Cold War

*****
recensie Cold War

Scènes uit een relatie

door Alfred Bos

Pawel Pawlikowski, de regisseur van het fenomenale Ida, heeft met Cold War een beeldschone film over een gedoemde liefde gemaakt. Het drama is tevens een metafoor voor zijn vaderland, Polen.

De Poolse regisseur Pawel Pawlikowski is een dichter met beelden. Zijn beeldtaal is van een poëtische schoonheid en hij gebruikt het beeld niet als symbool, maar als metafoor. Dat laatste onderscheidt hem van het gros der cineasten en maakt hem tot dichter. Die kwaliteiten kwamen het eerst tot volle bloei is zijn internationaal uitbundig gelauwerde (Oscar beste buitenlandse film, BAFTA beste niet-Engelstalige film, European Film Award), vijfde speelfilm, Ida (2013), over een jonge vrouw die op het punt staat in te treden als non.

Cold War

Dat was geen toevalstreffer, want alles wat Ida zo bijzonder maakt – de schitterende, in afwijkende kaders gevangen zwart-wit cinematografie; de elliptische vertelling; de levensvragen; de rol van trouw en verraad; de emotionele diepgang – kleeft ook aan Pawlikowski’s nieuwe film. Zimna wojna, die internationaal verschijnt onder de titel Cold War, is gesitueerd in het communistische Polen van na de Tweede Wereldoorlog en heeft als hoofdpersoon een jonge vrouw die twijfelt over haar roeping.

Vlucht naar de vrijheid
De eigenzinnige boerendochter Zula (Joanna Kulig, ze werkte eerder met Pawlikowski in La femme du Vème uit 2011) wordt ontdekt door Wiktor (Tomasz Kot). Hij reist het platteland af om geluidsopnamen te maken van ongeschoolde muzikanten; daaruit worden de talenten geselecteerd voor een cultuuracademie die onderwijst in volkskunst. Ze krijgen een relatie en wanneer het gezelschap op tournee wordt gestuurd om de communistische idealen te propageren besluiten ze in Berlijn te vluchten naar de overkant, het lonkende vrije Westen. Ze treffen elkaar pas jaren later weer in Parijs.

Daar blijkt hun relatie – of eigenlijk hun wederzijdse identiteit – niet opgewassen tegen de druk van de vrijheid, met al zijn verlokkingen, wedijver en gedelegeerde verantwoordelijkheden. Ondanks alle kansen en succes als respectievelijk zangeres en pianist in de jazzclubs van Parijs hunkert Zula naar de vertrouwde omgeving van haar adolescentie en keert terug naar het moederland. Wiktor volgt haar, wordt opgepakt en als spion veroordeeld tot vijftien jaar strafkamp. Ze ritselt hem vrij.

Cold War

Tijdloos filmuniversum
In Cold War staat de Koude Oorlog voor de strijd tussen plicht en verlangen, bindingsangst en trouw, authenticiteit en decadentie. De regisseur vertelt het verhaal in een reeks losse episodes die spelen tijdens de eerste jaren van de Koude Oorlog, jaren vijftig en begin zestig, en springt van Oost naar West. De stijlfiguur van de ellips – cruciale voorvallen wel benoemen maar niet laten zien, de Japanse regisseur Yasujirō Ozu was er een meester in – nodigt de kijker uit zich met de film en haar personages te engageren. Het middel past naadloos bij de afwijkende vorm en plaatst Cold War in een tijdloos filmuniversum waar Antonioni en Godard meer betekenis hebben dan Spielberg of Tarantino.

Cold War is ook een poëtische reflectie op de rol die historische omstandigheden, tijd en plaats, spelen in een mensenleven. “Tijd doet er niet toe als je van elkaar houdt”, zegt Wiktor tegen Zula. De film is te lezen als metafoor voor het huidige Polen, dat na de communistische jaren moeite heeft om zich aan de passen aan de nieuwe omstandigheden, de vrije markteconomie van de Europese Unie, en haakt naar de wereld van toen.

Cold War opent in de Poolse winter van 1949 en eindigt vijftien jaar later in de zomer met de fraaiste slotzin van dit filmjaar: “Neem me mee naar de overkant, daar is het uitzicht mooier.” Het is in meer dan één betekenis de ultieme metafoor van een film die zelf één grote metafoor is. Welke betekenis die zin nog meer heeft gaan we hier niet verklappen, maar zet u schrap voor een hoek waarin woord en beeld vervloeien.

 

5 december 2018

 

ALLE RECENSIES

Chavela

***

recensie Chavela

De bittere stem van de tederheid

door Alfred Bos

In deze tijden van identiteitspolitiek en emancipatie van de LHBT-gemeenschap is het levensverhaal van Chavela Vargas (1919-2012) niet langer exotisch, maar exemplarisch. De lesbische zangeres uit Mexico werd via Spanje uiteindelijk ook in haar thuisland een icoon.

De zangeres is 88 jaren oud en schuifelt het toneel op. Halverwege coulissen en microfoon staat ze stil en spreidt haar armen. De zaal explodeert in een orkaan van aanbidding, fans zijn in extase. Ze is de zegenende engel. Haar omgeving weet wel beter: als ze niet even was blijven staan, had ze die microfoon nooit gehaald. Haar lijf wil niet meer, maar niemand zal haar in een rolstoel zien.

Chavela

De Mexicaanse zangeres Chavela Vargas (in 1919 op Costa Rica geboren als Isabel Vargas Lizano) overleed in 2012 in haar tweede thuisland Mexico, kort nadat ze in Madrid afscheid had genomen van haar Spaanse fans. In Spanje begon begin jaren negentig haar zegetocht, die haar op bejaarde leeftijd alsnog de erkenning bracht die haar als lesbische entertainer in de machocultuur van Mexico lange tijd was onthouden.

