Gambit

***

recensie  Gambit

Britse stiff upperlip versus Texaanse cowgirl

door Alfred Bos

De heist komedie Gambit is het soort film dat anderhalf uur weet te charmeren, om daarop te direct te worden vergeten. Perfect vermaak voor een luie zomeravond zonder zorgen, in een stijl die herinnert aan de jaren ’50 en ’60 komedies met Cary Grant of Peter ‘The Pink Panther’ Sellers.

Gambit is geschreven door de gebroeders Coen en hun melige, absurdistische humor typeert de verwikkelingen rond een obscuur schilderij van de Franse meesterschilder Monet. De erg Britse Harry Deane (Colin Firth) werkt als kunstkenner voor de grofgebekte mediatycoon Lionel Shahbandar (Alan Rickman) en adviseert hem bij het uitbreiden van diens kunstcollectie. Hij is het beu door zijn baas doorlopend te worden geschoffeerd en verzint een list.

Gambit

Daarvoor heeft Deane de medewerking nodig van een plat knauwende en op een trailerpark wonende cowgirl uit de binnenlanden van Texas, PJ Puznowski (Cameron Diaz). De humor komt uit het spelen met culturele cliché’s – soms bevestigen, dan weer op zijn kop zetten – en de tegenstelling tussen personages die niets gemeen hebben, maar door omstandigheden noodgedwongen samenwerken. De combinatie van Britse stiff upperlip en Texaanse rauwdouwerigheid biedt volop gelegenheid tot komisch misverstand.

Blunderende kneus
Dat klinkt flinterdun en het is flinterdun. Colin Firth is voornamelijk bekend om zijn dramatische rollen (The King’s Speech, Tinker Tailor Soldier Spy), maar hij zet de kneuzige doch volhardende Deane met flair neer. Cameron Diaz walst als het simpele provinciaaltje uit cowboyland door alle grollen en verwikkelingen zonder een buikspier te verrekken en ook de bijpersonages (de mediatycoon, de gepensioneerde kolonel, de Japanse zakenlieden, het snobistische hotelpersoneel) zijn archetypes van het hyperbolische soort.

Als voorbeeld moeten Ethan en Joel Coen de Pink Panther-films met Peter Sellers voor ogen hebben gehad. Dat blijkt al direct uit de filmtitels van Gambit, wier cartoonstijl verwijst naar de Inspector Clouseau-films van Blake Edwards. Een blunderende kneus met ambities is altijd geestig, maar Harry Deane is een man van zijn tijd en weet dat hij moet manipuleren om zijn gelijk te halen.

Gambit

Beschaafde dames
De geestigste bijfiguur is Deane’s directe concurrent, de Duitse kunsthistoricus Martin Zaldenweber (Stanley Tucci) die zijn baantje dreigt over te nemen en daarmee het grote plan om zeep helpt. Zaldenweber is vals, onberispelijk gemanicureerd en übergay. De met beleefdheden uitgevochten verbale duels tussen de twee kemphanen geven de film frisson. Daar staat onderbroekenlol – in dit geval letterlijk – met een kostbare Chinese vaas en een verloren pantalon tegenover. O ja, ook beschaafde dames laten winden.

Gambit is een tussendoortje van de Coen-broers, een script dat ze er op routine en om de verveling te verdrijven moeten hebben opgehoest. Regisseur Michael Hoffman is een solide Hollywood vakman, die keer op keer brave, degelijke films aflevert zonder ooit een keer op te vallen of een hit te scoren. De ideale man om dit aardige, maar vluchtige niemendalletje te draaien.

 

17 juni 2013

 

 

ALLE RECENSIES

 

Frances Ha

***

recensie  Frances Ha

Vals geluk van een afgestudeerde

door Joan Gebraad

Geweldige baan, leuk leven en ze voelen zich natuurlijk altijd fántástisch. Gelukkig en succesvol, dat is wat afgestudeerde jongeren zijn. Frances Ha prikt deze illusie genadeloos door. 

De 27-jarige Frances (goed neergezet door Greta Gerwig) heeft het goed voor mekaar: de afgestudeerde danseres werkt bij een dansgezelschap, deelt een appartement met haar BFF Sophie (Mickey Sumner) in wereldstad New York en heeft een lieftallige vriend. Tot die haar vraagt samen te gaan wonen. Ze zou wel willen, maar… ze heeft afgesproken haar huurcontract te verlengen. Met Sophie.

