IDFA 2017 – Deel 3

IDFA 2017 Deel 3:
Deprimerende werkelijkheden 

door Bob van der Sterre

In onze derde terugblik op IDFA 2017 aandacht voor een oorlogsverslaggever met een schuldcomplex, walgelijke beelden van de bio-industrie, extreemrechts in Griekenland en de lelijkste auto van Polen.

 

Stronger than a Bullet

Stronger than a Bullet – Oorlogsverslaggever met schuldcomplex
Als je net je ochtendkoffie hebt gedronken (dat is € 2,60 voor een espresso tegenwoordig) dan is Stronger Than a Bullet een hele kluif. Van begin tot eind oorlog. En niet zomaar oorlog: je ziet mensen voor je neus hun laatste snik uitblazen (hij kijkt nog een keer op, kreunt, valt dan om).

Oorlogsverslaggever van de Iran-Irak-oorlog, Saeid Sadeghi, reist Iran rond met oude foto’s en een schuldcomplex. Hij voelt zich een radertje van de propagandamachine die toen op volle toeren draaide. Hij zoekt de vroegere soldaten en frontlinies om over dat complex heen te komen.

Een trage en deprimerende documentaire. Propaganda is van alle tijden en van alle culturen, dat leer je hiervan.

Een van de opmerkelijkste passages is als hij bergen van lege kogelhulzen beklimt en foto’s maakt van verroeste tanks die daar overal nog in het landschap staan. Alsof je Scheveningen bezoekt en daar nog Duitse tanks in het zand ziet staan.

 

Eating Animals

Eating Animals – Walgelijke beelden van bio-industrie
Nog meer gedeprimeerd raak je van Eating Animals. Je weet van te voren wel een beetje wat je krijgt met een kritische documentaire over de Amerikaanse bio-industrie. De walgelijke beelden van de kippenfokkerijen en varkenscomplexen zorgden ervoor dat ondergetekende vaak naar de grond moest staren.

Christopher Quinn maakte deze docu op basis van het boek van Jonathan Safran-Foer. Ze leggen hier helder uit hoe de bio-industrie zo is geworden als het nu is sinds de jaren zeventig. Een paar dappere eenlingen willen weer terug naar de eerlijke boerderijen van de jaren vijftig. Het verbaast niet dat ze louter tegenwerking ervaren.

Tegelijkertijd maakt de bio-industrie de dienst uit met regelgeving. Tegenwoordig is het zelfs strafbaar geworden om foto’s te maken. De paar moedige klokkenluiders kunnen al helemaal niet rekenen op bescherming.

Zinnige docu, uiteraard, het komt bijna niet eens in me op om kritisch te zijn. De hele wereld moet dit weten. Toch is deze docu inhoudelijk en qua vorm niet veel anders dan bijvoorbeeld Food.inc of Cowspiracy, inclusief de op de gevoelens inspelende muziek. De prachtige slotscène raakt je dan wel weer in ‘the feels’.

 

Golden Dawn Girls

Golden Dawn Girls – Extreemrechts in Griekenland
Alsof we nog niet gedeprimeerd genoeg waren, is Golden Dawn Girls ook weer een slechtnieuwsdocumentaire. De Noorse filmmaker Håvard Bustnes reist naar Griekenland. Het lijkt alsof hij aanvankelijk geen ander plan heeft dan om bij de extreemrechtse politieke beweging (nu derde partij in Griekenland) binnen te lopen en te gaan filmen. Die ingang krijgt hij via de vrouwen van de beweging: de dochter van de leider, de vrouw van een van de leiders en de moeder van een van hen.

Een problematische documentaire. De dames blijven vanzelfsprekend bij hun standpunten en Bustness, duidelijk geen aanhanger, worstelt met zijn kritische blik. Hij wil niet alleen registreren, maar er ook wat van zeggen. Dat is logisch maar het is vaak een worsteling voor beide partijen want zijn moralisme is veel te doorzichtig.

De vrouwen lijken nog het meest ‘normaal’ van de groep. Als de mannen worden gearresteerd op verdenking van het zijn van een criminele organisatie, komen de vrouwen even in de spotlights. Om net zo snel weer te verdwijnen als de mannen vrijkomen, want de Gouden Dageraad blijft een uiterst masculiene toestand, inclusief top-down-management en een paar agressieve leiders.

In de docu zien we hun gezang, gevlag en zwarte jasjes. De lijnen van hun symbool lopen net wat anders dan die van een swastika maar de boodschap is duidelijk. Als Bustness de dochter van de leider confronteert met een foto van haar opa met swastika en uitgestrekte arm: ‘Ach, aandoenlijke man.’

Griekenland heeft de juiste voedingsbodem voor zo’n extreemrechtse partij: enorme vluchtelingenstromen en grote armoede. En dat is geen fijne gedachte voor de toekomst.

 

Ugliest Car

Ugliest Car – De lelijkste auto van Polen
En deprimerend op een leuke manier is Ugliest Car. In deze Poolse documentaire zien we de 70-jarige Bogdan, zijn 94-jarige moeder en hun ook flink oude auto, een originele Wartburg. Die auto wint geregeld prijzen als lelijkste auto van het land.

Omdat een portret van deze karakters snel flauw zou worden, gaan de twee naar Duitsland, naar de fabriek waar moeder in de oorlog te werk is gesteld. Ze maken een tussenstop in Majdanek, waar vader een tijdje heeft vastgezeten.

Geestige film die regelmatig de bezoekers doet schaterlachen. Het probleem van de film is wel dat het allemaal aanvoelt als een script. Het lijkt meer op een theaterstuk dan een docu, met niet-professionele acteurs. Hier zaten de makers denk ik iets te veel op de regiestoel. Zelfs de klaagzangen van moeders (‘Bogdááááááán!!!’) klinken soms iets te gemaakt.
 

26 november 2017

 
IDFA 2017, deel 1
IDFA 2017, deel 2
IDFA 2017, deel 4
IDFA 2017, deel 5 (slot)

 
 
MEER FILMFESTIVAL

IDFA 2017 – Deel 2

IDFA 2017 Deel 2:
Flamenco, punk en milieuactivisme 

door Suzan Groothuis

InDeBioscoop blikt terug op drie uiteenlopende documentaires: van improvisatie-flamenco en woeste Britse electropunk naar de idealen van een milieuactivist in Liberia.

