Child 44

***

recensie  Child 44

Topacteurs in half gelukte thrillerverfilming

door Alfred Bos

Child 44, de veelgeprezen debuutroman uit 2008 van de Engelse auteur Tom Rob Smith, gebruikt het thema van de seriemoordenaar om een onmenselijk systeem van angst, wantrouwen en verraad te portretteren. Zoveel gelaagdheid kan de verfilming, ondanks de excellente rolbezetting, niet aan.

Geproduceerd door Ridley Scott, is Child 44 een luxueus ogende psychologische thriller met genoeg actie om de adrenaline-junks dik twee uur aan hun stoel te kluisteren.  De film gebruikt een historische setting (de USSR net na de dood van Jozef Stalin in 1953) en een historisch gegeven (de seriemoordenaar Andrei Chikatilo alias de Rostov Ripper, die in de jaren tachtig actief was) om een avonturenfilm met elementen van politieke thriller, psychologisch drama en jacht op een monster te weven. Vervelend wordt het nimmer, groots ook niet.

Recensie Child 44

Het moet een ware nachtmerrie zijn geweest, het leven in de voormalige Sovjet Unie onder dictator Stalin. Niemand was veilig voor de paranoia van Opperste Snorremans, ook niet – of juist niet – de medewerkers van de MGB, de latere KGB. In dat web van wantrouwen geven buren of vrienden elkaar aan, kinderen hun ouders, ouders hun wederhelft. Na de dood van (moord op?) Stalin is het machtsvacuüm de arena voor politieke intriges en persoonlijke afrekeningen. Ook binnen de geheime dienst is niemand zijn baan en zijn leven zeker.

Dubbele agenda
Oorlogsheld en MGB-agent Leo Demidov (Tom Hardy, die opnieuw uitblinkt) ziet zich voor een complex van deels verbonden uitdagingen geplaatst. Probleem 1: Het zoontje van zijn vriend en mede-oorlogsveteraan Alexei (Fares Fares) wordt dood en verminkt gevonden. Een noodlottig ongeval, menen de autoriteiten. Moord, weet Leo, maar in het arbeidersparadijs is geen plaats voor decadente westerse aberraties als misdaad, laat staan moord. Probleem 2: Leo’s ondergeschikte Vasili (Joel Kinnaman) haat zijn baas en heeft een oogje op diens vrouw, Raisa (Noomi Rapace). Probleem 3: Raisa heeft illegale contacten met dissidenten en Leo moet zijn eigen vrouw onderzoeken. Het is een val, want zijn meerdere, majoor Kuzmin (Vincent Kassel), heeft een dubbele agenda.

Child 44 heeft dus nogal wat uit te leggen en daar slaagt de jonge Zweedse regisseur Daniel Espinosa in zijn tweede Engelstalige rolprent uitstekend in. Wat in het boek omstandig uit de doeken wordt gedaan, perst hij in de drie kwartier van de eerste akte, zonder de kijker te verwarren. Wat helpt is de quasi-authenticiteit van de interieurs en de straatscènes: grauw, claustrofobisch. Op de cinematografie is niet beknibbeld en de luchtshots van de Siberische bossen zijn adembenemend. Ook de rolverdeling is van topklasse, naast de reeds genoemde acteurs speelt Gary Oldman de naar Siberië weggepromoveerde generaal Nesterov.

Child 44

Helletocht door Sovjetrijk
En toch overtuigt de film niet helemaal. Het verhaal over de seriekindermoordenaar, in 1995 al eens door HBO verfilmd onder de titel Citizen X, en de schets van een onmenselijk systeem zitten elkaar in de weg. Een visueel medium als film is domweg te beperkt om de complexiteit en de gelaagdheid van het boek – waarin het verhaal (moordenaar) in het verhaal (systeem) wél werkt – adequaat te kunnen transponeren naar een avonturenfilm met een twist. Child 44 wil twee tegenstrijdige dingen tegelijk en doet beide maar half.

Zo doet de helletocht van Leo en Raisa – van Moskou naar Siberië, terug naar Moskou, en uiteindelijk Rostov – op zoek naar de moordenaar en op de hielen gezeten door de MGB, wonderen voor hun huwelijk dat, zoals alles in Stalins Sovjetrijk, is gebaseerd op een leugen. Die psychologische scharnier blijft evenwel onderbelicht. Het is typerend voor een film die hoog reikt, maar te veel hooi wil tillen en derhalve blijft steken bij: niet mislukt, maar er had zoveel meer ingezeten.

 

5 mei 2015

 

 

ALLE RECENSIES

 

Lost River

**

recensie  Lost River

Verloren zielen in verzopen stad

door Cor Oliemeulen

Soms heb je de behoefte om een regisseur te vragen wat hij nu eigenlijk bedoelde met zijn film. Was het een gevolg van een ‘bad trip’? Heeft je onbedaarlijk experimenterende neefje van de kunstacademie jouw naam mogen gebruiken? Of kunnen wij deze nieuwe filmstroming pas na je volgende project beter begrijpen?

