Conjuring, The

****

recensie  The Conjuring

Duiveluitdrijving 2.0

door Cor Oliemeulen

Na de première van The Exorcist tweede kerstdag 1973 in New York brak massahysterie uit en besprenkelden bioscoopbezoekers zich spontaan met wijwater. Veertig jaar later mag je al lang trots zijn als je een onrustige nacht hebt na het kijken van The Conjuring. 

Filmbeleving is door de jaren heen sterk veranderd. Tijdens de horrorfilm van William Friedkin, die anno 2013 nog steeds angstaanjagend is en realistisch oogt, vielen destijds sommige bezoekers flauw, anderen moesten onbedaarlijk huilen of verlieten geschokt en gedeprimeerd het filmtheater. De huidige bioscoopbezoeker kan bogen op een dubieuze schat aan ervaring als het gaat om het gadeslaan van horror. Als het journaal op televisie en obscure sites op internet geen uitkomst bieden, kun je altijd nog naar de film.

The Conjuring

In de jaren zeventig verdrongen seks, karate en rampen het reguliere filmaanbod. Wat niet in de bioscoop mocht en slechts in vage videotheken onder de toonbank ging, kon je met een beetje mazzel ook zien tijdens uitzendingen van piraten die zich in de ether wisten te dringen zodra Nederland 1 en 2 overschakelden op testbeeld. De liefhebber kon zich laten verwonderen en choqueren door geesteszieken die onzedelijke handelingen met schapen verrichten of fascistoïde medeburgers die mensen in een ondergronds gat uithongeren en er niet voor terugdeinzen om met veel bloedgespetter lichaamsdelen te amputeren.

Klassieke horrorthriller
Tegenwoordig heeft de gemiddelde veertienjarige al zoveel gezien – leeftijdsrating of niet – dat je als filmmaker van goede huize moet komen. Recente remakes van The Texas Chainsaw Massacre zijn flauwtjes ontvangen; als je één Paranormal Activity hebt gezien, heb je ze allemaal gezien. Saw (2004) probeerde nog op intelligente wijze te confronteren met een sadistische seriemoordenaar. Maar regisseur James Wan kreeg kennelijk genoeg van collega’s die in vervolgfilms schaamteloos nieuwe dimensies aan de door hem geïntroduceerde martelporno toevoegden. Met Insidious (2010) greep Wan terug op de formule van de klassieke horrorthriller die het absoluut niet hoeft te hebben van bloed en geweld. Met The Conjuring (2013) weet hij de combinatie van horror en suspense bijna te perfectioneren.

Recensie The Conjuring

In feite lijkt het afgezaagd dat een aanvankelijk opgewekt gezin een groot, oud huis betrekt en al snel te maken krijgt met mysterieuze verschijnselen. Iemand ontdekt een verborgen kelder vol oud spul met spinnenwebben. Een ander ziet een geest in de spiegel en de hond durft niet naar binnen en wordt spoedig dood aangetroffen. De vader bagatelliseert natuurlijk de onrust terwijl zijn vijf dochters enge geluiden blijven horen, rottend vlees ruiken, tijdens hun slaap aan de benen worden getrokken en de moeder elke ochtend met steeds meer blauwe plekken ontwaakt. Dat alle klokken in het onderkomen steeds op het zelfde tijdstip stil blijven staan, voorspelt dat er in het verleden enge zaken zijn geschied. Inderdaad, clichés zijn soms noodzakelijk.

Echt gebeurd?
Toch is The Conjuring bijzonder meeslepend, vooral door de consistente opbouw, het geloofwaardige acteren, de onverwachte camerahoeken, het geluid en de schrikeffecten. Het verhaal is gebaseerd op de belevenissen van Lorraine en Ed Warren (gespeeld door Vera Farmiga en Patrick Wilson). Het echtpaar stichtte in 1952 de New England Society for Psychic Research en claimde meer dan tienduizend gevallen van paranormale activiteiten te hebben onderzocht. In 1971 worden de Warrens door het gezin Perron gesmeekt hulp te bieden bij het verjagen van duistere krachten uit hun nieuwe huis, plus een hardnekkig gevalletje van exorcisme. Bloedstollend voor de één, popcornvermaak voor de ander.

 

30 augustus 2013

 
ALLE RECENSIES
 

We’re the Millers

*

recensie  We’re the Millers

Test je gevoel voor humor

door Cor Oliemeulen

Een paar aardige grappen zinken in een moeras van inspiratieloze banaliteiten. Het is dat de cast er nog iets leuks van probeert te maken en dat veertiger Jennifer Aniston een wellustig dansje doet.  

