Good Kill

***

recensie  Good Kill

De gamer als God

door Cor Oliemeulen

De Nieuw-Zeelandse cineast, scenarist en producer Andrew Niccol is geen vrolijke frans. Zijn visie op de toekomst van de mens is in sommige gevallen al werkelijkheid. Good Kill gaat over de gewetensnood van een militair die met een drone meer dan enkel terroristen moet doden.

Niccol werd bekend met het tragische verhaal over een verzekeringsman (Jim Carrey) die in The Truman Show (1998) ontdekt dat zijn hele wereld is geconstrueerd ten faveure van een live tv-serie. De eerste film die Niccol regisseerde was Gattaca (1997) waarin hij de gevaren van genetische manipulatie aan de orde stelt, gevolgd door S1m0ne (2002) waarin een producer (Al Pacino) met de creatie van een digitale droomvrouw zijn publiek een lesje leert. In Time (2011) dwingt de kijker te reflecteren over de obsessie van eeuwige jeugd.

Recensie Good Kill

Videogame
Films met een wat afstandelijke toon, zodat de thema’s nog meer tot nadenken kunnen stemmen. Good Kill vormt hierop geen uitzondering, zij het dat de gebeurtenissen van Niccols pas zesde speelfilm reeds realiteit zijn: het inzetten van drones voor militaire doeleinden. In Amerika’s War on Terror is het doden van terroristen op afstand het jongste geavanceerde wapen om eigen verliezen te voorkomen. Duizenden kilometers verder kan de gemiddelde videogamer met slechts een joystick en een HD-scherm beschikken over leven en dood.

Hoeveel lastiger een militaire sluipschutter het heeft, bewijst Clint Eastwood met het recente American Sniper. Iemand doodschieten zonder dat je slachtoffer je ziet, is misschien even geniepig. Echter waar de scherpschutter soms moet vrezen voor zijn eigen leven, kan de drone-operator in een beveiligde container net buiten Las Vegas met twee vingers in de neus een terroristenkonvooi opblazen. In tegenstelling tot American Sniper, dat vooral een portret van de legendarische scherpschutter Chris Kyle biedt, is Good Kill  minder patriottistisch en slaat de balans in het drama van Niccol meer door in het voordeel van humanisme ten opzichte van vaderlandsliefde.

Laf
Waar Chris Kyle in American Sniper  (Bradley Cooper) de voortdurende drang heeft terug te keren naar het oorlogsgebied, komt drone-operator Tom Egan (Ethan Hawke) steeds meer in gewetensnood. Zeker nadat hij van een CIA-agent via de telefoon opdrachten krijgt (vermeende) terroristen te bestoken, ook al vallen daarbij onschuldige omstanders, vrouwen en kinderen. Veel liever was hij straaljagerpiloot boven Afghanistan gebleven en had hij voor zijn gevoel minder laf en met meer voldoening de vijand aan kunnen vallen. Liever dat dan elke dag na het werk gewoon naar huis en gezin te kunnen.

Ethan Hawke vertolkt de morele strijd beheerst en ingetogen. January Jones speelt zijn vrouw Molly die langzaam de bui ziet hangen, vooral door het overmatige drankgebruik en de geestelijke afwezigheid van manlief. Tom’s aangewakkerde paranoia wordt mooi versterkt door de luchtopnames van de rustieke wijk waarin zijn gezin woont. Je vraagt je af hoe deze welgestelde Amerikaanse burgers zich zelf zouden voelen bij een aanhoudende doodsdreiging van een onzichtbare vijand van boven.

Recensie Good Kill

Statement
Good Kill is een belangrijk tijdsdocument dat de hersenen en het hart pijnigt. Drones blijken weliswaar nuttig als surveillancemiddel dat voorkomt dat grondtroepen extra gevaar lopen, echter de beschietingen met deze onbemande vliegtuigjes zijn zo talrijk en resoluut dat het lijkt alsof er een nieuwe almachtige is verrezen. “Als wij stoppen met doden, wil dat niet zeggen dat zij dat ook doen”, rechtvaardigt de legermajoor de verwoestende acties, zoals de bom op een rouwende menigte op een begraafplaats omdat zich daar een terroristenleider zou bevinden.

Wel een beetje jammer dat Good Kill niet alleen qua kilometers op afstand blijft. De meeste situaties en personages zijn stereotiep neergezet (de onbegrijpende echtgenote, de kortzichtige patriot, etc…) en er is nauwelijks plaats voor karakterontwikkeling. Bovendien had Andrew Niccol de ethische kant van deze steriele oorlogsvoering meer kunnen benadrukken door een keihard statement te maken: Weg met dat tuig!  Orders mogen dan orders zijn, maar wat minder volgzaamheid en meer opstandigheid had een krachtiger effect gesorteerd.

 

22 mei 2015

 
ALLE RECENSIES
 

Difret

***

recensie  Difret

Koppige volharding

door Suzan Groothuis

Dat de ontvoering van een bruid niet zonder gruwelen en gevaren gaat, toont het Ethiopische Difret. Helaas verzandt de film al snel in een voorspelbaar rechtbankdrama, waarin een cruciale rol voor de heroïsche vrouwelijke hoofdpersonen is weggelegd.

