She´s Funny That Way

***

recensie  She´s Funny That Way

Pretentieloos vermaak in nostalgische komedie

door Cor Oliemeulen

She´s Funny That Way biedt uitkomst in een tijd waarin de ene romantische komedie de andere overtreft in stompzinnige luiheid. Zie hier een originele klucht die de sfeer van weleer oproept. Lang niet zo ingenieus als Midnight in Paris, maar onderhoudend genoeg voor een regenachtige zondagmiddag of een zwoele zomeravond.

“I’ve got a man crazy for me. He’s funny that way”, zong Billy Holliday in een tijd waar puurheid het nog won van commercie. De hang naar nostalgie vinden we volop terug in de jongste film van Peter Bogdanovich, een Amerikaanse filmmaker die in de jaren ’70 klassiekers als The Last Picture Show en Paper Moon maakte en zo’n status verwierf dat hij de regie van The Godfather en Chinatown aan zich voorbij kon laten gaan. Na een handvol televisiefilms, een aflevering van The Sopranos en een documentaire over Tom Petty and the Heartbreakers keert de inmiddels 75-jarige Bogdanovich terug naar het witte doek met een kolderieke klucht die teruggrijpt naar het hoge tempo van de klassieke romantische komedies uit de jaren ’30, begeleid door een dito soundtrack, en slim genoeg vol zit met verwijzingen naar films van weleer.

Recensie She´s Funny That Way

Callgirl wordt actrice
She’s Funny That Way is een hilarisch praatfeestje waar het spelplezier regelmatig van het scherm spat. Owen Wilson speelt de bekende theaterregisseur Arnold Albertson, voor wie je sympathie blijft houden, zelfs als hij door de ene telefoon praat met zijn vrouw en kinderen en tegelijkertijd belt met een escortservice om een callgirl te bestellen. Even later ligt de bevallige Isabelle (Imogen Poots) in zijn hotelkamerbed en biedt Arnold haar 30.000 dollar zodat zij kan stoppen met de exploitatie van haar lichaam en kan gaan werken aan haar ambitie om actrice te worden. Alle gekkigheid begint als Isabelle zonder dat zij het weet een auditie doet voor het nieuwe stuk van Arnold en iedereen imponeert zodat zij wordt gekozen voor de hoofdrol, jawel: een callgirl.

Bogdanovich charterde zijn bevriende collega’s Wes Anderson (The Grand Budapest Hotel) en Noah Baumbach (Frances Ha) als executive producers zodat zijn film, die al vijftien jaar in zijn hoofd spookte, eindelijk van de grond kon komen en sterren als Owen Wilson (vaste acteur van Wes Anderson) en Jennifer Aniston (als bitchy psychiater) binnen boord konden worden gehaald. Opvallend genoeg bespeur je in She’s Funny That Way enkele handelsmerken van genoemde regisseurs: de droogabsurde situaties van Anderson en de relatieperikelen van Baumbach. Ook doet de film soms denken aan nostalgische vertellingen van Woody Allen, vooral omdat Bogdanovich’ komedie zich afspeelt in New York, wat wordt benadrukt door het vette Brooklyn-accent van de Engelse Imogen Poots.

Recensie She´s Funny That Way

Boordevol leuke rollen
Het verhaal stelt niet veel voor, maar de situaties en onderlinge confrontaties zijn kostelijk. Tegenwoordig zie je nog maar zelden romantische komedies die het niet hoeven te hebben van seksbanaliteiten, onderbroekenlol en clichés. Alleen al om die reden is She’s Funny That Way dik de moeite waard. Het is een onderhoudend, pretentieloos blijspel boordevol leuke rollen.

Naast Wilson, Poots en Aniston, maken we kennis met Rhys Ifans als de populaire sterspeler van het theaterstuk, Will Forte als scenarioschrijver die keihard valt voor de callgirl en Cybill Shepherd (sinds haar doorbraak in The Last Picture Show jarenlang de geliefde van Peter Bogdanovich) als haar bezorgde moeder. De cameo van Quentin Tarantino aan het eind valt jammerlijk uit de toon en bewijst hoe moeilijk het is om een geslaagde komedie in stijl af te ronden.

 

18 juli 2015

 
ALLE RECENSIES

One I Love, The

****

recensie  The One I Love

Je betere en slechtere wederhelft

door Suzan Groothuis

Debuut van de zoon van Malcolm McDowell waarin een relatiecrisis de spil vormt en leidt tot een surrealistische sci-fi comedy met een donker randje.

Het stel Ethan en Sophie verkeert in crisis. Hoe ze verliefd werden weten ze nog heel goed, maar de glans is van hun relatie af. Ofwel in Sophies woorden: “Happiness is something we have to re-create.” Maar zelfs het recreëren van mooie momenten geeft hun relatie niet de boost die zij nodig heeft.

Hun therapeut (een korte rol van Ted Danson) ziet maar één uitweg en dat is een weekend weg naar een idyllisch gelegen vakantiehuis. Een uitstapje dat hij eerder aangeraden heeft en vele stelletjes gered heeft van hun relatieproblemen.

