Film Fest Gent 2016 – Deel 4

Film Fest Gent 2016
Deel 4

door Wim Meijer

In deel vier van het Gentse filmfestijn aandacht voor een schermer uit Sovjet-Estland die vecht voor zijn idealen en leerlingen, een bijzonder fijne film met spoken, zenuwslopende sequenties en een steengoede Kristen Stewart, een slap Argentijns aftreksel van het leven van vrouwelijke academici én de nieuwste van Jim Jarmusch, een film die alles in zich heeft om een cultklassieker te worden.

The Fencer

The Fencer
De Finse regisseur Klaus Härö is hofleverancier van de Oscarinzendingen van het land. Van zijn vijf speelfilms werden er vier doorgezet naar de Verenigde Staten. The Fencer haalde in 2015 de shortlist niet, maar kreeg wel een nod van de Britten met een Golden Globe-nominatie.

Gesitueerd in het naoorlogse Sovjet-Estland volgen we Endel Nelis, een schermer die in de oorlog onder dwang werd gerekruteerd door de Duitsers en daarom nu moet vluchten voor de Russische geheime diensten die hem als een verrader zien. Hij verlaat Leningrad voor een gehucht en gaat lesgeven. Terwijl zijn vrienden in Leningrad hem op het hart drukken zich gedeisd te houden, beweegt de protagonist zich meer en meer in het vaarwater van de schooldirecteur, een Stalinist in hart en nieren.

Elke keer dat er onbekende mannen in beeld lopen is het spannend. Is het de geheime dienst? Endel probeert zo normaal mogelijk te leven, maar het verleden blijft hem achtervolgen. Hij blijkt ook geen bijzonder goede leraar, met zijn gebrek aan geduld en onbegrip voor het leervermogen van de kinderen. Toch raakt hij verknocht aan de kleine Esten, waarna hij zich als een heldhaftige leraar ontpopt. Denk School of Rock of Dangerous Minds. Ook hier gaan de kinderen als underdog een schermcompetitie aan. Härö bewandelt niet bijster originele paden. Toch ontstijgt The Fencer de gemiddelde hero teacher movie, voornamelijk door bijzonder goed acteerwerk en aandoenlijke kinderen.  

The Fencer is een aangrijpende film met sfeervolle pianomuziek die losjes is gebaseerd op het leven van schermkampioen Endel Nelis. Tijdens de eerste opnamedag vielen de Russen de Krim binnen. Er is wat dat betreft weinig veranderd. Ook thema’s als liefde, zelfverloochening en vechten voor idealen zijn van alle tijden. Klaus Härö maakt een prachtige film, een hoogtepuntje op het Vlaamse filmfestival dat doorspekt is met goede titels.

Personal Shopper

Personal Shopper
De nieuwste film van Olivier Assayas is zo’n film die je moet ondergaan. Laat je onderdompelen in de modieuze spookwereld die de Franse cineast creëert. En geniet van de uitstekende, verontrustende Kristen Stewart als down to earth medium.

Het duurt slechts enkele minuten voordat Maureen (Stewart) zich ’s nachts in een verlaten huis bevindt, gekweld door haar overleden broer Lewis, ook een medium. De afspraak is dat hij haar vanuit het hiernamaals een teken zal geven. Het huis kraakt, piept en er wordt met deuren gesmeten. Op zachte toon, volledig beheerst, zegt Maureen: ‘Lewis? Lewis, is that you?’ De kille cinematografie en indringende strijksymfonieën creëren een naargeestige sfeer. De oplettende kijker ziet een vertroebeling in de lucht, waar het gedimde licht tegen afsteekt. Assayas knipt terwijl je midden in de spannende scène zit. Verwarrend. De volgende ochtend zegt Maureen tegen de potentiële kopers dat er meer tijd nodig is. Ze knikken instemmend.

Kristen Stewart is een personal shopper, iemand die voor een beroemdheid shopt, omdat die daar zelf geen tijd voor heeft. Een verderfelijke wereld, zo blijkt al snel. Maureen is gestrest, kwetsbaar, gereserveerd, introvert, gedreven, verbeten en geïrriteerd. Haar emoties zijn voelbaar en echt. Maureen is Stewart op het lijf geschreven en de actrice speelt de rol met ongekende klasse. Het Oscarseizoen gaat binnenkort beginnen en Stewart zou met deze veelzijdige rol hoge ogen moeten gooien.

Personal Shopper houdt het midden tussen drama, thriller en horror, maar is eigenlijk niet te categoriseren met haar vreemd soort realisme en bijzonder beklemmende sfeer. De geesten – vaker niet dan wel in beeld, zoals het hoort – jagen je de stuipen op het lijf. Andere keren levert het vertederende momenten op. Dan verschijnen er ook nog vreemde berichtjes op Maureens telefoon. Afzender: Unknown.

Hermia & Helena

Hermia & Helena
Dit portret van vrouwelijke, Argentijnse academici poogt even kunstzinnig te zijn als haar protagonisten, maar faalt en creëert een barrière tussen publiek en personages.

Hermia & Helena vertelt het verhaal van Camila, een Argentijnse academica die Shakespeare’s A Midsummer Night’s Dream vertaalt in het Spaans en er een gewoonte van maakt om onaangekondigd mensen te bezoeken aan de andere kant van de wereld. Zo gaat ze naar haar ex in Japan, waar ze ook werkt. Althans, werken, iedereen is meer bezig met het presentje dat je dient achter te laten als je onderzoek er op zit. Is het kritiek op de academische wereld, waar persoonlijkheid en gedreven onderzoek ondergeschikt zijn geraakt aan het aantal publicaties?

De film is grillig, onsamenhangend en rusteloos, met constant verwarrende flashbacks en achteloos keuvelende Argentijnen. De onderzochte kunstvormen, zoals teksten van Shakespeare, verschijnen letterlijk in beeld. Ook toont Hermia & Helena negatieven, beelden van een tuinhekje of klerenhangers, en opnames van een honky-tonk piano. Omdat er eigenlijk geen touw aan vast te knopen valt, blijft dit Argentijnse abstracte drama afstandelijk. Zelfs de charmante Camila kan niet voorkomen dat de verveling na een uur toeslaat.

Paterson

Paterson
Het is mooi, hoe Jim Jarmusch het doodnormale koppel uit Paterson verfilmt. De een is een buschauffeur die in zijn vrije tijd dicht. Hij heet Paterson en rijdt door Paterson. De ander is Laura, een dagdromer. Ze wil artiest, schilder, patissier of countryzangeres worden. Jarmusch droomt mee, met mooie, poëtische beelden van de stad. De Amerikaanse cineast weet het koppel effectief te vangen, maar kan niet voorkomen dat deze tragikomedie uiteindelijk wat langdradig is.

Paterson volgt het koppel gedurende een week. De protagonist, een fijne rol van Adam Driver, rijdt wat rond. Alle dagen lijken identiek, met hier en daar een kleine variatie. Zo is er de grappige Indiër Donny, die altijd een waslijst met klachten ten gehore brengt nadat Paterson hem vraagt of alles oké is. De Engelse buldog Marvin is ook goed voor een gniffel of twee. De komedie doet denken aan die van de gebroeders Coen, net zo gortdroog en soms een tikje absurd.

De rode draad van Paterson is de poëzie. De buschauffeur wil zijn grote voorbeeld achterna, de lokale dichter William Carlos Williams. Zijn gedichten zijn van dezelfde kwaliteit. Dat wil zeggen, een 8-jarige had het kunnen schrijven. De gedichten zijn lachwekkend. Zo beschrijft Paterson hoe je wellicht met een specifiek type lucifer de liefde van je leven kan vinden door haar sigaret aan te steken. En zo schrijft-ie er nog wel een paar.

De film begint en eindigt op maandag. Op vrijdag is het welletjes geweest, het weekend is ronduit saai, maar Jarmusch komt sterk terug op de laatste dag, wanneer Paterson een Japanse poëzieliefhebber spreekt. De internationale pers bejubelde de film – deze lokale Hollander was iets minder enthousiast – en de keuze voor het Film Fest Gent is een logische. Jim Jarmusch zelf kwam nog even buurten. Paterson heeft alles in zich om een cultklassieker te worden.