In Difret volgen we het wel en wee van de 14-jarige Hirut, die op weg van school naar huis wordt ontvoerd door een bende landarbeiders. Haar ontvoering maakt deel uit van een oude traditie onder bepaalde stammen in Ethiopië om een huwelijk te bezegelen. En gaat er bruut aan toe, inclusief een meedogenloze (uit beeld gefilmde) verkrachting. Maar Hirut weet te ontsnappen met een geweer en doodt daarbij haar belager. Wanneer de politie haar oppakt lijken Hiruts kansen uitzichtloos: de doodstraf hangt haar boven het hoofd. Mensenrechtenadvocaat Meaza Ashefani besluit Hirut te verdedigen en is vastbesloten de zaak te winnen.

Recensie Difret

Moeizame rechtszaak
Het proces dat volgt verloopt echter moeizaam: de autoriteiten werken op alle mogelijke manieren tegen. Daarbij vechten ook de familieleden onderling hun vete uit. Regisseur Zeresenay Berhane Mehari toont diverse kanten en belangen en geeft daarmee inzage in hoe er tegen een complexe casus als bruidontvoering aangekeken wordt. Hij plaatst de patriarchale boerengemeenschap met haar oude tradities tegenover de modernisering van de samenleving. Zo is er een scène waarin de families onderling tot een uitspraak komen, terwijl ze nog in afwachting zijn van de rechterlijke beslissing.

Naarmate de film vordert is er een steeds grotere rol weggelegd voor de vrouwelijke hoofdpersonen. Er ontstaat een band tussen de koppige Hirut en de strijdbare Meaza – zij herkennen zich in elkaars drang naar onafhankelijkheid. Zo geeft Meaza in een openhartige scène aan dat zij zichzelf terugziet in de jonge Hirut. Ondertussen verloopt de rechtszaak niet zonder problemen en moeten de twee opboksen tegen vijandigheid vanuit de plaatselijke autoriteiten en de mannelijke bevolking van het platteland.

Recensie Difret

Vechten voor verandering
Difret, gebaseerd op een waargebeurd verhaal, volgt netjes de lijntjes van een rechtbankdrama: er zijn de nodige emotie, onrecht en volharding. Degelijk gemaakt, maar niet spannend of verrassend. Een scène waarin Hirut door Meaza naar haar ouders gebracht wordt, terwijl de plaatselijke bevolking op wraak zint, had zelfs beter buiten beschouwing gelaten kunnen worden. De spanning ligt er te dik bovenop en werkt daardoor niet – nodeloos gevaar opzoeken is immers niet handig.

Op inhoudelijk vlak voelt de film didactisch aan: hij zadelt de kijker op met droge feitjes en uitleg over de gebruiken in Ethiopië. Wat wel werkt is de realistische strijdbaarheid van de twee heroïsche vrouwelijke hoofdpersonen.

Vlak voor de wereldpremière van Difret werd bekend dat Angelina Jolie aangetrokken is als executive producer. Zij noemt de film “a strong moment of art in Ethiopia” en haalt Difret aan als een voorbeeld voor andere landen, waar bescherming van de wet nog geen vanzelfsprekendheid is. Dat het recht van de vrouw uiteindelijk zegeviert, is dan ook niet verwonderlijk.

 

18 mei 2015

 

 

ALLE RECENSIES

 

Girl Walks Home Alone at Night, A

****

recensie  A Girl Walks Home Alone at Night 

Hipster vampier in Iran

door Suzan Groothuis

Deze – jawel – Iraanse vampierwestern gooide al hoge ogen op diverse filmfestivals. In prachtig zwart-wit geschoten zien we hoe een eenzame liefde standhoudt in een fictieve Iraanse stad vol verderf. Een film die het meer van sfeer dan inhoud moet hebben, maar daarmee volledig wegkomt. Nostalgie, betovering en een vleugje horror ineen.

Het fictieve Iraanse Bad City is een plaats waar je liever niet komt. Een plek waar drugsdealers, gebruikers en criminelen de dienst uitmaken. En een dolende vampier, gekleed in een hip gestreept shirtje en zwarte hijab, die het kwaad op eigengereide wijze uitroeit. Terwijl de vrouwelijke vampier op zoek is naar bloed, volgen we het wel en wee van Arash, een soort Iraanse James Dean, die zorg draagt voor zijn drugsverslaafde vader. Als Arash terugkomt van een feestje, waar hij voor het eerst MDMA heeft geslikt, komt hij de vampier tegen. Onder invloed natuurlijk, maar onder de indruk van haar koude schoonheid. Ze worden verliefd.

Recensie A Girl Walks Home Alone at Night

A Girl Walks Home Alone at Night is een film die verschillende genre-elementen met elkaar verbindt – we zien referenties naar de Nouvelle Vague en films als Sin City, Pulp Fiction en onmiskenbaar Wild At Heart. Het begin ademt een horrorachtige sfeer, zoals de verstilde beelden van een nachtelijk Bad City waarin de vampier plots opduikt, haar slachtoffers achtervolgt en op bloedige wijze afmaakt. Zij het dan wel de randfiguren van de stad, waarmee de vampier een statement lijkt te maken: weg met het gespuis!

