Zero Days

****

recensie Zero Days

Oorlog in het digitale domein

door Alfred Bos

Hoe geheime diensten hun hand overspeelden en een tactisch cyberwapen onbedoeld zich over de hele wereld verspreidde. Zero Days zet het digitale equivalent van de atoombom in de schijnwerpers.

Zero days is het jargon van hackers voor nog niet ontdekte codeerfouten die kunnen dienen als toegangsdeur om in te breken in een computer of computersysteem. Ze zijn de graal voor criminelen en spionnen, want is het gat eenmaal gebruikt dan is het ook bekend bij de gedupeerde en wordt doorgaans snel gedicht. Zero days zijn handel op de illegale marktplaats van internet, het donkere web alias darknet.

Zero Days is de titel van de film die de Amerikaanse documentairemaker Alex Gibney heeft gemaakt over het meest opzienbarende – en angstaanjagende – voorbeeld van cyberwarfare, oorlog die zich afspeelt in het digitale domein maar verregaande consequenties heeft voor de wereld van baksteen en asfalt. Het idee: leg een energiecentrale plat en een stad zit zonder stroom. Dat is een stuk efficiënter en kosteneffectiever dan platbombarderen.

Zero Days

Vernietigende worm
Centraal in Zero Days staat Stuxnet, de naam waaronder een geheimzinnige computercode bekend werd. In 2010 voor het eerst geïdentificeerd als malware (software voor spionage- of sabotagedoeleinden), werd binnen kringen van internetbeveiligers gaandeweg duidelijk wat Stuxnet feitelijk was: een worm die het atoomprogramma van Iran saboteerde. Verbazing, zelfs ontzag, was er over de verfijning en de complexiteit van de worm.

Virussen vallen computers aan en worden door een netwerk verspreid door de gebruikers van de geïnfecteerde computers. Computerwormen attaqueren een netwerk en verspreiden zichzelf, daar zijn geen onwetende gebruikers voor nodig. Stuxnet zat zo sluw in elkaar dat het nooit het product van één hacker kon zijn. Niemand is zo slim en niemand heeft de tijd om zo’n omvangrijk programma te schrijven. Stuxnet moest de creatie van een team zijn.

De sporen wezen naar de geheime diensten van Israël en Amerika, landen die ten koste van alles wilden verhinderen dat het door conservatieve islamitische geestelijken geregeerde Iran over een atoomwapen zou kunnen beschikken. Zero Days opent spectaculair met een nagespeelde aanslag op een Iraanse atoomfysicus en maakt vervolgens veel tijd vrij om het hoe, wat en waarom van de zaak helder te maken.

Bloedstollende implicaties
Het onderwerp van Zero Days staat voor de meeste kijkers wellicht ver van hun bed en de grimmigheid van het Stuxnet-verhaal haaks op het enthousiasme waarmee men zich dagelijks overgeeft aan de virtuele wereld van de sociale media.

Daar is de regisseur – hij maakte recentelijk spraakmakende en onthullende documentaires over Steve Jobs (The Man in the Machine) en de Scientology ‘kerk’ (Going Clear: Scientology and the Prison of Belief ) – zich terdege van bewust en hij steekt veel energie in de uitleg en presentatie van het exotische onderwerp. Pratende hoofden van insiders (technici, politici en spionnen) wisselen af met verhelderende animaties en gestileerde graphics. Saai is Zero Days nimmer.

Dat kan ook nauwelijks, want het verhaal en zijn implicaties zijn bloedstollend. Tussen 2008 en 2010 functioneerde Stuxnet perfect. De centrifuges van het Iraanse atoomprogramma trilden kapot, terwijl de technici op hun monitors niets vreemd aflazen. Toen ging het mis. Men ging aan Stuxnet sleutelen, de nieuwe versie was agressiever dan de vorige en—Stuxnet ontsnapte. De worm vermenigvuldigde zich vanuit Iran en dook op in industriële installaties over de hele wereld, ook Amerika. Zo werd Stuxnet ontdekt.

Officieel is de worm niet meer actief sinds 24 juni 2012; in de code was een einddatum geprogrammeerd. Het is echter niet bekend of alle kopieën van Stuxnet zijn gedetecteerd dan wel verwijderd en in beginsel kan de sluimerende malware opnieuw worden geactiveerd. Dat zou de infrastructuur van menige geïndustrialiseerde natie kunnen platleggen, een grotere nachtmerrie is nauwelijks denkbaar.

Zero Days

Digitale atoombom
Voormalig CIA- en NSA-directeur Michael Hayden spreekt over Stuxnet als het digitale equivalent van de atoombom en pleit voor meer openheid van spionagediensten en overheden over hun cyberwapenprogramma. Net zoals er internationale verdragen zijn voor atoomwapens moet er een verdrag voor cyberwapens komen.

En daar zit het horror-aspect van Zero Days. Het is niet eens de technologie, het is hoe de politiek daar mee omgaat. Ze houden hun speelgoed liever onder de pet en ontkennen de risico’s, ook daar is de documentaire glashelder over. Ondertussen is er vorig jaar ingebroken in de computers van de NSA en zijn cyberwapens – net als Stuxnet – ‘ontsnapt’ naar het publieke domein. De mogelijke consequenties doen de nachtrust geen goed.

Stuxnet ontbreekt geheel in de gesponsorde propagandafilm Lo and Behold die Werner Herzog het afgelopen jaar over internet maakte. Alex Gibney’s Zero Days haalt dat sprookje hard onderuit, in het net slaapt een grote boze wolf. Na het zien van Zero Days kijk je nooit meer hetzelfde naar je smartphone.
 

24 maart 2017

 

Ondertussen, op de redactie:
Hoe hebben jullie naar Zero Days gekeken?


