappij in het recente Parasite bevat een vette knipoog en vloeit voort uit Bong Joon-ho’s eerste meesterwerk waarin drama, thriller en satire in elkaar overvloeien. De psychologische, suspensevolle en soms hilarische zoektocht van drie politieagenten naar de dader is belangrijker dan de ontmaskering.

The Handmaiden (2016)
Nog meer dan zijn twee vorige, niet minder talentvolle, Koreaanse collega’s blinkt Chan-wook Park (Oldboy) uit in een uitgesproken visuele stijl en een intelligent plot waarin de slechte eigenschappen van de mens de boventoon voeren. Deze ménage à trois is een geniale mix van erotische thriller, historisch drama en zwarte humor, en zet je een paar keer helemaal op het verkeerde been.

Eternal Sunshine of the Spotless Mind (2004)
Er valt weinig te lachen in dit naar mijn mening meest romantische drama van het millennium waarin een man (een serieuze Jim Carrey in zijn beste rol) zijn geheugen laat wissen nadat hij ontdekt dat zijn ex-vriendin (Kate Winslet) hetzelfde heeft gedaan. Hoeveel ontroering kan een mens verdragen in dit (bijna) onvergetelijke sciencefictionsprookje?

The Act of Killing (2012)
In Indonesië werd nog nauwelijks gesproken over het schrikbewind van generaal Soeharto dat medio jaren 60 naar schatting een miljoen (vermeende) communisten het leven kostte. Met gevaar voor eigen leven portretteert Joshua Oppenheimer de toenmalige beulen die tot in detail vertellen en naspelen hoe zij hun politieke tegenstanders doodden. Weerzinwekkend maar onmisbaar document. Deze documentaire vormt een tweeluik met The Look of Silence waarin beulen worden geconfronteerd met nabestaanden.

La grande bellezza (2013)
Het gaat te ver om de Italiaanse regisseur Paolo Sorrentino de ‘Fellini van de 21ste eeuw’ te noemen. Maar er zijn ontegenzeggelijk overeenkomsten, zoals mijmerende kunstenaars over een vergankelijk verleden, alsook een authentiek universum vol expressieve beelden, hemelse muziek en satire met de nodige extravagantie.

Mar Adentro (2004)
Geen Spaans melodrama van Almodóvar, maar eentje van Amenábar in dit millenniumlijstje. Frustratie en liefde smelten samen in de waargebeurde geschiedenis van een door een duikongeluk verlamde man (Javier Bardem) die drie jaar tevergeefs strijdt voor euthanasie. Puccini’s aria Nessun Dorma begeleidt de meest bewogen scène waarin hij zich in zijn verbeelding voor heel even verlost van zijn wanhopige gesteldheid.

Mar Adentro (2004)

Mar Adentro (2004)

Okuribito (2008)
Ook dit muzikale Japanse drama is een ode aan de overledene en excelleert in subtiele blikken en fijnzinnige handelingen. Een ontslagen cellist gaat tegen de zin van zijn vrouw werken in de uitvaartbranche en ontwikkelt zich als meester in nōkanshi, een ritueel om de overledene voor te bereiden op de crematie en de reis naar het hiernamaals. Na afloop van de film wil je naar Japan emigreren.

Winter Sleep (2014)
Na het qua sfeer vergelijkbare Once Upon a Time in Anatolia sloeg Nuri Bilge Ceylan gedecideerd en genadeloos toe met Winter Sleep, een intrigerend drama in de bergen van Turks Cappadocië dat bol staat van kleine confrontaties met grote uitwerkingen. Alleen in films van Ingmar Bergman zag ik twee mensen elkaar zo beschaafd afmaken tijdens een schitterend opgebouwde dialoog van een kwartier.

Gangs of Wasseypur (2012)
Deze Godfather van de 21ste eeuw is geïnspireerd door spaghettiwesterns van Leone, het gangsterleven van Coppola en de mix van grof geweld, zwarte humor en vette soundtrack van Tarantino. Dit alles overgoten met een Bollywood-sausje van lyrische liedjes, vrolijke dansjes door mooie vrouwen in kleurrijke gewaden en plaatselijke rituelen en gebruiken. Anurag Kashyap vat zeventig jaar Indiase kolenmaffia verdomd knap samen in ruim vijf uur pure cinema.

