Nocturama

**

recensie Nocturama

Leeg radicalisme

door Suzan Groothuis

Een groep jongeren uit alle lagen van de Franse bevolking plant een reeks bomaanslagen in Parijs. Om daarna weer samen te komen in een luxe warenhuis en zich over te geven aan consumptie, verveling en uiteindelijk angst. De film opent sterk, maar verzandt in een soort terroristische The Bling Ring.

Nocturama, van de hand van de Franse regisseur Bertrand Bonello (hij maakte eerder Saint Laurent, over het leven van Yves Saint Laurent in zijn hoogtijdagen) opent met een helikoptershot over Parijs. Om zich vervolgens in de donkere metro te begeven, waar we – in guerrilla-stijl geschoten – verschillende jongeren volgen met eindbestemming Esplanade de La Défense, de belangrijkste zakenwijk in Parijs. Wat de jongeren gemeen hebben met elkaar is nog onduidelijk, maar een dreigende spanning is voelbaar. Schichtig kijken ze om zich heen, terwijl de klok tikt en haast geboden is.

Nocturama

Parijs in vlammen
Uit alle lagen van de Franse bevolking komen ze, de jongeren waar het in Nocturama om draait. Van straatschoffies tot veelbelovend jong talent in pak. En allemaal hebben ze een doel: de één boekt een hotelkamer, de ander plaatst bommen in auto’s en een jonge student met een ambitieuze carrière in het vooruitzicht brengt een bezoekje aan het ministerie van Binnenlandse Zaken. Ze werken samen om de boel eens flink op te schudden. Parijs zal branden. En hoe.

Na alle zorgvuldig beraamde voorbereidingen verschuilen de jongeren zich in een luxe warenhuis. En die samenkomst, in die consumptierijke omgeving, is waar de film zijn afdaling tegemoet gaat.

Zonde, want het eerste uur is heerlijk om naar te kijken. Al vanaf het begin voel je een gejaagde, unheimische spanning. Af en toe schiet de tijd in beeld. Een indicatie dat er iets komen gaat, alleen weet je nog niet wat. En wanneer duidelijk is dat het gaat om een terroristische actie, is het nog de vraag wie er wel en niet betrokken zijn. “We gaan op in de massa” zegt één van hen. En dan blijkt het netwerk van jonge terroristen groter dan gedacht: van straatschorem tot beveiliger.

Lege provocatie
Nadat de bommen ontstoken zijn en Parijs in rep en roer is, focust de filmmaker zich op hun verschuiling in een modern warenhuis, waar dure merken schreeuwen. En hier ontaardt de film in een soort The Bling Ring: het comfort van luxe en de jacht op consumptie. In plaats van motieven van de daders uit te diepen, of in te gaan op hun achtergronden, zien we hoe de jongeren toegeven aan verveling en roekeloosheid. Van het checken van posts op Facebook tot het passen van dure kleding en het spelen van de nieuwste games. Zelfs een uitbundige vertolking in drag van Shirley Bassey’s ‘My Way’ komt voorbij.

Natuurlijk kan je het warenhuis zien als aanklacht tegen de consumptiemaatschappij; de jonge terroristen hebben het niet voor niets als schuilplaats gekozen. Maar alles gaat met zo’n overdaad, dat je als kijker alleen nog maar leegte en afstand voelt. Zijdelings komen onderwerpen als opoffering en het Paradijs voorbij. Meer aandacht is er voor het leegplunderen van de delicatessenafdeling, het vinden van het juiste setje kleding (“Wil je een trouwjurk? Neem maar”) en het keihard draaien van muziek uit de nieuwste Bose-speakers. Op Blondies ‘Call Me’ gaan de voetjes van de vloer, terwijl de gendarmerie zich klaarmaakt om het pand te bestormen.

Uiteindelijk wint de angst voor wat komen gaat – gepakt worden, of de dood – het van verveling en impulsen. Voor de kijker maakt dat al niet meer uit. Binding met de jonge hoofdrolspelers is er niet. Leegheid des te meer. Bonello mag dan inspelen op de actualiteit, zijn bomaanslagen voelen aan als een hol protest. Een provocatie waarvan je als kijker na afloop alleen maar kan denken: c’est fini.
 

17 juli 2017

 
MEER RECENSIES

Neruda

****

recensie Neruda

Buiten de hokjes dichten

door Wim Meijer

De Chileense dichter en politicus Pablo Neruda – zijn eigenlijke naam: Ricardo Eliécer Neftalí Reyes Basoalto – was een opmerkelijke man. Een net zo opmerkelijke film is Neruda, zorgvuldig neergepend door de zeer capabele regisseur Pablo Larraín.

De Chileense meester Pablo Larraín is terug met wederom een politieke film, na NO – ook met Gael García Bernal in de hoofdrol. NO is een originele film met een komische draai aan het woelige Chileense verleden onder de dictatuur. De toenmalige gruwelen vertoonde hij nauwelijks. In plaats daarvan richtte hij zich op de persoonlijke strijd van actievoerders die tegen de regering streden.

