Salesman, The

****

recensie The Salesman

Bloed op de trap

door Alfred Bos

Familie en emotionele dilemma’s zijn wederom de thematiek van Asghar Farhadi, de met een Oscar gelauwerde regisseur uit Iran. The Salesman combineert de spanning van een Hitchcock met de psychologische ontwikkeling van een Bergman.

Het is een klassieke truc: een toneelstuk in een toneelstuk. Shakespeare deed het al en de Iraanse regisseur Asghar Farhadi past de ingreep toe in The Salesman, zijn tweede internationaal uitgebrachte film na zijn doorbraak met het nagelscherpe familiedrama A Separation. Die won een Oscar voor de beste niet-Engelstalige film van 2011.

The Salesman

Familie en de onmogelijke dilemma’s waar mensen zich voor geplaatst zien door de grillen van het leven zijn het thema van Farhadi. Toevallige omstandigheden en de reactie daarop, de bewuste of onbewuste keuzes, bepalen een mensenleven en in The Salesman komt het huwelijk van Emad (Shahab Hosseini, hij speelde een bijrol in A Separation) en Rana (Taraneh Alidoosti) onder druk te staan.

De omstandigheden zijn tamelijk bizar, maar realistisch. Ze moeten midden in de nacht op stel en sprong hun woning verlaten. De flat staat op instorten door graafwerkzaamheden op het belendende perceel en Farhadi voert de druk in de nerveus gedraaide openingsscène flink op door barsten in de ruiten van het gebouw te laten springen. Het blijkt symbolisch voor wat de relatie tussen Rana en Emad te wachten staat.

Vrouw met veel vrienden
Het echtpaar representeert de middenklasse van Teheran. Hij is leraar literatuur op een middelbare school, zij kinderloze huisvrouw. Ze spelen de hoofdrollen in de productie van Arthur Millers ‘Dood van een handelsreiziger’ die een lokaal toneelgezelschap op de planken brengt. Via een toneelcollega vinden ze na de nachtelijke ontruiming tijdelijke woonruimte. Daar staan nog de spullen van de vorige bewoonster, een vrouw met veel vrienden, zoals het eufemistisch heet.

En dan beginnen de problemen. Wanneer Emad bepakt met boodschappen ’s avonds thuiskomt, ziet hij bloed op de treden van het trappenhuis. Rana is in hun tijdelijke onderkomen aangevallen door een onbekende bezoeker. Man en vrouw gaan totaal verschillend om met het intimiderende voorval.

Zij irrationeel en tegenstrijdig, hij meer praktisch en oplossingsgericht. Zij wil geen aangifte doen, dus gaat hij op onderzoek uit. En komt uiteindelijk de dader op het spoor. Maar in de wurgend spannende slotakte, die zich afspeelt in hun voormalige woning, blijkt dat de scheuren in het gebouw zich ook in hun relatie hebben gedrongen. Wraak is een emotie die rauw noch gekookt is te verteren.

The Salesman

Realisme en suspense
Farhadi gebruikt de scènes rond Millers toneelstuk als spiegel en contrapunt van de filmhandeling. De realiteit van het incident dringt de fictie over de geplaagde handelsreiziger binnen en bij een mindere regisseur zou dat al snel gekunsteld uitpakken. Ook zijn beeldsymboliek is ‘literair’, maar nimmer te nadrukkelijk. Emad speelt de rol van wreker die zijn geweten en temperament hem ingeven, terwijl zijn vrouw – net als in Farhadi’s beide vorige films – gidst op de realiteit en meer geestkracht toont. Ze belichaamt het morele gezag dat hun relatie stut.

The Salesman gaat over gewone mensen in ongewone omstandigheden en is met zijn aandacht voor karakter, zijn ongekunstelde mise-en-scène en zijn strak doorgecomponeerde script vol detail het soort film dat in het westen nog maar zelden wordt gemaakt. Hij heeft het realisme van een Rossellini en de suspense van een Hitchcock. Plus de psychologische finesse van een Bergman. Hij is klassiek in de traditionele betekenis: geen fratsen, maar vakwerk.

De film ging eerder dit jaar in Nederland in première tijdens het Amsterdam World Cinema festival in Rialto voor een zaal met Iraanse Nederlanders. Die waren na afloop begrijpelijkerwijs opgetogen, want Farhadi laat na Le Passé (2013) opnieuw zien dat het hooggewaardeerde A Separation geen toevalstreffer was. Intelligente regisseur, goede acteurs, doortimmerd script met aandacht voor het innerlijk van de personages—meer is er niet nodig om twee uur te boeien.
 

6 december 2016

 

MEER RECENSIES

Snowden

**

recensie Snowden

Film over klokkenluider onthult niets

door Wim Meijer

Citizenfour van Laura Poitras was een Oscarwinnende documentaire waarin Edward Snowden de misdaden van de Amerikaanse veiligheidsdiensten aan de kaak stelde. Regisseur Oliver Stone gebruikt Poitras’ documentaire als kapstok voor een politieke spionagethriller, maar brengt weinig nieuws.

Wanneer Edward Snowden (Joseph Gordon-Levitt) bij de Special Forces zit, breekt hij zijn been. Zijn lijf is niet bestand tegen de zware oefeningen en lopen met bepakking. ‘You’re discharged, but don’t worry, there are other ways to serve your country’. Of de sergeant op het openbaren van staatsgeheimen doelde, valt te betwijfelen.

