Mr. Turner

****

recensie  Mr. Turner

Portret van een geniale hork

door Alfred Bos

Grommend brengt acteur Timothy Spall de befaamde Engelse schilder J.M.W. Turner tot leven. Mike Leighs schitterend gevisualiseerde filmportret is geen lofzang op het genie, doch blijft trouw aan de historische feiten. En de niet altijd even sympathieke persoon.

J.M.W. Turner (1775-1851) is de Engelse Rembrandt, nationaal erfgoed naar wie een prestigieuze kunstprijs is vernoemd. Regisseur Mike Leigh schetst in Mr. Turner een portret van de man die als weinig anderen licht en lucht in olieverf wist te vangen; zijn landschappen en zeetaferelen liepen vooruit op het Franse impressionisme en de abstracte kunst van de twintigste eeuw. Leigh toont een atypische eenling, die ondanks zijn bruuske omgangsvormen werd gewaardeerd door het establishment: de rijke weldoeners en de Royal Academy die zijn werk exposeerde.

Mr. Turner

Dat Mike Leigh – en niet een ‘veilige’ regisseur als, zeg, de onlangs overleden Richard Attenborough – zich aan een filmportret van dit Britse instituut heeft verbonden, behoedt het project voor politiek correcte ponteneur. De regisseur van felrealistisch, maar niettemin gestyleerd, en niet zelden ook komisch sociaal drama (Naked en meer recentelijk Happy-Go-Lucky en Another Year) lijkt geknipt voor de karakterstudie van deze excentrieke eenling. Een uitstekende rolbezetting plus een tot in detail gerealiseerd tijdsbeeld van de vroeg-industriële periode voltooien de geslaagde missie.

Sneeuwstorm
We zien Turner, vertolkt door Timothy Spall, in de derde en laatste akte van zijn leven. Hij is de vijftig reeds gepasseerd en kan door zijn succes volstrekt onafhankelijk van de kunstcoterie opereren. Hij doet, en schildert, wat hem goeddunkt. Hij laat zich aan een scheepsmast vastbinden om te ervaren wat een sneeuwstorm is. Hij verbetert een bewonderd schilderij van collega Constable. Hij zegt ‘nee’ wanneer een steenrijke koopman hem een vermogen biedt voor zijn onverkochte collectie. Hij schildert voor het publiek, niet de bemiddelde elite.

Ook in zijn privéleven is Turner eigenzinnig. Nimmer getrouwd, weigert hij de door hem verwekte kinderen te erkennen. Hij woont anoniem samen met een weduwe, Sophia Booth (Marion Baliey, de wederhelft van Leigh), die hij tijdens een van zijn schilderreisjes heeft leren kennen, terwijl thuis de stilletjes op hem verliefde huishoudster Hannah Danby (een voortreffelijke rol van Dorothy Atkinson) een leeg huis aan kant houdt. Zijn beste vriend en zaakwaarnemer, zijn vader (Paul Jesson), is dan al lang overleden.

Recensie Mr. Turner

‘Schilder van het licht’
Mr. Turner opent met een oer-Hollands beeld (gedraaid in East Anglia) en op de geluidsband horen we Nederlands. Het is een subtiele referentie aan Turners Hollandse collega ‘schilder van het licht’. In de 150 minuten die volgen maakt Turner een aantal van zijn befaamdste werken, waaronder Snow Storm en The Great Western Railway. Het zijn schilderijen die een in rap tempo moderniserende wereld evoceren in een hoogst persoonlijke stijl. Na zijn dood liet hij ze na aan de National Gallery, de befaamde Turner Bequest. Typerend voor de man: hij voelt zich niet bedreigd door nieuwlichterij als de daguerreotype (voorloper van de fotografie) en haalt zijn neus op voor de jongere schildergeneratie van de Pre-Rafaelieten. Het frikkerige commentaar van koningin Victoria laat hem koud.

De film concentreert zich op de man achter de mythe, met zijn hebbelijkheden en tics. Het is een vlot vertelde aaneenschakeling van momenten uit een biografie, met de nadruk op het persoonlijke leven. Anders dan recente biopics over modeontwerper Yves Saint Laurent en burgerrechtenactivist Cesar Chavez zijn in Mr. Turner vorm en vent perfect in balans. Dat betekent dat Mike Leigh een empathisch en visueel imposant portret heeft gemaakt van een complexe, tegenstrijdige en geniale hork.

 

8 december 2014

 
ALLE RECENSIES

My Old Lady

***

recensie  My Old Lady

Drie acteerkanonnen in verfilmd toneeldrama

door Cor Oliemeulen

Dat My Old Lady ook als komedie is aangekondigd, getuigt van weinig gevoel voor humor. Het verfilmde toneelstuk van Israel Horovitz begint luchtig, maar draait uit op een serieuze beproeving, met wel een rooskleurig perspectief.

De New Yorkse schrijver Mathias Gold (Kevin Kline) erft van zijn vader een kostbaar oud pand in Parijs. Hij heeft zijn schepen al achter zich verbrand en ontdekt dat de 92-jarige Mathilde (Maggie Smith) en haar dochter Chloé (Kristin Scott Thomas) in het appartement wonen. Mathilde verkocht het 43 jaar geleden aan Mathias’ vader en verblijft er sindsdien. Volgens een Franse wet kan Mathias het huis pas verkopen nadat de oude dame is overleden. Wat doe je dan? Mathilde toont zich niet direct als een innemend persoon. Ze wil zijn horloge in ruil voor een kamer boven en eist dat Mathias ’s morgens en ’s avonds exact om acht uur acte de présence geeft aan de eettafel. ‘Precisie en wijn zijn de sleutel tot een lang leven’, voegt Mathilde hem fijntjes toe.

