Miss Sloane

****

recensie Miss Sloane

De lobby versus de democratie

door Alfred Bos

Hoe maak je een onhip thema als lobbyen inzichtelijk én spannend? Door er een politieke thriller vol manipulatie, paranoia en persoonlijke moed van te brouwen. Met een tijger in mantelpak in de hoofdrol.

De politieke thriller Miss Sloane speelt zich af in de ingewanden van de macht, het lobbycircuit van Washington. Bedrijven en organisaties huren verbale masseurs, de lobbyisten, in om buiten het zicht van het publiek, de media en concurrerende partijen, tijdens lunches in veel te dure restaurants of privéontmoetingen op duistere plekken, het beleid van de overheid naar hun hand te zetten. De kiezer wikt, de lobbyist beschikt.

Miss Sloane

Het is wellicht een weeffout in de democratie – ook in Brussel zijn er op iedere ambtenaar van ‘Europa’ een handvol lobbyisten actief – en Miss Sloane schetst een vlijmscherp portret van de machtsspelletjes buiten het zicht van de democratische orde. Elizabeth Sloane, de meest succesvolle lobbyist van Washington (een glansrol van Jessica Chastain), wordt door de wapenlobby gevraagd om de sentimenten over wapenbezit in een vergeten doelgroep, vrouwen, te doen kantelen.

Ze weigert, zegt per direct haar baan op, stapt met haar halve team over naar een ideëel lobbykantoor en begint een campagne tegen wapenbezit. Dame Sloane is een kat die zelfs met handschoenen aan nauwelijks valt te temmen: uiterst doortrapt, tactisch genadeloos en obsessief als het op winnen aankomt. Haar monoloog waarmee de film opent geeft een miniportret van de vrouw en haar opvattingen: anticipeer, wees de tegenpartij altijd een zet voor.

The Newsroom
Die kwaliteiten zal ze nodig hebben, want ze vindt haar voormalige werkgever tegenover zich. Die bepleit niet alleen de belangen van de wapenindustrie, hij wil Elizabeth Sloane vernietigen. Het spel wordt grof gespeeld, alles – ook geheimen uit de slaapkamer en persoonlijke trauma’s van medewerkers – is toegestaan om de tegenpartij knock-out te slaan. Moreel besef is een luxe die de winnaar zich niet kan veroorloven. Er kan er maar één zegevieren en dat is degene met de minste scrupules en de meeste azen in de mouw.

De Engele regisseur John Madden is een veteraan die elk genre aan kan, van romantisch drama (Captain Corelli’s Mandolin) tot komedie (de twee Exotic Marigold Hotel-films) en thriller (The Debt, ook met Chastain). Miss Sloane is strak, met veel vaart en achteloos vakmanschap verteld. Het Sloane-personage krijgt diepte, via spaarzame hints wordt duidelijk waarom ze is zoals ze is: een beschadigde vrouw met een ruggengraat van staal. Wat ook in het voordeel van de film werkt is een geraffineerde, maar geloofwaardige plot. En een sterke rolbezetting.

De scènes op de lobbykantoren herinneren aan de tv-serie The Newsroom (razendsnelle en spitse dialogen) en inderdaad zien we enkele acteurs uit dat tv-drama terug: Alison Pill als Sloane’s afvallige adjudant en Sam Waterston als haar voormalige baas en grote tegenstrever. Daarnaast zijn er prominente rollen voor de Engelse acteur Mark Strong als haar nieuwe werkgever en veteraan John Lithgow als de senator die haar via een openbare hoorcommissie professioneel poogt te breken.

Miss Sloane

Aanklacht
Het is genoeg voor een politieke thriller à la Three Days of the Condor of The Parallax View, jaren zeventig films waaruit de paranoia met dikke wolken opwalmt. Je kunt hem ook plaatsen in de hoek van The Big Short: de film maakt machinaties inzichtelijk die iedereen raken maar voor de meesten abracadabra zijn.

En Miss Sloane is een openlijke aanklacht, niet alleen tegen de praktijken van de Amerikaanse wapenindustrie die elk initiatief gericht tegen hun nering via vuil spel onderuit haalt, maar tegen de lobbypraktijk in het algemeen die als een kanker het proces van wetgeving heeft overwoekerd. “Het systeem is verrot, het beloont de ratten.” De waarheid laat zich alleen als fictie vertellen.

In Amerika is de film – een Europese productie, van een Europese regisseur – lauwtjes ontvangen. Amerikanen reageren doorgaans kribbig wanneer buitenlanders hen op hun feilen wijzen. Maar denk voor Washington Brussel en de portee van Miss Sloane blijft overeind. Krachtige boodschap, krachtige film.
 

21 februari 2017

 
MEER RECENSIES

Brimstone

****

recensie Brimstone

Gereformeerde spaghettiwestern

door Alfred Bos

In de eerste western van Nederlandse makelij spreekt een internationale cast Engels met een Nederlands accent. Dat is opzet: Brimstone gaat over Nederlandse kolonisten in de Nieuwe Wereld. En godsdienstwaanzin.

Aan het genre van de western hebben Nederlandse cineasten zich nauwelijks gewaagd. Het is meer dan een halve eeuw geleden dat Rudi Falkenhagen als Tim Tatoe op de zwart-witte tv-schermen van toen met zijn pistool zwaaide. Die kort lopende serie (één seizoen, acht afleveringen) was een western voor het hele gezin. Als familievermaak kun je Brimstone van Martin Koolhoven – volgens het filmaffiche Koolhoven’s Brimstone – onmogelijk typeren. Het geweld is extreem, de psychopathie eveneens.

Brimstone

Brimstone is een verhaal over Nederlandse kolonisten in de Nieuwe Wereld. Het is vooral een film over obsessie en weerbaarheid. Een stomme vrouw (sterke rol van Dakota Fanning) wordt belaagd door een sinistere predikant (dito Guy Pearce). Hoe de vrouw haar tong verloor en waarom de dominee zo van haar bezeten is, wordt niet-lineair verteld in de twee-en-een-half uur durende film die is opgedeeld in vier afzonderlijke, naar Bijbelboeken vernoemde segmenten.