Recensie The One I Love

Creatieve relatietherapie
Wanneer Ethan en Sophie er aankomen,  lijkt het verblijf te mooi om waar te zijn. Check die prachtige tuin en hip ingerichte woning met platenspeler! Tot hun verbazing is er ook nog een gastenverblijf, waar hun uitgedoofde romances weer opbloeien. Maar dan doen Ethan en Sophie een schokkende ontdekking, die hun romantisch bedoelde uitje op zijn kop zet.

The One I Love houdt midden tussen komedie, sciencefiction en thriller. De film bevat wat twists die je niet ziet aankomen. Debuterend regisseur Charlie McDowell (jawel, de zoon van!) en scenarioschrijver Justin Lader springen creatief om met de thematiek van een uitgebluste relatie. Wat als je partner twintig procent perfecter was? Zou dat dan tot een betere relatie leiden? Of zijn imperfecties nodig om een relatie spannend en gezond te houden?

Tijdens hun weekend weg worstelen Ethan en Sophie met het vraagstuk hoe ze hun relatie nieuw leven kunnen inblazen. Een fles wijn en wiet bieden tijdelijk uitkomst, maar wat echt pijn doet houden ze voor elkaar verborgen. Hoofdrolspelers Mark Duplass (tevens producent van de film en eerder te zien in de sci-fi comedy Safety Not Guaranteed) en Elisabeth Moss (Peggy uit de serie Mad Men), buiten de therapeut de enige twee karakters in de film, zijn goed op elkaar ingespeeld en geven hun moeizame relatie op natuurlijke wijze vorm: enerzijds zijn er de mooie herinneringen, liefde en humor, anderzijds de pijnpunten zoals vreemdgaan en niet voldoen aan elkaars verwachtingen.

Recensie The One I Love

Sci-Fi Virginia
Een “weird version of Who’s Afraid of Virginia Woolf?” noemt Ethan de vreemde situatie die zijn intrede doet tijdens hun weekendje weg. Een rake omschrijving van The One I Love, waarin herinneringen, fantasie en realiteit het beeld bepalen dat de een van de ander heeft. Gooi daar een sci-fi sausje overheen met een donker randje en je hebt een origineel, verfrissend debuut dat doet denken aan het werk van Charlie Kaufman (Adaptation., Being John Malkovich) en Michel Gondry (Eternal Sunshine of the Spotless Mind). Met de finale zal je wellicht met een andere blik naar je partner kijken. Want, zeg eens eerlijk, hoe goed ken je elkaar nou eigenlijk?

 

5 juli 2015

 
ALLE RECENSIES

Ruth & Alex

**

recensie  Ruth & Alex

Hoop drukte om niks

door Cor Oliemeulen

Diane Keaton en Morgan Freeman zijn fantastisch als ouder stel dat op het punt staat te verhuizen naar een luxer appartement.

De producers mochten hun handen stuk klappen toen ze een heus droomkoppel strikten voor hun film over een ouder echtpaar in New York dat na veertig jaar zijn appartement wil verkopen. Het real life weekend van Ruth en Alex is enerverend en weet door het goede spel van Diane Keaton en Morgan Freeman te onderhouden, maar vergeet ondertussen te vlammen.

Recensie Ruth & Alex

Gemengd huwelijk
Het komische drama Ruth & Alex (in de VS verschenen onder de titel 5 Flights Up) is gebaseerd op het succesvolle boek Heroic Measures van Jill Ciment. De schrijfster plaatste een Joods koppel in de Lower East Side, echter de filmmakers kozen voor een interraciaal koppel in Brooklyn. Toen Ruth en Alex daar veertig jaar geleden trouwden, was een gemengd huwelijk nog in dertig staten verboden. Het is bijzonder dat we in een speelfilm getuige zijn van een gemengd koppel dat zo’n lange tijd bij elkaar is. Voor het verhaal vormt de combinatie blanke vrouw / zwarte man overigens geen issue. Of het moet zijn dat Ruth en Alex door onbegrip en vooroordelen waarschijnlijk een nog sterkere band hebben gekregen.

Ruth is gepensioneerd lerares en Alex kunstschilder, die weinig werk wist te verkopen omdat hij altijd weigerde op de commerciële toer te gaan. Ze wonen sinds hun huwelijk oprecht gelukkig in een tweekamerappartement in een buurt die verjongt, terwijl zowel Ruth en Alex als hun woning een dagje ouder worden en een lift geen overbodige luxe is. Ruths ietwat hysterische nichtje Lily (Cynthia Nixon) heeft haar tante enthousiast gemaakt om hun appartement mogelijk voor een miljoen dollar te verkopen, zodat ze naar een geschikter onderkomen kunnen verhuizen. Alex is wat behoudender en begrijpt beter dat Lily makelaar is en er dus financieel wijzer van wil worden.

Recensie Ruth & Alex

Commotie
Echter de huizenprijzen dreigen acuut te gaan dalen, omdat de tv-stations terroristisch gevaar aankondigen. Bovendien wordt Dorothy, het hondje van Ruth en Alex, plotseling ziek. De drie door elkaar lopende plotlijnen leiden tot verwikkelingen en dialogen die soms doen denken aan Woody Allen’s jaren zeventig klassiekers Annie Hall en Manhattan, niet zonder toeval ook komische drama’s waarin Diane Keaton het best tot haar recht komt. Door alle commotie probeert Alex zijn gejaagde vrouw tevergeefs wat te kalmeren. Ruth: “I like to worry, it keeps me calm!”