 

Impulso

Impulso – Eigenzinnig en gewaagd
Vorig jaar won het prachtige La Chana, over het leven van de beroemde flamencodanseres Antonia Santiago Amador, de IDFA Publieksprijs. Dit jaar is er Impulso van regisseur Emilio Belmonte, ook een film over flamenco –  maar dan de moderne variant. Gedurende de film volgen we de jonge danseres Rocío Molina en het gezelschap waarmee ze optreedt. Rocío is de grondlegger van wat wel improvisatieflamenco genoemd kan worden. Ze verkent de grenzen van dans en performance en heeft optredens op bijzondere plekken, zoals musea voor moderne kunst.

Impulso toont de voorbereiding op haar nieuwe show in het Parijse danstheater Chaillot. Een show die het moet hebben van improvisatie en die het uiterste vraagt van de kleine, gedrongen ster. Beelden van repetities, optredens en interviews met betrokkenen wisselen elkaar af. Verwacht geen intiem, persoonlijk portret zoals in La Chana, want Impulso is geen biografie. Wel een krachtige verbeelding van een gedreven artiest met vernieuwende en verrassende inzichten. Terwijl we Rocío vooral aan het werk zien, vertelt haar moeder hoe ze zover is gekomen. Haar Rocío was altijd al een vreemde eend in de bijt, maar wist van jongs af aan wat ze wilde. De oerkracht die in haar zit is tevens een angst van moeder, die emotioneel vertelt hoe haar dochter op het podium verandert in een monster. Een vergelijking die doet denken aan wat La Chana’s dochter over haar moeder vertelde. La Chana is overigens kort in de film te zien, een mooi moment waarop beide danseressen hun bewondering voor elkaar laten blijken.

Impulso verlangt na het zien ervan naar een live performance van een danseres die alle kneepjes van de flamenco beheerst, maar er een volkomen eigen draai aan geeft. En steeds een stapje verder gaat en extremen verkent, waaronder haar eigen kracht versus uitputting.  Bijzonder en intens portret van de Lady Gaga van de flamenco.

 

Bunch of Kunst

Bunch of Kunst – Spervuur van de working class
Intens op een heel andere wijze is de documentaire Bunch of Kunst van Christine Franz over het Britse Sleaford Mods. Sleafords is een tweetal bestaande uit Andrew Fearns en Jason Williamson. Twee veertigers die besloten hun gal te spuwen over alle ellende die Groot-Brittannië rijk is. Beiden afkomstig uit de working class geven ze hun visie op thema’s als werkloosheid, dagelijkse sleur en managers:

I work my dreams off for two bits of ravioli
And a warm bottle of Smirnoff
Under a manager that doesn’t have a fuckin’ clue
Do you want me to tell you what I think about you, Cunt?

Het principe is simpel: Andrew verzorgt de rauwe electropunk-beats, Jason spuwt zijn teksten. Franz, die het duo tegenkwam tijdens een optreden in Berlijn, was onder de indruk en besloot een documentaire te maken. Gedurende twee jaar volgt ze de Sleafords en hun betrokken manager. Van kleine, donkere optredens in grauwe Britse stadjes tot grote festivaloptredens in Glastonbury. Sleaford Mods is voor veel Britten wat Sex Pistols ooit was. Een vijftigjarige fan noemt het optreden van Sleaford Mods zelfs het beste sinds The Sex Pistols in 1977. Ondertussen zien we het duo steeds groter worden, met als hoogtepunt het tekenen van een contract bij platenlabel Rough Trade.

Een film over hoe maatschappelijke en politieke onvrede op creatieve en authentieke wijze verbeeld wordt in intense, rauwe en niets verhullende muziek. Bunch of Kunst is een aanstekelijke documentaire met de nodige, bijtende humor. Vraag is wel hoe lang de Sleafords nog kunnen doen waar ze goed in zijn en hun eigenheid kunnen behouden. Want er is altijd een keerzijde van succes.

 

Silas

Silas – De strijd van een activist
Van de creatieve talenten van Rocío Molina en de Sleafords over naar Liberia, waar een milieuactivist vecht voor de goede zaak. We volgen Silas Siakor, die zich vol overgave stort op de corruptie in zijn land. Zijn doel is de rechten van de lokale gemeenschappen  beschermen en corruptie – voor zover dat gaat – tegengaan. Silas heeft al het nodige meegemaakt en gezien tijdens het bewind van warlord Charles Taylor. En nu de in 2005 democratisch verkozen president Ellen Johnson Sirleaf aan de macht is, zijn er dingen veranderd, maar de corruptie is niet verdwenen.

Vanuit de regering is er te weinig zicht op de milieuverwoestende bedrijven, hongerig naar waardevolle grondstoffen. Terwijl de lokale bevolking steeds minder zelfvoorzienend wordt, vecht Silas samen met zijn collega’s van Sustainable Development Institute voor hun rechten en gaat via een ontwikkelde app de strijd aan tegen de grootmachten in zijn land. Alles wat ruikt naar of wijst op corruptie, kan via die app gefilmd en gemeld worden. Op die manier verzamelt Silas bewijs van wat er werkelijk gaande is in zijn land, in de hoop dat de regering met andere regels en wetten komt.

Silas is een gepassioneerd portret van een man die niet opgeeft. Ook al drukt zijn grote betrokkenheid op zijn eigen gezondheid en gezinsleven. Filmmakers Anjali Nayar en Hawa Essuman volgden Silas vijf jaar lang , wat resulteert in een bijzonder document: ondanks de stroom aan problemen in zijn land (er is iets verbeterd en er doemt weer een nieuwe situatie op om aan te vechten) blijft hij hoop houden op verbetering. Tegelijkertijd is er de realisatie van wat macht met een mens kan doen en de hoop dat je trouw kan blijven aan je idealen. Inspirerend en confronterend.
 

24 november 2017

 
IDFA 2017, deel 1
IDFA 2017, deel 3
IDFA 2017, deel 4
IDFA 2017, deel 5 (slot)

 
MEER FILMFESTIVAL

Inconvenient Truth 2, An

****

recensie An Inconvenient Truth 2

Het klimaat verandert, en Al Gore vertelt ons wederom hoe

door Nanda Aris

Ruim tien jaar na het uitkomen van An Inconvenient Truth is Al Gore terug met het vervolg op zijn film over klimaatverandering. 

An Inconvenient Truth zorgde in 2006 voor veel opschudding. Vele mensen werden geraakt en geïnspireerd door de film, en in 2007 won hij een Oscar voor beste documentaire. Ook in 2007 won Al Gore de Nobelprijs voor de vrede, waarvan huidig president Trump vindt dat deze hem afgepakt zou moeten worden. De twee politici staan lijnrecht tegenover elkaar wat betreft klimaatbeleid. Een tegenslag noemt Al Gore het naar het einde van de film, de verkiezing van Trump als president. 