Neruda

Kat-en-muisspel
In Neruda kiest Larraín een gelijksoortige aanpak. De film is geen biopic, maar een met dichterlijke vrijheid gemaakte karakterstudie van een immens populair dichter en politicus. Althans, bij het volk, zoals de film op vaak grappige wijze toont. Minder populair is de lijvige dichter bij de regering, die hem opjaagt. García Bernal vertolkt rechercheur Oscar Peluchonneau, een patriot aangesteld door president Videla (huisacteur Alfredo Castro) zelf. Hij achtervolgt Pablo Neruda (Luis Gnecco, ook te zien in NO), omdat hij zich bij de communisten heeft gevoegd en kritiek heeft op de president.

Een kat-en-muisspel volgt, waarbij de dichter het tempo bepaalt. Rechercheur Peluchonneau zet driehonderd agenten op de zaak, maar is steeds een stap te laat. Een van de redenen is de immense populariteit van Neruda, die zich constant geholpen weet door het volk. Het maakt hem arrogant, hij waant zich onsterfelijk. Hij laat een spoor van kruimels na: een politieroman op elke plek waar hij is geweest. Spanning gegarandeerd, natuurlijk.

Neruda

Mystieke waas
Neruda valt op door haar originele plot en fantastisch acteerwerk. Er hangt een mystieke waas rondom de dichter, gevoed door zijn antagonist en diens voice-over. Pablo is een icoon, zelfverzekerd, pragmatisch, maar ook roekeloos en onhandelbaar. Gnecco levert een geweldige rol af en grijpt de aandacht met zijn omvang en acteerkunsten. Peluchonneau is alles wat Neruda niet is, onzeker, ongeliefd, angstig, maar ook doortastend tot het bittere eind. García Bernal toont wederom zijn waarde en bewijst nogmaals dat hij elke rol aan kan.

De regering begint een lastercampagne, die regelrecht faalt. Communist of niet, de gedichten van Neruda leven onder de bevolking en geeft haar hoop in bange tijden. Terwijl Videla en Pinochet een schrikbewind voeren, leest de bevolking Neruda’s poëzie. Net als in NO focust Larraín nauwelijks op de gruweldaden die het land teisterden, maar juist op de personages. Voeg daar de fantastische voice-over van Peluchonneau aan toe, meer lens flares dan in de gemiddelde Michael Bay-film, een hoop komedie en intieme, persoonlijke portretten en het resultaat is een hele fijne film die het goed zal doen in de race voor de Oscar voor beste buitenlandse film.
 

3 december 2016

 
MEER RECENSIES

Nocturnal Animals

***

recensie Nocturnal Animals

Tussen wens en waan

door Alfred Bos

Na het melodrama van zijn debuut A Single Man (2009), komt voormalig modeontwerper Tom Ford met een gelaagde vertelling over wraak via fictie. Die komt nauwelijks tot leven.

Het is beklemmend leeg in Nocturnal Animals, de tweede film van Tom Ford. De vernissage waarmee de film aftrapt is uitzinnig gestileerd, maar wordt bevolkt door lege zielen. Ook het huis van de vrouwelijke hoofdpersoon, Susan Morrow (Amy Adams), galeriehouder te Los Angeles, is leeg, want haar jongere echtgenoot, nummer twee, gaat vreemd in New York. De schijn van luxe en materiële welstand contrasteert met de emotionele kaalslag. Ze leeft in een leugen.

Nocturnal Animals

Dan ontvangt Susan in de post de proefdruk van een boek getiteld Nocturnal Animals. Het is de debuutroman van haar voormalige echtgenoot, Edward Sheffield (Jake Gyllenhaal), die hij aan haar heeft opgedragen. Susan begint het in haar lege bed te lezen en zo belanden we in de tweede vertellaag van de film: die van de roman.

Die verhaalt over de onfortuinlijke belevenissen van een gezin op doorreis in de woeste leegte van West-Texas. (Wat is dat toch met West-Texas? Staat het desolate niets van het landschap in de verbeelding van eigentijdse Amerikaanse cineasten voor de morele woestenij waarin hun natie verzeild is geraakt?) De vader ziet verbijsterd hoe zijn vrouw en dochter uit zijn leven verdwijnen. Hoe heeft het zo kunnen lopen?

Hersenspinsels
Dan is er nog een derde vertellaag: flashbacks verbeelden een gelukkiger verleden van Susan en Edward, hoe ze samen kwamen en dromen deelden. Dromen doet Susan nog steeds, maar nu alleen in haar bed, bij de roman van haar ex die ze verliet omdat zijn schrijfaspiraties stuk liepen. In haar fantasie projecteert ze het beeld van Edward op de vader uit het boek, Tony Hastings. In Tony heeft haar echtgenoot van twintig jaar daarvoor haar visie op hem geportretteerd, zo meent ze. Beide rollen worden vertolkt door Gyllenhaal.

En dan is er eigenlijk nog een vierde vertellaag, want in het boek heeft de vader nachtmerries en ook die hersenspinsels zien we op het filmdoek. Ford heeft het zichzelf niet gemakkelijk gemaakt voor zijn tweede film, gebaseerd op een eigen script naar de roman ‘Tony and Susan’ van Austin Wright. Al doet de compositie gekunsteld aan, de uitwerking is strak en helder. Anders dan bij een complexe film als Inception (vijf vertellagen) is er voor de kijker nauwelijks verwarring over de vraag naar welke werkelijkheid we kijken.