De chemie tussen de twee hoofdrolspelers is perfect. Diane Keaton doet waar ze goed in is en Morgan Freeman geeft de meest fletse film nog kleur. Alle crisissituaties, opwinding en New Yorkse typetjes ten spijt, is het duo verstoken van een sprankelend scenario – ook de flashbacks met de jonge versies van Ruth en Alex voegen weinig wezenlijks toe – en de vereiste creativiteit van regisseur Richard Loncraine om Ruth & Alex aan de grijze middelmaat te kunnen onttrekken.

 

26 juni 2015

 
ALLE RECENSIES

Danny Collins

***

recensie  Danny Collins

Al Pacino als popster op leeftijd

door Alfred Bos

Maar goed dat er in 1971 nog geen e-mail was, anders was het bericht van John Lennon wél aangekomen. Nu heeft scenarist en debuterend regisseur Dan Fogelman een mooie aanleiding om Al Pacino te laten schitteren.

Popsterren op leeftijd, ze zijn al snel een karikatuur en derhalve een dankbaar onderwerp voor komische verwikkelingen. Altijd het middelpunt van de belangstelling, nooit gebrek aan bewondering of materieel gemak – het ego kan tot surrealistische omvang uitgroeien. Al Pacino speelt Danny Collins, in de jaren zeventig een gevierde zanger die veertig jaar later nog steeds met veel succes zijn danspasjes vertoont voor zalen vol nostalgisch zwelgende huisvrouwen. Hij is AOW-gerechtigd, maar gedraagt zich als een feestbeest.

Recensie Danny Collins

Wanneer Collins van zijn manager een bijzonder geschenk ontvangt, besluit hij zijn wilde haren te kammen. Veertig jaar eerder heeft hij, als veelbelovend groentje, zich in een interview laten ontvallen doodsbang te zijn voor het succes dat hem werd voorgeschoteld. Daarop heeft John Lennon hem een bemoedigende brief geschreven die nimmer bij Collins is besteld. Wanneer hij als stuk gefeeste zestiger de brief alsnog ontvangt, verschuift er iets in zijn ziel. Hij gaat zichzelf serieus nemen.

Lennon-soundtrack
Het uitgangspunt van de film is gebaseerd op een waar gebeurd voorval – de in Britse folk-kringen gevierde songschrijver Steve Stilton stond model – maar de verwikkelingen komen uit de pen van scenarist Dan Fogelman (onder meer Cars, Last Vegas  de tv-serie The Neighbors), die met Danny Collins  als regisseur debuteert. De Lennon-link wordt letterlijk uitgespeeld op de geluidsband, die bijna exclusief uit bekende nummers van de voormalige Beatle bestaat. De Lennon-liefhebber kan er zelfs een quizje mee spelen: welke track zou bij deze scène passen? Afkicken? Ah, Cold Turkey. Woedetoeval? Instant Karma.

Pacino speelt het popidool met de van hem bekende zwier en al zijn z’n danspasjes een tikje stram, het is bepaald geen straf om hem zien los te gaan als de gelooide branieponem met een menselijk hart. Het tegenwerk komt van Annette Bening, wier pantser als stugge manager van een provinciehotel langzaam wordt ontmanteld door het niet aflatende charmeoffensief van Collins. Het levert een aantal gevatte dialogen op.

Recensie Danny Collins

Meesteracteur
Collins verkeert quasi-anoniem in de provincie om de scherven van zijn leven te lijmen en de belangrijkste scherf is de ooit in een dronken moment verwekte zoon die hij nimmer heeft gezien, gespeeld door Bobby Cannavale. Buiten de voor de hand liggende verlatingsissues speelt er een gezondheidsprobleem. Dat resulteert in een magnifieke slotscène waarin de afwezige vader en de afgewezen zoon tot elkaar komen. Het is zo’n moment waarop de klasse van de meesteracteur Pacino bijna achteloos over het scherm dwarrelt.

Danny Collins is een feelgoodfilm à la The Best Exotic Marigold Hotel, gericht op vijftigplussers maar charmant genoeg om ook jongere generaties te behagen. De bonus is natuurlijk Pacino, die zijn personage qua muziekstijl en podiumverschijning op Neil Diamond (op de grens van pop en ‘middle of the road’) lijkt te hebben gemodelleerd. Zie hem glimlachen in het portret op de toerbus, groter dan het leven zelf. Wie kan daar koud onder blijven?

 

22 juni 2015

 

 

ALLE RECENSIES

 

Blade Runner: The Final Cut

*****
recensie Blade Runner: The Final Cut
Ridley Scotts (en Rutger Hauers) meesterwerk opnieuw uit

door Alfred Bos

Vergeet Ex Machina, dit is de beste robotfilm ooit gemaakt. Regisseur Ridley Scott, ontevreden met de oorspronkelijke release, is blijven sleutelen aan Blade Runner. De definitieve versie, in 2007 op dvd verschenen, is nu op het grote scherm te zien.