An Inconvenient Truth 2

Kritiek
De documentaire begint met de kritiek op An Inconvenient Truth: veel informatie zou overdreven zijn. Maar gaandeweg de film, en zeker ook na orkanen als Irma en Harvey die dit jaar veel verwoest hebben, weten we dat veel van wat er voorspeld werd niet overdreven is, maar werkelijkheid gebleken.

Na de kritiek zien we beelden van smeltend en instortend ijs, prachtig en immens, maar ook treurig omdat veel ervan in het water verdwijnt. Al Gore focust in het begin op de effecten van de opwarming van de aarde. Hij geeft presentaties, bezoekt ondergelopen Miami, we zien filmpjes van andere overstroomde gebieden, maar ook van extreme droogte in Syrië, die ervoor zorgde dat vele mensen op de vlucht sloegen, nog voor het grote geweld daar.

Druk
Na de focus op het effect zien we vooral veel wat er gedaan wordt om die klimaatverandering tegen te gaan. Bewustwording lijkt een belangrijke missie van Al Gore, vooral ook door zijn klimaatcursussen, om meer mensen de kennis mee te geven en uit te kunnen dragen om verandering mogelijk te maken.

We zien Al Gore veelal druk, van meeting naar presentatie naar bijeenkomst. Af en toe lijken de beelden van Al Gore en consorten aan de telefoon/met een telefoon ietwat overbodig, we begrijpen ook zonder deze beelden heel goed dat het een druk man is. Toch krijgen we het idee dat er geen betere man is om klimaatverandering onder de aandacht te brengen.

An Inconvenient Truth 2

Bevlogen
Tijdens de presidentsverkiezing in 2000 werd Al Gore ook wel saai, stijf en ongeïnspireerd genoemd, maar daar is weinig meer van over. We zien hem, inmiddels 69 jaar, strijdend, zijn stem verheffend, geïnspireerd en geëmotioneerd vertellend over de opwarming van de aarde, en hoe wij als mensen daar een rol op uitoefenen, zowel negatief als positief.

Tijdens de conferentie in 2015 in Parijs ondertekenden vele landen een overeenkomst om de opwarming van de aarde tegen te gaan. We zien Al Gore achter de schermen hard lobbyen om ervoor te zorgen dat India gaat inzetten op andere vormen van energie, zoals zonne-energie. We voelen het enthousiasme waarmee de ondertekening van het Parijs’ akkoord gesloten wordt.

Hoop
Tijdens een toespraak horen we Al Gore zeggen dat Martin Luther King de vraag kreeg ‘hoe lang nog?’ (wat betreft gelijke burgerrechten), en op de vraag hoe lang nog voordat er een verandering komt in het behandelen van het klimaat, antwoordt Gore: ‘Not long! It is wrong to polute this earth… And it is right to give hope to the future generation!’

De film eindigt met het adresseren aan de kijker, hem in beweging te krijgen, te kijken naar de invloed die hij zelf kan uitoefenen op het terugdringen van klimaatverandering.
 

22 november 2017

 
MEER RECENSIES

IDFA 2017 – Deel 1

IDFA 2017 Deel 1:
Onbekende helden

door Bob van der Sterre

Het is ó zo belangrijk dat je je als documentairemaker kunt laten verrassen door je onderwerpen. Dat blijkt weer uit de eerste documentaires van IDFA 2017. In ons eerste verslag: Italiaanse herinneringen, spoorloos op Texel, illegaal restaurant in China en lesbienne in Bhutan. 

 

My Name is Nobody

My Name is Nobody – Tussen de beroemdheden
Een documentaire over een jongetje dat op een klassenfoto uit 1937 staat afgebeeld tussen beroemdheden Sergio Leone en Ennio Morricone. Wie was die Crissanti?

Een bizar idee, bedacht door documentairemaakster Denise Janzee. Ze had naar het archief van de stad Rome kunnen lopen maar deze route is vele malen leuker. We lopen in en uit woonkamers van oudere Romeinse inwoners die deze Crissanti ergens van kenden. Prachtige karakters. Heel welwillend om te helpen, wat over hun leven te vertellen. Het portret van Crissanti levert zo een vermakelijk portret van de wijk Trastevere op.

De show wordt gestolen door B-acteur Willi Colombini. Een charmante oud-acteur (had wat bijrollen in giallo’s en westerns) die zijn dagen slijt met kletsen op de pleintjes van Trastevere. Frappant is hoe hij moeiteloos past in deze documentaire. Janzee kwam hem per toeval tegen in de vier dagen dat ze er filmden. Dat maakt het plot van de film erg sterk.

Documentaires charmeren juist vanwege dit soort serendipiteit. Kossakovsky zei al: ‘Je moet als documentairemaker niet precies kunnen vertellen wat je gaat maken.’ Voor Janzee is het trouwens helemaal niet zo’n rare film. Ze is de dochter van beroemdheid Willeke van Ammelrooy en haar stiefvader, de al even beroemde Marco Bakker.

My Name is Nobody is een aangename lichtgewicht film, die beter was geweest met de lengte van een uur, maar die ook fraai past in haar oeuvre als tegenhanger van de film Marco: De Weg Terug.

 

Piet is Gone 

Piet is Gone – Verdwijning op Texel
Piet Beentjes was een gewone, bescheiden man, die sinds een bezoekje in 1987 aan Texel nooit meer is gesignaleerd. Voor de politie was het duidelijk: zelfmoord. Maar het lichaam is nooit gevonden. Zijn zus Toos wil nog steeds opheldering over wat er gebeurd is.

Allerlei vreemds aan deze zaak. Hij had niets met Texel, woonde in Den Helder, maar stapt op een dag op de pont naar Texel. Vervolgens stapt hij te vroeg van de pont, wordt nat in een tuintje gesignaleerd en zit de was te doen bij onbekenden in huis, die net als hij homoseksuelen waren, terwijl hij daar een eitje aan het bakken is. Ergens zegt hij tegen een getuige dat hij achterna werd gezeten.

Zelfmoord? Zijn vader had dat ook gedaan. Je denkt nog het meest aan een psychose. Een zaak waar iets vreemd aan is, dat is duidelijk.

Piet is Gone is vaardig gemaakt maar de film voelt een beetje onaf aan. Daarmee is de film wel iets minder dan Van Hoewijks zeer aan te bevelen Kill Your Darling uit 2012. In dat opzicht is het wel grappig dat nota bene tijdens deze IDFA er ineens nieuws over de zaak boven tafel kwam. Van Hoewijk reisde meteen naar Texel. De docu en het nieuwe plot zijn bij 2doc.nl te zien. De zaak wordt dankzij deze documentaire heropend door de politie.