MEER RECENSIES

Life, Animated

****

recensie Life, Animated

Disney als referentiekader

door Cor Oliemeulen

Door het kijken naar animatiefilms van Disney leren opgroeiende kinderen vaak wat goed en slecht is. Eenmaal volwassen zijn de meesten in staat de nuance te zoeken. In de verwonderlijke documentaire Life, Animated maken we kennis met een autistische jongen die Disney gebruikt om de echte wereld te leren begrijpen.

Owen Suskind lijkt tot zijn derde een normale peuter, maar dan verandert hij plotseling. Diagnose: autisme. Hij praat niet meer, sluit zich op in zijn hoofd en is bijna vier jaar niet te bereiken. De wereld is te intens voor zijn hersenen, zegt zijn moeder. Het enige waarop Owen reageert zijn Disney-films. Zijn ouders ontdekken dat ze slechts met hun jongste zoon kunnen communiceren op de manier waarop personages uit Disney-films praten. Tot het moment dat hij zijn schooldiploma haalt en zowaar verliefd wordt, leert Owen heel langzaam de echte wereld te begrijpen aan de hand van de uitvergrote karakters van zijn tekenfilmhelden. Maar het echte leven is geen Disney-script, dus wordt Owen onzeker, vooral nu hij op het punt staat om zelfstandig te gaan wonen.

Life, Animated

Leren leven dankzij Disney
Regisseur Roger Ross Williams werd in ons land vooral bekend door Blackface, een korte documentaire over Zwarte Piet die hier en daar op de nodige weerstand stuitte. Williams is zwart, homofiel en voelde zich als kind, net als Owen Suskind, afgesloten van de wereld. Hij moest een manier vinden om contact met de echte wereld te maken. Net als Owen trok hij zich terug in fantasieën en creëerde hij verhalen in zijn hoofd.

Het is dus niet verwonderlijk dat outsiders een belangrijke rol in Williams’ loopbaan spelen. In Amerika genoot hij faam als tv-journalist en won in 2010 als eerste Afro-Amerikaanse filmregisseur een Oscar: voor Music by Prudence, zijn eerste korte documentaire waarin hij een groep gehandicapte Afrikaanse muzikanten volgt. De fascinatie voor buitenstaanders, gekoppeld aan zijn persoonlijke leven en betrokkenheid geeft Life, Animated een mooie gelaagdheid. De film is gebaseerd op een boek van Owens vader, Ron Suskind.

Het intieme portret van Owen Suskind is niet zomaar een documentaire over een autist die langzaam zelfstandig wordt. Hij is een fenomeen die na een periode van louter brabbeltaal leert praten én leven, dankzij de animatiefilms van Disney. Owen kent niet alleen alle teksten van buiten, de overdreven emoties van Disney zijn gemakkelijker te begrijpen. Owen gebruikt filmscènes om zichzelf uit te drukken. Zo is Hercules zijn voorbeeld voor als je niet wilt opgeven, Jungle Book als je vrienden nodig hebt en fungeert Pinokkio om te leren hoe het voelt om een echte jongen te zijn.

Life, Animated

Perspectief op ingewikkelde wereld
We observeren Owen in zijn dagelijkse activiteiten en zien hoe hij een Disney Club voor lotgenoten heeft opgericht. Ze kijken en bespreken wat bepaalde scènes in hun eigen leven betekenen. Het bezoek van twee bekende stemauteurs van Disney is prachtig en hilarisch. Het sterkste punt van Life, Animated is dat we Owen niet alleen observeren, maar vooral ín het hoofd van Owen zitten. We zijn getuige van zijn perspectief op hemzelf en de ingewikkelde wereld om hem heen. Een gevoel dat wordt versterkt door de vormgeving: een combinatie van homevideo’s uit Owens kindertijd, animaties die zijn gebaseerd op zijn eigen tekeningen en natuurlijk scènes uit Disney-klassiekers, waaraan Owen behoefte blijft houden en die hij met intense gevoelens volgt.

Owen is goedlachs, emotioneel, openhartig en eerlijk. Hij mag dan wel voornamelijk leven volgens mythes en fabels en een onschuldige kijk op de wereld hebben, maar dat maakt zijn perspectief soms juist bijzonder origineel en meer dan eens verrassend wijs. Nu is hij 23 en is het zijn ouders gelukt om hem een beetje uit zijn ‘gevangenis’ te trekken. De tijd van zelfstandigheid breekt aan, alle veranderingen zijn nieuw en spannend voor hem. Gelukkig heeft Owen een bepaald bewustzijn ontwikkeld: hij kan goed reflecteren op zijn leven en de moeilijkheden waarmee het gepaard gaat. En mocht hij eens triest zijn, dan kan Owen zelf zomaar in een animatiefilm belanden.
 

18 maart 2017

 
MEER RECENSIES

Gimme Danger

***

recensie Gimme Danger

Verguisd maar niet vergeten

door Alfred Bos

Te zien in gelimiteerde release: het verhaal van The Stooges, de band rond Iggy Pop. Ze maakten toen geen enkele deuk, maar gelden inmiddels als de eerste punkband. Vastgelegd door Stooges-fan Jim Jarmusch.

Mooi om te zien hoe Iggy Pop (James Ostenberg, 1947) na een halve eeuw in de schaduw is uitgegroeid tot onversneden cultheld. Hij is niet uit de media weg te slaan; zijn gelooide tronie met die melancholieke blik straalt een authenticiteit uit die voor de muziekgeneratie van nu – de Justin Biebers en de Lady Gaga’s – met geen stylingrecept, tatoeëernaald of heroïnespuit valt te kopiëren. Iggy is echt. Hij heeft het leven geleefd. Kom daar maar eens om bij de jonkies.

