Taxi zum Klo

**
recensie Taxi zum Klo

Provocerende knipoog

door Yordan Coban

Frank Ripploh speelt zichzelf en geeft zich volledig bloot in zijn intense zoektocht naar liefde. We zien alles, geen moment van intimiteit wordt ons bespaard. Het is gedurfd, spraakmakend, tenenkrommend maar heeft uiteindelijk te weinig om het lijf.

Taxi zum Klo (1980, en nu in een digitaal gerestaureerde versie in de bioscoop) gaat over een biologieleraar die worstelt met zijn seksuele relaties en zijn behoefte naar een serieuze partner. Hij gaat volledig op in zijn erotische intriges maar voelt een knagende leegte die zijn seksleven achtervolgt. Frank Ripploh is daardoor vooral een ongelukkige en zoekende man.

Taxi zum Klo

Doelmatige seks
Taxi zum Ko behoort tot de extreme der extremen. Seksscènes volgen elkaar snel op in expliciet langdurige wijzen die doen denken aan La Vie d’Adèle (2013). Er is echter geen filmisch randje aan Taxi zum Klo, die als documentaire geschoten is, waardoor de kijker het gevoel krijgt dat er echte porno afgespeeld wordt.

In een aflevering van onze rubriek ‘Ondertussen op de redactie’ is het onderwerp controversiële film al eens uitvoerig besproken. Er was een bepaalde consensus over onze verafschuw voor ondoelmatig gebruik van geweld en seks in film (en dan met name in de films van Lars Von Trier). Ondoelmatig gebruik van seks is ook de grootste zwakte van Taxi zum Klo. We zien seksscènes gevolgd door momenten van reflectie van Frank Ripploh, waarin hij twijfelt en jammert over zijn liefdesleven. Deze monologen verdienen echter geen half uur aan extreme porno. Helemaal niet als passie en emotie een schaarste is. Extreme scènes dienen zich te legitimeren, de noodzaak van het extreme dient zich aan te tonen. Zonder die legitimatie neigt een film met dergelijk vertoon betekenisloos en onsmakelijk te worden.

Taxi zum Klo

Cultgayfilm
De film speelt zich af in Berlijn, de stad die vandaag de dag nog steeds bekend staat als het epicentrum van de wereldwijde gayscene. Ripploh geeft ons een kijkje in de bruisende, post-AIDS, homoseksuele kringen van die tijd; snorretjes, leren pakken en glory holes, ze komen allemaal voorbij. De film kreeg een cultstatus en in 1987 kwam Ripploh met het vervolg: Taxi nach Kairo. Het vervolg kende echter niet hetzelfde succes.

In Duitsland was homoseksualiteit verboden tot 1969. Taxi zum Klo kwam in een tijd waarin homoseksualiteit nog steeds een controversieel onderwerp was, wat de extreme seksuele weergaven enigszins een legitiem doel gaf: provocerend schreeuwen om erkenning. Die knipoog, die door heel de film te voelen is, geeft de film enigszins zijn charme. Toch mist de film betekenis, of meer: persoonlijkheid. Ripploh is leuk voor de klas en lijkt een goede leraar. Het worstelen met zijn identiteit voor de klas is een wezenlijke spanning die veel leraren zullen ervaren. Daar zien we te weinig van. Echter in de film zien we teveel seks waarvan hij telkens achteraf zelf ook vindt dat het emotioneel niet veel voorstelde.

 

6 september 2019

 

ALLE RECENSIES

Tigers Are Not Afraid

***
recensie Tigers Are Not Afraid

Kinderlijke onschuld, volwassen reactie

door Cor Oliemeulen

Tijgers vergeten nooit iets, kunnen goed zien in het donker, hebben scherpe hoektanden om hun prooi te verscheuren en zijn nooit bang. De tijger is het symbool van kracht voor de vijf weeskinderen die proberen te overleven in een verlaten stadsdeel in Mexico waar een drugsbende mensen ontvoert.

De kinderen moeten vluchten als een van hen, Chino, de telefoon met een belastend filmpje van een drugsbendelid heeft gestolen. Het elfjarige meisje Estrella, wier moeder is verdwenen na een schietpartij bij school, heeft zich aangesloten bij de jochies, maar moet zich eerst op een extreme manier bewijzen. Gewapend met drie wensen (in de vorm van drie krijtjes, gekregen van de juf), gekweld door horrorbeelden van dode mensen en achtervolgd door een stroompje bloed, gaat zij op zoek naar haar moeder, terwijl zij haar kinderlijke onschuld probeert te bewaren door te vluchten in fantasie.

Tigers Are Not Afraid

Liever meeleven dan lachen
Volgens de Mexicaanse regisseur Issa López valt er in haar als donker sprookje vermomde drama soms best te lachen, maar de mate waarin is afhankelijk van het publiek. Mensen in Latijns-Amerika – gevormd door een gewelddadige geschiedenis waar de dood nooit ver weg was – zien eerder de lol door alle ellende om zich heen, met de bloedige drugsoorlog in Mexico als jongste treurige voorbeeld. In hun betrekkelijke onschuld zijn het vooral kinderen die overleven door de schoonheid van de menselijke geest. Eenzelfde soort relativerend vermogen ontdekte López in Belfast, in het verleden vaak ook niet bepaald een vrolijke boel, waar de zaal soms dubbel lag. In Nederland lachte niemand, maar desondanks werd Tigers Are Not Afraid vorig jaar gekozen als beste film op het Imagine Film Festival in Amsterdam.

