Elle

*****

recensie Elle

Verknipte zielen

door Alfred Bos

Begeleid door een Hitchcock-achtige soundtrack van Anne Dudley daalt Paul Verhoeven af in de krochten van de mensenziel. Daar woeden primaire emoties en onbeheersbare wanen. Elle is wellicht zijn beste film.

Elle opent met een kaakslag, niet alleen figuurlijk. Zwart scherm, gesteun en brekend servies op de geluidsband. Eerste beeld: close-up van een zwarte kat. Die ziet wat de kijker vervolgens ook ziet, een brute verkrachting. Vrouw van middelbare leeftijd wordt in haar patriciërswoning belaagd door een gemaskerde man. Die verdwijnt na de daad weer even geruisloos als hij binnensloop.

Elle-nieuw

Paul Verhoeven zet zijn publiek direct recht in de cinemastoel. Hier worden geen slappe koekjes geserveerd, geen ulevellen rondgedeeld. Hier deelt het leven oorvegen uit. Zijn eerste film in tien jaar – een Franse productie – bevat alle elementen die we uit de Verhoeven-catalogus kennen en vervolgens nog iets meer: evenwicht. Alles in deze rijke, gelaagde, verontrustende en nimmer belerende of kokette film is in balans. Het is een evenwichtsoefening van pose en authenticiteit, van waan en werkelijkheid.

Lustobject?
Na het huiselijke geweld vervolgt Michèle Leblanc (een bloedsterke Isabelle Huppert) haar leven als directeur van een firma die gewelddadige games, inclusief virtuele verkrachtingen, produceert. Wel koopt ze een bus pepperspray en slaapt met een hamer op het kussen. Ze weigert slachtoffer te zijn en doet geen aangifte. Daar zijn redenen voor en die liggen in haar verleden, dat langzaam wordt onthuld. Michèle heeft een verknipte relatie met mannen –Simone de Beauvoirs De Tweede Sekse wordt terloops geciteerd – maar zo ongeveer iedereen in haar omgeving is in mindere of meerdere mate verknipt.

Sympathiek is deze protagonist niet, wel eindeloos fascinerend. Wat drijft Michèle? Is ze het lustobject van een stille (en gewelddadige) aanbidder, slachtoffer van een haatcampagne of is ze de masochistische wreker die haar prooi tergend langzaam maar trefzeker naar het schavot verleidt? Is ze een psychopaat of een sterke vrouw? De mens is een zwarte doos, zelfs van personen die je intiem kent weet je nauwelijks wat er in rondgaat. Elle zou een verfilming van Dostojevsky kunnen zijn, het zwarte wereldbeeld verluchtigd met Verhoeviaanse galgenhumor. Die overigens niet alleen op mensen, maar ook op de Lieve Heer is gericht.

Elle

Geen lekkertjes
De mannen die rond Michèle cirkelen zijn niet de fraaiste exemplaren van de soort, perverse loeders dan wel hypocriete vreemdgangers. Of ze zijn afwezig. Wie niet wordt gedreven door lust, leeft met de waan van liefde, zoals Michèles zoon Vincent (Jonas Bloquet), die evident wordt bedrogen door zijn bazige vriendin, en haar muizige overbuurvrouw Rebecca (Virginie Efira), die meer oog heeft voor haar antieke heiligenbeelden dan voor haar echtgenoot Patrick (Laurent Lafitte). De vrouwen zijn trouwens ook geen lekkertjes, alleen Michèles jeugdvriendin en collega Anna (Anne Consigny) is recht door zee. Maar juist die bedriegt ze.

Elle is geen thriller à la Basic Instinct noch een psychologische schets van een getroebleerde ziel in de sfeer van Polanski’s Repulsion. Het is psychodrama op zijn Verhoevens, een zwarte komedie dus, genadeloos in zijn analyse van de menselijke natuur, rauw in zijn humor en kritisch over de moraliteit van een wereld die geweld beschouwt als koopwaar, maar uiteindelijk voortreffelijk in balans, want met compassie. Wanneer je je afvraagt hoe de regisseur deze kluwen van perversie in hemelsnaam tot een acceptabele conclusie weet te breien, betoont hij zich geen cynicus maar een humanist: aan iedereen zit een steekje los. Het is de vraag of er dit jaar een betere film zal verschijnen.

 

31 mei 2016

 

MEER RECENSIES

Nouveau, Le

***

recensie  Le Nouveau

Buitenbeentjes leren feesten

door Cor Oliemeulen

Iedereen is in zijn leven weleens een nieuweling geweest. Maar als opgroeiende tiener valt het soms niet mee je aan de onbekende omstandigheden aan te passen.

Le Nouveau won vorig jaar de Cinekid Juryprijs voor Beste Kinderfilm. De film volgt de verlegen tiener Benoît die is verhuisd van Le Havre naar Parijs en zijn best doet om een plekje in zijn nieuwe wereld te vinden. De vraag is of hij kiest voor het populaire groepje of voor de nerds. Wat volgt is een mooie en oprechte zoektocht naar het antwoord.