 

3 december 2019

 

Deel 2: Tim Bouwhuis
Deel 3: Michel Rensen
Deel 4: Bob van der Sterre
Deel 5: Ries Jacobs
Deel 6: Sjoerd van Wijk
Deel 7: Yordan Coban
Deel 8: Ralph Evers
Deel 9: Alfred Bos

 

Varda par Agnès

****
recensie Varda par Agnès

‘Grootmoeder’ nouvelle vague toonde hoe het leven is

door Cor Oliemeulen

Ze was bescheiden, vond de dames in Cannes te chique, maar bewoog zich liever tussen de arbeiders. Ze had een instinctieve, spontane manier van werken. “In de 20ste eeuw was ik voornamelijk filmmaker en in de 21ste eeuw voornamelijk artiest”, zegt de kunstenaar die net voor haar dood de documentaire Varda par Agnès voltooide.

Het doek gaat open. Agnès Varda (geboren 30 mei 1928 in Brussel, overleden 29 maart 2019 in Parijs) zit op het podium van een goed gevuld theater. Klein, fragiel, donkerrood bloempotkapsel met de kruin wit geverfd. In vogelvlucht vertelt ze over haar loopbaan, rustig, wars van enige opsmuk en met een incidenteel grapje. Hoewel ze zegt die pretentie niet te hebben, voelt het als een masterclass, afwisselend in het theater, voor studenten, of gewoon in een tuin of op het strand, soms geflankeerd door speelse attributen en kunstvoorwerpen.

Varda par Agnès

Documentaires die ook films zijn
De documentaire Varda par Agnès is een imposant retrospectief in beelden en woorden van de ‘grootmoeder van de nouvelle vague’ (zoals ze al op haar dertigste zou zijn genoemd). Varda was een belangrijke exponent van deze filmstroming die eind jaren vijftig in Frankrijk ontstond en zich afzette tegen de klassieke filmwetten van de droomfabriek Hollywood en de eigen filmcultuur, de ‘cinéma de papa’. Maar net als Alain Resnais – net als zij behorend tot de intellectuele elite van de linkeroever van de Seine en die in 1954 haar eerste film La Pointe courte monteerde – onderscheidde Agnès Varda zich van de twee andere boegbeelden, François Truffaut en Jean-Luc Godard, door veel meer in documentaire-stijl te filmen.

Varda’s oeuvre omvat twaalf lange speelfilms, dertien korte films en twintig documentaires. “Je hebt twee soorten documentaires. De eerste is realistisch: puur en rauw. Ik maak liever documentaires die ook films zijn”, vertelt Varda, die gewone mensen van vlees en bloed altijd centraal stelde. Het liefst dichtbij huis, in de buurt, de winkelier, de bakker op de hoek, de straatartiest. Niet vlot en vluchtig, net als genoemde collega’s, maar in lange takes. Soms ging ze de landsgrenzen over om de tijdgeest te documenteren, zoals The Black Panthers in 1968 en enkele jaren later hippies in Hollywood en demonstrerende feministen tegen abortus. Ook maakte ze een film over de jeugd van haar inmiddels zieke echtgenoot, regisseur Jacques Demy, die in 1990 overleed.

Inspiratie, creatie en delen
In haar documentaire gebruikt Varda regelmatig de drie woorden die altijd zo belangrijk voor haar waren: inspiratie, creatie en delen. Inspiratie is de motivatie om een film te maken (ideeën, omstandigheden), creatie is de manier waarop je de film maakt (methode, structuur) en delen is het logische gevolg, want een lege bioscoopzaal is een nachtmerrie voor elke filmmaker. Aan de hand van scènes legt ze uit hoe ze werkte en welke keuzes ze maakte. Kleur of zwart wit? Klassieke of moderne muziek? Vloeiend of schokkend beeld?

Varda par Agnès bestaat uit twee delen. Over haar ‘klassieke’ periode van 1954 tot 2000 vertelt de filmmaakster hoe ze probeerde om cinema opnieuw uit te vinden en om in elke nieuwe film haar manier van vertellen te veranderen. De ‘moderne’ periode vanaf de eeuwwisseling, waarin bijna iedereen digitaal ging filmen, staat in het teken van haar leven als visueel artiest. Hierin komen haar installaties aan bod, opvallende drieluiken, met vaak combinaties van bewegend en stilstaand beeld.