Net als overal ter wereld zullen kijkers vooral worden geraakt door het emotionele component van de film. Het gevoel van medelijden voor het weinig hoopvolle perspectief van de kinderen is niet meer dan menselijk, maar net als zij wordt de kijker door het gebruik van magisch-realistische en fantasierijke elementen soms afgeschermd van de gruwel. Kinderen zijn immers kwetsbaarder dan volwassenen en kunnen onvoorwaardelijk rekenen op betrokkenheid van het publiek. Terwijl de kijker van de gemiddelde thriller of actiefilm is murw geslagen door de weinig benijdenswaardige bestemming van volwassenen die op al dan niet beestachtige wijze worden vermoord, kan het onheilspellende lot van kinderen gelukkig nog een potje breken.

Tigers Are Not Afraid

Ongelukkig happy end
Is Tigers Are Not Afraid dan wereldwijd overspoeld met waardering en filmprijzen omdat juist argeloze kinderen worden geteisterd door die irritante drugsoorlog? Zou het publiek schouderophalend reageren als slechts volwassenen onder al die gewelddadigheden gebukt gingen? En accepteren we het wanneer volwassenen diezelfde harde realiteit proberen te verzachten door te vluchten in fantasie, of verwijzen we die liever naar pillendraaiers?

Natuurlijk zijn er genoeg films over de greep van de Mexicaanse drugsoorlog op volwassenen, denk aan Heli (2014) waarin nota bene kinderen de meest verschrikkelijke capriolen (zoals marteling) uithalen. In plaats van het rauwe sociaalrealisme in dit deprimerende drama van Amat Escalante, of bijvoorbeeld het neorealisme van Luis Buñuels klassieker Los Olvidados (1950) waarin straatschoffies in Mexico-Stad morele grenzen overschrijden, kiest Issa López in Tigers Are Not Afraid voor een mooi uitgebalanceerde combinatie van drama, magisch-realisme en een vleugje horror. Qua motivatie en uitvoering afgekeken van haar landgenoot Guillermo del Toro in diens superieure Pan’s Labyrinth (2006), waarin een meisje tijdens een fascistisch regime vlucht in haar fantastische doolhof.

Lachen of niet, ook in Tigers Are Not Afraid zitten fragmenten van vrolijke speelsheid (die je bij de meeste volwassenen mist). Dat neemt niet weg dat Estrella’s verzuchting – ‘Elke keer als ik een wens doe, gebeurt er iets ergs’ – zal leiden tot een ongelukkig happy end. Ondanks de authentieke setting en het sterke acteren van de jonge cast beklijft dit donkere sprookje minder dan het eveneens met minimale middelen geschoten, beklemmende Russische oorlogsdrama Anna’s War.

 

23 augustus 2019

 

ALLE RECENSIES

Terra dell’abbastanza, La

****
recensie La terra dell’abbastanza

M & M vermalen door misdaadmores

door Alfred Bos

Sterke debuutfilm van Italiaanse tweeling over jeugdvrienden aan de onderkant van de Romeinse samenleving. Ook daar is het leven één groot theater.

La terra dell’abbastanza is de debuutfilm van de Italiaanse tweelingbroers Daminio en Fabio D’Innocenzo, geboren in 1988; ze zijn naast de regie verantwoordelijk voor het script. Het is sociaal realisme vermomd als misdaaddrama, een soort Pasolini voor de eenentwintigste eeuw. Bij vluchtige kennismaking presenteert het relaas van de opkomst en ondergang van twee jonge krabbelaars in de buitenwijken van Rome zich als een generieke genrefilm. Maar zoals de ironische titel, het land van genoeg, al suggereert, is er meer aan de hand.

La terra dell'abbastanza

Manolo (Andrea Carpenzano) en Mirko (Matteo Olivetti) kennen elkaar vanaf de kleuterklas. In de grabbelton van het leven schurken ze tegen de bodem aan. Ze zitten op de horecavakschool en wonen nog thuis. Manola bij zijn vader (Max Tortora, Loro), die verblijft in een soort garagebox. Mirko bij zijn moeder (Milena Mancini) in het type naoorlogse woonkazerne dat de rafelranden van elke Europese grootstad, ook Rome, markeert. Het zijn enige kinderen van gebroken gezinnen, opgegroeid met geldgebrek en culturele armoede. Scharrelen om te overleven is hun tweede natuur.

Ze hebben geen voorbeelden en geen ambities. Ze zijn kansloos en hebben géén idee, ook niet hoe kansloos ze zijn. Tot zover is La terra dell’abbastanza Ken Loach op zijn Italiaans. Of eigenlijk Shane Meadows en diens This is England verplaatst van de Britse Midlands naar de eeuwige stad.

Oneindig krediet
Maar dat verandert wanneer de vrienden, met Mirko achter het stuur, op een verloren avond een voetganger doodrijden. Mirko, wiens morele besef nog niet is versteend, raakt in paniek. De meer berekenende Manolo verkiest niet te biechten bij de politie, maar bij zijn vader, een kleine knoeier. Die weet te achterhalen dat het slachtoffer een ondergedoken verklikker is, gezocht door de lokale boeven. Op slag zijn de kansloze kneuzen knapen met aanzien in de schaduweconomie, er gloort een loopbaan in de misdaad. Denken ze, en dat is het moment waarop La terra dell’abbastanza de afslag richting Pasolini neemt.

La terra dell'abbastanza

Met filmische middelen maakt de D’Innocenzo-tweeling zichtbaar wat er zich in de hoofden van de jeugdvrienden afspeelt. Telelens en close-ups tonen ogen waarin verwarring (Mirko) dan wel leegte (Manolo) schemert. Ook de aandacht voor het marginale milieu staat in dienst van de personages en hun morele keuzes, de scènes rond de kibbelende gabbers worden aangevuld met daden die hun ware ik tonen.

