Liza, the Fox-Fairy

****

recensie Liza, the Fox-Fairy

Dodelijk sprookje

door Ralph Evers

Liza, the Fox-Fairy is de eerste lange film van Károly Ujj Mészáros. Een sprankelende mix van humor, romantiek, folklore en dodelijke danspasjes. Een sprookje met een donker randje.

Het zomerseizoen staat vaak garant voor blockbusters. Om de bioscoopganger met het heerlijke weer, de koude witbiertjes, de goede Chablis, de zomerse jurkjes en die ontspannen reis in het verschiet toch nog naar de bioscoop te lokken bedenkt men films als Star Trek: Finalest Contact, Spiderman vs Garfield en Godzilla’s Grandpa. Films die het equivalent zijn van derdegraads brandwonden. Gelukkig zijn er alternatieven. Liza the Fox-Fairy is daar één van.

Liza, the Fox-Fairy

Liza werkt als verpleegkundige en verzorgt de oude weduwe die een passie voor Japan heeft. Liza is een arme vrouw, die een sober bestaan leidt. Haar vurigste wens is om op haar dertigste de ware te vinden. Ze heeft zich echter te houden aan het strakke juk van de weduwe. Haar enige andere contact is dat met de geest van een Japanse popzanger, Tomi Tani. Liza heeft de gave met deze Tomi te kunnen communiceren. Hij helpt haar zich minder eenzaam te voelen, maar haar verlangen naar een partner blijft. Wanneer ze dertig wordt krijgt ze een paar uur vrij van haar werkgeefster. In de hoop haar ware te vinden gaat ze naar het gehypete burgerrestaurant (Mekk-burger) in de buurt. Ondertussen blijken de onschuldige liedjes van de Tomi een levensgevaarlijke uitwerking te hebben op een ieder die Liza wel ziet zitten als partner.

Jeunet en Kaurismäki
Na een reeks verdachte sterfgevallen in Liza’s omgeving wordt de zonderlinge detective Zoltán op de zaak gezet. Evenals de slachtoffers verblijft Zoltán langere tijd in de buurt van Liza. Met gevaar voor eigen leven, verslaafd aan Finse rock-’n-roll en onverstoorbaar in zijn onderzoek trotseert hij aanslag na aanslag.

Een goed uitgewerkt gegeven in dit verder romantische sprookje is de typering van de verschillende personages. Met slechts enkele penseelstreken en spitsvondige details weet Mészáros zijn karakters te passen binnen het kader van zijn gestileerde sprookje. Hij werkt veel met contrasten, zoals dood en romantiek. Overdreven karikaturen van maatschappelijke misfits en ernst tegenover running gags. Anachronisme in zowel de Japanse folklore, die zich in vroegere tijden gesitueerd weet, tegenover een Hongarije dat nog het meest op het Amerika van de jaren zestig en zeventig lijkt. De romantische insteek van deze film zal veel mensen doen denken aan Amélie van Jeunet.

Liza, the Fox-Fairy

Het kleurenpalet verdient ook vermelding. Die stilering doet denken aan het werk van eerder genoemde Jeunet, Wes Anderson en Kaurismäki. De verwijzing naar de Fin is prominenter aangezien in de muziekkeuze van de detective, de rock-’n-roll van Marko Haavisto, een directe verwijzing naar de The Man Without a Past van Kaurismäki uitgaat. De contrasten geven de film extra cachet en houden hem mysterieus en geven een licht surreële feel. Daarin valt de donkerte en onvoorspelbaarheid van Buñuel en Lynch te herkennen.

Japan
Opvallend is de prominente aanwezigheid van Japanse folklore. Dit staat haaks op het Hongaarse theaterstuk waar Liza Rókatünder op gebaseerd is. De aanwezigheid ervan kan verklaard worden uit de liefde voor Japanse cultuur van regisseur Mészáros. Door de absurde toon die de film aan het begin zet, met de dansende Tomi, Liza als wereldvreemd meisje dat kan communiceren met geesten en een eerder kapitalistisch, dan communistisch Hongarije in de jaren zestig. Tal van vervreemdende elementen die Mészáros vooral vindt in de Japanse cultuur. Zo komt de film weg met haar donkere randje, haar surreële verhaallijn, haar sprankelende humor en onalledaagse personages. Alsof je als kijker zelf ook even betoverd raakt en heerlijk ondergedompeld wordt in de fantastische wereld die film te bieden heeft.
 

25 juni 2016

 

Ga snel naar onze Facebookpagina en maak kans op 2 vrijkaartjes!

 

MEER RECENSIES

Wakhan Front, The

***

recensie  The Wakhan Front

Collectieve wanhoop

door Damian Uphoff

Een verfrissende oorlogsfilm – ja, het is dus echt mogelijk. Oeverloos macho gebral, pathetische heroïek, lomp geknal; niks van dat in The Wakhan Front. Regisseur Clément Cogitore wendt zich tot een originelere aanpak. Alleen dat verdient al lof. 

Gestationeerd in de spuuglelijke contreien van Wakhan (Afghanistan), heeft een unit Franse soldaten nog wat losse eindjes aan elkaar te knopen. Alvorens hun biezen te pakken hebben ze nog één opdracht: het bewaken van de afgelegen vallei in Wakhan. Aangezien het een kalme regio betreft lijkt dit geen moeilijke taak, maar ze ondervinden al vlug dat het geen sinecure blijkt. Op curieuze wijze verdwijnen er soldaten, zonder ook maar iets van een spoor achter te laten. Alsof de aarde ze heeft opgeslokt. De pragmatisch ingestelde sergeant Bonassieu probeert de boel in toom te houden, maar tevergeefs. De wanhoop doet intrede.

