Big Short, The

****

recensie The Big Short
Het geheim van de winnaars

door Cor Oliemeulen

De bankencrisis van 2008 kende hoofdzakelijk verliezers. Heel veel verliezers. Maar er waren ook winnaars: enkelingen verdienden miljarden door het voorspellen van het instorten van de Amerikaanse huizenmarkt. Sommigen deden het voor geld en prestige, anderen om hypotheekverstrekkers, overheid en kredietbeoordelaars de oren te wassen.

Hedgefondsmanager Michael Burry (Christian Bale) heeft een glazen oog, het aspergersyndroom, een voorliefde voor heavy metal én een vooruitziende blik. In 2005 koopt hij tientallen verzekeringspolissen tegen het risico dat huiseigenaren in Amerika hun hypotheek niet meer kunnen aflossen. Hij is bang dat ook anderen ontdekken dat de huizenmarkt op instorten staat, maar als hij deals maakt bij investeringsbanken wordt hij keihard achter zijn rug uitgelachen. Burry was één van de weinigen die zich verdiepte in de keerzijde van de hosannastemming, moeite deed om hypotheekcontracten te doorgronden en in een vroeg stadium concludeerde dat de Amerikaanse huizenmarkt op drijfzand was gebouwd. Als jaren later de rook rond de immense crisis is opgetrokken, blijkt Burry tientallen miljarden te hebben verdiend.

The Big Short

Underdogs
Terwijl de financiële thriller Margin Call (2011) met Kevin Spacey het vergrootglas richt op de laatste stuiptrekkingen van een grote investeringsbank en het ontstaan van de mondiale economische crisis, focust The Big Short op het geheim van de winnaars. Naast Michael Burry zijn dat een aalgladde handelaar van de Deutsche Bank (Ryan Gosling), een beheerste gepensioneerde effectenhandelaar (Brad Pitt) die twee onervaren beleggers onder zijn hoede neemt en een wantrouwige kruisvaarder die op het spoor van de financiële luchtbel komt na een verkeerd doorverbonden telefoontje (Steve Carell). Al deze personages zijn uitstekend neergezet als outsiders en underdogs, gebaseerd op bestaande figuren. Het enige minpuntje is dat de kijker geen tijd krijgt om zich werkelijk te identificeren met deze karakters.

Regisseur Andy McKay (vooral bekend van komedies als Anchorman en The Other Guys) zet er dan ook vanaf de eerste minuut behoorlijk de vaart in. Door een voice over en personages direct in de camera te laten spreken, korte monologen van bekende sterren die hun satirische visie op de huizenmarkt geven (Margot Robbie met champagne in bad, Selena Gomez achter de Black Jack-tafel in een casino), alsook snelle montages, korte flashbacks, animaties en humoristische dialogen, doet The Big Short aanvankelijk denken aan de biografische stijl van The Wolf of Wall Street, maar weet McKay een eigen stempel op de wonderlijke geschiedenis te drukken.

The Big Short

Rommelhypotheken
De verfilming van de gelijknamige bestseller van Michael Lewis staat onoverkomelijk bol van bankjargon, echter ook de kijker die nooit te maken heeft gehad met woningbezit hoeft zich slechts te realiseren dat er voorafgaand aan de crisis structureel werd gerommeld met hypotheken. Zoals een beroemde kok het vanuit zijn restaurantkeuken toont: als je rotte vis mengt met een aantal gezonde ingrediënten lijkt het gerecht op je bord nog altijd zeer appetijtelijk. Gesteund door mooie praatjes van banken en adviseurs kwam immers iedereen in aanmerking voor een hypotheek. Zowel de hebzucht van verstrekkers als de naïviteit van ondertekenaars leidden tot een luchtbel die tot aan de hemel reikte.

Het instorten van de Amerikaanse huizenmarkt betekende uiteindelijk een verlies van vijf biljoen dollar aan hypotheekwaarde, obligaties, spaartegoeden en beleggingen. Alleen al in Amerika verloren acht miljoen mensen hun baan en zes miljoen mensen hun huis. De conclusie van The Big Short is dat we nauwelijks van het verleden hebben geleerd, want anno 2016 zou er zomaar weer een nieuwe bankencrisis kunnen ontstaan. Naar aanleiding van de filmrelease zegt de ‘echte’ Michael Burry in New York Magazine: “We zitten weer in hetzelfde schuitje: met gemakkelijk geld groei willen stimuleren.” Een gedachte die treffend wordt ondersteund door de blues van Led Zeppelin tijdens de aftiteling: ‘When the Levee Breaks’.

 

15 januari 2016

 

MEER RECENSIES

 

Criminal Activities

**

recensie  Criminal Activities

Smakeloze smoothie

door Cor Oliemeulen

De schrijver van Criminal Activities schijnt al in 1977 te zijn overleden, maar desondanks lijkt dit misdaaddrama op een mislukt afgietsel van Reservoir Dogs. Rara, hoe zit dat?

Ook Pulp Fiction (1994) is al een hele tijd geleden, maar elke keer als John Travolta sindsdien op het affiche verschijnt, ben je benieuwd welk personage hij zal vertolken en hoop je tegen beter weten in op een nieuwe comeback. In Criminal Activities van bijrolacteur Jackie Earle Haley zien we voormalig discodanser Travolta voor de zoveelste keer een gangster spelen: Vincent heet nu Eddie en ditmaal moeten geen Kahuna-burger en Franse frietjes met ketchup, maar een smoothie van gedehydreerd cactuspoeder en een monoloog over de ‘zeven wetten van de economie’ zijn excentriciteit onderstrepen. Het vettige haarstukje en plastisch opgesmukte gezicht nemen we op de koop toe.

