Wonder van Le Petit Prince, Het

****
recensie Het wonder van Le Petit Prince

Vier vertalingen, vier verhalen

door Nanda Aris

Le Petit Prince, geschreven door Antoine de Saint-Exupéry in 1943, is een van de meest vertaalde boeken ter wereld. Wat betekent het verhaal voor de vertalers, voor hun cultuur en hoe gaan ze om met de vertaling? 

De avonturen van de kleine prins zijn zelfs vertaald naar vergeten en bijna uitgestorven talen als het Tamazight in Noord-Afrika, het Sami in het noorden van Finland, het Tibetaans en het Nawat in El Salvador. In Het wonder van Le Petit Prince volgen we deze vier vertalingen.

Deze documentaire van Marjoleine Boonstra die in première ging op het IDFA afgelopen jaar, ontstond door een opdracht een film over vertalen te maken – en hoe prachtig is deze uitkomst van de opdracht. De vier vertalingen die we volgen zijn in verschillende uithoeken opgenomen, als lijkt het een aflevering van Floortje naar het einde van de wereld. 

Het wonder van Le petit prince

Woestijn
De film start met de mooie warme voice over van Johan Leysen, die in het Frans een stukje uit Le Petit Prince vertelt: de kleine prins belandt op aarde en komt een slang tegen. De kleine prins vraagt zich af of er wel mensen leven op deze planeet, maar het gebrek aan mensen komt doordat ze zich in de woestijn bevinden, zo antwoordt de slang. De muziek begeleidt het verhaal sprookjesachtig.

In de woestijn start ook het eerste verhaal, bij vertaler Lahbib Fouad in Marokko. Toen Fouad zes was ging hij naar school, waar zijn leraar Arabisch sprak. Tot die tijd had hij alleen het Berberse Tamazight, officieel de tweede taal van Marokko, gekend. Fouad besloot om het verhaal van de kleine prins te vertalen naar het Tamazight, zodat kinderen tegenwoordig ook na schooltijd in die taal kunnen lezen. Er waren woorden die moeilijk te vertalen bleken, zoals waterkraan, wat waterput werd.

Elk van de vier vertalingen kent zijn eigen herkenning in het verhaal van de kleine prins. Fouad ziet herkenning in het feit dat de kleine prins met dieren praat, iets dat niet ongewoon is binnen zijn cultuur.

Sneeuw
Voor de tweede vertaling reizen we af naar het koude besneeuwde grensgebied van Noorwegen en Finland, waar Kerttu Vuolab samen met haar moeder leeft. Zij vond troost in het verhaal van de kleine prins, nadat haar zus tragisch overleed, en zij op school gepest werd. Ze sprak geen Fins, maar alleen het Sami, waardoor ze zich geïsoleerd voelde op school. Ze vond herkenning in het verhaal dat volwassenen ongevoelig konden zijn en kinderen geen mening mochten hebben. De pijn en het verdriet zijn voelbaar wanneer de tranen over haar wangen rollen en ze het boekje haar grote vriend noemt.

Het wonder van Le petit prince

Bedreigd
Het derde en vierde verhaal hebben gemeen dat de taal bedreigd raakte en er van hogerhand bepaald werd dat de taal niet gesproken mocht worden. Zoals in El Salvador, waar drie oudere dames en vertaler Jorge Lemus het verhaal van de kleine prins vertalen naar het Nawat, de taal die de oorspronkelijke bewoners van El Salvador spraken. Na de komst van de Spanjaarden was het gevaarlijk om deze taal te spreken, er stond de doodstraf op. Lemus herkent El Salvador als de roos in het verhaal de kleine prins; een veeleisende bloem die de nodige aandacht nodig heeft.

Vrij
Voor het vierde verhaal reizen we niet af naar het land van herkomst, maar naar Parijs, waar de Tibetaanse Tashi Kyi en Noyontsang Lhamokyab in ballingschap leven. Kyi zou graag zoals de kleine prins vrij kunnen zijn, vrij om doelen te bereiken, en vrij om te gaan en staan waar ze wil.

Vier uiteenlopende verhalen van vertalers die allen troost vonden door de vertaling van de kleine prins in hun eigen taal. Soms om persoonlijke redenen, soms om het grotere geheel, dat van een bevolking. Door de vertalingen wordt het culturele erfgoed gewaarborgd en een taal levend gehouden. Boonstra brengt de vertalers en hun motivaties prachtig in beeld en combineert dit met fantastische beelden van de omgeving, de natuur en de dieren, die ook zo belangrijk zijn voor het verhaal.

 

5 februari 2019

 

ALLE RECENSIES

Werk ohne Autor

****
recensie Werk ohne Autor

Authenticiteit versus het collectief

door Ries Jacobs

Al tijdens de Tweede Wereldoorlog maakte Hollywood de eerste films over helden die het opnamen tegen nazi’s. Daarna volgden vele honderden producties over dit onderwerp. Kun je dan nu nog een originele film maken over de periode 1933-1945?

Op veertien juli 1933, enkele maanden nadat Hitler aan de macht kwam in Duitsland, trad de Sterilisatiewet in werking. Ongeveer vierhonderdduizend mensen met een beperking of een mentale stoornis zijn na de invoering van deze wet tegen hun wil gesteriliseerd. Velen van hen zijn later systematisch vermoord. Dit tot nu toe nauwelijks in de cinema belichtte thema is het uitgangspunt van Werk ohne Author, ook uitgebracht onder de Engelse titel Never Look Away.

Werk ohne Autor

Kurt Barnert is nog een kind als zijn tante Elisabeth wordt opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis. “Kijk niet weg”, zijn de laatste woorden van Elisabeth aan Kurt voordat ziekenbroeders haar wegvoeren. Ze zullen elkaar nooit meer zien. Elisabeth wordt aangemerkt als geestesziek en jaren later vermoord. Na de oorlog is Kurt student aan een kunstacademie in de DDR en krijgt hij een relatie met de dochter van de man die verantwoordelijk is voor de dood van zijn tante.