Recensie The Wakhan Front

Frisse draai
The Wakhan Front heeft een opmerkelijk concept voor een oorlogsfilm. Het is er eentje die je evengoed in een horrorfilm zou kunnen aantreffen, alleen is The Wakhan Front dat allesbehalve. Een dappere poging van de debuterende regisseur Clément Cogitore, slechts bekend van kortfilms als Parmi nous en Un Archipel.

De uitwerking laat het veelbelovende uitgangspunt niet in de steek. The Wakhan Front richt zich voornamelijk op sfeer, iets wat weinig oorlogsfilms doen. Duistere soundscapes zetten een nijpende sfeer neer. Dat lukt niet altijd, want op audiovisueel vlak blijft de film net te terughoudend om echt beklemmend te zijn. De cinematografie beperkt zich vooral tot het droog vastleggen van het verdorde Afghaanse landschap, al zorgen de beelden door de nachtkijkers voor variatie. Het hoogtepunt is een wat dynamischere scène, waarin een soldaat kwade geesten tracht te verdrijven met een soort dans.

Afzwakkend mysterie
De mysterieuze verdwijningen eisen op een gegeven moment hun tol op de psychische gesteldheid van de soldaten. De lokale bevolking weet blijkbaar van niks, en ook de Taliban heeft geen enkele notie. Sterker nog, zij hebben met hetzelfde probleem te kampen. De concrete oorzaak van de verdwijningen krijg je als kijker nergens. Er worden slechts enkele oorzaken gesuggereerd. Daar is ansich weinig mis mee, alleen is het ‘probleem’ dat het mysterie gaandeweg aan kracht inboet. Eens het einde nadert begint het plot chaotische vormen aan te nemen. Alsof de regisseur zich na driekwart van de film geen raad meer wist, en het zaakje maar wat afraffelde.

Recensie The Wakhan Front

Het acteerwerk is erg dubbel. De Franse soldaten zetten hun rollen geloofwaardig neer, met Jérémie Renier als speerpunt. Dat geldt niet voor de Taliban-strijders. Geleid door een snuiter die nog het meest weg heeft van een dubieuze kruising tussen Gimli uit The Lord of the Rings en Jack Sparrow, komen ze een beetje lachwekkend over. Ook de wijze waarop de twee partijen uiteindelijk met elkaar in verzoening raken is allesbehalve geloofwaardig. Ze zitten nog net niet met elkaar aan de thee.

The Wakhan Front is zeker geen slechte film. Hij is er eentje die afwijkt van de geijkte genreconventies, en tot op zekere hoogte intrigeert. Maar ergens wringt het dat de potentie die hier in zit er slechts met mondjesmaat uitkomt.

 

27 januari 2015

 
ALLE RECENSIES

Star Wars: The Force Awakens

****

recensie  Star Wars: The Force Awakens

De kracht komt tot leven in de details

door George Vermij

Het kind is de vader van de man en dat geldt natuurlijk ook voor filmliefhebbers. De films die je in je jeugd hebt gezien zijn cruciaal voor hoe je cinema verder zal ervaren. Star Wars is in dat opzicht een geval apart door zijn ongekende succes en zijn grote invloed op sci-fi en popcultuur. De vraag is natuurlijk hoe het begin van een nieuwe serie zich verhoudt tot de magie van vroeger. 

The Force Awakens is gelukkig geen Phantom Menace geworden en de franchise lijkt nu definitief te zijn ontworsteld uit de creatieve klauwen van George Lucas. Voor de echte fans pleegde Lucas al verschillende malen heiligschennis dus het was tijd voor een nieuwe ‘oude’ aanpak. Voor The Force Awakens lag die in handen van J.J. Abrams, maar ook de scriptschrijver van de oude reeks, Lawrence Kasdan. Het zal daarom geen verrassing zijn dat de nieuwe film met gepaste eerbied verwijst naar de sci-fi mystiek van de oudste trilogie waarvan A New Hope in 1977 het eerste deel was.

Recensie Star Wars: The Force Awakens

Oude en nieuwe gezichten
Het begint natuurlijk gelijk al goed met de iconische titel-crawl en de onnavolgbare muziek van John Williams. Op een woestijnplaneet die lijkt op Tatooine uit A New Hope, maar Jakku heet, zoekt X-wingpiloot Poe Dameron (Oscar Isaac) naar Luke Skywalker. Hij is verdwenen en nieuwe duistere krachten die zich The First Order noemen hebben het ook gemunt op deze legendarische Jedi-meester.

Het verhaal combineert veel bekende en geliefde oude gezichten met nieuwe personages. Het is een slimme en doordachte zet die een brug slaat tussen de oudere delen, maar ook tussen verschillende generaties fans.

Combinatie van kwetsbaarheid en daadkracht
Van die nieuwe koppen heeft Rey (Daisy Ridley) de belangrijkste rol. Zij doet denken aan de simpele Skywalker die in A New Hope geconfronteerd werd met zijn belangrijke taak, maar ook met onzekerheid en twijfel. Ridley is daarbij perfect gecast en hanteert een combinatie van kwetsbaarheid en daadkracht die haar tot een boeiende heldin maken.

Een ander interessant personage is Finn die een verrassende kant van de altijd anonieme Stormtroopers laat zien. John Boyega zet Finn sympathiek en komisch neer als een weifelende sidekick van Rey.