Criminal Activities

Kidnap
Met twee lijfwachten annex huurmoordenaars (regisseur Haley zelf speelt de meest spraakzame) in zijn kielzog zet hij vier vrienden voor het blok. Het kwartet heeft gespeculeerd met aandelen en het geleende geld blijkt nu afkomstig van Eddie. Hun schuld kan worden afgelost als ze een crimineel ontvoeren en hem een etmaal vasthouden, zodat Eddie zijn dubbele agenda kan afwerken. Na de nodige aarzelingen – de jongens hebben geen ervaring met geweldplegingen en hoesten nota bene na het inhaleren van een joint – stemmen ze toe.

De kidnapping verloopt allesbehalve soepel en tijdens het volgende etmaal nemen de spanningen uiteraard toe. Zo worstelt de een met een overspelige vriendin en een ander met traumatische jeugdervaringen waarvoor weer een andere vriend verantwoordelijk is, terwijl de derde hongerklop krijgt en de vierde zich door de ontvoerde crimineel laat manipuleren. Later zal blijken waarom sommige kidnappers zich zo debiel gedragen, maar dan heeft Criminal Activities als boeiende, oorspronkelijke en consistente thriller allang gefaald. Of was het de bedoeling dat de film ook grappig moest zijn?

Criminal Activities

Uithoudingsvermogen
Als recensent dien je soms over een goed uithoudingsvermogen te beschikken. Net als in de recente rampenfilm San Andreas (tenenkrommend acteren en bak clichés in aanloop naar de ongetwijfeld spectaculair in beeld gebrachte superaardbeving) zou je tijdens Criminal Activities het liefst na een half uur afhaken. De volhardende kijker wordt deels beloond. Pas in de uitgerekte finale zul je de vele stompzinnige acties van enkele personages begrijpen en hun uitgekookte plannetjes kunnen ontrafelen, althans een serieuze poging hiertoe kunnen doen.

Mengelmoesjes en elixers van hippe, intelligente gangsterfilms in de naam van Quentin Tarantino en Guy Ritchie zijn inmiddels ontelbaar, echter afgesloten en opgediend als een grande dessert, sjabloon The Usual Suspects (1995), is zowel ontzettend gekunsteld als een hele tube wasabi na de sushi. En daarvan krijg je dorst, veel dorst, naar oude meesters die door ingenieuze montage zelfs van een middelmatig verhaal een kunststukje wisten te maken.

10 januari 2016

 

 
ALLE RECENSIES
 

Hateful Eight, The

***

recensie  The Hateful Eight

Reservoir Dogs in een blokhut

door Alfred Bos

Sneeuw is het nieuwe zand: The Hateful Eight verruilt de traditionele westernwoestijn voor de winter in de godverlaten wildernis van Wyoming. Tarantino’s achtste toont het neoliberale wereldbeeld waarin mensen koopwaar zijn, moraal niet bestaat en iedereen uitsluitend aan zichzelf denkt.

Met een Ultra Panavision 70 (millimeter-lens) release, een speelduur van dik drie uur, een Dr. Zhivago-achtige ouverture, een dissonante soundtrack van Ennio Morricone en een midfilmse pauze van exact 12 minuten (nodig voor het verhaal, aldus de regisseur) komt Quentin Tarantino’s achtste (eigenlijke achtenenhalfste) film met wapperend banier de bioscoop binnen gegaloppeerd. Dat banier schreeuwt: hier ben ik; groot, groter, grootst. Motormouth is back.

The Hateful Eight

The Hateful Eight is Tarantino uit het boekje. Zeven mannen en een vrouw zitten ingesneeuwd in een blokhut, ergens in de godverlaten bergen van Wyoming. De mannen hebben allemaal een eigen agenda die draait rond de vrouw, de misdadigster Daisy Domergue (Jennifer Jason Leigh). Premiejager John Ruth (Kurt Russell) gaat haar afleveren bij de sheriff van Red Rock, Chris Mannix (sterke rol van Walton Goggins, die schitterde in de tv-serie Justified). Ruth heeft een gelegenheidsverbond gesloten met collega-premiejager Major Marquis Warren (Samuel L. Jackson), die drie diepgevroren lijken wil verzilveren.

Dodelijk schaakspel
In Minnie’s Haberdashery, de blokhut, regeert het wantrouwen. In omstandige dialogen draaien de acht rond elkaar en iedereen speelt een spel. De Britse beul Oswaldo Mobray (Tim Roth), de cowboy op familiebezoek Joe Gage (Michael Madsen), de oude generaal Sandy Smithers (Bruce Dern) en de waard van de blokhut, Bob (de Mexicaanse acteur Demián Bichir), zijn paarden en lopers in een dodelijk schaakspel. Tarantino gebruikt anderhalf uur om de premisse op te zetten. Na de pauze volgt de climax, opgerekt tot nog eens anderhalf uur: een orgie van kots, bloed en weggeschoten hoofden. Liefhebbers van gorigheid zullen smullen.