Frances Ha

Niet snel daarna is Frances single, appartementloos, werkeloos en bijna blut. Ze begint een zoektocht naar een nieuwe woonruimte, naar wie haar vrienden zijn en een verwezenlijking van haar grootse dansdromen. Ze houdt zich en anderen een mooie illusie voor. Na een flutweekend Parijs staat in New York het slechte nieuws al te wachten: de danscompagnie heeft geen werk voor haar. Wel een kantoorbaantje. Frances ziet er niets in. Ze wil danseres worden. Haar begeleider wijst Frances op de harde realiteit, maar het kwartje valt nog steeds niet. Zal ze ooit de realiteit onder ogen zien?

Frances: symbool voor de liberal arts student
Op het eerste gezicht lijkt Frances Ha vooral een aaneenschakeling van scènes uit het dagelijkse leven van de afgestudeerde Frances. Het verhaal van een individu. Maar dit verhaal staat niet op zichzelf. Frances is de verpersoonlijking van de liberal arts student anno nu. Dat is zeer confronterend. Haar verhaal is dat van vele andere afgestudeerden in de kunst, de creatieve sector of een (universitaire) opleiding in de geesteswetenschappen. Of je nu droomt van een toekomst als gevierd danser, kunstenaar, schrijver of journalist: uiteindelijk wordt iedereen geconfronteerd met de harde werkelijkheid. De financiële crisis, maar ook de crisis in deze branches zelf, veroorzaakt door de opkomst van internet. Iedereen heeft nu de mogelijkheid zichzelf te bombarderen tot kunstenaar, schrijver of specialist. Dat maakt de toekomst een stuk onzekerder dan voorheen.

Hoe ga je hiermee om? Kun je terugvallen op financieel welgestelde ouders? Geef je die grote succesdroom compleet op, stel je je doelen bij of blijf je vechten? Erken je dat het leven soms klote is? Ook eenzaamheid, komen en gaan van vrienden, financiële onzekerheid en tegenslagen in het vinden van werk en woning horen bij net afgestudeerd zijn. Wat de opgewekte statussen op sociale netwerken ons ook willen doen geloven.

Frances Ha

Burgertruttige moraal
Frances Ha doet denken aan de thematiek in Tiny Furniture, (van Lena Dunham, bedenker van de succesvolle HBO-serie Girl  waarin de afgestudeerde filmstudent Aura met moeite iets van haar leven probeert te maken.

In vergelijking tot Frances, zinkt Aura echt diep. Na haar afstuderen woont ze bij haar moeder, een kunstenares. Ze komt niet verder dan een baantje bij een restaurant, haalt een compleet onbekende mafketel in huis om maar niet alleen te zijn, klokt haar moeders drankvoorraad weg en heeft seks in de kou in een betonnen buis op een verlaten bouwterrein.

Beide films zijn komisch en tragisch tegelijk, maar waar Tiny Furniture komisch-absurdistisch is, blijft Frances Ha realistisch. Frances stelt uiteindelijk haar doelen bij. Misschien brengt de toekomst ooit roem, maar voor nu is ze Frances Ha, een onbekende choreografe. Met een eigen woning. Hierdoor wordt het laatste gedeelte van deze film jammer genoeg enigszins saai.

De boodschap is duidelijk en belerend: stel je ambities bij. Misschien wordt het dan ooit nog eens wat. Een (betweterig) advies van menig babyboomer, die zelf echter diep gefrustreerd is, omdat hij zijn dromen niet achterna is gegaan. Kortom: Frances Ha is een grappige en confronterende film, maar met een te burgertruttige moraal.

15 juni 2013

 
ALLE RECENSIES
 

Disconnect

***

recensie  Disconnect

De donkere kant van internet

door Alfred Bos

In de genetwerkte samenleving leven mensen langs elkaar heen, tot ze elkaar online tegenkomen. En dan gebeuren er rare dingen. Disconnect is een sociaal drama dat toont hoe een muisklik tot diepe ellende kan leiden.

Het was niet zo bedoeld, maar Disconnect is griezelig actueel. Terwijl de kranten berichten dat Amerikaanse overheidsdiensten iedereen, waar ook ter wereld, bespioneren via internet, draait in de bioscoop een film die op pijnlijke wijze de risico’s van digitale communicatie zichtbaar en invoelbaar maakt. Disconnect is geen pompeus superheldenepos noch een paranoïde actiethriller, maar een sociaal drama over gewone mensen. De slachtoffers zijn er niet minder slachtoffer om. Integendeel, het brengt het digitale monster akelig dichtbij.

Sterker, dat monster staat in ons huis of zit in onze zak: de computer/smartphone/iPad met internetlink. Daar kun je zo ongeveer alles mee, maar als je niet goed nadenkt over wat je online de wereld instuurt of binnenhaalt, kan een achteloze muisklik je leven vernietigen. Disconnect toont de donkere kant van het digitale wonder: webcamsex met minderjarigen, pesten via Facebook en diefstal van bankgegevens en identiteit.