De film komt pas echt tot leven in de details. Rey woont in het karkas van een oude AT-AT in een woestijn die bezaaid is met de wrakstukken van oude voertuigen die iedere fan zich wel kan herinneren. De Millenium Falcon is nog steeds het snelste stuk schroot in de ruimte en wordt op grappige wijze in het verhaal geïntroduceerd.

Star Wars: The Force Awakens

Blockbuster-cinema
En dan is er nog de duistere kant die wordt belichaamd door Kylo Ren in zijn zwarte kostuum inclusief Darth Vader-achtige masker. Adam Driver weet deze complexe figuur goed neer te zetten alhoewel deze criticus moet bekennen dat hij hem soms moeilijk los kan zien van zijn komische rol in de serie Girls als de door seks geobsedeerde Adam.

Naast deze nieuwe helden die het Star Wars universum weer wat vers bloed geeft zijn Han Solo, prinses Leia en Chewbacca weer van de partij. Het is alsof ze nooit weg zijn geweest en Abrams verbindt zo nostalgie weer met een nieuwe verhaallijn waar iedereen nu nieuwsgierig naar is.

Zover is het dus missie geslaagd. Behalve dan als je niet gecharmeerd bent van de grote en fantasierijke blockbuster-cinema. In dat geval was je waarschijnlijk al in 1977 afgehaakt. Toch moet zelfs de echte cynicus bekennen dan het allemaal met liefde en respect voor het Star Wars-universum is gemaakt. In zijn genre heeft Abrams een waardig vervolg afgeleverd. Een hele prestatie na de dompers van Lucas en een bewijs dat dure megaproducties ook gewoon je hart sneller kunnen doen kloppen.

 

16 december 2015

 
ALLE RECENSIES

Tout nouveau testament, Le

***

recensie  Le tout nouveau testament

Ontsporend meesterwerkje

door Bob van der Sterre

God leeft. Hij woont ergens in een buitenwijk van Brussel, met zijn nietszeggende vrouw met een passie voor borduren en honkbalplaatjes en zijn dochtertje, Ea. Achter een computertje in een kamer vol dossierlades heeft hij de wereld verzonnen.

God is een hufter, een schoft, en bedenkt dus een sadistische maatschappij. Het duurde even voor hij zijn ideale slachtoffer vond nadat pogingen met giraffes op niets uitliepen. De mens is ideaal voor zijn echte passie: het verzinnen van een lijst met sadistische tegenslagen (‘een boterham met jam zal altijd ondersteboven op de grond vallen’, ‘als je net in bad gaat, klinkt de telefoon’). Hij grinnikt achter zijn pc’tje en tikt lekker verder.

Le tout nouveau testament

IJzersterk
Ea leeft in dat huis. Niets leuks aan. Ze wordt opstandiger en God weet niet anders dan haar ervan langs te geven met de riem. Ze wil ontsnappen, apostelen zoeken, het lijden van mensen verzachten. Na een overleg met haar broer, Jezus Christus, die als een beeldje op de kast staat, weet ze hoe ze ervandoor kan gaan. God moet ook want ze heeft zijn pc geblokkeerd.

Een schitterende premisse – en ook schitterend uitgevoerd. Virtuoos, vermakelijk, satirisch en erg speels. Sterk herinnerend aan Jean-Pierre Jeunets Amélie maar wat geeft het? Het eerste deel van de film is ijzersterk.

Maar dan komt het vervolg en het schema van het meesterwerk moeten we al snel verlaten. Ea gaat apostelen bezoeken. Een leuk gegeven, maar het meeste materiaal over hun levens is niet zo heel interessant. Soms zelfs dwaas (Catherine Deneuves passage wint de cultprijs). Ja, er zijn nog wel wat vermakelijke grapjes (de citerende zwerver, de passage met God en de dominee) maar ze werken steeds minder goed.

Doordraven
Wat je steeds meer mist naarmate de film vordert, is een gewone scène. Alles is olijke montage in Le tout nouveau testament. De film draaft erin door en wordt meer en meer style over substance. De originaliteit van het verhaal, de motor van ieder meesterwerk, begint te pruttelen. Tegen het einde rijdt de auto alleen nog maar op gebakken lucht.

Le tout nouveau testament

Een ander probleem is een kind als hoofdpersoon. Goed acteren is altijd lastig voor kinderen en geen enkele andere rol komt boven de karikatuur uit. Een kinderfilm is het toch ook niet. De film speelt ongegeneerd met taboes.

Denkend aan soortgelijke originele verhalen (Being John Malkovich, Amélie, The Grand Budapest Hotel) dan valt elke keer op dat de humor subtieler wordt met het vorderen van de film. Hier gaan we de andere kant op.

Het is een bewijs voor de theorie dat je goede verhalen ‘achteruit’ moet schrijven, met een origineel plot in je achterhoofd, en niet ‘vooruit’, vanuit een startpositie. Goede films zijn nu eenmaal kop en staart.

Wat nu overheerst na het kijken van de film van Jaco van Dormael (bekend van Toto le Héros, Le Huitième Jour en Mr. Nobody) is een gevoel van vermaakt te zijn en een gevoel van spijt dat het niet meer was dan dit.

 

2 november 2015

 
ALLE RECENSIES

One I Love, The

****

recensie  The One I Love

Je betere en slechtere wederhelft

door Suzan Groothuis

Debuut van de zoon van Malcolm McDowell waarin een relatiecrisis de spil vormt en leidt tot een surrealistische sci-fi comedy met een donker randje.

