Jeu, Le

****
recensie Le jeu

Eten van de verboden vrucht

door Ries Jacobs

Tijdens een etentje stelt de gastvrouw een spel voor waarbij alle tafelgenoten de berichten die op hun smartphone binnenkomen met de anderen moeten delen. De risico’s van dit spel zijn natuurlijk enorm. Het is als een avonturenfilm waarbij jongens een enge grot in lopen. Je weet vooraf dat het fout gaat, de vraag is alleen hoe. 

Benoît is het vijfde wiel aan de wagen. De werkloze, tegen overgewicht vechtende gymleraar zit aan de eettafel tussen drie maatschappelijk succesvolle stellen. In zijn pogingen om ook met een interessant verhaal te komen, vertelt hij over een man die in het bijzijn van zijn vrouw overleed. Een minuut na het overlijden ontving de weduwe op de telefoon van haar wijlen echtgenoot een bericht van zijn maîtresse.

Le Jeu

Tijdens de discussie die volgt stelt psychologe Marie voor dat iedereen zijn of haar telefoon op tafel legt. Wie een bericht ontvangt, leest het voor. Niet iedereen is direct voor. Maar wie dit spelletje niet aandurft, heeft iets te verbergen, toch? Dus beginnen de vrienden aan een sociaal experiment. De meest intieme geheimen komen ter tafel, van borstvergroting tot affaires.

Zelfgecreëerd paradijs
Regisseur Fred Cavayé bewerkte het script van de Italiaanse film Perfetti sconosciuti (2016) tot het Franstalige Le jeu. Het uitgangspunt van de Italiaanse schrijvers van het oorspronkelijke script was dat iedereen een geheim leven heeft. Tegenwoordig is het plekje dat we voor onszelf hebben onze mobiele telefoon. Vergrendel het ding en je hebt een hele wereld voor jezelf, je eigen zelfgecreëerde paradijs.

Het spel met de smartphones is te leuk om niet te spelen. Voor de zeven hoofdpersonages van Le jeu is de sensatie om de geheimen van anderen te ontdekken te groot. Dit is een verboden vrucht die te verleidelijk is om niet van te eten, ook al weet je dat deelname aan het spel het einde van je zelfgecreëerde paradijs kan betekenen.

Toch is Le jeu geen pleidooi voor oneerlijkheid. Eerder lijkt de film ons te willen laten zien dat iedereen nu eenmaal geheimen heeft die je beter niet kunt delen met je omgeving. We kunnen ons hier beter bij neerleggen, dan volledige openheid te verlangen van onze naasten. In een wereld waarin we steeds meer hechten aan transparantie, is het in orde als je niet alles met je naasten deelt.

Le Jeu

Lachwekkend en tenenkrommend
Een verhaal over mensen die besluiten hun geheimen te delen, biedt enorme mogelijkheden. Cavayé buit die uit zonder over de schreef te gaan. Het verhaal wordt nooit ongeloofwaardig. De film heeft een overduidelijke moraal, maar de regisseur brengt deze niet moraliserend.

Eerder is dit laatste werk van Cavayé een aaneenschakeling van onverwachte plotwisselingen en scènes de zowel lachwekkend als tenenkrommend zijn. Dit maakt de film gemakkelijk om naar te kijken. Hoewel het een typische acteursfilm is – je zou hem zo kunnen bewerken tot een toneelstuk – heeft Le jeu de snelheid en de plotwisselingen van een avonturenfilm. Dat maakt deze arthousefilm geschikt voor een groot publiek. Het wachten is op een Nederlandstalige versie.

 

24 april 2019

 

ALLE RECENSIES

Grand Bain, Le

***
recensie Le Grand Bain

Synchroonzwemmers in midlifecrisis

door Sjoerd van Wijk

Le Grand Bain brengt energie in een klassiek underdogverhaal. De sierlijkheid waarmee de film over een olijke bende mannen in midlifecrisis verhaalt, leidt tot aanstekelijk optimisme, maar is wel een misvatting van hun problematiek. 

Bij het plaatselijke zwembad vormt een samengeraapt zooitje mannen van middelbare leeftijd een synchroonzwemteam. Tweewekelijks is het trainen van het niveau bierteam geblazen, gevolgd door diepe gesprekken over ieders problemen. Want ze hebben allen wel iets, van depressie, falende ondernemingen tot aan woede-uitbarstingen. Totdat zij besluiten mee te doen aan het wereldkampioenschap synchroonzwemmen voor heren. Het verhaal volgt vele welbekende punten, inclusief voormalige topzwemsters met een verleden die hen moeten omscholen tot kampioenen. Maar Le Grand Bain draait gelukkig niet om deze sportfilmclichés waarin een montage om progressie aan te duiden niet kan ontbreken. 

Le Grand Bain

Midlifecrisis smörgåsbord
Het gaat om de triomf van de mannen om weer iets van het leven te maken. Het koddige ensemble vertedert, wat een prestatie is gezien het feit dat het om een stel heren uit de middenklasse gaat, normaliter niet een groep die als underdog bekend staat. De groep is een waar smörgåsbord van hedendaagse problemen, of het nu refereert aan de depressie-epidemie zoals bij Bertrand (Mathieu Almaric) of iets eenvoudiger als Simons (Jean-Huges Anglade) verwoede pogingen om zijn droom van rockster waar te maken.

De herkenbaarheid komt eerder oprecht dan schematisch over mede dankzij het innemende spel van acteurs als Guillame Canet (Double Vies). Dat de vele verhaallijnen vaak plotse wendingen bevatten, zoals Simons van hem vervreemde dochter die uit haarzelf de verzoening inzet, doet geen afbreuk aan de authenticiteit. 

Innemend energiek
De vaart blijft er in met een sierlijkheid die past bij het synchroonzwemmen. Regisseur Gilles Lellouche moet verschillende ballen tegelijk in de lucht houden en doet dit op dynamische wijze. Beweeglijk voert Le Grand Bain mee van hot naar her met amusante onderonsjes tussen de personages als boeg binnen alle vaarwateren. De spanningen die een strenger trainingsregime met zich meebrengen, geven Leïla Bekhti als de aan een rolstoel gekluisterde oud-topper Amanda de ruimte om te schitteren. Haar tekeergaan tegen de stukken onbenul is van een bevrijdende geestigheid. 