Allereerst een vraag aan de lezer. Wat hebben Keanu Reeves, Dustin Hoffman, Joseph Gordon-Levitt, James Franco, Ben Affleck, Tim Roth, Gary Oldman, Marlon Brando, John Malkovich, Alec Baldwin, Antonio Banderas, Mel Gibson, Gael García Bernal, Edward Norton, Bob Hoskins, Morgan Freeman, Albert Finney, George Clooney, Gérard Depardieu, Paul Newman, Tommy Lee Jones, Ed Harris, Laurence Olivier, Al Pacino, Robert Redford, Tim Robbins, Philip Seymour Hoffman, Daniel Auteuil, Frank Sinatra, Billy Bob Thornton, John Wayne, Robert De Niro, Clint Eastwood en Denzel Washington met elkaar gemeen?

Recensie Lost River

Het zijn stuk voor stuk begenadigde acteurs die op een bepaald moment in hun carrière zélf een film wilden maken. De een bleek wat succesvoller dan de ander, en een enkeling had er beter helemaal niet aan moeten beginnen. De tijd zal leren hoever de ambities van Ryan Gosling zullen reiken. Met Lost River levert hij in ieder geval een opvallend regiedebuut af.

Kleurenpalet
Toen Lost River na de wereldpremière op het filmfestival van Cannes met de grond gelijk werd gemaakt, leek het er op dat deze combinatie van donkere fantasie en modern sprookje direct op dvd zou verschijnen. Het siert Warner Bros. dat ze toch de stap naar de bioscoop heeft genomen, want het lijkt zeer onwaarschijnlijk dat het regiedebuut van Ryan Gosling de kassa’s zal laten rinkelen. Lost River is in die zin rijper voor het alternatieve circuit, hoewel de doorgewinterde arthouse-fan zich danig achter de oren zal krabben wat hij moet aanvangen met dit onsamenhangende bombardement van cinematografische artisticiteit en narratief falen.

Sommige beelden zijn origineel en prachtig, zoals de voorbijrijdende brandende fiets en de lantaarnpalen die half onder water staan en een voor een aanspringen, terwijl andere beelden niet echt verrassen, zoals brandende huizen in het donker en eenkleurig verlichte ruimtes. De cinematografie van Benoît Debie, die zijn kleurenpalet al opentrok voor visuele trips in Enter the Void (2009) en de neon-kitsch in Spring Breakers (2012) is het enige, en tevens alles, wat Lost River de moeite van het bekijken (op het witte doek) waard maakt.

Recensie Lost River

Vloek
De failliete spookstad Detroit dient als decor van een – na een vloek (!) – ondergelopen stad, waarin de acteurs veelal plompverloren rondlopen. Het door Gosling zelf geschreven Lost River biedt een warrig kijkje in het leven van de alleenstaande moeder Billy (Christina Hendricks) die om het hoofd boven water te houden gaat werken in een creepshow met Cat (Eva Mendes) als bloederige hoofdact, terwijl Billy’s tienerzoon Bones (Iain De Caestecker) verkoopbaar materiaal uit de verlaten huizen stript, wordt achtervolgd door een vage punker en toenadering zoekt tot zijn buurmeisje Rat (Saoirse Ronan).

De eerste boreling van Ryan Gosling is ambitieus, pretentieus, pompeus en serieus tegelijk – ontegenzeggelijk beïnvloed door Terrence Malick, David Cronenberg, David Lynch en Nicolas Winding Refn, met wie hij Drive (2011) en Only God Forgives (2013) maakte. Een mix van onheilspellend donker, zonnestralen door de bladeren van een boom, surrealistische settings, kleurenfilters, gestyleerd geweld, anarchie en escapisme. Een mengbeker die ten langen leste aanvoelt als een gifbeker. Met minder experimenteerdrift en een beter scenario verdient Ryan Gosling een tweede kans.

 

24 april 2015

 
ALLE RECENSIES

Gunman, The

***

recensie  The Gunman

Fletse Sean Penn in Bourne-kloon

door Alfred Bos

Ooit was het een film noir-thema, na het succes van de Bourne–franchise is het een nieuw cliché: voormalig agent probeert uit de greep van zijn vroegere werkgever te blijven. Ondanks een A-team van creatieven komt The Gunman niet echt tot leven.

Het is nog niet eens zo heel lang geleden dat Sean Penn gold als een van de beste acteurs van zijn generatie. Wie hierin grootspraak hoort, moet Mystic River (Clint Eastwood, 2003) of Milk (Gus Van Sant, 2008) nog eens terugzien; voor beide hoofdrollen werd Penn met een Oscar onderscheiden. Ook zijn vertolking van een uitgebluste popster in Paolo Sorrentino’s This Must Be the Place ademt onderkoelde brille: door zijn personage te ontdoen van alle pathos wordt hij juist pathetisch. Penn is een karakteracteur van de ‘oude’ stempel.