Maar de film voelt ook als een herhaling van zetten. Voor een ‘actieregisseur’ praten de karakters in Tarantino’s films uitzonderlijk veel, nu nog meer dan in Death Proof (de Tarantino-helft van Grindhouse) en Inglourious Basterds. Het tweede van de zes ‘hoofdstukken’ is één lange driespraak in een postkoets, nodig om een niet wezenlijk plotdetail op te zetten. Je zit er, ongewoon voor een Tarantino-film, bij te geeuwen. Hier heeft de regisseur Tarantino de scenarist Tarantino niet in de hand. Teveel tekst, te verliefd op zijn verbale cool.

The Hateful Eight

Gekunstelde structuur
Ook de regisseur Tarantino weet zich op beslissende momenten niet in te houden. Er zijn vlagen van brille, zoals aan het begin van het vierde hoofdstuk, direct na de pauze, wanneer de dieptefocus van de camera de blik van Daisy volgt. Ze weet iets wat de kijker dankzij een onverwachte voice-over ook weet, maar de personages niet: zinderende spanning. Wanneer de plot van bedrog en tegenbedrog ten langen leste is ontvouwd valt Tarantino nogal kinderachtig terug op cartoonesk geweld. Vooral de vrouw, Daisy, moet het ontgelden: ze wordt geïntroduceerd met een blauw oog en eindigt, diverse ellebogen en rechtse hoeken later, als Brian de Palma’s Carrie met een gelaat vol braaksel, bloed en hersenresten. Na drie uur van eindeloos gekonkel is de climax ronduit zwak.

The Hateful Eight is een steroïde versie van ’s mans debuutfilm Reservoir Dogs, een claustrofobisch mensen-opgesloten-in-een-kamer toneelstuk – veel scènes zijn in werkelijke tijd gedraaid, vandaar de lengte van de film – dat zijn toneelmatigheid nimmer weet af te schudden. De filmstructuur doet gekunsteld aan, met zijn merkwaardige voice-over als introductie na de pauze, de lange flashback (een compleet hoofdstuk) en de deus ex machina om de climax in gang te zetten. Laat je niet bedotten door alle fanfare. The Hateful Eight is een exploitatiefilm vermomd als blockbuster, niet de nieuwe Once Upon A Time in the West.

 

5 januari 2016

 
ALLE RECENSIES

Joy

**

recensie  Joy

Dweilen met de kraan open

door Cor Oliemeulen

Een gescheiden moeder in New York ontdekt een apparaat dat menige huisvrouw laat kirren van genot. Joy is een komisch drama over ambitie, vertrouwen, verbeelding, familie en het overwinnen van tegenslagen.

De hernieuwde samenwerking van de regisseur en drie hoofdrolspelers van Silver Linings Playbook wekt verwachtingen. In 2012 maakte David O. Russell (The Fighter, 2011) een grotendeels geslaagd portret van een disfunctionele familie met een opgefokte vader (Robert De Niro) en een bipolaire zoon (Bradley Cooper) die in een even onevenwichtig meisje (Jennifer Lawrence) zijn nieuwe liefde en balans vindt. Muze Lawrence en ideale schoonzoon Cooper inviteerde hij voor zijn oplichtingsdrama American Hustle (2014) en in Joy keert De Niro terug, ditmaal als vader van Lawrence. Helaas ziet de kijker deze castingtruc mislukken, want ditmaal is er geen enkele chemie tussen de drie.

Joy

Kliederboel
Een film die Joy heet, een dweil als leidmotief heeft en een kliederboel is, vraagt om woordspelingen. De familie van het titelpersonage, een gescheiden moeder – losjes gebaseerd op de New Yorkse uitvindster Joy Mangano – is mogelijk nog disfunctioneler dan die van Silver Linings Playbook. Dat komt het verhaal niet ten goede. Joys ex-man Tony (Édgar Rámirez) woont in de kelder en wil de nieuwe Tom Jones worden, haar vader Rudy (Robert De Niro) heeft een autogarage en krijgt de helft van de kelder omdat zijn vriendin hem eruit heeft gegooid, en haar moeder Terry (Virginia Madsen) kijkt de hele dag in bed naar soaps. Joys grootmoeder Mimi (Diana Ladd) is de stabiele factor in huis. En dan is er ook nog Trudy (Isabelle Rossellini), de nieuwe, rijke Italiaanse vriendin van pa Rudy.

Grote acteernamen, weinig scriptruimte, veel verspild talent – David O. Russell verzuimt om ook maar een enkel karakter uit te diepen. Zelfs het titelpersonage blijft opvallend vlak: een soort van Amerikaanse Bridget Jones, bij wie onzekerheid in liefde is vervangen door onzekerheid in zaken. Jennifer Lawrence heeft bovendien geen schijn van kans om af te rekenen met de warrige en ongeloofwaardige tijdspanne van vier decennia waarin zij is beland, maar zal alleen vanwege haar charmante aandoenlijkheid mogelijk opnieuw voor een Oscar worden genomineerd (die zij won voor haar rol in Silver Linings Playbook).