Tegenover deze lach staat de traan van alle individuele problematiek. In de verte doet deze versie van feelgood denken aan Little Miss Sunshine of Jean-Pierre Jeunet, maar Lellouche geeft er een eigen draai aan met vlotte overgangen en opzwepende beweeglijkheid. Zo is een onderwerp wat op het eerste gezicht had kunnen leiden tot oubolligheid juist innemend energiek. 

Le Grand Bain

Hartverwarmend maar verraderlijk
Deze vitaliteit is onlosmakelijk verbonden met de overduidelijke moraal van het verhaal. Rondjes en vierkanten passen niet in elkaar, of toch wel? Deze moraal is weliswaar vernuftig geïntroduceerd met een gesmeerde stortvloed aan beelden, maar komt erg sturend over met gevormde kadering. De plotse wendingen getuigen daarom ook van een gebrek aan echte beproevingen voor de personages die deze gedachte kenbaar maken. Alles voor elkaar boksen met het team lijkt al voldoende voor alle individuele problematiek. Aan de ene kant werkt deze energieke lofzang op het onmogelijke voor elkaar krijgen aanstekelijk. Het optimisme waarmee de personages hun problemen als sneeuw voor de zon zien verdwijnen, is hartverwarmend. 

Maar daarin zit tegelijk ook een vorm van verraad. De midlifecrisis van de teamleden komt dikwijls neer op systemische mankementen, gebaseerd op de hedendaagse ethos dat alles kan als men er maar voor werkt. Zoals filosoof Byung-Chul Han opmerkt, leven wij in de vermoeide samenleving waar niet een ander ons dwingt iets te moeten doen, maar wij onszelf dwingen alles te kunnen doen. Le Grand Bain ziet daarmee niet in dat het geloof alles te kunnen geen triomfantelijke conclusie is maar juist de oorzaak van de problemen van zijn personages.

 

8 april 2019

 

ALLE RECENSIES

Thunder Road

***
recensie Thunder Road

Dans voor overleden moeder

door Cor Oliemeulen

De politie kan in deze roerige tijden wel een beter imago gebruiken. Thunder Road schetst een tragikomisch portret van een agent die het allemaal heel goed bedoelt, maar wordt gehinderd door een naderende zenuwinzinking.

Jim Arnaud werkt zes jaar bij de politie in een klein Texaans stadje. Hij is gescheiden en dreigt de voogdij over zijn dochtertje te verliezen. Jim oogt erg nerveus, is soms onvoorspelbaar, praat veel en regelmatig over irrelevante zaken, en heeft sinds het recente overlijden van zijn moeder zijn emoties niet meer onder controle. Mensen die hem niet beter kennen, zouden hem compleet gestoord kunnen noemen en hem liever in een dwangbuis zien dan in een politie-uniform. Maar wij als filmkijkers leren Jim wel wat beter kennen. Hij heeft ontegenzeggelijk zijn hart op de goede plaats, maar dat hart een tikkeltje minder luchten, zou prettig zijn.

Thunder Road

Groot talent
Jim Cummings, die de hoofdrol speelt en de film regisseerde, blijkt in die beide hoedanigheden een groot talent. Als acteur creëert hij met gemak binnen tien seconden een heel arsenaal aan uiteenlopende emoties, terwijl hij als regisseur en producer zijn hele ziel en zaligheid in zijn speelfilmdebuut Thunder Road heeft gelegd. Met crowdfunding haalde hij een paar ton op, huurde vooral mensen uit zijn eigen omgeving in en distribueerde zijn film zelf naar een dertigtal Amerikaanse bioscopen. Gelukkig heeft de film nu ook de Nederlandse bioscoop bereikt.

Vanwege het gebrek aan voldoende financiële middelen maakte Cummings eerder zo’n tien korte films waarmee hij veel kon leren over narratief en techniek. Bijna alles nam hij op in één lang shot, waardoor situaties indringend worden omdat je als kijker maar één perspectief van een bepaalde, vaak absurde, gebeurtenis hebt. Dat experimenteren leidde in 2016 tot de briljante kortfilm Thunder Road (kijken!) die werd overstelpt met vele awards, zoals de juryprijs van het Sundance Film Festival. De monoloog van een man die wordt verteerd door herinneringen en verdriet tijdens zijn toespraak bij de kist van zijn overleden moeder is een klein meesterwerk van schrijven, regisseren en acteren. Het succes van de korte film smaakte naar meer en leverde Cummings’ eerste speelfilm met dezelfde titel op.

Heerlijk ongemakkelijk
Thunder Road, de prachtige openingstrack van het legendarische Bruce Springsteen-album Born to Run (1975), is het slaapliedje dat Jim Arnauds moeder vroeger altijd voor hem zong. “Iedereen rouwt op zijn eigen manier”, zegt de uitvaartleidster wanneer Jim met een roze cd-spelertje naar voren komt om iets over zijn lieve moeder te vertellen en al een idee heeft wat de komende tien minuten staat te gebeuren. Jims moeder runde een balletschool en was een vrije geest. Net zoals Springsteen zingt over gewone zielen in het andere Amerika en hen aanmoedigt om hun lusteloze levens te veranderen, kon ook zij zomaar in een auto stappen en vertrekken.

Thunder Road

Jim spreekt mooie woorden, stamelt, stottert, snottert. Zo intens aangrijpend dat de kijker voortdurend laveert tussen medelijden en verwondering. Buiten beeld wordt Jim op de moeilijkste momenten rustgevend toegesproken, getroost en aangemoedigd om zijn hart te volgen en zijn emoties de vrije loop te laten. Dan start de cd en horen we de piano en de mondharmonica. Bruce begint te zingen. En Jim zingt – door een zee van tranen en gebroken keelklanken – vol overgave met hem mee. Alsof dat nog niet confronterend genoeg is, doet Jim ook nog een maf dansje. Zelden zag je een dodelijkere combinatie van ontroering en ongerief op het scherm. Hoe jammer is het dan dat Jim in de speelfilm niet meezingt en hier ook de muziek niet is te horen (ditmaal werkt de cd-speler niet), maar gelukkig is zijn dansje wel gebleven.

