Was Marielle Weiss

***
recensie Was Marielle Weiss
Amusant sociaal experiment

door Jochum de Graaf

Wat als je dochter opeens over paranormale gaven blijkt te beschikken en al je doen en laten blijkt te kunnen horen en zien? Het overkomt Julia en Thomas, op het oog een perfect stel, allebei hoogopgeleid, goede maar veeleisende banen, redelijke welstand in een Duitse voorstad, samen met dochter Marielle  vormen ze een modelgezin. Maar achter die façade broeit onrust.

Moeder Julia (Julia Jentsch: 20 jaar geleden glansrol als Sophie Scholl – The Last Days) flirt op haar werk met knappe collega Max. In de rookpauzes zoeken ze elkaar op en we zien een fijn pikante beginscène als ze in heerlijke Duitse pornotaal vertellen hoe ze hun seksuele fantasieën op elkaar willen uitleven. Vader Tobias (Felix Kramer: Irgendwann werden wir uns alles erzählen, 2023), uitgever, heeft een vervelend gesprek met zijn team over een nieuwe boekcover en wordt telkens voor lul gezet door pedante collega Sören.

Was Marielle Weiss

Harde klap in het gezicht
Tienerdochter Marielle (Laeni Geiseler) zit aan het eind van haar schooljaar vlak voor haar examens en houdt zich in het gezin wat op de vlakte. En zo zitten ze op zekere avond aan tafel en wisselen de ouders uit wat ze die dag beleefd hebben. Op de vraag waarom Marielle zo stil is, antwoordt die dat ze van klasgenote Svenja een harde klap in het gezicht heeft gekregen en nu kan ze alles zien en horen wat haar ouders doen. Verbazing, ongeloof en ontkenning bij de ouders. Julia bezweert bij hoog en bij laag dat ze niet rookt en een verhouding met een collega, zoiets zou ze nooit doen. Thomas stelt dat hij zich juist heel assertief tegen die valse collega Sören heeft opgesteld. Maar de droogkomische manier waarop Marielle hun handelingen beschrijft en letterlijk uit hun gesprekken citeert, werkt ontluisterend.

Het ongeloof slaat om in onthutsing en verbijstering. Heeft Marielle misschien microfoontjes overal in huis en op hun werk geplaatst, hun telefoons gehackt, agenda’s stiekem bekeken?  De argwaan levert een heerlijk komische scène op wanneer Julia en Tobias in de slaapkamer Frans met elkaar spreken, in de veronderstelling dat er in het paranormale pakket geen vertaalmodus zit. Het blijft toch een eng idee dat iemand je 24 uur per dag dicht op de huid kan volgen, alles weet wat je doet en zegt. Wat blijft er dan van je persoonlijke vrijheid over? 

Was Marielle Weiss

Zowel slachtoffer als dader
Was Marielle Weiss is een amusant sociaal experiment over de vraag of je in een relatie wel alles zou moeten weten van elkaar en laat de uiterste consequentie daarvan zien in ons tijdperk waarin mensen massaal elke gedachte en daad via sociale media delen. Is het niet beter dat sommige privézaken gewoon privé blijven, is de boodschap.

Regisseur Frédéric Hambalek  (dit is na Model Olimpia pas zijn tweede speelfilm) wikkelt het als-wat-scenario inventief en intelligent af. Mooie vondst om sommige scènes met een bewakingscamera te filmen, waarmee de absurditeit van een situatie subtiel wordt benadrukt. En wanneer je denkt dat Julia en Tobias het enigszins onder controle hebben, loopt het net weer even anders. Na de fase van de ontkenning gedragen ze zich uiterst braaf, doen alles in het nette. Maar dan gaan ze vervolgens tot precies het tegenovergestelde over. Thomas pakt die naargeestige Sören eens stevig aan. Julia, die een tijdje doet alsof Max voor haar niet bestaat, gaat ineens vol op zijn avances in, wat een hilarisch knullige seksscène oplevert.

Alle drie de personages wisselen van rol, zijn zowel slachtoffer als dader in een ontspoorde relatie. Marielle is het minst ontwikkelde karakter. Er zijn wel wat hints naar verwaarlozing in haar jeugd, maar gedurende de film functioneert ze vooral als medium, de camera staat secondenlang op haar gezicht en je vraagt je af wat er allemaal in haar hoofd rondgaat.

Ze zit er zelf ook mee wat ze allemaal te weten komt over haar ouders. Ze wil eigenlijk wel van haar paranormaliteit af. Is ze misschien te genezen als ze opnieuw een harde klap in haar gezicht krijgt?

Het open einde doet je beseffen dat het ook wel goed is om te weten, dat je niet weet wat Marielle nu werkelijk weet.

 

7 januari 2026

 

ALLE RECENSIES

The Last Viking

*****
recensie The Last Viking
Wat is ‘normaal’ en wat niet?

door Jochum de Graaf

Na een jarenlange gevangenisstraf gaat bankrover Anker naar zijn broer Manfred die hij opdracht had gegeven de buit bij hun ouderlijk huis te begraven. Er ontstaat een probleem omdat Manfred niet meer weet waar hij het geld verstopt heeft, maar ook omdat er een paar steekjes aan hem los zitten. Zo steelt hij honden en schept hij op dat iedereen van hem houdt omdat hij John Lennon is.

Manfred (Mads Mikkelsen) heeft een dissociatieve identiteitsstoornis: het ene moment waant hij zich John Lennon, maar er zijn ook momenten dat hij zich een Viking voelt, zoals in zijn jeugd. ‘Manfred’ wil hij in ieder geval niet meer genoemd worden. Als Anker (Nikolaj Lie Kaas) hem zo aanspreekt, doet hij gekke dingen: springt spontaan uit een raam van de flat of laat zich vallen uit een rijdende auto.

The Last Viking

The Beatles spelen ABBA
Hij is onder behandeling bij arts en therapeut Lothar (Lars Brygmann) die op een lumineus idee komt. Als er een John Lennon bestaat, zijn er vast ook mensen die al dissociërend denken dat ze Paul McCartney, George Harrison of Ringo Starr zijn. En als je die opspoort, dan kun je The Beatles weer bij elkaar brengen! Maar in Denemarken is er slechts één iemand die George denkt te zijn. In Zweden is er wel een Paul én een Ringo te vinden. Bij nader inzien is hij dat allebei, maar op verschillende momenten.