Eenzame outsiders
Rake geluidseffecten en een soundtrack, wisselend van moderne donkere indierock tot spaghettiwestern, gaan samen met dromerige, atmosferische beelden te midden van een plaats vol geweld en verderf. A Girl Walks… is vooral een film over buitenstaanders, wiens liefde standhoudt ondanks de destructie die steeds op de loer ligt. Hun aantrekkingskracht is prachtig verbeeld in een scène waarin de vampier Arash meeneemt naar haar appartement. Terwijl ze een plaatje opzet en de donkere muziek van White Lies uit de speakers klinkt, komen de twee steeds dichter tot elkaar – een subtiel intiem moment gevangen in betoverende zwart-wit beelden.

Recensie A Girl Walks Home Alone at Night

Duistere coolheid in fictief Iran
Net als in Jim Jarmusch’ Only Lovers Left Alive wordt de vampier in A Girl Walks… neergezet als hippe outsider in plaats van louter bloedzuigend kwaad. Daarmee gaat ook de Iraans-Amerikaanse regisseuse Ana Lily Amirpour voorbij aan het beeld van de klassieke Nosferatu. Opmerkelijk is dat de film geheel in Farsi is gesproken en zich afspeelt in een fictieve Iraanse plaats – niet bepaald een locatie waaraan je denkt bij een vampierfilm.

En dan is het ook nog eens een vrouwelijke (en verleidelijke!) vampier die keihard afrekent met geweld en corruptie. Overigens is er geen greintje Iran in de film te zien, want hij is volledig opgenomen in Californië. Elijah Wood, een van de executive producers, kreeg het script – geschreven door Amirpour, die overigens al eerder een korte film onder dezelfde naam maakte – onder ogen en was direct onder de indruk. Het Amerikaanse VICE Films distribueerde de film en zo geschiedde deze duistere, sfeervolle wereld van coole outsiders, waar de vampier niet langer een eenzame strijd hoeft te voeren.

 

16 mei 2015

 

 
ALLE RECENSIES
 

Ventoux

****

recensie  Ventoux

Bittere ernst en slap geouwehoer op roemruchte berg

door Cor Oliemeulen

Vriendschap en weemoed, bittere ernst en slap geouwehoer, in een film over mannen: toen ze nog jong waren, en nu dertig jaar later, tegen de achtergrond van een roemruchte berg.

Ventoux begint met een gevaarlijke afdaling op de flanken van de Reus van de Provence, zoals hij bij wielerliefhebbers te boek staat. Het is juli 1982 en we zien hoe een jongen als een razende naar beneden fietst onder de klanken van ‘A Forest’ van The Cure. Hier, op bijna twee kilometer hoogte, is echter geen boom te zien. Deze Kale Berg, met karakteristiek op de top het weerstation, heeft reeds in die tijd mythische proporties aangenomen.

Recensie Ventoux

Legendarisch
Zo legde Jan Jansen er in 1967 de basis voor het winnen van de Tour de France in een etappe waarin de Brit Tom Simpson anderhalve kilometer onder de top dood van zijn fiets viel. Sindsdien is de berg legendarisch. Later finishten andere wielergrootheden als Merckx, Pantani en Froome als eerste op de Ventoux, waar iedere zomer tal van toeristen tegenop fietsen, of een poging hiertoe doen (gemiddeld stijgingspercentage is 7,5 procent). Soms staat er een stormachtige wind en het kan er bovendien snikheet óf ijskoud zijn.

Hoe prachtig en bewonderenswaardig is het dat de veelzijdige regisseur Nicole van Kilsdonk (kampeerde als kind al graag in deze streek) zich een jaar of vijf geleden voornam om de Mont Ventoux als decor van een tragikomedie te nemen. Het idee ontstond op de set van haar tv-film Zadelpijn (2007), naar het gelijknamige, onder vrouwen populaire, boek van Liza van Sambeek. Van Kilsdonk zag een mooie kapstok voor 50-jarige acteurs: een verhaal over vriendschap, vervlogen dromen, schuldgevoelens, afzien op de fiets en over de manier waarop mannen met elkaar communiceren.

Tragedie
Columnist en wielerkenner Bert Wagendorp ging aan de slag met het script en vulde in zijn enthousiasme materiaal voor een heel boek, dat in 2013 uitkwam (het duurde even om de verfilming gefinancierd te krijgen) en direct een bestseller werd. Inmiddels zijn er meer dan 120 duizend exemplaren van verkocht, het bewijs dat het onderwerp populair is. Welnu, de film Ventoux verdient het ook om een dikke hit te gaan worden. Vriendschap en nostalgie van vier bijna-vijftigers die dertig jaar na hun fietsvakantie in de Provence elkaar weer ontmoeten en terugkeren naar de plek waar kameraadschap, liefde en het verkennen van hun fysieke grenzen cumuleerden in een tragedie.