Le Nouveau

Van kind naar volwassen
De Franse acteur Rudi Rosenberg, vooral te zien in films en series voor televisie, maakt na twee korte films over tieners met Le Nouveau zijn speelfilmdebuut, waarvoor hij zelf het scenario schreef. Een tikkeltje autobiografisch, dus met de nodige nostalgische trekjes. Rosenberg is gefascineerd door de overgang van kindertijd naar volwassenheid – “Tieners hebben nog niet geleerd om hun gevoelens te verbergen, zoals volwassenen dat over het algemeen doen” – en legt graag de nadruk op buitenbeentjes, zoals hij dat al deed in het komische Aglaée (2010) met Géraldine Martineau als spastisch meisje.

Dit veelzeggende personage komt terug in zijn speelfilm. Net als Benoît is Aglaée nieuw op school, maar door haar typische manier van bewegen valt zij extra op en kan zij gegarandeerd rekenen op gegniffel achter haar rug. Haar handicap heeft haar kennelijk snel volwassen gemaakt, want zij weet zich beter en sneller aan te passen dan Benoît, die als een blok valt voor een derde nieuweling: het knappe Zweedse meisje Johanna. Ook zij is verlegen, maar mengt zich zonder aarzelen ook onder het groepje popie jopies van de klas, dat wordt aangevoerd door Charles, wiens plagerijtjes allemaal niet zo verkeerd zijn bedoeld, maar toch impact blijken te hebben.

Le Nouveau

Afwijkend gedrag
Met name Joshua heeft in eerste instantie last van de pesterijtjes. Zijn molligheid en zijn van de groepsnorm afwijkend gedrag hebben van hem een echte eenling gemaakt. Benoît ziet op Joshua’s kamer lijstjes met namen van leerlingen die hem ooit hebben uitgescholden of geslagen. Hij knipt zijn eigen haren en speelt accordeon. En tenslotte is daar Constantin die in tegenstelling tot Joshua niet denkt als een kind, maar juist als een volwassene. Hij draagt een bril en een beugel en is wat onhandig. Bijvoorbeeld als hij Aglaée wil ‘beschermen’ terwijl zij niet zit te wachten op zijn medelijden.

Het bijzondere van Le Nouveau is dat het niet de zoveelste film is over opgroeiende tieners die zoeken naar hun identiteit in een wereld van groepjesvorming, maar zich juist richt op het ontstaan van aansluiting en vriendschappen. De film behandelt geen onoverkomelijke problemen en is juist luchtig. Dat komt onder meer omdat Rosenberg de jeugdige acteurs veel liet improviseren en uit maar liefs 250 uur materiaal een realistisch portret (verstoken van social media) van krap tachtig minuten wist te destilleren. Het enige volwassen karakter is een oom die de kinderen aanzet tot stoute dingen. Dat leidt ertoe dat de buitenbeentjes wat weerbaarder worden en zelf ook leren wat feesten is in deze charmante jeugdfilm die vooral lijkt te willen zeggen: ‘Ben jezelf!’

 

23 april 2016

 
ALLE RECENSIES

Bigger Splash, A

****
recensie A Bigger Splash
Opera met stomme zangeres

door Alfred Bos

De Italiaanse regisseur Luca Guadagnino is geschoold in de klassieke (niet alleen Italiaanse) cinema. Met de verteltechniek van toen maakt hij zinderende actualiteit. In zijn relatiethriller A Bigger Splash schittert een kwartet gekende acteurs.

Luca Guadagnino viel in 2009 internationaal op met zijn familiedrama Io sono l’amore (Ik ben liefde), met Tilda Swinton in de rol van verwaarloosde societydame. Broeierigheid is zijn signatuur, de hartstocht – met name van de vrouw – zijn onderwerp. Het is cinema zoals de klassieke regisseur die maakten, van Hitchcock tot Bertolucci, en het rolt zo makkelijk van het filmdoek je hersenpan binnen dat je het vakmanschap niet ziet. De maker verdwijnt achter zijn film en dat is tegenwoordig eerder uitzondering dan regel. Zo kunstzinnig als Guadagnino’s films zijn, gekunsteld zijn ze niet.

A Bigger Splash

A Bigger Splash, de vierde speelfilm van de documentairemaker, kortfilmer en operaregisseur, speelt op het eilandje Pantelleria, zo’n honderd kilometer ten zuidwesten van Guadagnino’s geboorteplek Sicilië. Een androgyne rockster, Marianne Lane (Tilda Swinton), komt in een afgelegen villa bij van een stembandoperatie. Haar jongere minnaar, de ex-alcoholist Paul de Smedt (Matthias Schoenaerts), is een filmmaker die ze kent via haar voormalige geliefde, muziekproducer Harry Hawkes (Ralph Fiennes). Die duikt plotseling in de villa op, vergezeld van zijn 22-jarige dochter Penelope Lanier (Dakota Johnson). Het is op slag gedaan met de rust.

Hormonenbom
Niet alleen is Harry een neurotische druktemaker van jewelste, hij heeft een verborgen agenda. Zijn dochter kent hij nauwelijks, want ze is niet door hem opgevoed. Penelope is een wandelende hormonenbom en lonkt naar Paul. Die ziet met enige argwaan hoe Harry steeds persoonlijker wordt met Marianne, diens ex die hij aan Paul heeft overgedaan toen de bruis was vervlogen. Marianne op haar beurt moet zwijgen en houdt Harry aanvankelijk op armlengte. Dat kan niet goed blijven gaan en dat doet het ook niet. Eén van de vier komt niet meer van het eiland af.