Niet alleen toon, thema en vorm verraden ambitie, dat doet ook de internationale rolbezetting, met prominente bijrollen voor Carice van Houten, de Zwitserse actrice Carla Juri en Games of Thrones-ster Kit Harington. De 14-jarige Emilia Jones speelt de jeugdige versie van Fannings personage.

Inspiratiebronnen
Het filmtijdschrift Schokkend Nieuws vroeg Koolhoven welke films hem voor Brimstone, de eerste Nederlandse speelfilm die zich een western mag noemen, hebben geïnspireerd. De regisseur, cinefiel pur sang, verduidelijkte zijn keuze mondeling voorafgaand aan de voorpremière in EYE.

De troop van de stomme hoofdpersoon heeft Brimstone gemeen met Il Grande Silenzio (1968) van Sergio Corbucci, de man van Django en na Sergio Leone de meest prominente regisseur van spaghettiwesterns, een genre dat Koolhoven na aan het hart ligt. Il Grande Silenzio is overigens ook een western die zich voornamelijk afspeelt in de sneeuw, zoals het slothoofdstuk van Brimstone. De obsessieve western-fan noemt daar Das Finsterne Tal (wraakwestern in de Alpen van de Oostenrijker Andreas Prochaska) direct achteraan.

De verteltruc die in de voice-over zit verstopt, ontleende Koolhoven aan The Road Warrior, de tweede Mad Max-film (1981) van George Miller. De belaagde (anti)heldin heeft parallellen met Brian de Palma’s Carrie (1976) en de seksbeluste pathologische belager die zich aan het gezin opdringt kennen we reeds van Martin Scorsese’s Cape Fear (1991, met Robert de Niro), overigens een remake van het origineel uit 1962 met Robert Mitchum.

Existentiële terreur
Robert Mitchum speelt tevens de duistere dominee in The Night of the Hunter (1955), de belangrijkste inspiratiebron voor Brimstone, zo bevestigde Koolhoven tijdens de voorpremière. Het is een van zijn favoriete films. Dat is ook Once Upon a Time in the West, waarin de vrouwelijke hoofdpersoon eenzelfde ontwikkeling doormaakt als de heldin van Brimstone: hoer, weduwe, zakenvrouw.

Brimstone

Al deze filmtrivia worden uitgerold om iets over Brimstone te vertellen zonder al te veel te verklappen, want het is tevens een thriller die stukje bij beetje de intrige onthult. De verteltechniek is afwijkend, maar functioneel; de klap van de ontknoping komt des te harder aan, helemaal omdat hij aansluit om de ronduit verbluffende proloog. Die is van een serene schoonheid en tevens brute wreedheid die de kijker op scherp zet voor 150 minuten van inktzwarte existentiële terreur. Je kunt de film ook verkopen als horror.

Calvinistische western
Brimstone
toont de wereld van politiek filosoof Thomas Hobbes, waarin de mens de mens tot wolf is. Het tweede deel, Exodus, speelt zich af in het bordeel Frank’s Inferno. Mannen zijn alleen belust op geld en seks, vrouwen worden genadeloos geëxploiteerd en beestachtig behandeld; het geweld neemt groteske vormen aan. Deel drie, Genesis, verduidelijkt de onderlinge relatie van de belangrijkste personages. Het is het moment waarop Carice van Houten schittert en Kit Harington in een sterke scène excessief geweld een kolderieke kwaliteit meegeeft.

De weinig opbeurende kijk op de menselijke natuur heeft Brimstone gemeen met de films van Paul Verhoeven. Het stompzinnige geweld, zowel fysiek als geestelijk, is zo hardvochtig, zo dwangmatig dat het de schijn krijgt van Koolhovens persoonlijke afrekening met een gereformeerde jeugd. En zo past Brimstone naadloos in dat eenentwintigste-eeuwse, typisch Noord-Europese subgenre van de calvinistische western, zie het Deense The Salvation. Wie donder zaait, zal bliksem oogsten.
 

10 januari 2017

Het grote Martin Koolhoven interview, deel 1

 
MEER RECENSIES

Salesman, The

****

recensie The Salesman

Bloed op de trap

door Alfred Bos

Familie en emotionele dilemma’s zijn wederom de thematiek van Asghar Farhadi, de met een Oscar gelauwerde regisseur uit Iran. The Salesman combineert de spanning van een Hitchcock met de psychologische ontwikkeling van een Bergman.

Het is een klassieke truc: een toneelstuk in een toneelstuk. Shakespeare deed het al en de Iraanse regisseur Asghar Farhadi past de ingreep toe in The Salesman, zijn tweede internationaal uitgebrachte film na zijn doorbraak met het nagelscherpe familiedrama A Separation. Die won een Oscar voor de beste niet-Engelstalige film van 2011.

The Salesman

Familie en de onmogelijke dilemma’s waar mensen zich voor geplaatst zien door de grillen van het leven zijn het thema van Farhadi. Toevallige omstandigheden en de reactie daarop, de bewuste of onbewuste keuzes, bepalen een mensenleven en in The Salesman komt het huwelijk van Emad (Shahab Hosseini, hij speelde een bijrol in A Separation) en Rana (Taraneh Alidoosti) onder druk te staan.

De omstandigheden zijn tamelijk bizar, maar realistisch. Ze moeten midden in de nacht op stel en sprong hun woning verlaten. De flat staat op instorten door graafwerkzaamheden op het belendende perceel en Farhadi voert de druk in de nerveus gedraaide openingsscène flink op door barsten in de ruiten van het gebouw te laten springen. Het blijkt symbolisch voor wat de relatie tussen Rana en Emad te wachten staat.

Vrouw met veel vrienden
Het echtpaar representeert de middenklasse van Teheran. Hij is leraar literatuur op een middelbare school, zij kinderloze huisvrouw. Ze spelen de hoofdrollen in de productie van Arthur Millers ‘Dood van een handelsreiziger’ die een lokaal toneelgezelschap op de planken brengt. Via een toneelcollega vinden ze na de nachtelijke ontruiming tijdelijke woonruimte. Daar staan nog de spullen van de vorige bewoonster, een vrouw met veel vrienden, zoals het eufemistisch heet.