Disconnect

Verknoopte verhaallijnen
Disconnect, de eerste film van documentairemaker en reclamefilmer Henry-Alex Rubin, speelt in een niet nader bepaalde stad in Amerika en toont drie verhaallijnen die meer verknoopt blijken dan aanvankelijk lijkt. De verslaggeefster van een lokaal tv-station maakt een reportage over tieners die zichzelf online prostitueren. Twee puberende etterbakjes belagen via Facebook een kunstzinnige klasgenoot met een poster van Sufjan Stevens aan de muur. Een jong stel dat zojuist hun baby heeft verloren, komt erachter dat hun bankrekening is geplunderd.

Personages uit de ene verhaallijn duiken op in een andere. Zo blijkt in Disconnect dat het digitale web levens samenbrengt, maar niet op de manier die je zou willen. Het bestolen stel huurt een specialist in cybercrime in, die de vader van een van de etterbakjes blijkt te zijn. De vader van de via Facebook belaagde tiener is de jurist van de tv-maatschappij die de reportage over de webcamsexende tieners uitzendt. Veel liefde is er niet in de wereld van Disconnect. Facebook, webcam en chatroom moeten uitkomst bieden. Met dramatische gevolgen.

Disconnect

Moderne vervreemding
Niets is wat het lijkt in de online wereld. De rouwende moeder denkt in de chatroom een begrijpende ziel te hebben gevonden; is het een oplichter de haar bankgegevens steelt. De eenzame leerling meent dat hij op Facebook een vriendin heeft gevonden; blijkt zijn liefje de avatar van twee egoïstische nitwits. Weggelopen tieners schuilen in het huis van een oudere man met een groot hart, die in werkelijkheid een viezerik is die hen via internet uithoert.

Disconnect toont overtuigend de vervreemding van het moderne, door digitale media gedomineerde leven. De situaties zijn herkenbaar, de personages geloofwaardig. Maar deze ensemblefilm blijft ook een beetje flets. Aan het slot is alleen de jurist, de vader van de gepeste scholier, tot inzicht gekomen: hij moet meer tijd aan zijn kinderen besteden. Disconnect past in een trend, want in augustus gaat The Bling Ring, de nieuwe film van Sofia Coppola, in roulatie en ook daarin speelt digitale communicatie een cruciale en weinig positieve rol. Zo bezien is Disconnect een aansporing om de smartphone uit te zetten.

 

15 juni 2013

 

 

ALLE RECENSIES

 

Star Trek Into Darkness

***

recensie  Star Trek Into Darkness

Te veel franje

door Karina Meerman

Into Darkness is een leuke actiefilm met een uitstekende opening, maar met te veel franje voor een ‘echte’ Star Trek. Veel heldhaftigheid, genoeg achtervolgingsscènes en explosies, maar weinig psychologie van de koude grond en menselijke diepgang. 

In 2009 creëerde regisseur J.J. Abrams een reboot van sciencefictionlegende Star Trek, een serie die gedurende dertig jaar op tv was en een haast religieuze aanhang heeft. Dapper en eerlijk gezegd goed geslaagd. Chris Pine was een waardige Kirk en Karl Urban trof precies de juiste zure toon van de oude ‘Bones’. Voor de rol van Spock was er geen betere keus dan Zachary Quinto. Al met al was het misschien net iets te lollig, maar een waardige versie voor de 21ste eeuw.

PR-geweld
Star Trek: The Future Begins brak het hele Trekkie-universum open en schiep ruimte voor een respectvol loslaten van het verleden en het creëren van een nieuwe toekomst (lees: filmfranchise). Abrams’ tweede onderneming – Star Trek: Into Darkness – is met veel meer PR-geweld naar de bioscoop gebracht (zo vlogen op Earth Day boven Londen dertig drones die het StarTrek-embleem vormden). De titel en de trailer impliceren verwoesting en duisternis en de verwachtingen waren hooggespannen. Geruchten dat Benedict ‘Sherlock’ Cumberbatch een geliefde slechterik uit het verleden zou spelen, werden met veel bravoure ontkend, maar hielden fans bezig.