Briljant vormgegeven
Dat is niet aan de orde voor Susan. Haar fantasie slaat op hol en ze meent, via de roman, haar voormalige wederhelft opnieuw te hebben gevonden. Aan het slot van de film zien we hoe werkelijkheid en fictie zich aan haar openbaren, in een scène die zowel hartverscheurend als afstandelijk kil is. Het is film noir in oogverblindend kleur, formalistisch gestileerd.

Nocturnal Animals

En dat is tevens het probleem van Nocturnal Animals. De film ademt vakmanschap uit ieder shot, elke belichting, iedere enscenering. De openingsscène, die naadloos overloopt uit de openingstitels, is briljant vormgegeven en van verbluffende schoonheid. Maar het lukt nimmer om je als kijker emotioneel te engageren met Susan. “Hij is te cynisch om kunstenaar te worden,” zegt Susans moeder over Edward tegen haar in een flashback. Het is onbedoeld ook commentaar op de film die een wereld toont waaruit alle romantiek is verbannen.

Innerlijke leegte
Dat lukt beter met Tony Hastings, de vader uit de roman. Gyllenhaal speelt hem met zijn vertrouwde passieve agressie, maar je voelt eerder medelijden voor zijn lot dan medeleven. Daarvoor is zijn wedervaren te bruut, te cynisch; de vertelling te afstandelijk. Michael Shannon overtuigt minder in zijn rol van Bobby Andes, de wrekende rechercheur die zijn terminale ziekte aangrijpt om de laksheid van een falend rechtssysteem te corrigeren. Ook dat systeem blijkt hol.

Net als Susans ideeën over zichzelf. En zo is Nocturnal Animals een fraai gestileerde film over de wisselwerking tussen wens en waan, die verbeeldt hoe de keuze voor geld en zekerheid de ziel smoort, maar dat helaas doet op een wijze die het thema van de film spiegelt. Prachtig, maar leeg. Junkfood, gepresenteerd als haute cuisine. Ford is een man van zijn tijd.

 

29 november 2016

 
MEER RECENSIES

Nerve

***

recensie Nerve

Players en voyeurs in uitdagend spel

door Wim Meijer

Nerve geeft een realistische kijk op de mogelijkheden van internetfenomenen als Twitch. Dankzij treitervlogs en online roekeloosheid is de film tevens bijzonder actueel. Speel je mee of blijf je langs de zijlijn toekijken?

In 2010 debuteerden Ariel Schulman en Henry Joost met Catfish, een documentaire waarin Ariel’s broer een internetromance krijgt. Zes jaar later is de fascinatie voor het internet alleen maar toegenomen. Het regisserende duo verfilmt Nerve, een boek van Jeanne Ryan waarin een ongrijpbare online community in de ban is van een spel. We kennen het spelletje allemaal: durven of de waarheid. Schrap de waarheid en wat overblijft is een uitdagende, fascinerende online game genaamd Nerve.

Nerve

Player of watcher?
Het werkt als volgt. Log in en er zijn twee opties: watcher of player. Kies je player, dan krijg je opdrachten – ‘ga een winkel in en pas een jurk binnen vijf minuten’ – die je moet voltooien. Slaag je dan stijg je in de ranglijsten en valt er geld te verdienen. Ben je watcher, dan mag je de players uitdagingen geven. Stemt de meerderheid van de watchers in met de uitdaging, dan wordt deze aan een player gepresenteerd.

We maken kennis met Vee (Emma Roberts). Aanvankelijk is ze een muurbloempje die onder het juk van haar beschermende moeder probeert uit te komen, maar na een ruzie met haar beste vriendin Sydney (Emily Meade) besluit ze Nerve te spelen. Haar eerste opdracht: zoen een vreemdeling voor 5 seconden. De charismatische Ian (Dave Franco) is de lucky guy. Hij blijkt ook te spelen. Toevallig! Of toch niet? De watchers bepalen immers. Nerve lijkt een onschuldig spelletje, maar niets is minder waar. Vee en Ian raken verstrikt in het wereldwijde web en hun levens worden steeds meer beheerst door het spel.

Extreme uitdagingen
De uitdagingen worden extremer en de film daardoor spannender. Wanneer Ian geblinddoekt op een motor door New York rijdt met Vee als navigator houd je je hart vast. Lekker gefilmd ook, met afwisselende beelden vanuit smartphone en shots van de stunts. De muziekkeuze is veelal cliché: generieke elektronische vrouwenrock zoals zo vaak te horen is in young adult films.

Nerve

Nerve kent aanvankelijk een mooie balans tussen actie, romance, realistische uitdagingen en de roem die online celebrities toekomt. Wanneer Nerve de donkere kant van het spel belicht, wankelt deze balans en zijn de acties van de hoofdrolspelers niet meer te volgen. Het slotstuk met een heuse arena komt uit de lucht vallen en is moeilijk te verteren.