Gimme Danger

Aldus liggen er twee recent verschenen boeken over hem in de winkel, is hij de gids in Erik Lieshouts documentaire To Stay Alive – A Method, werkt hij als acteur mee aan de nieuwe film van Terrence Malick en is er voor de ware fan een heus Iggy Pop action figure. Nu zowel Lou Reed als David Bowie rocken met de engelen, is Pop de laatste der Mohicanen, ieders favoriete rock & roll opa. Waar die platina reputatie op is gebaseerd, toont de documentaire Gimme Danger, die Iggy-fan Jim Jarmusch (Pop acteert in Dead Man en Coffee and Cigarettes) heeft gemaakt over Iggy’s eerste band-met-platencontract, The Stooges.

Nihilisme en rudimentaire rock
Net als The Velvet Underground werden The Stooges tijdens hun actieve jaren nauwelijks opgemerkt – alleen gewaardeerd door een minieme groep liefhebbers; de toen nog onbekende David Bowie was fan van beide bands – en is hun reputatie door de jaren heen langzaam gegroeid. Eerst onder muzikanten, na de reünie van 2003 ook bij het publiek.

The Velvet Underground staat inmiddels bekend als de aartsvaders van de alternatieve rock en The Stooges worden erkend als pioniers van punk. Er zijn meerdere lijnen tussen beide bands: VU-bassist John Cale produceerde het debuutalbum van The Stooges, Iggy scharrelde met VU-zangeres Nico en David Bowie produceerde zowel voormalig VU-voorman Lou Reed als Pop.

Dat debuutalbum, The Stooges uit 1969, en plaat nummer twee, Fun House van een jaar later, verkochten indertijd voor geen meter. Maar het nihilisme en de rudimentaire rock van die twee klassiek geworden albums, haaks op de hippiegeest van Woodstock, vormden midden jaren zeventig een voorname inspiratiebron voor punk: The Sex Pistols coverden de Stooges-track No Fun. Iggy is de granddaddy of punk. De complete punk en new wave-scene van New York in de jaren zeventig – New York Dolls, Patti Smith, Ramones – heeft naar The Stooges geluisterd. Ook Jim Jarmusch was fan.

Halfbakken anekdotes
En dat is misschien wel de grootste makke van Gimme Danger, Jarmusch zit zijn onderwerp te dicht op de huid. De betrokkenheid en kennis van zaken zit in ieder frame van de 108 minuten die de docu duurt. Er is echter geen kritische afstand, weinig context, geen brede visie. Jarmusch heeft ook de handicap dat zijn film eigenlijk te laat komt. Gitarist Ron Asheton is in 2009 overleden, toen zijn reputatie dankzij de groepsreünie van 2003 was gezet. Jarmusch was nog net op tijd om drummer Scott Asheton (overleden in 2014) en saxofonist Steve Mackay (overleden in 2015) voor de camera te halen.

Gimme Danger

Als overlever lijkt Pop onthecht en niet wezenlijk geïnteresseerd in een evaluatie van zijn jeugdwerk; hij beperkt zich tot een paar halfbakken anekdotes. Wat ook niet helpt is dat The Stooges in hun klassieke bezetting maar twee platen hebben gemaakt; de versie met James Williamson op gitaar steekt bleekjes af tegen The Stooges van hun debuutplaat en Fun House. Er is dus niet zo heel veel te vertellen. Bovendien is beeldmateriaal van toen schaars en hebben de nog levende bandleden weinig te melden. Het verhaal van The Stooges, hun belang en waarom ze zo lang zijn genegeerd, vraagt om een bredere aanpak.

Persoonlijke moed
Dat neemt allemaal niet weg dat Gimme Danger de ware fans zal plezieren, want iedere snipper info over de legendarisch maar lang ondergerapporteerde band is een te koesteren kleinood. Hoe diep de liefde bij die fans zit, illustreert een persoonlijke anekdote. In de winter van 1985, het zal eind februari geweest zijn, speelde de Schotse band The Jesus & Mary Chain hun Nederlandse debuutconcert in De Melkweg te Amsterdam. Na afloop gingen we bij mij thuis bier drinken en muziek luisteren. De eerste plaat die drummer Bobby Gillespie uit de kast trok was—Fun House.

Maar bovenal is Gimme Danger het best denkbare complement van To Stay Alive, de documentaire van Erik Lieshout over persoonlijke moed en de helende kracht van kunst. Kijken dus.
 

15 maart 2017

 
MEER RECENSIES

Gold

**

recensie Gold

Moeizame zoektocht naar goud

door Nanda Aris

Gebaseerd op het waargebeurde Bre-X schandaal, speelt Matthew McConaughey in zijn nieuwste film een ware gold digger, voor wie we minder sympathie voelen dan waarschijnlijk gehoopt.

Het is niet voor het eerst dat Matthew McConaughey als een ware avonturier op zoek gaat naar een schat; dit deed hij eerder in Sahara (2005) en Fool’s Gold (2008). En waar hij voor zijn met Oscar bekroonde rol in Dallas Buyers Club (2013) zo’n twintig kilo afviel, kwam hij voor deze rol zo’n twintig kilo aan. Alleen al daarvoor is het werkelijk zonde dat de film de verwachtingen niet waar kan maken.

Gold

Goud
Jaren nadat Kenny Wells (McConaughey) het bedrijf Washoe Mining van zijn overleden vader overneemt, zit hij nagenoeg aan de grond. Hij is bij z’n vriendin Kay (een leuke rol van Bryce Dallas Howard) ingetrokken, als hij op een nacht droomt van gouden bergen in Indonesië. Het visioen van Wells komt, waarschijnlijk onbedoeld door de makers, als hebzuchtig over. Jungle wordt gekapt, en arme Indonesiërs ploeteren als robots achter elkaar aan in de goudmijn. Het maakt pijnlijk duidelijk hoe achteloos westerse bedrijven kunnen handelen.