De enige taak van een recensent is om een cultureel kader te scheppen, zodat de lezer een betere afweging kan maken of een film de moeite waard is. De onderbouwde mening van de recensent is misschien net dat laatste duwtje in de rug om een film te gaan kijken. Soms worden er sterretjes uitgedeeld voor een snelle indicatie, omdat niet iedereen tijd of zin heeft om de recensie te lezen. Context, nuances en achtergronden van de film kunnen echter nooit in sterretjes worden uitgedrukt. Bovendien, smaken verschillen. Zeker bij komedies, of films die als zodanig worden geafficheerd. In sommige gevallen kan de recensent het de lezer een stuk eenvoudiger maken.

Recensie We're the Millers

De test
Hieronder staan tien willekeurige gebeurtenissen uit We’re the Millers. Test zelf of je de film leuk genoeg vindt om te gaan kijken door JA of NEE in te vullen. Helemaal onderaan lees je de uitslag.

1) Alle Mexicanen zijn tuig van de richel die handelen in drugs en rondzwaaien met machinegeweren.

2) Een jonge danseres in een stripclub toont vol trots een tatoeage op haar buik. Er staat: ‘Boner Garage’.

3) De camper is helemaal volgestouwd met pakketten drugs en de bestuurder verzucht: ‘You’ve got me moving enough weed to kill Willie fucking Nelson!’

4) Een vrouw noemt haar vibrator Joe Morgan (vernoemd naar een legendarische honkbalspeler die aardig overweg kon met het slaghout).

5) Het meisje vertelt de stewardess dat ze al een paar keer niet ongesteld is geweest, wat ze niet snapt, omdat ze de laatste maanden alleen maar anale seks heeft gehad.

6) De tienerjongen leert van een meisje hoe hij moet kussen en als dat niet goed gaat, neemt haar moeder het over.

7) Dezelfde jongen krijgt te maken met een grote spin die in zijn broek kruipt en in een testikel bijt, zodat hij met spoed naar het ziekenhuis moet.

8) In een teken-en-raadspel probeert de tekenaar een skateboard te fabriceren maar roept de vrouw die moet raden de alternatieve filmtitel Black Cock Down.

9) Een corrupte Mexicaanse agent wil eigenlijk wel in nature worden betaald, dus wordt er een beroep gedaan op de echtgenote van de man die is aangehouden. Als de agent vervolgens aangeeft dat hij homo is, moet de zoon worden overgehaald voor een blow job.

10) Iedereen moet heel hard lachen omdat iemand nog maagd is.

De antwoorden
Hoe vaak heb je JA ingevuld?

0 – 3 keer: Waarschijnlijk heb je veel gevoel voor humor, maar kijk je liever naar films waarbij je ook soms moet nadenken.

4 – 6 keer: Mogelijk ga je onder invloed van alcohol en/of drugs naar de bioscoop.

7 – 9 keer: Schroom niet om ook films te bezoeken als My idiot Brother, Identity Thief, Jack and Jill, A Good Old Fashioned Orgy, Hall Pass, Grown Ups en The Heat.

10 keer: Gefeliciteerd! Je bent één van de vier scriptschrijvers van We’re the Millers en mag solliciteren voor de nieuwe film van Adam Sandler of Paul Rudd.

 

26 augustus 2013

 
ALLE RECENSIES

Pistola en Cada Mano, Una

***

recensie  Una Pistola en Cada Mano

De kwetsbare man

door Cor Oliemeulen

Acht topacteurs in een mozaïek van herkenbare verhalen met absurde wendingen. Eén dagje Barcelona toont op amusante én pijnlijke wijze de worstelingen van de tobbende veertiger.  

Regisseur Cesc Gay wil in zes korte verhalen een meedogenloos portret van de gewone hedendaagse man in buitengewone situaties opdienen. Het lijdend voorwerp is de veertiger die bekend is met het onderwerp identiteitscrisis en alles wat hiermee te maken kan hebben. Depressies en stemmingswisselingen, overspel en scheiding, hoop en vertwijfeling. Maar zo meedogenloos is het portret ook weer niet, eerder grappig en ontroerend. En ook de situaties zijn niet écht buitengewoon, maar wel lekker aangezet. Iedereen kent wel iemand die zijn vrouw bespioneert, een affaire met een collega begint of zijn echtgenote inruilt voor een huisdier en weer bij zijn moeder gaat wonen.

Alles is relatief
Dit laatste is het geval bij een man die ´s morgens vroeg een verdrietige oude bekende tegen het lijf loopt. Ze raken aan de praat en de oude bekende vertelt over zijn bezoeken aan de psychiater (Een Duitser, ‘want die zijn goed in elektroshocks’). Aan de opsomming van zijn fobieën lijkt nauwelijks een eind te komen. Maar hoe is het eigenlijk met jou? Langzaam blijkt dat het met de eerste man nog veel slechter is gesteld dan met de oude bekende. Als exponent van zijn recente armoedige status toont hij een gat in zijn schoen en neemt na enige aarzeling driehonderd euro van de oude bekende aan. De toon van de film is gezet: alles is relatief.

