Blue Jasmine

****
recensie Blue Jasmine
De tol van de waan

door Alfred Bos

Cate Blanchett schittert in de nieuwe Woody Allen als gevallen societyvrouw op het punt van breken. Blue Jasmine is een zedenschets die de kijker besluipt. En uiteindelijk overrompelt. 

Na een paar jaar in Europese steden te hebben gefilmd is Woody Allen voor zijn meest recente werkstuk teruggekeerd naar zijn thuisland. Maar toch ook weer niet helemaal, want Blue Jasmine speelt niet in Allens vertrouwde New York, maar aan de Westkust. Daar plaatst hij Jasmine (Cate Blanchett), een Newyorkse societydame in crisis, die uitwijkt naar San Francisco om de scherven van haar leven bijeen te rapen.

Recensie Blue Jasmine

In San Francisco woont Jasmine’s jongere zusje, Ginger (Sally Hawkins), bij wie ze op adem hoopt te komen. De zussen hebben weinig gemeen, want ze zijn beiden geadopteerd. Het geeft Allen alle kans om een aantal sociale tegenstellingen op humorvolle wijze uit te spelen. Ginger is een muizig typetje, dat onheil gelaten over zich heen laat komen. Haar zus heeft volgens Ginger ‘alle goede genen’: elegant gekleed en gewend aan een milieu waarin geld buffert tegen ongemak. Veel realiteitsbesef heeft Jasmine niet.

Onaangenaam personage
Jasmine schuilt in San Francisco, omdat haar voormalige echtgenoot, de investeringsbankier Hal (Alec Baldwin), haar niet alleen heeft bedrogen in de liefde, maar ook berooid heeft achtergelaten. Ginger en haar voormalige echtgenoot Augie (Andrew Dice Clay) zijn eveneens door Hal belazerd. Aldus zet Allen de ingrediënten klaar voor een cocktail van komedie en zedenschets.

Cate Blanchett speelt de bepaald niet eenvoudige rol van Jasmine met verve. Ze vertolkt een in beginsel onaangenaam personage, verwend en hooghartig. Toch gaat de kijker gaandeweg sympathie voelen voor de vrouw die al haar ‘zekerheden’ ziet verdampen. In haar ogen schemert de wanhoop; niettemin volhardt ze in haar illusies, wat voor hilarische complicaties zorgt. De simpele Ginger daarentegen neemt het leven zoals het is en maakt er nog iets aardigs van. Ze heeft geen pretenties.

Blue Jasmine

Vertrouwd terrein
Blue Jasmine is Woody Allen ten voeten uit. De inmiddels 77-jarige regisseur, nog altijd goed voor een film per jaar, is terug op vertrouwd terrein. Kon hij zich in zijn recente ‘Europese’ films nog verschuilen achter grollen over culturele clichés, ditmaal is de ellende existentieel. De humor komt uit rake typeringen van contrasten tussen arm en rijk; proletariaat en bourgeois; realiteitszin en zelfbedrog. Ook de bijrollen zijn sterk bezet, met bijdragen van de in Amerika gekende komiek Louis C.K., Max Casella (bekend van The Sopranos en Boardwalk Empire) en Peter Sarsgaard.

Misschien is het de crisis, met alle ontnuchtering van dien, die Allen nieuwe inspiratie heeft gegeven. Blue Jasmine, hoe humoristisch ook, kent geen genade met de hoofdpersoon. De klassenstrijd eindigt in het voordeel van de simpelen van geest. Waren het in de jaren ’70 nog tobberige intellectuelen die stuk liepen op de werkelijkheid – denk aan Interiors of Manhattan – nu is het de leeghoofdige nouveau riche die de tol van de waan betaalt. Wrang en toch geestig, alleen een meester komt ermee weg.

 

16 augustus 2013

 

MEER RECENSIES

 

Elysium

***

recensie  Elysium

Het Eden van het roofkapitalisme

door Alfred Bos 

Op papier is Elysium de sciencefictionklapper van dit seizoen. Maar na zijn fantastische debuut, District 9, hadden we van Neill Blomkamp meer verwacht dan een generieke genrefilm. Al ziet die er wel geweldig uit. 

Op voorhand leek Elysium de meest interessante film van een zomerprogramma vol sciencefictionspektakel. Regisseur Neill Blomkamp verraste in 2009 met District 9, een van de beste SF-films van het afgelopen decennium. Dat was een overrompelende cocktail van actie, maatschappijkritiek en humor – vergelijkbaar met de SF-films van Paul Verhoeven – en een nauwelijks vehulde satire van het politieke systeem van Blomkamps geboorteland Zuid-Afrika. Zulke sterke debuten zie je niet wekelijks. 