En dan beginnen de problemen. Wanneer Emad bepakt met boodschappen ’s avonds thuiskomt, ziet hij bloed op de treden van het trappenhuis. Rana is in hun tijdelijke onderkomen aangevallen door een onbekende bezoeker. Man en vrouw gaan totaal verschillend om met het intimiderende voorval.

Zij irrationeel en tegenstrijdig, hij meer praktisch en oplossingsgericht. Zij wil geen aangifte doen, dus gaat hij op onderzoek uit. En komt uiteindelijk de dader op het spoor. Maar in de wurgend spannende slotakte, die zich afspeelt in hun voormalige woning, blijkt dat de scheuren in het gebouw zich ook in hun relatie hebben gedrongen. Wraak is een emotie die rauw noch gekookt is te verteren.

The Salesman

Realisme en suspense
Farhadi gebruikt de scènes rond Millers toneelstuk als spiegel en contrapunt van de filmhandeling. De realiteit van het incident dringt de fictie over de geplaagde handelsreiziger binnen en bij een mindere regisseur zou dat al snel gekunsteld uitpakken. Ook zijn beeldsymboliek is ‘literair’, maar nimmer te nadrukkelijk. Emad speelt de rol van wreker die zijn geweten en temperament hem ingeven, terwijl zijn vrouw – net als in Farhadi’s beide vorige films – gidst op de realiteit en meer geestkracht toont. Ze belichaamt het morele gezag dat hun relatie stut.

The Salesman gaat over gewone mensen in ongewone omstandigheden en is met zijn aandacht voor karakter, zijn ongekunstelde mise-en-scène en zijn strak doorgecomponeerde script vol detail het soort film dat in het westen nog maar zelden wordt gemaakt. Hij heeft het realisme van een Rossellini en de suspense van een Hitchcock. Plus de psychologische finesse van een Bergman. Hij is klassiek in de traditionele betekenis: geen fratsen, maar vakwerk.

De film ging eerder dit jaar in Nederland in première tijdens het Amsterdam World Cinema festival in Rialto voor een zaal met Iraanse Nederlanders. Die waren na afloop begrijpelijkerwijs opgetogen, want Farhadi laat na Le Passé (2013) opnieuw zien dat het hooggewaardeerde A Separation geen toevalstreffer was. Intelligente regisseur, goede acteurs, doortimmerd script met aandacht voor het innerlijk van de personages—meer is er niet nodig om twee uur te boeien.
 

6 december 2016

 

MEER RECENSIES

Snowden

**

recensie Snowden

Film over klokkenluider onthult niets

door Wim Meijer

Citizenfour van Laura Poitras was een Oscarwinnende documentaire waarin Edward Snowden de misdaden van de Amerikaanse veiligheidsdiensten aan de kaak stelde. Regisseur Oliver Stone gebruikt Poitras’ documentaire als kapstok voor een politieke spionagethriller, maar brengt weinig nieuws.

Wanneer Edward Snowden (Joseph Gordon-Levitt) bij de Special Forces zit, breekt hij zijn been. Zijn lijf is niet bestand tegen de zware oefeningen en lopen met bepakking. ‘You’re discharged, but don’t worry, there are other ways to serve your country’. Of de sergeant op het openbaren van staatsgeheimen doelde, valt te betwijfelen.

Snowden

Bourne zonder actie
Tien jaar na de Special Forces zou de hyperintelligente hacker illegale NSA-praktijken publiceren via The Guardian, met hulp van Laura Poitras (Melissa Leo), Glenn Greenwald (Zachary Quinto) en de ervaren journalist Ewen MacAskill (Tom Wilkinson). Het plot gebruikt de reeks interviews als rode draad in de film, terwijl Stone het verleden van de klokkenluider in flashbacks toont. Maar wat gebeurde er daarvoor? Welke gebeurtenissen in Snowdens leven doen hem uiteindelijk leiden naar deze beruchte interviews in een hotelkamer in Hong Kong? Snowden wil antwoord geven op die vragen, maar slaagt er niet in de enigmatische hoofdpersoon te ontcijferen.

Snowden ontplooit zich als Bourne zonder actie. De protagonist maakt carrière bij de CIA en NSA, alvorens landverraad te plegen. Hij doet locaties aan als Genève, Kyoto en Hawaii. Het begint in het CIA-techlab The Hill. Daar krijgt hij les van Corbin O’Brien (een ongenuanceerde rol van Rhys Ifans) en Hank Forrester, een volstrekt belachelijke personage gespeeld door Nicholas Cage. O’Brien vertelt Edward de noodzaak van de grootschalige afluisteroperaties en waarom ze geheim zijn: ‘Secrecy is security, and security is victory’. Maar het gaat knagen, alle geheimen, gebrek aan transparantie, speciale rechtbanken en de enorme massa mensen die de NSA afluistert.

Snowden

Ingetogen overgave
Joseph Gordon-Levitt speelt bijzonder treffend: ingetogen, nerdy, een tikje introvert en vol overgave. Hij heeft Snowden volledig onder de knie, met zijn monotone spraak en cadans. Hij blijft dicht bij de echte Snowden, met als kanttekening dat daardoor de protagonist van Stone’s film vrij saai is. Dat probeert de beroemde cineast, die ook mee werkte aan het script, te tackelen door Shailene Woodley als tegenspeelster op te voeren in de rol van Snowdens liefje Lindsay Mills. De romance voelt geforceerd aan en leidt af van het plot. De liberale, paaldansende Mills is een rol die de getalenteerde Woodley aan zich voorbij had moeten laten gaan, maar ze kon de verleiding van werken met Oliver Stone waarschijnlijk niet weerstaan.