Recensie Una Pistola en Cada Mano

Dit geldt ook voor de saai ogende, kalende man met baard die zijn zoontje bij zijn ex terugbrengt. Uit het gesprek met zijn energieke, rondborstige vrouw blijkt dat ze al jaren uit elkaar zijn omdat hij meer dan eens een scheve schaats had gereden. Schoorvoetend laat hij doorschemeren dat hij nog steeds gevoelens voor haar heeft en niet lang erna bekent hij dat hij weer met haar naar bed wil. Uiteindelijk wordt hij bijzonder onaangenaam verrast en druipt af als een geslagen hond. Ook de man die al vijf jaar heimelijk opgewonden raakt van een vrouwelijke collega krijgt op het laatst het deksel faliekant op de neus.

Frustraties en relaties
Alle verhalen zijn opgebouwd uit mooie dialogen en gaan over frustraties en relaties waarin de beleving van seks en het gemis van seks een rode draad vormen. In de meeste gevallen met veel gevoel voor drama en timing neergezet door gelauwerde acteurs, zoals Ricardo Darín (El secreto de sus ojos, 2009), Luis Tosar (Mientras duermes, 2011), Javier Cámara (Hable con ella, 2002) en Eduardo Noriega (Abre los ojos, 1997). In Una Pistola en Cada Mano zijn de mannen kwetsbaar, terwijl de vrouwen kracht, levenslust en klassieke schoonheid uitstralen. Hoe vervelend of onthutsend elke confrontatie ook eindigt, het vrolijke deuntje tussen de episodes verraadt de vette knipoog.

De verhalenstructuur doet denken aan melancholische en satirische komedies uit de bloeiperiode van de Italiaanse cinema met grootheden als Vittorio Gassman, Ugo Tognazzi en Marcello Mastroianni. De titel – Eén Pistool in Elke Hand – is bedoeld als metafoor voor mannelijkheid. Zo wordt in een verhaal de eeuwige cowboy John Wayne als held opgevoerd. Bovendien heeft volgens regisseur Cesc Gay een pistool voor vrouwen in Spanje een erotische lading. Dus over een filmtitel hoefde hij niet lang na te denken.

 

21 augustus 2013

 

Lees ook: Boek over Spaanse cinema

 

ALLE RECENSIES

Pain and Gain

**

recensie  Pain and Gain

Meer spieren dan hersencellen

door Cor Oliemeulen

Van regisseur Michael Bay hoef je geen psychologisch portret van een groepje antihelden te verwachten, zijn enige doel is het bevredigen van de gemiddelde tienerjongen.  

Het jongste geweld van de maker van The Rock (1996) en Transformers (2007, 2009 en 2011) kan met een beetje goede wil worden aangeduid als zwarte actiekomedie. Drie bodybuilders zijn jaloers op rijke klanten van hun Fitness Gym en beramen een plan om één van hen te beroven. Het verhaal is gebaseerd op een werkelijke misdaad in het midden van de jaren negentig in zonovergoten Florida. Bay zou Bay niet zijn als hij niet zijn register van bombast, uiterlijk vertoon en snelle montages met korte flashbacks zou opentrekken. Pain and Gain verzandt al snel in een rommelige klucht met het doelloos verheerlijken van moorden.

Overschatting
De schrijvers van de familiefilms over Narnia hebben ditmaal hun fantasie helemaal de vrije loop gelaten. Ze hebben kennelijk genreklassiekers als Pulp Fiction en Fargo voor ogen gehad. In dat geval hebben ze hun eigen ambities en schrijfcapaciteiten schromelijk overschat en zijn ze vergeten dat Tarantino en Coen meesters zijn in de dialoog en totaal andere regiekwaliteiten bezitten dan Bay. Bovendien valt of staat een film met de kunst van het acteren. Je kunt grof geweld op een zwart-komische wijze relativeren, maar dat vereist wel een subtiele combinatie van de juiste mensen en het juiste materiaal.

Recensie Pain and Gain

In Pulp Fiction doorzeven twee hippe gangsters een niet-betalende drugsgebruiker die zojuist zonder succes zijn magazijn op hen heeft leeggeschoten. In Pain and Gain proberen de gelegenheidscriminelen twee lijken met een kettingzaag in te korten, echter het ding werkt niet omdat er ‘Made in China’ opstaat. Nog een voorbeeld. In Fargo stopt een boef zijn slachtoffer in een houtversnipperaar, wat helemaal past in het vele geklooi en het ziet er bovendien ‘esthetisch’ uit in het winterlandschap; in Pain and Gain volgt na het lijkenzagen een discussie over de noodzaak van het verwijderen van borstimplantaten, want het voluptueuze slachtoffer kan later mogelijk aan de hand van de serienummers worden geïdentificeerd. Conclusie: absurde situaties kunnen altijd en overal, maar de tentoongespreide geloofwaardigheid is doorslaggevend.