In de beste scène van de film weet Mirko het verjaardagsfeest van zijn halfzusje – dat hij nauwelijks kent – te verstieren door ongevraagd binnen te vallen als de kerstman met oneindig krediet. Hij heeft, net als zijn vervreemde vader, geen besef van wat hij aanricht, zijn moeder wel. Mirko is de impulsieve emotie tegenover de gewiekste list van Manolo. Hij weet Mirko – die klust als pooier en gaandeweg ook zijn vriendin Ambra (Michela De Rossi) als hoer ziet – te paaien voor een lucratieve opdracht. Er moet iemand worden omgelegd.

Distantie en betrokkenheid
Tegenover de naïeve bravoure van het tweetal staat het arglistige cynisme van de beroepscriminelen en hun capo, Angelo (Luca Zingaretti, inspecteur Montalbano uit de gelijknamige tv-serie). Milieu en karakter komen opnieuw fraai samen wanneer M & M tijdens een buurtdiner worden gerekruteerd voor de beraamde moord. Ook aan de onderkant van de samenleving is het leven één groot theater.

La terra dell'abbastanza

Met de wijze waarop de moordaanslag in beeld is gebracht, etaleren de D’Innocenzo-broers hun talent. De scène bestaat uit twee delen: een exterieur totaalshot met terloopse details, scherp gesneden naar interieur wanneer de handeling is voltooid. Resultaat: distantie van de filmmakers tegenover hun personages, betrokkenheid bij de filmkijker die aan de hand van de suggestie het verhaal zelf moet invullen. Zo wordt de toeschouwer de film ingezogen. En het typeert de psychologie van de personages: ze zijn er eigenlijk niet.

Na dat hoogtepunt verliest de ballon aan spanning en loopt langzaam leeg; het kernconflict is vervlogen, de keuzes gemaakt, het krediet op. Maar een sterke epiloog zet een uitroepteken achter dit veelbelovende speelfilmdebuut. “Wat ga je maken? Wat er is.” En zo is het. Wie in de film kanttekeningen bij het neoliberale kapitalisme wil zien, komt aan zijn trekken. Wie uit is op een röntgenfoto van de ongeletterde ziel, wordt ruim bediend. Wie Dogman kon waarderen, zal La terra dell’abbastanza ook bevallen.

 

18 juni 2019

 

ALLE RECENSIES

Thunder Road

***
recensie Thunder Road

Dans voor overleden moeder

door Cor Oliemeulen

De politie kan in deze roerige tijden wel een beter imago gebruiken. Thunder Road schetst een tragikomisch portret van een agent die het allemaal heel goed bedoelt, maar wordt gehinderd door een naderende zenuwinzinking.

Jim Arnaud werkt zes jaar bij de politie in een klein Texaans stadje. Hij is gescheiden en dreigt de voogdij over zijn dochtertje te verliezen. Jim oogt erg nerveus, is soms onvoorspelbaar, praat veel en regelmatig over irrelevante zaken, en heeft sinds het recente overlijden van zijn moeder zijn emoties niet meer onder controle. Mensen die hem niet beter kennen, zouden hem compleet gestoord kunnen noemen en hem liever in een dwangbuis zien dan in een politie-uniform. Maar wij als filmkijkers leren Jim wel wat beter kennen. Hij heeft ontegenzeggelijk zijn hart op de goede plaats, maar dat hart een tikkeltje minder luchten, zou prettig zijn.

Thunder Road

Groot talent
Jim Cummings, die de hoofdrol speelt en de film regisseerde, blijkt in die beide hoedanigheden een groot talent. Als acteur creëert hij met gemak binnen tien seconden een heel arsenaal aan uiteenlopende emoties, terwijl hij als regisseur en producer zijn hele ziel en zaligheid in zijn speelfilmdebuut Thunder Road heeft gelegd. Met crowdfunding haalde hij een paar ton op, huurde vooral mensen uit zijn eigen omgeving in en distribueerde zijn film zelf naar een dertigtal Amerikaanse bioscopen. Gelukkig heeft de film nu ook de Nederlandse bioscoop bereikt.

Vanwege het gebrek aan voldoende financiële middelen maakte Cummings eerder zo’n tien korte films waarmee hij veel kon leren over narratief en techniek. Bijna alles nam hij op in één lang shot, waardoor situaties indringend worden omdat je als kijker maar één perspectief van een bepaalde, vaak absurde, gebeurtenis hebt. Dat experimenteren leidde in 2016 tot de briljante kortfilm Thunder Road (kijken!) die werd overstelpt met vele awards, zoals de juryprijs van het Sundance Film Festival. De monoloog van een man die wordt verteerd door herinneringen en verdriet tijdens zijn toespraak bij de kist van zijn overleden moeder is een klein meesterwerk van schrijven, regisseren en acteren. Het succes van de korte film smaakte naar meer en leverde Cummings’ eerste speelfilm met dezelfde titel op.

Heerlijk ongemakkelijk
Thunder Road, de prachtige openingstrack van het legendarische Bruce Springsteen-album Born to Run (1975), is het slaapliedje dat Jim Arnauds moeder vroeger altijd voor hem zong. “Iedereen rouwt op zijn eigen manier”, zegt de uitvaartleidster wanneer Jim met een roze cd-spelertje naar voren komt om iets over zijn lieve moeder te vertellen en al een idee heeft wat de komende tien minuten staat te gebeuren. Jims moeder runde een balletschool en was een vrije geest. Net zoals Springsteen zingt over gewone zielen in het andere Amerika en hen aanmoedigt om hun lusteloze levens te veranderen, kon ook zij zomaar in een auto stappen en vertrekken.