A Bigger Splash is een remake van Jacques Deray’s suggestieve maar fletse cultfilm La Piscine (Het Zwembad) uit 1969, met Alain Delon, Romy Schneider en een jonge Jane Birkin in haar tweede grote film. De personages, setting en intrige zijn identiek. Maar er is een belangrijk verschil, deze film knettert wél. Guadagnino heeft een paar subtiele aanpassingen die de verhoudingen van het origineel omkeren en het drama uitdiepen.

A Bigger Splash

Rolling Stones
Het belangrijkste verschil tussen 1969 en nu zijn de veranderde man-vrouwverhoudingen. De Penelope van Guadagnino is een quasi-naïeve vamp, geen passieve prooi. Paul is geen verveelde playboy, maar een betrokken minnaar. Ook de locatie, met zijn immigranten, is elegant in de plot geschreven: de lokale diender van dienst is een bewonderaar van de zangeres. En dat Marianne, met haar besneden stembanden, zich nauwelijks kan uitspreken is een gouden vondst. Het maakt de witte olifant in de villa alleen maar witter.

De Harry van Ralph Fiennes is een hartelijke, energieke maar diep getroebleerde man die ooit het album Voodoo Lounge van The Rolling Stones heeft geproduceerd (in werkelijkheid was dat Don Was). Hij doet een kostelijke Mick Jagger op Emotional Rescue – het thema van de film – maar blijkt, om in de groepsdynamiek van de Britse rockers te blijven, de Brian Jones van het stel. De bubbel van de luxe villa heeft nood aan een ventiel.

Aan A Bigger Splash valt veel te genieten. Gelaagde personages, afwendbaar noodlot met geraffineerd opgezette twist, schitterende locaties en, bovenal, sterke acteerprestaties. Schoenaerts weet tederheid in zijn stoere minnaar leggen; Fiennes pelt laag voor laag de tragiek van Harry bloot; Dakota Johnson is de heks in Assepoester-vermomming die moet opereren in de schaduw van diva Swinton, in haar derde film met Guadagnino. Die werkt nu aan een remake van Dario Argento’s giallo-klassieker Suspiria, opnieuw met Johnson en Swinton. En goed om Captain Beefheart op de soundtrack te horen.

 

5 april 2016

 

INTERVIEW MET REGISSEUR LUCA GUADAGNINO

 

MEER RECENSIES

 

Francofonia

***

recensie  Francofonia

Zeg maar U tegen het Louvre

door Ralph Evers

Francofonia vertelt de bewogen geschiedenis van het Louvre ten tijde van de Tweede Wereldoorlog. Hoe de samenwerking tussen de nazi’s en de Fransen ertoe leidde dat veel kunstschatten werden gespaard. Documentaire met fictie, waarin het Louvre zelf ook tot leven komt.

Sokurov en schilderkunst. Niet de eerste keer dat de Rus zich cinematografisch verlustigt aan schilderijen en er een eigenzinnig portret van weet te maken, ingelijst in zijn eigen artistieke handtekening met passende achtergrondmuziek, merendeels klassiek. Vervlogen herinneringen uit jongensjaren, beelden die ons vreemd genoeg bekend voorkomen, ook al zullen weinig hedendaagse kijkers die tijd bewust meegemaakt hebben.

Francofonia

Parijs en het Louvre begin 1940. De nazi’s hebben Frankrijk veroverd en voelen zich trotse eigenaar van de vele kunstschatten die Frankrijk rijk is. Onderhandelingen vinden plaats tussen de directeur van het Louvre, Jacques Jaujard, en Franz Graf Wolff-Metternich. Hij is hoofd van Kunstschutz, de Duitse commissie ter bescherming van kunstwerken in bezet gebied. De relatie tussen Jaujard en Metternich staat in Francofonia centraal. In het bijzonder omdat Metternich in samenwerking met Jaujard het voor elkaar kreeg de autoriteiten in Berlijn voortdurend om de tuin te leiden, zodat de kunstschatten in Parijs konden blijven.

Sokurov’s Ark
Als zijplot speelt een hedendaagse verhaallijn over een kunsttransport over zee. De boot, geladen met topstukken uit Europese musea, raakt in uitzonderlijk slechte weersomstandigheden verzeild. Het schip is als de ark van Noah, ditmaal gevuld met de belangrijke kunstwerken van het oude Europa. Boeken, film, schilderkunst, beelden, muziek, alles wat in ons culturele DNA te vinden valt, bevindt zich op de Ark. Terwijl het schip in slecht weer verkeert, houdt Sokurov zelf contact met de schipper. Was de storm te voorkomen? Wat had de schipper kunnen of moeten doen? Wat symboliseert het schip? Alsof Sokurov het onschatbare belang van kunst verdedigt. Musea hebben wonderwel menig oorlog overleefd en bieden onderdak aan de ideeën en tijdsbeelden van vroeger. Als een vergeten foto van onze vroegere cultuur.

Niet de eerste keer dat Aleksandr Sokurov met bovenstaand idee speelt, want ook in Russian Ark (2002) waarbij de Hermitage van Sint-Petersburg als hoofdpersonage gebruikt wordt, speelt een dergelijke gedachtelijn op de achtergrond. Die film viel vooral op door haar vorm: één lange take van 96 minuten vol fantastische scenes, waaraan een hoop repetitie voorafging.