De documentaire Chavela vertelt het levensverhaal van een hartstochtelijke, zuipschuitende, homoseksuele, intens levende en in sommige opzichten onmogelijke vrouw. Een geboren buitenstaander, en dat letterlijk. Haar ouders schaamden zich voor hun dochter en hielden haar weg van de visite. Isabel Vargas Lizano had ongewoon mannelijke trekken voor een meisje. Ze groeide eenzaam op en eenzaamheid was haar leven lang haar trouwste gezel, zei ze later.

Vrouw zoekt vrouw
Chavela vertrok als 14-jarige naar Mexico en maakte naam als zangeres in het genre dat bekend staat als ranchera, het Mexicaanse levenslied dat de zielenpijn verklankt; denk de Mexicaanse variant van fado, blues of Jordaanse smartlap. Aanvankelijk kleedde ze zich elegant, met lang haar en sieraden, maar ‘ik zag er uit als een travestiet’. Na een gedaantewisseling – rode poncho, broek, kort haar, sigaar tussen de vingers – groeide ze uit tot een lokale ster. Haar drinkgelagen met ranchero-componist en zanger José Alfredo Jiménez zijn legendarisch. Ze dronken letterlijk de kroeg droog.

Als twintiger had Chavela een relatie met de tien jaar oudere kunstenares Frida Kahlo, maar haar onrustige hart dreef haar voort. Iedereen in haar omgeving besefte dat ze lesbisch was, maar daar werd in Mexico nooit openlijk over gesproken en wat je in het geniep doet is ieders eigen zaak. Geen vrouw was veilig voor haar, ze bracht de titel van Stephen Stills’ hit uit 1970, Love The One You’re With, in de jaren vijftig al in praktijk. Na het huwelijksfeest van Hollywood-ster Elizabeth Taylor werd ze wakker met Ava Gardner.

Chavela

Historisch beeldmateriaal
Chavela heeft veel betekend voor de emancipatie van lesbiennes in Mexico. Voor dat deel van haar publiek fungeerde ze als een sjamaan. Helemaal nadat de zangeres, na een periode van armoede en eenzaamheid, weer de weg omhoog vond en via een uitnodiging voor optredens in Madrid werd gewaardeerd om wie ze was, niet om wat ze projecteerde te zijn. De Spaanse cineast Pedro Almodóvar herkende in Chavela een muze en gebruikte haar muziek voor een aantal van zijn films. Haar ‘bittere stem van de tederheid’ is ook te horen in Frida en A Bigger Splash.

De documentaire vertelt Chavela’s verhaal aan de hand van haar muziek – met Engelse vertaling van de Spaanstalige teksten, verbeeld à la Amy – en getuigenissen van intimi; op de geluidsband horen we de zangeres praten over haar leven en liefdes. Het historische beeldmateriaal van Mexico in de jaren veertig en vijftig geeft context, zonder veel te verhelderen. De film oogt als een degelijke tv-documentaire, maar verschijnt, ook al is het onderwerp minder bekend bij het grote publiek, niettemin in de bioscoop. Dat alleen al voelt als een overwinning.
 

20 augustus 2018

 
MEER RECENSIES

Charlie & Hannah gaan uit

**

recensie Charlie & Hannah gaan uit

De willekeur regeert

door Sjoerd van Wijk

Charlie & Hannah gaan uit wil zich op alle fronten bewijzen met een overdadige mix van stijlen. Deze aanpak werkt averechts, want de bewijsdrang gaat ten koste van een onderhoudend verhaal. 

Op een avond gaan hartsvriendinnen Charlie en Hannah op stap in de stad met een stel vrienden. Uit voorzorg hebben ze een mysterieus snoepje met hallucinerende werking genomen. De beide dames splitsen op, als Charlie vroeg naar huis gaat. Ze wordt vergezeld door Hannah’s eenmalige scharrel Fons, die een onderhoudende nachtelijke conversatie beginnen. Hannah legt wat aan met nieuwe scharrel Vincent. Al snel volgen de knotsgekke belevenissen elkaar in rap tempo op. Of het nu door de snoepjes komt of niet, de gebeurtenissen zijn bij vlagen bizar. Van rondwandelen in een zwart gat tot het volgen van een ananas naar een spookhuis. De rode draad van het verhaal is de liefdeslevens van beide dames. 

Charlie & Hannah gaan uit

Kleurrijke pastiche
De film is het debuut van schrijver-regisseur Bert Scholiers en dit blijkt wel uit de speelsheid waarmee de fantasierijke taferelen elkaar in rap tempo opvolgen. Zo ongeveer elke stijl passeert de revue met een geestdrift die doet denken aan de Franse Nouvelle Vague (bijvoorbeeld Pierrot le Fou, 1965). Van een bedrieglijke slice of life-opening tot geanimeerde totaalbeelden van de stad.

Ook het zwart-wit van de beelden is niet heilig, zoals voor een spookhuis sequentie in kitscherige neonkleuren zoals bij een Italiaanse giallo. De enige consequente factor is de camera, die op naturalistische wijze de karakters rond laat lopen in de maffe situaties. Dit draagt bij aan de surrealistische atmosfeer, alsof alle gebeurtenissen droomscènes zijn die voor de dromers zelf echt aanvoelen. Het geheel doet denken aan een frivole versie van Holy Motors, niet in de laatste plaats omdat er nu pratende gebouwen in plaats van pratende auto’s zijn. 