Toen Blade Runner in het najaar van 1982 in de bioscoop verscheen, waren de reacties aanvankelijk lauw. Het publiek kreeg geen zenuw vretend vervolg op Alien, Ridley Scotts onverwachte succesfilm en horrorklassieker van drie jaar daarvoor, maar een claustrofobische film noir-thriller met filosofische trekjes. De dames en heren der filmkritiek hadden nauwelijks benul van de toekomstfantasieën van sciencefiction-auteur Philip K. Dick (Philip wie?) en reageerden veelal neerbuigend.

Recensie Blade Runner: The Final Cut

Maar Blade Runner bleek een visionaire film, gemaakt naar niet eens het beste boek van een visionair auteur. Drie decennia na zijn overlijden in 1982, nog voor de eerste film naar één van zijn boeken uitkwam, is Philip K. Dick uitgegeven in de prestigieuze Library of America-reeks en wordt de verfilming van Ridley Scott alom gewaardeerd als een van de beste sciencefictionfilms ooit gemaakt. Dick en Scott liepen voor de troepen uit, laten we het daar op houden. Blade Runner blijft verbazen, het is een ongekend rijke film, gelaagd en vol subtiele details. Het is de gedetailleerde textuur waardoor de film na dik drie decennia nog steeds visueel imponeert.

Verloederde neonnachtmerrie
Wat maakt Blade Runner tot zo’n fascinerende film? Allereerst de setting: Los Angeles in 2019, een verloederde neonnachtmerrie waarin de zon nimmer schijnt en het altijd regent. Het grootkapitaal regeert en de biowetenschap produceert synthetische mensen en dieren; het straatleven is een multiculti-mierenhoop, met Aziatisch accent. Het was in 1982 de eerste maal dat wat we sindsdien zijn gaan kennen als cyberpunk op het witte doek werd verbeeld en veel daarvan komt inmiddels vertrouwd voor. Dat is mede te danken aan de vormgeving, geïnspireerd door het Franse stripmagazine Métal Hurlant en stertekenaar Moebius, want de paranoïde dystopie van Blade Runner is sindsdien de standaard-setting van elke ‘serieuze’ SF-film, van Brazil tot The Matrix.

Blade Runner oogt verpletterend realistisch en dat is des te opmerkelijker voor een film uit het pre-computertijdperk. Regisseur Scott huurde voor de bijzondere effecten onder meer Douglas Trumbull in, verantwoordelijk voor het spectaculaire aanzien van Stanley Kubricks 2001: A Space Odyssey. Dan is er het thema: synthetische mensen oftewel robotten, anno 2015 hipper en hotter dan ooit. Auteur Dick en filmer Scott weven hun verhaal over de politieman Rick Deckard, die jaagt op replicanten (kunstmensen), rond de vraag: wat betekent het om mens te zijn? Het tilt de film ver boven een geslaagde genre-oefening uit.

Blade Runner: The Final Cut

Loopbaanpiek
En dan zijn er de acteurs. Voor Harrison Ford is zijn rol van de cynische, maar feilbare robotjager Deckard wellicht een carrièrehoogtepunt en Rutger Hauer werd een cultheld dankzij zijn intense vertolking van de poëtische psychopaat Roy Batty, zonder twijfel de beste rol uit zijn loopbaan. Zijn sterfscène – het idee met de duif komt van hem – verdient het epitheton briljant en doet ook na tien keer kijken de rillingen langs de ruggengraat lopen. Actrice Sean Young, die de ‘stille’ replicant Rachael speelt, heeft een respectabele portfolio maar speelde nimmer meer in films van deze statuur. Voor Darryl Hannah was haar rol van replicant Priss de doorbraak; twee jaar later vertolkte ze een zeemeermin en dat was dat. Blade Runner was voor alle betrokkenen een loopbaanpiek.

Ridley Scott was niet tevreden met de versie die in 1982 in roulatie ging, want: verminkt door de producenten, onder meer door een onbenullige voice-over, en heeft herhaaldelijk aan de rolprent zitten sleutelen. In 2007 verscheen de 5dvd-box Blade Runner: The Final Cut, met maar liefst vijf onderling verschillende versies van de film, waaronder de door Scott zelf als definitief gewaardeerde Final Cut. Die versie is nu, zij het in een beperkt aantal theaters, ook op het grote doek te zien – en de film blijkt niets van zijn impact te hebben verloren. Sterker, de wereld blijkt stilaan meer en meer op de toekomstvisioenen van Philip K. Dick te zijn gaan lijken. Het maakt Blade Runner des te krachtiger.