Francofonia

Nostalgie
Sokurov slaagt er met zijn reconstructie van de geschiedenis in om een ongrijpbare, weemoedige, nostalgische sfeer te scheppen. Het kleurfilter ligt als een zachte deken over de beelden gedrapeerd en geeft de illusie van oude beelden. Dit effect wordt versterkt door de daadwerkelijke archiefbeelden en de treffende soundtrack. Het enige dat nog ontbreekt om de nostalgie compleet te maken is de geur van pijp of sigaar en cognac.

Francofonia is zowel film als documentaire. Zowel afstandelijk als nabij. De balans tussen het verhaal en de waargebeurde feiten is helaas uit evenwicht, waardoor de film, ondanks haar prachtige melancholische sfeer, de kijker te vaak loslaat.

 

30 januari 2016

 

 

ALLE RECENSIES

 

Wakhan Front, The

***

recensie  The Wakhan Front

Collectieve wanhoop

door Damian Uphoff

Een verfrissende oorlogsfilm – ja, het is dus echt mogelijk. Oeverloos macho gebral, pathetische heroïek, lomp geknal; niks van dat in The Wakhan Front. Regisseur Clément Cogitore wendt zich tot een originelere aanpak. Alleen dat verdient al lof. 

Gestationeerd in de spuuglelijke contreien van Wakhan (Afghanistan), heeft een unit Franse soldaten nog wat losse eindjes aan elkaar te knopen. Alvorens hun biezen te pakken hebben ze nog één opdracht: het bewaken van de afgelegen vallei in Wakhan. Aangezien het een kalme regio betreft lijkt dit geen moeilijke taak, maar ze ondervinden al vlug dat het geen sinecure blijkt. Op curieuze wijze verdwijnen er soldaten, zonder ook maar iets van een spoor achter te laten. Alsof de aarde ze heeft opgeslokt. De pragmatisch ingestelde sergeant Bonassieu probeert de boel in toom te houden, maar tevergeefs. De wanhoop doet intrede.

Recensie The Wakhan Front

Frisse draai
The Wakhan Front heeft een opmerkelijk concept voor een oorlogsfilm. Het is er eentje die je evengoed in een horrorfilm zou kunnen aantreffen, alleen is The Wakhan Front dat allesbehalve. Een dappere poging van de debuterende regisseur Clément Cogitore, slechts bekend van kortfilms als Parmi nous en Un Archipel.

De uitwerking laat het veelbelovende uitgangspunt niet in de steek. The Wakhan Front richt zich voornamelijk op sfeer, iets wat weinig oorlogsfilms doen. Duistere soundscapes zetten een nijpende sfeer neer. Dat lukt niet altijd, want op audiovisueel vlak blijft de film net te terughoudend om echt beklemmend te zijn. De cinematografie beperkt zich vooral tot het droog vastleggen van het verdorde Afghaanse landschap, al zorgen de beelden door de nachtkijkers voor variatie. Het hoogtepunt is een wat dynamischere scène, waarin een soldaat kwade geesten tracht te verdrijven met een soort dans.

Afzwakkend mysterie
De mysterieuze verdwijningen eisen op een gegeven moment hun tol op de psychische gesteldheid van de soldaten. De lokale bevolking weet blijkbaar van niks, en ook de Taliban heeft geen enkele notie. Sterker nog, zij hebben met hetzelfde probleem te kampen. De concrete oorzaak van de verdwijningen krijg je als kijker nergens. Er worden slechts enkele oorzaken gesuggereerd. Daar is ansich weinig mis mee, alleen is het ‘probleem’ dat het mysterie gaandeweg aan kracht inboet. Eens het einde nadert begint het plot chaotische vormen aan te nemen. Alsof de regisseur zich na driekwart van de film geen raad meer wist, en het zaakje maar wat afraffelde.

Recensie The Wakhan Front

Het acteerwerk is erg dubbel. De Franse soldaten zetten hun rollen geloofwaardig neer, met Jérémie Renier als speerpunt. Dat geldt niet voor de Taliban-strijders. Geleid door een snuiter die nog het meest weg heeft van een dubieuze kruising tussen Gimli uit The Lord of the Rings en Jack Sparrow, komen ze een beetje lachwekkend over. Ook de wijze waarop de twee partijen uiteindelijk met elkaar in verzoening raken is allesbehalve geloofwaardig. Ze zitten nog net niet met elkaar aan de thee.

The Wakhan Front is zeker geen slechte film. Hij is er eentje die afwijkt van de geijkte genreconventies, en tot op zekere hoogte intrigeert. Maar ergens wringt het dat de potentie die hier in zit er slechts met mondjesmaat uitkomt.

 

27 januari 2015

 
ALLE RECENSIES

Enfants du paradis, Les

****

recensie  Les enfants du paradis

Gedoemde liefdes in Parijs theater

door Cor Oliemeulen

Er is weinig paradijselijks aan Les enfants du paradis, dat direct na de bevrijding van Frankrijk in première ging. Bovendien heeft slechts één kind een rol. Dit meesterwerk van Marcel Carné, volgens sommige critici de beste Franse film ooit, is digitaal gerestaureerd en de komende tijd te bewonderen in een aantal bioscopen.