Pronken met plaatjes
Ook de karakters weten te voorkomen dat de carrousel niet volledig op hol slaat. Nuchter als ze zijn, laten ze zich niet uit het veld slaan door weer een rare wending. Met natuurlijk spel en dialoog geven de hoofdspelers een inkijkje in de psyche van met name Charlie en Hannah. De mindset van deze karakters lijkt de intentie achter de hele beeldparade te verraden.

De invloed van Woody Allen is duidelijk te zien in het algehele verhaal over liefdesperikelen en de dagelijkse praktijken van de gegoede middenklasse. De twee dames hadden met hun neurotische ideeën over het leven zo uit een van zijn scenario’s kunnen zijn gekopieerd. In plaats van welgestelde mensen in een midlifecrisis gaat het nu over jonge mensen met een quarterlife-crisis. De kleurrijke pastiche komt daardoor voornamelijk over als een manier om te pronken, net zoals jonge mensen spitsvondige plaatjes op sociale media posten. Dit wordt verder versterkt doordat de karakters meerdere malen het publiek toespreken, om de nonchalante ironie extra vet te onderstrepen. 

Charlie & Hannah gaan uit

Op veilig spelen
Op deze manier heeft de film dezelfde zwakte die Woody Allen ook vaak heeft. De bizarre droomscènes lijken een poging om lol te trappen met de gezapige levens van de karakters. Maar het weet niet te ontsnappen aan hetgeen het de draak mee steekt. Charlie & Hannah gaan uit komt daarom gewaagder over dan de film werkelijk is. Het spervuur aan ideeën heeft geen onderliggende visie. De scènes gaan alle kanten op en de willekeur ligt op de loer.

Omdat alles kan in de film, is er geen reden aan te wijzen waarom voor deze specifieke uitvoeringen gekozen is. Het geheel komt daarom gekunsteld over, met onhandige overgangen van de ene naar de andere situatie. Aangezien de karakters weinig diepgang hebben naast het neuroticisme, zijn hun perikelen nogal triviaal. Paradoxaal genoeg speelt de film ondanks de ogenschijnlijke risico’s die het neemt met de stijlenblender daardoor op veilig. Het is niets meer en minder dan een verzameling maffe clips, waar weinig subversieve geluiden uit voortkomen.
 

9 juni 2018

 
MEER RECENSIES

Centaur

****

recensie Centaur

In het dierlijke vind je het ware

door Ralph Evers

Centaur vertelt op universele wijze een clash tussen twee broers, folkloristische tradities en de opportuniteit van het snelle geld. Een strijd tussen trouw zijn aan je cultuur of omgaan met nieuwe kansen tegen een achtergrond van een eenvoudig ruraal leven in Centraal-Azië. 

Regisseur Aktan Arym Kubat heeft reeds een interessante filmografie, waarin het leven in Kirgizië (hoewel hij zelf geboren is in Kazachstan) op haast antropologische wijze tot ons komt. Een andere wereld, die inmiddels slechts enkele uren vliegen hiervandaan ligt. Zo anders, en tegelijkertijd zo herkenbaar. 

Hij wisselt per film qua toon. The Light Thief (Svet-Ake) kent vooral een humoristische inslag. Beshkempir vooral een contemplatieve toon. Centaur weet voldoende humor erin te houden, maar daaronder gaat een andere boodschap schuil.

Centaur

We volgen een man die we leren kennen als Centaur (gespeeld door Aktan Arym Kubat zelf). Een meester-paardendief. De slachtoffers zijn rijke mannen die de racepaarden gekocht hebben om mee te kunnen gokken of pronken. Centaur praat zijn gedrag goed aan de hand van oude Kirgizische tradities en een droom die hij had. Volgens de legende gaf het paard de mens vleugels. Dit wordt treffend in beeld gebracht, tegen de immer indrukwekkende achtergrond van de Centraal-Aziatische steppe.

Centaur is een simpel levende man met een dove vrouw en een liefdevolle relatie met zijn zoon. Hij slijt zijn dagen wat in de bouw en met het drinken van maksim, bij een verkoopster met wie hij een vriendschappelijke band heeft. Dit tot ongenoegen en jaloezie van andere dorpsbewoners. Wanneer Centaur gepakt wordt om zijn paardendiefstal blijkt het slachtoffer zijn broer te zijn. Een man die het financieel en sociaal gemaakt heeft.

Verdieping
Oog in oog met elkaar krijgt de film zijn eigen smoel. In plaats van een simpel dader-slachtoffer-wraakverhaal, ondergaan ze elkaars lot. Dit geeft een fijne verdieping aan de film en maakt de karakters nog meer vlees en bloed dan ze al zijn. Vragen als hoe om te gaan met wat de modernisering te bieden heeft, terwijl je tegelijkertijd je kernwaarden en bindende rituelen ziet veranderen, komen aan de orde. Zo representeren de beide broers een standpunt hierin, hetgeen in de overige minuten op mooie wijze wordt uitgewerkt.

Centaur

De raad van dorpsoudsten en een publiek beraad draagt bij aan het antropologische gevoel dat de film meegeeft. Ook de rol van religie (in Kirgizië vooral de islam, net als dat hun taal enigszins als het Turks klinkt) krijgt zijn plek, waarbij Kubat ervoor kiest om vooral de menselijke invulling aandacht te geven. Zoals een moslim-evangelist, die tegen de regels in gelooft in magie of een bekeerde Centaur, die die vroomheid niet past en kiest zich uit een gebed terug te trekken. Zijn broer daarentegen die de Hadj wil doen om van zijn zonden te worden verlost is maar al te gretig en opzichtig bezig met zijn geloof. Een subtiel soort maatschappijkritiek, die schuurt, doet glimlachen en nimmer stellig wordt.