 

15 juni 2015

 

Age of Adaline, The

**

recensie The Age of Adaline
Ontsnappen aan onsterfelijkheid

door Suzan Groothuis

Na een auto-ongeluk blijft Adaline Bowman 29 jaar oud. Terwijl de tijd als een geschiedenisles vervliegt, brengt zij haar dagen eenzaam door. Tot de liefde op haar pad komt…

Een mannelijke voice-over introduceert het leven van Adaline Bowman (Blake Lively, bekend uit de serie Gossip Girl), geboren in 1908 en gezegend met een serene schoonheid en hoge intelligentie. Wanneer haar man na een incident om het leven komt, blijft Adaline achter met haar dochter Flemming. Maar het lot beslist dat Adaline na een auto-ongeluk, waarbij zij tijdens een storm door de bliksem geraakt wordt, voor eeuwig 29 jaar jong blijft. Terwijl de jaren verstrijken blijft zij haar jonge uiterlijk houden, wat argwaan wekt bij de FBI. Om zichzelf en haar dochter te beschermen besluit Adaline om de tien jaar een andere identiteit aan te nemen en haar heil elders te zoeken.

Recensie The Age of Adaline

En zo belanden we in het heden en is Adaline al flink wat jaartjes verder. In de identiteit van Jennifer Larson leidt ze een teruggetrokken leven in San Francisco. Voor de buitenwereld is ze een aantrekkelijke, gesloten jonge vrouw. Haar thuis verraadt subtiel haar werkelijke zijn: relikwieën als een oude typemachine sieren het huis en fotoalbums tonen het verloop van de jaren. Dochter Flemming is inmiddels bejaard en hondje Reese blijkt de zoveelste generatie die rondsnuffelt in huize Bowman.

Niet meer alleen
Op een oudejaarsavond krijgt het leven van Adaline een andere wending. Ze ontmoet Ellis (Michiel Huisman), een romantische filantroop die haar al snel weet te beroeren. Maar hoe kan Adaline toegeven aan een liefde, terwijl ze een leven van ontsnapping leidt?

Op die vraag bouwt The Age of Adaline voort. Terwijl haar gevoelens voor Ellis toenemen, zegt haar verstand dat ze hem moet laten gaan. De enige met wie Adaline haar verwarring kan bespreken is Flemming (Ellen Burstyn), die haar aanspoort niet langer een eenzaam leven te leiden (“You don’t have to be alone forever” ).

The Age of Adaline, van de hand van de jonge regisseur Lee Toland Krieger, doet in meerdere opzichten denken aan David Fincher’s The Curious Case of Benjamin Button (hierin wordt het titelpersonage steeds jonger). Een verhalende voice-over, niet vanzelfsprekend ouder worden en een liefde die daardoor onmogelijk is. De film is, net als in The Curious Case, dramatisch opgezet met verwijzingen naar de geschiedenis van de twintigste eeuw. Overigens doet Krieger dat met een minder groot gebaar: dat Adaline bijna de gehele twintigste eeuw heeft meegemaakt maakt zij duidelijk in een potje Trivial Pursuit.

Recensie The Age of Adaline

Kuise Huisman
De film is prachtig geschoten, maar stelt op inhoudelijk vlak teleur. Waar Blake Lively’s tijdloze schoonheid, decors en kostuums overtuigen, is het scenario zwak en voorspelbaar. Zoete en bedachte dialogen (Ellis: “Years, lovers and glasses of wine. These are things that should never be counted.” Adaline: “ You have no idea” ), voorziene plotwendingen en de onwaarschijnlijkheid van leven, dood en de krachten der natuur maken van The Age of Adaline  een misbaar sprookje. Daarbij ontbreekt de chemie die Brad Pitt en Cate Blanchett in The Curious Case of Benjamin Button wel hadden.  Lively’s spel is ondanks Adaline’s grondige verlangen lief te hebben en een normaal leven te leiden vlak; Huisman is de grote romanticus die vastbijt en niet meer loslaat. De scène dat de twee elkaar voor het eerst ontmoeten maakt opzichtig duidelijk dat ze voorbestemd zijn voor elkaar.

Om er nog wat spanning in te mengen volgt de introductie van de vader van Ellis (Harrison Ford), met wie Adaline een verleden deelt. Maar het clichématige verloop ziet de kijker al van verre aankomen. Ook Anna Kendrick (Pitch Perfect) zal teleurgesteld zijn: haar ‘hunk’ Michiel Huisman (momenteel ook te bewonderen in het vijfde seizoen van Game of Thrones) paradeert ondanks haar verzoek op Twitter om meer mannelijk naakt – “Madonna kissed Drake, Hilary’s running for president, but HBO STILL hasn’t shown this dude’s dick??”  – in The Age of Adaline slechts in ontbloot bovenlijf rond.

15 juni 2015

ALLE RECENSIES
 

Spy

****

recensie  Spy

XXL Karateheldin

door Alfred Bos

Van Sofia, via Parijs en Rome, naar Budapest en het Ballatonmeer, Spy is de ideale familiefilm: een parodie op James Bond, met net genoeg spanning om voor thriller door te kunnen gaan. En Jason Statham blijkt een komisch talent, vooral in vermomming.

Genrefilms zijn een dankbaar doel om te parodiëren en weinig genres geschikter voor kolderieke quatsch en snaakse slapstick dan de spionagethriller. Spy houdt, heel slim, het midden tussen kolder en actie, en moduleert voortdurend tussen adrenaline-stimulerende sensatie en de bevrijdende lach. Als kers op de taart is er de ontdekking van Jason Statham als komediant.