Alle goede bedoelingen, originele invalshoeken en spitsvondigheden ten spijt schuilt in het uitbreiden van een korte film tot een lange film het gevaar van minder sterke fragmenten. We leren onze welwillende politieagent Jim Arnaud weliswaar een stuk beter kennen en hebben begrip voor zijn moeilijke levensfase, maar kunnen hem door enkele flauwigheden (Jim heeft ‘s nachts zijn koelkast gesloopt omdat hij dacht dat het een inbreker was) en ongepastheden (Jim slaat een zojuist overleden vrouw in het gezicht) moeilijk onze onvoorwaardelijk sympathie schenken. Echter vertolker Jim Cummings is zo oorspronkelijk, talentvol en heerlijk ongemakkelijk dat we reikhalzend uitzien naar zijn tweede speelfilm.

 

26 maart 2019

 

ALLE RECENSIES

Eighth Grade

****
recensie Eighth Grade

Memoires van een tiener

door Suzan Groothuis

Wat heb je er voor nodig om jezelf te zijn? Hoe ga je confrontaties aan? En hoe bereid je je voor op die moeilijke stap naar high school? Tiener Kayla etaleert deze kwesties op haar YouTube-kanaal, steevast afsluitend met: Gucci!

De kracht van internet: ook puber Kayla heeft hem gevonden. Op YouTube laat ze filmpjes van zichzelf zien en heeft ze het over de worstelingen van het opgroeien. Jezelf zijn is lastig. Zeker als je verlegen bent en door iedereen gezien wordt als het stille meisje. Sterker nog, wanneer er op school een superlatievenwedstrijd is, is Kayla “the most quiet girl”. Maar als je naar haar YouTube-video kijkt, leer je een andere Kayla kennen. Ze is niet verlegen, ze wil gewoon niet praten.

Eighth Grade

YouTube is voor Kayla een middel om zichzelf te uiten. Op aandoenlijke en eerlijke wijze heeft ze het voor de camera over je angsten overwinnen en wat daarvoor nodig is. Of hoe je jezelf meer kan laten zien. De echte jij, welteverstaan. Maar in het dagelijks leven is het tonen van die echte ik een worsteling. In de klas is Kayla een eenling. Als ze iets zegt, wordt ze nauwelijks opgemerkt. En als ze al contact probeert te maken met de populaire meiden uit haar klas, staan ze ongeïnteresseerd met hun blik op hun telefoon gericht. Thuis is het tegenovergesteld: daar probeert vader Mark (Josh Hamilton, 13 Reasons Why, American Horror Story) contact met Kayla te maken. En zit zij letterlijk in haar telefoon. Hoe meer de betrokken Mark toenadering zoekt, hoe meer Kayla afstand houdt.

Platform om jezelf te zijn
Eighth Grade is het debuut van Bo Burnham en laat op integere wijze de worsteling van een meisje met zichzelf en de wereld om haar heen zien. Burnham, die als tiener ook YouTube inzette om zijn onzekerheden van zich af te praten, geeft Kayla een platform om zichzelf te kunnen zijn en haar hoop en wensen vorm te kunnen geven. Hoewel er genoeg momenten zijn die Kayla’s zelfvertrouwen doen wankelen, zoals een ongemakkelijk verjaardagsfeest van het populairste meisje uit de klas, blijft zij als persoon overeind. Anders dan bijvoorbeeld een film als Todd Solondz’, Welcome to the Doll House, waarin de onaantrekkelijke Dawn Wiener (een seventh grader) in een neerwaartse spiraal terechtkomt. En Kayla schopt het ook weer niet van grijze muis tot een van de populaire meiden, zoals de dikke Patty uit de serie Insatiable die kilo’s lichter ineens razend gewild is.

Hoewel er een hang is naar erbij willen horen, of gezien willen worden, is Eighth Grade vooral een zoektocht naar je eigen identiteit. Burnham balanceert kundig tussen komisch, ongemakkelijk en realistisch en heeft met Elsie Fisher als Kayla een ongelofelijk sterke troef in handen. Volstrekt natuurlijk zet ze Kayla neer. Als kijker voel je haar onzekerheden, angsten en hoop – gevoelens die voor iedereen die tiener is of tiener is geweest (pijnlijk) herkenbaar zullen zijn.

Eighth Grade

Tienerdagboek tot leven
Het is knap hoe authentiek de film aanvoelt, alsof een tienerdagboek tot leven komt. Terwijl Burnham ook speelt met de herkenbare elementen van een (pre) high school comedy: de hunk uit de klas die jou niet ziet zitten, maar je wel doet zweven; een overbezorgde vader voor wie je je schaamt en de nerd die later toch wel leuk blijkt te zijn. Dit alles gekoppeld aan de tijd van nu, waarin social media een bepalende rol hebben.

Die huidige tijdgeest weet Burnham perfect te vangen. Tieners die opstaan en naar bed gaan met hun telefoon, waaraan hun hele zijn is gelieerd. Ook in het geval van Kayla, die liever filmpjes kijkt of muziek luistert dan haar vader aanhoren. Maar ondertussen is ze, dan weer kwetsbaar, dan weer krachtig, temidden van al die likes en snapchats, op zoek naar haar echte ik en verbondenheid.

 

19 februari 2019

 

ALLE RECENSIES

Can You Ever Forgive Me?

**
recensie Can You Ever Forgive Me?

Lee Israel neemt de boel in de maling

door Yordan Coban

Leugens zijn een invloedrijke bron van veel kwaad in de wereld. Mensen nemen elkaar voortdurend in de maling. Films behandelen dit onderwerp vaak op dezelfde manier. Valt Can You Ever Forgive Me? te vergeven ondanks het gebruik van dit veelgebruikte format?