Twitch 2.0
Nerve is in feite Twitch 2.0. Twitch is een online streamingdienst voor game(r)s waarin de interactie tussen gamer en kijker centraal staat. Gamers laten zich inspireren door kijkers, volgen uitslagen van kijkerspolls en laten zich leiden door een online community. Chatberichten rollen net als in Nerve constant over het scherm. Zelfs de botaanval die een hackerscollectief in Nerve loslaat op het spel heeft zijn origine in Twitch, waarin zogenaamde viewbots worden gebruikt om kunstmatig de kijker aantallen op te schroeven en daarmee de winst.

Virtuele competities waaraan potentieel iedereen kan meedoen hebben een enorme aantrekkingskracht, met name op jongeren. Nerve speelt daar slim op in, zowel het spel als de film. De erkenning, de roem, het geld dat er te verdienen valt – bijzonder aantrekkelijk. En dat alles met wat filmpjes of spelletjes spelen. De kracht van Nerve ligt hem in het realisme en de urgentie. Een spel als Nerve bestaat al of gaat er binnen enkele jaren zijn. Spijtig dat de regisseurs het plot niet tot een goed einde weten te brengen.
 

19 september 2016

 
MEER RECENSIES

Neon Demon, The

****

recensie The Neon Demon

De zucht naar nep

door Alfred Bos

In een wereld waarin mensen zich gedragen – en worden behandeld – als objecten is de empathie verdwenen, maar vieren primaire emoties als lust en jaloezie hoogtij. De Deense regisseur Nicolas Winding Refn kent geen genade.

In de visie van de Britse schrijver J.G. Ballard, auteur van het boek waarop High-Rise is gebaseerd, leven we in een wereld waarin de gescripte werkelijkheid van de media de realiteit van atomen en natuurwetten, van toeval en de dood, heeft vervangen. De dagelijkse blootstelling aan virtuele versies van de echte wereld zorgt voor verwarring en vervreemding, een door media geïnduceerde psychose waarin de waan niet meer van de werkelijkheid wordt onderscheiden. Ons bewustzijn is gekaapt door reclame.

The Neon Demon

Aldus leven we zonder het te beseffen in twee werelden tegelijk, de fysieke wereld en die van onze gemanipuleerde verbeelding. In The Neon Demon neemt de Deense regisseur Nicolas Winding Refn, de man van Drive en Only God Forgives, die schizofrenie op de korrel met een overgestileerde, surrealistische en gitzwarte tragikomedie, gesitueerd in het modemilieu van Los Angeles.

Magisch denken
The Neon Demon is gegoten in een provocerende mengvorm van David Lynchs droomlogica en giallo, Italiaanse cult-horror uit de jaren zeventig. Qua toon en thematiek is de film verwant aan David Cronenbergs Maps to the Stars en Paul Verhoevens Showgirls, maar dan bevangen door de geest van Markies de Sade. Refn gaat necrofilie (seks met lijken) en kannibalisme niet uit de weg. Zijn methode: hij presenteert het figuurlijke als letterlijk. De waan is de werkelijkheid geworden, schoonheid een fetisj. Magisch denken met een chirurgiemes.

Jesse (een sterke rol van Elle Fanning) is kort na haar zestiende verjaardag als wees vanuit de provincie naar LA verkast om haar ongerepte schoonheid te exploiteren als model. Ze heeft geen enkel talent maar ze is mooi, zegt ze over zichzelf, terwijl ze slaapwandelt door een piranhapoel. Ze logeert in een ranzig woonblok in Pasadena, het Osdorp van LA, en we leren haar kennen via een fotoshoot waarin een lijk oogt als een pop, het is Jesse. Refn is vanaf de eerste seconde glashelder over haar lot en in de twee uur die volgen wordt de onschuld stap voor stap gecorrumpeerd, opgevreten door de waan.

Lippenstift
Ogen en spiegels zijn de meest prominente motieven van de surrealistische filmers en schilders van de twintigste eeuw (Buñuel, Cocteau, Dalí, Magritte) en Refn zet ze volop in. Hij voegt daar een fallisch schoonheidsattribuut aan toe, de lippenstift. In een huiveringwekkende scène kort na het begin van de film staat Jesse op het damestoilet van een bondagefeest, het blijkt een haaientank.

Ze is daar met Ruby (Jena Malone), een iets oudere visagiste die een oogje op haar heeft. Terwijl Ruby haar lippen stift verschijnen haar vriendinnen, Gigi (Bella Heathcote) en Sarah (Abbey Lee), verveelde modellen voor wie cosmetische chirurgie ‘gewoon goede verzorging’ is.

Het gesprek gaat over lippenstift: waarom hebben de verschillende kleurtinten altijd namen die verwijzen naar voedsel of seks? Jesse weet het niet, ze is – in de woorden van Ruby – een hert met grote ogen dat is bevroren in het licht. Wat ben jij, willen Gigi en Sarah van Jesse weten, voedsel of seks? Jesse is nog maagd. Drie keer raden hoe het afloopt.

The Neon Demon

Overstilering
Nu ons bewustzijn is gekoloniseerd door media, is alleen het onderbewustzijn nog van onszelf. Dromen zijn het product van dat onderbewustzijn en Refn laat Jesse in haar slaap een extreem onaangename verkrachting door haar botte huisbaas (Keanu Reeves) beleven. Die gebruikt een mes, Refns vierde motief, wederom fallisch. De droom waarschuwt haar voor de werkelijkheid, maar het voorval drijft haar in de armen van vrouwtjesroofdier Ruby. In Ruby’s domein verliest Jesse definitief haar naturel en is haar lot bezegeld. Het is geen toeval dat ze wordt belaagd met keukenmessen.