Varda par Agnès

Ode aan de aardappel
Dat begon in 2003 tijdens de Biënnale van Venetië met een drieluik als onderdeel van een video-installatie waarin ze een ode bracht aan de aardappel, volgens haar de meest bescheiden groente. Op het middelste doek zie je een hartvormige aardappel en aan de zijkanten uitschietende aardappels. Op de vloer daaronder ligt een berg van 700 kilo aardappelen. Tussen haar tijd als cineast en haar tijd als beeldend kunstenaar zijn we getuige van haar prachtige portretten die ze maakte als toneelfotograaf van Théâtre National Populaire in Parijs in de jaren vijftig.

Maar altijd bleef Agnès Varda documentaires maken, zoals Les Plages d’Agnès (2008), waarin ze spiegels op het strand zette om mensen (ook zichzelf) en landschappen te herontdekken, en ging ze in Visages Villages (2017) op pad met beeldend fotograffitikunstenaar JR om door heel Frankrijk alledaagse mensen te ontmoeten om die vervolgens tot hun eigen verwondering op levensgrote foto’s te laten terugkeren.

Authentiek en naïef
Het karakter van Varda’s werk is geboren uit een authentieke benadering als gevolg van een bepaalde naïviteit. In tegenstelling tot haar cinefiele vrienden van het roemruchte magazine Cahiers du Cinéma, waarin Truffaut en Godard graag films met de grond gelijkmaakten, beweerde Varda dat ze op het moment dat ze haar eerste film ging maken, nog maar een stuk of tien films had gezien. Dus ook niet de neorealistische rolprenten (van Visconti, Rossellini en De Sica) die vanaf het eind van de Tweede Wereldoorlog verschenen in Italië, waarmee Varda’s filmstijl meer dan eens is vergeleken.

Varda par Agnès

Zelfs haar meest gememoreerde film Cléo de 5 à 7 (anderhalf uur uit het leven van een meisje dat denkt kanker te hebben en fladderend door de stad wacht op de diagnose van de arts) blinkt uit in eenvoud en oorspronkelijkheid. Geen jump cuts, de techniek van hele korte sprongetjes in de tijd om het tempo van de film te verhogen en de actie spannender te maken, maar gewoon alle tien de treden van de trap tonen wanneer Cléo naar buiten huppelt. Het is dan ook niet heel verwonderlijk dat Varda’s meest ingewikkelde (en laatste) speelfilm, Les Cent et Une Nuits de Simon Cinéma (1994), flopte – ondanks het komen opdraven van talloze grote internationale filmsterren.

Geen wereldverbeteraar
Agnès Varda maakte films zoals het leven is. In haar documentaire blikt ze met actrice Sandrine Bonnaire op locatie terug op de opnames van Sans Toi Ni Loi (1985, Gouden Leeuw in Venetië). Het drama bestaat hoofdzakelijk uit dertien tracking shots waarin we meelopen met de rebelse vagebond Mona die zoekt naar voedsel en een slaapplaats. Ze wordt door iedereen gemeden als de pest en dood in een plastic zak afgevoerd. Een film zonder boodschap, want Varda observeerde vooral en voelde zich geen wereldverbeteraar. Alles draaide om inspiratie, creatie en delen.

Varda par Agnès draait vanaf donderdag 28 november in een aantal bioscopen en ook nog op IDFA 2019.

 
22 november 2019

 

ALLE RECENSIES

Third Wife, The

***
recensie The Third Wife

Onderdrukte vrouwelijke verlangens

door Cor Oliemeulen

“Als ik groot ben, word ik een man, dan kan ik veel vrouwen hebben”, zegt een meisje in het oogstrelende drama The Third Wife. Plaats van handeling is een dorp in het negentiende-eeuwse Vietnam waar vrouwen dienen om jongens te baren.