Lee Israel (gespeeld door Melissa McCarthy) heeft in het verleden succes behaald met het schrijven van biografieën. Ze heeft een afkeer tegen de wijze waarop de meeste schrijvers zich profileren om zo interessant over te komen. Ze doet niet mee aan het commerciële circus rond de literatuur. Dit is mede de reden voor haar stagnerende succes als schrijfster. Door brieven van beroemde schrijvers te vervalsen, probeert ze financieel haar hoofd boven water te houden.

Can You Ever Forgive Me?

Lee Israel is in Can You Ever Forgive Me? bepaald geen warm mens. Melissa McCarthy speelt overtuigend haar personage, dat een leven vol teleurstelling heeft gekend. De actrice laat Lee Israel lijken op de vrouwelijke versie van Bill Murray in zijn hoogtijdagen als acteur (Groundhog Day, Lost in Translation en Broken Flowers).

Leugens
De ethiek in films die leugens behandelen, is vaak kwalijk kort door de bocht. In negen van de tien keer liegt het personage voor eigen gewin; de leugen komt uit waardoor het personage een korte periode van onfortuin kent; het personage verontschuldigt zich en wordt verlost van de zonde en alles komt goed. Om dit allemaal te laten werken, heeft de film op zijn minst een sterke karakterontwikkeling nodig.

In Can You Ever Forgive Me? zien we dat Lee moeite heeft om zich open te stellen in haar schrijfwerk (vandaar dat ze biografieën schrijft) en in haar persoonlijke leven. Aan het einde van de film heeft zij dit geleerd omdat zij aan een roman over haarzelf begonnen is. Er is een sterk geacteerde scène in de rechtbank, waarin Lee stelt dat ze is gefaald als schrijfster. Voor even laat ze het achterste van haar tong zien. Lee zegt met tranen in haar ogen dat de afgelopen tijd de gelukkigste periode uit haar leven was en dat ze er geen spijt van heeft. Het klinkt ontroerend maar ze slaat de plank mis. Geen moment lijkt Lee werkelijk gelukkig. Ze is continu eenzaam, gestrest en verbitterd. Dat is niet erg, maar als de film achteraf meent dat ze al die tijd gelukkig was, voelt de kijker zich in de maling genomen. Haar vervalsingen hebben haar alleen maar ellende bezorgd.

Een film die dit gegeven wel goed aanpakt, is L’emploi du temps (2001) van Laurent Cantet. In dit drama komt wat betreft de leugen alles uiteindelijk goed in oppervlakkige zin. Maar de diepere oorzaak van de problemen van het hoofdpersonage blijven aan het einde zichtbaar onopgelost. Problemen die iets fundamenteels zeggen over onze samenleving en waaraan het hoofdpersonage zich machteloos moet overgeven. De leugen was een ontsnappingspoging maar ontsnappen is voor hem onmogelijk. Voor Lee komt daarentegen alles voorspoedig plompverloren samen.

Can You Ever Forgive Me?

Onverdiend gejuich
Naast het feit dat het verhaal cliché is, doet de climax van de film erg denken aan de afhandeling van het geschiede kwaad door Dixon (Sam Rockwell) in het onterecht geprezen Three Billboards Outside Ebbing, Missouri (2017). Als Dixon (een gewelddadige racistische man die van zijn daden niks geleerd heeft) besluit om iemand om te leggen waarvan hij niet eens weet of diegene ook werkelijk een misdadiger is, is gejuich niet op zijn plek. Hoe erg de film dit ook probeert te verkopen. Zo extreem is het gelukkig niet in Can You Ever Forgive Me? De daden van Lee Israel zijn beduidend geringer van aard. Toch blijft het onderliggende sentiment tenenkrommend.

Leugens zijn een hardnekkige wortel der kwaad in de wereld. Donald Trump confronteert ons daar elke dag mee. Can You Ever Forgive Me? bevestigt dat als iemand sympathiek genoeg is, je er wel mee weg kan komen als je er een feelgood-einde aan draait.

 

17 februari 2019

 

ALLE RECENSIES

Doubles Vies

**
recensie Doubles Vies

Veel praten, weinig verbeelding

door Sjoerd van Wijk

De gefortuneerde Parijzenaars van Doubles Vies converseren maar door tijdens hun voor de hand liggende romantische kluchten. Het grote probleem is dat de praatjes elke vorm van verbeelding ontberen.

Léonard Spiegel is een zogenaamd getormenteerde schrijver die er allerhande scharrels op nahoudt. Zijn oeuvre is niet zonder controverse, onder andere doordat de autobiografische elementen omtrent deze scharrels wel heel duidelijk tussen de regels door te lezen zijn. Zijn uitgever Alain, die het ook zwaar te verduren heeft met zijn midlifecrisis inclusief stiekempjes vozen met een jongedame van het kantoor, ziet het nieuwe boek niet zo zitten. Dit is een aanleiding voor een overdaad aan gesprekken tijdens etentjes en dergelijken over de toekomst van boeken publiceren, het internet en de vermoedens van vreemdgaan die hun eega’s hebben. De ironie wilt dat Alains vrouw (Juliette Binoche) weer een affaire heeft met Léonard, waardoor het laatste woord over diens nieuwe boek nog niet is gezegd.

Doubles Vies

Vertelling, geen vertoning
Schrijver-regisseur Olivier Assayas (Clouds of Sils Maria) lijkt het adagium ‘show, don’t tell’ om te keren getuige de niet aflatende stroom dialogen. Blijkbaar is er veel gaande in de samenleving. Dat wordt althans veelvuldig medegedeeld tijdens weer een borrel met culinaire hapjes. De onzekerheid van Alains toekomst door een potentiële overname, of nu e-books of luisterboeken de markt veroveren en de perikelen van een socialistische politicus: de ene persoon vertelt het de andere. Dankzij verdienstelijk acteerwerk komen de onderhuidse spanningen waarom het draait naar voren. Desalniettemin blijft Doubles Vies verzanden in een hoeveelheid informatie die ver van de riante woningen van de personages staan.

