Son of Saul

recensie  Son of Saul

Een nauwgezette en onontkoombare hel

door George Vermij

Regisseur László Nemes laat zich in Son of Saul niet weerhouden door de woorden van Claude Lanzmann (Shoah) die vond dat men de holocaust alleen kon begrijpen door de woorden van overlevenden en niet door historische reconstructies. Son of Saul is een verstikkende tocht door de machinale hel van een vernietigingskamp, ontdaan van momenten van troost of bezinning.

Veel overlevenden van de holocaust die hun ervaringen op papier wilden zetten, beklaagden zich over de onmogelijkheid om de gebeurtenissen correct te beschrijven. Hoe kan je het uitputtende en uitzichtloze bestaan van een gevangene vatten voor iemand die het niet heeft meegemaakt? De uitdagende poging die de Hongaarse regisseur László Nemes nu in Son of Saul onderneemt, steunt op twee pijlers.

Filmisch hanteert hij een stijl waarbij de camera voortdurend op de huid van hoofdpersoon Saul zit en hem opgejaagd door het kamp volgt. Een bekende methode die leunt op de cinema van de Dardennes en perfect geschikt is voor de continue en dreigende spanning in een concentratiekamp. Het vierkante beeldformaat van de film versterkt nog eens die benauwende sfeer.

Recensie Son of Saul

Belangwekkende feiten
De andere pijler is de historische gedetailleerdheid van de film die op geen moment didactisch is, maar overtuigt door de belangwekkende feiten die worden getoond. Het verhaal gaat over een lid van een Sonderkommando: een concentratiekampgevangene die in leven wordt gehouden om mee te werken met de massavernietiging.

Het eerste shot van de film toont een groep joden die in een ruimte worden geleid door Saul en andere leden van zijn ploeg. Nadat de mensen verdwijnen in de gaskamer moet Saul in snel tempo alle bezittingen verzamelen zodat er weer plek is voor de volgende lading. Als hij na een vergassing zijn zoon denkt te herkennen tussen de lijken, probeert hij hem op een gepaste wijze te begraven, wat een onmogelijke taak is in de hel van Auschwitz-Birkenau.

De verdronkenen en de geredden
Er zijn opvallend veel raakvlakken met het redelijke Amerikaanse The Grey Zone ook al vaagt Son of Saul die film van de kaart. In beide films wordt een levende persoon gevonden na een vergassing en behandelt het verhaal zijdelings een mislukte opstand van een Sonderkommando die echt heeft plaatsgevonden in 1944. De gemeenschappelijke factor in de films is Miklós Nyiszli die als arts werkzaam was in Auschwitz-Birkenau en zijn getuigenissen na de oorlog zou optekenen. Die vormden de basis voor The Grey Zone, maar Nyiszli komt ook subtiel in Son of Saul voor als een arts die Saul helpt in het bewaren van het lichaam van zijn zoon.

Nemes moet daarnaast Claude Lanzmanns Shoah hebben gezien. In die documentaire is er een lang interview met een lid van een Sonderkommando die de oorlog heeft overleefd. In dat interview gaat het over het eufemistische taalgebruik van de nazi’s en hun macabere obsessie voor orde, resultaten en cijfers. Lijken werden Stücken genoemd en die woorden komen terug in Nemes’ film.

Opmerkelijk is wel dat de naam van het concentratiekamp onuitgesproken blijft. Dat het Auschwitz-Birkenau is, blijkt uit een scène waarin personages spreken over Kanada. De bijnaam van het deel van het kamp waar alle bezittingen van de vermoorde gevangenen werden bewaard. Ook verwijst een scène naar een iconische clandestiene foto van verbranding van lijken in een veld.

Recensie Son of Saul

Opgejaagde intensiteit
Natuurlijk is Son of Saul geen makkelijke kijkervaring. Door middel van Sauls tocht ontdek je de ringen van een moderne hel werkend als meedogenloze machine en iedereen vermorzelend die niet collaboreert. De Sonderkommando’s zijn de onbeduidende radertjes in de chaos.

Het verhaal speelt zich af op een moment waar de capaciteit van het kamp op knappen staat. In 1944 konden massale deportaties van Hongaarse joden maar met moeite worden verwerkt. In die heksenketel bevindt Saul zich als hij van de crematoria opeens belandt op de velden buiten de omheiningen waar nazi’s improviseren met groepsexecuties, massagraven en vlammenwerpers. Ondanks dat alles draait de machine onverbiddelijk door.

Het is die opgejaagde intensiteit die de film uniek maakt, maar op momenten ook ondragelijk. De feiten zijn natuurlijk al lang bekend, toch is het te hopen dat de kracht van de film zal overkomen bij mensen die nog onwetend zijn. In een tijd waar vluchtelingen door bepaalde mensen worden gezien als ongedierte en waar onderbuikgevoelens ongegeneerd worden geventileerd, is het goed om te beseffen wat onmenselijkheid echt betekent.

 

3 november 2015

 
ALLE RECENSIES

Spectre

****

recensie  Spectre

‘Spectreculaire’ Bond-film

door Ralph Evers

Temidden van de día de muertos  in Mexico-Stad onderneemt James Bond een soloactie om een gewraakt lid van een internationale misdaadorganisatie uit te schakelen. Het tumult dat volgt levert Bond een geheimzinnige ring op. Die lijkt meer te vertellen over zijn verleden dan hem lief is.

De nieuwste Bond-film borduurt voort op de vorige delen, Skyfall en Quantum of Solace. Een wraakactie op Marco Sciarra, een laatste wens van de vorige M (Judi Dench) is het startschot van een nieuw Bond-spektakel. Een reeks intriges en liquidaties later, is 007 iets groots op het spoor. Een internationaal netwerk, genaamd SPECTRE en geleid door een illustere bad guy.

