Hobbit: The Battle of the Five Armies, The

*****

recensie  The Hobbit: The Battle of the Five Armies 

Een waardig afscheid van Midden-Aarde

door Karina Meerman

The Battle of the Five Armies is een ‘one last hurrah’ voor het Midden-Aarde van Peter Jackson. Werkelijk iedereen schittert nog één keer op het grote doek, voordat het allemaal voorbij is. 

Aan het eind van The Desolation of Smaug lieten we de hobbit en een paar dwergen achter in een door draak bedreigd Meerstad en Thorin Eikenschild (Richard Armitage) was op weg naar Erebor om zijn berg te claimen. The Battle of the Five Armies pakt de draad direct weer op. In het belaagde Meerstad ontpopt Bard (Luke Evans) zich tot een leider van mensen. Zijn heldenmoment is het eerste in deze film waarvan iedereen er eentje lijkt te hebben. Zelfs lafbekken als de Meester (Stephen Fry) en Alfrid (Ryan Gage) worden nog even prettig uitvergroot voor ze voorgoed uit ons leven verdwijnen. We zien ook een hele andere kant van Galadriel (Cate Blanchett) in een confrontatie met de dodenbezweerder. En wanneer Saruman (Christopher Lee) tegen het gezelschap zegt dat hij wel met die Sauron zal afrekenen, weten wij allang dat de ellendeling dat niet gaat doen. Maar dat is een andere trilogie.

Recensie The Hobbit: The Battle of the Five Armies

Drakenziekte
Onder leiding van Bard trekken de mensen naar de eenzame berg, waar Thorin zich heeft verschanst. Hij blijkt bevangen door de drakenziekte: een alles verterende jaloezie om zijn goud te behouden. Hij riskeert zelfs liever oorlog met elfenkoning Thranduil (Lee Pace) dan dat hij ook maar één gouden munt kwijtraakt. Met het elfenleger voor de poort, roept Thorin de hulp in van zijn neef Dain (Billy Connolly, die in deze film eindelijk het uiterlijk heeft dat bij zijn stem past). Terwijl een dwergenleger zich opmaakt om de berg te verdedigen tegen elfen en mensen, verzamelt de dodenbezweerder zijn eigen legers. Onder aanvoering van Azog (Manu Bennett) en Bolg (John Tui) marcheren aardmannen, orks en andere onprettigheden richting het goud. En daar hebben we dan de vijf legers.

Bilbo
The Battle of the Five Armies kan gezien worden op IMAX-grootte, in 3D, met een hoge beeldjessnelheid (HFR) en in surround-sound. Dat is misschien ook het beste, met de duikvluchten die de camera neemt langs Nieuw-Zeelands panorama en de overzichtsbeelden van de veldslag. Geen idee hoe dat zich zal vertalen naar klein scherm. Dat trekt dan misschien de aandacht naar de kleinere verhaallijnen: de aantrekkingskracht tussen Kili (Aiden Turner) en Tauriel (Evangeline Lilly); het verdriet van Balin (Ken Stott) om de drakenziekte; de spanning tussen Thranduil en Legolas (Orlando Bloom); de vriendschap tussen Thorin en Bilbo (Martin Freeman). Vooral dat laatste verdient onze aandacht, want Bilbo dreigt een beetje in de verdrukking te raken in al dat oorlogsgeweld. En dat terwijl hij de naamgever is van het grote verhaal.

Recensie The Hobbit: The Battle of the Five Armies

Wat deze film vooral doet, is The Hobbit ferm vastknopen aan The Lord of the Rings, terwijl elke losse draad wordt afgehecht. Het begon allemaal met één zinnetje, dat J.R.R. Tolkien uit verveling schreef tijdens het nakijken van Engels huiswerk. “In een gat in de grond, daar woonde een hobbit.” Dertien jaar na de eerste film van Peter Jackson, is de hobbit weer terug in zijn huis. En wat een avonturen hebben we mogen zien.

 

8 december 2014

 
ALLE RECENSIES

White God

****

recensie  White God

Naar de honden

door Ralph Evers

De films van Kornél Mundruzcó hebben een eigen niche binnen het arthouse-genre. Ze zijn net iets eigenzinniger, lekker anders. Daarmee maakt hij het de kijker nooit gemakkelijk, maar wel avontuurlijk. White God (Fehér Isten) is zijn nieuwste creatie, die wederom lekker anders is en voor een arthouse-film een verrassend en interessante actiefilmcomponent heeft. Met diepere lagen. 

Wanneer de 13-jarige Lily voor drie maanden bij haar vader intrekt in het grote Boedapest is er geen plaats voor haar hond Hagen. Na aanvaringen met buren en overheid wordt Hagen aan zijn lot overgelaten en valt al snel in handen van wrede baasjes. Hagen wordt vals gemaakt en ingezet in hondengevechten. Na enige tijd sluit Hagen zich aan bij een groep zwerfhonden en maken ze zich klaar voor een opstand tegen alle baasjes. Lily blijkt als enige in staat de opstand der honden te kunnen stoppen.