Deze Zweed, Hamdan (Kardo Razzazi), die Paul en Ringo in zich verenigt, voelt zich op enig moment ook Iron Man, Heinrich Himmler en niet te vergeten Bjørn van ABBA. Na een half uurtje oefenen, zet het trio in Sgt. Pepper-outfit Chiquitita in.

Het leidmotief, de jacht op de buit, wordt geweldig uitgewerkt. Maar de film gaat over een aantal thema’s meer: broederliefde, loyaliteit, solidariteit en over hoe je met afwijkende mensen moet omgaan. Maar het is ook een briljant spel met de vraag wat normaal is en wat niet.

Arme Vikingen
In een korte animatiefilm voorafgaand zien we een middeleeuws Viking-stamhoofd dat zijn gehandicapte zoon wil oppeppen. Die heeft in een bloedige stammenstrijd zijn arm verloren en voelt zich erg ongelukkig. Op bevel van het stamhoofd worden alle andere krijgers gedwongen hun arm af te hakken, waarmee iedereen weer gelijk is. De absurde maar ijzeren logica is dat mensen die een afwijking hebben alleen afwijkend zijn wanneer andere mensen deze afwijking niet delen. Als je nou gewoon zorgt dat alle mensen dezelfde afwijking hebben, wordt die afwijking het nieuwe ‘normaal’ en voelt niemand zich meer eenzaam.

The Last Viking verloopt volgens een krankzinnig scenario. Het bijzondere is wel dat je alle verwikkelingen als logisch en volkomen normaal ervaart. Wanneer Anker en Manfred bij hun voormalige ouderlijk huis aankomen, treffen ze daar het constant ruziënde stel Margrethe (Sofie Gråbøl) en Werner (Søren Malling) aan. Zij is een ijdel voormalig model dat nu elke dag bokst, hij een voormalig ontwerper die probeert een kinderboek te schrijven en leeft van het geld van een ongeluk waarbij een airbag in zijn gezicht ontplofte.

We zijn in de tweede helft van de film wanneer de zwaarlijvige beroepscrimineel Friendly Flemming (Nicolas Bro) ten tonele verschijnt en de gitzwarte komedie omdraait naar een misdaadfilm. Flemming heeft nog een oude rekening met Anker te vereffenen en eist een fors deel van de buit op. Er volgt een hevige achtervolging met gebruik van veel en grotesk geweld.

The Last Viking

Typische Thomas Jensen-creaties
Met Anker en Manfreds zus, Freja (Bodil Jørgensen), erbij zijn het allemaal typische Anders Thomas Jensen-creaties. Personages die als je het zo opschrijft een paar nogal merkwaardige karaktertrekken hebben, maar door het scenario en het fenomenale acteerspel volstrekt geloofwaardig overkomen. Anker, Lars, Hamdan, Margrethe, Werner, Freja – aan achternamen wordt niet gedaan – elk personage is sterk uitgewerkt, ieder met een eigen verhaal. Goede chemie tussen de acteurs, fijne dialogen, bijzondere plottwists en ‘zijverhalen’, het klopt allemaal.

Mads Mikkelsen had een groot aandeel in het scenario en de dialogen. De zeer vruchtbare samenwerking met Thomas Jensen leverde in 25 jaar vijf hele sterke films op, zoals Men & Chicken (2015) en Riders of Justice (2020), ook al zo’n zwarte komedie met krankzinnige plot, een voorlopig hoogtepunt.

Maar The Last Viking doet daar nog een schepje bovenop, vooral dankzij Mads Mikkelsen. Kijk hoe hij met bril en een van de meest beroerde permanentjes uit de filmgeschiedenis in en onder de huid kruipt van de schlemielige loonatic Manfred. Die houterige lichaamstaal, wapperende armgebaren, dat speciaal loopje: het is onmiskenbaar Manfred, je vergeet dat het Mikkelsen is.

Net als al die personages is de film vele dingen tegelijk. De toon verandert soms in één scène: van ontroerend, naar bruut geweld en donkere humor. Een heerlijk geweldige film die je nog een keer of misschien wel vaker zou moeten zien.

 

3 december 2025

 

 

ALLE RECENSIES

Bugonia

***
recensie Bugonia
De routine van een wankele koning

door Bert Potvliege

Bugonia vertelt het verhaal van de meelijwekkende incel Teddy (Jesse Plemons), die zakenmagnaat Michelle (de alweer indrukwekkende Emma Stone) ontvoert. Teddy vermoedt namelijk – hou je vast – dat Michelle een buitenaards wezen is dat van plan is de aarde te vernietigen. Tijdens haar gevangenschap ontstaat een vreemde, maar intrigerende dynamiek tussen dader en slachtoffer. Teddy blijkt beïnvloedbaar maar gevaarlijk, terwijl Michelle allerminst zo onschuldig is als ze lijkt.

Al enige tijd lijkt het alsof de Griekse filmmaker Yorgos Lanthimos weinig fout kan doen in de ogen van de modale cinefiel. De bejubeling is al jaren aan de gang – Dogtooth was zijn doorbraak, maar pas met de overstap naar Hollywood werd zijn naam klinkend. Films als The Favourite en Poor Things sloegen gensters. De eerste barsten toonden zich vorig jaar, met het lauwe onthaal van Kinds of Kindness. Herpakt de regisseur zich met Bugonia?

Bugonia

Onfris gedrag
Op het eerste gezicht lijkt Lanthimos met deze film (gebaseerd op de Zuid-Koreaanse cultfilm Save the Green Planet! uit 2003) zijn eigen versie van Kurosawa’s High and Low te hebben gemaakt: beide films onderzoeken klassenverschillen via een ontvoeringsplot. Maar de film ontvouwt zich evenzeer tot een maatschappijkritische reflectie op onze gebrekkige mediawijsheid en de omgang met online complottheorieën. Uiteindelijk laat Lanthimos zijn verhaal bewust ontsporen en verzandt Bugonia in een zonderlinge, absurdistische bedoening die dicht aanleunt bij de cinema van Alex van Warmerdam (Nr. 10). De cineast lijkt er zichtbaar plezier in te scheppen opnieuw te mogen regeren als the king of weird.

Toch is de beleving van Bugonia niet zonder brokken, want in het eerste uur lijkt er sleet te zitten op zijn formule. De bizarre aard van zijn verhalen – waarin personages terugvallen op hun dierlijke instincten zodra sociale conventies wegvallen – is intussen te herkenbaar geworden. Sommige komische noten zijn bij de haren gegrepen – het personage Don, Teddy’s neef die een handje toesteekt bij de ontvoering, is flauw en kleurloos. Wat bij Dogtooth nog fris, gewaagd en grappig aanvoelde, voelt hier soms krampachtig. De herhaling dreigt; Lanthimos persifleert zichzelf. De eerste helft van Bugonia baart zorgen.