Recensie The Gunman

Penn de actieheld daarentegen voelt een tikje ongemakkelijk. Zijn versie van de legendarische Los Angeles-gangster Mickey Cohen in Ruben Fleischers Gangster Squad was – bedoeld of onbedoeld – een karikatuur. In The Gunman, de vierde film van de Franse regisseur Pierre Morel, speelt Penn een voormalige agent speciale operaties die zich als eenling tegenover een machtige organisatie ziet geplaatst. Voor de rol kweekte de man die eerder op het filmdoek excelleerde als gekweld gevoelsmens een paar kilo extra spiermassa. Het resultaat, een soort light-variant van Sylvester Stallone’s filmpersonage Rambo, oogt, zoals gemeld, een tikje ongemakkelijk.

Op papier een kraker
Regisseur Pierre Morel komt uit de school van Luc Besson, de Franse regisseur, schrijver en producer die via zijn EuropaCorp-productiehuis met een stoet van animatiefilms (de Arthur–reeks), thrillers (Michel Valliant, Crimson Rivers) en actiefilms (The Transporter-franchise, Taken) een alternatief probeert te bieden voor de eenheidsworst van Hollywood. Dat Morel zijn weg weet met een – voor het genre – origineel verhaal en een portie enerverende actie bewees hij met Banlieu 13 (zijn debuut uit 2004) en vooral Taken (2008), zijn doorbraak. Ook het draaiboek van zijn derde film, From Paris With Love (2010), kwam uit de tekstverwerker van Besson. Met The Gunman staat Morel, als je dat mag zeggen van een vakman die de vijftig is gepasseerd, voor het eerst op eigen benen.

The Gunman is gebaseerd op de roman The Prone Gunman van Frankrijks bekendste misdaadauteur van de jaren zeventig, Jean-Patrick Manchette. Het scenario is van Pete Travis, de schrijver en regisseur van de vermakelijk Dredd –film van een paar jaar terug. Het verhaal over politieke moord en crimineel gekonkel wordt tot leven gebracht door een reeks gevierde acteurs: naast Penn zijn er toppers als Javier Bardem, Ray Winstone en Idris Elba. Waarmee we willen zeggen dat The Gunman op papier een kraker belooft.

The Gunman

Paranoia en stiergevechten
Penn speelt Terrier, een speciaal agent die in 2006 in de Congo (voorheen Zaïre) een vuil zaakje opknapt dat acht jaar later als een boemerang in zijn nek landt. De handeling speelt, zoals een Bourne–kloon betaamt, op meerdere locaties. Het stadsbestuur van Barcelona zal in de buidel hebben getast voor een staaltje citymarketing en al is de corrida in Catalonië sinds enkele jaren verboden, de ontknoping voltrekt zich in en onder La Monumental, de arena van Barca. Die locatie is het meest originele aspect van de film, want The Gunman is een stuk minder enerverend dan Morels eerdere films.

Tussen alle paranoia en stiergevechten speelt er tevens een emotioneel steekspel tussen Terrier, zijn kompaan in de Congo, Felix (Javier Bardem), en hun beider liefdesobject, Annie (de Italiaanse actrice Jasmine Trinca). Van na-aperij kunnen we het team niet betichten (het boek The Bourne Identity is uit 1980, The Prone Gunman uit 1981), wel mogen we de regisseur aanwrijven dat deze film nogal plichtmatig overkomt. Om kort te gaan: competente, maar ongeïnspireerde actiethriller die je na afloop ogenblikkelijk bent vergeten.

 

23 maart 2015

 

 

ALLE RECENSIES

 

Dying of the Light

*

recensie  Dying of the Light

De film die niet uitgebracht had mogen worden 

door Cor Oliemeulen

Soms is een film zo armoedig en waardeloos dat hij in distributie gaat om enkel argelozen en geldschieters te behagen. Maar wat moet je als jouw artistieke werkstuk geknipt en geschoren in de bioscoop verschijnt?

‘How can the same shit happen to the same guy thrice?’, jammert held John McClane in het derde deel van de Die Hard-reeks. We hebben het over Paul Schrader. In de jaren zeventig was hij een van de grootste Amerikaanse scenaristen (o.a. Taxi Driver, 1976) en later ging hij regisseren (o.a. American Gigolo, 1980). Na het voltooien van zijn laatste film, Dying of the Light, kreeg hij voor de derde keer ruzie met studiobazen, want die waren kennelijk bang dat de film te weinig zou opbrengen. Hetzelfde lot onderging Schrader na zijn beoogde versie van Dominion: Prequel to the Exorcist (2005) toen actieregisseur Renny Harlin opnieuw de film onder handen moest nemen. En bij zijn voorlaatste film, The Canyons (2013), weigerde Paul Schrader hulp aan de snijtafel van regisseur Steven Soderbergh.