Recensie My Old Lady

Geen paardenmiddelen
Met zijn ongebreidelde fantasie en satirische schrijfstijl zou de Britse auteur Tom Sharpe wel raad hebben geweten met dit gegeven: kosten noch moeite noch paardenmiddelen zou hij sparen om dat oude mens kassie wijle te krijgen. Schrijver-regisseur Israel Horovitz hanteert minder platte humor en meer fijnzinnigheid: Mathias probeert de oude dame tevergeefs op het gemoed te spelen, verkoopt stiekem wat oude meubels uit zijn kamer om zijn huur te kunnen betalen en zuipt zich laveloos aan de oevers van de Seine. Ook zijn contact met de lastige Chloé wil niet zo vlotten, dus dreigt hij haar te chanteren wegens haar relatie met een getrouwde man.

Na drie scheidingen bij  blijkt Mathias vol bitterheid en is volgens zijn nieuwe huisgenoten onaangepast. Hij onderzoekt alle mogelijkheden om het huis in zijn bezit te krijgen. Te langen leste stelt hij voor om het appartement in tweeën te delen, maar Chloé weigert en doet een belachelijk laag bod, dat Mathias uiteraard niet kan accepteren. Vervolgens weet Mathias wel heel handig een gladde, hebzuchtige makelaar wat cash uit zijn zak te kloppen.

Recensie My Old Lady

Hernieuwde kennismaking met vader
Mathias is niet alleen cynisch, maar raakt ook van slag na de ontdekking van oude foto’s op de bovenetage. Het betekent een hernieuwde kennismaking met zijn vader met wie Mathias een moeilijke verhouding had. En zo slaat de aanvankelijk lichtvoetige toon van het verhaal om in een deprimerende geschiedenis, waarbij Mathias Chloé toevertrouwt dat depressie in de familie zit. Ooit zei een psychiater tegen Mathias: ‘Je moet het kind dat je was op de knie zetten van degene die je bent geworden en dan het kind geruststellen.’ Echter Mathias zegt dat hij maar blijft dromen dat het kind dat hij was nu op zijn knie zit en hij beide handen om diens keel plaatst. Zowaar geen lichte kost.

Israel Horovitz is beroemd als schrijver van tientallen toneelstukken, zoals Line (25 jaar op Broadway) en The Indian Wants The Bronx (toneeldebuut Al Pacino). Voor de verfilming van zijn recente bekroonde drama My Old Lady besloot de inmiddels 75-jarige Amerikaan zelf op de regiestoel te gaan zitten. Terwijl op het podium de gebeurtenissen zich afspelen tussen drie personen in één ruimte kon Horovitz zijn werkstuk nu voorzien van een cinematografische visie van Parijs en enkele andere personages inweven. Erg veel voegt het niet toe, omdat het stuk het vooral moet hebben van het verhaal en het acteerspel. De drie hoofdrolspelers zijn uitstekend op hun plaats, maar als film is de laatste act van The Old Lady misschien een tikkeltje te zwaar.

 

25 november 2014

 
ALLE RECENSIES

Still Life

****

recensie  Still Life

Eerbetoon aan de eenzame zielen

door Cor Oliemeulen

Er bestaan niet veel films over het sterven in eenzaamheid. Still Life weet op een respectvolle en troostende manier om te gaan met een lastig thema en bereikt een voortreffelijke balans tussen drama en komedie. 

De 44-jarige John May (Eddie Marsan) organiseert uitvaartdiensten voor mensen zonder familie en vrienden. Aan de hand van foto’s en persoonlijke bezittingen probeert hij te achterhalen of er nabestaanden zijn. John werkt uitermate gedisciplineerd en zorgvuldig. Hij trekt de standaardprocedures moeiteloos door naar zijn eigen leven. Dat heeft hem eenzaam gemaakt, maar hij heeft gewoonweg niet in de gaten dat je ook op een andere manier kunt leven. John vindt zijn bestaan zinvol vanwege zijn grote toewijding aan zijn vak en empathie voor mensen die in alle eenzaamheid zijn overleden. Thuis mag hij graag bladeren in zijn verzamelalbum met foto’s van deze mensen.

Recensie Still Life

Een nieuwe uitdaging
Zijn baas is een regelrechte hufter die vindt dat John te langzaam werkt. Na 22 jaar trouwe dienst mag John elders ‘een nieuwe uitdaging’ zoeken. Iemand anders zou minimaal boos zijn, echter John vraagt of hij nog een paar dagen onbetaald mag doorwerken om zijn laatste klus af te ronden. Zijn nauwgezette zoektocht naar eventuele nabestaanden van een alcoholist die in de flat tegenover hem woonde, veroorzaakt een behoedzame verandering in Johns visie op de werkelijkheid. Hij rekent af met de routines in zijn leven. Hij eet dingen die hij nog nooit heeft geproefd, bestelt hete chocolade in plaats van zwarte thee, doet zijn stropdas af, deelt een fles whisky met twee daklozen en kijkt niet meer een paar keer naar links en naar rechts voordat hij een straat oversteekt. Uiteindelijk vindt John de dochter van de alcoholist en ontstaat er voorzichtig een band tussen deze twee eenzame zielen.