Snowden

Bourne zonder actie
Tien jaar na de Special Forces zou de hyperintelligente hacker illegale NSA-praktijken publiceren via The Guardian, met hulp van Laura Poitras (Melissa Leo), Glenn Greenwald (Zachary Quinto) en de ervaren journalist Ewen MacAskill (Tom Wilkinson). Het plot gebruikt de reeks interviews als rode draad in de film, terwijl Stone het verleden van de klokkenluider in flashbacks toont. Maar wat gebeurde er daarvoor? Welke gebeurtenissen in Snowdens leven doen hem uiteindelijk leiden naar deze beruchte interviews in een hotelkamer in Hong Kong? Snowden wil antwoord geven op die vragen, maar slaagt er niet in de enigmatische hoofdpersoon te ontcijferen.

Snowden ontplooit zich als Bourne zonder actie. De protagonist maakt carrière bij de CIA en NSA, alvorens landverraad te plegen. Hij doet locaties aan als Genève, Kyoto en Hawaii. Het begint in het CIA-techlab The Hill. Daar krijgt hij les van Corbin O’Brien (een ongenuanceerde rol van Rhys Ifans) en Hank Forrester, een volstrekt belachelijke personage gespeeld door Nicholas Cage. O’Brien vertelt Edward de noodzaak van de grootschalige afluisteroperaties en waarom ze geheim zijn: ‘Secrecy is security, and security is victory’. Maar het gaat knagen, alle geheimen, gebrek aan transparantie, speciale rechtbanken en de enorme massa mensen die de NSA afluistert.

Snowden

Ingetogen overgave
Joseph Gordon-Levitt speelt bijzonder treffend: ingetogen, nerdy, een tikje introvert en vol overgave. Hij heeft Snowden volledig onder de knie, met zijn monotone spraak en cadans. Hij blijft dicht bij de echte Snowden, met als kanttekening dat daardoor de protagonist van Stone’s film vrij saai is. Dat probeert de beroemde cineast, die ook mee werkte aan het script, te tackelen door Shailene Woodley als tegenspeelster op te voeren in de rol van Snowdens liefje Lindsay Mills. De romance voelt geforceerd aan en leidt af van het plot. De liberale, paaldansende Mills is een rol die de getalenteerde Woodley aan zich voorbij had moeten laten gaan, maar ze kon de verleiding van werken met Oliver Stone waarschijnlijk niet weerstaan.

Normaal gesproken zou een gestroomlijnde, gepolijste film als Snowden spannender moeten zijn dan een documentaire. Tenzij die documentaire Citizenfour is. Of de regisseur Oliver Stone. Stone, ooit een geroemd filmmaker, haalt al jaren niet meer het niveau van zijn eerdere werk (JFK). Savages en Wall Street: Money Never Sleeps zijn matig en Snowden is dat ook. Een enigmatisch figuur als Snowden weet Stone niet te ontcijferen, ondanks het feit dat hij hem negen keer opzocht in Moskou. Want om nou te zeggen dat je na het zien van deze film een goed beeld hebt van het karakter of de drijfveren van de klokkenluider? Nee, daarin schiet Snowden simpelweg tekort. Hoe weinig aandacht Citizenfour ook besteedde aan de geïnterviewde als persoon, het geeft een beter beeld van de man dan Oliver Stone in 135 minuten weet te tonen. En dat is gezien het bronmateriaal, het beschikbare beeld en de vele bezoeken tussen regisseur en Snowden toch opzienbarend.
 

5 november 2016

 
MEER RECENSIES

Shallows, The

***

recensie The Shallows

Verraderlijk paradijs

door Suzan Groothuis

Een tripje naar een afgelegen, mystiek strand mondt uit in een ware hel, wanneer een witte haai de kustlijn onveilig maakt. Daar zit je dan als vrouw alleen in het water, met de kust in zicht en de haai als barrière. Het vraagt moed, creativiteit en wat hi-tech hulp om tegen het dodelijke monster op te boksen. Haai, eat your heart out!

In The Shallows volgen we de jonge Nancy (Blake Lively) die in Mexico haar innerlijke rust probeert te vinden. Hoewel een gedreven student geneeskunde, twijfelt ze aan haar toekomst. Temeer omdat haar moeder, met wie ze een nauwe band had, net is overleden. Op haar surfboard, ook een geliefde hobby van haar moeder, vindt Nancy haar rust en uitdaging. En om het plaatje compleet te maken vindt ze met hulp van een lokale gids een afgelegen, voor toeristen verborgen gehouden strand. Voor Nancy heeft het strand een bijzondere betekenis: het was het speciale plekje van haar moeder. De naam ervan blijft echter in het ongewisse. Dus bedenkt Nancy er zelf één: ‘mom’s beach’.

The Shallows

Van paradijs naar hel
Het wonderschone en verscholen strand is een paradijselijk plaatje. Eenmaal aangekomen volgen vlotte montages van Nancy’s strakke lijf dat zich in een surfpak hijst en golven waaraan alleen een gedisciplineerde surfer zich kan wagen. Wanneer Nancy twee lokale surfers tegenkomt, geven ze haar goedbedoelde adviezen mee. Niet surfen als het donker wordt, want het tij keert snel. Waarop Nancy als gedreven surfer natuurlijk voorbereid is dankzij een hi-tech surfhorloge. Na wat flitsende beelden van de drie onder torenhoge golven gaan ze uiteen en besluit Nancy na een droogbeurt op het strand nog eenmaal het water in te gaan.

Het is zo’n zet waarvan je als kijker weet dat het niet handig is. Neem talloze horrorfilms waarin naïeve tieners het nachtelijk donker verkennen na het horen van een plots luid gekraak buiten. Lang duurt het niet voordat de dreiging toeslaat. In The Shallows is dat niet anders, want Nancy ziet zichzelf al snel geconfronteerd met een bloeddorstige witte haai. De spanning naar die eerste confrontatie is fraai opgebouwd en in beeld gebracht. Nancy weet zichzelf na een bloedstollende aanval in veiligheid te brengen, waarna een ware overlevingsstrijd volgt.