17 oktober 2016

 

DEEL 1

DEEL 2

DEEL 3

EPILOOG

 

 

MEER FILMFESTIVALS

Film Fest Gent 2016 – Deel 3

Film Fest Gent 2016
Deel 3

door Wim Meijer

De selectie van het Film Fest Gent is vooralsnog feilloos. Ook de drie goede films in dit derde verslag gaan nog uitkomen in Nederland. We zien Vlaamse hangjongeren die zich dood vervelen, een naargeestige Franse thriller van J-horror meester Kiyoshi Kurosawa en de bijzondere tocht van een donorhart in een fijn medisch drama.

Home

Home
De zeventienjarige Luna maakt grappen over kinderen in de kelder van een leraar, haar vriendje Sammy post op Facebook dat hij wel eens iemand wil vermoorden om het gevoel te krijgen dat hij nog leeft. Kevin komt uit de bak na een grove mishandeling en John heeft het thuis zwaar te verduren. Het zijn deze hoofdrolspelers die opgroeien en hun onschuld verliezen, soms met grote gevolgen.

De vorige films van Vlaamse cineaste Fien Troch – Een ander zijn geluk, Unspoken en Kid – gaan over de problemen tussen kinderen en hun omgeving. Met Home neemt ze afscheid van die periode en richt ze zich op pubers. Seks, achteloos gedrag en verveling typeren de adolescenten. Ook de ouderen vervelen zich overigens in Home, bijvoorbeeld wanneer een man Jingle Bells speelt op een vorkheftruck. Deze Vlaamse prent is een mooie momentopname van de huidige jongerencultuur, waarmee van alles mis is. En dat ligt niet aan de jongeren, zo laat Troch zien.

Home werd geselecteerd voor de prestigieuze filmfestivals van Venetië en Toronto. Dat is begrijpelijk, gezien de overzichtelijke regie van Troch, het originele script dat ze schreef met haar man Nico Leunen en de intieme beelden van Trochs vaste cameraman Frank van den Eeden. Home is een familieproject dat met veel liefde en toewijding is gemaakt. Bovendien zit er een heerlijke soundtrack onder de beelden die verfrissend ogen met het ‘oude’ 4:3 formaat, afgewisseld met smartphone-opnamen.

Le secret de la chambre noire

Le secret de la chambre noire
De Japanse J-horror meester Kiyoshi Kurosawa verlegt zijn grenzen en maakt een film die volledig in Frankrijk is opgenomen, inclusief Franse cast. Hij gebruikt daguerreotypie, een Franse uitvinding, om onder de huid van de kijker te kruipen. Toen fotografie net ontstond was daguerreotypie de meest gebruikte manier om iemand te vereeuwigen, toen nog een op zilveren oppervlak dat later werd bewerkt met kwik. Afhankelijk van de hoeveelheid licht kon de sluitertijd oplopen tot wel twee uur, terwijl het model stil moest staan. Het uiteindelijke resultaat was een zilveren portret waarbij het lijkt of de gefotografeerde zweeft in de ruimte.

De excentrieke fotograaf Stéphane wil alleen nog de originele manier van fotograferen gebruiken. Hij wordt beschouwd als een genie. Zijn dochter Marie is het enige model dat hij gebruikt, letterlijk en figuurlijk. Urenlang moet ze poseren in een speciaal daarvoor gebouwde stellage. Soms valt ze flauw. Jean, Stéphane’s ingehuurde assistent, ziet meer en meer problemen en probeert Marie te verlossen uit de donkere krochten van haar vaders artistieke spookhuis.

Le secret de la chambre noire werkt op de zenuwen. De film begint onschuldig genoeg, maar al snel slaat de sfeer om. De Japanse cineast bouwt traag op naar een onhoudbare situatie met een naargeestige ambiance, waarin de kijker zich steeds onrustiger zal voelen. Na een tijdje weet niemand meer wat nu realiteit is, en wat niet. Kurosawa situeert zijn thriller in het uitzichtloze Frankrijk, waar de hoge jeugdwerkloosheid tot gekte leidt. De personages zweven – soms letterlijk – tussen fictie en realiteit net als in de zilveren platen, terwijl de kijker op de pijnbank ligt. Geen hele plezante ervaring. Wel een zorgvuldig gemaakte film voor de echte liefhebber.

Réparer les vivants

Réparer les vivants
De in Ivoorkust geboren regisseuse Katell Quillévéré (Love Like Poison, Suzanne) maakt een mooi medisch drama over de tocht van een donorhart, en daarmee ook onlosmakelijk de dood.

In Réparer les vivants, gebaseerd op een boek van Maylis De Kerangal, lopen meerdere verhaallijnen door elkaar. Het begint met Sam, die uit het raam springt van z’n vriendin en via daken en wegen zijn vrienden ontmoet. Quillévéré verfilmt het als een ontsnapping na een kraak, met bijzonder stijlvolle tracking shots en close-ups. De jongens gaan surfen, wederom prachtig geschoten in super slow motion door cameraman Tom Harari. Speciale waterdichte dozen werden gefabriceerd om de zee tot leven te laten komen. Dezelfde zee veroorzaakt een scène later een auto-ongeluk.

Het tweede verhaal is dat van de medische staf in het ziekenhuis waar Sam wordt binnengebracht. Thomas (Tamir Rahim) voert samen met de arts het slechtnieuwsgesprek met Sams ouders: Sam is hersendood. De vraag over orgaandonatie stelt hij ook, waarmee Quillévéré impliciet de kijker hetzelfde vraagt. Met veel detail toont de film de sfeer in het ziekenhuis, waar humor en de dood elkaar dagelijks afwisselen. Door de vele persoonlijke details gaan de personages leven. Zo wil Thomas graag een zeldzame vogel en is de zuster heimelijk verliefd.

Het laatste verhaal is het minst goed gebracht, mede omdat Claire die leeft met een hartaandoening pas laat ten tonele verschijnt. Het is niet de meest sympathieke vrouw uit de film, met haar kinderachtige trekjes en het achterhouden van vitale informatie richting haar zoons. Quillévéré laat de aandacht even verslappen, maar herstelt zich met een emotioneel slot. Haar film, opgedragen aan haar moeder, is gepolijst, persoonlijk, gebalanceerd en meeslepend.

15 oktober 2016

 

DEEL 1

DEEL 2

DEEL 4

 

MEER FILMFESTIVALS

Film Fest Gent 2016 – Deel 2

Film Fest Gent 2016
Deel 2

door Wim Meijer

In deel twee van Film Fest Gent neemt Terence Davies ons mee naar Schotland dat aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog staat, zien we de nasleep van de Tweede Wereldoorlog wanneer Duitse krijgsgevangenen mijnen moeten ruimen, toont Oliver Stone ons Edward Snowden die gelooft een Derde Wereldoorlog te voorkomen én roept de nieuwste miskleun van Terrence Malick alleen maar vragen op.

Sunset Song

Sunset Song
Regisseur Terence Davies adapteert het boek Sunset Song, het bekendste boek van de Schotse schrijver Lewis Grassic Gibbon. Davies maakt er een kostuumdrama van met een sterke vrouw in de hoofdrol. Chris Guthrie (de klassieke schoonheid en geweldig acterende Agyness Deyn) is de beste leerling van haar klas, maar moet stoppen met haar opleiding. Ze is thuis nodig. Terwijl haar streng religieuze en hardvochtige vader zijn gezin ten gronde richt in de naam van de Heer, ontwikkelt Chris zich tot een sterke, onafhankelijke vrouw.

Davies’ film is van oogstrelende schoonheid. Dromerige beelden met soepele, strakke cameravoering vermengen zich met frasen uit het boek van Gibbon. Shots duren soms een eeuwigheid zonder dat ze vertragen, terwijl de voice-over Schotse poëtische teksten opdraagt. Sunset Song is een Schots sprookje over moed, opgroeien en de waarde van een gezin. Maar vooral geeft het een prachtig beeld van het platteland van Schotland aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog.

