Bodkin Ras

***

recensie Bodkin Ras

Vreemdeling in de Schotse Hooglanden

door Suzan Groothuis

De komst van een jonge vreemdeling in het Schotse plaatsje Forres roept vragen op. Wie is hij en waarom is hij naar Forres gekomen? De inwoners van het stadje ontvangen hem met gemengde gevoelens, want dat Bodkin iets met zich meedraagt moge duidelijk zijn. Met een mix van fictie en documentaire worden we in de schemerige wereld van een voortvluchtige getrokken.

De openingsscène toont een jonge man die zich een weg baant door de Schotse Hooglanden. Een donkere, gejaagde blik in zijn ogen. Zijn tocht gaat gepaard met een duister gedicht over innerlijke angst en onrust. “Hell is here. It’s in your torment, your misery, your suffering and pain. Yes, it’s a place of extreme anguish that can make you go insane”.

Bodkin Ras

Een donkere introductie met Bodkin Ras, de fictieve hoofdpersoon van de gelijknamige film, en tevens de enige echte acteur. Als hij aankomt in het pittoreske plaatsje wordt hij met gemengde gevoelens ontvangen. Niet geheel onterecht, want deze introverte vreemdeling heeft iets mysterieus en duisters over zich.

Gedeeld leed
Ondertussen maakt de kijker kennis met de inwoners van het plaatsje. Zoals een oude man die midden op straat een oude Schotse traditional zingt. Alleen raakt hij steevast zijn tekst kwijt. En ontmoeten we Eddie, een alcoholist die zo’n beetje alles wat hem dierbaar was in het leven is verloren. Niet verwonderlijk dat juist hij zich ontfermt over de mysterieuze Bodkin.

Opvallend genoeg dragen de meeste inwoners, die zichzelf spelen, leed met zich mee. Ze komen samen in café Eagle, een plek die bekend staat om zijn “negativity and ill will”, maar waar niemand een masker hoeft op te houden. In Eagle kan je jezelf zijn en ben je er voor elkaar. Zo ook Bodkin, die hier niet met argusogen wordt aangekeken. Wel vragen de inwoners zich verwonderd af wat de reden is van zijn komst en waarom hij op de vlucht is. Want Bodkin kan niet meer terug naar huis.

Hybride van documentaire en fictie
Bodkin Ras, het speelfilmdebuut van de Nederlandse filmmaker Kaweh Modiri, is met zijn mengeling van fictie en documentaire gefragmenteerd van opzet. Beelden van Bodkin die zich een plek probeert toe te eigenen in het stadje wisselen zich af met inwoners met overpeinzingen over hun moeilijke leven en de komst van de mysterieuze vreemdeling. Ondertussen zien we Bodkin bellen met ene Sean, die niet opneemt. Bodkin in het Nederlands: “Ik moet weten wat er gebeurd is man”. Dus toch, er klopt iets niet.

Helemaal nieuw is de hybride van documentaire en fictie niet: in Richard Linklaters Bernie zien we ook een vermenging van acteurs en inwoners die over de charmante begrafenisondernemer vertellen en tevens zichzelf spelen in bepaalde scènes. Maar waar Jack Black als Bernie de gave had om mensen aan zich te binden, blijft Bodkin op afstand. Ondanks Eddie die hem aan werk helpt en ondanks de mooie Lily die wel iets in hem ziet.

Bodkin Ras

Sociaal experiment
Je zou Bodkin Ras een sociaal experiment kunnen noemen. Wat gebeurt er als een vreemdeling, die duidelijk iets op zijn kerfstok heeft, een kleine gemeenschap binnentreedt om weer een nieuwe start te maken? Het roept een vergelijking op met Lars von Triers Dogville, waarin een vrouw op de vlucht wordt opgenomen in een vergeten stadje. Forres, hoog in het Schotse noorden, is ook zo’n uithoek.

Het observerende karakter van de film krijgt een gekunstelde wending wanneer duidelijk wordt wat Bodkin dreef om naar Forres te komen. In een geforceerde scène komen zijn demonen aan het licht, waarna het thriller-element de overhand krijgt. De film werkt toe naar een gezocht einde, waarbij de kijker nog wat nodeloos geweld krijgt voorgeschoteld- de belichaming van Bodkins onmacht en woede. Ondanks dat zijn er bemoedigende woorden van een van de inwoners: “I don’t believe in total negativity of any human being. I believe that we are governed by good and bad. Not just by bad”. Geef mensen een kans, lijkt de boodschap van de film te zijn, hoewel het personage van Bodkin het tegendeel bewijst.
 

5 september 2016

 
MEER RECENSIES

Suburra

****

recensie Suburra

Riool aan het Romeinse strand

door Alfred Bos

Suburra is een eigentijdse thriller uit Italië, waarin politiek en misdaad in hetzelfde bed slapen. Regisseur Stefano Sollima (bekend van de tv-series Romanza Criminale en Gomorra) toont regen en neon, neo noir dus. Volgend jaar als tv-serie via Netflix, nu als film in de bioscoop.

Vroeger had je politieke thrillers en misdaadfilms waarin helden en schurken duidelijk van elkaar waren onderscheiden, net zoals beide genres van elkaar verschilden: politiek was politiek en misdaad was misdaad. Tegenwoordig is het verschil tussen gezag en geboefte vervaagd en heeft de misdaadthriller een politieke ondertoon, en vice versa.