Menselijke toon
In krap negentig minuten weet Kubat een diep menselijke snaar te raken en ondanks de exotische locatie een herkenbaar scenario te schetsen. Een ontmoeting tussen twee broers, die door een aantal beslissingen vervreemd zijn geraakt van elkaar en door een drastische beslissing weer tot elkaar zijn veroordeeld. Kubat kiest vrijwel nergens voor de makkelijke weg. Onder de verstilde beelden zit een kritische blik op het geloof, hoe we met onze leefomgeving omgaan en hoe meedogenloos het leven kan zijn, pijnlijk in beeld gebracht in de slotminuten. Hoewel niet een bepaald productief filmland, toch verrassend volwassen.
 

20 maart 2018

 
MEER RECENSIES

Call Me by Your Name

*****

recensie Call Me by Your Name

Ode aan de overgave

door Alfred Bos

Slotstuk, aldus de Italiaanse regisseur Luca Guadagnino, van zijn drieluik over de liefde. Jongen en man, beiden hetero, vallen voor elkaar. Zinnelijker cinema dan Call Me by Your Name is er zelden gemaakt.

Liefde is grillig en genadeloos. Zit je als 17-jarige zoon van een professor klassieke kunsten te lummelen in de vakantievilla van je ouders en foezel je onwennig met een meisje dat graag je vriendin zou willen zijn, komt er een exotische Amerikaan je leven binnen wandelen. Hij gaat je vader een zomer lang lang helpen bij diens onderzoek van antieke beelden en krijgt de kamer naast jouw kamer aangeboden als logeerverblijf. Jij bent hetero, hij is hetero, maar voor je het weet broeit er erotiek. Liefde is blind.

Call Me by Your Name

Call Me by Your Name is de vijfde speelfilm van Luca Guadagnino, de Italiaanse regisseur van broeierige, sensuele films over mensen op zoek naar liefde. Of liefde op zoek naar mensen. Elio, de jongen op de rand van volwassenheid, en Oliver, de zelfverzekerde vroegdertiger, zijn door toeval voor een zomer samengebracht en overkomt een mysterie. De regisseur toont het zoals het is: onwennig, verwarrend, maar bovenal—zuiver. Er is geen politiek, geen verklaring of excuus, geen intrige. Alleen aantrekking en passie. Dit is liefde als universele oerkracht.

Perzik als surrogaatvagina
Net als in zijn beide voorgaande films, Io Sono l’amore (Ik ben liefde, 2009) en A Bigger Splash (2015), is Call Me by Your Name gesitueerd in een besloten wereld buiten de dagelijkse maatschappelijke orde. De materiële zaken zijn geregeld, de personages hebben alle tijd om in luxe te lummelen. De vakantievilla van professor Perlman (Michael Stuhlbarg) ademt cultuur en mondaine elegantie. Pa leest ter ontspanning Dante’s Goddelijke Komedie en door het hele huis slingeren stapels boeken. Onderling wordt er Frans, Italiaans en Engels gesproken en mevrouw Perlman (Amira Casar) voegt daar accentloos Duits aan toe. Subtekst: identiteit is meervoudig, vloeibaar.

Ook de geografie heeft een meervoudige identiteit. Het buitenhuis is gesitueerd nabij Bergamo, een van de oudste steden van Lombardije, met een Romeinse, Etruskische en Keltische historie. Bovendien is het zomer en het buitenleven één lange reeks van zinnelijke prikkels. Aan de bomen groeien abrikozen en perziken, met hun fluwelen huidje, sappig vlees en harde pit zinnebeelden van sensualiteit. Call Me by Your Name is een ode aan zuivere zinnelijkheid. Aan de overgave.

Professor Perlman test assistent Oliver (de lange, atletische Arnie Hammer) met een vraag over de ethymologie van het woord abrikoos. Die abrikoos, de vroegrijpe steenvrucht, is zijn zoon Elio (Timothée Chalamet), die op zolder, beneveld door zijn gevoelens voor Oliver en zijn vakantievriendin, de Française Marzia (Esther Garrel), een perzik als surrogaatvagina hanteert. Hij stommelt onbevangen de erotiek binnen, gedreven door onbekende sensaties.

Call Me by Your Name

Tederheid die verbluft
Luca Guadagnino vangt de roman van André Aciman (die zelf in een bijrol te zien is) in quasi-documentair naturel, waarin de zinnelijkheid van de mediterrane zomer werkt als katalysator van de chemie tussen Elio en Oliver. Veel shots zijn gefilmd vanuit de ogen van Elio, de close-ups benadrukken intimiteit. De boeken, beelden en kunst die de film stofferen verwijzen zonder uitzondering naar de komende, heimelijke relatie tussen de minnaars.

Nadat Oliver weer is teruggevlogen naar Amerika, wordt de zomer die van Elio een man maakte ragfijn en diep doorvoeld van betekenis voorzien in een gesprek tussen vader en zoon. Daar raakt de film een zeldzaam niveau van sensibiliteit, een tederheid die verbluft. Liefde kwetst en liefde heelt. Liefde maakt de mens.