De casting van Ventoux is ideaal. De huidige generatie vrienden bestaat uit de bescheiden gangmaker Bart (Kasper van Kooten), omstreden professor Joost (Leopold Witte), onzekere goedzak David (Wim Opbrouck) en no-nonsense wielerfanaat André (Wilfried de Jong). Met deze acteurs in het hoofd zijn de rollen geschreven, waarna de jonge spelers werden geselecteerd, vooral op basis van fysieke kenmerken van de oudere cast. Maar ook de jonge generatie heeft een goede onderlinge chemie.

Recensie Ventoux

Allure
En hoe leuk is het om actrice Maruschka Detmers als Laura – in haar jeugd verleidelijk gespeeld door Abbey Hoes (Gouden Kalf voor Nena) – eindelijk eens in een Nederlandse film te mogen aanschouwen? Detmers werd in 1983 befaamd in Prénom Carmen van Jean-Luc Godard. In Ventoux komt ze weliswaar een stuk minder prominent en een stuk meer gekleed in beeld, maar nog altijd mysterieus genoeg om dertig jaar na dato de mannen zich nog te laten herinneren hoe Laura hen destijds het hoofd op hol bracht en de loyaliteit tussen de vrienden danig op de proef stelde.

Art direction, kleding en zelfs de Raleigh-fietsen uit begin jaren tachtig kloppen. De soundtrack met talrijke oude hits brengt je direct in de stemming en versterkt het tijdsbeeld. De dialogen, gebeurtenissen en karakters zijn geloofwaardig, zo uit het leven gegrepen en nergens overdreven, karikaturaal of stereotiep. En het schakelen tussen vroeger en nu verloopt soepel.

Is er dan geen minpuntje? Jawel. Tot lang in het verhaal denk je te weten wat de aanleiding is van de toenmalige tragedie op de Ventoux. Echter omdat de makers er per se een feelgoodfilm van wilden maken, komt Laura met een wat gekunstelde bekentenis, die de smartelijke teneur, die zo treffend over het verhaal hing, onderuit haalt. Dat had anders gekund, maar neemt niet weg dat Ventoux een drama met internationale allure is.

 

10 mei 2015

 
ALLE RECENSIES

Melody

****

recensie  Melody

Wens van een draagmoeder

door Cor Oliemeulen

Hoe moeilijk moet het zijn om als draagmoeder na negen maanden zwangerschap de emotionele band met het kind te verbreken? Eén van de vele vragen die opdoemen in het sterke Belgische drama Melody, waarin een jonge Franse vrouw in ruil voor een flinke som geld haar baarmoeder aanbiedt aan een Engelse dame die haar moeder had kunnen zijn.

De Engelse Emily (Rachael Blake) is single, heeft een goede baan en een kinderwens. Echter toen ze kanker kreeg, is haar baarmoeder verwijderd, waardoor ze nu is aangewezen op adoptie of een surrogaatmoeder. De Française Melody (Lucie Debay) is getroffen door de economische crisis, wil een kapsalon openen en kan het geld goed gebruiken. Via een foto met profielschets op het internet verloopt de match voorspoedig. Emily zegt dat de ogen van Melody haar direct opvielen en was geroerd omdat ze schreef dat ze met het geld haar dochtertje perspectief wilde bieden. Echter na de inseminatie in een kliniek in Oekraïne blijkt dat Melody nog nooit een kind heeft gebaard. Emily eist dat Melody bij haar in huis komt wonen totdat de baby is geboren.

Recensie Melody

Wie is mijn moeder?
In zijn eerste speelfilm, La régate (de roeiwedstrijd), belicht regisseur Bernard Bellefroid de getroebleerde relatie tussen een 15-jarige jongen en zijn vader. In Melody  zoomt hij in op de verhoudingen tussen moeder en dochter – in meerdere facetten een dramatische studie naar de band tussen moeder en kind. Net zo min als Melody al een kind heeft gehad, weet ze wie haar eigen moeder is. Ze is bij haar geboorte afgestaan. En nu zal Melody zich langzaam realiseren dat ze draagmoeder is van een kind dat straks mogelijk niet weet van háár bestaan.

Buiten het feit dat het ongeboren kind een object is, ondergeschikt aan de belangen van de surrogaat- en wensmoeder, roept Melody logischerwijs veel meer vragen op dan de film kan beantwoorden. Hoe moeilijk gaat het leven van een kind worden als het niet weet wie zijn moeder is? Als je meehelpt om het kind in je te laten groeien, is het kind dan ook van jou? Hoe zakelijk blijf je als je het kind hebt gebaard om het af te geven en het nooit meer in je armen te kunnen houden? En waar begint commercieel draagmoederschap en houden ideële overwegingen op?

Recensie Melody

Emotionele lading
In het vorig jaar verschenen Duitse drama Zwei Mütter is een lesbisch paar genoodzaakt te opereren in het schemergebied van de ingewikkelde wetgeving, de moeizame technische weg om überhaupt zwanger te worden en worstelt het met emoties als jaloezie en verlatingsangst. Want naast de juridische, ethische en zakelijke kant – zoals belicht in de bekroonde documentaire Made in India  (2010) – heeft het thema draagmoederschap een grote emotionele lading. Ook in Melody, dat rustig opbouwt.

