Fuocoammare

****

recensie Fuocoammare 

Het gewone leven en de immigranten 

door Nanda Aris

Gianfranco Rosi maakt met Fuocoammare een indringende documentaire over het Italiaanse eiland Lampedusa, zijn inwoners en hun dagelijks leven, en de duizenden immigranten die hier voet aan Europese wal zetten – mits ze de boottocht overleven. Het verhaal verbeeldt, naast het normale leven op Lampedusa, de migrantencrisis, zonder een oordeel of oplossing te geven, maar is daardoor des te krachtiger.

De film werd bekroond met een Gouden Beer op het filmfestival van Berlijn eerder dit jaar. Het is niet de eerste keer dat een film van Rosi onderscheiden werd, zijn film Sacro GRA (2013), over het leven op en om de ring van Rome, won op het filmfestival van Venetië een Gouden Leeuw. Rosi verdiept zich graag voor een langere tijd in een groep mensen, zoals hij eerder deed met de schippers van Varanasi in India, de minder gelukkigen in de woestijn van Californië, en nu heeft hij een jaar doorgebracht op Lampedusa.

Fuocoammare

Realistisch beeld
Het is ook daarom dat we voornamelijk het leven van de typisch Italiaanse tienjarige Samuele volgen, en minder te weten komen over de vluchtelingen. De vluchtelingen zijn allemaal op doortocht, en blijven niet lang op het eiland; niet lang genoeg voor Rosi om een realistische band mee op te bouwen. Aan interviewen doet hij niet, hij wil een realistisch beeld scheppen door het tonen van de beelden. Hij vergelijkt zijn werk met dat van beeldhouwer Giacometti, zijn beelden zijn uiterst dun, de informatie die Rosi verschaft is ook minimaal, zodat er des te meer ruimte overblijft voor eigen interpretatie.

Cinematografisch weet Rosi zeer te boeien, met bijvoorbeeld een mooie close up van een migrant die wordt gefotografeerd en daarbij recht in de camera kijkt, een big close up van een rode traan van een Syrische migrant, migranten die onder een zeil schuilen op de boot, waarbij het geluid gedempt is, de verschuiving van point of view van steentjes gooiende jongens naar de duiker die in wetsuit naar het water wandelt of de goudkleurige warmtedekens die de migranten dragen in het donker, een surrealistisch beeld.

Verhaallijnen
Er zijn twee verhaallijnen, die van de inwoners van Lampedusa, onder andere Samuele, zijn vader en oma, een ander ouder echtpaar, DJ Pippo, en de duiker. We zien en horen hen verhalen vertellen over het leven op zee, het bed opmaken, eten en drinken, plaatjes draaien en duiken naar zee-egels.

De andere verhaallijn is die van de migranten, ze smeken om hulp vanaf een zinkende boot, worden gefouilleerd en gefotografeerd in het opvangcentrum, spelen een potje voetbal, rouwen om omgekomen familie of vrienden, of zingen een hymne over de verschrikkelijke tochten die ze afgelegd hebben door vele landen, en waarbij zovelen al zijn omgekomen.

Geen gewenning
De enige die zowel in de ene verhaallijn als in de andere voorkomt is de dokter, die zowel Samuele behandelt als de migranten. Geëmotioneerd vertelt hij over zijn hulp aan de vele migranten, maar ook over de doden die hij heeft moeten onderzoeken. Het went niet, zegt hij.

De hulpverleners spelen in zekere zin ook in beide verhaallijnen, maar zien wij alleen in de verhaallijn van de migranten. We zien ze routinematig te werk gaan, wanneer ze de gewonden van de boot halen, wanneer ze de migranten fotograferen en fouilleren, wanneer ze de doden in lijkzakken aan boord van hun schip leggen.

Fuocoammare

Verslagenheid versus luchtigheid
Het beeld van de hulpverleners die verslagen met de arm in de zij, uitkijkend over zee, de doden terugvaren naar het vasteland is bedroevend. Er zijn meerdere dieptepunten, zoals de beelden van de Syrische vluchteling die op de boot in elkaar geslagen is, of een van de laatste beelden van de dode vluchtelingen aan boord van een boot.

Toch kent de film ook luchtigheid, door de combinatie met de verhaallijn van de inwoners van Lampedusa. De scène waarin Samuele met zijn vriend eerst de cactussen een gezicht geeft, ze vervolgens met katapult bewerkt en ze met tape weer aan elkaar wil zetten, is zonde van de cactussen, maar zorgt ondertussen ook voor een glimlach. Het is deze combinatie van bedroevende beelden naast luchtigere scènes, die de impact van de film vergroot.

Twee werelden
Als kijker verwacht je dat de twee werelden meer samenkomen, maar Rosi toont en het is aan de kijker zelf om invulling te geven aan het verhaal.

Dat de twee werelden niet samenkomen zorgt niet voor eenheid in de film, en vergt wat meer inleving van de kijker. Maar is misschien juist wel het meest krachtige onderdeel van de film, als metafoor naar de huidige samenleving, waarin zovelen doorleven, niet geheel bewust lijken van de migrantencrisis. Rosi brengt daar op eigen wijze, en op een vele malen sterkere manier dan hedendaagse media, verandering in.
 

1 oktober 2016

 
MEER RECENSIES

Don’t Breathe

****

recensie Don’t Breathe

Happen naar adem

door Suzan Groothuis

Je denkt het ultieme plan bedacht te hebben. Inbreken bij een blinde oude man die over flink wat geld beschikt. O ja, hij is een afgetrainde veteraan en heeft een bloeddorstige waakhond. Ofwel: hoe een makkelijke klus volledig uit de hand loopt.