Recensie Elysium

In zijn tweede feature film begeeft Blomkamp zich wederom in het sciencefictiongenre en opnieuw is het een metafoor voor de manco’s van onze eigen wereld. Het is 2154, de aarde is overbevolkt en zwaar vervuild; het Spaanstalige Los Angeles is èèn grote krottenwijk waar de verpauperde massa huist. De één procent rijken geniet exorbitante privileges op de kunstmaan Elysium, het Eden van het roofkapitalisme: een lappendeken van villa’s en gelandschapte tuinen, waar iedere grasspriet op zijn plek staat en alle bewoners perfect van lijf en leden zijn. Daar waakt minister Delacourt (Jody Foster) over de veiligheid. 

Uiteengereten vechtrobot
Na de blonde pruik van Behind The Candelabra acteert Matt Damon ditmaal met kale knar. Hij speelt Max, een getatoueerde fabrieksarbeider die door het fascistoïde systeem in een onmogelijke positie wordt geplaatst. Hij ontpopt zich als een Messias tegen wil en dank die de macht op de knieën krijgt en de superieure gezondheidszorg van Elysium toegankelijk maakt voor de vertrapten op aarde. Sharlto Copley, die in District 9 de rol van de protagonist speelde, vertolkt ditmaal de slechterik: een geheim agent met grootheidswaanzin. 

Elysium overtuigt het meest in de verbeelding van een uitgewoonde planeet, denk Gazastrook maal honderd. Ook Blomkamps evocatie van het totalitaire kapitalisme, met robotpolitie en een kunstmatige intelligentie als rechter, is raak getroffen. En net als District 9 blinkt ook Elysium uit in krankzinnig wapentuig, wat de schietscènes extra adrenaline geeft. Visueel indrukwekkend is het beeld van een vechtrobot die in slo-mo uiteen wordt gereten. 

Elysium

Generiek en humorloos
Toch laat Elysium geen bevredigend gevoel achter. Waar Blomkamp alles klaar zet voor een superieure SF-film, drukt hij als het erop aan komt niet door, maar valt terug op generieke verhaallijnen en uitgekauwde personages. Alsof het omvangrijke budget (naar verluidt honderd miljoen dollar) hem intimideerde en heeft doen kiezen voor de veilige weg. Het eerste uur overtuigt het meest, als de plot wordt opgezet. Maar zodra Max’s jeugdvriendin Frey (Alice Braga) en haar doodzieke dochtertje Matilde zich bij het verhaal voegen, is het gedaan met de geloofwaardigheid. 

Het gaat snel van kwaad tot erger en mondt uit in een feelgood finale die het glazuur van je gebit slaat. Waar is de satire van District 9  gebleven? Waarom is Elysium zo humorloos? Zo voorspelbaar? Het ligt niet aan Damon, die zich een solide actieheld-met-hart betoont. Het ligt ook niet aan de art directors, want die hebben een overtuigende toekomstwereld neergezet. Het ligt aan het script, ook van Neill Blomkamp. Goed, maar niet goed genoeg.

 

12 augustus 2013

 

 

ALLE RECENSIES

 

Mud

****

recensie  Mud

Liefde in al haar vormen

door Wouter Spillebeen

Regisseur en schrijver Jeff Nichols won voor zijn dramafilm Take Shelter drie awards op het festival van Cannes. Zijn nieuwe film Mud kon er afgelopen editie enkel nominaties in de wacht slepen, maar doet niet onder.  

Veertienjarige Ellis (Tye Sheridan) woont in Arkansas aan de oever van de Mississippi, een streek waar jongeren snel moeten opgroeien om mee met vader aan het werk te gaan. Met zijn beste vriend Neckbone maakt hij een boottocht naar een verlaten eilandje, want Neckbone weet er een aangespoelde motorboot liggen. Ze treffen een half verwilderde vreemdeling (Matthew McConaughey) aan die enkel belang hecht aan zijn hemd en zijn vuurwapen. Hij sluit een deal met de jongeren: de motorboot in ruil voor wat eten. Ellis is geïntrigeerd door de vreemde man die zichzelf voorstelt als Mud en besluit hem te helpen. Mud is op de vlucht voor het gerecht en wacht op zijn vriendin Juniper (Reese Witherspoon) om samen met haar het hazenpad te kiezen. Ellis ziet in de vreemdeling een mentor, want de ideale liefde die hij en zijn Juniper voor elkaar voelen vindt hij niet meer terug bij zijn ouders.

Recensie Mud

Optimist
Mud is een film over de aard van liefde in al haar vormen. Ellis ziet hoe zijn ouders steeds meer ruzie maken en uiteindelijk uit elkaar gaan. Hij leert van zijn vader dat het leven enkel om werk draait en dat al wat mooi is moet vergaan. Tegelijk ziet hij in Mud een idealistische optimist. Hij en Juniper lijken onvoorwaardelijk van elkaar te houden en hun toekomst samen kan niets anders dan hemels zijn, of toch? Mud leert Ellis de simpele dingen des levens te waarderen: de pracht van een houtvuur, liefdevolle opoffering en bijgeloof. Maar tegelijkertijd gebruikt Mud Ellis om voedsel en gereedschap te halen. Ellis krijgt nooit wat Mud hem belooft, liefde blijkt bedrog.