Het feministische speelfilmdebuut van de in Ho Chi Minh-stad geboren en in New York wonende Ash Mayfair is een impliciete aanklacht tegen de patriarchale samenleving in haar moederland. Dat was niet zozeer de controverse die haar film in Vietnam opriep, maar wel de soft-erotische scènes van de pas dertienjarige hoofdrolspeelster Nguyen Phuong Tra My, wier personage May zich voelt aangetrokken tot vrouwen.

The Third Wife

Controverse in eigen land
Het debat van de nationale volksvertegenwoordiging na de première op 17 mei zorgde ervoor dat Mayfair en haar producers The Third Wife al na vier dagen uit de bioscopen terugtrokken. Op straffe van een geldboete waren ze geenszins van plan geweest om filmscènes weg te snijden. Terecht, want de betreffende fragmenten zijn poëtisch en uiterst delicaat geschoten. Volgens de filmmaakster zijn het vooral de conservatieve krachten die moeite hebben met de kritiek op de dominerende rol van mannen in het land. “Dit deel van onze geschiedenis is erg donker en bestaat nog steeds in de Vietnamese samenleving. Er zijn zoveel artiesten, met name vrouwelijke artiesten, die voelen dat ze zich niet kunnen uitspreken”, zei ze tegen The Hollywood Reporter.

Mayfairs sfeer in The Third Wife is op alle fronten mild en ingetogen. Ze toont lieflijke plaatjes van de prachtige natuur en kadreert ook het trage, traditionele en sensuele leven van alledag in een kleine samenleving rond een tempel met gevoel voor stijl, kleur en compositie. Het jonge meisje May wordt gekozen als derde vrouw van de veel oudere grootgrondbezitter Hung. Tijdens de huwelijksnacht laat hij een rauw ei op haar buik glijden, likt het op, gaat op haar liggen en penetreert haar, waarna zij een harde zucht slaakt. ’s Morgens hangt zij, onder de goedkeurende blikken van Hungs twee andere vrouwen, het witte laken met een bloedvlek buiten.

The Third Wife

Ontluikende seksualiteit
Terwijl we bloemen zien, watervallen, insecten, lelies op het water, badende meisjes en een rups die zich ontpopt als vlinder, wordt May snel zwanger en bidt ze tijdens een offerfeest dat ze een jongen krijgt. Zij onderwerpt zich aanvankelijk aan Hungs seksuele fantasieën, maar liefde en lichamelijk genot zijn haar onbekend, totdat zij zich aangetrokken begint te voelen tot Hungs tweede vrouw Xuan. Maar zij wijst Mays ontluikende seksualiteit resoluut af omdat de samenleving dit verbiedt en de goden hen volgens haar zullen straffen.

In The Third Wife schikken de meisjes en vrouwen zich in hun lot, maar kampen ze met onderdrukte verlangens. Tegelijkertijd kun je niet vroeg genoeg trouwen, want als eerste vrouw heb je meer status dan als tweede of derde vrouw, en bovendien is de kans groter om een jongetje ter wereld te brengen. Voor iemand die niet als bruid wordt gekozen, niet goed of mooi genoeg wordt bevonden of simpelweg niet uitgehuwelijkt wil worden, kan het leven ondraaglijk zijn. Dan is plots het voortkabbelende leven in dit Vietnamese dorpje niet langer sereen en lijkt het heel even of er opstand aan de schitterende horizon gloort. Begrijpelijk, maar jammer dat Mayfair in de finale kiest voor symboliek in plaats van een mokerslag.

 

18 november 2019

 

ALLE RECENSIES

LIFF 2019 – Deel 1

LIFF 2019 – Deel 1:
Vier films met een dilemma

door Cor Oliemeulen

Terwijl de dagen korter en kouder worden, draait het Leids filmfestival veel hartverwarmende films. Net zoals de bezoeker keuzes moet maken uit het aanbod, kennen opvallend veel films personages die ook voor een dilemma worden geplaatst. In dit eerste deel verzwijgt een familie de dodelijke ziekte van oma in China, een uitgebuite pakketbezorger in Engeland, een twijfelende Amerikaanse soldaat in Afghanistan en wel of geen deal tussen een gangster en een politieagent in Korea.