Regisseur Uberto Pasolini (geen familie van) – na twaalf jaar werkzaam te zijn geweest als investeringsbankier en in 1997 internationaal gelauwerd als producer en bedenker van The Full Monthy – legt in zijn pas tweede speelfilm de vinger op een zere plek in de hedendaagse samenleving. Hoe komt het dat zoveel mensen zijn vergeten en moederziel alleen sterven? Wat zegt dit over de westerse maatschappij? Veel andere culturen gaan anders om met de dood. Dit blijkt bijvoorbeeld in het Japanse meesterwerk Okuribito (2008) waarin een ontslagen cellist zijn nieuwe uitdaging vindt door de lichamen van overledenen in een indrukwekkend ritueel te prepareren voor hun uitvaart.

Recensie Still Life

Rustig en sereen
In Still Life geeft het rustige en serene leven van John May betekenis aan de filmtitel, gesteund door de ingetogen en subtiele mise-en-scène. Met zijn visuele stijl verwijst Pasolini naar films van de grote Japanse cineast Yasujirô Ozu die door bijna onbewogen cameraperspectieven krachtige beelden van het alledaagse leven wist te schetsen. Ook de cinematografie van Still Life is kalm; de camera beweegt als het ware mee met Johns kijk op de werkelijkheid en zijn ontmoetingen met andere mensen.

Eddie Marsan is vooral in eigen land een zeer gerespecteerde film- en tv-acteur met meer dan honderd titels op zijn naam. Hij speelde onder tal van grote regisseurs en maakte zich vooral verdienstelijk als bijrolacteur. Zo is hij te zien in drie films van zijn landgenoot Mike Leigh – voor zijn optredens in zowel Vera Drake (2004) als Happy-Go-Lucky (2008) won hij de British Independent Film Award for Best Supporting Actor. Still Life bevestigt dat Marsan een film kan dragen. Hij is perfect als de onopvallende veertiger met een bewonderenswaardige compassie voor de eenzame medemens. Zijn laatste klus moet zijn belangrijkste klus worden. De verstrekkende persoonlijke gevolgen, cumulerend in ontroerende pracht, laten de kijker met een dubbel gevoel achter.

 

15 november 2014

 
ALLE RECENSIES

20,000 Days on Earth

***

recensie  20,000 Days on Earth

Portret van een poseur

door Alfred Bos

Pseudo-documentaire over een Australische – en in Brighton, Engeland wonende – rockzanger, romanschrijver, scenarist, acteur en vader. Nick Cave wordt geportretteerd zoals hij zichzelf ziet.

Wie in de filmencyclopedieën de naam van Nick Cave opzoekt, vindt hem vermeld als scenarist. Hij schreef de filmscripts van The Proposition en Lawless. Daarnaast is hij in een handvol films te zien, onder meer als saloonzanger in The Assassination of Jesse James by the Coward Robert Ford. En de muziek van Cave en zijn groep The Bad Seeds is regelmatig gebruikt om, al dan niet in opdracht, filmbeelden te omlijsten. In het filmportret 20,000 Days on Earth vallen Nick Cave, de schrijver, rockzanger en acteur, samen.

Recensie 20,000 Days on Earth

20,000 Days on Earth – de titel verwijst naar het aantal dagen dat Cave heeft geleefd, hij is onlangs 57 geworden – toont, heel conceptueel, een dag uit het leven van de zanger. Hij staat op (en blijkt te slapen in een lange broek), praat tegen zijn therapeut, luncht met zijn muzikale rechterhand Warren Ellis, bezoekt de archivarissen van het Nick Cave Memorial Museum en besluit de dag door met zijn tweelingzoontjes liggend op de bank naar Scarface  te kijken.

Stille getuige
Tussendoor zien we Cave aan het werk in La Fabrique, de studio in Zuid Frankrijk, bij de opnamesessies van het vijftiende en meest recente Bad Seeds-album, Push The Sky Away (waarvan het titelnummer overigens prominent in de deze film figureert) of op het podium tijdens een voor de gelegenheid gefilmd optreden in Sydney. Onderwijl horen we Cave in voice-over filosoferen over het leven, zijn leven.

Nick Cave is extreem zelfbewust, hij leeft met het gevoel continu bekeken te worden. Er is een “stille getuige”, laat hij zich tegen zijn therapeut ontvallen. Het is een sleutelmoment, onthullend voor de verstaander. Nick Cave acteert altijd, hij is de personificatie van de poseur. Net als Bono, zanger van U2, speelt hij een rockster. En een schrijver, die à la Jim Morrison in beeldende taal quasidiepzinnige terzijdes over het creatieve proces en het bestaan debiteert.

Kunstenaar-sjamaan
Nick Cave is een nazaat van de Beat-dichters, de bastaard van William Burroughs en Jack Kerouac. Evenals Bob Dylan of Leonard Cohen – en de hele generatie singer-songwriters van de jaren zestig – benadert hij muziek vanuit taal. Hij wil de werkelijkheid overstijgen, streeft naar transformatie. Hij is de kunstenaar-sjamaan die de werkelijkheid naar zijn hand zet. En daar gloedvol in slaagt: tijdens het optreden in Sydney meent een vrouw vooraan het podium dat hij ‘Push The Sky Away’ voor haar zingt en ze wil mee. Cave schudt kort zijn hoofd. Het is allemaal poëtisch spel. Hij getuigt.