Ring of fire
Wells betaalt met het horloge dat hij ooit aan Kay gaf, zijn ticket naar Indonesië, waar hij geoloog Michael Acosta (Edgar Ramírez) ontmoet. Acosta ontdekte de ‘ring of fire’, een veelbelovend gebied voor goudzoekers in Indonesië. Maar waar investeerders eens zo enthousiast waren, werd er later geloofd dat deze ‘ring of fire’ niet zou bestaan. Wells gelooft Acosta echter wel, door het visioen dat hij had. Samen besluiten ze ervoor te gaan, en waar Acosta het veldwerk coördineert, gaat Wells op zoek naar het geld van investeerders.

De twee mannen zijn elkaars tegenpolen: Wells een zwaar rokende en drinkende ritselaar, Acosta de rust zelve. Beide voelen lichtelijk gekunsteld aan, en hieruit blijkt meer weer eens hoe belangrijk een schrijver en regisseur zijn. Want waar McConaughey voor zijn excentrieke rol in Dallas Buyers Club een Oscar won, kan hij nu met zijn acteren de film niet naar een hoger niveau tillen. De scheidslijn tussen excentriek en over the top is dun.

Gold

Tijger
Over the top bereikt z’n hoogtepunt wanneer Wells en Acosta besluiten vriendschap te sluiten met de zoon van de president van Indonesië. De president heeft de vergunningen van Wells en Acosta ingetrokken, nadat de eerste monsters veel goud beloven. De grote mijnbazen mengen zich erin en fluisteren de president in om de vergunningen in te trekken. De zoon staat niet op goede voet met zijn vader, en dat is waar Wells en Acosta hun kans ruiken. Met het aaien van de tijger, en het daarmee bevestigen van de verdeling van de buit, lijkt de film verworden tot een slechte B-film.

Pikhouweel
Gelukkig kent de film ook een paar aardige scènes, zoals wanneer Kenny zijn geluk wil vieren met Kay en de hotelkamer vol geplaatst heeft met gele rozen, en zelf met een roos in z’n mond op bed ligt. McConaughey z’n voorkomen – dikke buik, witte openstaande badjas, en plofferige witte onderbroek – zou een gniffel op kunnen leveren. En de toespraak die Wells geeft nadat bekend wordt dat hij het gouden pikhouweel wint, kent prachtige woorden. Ze missen alleen de kracht om echt aan te komen.
 

11 maart 2017

 
MEER RECENSIES

Hidden Figures

***

recensie Hidden Figures

Opgewekt meisjesboek over rekenwonder

door Cor Oliemeulen

De ruimtevaart is een mannenaangelegenheid. Hoe prachtig is het dat nota bene een zwarte vrouw in het racistische Amerika van de jaren 60 een bepalende rol in de prestigestrijd tussen oost en west ging spelen.

Rekenwonders zijn geniaal, briljant en meestal excentriek. Kijk maar naar de vele biografische films: een onaangepaste schizofreen in A Beautiful Mind (2001), een zwaar lichamelijk gehandicapte in The Theory of Everything (2014), een hooghartige homo in The Imitation Game (2015) en een obsessieve Indiër in The Man Who Know Infinity (2016). De hoofdpersoon van Hidden Figures behoort ook tot een minderheid, maar zij heeft allesbehalve een buitenissig karakter. Niet bij haar, maar bij de maatschappij zit er een steekje los.

Hidden Figures

Geromantiseerd
Virginia, 1961. Een groep van enkele tientallen Afro-Amerikaanse vrouwen bemant een afdeling van ruimtevaartorganisatie NASA. De dames zijn goed in rekenen en doen het werk dat later door een computer zal worden overgenomen. We volgen drie bevriende collega’s met ambities. Mary Jackson (Janelle Monáe) die ingenieur wil worden; Dorothy Vaughan (Octavia Spencer) die het werk van een supervisor doet maar die functie maar niet krijgt; en de vrouw om wie de film draait: Katherine Johnson (Taraji P. Henson), de bescheiden en uiterst accurate wiskundige die een prominente rol in de Amerikaanse ruimtevaart zou gaan vervullen.

Waar het recente biografische drama Loving zich focust op een verboden interraciaal huwelijk in het racistische zuiden van de jaren 60, ontwikkelt Hidden Figures zich als een spannend en opgewekt Amerikaans meisjesboek. Een feelgoodfilm, gebaseerd op een non-fictieboek, niet wars van geromantiseerde trekjes. Wanneer het rekenwonder spontaan de meest ingewikkelde formules op een schoolbord gaat schrijven, weet je zeker dat het niet meer stuk kan.

Alles in het verhaal draait om inspiratie: vanaf de openingsscène – waarin het patriottisme de racistische inborst van een politieman overstijgt – tot en met de finale – waarin de protagonist astronaut John Glenn een behouden landing garandeert en het orkest zijn mooiste overwinningsdeuntje mag spelen.

Hidden Figures

Speciaal toilet
Hidden Figures ademt sterk de sfeer van The Help, de verfilmde keukenmeidenroman die weliswaar meer stereotiepe beelden bevat. Ook hier zijn de vrouwen sterk en wordt het schrijnend onrecht slechts miniem aangestipt en al snel overvleugeld door wat luchtigers. Er is de makers immers alles aan gelegen de vaart in de film en de sfeer optimistisch te houden, gesteund door een vlotte soundtrack (met helaas amper tien seconden Miles Davis) en het mooie, meer dan eens grappige, spel van de drie bevriende collega’s. Ook in Hidden Figures zitten korte fragmenten van segregatie in bussen en bibliotheken, maar aan de dagelijkse gang naar een speciaal toilet voor gekleurde dames (in dit geval in een gebouw honderden meters verder) wordt verhip nóg meer aandacht besteed dan in The Help.