Niet zo duister
Maar Into Darkness is niet zo duister als de titel doet vermoeden. Cumberbatch speelt een voortreffelijke slechterik en zijn acties brengen wel iets teweeg in de arrogante Kirk, maar toch raakt het allemaal nauwelijks de oppervlakte. De kracht van de Star Trek-series lag nooit primair in het sciencefictiongedeelte: warpsnelheid, fotontorpedo’s, het holodek of de tricorder – het waren accessoires die het mogelijk maakten andere verhalen te vertellen dan die rond het dorpsplein spelen. Iedere Star Trek-fan heeft zijn favoriete personage en kan ook uitleggen waarom. Een film als deze heeft de ruimte niet om persoonlijkheden zo uit te diepen, en wat blijft er dan over?

recensie Star Trek Into Darkness 3D

Viva-niveau
De menselijke uitdagingen zijn uitgewerkt op een Viva-niveau. Wat was het nut van de aandacht voor de relatie tussen Uhura en Spock? Zij zou onderhand moeten weten hoe hij in elkaar zit en niet blijven janken over zijn gebrek aan emotionele expressie. Carol Marcus (bekend als Kirks echtgenote) komt even voorbij als dochter van een moeilijke vader, maar voornamelijk als opzetje voor een volgende film. Aan de andere kant zijn de gebeurtenissen tussen Kirk en vaderfiguur Captain Pike wel weer ontroerend, maar die relatie kennen we al goed uit Into the Future.

Tribble
Het kan niet makkelijk zijn voor Abrams om met zo’n kritisch publiek een tweede mirakel neer te zetten. Hij houdt de Star Trek-erfenis zeker in ere, met talloze verwijzingen naar het verleden (ja mensen, er zit een Tribble in deze film!). Eén cruciale scène is niet eens een verwijzing als wel een regelrechte kopie, aangepast aan de nieuwe tijdlijn. Voor sommige fans is dit een eerbetoon, voor anderen goedkoop scoren. En daar zit ook de crux. Abrams moet een vers publiek aanspreken en tegelijkertijd voldoen aan de oudere, uiterst loyale fan. Misschien dat die compromis van Star Trek: Into Darkness een goede film maakt en geen uitzonderlijke.

 

10 juni 2013

 
ALLE RECENSIES

Iceman, The

***

recensie  The Iceman

Huurmoordenaar met familiehart

door Joan Gebraad

De Pools-Amerikaanse huurmoordenaar Richard Kuklinski pleegde meer dan honderd moorden. Regisseur Ariel Vromen weet hem in een ijzingwekkend spannende film neer te zetten als mens, niet als monster. Een knappe prestatie.

‘Rozen zijn rood, viooltjes zijn blauw. Anabel, je bent mijn gouden licht!’, zegt Richard Kuklinski (Michael Shannon) liefdevol tegen zijn dochter. Het is haar zestiende verjaardag en de kamer zit vol visite. Op dat moment is Kuklinkski een doodgewone huisvader. Niet veel later gaat de bel en zit hij in een auto waar een maffioos een pistool tegen zijn hoofd drukt. Een typerende situatie voor het leven van deze huurmoordenaar met een hart voor zijn familie. Deze contradictie maakt The Iceman tot een fascinerende op waarheid gebaseerde thriller.

The Iceman

IJskoude familieman
Zijn familie, bestaande uit dochters Betsy (Megan Sherrill) en Anabel (McKaley Miller) en vrouw Deborah (Winona Ryder), is alles voor Kuklinski. Zij kennen hem niet anders dan een liefdevolle valutahandelaar, die zijn werk niet mee naar huis neemt. Ze hebben geen idee hoe soepel en kil de familieman zijn slachtoffers doodschiet, neersteekt of vergiftigt. Alles gaat voorspoedig totdat zijn opdrachtgever hem aan de kant schuift.

Kuklinksi gaat andere allianties aan, zoals met Mr. Freezy, een huurmoordenaar die verkleed als ijscoman zijn slachtoffers vergast en invriest. Samen maken ze heel wat slachtoffers, wier lichamen ze vervolgens onder het genot van een muziekje in stukken hakken. Het levert Kuklinski de bijnaam The Iceman op. Ondertussen zinnen zijn oude kameraden op wraak. Ze voelen zich verraden en proberen hem op zijn zwakste punt te pakken: zijn familie.

The Iceman

Keihard, maar liefdevol
The Iceman heeft een vlot tempo en een aangenaam snelle scènemontage. Liquidaties, onderhandelingen en achtervolgingen wisselen elkaar af, zonder overdadige explosies en special effects. De keiharde maffiawereld is overtuigend neergezet. Scènes met Kuklinski’s broer geven enige indicatie over hoe gruwelijk hun jeugd geweest moest zijn: hun vader sloeg hen. Vaak en veel. We volgen Kuklinski van de jaren vijftig tot de jaren tachtig. Dit levert mooie sfeerbeelden van vervlogen era’s op. Met tussendoor liefdevolle familiescènes.