Recensie Dying of the Light

Spreekverbod
Als het aan Schrader ligt, was Dying of the Light nooit uitgebracht. Aangezien hij volgens zijn contract niet mag spreken  over de ‘technische’ kant van de film uitte hij zijn ongenoegen op Facebook. ‘Een film die ik heb geschreven en geregisseerd, is van mij afgenomen en zonder mijn inbreng opnieuw gemonteerd’, schrijft Schrader.

Om zijn stille protest kracht bij te zetten, plaatste hij een foto waarop hij zich hult in een T-shirt met tekst die weinig aan de verbeelding over laat. Opmerkelijk genoeg dragen ook de drie andere belangrijkste betrokkenen van Dying of the Light een soortgelijk shirt, te weten producer Nicolas Winding Refn en hoofdrolspelers Nicolas Cage en Anton Yelchin.

Het is meer dan aannemelijk dat studio Grindstone het einde van de film heeft veranderd. Dit blijkt uit een oud Deadline-interview met Nicolas Winding Refn over zijn film Drive (2011) toen Winding Refn nog de beoogde regisseur van Dying of the Light was, hij Harrison Ford als protagonist voor ogen had en bijzonder bleek gecharmeerd van het existentialistische verhaal met het bijpassende eind. Het moet gezegd: Dying of the Light had een betere finale verdiend. De slotactie die Nicolas Cage’s personage onderneemt, is armoe troef. Grindstone denkt waarschijnlijk dat het publiek liever bloed ziet dan thuis verder moet filosoferen over de nobele motieven van een man die mogelijk niet lang meer te leven heeft.

Recensie Dying of the Light

Verminkt oor
Wat nog meer aan het draaiboek is gesleuteld, zullen we misschien nooit weten. Wel duidelijk is de gebrekkige montage van deze dramathriller, die begint met de foltering van CIA-agent Evan Lake (Nicolas Cage). Lake houdt er een verminkt oor aan over. Vele jaren later blijkt er een agressieve ziekte in zijn hoofd te spoken en is er misschien nog net tijd om wraak te nemen op de man die hem destijds zo heeft gemarteld. Met hulp van oud-collega Milton Schultz (Anton Yelchin) gaat hij op zoek naar de sadist, van wie aanvankelijk niet zeker is of hij nog in leven is, aangezien die zou lijden aan een ongeneeslijke bloedziekte. Lake krijgt in Boedapest hulp van zijn ex-geliefde Michelle (Irène Jacob) om hierna alleen af te reizen voor de confrontatie met zijn beul in Kenia.

Nicolas Cage acteert teveel op de automatische piloot. Hij is weliswaar op zijn best als gemankeerd personage met een getormenteerde ziel (o.a. Bad Lieutenant, 2009 en Joe, 2013), maar in Dying of the Light maakt Cage zich weer schuldig aan onvervalste staaltjes overacteren. Maar de grootste makke is de niet al te geloofwaardige verhaallijn en het plichtmatige wraakeind dat de film definitief berooft van Paul Schraders verfrissende – maar kennelijk ouderwets geachte – kijk op vergelding.

 

13 maart 2015

 
ALLE RECENSIES
 

Boy Next Door, The

*

recensie  The Boy Next Door

Disney’s American Psycho

door Wouter Spillebeen

Surfend op dezelfde golf als Fifty Shades of Grey komt regisseur Rob Cohen aanzetten met zijn “sexy” thriller The Boy Next Door, die misschien nog meer inspeelt op fantasieën van vrouwen rond de middelbare leeftijd. 

Het is niet moeilijk om onmiddellijk te begrijpen op welk publiek Cohen gewoonlijk mikt. Hij gaf leven aan de immens populaire sequel-machine The Fast and the Furious, creëerde de eerst xXx, die intussen ook meerdere vervolgen kent en regisseerde de recentste in de The Mummy-reeks. Weinig inhoud, maar een hoop explosies en special effects, daar boert hij best goed mee. Met zijn jongste film (misschien geïnspireerd door zijn rol als producent in de realityserie Topless Prophet) gooit hij het over een andere boeg: zijn vreemde mix tussen een erotische thriller en High School Musical lijkt voor geen enkel publiek bestemd.

Recensie The Boy Next Door

Perfecte wonderboy
Claire Peterson (Jennifer Lopez) woont al negen maanden niet meer bij haar echtgenoot Garrett (John Corbett), zoals we leren in de montage van flashbacks waarmee The Boy Next Door opent. Hun zoon Kevin (Ian Nelson) wil niets liever dan zijn ouders herenigd zien. Op een dag komt Noah Sandborn (Ryan Guzman), de achterneef van de zieke buurman van Claire, opdagen. Hij lijkt de perfecte wonderboy, al is hij wat te jong voor Claire. Desalniettemin belanden de twee enkele dinertjes en een reparatie aan de garagepoort later samen in bed. Claire weet maar al te goed dat ze die nacht best zo snel mogelijk vergeet, maar Noah ziet het anders. Zijn obsessie voor Claire ontaardt in stalking en bruut geweld.

