Wild Pear Tree, The

****
recensie The Wild Pear Tree

Meester van de nuance

door Cor Oliemeulen

De net afgestudeerde Sinan keert vanuit de stad terug naar zijn geboortedorp in Anatolië en wil liever schrijver dan leraar worden. Hij beschrijft de bekrompenheid van de streek en zijn visie op het leven in zijn boek The Wild Pear Tree, waarvoor hij een sponsor zoekt om het te kunnen uitgeven. Ondertussen botst hij met zijn vader, die als gevolg van gokken zijn aanzien heeft verloren.

Ook in zijn achtste speelfilm zadelt de bejubelde Turkse regisseur Nuri Bilge Ceylan zijn hoofdrolspeler op met een existentiële zoektocht naar de zin van het leven en de rol en verantwoordelijkheid van de mens. Net als in het geniale Winter Sleep draait de plot om familierelaties en meer om het gesproken woord dan om de gebeurtenissen in de overweldigende natuur. Ook The Wild Pear Tree (Ahlat Agaci) is zo traag als het dagelijkse leven in de contreien waar het verhaal zich afspeelt, maar trekt je daardoor wel in het lot.

The Wild Pear Tree

Prikkelend
Door de vele lange scènes met zijn gebruikelijke statische shots sneed Ceylan zijn werkstuk terug naar een speeltijd van ruim drie uur die nodig is om het karakter van Sinan (Dogu Demirkol) goed te kunnen uitdiepen en zijn relatie met zijn vader Idris (Murat Cemcir) betekenisvol te kunnen afronden. Sinans verplichte legerdienst in een besneeuwd gebied (ook een handelsmerk van de regisseur) aan het eind duurt slechts enkele minuten, terwijl het gesprek van Sinan met twee jonge imams, die hij betrapt op het stelen van appels, wel een paar minuten korter had gekund. Hun discussie over de betekenis van godsdienst en de Koran in deze tijd van technologie en vooruitgang is prikkelend, maar zoals altijd gaat Ceylan – die zich vaak laat inspireren door de Russische schrijvers Tsjechov en Dostojevski – qua statements zelden over het randje. Hoewel sommige Turken daar vast anders over denken.

In zijn jeugdige, rebelse overmoed en met een air dat hij de wijsheid in pacht heeft, zien we Sinan in een aantal confronterende ontmoetingen. Dat begint al direct met zijn terugkomst uit de universiteitsstad Çanakkale (waar regisseur Ceylan opgroeide) naar zijn geboortedorp Çan waar een winkelier Sinan op straat verwelkomt om hem vervolgens fijntjes te verzoeken of hij zijn vader kan bewegen zijn gokschulden af te lossen. Hierna volgt een stijlvol gefilmde ontmoeting vol ingehouden erotiek met Hatice, een vriendinnetje uit zijn jeugdjaren die op het veld werkt. Ook zij heeft dromen, maar voelt niet net als Sinan de urgentie om de in zijn ogen kleingeestige omgeving de rug toe te keren. Ze filosoferen verder en verschuilen zich achter een boom als Hatice haar hoofddoekje heeft afgedaan. Ze kussen elkaar, de wind steekt plots op en speelt met de bladeren en haar lange haren.

Respect
Thuis vervliegt Sinans laatste restje respect voor zijn vader, die zich in bochten wringt om zijn gokverslaving te verdoezelen, maar ondertussen zijn gezin wel regelmatig zonder elektriciteit laat zitten. Als er geld van Sinan is gestolen, gaan de gedachten direct uit naar vader, hoewel er ook enkele werklieden in de woning zijn gesignaleerd. Sinan zal zijn vader echter nooit direct beschuldigen, hoe goed Idris zijn zoon ook uitdaagt om zulks te doen. Sinan kan weliswaar openhartig met zijn moeder over zijn vader praten, maar zij verdedigt Idris, die volgens haar een goed hart en inderdaad ook gebreken heeft, maar hij slaat in ieder geval niet. Bovendien verslijt het halve dorp Idris voor gek omdat hij denkt dat hij door het graven van een diepe put nabij een wilde perenboom water kan vinden.

The Wild Pear Tree

Na een moeizaam gesprek met de burgemeester over financiering van zijn boek belandt Sinan bij een plaatselijke ondernemer. Ook deze past als hij merkt dat Sinan zich weigert te conformeren aan de sociale regels en gebruiken. “Educatie is prima. Maar dit is Turkije. Als je in dit land wilt overleven, moet je je aanpassen. De straat is anders dan de school. Wat je vandaag leert, is morgen waardeloos.” De ondernemer zal Sinans boek zeker niet sponsoren, want toeristen lezen liever positieve verhalen dan alleen maar kritiek op de regio.

Gave
Nuri Bilge Ceylan heeft de prettige gave om in dialogen alle partijen genoeg ruimte te geven en door verrassende nuances en subtiele humor zoveel mogelijk kanten van een kwestie te belichten. Dat geldt uiteindelijk ook voor het klassieke vader-zoondrama in The Wild Pear Tree als blijkt dat Sinan meer op Idris lijkt dan hij altijd heeft gewenst. Ook Ceylans jongste film is niet zo zwaarmoedig als zijn protagonist, hoewel die ten onder dreigt te gaan aan valse verwachtingen. Geen meesterwerk als Winter Sleep, maar een meanderende stroom van betekenisvolle woorden.

 

25 mei 2019

 

ALLE RECENSIES

Preview Amsterdam Spanish Film Festival 2019

Preview Amsterdam Spanish Film Festival 2019
Vrouwen in de schijnwerpers

door Cor Oliemeulen

Het drama Quién te cantará, dat gaat over een zangeres met geheugenverlies die een comeback wil maken, is dinsdag 28 mei de openingsfilm van het Amsterdam Spanish Film Festival (ASFF). In een aantal films staan vrouwen centraal. Wij lichten daaruit twee pakkende regiedebuten.

 

Carmen y Lola

Carmen y Lola – Liefde is sterker dan cultuur
Net als in de nieuwe film van Isabel Coixet – het wonderlijke biografische drama Elisa & Marcela over het eerste homohuwelijk in het Berlijn van 1901 – draait het plot in Carmen y Lola van debuterend speelfilmregisseur Arantxa Echevarria om een lesbische relatie. Plaats van handeling is een diepreligieuze Romagemeenschap in een buitenwijk van Madrid, niet bepaald een omgeving om af te wijken van de daar geldende waarden en normen. De 17-jarige Carmen (Rosy Rodríguez) is voorbestemd om te trouwen met Rafa, zelf heeft ze daar niets over te zeggen. Haar ouders zijn marktkooplieden die antiek en kitsch verkopen. Op een dag raakt Carmen in gesprek met de 16-jarige Lola (Zaira Romero), wiens ouders op dezelfde markt fruit aan de man brengen. Lola heeft andere ideeën over hoe haar toekomst in te richten: ze is artistiek, spuit graffiti op muren en wil naar de universiteit. Bovendien valt ze op meisjes. Bij de eerste toenadering wijst Carmen Lola resoluut af, maar gaandeweg ontstaan er wederzijdse gevoelens en de drang naar vrijheid.