Joy

Tell Sell
Door de ambitieuze, maar matig uitgevoerde, cinematografische ideeën die de verschillende stadia van Joys leven representeren (kleurgebruik, droombeelden) en het belabberd gemonteerde verhaal, blijft Joy beperkt tot de contouren van een feelgood-film over de menselijke conditie, de Amerikaanse Droom met de obligate lach en traan incluis. Terwijl de geschiedenis van Joy juist zoveel potentie biedt. Een vrouw die bij toeval een geweldige uitvinding doet: een dweil aan een stok die zichzelf uitwringt en tien maal zoveel absorptievermogen dan zijn voorgangers heeft. Welke schoonmaakster wil zo’n ding nou niet?

Na veel beren op de weg – Joy’s zus is jaloers, Trudy wil het project slechts onder strikte voorwaarden mede-financieren, de productpromotie is een fiasco, naasten laten Joy vallen terwijl zij zelf verantwoordelijk zijn voor een debacle, een familielid sterft – lukt het Joy haar Magische Dweil te presenteren bij een reclamebons (Bradley Cooper). We schrijven de jaren negentig, de geboorte van de Tell Sell-achtige commercials waarin je tijdens een live-demonstratie zomaar tienduizenden artikelen in een paar minuten via de telefoon kunt verkopen.

De kijker daarentegen moet bijna twee uur lang wringen en zwabberen voordat duidelijk wordt of Joy haar langgekoesterde droom kan vervullen. Maar dan is het in deze halfslachtige productie allang dweilen met de kraan open.

 

2 januari 2016

 

MEER RECENSIES

Star Wars: The Force Awakens

****

recensie  Star Wars: The Force Awakens

De kracht komt tot leven in de details

door George Vermij

Het kind is de vader van de man en dat geldt natuurlijk ook voor filmliefhebbers. De films die je in je jeugd hebt gezien zijn cruciaal voor hoe je cinema verder zal ervaren. Star Wars is in dat opzicht een geval apart door zijn ongekende succes en zijn grote invloed op sci-fi en popcultuur. De vraag is natuurlijk hoe het begin van een nieuwe serie zich verhoudt tot de magie van vroeger. 

The Force Awakens is gelukkig geen Phantom Menace geworden en de franchise lijkt nu definitief te zijn ontworsteld uit de creatieve klauwen van George Lucas. Voor de echte fans pleegde Lucas al verschillende malen heiligschennis dus het was tijd voor een nieuwe ‘oude’ aanpak. Voor The Force Awakens lag die in handen van J.J. Abrams, maar ook de scriptschrijver van de oude reeks, Lawrence Kasdan. Het zal daarom geen verrassing zijn dat de nieuwe film met gepaste eerbied verwijst naar de sci-fi mystiek van de oudste trilogie waarvan A New Hope in 1977 het eerste deel was.

Recensie Star Wars: The Force Awakens

Oude en nieuwe gezichten
Het begint natuurlijk gelijk al goed met de iconische titel-crawl en de onnavolgbare muziek van John Williams. Op een woestijnplaneet die lijkt op Tatooine uit A New Hope, maar Jakku heet, zoekt X-wingpiloot Poe Dameron (Oscar Isaac) naar Luke Skywalker. Hij is verdwenen en nieuwe duistere krachten die zich The First Order noemen hebben het ook gemunt op deze legendarische Jedi-meester.

Het verhaal combineert veel bekende en geliefde oude gezichten met nieuwe personages. Het is een slimme en doordachte zet die een brug slaat tussen de oudere delen, maar ook tussen verschillende generaties fans.

Combinatie van kwetsbaarheid en daadkracht
Van die nieuwe koppen heeft Rey (Daisy Ridley) de belangrijkste rol. Zij doet denken aan de simpele Skywalker die in A New Hope geconfronteerd werd met zijn belangrijke taak, maar ook met onzekerheid en twijfel. Ridley is daarbij perfect gecast en hanteert een combinatie van kwetsbaarheid en daadkracht die haar tot een boeiende heldin maken.

Een ander interessant personage is Finn die een verrassende kant van de altijd anonieme Stormtroopers laat zien. John Boyega zet Finn sympathiek en komisch neer als een weifelende sidekick van Rey.

De film komt pas echt tot leven in de details. Rey woont in het karkas van een oude AT-AT in een woestijn die bezaaid is met de wrakstukken van oude voertuigen die iedere fan zich wel kan herinneren. De Millenium Falcon is nog steeds het snelste stuk schroot in de ruimte en wordt op grappige wijze in het verhaal geïntroduceerd.

Star Wars: The Force Awakens

Blockbuster-cinema
En dan is er nog de duistere kant die wordt belichaamd door Kylo Ren in zijn zwarte kostuum inclusief Darth Vader-achtige masker. Adam Driver weet deze complexe figuur goed neer te zetten alhoewel deze criticus moet bekennen dat hij hem soms moeilijk los kan zien van zijn komische rol in de serie Girls als de door seks geobsedeerde Adam.

Naast deze nieuwe helden die het Star Wars universum weer wat vers bloed geeft zijn Han Solo, prinses Leia en Chewbacca weer van de partij. Het is alsof ze nooit weg zijn geweest en Abrams verbindt zo nostalgie weer met een nieuwe verhaallijn waar iedereen nu nieuwsgierig naar is.

Zover is het dus missie geslaagd. Behalve dan als je niet gecharmeerd bent van de grote en fantasierijke blockbuster-cinema. In dat geval was je waarschijnlijk al in 1977 afgehaakt. Toch moet zelfs de echte cynicus bekennen dan het allemaal met liefde en respect voor het Star Wars-universum is gemaakt. In zijn genre heeft Abrams een waardig vervolg afgeleverd. Een hele prestatie na de dompers van Lucas en een bewijs dat dure megaproducties ook gewoon je hart sneller kunnen doen kloppen.