De jonge ‘heterd’ die extreem hard valt voor de gescheiden moeder die er onrealistisch goed uitziet, enkele expliciete scènes… dat alles wijst erop dat The Boy Next Door een gemiddelde erotische thriller wordt met hetzelfde publiek voor ogen als Fifty Shades of Grey. Waarom dan plukken de makers scènes waarin Kevin een meisje uitvraagt bijna letterlijk uit een Disneyfilm? Het hele verhaal is voor het grootste deel best tam, tot de laatste tien minuten gebeurt zo goed als niets dat voor een twaalfjarige choquerend zou zijn. De film is te dom voor een thrillerpubliek, te expliciet voor een Disneypubliek en te jeugdig voor een erotiekpubliek. Voor wie is dit eigenlijk gemaakt?

Recensie The Boy Next Door

Zelfpijniging
Naast dat fundamentele probleem lijdt The Boy Next Door aan nog een resem andere pijnpunten. Het scenario schildert onze ‘heldin’ consequent af als een domme gans: de lerares klassieke literatuur vindt dat J.K. Rowling het beste voorbeeld is van een klassiek geschoolde auteur? Ze weet dat haar gewelddadige stalker elk moment kan thuiskomen, dus doorzoekt ze nog even tergend traag zijn kelder? Een student die een medestudent zonder provocatie een schedelbreuk slaat, belandt niet bij de politie en wordt pas van school gestuurd nadat hij de directrice een “cunt” noemt.

Het acteerwerk is geen bal waard, visueel is de film saai, dezelfde onheilspellende brommende toon is te horen tijdens de hele film, zelfs tijdens de climax… Een positief punt bedenken over The Boy Next Door is werkelijk een oefening in zelfpijniging. Het enige dat deze recensent kan bedenken, is dat de film gelukkig best snel voorbij is. Deze moet je gezien hebben, maar dan alleen om te begrijpen hoe slecht hij is.

9 maart 2015

 

 
ALLE RECENSIES
 

Blast, A

**
recensie  A Blast
Alles naar de klote in Griekenland

door George Vermij

A Blast laat weinig over van het door de crisis gevelde Griekenland. De film is een intens maar overspannen portret van een vrouw die op moet boksen tegen groeiende tegenslagen en een gezin dat uit elkaar valt. Regisseur Syllas Tzoumerkas gooit echter iets te veel ellende in je gezicht om te overtuigen.

A Blast heeft een fragmentarische structuur en opent met een autorit door de duisternis, terwijl op de radio apocalyptische berichten zijn te horen over mogelijk aangestoken bosbranden. We springen opeens weer terug in de tijd naar Maria die plagerig aan het kibbelen is met haar zus Gogo.

Het leven van Maria flitst chronologisch ongeordend voorbij. Ze is getrouwd met een zeebonk die werkt op een containerschip. Zij ziet hem weinig en als hij weer aan wal is hebben ze hitsige seks. Dat wordt gevangen in beelden van het zweterige paar tijdens een zwoele nacht, die door het verhaal zijn gemonteerd. Ondanks hun huwelijk gaat haar zeevarende man ongegeneerd van bil tijdens zijn lange scheepstochten.

Recensie A Blast

Dan zijn er Maria’s ouders die een eigen zaak hebben, maar aan belastingontduiking doen. Als de crisis de Griekse samenleving lam legt, raken ze opgezadeld met schulden die weer op Maria’s bord worden gegooid. Tot slot is er nog Gogo wiens man fascistische sympathieën heeft en gelooft dat de Griekse nazipartij het land weer op de rails kan zetten. O en hij is ook nog een pedoseksueel die het op Maria’s kinderen gemunt heeft.

Ongeleid projectiel
Marie wordt gaandeweg de emotionele spil van alles wat er in haar omgeving misgaat en probeert er op haar agressieve manier het beste van te maken. Ondertussen wordt de situatie grimmiger en uiteindelijk uitzichtloos. Angeliki Papoulia speelt Maria als een brok zenuwachtige energie, terwijl haar leven in elkaar stort. Ze overtuigt het meest op ingetogen momenten die contrasteren met haar soms iets te gewelddadige uitspattingen. Ondanks de intensiteit voelt haar personage eendimensionaal aan. Een hysterische schertsfiguur die regisseur Tzoumerkas voorziet van een chaotische premisse en uitermate kort lontje.

Op bepaalde momenten slaat zij ongecontroleerd in op andere personages. En dan is er een vreemde scène, die aan Haneke’s La Pianiste doet denken: In een internetcafé gaat Maria op zoek naar porno, terwijl mannelijke omstaanders verbaasd toekijken. Het voelt te karikaturaal en aangedikt. De heftige uitspattingen zijn op momenten ook lachwekkend in hun komische wanhoop. In het ergste geval komen ze over als een bevestiging van een stereotype. Wat zijn die Grieken toch een emotioneel volk!