Maar de film is zeker geen valse tranentrekker, omdat er steeds een gepaste afstand tot de personages is. Hij weet het gegeven vooral op dramatisch vlak met uitstekend spel van de hoofdrolspeelsters geloofwaardig en realistisch uit te werken. Door een plottwist moeten zowel de karakters als de kijker hun visie bijstellen. Dan blijkt ook dat het verhaal vooral gaat over twee individuen die een moeder en een dochter in elkaar herkennen en hoe zij hiermee moeten zien om te gaan. In voorspoed en tegenspoed.

 

9 mei 2015

 
ALLE RECENSIES

Child 44

***

recensie  Child 44

Topacteurs in half gelukte thrillerverfilming

door Alfred Bos

Child 44, de veelgeprezen debuutroman uit 2008 van de Engelse auteur Tom Rob Smith, gebruikt het thema van de seriemoordenaar om een onmenselijk systeem van angst, wantrouwen en verraad te portretteren. Zoveel gelaagdheid kan de verfilming, ondanks de excellente rolbezetting, niet aan.

Geproduceerd door Ridley Scott, is Child 44 een luxueus ogende psychologische thriller met genoeg actie om de adrenaline-junks dik twee uur aan hun stoel te kluisteren.  De film gebruikt een historische setting (de USSR net na de dood van Jozef Stalin in 1953) en een historisch gegeven (de seriemoordenaar Andrei Chikatilo alias de Rostov Ripper, die in de jaren tachtig actief was) om een avonturenfilm met elementen van politieke thriller, psychologisch drama en jacht op een monster te weven. Vervelend wordt het nimmer, groots ook niet.

Recensie Child 44

Het moet een ware nachtmerrie zijn geweest, het leven in de voormalige Sovjet Unie onder dictator Stalin. Niemand was veilig voor de paranoia van Opperste Snorremans, ook niet – of juist niet – de medewerkers van de MGB, de latere KGB. In dat web van wantrouwen geven buren of vrienden elkaar aan, kinderen hun ouders, ouders hun wederhelft. Na de dood van (moord op?) Stalin is het machtsvacuüm de arena voor politieke intriges en persoonlijke afrekeningen. Ook binnen de geheime dienst is niemand zijn baan en zijn leven zeker.

Dubbele agenda
Oorlogsheld en MGB-agent Leo Demidov (Tom Hardy, die opnieuw uitblinkt) ziet zich voor een complex van deels verbonden uitdagingen geplaatst. Probleem 1: Het zoontje van zijn vriend en mede-oorlogsveteraan Alexei (Fares Fares) wordt dood en verminkt gevonden. Een noodlottig ongeval, menen de autoriteiten. Moord, weet Leo, maar in het arbeidersparadijs is geen plaats voor decadente westerse aberraties als misdaad, laat staan moord. Probleem 2: Leo’s ondergeschikte Vasili (Joel Kinnaman) haat zijn baas en heeft een oogje op diens vrouw, Raisa (Noomi Rapace). Probleem 3: Raisa heeft illegale contacten met dissidenten en Leo moet zijn eigen vrouw onderzoeken. Het is een val, want zijn meerdere, majoor Kuzmin (Vincent Kassel), heeft een dubbele agenda.

Child 44 heeft dus nogal wat uit te leggen en daar slaagt de jonge Zweedse regisseur Daniel Espinosa in zijn tweede Engelstalige rolprent uitstekend in. Wat in het boek omstandig uit de doeken wordt gedaan, perst hij in de drie kwartier van de eerste akte, zonder de kijker te verwarren. Wat helpt is de quasi-authenticiteit van de interieurs en de straatscènes: grauw, claustrofobisch. Op de cinematografie is niet beknibbeld en de luchtshots van de Siberische bossen zijn adembenemend. Ook de rolverdeling is van topklasse, naast de reeds genoemde acteurs speelt Gary Oldman de naar Siberië weggepromoveerde generaal Nesterov.

Child 44

Helletocht door Sovjetrijk
En toch overtuigt de film niet helemaal. Het verhaal over de seriekindermoordenaar, in 1995 al eens door HBO verfilmd onder de titel Citizen X, en de schets van een onmenselijk systeem zitten elkaar in de weg. Een visueel medium als film is domweg te beperkt om de complexiteit en de gelaagdheid van het boek – waarin het verhaal (moordenaar) in het verhaal (systeem) wél werkt – adequaat te kunnen transponeren naar een avonturenfilm met een twist. Child 44 wil twee tegenstrijdige dingen tegelijk en doet beide maar half.

Zo doet de helletocht van Leo en Raisa – van Moskou naar Siberië, terug naar Moskou, en uiteindelijk Rostov – op zoek naar de moordenaar en op de hielen gezeten door de MGB, wonderen voor hun huwelijk dat, zoals alles in Stalins Sovjetrijk, is gebaseerd op een leugen. Die psychologische scharnier blijft evenwel onderbelicht. Het is typerend voor een film die hoog reikt, maar te veel hooi wil tillen en derhalve blijft steken bij: niet mislukt, maar er had zoveel meer ingezeten.