Amerikaanse Droom
De boeven in Pain and Gain zijn anders dom dan het duo in Fargo. Het trio wordt aangevoerd door Daniel Lugo (Mark Wahlberg) die zijn mooie baan als senior fitness coördinator niet lucratief genoeg vindt. Hij vindt twee collega-bodybuilders die net als hij de Amerikaanse Droom nastreven: net zo rijk worden als anderen. De eerste is Adrian Doorbal (Anthony Mackie), die door overmatig gebruik van steroïden impotent is geworden en zijn strippervriendinnetje wijsmaakt dat hij bij de CIA zit. De andere is Paul Doyle (Dwayne Johnson), die Jezus ziet als zijn persoonlijke redder, nadat hij als cocaïneverslaafde in de gevangenis heeft gezeten.

Ze kidnappen de zakenman Victor Kershaw (Tony Shaloub) die als half-Columbiaan, half Jood zijn best doet het opgewonden standje van Joe Pesci na te doen. Natuurlijk gaat de ontvoering niet zonder slag of stoot. Het trio koopt wat onwennig wapens. Vervolgens proberen ze het slachtoffer met een busje klem te rijden maar ze rijden eerst zichzelf klem, het apparaat om elektroshocks toe te dienen functioneert niet naar behoren en de intens vloekende zakenman wil uiteindelijk maar niet doodgaan en weet zelfs te ontsnappen. Het is aan een detective (Ed Harris) om alle losse eindjes met alle ongein aan elkaar te knopen. Behalve dan de geamputeerde grote teen van bodybuilder Paul.

 

9 augustus 2013

 
ALLE RECENSIES

Jour de fête

****
recensie Jour de fête

The Postman Always Rings

door Cor Oliemeulen

Melancholische schets van het rustige leven in een pittoresk Frans dorp waar een innemende postbode elke omstandigheid aangrijpt om de efficiency van de Amerikaanse posterijen te evenaren. 

Het vroegere werk van Jacques Tati slaat een brug tussen stomme en gesproken films. Zijn regiedebuut Jour de fête (1949) vormt de opmaat voor zijn latere alter ego Monsieur Hulot. Als filmmaker en komiek wenste Tati volledige artistieke controle: hij regisseerde, produceerde, schreef en speelde de hoofdrol. Jour de fête is een subtiele satire op de vooruitgang die Tati tot in het extreme doortrekt in Playtime (1967) waarin hij meesterlijk de draak steekt met moderne architectuur en gadgets.

Tijd staat stil
In Jour de fête lijkt de tijd stil te staan. De kinderen in Sainte-Sévère-sur-Indre huppelen en dragen hoedjes, oude vrouwtjes met geiten lopen er nog écht krom, mannen laten zich scheren bij de barbier, vrouwen gebruiken kruiwagens om spullen te vervoeren en de jeugd loopt enthousiast achter de fanfare aan. De postbode François symboliseert de rustige manier van leven en werken in de naoorlogse tijd die langzaam moderniseert. Dat begint op het moment dat een kermis het dorp bezoekt en de plaatselijke middenstand zich voorbereidt op de grote feestdag. François is natuurlijk niet te beroerd om tijdens het bezorgen van de post iedereen, op zijn typische wijze, een handje te helpen.

Recensie Jour de fête

In zijn gebaren en manier van handelen doet de protagonist soms denken aan de slapstick van Charlie Chaplin, terwijl de korte, creatieve stunts lijken geïnspireerd op Buster Keaton. Zijn fijngevoelige gestuntel en kleine ongelukjes charmeren, François’ naïviteit ontroert. De lange, houterige postbode is zo goed van vertrouwen dat sommigen er behagen in scheppen practical jokes met hem uit te halen of zelfs dronken te voeren. Tati houdt de kijker voortdurend op afstand, de kijker observeert de gebeurtenissen. Geen enkele close-up, ook niet van de Hitler-snor die destijds nog in de mode was.