Suburra

Een voorbeeld van de eigentijdse thriller waarin misdaad politiek is en politiek misdaad, is Suburra, de tweede speelfilm van de Italiaan Stefano Sollima. Hij is als regisseur van de internationaal gewaardeerde tv-series Romanzo Criminale en Gomorra gepokt en gemazeld in het genre en dat is aan Suburra af te zien. Net als La Isla Minima, de verrassende Spaanse zomerhit van vorig jaar, is het een met veel overmacht geregisseerde genrefilm die draait om de psychologie van het verderf. De filmtitel verwijst naar een wijk van het oude Rome waar senatoren en misdadigers elkaar troffen voor duistere zaken.

Las Vegas in Ostia
Suburra toont een röntgenfoto van het maatschappelijke systeem dat in het Italië van Berlusconi is ontstaan. De film verhaalt hoe in november 2011 in een week tijd de corrupte machinaties rond een groot bouwproject ontaarden in de dood van de voornaamste betrokken maffiosi en de val van de politicus die verantwoordelijk is voor het project, de constructie van een groot uitgaanscomplex aan de Romeinse kust. Dat moet van Ostia, het strand van Rome, het Las Vegas van Italië maken en de onderwereld is dronken van het vooruitzicht.

De verwevenheid van misdaad en politiek, en zelfs het Vaticaan, is niet nieuw voor het filmdoek, maar het aardige van Suburra is dat het laat zien hoe verdeeld de wereld in de schemerzone van de legaliteit is. Er zijn maar liefst vier partijen die een scheve schaats rijden.

Samurai (Claudio Amendola) is een schimmige figuur, een beroepscrimineel op leeftijd die achter de schermen het bouwproject controleert. Hij doet geheime zaken met Numero 8 (Alessandro Borghi), de criminele zoon van een van Samurais vroegere handlangers en eigenaar van een nachtclub in Ostia, die op hardhandige wijze grond en vastgoed opkoopt voor het bouwproject. Ze houden de lokale afperser, de zigeuner Anacleti (Adamo Dionisi), schielijk buiten de plannen. Die krijgt er echter lucht van wanneer zijn jongere broer wordt ingehuurd om een lijk te doen verdwijnen. Dat lijk is de partner van een luxehoer, haar pooier Sebastiano (Elio Germano) is de vierde criminele partij en de schakel tussen onder- en bovenwereld.

Suburra

Stortregens
Sollima liet in ACAB (All Cops Are Bastards), zijn debuutfilm over de mobiele eenheid van Milaan, al zien dat hij actie, misdaad en psychologie kan versnijden tot een krachtige cocktail en Suburra is nog een tandje ambitieuzer van opzet. Het complexe verhaal wordt klip en klaar verteld, de personages treffend neergezet zonder karikaturaal te worden – wat vooral in het geval van de zigeuner en diens huishouden geen sinecure is – en het geweld zonder enige opsmuk, bijna achteloos getoond.

Treffend is de positie van de politicus, Filippo Malgradi (Pierfrancesco Favino), die moeiteloos ambtenaren, bestuurders en zelfs de kerk kan corrumperen, maar moet vrezen voor een schandaal rond seks met een minderjarige. Tegenover die hypocrisie van de heersende klasse staat de oog-om-oog moraal van onderwereld én de wrekende engel. Op zijn Kurosawa’s stortregent het op de sleutelmomenten van dit fictieve drama en op de dag van de ondergang treedt de Tiber heel symbolisch uit zijn oever. In het echt viel op 12 november 2011 de regering van Berlusconi.

Al zijn er voornamelijk verliezers en geen duidelijke winnaars, de donkere moraal van Suburra biedt toch een sprankje hoop. Het zijn de krabbelaars, zij die overleven door te schipperen tussen wat goed en wat slecht is, die het slagveld, zij het geschonden, levend weten te verlaten. Toch nog gerechtigheid, van de bruut-poëtische soort. En goed om de uitstekende Franse wave-groep M83 op de soundtrack te horen.
 

16 juli 2016

 
MEER RECENSIES

Clan, El

****

recensie  El Clan

Duistere familiegeheimen

door Suzan Groothuis

De Puccio’s lijken een normale familie. Nette mensen, die aspiraties hebben om tot de upper class te behoren. Maar achter het schijnbaar ideale gezin gaan duistere geheimen schuil.

El Clan speelt zich af ten tijde van de transitie van dictatuur (de gevreesde “dirty war”, een periode van staatsterrorisme door de militaire junta in Argentinië van 1976 tot 1983) naar democratie. Arquímedes Puccio, de patriarch van de familie, is een voormalig medewerker van de geheime dienst. Met de omslag naar vrijheid en democratie kan hij zijn baan niet behouden en kiest hij het criminele pad.

El Clan

El Clan is gebaseerd op het waargebeurde verhaal van de Puccio-familie. Met thema’s als corruptie, onrecht en schuld weet regisseur Pablo Trapero wel raad: eerder maakte hij de gevangenisfilm Lion’s Den (2008) en het beklemmende, met corruptie doorspekte Carancho (2010). Ook in El Clan  toont hij een grimmig beeld van Argentinië, zij het achter een façade van een ideale, hardwerkende familie.