Het stel Ethan en Sophie verkeert in crisis. Hoe ze verliefd werden weten ze nog heel goed, maar de glans is van hun relatie af. Ofwel in Sophies woorden: “Happiness is something we have to re-create.” Maar zelfs het recreëren van mooie momenten geeft hun relatie niet de boost die zij nodig heeft.

Hun therapeut (een korte rol van Ted Danson) ziet maar één uitweg en dat is een weekend weg naar een idyllisch gelegen vakantiehuis. Een uitstapje dat hij eerder aangeraden heeft en vele stelletjes gered heeft van hun relatieproblemen.

Recensie The One I Love

Creatieve relatietherapie
Wanneer Ethan en Sophie er aankomen,  lijkt het verblijf te mooi om waar te zijn. Check die prachtige tuin en hip ingerichte woning met platenspeler! Tot hun verbazing is er ook nog een gastenverblijf, waar hun uitgedoofde romances weer opbloeien. Maar dan doen Ethan en Sophie een schokkende ontdekking, die hun romantisch bedoelde uitje op zijn kop zet.

The One I Love houdt midden tussen komedie, sciencefiction en thriller. De film bevat wat twists die je niet ziet aankomen. Debuterend regisseur Charlie McDowell (jawel, de zoon van!) en scenarioschrijver Justin Lader springen creatief om met de thematiek van een uitgebluste relatie. Wat als je partner twintig procent perfecter was? Zou dat dan tot een betere relatie leiden? Of zijn imperfecties nodig om een relatie spannend en gezond te houden?

Tijdens hun weekend weg worstelen Ethan en Sophie met het vraagstuk hoe ze hun relatie nieuw leven kunnen inblazen. Een fles wijn en wiet bieden tijdelijk uitkomst, maar wat echt pijn doet houden ze voor elkaar verborgen. Hoofdrolspelers Mark Duplass (tevens producent van de film en eerder te zien in de sci-fi comedy Safety Not Guaranteed) en Elisabeth Moss (Peggy uit de serie Mad Men), buiten de therapeut de enige twee karakters in de film, zijn goed op elkaar ingespeeld en geven hun moeizame relatie op natuurlijke wijze vorm: enerzijds zijn er de mooie herinneringen, liefde en humor, anderzijds de pijnpunten zoals vreemdgaan en niet voldoen aan elkaars verwachtingen.

Recensie The One I Love

Sci-Fi Virginia
Een “weird version of Who’s Afraid of Virginia Woolf?” noemt Ethan de vreemde situatie die zijn intrede doet tijdens hun weekendje weg. Een rake omschrijving van The One I Love, waarin herinneringen, fantasie en realiteit het beeld bepalen dat de een van de ander heeft. Gooi daar een sci-fi sausje overheen met een donker randje en je hebt een origineel, verfrissend debuut dat doet denken aan het werk van Charlie Kaufman (Adaptation., Being John Malkovich) en Michel Gondry (Eternal Sunshine of the Spotless Mind). Met de finale zal je wellicht met een andere blik naar je partner kijken. Want, zeg eens eerlijk, hoe goed ken je elkaar nou eigenlijk?

 

5 juli 2015

 
ALLE RECENSIES

Age of Adaline, The

**

recensie The Age of Adaline
Ontsnappen aan onsterfelijkheid

door Suzan Groothuis

Na een auto-ongeluk blijft Adaline Bowman 29 jaar oud. Terwijl de tijd als een geschiedenisles vervliegt, brengt zij haar dagen eenzaam door. Tot de liefde op haar pad komt…

Een mannelijke voice-over introduceert het leven van Adaline Bowman (Blake Lively, bekend uit de serie Gossip Girl), geboren in 1908 en gezegend met een serene schoonheid en hoge intelligentie. Wanneer haar man na een incident om het leven komt, blijft Adaline achter met haar dochter Flemming. Maar het lot beslist dat Adaline na een auto-ongeluk, waarbij zij tijdens een storm door de bliksem geraakt wordt, voor eeuwig 29 jaar jong blijft. Terwijl de jaren verstrijken blijft zij haar jonge uiterlijk houden, wat argwaan wekt bij de FBI. Om zichzelf en haar dochter te beschermen besluit Adaline om de tien jaar een andere identiteit aan te nemen en haar heil elders te zoeken.

Recensie The Age of Adaline

En zo belanden we in het heden en is Adaline al flink wat jaartjes verder. In de identiteit van Jennifer Larson leidt ze een teruggetrokken leven in San Francisco. Voor de buitenwereld is ze een aantrekkelijke, gesloten jonge vrouw. Haar thuis verraadt subtiel haar werkelijke zijn: relikwieën als een oude typemachine sieren het huis en fotoalbums tonen het verloop van de jaren. Dochter Flemming is inmiddels bejaard en hondje Reese blijkt de zoveelste generatie die rondsnuffelt in huize Bowman.

Niet meer alleen
Op een oudejaarsavond krijgt het leven van Adaline een andere wending. Ze ontmoet Ellis (Michiel Huisman), een romantische filantroop die haar al snel weet te beroeren. Maar hoe kan Adaline toegeven aan een liefde, terwijl ze een leven van ontsnapping leidt?

Op die vraag bouwt The Age of Adaline voort. Terwijl haar gevoelens voor Ellis toenemen, zegt haar verstand dat ze hem moet laten gaan. De enige met wie Adaline haar verwarring kan bespreken is Flemming (Ellen Burstyn), die haar aanspoort niet langer een eenzaam leven te leiden (“You don’t have to be alone forever” ).