De twee hoofdrolspeelsters van Carmen y Lola verschijnen weliswaar voor het eerst op het witte doek, maar spelen overtuigend genoeg om de nodige sympathie voor hun belabberde perspectief op te wekken. Ook Carmen probeert zich te onttrekken aan het idee om spoedig te trouwen, veel kinderen te baren en verder alleen maar te koken en te poetsen. Als ze spontaan een kapperszaak binnenloopt omdat ze heeft gelezen dat er een nieuwe medewerker wordt gezocht, is de eerste vraag of ze zigeuner is. Na de zoveelste frustratie breekt ze met Rafa en zoekt ze troost en warmte bij Lola.

Vooral door de onderhuidse gevoelens en de subtiele manier waarop de meisjes in beeld worden gebracht, kun je zien dat dit Spaanse opgroeidrama is gemaakt en geschreven door een vrouwelijke regisseur. Verwacht geen onbedwingbare uitspattingen als in La Vie d’Adèle, maar oprechte seksloze romantiek. Tussen de mooie plaatjes en de gepassioneerde dans en muziek is het wachten op de reactie van de directe omgeving als de verboden liefde aan het licht komt. Die mondt uit in een zeer hartverscheurende scène tussen Lola’s vader en moeder, waarna de dochter zelf als een mak schaap naar de godsdienstige slachtbank wordt geleid.

Carmen y Lola beleefde afgelopen week zijn wereldpremière in Cannes en is voor het eerst in Nederland te zien tijdens het ASFF waarna hij landelijk in de bioscoop gaat draaien.

 

Viaje al cuarto de una madre

Viaje al cuarto de una madre – Ingetogen drama over loslaten
Verstoken van melodramatische momenten is het ingetogen drama Viaje al cuarto de una madre van Celia Rico Clavellino, die eveneens voor het eerst een speelfilm schreef en regisseerde. Tijdens de economische crisis beproeven veel Spaanse jongeren hun geluk over de landsgrenzen. Zo ook Leonor (Anna Castillo) die samen met haar moeder Estrella (de Spaanse topactrice Lola Dueñas) woont in een kleine stad in Andalusië. Leonor is van school gegaan om geld te verdienen als strijkster in het atelier waar haar moeder heeft gewerkt. Thuis hangt een sfeer van rouw. Er wordt nooit over Leonors overleden vader gesproken, slechts zijn accordeon herinnert aan gelukkigere tijden. Hoewel moeder en dochter momenteel sterk op elkaar zijn aangewezen, besluit Leonor, aanvankelijk met tegenzin van Estrella, te gaan werken als au pair in Londen.

Waar de eerste helft van de film wordt beschouwd door de ogen van de dochter verschuift na haar vertrek het perspectief naar de moeder, een geslaagde keuze van de filmmaakster. Estrella appt en belt af en toe met Leonor en moet erg wennen aan het feit dat ze moederziel alleen is. Het summiere verhaal speelt zich bijna geheel af in de met gordijnen verduisterde woning. Als Estrella niet ongeïnteresseerd voor de tv hangt of op bed ligt, vindt ze afleiding in het naaien van kleren voor Leonor en een lokaal theatergezelschap. Andere doelen lijkt ze niet hebben; pijn, verdriet en gemis sijpelen door elke blik en handeling. Het fijnzinnige acteerwerk van Dueñas voelt erg authentiek en realistisch, de film wordt nergens te sentimenteel. Op die manier ontwikkelt Viaje al cuarto de una madre zich in een rustig tempo tot een kleine thematische film over loslaten: van het verleden, en van elkaar. Kleine meisjes worden groot en ouders moeten daaraan wennen, maar elkaar missen kunnen ze uiteindelijk nooit.

Deze moeder-dochterfilm won de jeugdprijs op het San Sebastian Festival en is, net als Carmen y Lola, geschikt en interessant voor iedereen, in het bijzonder opgroeiende dochters en worstelende opvoeders.

Het Amsterdam Spanish Film Festival (ASFF) 2019 heeft plaats van 28 mei tot en met 2 juni in Pathé Tuschinski, Pathé De Munt, Eye en Cinecenter. De reprise is van 4 tot en met 9 juni in LantarenVenster te Rotterdam.

 

20 mei 2019


MEER FILMFESTIVAL

Coureur

***
recensie Coureur

Alles nemen wat verboden is

door Cor Oliemeulen

Het drama Coureur over de jonge Vlaamse wielerbelofte Felix is nooit prettig om naar te kijken, maar biedt wel een aangrijpend relaas vanuit het perspectief van een hulpeloze dopingzondaar die zich vooral voor zijn vader wil bewijzen.

“De Amstel Gold Race van vandaag was veruit de beste wielerwedstrijd die ik ooit heb gezien. Absoluut ongelooflijk!”, twitterde Lance Armstrong nadat multitalent Mathieu van der Poel op sensationele wijze de enige Nederlandse wielerklassieker op zijn naam had geschreven. “Wat doe je hier, ga alsjeblieft weg”, sneerde iemand naar de Amerikaan die in zijn profiel nog vrolijk meldt dat hij zeven keer de Tour de France heeft gewonnen, ondanks het feit dat die titels hem al lang en breed zijn afgenomen. Met ruim drie miljoen volgers op Twitter geniet Armstrong nog steeds veel populariteit en aanzien, ondanks dat hij zijn grootste successen behaalde met structureel dopinggebruik, leugens en intimidatie.

Coureur

Onthutsend
In The Program (2015) toont regisseur Stephen Frears hoe Lance Armstrong bijna de hele wielerwereld in een ijzeren greep hield (inclusief het betalen van zwijggeld aan de internationale wielerunie) totdat een vasthoudende Ierse sportjournalist de ongekende dopingaffaire met overtuigend bewijs aan het licht bracht. De ongenaakbare Amerikaan werd al in 1999 bij zijn eerste Tourzege positief getest, een periode waarin bijna elke professionele wielrenner epo tot zich nam. Door het inspuiten van een hormoon dat extra rode bloedcellen produceert, zouden de spieren minder snel verzuren en zou het uithoudingsvermogen verbeteren.

Richt The Program zich op de ontmaskering van een beroemde frauderende wielrenner, het Belgische drama Coureur geeft een even onthutsend inkijkje in de wereld van een jonge, talentvolle wielrenner eind jaren negentig, echter eenzijdig vanuit het benauwende perspectief van de dopinggebruiker c.q. het dopingslachtoffer. Nationaal beloftekampioen Felix Vereecke (Niels Willaerts) sluit zich geheel tegen de zin van zijn dominante vader Mathieu (Koen De Graeve) aan bij een Italiaanse semiprofessionele wielerploeg en spuit, drinkt en slikt alles wat verboden is. Deels stiekem, deels onder toezicht van de ploegleider, die hem uiteraard laat vallen zodra zijn pupil wordt betrapt.