Het ruim drie uur durende romantische drama uit 1945 speelt zich een eeuw voor die tijd af in het overweldigende Parijse theaterdistrict Boulevard du Temple – in de volksmond Boulevard du Crime, verwijzend naar de vele crimineel getinte melodrama’s die er destijds in de talloze theaters werden opgevoerd. Centraal staat het Funambules-theater waar zich een relatie ontspint tussen een schone dame en vier aanbidders: een acteur, een pantomimespeler, een moordenaar en een graaf.

Recensie Les enfants du paradis

De magie van het theater
De productie was een heuse tour de force, aangezien de film werd opgenomen tijdens de Duitse bezetting, waardoor joodse medewerkers, zoals de decorbouwer, de componist en enkele acteurs, angstvallig verborgen moesten blijven. Toch is niets nagelaten om de toenmalige magische theatersfeer op te roepen. Zo werden alle voorgevels van de boulevard over een afstand van vierhonderd meter minutieus nagebouwd (het grootste decor uit de Franse filmgeschiedenis), een paar duizend uitstekend uitgedoste figuranten opgetrommeld en is de mise-en-scène van begin tot eind oogstrelend.

De tijdgeest is gevangen in een gelaagd scenario met zowel dramatische als frivole gebeurtenissen, uitmondend in krachtige dialogen – sfeerrijk en niet zonder humor op schrift gesteld door dichter Jacques Prévert, die met Les enfants du paradis een Oscar won en zijn jarenlange samenwerking met regisseur Marcel Carné bekroonde. Zonder uitzondering spelen alle acteurs fantastisch en geloofwaardig. Prévert modelleerde drie van zijn hoofdpersonages naar historische figuren, slechts de beminde dame Garance (een rol van Arletty) is fictief.

Allereerst is daar de niet-onsympathieke rokkenjager Frédérick Lemaître (Pierre Brasseur). Hij begon in het volkse Funambules en eindigde als gevierd acteur in de grote theaters. Frédérick is de eerste die Garance in zijn armen mag sluiten, maar omringt zich liever met gemakkelijker knuffelbare meisjes. Pierre-François Lacenaire (Marcel Herrand) was een mislukte dichter, die zich bezighield met criminele activiteiten (in het echte leven zou hij worden geëxecuteerd wegens een dubbele moord) en in Garance slechts een bewonderaar van zijn stoere verhalen vindt. En tenslotte de zachtaardige Baptiste Debureau (Jean-Louis Barrault), die als wit geschminkte mime-artiest furore maakte in Funambules, het theater van zijn vader, en daar zijn hele carrière voor een grote schare fans zou blijven spelen.

Les enfants du paradis

Alleen weelde is niet genoeg
Baptiste wordt verliefd op Garance en Garance op Baptiste, maar zij laat zich wegens dwingende omstandigheden inpalmen door een graaf, met wie zij in weelde gaat leven. Desondanks keert Garance jaren later incognito terug om de inmiddels getrouwde Baptiste weer te kunnen zien. Dat klinkt als een melodrama, en zo eindigt het relaas ook. Hoe tijdloos en universeel de waanzin der liefde ook is, voor de slotactie van Baptiste valt niet heel veel begrip op te brengen.

Baptiste’s beslissing past evenwel in het plaatje van het poëtisch realisme, een filmbeweging waarvan Les enfants du paradis het hoogtepunt en het sluitstuk is: een gestileerde werkelijkheid met marginale karakters die ondanks romantische oplevingen ten onder gaan aan nostalgie, melancholie en fatalisme. Zijn zij – de dame, de acteur, de mimespeler, de moordenaar en de graaf – dan cynisch gezegd de ‘kinderen van het paradijs’? Zoals je wilt, hoewel de filmtitel in eerste instantie refereert naar de tweede ring in het theater, waar volkse toeschouwers dicht op elkaar gepropt voor een paar dubbeltjes op luidruchtige wijze carrières konden maken en breken.

 

12 december 2015

 
ALLE RECENSIES
 

Maryland

***

recensie  Maryland

Knuffelhulk als hoeder

door Alfred Bos

De Franse regisseur Alice Winecour schreef haar tweede speelfilm Maryland speciaal voor Matthias Schoenaerts. De Belgische acteur speelt met verve een soldaat met posttraumatische stress-stoornis. 

Vorig jaar was hij in vier speelfilms te zien en dit jaar eveneens, in producties van Britse, Franse, Italiaanse en Amerikaanse makelij. Sinds zijn indrukwekkende transformatie tot menselijke bulldog in het Belgische drama Rundskop (2012) is de uit Antwerpen afkomstige Matthias Schoenaerts uitgegroeid tot een van de meest gevraagde acteurs van zijn generatie. En een van de meest opmerkelijke.

Recensie Maryland

Zo opmerkelijk, dat de Franse regisseur Alice Winocour het draaiboek voor haar tweede speelfilm Maryland schreef met Schoenaerts in gedachten. Die is gespecialiseerd in het vertolken van de sensitieve oerman, de knuffelhulk met de gewonde ogen, een slapende vulkaan met driften die elk moment kunnen opspelen. Gevaarlijk, maar aaibaar. Of andersom. Het goede nieuws: Schoenaerts maakt de verwachtingen waar. De film minder, die ontwikkelt zich van veelbelovend tot generiek.