Luca Guadagnino wordt met elke film beter en na het geslaagde A Bigger Splash is Call Me by Your Name een voltreffer van tijdloze allure, een film die de door hem bewonderde Bertolucci naar de kroon steekt. Hollywood lonkt en wat wordt de volgende stap van de regisseur? Een genrefilm? Een blockbuster-bolognese? Een beetje van beide, maar dan op zijn Guadagninoos: een remake van de giallo-klassieker Suspiria met een internationale rolbezetting. Het maakt allemaal niet uit, want met Call Me by Your Name heeft hij zijn meesterwerk gemaakt. Zulke zuivere cinema zie je zelden.
 

9 januari 2018

 
MEER RECENSIES

Colore Nascosto delle Cose, Il

**

recensie Il Colore Nascosto delle Cose

Blinde vrouw laat man zien

door Cor Oliemeulen

Een blinde vrouw opent het hart van een man die zijn gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel niet onder ogen kan zien. Net als de lastige filmtitel hoef je het verhaal van Il Colore Nascosto delle Cose niet te onthouden. De plaatjes van bloemen zijn prachtig, maar die alleen geven de film te weinig kleur. 

De mooie Emma werd op haar zeventiende blind, maar dat heeft haar er niet van weerhouden om een praktijk als osteopaat te beginnen. Acht maanden na haar scheiding ontmoet ze de knappe reclamemaker Teo tijdens een bedrijfsuitje in een donkere ruimte waar Emma rondleidingen geeft. Ze vinden elkaars stemmen intrigerend. Het duurt niet lang voordat Teo met een gesimuleerde schouderklacht in zijn onderbroek bij Emma op de behandeltafel ligt. Emma kan natuurlijk heel goed voelen en ontdekt wat spanningen in Teo’s lijf. Hij komt graag bij haar terug en langzaam ontstaat er een vriendschap.

Il Colore Nascosto delle Cose

Uit vorm
Il Colore Nascosto delle Cose zou zomaar een verfilmde stuiverroman kunnen zijn. Het verhaal is deels geschreven door de Italiaanse regisseur Silvio Soldini, die maar niet kan beslissen waar hij naartoe wil en na bijna twee uur kennelijk voor een romantisch drama heeft gekozen. Ondertussen ervaren we de belevingswereld van een blinde vrouw (overtuigend gespeeld door Valeria Golino: Caos Calmo, Il Capitale Umano) die een blind meisje helpt met het overwinnen van haar frustraties en die Teo leert verder te kijken dan alleen reclamebeelden. Emma en Teo praten over kleuren, ruiken aan planten, knuffelen bomen en uiteindelijk elkaar. Teo geeft nu zelfs een plant op zijn kantoor water.

Hoewel hij oprecht lijkt in zijn gevoelens van genegenheid en vriendschap, is Teo vanaf het begin uit op seks met Emma (hij sluit zelfs een weddenschap met een collega), die niet weet dat hij al twee jaar een relatie heeft met een andere vrouw (die hij weer met een andere vrouw bedriegt). Teo laat zich niet graag hinderen door een groot verantwoordelijkheidsgevoel, want ook met zijn familie heeft hij geen contact. Hij kan zich moeilijk binden en woont op zichzelf, samen met zijn pratende stofzuigerrobot.

Il Colore Nascosto delle Cose

De kijker bepaalt
De filmtitel suggereert iets dat niet onmiddellijk zichtbaar is voor de ogen, maar dat later onthuld zal worden. Wat dat is, mag de kijker zelf bepalen. Is Teo zo’n typische klootzak die zijn lid achterna loopt, of ontdekt hij voor het eerst in zijn leven wat het is om van iemand te houden, trouw te zijn en verantwoordelijkheidsgevoel aan de dag te leggen? Voor een regisseur, die in 2000 doorbrak met het gedenkwaardige komische drama Pane e Tulipani, mag je meer richting, duiding en spanning verwachten. Zijn jongste film kabbelt maar voort, en de korte familiereünie op het einde lijkt er terloops en plichtmatig aan vastgeplakt.

Wat overblijft is een fascinerend kijkje in de wereld van visueel gehandicapte mensen. Soldini maakte eerder een documentaire over blinde mensen, die door anderen vaak op afstand worden gehouden of met medelijden bejegend, maar toch vaak blijken te beschikken over een grote mate van zelfstandigheid en een gezonde dosis ironie. Zijn bedoelingen zijn vast oprecht, echter Soldini weet met Il Colore Nascosto delle Cose bar weinig te verrassen en te ontroeren. Hij had er beter een melodrama van kunnen maken.
 

25 november 2017

 
MEER RECENSIES

C’est la vie

***

recensie C’est la vie

Het leven is een feest

door Cor Oliemeulen

Kun je een grandioos succes als Intouchables evenaren? Het antwoord is nee. Toch is C’est la vie een zeer onderhoudende ensemblekomedie die opnieuw een groot publiek zal behagen.

De Franse komedie Intouchables (2012) trok in eigen land twintig miljoen bezoekers. De film –  gebaseerd op de autobiografie van een aristocraat, die grotendeels verlamd raakte bij een ongeluk en wordt verzorgd door een kansloze zwarte jongen uit de banlieu – werd ook in ons land een groot succes. Charme van het verhaal zijn de grote cultuurverschillen tussen de twee, maar juist door hun onorthodoxe omgang met elkaar ontstaat een heuse vriendschap, die op het witte doek aanstekelijk werkt. Het kleine beetje maatschappijkritiek tussen alle lol is in C’est la vie, de jongste film van het regisseurs- en schrijversduo Olivier Nakache en Éric Tolédano, nergens te bespeuren. Dat is ook niet de bedoeling, want een heerlijk avondje lachen staat voorop.