Vader-zoonconflict
De tragische geschiedenis is ontstaan door de ingewikkelde, maar klassieke verhouding tussen vader Mathieu en zoon Felix. De vader, die zich nog dagelijks thuis op de rollerbank in het zweet werkt, is mislukt als wielrenner en wil dat zijn zoon diens droom kan verwezenlijken. De zoon, die weinig aandacht en liefde van zijn vader heeft ontvangen, wil zich bewijzen, terwijl jaloezie en rivaliteit leidt tot ruzies en soms een knokpartij. Moeder Gerda (Karlijn Sileghem) kijkt liever de andere kant op, zelfs als zij ziet hoe haar man zijn bloed geeft aan hun zoon. Felix is bang dat hij daardoor kanker krijgt, voor Mathieu telt slechts de glorie.

Coureur

Coureur is geïnspireerd op de korte wielercarrière van Kenneth Mercken, die tijdig besloot dat hij zijn gezondheid niet langer op het spel wilde zetten en films wilde maken. Ook hij werd op jonge leeftijd nationaal kampioen en conflicteerde met een vader die wilde dat zijn zoon wel die geweldige racer wordt. Als ervaringsdeskundige wilde Merkcen laten zien hoe de wielrenner de wedstrijd ziet, voelt en beleeft. Uiteindelijk met het verstand op nul, bloed kotsend op het asfalt, maar altijd weer doorgaan omdat je bent wijsgemaakt dat je bent geboren om te winnen.

De verslaving aan zowel de sport als de doping, de naïviteit van de zoon en de rivaliteit met de vader in Coureur geven een aardig, subjectief beeld van de jonge belofte die wordt geleefd door zijn drijfveren en gemanipuleerd door zijn omgeving (de met een pistool zwaaiende Russische collega is eerder uitzondering dan regel). Naturalistisch, bij vlagen claustrofobisch gefilmd, waarmee de kijker vooral krijgt ingepeperd hoe je je eigen dromen moet volgen en in godsnaam moet afblijven van verboden middelen die je lichamelijk en geestelijk kunnen ruïneren. Twintig jaar na Armstrong, Vereecke en co lijken de dopingexcessen voorgoed uit de wielerwereld verbannen.

 

3 mei 2019

 

Lees hier het interview met regisseur Kenneth Mercken.

 

ALLE RECENSIES

Thunder Road

***
recensie Thunder Road

Dans voor overleden moeder

door Cor Oliemeulen

De politie kan in deze roerige tijden wel een beter imago gebruiken. Thunder Road schetst een tragikomisch portret van een agent die het allemaal heel goed bedoelt, maar wordt gehinderd door een naderende zenuwinzinking.

Jim Arnaud werkt zes jaar bij de politie in een klein Texaans stadje. Hij is gescheiden en dreigt de voogdij over zijn dochtertje te verliezen. Jim oogt erg nerveus, is soms onvoorspelbaar, praat veel en regelmatig over irrelevante zaken, en heeft sinds het recente overlijden van zijn moeder zijn emoties niet meer onder controle. Mensen die hem niet beter kennen, zouden hem compleet gestoord kunnen noemen en hem liever in een dwangbuis zien dan in een politie-uniform. Maar wij als filmkijkers leren Jim wel wat beter kennen. Hij heeft ontegenzeggelijk zijn hart op de goede plaats, maar dat hart een tikkeltje minder luchten, zou prettig zijn.

Thunder Road

Groot talent
Jim Cummings, die de hoofdrol speelt en de film regisseerde, blijkt in die beide hoedanigheden een groot talent. Als acteur creëert hij met gemak binnen tien seconden een heel arsenaal aan uiteenlopende emoties, terwijl hij als regisseur en producer zijn hele ziel en zaligheid in zijn speelfilmdebuut Thunder Road heeft gelegd. Met crowdfunding haalde hij een paar ton op, huurde vooral mensen uit zijn eigen omgeving in en distribueerde zijn film zelf naar een dertigtal Amerikaanse bioscopen. Gelukkig heeft de film nu ook de Nederlandse bioscoop bereikt.

Vanwege het gebrek aan voldoende financiële middelen maakte Cummings eerder zo’n tien korte films waarmee hij veel kon leren over narratief en techniek. Bijna alles nam hij op in één lang shot, waardoor situaties indringend worden omdat je als kijker maar één perspectief van een bepaalde, vaak absurde, gebeurtenis hebt. Dat experimenteren leidde in 2016 tot de briljante kortfilm Thunder Road (kijken!) die werd overstelpt met vele awards, zoals de juryprijs van het Sundance Film Festival. De monoloog van een man die wordt verteerd door herinneringen en verdriet tijdens zijn toespraak bij de kist van zijn overleden moeder is een klein meesterwerk van schrijven, regisseren en acteren. Het succes van de korte film smaakte naar meer en leverde Cummings’ eerste speelfilm met dezelfde titel op.

Heerlijk ongemakkelijk
Thunder Road, de prachtige openingstrack van het legendarische Bruce Springsteen-album Born to Run (1975), is het slaapliedje dat Jim Arnauds moeder vroeger altijd voor hem zong. “Iedereen rouwt op zijn eigen manier”, zegt de uitvaartleidster wanneer Jim met een roze cd-spelertje naar voren komt om iets over zijn lieve moeder te vertellen en al een idee heeft wat de komende tien minuten staat te gebeuren. Jims moeder runde een balletschool en was een vrije geest. Net zoals Springsteen zingt over gewone zielen in het andere Amerika en hen aanmoedigt om hun lusteloze levens te veranderen, kon ook zij zomaar in een auto stappen en vertrekken.

Thunder Road

Jim spreekt mooie woorden, stamelt, stottert, snottert. Zo intens aangrijpend dat de kijker voortdurend laveert tussen medelijden en verwondering. Buiten beeld wordt Jim op de moeilijkste momenten rustgevend toegesproken, getroost en aangemoedigd om zijn hart te volgen en zijn emoties de vrije loop te laten. Dan start de cd en horen we de piano en de mondharmonica. Bruce begint te zingen. En Jim zingt – door een zee van tranen en gebroken keelklanken – vol overgave met hem mee. Alsof dat nog niet confronterend genoeg is, doet Jim ook nog een maf dansje. Zelden zag je een dodelijkere combinatie van ontroering en ongerief op het scherm. Hoe jammer is het dan dat Jim in de speelfilm niet meezingt en hier ook de muziek niet is te horen (ditmaal werkt de cd-speler niet), maar gelukkig is zijn dansje wel gebleven.