Land of Mine

Land of Mine
Nadat de Tweede Wereldoorlog is afgelopen, zijn er nog duizenden Duitse krijgsgevangenen buiten hun vaderland. Die mochten niet meteen naar huis. Een heel aantal Duitsers, veelal jonge broekies zoals in Land of Mine, werden gedwongen de mijnen te ruimen aan de Deense kust. Met hun blote handen. Er lagen er zo’n twee miljoen. Dit levert zenuwslopende beelden op. Land of Mine toont zo vaak het onschadelijk maken van een mijn dat je het na het zien van deze film zelf kunt. En elke keer is het weer bloedstollend spannend.

De film introduceert veertien jonge Duitse soldaten. Het duurt niet lang voor je je verbonden voelt met hun lot. Drillsergeant Carl Rasmussen, een beer van een vent, instrueert de jongens. Medelijden heeft hij niet, totdat het eerste slachtoffer valt. Langzaam raakt de Deense militair in de ban van de jonge Duitse knullen. Land of Mine is deprimerend, schokkend en toont de (on)menselijke kant van de oorlog in al haar bruutheid.

Snowden

Snowden
Wanneer Edward Snowden (Joseph Gordon-Levitt) bij de Special Forces zit, breekt hij zijn been. Zijn lijf is niet bestand tegen alle oefeningen en lopen met bepakking. ‘You’re discharged, but don’t worry, there are other ways to serve your country’. Dat hebben ze geweten. Tien jaar later zou Edward Snowden staatsgeheimen publiceren.

Na zijn periode bij de Special Forces zien we Ed werken bij de CIA, de NSA en wederom bij de CIA. Hij doet locaties aan als Genève, Kyoto en Hawaii, na in opleiding te zijn geweest in het CIA techlab ‘The Hill’. Daar krijgt hij les van Crobin O’Brien (Rhys Ifans) en Hank Forrester, een nodeloze rol gespeeld door Nicolas Cage. O’Brien vertelt hem de noodzaak van de grootschalige afluisteroperaties en waarom deze niet openbaar mogen zijn: ‘Secrecy is security, and security is victory’. Het technisch wonderkind werkt voor Corbin aan allerlei projecten, waar hij niks over mag zeggen tegen zijn paaldansende vriendin Lindsay Mills (Shailene Woodley). Maar het gaat knagen, al die mensen die de Amerikaanse overheid in de gaten houdt.

In Snowden vertelt Oliver Stone het verhaal dat je in Citizenfour niet zag. Laatstgenoemde is de betere film, maar eigenlijk zou je deze films samen moeten zien. Het vormt een mooi totaalbeeld van de klokkenluider. Beide films gebruiken de beruchte series van interviews op een hotelkamer in Hong Kong als rode draad. Waar Citizenfour uitblinkt in het journalistieke proces en het uitleggen wat er zoal mis is met de Amerikaanse overheid, laat het Snowdens persoonlijke leven vrijwel onberoerd. Juist dit aspect probeert Snowden te tonen en te dramatiseren. Stone lijkt er haast vanuit te gaan dat je Citizenfour al kent, zo naadloos sluiten de twee films op elkaar aan.

Snowden is een gestroomlijnde productie met een sterke cast en een goede dosis spanning. De film duurt ruim twee uur, maar de tijd vliegt voorbij. Gordon-Levitt lijkt knulliger en meer nerdy in Snowden dan Edward Snowden in Citizenfour, maar speelt desondanks overtuigend. De rapmuziek en snelle beats vallen wat uit de toon. De film schiet wel tekort qua plot. Nooit krijg je het gevoel Edward Snowden te leren kennen. De operaties zijn te vluchtig, zijn romance met Lindsay matig uitgewerkt. Wat de protagonist drijft blijkt beter uit Citizenfour. Jammer dat Oliver Stone er in 135 minuten niet in slaagt om Snowden echt bloot te leggen.

Voyage of Time

Voyage of Time
Geef Terrence Malick een IMAX-camera en vraag of hij even wil uitbeelden hoe het universum is ontstaan. Nou, dan weet je het wel hè? Voyage of Time dus. Naar eigen zeggen werkte Malick veertig jaar aan deze documentaire. Het is vooral het bewijs dat Malick het spoor nog altijd bijster is sinds Tree of Life.

Voyage of Time is een bijzonder project met adembenemende beelden, waarin hij prachtige shots afwisselt met gruizige camcorderopnamen van rellen, zwervers en dierenleed. Malick is een meester in het mysterieus uitbeelden van abstracte zaken. Maar beelden alleen zijn niet genoeg. Hij strikte Cate Blanchett om een voice-over te verzorgen. Dat gaat ongeveer zo: ’Born. (stilte) Oh Mother. (stilte) I am. (stilte) Restless. (stilte) Unsatisfied. (stilte) I thirst. (stilte)’. Pretentieuze poëzie die de kijker geen steek verder helpt.

Met enige regelmaat heb je geen idee waar je naar kijkt. Malicks beelden kunnen zowel een stofwolk, hersenactiviteit, op hol geslagen bacteriën of een datastroom uitbeelden. Context ontbreekt volledig. Het is dat er vooraf in het programmaboekje wat informatie stond, waardoor het geheel enigszins te plaatsen is. Anders duurt het gerust een uur eer je snapt dat Malick het ontstaan van het universum poogt te tonen.

We zien Earth-achtige taferelen, maar de zalvende stem van David Attenborough ontbreekt. Later lopen de dinosauriërs en mensen op de Aarde rond. Een preutse Malick toont ze naakt, maar wanneer de mannen gehurkt rondom een vuurtje zitten en van achteren worden gefilmd, bungelt er niks tussen de benen. Wellicht is dit Malicks visie op hoe het zou moeten zijn. Geen voortplanting. Dan hadden we nu ook geen last gehad van al die nare gebeurtenissen die hij het publiek toont middels de camcorder footage. En ook niet van dit gedrocht van een documentaire.

14 oktober 2016

 

DEEL 1

DEEL 3

DEEL 4

EPILOOG

 

 

MEER FILMFESTIVALS

Film Fest Gent 2016 – Deel 1

Film Fest Gent 2016
Deel 1

door Wim Meijer

Gent, de vierde stad van België, is nummer een wanneer het aankomt op gezelligheid, ook al refereert de zuiderbuur liever aan termen als ‘goesting’. Naast Het Lam Gods zijn er deze dagen ook prachtige andere prenten te zien. Het Film Fest Gent is namelijk begonnen, met een aantal interessante concoursen. Zo is er aandacht voor internationale arthouse, Japanse en Koreaanse cinema en ook Scandinavië komt aan bod middels het thema Nordic Cinema. Indebioscoop reist af naar het land van de fijnste goudgele pretcilinders ter wereld en doet verslag.

In deel een van Film Fest Gent een ijzersterke koddige animatiefilm met serieuze ondertoon, een langdradig liefdesdrama van de regisseur van The Place Beyond the Pines, een Roemeens protest tegen de corruptie die het land teistert en een Vlaams portret over een prostituee die haar dochter probeert op te voeden terwijl ze het bordeel draaiende houdt.

Ma vie de Courgette

Ma vie de Courgette
Het leven als een courgette is niet makkelijk. Icare, negen jaar oud, wil ‘Courgette’ genoemd worden. Zijn oude leven heeft hij achter zich gelaten, net als zijn alcoholverslaafde moeder. Hem wacht het weeshuis. Courgette is introvert en verlegen. Pestkop Simon ziet hem meteen als pispaaltje. Lang duurt het echter niet voordat de weeskinderen goed met elkaar overweg kunnen, mede door de mooie sfeer die heerst in het weeshuis. Geen Matilda-praktijken, maar een beschermde omgeving voor kinderen die het moeilijk hebben.

De kleipoppetjes – Tim Burton had ze kunnen maken – doen koddig aan in deze stop-motion animatiefilm, maar de film kent een serieuze ondertoon en lijkt in dat opzicht meer op Coraline. Thema’s als seksueel misbruik, terrorisme, verslaving en nalatigheid komen aan bod. Sterk hierbij is dat de film alles verfilmt vanuit het oogpunt van de negenjarige Courgette. Het geeft de film iets onschuldigs. Tegelijkertijd overvalt je een gevoel van machteloosheid als de kids luchtig spreken over wat hen is overkomen. Wanneer de kinderen op wintersport gaan zijn ze niet het meest onder de indruk van de Franse Alpen, maar van een moeder die haar zoontje troost. Een mooi debuut van Claude Baras.