Thunder Road

Jim spreekt mooie woorden, stamelt, stottert, snottert. Zo intens aangrijpend dat de kijker voortdurend laveert tussen medelijden en verwondering. Buiten beeld wordt Jim op de moeilijkste momenten rustgevend toegesproken, getroost en aangemoedigd om zijn hart te volgen en zijn emoties de vrije loop te laten. Dan start de cd en horen we de piano en de mondharmonica. Bruce begint te zingen. En Jim zingt – door een zee van tranen en gebroken keelklanken – vol overgave met hem mee. Alsof dat nog niet confronterend genoeg is, doet Jim ook nog een maf dansje. Zelden zag je een dodelijkere combinatie van ontroering en ongerief op het scherm. Hoe jammer is het dan dat Jim in de speelfilm niet meezingt en hier ook de muziek niet is te horen (ditmaal werkt de cd-speler niet), maar gelukkig is zijn dansje wel gebleven.

Alle goede bedoelingen, originele invalshoeken en spitsvondigheden ten spijt schuilt in het uitbreiden van een korte film tot een lange film het gevaar van minder sterke fragmenten. We leren onze welwillende politieagent Jim Arnaud weliswaar een stuk beter kennen en hebben begrip voor zijn moeilijke levensfase, maar kunnen hem door enkele flauwigheden (Jim heeft ‘s nachts zijn koelkast gesloopt omdat hij dacht dat het een inbreker was) en ongepastheden (Jim slaat een zojuist overleden vrouw in het gezicht) moeilijk onze onvoorwaardelijke sympathie schenken. Echter vertolker Jim Cummings is zo oorspronkelijk, talentvol en heerlijk ongemakkelijk dat we reikhalzend uitzien naar zijn tweede speelfilm.

 

26 maart 2019

 

ALLE RECENSIES

This Magnificent Cake!

***
recensie This Magnificent Cake!

Vilten poppen in koloniaal Afrika

door Bob van der Sterre

Een animatiefilm over kolonialisme met vilten poppen? En er grapjes mee maken? Onze zuiderburen weten zoals gebruikelijk wel raad met experimenten, wat ook weer blijkt uit This Magnificent Cake!.

Een koning zit verveeld bij een optreden. Hij fluistert tegen zijn hulp midden in het optreden dat hij de klarinettist moet vragen om te stoppen met spelen. Die staat er vervolgens als een zoutzak bij – alleen de pianist speelt nog. De koning is tevreden hoewel het stuk nergens meer op slaat.

This Magnificent Cake!

Spot
In een hotel met kolonialisten werkt een pygmee als portier. Hij haat het hotel en de westerlingen maar het levert wel eten en geld op. Hij geeft zijn broer een stokbrood – die heeft dat nog nooit gezien. ‘Dat eten ze hier allemaal.’ Vervolgens is er een verwend kind nodig om de pygmee spijt te laten krijgen van zijn baantje.

De animatiefilm This Magnificent Cake! geeft een spottende kijk op kolonialisme. Het slimme van de film is dat hij het onderwerp kolonialisme niet frontaal aanvalt. Het is algemeen bekend hoe de Belgische koning Leopold II flink heeft huisgehouden in de Congo. Daar gaat deze film dus niet over.

We gaan hier van persoon op persoon. Een koning, een pygmee, een deserteur, een bakker die op de vlucht is en een klarinettist. In dit verhaal zijn ze allemaal op een of andere manier betrokken bij de koloniale staat.

Neem de bakker (Van Molle) die voor schulden vluchtte naar Afrika om daar als een koning te gaan leven. Als een rits pygmeeën uitglijden op een hangbrug en te pletter vallen met zijn spullen, voelt hij zich in de steek gelaten. Dat de pygmeeën een akelige verdrinkingsdood sterven, kan hem aan zijn reet roesten. Liever zet ie het op een zuipen in zijn eigen, eenzame paleis.

De eerste helft van de film is zodoende leuk opgezet in verschillende hoofdstukken met verschillende verhalen. Geen hoofdpersoon, geen dramatische verhaallijnen om je aan te houden, wel spot. Dat smaakt naar meer.

This Magnificent Cake!

Mystiek
Je hoopt dan toch wel op een soort opleving aan het einde – een plot dat zaken samenbrengt – maar dat doet de film niet. This Magnificent Cake! neemt een soort mystieke afslag met een grot, een reusachtige slak en hallucinatie. Voor de kijker is het niet meer duidelijk wat droom en wat realiteit is. Levert fraaie surrealistische beelden op maar daarmee verdwijnt de satirische humor wel een beetje naar de achtergrond.

Afgezien hiervan is de technische vaardigheid bijzonder. De animatie met vilten poppen is prachtig gedaan – en weer een vernieuwing in het genre. De hikkende koning met een kliek bezorgde figuren om zich heen is lachwekkend, ook al zijn het slechts poppen.

Wie een voorproefje wil: het duo Emma Swaef en Marc James Roels maakte zes jaar geleden de film Oh Willy, die in zijn geheel (twaalf minuten) op Vimeo te zien is. In beide gevallen gaan de films over de natuur en hebben ze ook een hoofdrol voor geluiden.

 

18 december 2018

 

ALLE RECENSIES

Touch Me Not

****
recensie  Touch Me Not

Ik wil aangeraakt worden, maar raak me niet aan

door Tim Bouwhuis

Hoe kan het toch dat we tegelijk afkeer en verlangen kunnen ervaren? Deze intense verkenning van de menselijke seksualiteit beweegt zich ver voorbij de platgetreden paden van afstand en comfort.