Alle goede bedoelingen, originele invalshoeken en spitsvondigheden ten spijt schuilt in het uitbreiden van een korte film tot een lange film het gevaar van minder sterke fragmenten. We leren onze welwillende politieagent Jim Arnaud weliswaar een stuk beter kennen en hebben begrip voor zijn moeilijke levensfase, maar kunnen hem door enkele flauwigheden (Jim heeft ‘s nachts zijn koelkast gesloopt omdat hij dacht dat het een inbreker was) en ongepastheden (Jim slaat een zojuist overleden vrouw in het gezicht) moeilijk onze onvoorwaardelijk sympathie schenken. Echter vertolker Jim Cummings is zo oorspronkelijk, talentvol en heerlijk ongemakkelijk dat we reikhalzend uitzien naar zijn tweede speelfilm.

 

26 maart 2019

 

ALLE RECENSIES

Movies that Matter Festival 2019 deel 1

Movies that Matter Festival 2019 deel 1:
Mens én dier in lastig parket

door Cor Oliemeulen

Het Movies that Matter Festival in Den Haag opent de ogen voor mensenrechten en zet film in voor het stimuleren van een dialoog over rechtvaardigheid in een duurzame wereld. We trappen ons vierdelige verslag af met de ombudsvrouw van Zuid-Afrika, een tienermeisje dat opgroeit tijdens de revolutie van de jaren zeventig en een weggelopen hondje dat de grens niet mag oversteken.

 

Whispering Truth to Power

Whispering Truth to Power – ombudsvrouw in Zuid-Afrika
Wie dacht dat er na de officiële afschaffing van de Apartheid en de invloed van Nelson Mandela als eerste zwarte president veel is veranderd in de rassenongelijkheid in Zuid-Afrika komt bedrogen uit als hij Whispering Truth to Power heeft gezien. De documentaire volgt het laatste jaar van nationaal ombudsvrouw Thuli Madonsela, die met volle inzet de belangen van de gewone, onmondige zwarte burger verdedigt tegen mismanagement en corruptie van de overheid.

We zien Madonsela’s strijd tegen president Jacob Zuma, die zij nog steunde toen hij in 2009 namens het African National Congres (ANC) aan de macht kwam, maar hem kritisch gaat bejegenen nadat zij narigheid heeft geroken. Dit cumuleert in een aanklacht tegen Zuma in 2012 als blijkt dat hij een slordige twintig miljoen euro gemeenschapsgeld voor diens privéwoning heeft gebruikt. Vanaf dat moment beweegt de ombudsvrouw zich in een politiek mijnenveld en is haar een soortgelijk lot beschoren als Winnie Mandela: verguisd door een deel van haar achterban (omdat zij te weinig voor elkaar zou hebben gebokst) en het ANC, terwijl ze in sommige media wordt neergezet als opruier en CIA-spion. Vanwege verdenking van meerdere corruptiepraktijken en de toenemende protesten tegen zijn economische wanbeleid zou Zuma uiteindelijk in 2017 eieren voor zijn geld kiezen.

Hoewel het kundige en kalme optreden van Thuli Madonsela duidelijk in het oog springt, zien we hoe haar studerende dochter een stuk minder relaxt in het leven staat. In het ‘beloofde’ land waar de hele economie nog steeds wordt gedomineerd door blanken en waar soms op rigoureuze wijze land van grootgrondbezitters is en wordt afgepakt, mag de fysieke kloof tussen zwart en wit zijn gedicht – de beelden van onderlinge haat en onbegrip van de toekomstige generatie op het universiteitsterrein spreken vooral boekdelen van frustratie.

Whispering Truth to Power is nog te zien in Filmhuis Den Haag, maandag 25 maart 21.45 uur en vrijdag 30 maart 19.45 uur.

 

Unremember

Unremember – opgroeien in een tijd van revolutie
In een appartement in Parijs verscheurt het veertienjarige meisje Joana haar paspoort en spoelt het door de wc. Haar Braziliaanse moeder en Chileense stiefvader willen emigreren naar Rio en zij wil beslist geen afscheid van haar vriendinnen nemen. Het is 1979 als zij met haar twee stiefbroertjes de oceaan oversteekt en langzaam de motieven van haar ouders ontdekt.

Net als op het halve continent gloeit de revolutie en vooral Joana’s stiefvader blijkt bereid – geïnspireerd door de Sandinisten in Nicaragua en de marxistische rebellen in El Salvador – ook elders in het ondergronds verzet te gaan, bijvoorbeeld in het Chili van dictator Pinochet. Terwijl het tienermeisje op het strand verliefd wordt op een gitaar spelende jongen met wie ze jointjes rookt en tegelijkertijd een band opbouwt met haar Pink Floyd minnende oma, leert Joana ook langzaam het hoe en waarom van de verdwijning van haar biologische vader tijdens de militaire dictatuur in Brazilië toen zij nog klein was. De flarden van dromerige flashbacks en de groeiende twijfels of Joana misschien onbewust schuldig is aan het lot van haar vader maken van Unremember een gedegen en sympathiek opgroeidrama in een tijd van revolutie.

Het debuut van filmmaakster Flávia Castro, die eerder een documentaire over haar vermiste vader maakte, is gebaseerd op haar eigen jeugdherinneringen en laat zien dat er naast politieke strijd ook in de thuissituatie nog genoeg overwinningen zijn te behalen.

Unremember is nog te zien in het Filmhuis Den Haag dinsdag 26 maart 16.30 uur, donderdag 28 maart 16.45 uur en vrijdag 29 maart 12.00 uur.

 

Smuggling Hendrix

Smuggling Hendrix – verboden voor honden
Dat politieke conflicten ook tot vrolijkheid kunnen stemmen, bewijst Smuggling Hendrix, een publieksfavoriet op tal van filmfestivals. Inderdaad, de titel verwijst naar de gitaarheld met de naam Jimi, het leuke hondje van muzikant Yannis die woont in het Griekse deel van Cyprus. Na de breuk met zijn vriendin Kika verkoopt hij zijn motor en is van plan om binnen drie dagen naar Nederland te verhuizen. Maar het loopt anders. In een onbewaakt ogenblik glipt Jimi weg, over de grens, naar het Turkse deel van Noord-Cyprus. Gelukkig vindt Yannis zijn viervoeter, maar die mag van de autoriteiten niet terug omdat het vervoeren van dieren over de grens niet is vastgelegd in de Europese regels c.q. het bezette deel van het eiland niet als bestaand land wordt beschouwd.

Deze Cypriotische komedie van Marios Piperides legt met een ogenschijnlijk simpel gegeven de zere vinger op de absurde situatie in een republiek die geografisch gezien tot Azië behoort en cultureel en politiek (sinds 2004 lid van de EU) tot Europa wordt gerekend. Yannis moet opmerkelijk genoeg hulp vragen aan een Turkse man die woont in zijn ouderlijke huis dat zijn familie moest verlaten na de bezetting van Turkije in 1974. Dat is niet zijn schuld, zegt de Turk, want hij is nu eenmaal op die plek geboren.