Tot het uiterste
Vanaf dat moment draait het om Nancy en de haai en doet de film denken aan ‘overlevingsvoorgangers’ als Cast Away en All Is Lost. Films waarin de hoofdpersonen psychisch en fysiek tot het uiterste gaan om te overleven. Zo ook Nancy, die na een fikse haaienbeet haar heil zoekt op een uitstekende rots en de wond moet zien te hechten. Het levert een nagelbijtende scène op, niet wetende dat oorringen ook een andere functie kunnen hebben. En ze vindt zowaar troost in een eenzame gestrande zeemeeuw, gewond aan een vleugel en haar gezelschap houdend. Ondertussen is de kust slechts op een paar honderd meter afstand van Nancy’s rots, met een immer aanwezige haai die er omheen cirkelt. Vastberaden om de kust te bereiken, volgen de acties en de confrontaties met de haai zich in rap tempo op.

The Shallows

Chick met ballen versus bloeddorst
Blake Lively (The Age of Adaline, Café Society) speelt vaak veilige, weinig opzienbarende rollen. In The Shallows zien we een andere Lively, want hier is ze een chick met ballen die uit al haar creativiteit en krachten put om het op te nemen tegen het grote, dodelijke witte monster. Dat het een blonde schone betreft wordt door de camera opzichtig in beeld gebracht, met name de shots wanneer ze zich klaarmaakt om te surfen. Hey, het oog wil ook wat!

En dan de haai: Lively’s tegenstander. Regisseur Jaume Collet-Serra, vooral bekend van horrors House of Wax en Orphan, lijkt het uiterste uit zijn haai – een digitale creatie – te willen halen. Is in de eerste kennismaking alleen de vin van het beest zichtbaar, dan zien we ‘m later in volle glorie met opengesperde bek uit het water springen. Er ontstaat zowaar een persoonlijke vete, waarbij de haai niets liever wil dan de blonde schone verslinden. Hoe slimmer zij ‘m af is, hoe bozer hij wordt. Het haalt een stukje geloofwaardigheid en realisme weg, waarop de film zich eerder met zijn ‘lonely survive’-thema nog zo beroept.

Overdaad boven suggestie en spanning
Een ander storend element in de film is het gebruik van digitale media en technologie. Appjes op de telefoon, aankondigingen van hoog- en laagtij en het inzetten van de timer worden apart in het beeld gemonteerd. De shots van het mooie landschap en de woeste overlevingsstrijd krijgen daardoor iets kunstmatigs. En roept de vraag op in hoeverre we tegenwoordig echt in staat zijn om te overleven. In het geval van The Shallows helpen de digitale hulpmiddelen, naast moed, creativiteit en vergezocht geluk, in ieder geval goed mee.
 

16 augustus 2016

 
MEER RECENSIES

Secret Life of Pets, The

****

recensie The Secret Life of Pets

Herkenbaarheid troef in geestige beestenboel

door Wim Meijer

U gaat een dag werken, laat de trouwe viervoeter blaffend achter, komt negen uur later terug en zie daar, hetzelfde kwispelende exemplaar. Helemaal door het dolle is-ie, alsof de baas nooit meer terug zou komen. Maar wat heeft dat beest in de tussentijd nou gedaan?

Regisseur Chris Renaud weet wel raad met dit concept. Hij maakte furore met Despicable Me en creëerde grappige, geanimeerde wezens zoals Scrat uit Ice Age en de Minions, waarbij hij zelf Minion Dave een stem gaf. Nu brengt Renaud dezelfde gevatte humor, herkenbare situaties, een hartverwarmend verhaal en verwijzingen naar voorgaand werk, zoals de nieuwslezer uit Despicable Me die ook in The Secret Life of Pets te zien is.

The Secret Life of Pets

Verzetsbeweging tegen mensen
Terriër Max (Louis CK) is dolgelukkig met zijn baasje. Liefde op het eerste gezicht, zo omschrijft Max de situatie aan het publiek. Max is een held op sokken, zoals kleine hondjes dat vaker zijn. Beetje saai is-ie ook wel en Louis CK’s stem komt toch beter tot zijn recht met eigen werk op het podium. Tegenover Max woont Gidget die hem wel ziet zitten, zo op de mat. Stemactrice Jenny Slate maakt CK’s zwakke optreden goed met haar vertolking van Gidget, de naïeve, opportunistische en bijzonder snoezige poedel. Andere huisdieren zijn er in de vorm van de dikke, onverschillige kat Chloe (Lake Bell), de flexibele teckel Buddy (Hannibal Buress) en stupide buldog Mel (Bobby Moynihan).

Alles loopt op rolletjes, totdat Max’ baasje de enorme schapendoes Duke oppikt uit het asiel. Max moet de indringer niet en de situatie loopt zodanig uit de hand dat Max en Duke uiteindelijk uitkomen in het riool bij de Flushed Pets, een verzetsbeweging tegen mensen onder leiding van het kleine, witte konijntje Snowball. Kevin Hart trekt alle registers open voor z’n vertolking van Snowball en het contrast tussen zijn overduidelijke zwarte stem en dat superschattige witte konijn is briljant gevonden. Ook de running gag (of running goose) over gans Ricky die is gesneuveld in de strijd tegen de mensen is effectief. Terwijl in het riool de gemoederen tussen Duke, Max en Snowball hoog oplopen, verzamelt Gidget haar posse om de liefde van haar leven terug te krijgen.