Recensie White God

Tegenstellingen
In White God staat de relatie tussen mens en dier (hond) centraal. Tevens is dit de belangrijkste metafoor van deze film. Die honden zou je kunnen zien als de onderdrukte bevolking die in opstand komt tegen de elite. Hetgeen wijdverbreid is in het huidige Europa, wat als een moloch onze levens meer en meer bepaalt. “Going to the dogs” betekent in het Engels, dat iets verloedert.

Hoofdrolspeelster Lily staat in deze symbool voor de onschuld, het meisje dat vrouw wordt. De volwassenwording van de Europese geest.

Er zit een mooie tegenstelling in Lily en Hagen. Het vrouwelijke tegenover het mannelijke. Waarin de honden, ook wel canine (van het Latijnse canis) genoemd en verwijzend naar hun hoektanden (dentale agressie), waarmee ze kunnen verscheuren en de mannelijke agressie vertegenwoordigen. Hier tegenover staat het katachtige, (dat ook wel als feline wordt omschreven) wat vaak in verband wordt gebracht met het vrouwelijke.

In de film wordt deze tegenstelling al vanaf het begin krachtig neergezet. De verstilde openingsscène wordt woest verstoord door een roedel losgeslagen honden. Door het dynamische camerawerk komt dit indringend en dreigend over. Overigens is het camerawerk een sterke troef. Zeker in de scènes wanneer we de (mensen)wereld vanuit een hondenperspectief zien.

Experiment staat niet in de weg
Kornél Mundruzcó is een avontuurlijk filmmaker. Hij schuwt het experiment niet. Dit maakt zijn films interessant en tevens minder toegankelijk. Zijn film Johanna bijvoorbeeld kenmerkt zich doordat de dialogen als in een opera gezongen worden. Toch staat het experiment zijn eigenlijke film niet in de weg. White God is op een zelfde manier experimenteel. De massale hoeveelheid honden en de realistische verwaarlozing, zullen menig hondenliefhebber doen verafschuwen.

Recensie White God

Tegelijkertijd geeft de orkestratie van zo’n roedel honden een extra kick aan de film. Niet alleen is het een originele vondst om honden symbool te laten staan voor de ontspoorde sociale relaties in het zich verenigende Europa, daarnaast is het een helse klus om al die honden in het gareel te houden. De dreiging die uitgaat van al die honden doet denken aan Hitckcock’s Birds of het eerder dit jaar uitgekomen Dawn of the Planet of the Apes. Zij het dat deze film een veel duidelijker politiek statement maakt dan eerder genoemde films.

Ode aan Jancsó
White God is opgedragen aan landgenoot Miklós Jancsó, een belangrijke filmmaker in de geschiedenis van de Hongaarse cinema. Hij stierf begin dit jaar op 92-jarige leeftijd. Het is niet zo verwonderlijk dat Mundruzcó deze film aan Jancsó opdraagt, want evenals Jancsó is ook hij een avontuurlijk regisseur. Beiden kenmerken zich door het experimenteren met bestaande formats en samenbrengen van verschillende, in eerste instantie zich bijtende, genres. Daarvan is White God een goed voorbeeld door veel dynamiek in de actiescènes te leggen, maar bijvoorbeeld ook Jancsó’s Elektreia: een film van 70 minuten met slechts 8 shots. Ook een filmmaker als Béla Tarr is in deze zin sterk door Jancsó beïnvloed. En tevens is Tarr in de begindagen een belangrijke geldschieter geweest voor Mundruzcó, zodat deze zijn films kon realiseren.

 

1 december 2014

 
ALLE RECENSIES

Wiplala

***

recensie  Wiplala

Kinder-kersthit vol actie

door Nanda Aris

Wiplala is een fijne kinderfilm, die een groot beroep doet op de fantasie. Het kleine mannetje Wiplala brengt de familie Blom zowel problemen als avontuur. 

Wiplala is de vijfde bioscoopfilm van Tim Oliehoek sinds hij in 2005 debuteerde met Vet Hard. Spectaculaire films maakt Oliehoek, hij is niet van het zachtzinnige werk. Geschikt blijkt hij dus ook als maker van een fantasievolle kinderfilm, de boekverfilming van Annie M.G. Schmidts Wiplala. Het drukt ook gelijk een Oliehoek-stempel op de film, want bijvoorbeeld de achtervolging door de stad typeert hem als filmmaker.

Recensie Wiplala

Géza Weisz speelt de kleine Wiplala, zijn tweede hoofdrol sinds Alleen maar nette mensen  in 2012. Soms speelt hij net iets te dik aangezet, maar soms is hij ook erg grappig. Zoals wanneer hij in de pot pindakaas rolt en uitroept: ‘Wat is dit voor oppersmurrie!’ Weisz is zelf met zijn 1.65 meter een kleine verschijning, en lijkt daarmee geknipt voor de vertolking van de kleine Wiplala. Toch zijn alle hoofdpersonages grotendeels van de tijd zelfs maar tien centimeters groot. Door de ontwikkelingen op special effects gebied, was het mogelijk de film anno nu wel te maken, en was dat een tiental jaren geleden nog vrijwel (financieel) onmogelijk.