Contrasten
Van de prachtige locatie op en naast de Mississippi tot de gescheurde jeansbroeken en versleten petjes is Mud visueel een prachtig afgewerkt plaatje. Het leven van een visser langs de op een na langste rivier in Noord-Amerika ziet er hard, vuil en pover uit. Het contrast met de stadsmensen die met hun gewassen gezichten en propere kleren hautain lijken tegenover Ellis en zijn gezin, benadrukt hoe ver verschillende sociale klassen van elkaar kunnen staan, ook al komen ze dagelijks met elkaar in contact. Ook qua soundtrack en sound design mag Mud er wezen. De typische delta blues complimenteert de sfeer en het landschap perfect en overschaduwt de gebeurtenissen op het scherm nooit. Het is eenvoudig maar doeltreffend.

De interessante personages in de bevreemdende setting geven Mud een cachet waar veel filmmakers van dromen. In ieder detail zit een bom symboliek, zoals het hemd van Mud, de tattoo van Juniper en de gestrande motorboot. Mud verdient het meerdere keren bekeken te worden.

 

11 augustus 2013

 
ALLE RECENSIES

Pain and Gain

**

recensie  Pain and Gain

Meer spieren dan hersencellen

door Cor Oliemeulen

Van regisseur Michael Bay hoef je geen psychologisch portret van een groepje antihelden te verwachten, zijn enige doel is het bevredigen van de gemiddelde tienerjongen.  

Het jongste geweld van de maker van The Rock (1996) en Transformers (2007, 2009 en 2011) kan met een beetje goede wil worden aangeduid als zwarte actiekomedie. Drie bodybuilders zijn jaloers op rijke klanten van hun Fitness Gym en beramen een plan om één van hen te beroven. Het verhaal is gebaseerd op een werkelijke misdaad in het midden van de jaren negentig in zonovergoten Florida. Bay zou Bay niet zijn als hij niet zijn register van bombast, uiterlijk vertoon en snelle montages met korte flashbacks zou opentrekken. Pain and Gain verzandt al snel in een rommelige klucht met het doelloos verheerlijken van moorden.

Overschatting
De schrijvers van de familiefilms over Narnia hebben ditmaal hun fantasie helemaal de vrije loop gelaten. Ze hebben kennelijk genreklassiekers als Pulp Fiction en Fargo voor ogen gehad. In dat geval hebben ze hun eigen ambities en schrijfcapaciteiten schromelijk overschat en zijn ze vergeten dat Tarantino en Coen meesters zijn in de dialoog en totaal andere regiekwaliteiten bezitten dan Bay. Bovendien valt of staat een film met de kunst van het acteren. Je kunt grof geweld op een zwart-komische wijze relativeren, maar dat vereist wel een subtiele combinatie van de juiste mensen en het juiste materiaal.

Recensie Pain and Gain

In Pulp Fiction doorzeven twee hippe gangsters een niet-betalende drugsgebruiker die zojuist zonder succes zijn magazijn op hen heeft leeggeschoten. In Pain and Gain proberen de gelegenheidscriminelen twee lijken met een kettingzaag in te korten, echter het ding werkt niet omdat er ‘Made in China’ opstaat. Nog een voorbeeld. In Fargo stopt een boef zijn slachtoffer in een houtversnipperaar, wat helemaal past in het vele geklooi en het ziet er bovendien ‘esthetisch’ uit in het winterlandschap; in Pain and Gain volgt na het lijkenzagen een discussie over de noodzaak van het verwijderen van borstimplantaten, want het voluptueuze slachtoffer kan later mogelijk aan de hand van de serienummers worden geïdentificeerd. Conclusie: absurde situaties kunnen altijd en overal, maar de tentoongespreide geloofwaardigheid is doorslaggevend.

Amerikaanse Droom
De boeven in Pain and Gain zijn anders dom dan het duo in Fargo. Het trio wordt aangevoerd door Daniel Lugo (Mark Wahlberg) die zijn mooie baan als senior fitness coördinator niet lucratief genoeg vindt. Hij vindt twee collega-bodybuilders die net als hij de Amerikaanse Droom nastreven: net zo rijk worden als anderen. De eerste is Adrian Doorbal (Anthony Mackie), die door overmatig gebruik van steroïden impotent is geworden en zijn strippervriendinnetje wijsmaakt dat hij bij de CIA zit. De andere is Paul Doyle (Dwayne Johnson), die Jezus ziet als zijn persoonlijke redder, nadat hij als cocaïneverslaafde in de gevangenis heeft gezeten.