Het allerbeste aan de The Iceman is Michael Shannon. Met zijn karakteristieke kop, koelbloedigheid en woede-uitbarstingen, maar ook enige charme maakt hij Kuklinksi tot een uiterst boeiend karakter. Shannon draagt de film. Zijn beste acteerwerk zit in de monoloog tegen het einde van de film, waarin Kuklinksi in de gevangenis zijn spijt betuigt. Spijt tegenover zijn familie. Dat hij hen gekwetst heeft. Hij houdt van hen. Om de dood van zijn slachtoffers maalt hij niet. Bijna lijkt hij te huilen. Bijna, want: ‘The Iceman huilt niet. Dat is niet macho.’  Vromen slaagt om een verondersteld monster neer te zetten als iemand met gevoelens. Kuklinski is geen sociopaat, maar een getergde ziel.

 

22 juni 2013

 

ALLE RECENSIES

Welcome to the Punch

*

recensie  Welcome to the Punch

Standje moeilijk gezicht, met hip kinpluis

door Alfred Bos

Stereotiepe actiethrillers kunnen ondanks alle clichés toch vermaken. De film ziet er gelikt uit; het verhaal bevat net dat ene slimmigheidje; de humor is droog of juist kolderiek; de hoofdrol is een rake typering; de actie blaast het stof van de muur. Hoe meer van dit alles, hoe vermakelijker. Welcome to the Punch ziet er alleen gelikt uit.

Het zal je als held maar gebeuren: heb je als ambitieus politiebroekje bijna de grote schurk in zijn kladden, schiet hij je half invalide. Dat levert een serieus trauma op, want de loopbaan staat op een zijspoor en de stralende toekomst is een druilerige herfstdag geworden. Geen schouderklopjes (of jaloerse blikken) van collega’s, geen smachtende bewonderaarsters, maar een wrokkig bestaan als nobody.

Recensie Welcome to the Punch

Zo staat Max Lewinsky, de protagonist van Eran Creevy’s tweede speelfilm, in het leven. In de fraai gestileerde proloog zien we hem achter een viertal in strakke pakken gestoken overvallers aan jagen door een uitgestorven Londen, dat exclusief is opgetrokken uit glas, staal en neon. Max gaat in zijn eentje de boeven pakken en scheurt in zijn bolide achter de motorduivels aan. Hij negeert de instructies van zijn meerdere en dat had hij beter niet kunnen doen.

Bordkarton
Klinkt goed? Het ziet er nog beter uit. Creevy heeft een verleden als regisseur van commercials en videoclips; hij weet hoe je een budget omzet tot eye candy. Een paar jaar terug wist hij uit een schamele 100K aan Britse ponden een thriller over de Londense drugsscene te kloppen (Shifty). Voor zijn tweede werkstuk, eveneens op basis van een zelfgeschreven script, had hij tachtig keer meer geld ter beschikking en dat zie je aan Welcome to the Punch af. Ridley Scott en het British Film Institute betaalden mee.

Wanneer het verhaal niet bijster boeit (iets met wapens, cynische politici en corrupte agenten) of vlak wordt verteld (geen context of motivatie), moet de spanning uit de personages komen:  de film heeft een cast van ervaren acteurs. Ook dat helpt niet, want ze hebben niets om mee te werken. Max (gespeeld door James McAvoy, met hip kinpluis) en zijn tegenstrever James Sternweed (Max Strong) worden door omstandigheden handlangers en gaan gezamenlijk een derde vijand te lijf. Je gelooft het geen seconde, want hun karakters zijn van bordkarton, standje moeilijk gezicht, met de psychologie van een diepgevroren kabeljauw.

Stripverhaal
Humorloos is de wereld van Welcome to the Punch ook. Agenten, chefs, boeven, spin doctors – ze blaffen tegen elkaar in cynisch bedoelde oneliners die geen schuim op het bier brengen. Zo uitgebleekt blauw als de beelden zijn, zo levenloos leeg zijn de personages. Dan is er natuurlijk schietgeweld, in arty slo-mo zelfs. Kogels slaan vuistgrote gaten in de muur, hele magazijnen worden weggemitrailleurd zonder een olifant te raken en in de finale shoot out – op het containerpark dat de film zijn titel geeft – is het Max en James tegen de overmacht. In plaats van stoer komt het een beetje onbeholpen over.

‘I learned not to get involved’, zegt hoofdpersoon Max tegen zijn partner Sarah (Andrea Riseborough), de enige in dit stripverhaal die niet stijf staat van de adrenaline en het stresshormoon cortisol. Juist zij legt in een kreupele scène het loodje. De kijker raakt maar niet betrokken bij deze komisch aandoende hutspot van filmclichés en artistieke pretenties. Wat zou Ridley Scott er in hebben gezien?