Tinkelen
De film vertelt het verhaal van de kleine Wiplala, een klein mannetje uit een land waarin iedereen kan toveren. ‘Tinkelen’ noemen ze het daar, maar Wiplala was er niet heel goed in. Door het tinkelen van Wiplala ontstaan er lastige situaties. Zo tinkelt hij de dromerige poëet Arthur Hollidee (Paul R. Kooij) naar een metershoog standbeeld, maar krijgt hij hem niet meer terug getinkeld.

Door een lange gang komt Wiplala bij de jonge Johannes (Sacha Mylanus) terecht. De nadruk in het begin ligt op de introductie van de personages, de actie speelt later in de film. De race door de stad in een speelgoedauto is spectaculair, niet altijd geloofwaardig, maar voor kinderen vast heel spannend.

Door de introductie van de personages valt het acteren meer op – soms ietwat houterig. De verklaring zou kunnen zijn dat de film chronologisch opgenomen is, doordat de jonge acteurs zich dan beter emotioneel in kunnen leven in de film. Peter Paul Muller als verstrooide vader Blom is goed gecast. Hij straalt de warmte en bezorgdheid van een vader uit, maar is als alleenstaande vader af en toe ook behoorlijk verstrooid.

Recensie Wiplala

Fantasie
De film is geïnspireerd op films als ET, Honey, I Shrunk the Kids en Jumanji. De vergelijking met Honey, I Shrunk the Kids behoeft geen verdere uitleg, en eigenlijk de andere twee films ook niet. Jumanji is een heerlijk fantasierijke kinderfilm (met Robin Williams in de hoofdrol), waarin de actie snel opvolgt. Niet heel geloofwaardig allemaal, maar voor kinderen hoeft dit ook niet. Dit geldt ook voor Wiplala. ET ertelt over de vriendschap tussen een klein jongetje en een buitenaards wezen. Wiplala is geen alien, maar wel van een ander denkbeeldig land. In beide films werkt de verboden vriendschap goed als spanningsboog.

Wiplala  peelt vanaf 19 november in de bioscoop en zou wel eens een kersthit kunnen worden. Een fijne film voor ouders met kinderen in de vakantie.

 

14 november 2014

 
ALLE RECENSIES

Horns

**

recensie  Horns

Gevallen engel op wraaktocht

door Wouter Spillebeen

Halloween betekent het verschijnen een hoop obligatoire horrorfilms. In het geval van Alexandre Aja’s late aanvulling Horns betekent dat vooral een fantasiefilm die onterecht dat stempel krijgt toebedeeld. 

De film mag een beetje flauw zijn om echt horror te zijn, Horns is toch niet de eerste poging van de Franse regisseur Aja. In 2006 maakte hij een best succesvolle remake van de klassieker The Hills Have Eyes en in 2010 toonde hij dat je het genre niet altijd serieus moet nemen met zijn zelfbewuste, maar minder gesmaakte Piranha 3D. Met Horns verfilmt hij het gelijknamige boek van Joe Hill, de zoon van The Shining-auteur Stephen King. 

Recensie Horns

Iedereen ziet Ig Perrish (geacteerd door Harry Potter himself, Daniel Radcliffe) als iemand die onbestraft een moord heeft gepleegd. Zijn vriendin is niet meer en alles wijst erop dat hij haar heeft vermoord. Hij houdt zijn onschuld vol, enkel zijn vriend en advocaat Lee lijkt hem te geloven. De plot van Horns doet denken aan die van Finchers nieuwe Gone Girl, die andere boekverfilming die al diepte uit beproefde bronnen. De twist: de rouwende jongeman krijgt ineens duivelachtige hoorns op zijn voorhoofd die ervoor zorgen dat de meest zondige kantjes van al zijn gesprekspartners bovenkomen. Ig is een kruising tussen Maleficent (de heks uit Doornroosje) en een gevallen engel. Zijn enige doel: achterhalen wie zijn geliefde Merrin (Juno Temple) heeft vermoord. 

Zonden
De problemen met de film beginnen bij de krachten van Ig. Het is volstrekt onduidelijk welk effect de hoorns hebben op omstanders. Wordt iedereen ineens overdreven eerlijk? Krijgen mensen door de hoorns een drang om te zondigen? Krijgt Ig een enorme overtuigingskracht? In elke conversatie lijken de effecten te verschillen. Toch weet Ig meteen hoe zijn nieuwe bizarre gaven werken en hoe hij die ten goede kan aanwenden. Bovendien lijkt de film de latente homoseksualiteit van twee agenten in hetzelfde rijtje te plaatsen als de neiging tot verwonden, verkrachten en vermoorden van andere personages. 

Recensie Horns

De religieuze symboliek in Horns is meteen duidelijk. Alsof de duivelshoorns, nummerplaten die verwijzen naar Bijbelverzen, verwijzingen naar de hoofdzonden en prominente kruisbeeldjes niet genoeg waren, leggen enkele personages én een irritante en overbodige voice-over nog eens flagrant uit wat de beelden betekenen. Het principe ‘show, don’t tell’ betekent blijkbaar niets meer. De geanimeerde slangen lijken op overschotjes van de lachwekkende animaties uit Piranha 3D en de film begaat ook nog eens de zonden die collega Alfred Bos al beschreef in zijn recensie van Gone Girl:
“…behoorlijk clichématige verwikkelingen rond overspannen media, het makkelijk te manipuleren Volksempfinden en nihilistische advocaten.” 