Ze kidnappen de zakenman Victor Kershaw (Tony Shaloub) die als half-Columbiaan, half Jood zijn best doet het opgewonden standje van Joe Pesci na te doen. Natuurlijk gaat de ontvoering niet zonder slag of stoot. Het trio koopt wat onwennig wapens. Vervolgens proberen ze het slachtoffer met een busje klem te rijden maar ze rijden eerst zichzelf klem, het apparaat om elektroshocks toe te dienen functioneert niet naar behoren en de intens vloekende zakenman wil uiteindelijk maar niet doodgaan en weet zelfs te ontsnappen. Het is aan een detective (Ed Harris) om alle losse eindjes met alle ongein aan elkaar te knopen. Behalve dan de geamputeerde grote teen van bodybuilder Paul.

 

9 augustus 2013

 
ALLE RECENSIES

Metéora

***

recensie  Metéora

Stille liefde tussen de wolken

door Joan Gebraad

Op de Griekse Peloponnesos staan de mysterieuze meteora, eeuwenoude Byzantijnse kloosters die tussen de wolken van een eenzaam dal zweven. Wat gebeurt daar binnen? Het inspireerde regisseur Spiros Stathoulopoulos tot een bijzondere liefdesfantasie.  

Licht flikkert de kale kloosterkamer van Urania in. Aan het klooster aan de andere kant van het diepe dal, gebruikt Theodorus (Theo Alexander, True Blood) een Byzantijns Jezusicoon om de zon te weerkaatsen. Urania (Tamila Koulieva) kijkt op van haar gebed en hangt een donkere lap voor het raam. Maar toch wint op dat moment haar vleselijk verlangen het van haar devotie aan God.

Zo communiceren de twee na elkaars blik gevangen te hebben tijdens een mis. Uiteindelijk zet Theodorus de eerste stap en beginnen ze elkaar te ontmoeten. De liefde groeit, maar hun geweten knaagt. Kiezen deze twee voor hun liefde of die voor God? Dit is het dilemma dat Metéora aansnijdt.

Recensie Metéora

Geweldige Griekse sfeer
De Columbiaans-Griekse Spiros Stathoulopoulos keert na het gelauwerde PCV-1  terug naar zijn Griekse wortels. Dat doet hij subliem. Hij weet de intimiteit, heiligheid en devotie die in dergelijke Griekse kloosters hangt goed neer te zetten, evenals de typisch Griekse atmosfeer. Dat doet Stathoulopoulis onder meer door gebruik te maken van stilte. Je hoort de krekels je, je voelt de verzengende hitte. In de verte blèrt een berggeit en speelt de herder op zijn fluit. De bijbehorende beelden treffen perfect de schoonheid van het landschap. Verder bevriest de regisseur shots soms voor langere periodes. Het beeld staat stil, als metafoor voor de onveranderlijkheid van het orthodoxe kloosterleven.

Bijzondere vertelwijze
Stathoulopoulos experimenteert niet alleen met beeld en geluid, maar ook met storytelling. Scènes met levende mensen worden afgewisseld met animatiescènes in Byzantijnse stijl. Ze representeren de innerlijke worsteling van Theodorus en Urania en zitten vol verwijzingen naar christelijke legenden en mythologie. De meeste indruk maakt de animatie waarin Theodorus al een soort Theseus met een draad een labyrint in loopt. Midden in de doolhof treft hij Christus aan het kruis. Theodorus slaat nagels in diens polsen, waarna die beginnen te bloeden en het labyrint overstroomt met Christus bloed.

Teveel nadruk op experimenten
Dat Stathoulopoulos experimenteert is prima. Hij maakt daarmee Metéora tot een intrigerende film. Echter, dat mag niet ten koste gaan van het verhaal. De regisseur snijdt zeker bepaalde (orthodox-religieuze) thema’s aan: zelfkastijding, de strijd tussen goddelijke devotie en vleselijk verlangen en de bijbehorende ‘zondes’ masturbatie en seksuele gemeenschap. Toch had hij de romance van zijn hoofdpersonen meer aandacht en tijd mogen geven door meer reguliere scènes te wijden aan de emotionele relatie tussen Urania en Theodorus. Nu overschaduwen Stahoulopoulos’ experimenten de menselijke interactie.

Metéora is het bekijken zeker waard. De animaties, gebruik van beeld en geluid en de bijzondere context van dit liefdesverhaal zijn interessant. Als kijker waan je je zo’n achtenzeventig minuten in Griekenland, maar verwacht niet compleet te worden meegesleept door passionele liefde.