In zijn zoektocht wordt Bond bijgestaan door een charmante femme fatale, Dr. Madeleine Swann (Léa Seydoux), die een onuitputtelijke garderobe in haar reiskoffer weet mee te zeulen. Kan hij rekenen op de coole technische snufjes van Q, het scepticisme van M, de loyaliteit van Miss Moneypenny en de tegenwerking van een half leger zware jongens, die zelfs een uitgekiend romantisch diner in een heksenketel veranderen.

Recensie Spectre

Stripboek
James Bond beweegt zich in een wereld die parallel is aan de onze. Hij is de superheld zonder superkrachten, de galante, charmante gentleman  zoals we ze uit de Engelse literatuur kennen. De intelligente mooiboy uit de archetypische spionnenroman, die precies van alles voldoende kennis in huis heeft. Zijn vindingrijkheid doet een McGyver of een A-team flink in de schaduw staan. Zijn geluk is minstens zo groot als dat van Kuifje. Bond is een stripheld tot leven gekomen via boek op het witte doek en appelleert daarmee aan zowel de realiteit als het sprookje.

Sprookje
Van dat laatste bevatten de Bond-films altijd voldoende elementen. De prachtige omgevingen (alsof je terugkomt van vakantie, als de aftiteling begint), vrouwen, decors, twists en in Spectre een heuse metatwist (met de ontdekking van de geschiedenis van de bad guy, overtuigend gespeeld door een schmierende Christoph Waltz).

Tot slot natuurlijk de tegenstellingen, explosieve actie versus idyllische rust, goed versus kwaad, man versus vrouw. De elementen die subtiel benadrukt worden door het sublieme camerawerk van Hoyte van Hoytema (een naam die zo uit een Suske en Wiske weggelopen is), die we ook kennen van Tinker, Tailor, Soldier; Spy en Interstellar. Zijn cameravoering versterkt subtiel de sfeer van de scènes door een uitgekiende kleurstelling. Met name in de rustige scènes geeft dit kleurpalet een sereniteit die welkom is na de actiescènes en tegelijk onheilspellend aanvoelt. Die rust wordt gecontrasteerd door de ritmische muziek onder de actie, vrijwel naadloos gechoreografeerd op elkaar, waardoor Bond op meerdere zintuigen tegelijk je hersenen binnen dendert. En niet alleen bij de kijker zelf. Ook Bond ervaart dit aan den lijve.

Spectre

Alfaman
Bond, de alfaman der alfamannen, heeft niet alleen concurrentie van zijn vele tegenstanders. Ook daarbuiten tracht men aan zijn status te tornen. De Mission Impossible-films katapulteren Tom Cruise als Amerikaanse tegenhanger-superheld, met dito exotische locaties, coole gadgets  en wat dies meer zij. We zien hints terug van Bond in de Largo Winch-reeks en de Sherlock Holmes  van Guy Ritchie. Allen gentleman-helden, maar er is maar één James Bond, en dat wordt dan ook ruimschoots bewezen in de nieuwste affiche.

Charmant
Wat Bond als cultuuricoon en filmheld tijdloos maakt, is onder andere het feit dat de films met hun tijd meegaan. Het is gemakkelijk allerlei geopolitieke ontwikkelingen terug te zien in een Bond-film en deze te gebruiken als duiding, terwijl deze doorgaans voornamelijk als achtergrond van het verhaal dienen.

Waar de jaren 60- en 70-Bonds vooral over het Rode Gevaar gingen en de vijand steevast Russen waren, gaat het sinds de jaren 90 en 00 naar andere gebieden. Toch ook komen er andere thema’s aan bod. Mediadictatuur, waterdictatuur en ditmaal een surveillancedictatuur. Terecht dat M (ditmaal Ralph Fiennes) een opmerking maakt over het uitkomen van Orwell’s droom.

Spectre

Menselijker
Waar Bond vroeger die halfgod was, die nauwelijks geraakt werd, laat staan gewond, die door onuitstaanbare pijnen ging en in een split second de juiste beslissing nam – naast het feit dat hij nimmer verliefd werd en we nauwelijks iets over zijn geschiedenis kenden – zien we nu juist een ommekeer hierin. Nog altijd schiet hij scherper dan een goed getrainde sluipschutter. Nog altijd kan hij onder gigantische druk de juiste beslissingen nemen, maar nieuw is dat we meer over zijn verleden komen te weten, dat hij verliefd kan worden, gevoelens heeft en gewond raakt.

Hij heeft echter één onmiskenbaar Brits medicijn tegen al zijn tegenslag: humor. Gortdroge humor. Dat zit doorspekt doorheen Spectre. De overdreven actiescènes, de coole one-liners en de interactie tussen alle allianties van Bond met hun demonen. Het zijn de ingrediënten die de Bond-film zo aantrekkelijk maken.

 

28 oktober 2015

 
ALLE RECENSIES

Sworn Virgin

****

recensie  Sworn Virgin

Zoektocht naar vrouwelijkheid door onhoudbare traditie

door Nanda Aris

Sworn Virgin van debuterend regisseuse Laura Bispuri vertelt het bijzondere verhaal van een jonge vrouw die haar maagdelijkheid bezweert, en daarmee als man door het leven mag gaan in de Albanese Kanun-gemeenschap. Bispuri baseerde het verhaal op het gelijknamige boek van Elvira Dones. 

De eerste tien minuten van de film volgen we de jonge vrouw Hana Doda (Alba Rohrwacher), omlijst door de prachtige besneeuwde bergen van Albanië. We begrijpen het doel van deze fascinerende beelden nog niet, maar mooi zijn ze wel. Zoals de long take van de bergbewoners die van de boot afstappen en tezamen met ezels en grote jute zakken op de rug langzaam de bergen inlopen.