Schijnbaar keurig gezin
De leden van het gezin Puccio staan bekend als nette winkelhouders en zoon Alejandro heeft succes als rugbyspeler. Ogenschijnlijk niets aan de hand, maar eenmaal met z’n allen thuis rond de eettafel neemt de spanning zienderogen toe.   Niet alleen door de afwezigheid van een van de zoons, die het buitenland verkozen heeft boven zijn familie. Een onderwerp dat gevoelig ligt en gemeden wordt. Wat wel besproken wordt zijn de duistere plannen van vader Arquímedes om aan geld te komen. Ontvoeringen, losgeld vragen en vervolgens liquidaties, dat soort zaken. En hij heeft Alejandro er voor nodig, want een van de slachtoffers is een teamgenoot van hem.

El Clan  is niet alleen een portret van een familie die zich met duistere zaken bezighoudt in een Argentinië in een omslagfase, maar toont ook de impact op de onderlinge verhoudingen. Vooral die tussen Arquímedes en Alejandro, waarbij de psychopathische druk die Arquímedes op zijn zoon uitoefent verstikkend werkt. Het haalt de kansen op een normaal leven, zoals Alejandro dat voor ogen heeft, onderuit. Trouwen en een eigen zaak beginnen? Niet als het ligt aan Arquímedes, die zijn zoon aan zijn zijde wil hebben.

Psychopathische patriarch
Sterke troef van de film is hoofdrolspeler Guillermo Francella, bekend van The Secret in Their Eyes (2009) en veel komische rollen. Dat hij ook een kille, psychopathische huisvader kan spelen bewijst hij in El Clan: met zijn nette voorkomen, onbewogen gezichtsuitdrukking en onvoorspelbare gedrag is hij de ultieme slechterik. Een dictator van zijn eigen gezin, die geen tegenspraak duldt en tot het uiterste gaat om zijn positie veilig te stellen en te versterken. De film werkt toe naar een zinderende finale, waarin wanhoop en chaos het overnemen van Arquímedes’ rigide beleid.

El Clan

Zijdelings aan het familiedrama is kritiek op de corruptie die in een vrij en democratisch Argentinië nog steeds doorwoekerde. Zijn voormalige positie gaf Arquímedes de mogelijkheid zich te scharen in een duistere schaduwwereld, waar verdwijningen, net als tijdens de militaire junta, even gewoon waren als het aanvegen van je stoep.

El Clan resulteert in een geslaagde, claustrofobische thriller waarbij de muzikale keuze voor The Kinks voor een wrange nasmaak zorgt. “Save me, save me, save me from this squeeze. I got a big fat mama trying to break me. And I love to live so pleasantly, Live this life of luxury ”, zingt Ray Davies in Sunny Afternoon. Vrolijke klanken verhullen de misère van iemand die alles kwijt is. Zo ook in El Clan, waar Arquímedes zijn façade niet langer kan verhullen en het nastreven van een leven van luxe ten koste van anderen – zelfs met de dood tot gevolg – genadeloos wordt afgestraft.

 

11 april 2016

 

ALLE RECENSIES

I Am Wrath

**

recensie  I Am Wrath

Meer pulp voor Travolta

door Wim Meijer

‘Who ARE you?’, schreeuwt een creperende slechterik het uit. ‘I am Wrath’, aldus John Travolta die hem van repliek dient. Ooit hoorde hij collega Samuel L. Jackson verzen uit Ezechiël opdreunen, nu spreekt hij zelf drie woorden uit Jeremia. Woorden die niet cool zijn, maar die hem op hoongelach van het publiek komen te staan.

Eerst zou Nicolas Cage deze film doen. Dat hij is vervangen door John Travolta is typerend voor beide acteurs, die ooit samen schitterden in Face/Off. Beiden zijn zo diep gezonken dat ze nu elkaars vervanger zijn voor dit soort pulpfilms. Het is opmerkelijk dat deze film überhaupt in de bioscoop verschijnt, aangezien de meeste films van beide heren tegenwoordig meteen op DVD uitkomen. Of helemaal niet.

I Am Wrath

Super secret black ops missies
John Travolta speelt Stanley Hill, een autoverkoper die net terug is van een sollicitatiegesprek bij Honda. Stanley landt op een luchthaven, ontmoet zijn vrouw en gaat naar de parkeergarage. Uit het niets verschijnt gangster Charley Fly die Stanley overmeestert en zijn vrouw dood steekt. Stanley zelf blijft gewond achter. De politie pakt Charley op, Stanley herkent hem als de dader, maar de moordenaar gaat vrijuit wegens corrupte agenten. Het is dus maar goed dat Stanley zelf voor gerechtigheid kan zorgen, aangezien hij – iemand nog verbaasd? – een ex-special ops militair is.

Stanley trommelt zijn oude maatje Dennis (Christopher Meloni) op, die niet lang nodig heeft om de stemming er een beetje in te brengen. Dat is maar goed ook, want tot het moment dat Meloni zijn gezicht laat zien is er geen klap aan. Dennis is nu kapper, maar was dat niet altijd. Samen met Stanley voerde hij super secret black ops missies uit – je kent ze wel – en het zal niemand vreemd zijn dat de beste man een schiettent, wapenarsenaal en apparatuur om telefoons mee te kraken in de kelder heeft staan.

I Am Wrath

Steeds grappiger
Het budget van deze film zou 18 miljoen zijn en gezien de productie kunnen we alleen maar aannemen dat Travolta het grootste gedeelte daarvan meepikt. De geluidsmix is ongebalanceerd met keiharde muziek tegenover nauwelijks verstaanbare dialoog, shots zijn met enige regelmaat out of focus, de actie is onoverzichtelijk en kent kop noch staart en het acteerwerk is over de linie genomen tenenkrommend. Alleen Meloni lijkt er echt zin in te hebben en kan de lol van dit soort pulp waarschijnlijk wel inzien. Van de coole, charismatische acteur die Travolta ooit was in films als Pulp Fiction en Swordfish is helemaal niets meer terug te vinden.