 

6 augustus 2013

 
ALLE RECENSIES

Behind the Candelabra

****

recensie  Behind the Candelabra

Steenrijk en seksverslaafd

door Alfred Bos 

In Behind the Candelabra toont regisseur Stephen Soderbergh de surrealistische wereld achter de zorgvuldig geconstrueerde façade van het showbizzfenomeen Liberace, de man die de uitdrukking ‘laughing all the way to the bank’ bedacht. De acteerprestaties van Michael Douglas (Liberace) en Matt Damon (diens geliefde, Scott) zijn Oscar-waardig. 

Tijdens zijn leven was Liberace (1919-1987) een fenomeen: de best verdienende performer ter wereld, verguisd door de critici maar aanbeden door dames van middelbare leeftijd. Achter de piano, gehuld in uitzinnige kostuums, versuikerde hij klassieke werken én boogie woogie tot edelkitsch. In de vroege jaren ’50 werd hij dankzij de televisie een ster door recht in de camera te kijken en zich bij de kijker te presenteren als huisvriend. Zijn Vegas-shows waren van een oogverblindende praal. Elton John zag in hem zijn grote voorbeeld.

Recensie Behind the Candelabra

‘Teveel van het goede is geweldig’ was een motto van de zelfverklaarde Mr. Showmanship en Michael Douglas spreekt ze uit aan het slot van Stephen Soderberghs twee uur durende biopic, Behind the Candelabra. Douglas speelt op meer dan overtuigende wijze de gevierde ster, die buiten de blik van het adorerende publiek hunkert naar intimiteit en liefde. Die vindt hij bij Scott Thorson (Matt Damon), een biseksuele dierenarts in spe.  De film, gebaseerd op Thorsons memoires, vertelt hun affaire die sneuvelt in exces.

Seksverslaafd
Liberace heeft altijd volgehouden nooit te zijn getrouwd omdat hij de juiste vrouw – die op zijn moeder moest lijken – niet was tegengekomen. Tegenover de Engelse rechter, tijdens een proces tegen een Brits tabloid over smaad, ontkende hij homoseksueel te zijn. Behind the Candelabra toont de werkelijkheid achter de showbizzfaçade, in al zijn krankzinnige kitsch en emotionele behoeftigheid.

Liberace is psychisch getekend door een overdominante moeder. Scott heeft een verleden in pleeggezinnen en mist een vaderfiguur. Lee (voor zijn vrienden) wil Scott adopteren en laat hem door zijn plastische chirurg, de totale engerd Dr. Starz (een glansbijrol van Rob Lowe), ombouwen tot een jongere kopie van zichzelf. In die totaal verknipte waanwereld komen barsten, want de libidineuze entertainer is bezitterig en de tot chauffeur gepromoveerde bijslaap gaat rebelleren. De een is verslaafd aan seks, de ander aan coke. Teveel van het goede blijkt teveel.

Behind the Candelabra

Constructie
Michael Douglas is weinig minder dan fenomenaal als de temerig pratende, behoeftige übernicht. Van de karikatuur die Liberace was kun je geen vileine spotprent meer maken en Douglas’ portret is de treffende typering van een man die voor alles een constructie was, iemand die zichzelf had uitgevonden en die rol met ijzeren consequentie tot zijn sterfbed bleef spelen. Matt Damon doet daarvoor nauwelijks onder als de zachtaardige, maar met realiteitszin behepte Scott. De scènes tussen de twee in bad en bed zijn benauwend echt.

Behind the Candelabra is door regisseur Soderbergh aangekondigd als voorlopig zijn laatste film. Voor de liefhebber is het te hopen dat hij op dat besluit terug komt, maar mocht dit zijn afscheid blijken, dan is hij met fanfare en tromgeroffel van het podium gestapt. De film overtuigt op alle fronten, niet in de laatste plaats door de opvallende acteerprestaties, Het is dat deze door HBO geproduceerde – en in Amerika op tv vertoonde – film niet in aanmerking komt voor de Academy Awards, anders waren de  Oscars voor mannelijke hoofd- en bijrol reeds vergeven.

 

5 augustus 2013

 
ALLE RECENSIES
 

Passé, Le

***

recensie  Le Passé

Moeizame gezinsrelaties

door Joan Gebraad

Asghar Farhadi won in 2011 de Oscar voor de beste buitenlandse film voor A Separation. De verwachtingen voor Le Passé waren hooggespannen. Helaas struikelt de Iranese regisseur over zijn eigen vertelambities.  

Le Passé is net als A Separation een familiedrama over menselijke relaties. Na vier jaar keert de Iranese Ahmed (Ali Mosaffa) op verzoek van zijn vrouw Marie (Bérénice Bejo, The Artist) terug naar Frankrijk. Of hij de scheidingspapieren wil ondertekenen. En met haar puberdochter Lucie (Pauline Burlet) wil praten. Lucie verzet zich namelijk om onbegrijpelijke redenen tegen Marie’s voorgenomen huwelijk met stomerijeigenaar Samir (Tahar Rahim: Un prophète).