Recensie Sworn Virgin

Man
Hana omringt zich door mannen, en de kijker komt er snel achter dat dit komt doordat Hana als man, genaamd Mark, door het leven gaat. Een keuze die ze op jonge leeftijd heeft gemaakt; ze wilde niet uitgehuwelijkt worden. Een andere optie binnen de Kanun-gemeenschap is om als man door het leven te gaan en eeuwige maagdelijkheid te zweren.

Het betekent dat ze mag jagen, mag drinken, kortom dat ze alle voorrechten krijgt die de mannen binnen de gemeenschap ook krijgen. Behalve dat ze een relatie, met welke sekse dan ook, mag hebben. In de Kanun-gemeenschap bestaan nog steeds gevallen van sworn virgins, en in de film zien we een aantal van hen voorbij komen.

Milaan
Haar zus Lila (Flonja Kodheli), met wie Hanna een goede band heeft, vlucht samen met haar geliefde op jonge leeftijd naar Milaan. Hana blijft, maar wanneer haar ouders wegvallen, en ze weinig meer heeft in het dorp te, besluit ze haar zus achterna te reizen. Het bruisende leven in Milaan bevalt haar, en met de hulp van Lila en haar vriend Stjefen (Luan Jaha) krijgt ze een baantje en haar eigen appartement. Langzaamaan breekt ze met de belofte om als man en maagd door het leven te gaan.

Vrouwelijkheid
De dochter van Lila, Jonida (Emily Ferratello) is schoonzwemster, en Hana gaat mee naar het zwembad om te kijken. De zware make-up van de zwemsters intrigeert Hana. Evenals de badmeester in het zwembad. Hana geeft zich over aan haar vrouwelijkheid, ook al betekent dit geen radicale make-over. Ze kleedt zich niet vrouwelijker dan voorheen, alhoewel ze naar verloop van tijd de bandage waarmee ze haar borsten strak inbond, verruilt voor een bh. Bispuri snijdt hiermee het transgenderthema aan, alhoewel op een ingetogen manier.

Aan het einde van de film is Mark niet verdwenen, maar verenigd met Hana. Na jarenlang, en in een belangrijke fase van haar leven, man te zijn geweest, is het onmogelijk om deze mannelijke kant totaal opzij te zetten.

Recensie Sworn Virgin

Niet-lineair
De film wisselt tussen heden en verleden. De jonge zusjes Hana en Lila worden gespeeld door twee zusjes die werkelijk in het berggebied wonen, wat de authenticiteit ten goede komt. De flashbacks naar hun verleden werken goed, maar om de beelden in het begin van de film goed te kunnen begrijpen, moeten we in het verdere verloop diep graven naar hun betekenis.

Het is de enige aanmerking op Sworn Virgin, de prachtige debuutfilm van Laura Bispuri, die hiermee zeer terecht meermaals in de prijzen viel. De zoektocht van de ambigue persoon Hana/Mark zet niet alleen aan het denken over transgender zijn, maar ook over vrouwelijkheid, en vrijheid hierin. Bispuri vraagt zich terecht af: “Zijn vrouwen tegenwoordig echt zo vrij?” Een zeer actuele vraag in onze westerse maatschappij waarin van vrouwen verwacht wordt dat zij voldoen aan een bepaald schoonheidsideaal.

 

11 oktober 2015

 
ALLE RECENSIES

Sicario

****

recensie  Sicario

Hoe vals wordt het spel gespeeld?

door Alfred Bos

In Stephen Soderberghs Traffic (2000) is de Mexicaanse cokemaffia machtig, maar feilbaar. In Oliver Stones Savages (2012) wordt het drugsgeweld opgediend als gepimpt entertainment. In Sicario tapt regisseur Denis Villeneuve uit een ander vaatje: hij toont een existentiële oorlog.

Terwijl de ene film rond cokebaron Escobar net in Engeland draait, een tv-serie rond de man als thuisvermaak wordt aangeprezen in de Nederlandse bioscopen en de volgende rolprent over de Colombiaanse opperschurk (met Penélope Cruz en Javier Bardem) in productie is, toont de Canadese regisseur Denis Villeneuve een geheel andere kijk op de illegale drugshandel van Midden-Amerika. Er is niets glamoureus aan de boeven die Sicario bevolken. Er is niets glamoureus aan de Amerikaanse overheidsmedewerkers die hen bekampen. Er is niets glamoureus aan het geweld en de slachtingen, de list en het bedrog. Het is dodelijke ernst.

Recensie Sicario

Sicario is rauw-realistisch en compromisloos, een deprimerende schets van de mate waarin Mexicaanse drugskartels de (Amerikaanse) economie en samenleving zijn binnengedrongen en de onconventionele methodes die de overheid gebruikt om het probleem in te dammen. Dat Villeneuve niet schroomt om nare waarheden voor het voetlicht te brengen, weten we sinds Polytechnique (2009), waarin hij in het brein kruipt van een vrouwenhater die in 1989 een bloedbad aanrichtte op Montréals École Polytechnique. In Incendies (2010) kijkt hij niet weg van moord, verkrachting en genocide in het Midden Oosten. Zijn recente Engelstalige films met Jake Gyllenhaal in de hoofdrol (Prisoners en Enemy, beide uit 2013) benadrukken psychologie en, vooral, pathologie.