 

18 mei 2013

 
ALLE RECENSIES

Stand Up Guys

***

recensie  Stand Up Guys

Tarantino-met-rollator

door Alfred Bos

Drie bejaarde gangsters beleven voor een nacht en een dag de kameraadschap en opwinding van hun gloriejaren. Maar er zit een adder onder het gras.

Het is belegen nieuws: Hollywood heeft de senioren ontdekt. De oudere consument, niet opgegroeid met internet of slimme telefoon en in staat zich langer dan vijftien seconden te concentreren, geeft – in Amerika althans – meer geld uit aan bioscoopbezoek dan de 24 op 7 aan het web gelinkte digifielen. Met als resultaat: filmsterren van toen doen hun kunstje vrolijk verder; rimpels geen bezwaar.

Stand Up Guys

En waarom ook niet? Karakter (doorgaans geen selling point in Hollywood) is onbetaalbaar en hoe knoestiger de kop, des te ‘authentieker’ het karakter. Voeg daar een vleugje zelfspot aan toe – de krasse knarren weten wie ze zijn, ook een teken van rijpheid – en de houdbaarheidsdatum heeft een face-lift gekregen. Stand Up Guys, met hoofdrollen voor Al Pacino, Christopher Walken en de iets minder bekende Alan Arkin, is zo’n film.

Dialogen om te smullen
Stand Up Guys is een buddy film over drie voormalige gangsters op leeftijd. Het is ook een kruising van komedie en misdaadfilm. En hij draait om de personages, minder om de plot. De actie is beperkt en de dialogen zijn om te smullen. Kortom, Stand Up Guys is zo’n film zonder pretentie waarin vakmensen ontspannen hun kunstje doen; een soort Tarantino-met-rollator, zeg maar, die de mondhoeken doet krullen.

Val (Al Pacino) heeft 28 jaar gevangen gezeten voor een misdaad die zijn maten hebben begaan. Zijn beste vriend en kompaan van toen, Doc (Christopher Walken), wacht hem op bij de gevangenispoort; Doc wordt door lokale opperschurk Claphands gedwongen Val binnen 24 uur te vermoorden. Doc rekt de tijd door Val te trakteren op drank en vrouwen. Ze betrekken een oude maat, Hirsch, in het feestgedruis. Val heeft geen notie wat hem te wachten staat.

Stand Up Guys

Chemie tussen giganten
Zo’n film lukt alleen als er acteurs met een hoofdletter A aan meewerken en was er ooit een betere filmschurk dan Christopher Walken (kleine greep: King Of New York, Batman Returns, The Funeral en onlangs nog Seven Psychopaths)? Al Pacino beleefde zijn doorbraak als titelheld van The Godfather en zijn Tony Montana (Scarface) is legendarisch. Als Val doet Pacino wat hij al jaren doet, uitzinnig schmieren, maar ditmaal past het voortreffelijk bij zijn personage. Het is de chemie tussen deze twee giganten die Stand Up Guys zijn charme geeft.

En zo kan het gebeuren dat een niet bijster origineel script, een onbekende regisseur (de acteur Fisher Stevens, die hier voor zijn tweede feature tekent) en een bescheiden budget een film opleveren die onderhoudender is dan menig met special effects en computeranimaties dicht gepleisterde spektakel blockbuster. Vakmanschap kent geen leeftijd.

 

9 mei 2013

 
ALLE RECENSIES

Identity Thief

*

recensie  Identity Thief

Clichéklucht

door Cor Oliemeulen

Als iemand je credit card gegevens steelt en de politie niets doet, spoor je zelf de dader op. In de weinig originele actiekomedie Identity Thief worstelen de personages meer met de identiteit van het verhaal dan met hun persoonlijkheden.

In onze voortschrijdende informatiemaatschappij lijkt het stelen van iemands identiteit soms een peulenschilletje. Populair bij fraudeurs zijn skimming (kopiëren van kaartgegevens bij gebruik in een winkel of geldautomaat), pharming (hacken van computersystemen) en phishing (persoonlijke informatie opvragen en omleiden naar officieel uitziende websites). Iemand met minder technische aanleg kan zich voordoen als vriendelijke bankemployé en een goedgelovige persoon vriendelijk verzoeken persoonlijke gegevens beschikbaar te stellen.

Identity Thief

Naam zuiveren
Sandy Patterson (Jason Bateman, Horrible Bosses) trapt erin. Iemand geeft zich voor hem uit, koopt zich scheel aan prullaria, bezoekt op zijn kosten kledingzaken en beautysalons, en trakteert zonder enige gêne de hele kroeg op een avondje gratis alcohol. Al snel kan Patterson zijn rekeningen niet meer betalen en wordt zijn credit card geblokkeerd. De politie constateert weliswaar fraude, maar zegt geen actie te kunnen ondernemen. Pattersons nieuwe baas geeft hem een week om zijn naam te zuiveren. Dus verlaat de echte Sandy Patterson tijdelijk vrouw en kinderen om de onechte Sandy Patterson negentien staten verder op te sporen. Als zij bekent, mag hij zijn baan houden.