The Age of Adaline, van de hand van de jonge regisseur Lee Toland Krieger, doet in meerdere opzichten denken aan David Fincher’s The Curious Case of Benjamin Button (hierin wordt het titelpersonage steeds jonger). Een verhalende voice-over, niet vanzelfsprekend ouder worden en een liefde die daardoor onmogelijk is. De film is, net als in The Curious Case, dramatisch opgezet met verwijzingen naar de geschiedenis van de twintigste eeuw. Overigens doet Krieger dat met een minder groot gebaar: dat Adaline bijna de gehele twintigste eeuw heeft meegemaakt maakt zij duidelijk in een potje Trivial Pursuit.

Recensie The Age of Adaline

Kuise Huisman
De film is prachtig geschoten, maar stelt op inhoudelijk vlak teleur. Waar Blake Lively’s tijdloze schoonheid, decors en kostuums overtuigen, is het scenario zwak en voorspelbaar. Zoete en bedachte dialogen (Ellis: “Years, lovers and glasses of wine. These are things that should never be counted.” Adaline: “ You have no idea” ), voorziene plotwendingen en de onwaarschijnlijkheid van leven, dood en de krachten der natuur maken van The Age of Adaline  een misbaar sprookje. Daarbij ontbreekt de chemie die Brad Pitt en Cate Blanchett in The Curious Case of Benjamin Button wel hadden.  Lively’s spel is ondanks Adaline’s grondige verlangen lief te hebben en een normaal leven te leiden vlak; Huisman is de grote romanticus die vastbijt en niet meer loslaat. De scène dat de twee elkaar voor het eerst ontmoeten maakt opzichtig duidelijk dat ze voorbestemd zijn voor elkaar.

Om er nog wat spanning in te mengen volgt de introductie van de vader van Ellis (Harrison Ford), met wie Adaline een verleden deelt. Maar het clichématige verloop ziet de kijker al van verre aankomen. Ook Anna Kendrick (Pitch Perfect) zal teleurgesteld zijn: haar ‘hunk’ Michiel Huisman (momenteel ook te bewonderen in het vijfde seizoen van Game of Thrones) paradeert ondanks haar verzoek op Twitter om meer mannelijk naakt – “Madonna kissed Drake, Hilary’s running for president, but HBO STILL hasn’t shown this dude’s dick??”  – in The Age of Adaline slechts in ontbloot bovenlijf rond.

15 juni 2015

ALLE RECENSIES
 

Lost River

**

recensie  Lost River

Verloren zielen in verzopen stad

door Cor Oliemeulen

Soms heb je de behoefte om een regisseur te vragen wat hij nu eigenlijk bedoelde met zijn film. Was het een gevolg van een ‘bad trip’? Heeft je onbedaarlijk experimenterende neefje van de kunstacademie jouw naam mogen gebruiken? Of kunnen wij deze nieuwe filmstroming pas na je volgende project beter begrijpen?

Allereerst een vraag aan de lezer. Wat hebben Keanu Reeves, Dustin Hoffman, Joseph Gordon-Levitt, James Franco, Ben Affleck, Tim Roth, Gary Oldman, Marlon Brando, John Malkovich, Alec Baldwin, Antonio Banderas, Mel Gibson, Gael García Bernal, Edward Norton, Bob Hoskins, Morgan Freeman, Albert Finney, George Clooney, Gérard Depardieu, Paul Newman, Tommy Lee Jones, Ed Harris, Laurence Olivier, Al Pacino, Robert Redford, Tim Robbins, Philip Seymour Hoffman, Daniel Auteuil, Frank Sinatra, Billy Bob Thornton, John Wayne, Robert De Niro, Clint Eastwood en Denzel Washington met elkaar gemeen?

Recensie Lost River

Het zijn stuk voor stuk begenadigde acteurs die op een bepaald moment in hun carrière zélf een film wilden maken. De een bleek wat succesvoller dan de ander, en een enkeling had er beter helemaal niet aan moeten beginnen. De tijd zal leren hoever de ambities van Ryan Gosling zullen reiken. Met Lost River levert hij in ieder geval een opvallend regiedebuut af.

Kleurenpalet
Toen Lost River na de wereldpremière op het filmfestival van Cannes met de grond gelijk werd gemaakt, leek het er op dat deze combinatie van donkere fantasie en modern sprookje direct op dvd zou verschijnen. Het siert Warner Bros. dat ze toch de stap naar de bioscoop heeft genomen, want het lijkt zeer onwaarschijnlijk dat het regiedebuut van Ryan Gosling de kassa’s zal laten rinkelen. Lost River is in die zin rijper voor het alternatieve circuit, hoewel de doorgewinterde arthouse-fan zich danig achter de oren zal krabben wat hij moet aanvangen met dit onsamenhangende bombardement van cinematografische artisticiteit en narratief falen.

Sommige beelden zijn origineel en prachtig, zoals de voorbijrijdende brandende fiets en de lantaarnpalen die half onder water staan en een voor een aanspringen, terwijl andere beelden niet echt verrassen, zoals brandende huizen in het donker en eenkleurig verlichte ruimtes. De cinematografie van Benoît Debie, die zijn kleurenpalet al opentrok voor visuele trips in Enter the Void (2009) en de neon-kitsch in Spring Breakers (2012) is het enige, en tevens alles, wat Lost River de moeite van het bekijken (op het witte doek) waard maakt.