The Secret Life of Pets

Herkenbaar
Animatiefilms over dieren zijn er genoeg, neem Ice Age als voorbeeld. Prima film hoor, met herkenbare situaties, maar zonder herkenbare beesten. Want wanneer zag u voor het laatst een sabeltandtijger of mammoet? En zo’n luiaard spreekt ook niet bepaald tot de verbeelding. Daarnaast rent Cid zich rot in die vijf films waarvan er vier overbodig zijn. Nee, de film moet het toch vooral hebben van de idiote situaties en grappen over uitstervende diersoorten.

Hoe anders is dat bij The Secret Life Of Pets, waar Renaud als geen ander de typische trekjes van huisdieren weet te vangen in zijn geestige familiefilm en waar bijna alle scènes wél tot de verbeelding spreken. Qua gedrag, zoals honden die uiteraard apporteren en helemaal los gaan als ze een bal zien – denk ‘Squirrel!’ uit Up. Ook qua maniertjes en bewegingen levert de animatieafdeling puik werk, met honden die achter hun staart aanzitten en altijd even een half rondje maken voordat ze kunnen gaan liggen. Midas Dekkers weet ongetwijfeld waarom. Niet eerder was een film over en met huisdieren zo herkenbaar en daardoor zo grappig.
 

31 juli 2016

 
MEER RECENSIES

Star Trek Beyond

****

recensie Star Trek Beyond

Sterrenepos schittert voort

door Wim Meijer

Star Trek heeft een van de meest succesvolle reboots van de afgelopen tien jaar ondergaan. Beyond gaat nergens verder dan zijn twee voorgangers, maar doet er ook niet voor onder. En dat is best een compliment.

Traditiegetrouw begint de film met captain Kirk (Chris Pine) in een onnozele, komische situatie. Dit keer probeert hij onder het mom van vredesoverleg een antiek wapen te slijten aan een alienras dat doet denken aan een kleine, flink gemuteerde gorilla gekruist met een agressieve octopusvariant. Het tamelijk ongepaste geschenk valt echter niet de smaak, met de welbekende beam-me-up-Scotty-scène als gevolg. Wat de alienminiatuuroctopusgorilla’s echter niet interesseert, blijkt van grote waarde voor de kwaadaardige Krall (Idris Elba), een alien die zich schuilhoudt op een planeet achter een enorme mistwolk: de nebula. Hij weet wel raad met antiek wapentuig.

Star Trek Beyond

Kirk en zijn crew maken hardhandig kennis met Krall in de nebula, nadat een gecrasht ruimteschip een noodsignaal zendt en de Enterprise daarop reageert. Die ontmoeting gaat gepaard met het nodige geweld, ruimtepuin dat in IMAX 3D om de oren vliegt en gelikte actie. Langzaam maar zeker ontdekt de bemanning van de Enterprise de relevantie van het antieke wapen, waarna de principes van de Starfleet het kwaad moeten beteugelen. Samenwerken, wederzijds respect, het verkennen van het universum – allemaal komt het terug en dient het als fundering voor een nieuw avontuur.

Geniaal duo
De charismatische Kirk vormt nog altijd een geniaal duo met Spock (Zachary Quinto), wiens berekende insteek mooi contrasteert met Kirks impulsiviteit. De kapitein die nog altijd terugdenkt aan zijn vader, is wel minder roekeloos geworden en stelt het belang van zijn bemanning voor het eigenbelang, hetgeen in de voorgaande films nog wel eens anders was. Mooi om te zien.

Wat betreft de rest van de crew: Bones (Karl Urban) is vooral verongelijkt wanneer Kirk hem op de zoveelste levensgevaarlijke missie stuurt, hetgeen vermakelijk is. Verder is er Scotty (Simon Pegg) die ditmaal hulp krijgt uit onverwachte hoek, stuurman Soho (John Cho), luitenant Uhura (Zoe Saldana) en Chekov, het Russische bemanningslid met sterk overdreven accent, gespeeld door wijlen Anton Yelchin. De beste man raakte beklemt tussen zijn brievenbus en auto, nadat hij vergeten was de laatste op zijn oprit op de handrem te zetten. De film is opgedragen aan Yelchin.

Star Trek Beyond

Darth Vader-hijgje
Regisseur J.J. Abrams blies in 2009 het sterrenepos nieuw leven in met Star Trek, leverde in 2013 een prima vervolg af (Star Trek Into Darkness) en droeg het regiestokje over aan Justin Lin, bekend van de Fast and the Furious-franchise. Gezien de formule van beide films – onderhoudend plot, aimabele cast, humor en strakke visuals – is die keuze niet onlogisch. Lin brengt het er dan ook goed vanaf, geholpen door een fijn script van Simon Pegg en Doug Young.

Star Trek Beyond kan rekenen op een solide basis vanuit vorige films – met name dankzij de onderlinge verhoudingen binnen de crew die zorgen voor zowel komische als ontroerende scènes. Scènes die niet gaan vervelen, omdat er goed acteerwerk aan ten grondslag ligt. Minder fraai is de schurk Krall (die soms zelfs een Darth Vader-hijgje tentoonstelt), een alien die nauwelijks tot de verbeelding spreekt en matig is uitgewerkt, in tegenstelling tot zijn voorganger Khan. Wanneer Rage Against The Machine, afgedaan als ‘klassieke muziek’, als wapen fungeert krijgt ‘beyond’ een andere betekenis. Die scène gaat toch iets té ver, maar Star Trek Beyond brengt vooral veel van wat we al kenden van de films van J. J. Abrams. En daar is helemaal niets mis mee.
 

19 juli 2016

 
MEER RECENSIES

Suburra

****

recensie Suburra

Riool aan het Romeinse strand

door Alfred Bos

Suburra is een eigentijdse thriller uit Italië, waarin politiek en misdaad in hetzelfde bed slapen. Regisseur Stefano Sollima (bekend van de tv-series Romanza Criminale en Gomorra) toont regen en neon, neo noir dus. Volgend jaar als tv-serie via Netflix, nu als film in de bioscoop.