Manipulerende familiepatriarch
Na zijn vermakelijke Hollywooduitstapje The Tourist keert regisseur Florian Henckel von Donnersmarck met Werk ohne Author terug naar zijn vaderland. Voor zijn gang naar Amerika werkte hij in het Oscarwinnende drama Das Leben der Anderen met hoofdrolspeler Sebastiaan Koch. De samenwerking pakt opnieuw goed uit. Koch speelt een  manipulerende familiepatriarch en gewetenloze naziarts. Deze rol, waarin menig acteur overacterend uit de bocht zou vliegen, zet hij overtuigend neer. Hiermee plaatst hij de andere hoofdrolspelers wel in zijn schaduw. Hun personages blijven wat vlak.

Tom Schilling speelt de getalenteerde en optimistische kunstenaar Kurt Barnert. Dit lichtvoetige personage, dat geen enkele rancune lijkt te hebben jegens de mensen die hem zijn naasten hebben afgepakt, is een mooie tegenhanger van de loodzware thematiek van de film. De sfeer wordt geen moment te beklemmend, ook door enkele humorvolle scènes zoals die waarin Kurt via het slaapkamerraam van vriendinnetje Ellie moet ontsnappen om te voorkomen dat haar ouders hem betrappen.

Werk ohne Autor

De essentie van kunst
Werk ohne Autor belicht chronologisch de naziperiode, de opkomst van het Oost-Duitse socialisme en de bouw van de Berlijnse Muur. Gedurende deze episodes van de Duitse geschiedenis kijkt Barnert – een personage gebaseerd op Gerhard Richter, de grondlegger van de kunststroming kapitalistisch realisme – nooit weg. Hij wil als kunstenaar altijd zijn diepste gevoelens weergeven op het doek. Henckel von Donnersmarck stelt de vraag of individuele authenticiteit het hoogste doel in de kunst is of dat kunst juist in dienst moet staan van het collectief, zoals in de DDR en tijdens het naziregime.

In het Duitsland van de nationaalsocialisten moest kunst in dienst van het rijk staan. Werken die het nationaalsocialisme niet verheerlijkten, golden als entartete Kunst en werden verboden. Individuen die zich niet nuttig konden maken voor het rijk golden als onzuiver en nutteloos. Werk ohne Author laat ons zien hoe mensen, kunst en eigenlijk alles ondergeschikt aan het politieke systeem was.

Henckel von Donnersmarck neemt de tijd om deze opvatting uiteen te zetten. Hoewel de drie uur durende film aan het einde wat vaart verliest, is het geen te lange zit. De regisseur geeft de filmbeelden hetzelfde grijze en benauwende karakter als Das Leben der Anderen. Hij heeft de gave om dit subtiel te doen, zonder slagregens of vallende herfstbladeren, en weet de kijker vanaf het eerste moment de film in te trekken. Kun je nog een originele film maken over de periode 1933-1945? Het antwoord is een volmondig ja.

 

20 januari 2019

 

ALLE RECENSIES

Woman at War

****
recensie Woman at War

Vrouw wil moeder aarde redden

door Nanda Aris

Woman at War is een politieke, licht absurdistische en droogkomische film over een vrouw met een dubbelleven. Het plezier van film maken straalt van het doek in deze IJslandse inzending voor de Oscars. 

Halla (Halldóra Geirharðsdóttir) is de vijftigjarige dirigente van een koor, maar in het geheim een activiste. Ze dwarsboomt de aluminiumindustrie door elektriciteitsmasten te saboteren – met pijl en boog, zaag of slijptol – met als doel om de mooie IJslandse natuur te beschermen.

Woman at War

Heldhaftig
De film van Benedikt Erlingsson (Of Horses and Men, 2013), opent met Halla die haar pijl en boog klaarmaakt om te schieten, begeleid door opzwepende drums. We zien haar in een ruig landschap, ‘gesierd’ met elektriciteitsmasten. Deze saboteert ze, om zo de aluminiumindustrie schade toe te brengen. Halla is een soloactiviste, die zich geholpen ziet door een schapenherder in de bergen en een bevriend koorlid, dat ook politiek actief is.

Ze maken zich zorgen om Halla, maar die laat zich niet zomaar afschrikken. Heldhaftig gaat ze drones te lijf, verstopt zich voor patrouillerende helikopters en houdt zich schuil tussen de schapen. Net wanneer de aandacht van politie verscherpt en Halla als de ‘Mountain Woman’ haar volgende grote actie plant, krijgt ze bericht van het adoptiebureau.

Er volgt een hele mooie scène, waarin een tai-chiënde Halla het nieuws over klimaatproblemen op tv bekijkt en gebeld wordt. De camera houdt ons beeld op de tv waarop we mensen gered zien worden van een overstroming. Halla krijgt te horen van het adoptiebureau dat er een Oekraïens meisje beschikbaar is. Op de achtergrond fluit de waterketel hard op het vuur, symbool voor Halla’s gevoel. Het is de vraag of ze de verantwoordelijkheid op zich neemt als moeder van het Oekraïense meisje of dat ze verder wil gaan met haar activistische plannen om moeder aarde te redden.

Woman at War

Vervreemding
Ondanks dat dit pas zijn tweede speelfilm is, is Erlingssons werk herkenbaar: droogkomisch, lichtvoetig, maar met serieuze thema’s. Met Woman at War geeft hij recht aan de natuur en vertelt hij een heldenverhaal. Zijn held Halla wordt, net als bij de oude Grieken, geïnspireerd door een muziekband (tegenover het Griekse koor) die Erlingsson bewust zichtbaar in de film plaatst. Dit vervreemdingseffect (een term van toneelschrijver Bertold Brecht) van de muziekband (en drie Oekraïense zangeressen) in beeld haalt de kijker uit het verhaal en herinnert ons aan de fictie van de film: achter alle schijn zit een boodschap die de kijker dient te ontdekken.