Een trio jonge dieven is succesvol met inbreken. Dankzij Alex’ vader die bij een bedrijf voor alarmsystemen werkt, komt het drietal gemakkelijk woningen in. Bosje sleutels mee, code kraken en gaan maar. En dan wordt één van hen getipt. Een oude man die alleen woont heeft een slordige 30.000 dollar in contanten liggen. Er is niet veel informatie over hem, buiten het feit dat hij oorlogsveteraan is en zijn dochter is omgekomen tijdens een auto-ongeluk.

Don’t Breath

Verlaten en dichtgetimmerd Detroit
Het drietal is echter verdeeld over deze klus. Money is zelfverzekerd dat het gaat lukken. Makkie toch, inbreken bij een oude man? Rocky staat op het punt haar leven te beteren en met haar jonge zusje haar benarde thuissituatie te ontvluchten. Deze inbraak is haar laatste. Alex is de enige die het niet ziet zitten. Helemaal wanneer het drietal uit voorzorg het huis en zijn bewoner bespiedt en erachter komt dat de man blind is. Een blinde bestelen, dat zit moraal toch niet helemaal goed.

Maar Alex laat zich overhalen door Rocky en zo geschiedde. Goed voorbereid begeeft het trio zich naar het huis in een verlaten, in duisternis gehuld Detroit. Het huis van de man is omringd door leegstand. In de duisternis is de aanblik van de dichtgetimmerde aangrenzende woningen een onheilspellend teken. Maar wat kan er misgaan als je een verdovend hapje hebt voor de hond en narcosegas voor de man?

Eenmaal binnen komt het antwoord al snel: nou, alles. De blinde oude man blijkt niet zo hulpeloos als gedacht. We hebben het namelijk over een afgetrainde, wraakzuchtige oorlogsveteraan. En wie in zijn huis komt zal het bezuren.

Beklemmende rit in minimale setting
Wat volgt is een beklemmende rit. Het drietal moet opboksen tegen een oersterke vent en zijn inmiddels ontwaakte, bloeddorstige hond. Zonder teveel te verraden werkt Don’t Breathe toe naar een zinderende climax, waarbij de kijker meerdere malen op het verkeerde been gezet wordt. Regisseur Fede Alvarez (die eerder al overtuigde met zijn remake van Evil Dead) weet te verrassen met goed ingezette schrikeffecten in een minimale setting.

Don’t Breath

De film speelt zich grotendeels in het huis van de man af, dat aanvoelt als een menselijke val. Denk aan de scène waarin Jodie Foster als Clarice Starling in The Silence of the Lambs in het huis van de seriemoordenaar rondwaart en hij haar met een nachtkijker bespiedt. Of aan Panic Room, waarin (eveneens) Jodie Foster gevangen zit in haar eigen huis, belaagd door inbrekers. In Don’t Breathe zitten de drie jonge inbrekers echter gevangen, met alle gevolgen van dien. Niet de oude man (ijzersterke rol van een doodenge, psychopathische Stephen Lang) maar de inbrekers zijn slachtoffer.

Er zijn eveneens overeenkomsten met het bloederige en claustrofobische Green Room van Jeremy Saulnier, waarin een punkband gevangen zit in een neonazi-skinhead bar.

Don’t Breathe is niet alleen sterk met plotse schrikmomenten, maar laat ook een knap staaltje bloedvergieten zien. Tel daar nog een bloedstollende scène met de waakhond bij op (Cujo verbleekt erbij) en de film doet wat ie belooft: je zit op het puntje van je stoel en je houdt je adem in. Want denk er om, die oude man hoort alles, al ziet ie geen steek.
 

26 september 2016

 
MEER RECENSIES

Fils de Jean, Le

***

recensie Le fils de Jean

De valkuilen van een erfenis 

door Cor Oliemeulen

De ontvangst van een kostbaar schilderij dreigt het leven van een rustige Parijzenaar finaal op zijn kop te zetten. De gift is afkomstig van zijn onbekende vader die in Canada zou zijn verdronken en twee zoons heeft. In Le fils de Jean ontdekt de verborgen zoon langzaam het geheim van zijn vader.

De Franse regisseur Philippe Lioret vestigde in 2009 zijn naam met het sociale drama Welcome, het even inspirerende als schrijnende verhaal over een 17-jarige Koerdische jongen in de Jungle van Calais die zwemles neemt met als doel het Kanaal over te zwemmen om bij zijn vriendinnetje in Engeland te kunnen zijn. In zijn jongste film, Le fils de Jean, steekt een dertiger de oceaan over op zoek naar twee broers. Twee humanistische films, zonder opsmuk en direct uit het leven gegrepen.

Le fils de Jean

Begenadigd verhalenverteller
Lioret blijkt opnieuw een begenadigd verhalenverteller. Le fils de Jean (de zoon van Jean) is gebaseerd op een roman van de Franse schrijver Jean-Paul Dubois. Een moeilijk verfilmbaar geachte geschiedenis omdat de auteur veel gebruikmaakt van de innerlijke stem van de hoofdpersoon. Lioret kocht de rechten van het boek, raakte steeds verder gefascineerd door het gegeven, schreef een boeiend scenario en stuurde het naar Dubois die constateerde dat het verhaal beduidend anders was dan het boek, maar gaf Lioret wel zijn zegen.