C'est la vie

Tempo
Nakache en Tolédano konden met hun vorige film Samba (opnieuw met de goedlachse Frans-Senegalese Omar Sy in de hoofdrol) hun grote triomf lang niet evenaren. Dus kozen de heren ditmaal voor een onvervalste ensemblekomedie, die qua tempo en elementen soms doet denken aan de screwball comedy uit de jaren 30 en 40 van de vorige eeuw. Je zet een aantal grappige typetjes (gespeeld door in eigen land bekende komische acteurs) in een ruimte, verzint een aardige premisse met een conflict, en de applausmachine begint vanzelf te lopen. Het decor van alle verwikkelingen is een zeventiende-eeuws kasteel waar het cateringbedrijf van de ervaren rot in het vak, Max (Jean-Pierre Bacri), een grote bruiloft organiseert. We volgen hem en zijn medewerkers tijdens alle voorbereidingen en de festiviteiten.

De casting en interactie zijn prima, de Franse humor is universeel, maar aan de nodige voorspelbaarheid valt in een dergelijke formule niet te ontkomen. In het eerste deel van de film maken we kennis met de bedienden, de koks en de afwassers, met de fotograaf en zijn hulpje, de zanger van de band die het liefst zijn zelfgekozen repertoire zingt en een regelnicht die aanvankelijk met de helft van het personeel in de clinch ligt, terwijl Max zelf zowel de regie als zijn vriendin probeert te behouden.

In het tweede deel, nadat Pierre en Helena elkaar hun jawoord hebben gegeven en met hun gasten het bruiloftsfeest gaan vieren, gaan alle registers open. De misverstanden, persoonsverwisselingen, woordspelingen, technische problemen en amoureuze situaties zijn niet van de lucht. En dan is er nog de dreiging van een boete voor de illegale werknemers die Max in dienst heeft.

C'est la vie

Inspiratie
Het idee voor C’est la vie ontstond volgens de makers tijdens de opnames van Samba, waarin de openingsscène zich afspeelt tussen keuken en dinerzaal. Met hun eigen vroegere ervaringen en anekdotes in de horeca wisten Nakache en Tolédano al direct dat je van dit gegeven alleen een hele film zou kunnen maken. Al schrijvende lieten zij zich graag inspireren door Garçon! (1983) van landgenoot Claude Sautet en de waanzinnige taferelen in de Argentijnse zwarte komedie Wild Tales (2014), waaraan C’est la vie niet kan tippen.

Dat neemt niet weg dat deze Franse komedie opnieuw de potentie heeft om een groot succes te worden. Al is het alleen maar door de rol van bruidegom Pierre, die zijn kersverse echtgenote wel eventjes op een moderne dans zal trakteren. Blijft van Intouchables vooral de als boom verklede operazanger in het theater op je netvlies gebrand, in C’est la vie wordt de kijker verrast met een origineel staaltje luchtacrobatiek dat onherroepelijk en meedogenloos op de lachspieren werkt. De filmmakers beheersen de timing van hun grappen uitstekend.
 

10 november 2017

 
MEER RECENSIES

Certain Women

****

recensie Certain Women

Verborgen verlangens in het hoge koude noorden

door Suzan Groothuis

Certain Women beslaat drie verhaallijnen: allen over vrouwen die zich geconfronteerd zien in de sleur van hun dagelijks bestaan. Met haar kille, registrerende stijl weet Kelly Reichardt toch te betoveren.

Certain Women is een film die uit drie verhalen bestaat, waarin de vrouwelijke personages elkaar subtiel passeren zonder dat ze in relatie staan tot elkaar.  Maar er zijn wel overeenkomstige thema’s, zoals eenzaamheid en stille verlangens.

Recensie: Certain Women

Drie verhalen in hoog, koud Montana
In het eerste verhaal zien we advocate Laura (Laura Dern) die verwikkeld is in een lastige casus. Ze kan haar cliënt Fuller (Jared Harris) maar niet duidelijk maken dat zijn zaak geen kans maakt. De man ziet zich uiteindelijk genoodzaakt tot een wanhoopsdaad. Dat een groot deel van haar werk Laura’s leven beslaat is duidelijk; haar privé laat ons slechts een nacht met haar minnaar zien, waarna ze gehaast naar haar werk schiet, haar kleding rommelig fatsoenerend. Niet haar persoonlijke relatie, maar de verhouding tussen Laura en Fuller staat centraal, waarbij valse verwachtingen, miscommunicatie en stekende onduidelijkheid een rol spelen. Hoezeer de behoefte ligt in oprecht menselijk contact, blijkt in de laatste scène.

Dan is er het verhaal van Gina (Michelle Williams) die haar zinnen heeft gezet op de bouw van haar droomhuis. Ze probeert een verre buurman zo ver te krijgen om haar bouwmateriaal te geven. Dwangmatig bijt ze zich vast in haar droom, terwijl de afstand tussen haar en haar gezin groeit.

Het laatste segment is gelijk het beste: de introverte, eenvoudige Jamie werkt op een paardenranch en om haar dagelijkse sleur te doorbreken schuift ze aan bij lessen over schoolrecht. Docente Beth (Kristen Stewart) moet er vier uur voor heen- en terugrijden. Het samenzijn met Beth na de les bij de plaatselijke diner wakkert gevoelens aan bij Jamie. Isolatie, eenzaamheid en verlangens gaan vergezeld van verstilde, soms haast poëtische shots.

Recensie: Certain Women

Vergeten plekken, verborgen verlangens
De drie delen, waarbij Reichardt zich dit keer liet inspireren door de korte verhalenbundel Both ways is the way I want it van Maile Meloy, spelen zich af in het hoge en koude Montana. Reichardts films zijn gesitueerd in vergeten plekken in de VS: kleine steden en dorpjes, verborgen in immense staten als Oregon en Montana.