Deze stijlkeuze geeft niet alleen Halla kracht, maar ook de film. Zo is er de zachte begeleidende pianomuziek in de woonkamer wanneer zij het nieuws over de adoptie krijgt. De muzikanten begeleiden niet alleen, Halla communiceert ook met hen. Het driekoppige bandje heeft een cameo wanneer Halla de pamfletten uitstrooit en retweet de inhoud van het pamflet.

De manier waarop Hanna de natuur probeert te beschermen en de interactie met de muziekband maken van Woman at War een bijzondere Oscarinzending. Met zijn originele ideeën is Benedikt Erlingsson een regisseur om in de gaten te houden.

 

23 december 2018

 

ALLE RECENSIES

Widows

***
recensie Widows

Vechten op drijfzand

door Alfred Bos

Oscar-winnaar Steve McQueen komt na zijn doorbraakfilm 12 Years a Slave met een atypische genrefilm, waarin de personages veelvuldig in de spiegel kijken. Wat is liefde waard in een samenleving die alles in geld uitdrukt?

Vertrouwen is wat mensen – een huwelijk, een gemeenschap, een samenleving – bijeen houdt. Wantrouwen is wat criminelen hun volgende verjaardag doet halen en Steve McQueen, de met een Oscar gelauwerde regisseur van het geëngageerde 12 Years a Slave, gebruikt de mal van de misdaadfilm om een punt te maken over menselijke verhoudingen in de wereld van vandaag. Door clichés en vaste patronen vanuit een ander gezichtspunt te belichten, morrelt hij niet zozeer aan conventies, hij trekt de vloer onder onze (schijn)zekerheden weg. Het werkt, maar ook weer niet.

Widows

De keerzijde van vertrouwen is verraad en bedrog is de zuurstof – of is het de stikstof? – waar de plot van Widows op draait. Veronica (Viola Davis) is de echtgenote van een crimineel, Harry Rawlings (Liam Neeson). Wanneer zijn bende bij een kraak gruwelijk aan zijn eind komt, draait zij op voor Harry’s openstaande schulden. Ze ronselt de weduwen van Harry’s kornuiten om de klus tegen de klippen op te klaren. Handleiding zijn Harry’s aantekeningen voor zijn volgende karwei. Widows is een heistfilm, maar niet volgens het boekje.

Politiek is business
De vrouwen weten niet van elkaars bestaan en de film maakt veel werk van hun wantrouwen tegenover Veronica en hun weerstand om met haar samen te werken. Widows telt een aanzienlijk aantal personages die elk qua psychologie net voldoende worden getypeerd om als individu herkenbaar te zijn. Van het kwartet weduwen krijgt de geestelijk en fysiek mishandelde blondine Alice (Elizabeth Debicki) naast Veronica de meeste aandacht; Linda (Michelle Rodriguez), die haar boetiek verliest, en Amanda (Carrie Coon) zijn vluchtiger geschetst. Ze worden bijgestaan door de kapster Belle (Cynthia Erivo), die eveneens haar man verloor door politiegeweld. Veronica cum suis vechten voor hun leven, op drijfzand.

Hun tegenstrevers zijn mannen, Jamal Manning (Brian Tyree Henry), de misdadiger die een politiek ambt nastreeft, en diens jongere broer en rechterhand Jatemme (Daniel Kaluuya), een psychopaat die spreekt via mes en pistool. Mannings concurrent in de verkiezingen voor een functie in het stadsbestuur is Jack Mulligan (Colin Farrell), zoon van een oligarch op leeftijd (Robert Duvall), die anders dan zijn vader meent dat politiek méér is dan zakendoen. Achter Jack staat een ambitieuze vrouw, Siobhan (Molly Kunz). Het knappe van Widows is dat het verhaal helder blijft en al die personages uit de verf komen, met een glansrol voor Farrell.

Widows

Surrealistische kronkels
Widows is gebaseerd op de gelijknamige tv-serie uit 1983 van de Britse misdaadauteur Linda de la Plata, die, in alle eerlijkheid, geen hoogvlieger in het genre is; wel populair. Het verhaal is verplaatst van Londen naar Chicago, wat de vermenging van misdaad, racisme en politiek (‘Ignorance is the new excellence’) actueel maakt; begin vorig jaar publiceerde het Amerikaanse ministerie van Justitie een vernietigend rapport over het politiekorps van de stad. Toch ontkomt de film niet aan een zekere emotionele vlakheid, die wordt versterkt door het simpele feit dat de personages hun ware emoties niet uitspreken, doch indirect tonen via machinaties en intrige. Niet alleen de filmkarakters weten niet wat ze aan elkaar hebben, dat weet de kijker ook niet.

Personages goed neergezet, enerverende opening waarin handeling en karakters knap worden geïntroduceerd via listige montage, interessante premisse—en toch blijft het allemaal een beetje bloedeloos. Het euvel zit in het script, waarvoor McQueen heeft samengewerkt met Gillian Flynn, de schrijfster van Gone Girl. De twist van Widows is in psychologisch opzicht net zo ongeloofwaardig als de surrealistische kronkels van de succesfilm die David Fincher naar haar boek maakte.

In 2012 verpakte Andrew Dominik snoeiharde kritiek op de Amerikaanse samenleving (‘America is not a country. It’s a business.’) in een bloedsterke genrefilm, Killing Them Softly. Een vergelijkbaar engagement schemert in Widows, het komt er alleen onvoldoende uit. Widows meet zich een pak aan dat net een maatje te groot is. Het wil te graag publieksfilm zijn.