In de film volgen we de gescheiden Parijse marketeer Mathieu (Pierre Deladonchamps: L’inconnu du lac, Une enfance) die op een dag verneemt dat zijn onbekend gebleven vader (volgens zijn moeder een onenightstand) in Canada is overleden en dat hij twee broers heeft. Aangekomen in Montreal weet niemand van zijn bestaan, behalve Pierre, volgens eigen zeggen de beste vriend van Mathieu’s vader Jean, die hem aarzelend een logeeradres aanbiedt. Voordat Jean zal worden begraven, wil hij dolgraag kennismaken met de twee broers, echter Pierre verzoekt Mathieu dringend om tot nader order zijn identiteit niet prijs te geven.

Le fils de Jean

Botsende motieven
Mathieu is nu zogenaamd de zoon van een vriend van Pierre met wie hij, samen met de twee broers, in een meer gaat zoeken naar het stoffelijk overschot van Jean, die na een zekere verdrinkingsdood nog niet is gevonden. Tijdens de speurtocht blijkt hoe verschillend de broers en hun motieven zijn: de ene houdt van een stevige borrel en wordt dan agressief, de andere wordt gedreven door geldzucht. De vraag is of Mathieu afstand kan blijven houden, of dat de broers het familiegeheim ontdekken.

Terwijl in Welcome de hectiek van een overvol vluchtelingenkamp en het klotsen en kolken van water Philippe Liorets achtergrond als geluidstechnicus verraadt, kent Le fils de Jean een minimalistische soundtrack: sporadische pianodeuntjes zijn voldoende om Mathieu’s wedervaren te ondersteunen. Dat betekent dat er sterk geacteerd wordt (vooral de ingehouden stijl van Pierre Deladonchamps) en de kijker zich goed kan identificeren met iemand die zich realiseert dat slechts een rimpeling in de vijver voldoende is om een netelige situatie niet uit de hand te laten lopen.
 

25 september 2016

 
MEER RECENSIES

Weiner

****

recensie Weiner

Fucked in the Big Apple

door Ralph Evers

In 2011 kwam het Amerikaanse Democratische congreslid Anthony Weiner in opspraak vanwege sexting. Dat leidde tot zijn aftreden. Twee jaar later keert hij terug naar het politieke front. Ditmaal door zich verkiesbaar te stellen als de nieuwe burgemeester van New York.

De documentaire opent met een felle en uiterst strijdbare Weiner. Hij oogstte daarmee veel lof in het land. Een democraat die het de republikeinen erg lastig maakte en niet in hun vele trucjes trapte. Aan die carrière kwam abrupt een einde wanneer er pikante foto’s uitlekten, leidend tot het zogenaamde sexting schandaal. Sexting is het delen van seksueel geladen berichten of foto’s via mobiele telefoons of andere mobiele media. In het akelig preutse Amerika natuurlijk een doodzonde. Zeker bij de White Anglo-Saxon Protestants (WASP).

Documentairemakers Josh Kriegman en Elyse Steinberg volgen de ondergang en opstanding van Weiner van dichtbij. Ze hebben onbeperkte toegang tot Weiner en zijn vrouw Huma Abedin, het campagneteam en zijn familie.

Weiner

De lul
Wanneer Weiner na een pauze van twee jaar zich kandidaat stelt om voor het burgemeesterschap van New York te dingen, ruiken de media natuurlijk bloed. Wij denken misschien dat het Nederlandse verkiezingsspel al een niet serieus te nemen circus is. Nou, welkom in Amerika. Inhoudelijk op een belangrijk thema ingaan? Welnee, deze blanke, Joodse man, heeft huwelijksschennis gepleegd, dus ja, waarom is deze man dan überhaupt nog te vertrouwen? Iets in deze lijn loopt de logica van het Amerikaanse politieke mediatheater. Daarbij wordt dankbaar gebruik gemaakt van de achternaam van Anthony, uitgesproken als ‘wiener’, betekent het ook penis.

Van democratie naar egocratie
Aanvankelijk weet Weiner zijn verleden handig in te zetten in zijn kandidaatstelling. ‘Mijn vrouw heeft mij vergeven, dus waarom niet ook het Amerikaanse volk?’ Opvallend is dat met name de zwarte, latino- en homobevolking van New York achter hem staan. Deze mensen staan blijkbaar wat dichterbij de menselijke realiteit dan de zich verheven voelende W.A.S.P.’s en zijn ook geïnteresseerd in wat Weiner voor hen kan betekenen, in plaats van nog een sappig detail van zijn misstap. Een sterke boodschap leidt er toe dat Weiner bij tussentijdse peilingen bovenaan staan. Zou het dan toch lukken, de grootste comeback uit de Amerikaanse politieke geschiedenis?

Aaibare narcist
Dan komt een nieuw schandaal naar boven. Wederom blijkt Weiner met meerdere vrouwen seksueel getinte berichten uitgewisseld te hebben. Einde race om het burgemeesterschap.

Weiner

Een kracht van de documentaire is dat hij zelf geen moreel oordeel velt over het gedrag van Weiner en de reacties van anderen erop. We volgen Weiner op de voet en leren de man achter de politicus kennen. Zijn ijdelheid en zelfdestructieve gedrag in het volharden in seksuele uitspattingen op de sociale media. Zijn ideeën, zijn manier om met frustraties en tegenslag om te gaan en zijn manier om de vele aasgieren, zoals een talkshowhost van een MSNBC-programma, de prostituee met wie hij contact had en geagiteerde burgers die van schande spreken – en met wie hij jammerlijk in een bekvechtpartij terechtkomt.

Kritische noot
Op subtiele wijze toont de documentaire kritiek op hoe onze democratieën door op sensatie beluste media op de slachtbank worden gelegd. Toch beschuldigt Anthony Weiner die media niet. Ze doen slechts hun werk en middels sensaties, dus kijkcijfers, hebben zij overeind te blijven. Uiteindelijk wil Weiner vooral de nuance achter al die bombast laten zien, de mens achter het schandaal en de dubbele moraal van de vele spelers. Daarin is hij goed geslaagd.
 