 

5 mei 2015

 

 

ALLE RECENSIES

 

Dark Horse, The

****

recensie  The Dark Horse

Zingeving met schaakstukken

door Suzan Groothuis

Schaken en film is niet direct een combinatie waarvoor je warm loopt. Maar in The Dark Horse (publieksfavoriet van afgelopen IFFR) vormt het spel de passie van de bipolaire Genesis Potini, die het vol overgave weet over te brengen op een jonge groep outcasts. Het levert een warme film met rauwe randjes, waar de symboliek van het schaakspel mooi in terugkomt.

We volgen Genesis ‘Gen’ Potini (Cliff Curtis, Whale Rider, Once Were Warriors), een man belast met een bipolaire stoornis die na zijn ontslag uit de psychiatrische kliniek terecht komt bij zijn broer Ariki. Dat familie hem opvangt is een voorwaarde van de kliniek. Maar Ariki’s onderkomen is niet de beste omgeving voor de labiele Genesis: als bendeleider heeft hij constant luidruchtige gasten over de vloer en gaat het er hard aan toe met drank en het nodige geweld. Het onvermijdelijke gebeurt: Gen staat na één nacht op straat, overgeleverd aan zichzelf.

Recensie The Dark Horse

Strijden voor een plek
Op eigen wijze probeert Gen zingeving aan zijn leven te geven. Die vindt hij al snel in de vorm van schaken, een oude passie die hem zijn bijnaam ‘The Dark Horse’ heeft opgeleverd. Gen richt een jeugdschaakclub op met als doel de jongeren naar een schaakwedstrijd in Auckland te leiden. Dit wekt ook de interesse van Ariki’s zoon Mana, die schippert tussen zijn eigen pad kiezen of het pad dat zijn vader voor hem heeft uitgestippeld, namelijk op zijn 15e verjaardag ingelijfd worden bij de Maori-gangsterbende.

In The Dark Horse komen meerdere thema’s terug: een psychiatrische ziekte, hiërarchie, handhaving van tradities, passie en strijden voor een plek in een moeilijke maatschappij, waarin Maori’s outcasts zijn. Het schaakspel vormt de spil van de film, krachtig en bevlogen door Genesis verbeeld als strijd. Via het schaakspel verbindt hij de jonge spelers en geeft ze weer iets om in te geloven. Maar het schaken veroorzaakt ook spanningen tussen Genesis en Ariki, die andere plannen met zijn zoon heeft.

The Dark Horse

Botsende verwachtingen en belangen
De film, gebaseerd op een waargebeurd verhaal (de inmiddels overleden Genesis was een goede vriend van de regisseur), heeft onmiskenbaar banden met die andere bekende Nieuw-Zeelandse Maori-film, Once Were Warriors. Hoofdrolspeler Cliff Curtis speelt daarin de gevreesde ‘Uncle Bully’. Als Genesis zet hij wederom een sterke rol neer (zij het een stuk sympathieker): hij worstelt met zijn geestestoestand, maar houdt ook zijn normen en waarden hoog. De andere rollen overtuigen ook: Mana als zoekende, strijdende adolescent en Ariki als zijn koppige en heethoofdige vader. Niet zo verstikkend als in Once Were Warriors, maar ook hier zien we hoe verwachtingen, groepsdruk en individuele belangen botsen.

The Dark Horse is zo’n film die perfect balans houdt tussen hartverwarmend, meeslepend en rauw. Niet verrassend, maar wel oprecht en integer. De strijdbare symboliek van het schaakspel is mooi verweven in het verhaal en het einde laat nog genoeg aan de verbeelding over.

4 mei 2015

 

Vijf schaakfilms die staan als een toren

 
ALLE RECENSIES
 

White Shadow

***

recensie  White Shadow

Het chaotische leven van een albino

door Cor Oliemeulen

Buitenbeentjes vormen een dankbaar thema voor filmmakers, zeker als ze voortdurend in levensgevaar zijn. White Shadow is de eerste speelfilm over Afrikaanse albino’s die hoog op het verlanglijstje van idiote medicijnmannen staan.

In een aantal Oost-Afrikaanse landen lopen albino’s het risico in mootjes te worden gehakt, omdat toverdokters denken dat hun lichaamsdelen geluk brengende eigenschappen bezitten. Volgens het Rode Kruis betalen handelaren tot wel 75.000 duizend euro voor een complete set van lichaamsdelen van een albino. Volgens de Verenigde Naties zijn er in Tanzania vanaf 2000 al bijna tachtig albino’s gedood. President Kikwete liet in maart van dit jaar meer dan tweehonderd toverdokters en traditionele genezers arresteren om een eind te maken aan deze praktijk.

Recensie White Shadow

Goed bedoeld, maar rommelig
Albinisme is het aangeboren ontbreken van het pigment melanine in het haar of de huid, wat resulteert in een gedeeltelijk of geheel witte huid en rode ogen. Terwijl in westerse landen 1 op 20.000 mensen als albino wordt geboren, zou deze afwijking in Tanzania 1 op 1.400 keer voorkomen. Onderzoekers brengen dit fenomeen in verband met inteelt. De laatste jaren is in documentaires en reportages steeds meer aandacht voor de precaire positie van albino’s in Oost-Afrika.