Recensie Spy

In Spy werken regisseur Paul Feig (bekend van tv-series met een satirische inslag als Nurse Jackie en The Office; hij heeft een remake van Ghostbusters in voorbereiding) en de van origine stand-up comédienne Melissa McCarthy opnieuw samen. Twee jaar geleden maakten ze The Heat, waarin McCarthy als FBI-agente met veel absurdistische omhaal een drugsbaron uitschakelt. Ditmaal is de tonronde actrice een CIA-agent die haar bureaubaan verruilt voor de rol van infiltrant in een internationaal crimineel netwerk dat een atoomwapen wil verhandelen.

Verrassende aangever
Deze keer tekende regisseur Feig ook voor het draaiboek en Spy balanceert vakkundig op het koord dat parodie en ‘the real thing’ van elkaar scheidt. Met de tegenwoordig voor het James Bond-genre verplichte hoppen tussen fotogenieke locaties, doorgaans Europese hoofdsteden met historische allure en kosmopolitische flair, volgt de film de blauwdruk van de actiethriller. Doch die hebben doorgaans geen obese vrouw als vuilbekkende en taekwondoënde protagonist.

Dat is normaliter de rol van Jason Statham, maar die speelt hier een persiflage  – lees, een intensivering – van zijn standaardpersonage: een over de top strak staande vechtjas die, al dan niet in hilarische vermomming, McCarthy uit benarde situaties redt. Statham blijkt de ideale aangever en het verrassende contrapunt bij McCarthy’s tikje ordinaire humor, die alleen overkomt omdat die uit de mond van een vrouw rolt. Hij heeft ook de laatste grap van de film. En let op de aftiteling voor meer grollen.

Recensie Spy

Franchise in wording
Spy werkt omdat we zijn model, de actiethriller à la Bond, Bourne en Bryan Mills (Taken), zo goed kennen. We zijn vertrouwd met de paranoïde plot waarin het verraad driedubbelgelaagd is, de verwikkelingen als Twitter-berichten over elkaar heen tuimelen en de handeling die over de wereldkaart verspringt als was het popcorn op de bakplaat. Plak er een aantal sterren in – Jude Law als de gesoigneerde spion, Bobby Cannavale als de decadente schurk, 50 Cents als zichzelf – en voeg enkele stereotype bijrollen toe (de Italiaanse vrouwengek: Peter Serafinowicz; de Britse muurbloem: Miranda Hart) voor het effect. Vervolgens niet te hard schudden, want het schuimt al uit zichzelf.

De film houdt knap het midden tussen The Naked Gun-trilogie en de reeks Mission Impossible-films, en doet in zijn kluchtige uitvergroting van genreclichés denken aan het verfilmde stripboek Red. Hé, allemaal franchises, of minstens succesfilms met een vervolg. In Amerika is Spy al met veel jubel ontvangen, dus let op: dit wordt een franchise voor dikke dames plus actiehelden op leeftijd. Expendables meets Charlie’s Angels, maar dan XXL.

 

2 juni 2015

 
ALLE RECENSIES

Citizenfour

****

recensie  Citizenfour

Het einde van privacy

door George Vermij

Het verhaal rond Edward Snowden was natuurlijk al wereldnieuws, maar Laura Poitras’ terugblik Citizenfour blijft een essentieel en intrigerend document. Zij filmde de eerste ontmoeting tussen journalisten met de beruchte klokkenluider en de reactie van media en overheden op zijn schokkende onthullingen.

De film opent met berichten tussen Poitras en de mysterieuze informant Citizenfour die werkt binnen het netwerk van de Amerikaanse inlichtingendiensten. De communicatie verloopt in het geheim en door middel van beveiligde berichten wegens de grote risico’s als hij betrapt wordt. Hij heeft schokkende informatie over de onwettige spionagepraktijken van de National Security Agency (NSA) die hun grip op het verkrijgen van data aan het vergroten zijn.

Recensie Citizenfour

Citizenfours keuze om contact met Poitras te zoeken komt voort uit haar unieke positie. Tijdens eerdere opnames voor een documentaireserie over de oorlog in Irak werd zij al snel op een watchlist gezet door de geheime dienst. Samen met journalisten Glenn Greenwald en Ewen MacAskill probeert zij vervolgens een ontmoeting te regelen met de klokkenluider die de grootschalige surveillance -projecten openbaar wil maken.

Stilte voor de storm
Ze ontmoeten hem in een hotelkamer in Hong Kong waar hij zijn identiteit ook prijsgeeft. Edward Snowden praat vervolgens beheerst over zijn werk en de nieuwe verstrekkende methodes die door inlichtingendiensten worden gebruikt om aan informatie te komen. Grote telecombedrijven vormen een deel van het complot en stellen, zonder gebruikers te informeren, al hun communicatieverkeer bloot.

Poitras wisselt de momenten met Snowden af met andere sprekers die het probleem van privacyschending door de Amerikaanse overheid aankaarten. Ook hanteert ze segmenten met verraderlijke serene statische shots. Zo zien we de bouw van een grootschalige elektronische spionagefaciliteit van de NSA en filmt ze een bedrieglijk pittoreske plek aan de Britse kust waar al het internetverkeer in Engeland wordt onderschept. De beelden hebben een stilte-voor-de-storm dreiging en contrasteren met de soms niet te bevatten schaal van de spionagepraktijken van de Britse en Amerikaanse overheid die opeens in de openbaarheid komen.