24 september 2016

 
MEER RECENSIES

Magnificent Seven, The

***

recensie The Magnificent Seven

Seven Samurai als multiculturele western 

door Alfred Bos

De moderne bewerking van Akira Kurosawa’s meesterwerk Seven Samurai is in alle opzichten een klassieke western, op één na. Hij introduceert een nieuwe variant, de multiculturele western.

Is de western terug van nooit helemaal weggeweest? Dit najaar valt er voor de liefhebber genoeg te halen: de opgepoetste heruitgave van een genre-hoogtepunt (Once Upon A Time in the West), de eerste Nederlandse western, een internationale productie met een internationale rolbezetting (Martin Koolhovens Brimstone), een eigentijdse western die cinefielen in verrukking brengt (Hell or High Water) en dan is er, om de hete herfst af te trappen, een eigentijdse versie van een onvervalste klassieker, The Magnificient Seven.

The Magnificent Seven

Het origineel verscheen in 1960, toen het genre qua populariteit piekte. Een op de drie series die de Amerikaanse televisie vertoonde was een western en er hing routine in de lucht. John Sturges’ The Magnificent Seven bracht iets nieuws naar het genre van het vrijgevochten individu en de onbegrepen buitenstaander: teamgeest.

In zijn tot western geadapteerde interpretatie van Kurosawa’s meesterwerk Seven Samurai (die zijn bewondering voor westernregisseur John Ford goot in een samoeraifilm) brengt Sturges zeven loners samen om voor weinig meer dan de eer een boerengemeenschap, Mexicanen nota bene, te verlossen van parasiterende bandieten. Als de stof is opgetrokken staan er slechts drie helden overeind, maar de boeven zijn verpletterd. En de boeren ploegen voort. De gemeenschap is de winnaar.

Multiculti-team
Antoine Fuqua, regisseur van actiethrillers als Olympus Has Fallen, Brooklyn’s Finest en King Arthur, bewerkt respectvol Kurosawa’s origineel – befaamd als de moeder aller actiefilms – en plaatst de handeling in Rose Creek, een pioniersdorpje in een afgelegen vallei. Mijnindustrieel Bartholomew Bogue (Peter Sarsgaard) dwingt de bewoners met harde hand om hun grond voor een appel en een ei te verkopen. Zeven buitenstaanders, bijeen gebracht door de rondreizende pistoolheld Chisolm (Denzel Washington), brengen redding.

Er is meer dan een halve eeuw verstreken sinds de eerste Hollywood-versie van Seven Samurai in de bioscoop verscheen en dat terug te zien in de samenstelling van het team. Het is multicultureel: een Afro-Amerikaan (Washington), een Ier (Chris Pratt), een Zuiderling (Ethan Hawke), een Mexicaan (Manuel Garcia-Rulfo), een mountain man (Vincent D’Onofrio), een Aziaat (Byung-hun Lee) en een indiaan (Martin Sensmeier). De laatste vervult de rol van de buitenstaander binnen de buitenstaanders die Toshirô Mifumes boerenzoon tussen de samoerai van Kurosawa innam.

The Magnificent Seven

Overbodig wraakmotief
Fuqua blijft dicht bij Kurosawa’s plot, met aardige variaties. De overval op het kamp van de tegenstander vervangt hij door een bliksembezoek aan een van Bogues mijnen, waarbij een partij dynamiet wordt geroofd. Die zal een prominente rol spelen in de verdediging van het dorp, wanneer de schurken, inclusief Gattling gun, zich melden voor de afrekening. Een kleffe romance tussen een der helden en de stoerste dame van het dorp blijft de kijker godlof bespaard en de adrenaline vretende slotacte – met veel vaart en zonder speciale effecten gefilmd – is klassiek westernvermaak, met een toefje Rio Bravo als garnering. Over de aftiteling citeert de soundtrack Elmer Bernsteins themamuziek voor de Sturgess-film.

Wanneer de pistolen zwijgen zijn vier helden gesneefd. Het is de 21ste eeuw en blanken niet langer de gevierde held van de regenboogcoalitie. De overlevers zijn: de Afro-Amerikaan, de Mexicaan en de indiaan—het is een nieuwe wereld. Het slot is een regelrechte hommage aan Kurosawa en benadrukt dat in tijden van nood het individu zicht opoffert voor de gemeenschap. Maar toch niet helemaal, want Fuqua heeft geheel onnodig en totaal overbodig het meest cliché der clichés, het wraakmotief, in het script gewurmd. Dat kost een ster.

En dan nog dit. In zijn klassiek geworden studie over de western, Six Guns and Society, betoogt socioloog Will Wright dat de ontwikkeling van de Amerikaanse samenleving zich laat aflezen aan de western. Het genre verdween na de peperdure flop Heaven’s Gate (1978) goeddeels uit de bioscoop, maar is dit najaar prominent aanwezig. De absentie valt samen met de hoogtijdagen van het neoconservatisme, geïnitieerd door Ronald Reagan. Als Wrights theorie nog steeds staat, signaleert deze nieuwe versie van The Magnificent Seven het einde van de bestaande orde. Op 9 november zal Amerika het weten.
 

20 september 2016

 
MEER RECENSIES

Nerve

***

recensie Nerve

Players en voyeurs in uitdagend spel

door Wim Meijer

Nerve geeft een realistische kijk op de mogelijkheden van internetfenomenen als Twitch. Dankzij treitervlogs en online roekeloosheid is de film tevens bijzonder actueel. Speel je mee of blijf je langs de zijlijn toekijken?