(Bijna) vlekkeloos
Maar wonder boven wonder, er valt ook iets positiefs te vermelden over Horns. Jawel, Radcliffe acteert helemaal niet slecht, in tegenstelling tot zijn non-prestatie in de remake van The Woman in Black in 2012. Een vrij opmerkelijke prestatie aangezien de jonge Brit nu met een (bijna) vlekkeloos Amerikaans accent acteert. Met uitzondering van James Remar (iets aan zijn eeuwig portret van de vaderfiguur – zie Jericho  en Dexter  – irriteert) lijken de meeste acteurs zich goed te voelen bij hun rol. Laten we hopen dat Radcliffe door deze film meer serieuze personages krijgt toebedeeld. Met een beter verhaal en strakkere regie had hij een kans gehad om uit te blinken in Horns.

 

9 november 2014

 

ALLE RECENSIES

Bird People

***
recensie Bird People
Perspectief van een mus

door Cor Oliemeulen

Originele, gedurfde film over twee personen in een hotel die voor levenskeuzes staan. Bird People, dat begint als mysterieus drama en abrupt overgaat in een magisch sprookje, laat pas na afloop de radertjes werken. 

De Franse regisseur Pascale Ferran heeft nog maar een paar films gemaakt. Haar laatste was Lady Chatterley (2006), een breed gewaardeerde, vrouwvriendelijke adaptatie van D.H. Lawrence’s beroemde erotische roman. Hierna richtte ze ´Le Club des 13´ op. Dit selecte gezelschap van regisseurs, producers, distributeurs en bioscoopeigenaren maakt zich sterk voor financiering van arthouse en avant-garde films. In 2011 begon Ferran aan het draaiboek van Bird People. Net als deze film – het eerste deel is drama, het tweede deel fantasie en romantiek – laten de twee hoofdrolspelers zich niet graag in een hokje stoppen.

Recensie Bird People

Hij wil niet meer
Gary (Josh Charles) is een Amerikaanse zakenman die neerstrijkt in een hotel op de Parijse luchthaven Charles de Gaulle. Hij voert onderhandelingen met internationale business partners en heeft als doel de volgende dag door te vliegen naar Dubai om daar contracten te ondertekenen. Echter na een onrustige nacht besluit hij te blijven. Hij wil niet meer. Hij wil niets meer. Stoppen met werken. Hier blijven. Niet terug naar zijn vrouw en kinderen. ‘Ik voel me als een klontje suiker dat langzaam oplost op de bodem van een kopje thee’, zegt hij in een uitgebreide beeld-chat met zijn verbouwereerde echtgenote.

Audrey (Anaïs Demoustier) werkt als kamermeisje in het hotel waar Gary verblijft. Ze ruimt de rommel van de gasten op, verschoont de bedden, beluistert gniffelend flarden van gesprekken en fantaseert stil over een ander leven. Dat vangt aan op het moment dat de stroom in het hotel uitvalt, ze naar het dak loopt en plotseling lijkt te transformeren in een vogel, die wegvliegt. Audrey voelt zich een mus die over de luchthaven en de stad vliegt, op vensterbanken de hotelbewoners gadeslaat en naar binnen hupt om zich te goed te doen aan wat lekkers. Audrey’s avontuur is kunstig gefilmd, we zien de wereld door de ogen van een (goed gedresseerde) mus.

Bird People

Wedergeboorte
Hoewel de overgang tussen het eerste en tweede deel van Bird People erg omschakelen is – het wonderlijke gegeven zal (ook) kinderen aanspreken – wordt de boodschap snel duidelijk: je bent pas echt vrij als een vogel in de lucht. Door haar metafysische ervaring lukt het Audrey zich te bevrijden van haar monotone, door anderen gedicteerde bestaan. Maar kan ook Gary de vleugels uitslaan en zich overgeven aan iets wat op een wedergeboorte lijkt? We kunnen nauwelijks wachten wanneer en hoe hun paden zich zullen kruisen.

Het is uitgerekend D.H. Lawrence die in een van zijn laatste gedichten, Phoenix, de wil en durf tot verandering en reïncarnatie beschrijft:

Are you willing to be sponged out, erased, cancelled, 

made nothing? 

Are you willing to be made nothing? 

dipped into oblivion? 

If not, you will never really change. 

The phoenix renews her youth 

only when she is burnt, burnt alive, burnt down 

to hot and flocculent ash. 

Then the small stirring of a new small bulb in the nest 

with strands of down like floating ash 

shows that she is renewing her youth like the eagle, 

immortal bird.

 

8 augustus 2014

 

MEER RECENSIES

Philosophers, The

*

recensie  The Philosophers

Moord op de logica

door Karina Meerman

Tienerfilm pretendeert filosofievraagstuk te zijn en verzandt in emotioneel gewauwel dat niet eens de illusie van logica heeft. 