Pseudo-gezin
In Maryland vertolkt Schoenaerts de rol van Vincent Loreau, een soldaat die in Afghanistan emotioneel is beschadigd en op retraite in Frankrijk een bijbaantje krijgt aangeboden als beveiliger van een feest met hoge gasten uit zakenleven en politiek in het landhuis van een steenrijke Libanese zakenman. Wanneer die voor zaken naar het buitenland afreist, huurt hij Loreau in voor de bescherming van zijn achterblijvende vrouw Jessie (de Duitse actrice Diana Kruger) en zoontje Ali. Gaandeweg worden moeder, zoon en beveiliger een pseudo-gezin.

Winocour maakt er geen geheim van dat Schoenaerts de raison d’être van haar film is. Hij is in zo ongeveer ieder shot te zien, vaak in close-up; de camera volgt hem als een verliefde hond. Het geeft de acteur de kans om zijn voornaamste wapen, zijn sprekende ogen waarachter een draaikolk van emoties schuilgaat, ten volle in te zetten. Het geeft de film ook iets claustrofobisch, te meer daar een flink deel van Maryland zich afspeelt in het landhuis van die naam. De elektronische soundtrack van de Franse techno-producer Gesaffelstein (Mark Lévy) verklankt de chaos in Vincents hoofd.

Recensie Maryland

Overprikkeld en paranoïde
De Afghaan-veteraan is  – zeker na de recente gebeurtenissen in Parijs  – symbolisch voor de huidige staat van de Franse, en bij uitbreiding, westerse samenleving. Hij zit vol wantrouwen; is ronduit, maar niet ten onrechte, paranoïde. Nimmer op zijn gemak, altijd op zijn hoede, is hij overprikkeld; hij staat strak als een gespannen veer, klaar om bij de geringste aanleiding te exploderen in een orgie van geweld. Dat laatste komt goed uit, wanneer de vrouw en haar kind door kidnappers en huurmoordenaars worden belaagd.

Overprikkeld en paranoïde, dat zijn symptomen van een getraumatiseerde persoonlijkheid. Daarom is het net iets teveel gevraagd van de geloofwaardigheid om de met zijn demonen kampende beveiliger te laten ontwikkelen tot zorgzame hoeder. De situatie en omstandigheden zijn op maat voor emotionele interactie tussen beide hoofdpersonen, maar het script laat hen in de steek. Zowel Schoenaerts als Kruger hebben weinig om mee te werken, waardoor de film langzaam leegloopt. Grof geweld en genreclichés moeten de spanning erin houden.

Winocour draaide deze psychologische thriller met horror-feel (het afgesloten, donkere, labyrinthische landhuis is een klassieke setting van de gothic novel) als een reportage, met veel van de schouder geschoten beelden. Het geeft Maryland een rauwe urgentie, die spoort met Schoenaerts’ intense vertolking. Vrouwen van een zekere leeftijd en opleiding hebben een nieuw lustobject.

 

16 november 2015

 
ALLE RECENSIES

Ice and the Sky

****

recensie  Ice and the Sky  

Hoe een avontuur een queeste werd

door Nanda Aris

In deze prachtige film van Luc Jacquet volgen we het leven van Claude Lorius. Hij vertrok op 23-jarige leeftijd naar Antarctica, en zou zijn leven lang op zoek gaan naar de diepste lagen van het ijs, waarin hij informatie over het klimaat vond, en ontdekte hoe de mens het ijs beïnvloedt. 

Het is niet de eerste keer dat filmmaker Luc Jacquet afreist naar het koude Antarctica. Eerder deed hij dit voor zijn Oscar winnende film March of the Penguins (2005), waarin hij pinguïns rond de zuidpool op een David Attenborough-manier volgde op hun reis naar paar- en broedgebieden. Het leverde prachtige beelden op, en de wereld viel als een blok voor deze lief waggelende dieren. Enig kritiekpunt was dat het verhaal wellicht iets te geromantiseerd werd vertoond: de noodzakelijke voortplanting werd een liefdesverhaal. Ook Ice and the Sky (La Glace et la Ciel) heeft hier lichtelijk last van. Jacquet zet soms net iets teveel aan, hetgeen geheel niet nodig is, het verhaal is indrukwekkend genoeg.

Recensie Ice and the Sky

IJs
De film start met fantastische beelden van ijs. We zien close ups, we horen het kraken, een hand die over het ijs gaat, en een man die door een ijstunnel loopt. Deze artistieke beelden worden door prachtige muziek, veelal violen, begeleid. We begrijpen als kijker de grootsheid en het belang van dit ijs. De nu 82-jarige Claude Lorius wordt voorgesteld, en ook van hem begrijpen we zijn grootsheid en belang. Hij neemt ons mee naar zijn verleden, toen hij zich als 23-jarige aanmeldde voor het avontuur en op reis ging naar Antarctica. Om onderzoek te doen naar het ijs, waarover toen nog nagenoeg niks bekend was.

Levensloop
Na zijn eerste, lange missie naar Antarctica, is Lorius gegrepen door het natuurschoon, de ontberingen, en door de vele informatie dat ijs hem geeft. Hij wordt glacioloog, besluit dat hij ijs en het verhaal dat het met zich meedraagt, wil doorgronden.