 

The Farewell

The Farewell – Een goede leugen?
Wat doe je als je weet dat je oma volgens de arts nog maar drie maanden te leven heeft: vertellen of verzwijgen? Dat is het dilemma waarom het soms komische drama The Farewell draait. Net als regisseur Lulu Wang is de dertigjarige Billi (actrice Awkwafina: Crazy Rich Asians) geboren in China en opgegroeid in Amerika. Billi belt regelmatig vanuit New York met haar oma Nai Nai met wie ze altijd een innige band heeft gehad. Maar dan krijgt het gezin het droevige nieuws dat Nai Nai longkanker heeft en spoedig zal sterven. De familie besluit in samenspraak met de arts niets te zeggen, zodat zij nog kan genieten van de korte tijd die haar rest. En wat is er dan leuker dan het bruiloftsfeest van Nai Nai’s Japanse kleinkind Hao Hao?

Als de hele familie in China bij elkaar is, heeft de veramerikaanste Billi het meeste moeite om haar mond te houden. In haar nieuwe land is het illegaal dat een ziekte voor de patiënt wordt verzwegen (laat staan dat een doktersbrief wordt vervalst), echter in China gebeurt dat regelmatig. Sterker nog: Nai Nai liet haar man tot zijn overlijden ook in het ongewisse. Maar alleen die beide achtergronden zijn wat mager om het dilemma scherp neer te zetten. The Farewell werkt zonder noemenswaardige hobbels toe naar de door Nai Nai georganiseerde bruiloft, terwijl ze zich afvraagt waarom iedereen zo chagrijnig is, maar blij is met de ‘vitaminepillen’ tegen het hoesten. Het zijn met name de kleindochter en haar oma, alsook enkele ontroerende en grappige momenten, die The Farewell (vanaf 21 november in de Nederlandse bioscoop) behoeden voor doorsnee-sentiment. Deze met liefde gemaakte familiefilm heeft genoeg herkenbare facetten om een groot publiek te bekoren.

 

Sorry We Missed You

Sorry We Missed You – Meester van je eigen bestemming?
De nieuwe film van regisseur Ken Loach en scenarioschrijver Paul Laverty gaat opnieuw over een arbeider die slachtoffer wordt van de moderne Engelse samenleving. Ging het in het bejubelde I, Daniel Blake over een van een hartaanval herstellende timmerman die bijna ten onder gaat aan de bureaucratie, in Sorry We Missed You (vanaf 14 november in de Nederlandse bioscoop) gaat een veertiger aan de slag als pakketbezorger die op papier zelfstandig is maar in de praktijk al snel wordt uitgebuit door zijn werkgever. Om een bestelbusje te kunnen aanschaffen, moest de auto van zijn vrouw worden verkocht, zodat zij als thuishulp met de bus naar al haar patiënten moet en net als manlief dagen van meer dan twaalf uur gaat draaien. Ondertussen raakt het gezin, door toedoen van de onbegrepen puberzoon, in een aandoenlijke crisis.

Er zijn weinig regisseurs die zulke uit het leven gegrepen sociaal-realistische films maken als Loach. Zijn politieke standpunten sijpelen weliswaar door, echter de menselijke maat staat altijd voorop. Terwijl de timmerman van I, Daniel Blake uiteindelijk het niet langer pikt en opstaat tegen regelgeile instanties en een publieke daad stelt, laat de pakketbezorger zich langzaam maar zeker naar de slachtbank leiden, want tegenslagen stapelen zich op. “Hoe harder we werken hoe dieper we in het drijfzand zakken”, droomt zijn lieve en uiterst toegewijde vrouw. De kijker krijgt onherroepelijk medelijden, echter je zou de man ook een schop onder zijn achterste willen geven om de reeks van vernederingen te doen stoppen en het noodlot af te wenden. Maar wat moet zijn gezin als hij zonder werk en inkomsten komt te zitten? Hoewel Sorry We Missed You uiteindelijk wat karikaturaal wordt en de zwarte humor van I, Daniel Blake mist, is het opnieuw een onverschrokken aanklacht tegen het neoliberalisme waarin individuele vrijheid wordt gegarandeerd, maar waarin de gewone man is overgeleverd aan de markt.