Recensie 20,000 Days on Earth

Cave schreef het scenario in samenspraak met het regisseursduo Iain Forsyth en Jane Pollard, die eerder een reeks korte kunstfilms maakten. 20,000 Days on Earth is vakkundig vervaardigd en kent, afgezien van de opening, weinig visueel spektakel. Alles draait om Cave, hij is zo ongeveer in ieder shot te zien en te horen. Wanneer Kylie Minogue, op de achterbank van Cave’s auto, iets te enthousiast over zichzelf praat, fronst de kunstenaar-sjamaan de blik. Ook het gezin Cave blijft weg van de camera, op opening en slotbeeld na.

Als muzikant dompelt hij zich graag onder in de chaos en ongrijpbaarheid van het creatieve proces. “Wanneer je ’t begrijpt, is het niet interessant meer.” Als onderwerp van deze gescripte documentaire houdt hij alle details strak in handen. Van Nick Cave weten we wat Nick Cave wil dat we van hem weten. Voer voor de fans, de stille getuigen, en dat zijn er genoeg.

 

24 oktober 2014

 
ALLE RECENSIES

Pride

****

recensie  Pride

Homo’s en mijnwerkers vinden elkaar in nostalgisch tijdsbeeld

door Karina Meerman

Britse succesformule geeft ontroerend tijdsbeeld van twee buitengesloten gemeenschappen die elkaar vinden in zware tijden. 

In 1984 gingen mijnwerkers in Groot-Brittannië in staking als protest tegen de overheidsaankondiging van het grootschalig sluiten van de mijnen. De staking zou bijna een jaar duren. Een lange periode waarin de meeste mijnwerkers en hun gezinnen niet konden rekenen op inkomen of bijstand. Overal in het land ontstonden inzamelacties.

Recensie Pride

De film Pride zoomt in op de activiteiten van de Londense ‘Lesbians and Gays Support the Miners (LGSM)’, een groep onder de bezielende leiding van de 23-jarige Mark Ashton (Ben Schnetzer). Geïnspireerd door de Pride, de jaarlijkse mars voor gelijke rechten voor homo’s en lesbiennes, besluiten ze geld in te zamelen voor de mijnwerkers. Voordat zij echter een vakbondsafdeling hebben gevonden die geld wil accepteren van homo’s, zijn we al een stuk verder in de film en hebben we al een band opgebouwd met de meeste hoofdpersonen.

Harmonie en conflict
Pride verloopt volgens de succesvolle Britse formule van de feelgoodmovie. Men neme een groep interessante personages en volgt hun persoonlijke ontwikkeling alsook hun plaats in de groep. Neem een contrasterende groep en doe hetzelfde. Laat de groepen elkaar ontmoeten, voeg nog wat extra harmonie en conflict toe en sluit af met een ontroerend einde.

Wat Pride bijzonder maakt is dat de film is gebaseerd op feiten: de LGSM steunde inderdaad een kleine gemeenschap in Wales en werd op onverwachte wijze beloond voor haar steun. Knap van regisseur Matthew Warchus dat hij een stuk geschiedenis kan vertellen als een sprookje, zonder de akeligheden te schuwen. Want ook voelt Pride als een feelgoodmovie, het leed van mijnwerkers- en de homogemeenschap in dit tijdsgewricht is duidelijk aanwezig.

Recensie Pride

Sociaal activisme
Wie jong was in de jaren tachtig wordt succesvol teruggeworpen in een tijd van sociaal activisme, veel zwarte make-up en het gevoel dat onrecht nog te bestrijden was met muziek en persoonlijke daden. Een tijd zonder internet en mobiel: je arriveerde ergens zonder dat je wist hoe het eruit zag. Je kon drie uur te laat zijn zonder bereikbaar te zijn. Een andere vorm van protestacties dan op een URL klikken of vanaf de computer geld doneren. Niet per se beter, maar wel anders. Wel beter is de positie van homo’s en lesbo’s. Dat bijvoorbeeld politieagenten – ook in Londen – meewandelen in de Gay Pride was in 1984 nauwelijks voor te stellen.

De Britse formule maakt Pride enigszins voorspelbaar, maar aangezien het geschiedenis is, mag dat ook wel. De personages zijn sympathiek genoeg, de humor is prettig en wie pinkt er niet graag een traantje weg tijdens de film?

 

14 oktober 2014

 
ALLE RECENSIES

Under the Skin

****

recensie  Under the Skin

Alien ontdekt lichaam

door Alfred Bos

Scarlett Johansson als buitenaards wezen in Schotland op mannenjacht. Under the Skin is een eigenzinnige kunstfilm in de geest van Godard en Pasolini.

Veel films draaien om een verhaal, sommige films focussen op sfeer. Waar Trance of het recente Gone Girl de kijker horendol draaien met plotwisselingen en onverwachte perspectiefverschuivingen, ontregelt Under the Skin het kijkpatroon van de bioscoopbezoeker met een afwijkende vorm. Geen plot, weinig dialoog, surrealistische beelden, onbestemde scènes, een stekelige soundtrack – Under the Skin is een oefening in vervreemding.