Recensie Citizenfour

Ongeloofwaardige samenzweringsthriller 
Dat sommige critici Citizenfour vergelijken met een thriller is niet vreemd. Die prangende vergelijking toont echter aan hoe onze werkelijkheid is gaan lijken op een slechte en ongeloofwaardige samenzweringsthriller. Neem de sinistere benamingen van de afluister- en datamining-projecten: PRISM, Stellar Wind of Tempora. Zijn het niet namen die je verwacht in een matige Bondfilm? Een arrogante en paternalistische paranoia lijkt voor overheden genoeg te zijn om basale burgerrechten te negeren of te ondermijnen in naam van veiligheid.

En dan is er nog een prachtig shot tegen het einde van de film dat toont wat er wordt opgegeven als wij het zo ver laten gaan. Poitras filmt van een afstand het appartement waar Snowden in Moskou verblijft, terwijl er een arrestatiebevel tegen hem is uitgevaardigd wegens spionage. Zijn vriendin is na veel bureaucratische rompslomp overgekomen om bij hem te zijn. Je ziet ze door het raam in hun keuken een maaltijd voorbereiden. Een scène van huiselijke intimiteit totdat je beseft dat hun levens nooit meer hetzelfde zullen zijn en dat dat eigenlijk voor iedereen geldt. Ons kwetsbare privéleven zal in de toekomst alleen maar meer onder druk komen te staan van verborgen krachten die je vóór het zien van deze docu niet voor mogelijk zou hebben gehouden.

 

24 mei 2015

 
ALLE RECENSIES
 

Good Kill

***

recensie  Good Kill

De gamer als God

door Cor Oliemeulen

De Nieuw-Zeelandse cineast, scenarist en producer Andrew Niccol is geen vrolijke frans. Zijn visie op de toekomst van de mens is in sommige gevallen al werkelijkheid. Good Kill gaat over de gewetensnood van een militair die met een drone meer dan enkel terroristen moet doden.

Niccol werd bekend met het tragische verhaal over een verzekeringsman (Jim Carrey) die in The Truman Show (1998) ontdekt dat zijn hele wereld is geconstrueerd ten faveure van een live tv-serie. De eerste film die Niccol regisseerde was Gattaca (1997) waarin hij de gevaren van genetische manipulatie aan de orde stelt, gevolgd door S1m0ne (2002) waarin een producer (Al Pacino) met de creatie van een digitale droomvrouw zijn publiek een lesje leert. In Time (2011) dwingt de kijker te reflecteren over de obsessie van eeuwige jeugd.

Recensie Good Kill

Videogame
Films met een wat afstandelijke toon, zodat de thema’s nog meer tot nadenken kunnen stemmen. Good Kill vormt hierop geen uitzondering, zij het dat de gebeurtenissen van Niccols pas zesde speelfilm reeds realiteit zijn: het inzetten van drones voor militaire doeleinden. In Amerika’s War on Terror is het doden van terroristen op afstand het jongste geavanceerde wapen om eigen verliezen te voorkomen. Duizenden kilometers verder kan de gemiddelde videogamer met slechts een joystick en een HD-scherm beschikken over leven en dood.

Hoeveel lastiger een militaire sluipschutter het heeft, bewijst Clint Eastwood met het recente American Sniper. Iemand doodschieten zonder dat je slachtoffer je ziet, is misschien even geniepig. Echter waar de scherpschutter soms moet vrezen voor zijn eigen leven, kan de drone-operator in een beveiligde container net buiten Las Vegas met twee vingers in de neus een terroristenkonvooi opblazen. In tegenstelling tot American Sniper, dat vooral een portret van de legendarische scherpschutter Chris Kyle biedt, is Good Kill  minder patriottistisch en slaat de balans in het drama van Niccol meer door in het voordeel van humanisme ten opzichte van vaderlandsliefde.

Laf
Waar Chris Kyle in American Sniper  (Bradley Cooper) de voortdurende drang heeft terug te keren naar het oorlogsgebied, komt drone-operator Tom Egan (Ethan Hawke) steeds meer in gewetensnood. Zeker nadat hij van een CIA-agent via de telefoon opdrachten krijgt (vermeende) terroristen te bestoken, ook al vallen daarbij onschuldige omstanders, vrouwen en kinderen. Veel liever was hij straaljagerpiloot boven Afghanistan gebleven en had hij voor zijn gevoel minder laf en met meer voldoening de vijand aan kunnen vallen. Liever dat dan elke dag na het werk gewoon naar huis en gezin te kunnen.

Ethan Hawke vertolkt de morele strijd beheerst en ingetogen. January Jones speelt zijn vrouw Molly die langzaam de bui ziet hangen, vooral door het overmatige drankgebruik en de geestelijke afwezigheid van manlief. Tom’s aangewakkerde paranoia wordt mooi versterkt door de luchtopnames van de rustieke wijk waarin zijn gezin woont. Je vraagt je af hoe deze welgestelde Amerikaanse burgers zich zelf zouden voelen bij een aanhoudende doodsdreiging van een onzichtbare vijand van boven.