Huurmoordenaar
Aldus is Sicoria geen uitstapje naar de actiethriller-blockbuster in de popcorn-vriendelijke multiplex, maar een voortzetting van zijn thema – de mens als wolf – in een ander genre. Het is een eigentijdse western, met de Mexicaanse drugsmaffia als indianen. Of eigenlijk, als terroristen die worden bestreden door veteranen uit Afghanistan, want zo ontwrichtend is het drugsgerelateerde geweld inmiddels geworden. In de vuile oorlog tegen de kartels heeft de protagonist, de idealistische vrijwilligster Kate Macer (Emily Blunt), in feite niets te zoeken. Deze vijand bestrijd je niet met open vizier en schoon blazoen, die ontregel je met misinformatie en keihard contrageweld.

Tegenover het humanisme van Macer staat het macho-nihilisme van Matt Graver (Josh Brolin), die met een speciaal team van allerhande agenten op de schurken jaagt. De zwijgzame Alejandro (wederom een sterrol voor Benicio Del Toro) heeft intieme kennis van het milieu en jaagt om zijn eigen redenen met Graver mee. Sicario, het Spaanse woord voor huurmoordenaar, werd gemunt door de Romeinen die er sluipmoordenaars van Romeinse burgers in Judea mee aanduidden. In de film is de Mexicaanse drugsbaas Alarcon, de onvindbare schim die verantwoordelijk is voor een eindeloze reeks ontvoeringen, verdwijningen en moorden op Amerikaanse bodem, het doelwit van Graver.

Sicario

Inktzwart
De regisseur noemt Sicario een donker gedicht en over het poëtische gehalte kun je discussiëren, maar donker is de film zeker; zeg maar gerust, inktzwart. Hij toont een wereld waarover je niets leest in de kranten of ziet op het tv-scherm, een clandestiene oorlog buiten de maatschappelijke orde met als inzet diezelfde maatschappelijke orde. Zoals Matt Graver aan Kate Mecer duidelijk maakt: vroeger had je de Colombiaanse kartels en was er nog een schim van controle. Nu vecht hij tegen de Mexicanen om die glimp van orde terug te brengen. Hij werkt met kwaad om erger kwaad een halt toe te roepen. Stephen Soderberghs Traffic uit 2000 is een romantisch verleden, Oliver Stones Savages van drie jaar terug onnozele rimram.

Aan actie is er geen gebrek, aan situaties waarin alle zintuigen op scherp staan evenmin. Tussen de adrenaline-scènes zijn er de suspense momenten, en de met nachtkijker gedraaide beelden benadrukken de claustrofobische sfeer van de film. En elke oorlog wordt gewonnen met informatie, ook deze. Sicario ontleent zijn zinderende spanning voor een belangrijk deel aan de mist waarin de opzet van Graver is gehuld – en de bijna subliminale soundtrack van Johann Johannson. Het doelwit is duidelijk, maar hoe, wie en wat, inclusief haar rol, daar komt Macer pas achter als de rook is opgetrokken. De zege heeft niets triomfantelijks, wat rest is een reeks confronterende vragen.

 

6 oktober 2015

 
ALLE RECENSIES

Slow West

****

recensie  Slow West

Onschuld in het wilde Westen

door Alfred Bos

Knappe debuutfilm van de Schotse regisseur en scenarist John Maclean, die een originele toon weet te treffen en de westernclichés inruilt voor een tijdloos drama met een ironische draai.

De charme van het westerngenre is niet in de laatste plaats de schoonheid van de landschappen waarin en waartegen het verhaal zich afspeelt. In dat opzicht is Slow West, gesitueerd in de Amerikaanse (berg)staat Colorado, maar gedraaid in Nieuw Zeeland, bovengemiddeld sterk. En niet alleen in dat opzicht: Slow West  is een niet-generiek genrestuk waarin klassieke thema’s over goed, kwaad en de menselijke natuur op oorspronkelijke wijze worden uitgebeeld.

Recensie Slow West

De 16-jarige Schot Jay Cavendish (gespeeld door de jonge Australische acteur Kodi Smit-McPhee, we zagen hem vorig jaar in Dawn of the Planet of the Apes) reist richting Rocky Mountains op zoek naar zijn geliefde Rose Ross (Caren Pistorius). Die is met haar vader de Schotse heuvels ontvlucht na een fataal verlopen handgemeen. Het kuiken Jay wordt onder de vleugels genomen van de eenzame haan Silas Selleck (Michael Fassbinder), een outlaw met een dubbele agenda. Het tweetal moet zich onder meer de bende van Payne (Ben Mendelsohn, die wederom treft als morsige crimineel) van het lijf houden.

Romantische dromer
Slow West  is het werk van de uit Edinburgh afkomstige muzikant, schilder en nu ook filmmaker John Maclean, ooit medeoprichter van de bij Radiohead-fans niet onbekende Beta Band (drie albums tussen 1997 en 2004, warm aanbevolen). Was The Beta Band nimmer stijlvast, doch eclectisch en avontuurlijk, ook in zijn zelfgeschreven debuutfilm heeft Maclean lak aan genreclichés of stijlmiddelen, zonder à la Godard de filmgrammatica te herschrijven. Slow West is anders, maar niet té anders.

De regisseur heeft bovendien grip op zijn materiaal, het verhaal wordt met achteloze zwier neergezet. We leren Jay kennen als een romantische dromer, op zijn rug naar de sterren starend, en dat beeld keert als een refrein terug. Onderbroken door flashbacks die de voorgeschiedenis in Schotland toelichten, snijdt de film in slechts 84 minuten enkele gewichtige thema’s aan, zoals: liefde maakt blind, idealisten gooien altijd eigen en andermans glazen in, en hebzucht vernauwt de geest. In de Darwinistische jungle van het Wilde Westen is niemand te vertrouwen. ‘Een jurk maakt nog geen dame’, zoals Silas bij de kennismaking met Jay opmerkt.