Ook alle bijrollen zijn prima ingevuld. Zo zien we Kirsten Dunst als supervisor van de rekenafdeling van onze ‘coloured group’ die heel langzaam wat sympathie voor de parmantige, vasthoudende Dorothy kan opbrengen, Maharshala Ali (Oscar voor zijn rol als sympathieke drugsdealer in Moonlight) die zorgt voor de romantische noot in Katherine’s leven en Kevin Costner, die sowieso zijn meest geloofwaardige rollen speelt op het moment dat hij een ouderwetse bril draagt. Als baas van de Space Task Group is hij maar al te graag bereid om discriminerende elementen van de werkvloer te verwijderen zodat uiteindelijk de Amerikanen, en niet de Russen, als eerste een baan om de aarde kunnen maken.

Katherine Johnson was een onmisbaar genie en het is goed dat er een eerbetoon over haar leven op het witte doek is verschenen.
 

5 maart 2017

 
MEER RECENSIES

American Honey

***

recensie American Honey
Roadtrip to nowhere

door Nanda Aris

Een coming of age waarin een groep tieners en twentysomethings al tijdschrift verkopend, maar bovenal feestend, drinkend en rokend, in een busje door Amerika trekt.

American Honey is de vierde speelfilm van de Britse Andrea Arnold, die eerder onder andere Fish Tank (2009) en de korte film Wasp (2003) maakte. Voor deze laatste mocht ze een Oscar in ontvangst nemen. Ze behandelt graag thema’s als (Engelse) armoede, opgroeiende jeugd, en ingewikkelde relaties. Het is daarom dat haar werk wel eens vergeleken wordt met dat van Ken Loach, die we kennen van het prachtige I, Daniel Blake.

American Honey

Wilde familie
Robbie Ryan is verantwoordelijk voor de cinematografie van de film en doet dat zeer verdienstelijk. Zo zien we een tegen zijn eigen cape plassende hond, wapperende haren in een auto, gummiberen op een raam en vuurvliegjes bij een meer.

De inspiratie voor de film American Honey kreeg Arnold door het artikel ‘Door to Door: Long Days, Slim Rewards; For Youths, a Grim Tour on Magazine Crews’ uit 2007, geschreven door Ian Urbina. In Amerika bestaan er rondtrekkende groepjes jongeren, zoals in de film, die van deur tot deur gaan en tijdschriften verkopen. Arnold besloot daarop met zo’n groep mee te gaan, en ontdekte dat het niet zozeer een baan als wel een levensstijl is, en dat de jongeren geen collega’s van elkaar zijn, maar meer een wilde familie.

Nieuw bestaan
De film start met beelden van een dumpsterdivende Star (een goede rol van de jonge debuterende Sasha Lane) met twee kinderen. We begrijpen later dat dit de kinderen zijn van haar vriend die ze allen besluit achter te laten, om op de baan-uitnodiging van Jake (troubled kid Shia LeBeouf) in te gaan.

Er is chemie tussen Star en Jake (dat levert de beste scènes op), en Star wil graag ontsnappen aan haar armoedige bestaan. Het tijdschriften verkopen heeft Star niet direct in de vingers, waardoor Krystal (Riley Keough), de manager van de groep, en de enige met focus, haar op het matje roept. Als er wordt gedreigd dat ze de groep zal moeten verlaten, begrijpt Star dat het tijdschriften verkopen niet bijzaak is. Star is jong en naïef, en om tijdschriften te verkopen stapt ze bij vreemde mannen in de auto.

American Honey

Uitzichtloos
Ook Jake danst naar de pijpen van Krystal, iets wat Star niet bevalt, maar waar ze niks van kan zeggen. Hoe verder de film vordert, hoe minder vrijblijvend en energiek de situatie wordt. De jongeren drinken, roken, feesten, vechten, rebelleren en zingen hard met de muziek in de auto mee. De scheidslijn tussen tijdschriften verkopen, kleine en grotere misdaad en prostitutie lijkt klein. Maar het verhaal sleept te lang voort, en als kijker vraag je je af waarom de film twee uur en drie kwartier duurt.

Als er naar het einde van de film een nieuw meisje zich aansluit, lijkt het alsof Star naar zichzelf kijkt; ze herkent het nieuwsgierige en de hoop. The American Dream lijkt echter onbereikbaar, Star kan een vlieg redden uit het water, een schildpadje door deze naar het water te brengen, maar kan zichzelf geen vleugels geven om de vicieuze cirkel te doorbreken.
 

3 maart 2017

 
MEER RECENSIES

Miss Sloane

****

recensie Miss Sloane

De lobby versus de democratie

door Alfred Bos

Hoe maak je een onhip thema als lobbyen inzichtelijk én spannend? Door er een politieke thriller vol manipulatie, paranoia en persoonlijke moed van te brouwen. Met een tijger in mantelpak in de hoofdrol.

De politieke thriller Miss Sloane speelt zich af in de ingewanden van de macht, het lobbycircuit van Washington. Bedrijven en organisaties huren verbale masseurs, de lobbyisten, in om buiten het zicht van het publiek, de media en concurrerende partijen, tijdens lunches in veel te dure restaurants of privéontmoetingen op duistere plekken, het beleid van de overheid naar hun hand te zetten. De kiezer wikt, de lobbyist beschikt.

Miss Sloane

Het is wellicht een weeffout in de democratie – ook in Brussel zijn er op iedere ambtenaar van ‘Europa’ een handvol lobbyisten actief – en Miss Sloane schetst een vlijmscherp portret van de machtsspelletjes buiten het zicht van de democratische orde. Elizabeth Sloane, de meest succesvolle lobbyist van Washington (een glansrol van Jessica Chastain), wordt door de wapenlobby gevraagd om de sentimenten over wapenbezit in een vergeten doelgroep, vrouwen, te doen kantelen.