 

19 november 2018

 

ALLE RECENSIES

Whitney

****

recensie Whitney

Misbruikte schoonheid

door Alfred Bos

Was sterzangeres Whitney Houston heimelijk biseksueel? Sloeg echtgenoot Bobby Brown haar? Werd ze als kind misbruikt? En waarom haatte dochter Krissi haar? Dat alles en nog veel meer in de documentaire Whitney. Niks sensatiezucht, maar eerherstel.

Hoe zou de popmuziek van het sociale media-tijdperk hebben geklonken zonder Whitney Houston? Anders, minder gemaniëreerd, meer naturel. Elke zangeres die de afgelopen vijftien jaar heeft meegedaan aan een tv-talentenjacht probeert Whitney’s vocale strapatsen te imiteren, inclusief trillers, uithalen en melisma. Maar niemand komt ook maar in de buurt van haar aangeboren en – door haar moeder, zangeres Cissy Houston – behoedzaam getrainde talent. Haar mezzosopraan buigt staal.

Op 11 februari 2012 werd Whitney Houston dood aangetroffen in haar kamer in het Beverly Hills Hotel in Los Angeles. Verdronken in bad. Ze had haar tante Mary eropuit gestuurd om cupcakes te scoren, daar had ze opeens zin in. De autopsie trof in haar bloed cocaïne en een reeks (legale) medicijnen aan. Ze was in het water weggedommeld. Een banaal einde voor de zangeres die de link vormt tussen Aretha Franklin en Rihanna, tussen gospel en ‘arrenbie’, tussen de kerk en de straat. De straat won, uiteindelijk.

Meest onderscheiden vrouwelijke artiest ooit
Het ging al een aantal jaren niet goed met het natuurtalent dat op 21-jarige leeftijd de muziekwereld en het publiek verblufte. Whitney Houston uit 1985 werd het meest succesvolle debuutalbum van een zangeres ooit (wereldwijd meer dan dertig miljoen exemplaren verkocht). Ze had zeven Amerikaanse nummer 1-hits op rij, meer dan The Beatles, Elvis Presley, Bee Gees of Michael Jackson. Ze wist The Star Sprangled Banner, het Amerikaanse volkslied, tot tweemaal toe de Amerikaanse hitparade in te zingen en haar vertolking van Dolly Partons I Will Always Love You (uit de hitfilm The Bodyguard, 1991) is de best verkochte single van een vrouw uit de historie van de hitparade. Het werd na haar dood opnieuw een hit.

Whitney Houston is volgens Guinness World Records de meest onderscheiden vrouwelijke artiest ooit, maar stierf diep ongelukkig. Hoe heeft het zover kunnen komen? Het korte antwoord, bondig genoeg voor een t-shirt: beauty meets abuse. Moeder Cissy voedde haar beschermd op en stuurde Whitney naar een katholieke privéschool voor meisjes; daar ontmoette ze haar hartsvriendin (en liefdespartner, wordt gesuggereerd) Robyn Crawford. Platenbaas Clive Davis adoreerde Nippy, zoals familie en intimi haar noemden, en waakte over haar als een kostbare schat. Wat ze was, in muzikaal én zakelijk opzicht.

In 1989 kwam de straat in haar leven, in de persoon van Bobby Brown, op dat moment een grote (en vernieuwende) ster aan het soulfirmament. Na haar huwelijk met de hitmaker werd Houstons muziek minder mainstream en meer avontuurlijk, met het album My Love Is Your Love uit 1998 als beste bewijs: het is de blauwdruk van Beyoncé’s solorepertoire. Maar met Brown kwamen ook de drugs. En de handtastelijkheden. En de sabotage. Whitney was een grotere ster dan Bobby en daar kon Mr. Houston niet mee omgaan. Ze gaf haar productiemaatschappij zijn naam. De na-ijver bleef, de coke vrat haar stem aan. Whitney werd langzaam een zombie.

Whitney

Parallellen met Amy
Toen ze in 2001 een rampzalig tv-interview gaf gonsden de geruchten al volop: het gaat niet goed met Whitney. In een aantal fragmenten uit de documentaire is ze nauwelijks herkenbaar. Die harde cokekop is niet de levenslustige hartendief van I Wanna Dance With Somebody of de smachtende sirene van I Will Always Love You. ‘Ze probeerde zichzelf te vinden’, aldus tante Mary, de laatste die haar levend zag. ‘Ik was altijd op de vlucht’, volgens Whitney zelf. Heeft ze zich ooit veilig gevoeld?

Ze zou op 9 augustus 55 jaar oud zijn geworden. Het is de dag waarop Whitney verschijnt, de film die is geregisseerd door Kevin Macdonald, de man van de Bob Marley-docu Marley uit 2012, en geproduceerd door de mensen achter de documentaire over Amy Winehouse, Amy. Er zijn opvallende parallellen met het tragische verhaal van de Britse soul- en jazzzangeres: een opportunistische vader en een dubieus vriendje c.q. echtgenoot. En dan is er de sensationele beschuldiging van halfbroer Gary: Whitney en hij zouden als kind zijn misbruikt door tante Dee Dee Warwick, zus van Dionne en een van de eersten in de muziekindustrie die openlijk lesbisch was.

Whitney is geen hagiografie en smeert de sensatie er niet dik op. Interviews met naaste familieleden en intimi worden afgewisseld met archiefbeelden en homevideo’s, op de wijze waarop Amy is samengesteld. Dat betekent dat er ook vlekkerige en schokkerige beelden langskomen die sommige kijkers schele hoofdpijn kunnen bezorgen. Whitney zet iets recht: de karikatuur uit de laatste fase van haar loopbaan maakt plaats voor een tragédienne. Eerherstel voor een uitzonderlijk talent.
 

6 augustus 2018

 
MEER RECENSIES

Wonderstruck

***

recensie Wonderstruck

Da Vinci Code voor jongvolwassenen

door Alfred Bos

Verfilming van een boek voor jongvolwassenen, met twee tijdlijnen en twee dove kinderen in de hoofdrol. Julianne Moore schittert wederom in haar vierde film met Todd Haynes.