Een geruime twee uur volgen we Laura, Tómas en Christian in hun gedeelde zoektochten naar intimiteit. Het doel is vergelijkbaar, de wegen daarnaartoe zijn dat niet. Betekenis ontstaat door verschil: botsende visies op het menselijk lichaam geven dit project van Adina Pintilie (Don’t Get Me Wrong) soms net iets te nadrukkelijk richting. Het is één van de enige grote punten van kritiek richting Touch Me Not, een film die zich op fascinerende wijze staande houdt op het breukvlak van fictie en documentaire. De drie ‘personages’ houden hun eigen namen, waardoor het nog lastiger wordt om spiegel en bespiegeling van elkaar te scheiden.

Touch Me Not

Eenzame strijd
De scènes met Laura laten zien hoe sterk geest en lichaam van elkaar vervreemd kunnen zijn. Dat ze naar intimiteit zoekt is duidelijk, maar ze vindt die geruime tijd alleen in de paradox van afstand. Ze kijkt, ruikt, bevraagt. Ze voelt met haar gedachten, tast staat gelijk aan dreiging. Het bezoek dat ze thuis ontvangt (de openingsscène is tekenend) is er om te voorzien in haar gebreken. Maar wat mist ze precies? Haar lichaamstaal weerstaat de roep om aanraking, geeft uitdrukking aan haar ongemak. De Ander mag niet te dichtbij komen. Het tegendeel – afstand, het blikkenspel – versterkt echter de eenzaamheid. De vraag is dus, wederom: hoe kan het toch dat we afkeer en verlangen tegelijk kunnen ervaren?

De geluidsband brengt de film continu uit balans. Wat horen we? Zijn het oerschreeuwen? Emoties die hun weg naar buiten zoeken? De instabiliteit van de film past bij een regisseuse die ons al dan niet intentioneel in de spiegel laat kijken. We kunnen niet langer vluchten als de lichamen zo dichtbij zijn: de intensiteit van het beeld draagt het potentieel om tegelijk afkeer en emotie op te roepen. Pintilies filmstijl is zo een uitdrukking van de botsende gevoelens die ze doorheen de mensen die ze volgt bevraagt.

Touch Me Not

Op dit vlak doet Touch Me Not af en toe denken aan het werk van de Franse regisseur Philippe Grandieux, en dan in het bijzonder aan Malgré la Nuit (2015). De camera twijfelt: verkent ze de lichamen van haar protagonisten of doorboort ze die? Als kijker voor het scherm kun je fysiek geen kant meer op. Iedere vorm van reflectie brengt je direct bij de menselijke ziel en daar voorbij. Er is geen droomwereld meer, zoals vaak bij David Lynch: de nachtmerrie van de verscheurde psyche bevindt zich onmiskenbaar in het hier en nu.

Over de vierde muur
Touch Me Not gaat in die confrontatie misschien nog wel verder, omdat object en subject onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Meerdere malen zien we auteur en camera. Doordat de grens tussen beeld en publiek vervaagt, moeten we zelf reflecteren en participeren. Die meta-benadering toont haar lef en ultieme kwetsbaarheid: ze betreedt en vernietigt de veilige ruimte van de toeschouwer. Zij geeft zich letterlijk bloot, en vergroot de kans dat haar publiek zich daarmee ook blootgesteld voelt. Het controversiële van de film zit hem erin dat die aanpak diep gemengde reacties kan oproepen. Dat deed hij al in Berlijn (waar Touch Me Not prompt de Gouden Beer won) en dat zal hij vermoedelijk ook wel blijven doen. In het veld van visie en risico vinden we het werk dat de filmkunst op lange termijn verder brengt.

 

17 november 2018

 

ALLE RECENSIES

Todos lo saben

***

recensie Todos lo saben

Een smalle horizon, maar een canvas vol intrige

door Yordan Coban

De films van Asghar Farhadi zijn drama’s maar kennen net als het werk van Michael Haneke altijd een element van mysterie. Voor elk personage, hoe schofterig dan ook, weet de Iraanse regisseur begrip te wekken. Ieders perspectief krijgt kleur en met elke wending in het verhaal kleurt Farhadi een canvas vol intrige.

We zagen in Le Passé (2013) Asghar Farhadi al in het Frans, maar met Todo lo saben (Engelse titel Everybody Knows) laat hij nogmaals zien dat de taal (ditmaal Spaans) van zijn films niet uitmaakt. Farhadi’s karakters en verhalen doorgronden namelijk een universele menselijkheid. Geen andere regisseur kan zijn personages zo laten voelen.

Todos lo saben

Ontvoering
De film begint met een familiereünie, met een bruiloft als directe aanleiding. Als Irene (Carla Campa), de dochter van Laura (Penélope Cruz) en Alejandro (Ricardo Darin), ontvoerd wordt, zijn de festiviteiten abrupt klaar. De familie is vermogend en er wordt een flinke som geld verlangd. Familievriend en ex-man Paco (Javier Bardem) loopt voorop in de zoektocht naar Irene maar wordt geconfronteerd met geheimen uit het verleden.

De opbloeiende spanningen tussen Paco en Laura houden de interacties tussen de twee ex-geliefden interessant tot het einde. Bardem en Cruz spelen niet voor het eerst met elkaar. Het getrouwde koppel deelt ook op het witte doek chemie. Samen met Darin beschikt Farhadi misschien wel over de drie beste Spaanstalige acteurs van dit moment. Dat komt goed uit, want al zijn films herbergen sterke karakters.