Vroeger had je politieke thrillers en misdaadfilms waarin helden en schurken duidelijk van elkaar waren onderscheiden, net zoals beide genres van elkaar verschilden: politiek was politiek en misdaad was misdaad. Tegenwoordig is het verschil tussen gezag en geboefte vervaagd en heeft de misdaadthriller een politieke ondertoon, en vice versa.

Suburra

Een voorbeeld van de eigentijdse thriller waarin misdaad politiek is en politiek misdaad, is Suburra, de tweede speelfilm van de Italiaan Stefano Sollima. Hij is als regisseur van de internationaal gewaardeerde tv-series Romanzo Criminale en Gomorra gepokt en gemazeld in het genre en dat is aan Suburra af te zien. Net als La Isla Minima, de verrassende Spaanse zomerhit van vorig jaar, is het een met veel overmacht geregisseerde genrefilm die draait om de psychologie van het verderf. De filmtitel verwijst naar een wijk van het oude Rome waar senatoren en misdadigers elkaar troffen voor duistere zaken.

Las Vegas in Ostia
Suburra toont een röntgenfoto van het maatschappelijke systeem dat in het Italië van Berlusconi is ontstaan. De film verhaalt hoe in november 2011 in een week tijd de corrupte machinaties rond een groot bouwproject ontaarden in de dood van de voornaamste betrokken maffiosi en de val van de politicus die verantwoordelijk is voor het project, de constructie van een groot uitgaanscomplex aan de Romeinse kust. Dat moet van Ostia, het strand van Rome, het Las Vegas van Italië maken en de onderwereld is dronken van het vooruitzicht.

De verwevenheid van misdaad en politiek, en zelfs het Vaticaan, is niet nieuw voor het filmdoek, maar het aardige van Suburra is dat het laat zien hoe verdeeld de wereld in de schemerzone van de legaliteit is. Er zijn maar liefst vier partijen die een scheve schaats rijden.

Samurai (Claudio Amendola) is een schimmige figuur, een beroepscrimineel op leeftijd die achter de schermen het bouwproject controleert. Hij doet geheime zaken met Numero 8 (Alessandro Borghi), de criminele zoon van een van Samurais vroegere handlangers en eigenaar van een nachtclub in Ostia, die op hardhandige wijze grond en vastgoed opkoopt voor het bouwproject. Ze houden de lokale afperser, de zigeuner Anacleti (Adamo Dionisi), schielijk buiten de plannen. Die krijgt er echter lucht van wanneer zijn jongere broer wordt ingehuurd om een lijk te doen verdwijnen. Dat lijk is de partner van een luxehoer, haar pooier Sebastiano (Elio Germano) is de vierde criminele partij en de schakel tussen onder- en bovenwereld.

Suburra

Stortregens
Sollima liet in ACAB (All Cops Are Bastards), zijn debuutfilm over de mobiele eenheid van Milaan, al zien dat hij actie, misdaad en psychologie kan versnijden tot een krachtige cocktail en Suburra is nog een tandje ambitieuzer van opzet. Het complexe verhaal wordt klip en klaar verteld, de personages treffend neergezet zonder karikaturaal te worden – wat vooral in het geval van de zigeuner en diens huishouden geen sinecure is – en het geweld zonder enige opsmuk, bijna achteloos getoond.

Treffend is de positie van de politicus, Filippo Malgradi (Pierfrancesco Favino), die moeiteloos ambtenaren, bestuurders en zelfs de kerk kan corrumperen, maar moet vrezen voor een schandaal rond seks met een minderjarige. Tegenover die hypocrisie van de heersende klasse staat de oog-om-oog moraal van onderwereld én de wrekende engel. Op zijn Kurosawa’s stortregent het op de sleutelmomenten van dit fictieve drama en op de dag van de ondergang treedt de Tiber heel symbolisch uit zijn oever. In het echt viel op 12 november 2011 de regering van Berlusconi.

Al zijn er voornamelijk verliezers en geen duidelijke winnaars, de donkere moraal van Suburra biedt toch een sprankje hoop. Het zijn de krabbelaars, zij die overleven door te schipperen tussen wat goed en wat slecht is, die het slagveld, zij het geschonden, levend weten te verlaten. Toch nog gerechtigheid, van de bruut-poëtische soort. En goed om de uitstekende Franse wave-groep M83 op de soundtrack te horen.
 

16 juli 2016

 
MEER RECENSIES

Second Coming

***

recensie  Second Coming

Zwangerschap roept veel vragen op

door Nanda Aris

Second Coming is het speelfilmdebuut van Debbie Tucker Green, waarvoor ze vorig jaar op het IFFR de The Big Screen Award ontving. Het is prijzenswaardig dat ze dingen uitprobeert: lange shots en geen typisch drama. Maar te lang vragen we ons af waar de film heengaat.

In Second Coming volgen we de onwaarschijnlijke zwangerschap van Jacqueline (Nadine Marshall), ook wel Jax genaamd. Ze heeft al een tijd geen seks gehad met haar man Mark (Idris Elba: Mandela, a Long Walk to Freedom, The Gun Man), maar komt erachter dat ze zwanger is. Ze vertelt Mark niks en twijfelt of ze het kind weg zal laten halen. De spanningen binnen het gezin, waar ook elfjarige zoon Jerome (Kai Francis Lewis) deel vanuit maakt, lopen op.

Second Coming

Zonder woorden
In een van de eerste scènes zien we Jax in een restaurant met haar collega en vriendin Bernie (Sharlene Whyte), en het is mooi dat we zonder dat zij de woorden ‘zwangerschap’ en ‘abortus’ in de mond nemen, toch weten dat ze daarover praten. De overige scènes met de twee vriendinnen voelen koel aan, ze lijken niet erg hartelijk naar elkaar, terwijl Bernie peettante is van Jerome.