 

24th Street

24th Street – Non-conformist in China
Van Texel naar China. Su probeert aan de 24th Street in Hangzhou te overleven als illegaal restauranthouder. Daar zijn allerlei restaurantjes opgezet met bamboestokken. De uitbaters proberen te verdienen aan de arbeiders van de flats die daar worden gebouwd. Voor Su is handel simpel: ‘Die mensen moeten ook eten.’

We zien hoe Su ondanks zijn goede bedoelingen vaak tegen muren oploopt. Zo gaat zijn illegale restaurant meer dan een keer tegen de vlakte. En iedereen is pissig op hem. Zijn wettige vrouw is boos, zijn dochter is boos, zijn schoonzus en schoonmoeder zijn boos. Alleen zijn vriendin Qin niet, ook al kaffert hij haar geregeld uit.

De kettingrokende non-conformist Su is een mooie protagonist voor een film. Toch voelt de docu voorspelbaar aan. Hoe kan een docu voorspelbaar zijn als het leven zich niet laat scripten? Dat ligt niet aan de protagonisten, zou je denken. Misschien aan de aanpak van documentairemakers, die graag bepaalde thema’s vastleggen?

 

The Next Guardian

The Next Guardian – Dochter geboren als jongen
In Bhutan volgen we een familie. Vader heeft een tempel, zoon en dochter zijn aan het puberen. Papa wil dat zoon boeddhist wordt. De zoon heeft er niet veel trek in. ‘Hebben jullie hier internet?’, vraagt hij op een school voor monniken. ‘Ja, in je vrije tijd.’ ‘Dat nog wel’, verzucht hij.

En dochter is ‘geboren als een jongen’, zegt haar moeder. Het traditionele pad opgaan zit er ook bij haar niet in. Ze is de lesbienne-in-de-dop die al flirt met andere meisjes.

De twee millennials weten hun smartphone sneller te vinden dan een boeddhistisch boek. Folklore zegt hen niet zoveel. Ze zijn wel opgewekt van nature. Een schattige passage is als broer en zus op Facebook meisjes aan het bekijken zijn en zij zegt: ‘Als je haar knap vindt, like haar foto dan!’

Sympathieke film over een van de mooiste landen van de wereld (Bhutan, met eigenaardige fallische cultus). Toch is er iets merkwaardigs aan de hand. Scènes ogen te perfect. Hoe ‘toevallig’ soms moeilijke gesprekken worden gevoerd of de kinderen iets ‘typerends’ doen. Doet meer denken aan een arthousefilm dan aan een documentaire. De werkelijkheid is meestal een stuk weerbarstiger dan deze gladgestreken variant in The Next Guardian.
 

22 november 2017

 
IDFA 2017, deel 2
IDFA 2017, deel 3
IDFA 2017, deel 4
IDFA 2017, deel 5 (slot)

 
 
MEER FILMFESTIVAL

Rode ziel, De

****

recensie De rode ziel

De keerzijde van de vrijheid

door Ries Jacobs

Is Joseph Stalin een held of een moordenaar? En hoe is het mogelijk dat hierover in Rusland nog steeds zoveel discussie is? Jessica Gorter portretteert in De rode ziel het huidige Rusland, dat meer dan ooit worstelt met de erfenis van Stalin.

Al vroeg in de documentaire zijn we getuige van een debat op de Russische televisie. ‘Eind jaren ’80 was Stalin volgens acht procent van de bevolking een groot man’, zegt de presentator. ‘Nu is dat tweeënvijftig procent.’ Anatoli Razoemov is onderzoeker van de Russische bibliotheek en zit als deskundige in de studio. Hij zegt dat tijdens het bewind van Stalin miljoenen mensen zijn verdwenen. ‘Apekool, u praat onzin’, reageert zijn communistische opponent vanaf de andere kant van de tafel.

De rode ziel

Deze scène laat zien hoe het de Russen nog altijd niet lukt om als land een gemeenschappelijk standpunt te vormen over de daden van Ioseb Jughashvili, beter bekend als Stalin. Nadat hij op 14 november 1927 zijn voormalige politieke rivaal Trotski royeert als lid van de communistische partij, kan hij beginnen aan de realisatie van zijn plannen. Hij collectiviseert de landbouw en stampt in een razend tempo de industrie uit de grond. Dit alles gaat gepaard met de onderdrukking van iedereen die hem in de weg staat. Vooral de jaren tussen 1934 en 1938 zijn bloederig. Deze episode in de Russische geschiedenis staat nu bekend als De Grote Terreur.

Geen oordeel
In De rode ziel komen zowel bewonderaars als critici van Stalin aan het woord. Igor legt bloemen bij een Stalinmonument. Volgens hem was het leven in de Sovjetdagen beter. ‘Het was toen volkomen veilig. Criminaliteit was vrijwel afwezig.’ Samen met andere Stalinaanhangers loopt hij in een stoet door de regenachtige straten van Moskou. Verderop in de film zegt hij: ‘Iedereen was eerlijk, open en fatsoenlijk. De mensen deelden graag met je.’

Elizaveta zit in haar appartement in Sint-Petersburg. Het uitzicht bestaat uit grijze flatbouwen. Ze vertelt over de avond dat militairen haar ouderlijke huis binnenvielen en haar vader en moeder meenamen. Ze heeft haar ouders nooit meer gezien.

Jessica Gorter legt de mensen en hun verhalen vast zonder gebruik te maken van een voice-over. Ze geeft geen mening, maar laat ons slechts zien hoe de Russen worstelen met de nalatenschap van Stalin. De rode ziel geeft daardoor een goed beeld van één van de moeilijkste vraagstukken van de hedendaagse Russische samenleving. In een tijd waarin veel berichtgeving uit Rusland gekleurd is, velt Gorter geen oordeel.

De rode ziel

Perestrojka
In 1990 kwam Gorter voor het eerst in Leningrad. Ze werd gegrepen door wat ze zag in het land dat zich na de val van Het IJzeren Gordijn opnieuw moest uitvinden. Ze regisseerde twee documentaires over de stad die inmiddels weer Sint-Petersburg heette, waaronder in 2011 het prijswinnende 900 Dagen over de belegering van de stad in de Tweede Wereldoorlog.

De rode ziel is een mooie nieuwe ontwikkeling van haar oeuvre. Gorter portretteert een samenleving die niet goed om weet te gaan met de na de perestrojka verworven vrijheid en daardoor ook haar geschiedenis geen plaats kan geven. De vraag waarom Stalin tegenwoordig zo populair is in Rusland stelt ze niet, maar ze beantwoordt hem wel.
 