Terwijl ze samen hun heil zoeken bij een louche Turkse crimineel – de scène in de sauna is een heerlijke parodie op maffiafilms – om Jimi over de grens te smokkelen, wordt Yannis belaagd door zijn bazige huisbazin en twee onsympathieke Grieken die allemaal nog geld van hem tegoed hebben. Het avontuur krijgt een extra dimensie nadat Yannis ook aan de verleidelijke Kika, die Jimi erg heeft gemist, hulp moet vragen.

Smuggling Hendrix is nog te zien in Theater aan het Spui donderdag 28 maart 20.15 uur, vrijdag 29 maart 21.15 uur en zaterdag 30 maart 12.00 uur.

 

24 maart 2019

 

Deel 2
Deel 3
Deel 4

MEER FILMFESTIVAL

Private War, A

**
recensie A Private War

Vrouw verslaafd aan oorlogsleed

door Cor Oliemeulen

Wat beweegt iemand haar leven te riskeren door in oorlogsgebieden menselijk leed te verslaan? In A Private War kunnen we het antwoord niet goed ontdekken, maar zien we wel een authentieke held.

Een liefdesbrief aan de journalistiek en een hommage aan een van de meest gevierde oorlogscorrespondenten van deze tijd, Marie Colvin (Rosamund Pike), die keer op keer haar leven op het spel zette om de harde waarheid te publiceren. Dat was de insteek van de Amerikaanse documentairemaker Matthew Heineman toen hij met A Private War zijn eerste speelfilm ging maken. Focus op betrouwbare nieuwsgaring is volgens hem noodzakelijk in deze tijd waarin feiten en nepnieuws als bijna vanzelfsprekend inwisselbaar zijn ter ere van politieke propaganda en persoonlijk gewin.

A Private War

Onverwoestbaar
Het biografische oorlogsdrama, dat in episodische gebeurtenissen toewerkt naar die fatale dag in 2012 in de totaal verwoeste en ontredderde stad Homs, zou je enigszins bevooroordeeld kunnen noemen. De Syrische president Bashar al-Sadat bombardeert niet alleen tegenstanders van zijn regime maar ook onschuldige vrouwen en kinderen, terwijl dubieuze handelingen van de geallieerden geheel buiten schot blijven. Heinemans keuze heeft echter weinig te maken met politieke propaganda, hij vertelt slechts het verhaal van de moedige, onverwoestbare, oorlogsverslaafde Colvin, die op haar beurt lijdende burgers een stem en een gezicht gaf. Die keuze is zowel het sterke als het zwakke aspect van A Private War.

Zuipend, kettingrokend en vloekend, ging de in Amerika geboren Britse oorlogscorrespondente van The Sunday Times soms ten onder aan haar eigen demonen. Altijd emotioneel betrokken, maar zonder vrees; althans minder bang dan de oorlogsslachtoffers, zoals ze zelf zei. Of het nu was tijdens schermutselingen tussen het Sri Lankaanse leger en de Tamil Tijgers waarbij ze door een granaatinslag het zicht van haar linkeroog verloor, bij de opgraving van een massagraf bij de Iraakse grens, een bomexplosie in Afghanistan of haar interview met een van de eerste politieke slachtoffers van de Arabische Lente, de Libische premier Moammar Gaddafi die door Marie Colvin uiterst confronterend in een interview wordt aangepakt en niet lang daarna naakt en bebloed op de grond ligt terwijl opstandelingen lachend selfies naast de doodgemartelde dictator maken.

Trauma’s
We zien ook Colvin worstelen met trauma’s, maar steeds moet ze van zichzelf (en soms van de krant) weer naar de frontlinie om schrijnende verhalen van onzichtbaar gebleven slachtoffers te vertellen. Niets van embedded journalism voor haar; als een peloton reporters in 2003 door het Amerikaanse leger wordt geïnstrueerd om tijdens de invasie van Irak in het kielzog van de militaire troepen te opereren, regelt de eigenzinnige Colvin op de achtergrond een freelance fotograaf die jarenlang zal fungeren als haar ‘tweede’ oog op het oorlogsleed en als tolk in de meest precaire omstandigheden.

Qua drama is A Private War geen slechte Hollywoodfilm, met weliswaar een voorspelbaar verloop en verstoken van noemenswaardige verrassingen. Rosemund Pike speelt een van haar meest geloofwaardige rollen, hoewel we haar eigen intense pijn nog meer hadden mogen voelen. Dan rest een weinig gecompliceerde geschiedenis van een vrouw die was verslaafd aan oorlogsleed en zich kennelijk verantwoordelijk voelde om de mensheid daarmee te confronteren. Een ware held(in) met het nobele doel de wereld beter te maken. Iemand die kon vermoeden dat ze in het harnas zou sterven.

Daarmee houdt de film op en mag de held terecht worden geëerd. Behalve als je meer over Colvins werkelijke drijfveren en persoonlijke achtergrond had willen weten. Samen met de eenzijdige blik op een cruciaal stukje wereldgeschiedenis blijft Heinemans speelfilmdebuut aan de fragmentarische en vlakke kant dat onvermijdelijk inspeelt op sentiment en onbehagen. Als iemand na afloop van de film geïnspireerd is om zich aan te melden als oorlogscorrespondent is dat natuurlijk mooi meegenomen.

 

22 maart 2019

 

ALLE RECENSIES

Preview Movies that Matter Festival 2019

Preview Movies that Matter Festival 2019
Volop films die verschil maken

door Cor Oliemeulen

Goldie opent vrijdag 22 maart het Movies that Matter Festival in Den Haag. Negen dagen lang films (25) en documentaires (36) over zaken die er toe doen, zoals mensenrechten, milieu, minderheden alsook politieke en juridische kwesties. Verder virtual reality, vraaggesprekken en festivalfavorieten. InDeBioscoop doet verslag.

De Nederlandse regisseur Sam de Jong zette zich in 2015 op de kaart met zijn verrassende debuutfilm Prins. Opvolger Goldie is het verhaal van een zwarte New Yorkse tiener die beroemd wil worden, maar schetst tegelijkertijd een beeld van de rauwe werkelijkheid van kinderen in Amerikaanse achterstandswijken. Goed acteerwerk van hoofdrolspeelster Slick Woods, schreven wij na de wereldpremière op de Berlinale 2019, maar ook een film die wat in de goede bedoelingen blijft hangen.

Goldie

Publiekstrekkers
Zoals ieder jaar programmeert Movies that Matter publiekstrekkers die al een Nederlandse première hebben gehad en nog in een aantal bioscopen draaien. Zo zie je in The Children Act een vrouwelijke rechter worstelen met een tiener die een bloedtransfusie weigert op religieuze gronden.