 

16 december 2015

 
ALLE RECENSIES

Carol

*****

recensie  Carol

Verboden liefde wint

door Alfred Bos

De Amerikaanse critici buitelen over elkaar heen om Todd Haynes’ verfilming van een lesbische roman uit de jaren vijftig te bewieroken. De Oscars staan al koud. En alle ophef is op zijn plaats: Carol weet te raken.

Heel veel films heeft hij niet gemaakt in de twintig jaar sinds zijn eerste langspeelfilm Safe (1995) en niet heel veel mensen zullen bij het horen van de naam Todd Haynes roepen: ah, de man van Velvet Goldmine  (over een fictieve glamrockster uit de jaren zeventig, denk David Bowie) en I’m Not There (een biopic over Bob Dylan, die wordt vertolkt door zes acteurs, waaronder Cate Blanchett). Na Carol zal dat gebrek aan faam zijn verholpen, want met zijn vijfde speelfilm ontstijgt Haynes de status van buitenbeentje van de Amerikaanse cinema. Een meesterregisseur stapt in het voetlicht.

Carol

Carol vertelt het verhaal van een lesbische relatie in het Amerika van begin jaren vijftig, de tijd van de oorlog in Korea en de heksenjacht op communisten. Cate Blanchett speelt de titelheld, een dame uit de hogere middenklasse van New York die gevangen zit in een liefdeloos huwelijk. Wanneer de vriendschap met de muizige winkelbediende Therese (Rooney Mara, bekend van de titelrol uit de Amerikaanse remake van The Girl with the Dragon Tattoo) uitgroeit tot een liefdesrelatie, slaat de man des huizes (Kyle Chandler) op tilt. Carol dreigt alles te verliezen – kind, huis, reputatie, vriendin  – maar maakt een morele keuze en wint de liefde.

Geknotte vrouwen
Dat verhaal, in 1952 onder pseudoniem gepubliceerd door de Amerikaanse schrijfster Patricia Highsmith onder de titel The Price of Salt, biedt Haynes het platform om zijn specialiteit te etaleren: hij blinkt uit in emotionele portretten van vrouwen die door hun omgeving worden geknot. In Safe speelt Julianne Moore een huisvrouw in Los Angeles die psychisch langzaam uiteenvalt. Moore is ook de ster van het briljante Far from Heaven, een stilistisch perfecte pastiche van de tranentrekkende films van jaren vijftig regisseur Douglas Sirk, over een huisvrouw in New England die er langzaam achter komt dat haar perfecte leven één grote schijn is.

Die films lopen niet goed af. Beter vergaat het Mildred Pierce, vertolkt door Kate Winslet, in Haynes’ tv-miniserie naar het gelijknamige, in de jaren dertig gesitueerde boek van hard boiled-thrillerauteur James M. Cain. Met stalen ruggengraat en ijzeren wil overkomt ze alle obstakels die de verstikkende mores haar toewerpt. En ook Carol laat zich niet kisten door bekrompen ideeën of dubbele moraal. Ze volgt haar hart en haar geweten, en wint. Die boodschap was in de jaren vijftig taboe (zie Far from Heaven) en de uitgever van Highsmith wilde er niet aan, maar resoneert nu des te krachtiger.

Carol

Secuur stylist
Naast een talent om zijn actrices tot grote hoogten te stuwen (Moore en Blanchett behaalden met hun Haynes-films een Oscar-nominatie, Winslet won de Golden Globe) is Haynes een secure stylist. Zoals eerder in Far from Heaven  weet hij de jaren vijftig tot in detail – het nieuwe fenomeen van de mini-groove langspeelplaat – te evoceren. Wat Carol, ditmaal niet in technicolor maar in gedekte tinten, een maatje hoger tilt is de soepele en zelfverzekerde regie. Was Far from Heaven nog ingesnoerd door concept en vormdwang, in Carol  kan Haynes onbekommerd zijn meesterschap etaleren. Hier staat de vorm, inclusief de minimalistische soundtrack, in dienst van de emotionele boodschap.

Cate Blanchett gaat voor haar titelrol ongetwijfeld opnieuw een Oscar-nominatie binnenhalen en wellicht ook verzilveren. Ze kan als geen ander de wanhoop vertolken die broedt achter een masker van conformisme, zoals twee jaar terug nog in de titelrol van Woody Allens Blue Jasmine (goed voor een Oscar). Zo krijgen het perfect gestileerde decor en de talloze close-ups van gezichten (vaak door vensters gefilmd) waarop emoties wervelen en ogen luid spreken, de emotionele diepgang die bij het verhaal past. Daarbij doet tegenspeelster Mara nauwelijks voor Blanchett onder. Van het verbluffende openingsshot tot het triomfantelijke slotbeeld weet Carol twee uur lang te betoveren.

15 december 2015

 

 
ALLE RECENSIES
 

Walk in the Woods, A

**

recensie  A Walk in the Woods
Het grote foute slapstickavontuur

door Nanda Aris

Hoezeer Robert Redford, Emma Thompson en Nick Nolte ook gewaardeerde acteurs zijn, deze ‘oude rotten’ kunnen niet voorkomen dat A Walk in the Woods, gebaseerd op het reizigersmemoir van Bill Bryson, een flauwe slapstick is.