In 2010 debuteerden Ariel Schulman en Henry Joost met Catfish, een documentaire waarin Ariel’s broer een internetromance krijgt. Zes jaar later is de fascinatie voor het internet alleen maar toegenomen. Het regisserende duo verfilmt Nerve, een boek van Jeanne Ryan waarin een ongrijpbare online community in de ban is van een spel. We kennen het spelletje allemaal: durven of de waarheid. Schrap de waarheid en wat overblijft is een uitdagende, fascinerende online game genaamd Nerve.

Nerve

Player of watcher?
Het werkt als volgt. Log in en er zijn twee opties: watcher of player. Kies je player, dan krijg je opdrachten – ‘ga een winkel in en pas een jurk binnen vijf minuten’ – die je moet voltooien. Slaag je dan stijg je in de ranglijsten en valt er geld te verdienen. Ben je watcher, dan mag je de players uitdagingen geven. Stemt de meerderheid van de watchers in met de uitdaging, dan wordt deze aan een player gepresenteerd.

We maken kennis met Vee (Emma Roberts). Aanvankelijk is ze een muurbloempje die onder het juk van haar beschermende moeder probeert uit te komen, maar na een ruzie met haar beste vriendin Sydney (Emily Meade) besluit ze Nerve te spelen. Haar eerste opdracht: zoen een vreemdeling voor 5 seconden. De charismatische Ian (Dave Franco) is de lucky guy. Hij blijkt ook te spelen. Toevallig! Of toch niet? De watchers bepalen immers. Nerve lijkt een onschuldig spelletje, maar niets is minder waar. Vee en Ian raken verstrikt in het wereldwijde web en hun levens worden steeds meer beheerst door het spel.

Extreme uitdagingen
De uitdagingen worden extremer en de film daardoor spannender. Wanneer Ian geblinddoekt op een motor door New York rijdt met Vee als navigator houd je je hart vast. Lekker gefilmd ook, met afwisselende beelden vanuit smartphone en shots van de stunts. De muziekkeuze is veelal cliché: generieke elektronische vrouwenrock zoals zo vaak te horen is in young adult films.

Nerve

Nerve kent aanvankelijk een mooie balans tussen actie, romance, realistische uitdagingen en de roem die online celebrities toekomt. Wanneer Nerve de donkere kant van het spel belicht, wankelt deze balans en zijn de acties van de hoofdrolspelers niet meer te volgen. Het slotstuk met een heuse arena komt uit de lucht vallen en is moeilijk te verteren.

Twitch 2.0
Nerve is in feite Twitch 2.0. Twitch is een online streamingdienst voor game(r)s waarin de interactie tussen gamer en kijker centraal staat. Gamers laten zich inspireren door kijkers, volgen uitslagen van kijkerspolls en laten zich leiden door een online community. Chatberichten rollen net als in Nerve constant over het scherm. Zelfs de botaanval die een hackerscollectief in Nerve loslaat op het spel heeft zijn origine in Twitch, waarin zogenaamde viewbots worden gebruikt om kunstmatig de kijker aantallen op te schroeven en daarmee de winst.

Virtuele competities waaraan potentieel iedereen kan meedoen hebben een enorme aantrekkingskracht, met name op jongeren. Nerve speelt daar slim op in, zowel het spel als de film. De erkenning, de roem, het geld dat er te verdienen valt – bijzonder aantrekkelijk. En dat alles met wat filmpjes of spelletjes spelen. De kracht van Nerve ligt hem in het realisme en de urgentie. Een spel als Nerve bestaat al of gaat er binnen enkele jaren zijn. Spijtig dat de regisseurs het plot niet tot een goed einde weten te brengen.
 

19 september 2016

 
MEER RECENSIES

Florence Foster Jenkins

***

recensie Florence Foster Jenkins

Zo vals zingen is ook een kunst

door Cor Oliemeulen

“Ze mogen zeggen dat ik niet kon zingen, maar niemand kan zeggen dat ik níet zong.“ Florence Foster Jenkins, een rijke societydame in het New York van de jaren 40, leefde voor de operamuziek en groeide uit tot een fenomeen.

Zij werd zowaar een cultfiguur (Foster Jenkins’ opname ‘The Glory of the Human Voice’ was een van de 25 favoriete vinylplaten van David Bowie) en het komische biografische drama van Stephen Frears zal vast leiden tot een run op YouTube-filmpjes van deze ‘slechtste operazangeres aller tijden’.

Florence Foster Jenkins

Engel
Florence Foster Jenkins werd in 1868 geboren in een stadje in Pennsylvania. Haar schatrijke vader stond niet toe dat zij in het buitenland muziek ging studeren, en als reactie hierop trouwde ze op haar zeventiende met een arts in Philadelphia. Ze ging werken als lerares en pianiste. Aan het huwelijk kwam prompt een eind nadat de arts haar had besmet met syfilis. In 1900 vertrok ze naar New York, alwaar ze zich vol overgave in de muziekwereld stortte. Met de erfenis van haar vader richtte ze de Verdi Club op als eerbetoon aan de Grand Opera en begon ze met het financieel ondersteunen van tal van culturele activiteiten. De film begint als Florence (wie anders dan Meryl Streep) er na 25 jaar voor het laatst optreedt als Angel of Inspiration. Ze zingt en figureert in eigenzinnige tableaux vivants, vaak in buitenissige, zelfontworpen jurken.