Refns portret van de zucht naar nep – en de gekmakende jaloezie op de niet-maakbare authenticiteit van het natuurlijke – is verbeeld via een overmatig gestileerd hyperrealisme waarin textuur en kleur domineren. Die overstilering is de neon duivel uit de titel: het is kunstmatig, het is zielloos en het verdoemt. Het laatste shot toont de zilte leegte van Death Valley.

The Neon Demon roept een breed scala aan emoties op, maar ‘feel good’ hoort daar niet bij. Je kunt de film walgelijk vinden, of briljant, zelfs geniaal. Dat is hij geen van beiden, het is een zedenpreek over verdorven deugd. Deze spiegel toont een zwart gat, de aars van de duivel. Lars von Trier zal aan het banket van de Deense Oscars een stoel moeten opschuiven.
 

10 juli 2016

 
MEER RECENSIES

Now You See Me2

**

recensie Now You See Me 2

De Wet van Freeman houdt stand

door Alfred Bos

Met veel effectbejag opgeklopt vervolg van de verrassinghit rond vier avontuurlijke illusionisten in een mix van Mission Impossible, X-Men en The Great Buck Howard.

Succes baart succes, zei mijn opa zaliger op zijn meer bezonken momenten, en aldus verschijnt Now You See Me 2, niet Now You Don’t. Het is het vervolg op de verrassingshit uit 2013 rond een groepje illusionisten die hun talenten voor trucs en magie aanwenden om banken van hun geld te verlossen en de buit over het publiek uit te strooien. Robin Hood met een vleugje superheldenpathos, Justice League goes David Copperfield. Die overigens een van de geldschieters achter deze nieuwe franchise is.

Now You See Me 2

Voor een speelfilm over verrassingen was Now You See Me bepaald voorspelbaar, want hij houdt zich keurig aan wat filmfans kennen als de Wet van Freeman: elke film waarin Morgan Freeman zijn kunstje van vaderlijke autoriteitsfiguur afdraait is een marketing mormel. Als Thaddeus Bradley, voormalig illusionist en nu ontmaskeraar van magie, draaft hij voor deel 2 opnieuw op om de Four Horsemen, zoals de altruïstische illusionisten zich noemen, het leven zuur te maken. Vrees niet, de Wet van Freeman houdt stand. De tweede ster boven dit stukje is er voor zijn tegenspelers.

Raadaels-in-raadsels
Dat zijn acteurs van naam die bijschnabbelen in een publiekshit om hobby’s – zoals in het geval van Freeman zijn bluescafé in New Orleans – of de pensioenkas te financieren. Jesse Eisenberg, Woody Harrelson en Dave Franco (jongere broer van) zijn als de Four Horsemen ditmaal in het gezelschap van nieuwkomer Lizzy Caplan. Na zich anderhalf jaar koest te hebben gehouden worden ze door een onbekende weer verenigd voor een nobele klus, de ontmaskering van een tech-enterpreneur met een fascistoïde agenda. Het is slechts de opmaat voor een cavalcade van illusie, dubbelspel en raadsels-in-raadsels.

De Four Horsemen strijden nu op drie fronten tegelijk, want naast Thaddeus Bradley jaagt niet alleen de FBI, maar ook überboef Arthur Tressler (Michael Caine) achter hun broek. Die laat het vuile werk over aan zijn luitenant, waarin we Daniel Radcliffe herkennen. Merritt McKinney (Woody Harrelson) blijkt een stinkend jaloerse tweelingbroer te hebben die zich als zijn donkere spiegelbeeld in de ophef mengt. Tussen de partijen zweeft voormalig FBI-agent Dylan Rhodes (Mark Ruffalo), die een dubbelrol speelt want niets is wat het lijkt.

Now You See Me 2

Overstimulatie
Dit vervolg – hoewel, kennis van deel 1 helpt niet om chocola te maken van de kolderieke plot – begint met een ernstige handicap: de verrassing is er af. Dat gebrek herstelt regisseur Jon M. Chu (die eerder gepimpte exploitatiefilms als G.I. Joe: Retalitation en Jem and the Holograms afleverde) door de effectendoos open te trekken. De cameravoering is nerveus, op de momenten die tellen raggen de trommels op de geluidsband de spanning aan gort en wanneer na al dat subliminale geweld de climax moet worden geaccentueerd barst een operazangeres los in een aria over overspel. Now You See Me 2 wil via overstimulatie een overprikkeld publiek hypnotiseren..

Al opent Now You See Me 2 in New York en is de viertrapsraket van de finale gesitueerd in een Oud & Nieuw vierend Londen, de film richt zich nadrukkelijk op de Chinese markt. Een flink brok van het verhaal speelt zich af in Macau, het Vegas van China, en de Taiwanese rockster Jay Chou (eerder te zien in The Green Hornet) helpt als de mysterieuze Li de benarde Horsemen uit exotische complicaties. Drie keer wedden dat Li weer opduikt in deel 3, want die komt er ook.
 