Het uitgangspunt van The Philosophers van regisseur John Huddles is niet slecht. Twintig jonge studenten, klaar om naar prestigieuze universiteiten te vertrekken, krijgen in hun laatste filosofieles een vraagstuk voorgelegd. De wereld gaat ten onder aan een nucleaire ramp. Door filosofisch te denken moeten zij bepalen welke tien studenten een jaar lang in een bunker mogen, zodat het menselijk ras kan overleven. Echter, als de post-apocalyptische mensheid moet groeien uit deze twintig, dan gaat het nog lang duren voor het wiel opnieuw wordt uitgevonden.

Recensie The Philosophers

Glanzende typetjes
De school bevindt zich in Jakarta en moet een internationaal karakter hebben, maar dat is niet echt op te maken uit de glanzende hoofdpersonen. Het zijn typetjes uit gemiddelde cosmeticareclames: alle meisjes lang haar, alle jongens sport-fit, iedereen stralend witte tanden. All-American non-Americans. Voor de diversiteit is wat kleur toegevoegd, maar de meeste van hen lijken in de eerste selectie al af te vallen. Het gedachtenexperiment wordt overigens voor de kijker in scène gezet, zodat beelden van het leslokaal worden afgewisseld met wat zogenaamd gebeurt. Een mooi excuus voor grote ontploffingen, meer teakhouten meubilair en een reisje naar een exotisch eiland.

Filosofisch denken is het fijnslijpen van een vraag tot alleen de kern overblijft, om daar vervolgens met logisch denken een antwoord op te vinden. Na een korte introductie van wat filosofische oefeningen, krijgen de twintig leerlingen ieder een kaartje met hun zogenaamde beroep in handen. Een orthopeed, een dichter, een harpspeler, een elektrotechnicus. Dat moet de keus makkelijk maken. Een boer is nuttig, een operazangers niet. Docent Mr. Zimit (James D’Arcy) ontpopt zich tot joker en brengt wat onvoorspelbare elementen in. Mede daardoor heeft het eerste experiment een ongewenste uitkomst en dus spelen ze het opnieuw, nu met extra informatie over gezondheid en andere competenties dan het beroep. Een beetje jammer dat na jaren filosofie te studeren, niemand eerder had bedacht dat een mens meer is dan zijn vakkennis.

recensie The Philosophers

Baby’s maken
Ook begint het idee van voortplanting een hele belangrijke rol te spelen. De studenten zitten een jaar in de bunker en in dat jaar moeten er baby’s worden gemaakt. Maar waarom? De meiden zijn allemaal rond de twintig, ze kunnen nog minstens vijftien jaar aan de slag. De staat van de wereld buiten de bunker is onbekend: waarom überhaupt klakkeloos aannemen dat voortzetting van het menselijk ras al met een jaar wenselijk is? En er wordt heel stellig gezegd dat de bunker precies genoeg zuurstof en eten bevat voor tien mensen voor een jaar. Baby’s verkleinen dus de overlevingskansen voor de volwassenen.

Maar het geeft jongens en meisjes de kans te laten praten over liefde en romantiek en seks. En voor Mr. Zimit om zijn duistere kant nog eens extra uit te spelen, wat impliceert dat er meer zaken spelen dan de kijker aanvankelijk dacht. Het derde deel van de film draait niet langer om logica, maar om het maken van een feelgoodmovie. ‘Slim zijn is niet alles’, zegt hoofdrolspeler Petra (Sophie Lowe) tegen Mr. Zimit, terwijl enig verstand best handig is als de genenvijver opnieuw moet worden aangevuld. Al is het alleen omdat degene met het hoogste IQ altijd de wijn meebrengt. Dat leert The Philosophers ons dan weer wel. 

 

6 juni 2014

 
ALLE RECENSIES

Winter’s Tale

**

recensie  Winter’s Tale

Mierzoet liefdesdebacle

door Joan Gebraad

Kleed een Amerikaanse fantasybestseller uit 1983 uit. Zet een Oscar-winnende scriptschrijver op de regisseursstoel en voeg daar een sterrencast aan toe. Overgiet het geheel met een saus van clichés en mierzoete romance en je hebt een recept voor een debacle.  

Winter’s Tale speelt zich af in drie tijdepisodes. In 1895 wordt baby Peter Lake (Colin Farrell), zoon van immigranten, de toegang tot Ellis Island ontzegd. Zijn ouders stoppen het kind in een miniatuurschip en zo drijft Peter à la Mozes Manhattan binnen. Satans maffiamaatje Pearly Soames (Russell Crowe) neemt het grut onder zijn hoede en maakt een meesterdief van hem.

Recensie Winter's Tale

Wanneer Peter twintig jaar later tijdens een rooftocht het huis van een rijke krantenmagnaat binnensluipt, stuit bij op Beverly Penn (Jessica Brown Findlay, Downton Abbey). Peter schuimbekt nog net niet. De jongeling ziet het licht, zweert zijn criminele bestaan af en begint aan een onstuimige romance. Peter gelooft oprecht dat het zijn levensmissie is Beverly te redden. Soames probeert met zijn criminele matties Peter ten val te brengen. Echter, de grote vraag is of Peter zijn lot wel goed heeft voorzien. Aldus begint een eeuwenlange apocalyptische strijd tussen goed en kwaad, die zijn hoogtepunt vindt in 2014. Met New York als decor.