Haar dubieuze muzikale talent is dan allang in kleine kring bekend, daarbuiten heeft haar naam bijna mythische proporties aangenomen. Dat is vooral te danken aan haar huidige partner, de mislukte Shakespeareaanse acteur met aristocratische roots, St. Clair Fayfield (Hugh Grant), die er persoonlijk op toe ziet dat alleen maar vrienden en andere welwillende, door Florence gesponsorde, gasten de besloten recitals bezoeken. Hoezeer ze ook dagelijks luistert en oefent, ook op haar zestigste heeft Florence nog de grootste moeite met ritme, toonhoogte en zuiverheid. In haar eigen hoofd klinkt haar gezang prachtig, maar ze heeft niet in de gaten dat velen haar achter haar rug dubbel liggen van het lachen. Eén van de meest kostelijke scènes in de film is het moment dat pianist Cosme McMoon (Simon Helberg), die geen idee heeft van Florence’s (gebrek aan) kwaliteiten, voor het eerst met haar gaat oefenen.

Florence Foster Jenkins

Ambitie
Net als de pianist, krijgen muziekrecensenten door St. Clair geld toegestopt, anderen schrijven zo dubbelzinnig over Florence’s zangkwaliteiten dat de verwachtingen voor haar eerste openbare optreden, nota bene in Canergie Hall (voor de film nagebouwd in het bijna even beroemde London’s Hammersmith Apollo!), zo hoog gespannen zijn dat het concert binnen twee uur is uitverkocht. Hoewel de zeer toegewijde St. Clair (omdat Florence een besmettelijke ziekte heeft wipt hij wel buiten de deur) het debacle wil voorkomen, stemt hij toch in en is wat geruster als de duizend, veelal beschonken, oorlogsveteranen getuige zijn van de ambities van wannabe-operazangeres, die de lat hoog legt met haar geliefde aria’s van Mozart, Verdi en Strauss.

Florence Foster Jenkins is een tot de verbeelding sprekend verhaal over een legendarische valse sopraan dat al een paar keer op de planken is gebracht en vorig jaar in de bioscoop verscheen onder de titel Marguerite, dat zich afspeelt in het Parijs van de jaren 20, maar veel losser op het leven van Foster Jenkins is gebaseerd. Hoe realistisch en overtuigend Meryl Streep ook acteert én zingt, de film van Stephen Frears is zeker het bekijken waard, maar kan niet tippen aan de tragikomedie van Xavier Giannoli met een subliem acterende Catherine Frot in de titelrol. Florence Foster Jenkins heeft weliswaar een even mooie aankleding als Marguerite, maar beduidend minder diepgang en chemie tussen de vertolkers. Daarentegen vormen Streeps live geregistreerde opnames een dik pluspunt.
 

17 september 2016

 
MEER RECENSIES

Infiltrator, The

***

recensie The Infiltrator

Het riool van de beschaving

door Alfred Bos

Bryan Cranston (Breaking Bad) schittert wederom als de man met het masker. In The Infiltrator is hij een boekhouder die poseert als zakenman met maffia-connecties om geld wit te wassen voor coke-criminelen uit Colombia.

Operatie C-Chase is een van de grootste undercoveroperaties in de geschiedenis van Amerika’s geheime diensten. Spil van de operatie was Robert Mazur, die als de malafide zakenman Bob Musella voor de Colombiaanse cokemaffia tientallen miljoenen dollars aan drugsgeld witwaste via een louche bank in Panama. Het resulteerde in de arrestatie van tientallen criminelen en bankiers, de ondergang van de betrokken bank en uiteindelijk de val van Panama’s dictator Noriega, bijgenaamd de Ananas.

The Infiltrator

Twintig jaar lang hield Mazur – die na C-Chase gewoon doorging met zijn undercover werk, in een andere identiteit uiteraard – dat sterke verhaal voor zichzelf, tot hij in 2006 werd ingehuurd als consultant voor de misdaadthriller Miami Vice. Regisseur Michael Mann zag een film in zijn verhaal, Mazur schreef het op in het boek The Infiltrator, een hit op de Amerikaanse bestsellerlijsten die werd verfilmd met acteur Bryan Cranston in de hoofdrol. Waarin The Infiltrator afwijkt van andere misdaadthrillers: de overheid jaagt op het geld, niet op de drugs.

Gevaarlijk dubbelspel
Cranston brak door als de scheikundeleraar annex drugscrimineel Walter White in de tv-serie Breaking Bad en ook in The Infiltrator speelt hij met verve een personage dat leeft op de scherpe kant van een scheermes en voortdurend moet schakelen tussen twee rollen. Zijn Mazur is een doorgewinterde professional wiens vertolking van de weinig scrupuleuze zakenman Musella uit Miami overtuigend genoeg is om door te dringen tot de top van het drugskartel. Zelfs Pablo Escobar komt hem anoniem uitchecken.

Regisseur Brad Furman overtuigde vijf jaar terug met The Lincoln Lawyer, de beste boekverfilming van succesauteur Michael Connelly tot nu toe, met een sterke Matthew McConaughey in de hoofdrol. Ook The Infiltrator dankt zijn succes aan de kwaliteiten van karakteracteur Cranston. Hij is vrijwel de volle twee uur van de film in beeld, maakt het levensgevaarlijke dubbelspel invoelbaar voor de kijker en weet, geholpen door een debuterende dubbelagente die zijn aanstaande speelt (Diane Kruger), de mens in de criminelen aan te spreken.

The Infiltrator

Solide genrefilm
De film speelt in de jaren tachtig – geen smartphones of internet – en oogt als een film uit de jaren zeventig: kalm tempo, degelijke karaktertekening, gedoseerd (en bruut) geweld, spanning boven actie. Een eigentijds foefje zijn de korte scènes en de vlotte montage, ze geven The Infiltrator de air van een tv-serie gemaakt met een filmbudget. Tussen de dialogen zitten een paar rake observaties over het neoconservatieve Amerika van Ronald Reagan verstopt: ‘Zorg dat je geen loser bent’, ‘de US is het riool van de beschaving’ en ‘zonder drugsgeld stort de Amerikaanse economie in’. We zien hoe de financiële infrastructuur van de wereld van nu wordt aangelegd.