11 juni 2016

 
MEER RECENSIES

Nouveau, Le

***

recensie  Le Nouveau

Buitenbeentjes leren feesten

door Cor Oliemeulen

Iedereen is in zijn leven weleens een nieuweling geweest. Maar als opgroeiende tiener valt het soms niet mee je aan de onbekende omstandigheden aan te passen.

Le Nouveau won vorig jaar de Cinekid Juryprijs voor Beste Kinderfilm. De film volgt de verlegen tiener Benoît die is verhuisd van Le Havre naar Parijs en zijn best doet om een plekje in zijn nieuwe wereld te vinden. De vraag is of hij kiest voor het populaire groepje of voor de nerds. Wat volgt is een mooie en oprechte zoektocht naar het antwoord.

Le Nouveau

Van kind naar volwassen
De Franse acteur Rudi Rosenberg, vooral te zien in films en series voor televisie, maakt na twee korte films over tieners met Le Nouveau zijn speelfilmdebuut, waarvoor hij zelf het scenario schreef. Een tikkeltje autobiografisch, dus met de nodige nostalgische trekjes. Rosenberg is gefascineerd door de overgang van kindertijd naar volwassenheid – “Tieners hebben nog niet geleerd om hun gevoelens te verbergen, zoals volwassenen dat over het algemeen doen” – en legt graag de nadruk op buitenbeentjes, zoals hij dat al deed in het komische Aglaée (2010) met Géraldine Martineau als spastisch meisje.

Dit veelzeggende personage komt terug in zijn speelfilm. Net als Benoît is Aglaée nieuw op school, maar door haar typische manier van bewegen valt zij extra op en kan zij gegarandeerd rekenen op gegniffel achter haar rug. Haar handicap heeft haar kennelijk snel volwassen gemaakt, want zij weet zich beter en sneller aan te passen dan Benoît, die als een blok valt voor een derde nieuweling: het knappe Zweedse meisje Johanna. Ook zij is verlegen, maar mengt zich zonder aarzelen ook onder het groepje popie jopies van de klas, dat wordt aangevoerd door Charles, wiens plagerijtjes allemaal niet zo verkeerd zijn bedoeld, maar toch impact blijken te hebben.

Le Nouveau

Afwijkend gedrag
Met name Joshua heeft in eerste instantie last van de pesterijtjes. Zijn molligheid en zijn van de groepsnorm afwijkend gedrag hebben van hem een echte eenling gemaakt. Benoît ziet op Joshua’s kamer lijstjes met namen van leerlingen die hem ooit hebben uitgescholden of geslagen. Hij knipt zijn eigen haren en speelt accordeon. En tenslotte is daar Constantin die in tegenstelling tot Joshua niet denkt als een kind, maar juist als een volwassene. Hij draagt een bril en een beugel en is wat onhandig. Bijvoorbeeld als hij Aglaée wil ‘beschermen’ terwijl zij niet zit te wachten op zijn medelijden.

Het bijzondere van Le Nouveau is dat het niet de zoveelste film is over opgroeiende tieners die zoeken naar hun identiteit in een wereld van groepjesvorming, maar zich juist richt op het ontstaan van aansluiting en vriendschappen. De film behandelt geen onoverkomelijke problemen en is juist luchtig. Dat komt onder meer omdat Rosenberg de jeugdige acteurs veel liet improviseren en uit maar liefs 250 uur materiaal een realistisch portret (verstoken van social media) van krap tachtig minuten wist te destilleren. Het enige volwassen karakter is een oom die de kinderen aanzet tot stoute dingen. Dat leidt ertoe dat de buitenbeentjes wat weerbaarder worden en zelf ook leren wat feesten is in deze charmante jeugdfilm die vooral lijkt te willen zeggen: ‘Ben jezelf!’

 

23 april 2016

 

MEER RECENSIES

I Nostri Ragazzi

***

recensie  I Nostri Ragazzi

Onze misdadige kinderen

door Cor Oliemeulen

Hoe moet je verder leven als je kind iemand – al dan niet per ongeluk – heeft gedood? En is een onvolwassen dader een beter mens als hij na jaren uit de gevangenis komt?

Het diner van Herman Koch is in 37 landen verschenen en stond in 2009 op nummer zeven van de bestsellerlijst van The New York Times. Er werden wereldwijd al meer dan een miljoen exemplaren verkocht van de roman die op treffende en satirische wijze de ijdelheid en de wispelturigheid van het menselijk handelen observeert, vooral nadat is gebleken dat twee pubers een dakloze in brand hebben gestoken. Vier jaar later volgde de onvermijdelijke gelijknamige Nederlandse verfilming en nu is er een vrije filmbewerking uit Italië: I nostri ragazzi.

Recensie I Nostri Ragazzi

Witte doek
De toon en facetten van het boek laten zich lastig vertalen naar het witte doek, wat bleek toen de verfilming van Menno Meyjes verscheen. Een rommelige vertelling met weliswaar enkele geslaagde scènes vol Kochs prachtige overpeinzingen en grappige dialogen, echter het werkelijke gevoel van drama moest kennelijk komen van de composities van Puccini op de geluidsband. I nostri ragazzi blijft ver weg van het origineel en wijzigt de achtergronden van de twee broers die worden geconfronteerd met de daden van hun kinderen: de beoogde premier van Nederland is nu een topadvocaat, terwijl de sarcastische oud-leraar is vervangen door een minder ondubbelzinnige kinderarts.