20 november 2017

 
MEER RECENSIES

Thuis-IDFA 2017

Thuis IDFA 2017

door Bob van der Sterre

Op InDeBioscoop vertonen wij een film voor iedere twee dagen IDFA. Voor elf dagen IDFA hebben wij zes films geselecteerd. Ons eigen thema: films waarover je kunt discussiëren. Klik op de titel om de hele documentaire te zien.

Marjoe (1972)
Een vergeten, maar bijzondere en Oscarwinnende film uit 1972 waarin we kijken naar een evangelist. En niet alleen kijken we ernaar, maar ook observeren we hoe doortrapt deze persoon is. Dit moet iedere kijker in bezit van wat nuchter denkwerk wat doen.

Cutting Edge: Shannon Matthews: The Family Story (2008)
Het is moeilijk om niet woedend te worden tijdens deze documentaire. Uitleggen waarom dan wel zou te veel verklappen. Maar soms is het erg ontluisterend om mensen bezig te zien, als ze zonder al te veel scrupules grenzen overgaan die de meeste mensen te gek voor woorden vinden.

The Suicide Tourist (2007)
Ook emotioneel, gegarandeerd, is de film: The Suicide Tourist. De titel van de film is al tamelijk self-explanatory. Deze film moet je gaan zien en de gesprekken naderhand volgen vanzelf. Reken op veel verdrietige scènes.

Rats (2016)
Een documentaire die vorig jaar nog draaide op IDFA. Best een sterke film van de doorgaans lichtvoetig filmende Morgan Spurlock. Na deze film kijk je beslist anders aan tegen ratten en rattenverdelgers. Soms is het interessant – soms is het een kwestie van even de andere kant op kijken. Is het verschrikkelijk om toch, in zekere zin, best slimme zoogdieren te verdelgen? Weer een thema waar je over kunt discussiëren.

Hitman (1982)
Huurmoordenaars zijn in films vaak charmante personages, gek genoeg. Dat besef je ineens als je een echte huurmoordenaar hoort spreken. De Canadees Donald Lavoie was er één. Aparte kerel – lijkt wel op een acteur die een rol speelt. Minzaam glimlachend over hoe vervelend hij zijn baan vroeger wel vond. Ontsnapte door zijn kennis aan vervolging. Een obscure documentaire uit 1982: dat zijn vaak de beste.

Baraka (1992)
Beetje moe van de discussies na de vorige films? Dan deze film als dessert. Een klassieker, vergelijkbaar met Koyaanisqatsi. Een film die je kijkt om de ongelooflijke, formidabele beelden. Adembenemend! Voor critici misschien te esoterisch maar Baraka mag je eigenlijk niet gemist hebben als je houdt van mooie beelden. Prachtig om in HD op een groot scherm te gaan kijken.

Netflix
‘En voor de Netflixers onder ons hebben we deze vier tips:

    • Out of Thin Air (een mysterieuze misdaadzaak in IJsland in de jaren zeventig);
    • Les Bleus, Un Autre Histoire de France (hoe succes en verlies in voetbal soms hand in hand gaan met maatschappelijk onbehagen);
    • Icarus (hoe een simpel onderzoekje naar doping uitloopt op een bizar spionagedrama);
    • Sour Grapes (het ongelooflijke verhaal over een oplichter in wijn, een strijd tussen goedgelovigen en kenners).

 

15 november 2017

Sign ‘o’ the Times

*****

recensie Sign ‘o’ the Times

Reus van vijf turven piekt

door Alfred Bos

Op 20 november is het op de dag af dertig jaar geleden dat Sign ‘o’ the Times, de concertfilm van Prince, in Nederland in première ging. De beelden waren een jaar daarvoor geschoten in de Ahoy’ te Rotterdam. Alfred Bos was er bij.

Wat kon Prince níet? We herinneren hem vooral als muzikant van de buitencategorie, een talent waarop geen maat stond. We gedenken hem niet als regisseur. Natuurlijk, hij regisseerde een aantal van zijn videoclips en dat hij in 1984 doorbrak als superster was te danken aan Purple Rain (regie: Albert Magnoli), een speelfilm met spectaculaire concertbeelden. Maar de films onder zijn eigen regie waren na verschijning snel vergeten, als ze al werden opgemerkt.

Sign ‘o’ the Times

Under The Cherry Moon, nostalgische art deco-romantiek uit 1986? Afgefakkeld. Graffiti Bridge (1990), gepresenteerd als vervolg op Purple Rain? Huh??? Sign ‘o’ the Times, ’s mans concertfilm uit 1987? Lag als dvd te grabbel in de uitverkoopbakken. Tot vorig jaar de Boston Society of Film Critics de film herontdekte. Nu geldt Sign ‘o’ the Times als een van de beste concertfilms ooit gemaakt. In alle eerlijkheid, dat was het al toen de film in het najaar van 1988 in de Nederlandse bioscopen draaide.

Zwarte new wave
Toen het dubbelalbum Sign ‘o’ the Times in 1987 uitkwam was Prince, de gigant van vijf turven hoog, op zijn creatieve piek. De plaat was een monster, vier plaatkanten lang uitsluitend topnummers, geen vlekje te ontdekken. En die zestien tracks waren nog maar het topje van de ijsberg. De platenmaatschappij weigerde om ieder kwartaal een nieuw Prince-album uit te brengen en had de artiest uit het hoofd gepraat om zijn fans te belasten met een drie(!)dubbelalbum. De twee schijven waren een compromis. De rest verdween in de legendarisch geworden PrinceVault, een schatkamer met onuitgebracht materiaal.

Niet alleen de inspiratie stroomde uitbundig, Prince was vloeiend in zo ongeveer elk denkbare stijl. Op zijn platen uit de vroege jaren tachtig, die van vóór Purple Rain, was hij een erfgenaam van funkmeisters als James Brown, George Clinton en Sly Stone die het new wave-geluid uit Engeland had opgezogen. Een krankzinnige mix van invloeden, een rariteit in feite en de reden dat het grote publiek geen directe klik had met Prince. Zwarte new wave? Te buitenissig, te apart. Bij zijn eerste optreden in Nederland, op 21 mei 1981 in Paradiso, waren amper tweehonderd bezoekers.

Sign ‘o’ the Times

Zijn grote doorbraakhit, When Doves Cry, schalde in de zomer van 1984 uit talloze luidsprekers. Maar als hit lapt het een oerwet aan de laars: een dansnummer zonder baspartij! Typisch Prince. En scherp gehoord van de man. Niemand zou in de eindmix de fader van de baspartij naar beneden hebben getrokken. Maar de afwezigheid van de bas – de link tussen beat en melodie, en de bron van harmonie – geeft When Doves Cry niet alleen een uniek geluid, het creëert ook ruimte. En muziek draait om ruimte. Daar offerde Prince de harmonie graag aan op en hij had gelijk.