Regisseur Ken Kwapis verfilmt graag boeken (The Sisterhood of the Traveling Pants, 2005) en op waarheid geïnspireerde verhalen (Big Miracle, 2012), maar helaas zelden van een hoog niveau. Daarom is het opmerkelijk dat hij voor zijn nieuwste film met goede acteurs mag samenwerken. Het zal het vertrouwen in het verhaal zijn dat de acteurs deed besluiten om hun medewerking te verlenen.

Recensie A Walk in the Woods

Twee oude mannen
Schrijver Bill Bryson (Robert Redford) besluit dat hij de 2100 mijl lange Appalachian Trail wil bewandelen. Zijn vrouw (Emma Thompson) vindt dat een minder goed idee, en probeert hem op andere gedachten te brengen. Ze overtuigt hem ervan dat hij beter met een vriend kan gaan lopen, en dus belt Bill een aantal oude vrienden op. Wie hij niet belt, maar wie hém opbelt, is Stephen Katz (Nick Nolte), zijn oude vriend met wie hij ooit door Europa trok. Hij ziet een trektocht wel zitten, ondanks zijn slechte conditie.

Nolte past goed de rol van ruige, ex-alcoholistische, vrijgezelle man, die toegeeft dat hij de ene helft van zijn leven spendeerde aan “getting drunk and chasing pussy” en de andere helft “wasted”. Redford en Thompson gun je op acteergebied beter, alhoewel ze het beste proberen te maken van hun rol – zo is Thompson aandoenlijk als ze afscheid neemt van Redford wanneer hij aan zijn reis begint.

Slapstick
En zo vertrekken de twee oude vrienden, die elkaar al jaren niet meer gesproken hebben, samen op reis. En begint het grote foute slapstickavontuur. De slechte grappen volgen elkaar in rap tempo op. Zo zakt het stapelbed waarin de twee mannen in een hostel slapen, in elkaar. De flauwheid van de grappen zit hem ook in de voorspelbaarheid. Katz gaat bovenin het stapelbed liggen, het bed kraakt, Bill ligt eronder, en kijkt omhoog naar de onderkant van het stapelbed, dat natuurlijk vervolgens in elkaar zakt.

De slechte grappen leiden ons helaas af van prachtige shots van de omgeving (Amicalola Falls State Park, in Dawsonville, Georgia) waar de mannen doorheen wandelen.

A Walk in the Woods

Avontuur
Andere films waarin de hoofdpersoon de wijde wereld intrekt zijn onder andere Into the Wild (2007) en Wild (2015). Waar Into the Wild geweldig slaagt in het meenemen van de kijker op een groot avontuur, is Wild al een kuisere versie die minder aangrijpt, en roept A Walk in the Woods eerder weerstand dan sympathie op. In Wild volgen we Cheryl, een jonge vrouw die besluit de Pacific Crest Trail te lopen. De intenties voor de wandeltocht zijn verschillend – voor Cheryl (Reese Witherspoon) is het een reden om haar verleden te verwerken, voor de mannen om te bewijzen dat ze het kunnen.

Misschien is deze recensent minder gecharmeerd van films waarin oude mannen op reis gaan, want ook The Bucket List (2007), waarin twee terminale oude mannen samen op reis gaan om dingen te doen die ze altijd nog hadden willen doen, kon weinig bekoren.

 

11 december 2015

 
ALLE RECENSIES

Steve Jobs

****

recensie  Steve Jobs

Het genie als gesloten systeem

door Alfred Bos

Steve Wozniak ontwierp de Apple-computer en Steve Jobs verkocht hem. Veertig jaar later is Apple ‘s werelds sterkste merknaam, Steve Jobs een bewierookt icoon en Steve Wozniak een anonieme veteraan. Danny Boyles karakterstudie toont hoe dat heeft kunnen gebeuren.

Steve Jobs, Danny Boyles fictieve filmportret van de man die Apple deed uitgroeien tot de bekendste merknaam ter wereld, opent met een clipje uit de jaren zestig. Sciencefictionauteur en wetenschapsjournalist Arthur C. Clarke vertelt, staande bij een brok metaal met knopjes en lichtjes, dat in de nabije toekomst de computer ‘net zo gewoon als de telefoon’ zal zijn. Zelfs de man die de communicatiesatelliet bedacht kon niet voorzien dat Jobs het beter zou weten. Die draaide het om en maakte van de telefoon een computer.

Steve Jobs

Vier jaar na zijn overlijden is Steve Jobs nog steeds spraakmakend. Tijdens IDFA draaide de (niet altijd even flatteuze) documentaire Steve Jobs: The Man in the Machine. Ook Boyles rolprent toont een man wiens intelligentie en ambitie omgekeerd evenredig zijn aan zijn inlevingsvermogen. De Jobs van Doyle, een glansrol van Michael Fassbender, is een ijskoude control freak die met Bob Dylan dweept. Die controlezucht toont zich ook in de computers die hij bedacht: Apple is een gesloten systeem dat opereert in een eigen domein. Boyle schetst Jobs als gesloten systeem.