Verwarrende aaneenschakeling van scènes
Regisseur Akiva Goldman (A Beautiful Mind, I,Robot, Batman and Robin) neemt geen tijd om dingen uit te leggen, wat funest is. Hij haast van scène naar scène. Het resultaat is een onbegrijpelijk en vaak ongeloofwaardig verhaal vol clichés. Waar komt die computergeanimeerde pegasus ineens vandaan? En is Peter nu echt zo’n oelewapper dat hij zelfs na honderd jaar niet verder komt dan dit hemelse wezen, dat toch echt Anthenor heet, aan te spreken met ‘Paard’? Nog zoiets. Tijdens Beverly’s begrafenis kijkt Peter tussen de graven toe. Een paar seconden later weet hij plotsklaps niet meer wie hij is. De film verspringt zonder uitleg naar 2014. Peter moet inmiddels over de honderd zijn, maar lijkt geen dag ouder. En wat te denken van Peter die binnen een paar minuten een meisje met een kaal hoofd ziet, beseft dat zij ongeneeslijke kanker heeft, begrijpt dat zij zijn lotsbestemming is, haar enkele seconden later flauw ziet vallen, vlucht, vecht met de slechteriken en haar redt?

Vriendjespolitiek
Wat de casting betreft lijkt Goldman een blik vriendjes te hebben opengetrokken. Dit pakt niet altijd goed uit. Zo werkte de oude rot eerder met Jessica Brown Findley, Colin Farrell en Russell Crowe. En Will Smith. Die opduikt in een nietszeggende scène als opper-demonen-homeboy Lucifer om Soames nog eens aan zijn missie te herinneren. Russell Crow had beter zijn gladiatorenoutfit aan kunnen trekken. Hoewel Crowe duidelijk plezier beleeft in zijn rol als slechterik, boezemt hij weinig angst in. Getooid met een lelijk litteken, een negentiende-eeuwse Britse outfit en een verschrikkelijk slecht geïmiteerd Iers accent, gromt en vecht hij als een slappe wannabe crimineel. Van een levensgevaarlijke demon verwacht je op zijn minst de slechtheid à la Al Pacino in The Devils Advocate.

Recensie Winter's Tale

Debacle vol liefdesclichés
Het meest storende aan deze film is Goldmans veelvuldige beroep op liefdesfilmclichés. Deze verpulveren de aandacht voor personageontwikkeling, magische verhaalelementen en diepere betekenissen van Mark Helprins roman.

De te bombastische en storend aanwezige muziek roept associaties op met allerlei romantische filmepen. Tel daarbij op Colin Farrell als de letterlijke prins op het witte (vliegende) paard, geleuter over lotsbestemmingen en ware liefde én het stereotiepe van de koene ridder die het meisje redt. Winter’s Tale is Batman and Robin onder de magisch-realistische, romantische films. We hebben het allemaal al eens gezien. En beter.

 

16 februari 2014

 
ALLE RECENSIES

Hobbit: The Desolation of Smaug, The

****

recensie  The Hobbit: The Desolation of Smaug

Smaug de formidabele

door Karina Meerman 

Solide vervolg op An Unexpected Journey waarin de belofte van de draak meer dan waar wordt gemaakt. Bilbo en de dwergen marcheren naar de Eenzame Berg in een Heel Groot Avontuur.  

Voelde het eerste deel van The Hobbit  nog als een samen geraapte reeks herinneringen aan The Lord of the Rings, onderbroken door overdreven trollenlol, met het tweede deel komt het verhaal echt op stoom. Nog steeds geen perfecte vijf sterren, want nog steeds bevat de film te veel scènes die meer lijken op vulling dan op concrete bijdragen aan Bilbo’s avontuur. De overnachting bij de gedaantewisselaar Beorn (Mikael Persbrandt) bijvoorbeeld en de verwarde aanwezigheid van Radagast (Sylvester McCoy). En is die skateboardtruc van Legolas (Orlando Bloom) nu standaard elvengedrag?  

Recensie The Hobbit: The Desolation of Smaug 3D

Jagen op dwergen
Het is gewoon erg druk in de Woestenij van Smaug. Het wemelt van de personages en hun verhalen. Nieuw in het spectaculaire Tolkien-landschap dat regisseur Peter Jackson ons toont is Lake Town, waar een smoezelige Master (Stephen Fry) de scepter zwaait. Daar maken we kennis met Bard (Luke Evans) die in deel 3 een belangrijke rol zal spelen. De moordlustige ork Azog (Manu Bennett) jaagt nog steeds enthousiast op de dwergen, Gandalf (Ian McKellan) gaat om pad om te ontdekken wie de dodenbezweerder is en Legolas worstelt met vaderissues en gevoelens voor het stoere elvenwijf Tauriel (Evangline Lily).  

Naast al die uitwaaierende lijnen is er meer ontwikkeling in de personages die we al kenden. Zo is Bilbo (Martin Freeman) niet langer het onwillige hulpje, maar een volwaardig lid van het reisgezelschap en tot twee maal toe zelfs redder van dwergen. Ook is er een indrukwekkend moment waarop hij ten volle de kwaadaardige invloed van de ring ervaart. We leren Kili (Aiden Turner) en Bofur (James Nesbitt) beter kennen. En we zien dat Thorins (Richard Armitage) duistere kant bovenkomt, hoe dichter hij zijn doel nadert. Wanneer hij op een gegeven moment openbaart dat hij de koning der dwergen is en iedereen weer rijk zal maken, is het duidelijk dat corruptie plaats gevat heeft in zijn hart.  