Kleine, rake absurditeiten
De humor van Tati is er geen van schaterlachen. Het zijn vooral de kleine, rake absurditeiten van het dagelijkse leven die zijn scherpe oog voor detail karakteriseren. De zoemende mug die steeds terugkomt om mensen lastig te vallen, het gehannes met het plaatsen van een grote vlaggenmast of bezoekers van het café die steeds tot groeiend ongenoegen van de eigenaar gaan zitten op pas geschilderde stoelen. De dialogen lijken van ondergeschikt belang: teksten zijn bewust onverstaanbaar gemaakt door achtergrondgeluiden, maar de belangrijkste woorden hoor je. Samen met de vrolijke deuntjes ondersteunt de zangerigheid van het dialectische gemurmel heel functioneel de visuele klasse van Jour de fête.

 

27 juli 2013

 
ALLE RECENSIES

To the Wonder

**

recensie  To the Wonder

Preken met pretenties

door Cor Oliemeulen

Met To the Wonder levert Terrence Malick pas zijn zesde speelfilm af. De vormgeving is opnieuw om soms je vingers bij af te likken, maar de eigengereide Texaan had beter zijn traditionele jarenlange pauze kunnen inlassen. 

Zijn geweldige debuut Badlands (1974)  lanceerde niet alleen de carrières van Martin Sheen en Sissy Spacek, regisseur Terrence Malick introduceerde de verrassende mix van moordend koppel en overweldigende landschappen. In het romantische drama Days of Heaven (1978)  hoopt Richard Gere dat zijn diepste gevoelens niet vervagen in de immense geelbruine vlaktes van het Texaanse boerenland. De nietigheid van de hardop filosoferende mens komt pas twintig jaar later weer volop aan bod in het oorlogsdrama The Thin Red Line (1998). En na het esthetische, maar zwammerige Pocahontas-avontuur The New World (2005)  leek Malick behoedzaam toe te werken naar zijn magnum opus. Althans dat dachten we, en sommigen hoopten het…

Vrienden en vijanden
The Tree of Life (2011)  verraste vriend en vijand. Vrienden zijn lyrisch over de prachtige cinematografie met lange, statige totaalshots en close-ups van alles wat groeit en bloeit, gelardeerd met krachtige muziekstukken. Vijanden hebben weliswaar oog voor de schilderachtige kaders, maar verafschuwen de spectaculaire regiestijl die neigt naar kitsch, terwijl poëtisch bedoelde voice overs worden afgedaan als existentialistisch filosofisch geneuzel. Langdradige pretentieuze mooifilmerij of niet, To the Wonder (2012)  is voorspelbaar vanwege het schaamteloos voortborduren op de formule van The Tree of Life. Minder orgastisch, meer poging tot art house, maar vooral een probaat middel om de slaap op te wekken.

Recensie To the Wonder

Dat is niet alleen de schuld van Ben Affleck. Die lijkt zich voortdurend af te vragen in wat voor filmproject hij in godsnaam verzeild is geraakt. Maar goed dat Malick hem meestal maar half, van de achterkant en zonder hoofd in beeld brengt, zodat je als kijker niet wordt geconfronteerd met zijn ongeïnspireerde stoppelbaardgezicht. Affleck speelt de Amerikaan Neil die in Frankrijk verliefd wordt op Marina (Olga Kurlyenko). Hij hoeft bijna geen woord te zeggen, zodat de regisseur geen beroep hoeft te doen op zijn toch al gebrekkige arsenaal van verbale gevoelens en diepgang. To the Wonder beperkt zich tot het uiten van fysieke emoties. Marina voert graag giechelend dansjes en pirouettes uit, Neil mag haar zo nu en dan sensueel beroeren.

Liefde is geloof
Nadat hij Marina met haar dochtertje heeft meegenomen naar Oklahoma blijkt Neil ook met moeite zijn ogen en handen af te kunnen houden van zijn oude vlam, de boerendochter Jane (Rachel McAdams). En als donderslag bij heldere hemel worden we ook nog opgescheept met de lokale zielzorger Father Quintana, een opmerkelijke rol van Javier Bardem. Deze heeft kennelijk de opdracht om met behulp van zijn vet Spaans geaccentueerde declamaties de worsteling met geloof en liefde te verwoorden. ‘Liefde ís geloof’, predikt hij namens Terrence Malick, die de kijker altijd graag met diens eigen gedachten en gevoelens wil confronteren. Dat de priester ondertussen van zijn eigen geloof dreigt af te vallen, is voor degenen die dan nog wakker zijn volstrekt oninteressant.

 

8 juli 2013

 
ALLE RECENSIES

Koning van de Mont Ventoux, De

***

recensie  De Koning van de Mont Ventoux

De Kannibaal of De Piraat of …?

door Cor Oliemeulen

Vijf winnaars van een vermaarde Touretappe gaan in een virtuele wedstrijd met elkaar in de clinch om te bepalen wie de Koning van de Mont Ventoux wordt. De documentaire draait in de bioscoop. Uitzenden op tv tijdens de Tour de France zou natuurlijk veel succesvoller zijn. 