The Light Between Oceans

The Light Between Oceans
De Eerste Wereldoorlog is afgelopen. Michael Fassbender speelt Tom Sherbourne, een man die zoveel dood en ellende zag dat hij emotioneel is afgestompt en een baan accepteert op het verlaten eiland Janus. Even bezinnen. Het eilandje ligt tussen de Grote en Atlantische oceaan en er staat een vuurtoren op – vandaar de titel. Aan Sherbourne de taak om de vuurtoren up en running te houden, terwijl hij peinst en tuurt op het desolate, eenzame eiland.

Alicia Vikanders personage Isabel Graysmark brengt licht in het leven van Sherbourne. Een mooie romance bloeit op, gesterkt door een aanstekelijke chemie tussen de protagonisten. Gestileerde shots en mooi gecomponeerde muziek voeren de kijker mee in het zoetsappige plot. The Light Between Oceans kent prachtig acteerwerk. Alicia Vikander als wanhopige moeder toont een heel ander personage dan de gewetenloze, berekenende AI uit Ex Machina. Fassbender is top als vader die in gewetensnood komt.

Janus staat niet alleen voor een geografische locatie, maar ook voor de Romeinse god met de twee gezichten. Die twee gezichten komen op allerlei manieren terug in de film. Fassbender kijkt terug naar de oorlog en vooruit naar de toekomst, terug op de dood en vooruit naar het leven. Ook zijn vrouw wil nieuw leven creëren, maar op natuurlijke wijze lukt dat niet. Na twee miskramen spoelt een baby aan, die het echtpaar besluit te houden. Er ontstaan wederom twee gezichten, want de buitenwereld mag van niets weten.

Waar Derek Cianfrance’s The Place Beyond the Pines meer ruimte liet voor interpretatie, met een introverte Ryan Gosling, gooit de regisseur hier alle registers open. Het maakt de boekverfilming van M.L. Stedman sentimenteel en dramatisch. Met name de uiteindelijk flashforward van 1922 naar 1950 voelt geforceerd aan, vertraagt onnodig en doet de film geen recht. Fassbender en Vikander redden het geheel enigszins.

Bacalaureat

Bacalaureat
De titel beschrijft het felbegeerde papiertje waarmee de Roemeense Eliza internationaal kan gaan studeren. Het is haar uitweg uit Roemenië, het land dat haar vader Romeo zo haat. Hij gaat tot het uiterste om zijn dochter te laten slagen en gebruikt methoden waar hij normaliter tegen ageert. Magda, zijn depressieve vrouw, bekritiseert haar man en verwijt hem zelfverloochening. Bacalaureat is hierdoor een indringend familieportret over foute keuzes, machteloosheid en liefde.

Wat begint als iets onschuldigs, is uiteindelijk onhoudbaar. Corruptie is geen probleem, het is een omgangsvorm. Regisseur Cristian Mungiu (4 Months, 3 Weeks and 2 Days) is een meester in het verfilmen van de interne rot die het land teistert. Makkelijk identificeer je je met de vader en zijn keuzes. Want wie wil niet het beste voor z’n kinderen? Met trage scènes, mooie dialogen, ingetogen karakters en sombere beelden zet Mungiu Roemenië op realistische wijze neer. Hij veroordeelt niet, maar protesteert.

La Ciel Flamand

La Ciel Flamand
Regisseur Peter Monsaert (Offline) belicht het leven van de prostituee Sylvie (Sara Vertongen) die haar bordeel draaiende probeert te houden terwijl ze haar dochtertje opvoedt. Constant zit de kleine, blonde Eline van amper zes jaar oud te wachten in de auto tot haar moeder klaar is met werken. Af en toe gaat ze naar haar oom – de lieve, sullige Dirk (Wim Wellaert). Ze stelt lastige vragen aan Sylvie. ‘Wat doe je, mama?’ ‘Waarom geef je mensen knuffels?’ Eline’s nieuwsgierigheid leidt haar op een dag het hoerenkot in, waar het noodlot toeslaat en ze wordt verkracht. Vanaf dat moment is het stil.

La Ciel Flammand (de Vlaamse hemel) is een mooi Vlaams stukje cinema over schuld, moraal en wraak. Vertongen speelt Sylvie met pit, venijn en weinig emotie. Dirk is haar evenknie op emotioneel vlak. Hij probeert te redden wat er te redden valt, op zijn eigen vertederende manier. Het levert een bijzonder naturel portret op, met intense vertolkingen en subtiel acteerwerk. Sylvie vreet zichzelf op van binnen wegens een schuldgevoel, maar uiterlijk vertoon blijft veelal achterwege. De politieagent die het onderzoek naar het voorval leidt, smeert het er nog maar eens in: ‘Vindt u een bar een geschikte plek voor een zesjarige?’

La Ciel Flammand hoort thuis in het rijtje van The Broken Circle Breakdown en Het Vonnis: intens Vlaams familiedrama op prachtige wijze verfilmd. Monsaert gebruikt net als in zijn vorige film Offline de prostitutie om een neerslachtige sfeer te scheppen. De kwaliteit zit hem in de details en de dingen die Monsaert niet toont. Zo speelt hij met de gedachten van het publiek. Bijvoorbeeld wanneer Dirk een strop lijkt te maken, wat enkele seconden later een schommel blijkt te zijn. Eline heeft dan al meerdere malen geschommeld in de achtergrond.

12 oktober 2016

 

DEEL 2

DEEL 3

DEEL 4

EPILOOG

 


MEER FILMFESTIVALS

NFF 2016

Nederlands Film Festival 2016

door Ralph Evers

Een eerste indruk van het NFF 2016 is dat de oorlog ruim aan bod komt. Dit keer ook de donkere kanten, zoals in Riphagen waar de psychopaat Andries Riphagen en diens kunst hoe anderen te bespelen centraal staat. Een echte Vermeer hoe de meestervervalser Han van Meegeren de nazi’s voor miljoenen tilde en zich ook vertilde. De One Night Stands die aanvankelijk probeerden wat luchtiger te zijn dan vorig jaar. Een slechte keus, zoals zal blijken. Gelukkig herpakt men zich snel.

Riphagen

Met Riphagen gaat er een serieuze Nederlandse productie in première op het NFF 2016. Interessant dat er een oorlogsfilm is gemaakt waarin niet een held, maar juist een foute Nederlander centraal staat. En die wordt met verve en overtuiging neergezet door Jeroen van Koningsbrugge. Zoals Van Koningsbrugge eerder in Schone handen liet zien, liggen psychopaten hem wel. Zeker wanneer hij in zijn moerstaal, Amsterdams, los mag gaan. Daarmee contrasteert hij enorm met de hinderlijk Algemeen Beschaafd Nederlands sprekende tegenspelers. Zo komt Riphagen wel heel erg in de picture te staan. Evenals die paar andere Amsterdams sprekende rollen.

Los van het formulewerk waar de film schatplichtig aan is, maakt dat onnatuurlijke taalgebruik meer kapot dan je lief is. Daar gaat de muziek uit die tijd, wat op zich een leuk detail is, je als kijker niet verder in helpen. De karakterontwikkeling blijft bij die andere spelers achter, mede door dat onechte Nederlands. Enfin, de film kabbelt ruim twee uur door en doet vermoeden dat de makers zich ingelezen hebben in de geschiedenis van Andries Riphagen (wat een toepasselijke bad-ass achternaam overigens). Ten slotte bevat de film een ongemakkelijke slotakkoord.

Een echte Vermeer

Met Een echte Vermeer heeft Rudolf van den Berg een zeer goed verzorgde film gemaakt naar het verhaal van de meestervervalser Han van Meegeren. Een film over een kunstenaar dient natuurlijk vooral het oog te strelen en daarin is Van den Berg erg goed geslaagd. Het is fijn na een dag vol films die zich in Amsterdam afspelen, om eventjes naar misschien wel de mooiste stad van Nederland af te reizen, Delft. Een echte Vermeer is sfeervol en met passie gemaakt, gesproken in goed Nederlands en ondersteund door prachtige muziek, met heerlijke jazztonen. Een oogstrelende femme fatale maakt met de goede chemie tussen haar en Jeroen Spitzenbergen de film af. (Een lange recensie en een interview met de regisseur volgen.)