 

The Kill Team

The Kill Team – Held of moordenaar?
Iemand die ook staat voor een dilemma van terugtrekken of blijven meedoen is de 21-jarige Amerikaan Andrew Brigmann die echt zin heeft om iets te betekenen en de patriot uit te hangen in Afghanistan. Zijn vader diende in het leger achter een bureau, Andrew wil infanterist zijn, zodat hij ook direct contact met de bevolking kan maken. Zijn team heeft aanvankelijk niet veel omhanden totdat de sergeant op een mijn stapt. De nieuwe sergeant Deeks (Alexander Skarsgård) is een ijzervreter pur sang die de manschappen meesleurt in een enerverende rondgang door inheemse dorpjes om de maker van de mijnen te ontmaskeren. Andrew is de softie in het team, die de hasjpijp en pornoboekjes aan zich voorbij laat gaan en minder loyaal naar Deeks is dan zijn collega’s. De ellende begint als een onschuldige Afghaanse jongen wordt doodgeschoten en het meldformulier wordt vervalst.

Filmmaker Dan Krauss maakte in 2013 de documentaire The Kill Team over de lotgevallen van Andrew Brigmann en de intimidaties en bedreigingen van sergeant Deeks en zijn teamleden. Mensen doden doe je met zijn allen, zo luidt het devies. Kennelijk moest er ook nog een speelfilm onder dezelfde titel komen, maar nu is er meer ruimte voor spanning dan voor psychologie. Vanaf het moment dat hij afscheid neemt van zijn vader rijdt Andrew al een minuut later in een tank door de woestijn en loopt hij weer een minuut later in een Afghaans dorp. Van naïeve, idealistische jongeman tot gedesillusioneerde, bange soldaat in anderhalf uur kijkt – geholpen door de aanzwellende muziek wanneer er emoties in het spel zijn – prima overzichtelijk weg, maar dan blijft er weinig ruimte over voor meer dan voor de hand liggende nuances. Deze specifieke zaak van het vermoorden van onschuldige autochtonen en het verdoezelen van de feiten door het Amerikaanse leger is destijds ruimschoots in het nieuws geweest, maar het is altijd leerzaam om te zien hoe een persoon voor een schijnbaar onmogelijk dilemma komt te staan: houd ik veilig mijn mond of breng ik mijzelf in gevaar door de klok te luiden?

 

The Gangster, the Cop, the Devil

The Gangster, the Cop, the Devil – Wraakmoord of eerlijk proces?
Het lijkt wel of er elke paar jaar een blik veelbelovende Koreaanse filmmakers wordt opengetrokken. Voormalig tv-producer Won-tae Lee is met The Gangster, the Cop, the Devil (vanaf 7 november in de Nederlandse bioscoop) toe aan zijn tweede speelfilm, die dit jaar in de prijzen viel tijdens het filmfestival van Catalonië en waarvan zowaar al een Amerikaanse remake met Sylvester Stallone in een van de drie hoofdrollen (we gokken The Gangster) is aangekondigd. De filmformule is niet verrassend: misdaad, geweld en humor.

Politieagent Kim is een typisch buitenbeentje in het korps: ongehoorzaam, vrijpostig en een tikkeltje lijp. Tegen de zin van zijn corrupte baas treedt hij zonder enkele vrees op tegen de illegale gokpraktijken van gangsterbaas Jang (Dong-seok Ma: Train to Busan). Ondertussen stort hij zich op een seriemoordenaar. De duivelse K kiest zijn slachtoffers uit door met zijn auto achterop hun auto te botsen om ze vervolgens met messteken om het leven te brengen. Wanneer de psychopaat stuit op gangsterbaas Jang, die de confrontatie ternauwernood overleeft, duurt het niet lang voordat politieagent Kim nadrukkelijk in beeld komt. Net als in de klassieker M (1931) van Fritz Lang ontstaat er een strijd tussen onderwereld en politie over wie de moordenaar als eerst in de kraag kan grijpen, maar al spoedig blijken de gangster en de politieagent tot elkaar veroordeeld, wat uiteraard ook komische momenten oplevert, maar ook de nodige verwarring. De klopjacht leidt tot tal van schermutselingen, obligatoire achtervolgingen en een finale die recht doet aan alle betrokkenen, behalve de duivel natuurlijk.