Aan het rare roer
Dat de film gaandeweg wel de moeite blijkt te zijn, heeft alles te maken met het talent en de vaardigheden van cast en crew. Het heeft haar een aantal jaren inzet gekost – niet in het minst om het publiek ervan te overtuigen – maar Emma Stone mag zich een grote actrice noemen. Hoe verder de film vordert, hoe sterker haar aanwezigheid blijkt. Ze krijgt het nodige weerwerk van Jesse Plemons, die de laatste jaren naam maakte met rollen in The Power of the Dog, Killers of the Flower Moon en Civil War. Met die twee aan het roer is de casting alvast een schot in de roos. Het is vermakelijk om te zien hoe ze, na de wat ongemakkelijke start, steeds dieper worden meegezogen in het gekker wordende geheel.

Bugonia

Toch blijft het Lanthimos zelf die de aandacht naar zich toetrekt. Niet al zijn werken lieten zich even vlot verteren, maar zijn greep op de hedendaagse filmwereld is groot. Zijn oeuvre is bevreemdend, maar altijd met overtuiging en verbeelding gebracht. In de tweede helft breekt hij Bugonia open: de gekte wordt intenser, de narratieve wendingen volgen elkaar sneller op, en plots zit de film op het juiste spoor. Het resultaat is zowel geestig als meeslepend. In de zaal was het enthousiasme voelbaar – zeker bij die ene toeschouwer die onophoudelijk zat te gieren van het lachen.

Shoot sleep repeat
Na het wat wrange Kinds of Kindness zet Lanthimos opnieuw een stap in een meer publieksvriendelijke richting, met meer ruimte voor amusement en toegankelijkheid. Toch loert gevaar, want de cineast dreigt zichzelf in een hoek te werken waar het eigen werk herkauwd wordt tot in het oneindige. Ook zijn tempo – drie films in twee jaar – voelt onhoudbaar. Wanneer filmmakers te snel produceren, verstikt vaak het momentum dat hun werk kracht geeft. Luca Guadagnino (Challengers, Queer) heeft momenteel hetzelfde probleem.

Met Bugonia bewijst Lanthimos dat zijn bizarre universum nog steeds kan verrassen, al kraakt zijn formule bij momenten onder haar eigen gewicht. Als hij zichzelf de komende jaren wat ademruimte gunt, kan die eigenzinnigheid weer de frisheid terugkrijgen die ooit zo onweerstaanbaar was.

 

28 oktober 2025

 

 

ALLE RECENSIES

The Grand Budapest Hotel (2014)

The Grand Budapest Hotel (2014)
Toonbeeld van vergane glorie

door Jochum de Graaf

Hoog op een heuvel van het kuuroord Nebelsblad, in het Midden-Europese land Zubrowka, staat het Grand Budapest Hotel. Ooit, voor de oorlog, was het met de gracieuze entree en de weelderig ingerichte vertrekken een toevluchtsoord voor de mondaine Europese elite. Het is nu met afgebladderde gevel en veel leegstand een toonbeeld van vergane glorie.

Dat nu is gesitueerd in 1985. De film begint met een beroemd schrijver die vertelt over de ontstaansgeschiedenis van zijn boek The Grand Budapest Hotel. We gaan vervolgens terug naar 1968 wanneer de dan nog jonge schrijver de voormalige piccolo Zero Moustafa ontmoet. Die belooft hem het échte verhaal van het hotel te vertellen, om dan in 1932 te belanden waarin de hoofdplot van de film zich afspeelt.

Het verhaal van The Grand Budapest Hotel is een verhaal-binnen-een-verhaal-binnen-een-verhaal. Je zou het ook een raamvertelling met nog een paar raamvertellingen daaronder kunnen zien.

The Grand Budapest Hotel

Verdwenen schilderij
De centrale personages zijn Monsieur Gustave, de Conciërge, de man die ervoor zorgt dat alles in het hotel op rolletjes loopt, en Zero Moustafa, een met een fijn potloodsnorretje uitgeruste oorlogswees die ergens uit de Arabische wereld komt en door Gustave onder zijn hoede genomen wordt. Gustave is vermaard vanwege zijn uitstekende service, in het bijzonder de verzorging van rijke bejaarde vrouwelijke gasten, zoals de 84-jarige Céline Villeneuve Desgoffe und Taxis, ofwel Madame D.

Wanneer zij onder verdachte omstandigheden dood wordt aangetroffen in haar kamer, reizen Gustave en Zero naar haar landgoed waar het testament bekend zal worden gemaakt. Als blijkt dat het pronkstuk uit haar kunstcollectie renaissancetopstuk Jongen met appel van schilder Johannes van Hoytls verdwenen is, richten de verdenkingen zich op haar geheime minnaar Gustave.

Foto: Brigitte LacombeGustave en Zero verdonkeremanen het schilderij, Gustave wordt gearresteerd en Zero beraamt met vriendin Agatha, geholpen door een netwerk van conciërges uit heel Europa, de ‘Society of the Crossed Keys’, en achtervolgd door een brute huurmoordenaar, een plan om hem vrij te krijgen.

De zoektocht naar het schilderij leidt tot achtervolgingen die aan Buster Keaton doen denken. Bij de treinreizen is het alsof je in een Agatha Christie-complot verzeild bent geraakt. Wes Anderson schakelt moeiteloos heen en weer tussen een thriller, oorlogsfilm, gevangenisfilm en vooral een romantische komedie.

Melancholische ode
Anderson werd bij het schrijven geïnspireerd door Stefan Zweig en diens herinneringen in Die Welt von Gestern, over de culturele vrijheid in het Wenen van voor de oorlog die door het opkomende fascisme om zeep werd geholpen. In het vooroorlogse Zubrowka verenigen de fascisten zich in de ZZ.

In de scènes in de jaren zeventig en tachtig zie je hoe het hotel langzaam maar zeker teloor is gegaan aan de onachtzaamheid voor grandeur en bourgeois luxe in het naoorlogse Oostblok. Het is daarmee een melancholische ode aan de vergankelijkheid van een wereld die niet meer bestaat.