Geen geel hesje
Aangezien Frankrijk ondertussen al wekenlang in opstand tegen de Franse politieke elite met oppertechnocraat Macron is, lijkt deze film daarom niet op het goede moment uit te komen. De didactische dialogen daargelaten blijft een zekere zelfvoldaanheid overeind ondanks de komische tint. Dit zijn gefortuneerde stadsmensen met de te verwachten ennui die al zo vaak is behandeld. Het is als een Franstalige Woody Allen zoals Hannah and her Sisters minus de humor. Dit betekent dat de film wat speelt met de verveling, maar dat radicale kritiek op een betekenisloos leven uitblijft. Dat Juliette Binoche knipogend bij naam genoemd wordt, onderstreept de zelfvoldaanheid ten overvloede. Een gilet jaune zal Doubles Vies terecht links laten liggen.

Doubles Vies

Geen avontuur
Zo leeg als het bestaan van haar personages is ook de trukendoos van Assayas. De omlijsting komt neer op beeld en tegenbeeld van pratende mensen. Waar is het avontuur? De fantasie? Het speciale van cinema is hoe direct de ervaring overkomt bij de kijker. Men beleeft het vertoonde op een plaatsvervangende manier. De daarmee gepaard gaande emotionele reactie is hetgeen wat beklijft en doet reflecteren. Film op haar zwakst tracht dikwijls te krampachtig te lenen van andere media. Doubles Vies lijkt hier aan ook schuldig. Het is bij tijd en wijle als een veredeld toneelstuk waar toevallig een handheld camera bij aanwezig was.

Wat een verschil met een regisseur als Michelangelo Antonioni, die met ijzingwekkende precisie personages in hun omgeving wist te laten opgaan en zo de vervreemding te vangen. Dat maakte vergelijkbare liefdesperikelen als in Doubles Vies juist tot iets universeels. Hier blijven de midlifecrises en potentieel kluchtige affaires een ver-van-mij-bedshow. Doubles Vies is ondubbelzinnig oncinematisch.

 

12 februari 2019

 

ALLE RECENSIES

Woman at War

****
recensie Woman at War

Vrouw wil moeder aarde redden

door Nanda Aris

Woman at War is een politieke, licht absurdistische en droogkomische film over een vrouw met een dubbelleven. Het plezier van film maken straalt van het doek in deze IJslandse inzending voor de Oscars. 

Halla (Halldóra Geirharðsdóttir) is de vijftigjarige dirigente van een koor, maar in het geheim een activiste. Ze dwarsboomt de aluminiumindustrie door elektriciteitsmasten te saboteren – met pijl en boog, zaag of slijptol – met als doel om de mooie IJslandse natuur te beschermen.

Woman at War

Heldhaftig
De film van Benedikt Erlingsson (Of Horses and Men, 2013), opent met Halla die haar pijl en boog klaarmaakt om te schieten, begeleid door opzwepende drums. We zien haar in een ruig landschap, ‘gesierd’ met elektriciteitsmasten. Deze saboteert ze, om zo de aluminiumindustrie schade toe te brengen. Halla is een soloactiviste, die zich geholpen ziet door een schapenherder in de bergen en een bevriend koorlid, dat ook politiek actief is.

Ze maken zich zorgen om Halla, maar die laat zich niet zomaar afschrikken. Heldhaftig gaat ze drones te lijf, verstopt zich voor patrouillerende helikopters en houdt zich schuil tussen de schapen. Net wanneer de aandacht van politie verscherpt en Halla als de ‘Mountain Woman’ haar volgende grote actie plant, krijgt ze bericht van het adoptiebureau.

Er volgt een hele mooie scène, waarin een tai-chiënde Halla het nieuws over klimaatproblemen op tv bekijkt en gebeld wordt. De camera houdt ons beeld op de tv waarop we mensen gered zien worden van een overstroming. Halla krijgt te horen van het adoptiebureau dat er een Oekraïens meisje beschikbaar is. Op de achtergrond fluit de waterketel hard op het vuur, symbool voor Halla’s gevoel. Het is de vraag of ze de verantwoordelijkheid op zich neemt als moeder van het Oekraïense meisje of dat ze verder wil gaan met haar activistische plannen om moeder aarde te redden.

Woman at War

Vervreemding
Ondanks dat dit pas zijn tweede speelfilm is, is Erlingssons werk herkenbaar: droogkomisch, lichtvoetig, maar met serieuze thema’s. Met Woman at War geeft hij recht aan de natuur en vertelt hij een heldenverhaal. Zijn held Halla wordt, net als bij de oude Grieken, geïnspireerd door een muziekband (tegenover het Griekse koor) die Erlingsson bewust zichtbaar in de film plaatst. Dit vervreemdingseffect (een term van toneelschrijver Bertold Brecht) van de muziekband (en drie Oekraïense zangeressen) in beeld haalt de kijker uit het verhaal en herinnert ons aan de fictie van de film: achter alle schijn zit een boodschap die de kijker dient te ontdekken.

Deze stijlkeuze geeft niet alleen Halla kracht, maar ook de film. Zo is er de zachte begeleidende pianomuziek in de woonkamer wanneer zij het nieuws over de adoptie krijgt. De muzikanten begeleiden niet alleen, Halla communiceert ook met hen. Het driekoppige bandje heeft een cameo wanneer Halla de pamfletten uitstrooit en retweet de inhoud van het pamflet.

De manier waarop Hanna de natuur probeert te beschermen en de interactie met de muziekband maken van Woman at War een bijzondere Oscarinzending. Met zijn originele ideeën is Benedikt Erlingsson een regisseur om in de gaten te houden.

 

23 december 2018

 

ALLE RECENSIES

A casa tutti bene

***

recensie A casa tutti bene

Een dun laagje vernis op rottend hout

door Ries Jacobs

Geen taal waarin ruzie zo mooi klinkt als de Italiaanse. Die golvende dynamiek geeft onze emoties meer impact. En ruzie maken ze veel in A casa tutti bene. Zelfs een dementerende zwager komt er niet zonder genade vanaf.