 

3 november 2019

 

LIFF 2019 – Deel 2
LIFF 2019 – Deel 3

 
MEER FILMFESTIVAL

Sonja: The White Swan

**
recensie Sonja: The White Swan

Sportheldin rijdt scheve schaats

door Cor Oliemeulen

Een zwaan staat symbool voor liefde, harmonie, kracht, wijsheid en elegantie. In Sonja: The White Swan ontdekken we vooral haar sierlijkheid en het flirten met zelfdestructie.

Sonja Henie werd al op haar tiende Noors kampioen kunstschaatsen en won de Olympische titels in 1928, 1932 en 1936. Nadat zij in Garmisch-Partenkirchen is gehuldigd en de hand van Adolf Hitler mag schudden, vertrekt ze met haar ouders en broer naar Amerika om professioneel ijsdanser te worden. Toeschouwers zijn verrukt, want zo’n show heeft men nog nooit gezien. Sonja gaat bakken met geld verdienen en wil ook filmster worden. Ze klopt aan bij de grote baas van Twentieth-Century Fox, Darryl F. Zanuck, die haar een solo-optreden van twaalf minuten in een film aanbiedt voor 75.000 dollar. Echter Sonja wil meer: een contract voor vier films, want ze gelooft heilig in zichzelf en haar succes. “Greta Garbo lijkt wel een vent en Shirley Temple is net uit de luiers.”

Sonja: The White Swan

Turbulent leven
Sonja: The White Swan is een biopic van een vergeten sportheldin, die een tijd lang de best betaalde actrice van Hollywood was en die in haar leven naast de ijsbaan en de filmset meer downs dan ups beleefde. Als tienvoudig wereldkampioen was ze vooral in eigen land een grootheid. In ons land stond zij indirect aan de wieg van het kunstschaatsen nadat ze in 1934 in Amsterdam onze eerste kunstijsbaan had geopend waar twintig jaar later onze eigen schaatsheldinnen Sjoukje Dijkstra en Joan Haanappel hun pirouettes zouden draaien en hun dubbele axels zouden springen.

Het is voor regisseur Anne Sewitsky (Happy, Happy) een onmogelijke taak om het turbulente leven van Sonja Henie in krap twee uur samen te vatten. Terwijl de hele familie profiteert van haar snel vergaarde rijkdom (vooral haar geliefde broer Leif maakt er een potje van) waant de ster zich aanvankelijk onaantastbaar, maar zie je haar langzaam aftakelen door de uitzinnige feesten waarop Sonja niet vies blijkt van drank, drugs en seks. Nadat ze breekt met de organisator die haar naar Amerika heeft gehaald (hij heeft een nieuwe, jongere ijsdanseres ontdekt), dreigt Sonja alles te verliezen wat ze met zoveel inzet en toewijding heeft opgebouwd.

Sonja: The White Swan

Gemiste kansen
Titelvertolkster Ine Marie Wilmann, die bijna alle dansscènes op het ijs zelf voor haar rekening neemt, speelt een krachtige persoonlijkheid, maar ontpopt zich zo nu en dan als een ijskonijn. Ze ziet er mooi uit en oogt in haar korte rokjes sexyer dan de echte Sonja Henie, maar een binding met het personage krijgen we pas helemaal aan het eind als ze op haar aandoenlijkst is. Hoe prachtig het productiedesign van de film ook is, het blijft moeilijk om ook met alle andere personages mee te leven.

De lukrake soundtrack met zo nu en dan elektronische klanken om de productie wat eigentijdser te laten aanvoelen, is ook niet zo gelukkig. De makers hadden een voorbeeld kunnen nemen aan Sofia Coppola die haar historische biografie Marie Antoinette (2006) consequent met eigentijdse muziek lardeerde, waarmee ze het ambivalente karakter van het hoofdpersonage benadrukte. Het wisselvallige niveau van Sonja: The White Swan komt vooral door de matige regie, waardoor de film uiteindelijk niet meer is dan de treurige teloorgang van een niet al te sympathieke vrouw die het moderne ijsdansen heeft uitgevonden.

 

26 oktober 2019

 

ALLE RECENSIES