We begrijpen als kijker dat Jax twijfelt over haar zwangerschap, maar begrijpen pas gaandeweg de film waarom ze twijfelt of ze het kind zal houden. Als kijker zijn we verward: komt het door de miskramen die ze eerder gehad heeft? Omdat haar verteld is dat ze geen kind meer zou kunnen krijgen? Is het kind toch van een ander? Of snijdt Tucker Green een religieus onderwerp aan, en is ze onbevlekt ontvangen?

Cinematografie
Tucker Green neemt de tijd voor scènes, niets voelt overhaast. Ze maakt gebruik van close-ups, maakt mooie shots van de natuur, en de enscenering is zorgvuldig. Uit de two shots van Jax en Mark aan tafel begrijpen we dat zij als man en vrouw met elkaar zouden moeten praten, al vinden ze het moeilijk. Ook de long take van het gezicht van Jerome, wanneer zijn ouders off screen ruzie met elkaar maken, is prachtig bedacht en goed geacteerd door de jonge Francis Lewis. De inhoud van het beeld is alleen twijfelachtiger. We begrijpen dat Mark denkt dat hij onmogelijk de vader kan zijn, maar waarom zwijgt Jax? We zijn net zo verward als dat zij lijkt. Tucker Green is qua beeld goed op weg, maar het verhaal blijft achter.

Second Coming

Doorsnee
Het gezin is een normaal gezin, Mark werkt als spoorwegarbeider, is een goede vader en man, maar is ook niet te perfect. Jerome is een rustige zoon, die niet alle vakken leuk vindt, maar wel altijd naar school gaat. Niks vreemds aan. Jax werkt als servicemedewerker, en is ondanks dat we haar volgen het meest gesloten. Samen kijken ze tv, lachen ze aan tafel tijdens het eten met de familie, liggen ze samen in bed, kortom vrij doorsnee, geen grote drama’s. Waarschijnlijk is het daardoor des te lastiger om het verhaal te begrijpen.

Een verhaal hoeft ook niet altijd begrepen te worden, het kan heel fijn zijn om een eigen invulling te geven, maar door het zwijgzame, de rust in scènes, de tijd die genomen wordt, blijven we als kijker teveel verward over wat de film bedoelt. Het einde helpt ook niet om deze verwarring weg te nemen. Toch is Tucker Green iemand om in de gaten te houden.

 

2 april 2016

 
ALLE RECENSIES

Spotlight

****

recensie  Spotlight

Je zegt geen ‘nee’ tegen God

door Cor Oliemeulen

De onthullingen hadden tot gevolg dat wereldwijd seksueel misbruik door priesters aan het licht kwam. Of de katholieke kerk er veel van heeft geleerd, blijft de vraag. De kardinaal in Boston nam weliswaar ontslag, maar kreeg een baan in een van de belangrijkste basilieken van Rome.

De nieuwe baas van The Boston Globe, Marty Baron (Liev Schreiber), windt er tijdens zijn eerste werkdag geen doekjes om: het seksueel misbruik van priesters moet publiekelijk aan de kaak worden gesteld en de katholieke kerk zal boeten voor haar zonden. Baron heeft makkelijk praten. Niet alleen omdat hij jood is, maar vooral omdat hij, komend uit het genaakbare Florida, niets heeft te maken met de conservatieve, gesloten gemeenschap van Boston net na de millenniumwisseling. Een tijd waarin velen in de stad wisten van de misstanden, maar angstvallig de andere kant op keken.

De macht van de kerk
Dat merkt ook het team van het journalistieke onderzoeksteam Spotlight dat probeert te achterhalen hoe het toch kon dat de lokale priester John Geoghan jarenlang structureel vooral jongens in verschillende parochies kon misbruiken. Al na het eerste speurwerk blijkt dat nog meer geestelijken zorgden voor meer dan alleen de ziel van kinderen. De kerk schikte veelal met de slachtoffertjes en hun ouders, waarna een aantal priesters in andere parochies opnieuw vrijelijk kun gang konden gaan. De invloed en uitgestrekte macht van het kerkelijke instituut blijkt evident.

Spotlight

Regisseur Tom McCarthy (bekend van het filmjuweeltje The Station Agent, 2003) kende zelf ook een katholieke opvoeding, waarin begrip, bewondering en respect voor de kerk vanzelfsprekend waren. Met zijn film, waarvoor hij een deel van het scenario schreef, opent hij niet zozeer de aanval op de katholieke kerk, maar laat hij sommige van zijn personages zich wel hardop afvragen waarom getuigen niet opstonden en aan de bel trokken. Ook leren we dat de meeste slachtoffers niet in de publiciteit wilden of durfden.

Gedetailleerd
Het is knap hoe de makers van Spotlight de tijdgeest en omstandigheden weten te vangen. Zo werd het redactielokaal met de meer dan honderd cubicles van The Boston Globe minutieus nagebouwd en bereidden sommige acteurs zich consciëntieus en met veel oog voor detail (uiterlijk, tongval) voor op hun rollen door de vele gesprekken die zij voerden met de echte hoofdrolspelers: journalisten, advocaten, slachtoffers en andere betrokkenen. Ook al vermoed je vrij snel hoe het verhaal afloopt, je ziet aan alles dat de film met liefde en toewijding tot stand is gekomen.