Letterlijk vertaald zegt de titel dat thuis alles goed is, wat in het begin van de film ook zo lijkt. A casa tutti bene begint met een Italië dat we graag zien. Mooie mensen die goed gekleed aan een lange tafel dineren en het samen gezellig hebben. Aan tafel zitten ooms, tantes, kinderen en kleinkinderen, samen met hun al dan niet getrouwde aanhang. Ze zien elkaar voor het eerst in jaren. In een buitenhuis op het prachtige eiland Ischia vieren ze de vijftigjarige bruiloft van Alba en Pietro.

A casa tutti bene

Vanwege slecht weer varen de boten naar het vasteland niet en moeten de familieleden noodgedwongen twee dagen langer op het eiland blijven. Langzaam wordt het paradijs een hel. Weggestopte ontrouw, jaloezie en afgunst komen naar boven. De vriendelijke en geïnteresseerde glimlach van de vorige dag blijkt flinterdun, als een laagje vernis op rottend hout.

Holden Caulfield 
Het script, door regisseur Gabriele Muccino zelf geschreven, heeft realistische en tegelijk intense dialogen. De acteurs kunnen hiermee prima overweg en ontwikkelen een levendige familie, die bestaat uit bijna twintig geloofwaardige karakters. De grootste verdienste van Muccino is dat hij van het begin af aan orde in deze wirwar van persoonlijkheden weet te scheppen. De karakters zijn zo goed neergezet dat ze meteen goed herkenbaar zijn. Ze willen elkaar nogal eens (verbaal) te lijf gaan, maar zijn geen van allen flat characters.

Door de intriges heen bloeit de liefde tussen de oudste kleindochter en haar vriendje op. De jongen zweert nooit te worden als zijn vader die het gezin verliet. Als een mediterrane Holden Caulfield (de jeugdige verteller in J.D. Salingers roman The Catcher in the Rye) bekijkt hij de familie van een afstand. Hier wringt ook de schoen. De film is goed gemaakt, maar hangt van clichés aan elkaar. De onbedorven jeugd versus verrotte volwassenen, we hebben het al eerder gezien. Een familiefeest dat uit de hand loopt, we hebben het ook al eerder gezien (met als bekendste voorbeeld Festen). Oerdriften die tevoorschijn komen onder een dun laagje beschaving, zelfs dit hebben we eerder al gezien. Lord of the Flies is geheel gestoeld op dat idee.

A casa tutti bene

Rommelige families
Na twee keer een uitstap naar Hollywood te hebben gemaakt, is Muccino weer terug in zijn vaderland. Na zijn eerste succesvolle periode in Amerika, waarin hij onder andere The Pursuit of Happyness en Seven Pounds (allebei met Will Smith) regisseerde, volgde een tweede periode waarin niet alles dat hij maakte in goud veranderde.

Ook A casa tutti bene zal niet in goud veranderen. Het is een goede film, maar hij brengt niets nieuws. Dat ieder huisje zijn eigen kruisje heeft wisten we al, en dat het binnen families nogal eens rommelt ook. Maar door de goed uitgewerkte dialogen en puik acteerwerk boeit de film wel van begin tot eind.
 

26 augustus 2018

 
MEER RECENSIES

Tampopo

****

recensie Tampopo

Hoe opwindend is een rauwe eierdooier?

door Cor Oliemeulen

De eetfilm der eetfilms is eindelijk gerestaureerd. Ruim dertig jaar na dato kun je alle ingrediënten van de befaamde Japanse noedelsoep haarscherp zien. Nee, dit is geen documentaire, maar een komedie uit 1985 die haar tijd ver vooruit was en de kijker nog steeds verrast én verleidt.

Eten in films is zo oud als de film zelf. De Franse broers Lumière lieten al in 1895 een kort filmpje over het voeden van een baby zien. Hun landgenoot Georges Méliès trok in 1904 met Sorcellerie Culinaire de trukendoos open wanneer een bedelaar wraak neemt op een kok en duiveltjes inzet om diens soep te laten mislukken.

Tampopo

Van taartgooien tot je eigen schoen opeten
In de beginjaren van de film was de rol van eten vooral luchtig, denk aan taartgooien in slapstickfilmpjes. Met de toenemende industrialisatie kreeg voedsel een serieuzere betekenis en verschenen sociale misstanden op het witte doek. Van schrijnend drama over armoede en honger in A Corner in Wheat (1909) van D.W. Griffith tot en met de mistroostige humor in The Gold Rush (1925) waarin Charlie Chaplin als onfortuinlijke goudzoeker van pure ellende zijn schoenen opeet.

Als mensen eten in films is dat nooit toevallig. Vaak dient eten als katalysator van verzoening (Eat Drink Man Woman, 1994) of problemen (Festen, 1998). Sommige mensen bunkeren zoveel dat ze exploderen (The Meaning of Life, 1983), anderen vervelen zich te pletter en besluiten om zich dood te eten (La grande bouffe, 1973). Hoe dan ook heeft de rol van eten en voeding in elke tijd en elke cultuur een andere betekenis.

Rake observaties
Van alle eetfilms is Tampopo na al die jaren nog steeds de meest bijzondere en grappige. Met het thema voedsel als verleiding, het jongleren met stijlvormen en het laveren tussen komedie en melodrama was de Japanse regisseur Jûzô Itami met zijn tweede film zijn tijd lichtjaren vooruit. Begonnen als acteur werd hij pas op zijn vijftigste actief als scenarioschrijver en regisseur. Itami heeft zich duidelijk laten inspireren door zijn Franse collega Jacques Tati, een meester in eenvoudige, rake observaties van het dagelijkse, vaak absurdistische, menselijke gedrag. De satire van Itami is beduidend scherper en gewaagder, zeker als het gaat om de relatie tussen eten, seks en de dood – soms zelfs in dezelfde scène.