One night stands: tegenvallend
De eerste twee One Night Stands (van producent Viking Films) op zondag vielen vooral op doordat ze ronduit tegenvielen. Planet Beauty kent een pijnlijk slecht script en een spanningsboog die uitblinkt in afwezigheid. Sigrid ten Napel, die de film mag dragen, heeft iets zeurderigs over haar karakter. Ze doet net teveel haar best zich in haar rol in te leven, waardoor ze flink op je zenuwen gaat werken. Daarnaast weet Planet Beauty evenals Riphagen uit te blinken in houterige, onnatuurlijke dialogen in dat perfecte Nederlands, dat je nooit waar ook in het land hoort. Inhoudelijk nauwelijks bijzonder valt de film nog wel op qua kleurgebruik, waarbij een associatie naar Pepperminta van Pipilotti Rist opkwam. Pepperminta werkt juist vanwege het consequent doorgevoerde volstrekt absurde script, terwijl Planet Beauty toch ergens een komedie probeert te zijn.

Messias

Ook Messias, van Rob Lücker, viel op door een kinderachtig script. De katholieke kerk moest maar weer eens op de hak genomen worden. De terugkeer van de vermeende Messias helpt een in verval geraakt bisdom om opnieuw in aanzien te komen bij het Vaticaan. Ondertussen is een islamitische koperpoetser, in dienst van het bisdom, plots de belangrijkste man, als vertaler. Geheel in de Hollandse geest valt uit zo’n meevaller voordeel te halen. Toch niet altijd met het vooraf gewenste resultaat. Ondanks de best aardige cast en qua art direction goed verzorgde film, helpt het kinderachtige script elke kans op een positieve waardering om zeep. Het schokkende aan Messias is niet zozeer het op de hak nemen van de katholieke kerk, maar meer het gebrek aan inspiratie om tot een goede komedie te komen.

One night stands: meevallend
Het tweede blok One Night Stands (van producent PRPL) is van een heel andere snit. Cas blinkt uit in de kracht van de lichaamstaal. Het niet gezegde vertelt in deze film een eigen verhaal naast wat er wel gezegd wordt. Een homostel, Sjors en Pepijn, krijgt er een tijdelijke gast bij: Cas. Sjors ontmoette hem via grindr (u weet wellicht wel, die homo-ontmoetingsapp waar tinder van afgeleid is). Hoewel aanvankelijk alles koek en ei lijkt, komen er gaandeweg scheurtjes in de relatie tussen Sjors, Pepijn en Cas. Subtiel overgebracht, waarbij de lezer van lichaamstaal alvast een voorsprong kan nemen op wat er staat te gebeuren. Waar de films in het eerste blok hun best deden om luchtig en vooral grappig te zijn, is Cas ondanks haar keuze voor klein drama, juist daardoor ook grappig. Niet in de laatste plaats doordat de situaties zo herkenbaar zijn en, goddank, het taalgebruik natuurlijk aanvoelt. Er wordt zelfs een beetje gespeeld met dat houterige film-Nederlands, door Pepijn op een gegeven moment te laten zeggen dat Sjors een ‘kutlul’ is. Aangenaam aan Cas is dat de bekende stereotypen van het heterostelletje vervangen worden door een homostel. Inclusief seksscènes, zonder dat het om de seks draait. Zonder dat die seks wat ongemakkelijk is, zoals zo vaak, of net te kuis. In de beperking schuilt de meester, zei Schopenhauer eens en Cas weet juist zo te overtuigen in haar kleine verhaal met een uitstekend oog voor detail.

Hoe Het Zo Kwam Dat de Ramenlapper Hoogtevrees Kreeg

Ook de tweede film van het tweede blok, Hoe Het Zo Kwam Dat de Ramenlapper Hoogtevrees Kreeg, is een fijne film. Een romantische komedie zich afspelend in de marathonbuurt in Amsterdam Zuid, waar we ramenlapper Alfred leren kennen, die zonder dat hij het weet Cupido’s gaven heeft. Na 44 jaar trouwe dienst als ramenlapper en koppelaar wordt het tijd zijn pijlen eens op zichzelf te richten. De film doet door het gebruik van filters, muziek en voice-over in de verte denken aan de liefelijke films van Jean-Pierre Jeunet. Ramenlapper werkt vooral omdat de verhaallijn goed uitgewerkt is. Een romantisch sprookje volgens het boekje. Eigenlijk weinig origineel, maar regisseur Eva Zanen koos met haar ramenlapper dan ook niet voor de originaliteit, wel voor een hartverwarmend, goed verteld verhaal. Daarin is ze dan ook uitstekend geslaagd.
 

26 september 2016

 
MEER FILMFESTIVALS

Anna Muylaert op WCA Festival

Nieuwe film Anna Muylaert tijdens WCA Festival

door Alfred Bos

Tijdens het World Cinema Amsterdam Festival, georganiseerd door Rialto, is Don’t Call Me Son (Mãe Só Há Uma), de nieuwe film van Anna Muylaert (1964) in Nederlandse première gegaan. Na haar doorbraakfilm The Second Mother (Que Horas Ela Volta?) van vorig jaar gaat de Braziliaanse regisseur opnieuw in de slag met moeders.

Don’t Call Me Son (Mãe Só Há Uma)

Donderdag 1 september verschijnt Don’t Call Me Son (Mãe Só Há Uma), de nieuwe speelfilm van de Braziliaanse regisseur Anna Muylaert, in de Nederlandse bioscoop. De film verhaalt over Pierre, een 17-jarige scholier in Săo Paolo, die in een dubbele identiteitscrisis verkeert. Hij vrijt met meisjes en jongens, en hult zich in vrouwenkleren.

Op een dag staat de politie voor de deur. Pierre blijkt als baby te zijn gestolen door zijn ‘moeder’ en moet terug naar het gezin van zijn biologische ouders. Daar voelt hij zich totaal misplaatst; zijn ‘nieuwe’ moeder noemt hem Felipe. Pierre/Felipe, een rol van de debuterende Naomi Nero, gaat rebelleren op zijn hoogst eigen manier.

Anna Muylaert brak het afgelopen jaar internationaal door met The Second Mother (Que Horas Ela Volta?), die werd onderscheiden met de publieksprijs van het Internationaal Film Festival te Berlijn. Ook haar nieuwe film viel eerder dit jaar in Berlijn in de prijzen. De lezers van het tijdschrift Männer (Mannen) riepen Don’t Call Me Son uit tot beste film.

De Braziliaanse actrice Daniela Nefussi speelt de beide moederrollen. Ze werkte eerder met Muylaert in É Proibido Fumar (Verboden te roken) uit 2009, de tweede speelfilm van de in Säo Paolo geboren regisseur. Over die dubbelrol zegt Muylaert: “Dat is een metafoor. Het is altijd dezelfde moeder. Ook al ga je jaren in therapie, om af te leren hoe je bent geprogrammeerd door je moeder, overal, van Tokio tot Brazilië, vind je dezelfde moeder. De moeder is iets wat we moeten leren afzetten in onszelf.”

Don’t Call Me Son draait vanaf donderdag 1 september in de Nederlandse bioscoop (en dinsdag 6 september 20.15 uur in de open lucht op de VU Campus). Het World Cinema Amsterdam Festival loopt tot en met zaterdag 27 augustus is Rialto en De Balie in Amsterdam. Meer informatie over het WCA.

Volgende week publiceert Indebioscoop een uitgebreid interview met Anna Muylaert.

23 augustus 2016


MEER NIEUWS EN ACHTERGROND

Belgisch Film Festival 2016

Belgisch Film Festival 2016:
Een sfeertekening

door Ralph Evers

De Belgen laten wederom zien dat ze indrukwekkend hoogstaande cinema maken. Dit jaar is daar Waals talent aan toegevoegd en wordt er met The Broken Circle Breakdown nog even teruggegaan naar een paar jaar geleden toen deze film in première ging.