I Am Wrath is eigenlijk zo’n slechte film dat je halverwege een beetje melig wordt. De running gag ‘you’ve got three minutes’ is elke keer grappiger. Na een uur toont de film zoveel onwaarschijnlijke rotzooi (zoals een shootout in een bomvolle discotheek waarin alleen de bad guys omkomen) dat I Am Wrath op de lachspieren begint te werken. Omdat de film zichzelf naar het slot toe in steeds mindere mate serieus neemt, zit je toch uiteindelijk met een glimlach naar de aftiteling te kijken.

 

10 april 2016

 

ALLE RECENSIES

Spotlight

****

recensie  Spotlight

Je zegt geen ‘nee’ tegen God

door Cor Oliemeulen

De onthullingen hadden tot gevolg dat wereldwijd seksueel misbruik door priesters aan het licht kwam. Of de katholieke kerk er veel van heeft geleerd, blijft de vraag. De kardinaal in Boston nam weliswaar ontslag, maar kreeg een baan in een van de belangrijkste basilieken van Rome.

De nieuwe baas van The Boston Globe, Marty Baron (Liev Schreiber), windt er tijdens zijn eerste werkdag geen doekjes om: het seksueel misbruik van priesters moet publiekelijk aan de kaak worden gesteld en de katholieke kerk zal boeten voor haar zonden. Baron heeft makkelijk praten. Niet alleen omdat hij jood is, maar vooral omdat hij, komend uit het genaakbare Florida, niets heeft te maken met de conservatieve, gesloten gemeenschap van Boston net na de millenniumwisseling. Een tijd waarin velen in de stad wisten van de misstanden, maar angstvallig de andere kant op keken.

De macht van de kerk
Dat merkt ook het team van het journalistieke onderzoeksteam Spotlight dat probeert te achterhalen hoe het toch kon dat de lokale priester John Geoghan jarenlang structureel vooral jongens in verschillende parochies kon misbruiken. Al na het eerste speurwerk blijkt dat nog meer geestelijken zorgden voor meer dan alleen de ziel van kinderen. De kerk schikte veelal met de slachtoffertjes en hun ouders, waarna een aantal priesters in andere parochies opnieuw vrijelijk kun gang konden gaan. De invloed en uitgestrekte macht van het kerkelijke instituut blijkt evident.

Spotlight

Regisseur Tom McCarthy (bekend van het filmjuweeltje The Station Agent, 2003) kende zelf ook een katholieke opvoeding, waarin begrip, bewondering en respect voor de kerk vanzelfsprekend waren. Met zijn film, waarvoor hij een deel van het scenario schreef, opent hij niet zozeer de aanval op de katholieke kerk, maar laat hij sommige van zijn personages zich wel hardop afvragen waarom getuigen niet opstonden en aan de bel trokken. Ook leren we dat de meeste slachtoffers niet in de publiciteit wilden of durfden.

Gedetailleerd
Het is knap hoe de makers van Spotlight de tijdgeest en omstandigheden weten te vangen. Zo werd het redactielokaal met de meer dan honderd cubicles van The Boston Globe minutieus nagebouwd en bereidden sommige acteurs zich consciëntieus en met veel oog voor detail (uiterlijk, tongval) voor op hun rollen door de vele gesprekken die zij voerden met de echte hoofdrolspelers: journalisten, advocaten, slachtoffers en andere betrokkenen. Ook al vermoed je vrij snel hoe het verhaal afloopt, je ziet aan alles dat de film met liefde en toewijding tot stand is gekomen.

Michael Keaton, die al in 1994 overtuigend een editor speelde in The Paper van Ron Howard en vorig jaar een zeer geslaagde comeback maakte in en als Birdman, is de leider van het Spotlight-team, Walter Robinson. Zijn meest fanatieke medewerker is onderzoeksjournalist Michael Rezendes, vertolkt door Mark Ruffalo, de laatste jaren vooral bekend als het Avengers-personage Bruce Banner/The Hulk. Hoewel Ruffalo in Spotlight niet als een olifant in een porseleinkast rondstruint, is hij wel degene die zich het meest vastbijt en kan hij nauwelijks wachten om de misstanden in de katholieke kerk met het lezerspubliek te delen. Echter Marty Baron wil pas publiceren als ‘het systeem’ kan worden veroordeeld.

Spotlight

Eerst spiritueel misbruik
Terwijl Rezendes zich vooral bezighoudt met de juridische kant van de zaak, heeft zijn collega Sacha Pfeiffer (Rachel McAdams) de zware taak om slachtoffers van het seksueel misbruik te interviewen. “Eerst word je spiritueel misbruikt – want je zegt geen ‘nee’ tegen God – dan komt het seksueel misbruik”, aldus een gedupeerde. Het contact met de daders blijkt natuurlijk nog veel moeilijker. Als zij op een gegeven moment aan een voordeur in gesprek gaat met een verdachte priester die op het punt staat openheid van zaken te geven, wordt de man snel door diens zus naar binnen getrokken. Uiteindelijk roept het team de hulp in van een advocaat (Stanley Tucci) die zich al jaren bezighoudt met de belangen van honderden slachtoffers, maar hij worstelt danig met de balans tussen privacy en openbaarheid en wordt regelmatig paranoïde omdat kerk en politiek in zijn nek hijgen.