Verfilmd toneelstuk
De film is theatraal zonder theatraal te zijn en dat is de verdienste van de regisseur. Boyle toomt zijn hyperactieve filmstijl in en concentreert zich op de personages; desondanks voelt dit portret nimmer als een verfilmd toneelstuk hoewel het dat in feite is. Net als in Birdman speelt de handeling zich voornamelijk af in het theater, op en achter het toneel waar Jobs zich voorbereidt op een belangrijke presentatie. Scriptschrijver Aaron Sorkin (de man achter de tv-series The West Wing en The Newsroom, ook verantwoordelijk voor het draaiboek van The Social Network over Mark ‘Facebook’ Zuckerberg) condenseert zijn karakterschets in drie kantelmomenten uit Jobs loopbaan.

In 1984 presenteert Jobs de Macintosh, een revolutionaire machine die evenwel flopt en zijn einde bij Apple inluidt. In 1988 komt hij met de NeXT-computer terwijl het apparaat nog lang niet klaar is voor productie; het is een tactische meesterzet. In 1998, inmiddels weer terug bij Apple, onthult hij de iMac, de computer als lifestyleproduct. Doyle snijdt door die strakke toneelmatige, in ware tijd spelende structuur flashbacks van sleutelmomenten die in de filmhandeling ter sprake komen. Het is een masterclass in filmisch vertellen.

Messcherpe dialogen
Naast de Oscar-waardige titelrol van Fassbender, Sorkins briljante script en Doyles rake registratie is er een reeks sterke bijrollen. Jobs’ voormalige kompaan Steve Wozniak (eindelijk een fatsoenlijke rol van Seth Rogen) vraagt tevergeefs om krediet voor zijn team. Marketingspecialist en surrogaatvader Steve Sculley (Jeff Daniels), weggekocht bij Pepsi, botst met Jobs over strategie. Software-tovenaar Andy Hertzfeld (Michael Stuhlbarg), bedenker van de grafische interface, dient als running gag. Jobs’ex Chrisann Brennan (Katherine Waterston) en dochter Lisa worden backstage  door Jobs weggezet als hinderlijke meubelstukken.

Steve Jobs

‘Hun enige probleem is dat het mensen zijn’, laat Jobs zich in een probleemsituatie ontvallen. Hij denkt als een machine, binair: aan of uit, en niets daartussen. Het menselijke tegenwicht komt van zijn rechterhand, marketingdirecteur Joanna Hoffman (Kate Winslet), die op de werkvloer als een surrogaat-eega én zijn geweten functioneert. De andere vrouw in Jobs’ leven is dochter Lisa, die de ijsberg uiteindelijk een pietsie weet te ontdooien.

Met zijn messcherpe dialogen en treffende karakterschetsen ontvouwt Steve Jobs zich als een Shakespeareaans drama, in ieder opzicht superieur aan de biopic Jobs  (Joshua Michael Stern, 2013). In de geest van Steve Jobs is het een compromisloos portret van een man wiens tijd inmiddels is geweest, want hoe kan het gesloten ecosysteem van Apple overleven in een wereld die dagelijks meer en meer met elkaar verbonden wordt?

 

30 november 2015

 
ALLE RECENSIES

Bridge of Spies

****

recensie  Bridge of Spies

De mens achter het verhaal

door Alfred Bos

Fraai drama over een bijna vergeten incident uit de hoogtijdagen van de Koude Oorlog: de eerste uitruil van Russische en Amerikaanse spionnen, op de Glienicke-brug in Berlijn. Na Saving Private Ryan, Catch Me If You Can en The Terminal werken regisseur Steven Spielberg en acteur Tom Hanks opnieuw samen.

De films van Steven Spielberg vallen ruwweg uiteen in twee categorieën: zijn romantische avonturenfilms voor kinderen en jong volwassen (E.T., Jurassic Park, De avonturen van Kuifje) en zijn serieuze vertellingen over individuen die ‘grote’ voorvallen uit de recente geschiedenis personifiëren (Schindler’s List, Saving Private Ryan, Munich). Het op waargebeurde incidenten gebaseerde Bridge of Spies valt in de laatste categorie. Het is een Spielberg-film uit het boekje.

Recensie Bridge of Spies

Bridge of Spies, naar een draaiboek van de Coen-broers, koppelt Spielberg opnieuw aan Tom Hanks. Die deelt met de regisseur een fascinatie voor geschiedenissen die de grootsheid en het unieke van het idee ‘Amerika’ illustreren. Hanks produceerde (en speelde soms mee in) gevierde tv-series over het Apollo-programma en de reis naar de maan, de vroege Amerikaanse president John Adams, de negentiende eeuwse ontdekkingsreizigers Lewis & Clark, en de culturele omwentelingen van de jaren zestig en de jaren zeventig. Hij is geïnteresseerd in de mens achter het verhaal.

Karakter en sfeer
Hanks speelt James Donovan, een New Yorkse advocaat die zich heeft begraven in verzekeringszaken. Hij krijgt van zijn baas de ondankbare taak om een Russische spion, Rudolf Abel (Mark Rylance), te verdedigen die door de Amerikaanse inlichtingendienst in New York is opgepakt. Het is 1957 en de Koude Oorlog werkt toe naar een kookpunt. Het tijdsbeeld is voortreffelijk gevisualiseerd, de toenmalige psychologie wordt scherp neergezet en de problematiek komt helder voor het licht. Hier zijn overduidelijk vaklui met veel plezier aan het werk.