Recensie A Blast

Emotionele achtbaanrit
Een ander probleem met de film is dat Tzoumerkas zijn kruit al snel verschiet. De verknipte vorm (Nic Roegs superieure relatiedrama Bad Timing moet een voorbeeld zijn geweest) zorgt nog voor stilistische afleiding door te verspringen in de tijd, maar de neerwaartse spiraal die deze emotionele achtbaanrit afgaat is uiterst voorspelbaar.

Er is al geopperd dat A Blast afrekent met de vreemde, allegorische en symbolische cinema van de Griekse Weird Wave. Toch zijn er ook veel links tussen de film en de thema’s die de stroming als haar stokpaardjes heeft. De band en spanning tussen de oude en nieuwe generatie Grieken was al een ongemakkelijk element in Yorgos Lanthimos’ Dogtooth waarin Papoulia doorbrak. Daarnaast is de onvrede over de situatie in het land al eerder realistisch gevangen in Argyris Papadimitropoulos’ Wasted Youth die ook eindigt met een knal als voorbode van de malaise.

In Griekenland is er misschien geen ruimte meer voor allegorische films in een tijd waar de werkelijkheid in je nek hijgt en het einde nabij lijkt. A Blast weet die heethoofdige paniek over te brengen terwijl een adempauze uitblijft. Maar ondanks het feit dat alles instort, leef je in de film niet echt mee met de mensen die bedolven worden onder de puinhopen van de crisis.

 

7 maart 2015

 

MEER RECENSIES

 

Good People

**

recensie  Good People

Goed volk, vierkant verhaal

door Cor Oliemeulen

De eerste misdaadthriller van de succesvolle Deense tv-regisseur Henrik Ruben Genz kent prima acteurs, die hun bankrekening spekken ten koste van voorspelbaar vermaak. 

Geld is het slijk der aarde, maar het is soms prettig als je het hebt. Zeker in barre economische tijden gaat het eigenbelang, en dus ook het hebben van geld, vaak voor waarden die eerst misschien zo belangrijk leken. In hun recente sociaalrealistische drama Deux jours, une nuit portretteren de Belgische cineasten Jean-Pierre en Luc Dardenne een moeder (glansrol Marion Cotillard) die dreigt ontslagen te worden bij een fabrikant van zonnepanelen. Ontslag kan slechts worden afgewend als het haar lukt om minimaal de helft van haar collega’s één voor één te bewegen afstand te doen van hun voorgeschotelde bonus van duizend euro. Wat volgt is een barre, bijna onmenselijke strijd tegen de klok. Soms kun je beter geld vinden  dan het ontvangen, zeker als dit ten koste gaat van iemand die je graag mag. Maar die vlieger gaat lang niet altijd op.

Recensie Good People

De vondst
Het is een overbekend uitgangspunt: iemand vindt een grote hoeveelheid bankbiljetten en kan zich niet beheersen om het zelf te houden en vervolgens uit te geven – wetende dat het geld is besmet. Een prachtig filmvoorbeeld is A Simple Plan (Sam Raimi, 1998) waarin drie types afspreken hoe ze met hun buit zullen omgaan maar falen door hebzucht en onderling wantrouwen. Of No Country for Old Men (Ethan en Joel Coen, 2007) waarin iemand twee miljoen weggrist tussen de dodelijke slachtoffers van een mislukte drugsdeal en vervolgens een geschifte moordenaar achter zich aan krijgt. Gevonden geld is verleidelijk, maar niet zonder risico.

In Good People geniet het geïmmigreerde Amerikaanse koppel Tom (James Franco) en Anna (Kate Hudson) de twijfelachtige eer 220.000 pond te vinden. In de kelder van hun huis in Londen treft Tom op een dag hun huurder levenloos aan. Volgens de politie was de huurder een crimineel die is gestorven aan een drugsoverdosis. Als Tom en Anna later de kelder leegruimen ontdekken ze een volle tas met bankbiljetten. Ze spreken af om het geld te verstoppen en het politierapport en eventuele bezoekers af te wachten. Aangezien ze het geld goed kunnen gebruiken, besluiten ze een klein deel te besteden.

Recensie Good People

De rechthebbenden
Het duurt natuurlijk niet lang voordat er serieus addergebroed opduikt. Tom laat zich liever in elkaar slaan dan zeggen dat hij iets weet van het geld, maar pas als zijn lieve Anna wordt betast, wil hij wel prijsgeven dat ze het geld hebben verstopt. James Franco en Kate Hudson vormen een mooi en geloofwaardig koppel. Ze zijn helaas veroordeeld tot het zoveelste script dat uitblinkt in het afstruinen van de bekende paden. De plot draait uit op een variant van Home Alone, wat kennelijk voor de hand ligt als je net je huis aan het verbouwen bent.

In het kielzog van de zogenaamde rechthebbenden van het geld volgen een solistisch opererende politieman (Tom Wilkinson) en de mysterieuze crimineel Kahn (Omar Sy), die zich graag mag vergelijken met zijn brute naamgenoot Dzjengis. Omar Sy (Intouchables) moet duidelijk wennen aan zijn allereerste niet-komische rol. Good People bevestigt het chronische gebrek aan oorspronkelijke scriptschrijvers. Het is een ware epidemie: films die veelbelovend beginnen en hopeloos verzuipen in clichés.