Normaal gesproken zou een gestroomlijnde, gepolijste film als Snowden spannender moeten zijn dan een documentaire. Tenzij die documentaire Citizenfour is. Of de regisseur Oliver Stone. Stone, ooit een geroemd filmmaker, haalt al jaren niet meer het niveau van zijn eerdere werk (JFK). Savages en Wall Street: Money Never Sleeps zijn matig en Snowden is dat ook. Een enigmatisch figuur als Snowden weet Stone niet te ontcijferen, ondanks het feit dat hij hem negen keer opzocht in Moskou. Want om nou te zeggen dat je na het zien van deze film een goed beeld hebt van het karakter of de drijfveren van de klokkenluider? Nee, daarin schiet Snowden simpelweg tekort. Hoe weinig aandacht Citizenfour ook besteedde aan de geïnterviewde als persoon, het geeft een beter beeld van de man dan Oliver Stone in 135 minuten weet te tonen. En dat is gezien het bronmateriaal, het beschikbare beeld en de vele bezoeken tussen regisseur en Snowden toch opzienbarend.
 

5 november 2016

 
MEER RECENSIES

Clash

*****

recensie Clash

Beklemming op de vierkante millimeter

door Ralph Evers

In 2011 brengt de revolutie in Egypte een einde aan 30 jaar presidentschap van Mubarak. In 2012 wordt een nieuwe president, van de Moslim Broederschap (MB), geïnstalleerd. In 2013 komen miljoenen Egyptenaren in opstand en ontstaan er heftige ‘clashes’ tussen MB- aanhangers en medestanders van de militairen.

Met deze informatie opent Clash (Eshtebak) van de Egyptische filmmaker Mohamed Diab. Twee journalisten, een Amerikaans-Egyptische verslaggever en zijn Egyptische fotograaf raken betrokken bij een demonstratie en worden door de politie in een arrestatiebus gegooid. De sfeer is broeierig en onzeker. We zijn als kijker opgesloten met de twee journalisten in de bus. Buiten gaan de protesten door.

Clash (Eshtebak)

Geen onderscheid
Journalisten worden in deze hectische tijd gezien als spionnen en verraders. Dat ze vervolgens om hulp schreeuwen brengt hen nog verder in put. Gaandeweg raakt het busje steeds voller met nieuwe arrestanten. Er wordt daarbij geen onderscheid gemaakt: kinderen, ouderen en gezinnen worden zonder pardon de bus in gesmeten. Zo komen op de paar vierkante meter die de bus te bieden heeft zowel aanhangers van de militairen als aanhangers en sympathisanten van MB samen. Daarnaast leren we een christen, een jood, een dakloze en later een politieagent kennen.

Een sterke troef van Clash is dat alle personages een gezicht krijgen, alsof we er als kijker daadwerkelijk bij zijn. Evenals dat er geen simpel goed en kwaad is, alsmede dat een eerdere tegenstander later een medestander kan zijn. Temidden van chaos staat overleven boven principes.

Beklemming
Het knappe aan Clash is dat de gehele film vanuit één locatie is gefilmd, namelijk de acht vierkante meter van de arrestatiebus. Dit gegeven is niet uniek, doch niet eerder zo meedogenloos op de kijker overgedragen. Verrassend is het hoe gemakkelijk je in de film, en daarmee in de situatie, gezogen wordt. Zelden is beklemming zo dichtbij geweest als nu. Wanneer de bus bekogeld wordt met stenen en vuurwerk en de angst zichtbaar op de bezwete gezichten leesbaar is. Nog meer wanneer de bus beschoten wordt en de kogels zich door het metalen omhulsel boren.

In de meer verstilde scènes verschuift de aandacht naar de ondraaglijke hitte en benauwdheid, alsmede de stank die zich ophoopt in de beklemmende ruimte. De scène waarin voor enkelen de dorst gelest wordt, geeft een zucht van verlichting.

Clash (Eshtebak)

Doordat de film zeer dicht op de huid van de personages is geschoten, ben je als kijker onderdeel van de ervaring. De minimale informatie die we van de buitenwereld krijgen, komt overeen met de situatie van de gevangenen. We krijgen niets meer te zien dan wat er vanuit het busje te zien is. De genadeloze beklemming die dat oplevert, wordt een enkele keer onderbroken door muziek en zang. Er treedt even verbroedering op, er worden grapjes gemaakt en er wordt gelachen. Een traangasgranaat onderbreekt abrupt dit moment van medemenselijkheid, een moment waar de vooroordelen en de wederzijdse achterdocht even ruimte konden maken voor ontmoeting.

Het slotakkoord brengt de kijker in verwarring. Zoals nergens in de film velt Diab een moreel oordeel. Hieraan doet hij verstandig, het maakt de film volwassen en makkelijker in te leven. Onmiskenbaar evenwel ontkom je niet aan de metafoor, dat wat binnen gebeurt het busje net zo vreselijk is als wat er buiten. Alsof Diab wil zeggen dat wanneer we niet onszelf en ons aandeel in het grotere geheel onder ogen willen komen, we niet tot een vreedzame oplossing zullen komen.
 

22 oktober 2016

 
MEER RECENSIES

Confessioni, Le

**

recensie Le confessioni

Politicus probeert mens te zijn

door Cor Oliemeulen

Een mysterieuze monnik is uitgenodigd in een hotel waar de ministers van Financiën van de grootste economische mogendheden vergaderen over een geheim plan dat de wereld ingrijpend zal veranderen. Klinkt interessant, maar slaat uiteindelijk als een tang op een varken.

In de ondoorzichtige wereld van de mondiale machthebbers draait alles om geld en het maken van geld. Banken zijn geheime genootschappen, die geen verantwoording hoeven af te leggen en ongemoeid worden gelaten. Parlementen bestaan uit dode zielen die niets te vertellen hebben. Politici zijn zakenmensen geworden. Illusionisten. Suprematie van de staten bestaat niet meer. Honger en armoede zijn ingrediënten voor vooruitgang. De boodschap van Le confessioni is zonneklaar. Maar meer dan een veelbelovende premisse biedt deze als dramathriller aangekondigde film van de Italiaanse regisseur Roberto Andò niet – de grote acteernamen en mooie plaatjes ten spijt.