Lang na All the President’s Men (1976) van Alan J. Pakula waarin The Washington Post-journalisten Bob Woodward en Carl Bernstein het afluisterschandaal Watergate onthulden, is er eindelijk weer eens een goed biografisch drama over onderzoeksjournalistiek. Niet zoals het gros van het hedendaagse journaille dat achterover leunt, na-aapt en elke scheet van elke ‘beroemdheid’ volgt en werkelijk geen idee heeft wat hoor-wederhoor betekent, maar nog gewoon zoals het hoort: vastbesloten duiken in knipselmappen, boeken, bibliotheken en stoffige archieven om de enige echte waarheid boven tafel te krijgen.

 

22 januari 2016

 
ALLE RECENSIES

Criminal Activities

**

recensie  Criminal Activities

Smakeloze smoothie

door Cor Oliemeulen

De schrijver van Criminal Activities schijnt al in 1977 te zijn overleden, maar desondanks lijkt dit misdaaddrama op een mislukt afgietsel van Reservoir Dogs. Rara, hoe zit dat?

Ook Pulp Fiction (1994) is al een hele tijd geleden, maar elke keer als John Travolta sindsdien op het affiche verschijnt, ben je benieuwd welk personage hij zal vertolken en hoop je tegen beter weten in op een nieuwe comeback. In Criminal Activities van bijrolacteur Jackie Earle Haley zien we voormalig discodanser Travolta voor de zoveelste keer een gangster spelen: Vincent heet nu Eddie en ditmaal moeten geen Kahuna-burger en Franse frietjes met ketchup, maar een smoothie van gedehydreerd cactuspoeder en een monoloog over de ‘zeven wetten van de economie’ zijn excentriciteit onderstrepen. Het vettige haarstukje en plastisch opgesmukte gezicht nemen we op de koop toe.

Criminal Activities

Kidnap
Met twee lijfwachten annex huurmoordenaars (regisseur Haley zelf speelt de meest spraakzame) in zijn kielzog zet hij vier vrienden voor het blok. Het kwartet heeft gespeculeerd met aandelen en het geleende geld blijkt nu afkomstig van Eddie. Hun schuld kan worden afgelost als ze een crimineel ontvoeren en hem een etmaal vasthouden, zodat Eddie zijn dubbele agenda kan afwerken. Na de nodige aarzelingen – de jongens hebben geen ervaring met geweldplegingen en hoesten nota bene na het inhaleren van een joint – stemmen ze toe.

De kidnapping verloopt allesbehalve soepel en tijdens het volgende etmaal nemen de spanningen uiteraard toe. Zo worstelt de een met een overspelige vriendin en een ander met traumatische jeugdervaringen waarvoor weer een andere vriend verantwoordelijk is, terwijl de derde hongerklop krijgt en de vierde zich door de ontvoerde crimineel laat manipuleren. Later zal blijken waarom sommige kidnappers zich zo debiel gedragen, maar dan heeft Criminal Activities als boeiende, oorspronkelijke en consistente thriller allang gefaald. Of was het de bedoeling dat de film ook grappig moest zijn?

Criminal Activities

Uithoudingsvermogen
Als recensent dien je soms over een goed uithoudingsvermogen te beschikken. Net als in de recente rampenfilm San Andreas (tenenkrommend acteren en bak clichés in aanloop naar de ongetwijfeld spectaculair in beeld gebrachte superaardbeving) zou je tijdens Criminal Activities het liefst na een half uur afhaken. De volhardende kijker wordt deels beloond. Pas in de uitgerekte finale zul je de vele stompzinnige acties van enkele personages begrijpen en hun uitgekookte plannetjes kunnen ontrafelen, althans een serieuze poging hiertoe kunnen doen.

Mengelmoesjes en elixers van hippe, intelligente gangsterfilms in de naam van Quentin Tarantino en Guy Ritchie zijn inmiddels ontelbaar, echter afgesloten en opgediend als een grande dessert, sjabloon The Usual Suspects (1995), is zowel ontzettend gekunsteld als een hele tube wasabi na de sushi. En daarvan krijg je dorst, veel dorst, naar oude meesters die door ingenieuze montage zelfs van een middelmatig verhaal een kunststukje wisten te maken.

10 januari 2016

 

 
ALLE RECENSIES
 

Black

***
recensie Black
Shakespeare in Brussel

door Wouter Spillebeen

Black is de verfilming van het gelijknamige adolescentenboek van Dirk Bracke en haar vervolg door Adil El Arbi en Bilall Fallah. De film mikt duidelijk op een ouder publiek dan het boek. 

Het regisseursduo El Arbi en Fallah lijkt gedroomd om van dit volwassen sprookje in Brussel een adaptatie voor het grote doek te maken. Ze bewezen hun kunde toen ze met Broeders  de prijs voor beste Vlaamse kortfilm door studenten wonnen op het Gentse Filmfestival en maakten kennis met Brussel als decor in Image. Wie beter dan een koppel hippe regisseurs met Marokkaanse roots (waarvan eentje zelfs de titel “Slimste mens ter wereld” mocht dragen) om deze prent over mensen uit hun eigen milieu te filmen?