De vele archiefbeelden worden afgewisseld met beelden van Lorius die terugkeert naar Antarctica. Hij ontdekt verschillen in ijskristallen en onderzoekt hoe de lagen zich opbouwen. In deze lagen ligt een schat aan informatie verscholen. Lorius ontdekt een methode om er achter te komen hoe warm het was ten tijde van het vallen van de sneeuw. Deze informatie zorgt voor een overzicht van het klimaat door de eeuwen heen.

Hij boort dieper en dieper in het ijs, dieper de geschiedenis in. De aarde warmt op, en in vrij rap tempo. De mens is daar debet aan, door de uitstoot van broeikasgassen. Het onderzoek is een levenswerk voor Lorius. Maar wordt zijn waarschuwing wel voldoende opgepikt? ‘I sometimes fight the feeling of having served no purpose’, zegt Lorius.

Ice and the Sky

Klimaatoverleg
Een jaar na het uitkomen van March of the Penguins verschijnt Al Gore’s An Inconvenient Truth (2006). Ook deze film wint een Oscar. De film is een documentaire over de opwarming van de aarde. De film was groot nieuws, vele leiders en politici werden erdoor beïnvloed, maar de film kreeg ook kritiek. Niet alles zou geheel waar zijn, sommige dingen werden overdreven, of niet aangehaald. Maar de film slaagde in het vergroten van het klimaatbewustzijn.

Niet geheel ontoevallig heeft eind deze maand in Parijs de eenentwintigste jaarlijkse klimaatconferentie van de Verenigde Naties plaats. Laten we hopen dat de discussie over klimaat opnieuw aangezwengeld kan worden door Ice and the Sky.

‘Are you ready to change the way you live?’, vraagt Al Gore aan het einde van zijn film. ‘Now that you know too, what are you going to do about it?’, vraagt Claude Lorius aan het einde van Ice and the Sky. Beide films eindigen met het aanspreken van de kijker; een betere wereld begint immers bij jezelf.

 

9 november 2015

 
ALLE RECENSIES

Marguerite

****

recensie  Marguerite

De illusie van een valse sopraan

door Suzan Groothuis

Niets is mooier dan je grote passie delen met publiek. Voor Marguerite, een dame op stand in het Parijs van begin jaren 20, is dat zingen. Overtuigd van haar talent besluit ze een carrière als operazangeres aan te gaan. Alleen zingt ze zo vals als een kraai.

Parijs, begin jaren 20. De film opent met een huiskamerconcert, georganiseerd voor een goed doel. Marguerite (Catherine Frot, The Page Turner), behorend tot de aristocratische klasse, is gastvrouw maar ook eregast van dit evenement. Op haar “society”-feestje gaat alle aandacht uit naar de muziek: klassiek geschoolde muzikanten begeleiden operatalenten op bekende composities van klassieke meesters. Marguerite, gehuld in extravagante outfit en getooid met pauwenveer, sluit het evenement af. Mozart zet in, Marguerite zingt. Waar eerder sprake was van betovering, is er nu gêne alom: de sympathieke dame zingt namelijk vals.

Recensie Marguerite

Aanslag op de oren
Voor Hazel, een jonge Parijse die alle kansen benut om als operazangeres bekendheid te krijgen, is het een bizarre vertoning. Voor journalist en schrijver Lucien Beaumont en kunstenaar Kyrill een manier om aan geld te komen. Van Beaumonts hand verschijnt een lovende recensie, waarin hij de unieke stem van de barones prijkt. In alle kranten afgedaan als schande (“pauvre Mozart!”) roemt hij Marguerite vanwege haar eigenheid. En Marguerites toegewijde butler Madelbos houdt haar grote droom in stand door haar juist alleen Beaumonts artikel te laten lezen.

Geïnspireerd en verlangend naar meer neemt Marguerite contact op met Beaumont. Wanneer hij regelt dat ze kan optreden voor publiek (een ludieke scène met een grote knipoog naar Dada) is het hek van de dam. Marguerite wil alleen nog maar optreden, tot weerzin van haar man Georges Dumont (André Marcon). Buiten het feit dat hun relatie al jaren in het slop zit en hij er een maîtresse op nahoudt, staat Georges het schaamrood op de wangen als hij Marguerites zangkunsten aanhoort. En hij is niet de enige: de gehele “high society” waaronder zij zich bevinden moet niets van haar valse kreten hebben. Maar niemand durft Marguerite te zeggen waar het op staat.

Recensie Marguerite

Op naar de top
Marguerite, sfeervol geschoten, ademt in alles het Parijs van de jaren ‘20 – denk aan kostuums, interieur en details als een Comoedia (in die tijd een bekend Frans tijdschrift voor kunst en cultuur). Gehuld in extravagante kostuums die zij verzamelt van beroemde toneelstukken laat Marguerite zich fotograferen door haar butler. Ze waant zich een ster, maar is het niet – en laat dit nou net de kracht van Giannoli’s film zijn. Het komische aspect zit hem in Marguerites performances – haar gekrijs zorgt letterlijk voor de hilarische noot. Je ziet het publiek onrustig schuifelen, gniffelen en weglopen, zonder dat Marguerite het doorheeft. Als kijker betrap je jezelf er op dat je ongemakkelijk op je lip bijt. Zelfs wanneer operaster Atos Pezzini (Michel Fau in een dik aangezette rol) aangetrokken wordt als zangdocent, is er geen verbetering zichtbaar.