Donovan redt de Rus van de elektrische stoel, door zijn charmes in de strijd te gooien bij de rechter én door een scherp tactisch inzicht: waarom de spion niet gebruiken als toekomstig ruilmiddel, want je kunt erop wachten dat de Russen een Amerikaanse spion zullen strikken. Dat moment komt in 1960, wanneer piloot Gary Powers met zijn U2-spionagevliegtuig boven Rusland wordt neergeschoten. Het levert de enige en spectaculair verbeelde actiescène uit de dik twee uur durende film op. Die moet het juist hebben van karakter en sfeer.

Bridge of Spies

Gemilitariseerde stad
Bridge of Spies toont Donovans geheime missie: hoe hij in Berlijn met de Russen onderhandelt over de uitruil van de gevangenen, hoe de Oost-Duitsers daar tussen proberen te gaan zitten en hoe Donovan, ondanks alle psychologische en morele druk, zijn missie tot een geslaagd einde weet te brengen. Dat inmiddels vergeten verhaal komt tot leven via Hanks voortreffelijke karakterrol en een reeks van sterke bijrollen.

Ook het decor is evocatief: in het Berlijn van begin jaren zestig is de oorlog nog voelbaar; de gemilitariseerde stad is vuil en grauw, hele blokken liggen nog in puin en de bewoners gedragen zich daarnaar. De sfeer is zo kil dat je als toeschouwer een jas wilt aantrekken.

Wanneer regisseurs in hun film de gevel van een bioscoop laten zien is het altijd opletten geblazen en hier worden in de Amerikaanse sector van Berlijn twee films uit 1960 vertoond: Spartacus (over een slavenopstand) en Village of the Damned (een paranoiathriller). Ze markeren de tijd én geven commentaar op de handeling. Maar het artistieke succes van Bridge of Spies hangt niet af van dergelijke subtiliteiten, het is een publieksfilm met reliëf, bij wijlen een tikje sentimenteel (vooral dankzij de soundtrack) en onverholen patriottistisch, gemaakt met de zwier waarin zich de hand van de meester toont.

23 november 2015

 
ALLE RECENSIES
 

Gift, The

****

recensie  The Gift

Het leven is een geschenk

door Cor Oliemeulen

Als je vroeger voor het leven bent beschadigd door pesterijen kun je misschien het best twee dingen doen: in therapie gaan én de verantwoordelijke confronteren. In The Gift bevestigt het slachtoffer de hernieuwde kennismaking aanvankelijk met leuke cadeautjes.

Volgens Simon bestaat de wereld uit winnaars en losers. Hijzelf behoort natuurlijk tot de eerste categorie, hoewel de promotie op zijn werk op dubieuze wijze is verlopen, terwijl zijn oud-klasgenoot Gordo in zijn optiek een kansloze idioot is. Je mag aannemen dat Simons vrouw Robyn na een aantal jaren huwelijk op de hoogte is van het hokjesdenken van haar man, echter het feit dat Simon vroeger een heuse bully was, weet zij pas vanaf het moment dat Gordo zich heeft ontpopt als stalker.

Recensie The Gift

Psychologische thriller
The Gift is om meerdere redenen een verrassende psychologische thriller. Het is de debuutfilm van de Australische bijrolacteur Joel Edgerton die een aardig script met subthema’s als privacy en kinderloosheid neerpende en zich de overtuigende rol van de zonderlinge Gordo toe-eigende. Jason Bateman, vooral bekend van matige komedies als Horrible Bosses en Identity Thief, blijkt ook in de serieuze rol van Simon het juiste irritatiegehalte te kunnen uitstralen. En de kijker blijft tot het einde (dat doet denken aan een iets betere Spaanse horrorthriller uit 2011 waarvan we de titel niet zullen verraden) op het puntje van zijn stoel.

De Engelse actrice Rebecca Hall laat in haar tweede echte hoofdrol zien dat zij als vrijgevochten, intelligent vrouwfiguur (zie de bovennatuurlijke suspensethriller The Awakening, 2011) veel beter tot haar recht komt dan in komedies (zie het Stephen Frears-misbaksel Lay the Favourite, 2012). Hoewel zij een krachtigere en meer uitgebalanceerde persoonlijkheid heeft dan Simon, wordt ze langzaam gek van de mysterieuze gebeurtenissen die Gordo lijkt aan te richten. Of zijn het de pillen die haar waanideeën veroorzaken?

Recensie The Gift

Wraak of acceptatie?
Films over pestkoppen en hun slachtoffers zijn net als wraakfilms van alle tijden. The Gift stelt de vraag in hoeverre het wenselijk is dat de pestkop twintig jaar na dato zijn verfoeilijke gedrag onderkent en zijn slachtoffer oprecht excuses maakt. Ook al heb je een partner die je aanmoedigt om met jezelf in het reine te komen, kan het om bepaalde redenen toch lastig blijken je verantwoordelijkheid als eervol en fatsoenlijk mens te nemen.

Nog belangrijker is de rol die is weggelegd voor het slachtoffer: kan hij het aangedane leed verwerken en de eventuele excuses accepteren, of blijft hij volharden om het leven van zijn ex-plaaggeest tot een ware hel te maken? Regisseur Joel Edgerton denkt met The Gift een pasklaar antwoord te hebben gevonden.

31 oktober 2015

 

 
ALLE RECENSIES