Recensie Black

Moderne Shakespeare
Black is op elke mogelijke manier een moderne versie van Romeo en Julia. Marwan uit de bende boefjes ‘de 1080’ valt als een baksteen voor de schone Mavela uit de rivaliserende Afrikaanse bende, de ‘Black Bronx’. De twee ontmoeten elkaar in het grootste geheim terwijl hun bendes oorlog voeren. Wie vertrouwd is met het stuk van Shakespeare, kan de rest van het verhaal al voorspellen. De boeken van Dirk Bracke zijn bewust zo geschreven, want ze zijn voor een publiek van jongeren die nog geen interesse hebben ontwikkeld in zestiende eeuwse tragedies.

De film mikt op een ouder publiek met enkele scènes die voor een 14-jarige Brackelezer zeer hard zullen aankomen. El Arbi en Fallah zijn niet terughoudend in het afbeelden van de gruwelijke manier waarop de Black Bronx vrouwen verwelkomen, om maar een voorbeeld te geven. (Spoiler: Lezen over een verkrachting is één iets, maar het zien gebeuren is een ander paar mouwen.)

Authenticiteit
De film speelt moeiteloos met de gevoelens van het publiek, de meeste scènes roepen exact evenveel walging of romanticisme op als de makers willen. Een mooie verdienste voor het regisseursduo, dat werkte met onervaren acteurs en daardoor de volledige controle moest hebben over wat op de set gebeurde.

Het resultaat voelt authentiek, tot de mengeling van het Frans en Nederlands dat de acteurs spreken en de geloofwaardige kledij toe. Hoewel sommige bendeleden bijna karikaturaal worden afgebeeld, kan je hen net zo goed ’s nachts tegen het lijf lopen bij het Brusselse Noordstation.

Recensie Black

Ervaring
Toch is het duidelijk dat El Arbi en Fallah nog net te weinig ervaring hebben om een excellente film te maken. Ze behandelen hun publiek nog iets te weinig als intelligente mensen. Zo is het onnodige gebruik van flashbacks op twee momenten in de film zeer storend en is er ook amper sprake van subtiliteit of nuance in sommige dialogen. De keuze van de soundtrack is dat dan weer wel: Alle muziek heeft een dezelfde stijl en bouwt gestaag op naar de climax, wanneer Oscar and the Wolf hun versie van Amy Winehouse’s Black brengen. Die komt, ondanks het feit dat die in Vlaanderen op de radio al grijs gedraaid is, volledig tot zijn recht.

Alles samen is Black een soort huwelijk tussen Romeo + Juliet en Cidade De Deus, een klassieke romance tegen de achtergrond van een stad die overrompeld is door bendes. Het is een trouwe verfilming van de jeugdromans, die jammer genoeg niet gelijkmatig opgegroeid is met de lezers. Alle mediahype en relletjes in cinemazalen terzijde, is dit een stap in de goede richting als het aankomt op jongeren uit minder gegoede milieus aan te spreken. Want wat sociale kwesties betreft slaat Black vaak genoeg de nagel op de kop om misschien zelfs een paar jonge boefjes op een ander pad te brengen.

 

10 januari 2016

 

MEER RECENSIES

 

Regression

**

recensie  Regression

De duivel zit in de details

door Ashar Medina

Voorspelbare thriller over seksueel misbruik in occulte sferen is prikkelend noch uitdagend.

Een klein stadje wordt opgeschrikt wanneer een jong meisje (Emma Watson) beweert het slachtoffer te zijn geworden van ernstig seksueel misbruik. De detective die op de zaak wordt gezet (Ethan Hawke) weet al snel een bekentenis uit haar vader te trekken, ook al kan die zich er vreemd genoeg maar weinig van herinneren. De detective gelooft hem eigenlijk ook helemaal niet en gaat verder op onderzoek uit. Hij opent een beerput en stuit op een mogelijk complot van Satanisten, mensenoffers en nog veel meer narigheid. Of heeft het meisje het hele verhaal uit haar duim gezogen..?

Regression

Angst als raadgever
Regression volgt de blauwdruk van tientallen voorgangers; occulte thrillers die spelen met de universele angst voor duivelaanbidders. De film opent zelfs met een tekst die refereert aan de massahysterie die in de jaren tachtig losbrak in de VS – na een aantal spraakmakende zaken kwamen er wekelijks verhalen bovendrijven over satanische cults die baby’s offerden, kleuters misbruikten en moordden dat het een lieve lust was.

Angst is meestal een slechte raadgever, en dat is hier niet anders. Kijk maar naar de wijze waarop Alejandro Amenabar zijn verhaal aan ons presenteert. De openingstekst is bedoeld om een duidelijk kader te schetsen, maar wat de regisseur eigenlijk doet is zijn grootste troef op tafel leggen. Door de kijker in de richting van de ongefundeerde massahysterie te sturen zegt hij al te veel over de manier waarop het verhaal van het meisje zal worden behandeld en hoe het verhaal zich zal ontvouwen. Dit komt de suspense alles behalve ten goede en zorgt ervoor dat de rest van het verhaal onherroepelijk afstevent op een onbevredigend einde.

Conventies versus clichés
Alejandro Amenabar maakte naam met intrigerende films als Abre Los Ojos (later ge-remaked als Vanilla Sky) en The Others, waarin hij mysterieuze premissen en inventieve scenario’s voorzag van een kenmerkende, beklemmende atmosfeer en zo duidelijk een authentieke handtekening presenteerde aan de filmwereld. Doodzonde dat hij voor Regression een wilde greep deed in de bak met clichés die films binnen dit genre zo vaak de das omdoen.