Ze weigert, zegt per direct haar baan op, stapt met haar halve team over naar een ideëel lobbykantoor en begint een campagne tegen wapenbezit. Dame Sloane is een kat die zelfs met handschoenen aan nauwelijks valt te temmen: uiterst doortrapt, tactisch genadeloos en obsessief als het op winnen aankomt. Haar monoloog waarmee de film opent geeft een miniportret van de vrouw en haar opvattingen: anticipeer, wees de tegenpartij altijd een zet voor.

The Newsroom
Die kwaliteiten zal ze nodig hebben, want ze vindt haar voormalige werkgever tegenover zich. Die bepleit niet alleen de belangen van de wapenindustrie, hij wil Elizabeth Sloane vernietigen. Het spel wordt grof gespeeld, alles – ook geheimen uit de slaapkamer en persoonlijke trauma’s van medewerkers – is toegestaan om de tegenpartij knock-out te slaan. Moreel besef is een luxe die de winnaar zich niet kan veroorloven. Er kan er maar één zegevieren en dat is degene met de minste scrupules en de meeste azen in de mouw.

De Engele regisseur John Madden is een veteraan die elk genre aan kan, van romantisch drama (Captain Corelli’s Mandolin) tot komedie (de twee Exotic Marigold Hotel-films) en thriller (The Debt, ook met Chastain). Miss Sloane is strak, met veel vaart en achteloos vakmanschap verteld. Het Sloane-personage krijgt diepte, via spaarzame hints wordt duidelijk waarom ze is zoals ze is: een beschadigde vrouw met een ruggengraat van staal. Wat ook in het voordeel van de film werkt is een geraffineerde, maar geloofwaardige plot. En een sterke rolbezetting.

De scènes op de lobbykantoren herinneren aan de tv-serie The Newsroom (razendsnelle en spitse dialogen) en inderdaad zien we enkele acteurs uit dat tv-drama terug: Alison Pill als Sloane’s afvallige adjudant en Sam Waterston als haar voormalige baas en grote tegenstrever. Daarnaast zijn er prominente rollen voor de Engelse acteur Mark Strong als haar nieuwe werkgever en veteraan John Lithgow als de senator die haar via een openbare hoorcommissie professioneel poogt te breken.

Miss Sloane

Aanklacht
Het is genoeg voor een politieke thriller à la Three Days of the Condor of The Parallax View, jaren zeventig films waaruit de paranoia met dikke wolken opwalmt. Je kunt hem ook plaatsen in de hoek van The Big Short: de film maakt machinaties inzichtelijk die iedereen raken maar voor de meesten abracadabra zijn.

En Miss Sloane is een openlijke aanklacht, niet alleen tegen de praktijken van de Amerikaanse wapenindustrie die elk initiatief gericht tegen hun nering via vuil spel onderuit haalt, maar tegen de lobbypraktijk in het algemeen die als een kanker het proces van wetgeving heeft overwoekerd. “Het systeem is verrot, het beloont de ratten.” De waarheid laat zich alleen als fictie vertellen.

In Amerika is de film – een Europese productie, van een Europese regisseur – lauwtjes ontvangen. Amerikanen reageren doorgaans kribbig wanneer buitenlanders hen op hun feilen wijzen. Maar denk voor Washington Brussel en de portee van Miss Sloane blijft overeind. Krachtige boodschap, krachtige film.
 

21 februari 2017

 
MEER RECENSIES

Space Between Us, The

**

recensie The Space Between Us

Advies: bewaar voldoende afstand

door Wim Meijer

De young adult-film The Space Between Us is gek genoeg niet gebaseerd op een boek. Is het dan wellicht beter dan alle YA-zooi die dat wél is? Helaas, dames en heren. Helaas.

Het is het jaar 2018. De Magallan 61 vliegt naar Mars. Nathaniel Shepard (Gary Oldmans personage dat losjes gebaseerd is op Elon Tusk) kondigt het vertrek op typisch Amerikaanse wijze aan en zet de astronauten weg als helden nog voor ze vertrokken zijn. Hij is het brein achter de terraforming op Mars. Na een korte persconferentie waarin we kennis maken met de charismatische astronaut Sarah Elliot (Janet Montgomery) vertrekt de Magallan 61. Er is echter een complicatie. Na twee maanden ruimtevaart blijkt Sarah zwanger.

The Space Between Us

Aardige premisse
Gardner Elliot (Asa Butterfield, met z’n signature glazige blik die op oneindig staat) ziet het levenslicht op Mars. Zijn moeder overleeft de bevalling niet. Op zich een aardige premisse, want wat moet de NASA met Gardner doen? Iemand die vanaf zijn geboorte leeft op Mars – of op andere plekken met minder zwaartekracht dan hier – krijgt broze botten en andere afwijkingen. Gardner kan niet zomaar terug naar de Aarde. Hij zal dus op Mars moeten blijven. Gardner mist echter zijn biologische moeder, verlangt naar de Aarde en wil zijn vader zoeken. Zijn enige contact daar is Tulsa (de speels acterende Britt Robertson) met wie hij af en toe videochat.

Al snel denk je: ‘Was het maar gebaseerd op een boek.’ Dan hadden we in ieder geval in potentie kunnen kijken naar uitgediepte personages, een zorgvuldig uitgedacht plot of een meeslepend drama. Of je kunnen irriteren aan hoe goed het boek is. The Space Between Us is gebaseerd op een treatment. Zeg maar twee A4’tjes met een plot en wat wendingen. Iets dat je dient uit te werken. En dat is niet gebeurd, kunnen we wel vaststellen. Scenarist Allan Loeb (21, Collateral Beauty) rijgt het ene na het andere onrealistische voorval aan elkaar zonder ook maar enige verklaring ergens voor te geven. Hij doet dit alles in ongecontroleerd tempo, hetgeen de kijker onbedoeld verrast.