Zwart en perzik
Toen hij na het enorme succes van Purple Rain (twee nummer 1-hits, When Doves Cry en het titelnummer, in zijn thuisland Amerika; zeven weken op de bovenste plaats van de Nederlandse albumlijst) brede erkenning had gekregen, ging Prince in creatief opzicht helemaal los. Hij produceerde meer dan zijn platenmaatschappij kon uitbrengen en goochelde met stijlen. Pop, funk, psychedelica, wave—Prince kon het allemaal, moeiteloos en speels.

Bij zijn optreden van mei 1987 in het stadion van FC Utrecht waren zo’n dertigduizend man aanwezig. Prince had zijn fans opgeroepen zich te kleden in de kleuren zwart en perzik – de kleuren van het Sign ‘o’ the Times-album – en ze zwaaiden massaal met aanstekers toen hij The Cross vertolkte. Vijf weken later speelde Prince opnieuw in Nederland; op 28 juni stond hij in de Rotterdamse Ahoy’ hal, een betonnen tombe die in vergelijking met het voetbalstadion voelde als een intieme club. Ik heb in mijn leven enkele duizenden optredens gezien en gehoord, maar die middag (het was een middagconcert) met Prince in Ahoy’ was het beste.

Creatieve piek
Dat optreden vormde de basis van de concertfilm Sign ‘o’ the Times die nu door de filmcritici van Boston is herontdekt als meesterwerk. Prince was achteraf niet helemaal senang met het materiaal dat in Rotterdam door een Nederlandse ploeg was gedraaid en deed het onder optimaal gecontroleerde omstandigheden allemaal nog eens over in zijn Paisley Park-studio in Minneapolis. Die twee shoots zijn door elkaar gesneden tot de concertfilm. Ruwweg: we zien Ahoy’ en horen Paisley Park.

Sign ‘o’ the Times

In de film speelt Prince in een decor dat herinnert aan het hoesontwerp van Sign ‘o’ the Times elf nummers van het gelijknamige dubbelalbum, aangevuld met Now’s The Time van jazzlegende Charlie ‘Bird’ Parker. De videoclip van U Got The Look, met Sheena Easton als gastzangeres, is tussen de concertbeelden gemonteerd. De nummers worden aan elkaar gelast door West Side Story-achtige sketches met danseres Cat als wulpse tegenhanger van Prince. Het energieniveau is hoog, de muzikaliteit verbluffend.

Prince is altijd een talent van de buitencategorie gebleven, maar in 1987 viel alles samen: zijn creatieve top en zijn populariteitspiek. Hij was 29 jaar, in de kracht van zijn leven en in het zenith van zijn carrière, en kon alles wat zijn fantasierijke brein hem ingaf. Dat moet hij zelf ook hebben beseft. Waarom zou hij anders de Sign ‘o’ the Times-concerten hebben vastgelegd op film?


De digitaal gerestaureerde versie van Sign ‘o’ the Times is van zondag 20 tot en met zaterdag 26 november te zien in ruim
tachtig bioscopen.

Alfred Bos publiceerde in 1988 het boek Prince – De ‘muzikale’ biografie.
 

14 november 2017

 
MEER RECENSIES

IDFA 2017 – Previews

Preview IDFA 2017 – Deel 1

door Bob van der Sterre

Overzicht kwijt tussen de honderden documentaires die tijdens het komende IDFA, van 15 tot 26 november, te zien zijn? Geen nood, InDeBioscoop heeft het hele programma doorgespit. We hebben een helder overzicht van onze eigen favorieten op thema geselecteerd. Voor aanvang van IDFA elke dag uitgebreid aandacht voor het grootste documentairefestival ter wereld. En natuurlijk doen wij ook tijdens IDFA verslag.

Allereerst de belangrijkste links:

Ouaga Girls

 

Bijzondere levens
Karakters die ons op de een of andere manier fascineren. Zulke docu’s zijn vaak in een ommezien voorbij. Wat wil je nog meer?

So Help Me God (99 min.)
Hoe ziet de praktijk van een onderzoeksrechter eruit? Nou, zo dus. Onderzoeksrechter Anne Gruwez is een interessante persoonlijkheid die geen blad voor haar mond neemt. Dat belooft hilarische momenten maar ook schokkende passages.

24 Street (88 min.)
Su en Qin zijn sjacheraars in Hangzhou. We volgen ze met hun illegale praktijken, hun ruzies en hun doffe, ellendige bestaantjes. Vermoedelijk ontroerend en grappig.

Risk (92 min.)
Julian Assange is een omstreden karakter. Laura Poitras is een regisseur van omstreden karakters (zie haar vorige film Snowden). Een mooi duo dus om de hoofdrol te spelen.

My Name Is Nobody (89 min.)
Deze film is heel ironisch want het gaat juist over een totaal onbekend persoon, die op een klassenfoto stond tussen latere muzikant Ennio Morricone en regisseur Sergio Leone. Wie was hij? Een idee waar meer mensen soms mee spelen maar Denise Janzee gaat daadwerkelijk naar Rome om die onbekende te zoeken. Niet zo makkelijk, blijkt. Waarom zou je ook zoeken naar een onbekende? Het zet de geijkte patronen van een documentaire vermakelijk op zijn kop. Bovendien vermoedelijk een entertainend portret van Rome en zijn bewoners.

Jane (90 min.)
Primatoloog Jane Goodall in haar jonge jaren, gefilmd door de man met wie ze een relatie begon. Vermoedelijk een romantisch maar ook vriendelijk en interessant portret.

 

Families
Veel documentaires op IDFA  schetsen levens van families hier en daar op de aardbol. Meestal prettige, vriendelijke films waarmee het goed toeven is.

The Next Guardian (74 min.)
Je altijd al afgevraagd: hoe is dat, puberen in Bhutan? De dochter wil voetballer worden en de zoon wil vooral geen monnik worden. Vader en moeder staren daar soms net zo hoofdschuddend naar hun kinderen als de ouders bij ons.

Solving My Mother (104 min.)
Een Letse computerprogrammeur heeft heel veel moeite met zijn moeder. De relatie is zo slecht dat hij haar bij de politie aangeeft voor emotionele chantage. Is deze relatie te redden? De documentairemaker zit de twee dicht op de huid.