Deze solide en net iets beter dan gemiddelde genrefilm weet zich in de rug gesterkt door een rake soundtrack, met bijdragen van Rush (Tom Sawyer), Curtis Mayfield (Pusherman), Leonard Cohen (Everybody Knows), en heeft als treffende uitsmijter Eminence Front, de laatste klassieker van The Who, die niet beter geplaatst had kunnen worden dan hier. The Infiltrator mist de romantiserende bravoure van een Miami Vice of een Scarface; het waargebeurde verhaal is uit zichzelf al spectaculair genoeg.
 

13 september 2016

 
MEER RECENSIES

Ma Ma

**

recensie Ma Ma

Een nieuwe tepel in een doosje

door Cor Oliemeulen

Het zal je maar gebeuren. Je hebt borstkanker en je dokter laat zijn emoties de vrije loop en zingt een zwijmellied als je op de operatietafel ligt. Je nieuwe geliefde is impotent en toch word je zwanger, maar je weet niet precies van wie. Bouquetreeks? Nee, de nieuwe film Ma Ma van Julio Medem.

Het was een tijdje stil rond de Spaanse regisseur Julio Medem, die in eigen land en daarbuiten grote populariteit genoot na zijn romantische kaskraker Los amantes del Círculo Polar (1998). Poëtisch, dramatisch, mooie mensen, zelfgeschreven plot met mysterieuze wendingen, originele cameraperspectieven en soms een weergaloze montage. Aangevuld met een vleugje psychologie en een portie lust bediende de eigenzinnige Medem zijn fans vervolgens met Lucía y el sexo (Luciá en seks, 2001), Caótica Ana (Chaotische Ana, 2007) en Habitación en Roma (Kamer in Rome, 2010). In het laatstgenoemde romantische drama sprongen vooral de twee naakte hoofdpersonages in het oog en vrolijk rond in een hotelkamer. De niet eerder vertoonde combinatie van lesbische seks en een ontdekkingstocht naar de vrouwenziel was een typisch gevalletje van tussen kunst en kitsch.

Ma Ma

Bloedserieus
Wat kunnen we dan verwachten van Medems jongste film, Ma Ma? In interviews laat Penélope Cruz weten dat ze het script in één adem had uitgelezen en dat ze onmiddellijk verliefd werd op de rol van de baanloze lerares Magda die borstkanker krijgt, het contact met haar zoontje probeert te behouden, verliefd wordt op een man die zojuist zijn vrouw en dochtertje bij een ongeluk heeft verloren (en als voetbalscout het zoontje een gouden toekomst bij Real Madrid voorspelt) én prompt zwanger blijkt na een multi-orgastisch uitstapje in een seksclub, waarin ze in een opwelling samen met haar zingende, biseksuele gynaecoloog was beland. Pardon? Het script is alleszins bloedserieus en opnieuw ontsproten aan het brein van Julio Medem, die eerst psychiatrie heeft gestudeerd voordat hij films ging maken.

Dat brengt ons bij het grote manco van Ma Ma. Medems navigatie leidt je over zoveel onverharde zijpaden dat je bijkans om je eigen moeder schreeuwt na de mededeling ‘bestemming bereikt’. Omkeren waar mogelijk is kansloos als je ook nog de rode draad van het blonde Siberische meisje wilt ontrafelen: aanvankelijk zou zij door de gynaecoloog worden geadopteerd en uiteindelijk fungeert zij als Magda’s wensdroom – in een scène weliswaar sfeervol van bovenaf gefilmd als het meisje in zee om Magda heen zwemt, terwijl de dokter haar zwangere buik inspecteert. Al met al biedt het script van Ma Ma meer dan voldoende inspiratie voor soapschrijvers.

Foute boel
Het moet gezegd: Julio Medem is creatief, vindingrijk en durft het fenomeen kanker in een weinig voor de hand liggend perspectief te plaatsen. Ma Ma begint misschien wat ongemakkelijk, als we zien hoe iemand uitgebreid Penélope’s borsten aan het betasten is, maar dan zien we gelukkig een witte jas voor de lens verschijnen. Magda schrikt zich natuurlijk wezenloos als ze hoort dat er twee knobbeltjes in haar rechterborst zitten, waarna een scan uitsluitsel brengt: foute boel. Chemo en dan een operatie. Niemand hoeft het voorlopig te weten, zeker haar zoontje en zijn rondscharrelende vader niet. Magda gaat met opgeheven hoofd de strijd aan en vindt steun bij de rouwende Arturo (Luis Tosar), die zij eerst zelf heeft getroost.

Ma Ma

Een ongeneeslijke ziekte leent zich voor een respectvolle behandeling, ook in een film. Het is weinigen gegeven om met zoveel ontroerende expressie en overtuiging als de immer beminnelijke Penélope Cruz (die we ook haar weelderige haardos zien afscheren) een dergelijke rol neer te zetten. Ma Ma is zonder twijfel herkenbaar voor lotgenoten, maar faalt vooral door een groteske driehoeksverhouding, terwijl het portretteren van Magda’s persoonlijke gedachten en omstandigheden meer dan eens doorslaan.