Twee voorbeeldjes. In het intro verkondigt de film simpelweg dat we naar Mars reizen. Over een jaar dus, in 2018. Hoe we uiteindelijk in staat zijn op Mars te leven? ‘Just add water!’, scandeert het publiek tijdens Shepards persconferentie. Oké, duidelijk. Ander voorbeeld. Iemand wordt het ziekenhuis binnengebracht in zo’n typische ER-ren-door-de-gangen-scène waarna de arts roept: ‘I need a scan!’ Ben jij even blij dat je net het enige ziekenhuis in Amerika bent binnengereden waar ze maar één scan doen op de eerste hulp.

The Space Between Us

In het luchtledige
Het gebrek aan realisme speelt de film parten. Zestienjarigen vliegen rond in vliegtuigen, stelen auto’s met iPhone-apps en programmeren een robot alsof ze Anakin Skywalker zijn. Chronologisch klopt de film van geen kanten, met enorme plotgaten die zich met name uiten in de achtervolgingsscènes met helikopters. En zo kan je nog wel even door gaan.

Maar de bottom line is: The Space Between Us komt maar niet van de grond. Zelfs nadat alle extra stuwraketten zijn opgebruikt in de vorm van bombastische rockmuziek van de Crystal Fighters blijft de film in het luchtledige hangen. En dat is jammer, want kijk bijvoorbeeld The Martian en je ziet hoe het ook kan. Realistisch? Nou, dat ‘I’m gonna have to science the shit out of this’ moet je niet te serieus nemen. Vermakelijk? Zeker weten. Iets dat niet geldt voor The Space Between Us.
 

21 februari 2017

 
MEER RECENSIES

Loving

***

recensie Loving

Helden tegen wil en dank

door Cor Oliemeulen

Eerst was er een film, toen een documentaire en nu een film gebaseerd op de documentaire. Loving is het waargebeurde verhaal over een interraciaal koppel, dat de grondwet van de Verenigde Staten zou veranderen. Sinds 12 juni 1967 mogen mensen van verschillende rassen met elkaar trouwen.

Na het recent verschenen Fences beleeft een ander familiedrama gesitueerd in het Amerika van de jaren 50 en 60 zijn Nederlandse bioscooppremière. Loving overstijgt het universele thema van de generatiekloof in Fences met een biografisch verhaal over het juridisch overwinnen van racisme. Hoewel we in deze nieuwe film van Jeff Nichols (zijn laatste film Midnight Special leverde wisselende kritieken op) veel meer zien van de omgeving waarin een familiegeschiedenis zich afspeelt, is het tempo van Loving net zo traag als van Fences. Begrijpelijk, want de moeizame strijd voor gerechtigheid neemt vele jaren in beslag. In het Ohio van Fences is de wereld zwart met tinten grijs, in het Virginia van Loving volstrekt zwart-wit.

Loving

Trouwen in een andere staat
Na de Amerikaanse Burgeroorlog gingen in de zuidelijke staten vanaf 1865 de Black Codes van kracht. De slavernij mocht dan wel officieel zijn afgeschaft, echter met de nieuwe regels kon de Afro-Amerikaanse bevolking nog steeds onder de duim worden gehouden. Eén van de consequenties was dat een blanke man niet mocht trouwen met een gekleurde vrouw, hoewel het verwekken van kinderen bijna de normaalste zaak van de wereld was. Als we bijna een eeuw later kennismaken met de blanke man Richard (Joel Edgerton) en de gekleurde vrouw Mildred (Ruth Negga) is in de staat Virginia een huwelijk tussen de twee wettelijk nog steeds niet toegestaan. Mildred is 18 en krijgt een baby van Richard. Ze willen beslist trouwen en doen dat in een andere staat, maar als ze weer terug zijn in het normaliter rustige stadje Central Point worden ze ’s nachts van hun bed gelicht en in de gevangenis gestopt.

Het is de opmaat van een jarenlange strijd voor gerechtigheid, waarbij de twee geliefden geenszins als activisten of als martelaren worden neergezet. Richard is een eenvoudige man van weinig woorden en ook Mildred zit niet te wachten op al teveel beroering. Ze houden van elkaar, willen alleen maar bij elkaar en bij hun familie zijn. Ze zijn niemand tot last, oordelen niet over anderen en doen slechts een beroep op begrip en menselijkheid. Helaas zit hun samenleving anders in elkaar. Sheriff Brooks (Marton Csokas, Celeborn in The Lord of the Rings) verwoordt de stem van veel zuiderlingen: “Een lijster is een lijster, een mus is een mus.”

Mensenrechten
Het echtpaar Loving staat voor de keus: één jaar cel of 25 jaar de staat Virginia verlaten. Ze vertrekken naar Washington D.C., maar kunnen daar niet aarden. Vooral Mildred kan niet wennen aan het stadsleven, waar kinderen alleen maar kunnen buitenspelen als ze kans hebben te worden aangereden (wat ook gebeurt) in hun drukke straat. Na een spontane brief aan Bobby Kennedy, min of meer opgedrongen afspraken met mensenrechtenadvocaten en een bezoekje van een fotograaf van Life Magazine (Michael Shannon) begint het balletje langzaam te rollen en schrijven ze uiteindelijk geschiedenis, een beetje tegen wil en dank.