Bij de naam Mont Ventoux spitst de wielerliefhebber direct de oren. Tijdens de honderdste editie van de Tour de France dit jaar staat voor de negende keer de beklimming van de 1915 meter hoge Reus van de Provence op het programma. Op de legendarische berg staat soms felle wind, het kan er ijskoud óf verschrikkelijk heet zijn. Het laatste stuk onder de top oogt als een onherbergzaam maanlandschap waar weinig zuurstof in de lucht zit. De Brit Tom Simpson moest in 1967 door een combinatie van hitte, uitputting en (vermeend) amfetaminegebruik zijn inspanningen op de flanken van de Mont Ventoux met de dood bekopen.

Knappe illusie
Van de vorige acht beklimmingen werden er vijf uitgezonden op televisie. De winnaars waren Eddy Merckx (1970), Jean-François Bernard (1987), Marco Pantani (2000), Richard Virenque (2002) en Juan Manuel Gárate (2009). De Belg Fons Feyaerts kwam op het idee om de beeldbanden van die vijf jaren samen te voegen tot één wedstrijd om te bepalen wie de Mont Ventoux het snelst heeft beklommen. In de documentaire wordt op knappe wijze de illusie gewekt dat de vijf winnaars tegen elkaar racen. Een interessant gegeven, omdat je wilt weten in hoeverre de geschiedenis een rol speelt.

Recensie De Koning van de Mont Ventoux

Ook de betrokkenen zijn benieuwd. Bernard, Virenque en Gárate proberen de winnaar te voorspellen en geven in de studio commentaar bij de beelden. Pantani, vier jaar na zijn overwinning op de Mont Ventoux gedesillusioneerd overleden na een overdosis cocaïne, wordt vertegenwoordigd door Davide Boifava, zijn toenmalige manager. Merckx had geen zin om aan de film mee te werken. Een groot gemis, aangezien De Kannibaal wordt aangemerkt als één van de grootste wielercoureurs ooit. Iedereen denkt dat Merckx of Pantani (De Piraat) uiteindelijk als Koning van de Mont Ventoux zal worden gekroond.

Veertig jaar wielrennen
Veertig jaar Tour-geschiedenis geeft een grote evolutie te zien. Materiaal, medische begeleiding, sponsorbelangen, concurrentie en media hebben hun weerslag op de prestaties. Ook de lengte van de etappes blijkt enorm te verschillen: Virenque moest eerst ruim tweehonderd kilometer fietsen voordat hij zijn favoriete berg mocht aanvallen, terwijl Bernard het voordeel van een ultrakorte etappe kende. Vooral die omstandigheid maakt de uitverkiezing van beste klimmer onzinnig. Toch is de virtuele wedstrijd, mede door de opbouw en het commentaar, spannend om naar te kijken. De historische context en de persoonlijke verhalen met voorzichtige emoties geven De Koning van de Mont Ventoux  meerwaarde.

 

5 juli 2013

 
ALLE RECENSIES

Identity Thief

*

recensie  Identity Thief

Clichéklucht

door Cor Oliemeulen

Als iemand je credit card gegevens steelt en de politie niets doet, spoor je zelf de dader op. In de weinig originele actiekomedie Identity Thief worstelen de personages meer met de identiteit van het verhaal dan met hun persoonlijkheden.

In onze voortschrijdende informatiemaatschappij lijkt het stelen van iemands identiteit soms een peulenschilletje. Populair bij fraudeurs zijn skimming (kopiëren van kaartgegevens bij gebruik in een winkel of geldautomaat), pharming (hacken van computersystemen) en phishing (persoonlijke informatie opvragen en omleiden naar officieel uitziende websites). Iemand met minder technische aanleg kan zich voordoen als vriendelijke bankemployé en een goedgelovige persoon vriendelijk verzoeken persoonlijke gegevens beschikbaar te stellen.

Identity Thief

Naam zuiveren
Sandy Patterson (Jason Bateman, Horrible Bosses) trapt erin. Iemand geeft zich voor hem uit, koopt zich scheel aan prullaria, bezoekt op zijn kosten kledingzaken en beautysalons, en trakteert zonder enige gêne de hele kroeg op een avondje gratis alcohol. Al snel kan Patterson zijn rekeningen niet meer betalen en wordt zijn credit card geblokkeerd. De politie constateert weliswaar fraude, maar zegt geen actie te kunnen ondernemen. Pattersons nieuwe baas geeft hem een week om zijn naam te zuiveren. Dus verlaat de echte Sandy Patterson tijdelijk vrouw en kinderen om de onechte Sandy Patterson negentien staten verder op te sporen. Als zij bekent, mag hij zijn baan houden.