Sober realisme
Asghar Farhadi maakt sobere realistische films. Zijn stijl is te vergelijken met die van Michael Haneke en Andrey Zvyagintsev. Deze drie filmmakers maken gebruik van dezelfde formule: rustige levens die opeens opgeschud worden met een ingrijpende gebeurtenis die vaak te maken heeft met oud leed. Echter bij Farhadi draait het niet per se om de schok van de gebeurtenis maar vooral om de impact op de personages daarna. Vaak laat de regisseur de twist buiten beeld en dient de kijker het verhaal met de eigen verbeelding in te vullen. Farhadi kan het beste omgaan met de emotionele impact van een aangrijpende gebeurtenis. Hij is beter in staat om het verdriet van een verscheurd leven te tonen dan Haneke en Zvyagintsev. Zijn scripts gaan minder over de duistere en cynische aard van het leven maar meer over het in liefde verweven verdriet dat inherent daaraan verbonden is.

Todos lo saben

Perspectief
Onderwerpen als de stugheid van religie, diep verborgen familiegeheimen en de tragiek van doodbloedende relaties keren terug in deze film. Het verhaal kent de meeste raakvlakken met zijn eerdere film About Elly (2009). Beide films gaan over een vermissing. Alleen draait het ditmaal om de ontvoering van een kind. De paniek van de vermissing in About Elly is overweldigend en krachtig maar in Todos lo saben wat tam.

Hetzelfde geldt voor de ontknoping. About Elly heeft iets te vertellen over onze verwachtingen in het algemeen. Todos lo saben doet dat niet. Het verhaal blijft bij het perspectief van de personages. Hele sterke personages, maar niet zo speciaal als in About Elly en A Seperation (2011): een groter perspectief. Het werkt weliswaar ook binnen een smalle horizon, want ook daar vertelt Farhadi het verhaal op een manier zoals alleen hij dat kan. Todos lo saben is goed, maar niet bijzonder goed.
 

1 oktober 2018

 
MEER RECENSIES

Tampopo

****

recensie Tampopo

Hoe opwindend is een rauwe eierdooier?

door Cor Oliemeulen

De eetfilm der eetfilms is eindelijk gerestaureerd. Ruim dertig jaar na dato kun je alle ingrediënten van de befaamde Japanse noedelsoep haarscherp zien. Nee, dit is geen documentaire, maar een komedie uit 1985 die haar tijd ver vooruit was en de kijker nog steeds verrast én verleidt.

Eten in films is zo oud als de film zelf. De Franse broers Lumière lieten al in 1895 een kort filmpje over het voeden van een baby zien. Hun landgenoot Georges Méliès trok in 1904 met Sorcellerie Culinaire de trukendoos open wanneer een bedelaar wraak neemt op een kok en duiveltjes inzet om diens soep te laten mislukken.

Tampopo

Van taartgooien tot je eigen schoen opeten
In de beginjaren van de film was de rol van eten vooral luchtig, denk aan taartgooien in slapstickfilmpjes. Met de toenemende industrialisatie kreeg voedsel een serieuzere betekenis en verschenen sociale misstanden op het witte doek. Van schrijnend drama over armoede en honger in A Corner in Wheat (1909) van D.W. Griffith tot en met de mistroostige humor in The Gold Rush (1925) waarin Charlie Chaplin als onfortuinlijke goudzoeker van pure ellende zijn schoenen opeet.

Als mensen eten in films is dat nooit toevallig. Vaak dient eten als katalysator van verzoening (Eat Drink Man Woman, 1994) of problemen (Festen, 1998). Sommige mensen bunkeren zoveel dat ze exploderen (The Meaning of Life, 1983), anderen vervelen zich te pletter en besluiten om zich dood te eten (La grande bouffe, 1973). Hoe dan ook heeft de rol van eten en voeding in elke tijd en elke cultuur een andere betekenis.

Rake observaties
Van alle eetfilms is Tampopo na al die jaren nog steeds de meest bijzondere en grappige. Met het thema voedsel als verleiding, het jongleren met stijlvormen en het laveren tussen komedie en melodrama was de Japanse regisseur Jûzô Itami met zijn tweede film zijn tijd lichtjaren vooruit. Begonnen als acteur werd hij pas op zijn vijftigste actief als scenarioschrijver en regisseur. Itami heeft zich duidelijk laten inspireren door zijn Franse collega Jacques Tati, een meester in eenvoudige, rake observaties van het dagelijkse, vaak absurdistische, menselijke gedrag. De satire van Itami is beduidend scherper en gewaagder, zeker als het gaat om de relatie tussen eten, seks en de dood – soms zelfs in dezelfde scène.

Tampopo

Tampopo (paardenbloem) is de naam van de alleenstaande eigenaresse van een beduimelde eetgelegenheid (gespeeld door Itami’s vrouw Nobuko Miyamoto). Met de hulp van een vrachtwagenchauffeur streeft zij naar een goedlopend restaurant waar de allerbeste noedelsoep zal worden geserveerd. Maar voor het zover is, zien we in een reeks uiterst smaakvol gefilmde scènes hoe je het ingenieuze gerecht maakt, presenteert en eet. De compositie en hartstochtelijke benadering van de ingrediënten is tot ware kunst verheven.

Jûzô Itami noemde Tampopo een noedel-western (die hadden we nog niet!) en leent qua sfeer, low budget en close-ups veel van de spaghettiwestern. In losstaande fragmenten zien we een etiquetteklasje met meisjes die leren hoe je spaghetti moet nuttigen, dat je soms beter geen chips in de bioscoop moet eten en ontdekken we de verleidingen van voedsel. Hilarisch zijn de scènes van de dandy-gangster die slagroom van de linkerborst van zijn vriendin opzuigt en hun techniek om tijdens het voorspel razendknap een rauwe eierdooier heel te houden. Opwindende, geestige en wellicht inspirerende situaties, die een jaar later zouden leiden tot de schaamteloze anticlimax van Kim Basinger en Mickey Rourke in Nine 1/2 Weeks van Adrian Lyne.
 