In tegenstelling tot eerdere jaren ditmaal een korter verslag over het Belgisch Film Festival (BFF), vanwege ernstig tijdgebrek om goed verslag te doen. Toch zijn er een aantal films bekeken en is de sfeer geproefd (en oh la la, wat een genereus idee om bij de avondvoorstellingen de bezoekers een duveltje aan te bieden).

The Broken Circle Breakdown
Aanvankelijk lijkt het programma leger dan voorgaande jaren. Films kennen bijvoorbeeld slechts één vertoning. Een bewuste keuze van het festival: compacter worden. Zo kan er meer aanbod getoond worden en het vertaalt zich in een hogere kaartverkoop (gunstig voor een vervolg op dit erg leuke filmfestival). Het Ledig Erf, waar de bioscoop Louis Hartlooper Complex aan gelegen is, is vrijwel Belgisch gekleurd. Vlaggetjes, tafelkleden, frietpunten, stoof in het restaurant en rijkelijk vloeiend bier.

The Broken Circle Breakdown

Voorafgaand aan The Broken Circle Breakdown is er een bluegrass band die de soundtrack van die film ten gehore brengt. The Broken Circle Breakdown is misschien wel één van de sterkste films van onze zuiderburen. Een op papier dertien in een dozijn verhaal is uitgewerkt tot een meesterlijk melodrama, dat nergens over het randje gaat, maar voortdurend dicht bij het menselijke en reële blijft. Daarin is de film meedogenloos, hetgeen tegelijkertijd de kwaliteit is van de Belgische cinema. Het leed is zo echt, de scènes zijn zo alledaags, de personages zijn zo menselijk. Hun geheim? Men hoeft daar geen correct Vlaams of Waals te spreken, zoals ons obligate taalgebruik menig goeie film de nek omdraait.

Kwaliteit
Zijn er nog meer verschillen? Een gesprek tussen filmjournalist Kevin Toma en regisseur Robin Pront (D’ardennen) zou uitkomst moeten bieden. We krijgen een aantal fragmenten te zien van hedendaagse Waalse en Vlaamse films. Dat onderscheid wordt vaker benadrukt, het zijn twee verschillende werelden en filmtalen, doch beiden hoogstaand. Opvallend keer op keer is de eigenheid in die films. Eigen smoel, en vooral het lef om te experimenteren. Film is ook kunst en onze zuiderburen zijn in staat om kunst en kijkgenot samen te laten vloeien. Of het nou rauwe ellende is of maatschappijkritiek, in België heeft men de ruimte en creativiteit om dat bij elkaar te brengen. Wellicht met de kanttekening dat we hier alleen de geslaagde films zien. Echter, zelfs een lowbudgetfilm als De Maagd van Gent wist twee jaar geleden te overtuigen.

Het gesprek tussen Toma en Pront blijft echter iets teveel in de clichés hangen en gaat nauwelijks dieper in op culturele aspecten die een rol spelen. Pront noemt dat door het gunstige belastingklimaat voor cinema er veel mogelijkheid is om scripts te realiseren. Daarnaast noemt hij de geschiedenis waarin België een strijdtoneel is geweest van vele gruwelijke oorlogen. Ik zou daar aan toevoegen dat België ook het land van de strips (met grootse polariteiten tussen absurdisme en avontuur) en de surrealistische kunst is, het lijkt me dat dit een niet te onderschatten invloed kent. Ook weten Belgen lelijkheid en rauwheid esthetisch in te zetten.

Préjudice

Préjudice
Préjudice is een Franstalige Brusselse productie over een jongeman, Cédric, dertig jaar oud, dankzij een gedragsstoornis nog altijd bij zijn ouders wonend. Wanneer zijn zus zegt zwanger te zijn slaan bij Cédric langzaam de stoppen door en verwordt de blijde boodschap tot een beklemmend familiedrama. Een mix van Festen en El Ángel Exterminador (de hele film speelt zich in en rondom het ouderlijk huis af). De regisseur is echter vergeten de zo belangrijke spanningsboog in de film te brengen, waardoor de gebeurtenissen nogal afstandelijk worden. De vreemdheid die de film en de personages ademen houden de kijker mogelijk nog bij de les. Evenals de geniale soundtrack. Echter, de 105 minuten duren door de onrijpheid van de film vele malen langer. Vermoeiende zit.

D'Ardennen

D’ardennen
D’ardennen is de eerste lange speelfilm van regisseur Robin Pront. Geïnspireerd door de Amerikaanse, maar vooral de Engelse misdaadfilms is hij gebaseerd op een toneelstuk van hoofdrolspeler Jeroen Perceval (Dave). D’ardennen is typisch een voorbeeld van de eigenzinnigheid en creativiteit van onze zuiderburen. Iedereen spreekt in z’n eigen dialect, waardoor de personages een belangrijke mate van echtheid krijgen. Daarnaast een fijn oog voor details, waarmee bijvoorbeeld de gezinssituatie, zonder al te veel uitleg, heel invoelend wordt.

Hoewel de film qua geloofwaardigheid tegen het einde uit de bocht vliegt, houdt het sterke spel van de acteurs, het kundige camerawerk en de paar vreemde elementen, zoals de losgebroken struisvogels en de fucked-up-heid van Jan Bijvoet (wat een briljante kop heeft die vent!) en Sam Louwijck als travestiet, de film gemakkelijk overeind.

Wederom bewezen: de internationale cinema kan niet meer om België heen!

 

11 juni 2016

 
MEER FILMFESTIVALS

ASFF 2016

Amsterdam Spanish Film Festival 2016

Los 33

door Alfred Bos

Wegens succes herhaald: de tweede editie van het Amsterdam Spanish Film Festival (ASFF) vertoonde een selectie Spaanse en Latijns-Amerikaanse films. Verslag van een overdosis sentiment en een schaars hoogtepunt.

Openingsfilm La Novia vergaarde dit jaar maar liefst twaalf nominaties tijdens de uitreiking van de Goya Awards, de Spaanse Oscar. Dat is vier nominaties minder dan de openingsfilm van vorig jaar, La Isla Minima, de thriller die uitgroeide tot een heuse zomerhit in de Nederlandse bioscopen. La Novia zal dat lot niet zijn beschoren, want de film wordt hier niet uitgebracht. Het is een beetje typerend voor deze tweede editie van het Amsterdam Spanish Film Festival, eind mei in Pathé Tuschinski en EYE. Veel goede wil, minder resultaat.

Het festival werd – heel opmerkelijk – drie weken voor aanvang afgetrapt met Truman, de buddy film van Cesc Gay die inmiddels kijkers trekt in de filmhuizen. Hoewel bescheiden van omvang (14 films plus een programma van kortfilms in 6 dagen) biedt het programma een uitgelezen kans om kennis te nemen van films die verder in Nederland niet te zien zullen zijn. Alleen Ma Ma van Julio Medem, met Penélope Cruz in de hoofdrol, zal later dit jaar in roulatie gaan. Ik heb hem door omstandigheden niet kunnen zien, maar de kritieken in Amerika zijn vernietigend. Wat ik wel zag was het volgende.

La Novia
La Novia (De Bruid) is gebaseerd op een toneelstuk uit de jaren dertig van de Spaanse dichter Lorca en handelt over hartstocht. Een bruid verlaat op de huwelijksnacht haar kersverse echtgenoot om zich te voegen bij haar grote, maar door familievetes verboden liefde. Dat loopt niet goed af.

De vrouwelijke hartstocht stond eveneens centraal in de debuutfilm van Paula Ortiz, De tu ventana a la mía uit 2011, en als je La Novia (**) iets niet kunt verwijten is dat de film mank gaat aan gevoelsarmoede. Feeërieke plaatjes van onaards fraaie woestijnlandschappen en een stoet van karakterkoppen in een tijdloze setting maken evenwel nog geen geslaagde kijkervaring. Om het publiek te behagen laat de regisseur hoofdrolspeelster Inma Cuesta geheel overbodig haar bloes open knopen. Voyeurisme als kunst?