Le confessioni

Moord of zelfmoord?
Drones zijn prachtige uitvindingen, tenminste voor films. Voor het soepeltjes volgen van een auto naar de plaats van bestemming heb je geen tracking shot vanuit een helikopter meer nodig, noch opnames vanaf een hoger gelegen punt. We zien vanuit de lucht dat de auto stopt bij een zwaarbeveiligd gebouw aan het water. Een bebaarde man in een wit habijt stapt uit en laat zich naar binnen leiden in het Grand Hotel Heiligendamm aan de Duitse kust, waar een G8-top van economen op het punt staat te beginnen. De Italiaanse monnik Roberto Salus (Toni Servillo) is uitgenodigd door de voorzitter van het IMF, Daniel Roché (Daniel Auteuil).

Grotere tegenpolen bestaan niet. Voor Roché is het leven slechts draaglijk als hij in staat is het te vermijden. Door het werken met geld is het hem gelukt het leven te mijden zonder verveeld te raken. Roché heeft de monnik uitgenodigd omdat die in zijn boeken alles afkeurt waar hijzelf voor staat. Voldoende reden om de geestelijke hem de biecht af te laten nemen, juist omdat Roché nu op een keerpunt in zijn leven is beland. Roberto is antimaterialist, veel meer dan een habijt en sandalen bezit hij niet. Hij geniet van de rust en de vogelgeluiden die hij opneemt.

De ochtend na de biecht wordt Roché in zijn kamer dood aangetroffen met over zijn hoofd een plastic zak, die de monnik bij aankomst bij zich droeg. Moord of zelfmoord? Roberto laat niets los en kan bovendien zijn geluidsrecorder niet meer vinden.

Le confessioni

Wat is de clou?
In Le confessioni komt zowaar een soortgelijke situatie als in I Confess (1953) van Alfred Hitchcock ter sprake (van moord verdachte priester beroept zich op zwijgplicht), maar daar houdt elke vergelijking op, omdat er in het IMF-drama nauwelijks suspense valt te beleven. Of het moet zijn dat de hond van de Duitse (jawel) minister van Financiën op een gegeven moment de deelnemers aan de vergadering de stuipen op het lijf jaagt of in een tussenshot drie blote protesterende meisjes over het gazon van het hotel rennen om door veiligheidstroepen in de ‘kraag’ te worden gegrepen.

De pointe van het verhaal komt al even vergezocht uit de lucht, wanneer blijkt dat de monnik een opmerkelijk verleden heeft – waardoor de wereld aan een nieuwe financiële ramp ontsnapt? Wie de clou begrijpt, mag zich melden bij onze redactie. Dat de vertolking van ‘Walk on the Wild Side’ van Lou Reed – met backing vocals van de vrouwelijke Canadese minister – het hoogtepunt van de film is, zegt alles.

Roberto Andò schreef en regisseerde eerder het charmante Viva la libertà, een komisch politiek drama met Toni Servillo (beroemd sinds La grande bellezza) in een alleraardigste dubbelrol. Talentvol en ambitieus als hij is, zou Andò kunnen overwegen om eens een goede scenarist in te huren. Dat zal voorlopig niet gebeuren, omdat hij momenteel een Italiaanse variant op de politieke serie House of Cards aan het schrijven is: L’irresistible ascesa (De onweerstaanbare opkomst). Zijn bespiegelingen over de menselijke kant van politici verdienen een beter lot dan in Le confessioni.
 

8 oktober 2016

 
MEER RECENSIES

Wailing, The

****

recensie The Wailing

Sul buiten zijn comfortzone

door Alfred Bos

Alles is net even anders in deze Zuid-Koreaanse genrefilm die speelt met conventies en verwachtingen. Zijn het giftige paddenstoelen die van de dorpsbewoners moordende woestelingen maken of waart er een geest rond?

Horror is een kwestie van doseren. In The Wailing speelt de Zuid-Koreaanse regisseur Hong-jin Na een spel met genreconventies en de kijker. Zijn film opent als een thriller, lijkt zich te ontwikkelen tot horror en ontplooit zich uiteindelijk als fantasy van het donkere soort. Voor de consument van popcorn-blockbusters is het wellicht een tikje te grillig, maar de meer avontuurlijk ingestelde kijker – en de horrorfijnproever, uiteraard – wordt met verve bespeeld, 157 minuten lang. En dat is lang.

The Wailing

In een dorpje op het platteland van Zuid-Korea wordt een politieman (Do Wo Kwak, in Zuid-Korea voornamelijk bekend van bijrollen, in Nederland te zien geweest in The Berlin File uit 2013) ’s ochtends wakker gebeld. Hij moet direct langskomen, er is een lijk gevonden. Half wakker draaft hij de deur uit, pas na aandringen van zijn vrouw schrokt hij een ontbijt naar binnen. We leren Jong-Goo, zo heet hij, kennen als volgzaam en aards. Een sul buiten zijn comfortzone.

Zijn collega Il-Gwang (Jeong-min Hwang, de meer bekende acteur in Zuid-Korea, vorig jaar op het Imagine Festival te zien geweest als hoofdrolspeler van de actiekomedie Beterang) is al op de plaats delict aanwezig. Op de veranda van een schamele woning hangt een nauwelijks als mens herkenbare man in zwijm. Rond hem scharrelen agenten in de stromende regen door de modder. Binnen ligt het gruwelijk toegetakelde lijk van zijn vrouw.

Hitchcock-adept
The Wailing (Het Geklaag) is de vertaling van Goksung, de naam van het dorp en tevens de Koreaanse titel. Het is de derde film van regisseur Hong-jin Na, ook verantwoordelijk voor het draaiboek. Die dubbelrol vervulde hij bij zijn eerdere films, de actiethrillers Chaser (Chugyeogja, 2008) en The Yellow Sea (Hwanghae, 2010), die beide de twee uur speelduur ruim overschrijden. Dat doet ook The Wailing, de officiële Zuid-Koreaanse inzending voor het Film Festival in Cannes. Op verschillende fantasy festivals won de film al de publieksprijs.