Regression

De acteurs kunnen daar ook niet blij mee zijn geweest. Zo krijgt Ethan Hawke als de pas gescheiden, cynische detective veel te weinig om mee te spelen. Het enige dat voor zijn personage pleit is zijn doorzettingsvermogen, maar dat is natuurlijk nooit genoeg. Het feit dat hij bijna uitsluitend cup-a-soup maaltijden eet in zijn uppie en een gebroken hart heeft doet daar niets aan af. Naast de vlakke personages zien we omgekeerde kruizen, klapperende deuren, creepy geestelijken – alles begeleid door een soundtrack die ons onomwonden duidelijk maakt dat we het eng moeten vinden. Originaliteit is ver te zoeken.

De grootste zonde wordt echter richting het einde van de film begaan. In een poging het publiek te verrassen worden zaken onthuld die niemand ooit had kunnen zien aankomen (want niet gepland of zelfs maar gesuggereerd), waardoor het een beetje aanvoelt alsof Amenabar zijn publiek in de maling neemt. Een beetje jammer allemaal.

 

9 november 2015

 
ALLE RECENSIES

Grote Zwaen, De

****

recensie  De grote Zwaen

Neo-noir op z’n Nederlands

door Ashar Medina

In zijn tweede speelfilm keert regisseur Max Porcelijn terug naar de schimmige Amsterdamse onderwereld die ook in zijn debuut Plan C de arena vormde voor een zwartkomisch relaas over eer, wraak, geld en hebzucht. Een wereld waarin goede bedoelingen ver te zoeken zijn, maar wie zit daar nou weer op te wachten?

Cabaretier en componist Peter van de Witte speelt in zijn eerste grote filmrol de geplaagde auteur Gerard F. Zwaen, een eerzuchtig mannetje met een onstilbare honger naar erkenning. En geld. Zwaens laatste boek is namelijk niet geweldig ontvangen en door zijn recente scheiding verkeert hij in geldnood. De groep gevestigde schrijvers waarmee hij van tijd tot tijd borrelt is voor hem tegelijkertijd een voorbeeld en een spiegel van zijn eigen falen.

Recensie De grote Zwaen

Zwaens uitgever (Rene van ’t Hof) houdt hem voor dat deze tegenslagen nieuwe mogelijkheden zullen voortbrengen, maar zelf is hij daar te cynisch voor. Zoals het een getormenteerde schrijver betaamt zwelgt hij in zelfmedelijden en voelt hij zich permanent onbegrepen. Wanneer Zwaen per toeval toegang krijgt tot een koffer vol drugsgeld lijken zijn zorgen te verdwijnen als sneeuw voor de zon. Maar het is natuurlijk alleen maar het startschot voor een reeks misdrijven en misverstanden die hem leiden naar de afgrond.

Coen-eske Cinema
Porcelijn is een begenadigd scenarioschrijver, getuige zijn Gouden Kalf uit 2012 voor het script van Plan C. Ook hier etaleert hij zijn talent voor gevatte dialogen en een scrupuleus in elkaar geweven plot dat nog maar eens aantoont dat misdaad (haast) nooit loont. Gebruikmakend van genre-elementen als een protagonist met een bedenkelijke moraal, een femme fatale, een koffer vol geld en een meedogenloze gangster (een geweldig schmierende Michiel Romeyn), creëert Porcelijn een sfeer die doet denken aan de gebroeders Coen. Met films als Fargo en Blood Simple combineerden zij deze klassieke film noir-elementen met modern nihilisme, waarbij cynische humor reflecteerde op personages die zichzelf tegen beter weten in voorhouden dat misdaad wél loont.

De grote Zwaen

Maar waar de Coens visueel ook altijd uitpakken om hun verhaal kracht bij te zetten, komt de cameravoering en montage in De grote Zwaen ietwat braafjes over. Het grootste deel van de scènes speelt zich binnenshuis af tussen twee of drie personen, waarbij de dialogen weliswaar een lust voor het oor zijn, maar de cinematografie te weinig prikkelt. Uitzondering hierop is een spannende sequentie in het bos, waarin Zwaen in de stortregen de dood in de ogen kijkt. Hier wordt optimaal gebruik gemaakt van de locatie door wijdere panorama’s te schetsen en de camera actief mee te laten zoeken tussen de bomen door. Hier wordt het Cinema.

Alleen Maar Nette Mensen?
De grote Zwaen zit vol markante personages met een al even kleurrijk vocabulaire. Het zijn figuren rechtstreeks uit een van de hard boiled pulpromans van Raymond Chandler, vandaar ook dat de film het etiket neo-noir dubbel en dwars verdient. Het is echter de vraag of hier in Nederland een publiek voor is.

Recensie De grote Zwaen

Wanneer Zwaen eenmaal besluit het geld te stelen krijgt hij bijvoorbeeld een corrupte FIOD-agent op zijn dak; die werkt voor de hasj dealende gangster aan wie het geld toebehoort. De FIOD-agent wordt op zijn beurt in de gaten gehouden door een koude, gevoelloze rechercheur die de hele operatie probeert op te rollen. Als we daar ook nog Zwaens ijskonijn van een ex-vrouw en zijn frauderende boekhouder bij optellen, blijft er weinig over om je mee te identificeren. Onsympathieke personages horen bij het genre, maar maken de film nou niet bepaald toegankelijk voor een groot publiek.