Recensie Under the Skin

En dat letterlijk. De met zwart geverfd haar bijna onherkenbare Scarlett Johansson speelt een buitenaardse intelligentie die op aarde, in haar geval Schotland, is geland om, ja wat eigenlijk? Unheimische sfeer, onbestemde handeling, geen duidelijk doel; dat doet aan Tarkovsky’s Stalker denken. Naamloze alien die onwennig op aarde ronddoolt, dat brengt The Man Who Fell to Earth (met David Bowie) in herinnering. Maar Under the Skin is, mede dankzij de atypische casting van Johansson, zijn eigen film.

Film pur sang
De Britse regisseur Jonathan Glazer deed er negen jaar over om zijn derde feature gefinancierd te krijgen. Mede dankzij het British Film Institute en Channel 4 is het gelukt en daar moet de cinefiel blij mee zijn, want Under the Skin is film pur sang. De beelden vertellen het ongemakkelijke verhaal en de kijker wordt geprikkeld zijn visuele indrukken aaneen te rijgen tot een logisch geheel. In al zijn vervreemding verveelt Under the Skin geen moment, het is volstrekt onvoorspelbaar hoe de rolprent zich ontwikkelt. Ieder moment kan er iets ongerijmds gebeuren.

De regisseur brengt de kijker in de juiste psychische modus met dertig seconden zwart doek en doodse stilte op de geluidsband. De contrasterende combinatie van gestyleerde scènes, afwijkende montage en met verborgen camera gedraaide cinéma vérité paste hij eerder toe in clips voor Radiohead en Massive Attack. En wist de regisseur zich voor zijn voorlaatste werkstuk, Birth (2004), nog te verzekeren van een rits gevierde acteurs – onder meer Nicole Kidman, Danny Huston en, of all people, Lauren Bacall – ditmaal is Johansson de enige professionele acteur. De rest zijn Schotse amateurs.

Recensie Under the Skin

Full frontal naakt
Ze is op aarde om mannen te verschalken; die dienen als grondstof voor de – fraai gevisualiseerde – buitenaardse voedselindustrie. Het lukt de regisseur om de kijker door de ogen van een alien naar het aardse gewoel te laten kijken. De scène in de dansclub, met Darude’s tijdloze Sandstorm als gangmaker, illustreert haar onwennigheid met menselijke emoties, voor zover dat nog niet duidelijk was na een schokkend moment met een achtergelaten baby. En dan gebeurt het, de alien ontdekt haar lichaam. Ze raakt in de war en verdwaalt.

Under the Skin is in meerdere opzichten provocatief, mede omdat er full frontal mannelijk naakt in te zien is, inclusief erecties. Ook Johansson figureert in diverse stadia van ontkleding, van weinig aan het lijf tot helemaal niets. Daar tegenover staat de imposante leegte van de Schotse Hooglanden, waar de climax van de film is gesitueerd. En mochten de beelden niet verontrusten, dan is er nog de spooky soundtrack van Mica Levi, haar eerste nota bene. Wie zoekt naar een eigentijdse nouvelle vague-film in de trant van Godard of Pasolini, kan hier terecht. Na Locke de tweede Britse verrassing van dit najaar.

 

13 oktober 2014

 
ALLE RECENSIES

Locke

****

recensie  Locke

Hachelijk huzarenstukje op de M1

door Cor Oliemeulen

Een man maakt een nachtelijke autorit van Birmingham naar Londen. Geen gestoorde lifters, spectaculaire achtervolgingen of een heftig verkeersongeluk. Slechts drama. Zeg maar gerust een tragedie. Eén man in een auto met een telefoon. Meer is niet nodig.

Ivan Locke is een normale, bijna saaie man die is gezegend met een gelukkig huwelijk, twee aardige zonen en een goede baan. Als hardwerkende en gerespecteerde constructiemanager leidt hij een van de grootste bouwprojecten van Europa. Juist op de belangrijkste dag van zijn klus ontvangt hij een telefoontje waardoor hij zich genoodzaakt voelt resoluut het roer om te gooien. Tot grote afschuw van zijn baas meldt hij zich af voor zijn werk en belt zijn vrouw dat hij vanavond niet thuis komt. Maanden geleden is er iets gebeurd waardoor Locke nu een andere bestemming heeft.

Recensie Locke

Fascinerend levensecht
Tom Hardy is fascinerend levensecht als de titelfiguur. Na successen op toneelpodia en in tv-series heeft de 37-jarige geboren Londenaar de weg naar het witte doek gevonden. Hij brak door in het actiemysterie Inception (2010) van Christopher Nolan en werd wereldwijd bekend als de schurk Bane in The Dark Knight Rises (2012) van dezelfde regisseur. In Locke laat hij voor het eerst zien dat hij met gemak in zijn eentje een film kan dragen.

Sinds zijn ontdekking als zeer begenadigd filmacteur staan producenten in een lange rij. Binnenkort is hij te zien in het misdaaddrama The Drop en voor volgend jaar loopt zijn agenda snel vol. Zo wordt Tom Hardy in de nieuwe Mad Max de gelijknamige held en zal hij een hoofdrol spelen in The Revenant van de Mexicaanse topregisseur Alejandro González Iñárritu.