Het is ook goed te zien dat drie absolute topfilms van het afgelopen jaar tijdens het festival worden vertoond. In het activistische misdaaddrama BlacKkKlansman van Spike Lee infiltreert een (zwarte!) politieagent begin jaren zeventig in de Ku Klux Klan. Bij het kijken van The Florida Project begrijp je al snel waarom sommige kinderen gedoemd zijn kansloos op te groeien, terwijl in het wonderschone zwart-witdrama Cold War van de Poolse cineast Pawel Pawlikowski een onmogelijke liefde is gedoemd te mislukken.

Veelbelovende films
We zetten enkele veelbelovende films en documentaires op een rijtje, te beginnen met het visuele meesterwerk Aquarela van Victor Kossakovsky dat al tijdens het afgelopen IDFA hoge ogen gooide. Niet alles hoeft te draaien om Trump en Poetin, zei de Russische filmmaker in Amsterdam na afloop, want dit is simpelweg cinema met een ode aan het water die aantoont dat de mens niet boven de natuur staat.

Antropocene: The Human Epoch laat nog evidenter zien hoe de mens zich soms desastreus verhoudt tot de natuur. Actrice Alicia Vikander loodst ons in twintig landen op zes continenten door prachtige natuur. Van de ivoorhandel in Kenia tot de marmermijnen in Italië, en van een gigantische betonnen zeedijk in China tot het grote barrièrerif in Australië. Ecosystemen blijken aangetast en diersoorten sterven uit. Wat Trump en Poetin er ook van mogen vinden…

Cold Case Hammarskjöld zal het nodige opzien baren tijdens een speurtocht naar de doodsoorzaak van de gelijknamige secretaris-generaal van de VN die in 1961 met een vliegtuig neerstortte. Terwijl de Deense regisseur Mads Brügger en de Zweedse privédetective Göran Bjorkdahl samen het mysterie proberen te ontrafelen, raken ze op een spoor dat nog misdadiger is dan de moord op Hammarskjöld. Soms zijn documentaires spannender dan films.

Cold Case Hammarskjöld

Camera Justitia-competitie
Laatstgenoemde documentaire is een van de acht deelnemers aan de traditionele Camera Justitia-competitie van het Movies that Matter Festival. Zo behoort de eveneens onthullende klokkenluidersdocumentaire Crime + Punishment bij voorbaat tot een van de favorieten. We volgen hierin twaalf politieagenten van de New York Police Department die in 2010 hun krachten bundelden en hun bazen aanklaagden wegens corruptie, onrechtmatige arrestaties en etnisch profileren.

Naast vier documentaires draaien er in deze competitie vier speelfilms. Vooral in het oog springend is de psychologische thriller Screwdriver over de Palestijn Ziad die na vijftien jaar Israëlische gevangenis terugkeert naar Palestina en tegen zijn zin als held wordt ontvangen omdat hij destijds werd veroordeeld voor de moord op een Israëlische kolonist, terwijl de Cypriotische komedie Smuggling Hendrix, die gaat over een hondje dat wegloopt over de Grieks/Turkse grens en volgens de wet niet mag terugkeren, voor de broodnodige vrolijke noot zal zorgen.

Het Movies that Matter Festival zal worden gehouden van vrijdag 22 maart tot en met zaterdag 30 maart 2019 in Filmhuis Den Haag en het naastgelegen Theater aan het Spui. Houd onze website in de gaten voor onze festivalverslagen!

 

18 maart 2019


MEER FILMFESTIVAL

Front Runner, The

***
recensie The Front Runner

Politicus gaat vreemd

door Cor Oliemeulen

Stop de persen! De senator gaat vreemd! Met de buitenechtelijke escapades van de Amerikaanse presidentskandidaat Gary Hart eind jaren tachtig veranderde de rol van de media voorgoed.

De Canadese regisseur Jason Reitman (Juno, Tully) baseerde zijn biografische drama The Front Runner op het boek All the Truth Is Out: The Week Politics Went Tabloid (2014) van de Amerikaanse schrijver Matt Bai. Laatstgenoemde produceerde het filmscenario samen met Jason Reitman en Hillary Clintons voormalige perschef Jay Carson, die eerder meeschreef aan de politieke serie House of Cards.

The Front Runner

Privé
De onthullingen over Gary Harts scheve schaats komen nadat de rijzende politicus terloops tegen een journalist van The Washington Post zegt dat hij niets te verbergen heeft. Medewerkers van de minder serieuze Miami Herald willen dat maar al te graag checken en posten net zo lang bij Harts onderkomen totdat ze hem kunnen fotograferen met een jonge vrouw aan zijn zijde. Terwijl het campagneteam de bui al ziet hangen en strategisch de bakens wil verzetten, weigert Hart categorisch om op zijn privéleven in te gaan. Dat maakt zijn rol zowel in de verkiezingsstrijd als in de film ondergeschikt.

Hoewel Hugh Jackman geloofwaardig is als de goed uitziende, relatief jonge en soms koppige democratische senator met presidentiële ambities verbleken zijn acteerprestaties naast die van Vera Farmiga (eerder te zien in Reitmans Up in the Air) als Harts echtgenote, J.K. Simmons (Juno en Up in the Air) als zijn campagnemanager en Sara Paxton als zijn love interest die een en al eighties uitstraalt. Het titelpersonage blijft letterlijk en figuurlijk op afstand. Er is weinig ruimte voor zijn politieke ideeën en buiten zijn charismatische voorkomen blijft het gissen waarom hij jongeren zo aansprak. Gary Hart blijft ongrijpbaar, maar wordt in alle omstandigheden sympathiek opgevoerd, ook als ontrouwe echtgenoot.

Journalistiek
The Front Runner
is dan ook geen karakterstudie – Jackman is op zijn best en vertrouwdst tijdens een potje bijlwerpen op een campagnebijeenkomst – maar vooral een verhaal over de tendentieuze rol van media die buitenechtelijke affaires interessanter vinden dan politieke visies. Juist vanaf eind jaren tachtig, de periode waarin de film zich afspeelt, hebben media de neiging om de behoefte van het publiek te volgen. En hoe meer je aan die sensatiezucht tegemoet komt, hoe meer geld je ermee kunt verdienen. Begonnen in Amerika, inmiddels als epidemie over de hele wereld uitgewaaierd.

The Front Runner

Terwijl het script weinig ruimte laat voor enige karakterontwikkeling van de hoofdpersoon krijgt de verschuiving van serieuze berichtgeving naar riooljournalistiek wel de nodige dynamiek en diepgang. De roep om meer en sappiger nieuws over de mens achter de functie past bij de maatschappelijke ontwikkelingen en Gary Hart, die in 1988 streed om koploper van de Democraten te worden, was een van de eerste slachtoffers. Terecht of onterecht? Die conclusie laat Jason Reitman de kijker zelf trekken.