The Grand Budapest Hotel

The Grand Budapest Hotel wordt wel als Wes Andersons beste film beschouwd, beloond met vier Oscars: muziek, design, kostuumontwerp en make-up. De geweldige decors trekken de aandacht, de schilderijen van Madame D, de kleurrijke taartjes van meesterbanketbakker Mendl, de kabelbaan van Nebelsbad, en natuurlijk het in miniatuur nagebouwde hotel waar indertijd een aparte uitgebreide website aan werd gewijd.

En er is het sterke ensemble aan topacteurs. Ralph Fiennes als Monsieur Gustave, Tony Revolori als de jonge Zero Moustafa, F. Murray Abraham als de oudere Zero en verteller, Willem Dafoe als de sinistere schurk Jopling en Jeff Goldblum als de vileine advocaat Deputy Kovacs.

En natuurlijk niet te vergeten Tilda Swinton. Ze zat voor de opnamen vijf uur in de make-up voor haar briljante bijrol als de licht geschifte Madame D om wier erfenis de plot draait.

The Grand Budapest Hotel is te zien in Eye.

 

19 oktober 2025

 

THEMAMAAND TILDA SWINTON

Zwei zu eins

** zu *
recensie Zwei zu eins
Ossies zijn sukkels, Wessies geldwolven

door Jochum de Graaf

Het is zomer 1990, een half jaar eerder is de Muur gevallen, maar de officiële hereniging van Oost- en West-Duitsland heeft nog niet plaatsgevonden. In de nadagen van de DDR vallen de nodige massaontslagen, de oude vertrouwde staatsbedrijven worden op grote schaal failliet verklaard. In het stadje Halberstadt, niet ver van de grens met de Bondsrepubliek, slaan de desillusie en verveling toe.

Drie vrienden – Maren (Sandra Hüller), Robert (Max Riemelt) en Volker (Ronald Zehrfeld) – besluiten een kijkje te nemen in een slecht bewaakte bunker, even buiten de stad. Buurtgenoot Markowski (Peter Kurth), ontevreden met zijn werk in de bunker, kan hen toegang verschaffen. Tot hun verrassing stuiten ze in een zijgang op een enorme berg papiergeld, miljarden zogenaamde Ostmarken, ingezameld om vernietigd te worden. Het DDR-geld is waardeloos geworden, in het herenigde Duitsland is de harde West-Duitse D-mark het enig wettig betaalmiddel. Er is een verplichte wisselkoers bepaald van twee Ostmark voor één Westmark: ‘zwei zu eins’.

Zwei zu eins

Goudmijn
Het drietal neemt een aardig stapeltje Ostmarken mee naar huis. Wanneer een West-Duitse colporteur met magnetrons en andere luxe keukenapparatuur aan de deur komt en ze gewoon met hun Ostmarken kunnen betalen, worden ze gewaar dat ze nog drie dagen hebben om het ‘gevonden geld’ wit te wassen. Ze hebben een goudmijn aangeboord. Om niet al te veel aandacht en argwaan van de autoriteiten te wekken, betrekken ze de hele buurt erbij, delen het geld uit en rijden de busjes met luxe-apparatuur af en aan.

Als ze na die drie dagen nog steeds grote hoeveelheden Ostmarken over hebben, ontdekken ze nog een maas in de wet. DDR-burgers die in het buitenland wonen, hebben nog drie dagen extra om Ostmarken in te wisselen. En ons drietal boort al hun contacten, diplomaten, wetenschappers, studenten die merendeels in bevriende socialistische landen werkzaam zijn aan om mee te werken aan de geldzwendel.

Nee, voor Maren, Robert en Volker is het geen misdaad, ze geven er in hun optiek een positieve draai aan door het met de buurt verdiende geld in te zetten voor de redding van een oude fabriek, in de DDR-tijd garant voor redelijke welvaart en welzijn in de buurt. ‘We zijn geen criminelen, maar willen een beetje gerechtigheid’ is de redenering.

Ostalgie
Zwei zu eins is op ware gebeurtenissen gebaseerd. Bij Halberstadt was inderdaad een bunker met geld opgeslagen en in de DDR had men niet de beschikking over goede verbrandingsovens. De film speelt sterk in op de zogenaamde Ostalgie: heimwee en verlangen naar de DDR, de tijd dat de kapitalistische hebzucht het leven nog niet geperverteerd had. De sfeer van saamhorigheid, onderlinge solidariteit, Spreewald-augurken en Rotkäppchen-sekt is met kleding, decors en kleurgebruik goed getroffen.

Zwei zu eins

Er komt bovendien met Sandra Hüller (Oscar-nominatie voor Anatomy of a Fall; briljante rol in The Zone of Interest), Max Riemelt (Netflix-serie Sense8), Ronald Zehrfeld (Phoenix) en Peter Kurth (Goodbye Lenin) een complete, van origine Oost-Duitse sterrencast aan te pas. De regie is van Natja Brunckhorst, die in 1981 wereldroem kreeg als titelvertolkster van Christiane F. – Wir Kinder vom Bahnhof Zoo.

Maar Zwei zu eins lost de grote verwachting niet in, de film lijdt onder een gebrek aan drama. De ongemakkelijke driehoeksverhouding tussen Maren, Robert en Volker wordt niet goed uitgewerkt. De tegenstellingen tussen Oost en West worden nogal karikaturaal ingevuld: de Ossies zijn sukkels, de Wessies louter op geld belust. De plotwending om het gevecht over het behoud van de fabriek is met allerlei verwarrende verwikkelingen nogal gekunsteld en duurt veel te lang.

Na de aftiteling volgt nog een heel exposé dat het ware verhaal eigenlijk nooit opgehelderd is. Waar Goodbye Lenin indertijd als bijtende satire zo goed slaagde, komt Zwei zu eins niet veel verder dan een wat absurdistische klucht die slechts een enkel moment grappig is.

 

23 juli 2025

 

ALLE RECENSIES

10 giorni con i suoi

**
recensie 10 giorni con i suoi
10 dagen tussen kaaslucht en cultuurclash

door Cor Oliemeulen

In 10 giorni con i suoi reist een gezin uit Rome naar het Italiaanse platteland, waar de botsing tussen stadse neuroses en landelijke eigenaardigheden het toneel is van een vervolgfilm die zich vermomt als een feelgoodkomedie.

Het moet gezegd: het droogkloterige karakter van huisvader Carlo (Fabio De Luigi) is soms geestig, juist door zijn dwarse houding. Tijdens de lange autorit van Rome naar de zuidelijke regio Apulië (de hak van Italië), vragen zijn echtgenote Giulia (Valentina Lodovini) en hun drie kinderen zich af wat er zo stinkt. Als Carlo opbiecht dat het een typische streekkaas is – bedoeld als cadeau voor het gastgezin Paradisos – klinkt dat bijna als een statement. Hij ziet het namelijk helemaal niet zitten dat hun oudste dochter Camilla (Angelica Elli) wil gaan samenwonen met Antonio, de zoon des huizes.