Recensie Slow West

Verpletterende ironie
De finale, met een shoot-out die herinnert aan de opening van The Proposition, de Australische western van John Hillcoat, is van een verpletterende ironie. We zullen de clou hier niet verklappen, maar volstaan met de opmerking dat regisseur Maclean het slot al in het begin van de film, in een van de flashbacks, heeft opgezet. Waartoe liefde kan leiden, laat de camera zien wanneer de kruitdampen zijn opgetrokken. De film heeft een tijdloze kwaliteit, al is de hang naar roem, ook van desperado’s, een typisch trekje van het Facebook-tijdperk. De botsende culturen wellicht ook.

Slow West, zowel script als film, getuigen van veel zelfvertrouwen en een onafhankelijke creatieve geest. Het tempo is sloom maar vol onderhuidse spanning; de dialogen levendig, met rake terzijdes; de vorm eigenwijs maar niet gekunsteld; het verhaal vol wereldwijze ironie; en de fotografie passend bij de intimiderende schoonheid van de wildernis. Niet vreemd dat zowel het British Film Institute als acteur Michael Fassbinder de portemonnee trokken om dit debuut te realiseren. Er dient zich niet iedere week zo’n veelbelovend filmtalent aan.

 

15 september 2015

 
ALLE RECENSIES

Southpaw

**

recensie  Southpaw

Comeback Kid uit de goot

door Ashar Medina

In de nieuwste van regisseur Antoine Fuqua (Training Day) krijgt Jake Gyllenhaal als getroebleerde bokser tegenslag na tegenslag te verwerken. Helaas is een van die obstakels het soms wel erg voorspelbare script. 

Billy Hope (Gyllenhaal) heeft zichzelf omhoog gevochten van de armlastige pleeggezinnen uit zijn probleemjeugd naar de top van de bokswereld. Hij is de onbetwiste licht zwaargewicht-kampioen, maar heeft één groot probleem: zijn zelfbeheersing. Gelukkig is daar altijd zijn vrouw Maureen (Rachel McAdams) die onvoorwaardelijk van hem houdt en hem in toom weet te houden. Tot het noodlot toeslaat en Billy door zijn onbeheersbare woede alles verliest waarvoor hij zo hard heeft gewerkt. Hij moet helemaal opnieuw beginnen en bewijzen dat hij zich niet alleen kan aanpassen aan zijn nieuwe tegenstanders, maar ook dat hij een goede vader kan zijn voor zijn dochtertje. Wat volgt is de loodzware route naar een broodnodige comeback, een die we wel vaker hebben gezien.

Recensie Southpaw

Hopeloos
De titel Southpaw verwijst naar de onorthodoxe vechthouding van linkshandige boksers die Billy zichzelf moet aanleren om zijn aartsvijand te kunnen verslaan. Zo vertegenwoordigt Billy als underdog een bekend fenomeen in de bokswereld: The Great White Hope. De witte bokser die eindelijk weer eens de titel claimt, na een eindeloze reeks zwarte en Latino-kampioenen. De filmmakers gaan niet erg subtiel om met dit gegeven en het feit dat ze Billy ook nog de achternaam Hope meegeven ligt er nogal dik bovenop. Het resulteert in een eindeloze reeks woordgrappen van de bokscommentatoren die de spectaculair in beeld gebrachte gevechten van extra jus voorzien.

Zo maakt Southpaw dankbaar gebruik van de clichés die lijken te horen bij het genre: de op geld beluste manager die onze held in de steek laat zodra het minder gaat, de norse trainer met een mysterieus verleden en de verplichte montagesequenties waarin de boksers ’tot het gaatje gaan’. Regisseur Fuqua gaat de clichés niet uit de weg en gebruikt deze momenten juist om visueel uit te pakken. Dat is alleen niet altijd een garantie voor succes.

Winnen op punten
De cast van Southpaw doet meer dan zijn best. Gyllenhaal heeft een De Niro-achtige transformatie ondergaan en is volledig geloofwaardig als ongecontroleerde klerenkast. McAdams is het hart van de film en Forest Whitaker is indrukwekkend als kreupele coach met vervlogen dromen, inclusief glazen oog en alcoholverslaving. Een speciale vermelding verdient de 13-jarige Oona Laurence, die als vroeg-volwassen dochter uitstekend tegenspel biedt wanneer Billy zijn dieptepunt bereikt. De acteurs krijgen alleen te weinig om mee te werken. Fuqua verliest zich richting het einde in melodramatische scènes waarin personages óf elkaar de huid vol schelden óf bedrukt voor zich uit staren.

Southpaw

Daarnaast ziet de film er té gelikt uit. De materie is zo rauw dat de manier waarop de gevechten in beeld zijn gebracht soms afleidt. Gyllenhaal schreeuwt net iets te vaak in schitterende slow motion naar zijn tegenstanders en spuugt net iets te vaak grote klodders bloed richting de camera. Waar David O. Russel in The Fighter slim gebruik maakte van gesimuleerde tv-beelden om een gevoel van authenticiteit te creëren zit Southpaw er eigenlijk juist te dicht op. Deze techniek werkte geweldig in Raging Bull, maar daar zaten we soms letterlijk in het hoofd van bokser Jake LaMotta en bovendien werd die film geregisseerd door maestro Martin Scorsese. Onvergelijkbaar.

Southpaw is alles behalve saai, er gebeurt een hoop. Jammer genoeg gebeurt alles bijna zonder uitzondering volgens het boekje, waardoor de film niet echt iets toevoegt aan het rijke genre van de boksfilm.