Deze kijker lukte het geen seconde om contact te maken met de film, platgeslagen als hij was door de niet aflatende stroom van emotionele uitbarstingen en dwarse koppigheid. Hij is niet gewend aan dit soort oprispingen van gemoedszwangere verdwazing. Die zijn wellicht vertrouwd binnen de Spaanse cultuur, maar voor deze kaaskop meer dan een tikkeltje te volvet. Het verklaart ook waarom La Novia niet in Nederland uitkomt. Hij is te Spaans om een internationaal publiek te behagen.

Retribution
ASFF heeft een lange lijst sponsors en een ruimhartig budget, waarmee regisseurs, acteurs en officials naar Amsterdam worden gevlogen om het festival met lijfelijke aanwezigheid extra cachet te verlenen. De films die werden vertoond in Tuschinski 1 (de mooiste bioscoopzaal van Nederland, en wellicht Europa) werden door de charmante Spaanse gastvrouw ingeleid in niet altijd even verstaanbaar Engels, al dan niet bijgestaan door een actrice of regisseur van dienst. En een tolk, want weinigen in het Spaanse filmvak zijn de internationale voertaal machtig.

Dat gold ook voor Dani de la Torre, de regisseur die na enkele kortfilms en tv-producties het afgelopen jaar in de Spaanse bioscoop debuteerde met El desconocido, op ASFF omgedoopt tot Retribution. Een bankdirecteur brengt zijn tienerdochter en zoon met de auto naar school wanneer de telefoon gaat. Een stem draagt hem op zijn bankrekening en die van zijn vrouw leeg te maken, nadere instructies volgen. Geen politie en ook niet uit de auto stappen, want onder zijn stoel zit een bom.

Retribution (**) speelt in La Coruña, de Atlantische havenstad in Galicië – de directrice van de regionale VVV las ter introductie een wervende tekst voor – en voltrekt zich zeven kwartier lang in en om de auto van de belaagde financier. Een kruising van Locke (met Tom Hardy) en Speed (met Sandra Bullock), zou je kunnen zeggen. Dat moet vonken.

Het lukt de regisseur evenwel niet om de claustrofobie van het gegeven om te zetten in drama, hoe hard de man en zijn kinderen ook tegen elkaar schreeuwen. Zowel qua plot als cinematografie overstijgt Retribution nimmer de genreclichés en de film – eigenlijk een opgeklopte tv-film – kan niet in de schaduw staan van thrillers uit Spanje als Alberto Rodriguez’s Grupo 7 of Oriol Paulo’s El Cuerpo.

The 33
Was Retribution matig bezocht (die avond speelden twee clubs uit Madrid om de belangrijkste Europese prijs voor clubvoetbal), ook bij The 33 van de Mexicaanse regisseur Patricia Riggen was Tuschinski 1 maar voor een derde gevuld. The 33 vertelt het waargebeurde verhaal na van de 33 mijnwerkers die in oktober 2010 na een unieke en voor onmogelijk gehouden reddingsactie onder de grond van de Atacama-woestijn in Chili tevoorschijn kwamen. Daar hadden ze 69 dagen vast gezeten.

Het voorval werd wereldnieuws en de redding, naar verluidt, wereldwijd door zo’n miljard mensen via de beeldbuis gevolgd. The 33 (***) heeft het Engels als voertaal en mikt met zijn aanwezigheid van enkele Hollywood-sterren (Antonio Banderas, Gabriel Byrne, Juliette Binoche) op een internationaal publiek. Dat krijgt een verhaal voorgeschoteld dat met brede streken wordt verteld door een film die niet kan kiezen tussen documentaire of rampenfilm. En dus geen van beide is.

Ook in The 33 draait alles om sentiment: van de mannen onder de grond die zich belazerd weten door wegkijkend management, de vrouwen boven de grond die te hoop lopen bij het mijnkantoor en de politiek in hoofdstad Santiago die de eer van de natie op het spel ziet staan. Alleen de ingenieurs van de reddingsoperatie houden het hoofd – en de boor – koel.

Banderas speelt de mijnwerker die zijn collega’s tot rust en discipline weet te manen, hij zorgt tevens voor de komische noot. Heel even komt de film tot leven in een hallucinante passage waarin de mannen fantaseren over voedsel, om zich daarna weinig geïnspireerd tot het (vooraf bekende) slot te slepen. Voor zo’n ‘diep’ verhaal blijft The 33 een vlakke vertoning.

El Mundo Sigue
ASFF had het klapstuk bewaard voor de slotavond. Terwijl in EYE de slotfilm Nobody Wants The Night werd vertoond, draaide voor zo’n veertig man en vrouw in een bijzaal van Tuchinski El Mundo Sigue (De wereld draait door, op ASFF aangekondigd als Life Goes On). Die film uit 1965 van de vermaarde acteur en regisseur Fernando Fernán Gómez was vanwege de politieke ondertoon door dictator Franco verboden en werd vorig jaar, digitaal gerestaureerd, op de dag af exact vijftig jaar na de oorspronkelijke première opnieuw in omloop gebracht. De film is nog nauwelijks buiten Spanje te zien geweest.

El Mundo Sigue speelt in een Madrileense volkswijk en biedt een weinig glamoreus beeld van het leven van gewone mensen in het Spanje van de jaren zestig, het Spanje van Franco. De regisseur volgt enkele personages uit een ensemble cast, een gezin met een bijbel-citerende zoon en twee aantrekkelijke dochters. Fernán Gómez zelf speelt de sukkelaar Faustino, de echtgenoot van dochter Eloíse die ooit werd uitgeroepen tot de mooiste vrouw van Madrid maar nu in armoe leeft, want Faustino vergokt zijn loon en haar huishoudgeld.

Haar zus Luisita pakt het anders aan. Zij gebruikt haar schoonheid om zich als gezelschapsdame naar een steenrijke echtgenoot te hoereren. De twee zussen kunnen elkaars bloed wel drinken, wat aanleiding geeft tot hysterische ruzies. De eeuwige loser Faustino weet iedere meevaller te verkwanselen en een greep uit de kas van de bar waar hij als ober werkt vormt de inleiding van zijn ondergang. Hij sleept zijn vrouw mee.

El Mundo Sigue (*****) is een parel, Fernán Gómez’s persoonlijke variant op het Italiaanse neorealisme. Hij vertelt het verhaal in korte scènes, gebruikt economisch en geraffineerd vormelementen uit de nouvelle vague (korte flashbacks, monologue intérieur als voice-over) en verrast meermalen met camerastandpunt en camerabeweging. El Mundo Sigue is nog even fris als de dag waarop de censuur van Franco hem naar de vergetelheid verbande. Deze vergeten klassieker verdient het om gedraaid te worden in de Nederlandse filmhuizen. Programmeurs, grijpt uw kans.

 

2 juni 2016

 

Lees ook: Boek over Spaanse cinema.
 

Alle festivalverslagen

Turkse melancholie en hartstocht

Turkse melancholie en hartstocht

door Cor Oliemeulen

Door al het gesteggel over Turkije zou je bijna vergeten dat er in dat land nog mooie films worden gemaakt. Een selectie hiervan is van 27 mei tot en met 4 juni te zien tijdens het Rode Tulp Film Festival dat draait in zes steden: Rotterdam, Den Haag, Amsterdam, Eindhoven, Utrecht en Tilburg. Veertien Turkse arthouse films strijden voor de Rode Tulp en op alle locaties zijn omlijstende activiteiten geprogrammeerd.

Het thema van de vierde editie van het Rode Tulp Film Festival is zeer actueel: vluchtelingen en gedwongen migratie. Indebioscoop blikt vooruit met twee in het oog springende films, die niet direct onder deze noemer vallen. Het prachtig gefilmde, melancholische Rauf toont het Turks-Koerdische conflict door de ogen van een jonge jongen, en in het sterk geacteerde Sarmasik stapelen conflicten zich langzaam op tot een mysterieuze finale.