 

20 februari 2015

 
ALLE RECENSIES
 

Bethlehem

****

recensie Bethlehem
Tussen de wal en het schip van het Midden-Oosten-conflict

door George Vermij

Het conflict tussen Israëli’s en Palestijnen wordt in de dramatische thriller Bethlehem vanuit verschillende perspectieven belicht. Daaruit blijkt dat het geweld geen einde kent en dat er geen winnaars zijn. 

Bethlehem richt zich op de jonge Sanfur. Zijn broer plant aanslagen tegen de Israëli’s en Sanfur kijkt tegen hem op. Hij heeft echter ook een vaderlijke band opgebouwd met de Israëlische inlichtingenofficier Razi. Die gebruikt de naïeve en grillige Sanfur als informant en probeert het schuiladres van zijn broer te achterhalen. Dit levert in de film een kat-en-muisspel op als er na een zelfmoordaanslag gezocht wordt naar de verantwoordelijke terroristen. Dat er binnen de Palestijnse gelederen ook onenigheid is blijkt uit stribbelingen tussen verschillende facties die zich wel of niet scharen achter een gewelddadige tactiek naar Israël toe.

Recensie Bethlehem

Heulen met de vijand
Sanfur valt tussen het wal en het schip van deze verschillende partijen die conflicterende belangen nastreven. Acteur Shadi Mar’i weet Sanfur goed neer te zetten als een opvliegende puber die zoekt naar iemand die hij kan vertrouwen. Hij is echter makkelijk te manipuleren, waardoor zijn eigen positie onhoudbaar wordt als het conflict escaleert.

Debuterend regisseur Yuval Adler weet zijn thriller goed aan te vullen met dramatische elementen, waaruit de tegenstrijdige psychologie van de personages blijkt. De film is op zijn sterkst als getoond wordt hoe elke partij gebruik maakt van vieze methoden en het niet nauw met de moraal neemt.

In zijn realistische en actuele beeld van oorlog tegen terreur doet de film op momenten denken aan een serie zoals Homeland (die weer was gebaseerd op de Israëlische serie Prisoners of War). Uiteindelijk vallen er aan alle kanten slachtoffers, zonder dat er sprake is van enige vooruitgang. Daarmee lijken de partijen ondanks hun religieuze of ideologische verschillen verdacht veel op elkaar.

 

14 december 2014

 

 

MEER RECENSIES

 

Jessabelle

**

recensie  Jessabelle

Kun je vechten met een geest?

door Cor Oliemeulen

De schrijver van Night at the Museum (1 en 2) heeft zijn best gedaan om van Jessabelle een interessante kruising van horror, thriller en mysterie te maken. Eén origineel vernieuwend plotelement tussen een reeks van versleten ingrediënten is helaas te weinig om geschiedenis te schrijven. 

Na het auto-ongeluk waarbij haar vriend om het leven kwam, keert Jessabelle gekluisterd aan een rolstoel terug in haar ouderlijke huis in Louisiana. Haar moeder is overleden toen Jessabelle op aarde kwam en haar vader, met wie ze jaren geen contact heeft gehad, hult zich in stilzwijgen en alcoholdampen. Jessabelle neemt haar intrek in haar moeders kamer in het grote huis aan een meer. De sfeer is direct onheilspellend. Onder het bed ontdekt Jessabelle een doos met haar naam erop. Er zitten videobanden in. In de opnames spreekt haar moeder tot Jessabelle. Als vader dit ontdekt, is hij furieus en smijt de rolstoel in het meer. Maar Jessabelle blijft geïntrigeerd door de videobanden. Voortaan kijkt ze stiekem en ontdekt langzaam en geschokt wie en wat haar moeder was.

Recensie Jessabelle

Mysterie
Jessabelle is gemaakt door Kevin Greutert, editor van de hele Saw -franchise waarvan hij de laatste twee delen mocht regisseren. De film mist gore, voldoende heftige schrikmomenten of nagelbijtende en bloedstollende fragmenten om horror genoemd te mogen worden. Wel herbergt de film aardige thrillerelementen en voegt hij een mysterieuze voorgeschiedenis en een voodoosausje toe om te kunnen meeliften op de hype van het bovennatuurlijke. IDB-collega Bob van der Sterre liet onlangs in zijn Camera Obscura zien dat de filmgeschiedenis veel betere genregenoten kent. Maar de premisse van Jessabelle is ambitieus.