De films van Todd Haynes zijn gestileerd en dat is een understatement. Net als zijn vakbroeders Wes Anderson en Tom Ford is hij een estheet die kunstmatige werelden creëert,  poppenhuizen en schaalmodellen waarin geen spijkers uit de vloer steken en kousen nooit ladderen. Werelden zonder ezelsoren, perfect van vorm tot vier decimalen achter de komma. Werelden ook waarin alles metaforisch is verbonden, waarin de filmtitels op de gevel van de cinema verwijzen naar de film die we zien.

Als het werkt, zoals in zijn pastiche van Douglas Sirks melodrama’s uit de jaren vijftig, Far From Heaven (2002), is het resultaat betoverend. Dan wordt het plaatjesboek-perfecte beeld ingevuld met echte mensen-emotie, in Far From Heaven gerealiseerd door een verbluffend goede Julianne Moore. Die speelt opnieuw, in haar vierde samenwerking met Haynes, een voorname (dubbel)rol in diens zevende film. Wonderstruck is een sprookje voor volwassenen, met kinderen in de hoofdrollen. Het is opnieuw, net als zijn voorlaatste, Carol, en de drie films en tv-serie Mildred Pierce daarvoor, een tijdsdocument.

Wonderstruck

Museum als rariteitenkabinet
Het dove meisje Rose (een schitterende rol van de debuterende Millicent Simmonds) reist van Hoboken, New Jersey met de pont naar New York. Ze is op zoek naar haar moeder, de gevierde actrice Lilian Mayhew (Julianne Moore) en de ster van de hitfilm Daughter of the Storm. Haynes filmt in zwart-wit, zonder geluid, want het segment speelt in 1927 en cinema is nog stom. De symboliek is vet aangezet: de afwezige moeder is zonder stem en die dochter van de storm—dat verklappen zou een spoiler zijn, want Wonderstruck is een film als een puzzeltocht over een puzzeltocht.

Die verhaallijn is versneden met een tweede tijdlijn die vijftig jaar later speelt, ook in New York en ditmaal in kleur. Het 12-jarige jongetje Ben (Oakes Fegley) is doof geworden door een blikseminslag. Zijn moeder is kort daarvoor verongelukt en tussen haar nagelaten spullen treft hij een boek over rariteitenkabinetten, Wonderstruck getiteld. Daarin vindt hij een oude bladwijzer met het adres van een boekhandel in New York en Ben vertrekt vanuit landelijk Minnesota naar de grote stad. Ook de in 1977 spelende tijdlijn is deels zonder geluid, in de scènes die we zien door de ogen van Ben.

De centrale locatie is het American Museum of Natural History, met zijn opgezette dieren in nagebootste ‘natuurlijke’ settings en rariteitenkabinetten. De nagemaakte wereld zit vol hints en symbolische verwijzingen – op veel momenten lijkt Wonderstruck een Da Vinci Code voor jongvolwassenen – en wanneer model en werkelijkheid samenvallen, vallen ook de stukjes van de puzzel op hun plaats. De ontknoping is, heel symbolisch en opnieuw vet aangezet, gesitueerd in het New York Panorama in het Queens Museum, een kartonnen model op schaal 1:1200 van de megastad.

Wonderstruck

Kunstzinnige namaakwerelden
Wonderstruck is de verfilming van het gelijknamige boek van Brian Selznick, wiens The Invention of Hugo Cabret in 2011 is verfilmd door Martin Scorsese. Haynes vouwt het idee van kunstzinnige namaakwerelden op zichzelf terug in een film die tot in het kleinste detail gestileerd is. In de zwart-witscènes spelend in 1927 overdrijven de acteurs hun mimiek en lichaamstaal, zoals acteurs in stomme films dat deden. De vet aangezette symboliek in het museum is overgestileerd; de niet-lineaire vertelvorm, al is die integraal onderdeel van de plot, eveneens. De film legt zoveel nadruk op de vorm – schitterend, toegegeven – dat de inhoud, in dit geval letterlijk, uit beeld raakt.

Op veel momenten is Wonderstruck even doods als de opgezette dieren in hun geënsceneerde tableaus, op andere momenten een saaie variatie op Night at the Museum. Dat de film niettemin prikt en bij vlagen ontroert komt volledig op het conto van de twee vrouwelijke hoofdrollen. Het charisma van de jeugdige debutante Millicent Simmonds spat van het scherm en het verbaast niet dat de dove actrice is gecontracteerd voor een andere film zonder geluid, A Quiet Place (volgend jaar in de bios).

En waar Julianne Moore in Far From Heaven kan schitteren in haar rol van huisvrouw in een leugenpaleis door zwijgend peilloos verdriet uit te drukken, zo trekt ze Wonderstruck uit het moeras van briljant gestileerde maar loze banaliteit. Haar doofstomme personage zegt met ogen en gelaat meer dan de meesten met spraakwatervallen uitdrukken. Aldus is Wonderstruck een typische Todd Haynes-film: het zijn de vrouwen die zijn filmwereld maken.
 

5 december 2017

 
MEER RECENSIES

What Happened to Monday

***

recensie What Happened to Monday

Watskeburt met maandag?

door Ralph Evers

In het jaar 2043 kampt de aarde met een onoverkomelijke overbevolking. Een wereldwijde eenkindpolitiek moet een leefbare planeet betekenen. Wat doe je dan als vader met een zevenling?

Klimaatverandering en overpopulatie zou voldoende materiaal voor de filmindustrie moeten zijn. Toch blijven we vaak vooral rampenfilms zien: de VS heeft uiteindelijk een oplossing, het kerngezin blijft intact, iedereen gelooft braaf in God en de dag erna is als alle anderen, alsof er nooit wat gebeurt is. Rampen als orkanen, mislukte oogsten en verschroeiende branden zijn aan de orde van de dag, doch klimaatverandering vraagt in de filmwetten een gezicht, anders verkoopt het nauwelijks.