Identity Thief

De nep-Sandy (Melissa McCarthy, Bridesmaids) noemt zich Diana en mag dan wel slechts ‘de hoogte van een Hobbit’ hebben, ze blijkt gewiekst, agressief en legt haar volle overgewicht in de schaal. Ze is zich van geen kwaad bewust en doet alsof zij slachtoffer is en hij dader. Pas als blijkt dat twee incompetente drugsdealers en een domme premiejager jacht maken op Diana kan Sandy haar overtuigen mee te gaan, met de belofte dat hij geen aangifte zal doen. Er volgt een road movie met twee tegenovergestelde persoonlijkheden die tot elkaar zijn veroordeeld én van elkaar zullen leren. Pijnlijke dialogen, gelardeerd met misverstanden, vuurgevechten, autoachtervolgingen en onwaarschijnlijke ontsnappingen, monden uit in een sentimentele finale.

Platitudes
Identiteitsdiefstal leent zich beter voor een thriller (The Bourne Identity, 2002). Een comedy vervalt al snel in een clichéklucht met alle platgetreden paden en platitudes van dien. Identity Thief is geen uitzondering, ondanks het gegeven dat Melissa McCarthy de film draagt en heerlijk recht voor haar raap is. Helaas bedient het script haar meer van minder leuke dan van leuke grappen en gloort nergens een sprankje originaliteit. Gelukkig maar dat het Diana lukt het om haar eigen identiteit te ontdekken en Sandy om een fractie van zijn burgerlijke onbenulligheid af te schudden.

 

16 april 2013

 
ALLE RECENSIES

Inch’Allah

****

recensie  Inch’Allah

Menselijk gezicht van bomaanslag

door Cor Oliemeulen

Aangrijpend, realistisch portret van een jonge Canadese die werkt als verloskundige in een Palestijns vluchtelingenkamp en door persoonlijke omstandigheden wordt gedwongen partij te kiezen.

De met vele prijzen bekroonde loopbaan van filmmaakster Anaïs Barbeau-Lavalette kenmerkt zich door een hoge mate van engagement. Vastgelegd in korte en langere documentaires over sociaal zwakkere groepen (vooral kinderen) in bijvoorbeeld Honduras, Argentinië, India en Tanzania. Van haar talrijke reizen naar Palestina maakte ze niet alleen korte films, ze schreef ook een boek over haar ervaringen. Een speelfilm over alter ego Chloe (Evelyne Brochu), een jonge Canadese vroedvrouw die werkt in een Palestijns vluchtelingenkamp op de Westelijke Jordaanoever, kon dan ook niet uitblijven.

Inch'Allah

Conflict heeft twee kanten
Chloe passeert tweemaal daags de controleposten bij de muur tussen haar woning in het Israëlische Ramallah en de zwaar geïmproviseerde kliniek in het op een vuilnisbelt gevestigd Palestijns kamp. Voortdurend zit de camera Chloe dicht op de huid, ademt met haar mee, registreert haar diepste gevoelens en beleeft de omgeving en gebeurtenissen over haar schouder mee.

Inch’Allah toont de ambiguïteit van een oorlogssituatie: een combinatie van liefde en haat, van fascinatie en confrontatie. De film wil geen politiek manifest zijn; hij richt zich niet direct op het oeverloos slepende conflict tussen Israël en de Palestijnen, maar focust op het gevoel van onveiligheid, onmacht, frustratie en het armoedige bestaan achter de metershoge scheidingsmuur. Het belangrijkste doel is om de onmenselijke actie van terreur nader te duiden en een menselijk gezicht te geven. Is een bomaanslag op een drukke markt God’s wil (Inch’Allah of insjallah) ? Of neemt iemand zelf volle verantwoordelijkheid voor zijn of haar daad?

De film gaat niet in op deze vragen en trekt ook geen partij. Chloe wordt wél uitgedaagd een keuze te maken. ’s Avonds is ze innig bevriend met de Israëlische vrouwelijke soldaat Ava (Sivan Levy), overdag leeft ze samen met de Palestijnse familie van Rand (Sabrina Ouazani). Rands echtgenoot wordt veroordeeld tot een lange gevangenisstraf terwijl ze zwanger is. Wegens complicaties moeten Chloe en enkele familieleden na het breken van de vliezen alles in het werk stellen om tijdig het ziekenhuis achter de controleposten te bereiken. Het wantrouwen van een Israëlische militair is even begrijpelijk als schrijnend.

Inch'Allah

Onmogelijke rol buitenstaander
Het realistische karakter van Inch’Allah wordt versterkt door de casting van de kinderen die in werkelijkheid ook in een vluchtelingenkamp wonen. Sommigen stoken vuurtjes, anderen rijden op een ezel. De meeste werken op de vuilnisbelt direct achter de scheidingsmuur die is vol gekalkt met niets aan de fantasie over latende spreuken. Ook volstrekt authentiek is het in een Superman-outfit gehulde jongetje Safi. Met een kei probeert hij een gat in de kolossale stenen barrière te maken, zodat hij een glimp van de andere wereld kan opvangen.