De grote Zwaen is daarom misschien niet voor iedereen, maar daar is niets mis mee. Plan C was ook alles behalve een kaskraker. Wel was de film origineel, grappig en spannend, wat het een van de beste Nederlandse producties van het afgelopen decennium maakte. De grote Zwaen past ook zeker in dat rijtje.

 

23 oktober 2015

 

 

ALLE RECENSIES

 

Black Mass

*****
recensie Black Mass
Meesterlijke biopic over criminele psychopaat

door Alfred Bos

De werkelijkheid is gekker dan je hem kunt verzinnen, blijkt uit het waar gebeurde en krankzinnige verhaal over een crimineel die door de FBI werd gebruikt als informant. Of gebruikte de crimineel de FBI?

De Amerikaanse cinema heeft een lange traditie van misdaadfilms waarin outlaws worden geportretteerd als vrije jongens die het toch maar flikken, helden dus. Van Scarface tot Public Enemies, de gesjochte vrijbuiter die zich buiten de maatschappelijke orde plaatst is een dubieus voorbeeld, ook al legt de boef het uiteindelijk af tegen de machtige arm van de wet. Met die dubbelhartige houding maakt regisseur Scott Cooper in zijn derde film Black Mass korte metten. Zijn portret van James ‘Whitey’ Bulger, een beroepscrimineel die tussen 1975 en 1995 de onderwereld van Boston domineerde, tekent een monster.

Black Mass

Bulger kon uitgroeien tot de machtigste crimineel van Boston dankzij een unieke omstandigheid. FBI-agent John Connolly, een jeugdvriend, gebruikte Bulger als informant in zijn strijd tegen de maffia en hield hem jaren uit de greep van het gezag. Bovendien was Bulgers jongere broer, Billy, senator voor de staat Massachusetts en de machtigste politicus van Boston. Die persoonlijke verstrengeling van politiek, justitie en criminaliteit heeft al een paar documentaires opgeleverd en er is er nog een biopic in de maak. Martin Scorsese baseerde zijn fictieve The Departed uit 2006  op het spectaculaire verhaal. Black Mass blijft dicht bij de feiten. Het maakt de film des te indringender.

Psychopatische griezel
Cooper vertelt het verhaal geserreerd, via getuigenverklaringen van Bulgers handlangers die als voice-over overlopen naar de handeling zelf. Slimme enscenering benut het ontwikkelen van de verhaallijn om de karakters van de twee Bulgers en hun jeugdvriend te tekenen, wat de vaart ten goede komt zonder het tempo op te jutten. Het geeft Johnny Depp, bijna onherkenbaar met kalende schedel, blauwe lenzen en brak gebit, de ruimte om Jimmy Bulger als psychopatische griezel neer te zetten in een van de beste rollen uit zijn loopbaan. Hij overtuigt door zijn ingetogen kilheid, waar Jack Nicholson (die hetzelfde personage vertolkte in The Departed) met exuberante tics van Bulger een killer clown maakte.

Black Mass

We zien Bulger als pseudo-huisvader, als zoon op bezoek bij zijn moeder, als broer met Billy Bulger (Benedict Cumberbatch), als quasi-buurtbeschermer, maar vooral als gewetenloze crimineel die de ‘alliantie’ met FBI-agent en jeugdvriend Connolly (Joel Edgerton) benut als vrijbrief om een crimineel imperium op te zetten. ‘Fuck protocol’, zegt de FBI-agent als hij tegen alle regels en gezond verstand in Bulger benadert. Black Mass toont hetzelfde universum als Andrew Dominiks Killing Them Softly van enkele jaren terug: Amerika is geen land, het is een bedrijf waarin loyaliteit belangrijker is dan de wet.

Sterke rolbezetting
Black Mass heeft een perfect tempo dat gestaag crescendo gaat. De eerste akte geeft achtergrond en tekent gedetailleerd de psychologie van de belangrijkste personages. Na de dood van zijn zoontje ontspoort Bulger definitief, uitgewerkt via een subplot over een mislukte poging om de gokwereld van Miami over te nemen. Als Bulgers moeder komt te overlijden is er geen houden meer aan en toont de psychopaat zich steeds nadrukkelijker, met als ‘hoogtepunt’ de scène waarin Bulger de vrouw van Connolly in haar slaapkamer met sinistere charme intimideert. De scène is subtiel opgezet, als drietrapsraket, en van een angstaanjagende beklemming.

Black Mass

Naast knappe hoofdrollen heeft Black Mass een aantal fraaie bijrollen, van onder meer Julianne Nicholson, Kevin Bacon, Peter Sarsgaard, Rory Cochrane en Corey Stoll. De sterke ensemblerolbezetting wordt op de geluidsband gecomplementeerd door de treffende maar ingetogen filmmuziek van Tom Holkenborg (ook bekend als Junkie XL), die zich lijkt te spiegelen aan Depps karakterisering van Bulger. Voor de toonzetting van het jaren zeventig-milieu tekenen nummers van Allman Brothers, Joe Walsh en Rolling Stones.

Scott Cooper overtuigde eerder met Crazy Heart (over een gefnuikte countryzanger, Oscar-winnend vertolkt door Jeff Bridges) en het arbeidersmisdaaddrama Out of the Furnace (met Christian Bale als onwillige wreker). Black Mass is met meesterhand geregisseerd, meer ingetogen en daarom des te overtuigender in vergelijking met Scorcese’s indertijd bejubelde The Departed. En na Sicario is het wederom een film waarin realisme het wint van glitter. Er lijkt iets te kantelen in filmland.

 

12 oktober 2015

 

MEER RECENSIES