Tampopo

Tampopo (paardenbloem) is de naam van de alleenstaande eigenaresse van een beduimelde eetgelegenheid (gespeeld door Itami’s vrouw Nobuko Miyamoto). Met de hulp van een vrachtwagenchauffeur streeft zij naar een goedlopend restaurant waar de allerbeste noedelsoep zal worden geserveerd. Maar voor het zover is, zien we in een reeks uiterst smaakvol gefilmde scènes hoe je het ingenieuze gerecht maakt, presenteert en eet. De compositie en hartstochtelijke benadering van de ingrediënten is tot ware kunst verheven.

Jûzô Itami noemde Tampopo een noedel-western (die hadden we nog niet!) en leent qua sfeer, low budget en close-ups veel van de spaghettiwestern. In losstaande fragmenten zien we een etiquetteklasje met meisjes die leren hoe je spaghetti moet nuttigen, dat je soms beter geen chips in de bioscoop moet eten en ontdekken we de verleidingen van voedsel. Hilarisch zijn de scènes van de dandy-gangster die slagroom van de linkerborst van zijn vriendin opzuigt en hun techniek om tijdens het voorspel razendknap een rauwe eierdooier heel te houden. Opwindende, geestige en wellicht inspirerende situaties, die een jaar later zouden leiden tot de schaamteloze anticlimax van Kim Basinger en Mickey Rourke in Nine 1/2 Weeks van Adrian Lyne.
 

12 augustus 2018

 
MEER RECENSIES

Some Like It Hot: rollenspel

Some Like It Hot is actueler dan ooit

De perfectie van het rollenspel

door Tim Bouwhuis

Niemand is perfect, maar Some Like It Hot is dat toch zeker wel? Het zou zomaar een uitspraak van Billy Wilder zelf geweest kunnen zijn. Na een desastreus verlopen preview in december 1958 gooide de gevierde cineast het over een andere boeg: hij vertoonde de film gewoonweg voor een jonger publiek. De rest is geschiedenis en heden ineen.

Wilder en zijn coscenarist I.A.L. Diamond hadden twee troeven in handen om de mateloze moderniteit van hun screwball comedy ietwat te verhullen. Some Like It Hot kon een period piece worden en de twee ‘mannelijke’ hoofdpersonages moesten een dynamisch rollenspel spelen. Uiteindelijk zette het duo beide troeven met plezier in.

Waarom zijn juist deze ogenschijnlijk eenvoudige kenmerken van de film zo essentieel voor het schetsen van zijn moderne karakter? Daarvoor moeten we iedere contemporaine lezing van Some Like It Hot even inruilen voor de omstandigheden waaronder Wilders filmische maskerade tot stand kwam.

Some Like It Hot

Liefde tussen man en vrouw
Aan het eind van de jaren vijftig was de invloed van de befaamde Production Code tanende. Het advent van de beeldbuis ging hand in hand met de achteruitgang van het studiosysteem, en de greep van taboes en (zelf)censuur verzwakte. Dit nam echter nog niet weg dat Wilder de censors én zijn publiek moest overtuigen met thema’s die in de voorbije decennia naar de krochten van de taboesfeer waren verbannen. De meeste Amerikanen waren het gewoon om in termen van huwelijk en huiselijkheid te denken.

De filmindustrie kon de normatieve liefde tussen man en vrouw op haar beurt niet zomaar op de tocht zetten, vooral omdat iedere poging zonder verborgen betekenissen of subtiel verhulde symboliek toch wel door de Code gepareerd zou worden. Als een regisseur dan eindelijk verder ging dan de klassieke filmkus, moest dat suggestief. Alfred Hitchcock eindigt North by Northwest (tevens 1959) met een toespeling op een penetratie: een trein rijdt met volle vaart een tunnel in op het moment dat de geliefden (Cary Grant en Eva Marie Saint) de liefde zullen gaan bedrijven. Uiteraard houdt de Master of suspense zich in deze film nog wel netjes aan de genderbalans: een open homoseksuele of lesbische relatie zul je in een film uit dit tijdperk niet zomaar aantreffen.

Billy WilderToespelingen
Hoe anders was dat in de roaring twenties, toen het studiosysteem kon uitdijen onder een stroom van kansen en gedurfde toespelingen op de relaties tussen mannen en vrouwen. In William A. Wellmanns oorlogsdrama Wings (1927) delen Charles Rogers en Richard Allen een intieme kus op de mond. Broederlijk of niet, de camera legde vast wat we daarna decennia lang niet meer zouden zien.

Regisseurs trapten daarnaast heilige huisjes omver door de suggestie van overspel uit te werken of een meer cynische visie op de mensheid uit de doeken te doen. Ernst Lubitsch, Billy Wilders grootste voorbeeld, perfectioneerde in Hollywood zijn zogeheten ‘Lubitsch touch’ (Google op ‘Wilder’ en ‘The Lubitsch Touch’ voor een even puntige als amusante uitleg van Wilder zelf), nadat hij in Duitsland het vroege hoogtij van de Weimar Cinema had meegemaakt.

De Duitse filmacademicus Thomas Elsaesser stelt dat Weimar Cinema garant stond voor ‘the creation of a highly sophisticated film language, both on the level of the image and the narrative, repeatedly using strategies of deception, camouflage, impersonation, and duplicity to make larger claims about the forming and deforming forces of modernity’.

Neem bijvoorbeeld Robert Wienes Das Kabinett des Doktor Caligari (1920), waarin de androgyne verschijning van slaapwandelaar Cesare (Conrad Veidt) onze perceptie van genderidentiteit op losse schroeven zet. De film als geheel is een ontwrichtende droom, waarin iedere verschijning deel kan zijn van een groter bedrog. De hysterische decors reflecteren het grenzeloze karakter van stijl en narratief.

Rollenspel
In de expressieve kunst van deze academisch afgebakende periode ontspringt ook Wilders fascinatie voor het rollenspel. In het rollenspel kunnen personages zijn en verbeelden wat in een meer directe context taboe is. Doorheen het oeuvre van Wilder komt het gegeven van het rollenspel telkens weer terug. Neem bijvoorbeeld The Major and the Minor (1942). Ginger Rogers (ongeveer dertig jaar oud in de productieperiode) doet zich voor als een twaalfjarig meisje om tegen een goedkoper tarief met de trein te kunnen reizen, en identificeert zich in een later stadium ook nog eens als haar bloedeigen moeder. Het laatste frame van de film laat zich lezen als een speelse visuele vooruitwijzing naar Some Like It Hot, waarin de stoomwolk van de trein Sugar Kane (Marilyn Monroe) deels even aan het oog onttrekt, net als Rogers in The Major and the Minor.