Daar kan deze nuchtere, niet bijzonder van horror gecharmeerde kijker goed inkomen, want Hong-jin Na zet conventies naar zijn hand. Niet alleen laat hij de hoofdrol vervullen door een bijrolacteur – en diens collega spelen door een steracteur – hij geeft hints en aanwijzingen als een volleerde Hitcock-adept en bespeelt zijn publiek als een marionettist. Dat wordt met zwier door een reeks emoties gejonast, van nieuwsgierigheid via beklemming naar totale verbijstering.

The Wailing

Botsing van ratio en magisch denken
Het motto van de film is ontleend aan een tekst uit het Nieuwe Testament, het evangelie van Lucas. Geloof en bijgeloof spelen de hoofdrollen in The Wailing. In de geciteerde Bijbeltekst presenteert Jezus zich als geest; de film toont het ultieme kwaad, de duivel, in mensengedaante. Het verhaal is een botsing van ratio en magisch denken, van goed en kwaad. De moordende echtgenoot heeft verkeerde paddestoelen gegeten, oppert protagonist Jong-Goo. Welnee, het is die rare Japanner die onlangs in het dorp is komen wonen, meent zijn collega Il-Gwang.

Wanneer de moordpartij uit de openingsscène geen incident blijkt en er meer slachtoffers vallen, waaronder Jong-Goo’s allerschattigste dochtertje, worden er een priester en een sjamaan bijgeroepen. Maar The Wailing is zombiefilm noch The Omen op zijn orientaals, en ook geen rampenfilm à la Outbreak of een dorp-keert-zich-tegen-buitenstaander verhaal op zijn Salems.

In deze bovennatuurlijke thriller betoont de regisseur zich een Aziatische tegenhanger van Guillermo del Toro. The Wailing is sterk van suggestie en neemt ruim de tijd om de kijker te kapselen in een sfeer van groeiende verontrusting. Ook sterk: de regisseur weigert om alles klip en klaar te maken. In de voor de hand liggende Hollywood-makeover zal het inktzwarte – of in dit geval bloedrode – slot ongetwijfeld een paar tandjes worden opgeleukt. En alles worden uitgelegd. Want buiten de comfortzone zijn geest en vlees niet van elkaar te onderscheiden.
 

2 oktober 2016

 
MEER RECENSIES

Don’t Breathe

****

recensie Don’t Breathe

Happen naar adem

door Suzan Groothuis

Je denkt het ultieme plan bedacht te hebben. Inbreken bij een blinde oude man die over flink wat geld beschikt. O ja, hij is een afgetrainde veteraan en heeft een bloeddorstige waakhond. Ofwel: hoe een makkelijke klus volledig uit de hand loopt.

Een trio jonge dieven is succesvol met inbreken. Dankzij Alex’ vader die bij een bedrijf voor alarmsystemen werkt, komt het drietal gemakkelijk woningen in. Bosje sleutels mee, code kraken en gaan maar. En dan wordt één van hen getipt. Een oude man die alleen woont heeft een slordige 30.000 dollar in contanten liggen. Er is niet veel informatie over hem, buiten het feit dat hij oorlogsveteraan is en zijn dochter is omgekomen tijdens een auto-ongeluk.

Don’t Breath

Verlaten en dichtgetimmerd Detroit
Het drietal is echter verdeeld over deze klus. Money is zelfverzekerd dat het gaat lukken. Makkie toch, inbreken bij een oude man? Rocky staat op het punt haar leven te beteren en met haar jonge zusje haar benarde thuissituatie te ontvluchten. Deze inbraak is haar laatste. Alex is de enige die het niet ziet zitten. Helemaal wanneer het drietal uit voorzorg het huis en zijn bewoner bespiedt en erachter komt dat de man blind is. Een blinde bestelen, dat zit moraal toch niet helemaal goed.

Maar Alex laat zich overhalen door Rocky en zo geschiedde. Goed voorbereid begeeft het trio zich naar het huis in een verlaten, in duisternis gehuld Detroit. Het huis van de man is omringd door leegstand. In de duisternis is de aanblik van de dichtgetimmerde aangrenzende woningen een onheilspellend teken. Maar wat kan er misgaan als je een verdovend hapje hebt voor de hond en narcosegas voor de man?

Eenmaal binnen komt het antwoord al snel: nou, alles. De blinde oude man blijkt niet zo hulpeloos als gedacht. We hebben het namelijk over een afgetrainde, wraakzuchtige oorlogsveteraan. En wie in zijn huis komt zal het bezuren.

Beklemmende rit in minimale setting
Wat volgt is een beklemmende rit. Het drietal moet opboksen tegen een oersterke vent en zijn inmiddels ontwaakte, bloeddorstige hond. Zonder teveel te verraden werkt Don’t Breathe toe naar een zinderende climax, waarbij de kijker meerdere malen op het verkeerde been gezet wordt. Regisseur Fede Alvarez (die eerder al overtuigde met zijn remake van Evil Dead) weet te verrassen met goed ingezette schrikeffecten in een minimale setting.

Don’t Breath

De film speelt zich grotendeels in het huis van de man af, dat aanvoelt als een menselijke val. Denk aan de scène waarin Jodie Foster als Clarice Starling in The Silence of the Lambs in het huis van de seriemoordenaar rondwaart en hij haar met een nachtkijker bespiedt. Of aan Panic Room, waarin (eveneens) Jodie Foster gevangen zit in haar eigen huis, belaagd door inbrekers. In Don’t Breathe zitten de drie jonge inbrekers echter gevangen, met alle gevolgen van dien. Niet de oude man (ijzersterke rol van een doodenge, psychopathische Stephen Lang) maar de inbrekers zijn slachtoffer.

Er zijn eveneens overeenkomsten met het bloederige en claustrofobische Green Room van Jeremy Saulnier, waarin een punkband gevangen zit in een neonazi-skinhead bar.