In memoriam
De bombastische, doch geslaagde score van Southpaw vormt helaas de zwanenzang van de zeer productieve filmcomponist James Horner, die een maand voor de première verongelukte in zijn privévliegtuig. Horner werkte aan meer dan honderd films, was onder andere verantwoordelijk voor de legendarische soundtrack van Titanic en drukte zo zijn onuitwisbare stempel op het moderne geluid van Hollywood. Hij zal worden gemist.

 

7 september 2015

 
ALLE RECENSIES

Straight Outta Compton

***

recensie  Straight Outta Compton

Verbaal geweld als kunstvorm

door Cor Oliemeulen

Bitches, dope, guns… De gangsta rap zorgde medio jaren tachtig voor veel onrust en creatief talent. Straight Outta Compton is de boeiende biografie van een hiphop-generatie die door iets teveel romantisering geleidelijk wat aan kracht verliest.

De muzikale beschouwing lijkt vooral een eerbetoon aan voormalig drugsdealer Eric “Eazy-E” Wright die in Compton, een voorstad van Los Angeles, met Ice Cube en Dr. Dre de rapgroep N.W.A. vormde en samen met zijn blanke compagnon Jerry Heller het label Ruthless Records oprichtte. Als antwoord op de East Coast-hiphop zetten deze ‘Niggaz Wit Attitudes’ met muzikale steun van MC Ren en DJ Yella aan de westkust de gangsta rap definitief op de kaart.

Recensie Straight Outta Compton

De grote doorbraak kwam na het uitbrengen van het album Straight Outta Compton: niet eerder verscheen het rauwe straatleven van gewelddadige buurten zo realistisch en voorzien van een vette beat op het vinyl. Niet zozeer het expliciete taalgebruik als wel het over de top neerzetten van vrouwen (‘alleen goed voor seks, schiet ze anders maar dood’), maar de openlijke afkeer van de politie werd het onderwerp van nationale controverse.

Fuck de politie
Als Eazy-E (Jason Mitchell), Jerry Heller (Paul Giamatti), Ice Cube (O’Shea Jackson Jr., zoon van de echte rapper!) en Dr. Dre (Corey Hawkins) in een brief van de FBI hebben gelezen dat zij het nummer Fuck tha Police alleen nog maar geheel op eigen risico kunnen spelen, raakt de groep vastbesloten niet te zwichten voor ‘intimidatie en discriminatie’. Vrijheid van meningsuiting staat hoog in het vaandel en bovendien zal de extra publiciteit geen windeieren leggen, denkt Dr. Dre. (Het gevolg was wel dat grote muziekstations, inclusief MTV, de rapband gingen boycotten)

Tijdens het eerstvolgende concert van N.W.A. in Detroit loopt het dan ook danig uit de hand: nadat rappers en publiek uit volle borst en met opgestoken middelvinger de gewraakte titeltekst zingen, klinken schoten, veegt de halve plaatselijke politiemacht de zaal leeg en verdwijnen de artiesten tijdelijk achter de tralies. “Hoezo verheerlijken wij geweld?”, aldus de rappers tijdens een persconferentie. “Our art is a reflection of our reality.”

Het thema van politiegeweld tegen minderheden ligt er in Straight Outta Compton soms dik bovenop. Bijvoorbeeld als de leden van N.W.A. tijdens studio-opnames even op het trottoir een luchtje gaan scheppen en ze binnen een paar minuten door de politie hard tegen de grond worden gewerkt. En als later in het verhaal de overbekende beelden van de dood gemepte Rodney King opduiken en na de onthutsende vrijspraak van de verantwoordelijke agenten in veel steden brandstichtende en plunderende menigten door de straten trekken.

Straight Outta Compton

Wannabe gangsters
F. Gary Gray begon in 1995 als regisseur met de videoclip Natural Born Killaz van Snoop Doggy Dog, wiens schrandere personage in Straight Outta Compton in een grappige flits voorbijkomt. Ook leuk is de scène waarin Dr. Dre, inmiddels actief als producent van het beruchte Death Row Records, ene Tupac voor het eerst de muziek van de latere klassieker California Love laat horen. Voor een film over legendarische rappers gebruikt Gray (die zijn vorige speelfilm Law Abiding Citizen in 2009 maakte) opvallend weinig langere muziekfragmenten, maar de liefhebber kan zich laven aan een grote hoeveelheid bekende samples.

Naast een leerzame muziekgeschiedenis is Straight Outta Compton vooral een biografie over vriendschap en conflicten (met Ice Cube als spil) tussen rebellerende talentvolle jongens die maar al te graag stoer gevonden willen worden. Hoewel ze zich omringen met gangsterachtige types en zelf een enkele keer het geweld niet schuwen, worden de rapartiesten in de film soms bijna als ideale schoonzonen afgeschilderd. Zo komt pas na bijna twee uur de eerste joint voorbij en van wit poeder is helemaal geen sprake. In de gecensureerde versie die bij ons in de bioscoop draait, fungeren de vermaarde pool party’s met schaars geklede bikinidames eerder als gelegenheidsbehang dan als uitzinnige orgies. De weggeknipte seksscènes zouden wel beter hebben verklaard waarom Eazy-E geen lang leven was beschoren.

 

31 augustus 2015

 
ALLE RECENSIES

She´s Funny That Way

***

recensie  She´s Funny That Way

Pretentieloos vermaak in nostalgische komedie

door Cor Oliemeulen

She´s Funny That Way biedt uitkomst in een tijd waarin de ene romantische komedie de andere overtreft in stompzinnige luiheid. Zie hier een originele klucht die de sfeer van weleer oproept. Lang niet zo ingenieus als Midnight in Paris, maar onderhoudend genoeg voor een regenachtige zondagmiddag of een zwoele zomeravond.