In Parijs belandt Ahmed in een web van moeizame onderlinge gezinsrelaties en neemt onbedoeld de rol van bemiddelaar op zich. Niet alleen tussen Lucie en Marie, maar ook tussen Faoud (Elyes Aguis), het zoontje van Samir en zijn vader. Beetje bij beetje wordt niet alleen duidelijk wat Lucie’s grote geheim is, ook hoe dit de gemoedstoestanden en stroeve relaties tussen iedereen in de film verklaart.

Recensie Le Passé

Ingetogen acteerspel
De emotionele vlakheid van de personages in bepaalde situaties springt erg in het oog. Zowel Ahmed als Samir heeft een zweem van depressie over zich heen hangen. Marie, overigens een uitstekende rol, zwengelt heen en weer tussen heftige emotionele uitbarstingen en passiviteit. Geen van hen lijkt in staat liefde voor de ander te tonen. Er brandt nog wat liefdesvuur tussen Ahmed en Marie, net zoals tussen haar en Samir, maar Farhadi laat hen heel bewust geen enkele affectie tonen. Hij instrueerde zijn acteurs duidelijk hun emoties in te tomen. Toch is affectie nodig voor identificatie met de personages. Het is moeilijk om je als kijker te kunnen identificeren met zwaar depressieve personages die emotioneel verlamd zijn.

Intrigerende verhalen, maar te veel verhaallijnen
De persoonlijke verhalen van de personages zijn stuk voor stuk menselijk en aangrijpend. Over het mozaïek van de onderlinge relaties tussen de personages niets dan lof. Stuk voor stuk zijn ze intrigerend. De gespannen driehoeksverhouding tussen Samir, Ahmed en Marie. De moeizame relatie van de volwassenen hoofdpersonen met die van de kinderen.

Farhadi begaat echter een blunder qua storytelling. Hij besteedt aandacht aan de perspectieven van alle personages. Dat zijn er gewoonweg te veel voor een film van twee uur. Daardoor mist Le Passé een duidelijk perspectief en dwaalt soms te ver af. Gedurende het tweede uur vraag je je af wat de functie van Ahmed nog is en waarom hij in vredesnaam helemaal uit Iran over moest komen om zich met de problemen van Marie, Samir en hun samengestelde gezin te bemoeien. Hun problemen spelen zich af in het hier en nu, Ahmed behoort tot Marie’s verleden. Geen van de personages kan echter het verleden achter zich laten, is Farhadi’s boodschap. Dat kan hij echter ook prima duidelijk maken met minder verhaallijnen.

Spanningsdosering
Een ander mankement van Le Passé is de spanningsopbouw. De eerste helft is het verteltempo erg traag. Pas in het tweede deel komt de film goed op gang en geeft Farhadi ineens zoveel interessante informatie weg dat het je overdondert. Toch geeft hij geen antwoord op alle vragen. En dat knaagt. Waarom in het eerste uur niet meer vragen beantwoorden en in het tweede uur de rest invullen?

Al met al is Le Passé een mooie film met intrigerende verhaallijnen en goed acteerspel. Jammer van de spanningsopbouw en het gebrek aan keuze voor een duidelijk perspectief. Anders had Le Passé net als A Separation een geweldige film kunnen zijn.

 

3 augustus 2013

 

ALLE RECENSIES

Lone Ranger, The

***

recensie  The Lone Ranger

Bassie & Adriaan en het Witte Paard

door Karina Meerman

Curieuze mix van slachting en slapstick sleurt naoorlogse cowboyheld en indianenvriend de 21ste eeuw in. Een onderhoudende film, met een belangrijke bijrol voor de Willem Tell Ouverture.  

The Lone Ranger en Tonto vormen een legendarisch duo uit de Amerikaanse cultuur. De tv-serie stamt uit de jaren veertig en Tonto is de nietszeggende Indiaan die de heldhaftige All American  cowboy bijstaat in zijn avonturen. In zijn eentje (nou ja, met Tonto dan) strijdt de rechtvaardige Ranger tegen onrecht, galopperend over de prairie op zijn witte paard Silver. Hey ho!

Het oorspronkelijke duo heeft een ferme plek veroverd in de populaire cultuur tussen vergelijkbare setjes als Han Solo en Chewbacca, Holmes en Watson en Frodo en Sam. Eén is de slimste, de ander heeft een ondergeschikte rol maar is ook de onmisbare steun en toeverlaat. De rolverdeling is duidelijk, de twee personages versterken elkaar, maar eigenlijk is er maar één de held.