Zijn symbolisch handelen is een welkom rood draadje met poëtische kracht dat een schril contrast vormt met de emotionele vrije val die Chloe ondergaat. Regisseur Barbeau-Lavalette toont hiermee niet alleen de enorme gecompliceerdheid van het Israëlisch-Palestijnse conflict. Ze confronteert je vooral met de onmogelijke rol van een buitenstaander die feitelijk geen buitenstaander mag zijn.

 

25 maart 2013

 
ALLE RECENSIES

Pietà

****

recensie  Pietà

Moederliefde

door Cor Oliemeulen

Verontrustend psychologisch drama over de harteloze gangster Kang-do die op een dag wordt geconfronteerd met een vrouw die beweert zijn moeder te zijn. Niet voor tere zieltjes.

Net als zijn Europese collega Lars Von Trier schuwt de Zuid-Koreaanse regisseur Kim Ki-duk nooit de controverse. In zijn films gaan uitersten vaak hand in hand. Mooie serene plaatjes met hoop, vrede en liefde wisselen af met nihilisme, angst en woede. Begrip voor de handelswijze van het hoofdpersonage – hoe moeilijk soms op te brengen – staat centraal.

Pieta1

Ki-duks vertellingen bevatten rake observaties met schokkende elementen en fragmenten, die confronteren en hevige morele verwarring oproepen. In zijn prachtige, ingetogen drama Spring, Summer, Fall, Winter… and Spring (2003) leert een jongen wijze lessen van een op een vlot levende Boeddhistische monnik, maar valt al snel voor lichamelijke lusten en criminele activiteiten. In het eveneens bejubelde Bin-jip (2004) ontvouwt zich een onalledaagse romance tussen een man, die zijn intrek neemt in woningen van rijkaards die op vakantie zijn, en een mishandelde vrouw die per ongeluk nog thuis is.

Duimschroeven
Pietà (Hangul) gaat een forse stap verder. Kang-do (Lee Jeong-jin) is een gewetenloze eenling die namens een louche financier openstaande schulden met woekerrentes incasseert. Zijn slachtoffers zien hem met angst en beven komen omdat hij niet schroomt om letterlijk en figuurlijk de duimschroeven aan te draaien. Als je niet kunt betalen, zit er niets anders op dan een beroep te doen op een invaliditeitsuitkering van de verzekering. Dus springt iemand met zachte dwang van driehoog om de status van kreupele te krijgen en mag Kang-do meer dan eens een hand amputeren om een ongelukje met een snijmachine te simuleren.

Stuk voor stuk nietsontziende fragmenten van armlastige kleine ondernemers. Weggestopt in de smerige spelonken van Seoul in kleine door roldeuren afgeschermde hokken, volgestouwd met multifunctionele werktuigen en gereedschap. Heel sporadisch lijkt Kim Ki-duk met zwarte humor zijn best te doen om het schrijnende karakter te relativeren, bijvoorbeeld als iemand uitrekent dat hij na het missen van beide handen direct het hele bedrag kan afbetalen. Als de man verzucht dat hij dan nooit meer kan gitaarspelen, is Kang-do niet te beroerd hem het instrument aan te reiken voor een laatste riedeltje.

Pieta2

Piëteit
Compassie is wel het laatste wat je van het monster mag verwachten. Nadat op een dag een oudere, knappe vrouw zich aan hem opdringt, treedt er heel, heel langzaam verandering in zijn trieste leven op. Kang-do gooit zijn laatste greintje moraal overboord om te ontdekken of het werkelijk klopt dat zij zijn moeder is. Ook zij gaat extreem ver om zijn genegenheid en aandacht aan te wakkeren. Zij huilt veel, hij toont zijn allereerste lach. Ze gaan winkelen, maken een lolletje en vieren zijn verjaardag waarvan hij de datum nooit wist.

De filmposter verraadt al dat het nooit helemaal goed zal komen. De enigszins pikant geklede moeder die treurt om de zoon die in haar schoot ligt, is regelrecht geïnspireerd op de talrijke Pietà’s in de kunstgeschiedenis. Het verschil is dat het bij Michelangelo en consorten steevast handelt om verbeeldingen van de dode Christus vergezeld door Maria. Het bewijs dat de regisseur zich omstreden, kwetsbaar en menselijk opstelt. Net als uiteindelijk de moeder en de zoon die duidelijke sporen zullen achterlaten.

 

20 maart 2013

 
ALLE RECENSIES