Recensie The Hobbit: The Desolation of Smaug 3D

Ultieme draak
Van al die personages is de grootste toch wel Smaug. In het eerste deel was hij slechts een oog en een duistere schaduw, maar in The Desolation of Smaug komt hij grandioos tot leven. Smaug is de ultieme draak, niet alleen in uiterlijk maar ook in karakter zoals we die kennen uit West-Europese legendes: grote hebzucht, welbespraaktheid en tomeloze arrogantie. Zijn stem galmt door de met goud bezaaide grotten en de vleierijen van Bilbo strelen zijn enorme ego genoeg om de hobbit niet direct op te eten. Herinneringen aan Draco (Sean Connery) in Dragonheart zijn op slag vergeten: dit is de beste filmdraak ooit.  

Het is heel knap hoe Peter Jackson van minder materiaal meer film maakt, het omgekeerde van wat hij deed bij The Lord of the Rings. Al die drukte leidt bijna af van de grote lijn: dat Bilbo de Arkensteen moet stelen uit de klauwen van Smaug, zodat Thorin een thuis kan creëren voor zijn dwergenvolk. Niet dat alles wat hierbuiten valt nutteloze franje is, maar het maakt het palet bijzonder veelkleurig en dat is niet voor iedereen prettig. Wie zich echter graag laat overdonderen door een veelheid aan beeld, geluid, personages en verhalen, zal van The Desolation of Smaug meer genieten dan van An Unexptected Journey. 

 

9 december 2013

 

ALLE RECENSIES

Young and Prodigious T.S. Spivet, The

****

recensie  The Young and Prodigious T.S. Spivet

Betoverende roadmovie

door Ralph Evers

Tucsemsah Sparrow Spivet is een jochie met een verbazingwekkende creatieve geest die een perpetuum mobile weet uit te vinden. Voor het in ontvangst nemen van een prestigieuze prijs van het Smithsonian moet hij in Washington D.C. zien te geraken.  

Spivet vormt samen met zijn broer Layton een twee-eiige tweeling. Layton heeft de lengte meegekregen en Spivet de hersens. Layton is de oogappel van hun vader. Spivet wordt niet geliefd door zijn ouders. Hij heeft een zwijgzame vader en een moeder die op zoek is naar een niet bestaande krekel. En naast Layton is er nog Gracie, de zus die alleen bezig lijkt te zijn met het winnen van de Miss America-wedstrijd.

Recensie The Young and Prodigious T.S. Spivet 3D

Spivet zoekt zijn toevlucht in uitvindingen en wetenschap. Een terrein waar Jean-Pierre Jeunet wel raad mee weet. Hij trekt flink wat uit de kast om een onderhoudende film te maken. Een film die het midden houdt tussen een sprookje en een roadmovie met een prachtige soundtrack, kleursetting en aangenaam gebruik van 3D-effecten.

Countryside
De odyssee van Spivet is van een zeldzame schoonheid. De landschappen die hij doorkruist zijn adembenemend mooi in beeld gebracht, ondersteund door de dromerige, folky muziek van Denis Sanacore. De weidsheid doet denken aan de grenzeloze fantasie van de jongen. De natuur herbergt een lyriek, die erotiserend werkt voor de creatieve geest. De kleurstelling geeft een magisch tintje aan de landschapsheroïek.

De film, die is gebaseerd op het boek The Selected Works of T.S. Spivet van Reif Larsen, doet qua tederheid en timbre denken aan The Straight Story van David Lynch. Wanneer Washington D.C. bereikt wordt, is het alsof je als kijker ontwaakt uit een vredige slaap. De stad die met haar geometrische strengheid weinig ruimte voor de fantasie overlaat, is in handen van Jeunet nog altijd lieflijk. De wolkenkrabbers lijken eerder versteende reuzen en de op geld beluste inwoners lijken marionetten in een groteske komedie.

Recensie The Young and Prodigious T.S. Spivet 3D -

Bijzondere karakters, mooie vondsten
Jeunet zou Jeunet niet zijn, wanneer er niet een overdaad aan mooie vondsten in zijn film verstopt zitten. Tijdens de uitbeelding van het leven van Spivet worden we voortdurend getrakteerd op kleine kaders waarin door animaties nadere uitleg wordt gegeven. De wetenschapsdocent van Spivet lijkt op de starre wetenschapsdocent uit Frankenweenie. De vertegenwoordiger van het Smithsonian, mevrouw Jibsen, is vermakelijk met al haar neurotische trekjes. Ze lijkt zo weggelopen te zijn van de set van de Britse sitcom Bottom.

Met de consequente voering van de thematiek en bijpassende soundtrack, herpakt Jeunet de charme die zijn meesterwerk Amélie ook heeft. Al haalt deze film net niet dat niveau.