Don’t Breathe is niet alleen sterk met plotse schrikmomenten, maar laat ook een knap staaltje bloedvergieten zien. Tel daar nog een bloedstollende scène met de waakhond bij op (Cujo verbleekt erbij) en de film doet wat ie belooft: je zit op het puntje van je stoel en je houdt je adem in. Want denk er om, die oude man hoort alles, al ziet ie geen steek.
 

26 september 2016

 
MEER RECENSIES

Wraak in stijl

Wraak in stijl

door Bob van der Sterre

The Abominable Dr. Phibes ♦ Que la bête meure ♦ La campana del infierno

 
Er zijn dit millennium al heel wat gewelddadige films die puur over wraak gaan (Oldboy, Kill Bill) maar het thema is niet nieuw. Er zijn films die wat minder bloederig omgaan met het thema. Wraak in stijl. Al is het doel hetzelfde, de weg is anders.

Dr. Phibes, de hoofdrolspeler in The Abominable Dr. Phibes, is een fanatiek organist én wetenschapper. Hij worstelt met een tragedie: zijn vrouw is enige tijd geleden overleden na een mislukte operatie. Hij heeft nagedacht en vindt nu dat de verantwoordelijke artsen om zeep geholpen moet worden. Daarbij heeft hij een hulpje, een doofstomme dame. Zelf draagt hij een masker van zijn eigen gezicht (na een ongeluk).

The Abominable Dr. Phibes

Bijbelse plagen in verrukkelijke gothic-horrorkitsch
De een wordt nog creatiever vermoord dan de ander. Het eerste slachtoffer laat hij door vleermuizen aangevreten worden. Het volgende slachtoffer geeft hij op een gemaskerd bal een masker dat steeds strakker gaat zitten. Van de derde tapt hij al het bloed af. Enzovoort.

Het lijkt verdomd veel op de Bijbelse plagen. En dat is geen toeval. Dat is precies waar Dr. Phibes heen wil. De gemeenste en mooiste wraak bewaart hij voor de toentertijd falende chirurg.

Wie het gedaan heeft weten we dus al vanaf de eerste seconde. The Abominable Dr. Phibes gaat ook niet diep maar is niettemin verrukkelijke gothic-horrorkitsch. De decors van Phibes’ ondergrondse paleis zijn simpel maar ook bizar en griezelig. Met eenvoudige middelen kun je best iets mysterieus maken.

En ondanks al het moorden is de toon van de film luchtig. Een arts wordt opgehaald in een chique gentlemen’s club, waar hij wordt getroffen door een eenhoorn. Ze draaien hem vervolgens met eenhoorn en al uit de muur. Commentaar van een snob: ‘Kan het niet eens een keertje stil zijn in deze club?’

De film geeft ook de kans om nog eens oude helden te zien, zoals Vincent Price, Terry-Thomas, Joseph Cotten en minder bekende namen te ontdekken zoals Virginia North en Peter Jeffrey. Voor de liefhebber is er nog een vervolg gemaakt, een jaar later.

Op zoek naar veroorzaker ongeluk
In Que la bête meure uit 1967 is het allemaal een stuk serieuzer. Charles Thenier wil wraak wil nemen. En wie geeft hem ongelijk? Zijn zoon is aangereden, hit and run-stijl.

Hij gaat op pad, vraagt hier en daar na bij ooggetuigen, en weet vrij snel te achterhalen wie er achter het stuur heeft gezeten. Een van de betrokkenen is een actrice. Hij doet alsof hij scenarioschrijver is en komt met haar in contact. Vervolgens is het meer dan alleen in contact komen.

Dan komt hij haar zwager tegen: de onuitstaanbare hufter Paul Decourt. Hij is Charles’ echte doel want hij zat achter het stuur tijdens het ongeluk. Nu nog een goed moment uitkiezen.

Thenier beraamt zijn plannen maar dat is niet het interessante van de film. Interessant is dat heerlijke, zalige, lome verteltempo, ideaal om je tijdens een zondagmiddag helemaal in te kunnen verliezen.

Een film van Claude Chabrol is (mijn ervaring) meestal een rechttoe-rechtaan spannend verhaal met een suggestie van psychologische diepgang. Een film die er slimmer uitziet dan ie eigenlijk is. Nu een overbekend genre (denk aan literaire thrillers) maar in 1969 was het nog iets nieuws.

En toch beslist de moeite waard. Dat is te danken aan de acteurs. Die geven zoveel sjeu aan hun rollen dat de film erg prettig wegkijkt. Met name hoofdrolspelers Michel Duchaussoy (destijds overal in te zien maar nu vrijwel vergeten) en Jean Yanne, die hier een masterclass hufterigheid geeft. Er zit veel spanning in hoe de twee met elkaar omgaan. Que la bête meure is daarmee een fijne uitschieter naar boven in Chabrols oeuvre.

Opmerkelijk dat juist deze film zo onbekend is want het kan best meten met werk van Hitchcock (Chabrols voorbeeld). Het script is gebaseerd op een boek uit de jaren dertig maar met een opmerkelijke verandering: de hoofdpersoon, een detective, is eruit gelaten. Een keuze die goed uitpakt.

Spaanse horror van het betere soort
In La campana del infierno (ook wel A Bell From Hell) uit 1973 krijgen we te maken met een heel ander soort wraak. Juan wordt voorwaardelijk vrijgelaten uit een psychiatrisch instituut. Hij reist naar huis. Een rare vogel. Daar leeft hij ook mee samen, een kraai, en een aap, schildpad, duiven, en nog veel meer, want ‘Ik hou van dieren, ze zijn echt’. Dan is er nog een geheime achterkamer met martelwerktuigen.

Na wat mensen uit zijn verleden te hebben ontmoet, nodigt hij zijn tante en zijn drie nichtjes uit. Tijd voor wraak. Deze tante en nichtjes hebben hem namelijk krankzinnig laten verklaren. Zo konden ze de erfenis van zijn moeder stelen. Ze arriveren, zonder al te veel argwaan te hebben.