Sarah Snook, vooral actief als tv-actrice, kruipt in de huid van Jessabelle en doet dat lang niet slecht. Het is geloofwaardig dat ze door het kijken van de videobanden haar moeder wil leren kennen, maar ze zou zich meer hardop mogen afvragen waarom haar moeder haar zoveel schrik aanjaagt, onder meer met het leggen en duiden van tarotkaarten. En natuurlijk wordt de sfeer in het verlaten huis steeds dreigender, hoort Jessabelle voetstappen op zolder, ziet ze geesten en krijgt ze nachtmerries en waanvoorstellingen. Gelukkig is haar oude, inmiddels getrouwde, jeugdliefde Preston bereid haar emotioneel en fysiek bij te staan in deze donkere tijden.

Recensie Jessabelle

Voodoo in Louisiana
Het duo gaat op onderzoek uit om het mysterie te ontrafelen. De swampy sfeer van Louisiana vormt het mooie decor van het verhaal dat aardig in elkaar steekt en opvallend weinig plotgaten kent. Na wat ongezellige onderonsjes met autochtonen, confrontaties met voodoopraktijken en de schokkende ontdekking van een graf mag de lokale politie proberen het mysterie mee op te lossen. Echter bovennatuurlijke krachten blijven Jessabelle opjagen, of is het verbeelding? Als Preston uiteindelijk zelf letterlijk met Jessabelle’s waanbeeld moet knokken, vliegt deze alledaagse rolprent toch nog uit de bocht.

 

24 november 2014

 
ALLE RECENSIES

White Bird in a Blizzard

*

recensie  White Bird in a Blizzard 

Per ongeluk grappig

door Wouter Spillebeen

Gregg Araki, die in 2004 het tienerdrama Mysterious Skin regisseerde, is gedeeltelijk verantwoordelijk voor het lanceren van Joseph Gordon-Levitts carrière na 3rd Rock from the Sun. Daarna slaagde hij er nooit in dat succes te herhalen en dat is met White Bird in a Blizzard niet anders. 

In 1988 verdwijnt Eve Connor (geportretteerd door Eva Green, die ook in die andere teleurstelling Sin City: A Dame to Kill For speelt) zonder enig spoor. Haar rebelse dochter Kat (Shailene Woodley, The Descendants) gaat ervan uit dat ze met een minnaar is gaan lopen, haar huwelijk loopt namelijk al zo lang als ze zich kan herinneren erg stroef. Ze is bezorgd over haar vriendje die haar niet meer neukt zoals vroeger en over of ze al dan niet iets zou beginnen met de rechercheur die haar moeder zoekt. Enkel vreemde dromen over sneeuwstormen en haar moeder weerhouden de zeventienjarige ervan zorgeloos door het leven te gaan.

Recensie White Bird in a Blizzard

Tienermeisjes
“Als Fincher Gone Girl verfilmt, dan verfilm ik de tienerversie”, moet Araki gedacht hebben. De film is namelijk gebaseerd op het gelijknamige boek van Laura Kasischke, dat de psyche van een tienermeisje in een traumatische situatie poogt te ontleden. Natuurlijk met gelijkaardige tienermeisjes (met als enige leeservaring de Twilight-reeks) als doelpubliek. Het bronmateriaal was bij Fincher al niet van de bovenste plank, het mag geen verrassing wezen dat het White Bird in a Blizzard niet beter afgaat.

Laten we duidelijk zijn: White Bird in a Blizzard is een komedie. Het was niet Araki’s bedoeling, maar zijn film is hilarisch voor wie cynisch is en de humor van een slechte film kan inzien. Wie echter een diepgaand emotioneel drama verwacht, kan op de kin kloppen. De ontwikkelingen zijn voorspelbaar, de symboliek ligt er net als de stroop vingerdik op, de personages maken belachelijk domme keuzes en de acteurs zijn net bordkarton. Jammer, want als deze film enkele minuten korter was, dan was dit misschien wel mijn persoonlijke favoriete film van 2014.

Recensie White Bird in a Blizzard

Enkele plotwendingen teveel
Na ongeveer een uur en twintig minuten worstelen door een verhaal dat maar niet op gang komt en een plot die ongeveer zo interessant is als kijken naar drogende verf, schotelt Araki zijn publiek warempel een plotwending voor! En niet eens één, maar meerdere (denk aan Loft, maar dan met minder samenhang en meer voorspelbaarheid)!

Had Araki het bij zijn eerste twee twists gehouden, dan kon zijn hele film gezien worden als een dikke middelvinger naar het filmlandschap, naar films met een enorm budget die proberen kunstig te zijn en meerwaarde proberen te hebben. Hij zou het statement gemaakt hebben dat de kracht van dromen de meest luie manier is om een verhaal af te ronden, dat de magie van de liefde geen geldige motivatie voor personages is. De hele film kon een grap met een ellenlange aanleiding en een heerlijk droge punchline worden, een commentaar op de tienerfilm met het gezapige slot waarin alles netjes opgelost wordt. Jammer genoeg kon Araki daar niet stoppen en nog enkele plotwendingen later is White Bird niet meer de film die de cynicus al jaren wil zien, maar eerder anderhalf uur tijdverlies.

 

16 november 2014

 
ALLE RECENSIES