Michael Keaton, die al in 1994 overtuigend een editor speelde in The Paper van Ron Howard en vorig jaar een zeer geslaagde comeback maakte in en als Birdman, is de leider van het Spotlight-team, Walter Robinson. Zijn meest fanatieke medewerker is onderzoeksjournalist Michael Rezendes, vertolkt door Mark Ruffalo, de laatste jaren vooral bekend als het Avengers-personage Bruce Banner/The Hulk. Hoewel Ruffalo in Spotlight niet als een olifant in een porseleinkast rondstruint, is hij wel degene die zich het meest vastbijt en kan hij nauwelijks wachten om de misstanden in de katholieke kerk met het lezerspubliek te delen. Echter Marty Baron wil pas publiceren als ‘het systeem’ kan worden veroordeeld.

Spotlight

Eerst spiritueel misbruik
Terwijl Rezendes zich vooral bezighoudt met de juridische kant van de zaak, heeft zijn collega Sacha Pfeiffer (Rachel McAdams) de zware taak om slachtoffers van het seksueel misbruik te interviewen. “Eerst word je spiritueel misbruikt – want je zegt geen ‘nee’ tegen God – dan komt het seksueel misbruik”, aldus een gedupeerde. Het contact met de daders blijkt natuurlijk nog veel moeilijker. Als zij op een gegeven moment aan een voordeur in gesprek gaat met een verdachte priester die op het punt staat openheid van zaken te geven, wordt de man snel door diens zus naar binnen getrokken. Uiteindelijk roept het team de hulp in van een advocaat (Stanley Tucci) die zich al jaren bezighoudt met de belangen van honderden slachtoffers, maar hij worstelt danig met de balans tussen privacy en openbaarheid en wordt regelmatig paranoïde omdat kerk en politiek in zijn nek hijgen.

Lang na All the President’s Men (1976) van Alan J. Pakula waarin The Washington Post-journalisten Bob Woodward en Carl Bernstein het afluisterschandaal Watergate onthulden, is er eindelijk weer eens een goed biografisch drama over onderzoeksjournalistiek. Niet zoals het gros van het hedendaagse journaille dat achterover leunt, na-aapt en elke scheet van elke ‘beroemdheid’ volgt en werkelijk geen idee heeft wat hoor-wederhoor betekent, maar nog gewoon zoals het hoort: vastbesloten duiken in knipselmappen, boeken, bibliotheken en stoffige archieven om de enige echte waarheid boven tafel te krijgen.

 

22 januari 2016

 
ALLE RECENSIES

Star Wars: The Force Awakens

****

recensie  Star Wars: The Force Awakens

De kracht komt tot leven in de details

door George Vermij

Het kind is de vader van de man en dat geldt natuurlijk ook voor filmliefhebbers. De films die je in je jeugd hebt gezien zijn cruciaal voor hoe je cinema verder zal ervaren. Star Wars is in dat opzicht een geval apart door zijn ongekende succes en zijn grote invloed op sci-fi en popcultuur. De vraag is natuurlijk hoe het begin van een nieuwe serie zich verhoudt tot de magie van vroeger. 

The Force Awakens is gelukkig geen Phantom Menace geworden en de franchise lijkt nu definitief te zijn ontworsteld uit de creatieve klauwen van George Lucas. Voor de echte fans pleegde Lucas al verschillende malen heiligschennis dus het was tijd voor een nieuwe ‘oude’ aanpak. Voor The Force Awakens lag die in handen van J.J. Abrams, maar ook de scriptschrijver van de oude reeks, Lawrence Kasdan. Het zal daarom geen verrassing zijn dat de nieuwe film met gepaste eerbied verwijst naar de sci-fi mystiek van de oudste trilogie waarvan A New Hope in 1977 het eerste deel was.

Recensie Star Wars: The Force Awakens

Oude en nieuwe gezichten
Het begint natuurlijk gelijk al goed met de iconische titel-crawl en de onnavolgbare muziek van John Williams. Op een woestijnplaneet die lijkt op Tatooine uit A New Hope, maar Jakku heet, zoekt X-wingpiloot Poe Dameron (Oscar Isaac) naar Luke Skywalker. Hij is verdwenen en nieuwe duistere krachten die zich The First Order noemen hebben het ook gemunt op deze legendarische Jedi-meester.

Het verhaal combineert veel bekende en geliefde oude gezichten met nieuwe personages. Het is een slimme en doordachte zet die een brug slaat tussen de oudere delen, maar ook tussen verschillende generaties fans.

Combinatie van kwetsbaarheid en daadkracht
Van die nieuwe koppen heeft Rey (Daisy Ridley) de belangrijkste rol. Zij doet denken aan de simpele Skywalker die in A New Hope geconfronteerd werd met zijn belangrijke taak, maar ook met onzekerheid en twijfel. Ridley is daarbij perfect gecast en hanteert een combinatie van kwetsbaarheid en daadkracht die haar tot een boeiende heldin maken.

Een ander interessant personage is Finn die een verrassende kant van de altijd anonieme Stormtroopers laat zien. John Boyega zet Finn sympathiek en komisch neer als een weifelende sidekick van Rey.

De film komt pas echt tot leven in de details. Rey woont in het karkas van een oude AT-AT in een woestijn die bezaaid is met de wrakstukken van oude voertuigen die iedere fan zich wel kan herinneren. De Millenium Falcon is nog steeds het snelste stuk schroot in de ruimte en wordt op grappige wijze in het verhaal geïntroduceerd.

Star Wars: The Force Awakens

Blockbuster-cinema
En dan is er nog de duistere kant die wordt belichaamd door Kylo Ren in zijn zwarte kostuum inclusief Darth Vader-achtige masker. Adam Driver weet deze complexe figuur goed neer te zetten alhoewel deze criticus moet bekennen dat hij hem soms moeilijk los kan zien van zijn komische rol in de serie Girls als de door seks geobsedeerde Adam.