10 giorni con i suoi

Stad versus platteland
Eenmaal gearriveerd, blijken de Paradisos te wonen in een monumentaal landhuis dat vroeger werd omringd door zelfvoorzienende landbouwbedrijven. Het imposante landgoed wekt ontzag bij de kinderen, maar Carlo blijft zakelijk en nuchter, wat botst met de overdreven gastvrijheid van Antonio’s ouders. Zij zijn emotioneel, willen alle gasten knuffelen en voelen zich één met de natuur. Zij houden van tennis en speervissen, terwijl Camilla’s gezin veel meer houdt van bekvechten.

Het mag geen verrassing zijn dat de film drijft op de tegenstellingen tussen twee culturen: de koele, neurotische stadsmens versus de relaxte plattelandsbewoner met zijn gewoonten en gebruiken. Zo moet Carlo beslist de bevalling van een koe meemaken en heeft hij de eer om het kalfje uit de buik van zijn moeder te trekken. Later wordt Carlo uitgenodigd voor een traditionele martelarenprocessie en wordt hij geacht de rol van Jezus op zich te nemen. Enkel gehuld in een juten onderbroek en met een zwaar kruis op zijn schouder, sterft de scène in onbenulligheid als een gekke pastoor hem met een zweepje maant om door te lopen.

Formule
Humor kent vele vormen. 10 giorni con i suoi bedient zich van het gemakzuchtige soort, en leent bovendien kwistig van succesvolle komedies, zoals Meet the Parents, dat de middelmaat ontloopt door sterk acteerwerk en een betere timing. En natuurlijk is er altijd wat ruimte voor misverstanden en een snufje drama. Alles om kijkers met een goed gevoel achter te laten.

10 giorni con i suoi

Regisseur Alessandro Genovesi krijgt maar geen genoeg van deze formule. Hij begon zijn drieluik over deze Romeinse familie in 2019 met 10 giorni senza mamma, waarin Giulia besluit om tien dagen weg te gaan zodat Carlo kan leren wat het is om voor hun drie kinderen te zorgen. Een jaar later volgde 10 giorni con Babbo Natale, waarin het gezin naar Lapland reist om de Kerstman te ontmoeten. In zijn jongste film laat Genovesi zien hoe ouders moeten wennen aan het idee dat een kind volwassen wordt. De herkenbaarheid van de situaties is net zo vanzelfsprekend als het gebrek aan originaliteit.

Over tien jaar volgt ongetwijfeld een vierde deel, waarin Carlo met pensioen gaat en in een zwart gat valt, met als titel: 10 giorni senza scopo (‘10 dagen zonder doel’).

 

15 juli 2025

 

ALLE RECENSIES

Peacock

****
recensie Peacock
Absurdistische zelfontdekkingstocht

door Zoë van Leeuwen

Elke dag de rol van je leven spelen, lijkt de perfecte baan. Dagelijks iemand anders zijn, nieuwe outfits en uitnodigingen voor de duurste feestjes op de prachtigste locaties. Het klinkt fantastisch, maar regisseur Bernhard Wenger laat in zijn satirische speelfilmdebuut Peacock zien dat je jezelf kunt verliezen als je constant iemand anders speelt.

Een beste vriend voor een dag, een betrokken partner of zelfs iemands succesvolle zoon. Matthias (Albrecht Schuch) leidt elke dag een ander leven als ‘huurvriend’. Hij doet er alles aan om het zijn klanten naar de zin te maken en vraagt ze alleen om een hoge beoordeling op de website van het bedrijf. Al blijkt dit bijzondere leven minder goed uit te pakken dan gehoopt.

Peacock

De film van de Oostenrijkse filmmaker Bernhard Wenger ging afgelopen jaar in première op het filmfestival in Venetië. Peacock viel op verschillende festivals in de prijzen en ging er onder andere op het Filmfestival van Stockholm met de prijs voor Beste Regiedebuut vandoor. Na enkele absurdistische korte films kiest hij ook in zijn speelfilmdebuut voor satirisch commentaar op zelfontdekking.

Uitstraling is alles
De titel Peacock (Pfau – bin ich echt? in het Duits) suggereert al veel over de inhoud van de film, want Matthias is zo geconsumeerd door zijn baan dat hij nauwelijks meer weet wie hij is. Zelfs in zijn dagelijks leven kan Matthias het niet helpen om zich aan te passen aan wat er om hem heen wordt gezegd. Hij koopt kunst omdat het populair en duur is en omdat het hem er goed uit laat zien. Als zijn vriendin Sophia (Julia Franz Richter) hem smeekt om emotie te tonen en een keer echt ruzie met hem te maken wanneer ze uit wanhoop een hele grote hond mee naar huis neemt om hem boos te maken, kan hij dat gewoon niet. Zelfs als ze het met hem uitmaakt, heeft Matthias oogdruppels nodig om zichzelf te laten huilen als poging om haar terug te winnen.

Na de break-up duikt hij met zijn hoofd in zijn werk en doet keer op keer een poging zichzelf te ‘repareren’, al kopieert hij hier ook maar mensen om zich heen. Hij adopteert een hond, gaat op yogaretraite en belandt in een onenightstand met Inna (Theresa Frostad Eggesbø), een kennis uit Noorwegen die hij steeds weer ergens lijkt tegen te komen. Toch blijkt niets te helpen. De hond past helemaal niet bij hem, hij is te nuchter voor een spirituele reis en te romantisch om zijn avond met Inna te laten bij wat het was.

Albrecht Schuch is het meest bekend door zijn rol in Oscar-winnaar Im Westen nichts Neues, waarvoor hij een BAFTA won. Toch lijkt de komische rol van ietwat eigenaardige perfectionist Matthias voor hem gemaakt te zijn, waarin hij vooral met gezichtsuitdrukkingen en lichaamstaal steeds weer schakelt tussen zijn vele uitgedachte personages en zijn chaotische leven dat uit elkaar dreigt te vallen.

Held
Op werk gaat het allemaal niet veel beter. De man van een van zijn cliënten stalkt Matthias om meer te weten te komen. Dit maakt hem paranoïde en hij verdenkt de man er zelfs van zijn hond te hebben gedood. Ook komt er een grote klus aan, waarbij hij de zoon van een rijke man moet spelen op een extravagant dinerfeest.