Infotainment
Reitmans docudrama toont hoe hard nieuws plaatsmaakt voor zacht nieuws en hoe journalistieke integriteit ondergeschikt wordt aan infotainment. Zien we in The Post hoe Tom Hanks als Ben Bradlee, hoofdredacteur van The Washington Post, in 1972 nog uiterst zorgvuldig afweegt hoe en wanneer zijn toen nog onbeduidende krant het Watergate-schandaal zal publiceren, in The Front Runner gaat diezelfde hoofdredacteur (Alfred Molina) wel over een nacht ijs: geruchten en suggestieve foto’s vormen voldoende motivatie om te berichten over (vermeende) buitenechtelijke escapades van een veelbelovende politicus. Je zou de boot maar missen!

Publiciteit moet gaan over politiek en niet over de persoon achter de politicus, luidt het motto van Gary Hart. Jason Reitman draagt met The Front Runner dezelfde boodschap uit. Hoezeer zijn regie als vanouds vakkundig is en hij de tijdsgeest uitstekend neerzet, voelt Reitmans film overbodig en is hij niet bijster interessant voor kijkers onder de vijftig. Het wachten is op een smeuïge reconstructie van hoe een Democraat het in de jaren negentig wél tot president zou schoppen, Bill Clinton. Een film met als titel The Intern, Her President & His Cigar zal eerder volle zalen trekken.

 

2 maart 2019

 

ALLE RECENSIES

Mid90s

**
recensie Mid90s

Onschuldige skaters in LA

door Cor Oliemeulen

Dat kids ook in de jaren negentig hadden te maken met opgroeiperikelen en graag bij een groep hoorden, wilde acteur Jonah Hill graag laten zien in zijn regiedebuut.

In een aantal episoden volgen we vijf tieners in Los Angeles die hun zomerdagen slijten met skateboarden, rondhangen en stoere taal. Het magere plot draait om de hiërarchie in de groep met als middelpunt de dertienjarige Stevie (Sunny Suljic), die door leergierigheid en lef langzaam zijn plekje en enig aanzien verkrijgt. Stevie’s oudere broer Ian (Lucas Hedges) slaat hem regelmatig, vooral omdat het hemzelf niet lukt in een groepje te belanden, terwijl zijn alleenstaande moeder Dabney (Katherine Waterston) lange tijd niet weet met wie haar zoontje optrekt en wat hij allemaal uitvreet. Steeds als Stevie thuiskomt, spuit hij luchtverfrisser op zijn kleren en spoelt hij zijn mond met zeep om de rooklucht te camoufleren.

Mid90’s

Authentieke look-and-feel
Het lijkt soms alsof je een documentaire zit te kijken. Dat komt omdat Mid90s is geschoten op Super 16mm met een ouderwetse beeldratio van 4:3, er heel natuurlijk wordt geacteerd en de aankleding en het taalgebruik authentiek overkomen, zonder te overdrijven. In de huidige MeToo-periode is het even wennen aan tijden waarin racistische en homofobe opmerkingen veel meer tot een stoer gesprek behoorden. Maar die waren veel onschuldiger dan het lijkt, zeker uit de mond van puisterige tieners die hun eigen identiteit zoeken en een veilig plekje in een groep proberen te bemachtigen.

Volgens Jonah Hill (vooral bekend van een reeks Judd Apatow-komedies en als de mollige jongen die in The Wolf of Wall Street tijdens een stout feestje opgewonden zijn lul uit zijn broek laat hangen) is zijn zelfgeschreven regiedebuut niet autobiografisch. Hij groeide weliswaar op in het Los Angeles van de jaren negentig, echter lag zelf meer naast het skateboard dan dat hij erop stond. Maar ook hij herinnert zich zijn gevoelens over hoe te overleven in een groep: de onzekerheid om je als jonkie te bewijzen en de machtspositie van het oudere groepslid dat de groentjes met plezier laat worstelen. Dat idee komt in Mid90s aardig uit de verf.

Mid90’s

Onderhoudend maar oppervlakkig
De film is met zijn 85 minuten aan de korte kant, maar precies lang genoeg om onderhoudend te blijven. Het louter registreren van Stevie’s opgroeibelevenissen en zijn snelle ontwikkeling ten opzichte van zowel de skategroep als van zijn broer en moeder, is te weinig om Mid90s op te hemelen. De karakters, hoe goed gekozen dan ook, blijven oppervlakkig en het verhaal houdt in feite op waar betere films met dezelfde thematiek beginnen. Hill liet de jonge acteurs verplicht kijken naar de groepsdynamiek in This Is England (2006), waarin een jochie aansluiting zoekt bij een groep skinheads, maar zijn eigen film blijft in alle opzichten inferieur daaraan en verstoken van een enkele overrompeling. Misschien komt dat omdat de meeste skaters lief en onbedorven zijn.

Wat is dat toch dat acteurs en actrices zo graag zelf een film willen maken? Natuurlijk zijn er aardige recente voorbeelden: Greta Gerwig met Lady Bird, John Krasinski met A Quiet Place en Bradley Cooper met A Star Is Born, maar je ziet ook minder geslaagde pogingen, zoals Brie Larson met Unicorn Store en Ryan Gosling met Lost River. Het imiteren van regisseurs onder wie je acteerde ligt al snel op de loer. Het siert Jonah Hill dat hij zich met zijn eerste regiefilm niet heeft laten verleiden om een voorspelbare komedie te maken. Maar we zijn benieuwd of we hem in de toekomst mogen betrappen op een origineel wereldbeeld of een pakkende visie.

 

15 februari 2019

 

ALLE RECENSIES

Festival Favorites #3

The Man Who Surprised Everyone (Rusland) + Sorry to Bother You (VS)
Festival Favorites #3

door Cor Oliemeulen

In Festival Favorites een pleidooi voor twee filmfestivalfilms die een breder publiek verdienen. Ditmaal een tragisch verhaal over een Siberische man met terminale kanker die de identiteit van een vrouw aanneemt en een originele mix van maatschappijkritiek, sciencefiction en kolder in de wereld van de Amerikaanse telemarketing.

 

The Man Who Surprised Everyone

The Man Who Surprised Everyone (IFFR Rotterdam – 23 jan-3 feb)
Yegor (Evgeniy Tsyganov) is de weinig spraakzame opzichter van een natuurgebied in de Siberische taiga. Op een dag raakt hij in gevecht met twee stropers die het leven laten, maar Yegor wordt niet vervolgd vanwege zelfverdediging. Een arts in een naburig ziekenhuis komt wel met slecht nieuws: Yegor heeft kanker en nog hooguit twee maanden te leven. Niemand hoeft het te weten, ook niet zijn zwangere vrouw Natalia (Natalya Kudryashova), hun zoontje Fedor en zijn inwonende schoonvader.

Man wordt vrouw
Maar als er pijnstillers worden gevonden, moet Yegor zijn familie inlichten. Nadat ook een dure dokter in de stad hem niet kan helpen, verschijnt Fedor hevig snikkend bij zijn vader, die zegt dat zijn zoontje niet moet huilen omdat hij een man is. Yegor bezoekt ook nog een sjamaan, die hem een legende vertelt. Iemand wist De Dood te foppen door zijn identiteit te veranderen.