Waar het oorspronkelijke verhaal zich grotendeels afspeelt in een luxe restaurant, vermijdt de Italiaanse regisseur Ivano De Matteo een toneelachtige setting door zijn personages veel meer in hun eigen omgeving te plaatsen. Bovendien kiest hij voor een zelfgeschreven proloog die de kijker direct bij de strot grijpt en geldt als inleiding van een subplot dat het doen en laten van de vaders en de stroeve onderlinge familieband een extra dimensie geeft, wat de Nederlandse boekverfilming mist.

Recensie I Nostri Ragazzi

Broederliefde
I nostri ragazzi begint met een verkeersruzie waarbij een overspannen agent in burger een agressieve wegpiraat doodschiet en diens zoontje ernstig verwondt. Kinderarts Paolo behandelt het verlamde jongetje in zijn kliniek in Rome, terwijl zijn broer, de advocaat Massimo, de agent gaat verdedigen. Paolo’s 16-jarige zoon Michele is bevriend met Massimo’s puberdochter Benedetta. Nadat het er verdacht veel op lijkt dat dit jeugdige duo is te zien in de Italiaanse versie van Opsporing Verzocht lijkt de broederliefde verder weg dan ooit.

Wanneer ook de wederhelften van beide broers zich in de strijd hebben geworpen, stapelen de gewetensvragen zich snel op. Moeten ze hun kinderen laten bekennen? Wie heeft wie aangemoedigd om tot de fatale mishandeling over te gaan? Had de zwerfster niet haar eigen lot uitgelokt?

Als berekende advocaat weet Massimo dat zijn dochter minimaal zes jaar achter de tralies zal verdwijnen, terwijl mensenmens Paolo aanvankelijk helemaal alleen staat om aangifte bij de politie te doen. Gelukkig is niets zeker in dit subtiel geregisseerde en geacteerde drama dat onverwacht eindigt met een doffe dreun, maar niet de potentie heeft om zelf een bestseller te worden.

 

19 oktober 2015

 

MEER RECENSIES

Night at the Museum: The Secret of the Tomb

***

recensie  Night at the Museum: Secret of the Tomb

Geschifte geschiedenislessen

door Ralph Evers

Ook het derde deel van de trilogie Night at the Museum staat garant voor doldwaze geschiedschrijving en avontuur. Een keur aan historische figuren en de vertrouwde personages uit deel I en II. Tevens de laatste film met een fysiek aanwezige Robin Williams. 

In het eerste deel werden op een fantasierijke manier allerlei gebeurtenissen uit de wereldgeschiedenis tot leven geroepen. Middels een magisch tablet komen de vele verschillende objecten in het museum tot leven. De Night at the Museum-trilogie brengt bij veel kijkers ongetwijfeld een dosis nieuwsgierigheid naar de wereldgeschiedenis naar boven.

Recensie Night at the Museum: The Secret of the Tomb

Het tweede deel, The Battle of the Smithsonian, zat zo vol ideeën dat het aan zijn eigen overdaad ten onder ging. Hoewel vermakelijk, was er van enige diepgang geen sprake en kende de film een zeer voorspelbaar karakter. In deel drie grijpt men terug op het eerste deel. We zijn weleens benieuwd hoe dat nou met dat tablet zit. In vogelvlucht leren we die geschiedenis en wordt in een zucht en een kreun de link naar de eerste film gelegd. Het probleem echter wat deel III kenmerkt is dat de magische tablet aan corrosie onderhevig is. Nog even en het museum zal voor altijd tot zijn oorspronkelijke rust terugkeren. Verteltechnisch kent deze film het probleem van exact dezelfde formule.

Charmant
Dan is er namelijk meer tijd voor actie. Directeur McPhee meldt dat een belangrijk deel van de collectie naar het British Museum in London verhuist. Kapucijner Dexter is echter zo gewiekst om het tablet te jatten. Een nieuw museum betekent nieuwe historische figuren. Daarin zit de charme van deze trilogie. De humor is gelaagd. Grappen met anachronisme, personages en feiten die nooit samen hadden kunnen komen, de chemie tussen de acteurs (Ricky Gervais is gewoon altijd David Brent, of is David Brent Ricky Gervais?) en het spelen met meta-realiteit.

Zo weet men de fantasierijke vondst uit The Battle of the Smithsonian – waarbij men verdwaalde in schilderijen of foto’s – te overtreffen in het verdwalen in een heuse Escher. Met het onderlinge spel en dit soort vondsten weet de film haar charmes goed te gebruiken.

Recensie Night at the Museum: The Secret of the Tomb

Bye Teddy
Met de onthulling van het mysterie van het tablet en het afronden van de open eindes van het eerste deel (de geschiedenis van de vorige nachtwakers), nemen we vermoedelijk afscheid van een filmserie die de geschiedenislessen in ieder geval een stuk levendiger hebben gemaakt. Vermoedelijk, omdat met de stroom aan vervolgfilms van de laatste tijd niet zomaar te zeggen is dat een einde een einde is.