De Engelse regisseur Steven Knight wilde Locke alleen maar maken mits Hardy toestemde. Na zijn bejubelde scenario’s van Dirty Pretty Things (2002) en Eastern Promises (2007) maakte Knight vorig jaar zijn speelfilmdebuut met de misdaadprent Hummingbird. Daar experimenteerde hij met camerahoeken vanaf en vanuit een rijdende auto, waarbij hij mooie beelden en verrassende perspectieven ontdekte. Het concept voor Locke was geboren. In deze film zien we Tom Hardy van diverse kanten sfeervol gefotografeerd en belicht. Ondanks het feit dat de protagonist de hele tijd op een autostoel zit en nauwelijks beweegt, ontstaat er daadwerkelijk een gevoel van visuele dynamiek.

Recensie Locke

Nieuwe missie
Locke is zo geobsedeerd door zijn nieuwe missie dat hij alle gebeurtenissen zo zakelijk mogelijk benadert. Voorzien van een degelijke baard en een nasaal Welsh-accent moet Hardy het niet hebben van grote gebaren, maar van subtiele emoties in het gezicht, zijn ogen en zijn stem – waarlijk een masterclass acteren. Het blijkt niet niets: verstek laten gaan voor de belangrijkste klus van je werkleven, je vrouw opbiechten waarom je niet naar huis komt, je zoons meedelen dat je niet samen met hen een grote voetbalwedstrijd kunt kijken en ondertussen ervoor zorgen dat het kostbare bouwproject zonder jou niet instort.

Het drama kent een spannend scenario met uitstekende stemrollen van Locke’s echtgenote Katrina (Ruth Wilson), zijn zonen (Tom Holland en Bill Milner) en zijn nerveuze alcoholistische collega Donal (Andrew Scott) die het werk moet overnemen. In een race tegen de klok slaan bij alle betrokkenen de opwinding en frustratie toe. Locke moet een hoge prijs betalen voor zijn misstap, maar voor hem is er maar één keus: de ene verantwoordelijkheid weegt zwaarder dan de andere. Wat begint met de constructie van een gebouw eindigt met de verwoesting van een leven.

 

6 oktober 2014

 
ALLE RECENSIES

Hector and the Search for Happiness

**

recensie  Hector and the Search for Happiness 

Midlifecrisis zoektocht naar de betekenis van geluk

door Nanda Aris

In Hector and the Search for Happiness gaat een man van middelbare leeftijd op zoek naar de betekenis van geluk, zodat hij zijn psychiatrische patiënten weer kan helpen. Hij reist de wereld over en komt in veel verschillende, soms onvoorstelbare, soms grappig bedoelde situaties terecht, voordat hij erachter komt wat gelukkig zijn echt betekent. 

Hector and the Search for Happiness is geregisseerd door Peter Chelsom, die we kennen van Serendipity, Shall We Dance en Hannah Montana: The Movie. Mierzoete films, dus het ligt in de lijn der verwachting dat zijn jongste film van een fijn laagje Hollywood-clichés voorzien wordt. De film is gebaseerd op de gelijknamige internationale bestseller uit 2002 van de Franse psychiater en schrijver Francois Lelord. 

Recensie Hector and the Search for Happiness

Comfort
Hector (Simon Pegg: Shaun of the Dead, Star Trek: Into Darkness) is een gelukkige man, met een geordend, comfortabel en weinig spannend leven. Als Londense psychiater luistert hij naar zijn patiënten, maar steeds vaker kan hij moeilijk het geduld opbrengen om naar het geklaag van hen te luisteren. Want wat is het belang van zijn werk als hij zijn patiënten elke week ziet, maar zij niet beter worden? Een eigentijds gegeven: rijke, maar ontevreden mensen. 

Hij vraagt zich af wat gelukkig zijn precies inhoudt, en vraagt het zijn perfecte vrouw Clara (Rosamund Pike: Wrath of the Titans, Jack Reacher). Zij schrikt, omdat ze denkt dat hij niet meer van haar houdt. Ze denkt dat het komt omdat ze geen moeder wil worden. Weer een eigentijds gegeven: volwassenen die moeite hebben grote beslissingen in hun leven te nemen. Wanneer Hector aankondigt dat hij op reis wil in zijn eentje, om uit te zoeken wat mensen gelukkig maakt, geeft Clara hem carte blanche  in deze zoektocht. 

Rondreis
En zo begint zijn reis, van Azië naar Afrika, en van Amerika uiteindelijk weer terug naar Londen. Hector komt in veel verschillende situaties terecht: van luxe nachtclub naar monniken, naar ‘Afrika’ met prachtige uitgestrekte landschappen, een beangstigende vlucht in een vliegtuig, en een drugsbaron wiens vrouw hij helpt. Hij wordt ontvoerd en ontsnapt ternauwernood aan de dood; ondanks de ernst van de situatie, totaal niet geloofwaardig, door het gebruik van humor en luchtigheid. Hector besluit op bezoek te gaan bij zijn vroegere liefde in Amerika. Daar komt hij er uiteindelijk achter wat geluk echt betekent, een nogal clichématig einde van de film. 

Deze film doet veel denken aan andere ontdekkingsreisfilms als The Secret Life of Walter Mitty (Ben Stiller, 2013), Eat Pray Love (Ryan Murphy, 2010) en The Bucket List (Rob Reiner, 2007). In al deze films gaan mensen op reis, om dingen te doen die ze nog niet eerder gedaan hebben, of gezien hebben, om geprikkeld te worden, spanning te ervaren, en het leven ten volste te leven. 

Recensie Hector and the Search for Happiness

Flauw
Hector and the Search for Happiness is op sommige momenten tenenkrommend. Zoals wanneer een restauranteigenaresse tegen Hector zegt dat ze graag geluk wil ervaren: ‘I want happiness’, wat met een zwaar accent klinkt als ‘I want a penis’. 