Het script van Wenger doet denken aan filmmakers als Ruben Östlund en Yorgos Lanthimos, met goed getimede komedie die meestal gebaseerd is op visuele grappen en pure absurditeit. Dat is ook waar de film het meest schittert. Wanneer Matthias een wanhopige poging doet om Sophia terug te winnen, gebruikt hij al zijn kennis om een overval op straat na te spelen, waarbij hij de held uithangt en een ouder echtpaar redt van de ‘boeven’. Sophia doorziet zijn trucje en zegt hem dat hij ‘alsjeblieft hulp moet zoeken’.

Peacock

Afbrokkelende façade
De wereld waarin Matthias leeft voelt als een extreme versie van onze wereld. De film is satirisch over valse menselijke connecties en de noodzaak om er altijd op je best uit te zien voor de buitenwereld. Het plot is op punten wat rommelig, waardoor de film soms meer als een karakterstudie aanvoelt. We zien veel van Matthias z’n afspraakjes, maar daardoor kan het soms even duren voordat je als kijker doorhebt welke personages nu echt belangrijk zijn.

Matthias raakt aan het einde van de film verder in een existentiële crisis. Zijn verzorgde façade begint af te brokkelen. Hij zweet door zijn overhemd tijdens een belangrijke werkklus, huilt tijdens een dansshow en krijgt voor het eerst een negatieve recensie. De film komt tot een absurd explosief einde wanneer het chique diner van de rijke man niet volgens plan verloopt en Matthias er uiteindelijk voor kiest om los te laten.

 

2 juli 2025

 

ALLE RECENSIES

Vingt dieux

***
recensie Vingt dieux
Op zoek naar een bestaansreden

door Bert Potvliege

Films die slagen in hun opzet zitten dwars wanneer die opzet een matige ambitie vertoont. Een boeiende visie of frisse kijk is waar het om zou moeten draaien. Met Vingt dieux brengt debutante Louise Courvoisier een geslaagde en publieksvriendelijke coming of age-film, maar de afwezigheid van originaliteit en enig zin voor risico is een verarming.

Met de Youth Prize op het filmfestival van Cannes op zak mag filmmaakster Courvoisier met geheven hoofd haar langspeeldebuut presenteren. Nauwelijks 31 jaar oud en met slechts twee kortfilms onder de arm is ze erin geslaagd zichzelf te lanceren als een naam om in de gaten te houden. Met Vingt dieux neemt ze de kijker mee naar haar heimat, waar ze inzoomt op enkele sombere figuren zoals ze er ongetwijfeld vele kende in haar jeugdjaren.

Vingt dieux

Met gemak naar een eindmeet
Clément Faveau speelt de 18-jarige Totone, zoon van een kaasboer in het Franse Bourgogne. De jongeman slijt zijn dagen met optrekken met de vrienden, meisjes versieren, sigaretten roken en te veel bier drinken – een iets te evidente karakterschets van adolescentie. Na het overlijden van zijn vader, dat uit het niets komt en de plot in gang moet steken, moet Totone zorg dragen voor kleine zus en de zaak van vader overnemen. Hij ziet zijn kans schoon om wat broodnodig geld te verdienen met een kaaswedstrijd maar hiervoor steelt hij goede melk bij een jonge boerin. Op een vermakelijke negentig minuten onderzoekt Courvoisier hoe dit verloren jong schaap een goede vriend, partner, voogd en zaakvoerder wordt. Kortom: Totone wordt stap per stap een man.

Vingt dieux is een geslaagd portret waarbij de cineaste een op zich geloofwaardige karakterschets verbeeldt en een fraai beeld schetst van haar milieu. De cast bestaat uit niet-professionele acteurs, wat de waarachtigheid van de schets verhoogt en nergens valt iemand door de mand. Faveau zet een degelijke hoofdrol neer. De jongeman heeft een engelachtige uitstraling die doet denken aan Eden Dambrine (Close), maar toont tegelijkertijd een jeugdige furie zoals die van Anthony Bajon in La prière. Maïwene Barthelemy levert een charmante bijrol als boerin Marie-Lise en ook de vrienden van Totone doen onvervalst aan. Dit leidt tot een oprechte empathie van de kijker voor de lotgevallen van onze weifelende protagonist en zijn leeftijdsgenoten.

Goedkoop succes
Op stilistisch vlak perst Courvoisier er een breedbeeldfilm uit die een aantrekkelijke, zomerse ontspanning ademt. Het lijkt alsof de keuze voor deze sfeer een gevolg is van haar geromantiseerde kijk op haar opgroeien. De sociaal-realistische dimensie van haar vertelling vertaalt zich – gelukkig – niet in een sombere grauwheid. De film is aangenaam om te zien en getuigt van een professionele enscenering, wat soms kan sputteren in een debuut waarbij de beginneling op zoek is naar een eigen stem. De regisseuse levert een debuut af dat werkt.

Maar wat ze etaleert in professionalisme, ontbreekt haar in creativiteit. Courvoisier brengt het verhaal van een egoïstische losbol die door barre omstandigheden verantwoordelijk leert zijn. Dit is een karakterschets en een kentering met weinig om het lijf. Je kan gerust zeggen dat er een waarheid schuilt in dergelijke typering – het zijn platgetreden paden voor een reden – maar het is geen verhaalconstructie die de aandacht verdient. Die plot werd reeds kapot verteld in duizend gelijkaardige films. Dat deze hier met succes herkauwd wordt, leidt nauwelijks tot een meerwaarde.

Vingt dieux

Clichés in het DNA
Het Bourgondië dat in de film aan bod komt, spookt duidelijk in het DNA van de cineaste. Je voelt haar haat-liefdeverhouding met het Frankrijk waarin ze opgroeide. De nostalgische kijk toont hoe haar thuis haar na aan het hart ligt, maar ze grijpt evenzeer kansen om de mistroostigheid ervan onder de aandacht te brengen: de dronken figuren, de stoerdoenerij, de mannenwereld die het is. Allemaal best, maar de frisse ideeën ontbreken. De verbeelding van dit milieu toont torenhoge clichés want elke creatieveling die een kleingeestig plattelandsbestaan ontvlucht, kijkt erop terug met minachting en koestering door elkaar. Dat is bij Courvoisier niet anders.