Toto and His Sisters (93 min.)
In Roemenië opgroeien als Roma-kind is geen sinecure. Deze film laat het leven zien van drie kinderen die opgroeien in een flat die door hun familie ook voor drugshandel wordt gebruikt. Hun moeder zit al in de gevangenis. De tragedie is van grote afstand zichtbaar.

The Creator of Universes (78 min.)
Puur tragikomisch verhaal over een zestienjarige jongen die met zijn 96-jarige oma misdaadverhalen filmt. Vermoedelijk redelijk veel plaatsvervangende schaamte, maar wie daar doorheen kan kijken heeft misschien een leuke film aan deze Uruguayaanse productie.

Lots of Kids, a Monkey and a Castle (88 min.)
Dát was precies wat de Spaanse Julia wilde. Ze kreeg ze alle drie. Nu is het moment daar om het kasteel te verlaten. Haar (vele) kinderen komen terug om haar erbij te helpen. Een publieksfavoriet in de dop.

 

Feelgood
Even genoeg van al het drama? Dan naar een van deze documentaires die je hoop geven, of die gewoon leuk zijn om te zien.

Ouaga Girls (83 min.)
Een film over mannelijke automonteurs, daar zou niemand van wakker liggen. Dit is anders. We volgen een groep meiden die in Ouagadougou (Burkina Faso) de opleiding van automonteur doet. Gezellige hilariteit is het vermoedelijke resultaat van de film.

A Skin So Soft (94 min.)
Deze film beoogt een menselijk portret te schetsen van zes bodybuilders, thuis op de bank of aan het boodschappen doen. Het blijken hele normale gasten te zijn, helemaal niet zo van die macho’s. No shit, Sherlock! Geheide publiekstrekker deze film, die toch voornamelijk vrouwen de zaal in zal lokken.

Happy Winter (91 min.)
Dit Siciliaanse strand is een microkosmos van het Italiaanse leven. Klinkt als een prettige, lichtvoetige film waar je bij voorbaat al vrolijk van wordt.

Moldovan Miracle (82 min.)
Een optimistische optometrist. Een Noor doet zijn best om een druppel op de gloeiende plaat te zijn: hij hielp tot nu toe 10.000 Moldaviërs met hun oogproblemen. Jammer dat je als weldoener altijd weer met corruptie te maken krijgt. Deze docu volgt hem bij zijn werkzaamheden en vele frustraties. In dit genre ook The Rebel Surgeon.

The Ugliest Car (47 min.)
Bij voorbaat een gegeven voor een hartveroverende documentaire: de officieel uitgeroepen als lelijkste auto van Polen, en dan de 94-jarige moeder van de eigenaar van de auto die nog altijd meerijdt. Vermoedelijk geestige korte film.

 

Journalistiek
Je kunt er niet omheen, soms moeten er dingen worden aangekaart. Verrijk je kritische blik met deze journalistieke films. Je moet wel tegen een forse dosis cynisme kunnen.

Blue Orchids (48 min.)
Na Shadow World, de film die de wapenhandel blootlegde in 2016, volgt regisseur Johan Grimonprez met deze spin-off. Een insider en outsider van wapenhandel hebben twee totaal tegenovergestelde levens. We horen hier hun levensverhalen.

Silas (80 min.)
Helden, dat zijn soort mensen als de Liberiaan Silas Siakor. Hij strijdt tegen corruptie en dat kan er af en toe spannend aan toe gaan. Zijn voornaamste vijanden: bedrijven. Zijn wapen: smartphones.

Trophy (108 min.)
Deze film is beslist te veel voor ondergetekende. De documentaire beschrijft namelijk de jacht op wild in Afrika. Misselijkmakend als je veel houdt van dieren. Misschien hebben andere kijkers een sterkere maag.

Another News Story (84 min.)
Meer media gaat het niet worden in deze film over de media, om precies te zijn: de rol van de media tijdens de vluchtelingencrisis. Het sarcasme druipt er vermoedelijk van af, bij al die nieuwsjagers, die maar al te veel moeite hebben om een keer oprecht empathisch te zijn. Zelfbescherming of gewoon cynisme?

Eating Animals (94 min.)
Na het boek van Jonathan Safran Foer over de bio-industrie krijgen we hier de filmversie, met vermoedelijk heel veel ontstellend cynische feiten, die iedere vegetariër en veganist alleen maar nog meer vastbesloten maakt. Goed (vegetarisch) eten van te voren aangeraden. In dit genre ook, maar vermoedelijk nog veel moralistischer, het vervolg van Al Gore’s milieudocumentaire: An Incovenient Truth 2.
 

11 november 2017

 

Preview IDFA 2017 Deel 2
Preview IDFA 2017 Deel 3
Preview IDFA 2017 Deel 4

 

 
MEER FILMFESTIVAL

Avicii: True Stories

***

recensie Avicii: True Stories
De kunstenaar wint, niet het geld

door Alfred Bos

Vorig jaar kondigde de Zweedse superster-deejay Avicii aan te stoppen met optreden. Een zeldzaam openhartige documentaire toont hoe de producer moest knokken om het juk van de roem af te schudden.

Tim Bergling was 21 jaar toen hij in 2011 als deejay optrad voor een uitverkocht stadion in zijn geboorteplaats Stockholm. Na afloop vraagt een journaliste hem: Wat is je doel? Dit zo lang mogelijk doen, antwoordt Bergling bleu maar tevens blij. Op 28 augustus 2016 deed hij zijn laatste optreden, in de club Ushuaia op Ibiza. Wat er in de vijf tussenliggende jaren gebeurde is het onderwerp van Avicii: True Stories.

Avicii: True Stories

De film toont kanten van het bestaan als internationaal vermaarde superster-deejay die doorgaans voor het publiek verborgen blijven. Als één van de populairste deejays en best verkopende producers van de planeet is Avicii een geldmachine en die wordt door de krachten achter de schermen, zijn manager voorop, genadeloos geëxploiteerd. Tot er iets knapt. Levan Tsikurishvili – die eerder enkele kortfilms rond nummers van Avicii regisseerde – heeft de Werdegang van Bergling als een vlieg op de muur geregistreerd. Hij toont de werkelijkheid achter het imago, het marketing-masker.

Monsterhit Wake Me Up
Tim Bergling (8 september 1989) leert zichzelf produceren door instructiefilmpjes op YouTube te bestuderen. Zijn held is de Nederlandse producer Laidback Luke, hij stuurt hem vijf demo’s per week. Ook een andere Nederlander, Tiësto, hoort zijn talent en draait als eerste topdeejay Avicii’s tracks. Dan verschijnt Ash Pournouri in beeld. Hij heeft op internet Berglings eerste producties gehoord en meent de ruwe diamant te kunnen slijpen tot een superster.