Kraai op het hoofd
Een onderdanige Indiaan kon natuurlijk niet in 2013 en regisseur Gore Verbinski (Pirates of the Carribean, Rango)  besloot de twee een heel andere relatie te geven. Het is niet langer duidelijk wie Han Solo is en wie Chewbacca. The Lone Ranger, die de film begint als rechtschapen advocaat John Reid (Armie Hammer), is niet de man naar wie alle aandacht uitgaat. Die wordt getrokken door Tonto, gespeeld door een beschilderde Johnny Depp met een kraai op zijn hoofd. Hij is ook degene die het verhaal vertelt. Wie zich zorgen maakt dat Depp een variatie neerzet van Jack Sparrow, wees gerust. Slechts één duidelijke verwijzing spat van het doek, verder lijkt Tonto weinig op Depps andere creatie.

Recensie The Lone Ranger

Deze Lone Ranger en Tonto zijn aan elkaar gewaagd, in heldhaftigheid en in onnozelheid. Eerlijk gezegd doet dit duo soms meer denken aan Bassie en Adriaan, dankzij doldwaze dialogen, begeleid door onnatuurlijk paardengedrag en omringd door stereotype slechteriken. Door de oude Tonto het verhaal te laten vertellen, kan Verbinski de grenzen van het mogelijke oprekken. Tonto herinnert zich immers niet alles even helder. Slimme truc, maar soms ook irritant. Moest dat nou, met die konijnen? Toch heeft de film ook oprechte emotie en is de groeiende vriendschap tussen de twee geloofwaardig.

Poesje van hoerenmadam
En dat terwijl het verhaal zich beweegt tussen slachting en slapstick. Gaandeweg leren we waarom Tonto een kraai op zijn hoofd heeft en blijkt het een treurige geschiedenis. Dit in dezelfde film waarin John Reid het jonge poesje zoekt van een sympathieke hoerenmadam (Helena Bonham Carter). Het voelt een beetje ongemakkelijk om het ene moment te grinniken en het andere moment close-up een moord te aanschouwen. Soms werkt dat, soms niet.

Uiteindelijk is The Lone Ranger een lekkere avonturenfilm, met cowboys, indianen, ongewassen boeven, een nieuwe spoorlijn, een oude zilvermijn, een bordeel, een obscuur stadje en glimmende sheriff-sterren. Het begint allemaal wat rommelig, maar wees gerust. Wanneer de Willem Tell Ouverture in alle hevigheid losbarst, worden alle losse eindjes opgeruimd.

 

2 augustus 2013

 
ALLE RECENSIES

Bling Ring, The

***
recensie The Bling Ring
De paaldanspaal van Paris

door Alfred Bos

Sofia Coppola vertelt zonder enig commentaar het waar gebeurde verhaal van vijf tieners in Los Angeles die insluipen in villa’s van film- en mediasterren om de lifestyle van de rich & famous  na te spelen. The Bling Ring is bijna een documentaire.

Tussen al het blockbustergeweld uit de horror- en sciencefictionhoek maakt Sofia Coppola’s The Bling Ring een weldadig realistische indruk. Al heeft het verhaal over vijf aartsverwende en wereldvreemde pubers uit Los Angeles bepaald surrealistische trekjes, The Bling Ring tekent – zonder enig moreel oordeel te vellen – een liefdeloze wereld waarin merkfetisjisme het gebrek aan bezieling compenseert.

The Bling Ring

Rebecca (Katie Chang) leert Marc (Israel Broussard) kennen op een ‘laatste kans’ middelbare school. Beiden hebben, om hun eigen reden, moeite om zich te conformeren aan de mores van de buitenwijk. Om het gat in hun ziel te dichten gaan ze, op initiatief van Rebecca, inbreken in villa’s van film- en mediasterren. Op internet lezen ze dat Paris Hilton of Orlando Bloom een aantal dagen niet thuis zijn. Via Google Maps vinden ze in een mum het juiste adres. ’s nachts breken ze in, bijgestaan door Nicki (Emma Watson), Emily (Georgia Rock) en Chloe (Claire Julien), en vergapen zich aan de overdaad. Ze spelen Parisje en feesten in haar privéclub, inclusief paaldanspaal.

Fame, drugs & fashion
Dat loopt al snel uit de hand, want het kan allemaal zomaar; er lijken geen grenzen. De kledingkasten en bijoukabinetten van Paris Hilton worden geplunderd en behangen met hun trofeeën gaat het clubje wannabe-sterren feesten. De foto’s van hun clubavonturen plaatsen ze op Facebook. Het vijftal is het product van een cultuur die is geobsedeerd door roem en glitter, waarin labels en brands de nieuwe rocksterren zijn en ostentatief consumeren de status definieert. De sex, drugs & rock ’n roll van hun ouders is vervangen door fame, drugs & fashion. Pillen moduleren de gemoedstoestand.