Pijnlijke passie
Van een transformatie als in George Bernard Shaws’ Pygmalion is geen sprake. Een happy end, waarin het lelijke eendje transformeert tot een mooie zwaan, krijgen we dan ook niet voorgeschoteld. Want als Marguerite dan eindelijk de juiste noot gevonden heeft, volgt haar tragische lot.

Het is aan Catherine Frot te danken dat zij haar personage niet tot een karikatuur maakt. Haar Marguerite is een vrouw die leeft in eenzame passie en het liefst gezien wil worden. Als kijker weet je niet of je moet lachen of huilen als je haar ziet optreden, maar de blik in haar ogen verraadt genoeg als je Marguerite ziet kijken naar de lege, gereserveerde stoel van haar man voor haar.

Losjes gebaseerd op het leven van Florence Foster Jenkins, die onder de gelijknamige titel onder regie van Stephen Frears (met Meryl Streep in de hoofdrol) nog een release moet krijgen.

 

12 oktober 2015

 
ALLE RECENSIES

Enfance, Une

**

recensie  Une enfance

Het recht op zorgeloos opgroeien

door Cor Oliemeulen

Gebroken gezinnen zijn voer voor schrijvers en filmmakers. Hoe integer hun bedoelingen ook mogen zijn, verhalen over kinderen die zijn genoodzaakt op te groeien als beide ouders hun verantwoordelijkheid ontlopen, bieden lang niet altijd nieuwe inzichten.

De Franse schrijver Philippe Claudel lijkt zich sinds zijn sterke filmdebuut Il y a longtemps que je t’aime (2008) meer toe te leggen op sociaalrealisme, naast komedie een van de huidige trends in de Franse cinema. Na het winterse drama in Avant l’hiver  (2013) keert hij terug naar de zomer, waar het verhaal en de toon het tegenovergestelde zijn van zijn romantische komedie Tous les soleils (2011). In zijn vierde speelfilm Une enfance portretteert Claudel de 13-jarige Jimmy (prima debuut van Alexi Mathieu) die zijn weg in een disfunctioneel gezin probeert te vinden.

Recensie Une enfance

Vluchten in een roes
Jimmy’s jeugd speelt zich af in een Noord-Frans industriestadje, waar de regisseur zelf werd geboren en nog steeds woont. Dit Dombasle-sur-Meu groeide gestaag nadat een grote Belgische sodafabriek er zich eind negentiende eeuw vestigde en zoals dat in die tijd vaak ging arbeiderswoningen, scholen en een ziekenhuis bouwde. In een van de typische straatjes met de in rood baksteen opgetrokken huisjes woont Jimmy met zijn kleine broertje Kevin, hun moeder Pris en haar vriend Duke. De enige bewoner die daadwerkelijk de handen uit de mouwen steekt is Jimmy. Hij zorgt niet alleen voor Kevin en zichzelf, maar ontfermt zich soms ook over hun moeder die door drugsgebruik regelmatig in laveloze toestand verkeert.

Hoewel Pris haar best doet haar zoontjes wat liefde te geven, is haar verantwoordelijkheidsgevoel ver te zoeken. Ze vindt het leven lastig genoeg om regelmatig te vluchten in een roes van alcohol en drugs. Haar relatie met de uitgesproken en agressieve Duke (Pierre Deladonchamps, in 2013 doorgebroken in L’inconnu du lac) maakt de situatie er niet beter en gezelliger op in huis. We zien Duke pas vrolijk als hij kan wapperen met bankbiljetten, verkregen door louche activiteiten. Hij dwingt ook Pris haar steentje bij te dragen.

Recensie Une enfance

Zonder dromen
Jimmy lacht nooit. Hij laat het allemaal maar over zich heen komen zonder dat hij in opstand komt of hij zich uit over zijn gevoelens. Als de leraar op school aan de kinderen vraagt wat hun dromen zijn, antwoordt Jimmy: “Ik heb geen dromen.” Hij maakt nauwelijks contact met anderen en heeft geen vrienden. En in de zomervakantie, als Kevin een tijdje naar oma mag en het meisje dat hij leuk vindt met haar familie vertrekt, worden Jimmy’s dagen langer en leger en is het de vraag wanneer de bom barst. Echter Philippe Claudel laat zijn jeugdige protagonist niet ontploffen en kiest daarmee voor een drama dat blijft verstoken van verrassingen. We missen een serieus conflict en blijven tevergeefs hopen op een krachtige plottwist.

Daarentegen is Claudels Une enfance sfeervol gefilmd en een integer onderzoek naar volwassen worden. Er is een mooie balans tussen het grauwe arbeidersleven in het industriestadje en de omringende natuur waarin een opgroeiende jongen, die recht heeft op onschuld, plezier en zorgeloosheid, keuzes moet maken omdat hij botst met zware omstandigheden, terwijl hij zijn enige vrijheid proeft op zijn fietsje. Maar hopeloos is de situatie gelukkig niet, wat blijkt uit het slotfragment als we eindelijk iets van een gelukzalige grijns op Jimmy’s gezicht zien.

 

11 oktober 2015

 
ALLE RECENSIES