What Happened to Monday

Overbevolking
Streamingdienst Netflix zag voldoende brood in de overpopulatiethematiek, met als vanouds een dystopisch sausje. Die overbevolking in What Happened to Monday wordt overigens in elk buitenshot nogal in je gezicht gedrukt. Er wordt losjes gerefereerd naar bekende dystopische literatuur en eerdere films als equals, de Divergent-serie en de klassenmaatschappij in Brave New World, aangevuld met wat Bond-thema’s als een grote corporatie – in dit geval het Child Allocation Bureau (CAB), dat achter de schermen schurk blijkt. Ook de zeven zussen krijgen – na zo’n dertig jaar gebonden aan regels van de dag te leven – zo hun rebelse trekjes.

Wanneer moeder sterft tijdens de geboorte van een identieke zevenling kiest vader (gespeeld door Willem Dafoe) ervoor zijn zeven dochters te houden en ze middels ingenieuze manieren binnen de eenkindpolitiek te passen. Binnenshuis hebben ze hun eigen karakter en talenten, buitenshuis zijn de zussen eenzelfde persoon. Vader vernoemt hen dan ook naar de weekdagen, zodat verwarring over wie wat doet zoveel mogelijk uitblijft.

Het verhaal komt op gang wanneer Maandag plots vermist raakt. Niet veel later breekt de pleuris uit en hebben de zussen de geoliede moordmachines (uitgerust met gepersonaliseerde wapens, zoals we die al eens zagen in Cronenbergs Cosmopolis) van het CAB achter zich aan. Waar de eerste dertig minuten zich prima lenen voor een uitgebreidere serie, leent de resterende negentig minuten zich voor een goede actiethriller. Dit weet regisseur Tommy Wirkola (Død snø, Hansel and Gretel: Witch Hunters) goed uit te buiten.

What Happened to Monday

Sensatie versus plotgaten
Hoewel de premisse van het verhaal sterk is, kent de uitwerking te veel zwakke momenten. De film vraagt vooral niet teveel na te denken over gegevenheden zoals dat de zeven zussen al jaren in een appartement wonen, wat linksom of rechtsom verdacht zou zijn. Of een conciërge die opmerkt dat Karen gisteren nog ziek was en nu ineens niet meer.

Wirkola weet charmant met een goede spanningsboog en actie de vaart er voldoende in te houden om ons af te leiden van de vele plotgaten. Noomi Rapace zet de zeven zussen overtuigend neer, een trucje dat al eerder te zien was in het eveneens door Netflix uitgezonden Orphan Black, waar Tatyana Maslani de show steelt met een veelvoud aan gekloonde zussen. Dat er gelukkig wat karakterontwikkeling plaatsvindt komt de kijker en de spanning goed uit. In de film is een leuke rol weggelegd voor de Nederlandse acteur Marwan Kenzari (Wolf, Loft, The Mummy), die naast CAB-werknemer een mens blijft.

What Happened to Monday stipt het probleem van overbevolking op sensationele wijze aan, maar vervalt in een Hollywoodiaanse kramp waar het goed en kwaad te simplistisch neergezet wordt. Dat de film bij tijden lekker meedogenloos is, redt het geheel echter niet. Misschien toch maar een serie met meer oog voor detail en het dilemma van eenkindpolitiek en de dilemma’s van overbevolking volwassen neerzetten, zonder dat er een oplossing hoeft te komen.
 

26 oktober 2017

 
MEER RECENSIES

White Sun

****

recensie White Sun

Afkeer van het oude, angst voor het nieuwe

door Cor Oliemeulen

In een bergdorpje in Nepal borrelen politieke, sociale en persoonlijke conflicten naar de oppervlakte nadat de dorpsvoorzitter overlijdt en diens verloren zoon tegen zijn zin terugkeert om zijn vader de laatste eer te bewijzen. White Sun zet op een subtiele en krachtige wijze traditie tegenover modern.

In zijn tweede speelfilm kijkt Deepak Rauniyar, die opgroeide tijdens de burgeroorlog tussen de royalistische regering van Nepal en de revolutionaire maoïsten, door de ogen van drie generaties. De voorname ouderen van het dorp zweren bij de traditionele waarden en normen, het daaropvolgende geslacht is verdeeld over de nieuwe politieke en sociale verhoudingen, terwijl de kinderen, onbevooroordeeld, het beste van de toekomst lijken te willen maken.

White Sun

Nieuwe tijden
We schrijven 2015, tien jaar na de burgeroorlog, waarin de communistische partij de ondemocratische monarchie wilde omwerpen ten faveure van een republiek. Zonder overheersende landeigenaren, kastestelsel en met gelijke rechten voor iedereen. Er vielen meer dan zesduizend doden en Nepal veranderde in een seculiere republiek, ofschoon het centrale gezag fragiel is en het hindoeïsme de belangrijkste godsdienst bleef. Na een lange onzekere periode, en recent nog twee verwoestende aardbevingen, likken veel Nepalezen de wonden. Het leven in ons afgelegen bergdorpje is nauwelijks veranderd. Op de transistorradio volgt men bijna terloops het nieuws over de op handen zijnde afkondiging van de nieuwe grondwet.

Symbolisch genoeg sterft op dat moment de dorpsvoorzitter, die zijn hele leven de koning trouw was gebleven. Zijn dode lichaam geldt als metafoor voor de monarchie die na de burgeroorlog omver is geworpen. Het stoffelijk overschot dient volgens de traditie uit huis te worden gedragen, dat wil zeggen in dit geval via het dakraam en niet via de deur. Vrouwen, ook familieleden, mogen het lichaam niet beroeren, want dat is onrein. Het gestuntel met het lijk is een voorbeeld van eeuwenlange gebruiken en toont tegelijkertijd de absurditeit ervan.