“I’ve got a man crazy for me. He’s funny that way”, zong Billy Holliday in een tijd waar puurheid het nog won van commercie. De hang naar nostalgie vinden we volop terug in de jongste film van Peter Bogdanovich, een Amerikaanse filmmaker die in de jaren ’70 klassiekers als The Last Picture Show en Paper Moon maakte en zo’n status verwierf dat hij de regie van The Godfather en Chinatown aan zich voorbij kon laten gaan. Na een handvol televisiefilms, een aflevering van The Sopranos en een documentaire over Tom Petty and the Heartbreakers keert de inmiddels 75-jarige Bogdanovich terug naar het witte doek met een kolderieke klucht die teruggrijpt naar het hoge tempo van de klassieke romantische komedies uit de jaren ’30, begeleid door een dito soundtrack, en slim genoeg vol zit met verwijzingen naar films van weleer.

Recensie She´s Funny That Way

Callgirl wordt actrice
She’s Funny That Way is een hilarisch praatfeestje waar het spelplezier regelmatig van het scherm spat. Owen Wilson speelt de bekende theaterregisseur Arnold Albertson, voor wie je sympathie blijft houden, zelfs als hij door de ene telefoon praat met zijn vrouw en kinderen en tegelijkertijd belt met een escortservice om een callgirl te bestellen. Even later ligt de bevallige Isabelle (Imogen Poots) in zijn hotelkamerbed en biedt Arnold haar 30.000 dollar zodat zij kan stoppen met de exploitatie van haar lichaam en kan gaan werken aan haar ambitie om actrice te worden. Alle gekkigheid begint als Isabelle zonder dat zij het weet een auditie doet voor het nieuwe stuk van Arnold en iedereen imponeert zodat zij wordt gekozen voor de hoofdrol, jawel: een callgirl.

Bogdanovich charterde zijn bevriende collega’s Wes Anderson (The Grand Budapest Hotel) en Noah Baumbach (Frances Ha) als executive producers zodat zijn film, die al vijftien jaar in zijn hoofd spookte, eindelijk van de grond kon komen en sterren als Owen Wilson (vaste acteur van Wes Anderson) en Jennifer Aniston (als bitchy psychiater) binnen boord konden worden gehaald. Opvallend genoeg bespeur je in She’s Funny That Way enkele handelsmerken van genoemde regisseurs: de droogabsurde situaties van Anderson en de relatieperikelen van Baumbach. Ook doet de film soms denken aan nostalgische vertellingen van Woody Allen, vooral omdat Bogdanovich’ komedie zich afspeelt in New York, wat wordt benadrukt door het vette Brooklyn-accent van de Engelse Imogen Poots.

Recensie She´s Funny That Way

Boordevol leuke rollen
Het verhaal stelt niet veel voor, maar de situaties en onderlinge confrontaties zijn kostelijk. Tegenwoordig zie je nog maar zelden romantische komedies die het niet hoeven te hebben van seksbanaliteiten, onderbroekenlol en clichés. Alleen al om die reden is She’s Funny That Way dik de moeite waard. Het is een onderhoudend, pretentieloos blijspel boordevol leuke rollen.

Naast Wilson, Poots en Aniston, maken we kennis met Rhys Ifans als de populaire sterspeler van het theaterstuk, Will Forte als scenarioschrijver die keihard valt voor de callgirl en Cybill Shepherd (sinds haar doorbraak in The Last Picture Show jarenlang de geliefde van Peter Bogdanovich) als haar bezorgde moeder. De cameo van Quentin Tarantino aan het eind valt jammerlijk uit de toon en bewijst hoe moeilijk het is om een geslaagde komedie in stijl af te ronden.

 

18 juli 2015

 
ALLE RECENSIES

Spy

****

recensie  Spy

XXL Karateheldin

door Alfred Bos

Van Sofia, via Parijs en Rome, naar Budapest en het Ballatonmeer, Spy is de ideale familiefilm: een parodie op James Bond, met net genoeg spanning om voor thriller door te kunnen gaan. En Jason Statham blijkt een komisch talent, vooral in vermomming.

Genrefilms zijn een dankbaar doel om te parodiëren en weinig genres geschikter voor kolderieke quatsch en snaakse slapstick dan de spionagethriller. Spy houdt, heel slim, het midden tussen kolder en actie, en moduleert voortdurend tussen adrenaline-stimulerende sensatie en de bevrijdende lach. Als kers op de taart is er de ontdekking van Jason Statham als komediant.

Recensie Spy

In Spy werken regisseur Paul Feig (bekend van tv-series met een satirische inslag als Nurse Jackie en The Office; hij heeft een remake van Ghostbusters in voorbereiding) en de van origine stand-up comédienne Melissa McCarthy opnieuw samen. Twee jaar geleden maakten ze The Heat, waarin McCarthy als FBI-agente met veel absurdistische omhaal een drugsbaron uitschakelt. Ditmaal is de tonronde actrice een CIA-agent die haar bureaubaan verruilt voor de rol van infiltrant in een internationaal crimineel netwerk dat een atoomwapen wil verhandelen.

Verrassende aangever
Deze keer tekende regisseur Feig ook voor het draaiboek en Spy balanceert vakkundig op het koord dat parodie en ‘the real thing’ van elkaar scheidt. Met de tegenwoordig voor het James Bond-genre verplichte hoppen tussen fotogenieke locaties, doorgaans Europese hoofdsteden met historische allure en kosmopolitische flair, volgt de film de blauwdruk van de actiethriller. Doch die hebben doorgaans geen obese vrouw als vuilbekkende en taekwondoënde protagonist.