Recensie Good Kill

Statement
Good Kill is een belangrijk tijdsdocument dat de hersenen en het hart pijnigt. Drones blijken weliswaar nuttig als surveillancemiddel dat voorkomt dat grondtroepen extra gevaar lopen, echter de beschietingen met deze onbemande vliegtuigjes zijn zo talrijk en resoluut dat het lijkt alsof er een nieuwe almachtige is verrezen. “Als wij stoppen met doden, wil dat niet zeggen dat zij dat ook doen”, rechtvaardigt de legermajoor de verwoestende acties, zoals de bom op een rouwende menigte op een begraafplaats omdat zich daar een terroristenleider zou bevinden.

Wel een beetje jammer dat Good Kill niet alleen qua kilometers op afstand blijft. De meeste situaties en personages zijn stereotiep neergezet (de onbegrijpende echtgenote, de kortzichtige patriot, etc…) en er is nauwelijks plaats voor karakterontwikkeling. Bovendien had Andrew Niccol de ethische kant van deze steriele oorlogsvoering meer kunnen benadrukken door een keihard statement te maken: Weg met dat tuig!  Orders mogen dan orders zijn, maar wat minder volgzaamheid en meer opstandigheid had een krachtiger effect gesorteerd.

 

22 mei 2015

 
ALLE RECENSIES
 

Difret

***

recensie  Difret

Koppige volharding

door Suzan Groothuis

Dat de ontvoering van een bruid niet zonder gruwelen en gevaren gaat, toont het Ethiopische Difret. Helaas verzandt de film al snel in een voorspelbaar rechtbankdrama, waarin een cruciale rol voor de heroïsche vrouwelijke hoofdpersonen is weggelegd.

In Difret volgen we het wel en wee van de 14-jarige Hirut, die op weg van school naar huis wordt ontvoerd door een bende landarbeiders. Haar ontvoering maakt deel uit van een oude traditie onder bepaalde stammen in Ethiopië om een huwelijk te bezegelen. En gaat er bruut aan toe, inclusief een meedogenloze (uit beeld gefilmde) verkrachting. Maar Hirut weet te ontsnappen met een geweer en doodt daarbij haar belager. Wanneer de politie haar oppakt lijken Hiruts kansen uitzichtloos: de doodstraf hangt haar boven het hoofd. Mensenrechtenadvocaat Meaza Ashefani besluit Hirut te verdedigen en is vastbesloten de zaak te winnen.

Recensie Difret

Moeizame rechtszaak
Het proces dat volgt verloopt echter moeizaam: de autoriteiten werken op alle mogelijke manieren tegen. Daarbij vechten ook de familieleden onderling hun vete uit. Regisseur Zeresenay Berhane Mehari toont diverse kanten en belangen en geeft daarmee inzage in hoe er tegen een complexe casus als bruidontvoering aangekeken wordt. Hij plaatst de patriarchale boerengemeenschap met haar oude tradities tegenover de modernisering van de samenleving. Zo is er een scène waarin de families onderling tot een uitspraak komen, terwijl ze nog in afwachting zijn van de rechterlijke beslissing.

Naarmate de film vordert is er een steeds grotere rol weggelegd voor de vrouwelijke hoofdpersonen. Er ontstaat een band tussen de koppige Hirut en de strijdbare Meaza – zij herkennen zich in elkaars drang naar onafhankelijkheid. Zo geeft Meaza in een openhartige scène aan dat zij zichzelf terugziet in de jonge Hirut. Ondertussen verloopt de rechtszaak niet zonder problemen en moeten de twee opboksen tegen vijandigheid vanuit de plaatselijke autoriteiten en de mannelijke bevolking van het platteland.

Recensie Difret

Vechten voor verandering
Difret, gebaseerd op een waargebeurd verhaal, volgt netjes de lijntjes van een rechtbankdrama: er zijn de nodige emotie, onrecht en volharding. Degelijk gemaakt, maar niet spannend of verrassend. Een scène waarin Hirut door Meaza naar haar ouders gebracht wordt, terwijl de plaatselijke bevolking op wraak zint, had zelfs beter buiten beschouwing gelaten kunnen worden. De spanning ligt er te dik bovenop en werkt daardoor niet – nodeloos gevaar opzoeken is immers niet handig.

Op inhoudelijk vlak voelt de film didactisch aan: hij zadelt de kijker op met droge feitjes en uitleg over de gebruiken in Ethiopië. Wat wel werkt is de realistische strijdbaarheid van de twee heroïsche vrouwelijke hoofdpersonen.

Vlak voor de wereldpremière van Difret werd bekend dat Angelina Jolie aangetrokken is als executive producer. Zij noemt de film “a strong moment of art in Ethiopia” en haalt Difret aan als een voorbeeld voor andere landen, waar bescherming van de wet nog geen vanzelfsprekendheid is. Dat het recht van de vrouw uiteindelijk zegeviert, is dan ook niet verwonderlijk.

 

18 mei 2015

 

 

ALLE RECENSIES