Identity Thief

De nep-Sandy (Melissa McCarthy, Bridesmaids) noemt zich Diana en mag dan wel slechts ‘de hoogte van een Hobbit’ hebben, ze blijkt gewiekst, agressief en legt haar volle overgewicht in de schaal. Ze is zich van geen kwaad bewust en doet alsof zij slachtoffer is en hij dader. Pas als blijkt dat twee incompetente drugsdealers en een domme premiejager jacht maken op Diana kan Sandy haar overtuigen mee te gaan, met de belofte dat hij geen aangifte zal doen. Er volgt een road movie met twee tegenovergestelde persoonlijkheden die tot elkaar zijn veroordeeld én van elkaar zullen leren. Pijnlijke dialogen, gelardeerd met misverstanden, vuurgevechten, autoachtervolgingen en onwaarschijnlijke ontsnappingen, monden uit in een sentimentele finale.

Platitudes
Identiteitsdiefstal leent zich beter voor een thriller (The Bourne Identity, 2002). Een comedy vervalt al snel in een clichéklucht met alle platgetreden paden en platitudes van dien. Identity Thief is geen uitzondering, ondanks het gegeven dat Melissa McCarthy de film draagt en heerlijk recht voor haar raap is. Helaas bedient het script haar meer van minder leuke dan van leuke grappen en gloort nergens een sprankje originaliteit. Gelukkig maar dat het Diana lukt het om haar eigen identiteit te ontdekken en Sandy om een fractie van zijn burgerlijke onbenulligheid af te schudden.

 

16 april 2013

 
ALLE RECENSIES

Spring Breakers

**
recensie  Spring Breakers

Power girls met YOLO mentaliteit

door Eva Baaren

Seks, drugs, rock ’n roll, gewelddadige meisjes in neonkleurige bikini’s en een klein vleugje onschuld. Spring Breakers is een vermakelijke achtbaan die je automatisch meeneemt, maar weinig schokkends biedt.

Als de voorjaarsvakantie aanbreekt in een klein stadje in het midden van de V.S., besluiten vier verveelde studentes (Vanessa Hudgens, Selene Gomez, Ashley Benson en Rachel Korine) om op vakantie te gaan. Met behulp van een grote mond en een paar waterpistolen overvallen ze de plaatselijke hamburgertent en vervolgen ze hun weg naar de stranden van zonovergoten Florida voor hun welverdiende portie zon, zee, strand en ruige feestjes. Al snel komen ze in aanraking met de jonge drugsbaas Alien (James Franco) en slaat hun spring break om in een gevaarlijk spelletje dat ze niet langer in de hand lijken te hebben.

Popcultuur en girl power
Op het eerste gezicht lijkt Spring Breakers een oppervlakkige film met weinig uitgediepte karakters en veel seks, drugs en geweld. De film is echter meer dan dat. Regisseur Harmony Korine (Gummo, Julien Donkey-Boy, Trash Humpers en scenario Kids)  verwijst in zijn laatste werk regelmatig naar de hedendaagse jongerencultuur en de problematische situaties waaraan ouders hun kinderen liever niet blootstellen.

Recensie Spring Breakers

Zo zien we MTV-achtige dancefeesten op het strand, blanke rappers met zilveren voortanden en een hoop neonkleurige colorblocking. Deze elementen zijn niet alleen herkenbaar, maar ook verontrustend. Onder onheilspellende trancemuziek en met vertraagde beelden van vlezige blote lijven volgen de drank- en drugsfeesten elkaar in hoog tempo op en maakt de onbegrensdheid van de vier meisjes het vakantieoord tot een hedonistisch paradijs waar werkelijk alles kan, maar ook alles mis kan gaan.

Met het verhaal over uitgelaten studentes die niet goed lijken te weten hoever ze kunnen gaan voordat het niet meer leuk is, slaagt Korine erin om een spannende tegenstelling tussen naïeve kwetsbaarheid en keiharde girl power te creëren. Zo wordt er vlak voor de uitvoering van een gewelddadig plan nog even snel naar een aantal moeders gebeld om te zeggen dat alles goed gaat. Ook het geknuffel en gegiechel van de meisjes hand in hand met meedogenloze uitspraken en acties, waarin ze geen enkele twijfel tonen. De afwisseling tussen kwetsbaarheid, verstandigheid en gewelddadigheid zet de kijker meer dan eens op het verkeerde been en houdt deze tot op het einde bezig met het bijstellen van zijn of haar verwachtingen.