Broedertwist
Na de komst van Chandra, de zoon van de overleden dorpsvoorzitter, ontstaan er spanningen. Chandra is niet geliefd, omdat hij de gemeenschap destijds verliet om te vechten tegen de monarchie, maar nu moet hij terugkeren voor het afscheid van zijn vader. Zijn ex-vrouw Durga (gespeeld door de vrouw van de regisseur, Asha Magrati) staat wel open voor verandering. Zij wil dat haar dochtertje Pooja naar school kan, maar dan heeft ze wel de handtekening van een vader nodig. Pooja denkt dat Chandra haar vader is en raakt wat van slag als zij ziet dat Chandra bij zijn arriveren haar leeftijdsgenootje Badri aan zijn zijde heeft. En dan is er nog Suraj, Chandra’s enige broer, die in de burgeroorlog de andere kant koos.

White Sun

Tijdens de processie komt het tot een conflict tussen de twee broers. In het begin kun je er nog de humor van inzien, maar dan wordt het bittere ernst. Met hun overleden vader op de schouders wringen zij zich op blote voeten vermoeid en behoedzaam in allerlei bochten op het kronkelige bergpaadje naar beneden, waarbij hun politieke discussie uitmondt in een persoonlijke ruzie. Suraj loopt boos weg en laat het gezelschap verbouwereerd achter. Het is aan Chandra om hem terug te halen of een andere sterke man te zoeken om het stoffelijk overschot mee naar de rivieroever te dragen.

Die zoektocht leidt tot verdere aanvaringen met zijn verleden. Zo heeft de politie weinig trek om deze oproerkraaier te helpen en heeft een oud-medestrijder, die zich in de politiek heeft opgewerkt en zich tegenwoordig per helikopter laat vervoeren, helaas geen tijd voor Chandra’s acute probleem. Het sterkste fragment van White Sun (de titel verwijst naar de witte zon op de Nepalese vlag) is de aangrijpende confrontatie met het weesjongetje Badr die Chandra verantwoordelijk houdt voor de dood van zijn ouders. En waar de volwassenen blijven hangen in naoorlogse sentimenten, geven de kinderen het goede voorbeeld hoe je conflicten kunt oplossen.
 

20 oktober 2017

 

Interview met regisseur Deepak Rauniyar

 
MEER RECENSIES

Wolf and Sheep

***

recensie Wolf and Sheep

Hoe overzichtelijk het leven kan zijn

door Cor Oliemeulen

Het natuurgetrouwe Afghaanse drama Wolf and Sheep toont het traditionele leven van een klein Afghaans bergdorpje door de ogen van herderskinderen. In deze afgesloten gemeenschap is je status bepaald door het aantal stuks vee en worden de mysteries van het leven verklaard door oude verhalen.

Tijdens het laatste Movies That Matter-festival draaide de documentaire What Tomorrow Brings, het inspirerende verhaal van de allereerste meisjesschool in Afghanistan. Na de overheersing van de Taliban is er in het dorp weer wat ruimte voor vrijheid en een gulle lach. Ondanks de conservatieve krachten, maar met steun van de meerderheid, biedt de school inmiddels hoop en kansen aan zo’n vijfhonderd meisjes die vechten voor een toekomst die niet door anderen wordt bepaald.

Wolf and Sheep

Fragiel
Maar niets is zeker in Afghanistan. Net als de samenleving krabbelt de filmcultuur langzaam op uit het dal van misère, onderdrukking en geweld, maar de media laten bijna dagelijks zien hoe uiterst fragiel de toekomst van het land is. Na het verdwijnen van de Taliban uit de overheid verschenen er enkele gelauwerde films, zoals Osama (2003) over een Afghaans meisje dat zich als jongen vermomt en Zolykha’s Secret (2006) over een gezin dat de repressie door godsdienstfanatici probeert te overleven. Hoewel deze films werden gemaakt met een hoofdzakelijk Afghaanse crew, hebben de regisseurs zich allang in het buitenland gevestigd.

Ook het meer recente The Patience Stone (2012) speelt zich af in Afghanistan en staat model voor de Arabische samenleving waarin vrouwenonderdrukking de norm is. In dit internationale filmsucces zien we hoe een jonge moslima tijdens de burgeroorlog haar comateuze echtgenoot verzorgt en horen we hoe ze geheimen, onderdrukte emoties en seksuele verlangen aan hem opbiecht. Ook de regisseur van dit drama heeft het land verlaten, net als hoofdrolspeelster Golshifteh Farahani (Iraanse van geboorte) die inmiddels haar naam vestigde in Amerika met Paterson van Jim Jarmusch.

Wolf and Sheep

De tijd staat stil
Van de nieuwe piepkleine generatie jonge Afghaanse filmmakers biedt Shahrbanoo Sadat mogelijk een nieuw, blijvend perspectief. Ze woonde zeven jaar in een afgelegen dorpje in een vallei en situeerde haar debuutfilm in deze omgeving waarin de tijd heeft stilgestaan en de bewoners nauwelijks een idee hebben wat er zich achter de bergen afspeelt. De mensen hebben hun eigen regels en proberen de wereld en het leven te verklaren door legendes en magisch-realistische verhalen. Zo geldt de kasjmierwolf als een verleidelijke vijand voor dier en mens: onder de vacht en de lange haren zien we een groene fee.

Wolf and Sheep is gebaseerd op het ongepubliceerde dagboek van Sadat, die zich in haar jeugd een buitenbeentje voelde, net als het meisje Sediqa. Zij is schapenherder, net als alle andere kinderen, die overdag zijn onttrokken aan het zicht van hun ouders en zich bezighouden met verboden activiteiten zoals kinderen in alle landen dat doen: roken, ruziemaken, vechten en hun ouders imiteren.