Wie eenmaal met de bril van het rollenspel naar het oeuvre van Wilder kijkt, moet zich eerder inspannen een film te vinden die het niét moet hebben van (variaties op) gedaanteverwisselingen. Gerd Gemünden betoogt in zijn boek A Foreign Affair: Billy Wilder’s American Films dat deze gedaanteverwisselingen zeker niet alleen als voortstuwende plot devices moeten worden beschouwd: ‘’impersonation and masquerade always entail a political dimension, serving as allegory for the price the exile has to pay in his or her quest for assimilation, for blending in, or for mere survival’’.

Some Like It Hot

Verkleedpartij
In Some Like It Hot is de personificatie van de banneling het komische duo Jack Lemmon-Tony Curtis. Aan het begin van de film leren we dat de twee beroepsmuzikanten alles doen om maar rond te kunnen komen: ze lenen geld, wedden op paarden óf verkleden zich als vrouwen. Eenieder kan nu perfect betogen dat de transformatie van Lemmon en Curtis verre van volmaakt is. Voor Curtis weifelachtig gepitchte falsetstem, de overdreven loopjes en het gemaakt hysterische gedrag van de gemaskeerde charmeurs is de uitdrukking ‘over de top’ uitgevonden, en als de charlatans onder elkaar zijn hullen ze zich gewoon weer in de mantel van hun eigen identiteit.

Uitspraken van die aard zijn perfect van toepassing op het eerste anderhalf uur van de film, maar de escapades van Josephine en Daphne hebben een staartje. Wie Some Like It Hot zag, kan de afsluitende oneliner ongetwijfeld dromen. Op ludieke wijze laat sugar daddy Osgood (een even boeiende als linke figuur in #metoo-tijden) weten dat hij ook met een homoseksuele relatie geen moeite heeft. In het originele script van Diamond en Wilder gaat de tekst onder het geliefde ‘Nobody’s perfect’ nog even verder: ‘’Jerry looks at Osgood, who is grinning from ear to ear, claps his hands to his forehead. How is her (sic!) going to get himself out of this? But that’s another story – and we’re not quite sure the public is ready for it”.

Transformatie
Billy Wilder heeft in een interview aangegeven dat het in deze situatie niet per se hoeft te gaan om een beslissing van seksuele aard: trouwen met een miljonair kan de sociale en financiële zekerheid verschaffen die Jerry en Joe in Some Like It Hot zeker niet hadden. ‘’It’s security’’, roept Lemmon demonstratief, voor het viertal het geluk tegemoet vaart. En toch kan er – afhankelijk van je precieze interpretatie van de film – meer aan de hand zijn. Jerry verandert zijn vrouwennaam eigenhandig van Geraldine in Daphne, een waarschijnlijk weinig toevallige verwijzing naar de Daphne uit de Griekse mythologie. Om de nimf te beschermen voor de avances van de god Apollo (lees: Osgood), verandert haar vader Daphne in een laurierboom.

Van zo’n opmerkelijke transformatie is in Wilders carrousel van strak getimede scriptgrappen gelukkig geen sprake, maar daardoor weegt de waarheid nog wat zwaarder: de tijdelijke vermomming van Jerry is verworden tot een levenslang vonnis. Met het einde van de film lijkt de kans dat we Jerry nog terug gaan zien voorgoed verkeken. En Wilder kent z’n publiek en z’n censors: de vraag is inderdaad of het publiek daar in die tijd klaar voor was.

Some Like It Hot

Identiteit
De Rooms-Katholieke League of Decency gaf Some Like It Hot een B-rating: de film was daarmee ‘’Morally Objectionable in Part For All’’, met name door zijn speelse verwerking van travestie, homoseksualiteit en lesbische liefde (de kus van Monroe en Curtis). Toch kon Wilders komedie een commercieel succes worden, in de eerste plaats omdat de licht met misdaad doordesemde plotlijn langs de censors kon komen. Het is precies zoals filmcriticus Roger Ebert stelde in zijn Great Movies-recensie: Some Like It Hot is ‘a movie that’s about nothing but sex and yet pretends it’s about crime and greed’.

De keuze om de film in het verleden te laten spelen is niet alleen een slim voorwendsel om iederéén deel te laten nemen aan het rollenspel, het is ook een strakke allusie op de dunne grens tussen verbod en vrijheid. Tijdens het eerste kwartier van de film krijgen we maar al te duidelijk mee dat de actie plaatsvindt in het Chicago van de drooglegging en de St. Valentine’s Day Massacre (1929). De geschiedenis van de drooglegging leert dat een grootschalig verbod van die aard op termijn enkel averechts werkt. Precies hetzelfde gaat op voor de Production Code. De drooglegging eindigde in 1933, niet lang voordat de verantwoordelijke organisatie de code meer rigide begon te handhaven. De focus verschoof dus deels naar andere vormen van ‘immoraliteit’; maar die vormen houden geen stand als ze niet expliciet bevraagd kunnen worden. Wilder schrijft en regisseert met een even speelse als serieuze knipoog.

In Some Like It Hot vertelt hij het verhaal van twee mannen die hun gefixeerde seksuele identiteit moeten loslaten om te overleven. De transformatie van Lemmon en Curtis is absoluut geen schande of een publiek schandaal (let op de reacties van Sugar en Osgood bij de twee onthullingen), maar een reflectie op een open wereld waarin de gendergrenzen zich eindeloos laten oprekken. Identiteit, zo lijkt Wilder te stellen, is altijd in beweging.

De conclusie mag iedereen voor zichzelf omarmen of verwerpen: Some Like It Hot is vandaag de dag actueler dan ooit.

 

5 augustus 2018

 

MEER BILLY WILDER
 
 
MEER ESSAYS