Recensie Lost River

Vloek
De failliete spookstad Detroit dient als decor van een – na een vloek (!) – ondergelopen stad, waarin de acteurs veelal plompverloren rondlopen. Het door Gosling zelf geschreven Lost River biedt een warrig kijkje in het leven van de alleenstaande moeder Billy (Christina Hendricks) die om het hoofd boven water te houden gaat werken in een creepshow met Cat (Eva Mendes) als bloederige hoofdact, terwijl Billy’s tienerzoon Bones (Iain De Caestecker) verkoopbaar materiaal uit de verlaten huizen stript, wordt achtervolgd door een vage punker en toenadering zoekt tot zijn buurmeisje Rat (Saoirse Ronan).

De eerste boreling van Ryan Gosling is ambitieus, pretentieus, pompeus en serieus tegelijk – ontegenzeggelijk beïnvloed door Terrence Malick, David Cronenberg, David Lynch en Nicolas Winding Refn, met wie hij Drive (2011) en Only God Forgives (2013) maakte. Een mix van onheilspellend donker, zonnestralen door de bladeren van een boom, surrealistische settings, kleurenfilters, gestyleerd geweld, anarchie en escapisme. Een mengbeker die ten langen leste aanvoelt als een gifbeker. Met minder experimenteerdrift en een beter scenario verdient Ryan Gosling een tweede kans.

 

24 april 2015

 
ALLE RECENSIES

Luchtig tijdreizen

Luchtig tijdreizen

door Bob van der Sterre

Tomorrow I’ll Get Up And Scald Myself With Tea ♦ Ivan Vasilievich: Back to the Future ♦ Non ci resta che piangere

 

Er is bijna geen ander onderwerp waar cinema zo dol op is: tijdreisfilms. Het is misschien wel de enige filmtak waaraan nog interessante blaadjes groeien (Primer, Timecrimes, Looper, Interstellar, Predestination). Maar dat zijn nogal serieuze films. De echte klassieker in dit genre (Back to the Future) is een komische film. En omdat deel twee van die trilogie zich afspeelt in 2015, doen wij ook nu een Camera Obscura met drie luchtige tijdreisfilms.

Een trip met een opgevoerde DeLorean is toch wel even wat anders dan het rustige tijdreistochtje in Tomorrow I’ll Get Up And Scald Myself With Tea. Dit is het nog toekomstige Tsjechië, namelijk… 1990 (de film is uit 1977). Hier kun je rustig via een ruimteschip heen en weer reizen in de tijd. ‘Voor de slag bij Waterloo meldt u zich in hal 8.’

Terug in de tijd om Hitler te waarschuwen
De dinosauriërs staan op het programma. Een routinevlucht. De bestuurder zou rokkenjager Karel Bures moeten zijn. Hij is net die ochtend overleden aan een ongelukje (stikte in een broodrol). Tweelingbroer Jan grijpt zijn kans en laat iedereen weten dat hij  is overleden. Hij wil graag ruilen met het veel interessantere leven van Karel.

Jan weet alleen niet dat Karel zich heeft laten omkopen door een paar duistere figuren die naar de Tweede Wereldoorlog willen reizen om Hitler te waarschuwen, en de oorlog alsnog te winnen met formules van de waterstofbom. Dankzij pillen zien ze er nog zo uit als toentertijd.

Maar het plan van de schurken verloopt rampzalig. Ze komen te vroeg uit, in 1941. Ze irriteren Hitler mateloos met Amerikaanse toeristen die het als een leuk uitje zien (‘Oh, Patrick, het is Hitler! Maak snel een foto!’) en met beelden uit een nabije toekomst waar Duitsland in de as ligt.

Een heerlijk gevat script van schrijver Josef Nesvadba en scriptschrijver Milos Macourek zorgt voor veel kijkplezier. Abard die zijn jongere ik de les leest: ‘Je staat op punt om jezelf te executeren, idioot!’ Ook Jan moet met zichzelf praten: ‘Ja, Jan, jij bent Jan, ik ben ook Jan. Dat betekent dat we beiden Jan zijn. Ik ben jou, maar jouw ik van gisteren, jij bent mijn mij van vandaag.’ En als ze een dag eerder terugkeren, geeft dat ook problemen: ‘Hoe kunnen er twee van mezelf leven van één salaris?’

Ivan de Verschrikkelijke
Uit Rusland kwam vier jaar daarvoor al een andere vrolijke tijdreisfilm. In Ivan Vasilievich: Back to the Future (1973) is George Miloslavsky een geweldige uitvinder. Hij staat op het punt om zijn tijdmachine (ogend als een scheikundeset met veel rokende erlenmeyers) te testen.

Miloslavsky experimenteert met de tijd van Ivan de Verschrikkelijke. Maar het gaat een beetje mis. Ivan de Verschrikkelijke wandelt zijn huis in en twee mannen, die op dat moment net bij Miloslavsky op bezoek waren (een dief en een conciërge), komen in zijn paleis terecht.

Ivan de Verschrikkelijke wil graag terug maar dat lukt niet want de machine is door een speer gekliefd. Dan maar de moderne wereld leren kennen. Een koelkast, een cassetterecorder, een lift. Wat een teleurstelling. Er zijn niet eens voorproevers meer!

De huismeester en Ivan de Verschrikkelijke lijken ook nog eens vreselijk op elkaar. De vrouw van de huismeester belt overstuur een psychiatrisch centrum op: ‘Hallo? Mijn man is gek geworden. Hij loopt met een mes te zwaaien!’ En tegelijk is de tsaar (de huismeester dus) een weifelende persoonlijkheid geworden.

Veel grappig bedoeld acteerwerk, versnelde passages en slapstick. Toch erg interessant vanwege de talentrijke acteurs en de grappige beeldideeën. Regisseur Leonid Gayday wist hiermee destijds zes miljoen Russische kijkers te trekken. Die moesten ongetwijfeld hard lachen om grapjes dat winkels, als ze al open zijn, een eigen zwarte marktverkoper hebben in de winkel. Het verhaal van deze film werd al een paar decennia eerder geschreven door Michael Boelgakov.