De nichtjes vinden Juan zelfs wel interessant. Ook seksueel (een incestueus hoekje van de film waar weinig uitleg voor wordt gegeven). De tante is meer op haar hoede maar probeert toch geduldig aan Juan uit te leggen wat er is gebeurd. Juan weet niet of hij echt gestoord is. Terwijl de film vordert, blijft het voor ons ook duister.

Spaanse horror van het betere soort. Vroeger namen ze nog rustig een uur de tijd voor de opbouw, maar dan wordt het ook echt goed. De acteurs passen er goed bij, zoals Viveca Lindfors, Renaud Verley en Alfredo Mayo. Perverse horror zonder dat het te ranzig wordt want al te bloederige details sloegen ze vroeger nog over in dit soort films.

Bovendien scriptwendingen die niet al te makkelijk te raden zijn. Een nieuwe kerkbel gaat een rol spelen, maar hoe? Dat script is van Juan Antonio Bardem, schrijver van de klassieker Bienvenido Mr. Marshall (en oom van Javier).

Is dat nog niet gruwelijk genoeg? Dan dit: Claudio Guerin regisseerde de film. En tijdens de laatste dag van de opnamen van de film, viel (of sprong) hij van de toren die voor de film was gemaakt. Hij werd maar 34 jaar. Bardem maakte de film vervolgens af. Wie Spaans kan lezen, hier staat het bizarre verhaal. Wraak van een onderbetaalde figurant?

 

8 september 2016

 

Alle Camera Obscura

 

Bodkin Ras

***

recensie Bodkin Ras

Vreemdeling in de Schotse Hooglanden

door Suzan Groothuis

De komst van een jonge vreemdeling in het Schotse plaatsje Forres roept vragen op. Wie is hij en waarom is hij naar Forres gekomen? De inwoners van het stadje ontvangen hem met gemengde gevoelens, want dat Bodkin iets met zich meedraagt moge duidelijk zijn. Met een mix van fictie en documentaire worden we in de schemerige wereld van een voortvluchtige getrokken.

De openingsscène toont een jonge man die zich een weg baant door de Schotse Hooglanden. Een donkere, gejaagde blik in zijn ogen. Zijn tocht gaat gepaard met een duister gedicht over innerlijke angst en onrust. “Hell is here. It’s in your torment, your misery, your suffering and pain. Yes, it’s a place of extreme anguish that can make you go insane”.

Bodkin Ras

Een donkere introductie met Bodkin Ras, de fictieve hoofdpersoon van de gelijknamige film, en tevens de enige echte acteur. Als hij aankomt in het pittoreske plaatsje wordt hij met gemengde gevoelens ontvangen. Niet geheel onterecht, want deze introverte vreemdeling heeft iets mysterieus en duisters over zich.

Gedeeld leed
Ondertussen maakt de kijker kennis met de inwoners van het plaatsje. Zoals een oude man die midden op straat een oude Schotse traditional zingt. Alleen raakt hij steevast zijn tekst kwijt. En ontmoeten we Eddie, een alcoholist die zo’n beetje alles wat hem dierbaar was in het leven is verloren. Niet verwonderlijk dat juist hij zich ontfermt over de mysterieuze Bodkin.

Opvallend genoeg dragen de meeste inwoners, die zichzelf spelen, leed met zich mee. Ze komen samen in café Eagle, een plek die bekend staat om zijn “negativity and ill will”, maar waar niemand een masker hoeft op te houden. In Eagle kan je jezelf zijn en ben je er voor elkaar. Zo ook Bodkin, die hier niet met argusogen wordt aangekeken. Wel vragen de inwoners zich verwonderd af wat de reden is van zijn komst en waarom hij op de vlucht is. Want Bodkin kan niet meer terug naar huis.

Hybride van documentaire en fictie
Bodkin Ras, het speelfilmdebuut van de Nederlandse filmmaker Kaweh Modiri, is met zijn mengeling van fictie en documentaire gefragmenteerd van opzet. Beelden van Bodkin die zich een plek probeert toe te eigenen in het stadje wisselen zich af met inwoners met overpeinzingen over hun moeilijke leven en de komst van de mysterieuze vreemdeling. Ondertussen zien we Bodkin bellen met ene Sean, die niet opneemt. Bodkin in het Nederlands: “Ik moet weten wat er gebeurd is man”. Dus toch, er klopt iets niet.

Helemaal nieuw is de hybride van documentaire en fictie niet: in Richard Linklaters Bernie zien we ook een vermenging van acteurs en inwoners die over de charmante begrafenisondernemer vertellen en tevens zichzelf spelen in bepaalde scènes. Maar waar Jack Black als Bernie de gave had om mensen aan zich te binden, blijft Bodkin op afstand. Ondanks Eddie die hem aan werk helpt en ondanks de mooie Lily die wel iets in hem ziet.

Bodkin Ras

Sociaal experiment
Je zou Bodkin Ras een sociaal experiment kunnen noemen. Wat gebeurt er als een vreemdeling, die duidelijk iets op zijn kerfstok heeft, een kleine gemeenschap binnentreedt om weer een nieuwe start te maken? Het roept een vergelijking op met Lars von Triers Dogville, waarin een vrouw op de vlucht wordt opgenomen in een vergeten stadje. Forres, hoog in het Schotse noorden, is ook zo’n uithoek.

Het observerende karakter van de film krijgt een gekunstelde wending wanneer duidelijk wordt wat Bodkin dreef om naar Forres te komen. In een geforceerde scène komen zijn demonen aan het licht, waarna het thriller-element de overhand krijgt. De film werkt toe naar een gezocht einde, waarbij de kijker nog wat nodeloos geweld krijgt voorgeschoteld- de belichaming van Bodkins onmacht en woede. Ondanks dat zijn er bemoedigende woorden van een van de inwoners: “I don’t believe in total negativity of any human being. I believe that we are governed by good and bad. Not just by bad”. Geef mensen een kans, lijkt de boodschap van de film te zijn, hoewel het personage van Bodkin het tegendeel bewijst.
 

5 september 2016

 
MEER RECENSIES