12 augustus 2018

 
MEER RECENSIES

Tiere

****

recensie Tiere

Spel van verbeelding in puzzelfilm

door Sjoerd van Wijk

Tiere is een raadsel dat blijft rondspoken. De antwoorden lijken voor de hand te liggen, maar blijven toch ongrijpbaar.

De kinderboekenschrijfster Anna heeft een uitgebluste relatie met de chef-kok Nick. Ze gaan voor een half jaar op retraite in een Zwitserse berghut. Zij om aan haar nieuwe boek, een roman voor volwassenen, te werken. Hij om nieuwe recepten te ontdekken. Onderweg rijden ze een schaap aan en niets is meer wat het lijkt. Hoe ernstig was het ongeluk eigenlijk? Waarom lijkt een ijsverkoopster als twee druppels water op huisoppasser Mischa (en op bovenbuurvrouw Andrea, met wie Nick een affaire heeft)? En waarom is een mysterieuze deur in het huis op slot? Deze vragen en meer rijzen op in een spel van verbeelding. De hamvraag die er als rode draad doorheen loopt is wat nu de realiteit is en wat verbeelding. En wiens verbeelding?

Tiere

Passende puzzel
Tiere ontpopt zich dankzij het waterdichte scenario van wijlen Jörg Kalt tot een puzzel waar alle stukjes in elkaar passen. De vraag is echter hoe. Alle elementen van het verhaal komen voortdurend in verschillende samenstelling terug. Een gesprek in de ene scène kan aanwijzingen bevatten voor de betekenis van een volgende. Het is daarom opletten geblazen.

Op geniepige wijze wisselt het perspectief tussen de karakters. Zo lijkt door voorgaande scènes de focus op het ene karakter te liggen, maar gebeurt er plots iets in een volgende scène wat deze aanname teniet doet. Ondanks dat de film qua realiteitszin geen coherent verhaal bevat, voelt het op instinctief niveau juist wel coherent. Een eigenzinnige droomlogica, waar op instinctief niveau passende associaties tussen gebeurtenissen en karakters wordt gelegd.

Magische werkelijkheid
De droomwereld van Tiere krijgt extra cachet dankzij de regie van Greg Zglinski. Zijn registratie van de gebeurtenissen komt naturel over. Kalme totaalbeelden waar de karakters op losse wijze gewoontjes met elkaar omspringen. De montage en het camerawerk bevatten geen foefjes, waardoor de werkelijkheid juist magisch gaat aanvoelen. Elk nieuw opgeworpen vraagstuk voelt des te indringender zonder het met toeters en bellen aan te kondigen.

Zowel qua scenario als regie doet het denken aan Realité (geschreven en geregisseerd door de Franse muzikant Quentin Dupieux), die op eenzelfde wijze zich tussen de oren wurmt om er niet meer weg te gaan. Alles is significant en we moeten vertrouwen op ons gevoel.

Tiere

Instinct, geen intellect
Bij een dergelijke puzzelfilm bestaat het gevaar dat het vooral een intellectuele exercitie betreft. Maar dit weet Greg Zglinski (die het scenario van Jörg Kalt herschreef) te ontwijken door de focus te houden op de emoties van de karakters. Het punt van de puzzel is daarom niet hoe de vork precies in de steel steekt qua narratief. Het gaat er meer om wat er door de hoofdpersonen heen gaat. Alle vervreemdende situaties die conventionele logica te buiten gaan, houden verband met de belevingswereld van de karakters. Zo schippert Nick in het verhaal tussen een huichelachtige bedrieger en zorgzame echtgenoot.

Welke onderdelen in zijn verhaal de waarheid bevatten blijft in het duister. Wij moeten zelf op de tast. Tiere is een geraffineerde droom, die bijblijft. Om de logica van zijn onderbewustzijn te doorgronden, moeten we op onderzoek uit. Het antwoord ligt zowel bij onszelf als bij zijn karakters en is voor iedereen anders.
 

30 juni 2018

 
MEER RECENSIES

Third Murder, The

*****

recensie The Third Murder

De waarheid is een olifant

door Alfred Bos

Wat is de derde moord en wie is daarvan het slachtoffer? De moordenaar zelf? De waarheid? De Japanse regisseur Hirokazu Koreeda speelt een verfijnd spel met schijn en werkelijkheid in de psychologische triller The Third Murder.

De Japanse regisseur Hirokazu Koreeda (vier lettergrepen: ko-re-e-da) wordt wel de eigentijdse pendant genoemd van Yasujirō Ozu, de maker van subtiel registrerende films over familierelaties. Achter een onthechte, schijnbaar objectief observerende blik schuilt empathie met het menselijke onvermogen. Die onthechting is geen arrogantie of desinteresse, het scherpt juist de focus zodat de patronen zichtbaar worden in de ruis van het dagelijkse leven, dat in feite een burleske van misverstanden is.

The Third Murder

Koreeda’s oeuvre zit er vol mee, met mensen die zichzelf in de weg zitten omdat ze niet goed luisteren of voorbij hun neus kunnen kijken. Emoties maken de mens, maar kunnen hem ook breken. De antiheld van zijn voorlaatste film, The Third Murder – die vorig jaar in première ging tijdens het filmfestival van Venetië en nu in de Nederlandse bioscoop is te zien – weet zijn emoties te mennen met zijn intellect en volbrengt een huzarenstukje. Dat hij zijn doel, het ontkennen van zijn bestaan, bereikt door via moord het bestaan van een ander te bevestigen, zegt genoeg over de diepgang en pyschologische verfijning van de film.