Clownesk gedrag in Italiaanse komedie
Soms is reizen door de tijd zo simpel als lang moeten wachten voor een spoorbaan, een zijweg insteken en je ineens in het jaar 1492 bevinden. In Non ci resta che piangere (1984) overkomt dat de twee vrienden, Mario en Saverio.

In een dorpje leren ze de gewoonten van het jaar 1492. Je kunt met een speer gespiesd worden door radicale gelovigen als je niet oppast. Je gaat naar de kerk om naar vrouwen te kijken. En je draagt bizarre kleding.

Kennis van de moderne tijd is soms praktisch om te gebruiken. Als troubadours zingen ze ‘Volare o-o-o-o’. Ze bedenken dat ze met een gloeilamp de markt kunnen veroveren (maar hoe die te maken?). Ze leggen Leonardo da Vinci even een paar uitvindingen uit (‘Kijk, zo werkt een rails. Heb je een papiertje?’). Bij een versierpoging neurie je Yesterday  van The Beatles en zeg je dat het je eigen creatie is.

Deze film is niet voor mensen die een stevig verhaal zoeken, maar voor mensen die dol zijn op het clowneske gedrag van het duo dat de hoofdrol speelt, Roberto Benigni (Saverio) en Massimo Troisi (Mario). Menig persoon zal aanvankelijk met een geërgerd gezicht de film beginnen te kijken, maar er komt ergens het moment dat de kolder van Benigni en Troisi onweerstaanbaar wordt.

Italiaanse humor betekent veel uitbundige dialogen over niets, improvisatie en druk gedoe. Soms is het erg grappig (Saverio als paard) en soms net te veel (de brief aan Savonarola). De rommelige filmstijl doet soms denken aan hoe Life of Brian werd gefilmd. Dat is geen toeval. John Cleese legde ooit uit waarom hij liever filmde met Terry Jones dan met Terry Gilliam. De beste humor komt door in een ‘flow’ te zitten. Een perfectionist achter de camera (Gilliam dus) zit die ‘flow’ dan in de weg.

Bonus
Als bonus nog deze drie links: een overzichtje over de drie meest voorkomende typen tijdreisfilms; een artikel over de toekomstige spullen in Back to the Future II (hoverboard bijvoorbeeld) in The Guardian; en werkelijk alle tijdreisfilms in een oogopslag. Lees ook de bijzondere tijdreizen naar filmsets van onze medewerker Axel F. Jomich. En voor wie wil tijdreizen vanuit zijn luie stoel: lang leve internet! Een druk op de knop en hup terug naar Nederland in 1972…

 

6 april 2015

 

Non ci resta che pianger

 

Alle Camera Obscura

Pigeon Sat on a Branch Reflecting on Existence, A

***

recensie  A Pigeon Sat on a Branch Reflecting on Existence

Rijke beelden met armoedige mensen in zielloos Zweden

door Karina Meerman

Deze film heeft wellicht de meest pretentieuze titel sinds ‘Eeuwige Zonneschijn van het Smetteloze Brein’. Welkom bij ‘Een duif zat op een tak en dacht na over het bestaan’, kortweg ‘Een Duif’. 

Een gezellig avondje uit is deze Zweedse absurdistische tragikomedie niet. In plaats van een bioscoopje met popcorn lijkt dit eerder op een bezoek aan een museum met oudere familieleden. We schuifelen wat door het geheel en raken bevangen door een beeld of een geluid, terwijl de mensen in onze buurt met hun eigen interpretatie bezig zijn. Hé presto, dit is ook de eerste scène die regisseur Roy Andersson ons laat zien. Misschien is het om aan te geven wat we kunnen verwachten: alles en niets en de betekenis moet uit onszelf komen.

Recensie A Pigeon Sat on a Branch Reflecting on Existence

Absurdistische trilogie over het leven
A Pigeon Sat on a Branch Reflecting on Existence (2014) is het laatste deel van Anderssons absurdistische trilogie over het leven, voorafgegaan door Songs from the Second Floor (2000) en You, the Living (2007). De Duif bevat negenendertig scènes. Negenendertig schilderijen waarin een treurig Zweden met liefde wordt gefileerd en aan de kijker gepresenteerd in ogenschijnlijk monotone kleurstelling. Alle schakeringen van oker worden volledig benut.

Anderssons werk is ook beïnvloed door de schilderkunst. In dit deel zijn dat vooral de door WOI-geïnspireerde werken van de Duitse Otto Dix en George Scholz. Zij vertegenwoordigden de Nieuwe Zakelijkheid, de intellectuele reactie op de romantiek van het expressionisme. “Verwoest door de oorlog, resoneert hun wereldbeeld sterk met iets dat ik zelf voel, zonder ooit in een oorlog te hebben meegemaakt”, aldus de regisseur, die in zijn jeugd alleen waarde hechtte aan realisme.

“Films van nu zijn oninteressant”
Andersson betreurt het dat filmmakers zich niet vaker laten inspireren door kunst. “Dat is waarschijnlijk de reden waarom films van nu zo dunnetjes zijn en oninteressant. De beelden zijn zo armoedig.” Visueel armoedig is De Duif niet. Ieder schilderij is met grote zorgvuldigheid in scène gezet en ieder voorwerp en ieder geluid levert een bijdrage. De personages, daarentegen, zijn zo armoedig dat ze leeg zijn.