Ook toont zij op droge en pure wijze de economische crisis in Amerika: zoals de jonge Wendy (eveneens een rol van Michelle Williams) in Wendy and Lucy, die door pech en verkeerde keuzes in een financiële crisis verzeild raakt. Certain Women toont, met name in het laatste segment, ook vrouwen die buiten de Amerikaanse Droom vallen. Beth mompelt dat schoenenverkoopster voor een meisje van haar afkomst het hoogst denkbare beroep is. En Jamie heeft haar vaste routines van het verzorgen van haar paarden. Hoe groot haar eenzaamheid en hoe leeg haar bestaan is, blijkt uit haar antwoord op Beths vraag of niemand anders de lessen schoolrecht kan geven. “I don’t know anyone at all”.

Vooral het laatste deel maakt van Certain Women een bescheiden pareltje: ondanks het fragmentarische en observerende karakter laat Reichardt (bekend van Night Moves, Meek’s Cutoff en het eerder genoemde Wendy and Lucy) zien oog te hebben voor diepere gevoelens en verlangens. Eenzaamheid, wilskracht en tragiek worden tastbaar en gaan samen met de verstilde beelden van het koude, bergachtige landschap. Het is een film die na het zien ervan nog in beelden in je hoofd blijft zitten: zoals het prachtige shot van Jamie die Beth op haar paard naar de diner rijdt, en het gezicht van Laura weerspiegeld in de spiegel van haar slaapkamer, als een schilderij.
 

5 juli 2017

 
MEER RECENSIES

Circle, The

***

recensie The Circle

De digitale doos van Pandora

door Alfred Bos

Actuele satire over een internet-goeroe en diens sociale medianetwerk maakt duidelijk dat er naast voordelen grote bedreigingen kleven aan digitale technologie. The Circle toont via fictie hoe de surveillance society kan ontaarden in een digitale dictatuur van internetreuzen.

Na het zien van The Circle heb je een gezond wantrouwen tegen sociale media en de bedrijven die daar geld mee verdienen. Dat was de inzet van de Amerikaanse schrijver Dave Eggers, auteur van de gelijknamige roman uit 2013. En dat was de bedoeling van Tom Hanks, die in de boekverfilming de rol speelt van hitech-moloch Eamon Bailey. Hanks’ productiebedrijf Playtone is tevens betrokken bij de totstandkoming van de film.

Bij het bedrijf The Circle werken alleen mensen die jong, cool, intelligent en enthousiast zijn. Het cirkelvormige hoofdkantoor aan de baai van San Francisco oogt als een speeltuin, er zijn bedrijfsfeestjes waar Beck exclusief optreedt voor de kring van gelukkigen die bedrijfsgoeroe Eamon Bailey helpen zijn droom te realiseren: een volkomen transparante wereld. Mae Holland (Emma Watson) mag er komen werken en wordt met wijde ogen rondgeleid door de van positieve energie bruisende vriendin Annie (Karen Gillan) die haar binnen heeft geloodst.

The Circle

In de wereld van The Circle is privacy onwenselijk, een bedreiging. Transparantie creëert een betere wereld in de visie van Eamon Bailey, want wie zich bekeken weet gedraagt zich. Dat is verkooppraatje van het sociale netwerk TruYou, dat het bedrijf exploiteert. Binnen het cirkelvormige kantoorgebouw heerst het groepsdenken van een sekte. Daar wordt alles vastgelegd en gemeten, door algoritmes geanalyseerd en als een rating teruggekaatst.

Terreur van transparantie
Bailey grossiert in het soort nieuwspraak dat we kennen uit George Orwells roman 1984. Geheimen zijn leugens, aldus zijn slogan. ‘Voel je je beter nu ik je geheimen ken’, vraagt hij retorisch wanneer Mae heeft besloten om mee te werken aan Bailey’s laatste concept, SeeChange, en haar privacy doelbewust opgeeft. Ze deelt iedere seconde van haar leven met haar volgers en wordt een ster in het virtuele universum van TruYou.

Openheid heeft zijn prijs en langzaam vallen Mae de schellen van de ogen. Volledige transparantie is haar keuze, maar niet van haar gehandicapte vader Vinnie (de onlangs overleden Bill Paxton, dit is zijn laatste filmrol), zorgzame moeder Bonnie (Glenne Headly) en heimelijk verliefde jeugdvriend Mercer (Ellar Coltrane). Ze worden ongewild meegetrokken in de terreur van openheid en groepsdenken. En daar komen brokken van, zoals pijnlijk duidelijk wordt bij de introductie van SoulSearch, een programma dat de gebruikers van TruYou prikkelt om personen op te sporen. Zoals mensen die een ander idee over privacy hebben.

Bailey heeft een dubbele agenda, doorzien door de uitgekochte TruYou-oprichter Ty (Star Wars-ster John Boyega). De transparantie die Bailey als heilzaam verkoopt dient om heimelijk zoveel mogelijk data te verzamelen. Dat opent ongekende mogelijkheden tot manipulatie en controle, zelfs de presidentsverkiezingen dreigen op slinkse wijze de TruYou-omgeving te worden binnengezogen. De visionair komt er weg mee, tot de transparantie op hem wordt gericht.

The Circle

Digitaal fascisme
Ondoordachte inzet van digitale technologie opent de doos van Pandora, maakt de film duidelijk. Het bedrijf The Circle staat symbool voor de tech-giganten van Silicon Valley die meer en meer greep op economie en samenleving krijgen, van apps die complete bedrijfstakken ontwrichten tot het onbeperkt verzamelen en verhandelen van persoonlijke gegevens. De internetreuzen vertegenwoordigen een economie waarin de consument het product is.