Een ander voorbeeld om de gebrekkige originaliteit te schetsen: er zit zowaar een montagescène in de film – een snedige song lijmt een aantal losse beelden bijeen tot een scène waarin de tijd snel vooruitgaat en we de personages vooruitgang zien boeken (in elke Rocky-film zit een montagescène waarin Stallone zich klaarstoomt voor het finale gevecht). In de montagescène van Vingt dieux zien we Totone beter worden in het maken van kaas, we zien hem een meelevende surrogaatvader worden voor kleine zus en we zien hem zijn nieuwe liefje graag zien. Een kijker met enige feeling voor deze bij de haren getrokken filmtechnische ingreep kan het hier gerust op een schaterlachen zetten. Het is functioneel maar bespottelijk.

Vingt dieux is een film voor mensen die weinig cinema kijken. Dat publiek zal zich heus wel vermaken. Wij voelden ons enkel in tune met het beeld van de jonge snaak die op de brommer snort, met een kaasbol op de rug gegespt, langs de zonovergoten weilanden vol koeien. Dat is nostalgische romantiek.

 

1 april 2025

 

ALLE RECENSIES

The New Year That Never Came

****
recensie The New Year That Never Came
Tragikomische kerst in Roemenië voor de val van dictator Ceaușescu

door Cor Oliemeulen

De ondergang van president Bashar Hafiz al-Assad in Syrië kwam al even snel en onverwacht als die van zijn Roemeense collega Nicolae Ceaușescu. Ook die moest na ruim twintig jaar van onderdrukking het veld ruimen. De Roemeense scenarist/regisseur Bogdan Mureşanu maakte een tragikomisch portret van een aantal landgenoten tijdens de laatste twee dagen van de dictatuur in Roemenië eind december 1989.

Mureşanu’s speelfilmdebuut The New Year That Never Came borduurt voort op zijn veelvuldig bekroonde korte film Christmas Gift (2018), waarin een vader met zijn zoontje een kerstboom optuigt. Het zoontje vertelt dat hij een brief aan de Kerstman heeft gestuurd. Voor zichzelf wenst hij een locomotief en voor zijn moeder een portemonnee. Voor zijn vader wenst hij de dood van ‘oom Nic’, zoals zijn vader dictator Nicolae Ceaușescu noemt. Vader flipt en zal er alles aan doen om de inmiddels geposte brief te onderscheppen.

The New Year That Never Came

Afluisteren en verklikken
Dezelfde scène in The New Year That Never Came begint grappig als de 7-jarige Marius in de brief aan de Kerstman zijn schooladres noemt – ‘2B, School no. 96, Giurgiului Avenue no. 23, Blok A6, Ingang 4’ – maar blijkt bittere ernst als duidelijk wordt dat de Securitate, de geheime staatspolitie, overal is. De familie loopt gevaar als de brief in verkeerde handen zal komen. In eerste instantie wil vader de postbus slopen, maar zijn vrouw heeft een beter idee. De praktijk van afluisteren en verklikken veroorzaakt angst en paranoia bij veel Roemenen. Iedereen, zelfs een familielid, kan voor de staat werken. De film maakt die gevoelens tastbaar.

Tegelijkertijd voel je door subtiele verwijzingen dat burgers iets van een sprankje hoop krijgen. Sinds het vallen van de Berlijnse Muur in november 1989 en een revolutiegolf in omringende landen met communistische regimes is Ceaușescu’s positie wankel geworden, zonder dat hij dit zelf in de gaten heeft. Op 16 december 1989 beginnen in Timișoara protesten tegen de dictatuur en voor vrijheid. Een dag later treden de Securitate en het leger keihard op met tientallen doden en honderden gewonden als gevolg.

Propaganda
Regisseur Bogdan Mureşanu bedient zich van toenmalige tv-beelden en radio-opnamen. Hij maakte zelf een scène waarin arbeiders op 21 december worden opgetrommeld om te juichen en te applaudisseren voor Ceaușescu tijdens zijn toespraak op het Paleisplein in Boekarest. De dictator verwacht een gebruikelijke uiting van steun voor zijn regime, maar een deel van de menigte begint hem uit te fluiten en leuzen te roepen. Beelden van het moment worden uitgezonden op televisie, wat zal leiden tot een verdere escalatie van protesten in andere delen van de stad.

In die atmosfeer van onrust en onzekerheid spelen de gebeurtenissen van The New Year That Never Came zich af. De film begint met lichte paniek op de redactie van het tv-station. Er is wat misgegaan met een propagandafilm met de traditionele nieuwjaarswens voor de dictator, en in allerijl moet een actrice worden vervangen door een andere actrice. Het probleem wordt voorgeschoteld op die typisch droogkomische, satirische manier die je terugziet in Roemeense films als The Treasure (2016).

De actrice die wordt gekozen en gedwongen om de actrice in het propagandafilmpje te vervangen, heet Florina (Nicoleta Hâncu). Ze wil weigeren, omdat ze in haar omgeving niet wil worden geassocieerd met steun voor het regime, stemt uiteindelijk toch in, maar niet zomaar. Ondertussen zien we hoe leden van het redactieteam een scheur in het decor proberen te camoufleren met enkele kerstbomen en door er enkele ‘kameraden’ voor te zetten.

The New Year That Never Came

Gedwongen verhuizingen
Verre van komisch is het subplot over de gedwongen verhuizing van Margareta (Emilia Dobrin). In de naam van modernisering wilde Ceaușescu zo’n 7.000 dorpen gedeeltelijk of volledig slopen, het werden er uiteindelijk enkele honderden. In de hoofdstad Boekarest waren al hele wijken gesloopt om ruimte te maken voor het paleis van de dictator en voor brede boulevards, met als voorbeeld Parijs. Margareta is een van die tienduizenden die verplicht haar huis moet verlaten. Terwijl werklieden haar spullen inpakken, probeert een medewerker van de overheid haar moed in te spreken. Het blijkt haar zoon.

Het subplot met de tiener Laurențiu (Andrei Miercure) laat dan weer zien dat de jonge generatie zich steeds actiever begint te roeren. Hij heeft wat spullen aangeschaft en vertrekt met twee mannen per auto naar een onbekende bestemming. De sfeer is duister, want het gezelschap lijkt van plan om een politieke daad te plegen. Toch kan de regisseur het niet laten om een korte grappige scène in deze grimmige situatie te verwerken, als de chauffeur van de auto onderweg even moet stoppen om seks te hebben met een vriendin.