De schokkerige beelden bij het slechte nieuws zijn functioneel, het in het lichaam inzoomen op het hart na een kus is bedenkelijk. Net als Magda’s droom waarin Arturo haar als cadeautje een nieuwe tepel in een doosje aanbiedt. En wat is er zo geheim aan die ‘geheime parenclub’ als de gynaecoloog in gezelschap tegen Arturo zegt dat hij hem daarvan kent? Goedbedoeld onderzoekt Ma Ma de ziel van een ongeneeslijk zieke vrouw, maar het drama van Julio Medem is in feite een mislukt filmexperiment.
 

11 september 2016

 
Lees ook: Boek over Spaanse cinema

 

MEER RECENSIES

Chinatown

*****

recensie Chinatown

Zonde in zonlicht

door George Vermij

‘Forget it, Jake. It’s Chinatown.’ Een onvergetelijke quote uit een onvergetelijke film ontsproten in het woelige Hollywood van de jaren 70. Chinatown is nu weer in volle glorie te zien dankzij een schitterende gerestaureerde versie van EYE.

The Whole Equation van David Thomson is verplicht leesvoer voor cinefielen en iedereen die vat wil krijgen op de onwaarschijnlijke samenkomst van magie en industrie in Hollywood. Thomson begint zijn boek verrassend genoeg met scenarist Robert Towne. Een succesvolle schrijver, maar met een knagend gevoel van onbehagen over de behandeling van zijn bekendste script: Chinatown.

Chinatown

Towne had in de jaren 60 naam gemaakt via de invloed van zijn vriend Warren Beatty. Hij dokterde aan de scripts van Bonnie and Clyde, The Parallax View en The Godfather. Maar er was ook nog dat script dat hij zelf had geschreven. Zo zou hij zijn verhaal volgens Thomson hebben gepitcht aan de gladde en gokverslaafde producer Robert Evans:

“It’s about how LA became a boomtown (…) incest and water (…) A second-rate shamus gets eighty-sixed by a mysterious broad.”

Droomfabriek in de Californische woestijn
De shamus is private detective Jake Gittes en de broad die hem om het tuintje leidt Evelyn Mulwray. Towne was geïnspireerd door het boek Southern California County: an Island on the land van de journalist Carey McWilliams. Een schrijnend relaas over de meedogenloze strijd om water en de onstuitbare groei van de zonnige metropool in de jaren 20 en 30. Centraal daarin staat de keiharde William Mulholland, hoofd van de waterwerken van Los Angeles en nog altijd vereeuwigd in de gelijknamige drive.

Mulholland was als een eminence grise. De onscrupuleuze en machiavellistische kracht achter de vooruitgang en weelde van de droomfabriek in de Californische woestijn. En zonder water zou LA nooit iets zijn geworden. Mulholland was de inspiratiebron voor het personage Noah Cross. De rijke magnaat met alle touwtjes in handen waar Jake Gittes langzaam in verstrengeld raakt.

Evans was perplex van het script ook al was zijn studio, Paramount, niet gelijk enthousiast. Evans instincten zorgden ervoor dat hij voet bij stuk hield:

“… even though I didn’t understand the script, I knew Towne was a great writer. I felt like a blind gambler wanting to throw back-to-back sevens.”

Wazig creatief proces
En zo groeide het project. Jack Nicholson als Gittes. John Huston als Noah Cross en Faye Dunaway als Evelyn. Roman Polanski werd erbij gehaald als regisseur. En hier wordt het creatieve proces wazig. Polanski paste het script aan. Towne protesteerde, maar Evans stond het toe. Het ging over het einde van de film. Polanski vond het niet duister genoeg. Zonder iets te verklappen staat vast dat de film die je nu weer kunt zien en die geprezen wordt als een moderne klassieker niet eindigt zoals Towne had gewild.

Voor Thomson vormt dat de crux van de vaagheid en vrijblijvendheid van het creatieve proces in Hollywood:

“In the same way, we as an audience – or a culture – should take such compromises into account when judging the impact or value of movies. They drive from corporations and producers, not individuals or artists.”

Chinatown

Al die op papier onsamenhangende delen merk je niet terug in de film ook al speelde er meer. De sfeervolle muziek werd volgens Thomson in een periode van 10 dagen geschreven door Jerry Goldsmith die op het laatste moment een andere componist moest vervangen. En Polanski bekende in een interview met filmschrijver Mark Cousins dat hij een hekel had aan Dunaway. Hij intimideerde haar met close ups die te dicht op haar huid zaten. Uit een roddel die opduikt in Peter Biskinds vermakelijke Easy Riders, Raging Bulls blijkt dat Dunaway Polanski terugpakte door een kopje urine over hem heen te gooien.

Sunshine Noir
Ondanks de ego’s, het geld en de business achter de filmkunst werkte het. Chinatown is enerzijds verleidelijk. Het stralende camerawerk van John A. Alonzo staat in contrast met de duistere elementen. Dit is Sunshine Noir. En het verhaal van Gittes die in de corruptie en machtsspelletjes van Los Angeles wordt gezogen is beklemmend. Deels ook omdat Townes wereld echt voelt en is gebaseerd op een historische blauwdruk.

Het was dus mogelijk in het Hollywood van de jaren 70 om pulp en diepgang samen te brengen. Als contrast is er het minder roemruchte verhaal van Towne, Evans en Nicholson die een vervolg wilden maken in de jaren 80. Het was Townes oorspronkelijke idee om Jake Gittes drie decennia lang te volgen. The Two Jakes kwam uit in 1990 maar was een zooitje. Een project waar Towne zich uiteindelijk van distantieerde en dat door Nicholson werd geregisseerd. De laatste keer dat Jack op de regiestoel zou gaan zitten.

Het kan verkeren.
 

10 september 2016

 
MEER RECENSIES