****
recensie The Secret Agent
Meesterlijke magisch realistische thriller
door Jochum de Graaf
Met prijzen in Cannes en twee Golden Globes op zak is het meesterlijke The Secret Agent in maart een grote kanshebber voor een of meer Oscars. Regisseur Kleber Mendonça Filho maakte met acteur Wagner Moura een magisch realistische spionagethriller over Brazilië onder de militaire dictatuur van de jaren zeventig.
De geweldige openingsscène zet de toon. Once upon a time in Brazil, een bloedhete dag op het stoffige Braziliaanse platteland, komt een knalgele VW Kever aanrijden bij een vervallen tankstation. Een man die we leren kennen als Marcelo stapt uit, kijkt rond en ontwaart onder een wapperend karton een lijk, een zwerm vliegen erboven, agressieve straathonden die het dode lichaam willen aanvallen.
De dikbuikige pompeigenaar vertelt hem dat het om een doodgeschoten overvaller gaat en dat hij nu al dagenlang op de politie wacht. Wanneer die na een tijdje het terrein opdraait, hebben de agenten geen enkele interesse in de plaats delict. Nee, ze onderwerpen Marcelo aan een uitgebreid onderzoek: zijn zijn identiteitspapieren in orde, heeft de verplichte brandblusser in de auto nog wel een geldige vergunning? Als ze met de grondige inspectie klaar zijn, krijgt Marcelo het verzoek om een donatie te doen aan het carnavalsfonds van de politie, wat hij met een pakje sigaretten weet af te kopen.

Militaire dictatuur
Het is 1977, de hoogtijdagen van de militaire dictatuur. De goed bekend staande linkse docent en wetenschappelijk onderzoeker Armando, zoals hij werkelijk heet, is op de vlucht.
Armando (steracteur Wagner Moura, weergaloos als Pablo Escobar in de serie Narcos en een Gouden Beer voor zijn rol in Tropa de Elite, 2007) arriveert met zijn gele VW Kever in de noordelijke havenstad Recife, tijdens het carnaval.
Hij neemt zijn intrek in een appartementencomplex bij de bejaarde Dona Sebastiana, een klein, vogelachtig vrouwtje met een door drank en nicotine aangetaste raspende stem die Armando af en toe van een geheime opdracht voorziet. Zij is ook het aanspreekpunt voor een handjevol andere politieke vluchtelingen in het gebouw, een levendige ontmoetingsplaats van voor hen benarde tijden.
Weduwnaar Armando hoopt het land te kunnen ontvluchten met zijn zoontje Fernando dat bij zijn schoonouders in de stad woont. Opa en schoonvader Seu Alexandre is filmoperateur in de iconische Cinema São Luiz in de wijk Boa Vista. Armando heeft een vals paspoort nodig en gaat bij het Instituut voor Identificatie werken.
Wraakzuchtige industrieel
Langzaam maar zeker wordt duidelijk dat hij met een wraakzuchtige industrieel van doen heeft, zeer verbonden met het militaire regime. Een aantal jaren geleden kregen ze een hoog oplopend conflict over het eigendom op patenten dat deze Ghirotto zich uit naam van het regime wil toe-eigenen. Armando klaagt hem aan wegens corruptie, maar de invloed en macht van Ghirotto dwingt hem op de vlucht te slaan. Het conflict loopt zo hoog op dat Ghirotto hem definitief wil uitschakelen en een paar gangsters inhuurt om hem op te sporen en te liquideren. In de straten van Recife komt het tot een spannende apotheose.
Die intrige met achtervolging, moord en doodslag kan leiden tot een donker en somber verhaal. Maar regisseur Kleber Mendonça Filho (vorige speelfilm Bacurau, juryprijs Cannes 2019) grijpt met allerlei droogkomische voorvallen, absurdistische taferelen, mysterieuze personages en bijzondere zijverhaallijnen de gelegenheid aan om de magisch realistische werkelijkheid van het Brazilië in de jaren zeventig te laten zien. En zijn liefde voor de filmkunst ten toon te spreiden.
De zolder van São Luiz met het archief van de bioscoop is de geheime ontmoetingsplaats voor de politieke ballingen. We zien filmposters van Le Magnifique met Jean Paul Belmondo en Pasquolino Settebellezze van Lina Wertmüller aan de muur. De bioscoop vertoont films als Jaws en The Omen. We horen de huiveringwekkende reacties uit de zaal.

Het afgesneden been
Jaws speelt een bijzondere rol. De jonge Fernando is sinds hij de filmposter in de krant gezien heeft een enorme fan, hij tekent alleen nog maar haaien. We hebben dan al de hallucinante scène in een mortuarium gezien: uit de opengesneden buik van een haai verschijnt eerst een voet en later een compleet afgesneden menselijk been. Dat is geen vreemde gebeurtenis omdat tijdens de dictatuur met regelmaat lijken van politieke tegenstanders in het water worden gegooid. Om het onderzoek van wie dit ‘harige been’ is te frustreren, wordt dat uit het mortuarium gestolen en terug in de rivier gedumpt.
Het been gaat vervolgens een nieuw eigen leven lijden, komt stuiterend aan wal, valt mensen aan en maakt de nodige slachtoffers, waaronder homo’s in het park, waar avond aan avond seksorgies plaatsvinden. Althans dat is wat een lokale journalist in een serie krantenberichten publiceert en enorme ophef in Recife veroorzaakt. Hij doet het later af als broodje aapverhalen, maar het is een geniale greep om buiten de militaire censuur om allerlei misstanden aan de kaak te stellen.
De manier waarop de gangsters en de huurmoordenaar onder het oogluikend toestaan van de corrupte politie hun gang kunnen gaan, werpt ook een bijzonder licht op de werking van de dictatuur.
Soundtrack
De sfeer en mentaliteit van die jaren wordt goed getroffen door de soundtrack met populaire Braziliaanse klassiekers als Samba no Arpège, Chicago’s If You Leave Me Now, Love to Love You Baby van Donna Summer en Ennio Morricone’s Guerra e pace, pollo e brace.
Die komen nog meer tot hun recht door het sublieme camerawerk en het gebruik van de in die tijd populaire Panavision-breedbeeldlens: dicht op de huid, beeldvullende gezichten, een individu op de voorgrond met op de achtergrond wriemelende mensenmassa’s in het verkeer. Alsof je er zelf bij was toen het in 1977 allemaal zo gebeurde.
11 februari 2026
















Na deze film werd hij nog een scherper doelwit van de McCarthy-onderzoekers. Schandalen was hij wel gewend (ruzie met de Britse regering, speelde Hitler in The Great Dictator, rechtszaken, jonge vriendinnen, staatsgevaarlijk volgens de FBI). Zijn reactie: ‘Als je met je linkervoet de stoeprand oploopt, ben je al een communist.’