Rauf

Roze als metafoor van hoop en vrolijkheid
Dat een kind in zijn eentje een film kan dragen, zagen we vorig jaar nog in boeiende drama´s als Macondo en Theeb. Het is soms verfrissend om te zien hoe kinderen omgaan met een nieuwe situatie op het moment dat zekerheden dreigen weg te vallen. In Rauf zien we de jonge titelheld (Alen Huseyin Gursoy) ravotten met zijn twee beste vriendjes in een afgelegen Koerdisch dorpje in Oost-Turkije. Op school krijgt Rauf soms op zijn donder en valt hij bijna in slaap als de leraar nationalistische propaganda over de kinderen uitstrooit. Liever gaat hij werken bij een naburige timmerman die zich voornamelijk bezighoudt met het vervaardigen van doodskisten.

In het dorp zien we hoofdzakelijk kinderen, vrouwen en ouderen – de mannen vechten in de bergen. Af en toe horen we op de achtergrond beschietingen en zien we lichtflitsen aan de donkere hemel. Een omaatje wacht op een heuveltje in weer en wind tevergeefs op de terugkomst van haar zoon. De kleine Rauf wordt verliefd op Zana, de volwassen dochter van de timmerman. Zij heeft zich laten ontvallen dat roze haar favoriete kleur is, maar Rauf heeft geen idee hoe dat eruitziet. Zijn amusante zoektocht naar roze wordt een metafoor van hoop en vrolijkheid in de grauwe en onheilspellende omgeving waarin Rauf opgroeit.

De cinematografie van Rauf is schitterend. De sneeuwlandschappen doen direct denken aan de films van Nuri Bilge Ceylan, maar in tegenstelling tot de veel gebruikte lange takes van deze grote Turkse regisseur is de cameravoering veel dynamischer, wat goed past bij de beleving van de hoofdpersoon. Rauf is het prachtige debuut van de talentvolle Soner Caner en Baris Kaya die alle tijd nemen voor de introductie en met een verrassende gebeurtenis het drama op het juiste moment weten te kantelen en zowel Rauf als de kijker meevoeren tot de wonderschone finale.

Sarmaşık

Genoegdoening op de loer in uitzichtloos drama
Na de screening van Sarmaşık op een aantal internationale filmfestivals werd regisseur Tolga Karaçelik al snel gebombardeerd als rijzende ster van de Turkse cinema. Nu is dat een tikkeltje voorbarig, want een zwaluw maakt nog geen zomer en zijn komische sitcom Bebek isi die gaat over een stel dat een baby opvoedt, kreeg heel wisselende kritieken. Tolga Karaçelik (1981, Istanbul) studeerde rechten en film (in New York), schreef poëzie, maakte videoclips en vestigde in 2010 de aandacht op zich met zijn speelfilmdebuut Gise Memuru, een existentieel drama over een in zichzelf pratende man die verpietert in een tolhuisje.

In Sarmaşık bevinden meerdere personen zich in een soortgelijke kafkaëske situatie. Plaats van handeling is een vrachtschip op weg naar Egypte dat midden op zee voor anker gaat nadat het bedrijf bankroet is gegaan. De kapitein selecteert een minimumaantal van vijf bemanningsleden en wacht op goed nieuws, dat niet komt. Ieder personage staat voor een archetype, waardoor botsingen een kwestie van tijd zijn. De plot draait om Cenk (sterke rol van Nadir Saribacak: Winter Sleep), die zich steeds meer hardop afvraagt wat het doel is om zolang zonder salaris en met toenemende voedselschaarste te worden gekoeioneerd door de kapitein en een collega die zich diens rechterhand voelt. Liever ligt Cenk met zijn maat in hun kajuit te blowen.

Na de uitstekende psychologische opbouw met karakterontwikkeling lukt het de regisseur de kijker goed bij de les te houden nadat een van de bemanningsleden (een zwijgzame reus) is verdwenen en diens geest op het schip gaat rondwaren. Verveling slaat om in paranoia en Karaçelik weet die te verbeelden als een thriller met surrealistische elementen – om ten langen leste genoegdoening voor de gekwelde geesten te suggereren.

Lees hier alles over het Rode Tulp Film Festival.

24 mei 2016

 

Alle nieuws

Amsterdam Spanish Film Festival 2016

Heerlijk Spaans sentiment

door Cor Oliemeulen

De tweede editie van het Amsterdam Spanish Film Festival (ASFF) trapt woensdag 25 mei af met La Novia. Pathé Tuschinski en EYE staan zes dagen lang in het teken van de Spaanse cinema. Van een grote landelijke première met het bezoek van de bekende filmmaker Julio Medem tot en met debuutfilms, compilaties en oude bekenden. Verder zien we opvallend veel films van vrouwelijke regisseurs.

De openingsfilm La Novia van Paula Ortiz trok tijdens het laatste IFFR in Rotterdam driemaal een uitverkochte zaal. In deze zinderende bewerking van het toneelstuk Bloedbruiloft van Federico García Lorca moet een bruid op het platteland van Zuid-Spanje in de jaren dertig kiezen tussen haar rijke verloofde en haar jeugdliefde Leonardo. De fraaie beelden, de sfeervolle soundtrack en het passievolle spel kunnen een fatale afloop van een verboden liefde niet verhinderen. De mooie Inma Cuesta was eerder te zien in het fantastische Blancanieves.

Ma Ma
De film waarvoor de verwachtingen het hoogst gespannen zijn, is Ma Ma van Julio Medem (Los amantes del Circulo Polar, 1998 en Lucia y el sexo, 2001) waarin Magda (Penélope Cruz) ontdekt, nadat haar man haar heeft verlaten voor een jonge vrouw, dat ze ziek is en nog maar een paar maanden te leven heeft. Dat leidt tot onverwachte situaties en grote emoties, die bij Cruz ongetwijfeld in goede handen zijn. Ma Ma zal in het najaar in de Nederlandse theaters verschijnen.

Een bioscooprelease van Los 33 staat nog niet gepland, maar de distributeur die de uitdaging aanneemt, zal waarschijnlijk niet worden teleurgesteld, omdat dit prima biografische drama bij velen in de smaak zal vallen. Het verhaal over de 33 mijnwerkers in San Jose die in 2010 maar liefst 69 dagen honderden meters onder de grond gevangen zaten, is met vaart en verstoken van al teveel sentimentele fratsen gemaakt door Patricia Riggen. Het is opmerkelijk voor een Spaanstalig festival dat deze film in het Engels is opgenomen, maar logisch door de cast met bekende namen (o.a. Antonio Banderas, Juliette Binoche en Gabriel Byrne) en het willen scoren op de internationale markt.

De plant en de ziel
Las Plantas is de opvallende debuutfilm van de Chileense regisseur Roberto Doveris die gaat over Florencia die voor haar zieke broer zorgt en kampt met financiële problemen. Als verstrooiing raakt ze in de ban van een stripverhaal waarin planten tijdens volle maan de ziel van mensen beheersen. Zo creëert ze haar eigen verdichting vol dromerige beelden waarin ze pardoes haar seksualiteit ontdekt. Deze psycho-thriller voor tienermeisjes viel tijdens het filmfestival Berlinale op vanwege zijn experimentele vormgeving en de metallische soundtrack.

In haar drama’s plaatst de Spaanse regisseur Isabel Coixet de personages meestal in een bijzondere setting en mag de vrouwelijke protagonist op een weinig alledaagse manier affectie voor haar tegenspeler ontwikkelen. Zo is My Life Without Me (2003) een romantisch drama over een vrouw met terminale kanker, The Secret Life of Words (2005), een aangrijpende geschiedenis over de toegewijde liefde van een vrouw voor een verbrande man, en raakt in Elegy (2008) een jonge studente (Penélope Cruz) verwikkeld in een seksuele relatie met een oudere literatuurprofessor (Ben Kingsley).

In Coixets nieuwste film Nadie quiere la noche (Nobody Wants the Night) volgt Josephine (opnieuw Juliette Binoche) in 1908 haar echtgenoot, een ontdekkingsreiziger, op een gevaarlijke reis naar Antarctica. Ze besluit om daar te blijven en sluit vriendschap met een Inuit-vrouw. Een gratis glaasje Spaanse wijn met wat tapas na afloop van deze noordelijke slotfilm van het ASFF zal er vast wel ingaan.

 

20 mei 2016

 

Tien onvergetelijke en essentiële Spaanse films.

 

Lees ook: Boek over Spaanse cinema.