Hier begint het onalledaagse conflict van The Man Who Surprised Everyone. Yegor gaat naar een damesmodezaak, trekt zich terug in het schuurtje achter het huis, maakt zich op en doet een jurk, panty’s en hakjes aan. Als Natalia hem een keer onbedoeld ziet als vrouw, is ze furieus omdat hij weigert iets te zeggen. Ze kan zijn schokkende metamorfose allerminst waarderen. Zoontje Fedor is vooral verdrietig en durft niet meer naar school. Het drama wordt steeds ongemakkelijker vanaf het moment dat gealarmeerde dorpsbewoners verhaal komen halen en Yegor later op gruwelijke wijze wordt aangevallen.

Onbegrip en onmacht
Mogelijk verkeert Yegor door zijn lichamelijke ziekteverschijnselen in een totaal andere gemoedstoestand, of durft hij nu eindelijk zijn heimelijke verlangen te botvieren. Maar juist omdat alleen Yegor werkelijk weet waarom hij doet zoals hij doet, is de opstelling van de meeste dorpsbewoners extra pijnlijk. Die overstijgt met gemak de homofobe Russische inborst. Men voelt zich geprovoceerd wanneer Yegor boodschappen doet en zomaar aanschuift op een feestje. Afkeurende blikken of een stomp in het gezicht is het minste om je ongemak te uiten. Welke idiote vent gaat zich ineens als vrouw gedragen? En hoe zielig en beschamend is dat voor zijn vrouw en zoontje!

In de sfeervolle cinematografie van Mart Taniel (November), met camerawerk dat soms doet denken aan Andrei Tarkovsky, brengt het regisseursduo Aleksey Chupov/Natalya Merkulova in het kielzog van de hausse van lgbt-films met The Man Who Surprised Everyone een oorspronkelijk verhaal over onbegrip en onmacht. In dit godvergeten boerendorp is geen plaats voor mensen die zich om wat voor reden dan ook afwijkend van de norm gedragen. Soms zijn mensen in een gemeenschap zo achterlijk en verstookt van inlevingsvermogen dat je hun reacties nauwelijks kwalijk kunt nemen. Het is slechts een schrale troost dat Natalia haar doodzieke man na alle tragiek accepteert zoals hij is geworden. Voor zolang het ook mag duren.

The Man Who Surprised Everyone was beste film van o.a. het Honfleur Festival of Russian Cinema en van het Pingyao International Film Festival. Evgeniy Tsyganov was beste acteur van het Russian Guild of Film Critics. Natalya Kudryashova was beste actrice in de Horizon-competitie van het Filmfestival van Venetië en het Russian Guild of Film Critics.

 

Sorry to Bother You

Sorry to Bother You (Sundance Film Festival, VS – 24 jan-3 feb)
Slechts weinigen buiten Amerika kennen Boots Riley. De 47-jarige rapper, tevens politiek activist, maakte met zijn hiphopgroep The Coup een aantal albums met spraakmakende titels als Kill My Landlord, Genocide & Juice, Pick a Bigger Weapon en Sorry to Bother You, dat tevens de titel van zijn filmdebuut is. Wie denkt dat alleen Spike Lee (BlacKkKlansman) racisme ondubbelzinnig aan de kaak stelt, moet snel de absurdistische satire van Boots Riley gaan zien.

Witte stem
Cash Green (Lakeits Stanfield) meldt zich met een fake-diploma en verzonnen cv bij een telemarketingbedrijf. Ondanks dat de baas er niet intrapt, mag hij zich bewijzen. Producten via de telefoon verkopen, blijkt een vak apart. Een collega (Danny Glover) geeft hem een hint: gebruik je ‘white voice’, want als mensen horen dat je blank bent, heb je meer succes. Cash heeft een prachtige witte stem (in de film gedubd) die totaal niet matcht met zijn voorkomen. Het werkt! Hij verkoopt als een tierelier en promoveert naar de eliteafdeling bovenin het gebouw. Terwijl Cash in no-time baadt in weelde, sluit hij zich af van zijn ex-collega’s die een vakbond hebben opgericht omdat ze zwaar worden onderbetaald.

Ondertussen voelt ook zijn feministische liefje Detroit (Tess Thompson) zich door Cash verraden. Aangezien haar hilarische uitingen van conceptuele kunst geen brood op de plank brengen, is ook zij bij het telemarketingbedrijf gaan werken. Zij verloochent haar afkomst niet en sluit zich aan bij de stakers. Het duurt lang voordat de ogen van Cash worden geopend. Als het grootste verkooptalent wordt hij uitgenodigd bij Steve Lift (Armie Hammer, Oliver in Call Me by Your Name) de megalomane baas van WorryFree. Dit bedrijf laat werknemers een levenslang contract tekenen; in plaats van salaris krijgen ze woonruimte en eten.

‘Supermensen’
De ontmoeting tussen Cash en Steve leidt tot een waanzinnige ontknoping waarin we kennismaken met de creatie van ‘supermensen’, maar net als het gros van de telemarketeers zijn ook deze wezens diep ongelukkig. Het eerste – in alle opzichten uit de kluiten gewassen exemplaar – dat we ‘zien’ is Forest Whitaker, die de film mede produceerde. Samen met wat potige leden van een footballteam sluiten zij zich aan bij het verzet en trotseren zij de oproerpolitie.

Sorry to Bother You is in geen enkel hokje te stoppen. De film is een bijna perfect werkende mix van drama, satire, sciencefiction, magisch-realisme en kolder. Op die manier worden prangende sociale thema’s voortdurend gerelativeerd. Hoofdthema is de (vaak kansloze) positie van Afro-Amerikanen in een (overheersende) blanke maatschappij. Tegelijkertijd is de film zowel een harde aanval op het kapitalistische systeem en de consumptiemaatschappij als een pleidooi voor (meer) werknemersrechten. Zoiets zien we tegenwoordig bijna nog maar alleen in films van sociaal-realisten als Ken Loach (I, Daniel Blake). Het debuut van Boots Riley, die zich mogelijk heeft laten inspireren door het enigszins maffe horrormysterie Get Out, zit vol knipogen naar menselijke relaties. Het lijkt alsof hij uiteindelijk wil zeggen dat een betere wereld valt en staat met persoonlijke integriteit.

Sorry to Bother You beleefde zijn Nederlandse première weliswaar tijdens het afgelopen LIFF, maar aan een officiële bioscooprelease heeft (nog) geen enkele filmdistributeur zich gewaagd. Maar goed, we hebben het hier dan ook niet over een veilige zwarte film als Black Panther. Liefhebbers van innovatieve, grensverleggende films wachten met smart op Riley’s volgende rolprent.

Sorry to Bother You won tal van prijzen van Amerikaanse filmcritici en in Amerikaanse publieksverkiezingen.

 

14 februari 2019


MEER FILMFESTIVAL