Fraai is de scène waarin het clubje een grote glazen villa binnenvalt. De camera staat hooggeplaatst en biedt een totaalshot, dat langzaam inzoomt. Het gaat allemaal moeiteloos en vlekkeloos; de armen gevuld met kleren, schoenen en snuisterijen zien we ze 120 seconden later wegsluipen, de anonieme nacht in. Het beeld is ironisch – en ionisch: de sterren maken zich druk om hun privacy, maar ze leven in een glazen huis.

Recensie The Bling Ring

Losgezongen van de werkelijkheid
Sofia Coppola is de chroniqueur van de moderne leegte. En het sterke is dat ze daar verder geen oordeel over heeft. Haar vorige film, Somewhere (2010), registreerde haarfijn het lege leven van een verlopen acteur. Zonder spot, zonder deernis. Het onderwerp is zo losgezongen van de werkelijkheid dat verder commentaar overbodig is. In The Bling Ring past ze dezelfde methode toe. Het maakt de film ogenschijnlijk saaier, maar ook indringender. De kijker heeft alle ruimte om zijn eigen reactie te ontwikkelen.

Coppola schetst de Bling Ring niet als daders noch als slachtoffers, maar als uitwas van de mediamaatschappij. Het is hen niet in de eerste plaats om het geld te doen. Marc verpatst een collectie peperdure horloges voor een schamele 5K. Het is ook niet zozeer de thrill van het insluipen. Ze willen het leven van de mediasterren, met alle excessen die aan die status kleven. Zou het toeval zijn dat ringleader Rebecca op de Bob Hope luchthaven in de Dolce & Gabbana-kraag wordt gevat? Ze gaat voor vier jaar de bak in en moet 800.000 dollar schadevergoeding betalen. Marc krijgt een jaar en mag drie ton lappen. De door en door verwende Nicki wandelt weg. De buit bedroeg drie miljoen dollar.

 

29 juli 2013

 

MEER RECENSIES

 

Heat, The

*

recensie  The Heat

Inhoudsloze parodie op buddy cops

door Wouter Spillebeen

Taglines en promotiemateriaal noemen The Heat de beste komedie van het jaar. Dat is zeer hoog gegrepen voor een ondermaatse politiefilmparodie.  

Het is een verhaal zo oud als de straat: een goede agent die alles volgens het boekje doet – in dit geval Sandra Bullock als Sarah Ashburn – krijgt een lakse, slordige en smerige partner – Melissa McCarthy als Shannon Mullins. In The Heat gaat het onwaarschijnlijke duo op jacht naar een beruchte drugsbaron wiens invloed tot in de familie van Mullins reikt. Om de man die alleen bekend staat als Lassen op te sporen, moeten ze onderaan de ladder beginnen: bij de kleine dealers op straat. Terwijl ze op hun eigen manier steeds dichter bij Lassen komen, worstelen ze met elkaar en andere politieafdelingen.

Losse grappen
Het verhaal is compleet ondergeschikt aan de grappen en dient enkel om de sketch-achtige scènes aan elkaar te rijgen. Dat maakt de filmervaring zeer oppervlakkig en verhindert enige vooruitgang. De losse grappen missen vaker hun doel dan ze het raken. Door het gebrek aan diepgang en originaliteit lijkt het soms alsof het script overhaast in elkaar is geflanst, zeker wanneer scheldpartijen van Mullins niet de verhoopte lachsalvo’s veroorzaken.

Recensie The Heat

De vergelijking met Simon Peggs Hot Fuzz dringt zich op. Die film uit 2007 is net als The Heat  een parodie op films over politieduo’s. Hot Fuzz is hilarisch omdat alle grappen in direct verband staan met het zeer originele verhaal. De personages zijn weliswaar clichématige karikaturen, maar ontwikkelen zich. In The Heat staan de grappen en het verhaal los van elkaar, beide kunnen vrij van elkaar verteld worden en zijn inhoudsloos.

Competentie
De personages in The Heat zijn niet alleen onderontwikkeld, maar ook ongeloofwaardig. Mullins zou in een half realistische situatie dertig keer ontslagen zijn, onder andere omdat ze haar vuurwapen regelmatig zonder reden mikt op onschuldige burgers. Desalniettemin vindt Ashburn het gepast om haar collega luidkeels te prijzen als de meest competente agent in het hele team. Zelfs de meest belachelijke komedie kan alleen aandacht vasthouden als die een minimum aan realisme en karakterontwikkeling kent.

In The Heat acteren heel wat mensen die in het comedygenre hun strepen verdiend hebben. De cameo’s van komieken als Bill Burr en Michael Rapaport zijn een leuke aanvulling voor toppers als Sandra Bullock, die eigenlijk haar personage uit Miss Congeniality herhaalt: een ietwat stuntelige agente die zeer hard probeert serieus te worden genomen. De cast reflecteert hoe hard The Heat  probeert een grootmacht in comedy te zijn, maar alle topkomieken ter wereld kunnen het script niet redden.

28 juli 2013

ALLE RECENSIES