 

12 november 2013

 
ALLE RECENSIES

Thor: The Dark World

****

recensie  Thor: The Dark World

Thor op zijn best

door Karina Meerman

Stel dat Thor, Iron Man en Superman alle drie om je vechten om jouw nieuwe verkering te worden. Wie van de drie kies je dan? Eén voorwaarde: ‘allemaal’ is geen optie.  

Op het eerste gezicht lijkt Tony Stark een aantrekkelijke keuze. Wanneer hij geen superheldenwerk doet, kleedt hij zich uitstekend. Hij is een goed geconserveerde 45-plusser met een Mensawaardig IQ, rijdt coole auto’s, woont in een gigantisch huis aan zee en heeft miljoenen te spenderen. Ook aan jou. Hij houdt van sterke vrouwen en is hartstikke handig in huis: als er iets kapot gaat, kan hij het zelf repareren.

Mode
De man van staal is, alhoewel veel jonger, modetechnisch ontzettend saai. Het is óf een blauw pak met een rode cape óf een spijkerbroek met overhemd. Met zo’n ferme kaaklijn en grote blauwe kijkers heeft hij ook niet veel nodig. Sterker nog, dat supermanlijf doet het eigenlijk veel beter zonder geruit overhemd. Kal-El heeft niets van het flamboyante van Tony, maar zijn haarstijl is veel beter. Als hij tenminste niet ongekamd langs Amerika’s wegen sluipt op zoek naar zijn identiteit. Thor oogt spectaculairder als geheel, maar zijn eeuwige outfit van vikinghaar, cape, harnas en onafscheidelijke hamer doen je vriendinnen in hun broek piesen van het lachen. Voor een man die duizenden jaren oud is zou je denken dat hij wat vaker van kapper en/of modehuis wisselt.

recensie Thor: The Dark World 3D

Maar zoals iedereen weet zit echte schoonheid van binnen. Superman is heel lief voor zijn adoptie-ouders en hij zal het prima begrijpen wanneer jij afzegt omdat je met je moeder moet winkelen. Ook Thor is een respectvolle zoon, die veel van zijn moeder houdt en eerbied heeft voor zijn vader. Het is jammer dat ze niet wat gezelliger zijn, want al dat formele gedoe maakt van de feestdagen een gespannen tijd. Zeker wanneer broer Loki besluit de boel weer eens te verstieren. Het is misschien niet jolig met de familie uit Asgard, maar saai is het zelden.

Angstaanvallen
Het makkelijke aan Tony is dat hij geen familie heeft. Die heeft hij ook niet nodig, want dan houdt hij meer aandacht over voor zichzelf. Een knappe miljonair als vriendje lijkt misschien leuk, maar als hij niet in de spotlights staat, sluit hij zich dagenlang op in de kelder om met zichzelf te spelen. En dan is er nog het vrouwelijk schoon dat zich op hem stort. Je moet sterk in je schoenen staan wil je met Tony om kunnen gaan. Zeker in periodes waarin hij aan zichzelf twijfelt waardoor hij angstaanvallen krijgt. Voor hetzelfde geld zoekt hij bevestiging buiten de deur, alhoewel de kans groter is dat hij zich in zijn werk verstopt.

Vrouwen
Superman heeft geen aandacht voor andere vrouwen en Thor evenmin. Dat ze nog nooit hebben gedate maakt jou heel bijzonder, maar doet ook twijfels rijzen over de geestelijke gesteldheid van beide mannen. Thor heeft tenminste nog een goede vriendin. Superman heeft alleen jou, maar toch kom jij altijd op de tweede plaats. Eerst moet de wereld worden gered. Je weet nooit of Kal-El op tijd zal zijn voor een afspraakje, want als een bus schoolkinderen in een Chinese afgrond dreigt te storten, zal jij toch echt moeten wachten. Daarbij toont hij de laatste tijd wat nare trekjes. Man of Steel voelt zich wel erg comfortabel als de grote redder en hij draait zijn hand niet meer om voor moord. Dat zijn toch signalen waar een meisje rekening mee moet houden, zeker als hij moeilijk over zijn emoties praat.

De wereld redden
Bij Thor is dat hoopvoller. Was hij vroeger nog een arrogant leeghoofd die vond dat hij recht had op de troon, na zijn val naar aarde is hij een stuk sympathieker geworden en geestiger dan ooit tevoren. Oké, zonder zijn hamer voelt hij zich wat onzeker dus dat ding moet altijd mee, maar het is geven en nemen in een relatie. Hij houdt je – via zijn wachter Heimdall – goed in de gaten, zonder dat het stalken wordt. En hij houdt zich aan zijn woord. Als hij zegt dat hij terugkomt, doet hij dat ook. Je moet alleen – ook bij hem – even wachten tot een wereld is gered (en zijn werkgebied is aanzienlijk groter dan dat van Superman). Als jij je echter in een van die negen werelden bevindt, doet hij er werkelijk alles aan om te zorgen dat je veilig bent. Hij vindt je geweldig om wie je bent, heeft thuis een kast vol kleren die je perfect passen en hij kan uitstekend omgaan met je vrienden. Zelfs met je vervelende jongere zusje.

 

30 oktober 2013

 
ALLE RECENSIES