Roofmoord
The Third Murder is een buitengewoon rijke film. Het is ook een fijntjes opgebouwde en in psychologisch opzicht ongekend subtiele film. Zo subtiel dat veel kijkers, en blijkens de reacties en vragen tijdens Koreeda’s persconferentie in Venetië ook veel professionele filmkijkers, de pointe missen. Ja, het is een psychologische thriller, maar dan van het Zen-filosofische soort. Nee, het is geen Rashomon-achtige boutade over de onmogelijkheid om de waarheid te kennen. De waarheid ligt voor je neus, aldus Koreeda. Maar je moet hem wel zien.

Shimiru, de held van The Third Murder (gespeeld door de Japanse popster en acteur  Masaharu Fukuyama), is jurist; hij moet voor zijn cliënt een adequate verdedigingsstrategie ontwikkelen. De cliënt is Misumi (Kôji Yakusho), de antiheld, die zal worden berecht voor roofmoord; daarop staat de doodstraf. Hij geeft grif toe zijn voormalige werkgever, de baas van een fabriek waar voedsel wordt verwerkt, vanwege gokschulden te hebben beroofd en vermoord, om vervolgens het lijk te verbranden. De advocaat gaat op onderzoek; als hij de aanklacht van beroving kan weerleggen is de doodstraf mogelijk te vermijden.

The Third Murder

Spiegelbeelden
Wat volgt is een gang door het labyrint van het leven, een warboel van suggesties, leugens, intenties en feiten; een ruis van details en trivia. In de voedselfabriek blijken alleen marginale types te werken die elders niet terecht kunnen; ze worden door hun baas onderbetaald, of uitgebuit. Misumi werkte daar na zijn ontslag uit de gevangenis. Hij heeft een straf van dertig jaar uitgezeten voor tweevoudige moord op woekeraars die hem geld hadden geleend, geld dat hij door gokschulden niet kon terugbetalen. Zijn dochter was toen zes jaar oud, sindsdien heeft hij haar niet meer gezien.

Misumi is voor die dubbele moord tot dertig jaar celstraf veroordeeld door de vader van zijn advocaat, een inmiddels gepensioneerde rechter. Die twijfelt nu openlijk of hij er niet verkeerd aan heeft gedaan om Misumi destijds niet ter dood te veroordelen; hij heeft immers opnieuw gemoord. Zijn zoon probeert precies het tegenovergestelde te bewerkstelligen: hij wil Misumi van de doodstraf redden. Het is het eerste spiegelmotief dat regisseur Koreeda opzet in een film vol gespiegelde personages en motieven.

Een tweede spiegelbeeld zijn Misumi’s dochter (die we nimmer te zien krijgen) en de dochter van de vermoorde fabriekseigenaar, Sakie (Suzu Hirose). Beiden zijn gehandicapt, hebben een mank been. Heeft Sakie iets met de moord te maken?

Schuivend perspectief
Het perspectief op de moord – wat er is gebeurd en waarom – verschuift voortdurend. Elk detail dat het onderzoek aan het licht brengt doet het beeld kantelen. Is het wel roofmoord? Is het mogelijk een liefdesmoord? Of moord in opdracht? Misumi past voortdurend zijn verhaal aan naar de nieuwe feiten waar zijn advocaat hem mee confronteert. Gaandeweg begint de filmkijker te beseffen, hier is meer aan de hand. En de kernvraag stelt Misumi zelf aan zijn verdediger: wat is mijn ware motief?

Voor de oplettende kijker wordt het allengs duidelijk wat Misumi drijft, waarom hij de moord op de fabriekseigenaar heeft gepleegd en wat hij daarmee wil bereiken. Ook dat doel is dubbel, hij vervult met de moord een diepe emotionele wens en brengt – op zijn eigen, gebrekkige maar in feite geniale manier – gerechtigheid waar het recht het laat afweten; hij slaat zelfs drie vliegen in één klap. Alle elementen die nodig zijn om antwoord te geven op de vraag, wat wil Misumi, worden in de film gegeven. Doorgaans terloops, als terzijdes, net als in het leven zelf waar de hoofdzaken verdwijnen in de ruis van triviale kwesties en de waan van het moment.

The Third Murder

(On)betrouwbare verteller
Maar voor zijn verdediger, de advocaat Shimiru, blijft de moordenaar een mysterie. In de bloedsterke slotscène kantelt Koreeda het perspectief een laatste maal. Met een techniek die direct is ontleend aan het slot van Akira Kurosawa’s politiethriller High and Low laat hij held en antiheld van plaats verwisselen. Dat gebeurt, het kan niet anders in een film vol spiegelingen, met een spiegeleffect.

The Third Murder is een klassieke Koreeda-film en wellicht een van zijn beste. Familierelaties staan centraal in de plot en motieven van de personages. De poëzie schuilt in de details en de subtiele observaties. In de film wordt de Indische gelijkenis over de zes blinden en de olifant aangehaald: ze ‘zien’ allemaal iets anders, want de een betast de slurf en de ander de staart. De waarheid is een olifant en advocaat Shimiru is door vooringenomenheid niet in staat het complete beeld – de waarheid achter Misumi’s handelen  – te zien.

Koreeda wilde aanvankelijk romanschrijver worden, maar koos voor de cinema. In Venetië gaf hij te kennen dat de film eigenlijk alleen met een alwetende verteller is te realiseren, maar dat vond hij een onelegante aanpak. Zijn oplossing voor dat verteltechnische probleem is briljant: Misumi is de ogenschijnlijk onbetrouwbare verteller die als enige in de film alwetend is en in de slotscène verschijnt hij via een spiegeleffect als betrouwbare verteller. Het zou verbazen als er dit jaar een betere film verschijnt. Op de nieuwe Koreeda na dan, verwacht in december.
 

17 juni 2018

 
MEER RECENSIES