Recensie A Pigeon Sat on a Branch Reflecting on Existence

Van de handvol terugkerende elementen in de film zijn de opvallendste twee verkopers van fopartikelen, gespeeld door Holger Andersson en Nisse Vestblom. De twee vrienden – mannen van een zekere leeftijd – schuifelen door de enorme worsteling van hun nutteloze leven. De make-up en belichting maken hen tot stripfiguren. Dit zijn geen personages om aardig te vinden. Niemand is overigens erg aardig in De Duif, maar dat is ook niet wat de regisseur wil. Hij wil ons laten nadenken over wat we aan het doen zijn en waar we naar toe gaan.

Roy Andersson zegt dat “de toon er overweldigend een is van levenslust”. Het al dan niet kunnen bespeuren van die levenslustige toon, hangt vermoedelijk sterk af van de levensinstelling van de kijker. Sommige kijkers zullen De Duif heel grappig vinden. Anderen krijgen de mondhoeken maar een paar keer omhoog. Maar niemand blijft onberoerd, ook de mensen niet die gefrustreerd de bioscoop uit lopen.

 

3 februari 2015

 
ALLE RECENSIES

Into the Woods

**

recensie  Into the Woods

Sprookjesmusical op het witte doek betovert niet genoeg

door Cor Oliemeulen

Er was eens een man die niets origineels wist te verzinnen. Hij heette James Lapine. James nam een grote kom en roerde de verhalen van vier sprookjes door elkaar. Hij kreeg een schitterend idee: Assepoester, Roodkapje, Raponsje en Jaap van de Bonenstaak komen samen in een groot bos en beleven daar de meest wilde avonturen. James vroeg zijn vriendje Stephen Sondheim om er muziek en liedjes bij te maken. Ze beleefden grote successen op het toneel. Maar toen vond iemand dat er een film moest komen.

Ze vroegen Rob Marshall. Rob had al eerder een musical gemaakt: Chicago. Verder moesten ze nog iemand hebben die mooie kleren kon maken. Een rood kapje kon iedereen. Nee, het moesten wel héél toepasselijke sprookjeskleren zijn. Ze belden Colleen Atwood. Colleen was heel beroemd en had al drie keer de állergrootste filmprijs gewonnen, het zogenaamde Mannetje. Bijvoorbeeld voor Alice in Wonderland. Omdat het een film zou gaan worden, moesten de plaatjes er natuurlijk prachtig uitzien. Ze vroegen Dion Beebe. Dion had ooit een Mannetje gewonnen voor een andere film die Rob had gemaakt: Herinneringen van een Gezelschapsdame. En tot slot moest de film vol zitten met hocus pocus. Dus belden ze Matt Johnson, die óók al een Mannetje had gewonnen! Voor Het Gouden Kompas.

Recensie Into the Woods

Rode cape, witte koe, glazen muiltje, gouden haren
Het verhaal begint met een heks met blauwe haren. Ze spreekt een vloek uit. De vader van de bakkersvrouw heeft namelijk groenten uit de tuin van de heks gestolen. Daarom is de vloek dat de bakker en zijn vrouw pas een kindje kunnen krijgen als ze vier dingen aan de heks geven. Als eerste de cape van Roodkapje. En dan nog de gouden haren van Raponsje, het muiltje van Assepoester en de witte koe van Jaap van de Bonenstaak. Gelukkig komen ze allemaal samen in het bos.

Maar het valt niet mee om al die dingen te verzamelen. Ze krijgen te maken met de Grote Boze Wolf, Raponsje die in een hoge toren zit opgesloten, de gemene stiefzusjes van Assepoester én de koe van Jaap die dood gaat. Er gaan ook ménsen dood in het bos, maar dat mag de pret niet drukken. Want het bos is net als het echte leven. Je kunt daar op zoek gaan naar je dromen. Je kunt er heerlijk verdwalen en bang worden. Ja, in het bos leer je pas goed wie je bent!

Recensie Into the Woods

Wie de schoen past…
De spelers in de film doen echt hun best. Lilla Crawford is pas twaalf en is een mooi Roodkapje. De wolf wordt gespeeld door Johnny Depp, die het liefst piraat is. En Daniel Huttlestone als Jaap is misschien wel het beste. Daniel speelde al in een musical toen hij pas negen jaar was! Ook zong hij in De Ellendigen. Maar het aller-allerbeste is Meryl Streep. Meryl speelt de gemene heks en won in haar eentje al drie Mannetjes. Ze kan best goed zingen, maar ze heeft echt geen gouden stemmetje, hoor! Toch geloven we Meryl het meest. De meeste anderen in de film zijn eigenlijk best wel een tikkeltje saai. Behalve dan de stiefzusjes van Assepoester. Die hakken allebei een teen van hun voet, zodat ze in het muiltje passen. Best stom! Als hun boze moeder vroeger sprookjes had voorgelezen, hadden ze dat nóóit gedaan.

Een sprookje eindigt altijd goed. Nadat Assepoester en haar prins in het kasteel zijn getrouwd, is de film afgelopen. O nee, er komt nog wat! Jaap heeft de vrouw van de reus boos gemaakt en die komt nog wraak nemen. Was dat nou nodig? Kon je eindelijk gaan plassen, komt die lelijke reuzentrol nog even met haar grote voeten het gelukkige eind verzieken! Ach, een goed verhaal heeft soms een boodschap en dat mogen we best wel weten van Rob. Iedereen maakt fouten, niemand is alleen! Rob zal het weten.

 

22 januari 2015

 
ALLE RECENSIES