Als aandacht de nieuwe munteenheid is en data de nieuwe olie zijn, hoe geruststellend is het dan dat de privébedrijven uit Silicon Valley inmiddels over meer data beschikken dan gekozen overheden? Dat ze financiële instellingen zijn gepasseerd als de grootse geldmachines van het kapitalisme? Dat ze wetgeving frustreren en zelfs democratische verkiezingen manipuleren? Digitaal fascisme is niet langer een hersenschim van zwartkijkers.

The Circle verschijnt in de week dat de Britse staatsomroep naar buiten bracht hoe Facebook heeft geholpen om Donald Trump naar het Witte Huis te brengen en de Brexit-campagne te laten slagen. De film wordt geafficheerd als sciencefiction en dat was het boek wellicht toen het vier jaar terug verscheen. Dat fiction kunnen we inmiddels schrappen. Manipulatie is science geworden en internet het verslavende middel. Pittige boodschap voor een vermaaksfilm. En pijnlijk actueel.
 

9 mei 2017

 
MEER RECENSIES

Day Will Come, The

***

recensie The Day Will Come

Terreur in belang van kind

door Cor Oliemeulen

Op het eerste gezicht lijkt The Day Will Come het zoveelste drama waarin een slachtoffer door middel van fantasie de hel probeert te ontvluchten. Maar wie verder kijkt dan de verwachtingsvolle titel ziet een modern Oliver Twist-verhaal met intrigerend plot en sterke vertolkingen.

De Denen hebben het laatste decennium danig van zich laten horen met filmproducties die ver buiten Scandinavië furore maakten. Al voordat hele volksstammen zich lieten vollopen met vooral Amerikaanse tv-series kluisterden fans zich massaal aan het beeldscherm voor de politiereeks The Killing (Forbrydelsen) en het politieke drama Borgen. Zentropa, het productiehuis van regisseur Lars von Trier, bracht voor The Day Will Come een aantal zeer getalenteerde landgenoten bij elkaar.

The Day Will Come

Wreed
We hebben het allemaal al eerder gezien: jongens belanden op last van de staat in een weeshuis of tuchthuis alwaar zij hard, soms onmenselijk wreed, worden aangepakt om later als volwaardige en brave burgers aan de maatschappij te kunnen deelnemen. Maar in het Denemarken van eind jaren 60 waarin jongeren openlijk strijden voor vrede, vrijheid en liefde, kan de generatiekloof bijna niet groter zijn. Degene die zich niet gedraagt of geen ouder heeft die voor hem kan zorgen, loopt kans te belanden in het tehuis van de tirannieke Frederik Heck (Lars Mikkelsen: The Killing, Borgen en later als Russische president in House of Cards). Een idealist van de oude stempel die door middel van keiharde discipline en vernedering heilig gelooft het belang van het kind te dienen.

Als iemand zich niet aan de regels houdt, mag de groep kiezen: óf iedereen wordt gestraft óf iedereen mag de zondaar enkele rake klappen verkopen. Bedplassers moeten buiten in weer en wind in hun onderbroek op een kistje staan net zo lang tot het natte laken, dat ze met gestrekte armen moeten vasthouden, is opgedroogd. Als het hulpje van de directeur met zijn sleutelbos rammelt, moet je pas echt op je tellen passen. En dan is er altijd nog een pedofiele begeleider die ’s nachts een jongetje uit de slaapzaal komt halen en niet vies is van een verkrachting meer of minder.

The Day Will Come

Watertoren als Apollo
The Day Will Come drijft op treurnis en geweld, maar stijgt uit boven clichés en middelmaat. Enerzijds door het sterke scenario van Søren Sveistrup, de bedenker en schrijver van The Killing, die de hoofdpersonages een realistische complexiteit heeft toebedeeld. Anderzijds door de strakke, gedegen regie van Jesper Nielsen, eerder verantwoordelijk voor een aantal afleveringen van Borgen. En dan is er nog Sofie Gråbøl, die in het eerste en derde seizoen van The Killing de eigengereide hoofdinspecteur Sarah Lund speelt. Ditmaal fungeert zij als de nieuwe lerares in het jongenstehuis die met lede ogen moet toezien hoe hier de tijd heeft stilgestaan. Hoewel zij gefrustreerd met de noorderzon vertrekt, blijft de kijker zich vastklampen aan de hoopgevende filmtitel.

Centraal in het drama staan de broertjes Elmer en Erik, in het tehuis geplaatst nadat hun moeder voor behandeling van kanker in het ziekenhuis is opgenomen. De oudste, Erik, is de rebel; Elmer (met klompvoet) de dromer. Met zijn fantasierijke verhalen weet Elmer voor zowel zichzelf als zijn broer en lotgenootjes het alledaagse leed te verzachten. Hij is gefascineerd door de ruimtevaart en wil later astronaut worden. De watertoren op het buitenterrein, mooi van onderaf gefilmd met de maan erboven, geldt als metafoor voor de eerste Amerikaanse Apollo-raket die op het punt staat om op de maan te landen en staat tegelijkertijd symbool voor Elmers drang naar vrijheid en rechtvaardigheid. Terwijl de directeur zowaar op weg is naar een koninklijke onderscheiding, is het aan een nieuwe inspecteur om tot de lamgeslagen jongens door te dringen. Maar dan weet de kijker gelukkig allang dat ooit De Dag Zal Komen.
 

10 maart 2017

 
MEER RECENSIES