Dat is normaliter de rol van Jason Statham, maar die speelt hier een persiflage  – lees, een intensivering – van zijn standaardpersonage: een over de top strak staande vechtjas die, al dan niet in hilarische vermomming, McCarthy uit benarde situaties redt. Statham blijkt de ideale aangever en het verrassende contrapunt bij McCarthy’s tikje ordinaire humor, die alleen overkomt omdat die uit de mond van een vrouw rolt. Hij heeft ook de laatste grap van de film. En let op de aftiteling voor meer grollen.

Recensie Spy

Franchise in wording
Spy werkt omdat we zijn model, de actiethriller à la Bond, Bourne en Bryan Mills (Taken), zo goed kennen. We zijn vertrouwd met de paranoïde plot waarin het verraad driedubbelgelaagd is, de verwikkelingen als Twitter-berichten over elkaar heen tuimelen en de handeling die over de wereldkaart verspringt als was het popcorn op de bakplaat. Plak er een aantal sterren in – Jude Law als de gesoigneerde spion, Bobby Cannavale als de decadente schurk, 50 Cents als zichzelf – en voeg enkele stereotype bijrollen toe (de Italiaanse vrouwengek: Peter Serafinowicz; de Britse muurbloem: Miranda Hart) voor het effect. Vervolgens niet te hard schudden, want het schuimt al uit zichzelf.

De film houdt knap het midden tussen The Naked Gun-trilogie en de reeks Mission Impossible-films, en doet in zijn kluchtige uitvergroting van genreclichés denken aan het verfilmde stripboek Red. Hé, allemaal franchises, of minstens succesfilms met een vervolg. In Amerika is Spy al met veel jubel ontvangen, dus let op: dit wordt een franchise voor dikke dames plus actiehelden op leeftijd. Expendables meets Charlie’s Angels, maar dan XXL.

 

2 juni 2015

 
ALLE RECENSIES

Son of a Gun

**

recensie  Son of a Gun

Schaken op twee borden tegelijk

door Cor Oliemeulen

Een ervaren crimineel neemt een groentje onder zijn hoede, maar ontmoet weerstand als er een vrouw in het spel komt.

In speelfilms zie je regelmatig een schaakbord. Vaak staat het bord verkeerd (het veld rechtsonder moet wit zijn) en hebben de witte en zwarte stukken een onlogische positie. Meestal zie je wetenschappers, gepensioneerden of nerds achter het schaakbord, maar het komt ook voor dat gedetineerden het edele schaakspel beoefenen. Als kijker weet je dan direct dat zo’n boef slimmer is dan zijn collega’s die hun recreatietijd liever invullen met het tillen van gewichten, het uitwisselen van ideeën voor tatoeages, of het organiseren van een groepsverkrachting.

Recensie Son of a Gun

Complexe relatie, simpel verhaal
Als één van de beruchtste Australische criminelen Brendan Lynch (Ewan McGregor) achter een schaakbord zit na te denken over zijn volgende zet, deelt groentje JR (Brenton Thwaites) en passant mee dat Lynch zijn tegenstander in drie zetten schaakmat kan zetten. JR dwingt meteen respect af, het begin van een complexe relatie tussen Lynch en hem. In Son of a Gun geldt schaken als metafoor voor het criminele leven: een paar zetten vooruit denken en incalculeren wat je tegenstander kan doen, of iets of iemand opofferen om later voordeel te behalen. Het duurt niet lang voordat JR een pion in Lynch´s schaakspel naast het bord is. Wat volgt is geen koningsdrama, maar een overzichtelijk verhaal, dat ook voor liefhebbers van ganzenborden gemakkelijk is te volgen.

Omdat JR zich ook bemoeit met de structurele groepsverkrachting van zijn celgenoot, dreigt hij zelf het volgende zeepje van de douchevloer te moeten oprapen. Lynch en zijn mannetjesputters grijpen precies op tijd in, wat betekent dat JR na zijn zes maanden detentie Lynch een wederdienst moet bewijzen. Nadat Lynch op spectaculaire wijze uit de gevangenis is bevrijd, wordt JR het criminele circuit ingezogen. Lynch fungeert als een vaderfiguur, die JR kennelijk nooit heeft gehad. Lynch deelt niet alleen zijn idealen, levenservaring en eergevoel met JR, ook introduceert hij hem in een gewelddadige bende die vers gegoten goud wil stelen.

Recensie Son of a Gun

Verboden liefdesavontuur
De Schot Ewan McGregor speelde al vaker in Australische films (o.a. Moulin Rouge!, 2001), maar komt niet spectaculair uit de verf in Son of a Gun van Julius Avery, die naam maakte met korte films en zelf het scenario van zijn eerste speelfilm schreef. Ook zijn relatie met Brenton Thwaites (Maleficent, 2014) is te oppervlakkig, waarbij het vanaf de tweede ontmoeting al duidelijk is dat het onderling niet blijft boteren. Net als alle andere personages zijn ze te eendimensionaal en ontbreekt enige vorm van humor om het geweld te relativeren. Slechts één korte scène levert een glimlach op: iemand die niet wil praten wordt naakt in een vriezer gestopt, waarna twee criminelen er bovenop gaan zitten en een waterijsje eten.

Julius Avery probeert tevergeefs door middel van een verboden liefdesavontuur zijn misdaaddrama meer diepte te geven. Want in zijn nieuwe criminele omgeving speelt JR op twee borden tegelijk. Samen met Lynch wil hij een grote slag slaan, en ondertussen schaakt hij Tasha (Alicia Vikander, A Royal Affair, 2012), het liefje van bendeleider Sam. In deze onderhoudende, maar doorsnee actiefilm is het wachten op de slotconfrontatie tussen JR en Lynch. De finale poets die de een de ander bakt hebben we al vaker op het witte doek gezien.

 

6 april 2015

 
ALLE RECENSIES