De gebeurtenissen komen even traag als het leven in de vallei. We zien deze gemeenschap met haar tradities en gebruiken vooral door de ogen van de kinderen. Zij spelen zichzelf, authentieker kun je het niet hebben. De tieners hebben geen mobieltjes in hun hand, maar een stok. De jongens ravotten en slingeren met stenen (ook om de wolven te verjagen), de meisjes spelen grappige toneelstukjes over uithuwelijking. Vroeg of laat leef je mee met deze kinderen. Zeker als het leven van alledag verandert nadat er schapen zijn gedood en de kinderen de schuld krijgen dat ze niet goed hebben opgelet.
 

6 augustus 2017

 
MEER RECENSIES

Winnie

***

recensie Winnie

Portret van een omstreden heldin

door Cor Oliemeulen

Winnie gaat over de gelijknamige zwarte mensenrechtenactiviste die werd bewonderd én verguisd. Net als Bram Fischer een nuttig document om je wat in de turbulente geschiedenis van Zuid-Afrika te verdiepen. De docu toont vooral een, soms eenzijdig, portret van een heldin.

Weinig mensen zo toegewijd als Winnie Nomzalo Madikizela: aan haar man Nelson Mandela en haar strijd tegen de Apartheid. In de documentaire Winnie van Pascale Lamche vertelt één van haar biografen dat Winnie heel vaak is verraden door mensen in haar omgeving die ze vertrouwde en dat ze jarenlang systematisch in de gaten werd gehouden en getreiterd door de geheime dienst van Zuid-Afrika. Terwijl echtgenoot Nelson een ‘levenslange’ gevangenisstraf uitzat, was Winnie één van de weinigen die hem heel af en toe mocht bezoeken op Robben Island.

Winnie

Fanatiek voorvechtster
Tijdens zijn 27-jarige gevangenschap heeft Nelson Mandela de wereld vooral door Winnie’s ogen gezien. De opstanden in de zwarte woonwijken, de repressie en het extreme politiegeweld tot en met de groeiende steun voor gelijke rechten uit het buitenland. Zo werd Winnie ooit opgezocht door Bobby Kennedy, maar sprak de Amerikaanse president Ronald Reagan zich uit tegen haar terroristische activiteiten. Van hem mocht Zuid-Afrika beslist geen communistische staat worden en bovendien mocht het olietransport vanuit het Midden-Oosten geen gevaar lopen.

Winnie Mandela groeide snel uit tot dé voorvechtster van de strijd tegen de blanke onderdrukking. Zij komt zelf aan het woord, toen en nu, net als haar dochter, journalisten en andere volgers en betrokkenen. Het beeld ontstaat dat Winnie altijd scherp in de gaten werd gehouden en vaak werd opgepakt, ondervraagd en in de gevangenis gezet. Zij vormde een regelrechte bedreiging voor de positie van de witte macht. Zij werd verbannen naar het kleine gehucht Branston, waar zij zich vervoerde in een rode Kever en haar strijd geenszins zou temperen.

Beschadigde reputatie
Winnie’s tegenstanders bewerkten de media om haar reputatie te beschadigen en haar politiek te neutraliseren. Meer dan eens werd ze in verband gebracht met liefdesaffaires, fraude, diefstal en het aanmoedigen van geweld tegen infiltranten. Eén van de sterkste punten van Winnie is het interview met Vic McPherson, het toenmalige hoofd van Stratcom Operations die de heksenjacht op Winnie graag bevestigt. Met een hond op zijn schoot vertelt hij in geuren en kleuren over surveillance, infiltraties en de vele campagnes om de activiste zwart te maken. Samen met de terugblik van het toenmalige hoofd van de nationale veiligheidsdienst maakt dat de documentaire minder eenzijdig.

De documentaire is een eerbetoon aan de krachtige persoonlijkheid Winnie Mandela, en laat derhalve enkele zwarte bladzijden buiten beeld. Er is weliswaar aandacht voor haar militante aanpak om het apartheidsregime omver te blazen – variërend van een trainingskamp in Lesotho en aanvallen op economische doelen en politiebureaus tot en met de ontvoering en moord op de jeugdige infiltrant Stompie Moektsei in 1991, waarvoor volgens een rechtbankgetuige Winnie persoonlijk haar bodyguards van de Mandela United Football Club opdracht zou hebben gegeven. Maar onvermeld blijven de zogenaamde halsbandmoorden op (vermeende) collaborateurs – de slachtoffers kregen om hun nek een met benzine overgoten autoband, die vervolgens in brand werd gestoken –  waarover Winnie nooit haar afkeuring uitsprak.

Winnie

Omstreden heldin
Door haar politieke denkbeelden en de agressieve manier waarop volgens haar de Apartheid moest worden bestreden, werd haar positie in het ANC (African National Congress) meer en meer omstreden. Na de vrijlating van Nelson Mandela in 1990 en de legalisatie van het ANC begonnen voorzichtig de onderhandelingen met het regime. Terwijl Winnie voor veel jongeren in de zwarte woonwijken en bewonderaars in het buitenland een heldin bleef, werd zij zowel persoonlijk als politiek langzaam, maar gedecideerd, aan de kant geschoven.

Die troosteloze ontwikkeling geeft de film een wrange en aandoenlijke lading. Door Winnie’s omstreden gedrag, de druk van andere ANC-kopstukken en het beoogde presidentschap voelde Nelson zich genoodzaakt om van haar te scheiden. We zien vervolgens hoe Winnie tijdens de beëdiging ergens achteraf op een stoel wordt gemanoeuvreerd en hoe de vermaarde bisschop Desmond Tutu haar openlijk oproept tot het maken van excuses voor alle fouten die zij volgens hem heeft gemaakt. Het is begrijpelijk en bewonderenswaardig dat Winnie zich niet helemaal naar de slachtbank heeft laten leiden. Tot op de dag van vandaag is zij een nog door velen gerespecteerd lid van het Zuid-Afrikaanse parlement.
 

17 juni 2017

 
MEER RECENSIES