De Israëlisch-Duitse regisseur Noaz Deshe besloot er een fictieve film over te maken. Door de lastige culturele en infrastructurele omstandigheden moest hij veelal werken met beperkte technische middelen. Zijn debuutfilm White Shadow lijkt dan ook soms op een reportage, omdat bijna alle scènes met één handheld camera zijn opgenomen. Het is een gefragmenteerd drama waarin registrerende, dramatische, gewelddadige en poëtische fragmenten elkaar afwisselen. Hoe goed bedoeld dan ook maakt het geheel een rommelige indruk waarbij je regelmatig de draad kwijtraakt.

Recensie White Shadow

Opvallende verschijning
Hoofdpersoon van White Shadow is de tienerjongen Alias. Nadat zijn albinovader met hakmessen is vermoord, vertrouwt zijn lieve moeder hem toe aan een oom, omdat de grote stad misschien veiliger voor hem is en meer perspectief biedt. Alias moet op straat zonnebrillen, telefoons en films aan automobilisten verkopen. Met zijn bleke huid en rossige krulletjes is hij natuurlijk een opvallende verschijning die altijd op zijn hoede moet zijn. Alias raakt bevriend met de dochter van zijn oom, maar samen knuffelen gaat oom te ver.

In feite is White Shadow even chaotisch als het leven van een albino in Tanzania. De jongen Alias is geknipt voor de hoofdrol en weet voldoende empathie voor zijn uitzonderlijke situatie en zijn weinig hoopgevende vooruitzicht op te wekken. De meeste van zijn leeftijdsgenootjes vinden hem vies en honen hem weg, zodat hij zich het meest geborgen voelt tussen andere albinokinderen die op verborgen locaties zijn ondergebracht.

En dan komen de gebeurtenissen plots in een stroomversnelling. Tijdens een lynchpartij staat Alias oog in oog met een foute toverdokter en krijgt hij een mes in zijn hand gedrukt…

 

1 mei 2015

 
ALLE RECENSIES

Ex Machina

****

recensie  Ex Machina

Hoogstaand staaltje kunstmatige menselijkheid

door Suzan Groothuis

De scenarist van The Beach en 28 Days Later komt met een overtuigend speelfilmdebuut, waarin de vraag centraal staat of kunstmatige intelligentie zich nog laat onderscheiden van de menselijke. Maar vooral: wie manipuleert nu wie?

De jonge, gedreven Caleb (Domhnall Gleeson, recent nog te zien in Frank) kan zijn geluk niet op wanneer hij een door zijn internetbedrijf Bluebook uitgeschreven wedstrijd wint. De prijs? Een week lang doorbrengen in het verafgelegen en futuristische onderkomen bij de oprichter en eigenaar van Bluebook.

Recensie Ex Machina

De aankomst oogt als een Jurassic Park-achtige exclusiviteit: een afgelegen locatie te midden van grootse en prachtige natuur, alleen met helikopter te bereiken. Wanneer Caleb bij de kille, minimalistische woning arriveert, blijkt de afgelegen locatie geïntegreerd te zijn met de nieuwste technologie. Amper aangekomen bij de ingang wordt een digitale scan van Caleb gemaakt, waarmee hij via een pasje toegang krijgt tot het complex.

Sessies met een robot
Dan volgt de onconventionele ontmoeting met Bluebook-eigenaar Nathan (Oscar Isaac: Inside Llewyn Davis), die na een nachtje doorzakken een work-out nodig heeft om weer bij zinnen te komen. Terwijl de twee aan een biertje zitten wordt duidelijk wat het doel is van Calebs komst: in dagelijkse interviewsessies met Nathans zelfgebouwde robot Ava moet hij achterhalen of haar kunstmatige intelligentie zich nog laat onderscheiden van de menselijke. Geen makkelijke opgave, want Nathan heeft zijn robot buiten de nieuwste technologische snufjes een beeldschoon uiterlijk mee gegeven.

Vanaf het moment van de sessies neemt de spanning toe en ontstaat er een psychologisch steekspel tussen Caleb, Nathan en Ava. Ava blijkt over een menselijk karakter te beschikken, wat Caleb al snel in verwarring brengt. Simpelweg vragen op haar afvuren werkt niet, want Ava vraagt een wederdienst: Caleb moet ook over zichzelf vertellen. Hoe kan je anders een band krijgen? Ondertussen slaat Nathan de sessies, die af en toe ruw onderbroken worden door stroomstoringen, via een camera gade. Tijdens die storingen komen Ava en Caleb het dichtst tot elkaar en waarschuwt zij hem voor Nathans duistere bedoelingen. Waarmee zij – bewust of onbewust – een wig drijft tussen de twee.

Recensie Ex Machina

Verontrustend toekomstbeeld
Ex Machina is een knappe futuristische thriller die op alle fronten scoort. De kille, minimalistische art-direction, spitsvondige dialogen en de spanning rondom het vraagstuk kunstmatige intelligentie versus menselijke emotie en denken, leveren een film die de kijker van meet af aan geboeid weet te houden. Robot Ava (de Zweedse actrice Alicia Vikander) is daarbij prachtig en overtuigend vormgegeven: een mix van menselijke schoonheid en kwetsbaarheid én technologie. Terwijl de sessies vorderen neemt haar wens “mens” te zijn toe en is zij, gehuld in kleding en met pruik op, haast niet meer van echt te onderscheiden.