Naast deze nieuwe helden die het Star Wars universum weer wat vers bloed geeft zijn Han Solo, prinses Leia en Chewbacca weer van de partij. Het is alsof ze nooit weg zijn geweest en Abrams verbindt zo nostalgie weer met een nieuwe verhaallijn waar iedereen nu nieuwsgierig naar is.

Zover is het dus missie geslaagd. Behalve dan als je niet gecharmeerd bent van de grote en fantasierijke blockbuster-cinema. In dat geval was je waarschijnlijk al in 1977 afgehaakt. Toch moet zelfs de echte cynicus bekennen dan het allemaal met liefde en respect voor het Star Wars-universum is gemaakt. In zijn genre heeft Abrams een waardig vervolg afgeleverd. Een hele prestatie na de dompers van Lucas en een bewijs dat dure megaproducties ook gewoon je hart sneller kunnen doen kloppen.

 

16 december 2015

 
ALLE RECENSIES

Steve Jobs

****

recensie  Steve Jobs

Het genie als gesloten systeem

door Alfred Bos

Steve Wozniak ontwierp de Apple-computer en Steve Jobs verkocht hem. Veertig jaar later is Apple ‘s werelds sterkste merknaam, Steve Jobs een bewierookt icoon en Steve Wozniak een anonieme veteraan. Danny Boyles karakterstudie toont hoe dat heeft kunnen gebeuren.

Steve Jobs, Danny Boyles fictieve filmportret van de man die Apple deed uitgroeien tot de bekendste merknaam ter wereld, opent met een clipje uit de jaren zestig. Sciencefictionauteur en wetenschapsjournalist Arthur C. Clarke vertelt, staande bij een brok metaal met knopjes en lichtjes, dat in de nabije toekomst de computer ‘net zo gewoon als de telefoon’ zal zijn. Zelfs de man die de communicatiesatelliet bedacht kon niet voorzien dat Jobs het beter zou weten. Die draaide het om en maakte van de telefoon een computer.

Steve Jobs

Vier jaar na zijn overlijden is Steve Jobs nog steeds spraakmakend. Tijdens IDFA draaide de (niet altijd even flatteuze) documentaire Steve Jobs: The Man in the Machine. Ook Boyles rolprent toont een man wiens intelligentie en ambitie omgekeerd evenredig zijn aan zijn inlevingsvermogen. De Jobs van Doyle, een glansrol van Michael Fassbender, is een ijskoude control freak die met Bob Dylan dweept. Die controlezucht toont zich ook in de computers die hij bedacht: Apple is een gesloten systeem dat opereert in een eigen domein. Boyle schetst Jobs als gesloten systeem.

Verfilmd toneelstuk
De film is theatraal zonder theatraal te zijn en dat is de verdienste van de regisseur. Boyle toomt zijn hyperactieve filmstijl in en concentreert zich op de personages; desondanks voelt dit portret nimmer als een verfilmd toneelstuk hoewel het dat in feite is. Net als in Birdman speelt de handeling zich voornamelijk af in het theater, op en achter het toneel waar Jobs zich voorbereidt op een belangrijke presentatie. Scriptschrijver Aaron Sorkin (de man achter de tv-series The West Wing en The Newsroom, ook verantwoordelijk voor het draaiboek van The Social Network over Mark ‘Facebook’ Zuckerberg) condenseert zijn karakterschets in drie kantelmomenten uit Jobs loopbaan.

In 1984 presenteert Jobs de Macintosh, een revolutionaire machine die evenwel flopt en zijn einde bij Apple inluidt. In 1988 komt hij met de NeXT-computer terwijl het apparaat nog lang niet klaar is voor productie; het is een tactische meesterzet. In 1998, inmiddels weer terug bij Apple, onthult hij de iMac, de computer als lifestyleproduct. Doyle snijdt door die strakke toneelmatige, in ware tijd spelende structuur flashbacks van sleutelmomenten die in de filmhandeling ter sprake komen. Het is een masterclass in filmisch vertellen.

Messcherpe dialogen
Naast de Oscar-waardige titelrol van Fassbender, Sorkins briljante script en Doyles rake registratie is er een reeks sterke bijrollen. Jobs’ voormalige kompaan Steve Wozniak (eindelijk een fatsoenlijke rol van Seth Rogen) vraagt tevergeefs om krediet voor zijn team. Marketingspecialist en surrogaatvader Steve Sculley (Jeff Daniels), weggekocht bij Pepsi, botst met Jobs over strategie. Software-tovenaar Andy Hertzfeld (Michael Stuhlbarg), bedenker van de grafische interface, dient als running gag. Jobs’ex Chrisann Brennan (Katherine Waterston) en dochter Lisa worden backstage  door Jobs weggezet als hinderlijke meubelstukken.

Steve Jobs

‘Hun enige probleem is dat het mensen zijn’, laat Jobs zich in een probleemsituatie ontvallen. Hij denkt als een machine, binair: aan of uit, en niets daartussen. Het menselijke tegenwicht komt van zijn rechterhand, marketingdirecteur Joanna Hoffman (Kate Winslet), die op de werkvloer als een surrogaat-eega én zijn geweten functioneert. De andere vrouw in Jobs’ leven is dochter Lisa, die de ijsberg uiteindelijk een pietsie weet te ontdooien.

Met zijn messcherpe dialogen en treffende karakterschetsen ontvouwt Steve Jobs zich als een Shakespeareaans drama, in ieder opzicht superieur aan de biopic Jobs  (Joshua Michael Stern, 2013). In de geest van Steve Jobs is het een compromisloos portret van een man wiens tijd inmiddels is geweest, want hoe kan het gesloten ecosysteem van Apple overleven in een wereld die dagelijks meer en meer met elkaar verbonden wordt?

 

30 november 2015

 
ALLE RECENSIES