Aan actie geen gebrek, maar impact maakt het niet. Ondanks aardig acteerwerk (onder andere van onze ‘eigen’ Barry Atsma) is de film niet geslaagd. Soms slaan de grappen aan, maar vaker is de humor flauw. De tekeningen die Hector maakt in zijn notitieboekje zijn leuk, sommige van de oneliners over geluk zijn waar en zetten aan het denken, maar van een aantal belerende quotes die regelrecht uit een zelfhulpboek lijken te komen gaan de haren werkelijk overeind staan. Van het bedoelde feelgood-gevoel is uiteindelijk te weinig sprake. 

 

5 oktober 2014

 

ALLE RECENSIES

Trip to Italy, The

***

recensie  The Trip to Italy

Mosterd na de maaltijd?

door George Vermij

Michael Winterbottoms The Trip to Italy biedt het vaste recept van komieken Steve Coogan en Rob Brydon die elkaar de loef afsteken, terwijl de regisseur er nog een smakelijk mediterraan sausje overheen gooit.

Het idee achter de oorspronkelijke The Trip moet Winterbottom wel deels hebben afgekeken van Louis Malles My Dinner with Andre (1981) waar twee acteurs aan tafel met elkaar in discussie raken over het vak. Coogan en Brydon deden iets vergelijkbaars in The Trip (2010), de filmbewerking van de gelijknamige serie voor de BBC. Ook The Trip to Italy is een spin-off van een serie waar meer aandacht wordt gegeven aan de culinaire perikelen van het Britse duo.

Recensie The Trip to Italy

Zoals de titel al prijsgeeft, vindt ditmaal alles plaats onder de Italiaanse zon. De acteurs worden er weer op uitgestuurd om te gaan schrijven over restaurants. Niet omdat het gastronomische connaisseurs zijn, maar wegens hun celebrity-status. De trip start in het noorden van Italië en loopt van de kust van Ligurië naar Rome om te eindigen op Capri. Ondertussen rijdt het duo in een mini (vette knipoog naar de oorspronkelijke The Italian Job uit 1969) terwijl ze gevat bekvechten over hun fluctuerende sterstatus.

Seksloze oom
Coogan en Brydon spelen zichzelf: Britse komieken die ondanks hun succes bang zijn om gedegradeerd te raken in de showbusiness. Leeftijd en afnemend sexappeal zijn daarbij de grootste ergernissen die ze aankaarten in gesprekken. Het voorziet de film van een meta-aspect waar de filmindustrie op de hak wordt genomen en waar realiteit en fictie schijnbaar in elkaar overlopen. Uit hun conversaties kun je concluderen dat ze in een midlifecrisis zijn beland. Voor jonge vrouwen zijn ze niet meer aantrekkelijk, maar verworden tot een sympathieke maar seksloze oom.

Naast deze frustraties tussen de gangen door is er tijd om op bedevaart te gaan langs de plekken waar Britse romantische dichters op grand tour zijn geweest. De film is geslaagd in de wijze waarop hoge en lage cultuur elkaar afwisselen. Alanis Morissette, Lord Byron, Roger Moore, Alberto Moravia en Jean-Luc Godard. Ze passeren allemaal de revue in de reis door Italië en in een tijd waarin er geen sprake meer lijkt te zijn van een onderscheid tussen high- en lowbrow. Het enige wat je moet bezitten is een brede kennis en interesse in dat veelkoppige monster dat nu cultuur heet. De verwijzingen worden gebruikt als een wisselende decoratie, net als de maaltijden die heerlijk worden gefilmd en je doen verlangen om even een retourtje Rome te boeken.

Moeders en onenightstands
Films over de filmwereld zijn vaak cynisch maar met een knipoog. Naast narcisme, materialisme en oppervlakkigheid is humor het beste middel om door de illusie te prikken. Die humor bezitten Coogan en Brydon natuurlijk, maar daar vervalt de film helaas wel in herhaling. De gevatte chemie die in het eerste deel nog fris was, heeft hier aan nieuwigheid ingeboet. De imitaties die in The Trip nog hilarisch waren, zijn op momenten irritant. Weer Al Pacino? Weer Brydons impressie van een kleine man in een doos?

De beste scènes zijn die waar het duo wordt aangevuld door anderen. Zo komen Coogans assistent en zoon ook mee tijdens hun trip, terwijl die ook weer zorgen voor stof om over te praten. Met een publiek wordt de inzet voor de rivaliserende komieken hoger, maar het versterkt ook de gezellige sfeer van mensen die met elkaar genieten tijdens een maaltijd.

Recensie The Trip to Italy

Ondanks de melancholie en luxeproblemen die worden aangekaart blijft de film erg vrijblijvend in zijn boodschap over roem en het goede leven. Verveling blijkt nu eenmaal een onvermijdelijk nadeel te zijn in de gouden kooi van beroemdheid. So what en big deal. In La Dolce Vita (1960) werd al hetzelfde geopperd, zegt de assistent van Coogan in een scène in Rome. Ondanks die inzichten is er verder geen ontwikkeling en blijven beide acteurs gevangen in hun rollen die hun succes hebben bepaald.