In Spike Jonze’s veelgeprezen Her zien we een toekomstbeeld van operating systems met een menselijk karakter. Hoewel onzichtbaar, is Scarlett Johanssons stem en voorgeprogrammeerde karakter voldoende om Joaquin Phoenix van zijn stuk te brengen. In Ex Machina gaat regisseur Alex Garland nog een stapje verder: zijn Ava is dermate geëvolueerd dat mens en robot niet meer van elkaar te onderscheiden zijn. Als kijker word je voortdurend op het verkeerde been gezet, want wie manipuleert nu wie? Het levert een spanningsvol en intrigerend schouwspel op en een knap, maar ook verontrustend kijkje in de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie.

Garland, die zijn sporen al verdiende als scenarioschrijver van 28 Days Later en Sunshine (films die eveneens een duistere toekomst belichten, maar dan met zombies en ruimte) balanceert met zijn Ex Machina perfect tussen vermaak, spanning en een dieperliggende boodschap. Robots, we moeten ze maar niet te menselijk maken.

27 april 2015

 

 
ALLE RECENSIES
 

Combattants, Les

****

recensie  Les Combattants

De aantrekkingskracht van tegenpolen

door Cor Oliemeulen

Meesterlijke, bij vlagen zeer grappige vertelling over volwassen worden, overleven en de aantrekkingskracht van tegenpolen. Oftewel, hoe een jonge actrice de rol van haar leven speelt.

Les combattants bewijst dat romantische komedies ergens over kunnen gaan. Waar de meeste genregenoten ophouden bij een mannetje en vrouwtje die (doen alsof ze) een hekel aan elkaar hebben en – na komisch bedoelde verwikkelingen, banaliteiten en clichés – vol overgave speeksel met elkaar uitwisselen, plaatst de Franse regisseur Thomas Cailley simpel en effectief twee tegenovergestelde karakters in de natuur en laat ze zowel verbondenheid als een gevoel van vrijheid ontdekken. Het stoere meisje Madeleine, instinctief en soms onaangepast, versus Arnaud, die haar observeert en zich langzaam laat onderdompelen in haar energie.

Recensie Les Combattants

Fysieke grenzen
Arnaud (Kévin Azaïs) is een stille, wat teruggetrokken jongen die na de dood van zijn vader klust in het bedrijfje van zijn oudere broer Manu. In de zomer hangt hij met wat vrienden rond op het strand, waar op een dag een demonstratie zelfverdediging wordt gehouden. Arnaud wil niet worstelen met het meisje Madeleine (Adèle Haenel) dat tegenover hem staat, maar ondervindt pardoes dat zij haar mannetje staat. Later tijdens de bouw van een badhuisje ziet hij Madeleine opnieuw. Deze dochter des huizes loopt naar het zwembad, hangt een tas om haar nek, doet er twee zware dakpannen in en springt in het water. Arnaud schrikt, haast zich naar het zwembad en ziet hoe Madeleine haar baantjes trekt. Ze traint, ze traint hard, want ze zoekt graag haar fysieke grenzen op en denkt dat ze in het leger wil.

Het begin van een vriendschap tussen een gereserveerde jongen en een tomboy. In de discotheek is het niet Arnaud maar Madeleine die lachend met de tanden een bierflesje opentrekt en na het sporten gooit ze zonder aarzelen een rauwe vis in de blender waarna ze het goedje gretig opdrinkt. Hoe stoer, onstuimig en jongensachtig dan ook, Madeleine is mooi atletisch gebouwd, kijkt met haar heldere ogen dwars door je heen en toont sporadisch haar betoverende glimlach.

Anders dan in haar doorbraakrol Naissance des pieuvres (2007), waarin ze een pas 15-jarige femme fatale speelt, is Adèle Haenel in Les combattants vooral verleidelijk door haar no-nonsense kijk op het leven en haar impulsieve gedrag. Voor haar op het lijf geschreven rol als Madeleine ontving ze de César voor beste actrice, terwijl haar tegenspeler Kévin Azaïs als meest belovende acteur van Frankrijk werd gekozen.

Recensie Les Combattants

Openstellen
Regisseur Thomas Cailley situeert zijn originele, vermakelijke debuutfilm in het uitgestrekte bos- en merengebied van de Zuid-Franse regio Landes. Een rustieke streek die een paar keer per jaar wordt opgeschrikt door zware stormen en grote bosbranden. In Les combattants vormt een natuurramp de metafoor voor de botsende karakters van Arnaud en Madeleine.

Tijdens een rekruteringskamp lukt het Madeleine dan eindelijk haar krachtige energieveld open te stellen en vinden ze elkaar langzaam in schaarse handelingen en woorden tegen de achtergrond van de romantisch geschilderde natuur.

26 april 2015

 

 
ALLE RECENSIES