Dat blijkt wel uit de laatste scène, waarin het afscheid van London in New York een groteskere (Amerikaansere) herkansing krijgt. Toch zal elk ander vervolg het moeten doen zonder die vriendelijk ogende, prettig naïeve Teddy Roosevelt, die met z’n catchy  oneliners weet te amuseren. Met als laatste woorden: “Bye Teddy, farewell Lawrence”, sluit een markant acteur zijn carrière af.

 

31 januari 2015

 

MEER RECENSIES

Nieuwe Rijksmuseum: De film, Het

***

recensie  Het Nieuwe Rijksmuseum: De film

Grootse film richt zich op personages

door Nanda Aris

Prachtige beelden van de verbouwing van het Rijksmuseum. De vele werkzaamheden en gepassioneerde medewerkers worden lichtelijk overschaduwd door een strijd, zowel met de buitenwacht als onderling. 

Na de vierdelige tv-serie, waarvan de vertelling nog stopte voor het moment van de heropening van het Rijksmuseum in Amsterdam in 2013, kreeg Oeke Hoogendijk de kans om een half jaar langer door te kunnen filmen. En zo de vraag te kunnen stellen in de film of de verbouwing van het Rijksmuseum het lange wachten waard geweest is.

Recensie Het Nieuwe Rijksmuseum: De film

Strijd
Oeke Hoogendijk volgde tien jaar lang de hoogte- en dieptepunten van de verbouwing van het Rijksmuseum in Amsterdam. Haar zorgvuldige manier van filmen en monteren, geven de film een romantische en poëtische glans. Daar staat tegenover haar manier van de mensen portretteren. Het voelt bijna alsof de personages door de strijd op de hak genomen worden. Volgens Hoogendijk is de film character driven gemonteerd, waarbij de strijd de belangrijkste focus is. De Nachtwacht met de notabelen, met zijn schutters en strijders, staat volgens Hoogendijk symbool voor de strijd die van hoog tot laag door de personages gevoerd wordt. Dit komt inderdaad duidelijk naar voren in de film, en als Rijksmuseum zijnde, zou ik not amused  zijn.

Gelukkig zijn de beelden van het Rijksmuseum prachtig, en kunnen we wel degelijk zien hoe hard en gepassioneerd de medewerkers werken (alhoewel het voelt alsof ook hier soms de spot mee gedreven wordt). Maar de film vervalt door deze focus op onderlinge strijd en tegenwerking van buitenaf haast in een soap op hoog niveau.

Impact
De film begint met zwart beeld, boorgeluiden en toenmalig koningin Beatrix die ons vertelt dat het Rijksmuseum een grootschalige renovatie zal ondergaan. Langzaam worden er gaten in het dak van het Rijksmuseum gejakkerd en valt er licht en gruis naar binnen. De beelden die volgen, het bovenaanzicht van een in mist gehuld Rijksmuseum, zijn prachtig.  Langzaam zoomt de camera uit, en onder toeziend oog van de heren van De Nachtwacht die in plastic ingepakt worden, zien we het geraamte van het Rijksmuseum. Door de cameravoering en blik op het geraamte, gehuld in stilte, maakt de film de impact duidelijk van de verbouwing.

Recensie Het Nieuwe Rijksmuseum: De film

Personages
Na deze mooie beelden van het Rijksmuseum maken we onder andere kennis met de architecten van het nieuwe Rijksmuseum, die met hun ontwerp de competitie wonnen, en met de fietsersbond die fel tegen het ontwerp van de architecten is, en uiteindelijk zal winnen. Met Leo van Gerven, de man die tien jaar van zijn leven in het Rijksmuseum woonde en voor ‘zijn’ museum heeft gezorgd als hij voor zijn vrouw zou zorgen. Met Taco Dibbits, de curator die later een gooi naar het directeurschap zou doen. Natuurlijk met de directeuren van het Rijksmuseum, eerst Ronald de Leeuw, en later met zijn omstreden opvolger Wim Pijbes. En met de vele anderen.

In een twee uur durend epos zijn er ook humoristische momenten, zoals wanneer De Leeuw naar Japan afreist om twee reusachtige tempelwachters aan te kopen, en hij deze beschrijft terwijl hij – zelf een grote man – naast kleine Japanners over straat loopt. Het humoristische grenst nauw aan het bespottelijke, zoals wanneer de hoogte van het bedrag dat het budget overstijgt ‘jammer’ genoemd wordt, en we naar een instemmende De Leeuw kijken. Of wanneer Wim Pijbes triomfantelijk een aantal wanden in het Rijksmuseum over laat schilderen, omdat hij immers het laatste woord heeft. Of zoals wanneer Marleen Homan, interieurarchitect, lacht om het feit dat ze al zes jaar aan het tekenen zijn, en steeds opnieuw tekeningen maken. Tegelijkertijd zien we een in slaap dommelende architect van het Louvre, aan wie ze de tekeningen voorleggen. De zaal lacht, en we lachen de personages niet toe, maar uit.

De film eindigt met De Nachtwacht, het was het wachten waard; de strijd is gestreden en de klus is geklaard. Eindelijk.

 

5 december 2014

 

MEER RECENSIES