Loving

Loving is een verhaal over liefde en toewijding, vertolkt door geloofwaardige personages. Heel anders dan de teruggetrokken weirdo Gordo in The Gift, speelt Joel Edgerton een zwijgzame arbeider die het liefst met niemand de confrontatie wil aangaan. Ruth Negga (vooral bekend van Amerikaanse tv-series) speelt haar eerste hoofdrol lovenswaardig. De derde hoofdrol is voor het weidse platteland van Virginia. De producers (acteur Colin Firth speelde een grote rol in de totstandkoming van de film) kozen voor regisseur Jeff Nichols vanwege zijn ‘cinematografische gevoeligheid en intuïtieve uitbeelding van Zuidelijke mannen en vrouwen’ in Mud en ‘de rijke atmosfeer van drama en spanning’ in Take Shelter, ‘waarbij het er vaak over gaat wat er niet wordt gezegd, wat perfect aansluit op de karakters van Richard en Mildred’.

Hoe dan ook is de pas vijfde film van Jeff Nichols, die zelf opnieuw het scenario schreef, minder sterk dan Take Shelter en Mud. Zonder te vervallen in sappige details had er in Loving wel iets meer verrassing en pit mogen zitten. Maar het verhaal is zonder meer accuraat en met liefde en begrip verteld. Bovendien weten we nu dat 12 juni voortaan te boek staat als Loving Day.
 

17 februari 2017

 
MEER RECENSIES

Fences

***

recensie Fences

Schuttingen houden mensen binnen 

door Cor Oliemeulen

Fences is de verfilming van een toneelstuk over de moeizame relatie tussen een vader en twee zonen in het Amerika van de jaren 50. Met name de sterke dialogen en het uitmuntende acteerwerk maken dit familiedrama meer dan de moeite waard.

Het verhaal is geschreven door de veelvuldig bekroonde Amerikaanse auteur August Wilson, die met Fences de Pulitzer Prize won en op Broadway een Tony Award ontving. Zelf geboren in Pittsburgh beschrijft de inmiddels overleden Wilson aan de hand van familiethematiek en indringende dialogen de sfeer van gestage verandering in het Steel City van de jaren 50. De oldtimers in de straat zijn mooi, de kleuren grauw en in de verte zien we twee rokende fabrieksschoorstenen.

Fences

Toneelsetting met schitterend acteerwerk
Bijna de hele film speelt zich af in en achter het huis van de familie Maxson, en dat is meteen een van de manco’s van Fences. De geschiedenis van vader Troy (Denzel Washington), moeder Rose (Viola Davis) en zonen Cory (Jovan Adepo) en Lyons (Russell Hornsby) draait weliswaar om de veelal moeizame relaties tussen de verschillende familieleden, maar kent een te strakke toneelsetting waarbij er weinig ruimte voor cinematografische hoogstandjes is. Bovendien zijn sommige dialogen wel erg lang en had de film een half uur korter gemogen, want karakterontwikkeling hoeft niet synoniem aan tijdsduur te zijn. De regie van Denzel Washington is dus weinig opzienbarend, maar zijn spel is om je vingers bij af te likken. Het koppel Washington-Davis is formidabel; in 2010 schitterden ze al op de planken en wonnen ook zij allebei een Tony Award voor het toneelstuk.

Waar Casey Affleck in het andere recente familiedrama Manchester by the Sea door vrij ingetogen spel met weinig woorden een verpletterende indruk achterlaat, laat mede-Oscarfavoriet Denzel Washington zijn personage in Fences bijna voortdurend oreren. We leren Troy direct kennen als een vijftiger die prachtig kan vertellen, niet vies van sappige anekdotes. Hij is charmant, grappig, luidruchtig en liefdevol naar zijn vrouw Rose. Maar Troy heeft ook een keerzijde. Door problemen met zijn vader ontvluchtte hij al op zijn veertiende het ouderlijke huis, kwam in aanraking met justitie en als oudere honkballer in een racistische maatschappij was hij kansloos om hiermee zijn brood te verdienen. Een carrière als vuilnisman bleek het hoogst haalbare.

Plichten en verantwoordelijkheden
Maar werk is werk, het levert structurele inkomsten op en je mag daarop best trots zijn. Na gedane arbeid keert Troy huiswaarts om zich met zijn bevriende collega Jim (Stephen Henderson) te laven aan een flesje gin. Vooral op die momenten krijgt Troys dominantie de overhand. Vanuit een houding van zowel liefde als jaloezie botst hij regelmatig met zijn twee zoons. Lyons wil soms geld lenen, maar zijn vader spoort hem aan een baan te gaan zoeken en zijn ambitie als jazzmuzikant te laten varen. Ook zijn jongste, Cory, heeft talent. Hij kan bij een footballteam komen, maar Troy weigert zijn handtekening te zetten omdat hij bang is dat Cory hetzelfde overkomt als hemzelf.

Fences

Afgezien van discriminerende omstandigheden is Troy een voor de jaren 50 doorsnee vader, waarbij autoriteit en het onderrichten van plichten en verantwoordelijkheden de boventoon voeren. Hoewel Troy zo nu en dan doorslaat, bedoelt hij het volgens zijn vrouw Rose allemaal goed. Maar zijn diepere gevoelens kan hij slechts uiten middels honkbalmetaforen. Ondertussen probeert Troy samen met Cory een hek (fence) te bouwen en merkt Jim raak op: “Sommige mensen bouwen schuttingen om mensen buiten te houden en sommige mensen bouwen schuttingen om mensen binnen te houden.” De titel is verklaard: hoeveel afstand kan er ontstaan tussen jou en de wereld, tussen vader en zoon in het bijzonder.

Gelukkig voor de film krijgen we na een uur te maken met een onverwachte intrige, die het huishouden en de wereld van Rose helemaal ondersteboven zet. Dan blijkt ook het fenomenale acteertalent van Viola Davis. Als er ooit zwarte Oscars zijn te vergeven, dan is het wel dit jaar.
 

13 februari 2017

 
MEER RECENSIES