YOLO
Dat de film succesvol speelt met verwachtingen rondom de keuzes van de hoofdpersonen betekent niet dat Spring Breakers echt vernieuwend is. Met de bekende werken van o.a. regisseur Quentin Tarantino (Pulp Fiction, Django Unchained)  zijn we heel wat gewend op het gebied van interculturele verwijzingen, gewelddadige scènes en onvoorspelbare over the top karakters. De film is dan ook vooral een lange achtbaan met felle kleuren en onverwachte wendingen, waar je aan het eind van de rit tijdelijk gedesoriënteerd maar ongeschonden vandaan komt.

Wat nadien nog het meest blijft hangen is de timing van de bioscooprelease. In Spring Breakers draait alles om het doorbreken van verveling, en met het rapport over de rellen in Haren nog vers in het geheugen is deze rolprent vooral symptomatisch voor deze tijdsgeest. Net als het rapport van Job Cohen kan ook deze film geschaard worden onder het motto ‘YOLO’ (you only live once). Op de vraag of dit eigenlijk een goed motto is, geeft het spektakel van Korine spijtig genoeg geen enkel antwoord.

 

11 april 2013

 
ALLE RECENSIES

Oblivion

***

recensie  OBLIVION

Futuristisch spektakel zonder hart

door Karina Meerman

Oblivion lijkt op het eerste gezicht een uitstekende sciencefictionfilm. Het is voor de liefhebbers echter ook een goede ‘drinking game’. Zet de fles(sen) op tafel, nodig wat vrienden uit en neem een glaasje iedere keer als een element uit een andere sci-fi voorbij komt. Dronkenschap verzekerd.

Regisseur Joseph Kosinski toont de toekomst. Er zijn ruimteschepen, drones, meubilair met futuristisch ontwerp, hi-tech communicatiemiddelen en een verwoeste aarde na een buitenaardse invasie. Morgan Freeman is een leider. Maar toch zijn al deze elementen tezamen geen garantie voor een goede sci-fi. Hoogstens voor een onderhoudende actiefilm met futuristische elementen, die uit andere SF-films zijn gejat.

Wat als?
Een goede sf-film stelt de vraag ‘wat als?’ en werkt dat concept gedegen uit. Bijvoorbeeld. Wat als een spel een speler aanvalt (Tron)? Wat als apen de rol overnemen van mensen (Planet of the Apes)? Wat als de wereld aangevallen wordt door een superieure buitenaardse macht (War of the Worlds)? Wat als we misdaad kunnen voorspellen (Minority Report)? Wat als we herinneringen kunnen implanteren (Total Recal)? Wat als voedseltekort tot onmenselijke maatregelen leidt (Soylent Green)?

Recensie Oblivion

Natuurlijk zijn ook in goede SF personages belangrijk, maar zij dragen bij aan het overkoepelend concept en zijn niet het onderwerp van de ‘wat als’-vraag. Dus niet: wat als Tom Cruise de waarheid ontdekt over zijn werk (Oblivion)? Wat als Tom Cruise zijn kind moet redden (War of the Worlds)? Wat als Tom Cruise vervolgd wordt voor een misdaad die hij nog niet heeft gepleegd (Minority Report)?

Wanneer de aandacht van het grote idee weglekt naar sentimenten die in ieder ander genre hadden gepast, doet dat afbreuk aan de sciencefiction. Korben kreeg zijn Leeloo (Fifth Element), maar het zat niet in de weg van de film. Han Solo en Princess Leia: idem dito. Uhura en Spock. Wall-E en Eve.

Indrukwekkende ervaring
Dat Oblivion in beeld en geluid een indrukwekkende ervaring is, lijdt geen twijfel. De soundtrack dendert door de bioscoop, de landschappen zijn van het verbluffende soort CGI. (Kosinski heeft lang kunnen nadenken over het visuele aspect: de film is gebaseerd op een ongepubliceerde grafische roman van zijn hand). Maar toch is het ook weer een Tom Cruise-film.

En ook wanneer alle vragen in Oblivion zijn opgelost – en de antwoorden tot in detail worden uitgelegd – blijven er nog vele over. Zoals waarom de vrouwen in het verhaal eendimensionale schapen zijn die zonder Tom Cruise geen leven hebben. Het antwoord zou kunnen zijn omdat het script door drie mannen is gemaakt. En dat terwijl de mooiste SF door vrouwen geschreven is: Mary Gentle, Ursula Leguin, Margaret Atwood, Lois McMaster Bujold, C.S. Friedman. Ach ja.

 

10 april 2013

 
ALLE RECENSIES