Dat lukt boven verwachting. In het najaar van 2011 maakt de hit Levels van Avicii een internationale ster. Zijn track Wake Me Up, volgens Incubus-gitarist Mike Einziger ‘geschreven in een half uur’, is in 2013 een monsterhit. In Nederland wordt het de bestverkochte single van dat jaar; het nummer staat 82 (!) weken in de Single Top 100. Bergling heeft talent – getuigen ook profi’s als Nile Rodgers, Wyclef Jean en Coldplay’s Chris Martin – en werkt hard voor zijn succes. Hij is constant bezig, slaat nachtrust over.

Avicii: True Stories

Het succes van Avicii reikt tot de stratosfeer. Optredens op grote festivals, blokboekingen in Las Vegas, studiotijd met beroemde muzikanten, Madonna die hem aankondigt in Miami en tournees langs zo ongeveer alle continenten. Maar dan volgt tegenslag. Bergling krijgt lichamelijke klachten (galblaas, appendix) en ligt met zijn laptop in het ziekenhuisbed te werken. Het toeren gaat hem tegenstaan, hij is niet gebouwd voor de niet aflatende werkdruk.

‘De betekenis van geld’
Het hart van de film is de strijd tussen de deejay en diens manager om controle over de loopbaan van de ster. Bergling begint langzaam iets te dagen. Hij leest de Zwitserse psycholoog Carl Jung en ontdekt dat hij introvert is; op intuïtie koest, niet volgens een plan. Hij wil minder optreden of eigenlijk helemaal niet meer. De mensen om hem heen zetten de producer in een droomvilla op Ibiza en vervolgens een strandwoning in het Californische Malibu, maar de stressklachten blijven. Avicii wil eruit. Stoppen met toeren, lekker muziek maken in de studio; met vrienden, collega’s of alleen.

‘Hij snapt de betekenis van geld niet’, zegt manager Ash over Avicii en dan weet je dat de breuk onvermijdelijk is. Bonentellers en creatievelingen leven in gescheiden werelden en op zijn zesentwintigste stapt Avicii weloverwogen uit het spotlicht. Hij ging bijna kapot aan de stress van het succes en moest vechten voor zijn vrijheid. Hij zit nu met gitaar op het strand van een paradijselijk eiland nabij Madagaskar en werkt aan zijn nieuwe album. Met Avicii komt het goed.

Avicii: True Stories

Asif Kapadia, de regisseur van de documentaire Amy over Amy Winehouse, moest het doen met home movies en via smartphone gedraaide filmbeelden. Levan Tsikurishvili is een jeugdvriend van Tim Bergling en kon de producer jarenlang van nabij volgen. Dat resulteert in een ongewoon openhartige documentaire die – anders dan Amy – eindigt met een persoonlijke triomf.

Avicii: True Stories – vernoemd naar de titels van zijn eerste twee albums, True (2013) en Stories (2015) – ging afgelopen week in wereldpremière tijdens het Amsterdam Dance Event en draait op donderdag 26 oktober wereldwijd eenmalig in de bioscoop. In Nederland is de film hier te zien. Na afloop van de documentaire wordt een concertfilm van dertig minuten over Avicii’s afscheidsoptreden op Ibiza vertoond.
 

24 oktober 2017

 

MEER RECENSIES

Family Quartet, A

*

recensie A Family Quartet

Vlekkeloos succesverhaal

door Ralph Evers

A Family Quartet volgt de vlekkeloze ontwikkeling van een nieuw viooltalent uit Nederland, genaamd Noa Wildschut. Als documentaire gaat de film mank vanwege het ontbreken van een spanningsboog. 

Noa Wildschut is geen wonderkind, zo zegt moeder in een interview. Ze is wel een zeer getalenteerde violiste die op zeer jonge leeftijd al met de grote orkesten meespeelde. We zien videobeelden, gemaakt door papa en mama, waarop een piepjonge Noa de katten uit de buurt verleidt met haar viool. Twee gedreven ouders en een oudere zus die de katten reeds de baas is. Fast forward naar haar twaalfde verjaardag horen we al helder spel en inmiddels toert ze de wereld rond en poseert ze met vele bewonderaars. 

A Family Quartet

Bevoorrecht
Nee, ze is geen wonderkind, maar een geprivilegieerd kind. Opgegroeid in een steunend, faciliterend, muzikaal (mama is vioolpedagoog, papa speelt altviool en zus Avigal speelt ook viool) en liefdevol gezin, dat het financieel breed genoeg lijkt te hebben om het maximale uit hun dochters te halen.

De film is opgedeeld in drie periodes, die gaandeweg de chronologie loslaten. Noa’s kindertijd waar ze zoekende is naar de zuivere noten. De tweede periode is rond haar twaalfde jaar waar blijkt dat ze een groot talent heeft, en dan haar zestiende jaar waar ze reeds doorgebroken is.

Zoals dat bij talent gaat is het eerder dat hetgeen je doet je bevalt en dat het vele oefenen je met gemak afgaat. We zien daar echter weinig van. Er is veel herhaling van een vlak voor de uitvoering repeterende Noa, of het gezellige gezinnetje in Zwitserland (of waar ook) en het gebrek aan drama breekt de film op. De enige tegenvaller die we te zien krijgen is een snee in haar vinger, net nu ze in Amerika mag gaan spelen. Vervelend nou! 

A Family Quartet

Spanningsboog?
Het is een wet in de (documentaire)film: zonder spanningsboog geen verhaal. We zien louter een talent in ontwikkeling, zonder grote tegenslagen, zonder grote problemen. We horen en zien Noa ofwel Paganini in verlegenheid brengen, ofwel gevoelvol haar eigen accenten aan een stuk toevoegen, maar spanning? Op de snaren en de haren van de strijkstok na, is dit de grote afwezige.

Daarbij is Noa te jong om al een persoonlijkheid te zijn (en het is maar de vraag of dat nog komt). Hoe anders was dat bij een eerdere film dit jaar over een ander groot talent, Sergei Polunin, in The Dancer. Een getormenteerde geest, een onvoorspelbare performer, die grote pieken en diepe dalen heeft gekend, het kijkt toch allemaal lekkerder weg. Ouders die alles opofferen met het risico te gronde gericht te worden, een alles of niets persoonlijkheid, een grote bek en een breekbaar hart. Drama. Meeleven! Dit grootse blijft in A Family Quartet uit. Dat is voor Noa zelf ongetwijfeld erg fijn, voor een negentig minuten durende documentaire is haar lineaire succesverhaal te weinig om te blijven boeien.
 

23 september 2017

 
MEER RECENSIES