Wat verder opvalt, is dat in beide trips de vrouwen er bekaaid vanaf komen. Het zijn moeders of onenightstands. Oftewel een avontuurtje voor een ijdele man die zijn viriliteit nog wil bewijzen, maar als alles voorbij is wacht vrouwlief altijd nog trouw thuis. De onderliggende melancholie van de mannen wordt daarmee wel realistisch onderuit gehaald. De romantische idealen van oude dichters die worden verheerlijkt hebben een heel basale, primitieve en platte oorsprong: Een libido dat zich ondanks de jaren niet laat temmen.

Vermakelijk tussendoortje
Winterbottom speelde al eerder met de oppervlakkigheden van de filmwereld in A Cock and Bull Story (2005) over een gedoemde poging om het cultboek Tristram Shandy te verfilmen. In die film spelen Coogan en Brydon ook tegenover elkaar terwijl Winterbottom verwijst naar Fellini’s 8 ½ (Otto e mezzo, 1963). Winterbottom blijft in dat opzicht een eclectische regisseur die naast Brits sociaalrealisme ook experimenteler te werk gaat. Van hardcore porno met filmhuis pretenties (9 Songs uit 2004) naar maatschappijkritische docu’s (The Shock Doctrine uit 2009). Binnen de diversiteit van zijn oeuvre is The Trip to Italy vooral een vermakelijk tussendoortje.

 

19 september 2014

 
ALLE RECENSIES

Most Wanted Man, A

****

recensie  A Most Wanted Man

Eurothriller van topklasse

door Alfred Bos

Geslaagde boekverfilmingen zijn dun gezaaid, maar met zijn derde rolprent doet de Nederlandse regisseur Anton Corbijn het spionagedrama van John le Carré volledig recht. Philip Seymour Hoffman schittert in zijn laatste hoofdrol.  

John le Carré, al meer dan vijftig (!) jaar gevierd auteur van internationaal succesvolle spionageromans, weet waarover hij schrijft. De voormalige Britse spion verruilde na de val van de Muur de vaste setting van zijn boeken, de Koude Oorlog, voor de nog veel schimmiger wereld van gecorrumpeerde ambtenaren, sluimerende terroristencellen en malafide multinationals. Acht van zijn 23 romans zijn verfilmd (in 2011 nog Tinker Tailor Soldier Spy met Gary Oldman) en voor verfilming numero negen tekent de Nederlandse regisseur en fotograaf Anton Corbijn.

Recensie A Most Wanted Man

A Most Wanted Man (het boek is uit 2008) draait om de pogingen van de Duitse geheime dienst om een Arabische filantroop op te pakken. De man maakt voor de buitenwereld goede sier door giften naar scholen en ziekenhuizen in de Arabische wereld te sluizen, maar financiert in het geniep Al Qaida. In zijn laatste hoofdrol vertolkt de eerder dit jaar overleden Philip Seymour Hoffman de boevenjager Günther Bachmann, een gewezen spion die in Hamburg een klein team van officieel niet bestaande agenten aanstuurt.

Nadruk op psychologie
Het lokaas om de vis te vangen is een illegaal uit Tsjetsjenië, die wordt bijgestaan door een jonge, idealistische advocate (Rachel McAdams). Voorts is de directeur van een kleine, in stilte opererende familiebank (Willem Dafoe) bij het verhaal van list en bedrog betrokken. De Duitse inlichtingendienst en de Amerikanen, via een liaison (Robin Wright), kijken over Bachmanns schouder mee en hebben andere belangen.

Le Carré moet zeer ingenomen zijn met de verfilming van Corbijn, want sfeer, achtergrond, methodiek en psychologie van de personages worden schijnbaar achteloos maar trefzeker neergezet. Het verteltempo en de nadruk op de motieven van de karakters staan haaks op de testosteron gedreven actie van de doorsnee Hollywood-thriller, zonder dat de film daardoor aan spanning inboet. A Most Wanted Man is het soort Eurothriller dat tot in de jaren tachtig met enige regelmaat in Frankrijk en Italië werd geproduceerd.

Recensie A Most Wanted Man

Geplaagde mannen
Het is onmogelijk om zonder weemoed naar Hoffman te kijken, want de man is fantastisch als de kettingrokende en verbitterde maar nog immer gedreven geheim agent Bachmann: de intensiteit spat van het scherm, hij is elektrisch. Al heeft Bachmann geen privéleven, zijn ziel is nog niet helemaal verschrompeld. Tijdens nachtelijke piekermomenten schuift hij achter de piano; John Coltrane’s A Love Surpreme staat vooraan de rij langspeelplaten. Ook de bankier krijgt zo’n moment buiten de verhaallijn waarop zijn existentiële eenzaamheid blijkt. Het zijn geplaagde mannen die weten dat de wereld duister is.

Waren Corbijns eerste films (de Joy Division-biopic Control en de naar de western verwijzende existentiële thriller The American, met George Clooney) al niet kinderachtig, met A Most Wanted Man  levert hij een van de beste spionagethrillers én boekverfilmingen in lange tijd af. Voor de muziekliefhebber zijn er een paar geintjes op de geluidsband. Popfotograaf Corbijn was ooit een van de eersten die het belang van het Neue Welle-duo D.A.F. hoorde (hier in de club scène) en welke buitenlandse regisseur had Down Man van Brainbox, een Nederlandse hit uit 1968, achter een caféscène geplakt? En wie oplet, ziet filmcomponist Herbert Grönemeyer in een bijrolletje.

 

1 september 2014

 
ALLE RECENSIES