Opbouw
Al die thematische verhaallijnen zijn mooi en naadloos in elkaar verweven. Het ene personage verlaat de apotheek en het andere personage neemt de vertelling over. Vaak gaat een deur bij iemand dicht en gaat een deur bij iemand anders open. Roemeense mozaïekfilms, zoals Sieraneveda (2016) van Cristi Puiu, nemen al snel een paar uur de tijd om alle personages beter te leren kennen en om een bepaalde atmosfeer te scheppen waarin het alledaagse leven en de verborgen drama’s langzaam samenkomen. The New Year That Never Came duurde in eerste instantie 3 uur en 40 minuten. Er werden scènes verwijderd, terwijl andere scènes werden ingekort door de kop en de staart te verwijderen. Het eindresultaat van 2 uur en 18 minuten houdt de vertelling vlot.

De compositie naar de finale is slim geïntensiveerd door het gebruik van Ravels Bolero. De repetitieve structuur van het muziekstuk, het geleidelijke crescendo en de emotionele impact bouwen de spanning op tot de onvermijdelijke climax: het Nieuwjaar dat nooit zou komen.

 

17 december 2024

 

ALLE RECENSIES

Waarom Wettelen?

**
recensie Waarom Wettelen?
Ja, waarom eigenlijk?

door Bert Potvliege

Er gaat een gezonde argwaan gepaard met het nieuws dat een prozaschrijver een film gaat regisseren. De filmgeschiedenis biedt onderdak aan vele voorbeelden van creatievelingen die over de grenzen van hun medium heen morsen, waarbij de slotconclusie ‘schoenmaker, blijf bij je leest’ vaak op het rapport belandt. Vlaming Dimitri Verhulst, schrijver van De helaasheid der dingen, waagt zich aan het grote doek en valt door de mand met debuut Waarom Wettelen?.

Films die blijken te falen in hun opzet, kunnen ondanks de initiële teleurstelling fascinerende prenten zijn om van naderbij te bekijken. Opsporen waar films de mist ingaan, is autodidactiek van de cinefiel. Vrijwel alle onderdelen van het filmmaken in Waarom Wettelen? vertonen fouten, van een gebrekkige controle over de toon tot een niet te negeren amateurisme. Wat werkt, houdt de film drijvende, maar het is in zijn struikelen dat de film boeiend is om te evalueren. 

Waarom Wettelen?

Op sleeptouw met een lijk
Waarom Wettelen? heeft een reddende engel in de vorm van gortdroge dialogen, die het aanwezige publiek tot luid schateren zullen aanzetten. Het is een meevaller die te verwachten viel, aangezien dit onderdeel nauwst aansluiting vindt bij de achtergrond van Verhulst als auteur. De humoristische toon van de schrijver grenst aan het absurde en het is er heerlijk in wentelen. Peter Van den Begin in de hoofdrol is gelukkig een acteur die weet in wat voor soort film hij zit en als rouwende echtgenoot slaat hij de juiste komische toon. Zijn lichaamstaal – niet in het minst zijn blikken – biedt de juiste ondersteuning om de ondeugende dialogen te doen uitblinken.

Tijdens de begrafenisplechtigheid van zijn echtgenote Christine, komt een notaris weduwnaar Bas (Van den Begin) doodleuk melden dat het de laatste wens was van de overledene om begraven te worden in Wettelen. Niemand weet waarom of waar het überhaupt ligt. Een verbitterde begrafenisondernemer beweert te weten waarheen ze moeten. Met zijn afgekeurde lijkwagen neemt hij de rouwende familieleden mee op sleeptouw voor een dagenlange rouwstoet door het Vlaamse platteland, richting het onbekende Wettelen. Het mag duidelijk zijn dat we in de licht surreële, gezapige wereld van Verhulst terechtgekomen zijn.

De film roept naar zijn maker
Waarom Wettelen? is een komedie van het kolderieke soort, een film die teruggrijpt naar de eenvoudige en laagdrempelige Vlaamse cinema van eind vorige eeuw. Of dit een gevolg is van een nostalgische drang bij Verhulst of van het onvermogen om de film op maat van een hedendaags publiek te snijden, blijft in het midden. Het overgrote deel van de aandacht gaat naar grappen en grollen die verscholen zitten in de dialogen, waardoor de film de pagina en niet het beeld benadrukt. De aandacht houden op het knipogen naar een publiek met taalgrappen, toont dat de lat te laag ligt.

Waarom Wettelen?

De motivatie om film te gebruiken als medium om dit verhaal te vertellen, lijkt op weinig gestoeld. Aangezien film niet het communicatiekanaal blijkt waarmee Verhulst de meest solide affiniteit heeft, stokken een aantal van de verhoopte grappen. Visuele gags, zoals het zonnebaden op het dak van de lijkwagen, blijken vaak maar half te landen. Een woordmopje dat verwijst naar een lokale politicus – en dus enkel werkt in Verhulsts contreien – toont een ondoordacht rekening houden met het publiek.

Het onvermogen van de film om een uniform tonaal geheel te vormen, staat als een paal boven water. Vrij vroeg in de film stond het ons voor de ogen dat Verhulst niet doorheeft dat zijn eigen film schreeuwt naar hem. Terwijl de rouwende familieleden zich over de bochtrijke plattelandswegen voortslepen, krijgen we in de achtergrond een aandoenlijk geromantiseerd Vlaanderen in breedbeeld te zien. Die warme, zachte gloed van zonnige velden vloekt hard met de vaak platvloerse aard van Verhulsts dialoog, alsof het om twee films door elkaar gaat. De rouwende familie slentert door een dorpsstraat, door Verhulst aangevuld met een vlammende song van Zweedse band The Knife op de soundtrack – een onbegrijpelijke keuze en een ingreep die door de film wordt afgestoten. Andere elementen, zoals de poëtische conclusie met de danser bij het graf, slaan als een tang op een varken. Een stap achteruit zetten om de uniformiteit van zijn film te overschouwen en in te grijpen waar nodig, is een talent dat Verhulst niet in zijn arsenaal heeft.

Waarom Wettelen? is geen goede film, maar dat betekent geenszins dat er geen genot uit te halen valt. Wanneer Bas zijn familie inlicht dat ze kunnen overnachten bij de paters, merkt hij tegen de vrouwen fijntjes op dat “sommige paters in geen vijftig jaar een vrouw gezien hebben, dus probeer daar alsjeblief rekening mee te houden”. Het zijn de glooien in het gelaat van Van den Begin die het hem deden, maar wij lagen dubbel bij de zinloze aanbeveling. De schoenmaker achter de camera ongetwijfeld ook.

 

30 oktober 2024

 

ALLE RECENSIES